׉?ׁB! בCט  u׉׉	 7cassandra://eiQpu3-C8YgjqBtbE2huYwUXHxGNVcdtJopvjIKieFY }`׉	 7cassandra://LUJ4BbQjDcBAbmbaYcR9DLQEmpznYi1v1GhgHpO5oqQT`j׉	 7cassandra://hVglI7DvcVYKwLzY6JZ5cNhrVicaVfGphNsjxuDfWDc` ׉	 7cassandra://hWLFzQcEyzpdi0-DOvSDtMtpZS3odfXANL9KrLZfvIs 7͠=`}7<נ`}7< a	9ׁHhttp://www.viewonvalue.comׁׁЈ׈E`}7<׉E'Risico’s en onzekerheden
+
25 jaar RISMAN: verleden, heden en toekomst van het leren omgaan met onzekerhede
Column: Is serious gaming een manier om risico’s en onzekerheden te managen?
In de beperking herkent men de meester
Een ding is zeker, en dat zijn de onzekerheden
www.viewonvalue.com
׉	 7cassandra://hVglI7DvcVYKwLzY6JZ5cNhrVicaVfGphNsjxuDfWDc` `}7<߁`}7<ށbבCט   u׉׉	 7cassandra://OYd1jaDTzSmsLRNR0rVashIlen2GXOoGt4HhLqjBUUc `׉	 7cassandra://XP-NS0ffjwRCEPe8mt3hXd0ykg_K4KPvoueUk3KI0oEA`j׉	 7cassandra://vzRAo9frwPp0TCKmfu5Ljip5XZsUPhhueLBukIRriQc>` ׉	 7cassandra://2rY6Q9FedbVZqh9uSxDKFBgEdVfYgUhtUbU2qcClM_4;͠=`}7<ט  u׉׉	 7cassandra://ZKySBD7TDXrVFlEJEFHYBglGX2N6k56tRdZy7F6m21k `׉	 7cassandra://Xretd17ADwlHV30mJkmTtdTXDfRBiWvEe8KtIj32jN4[`j׉	 7cassandra://aUOufxsZzDBwj4y3vQDrKkSeTX6tLUv4xEho-7l9p-g` ׉	 7cassandra://i-09YUPV_t-L_TTcBTsI0U-KRLtvrhr_FwciZ1mStC4ͅP|͠=`}7<נ`}7< =R9ׁHhttp://www.tresviri.nlׁׁЈנ`}7< I9ׁHmailto:info@dace.nlׁׁЈנ`}7< !Z9ׁHmailto:info@rhdhv.comׁׁЈנ`}7< \9ׁHhttp://www.rhdhv.comׁׁЈנ`}7< Qr
9ׁHmailto:redactie@mos-net.nlׁׁЈנ`}7< z9ׁHhttp://www.veldhuismedia.nlׁׁЈנ`}7< сa9ׁHhttp://www.neverseen.nlׁׁЈנ`}7< FE
9ׁHmailto:info@dace.nlׁׁЈנ`}7< 1Y9ׁHhttp://www.mos-net.nlׁׁЈנ`}7< 1r9ׁHmailto:redactie@mos-net.nlׁׁЈנ`}7< ;O9ׁHhttp://www.viewonvalue.comׁׁЈנ`}7< DD9ׁHhttp://www.dace.nlׁׁЈ׉Ejaargang 5 ⁄ editie 10 ⁄ voorjaar 2021 ⁄ verkoopprijs €8,95
COLOFON
VIEWonVALUE is een informatief, promotioneel
vaktijdschrift dat kennis en ervaring uit wil wisselen,
inzicht wil bevorderen en belangstelling wil kweken voor
het vakgebied van cost- en value engineers. Het vakblad
richt zich naast professionals in de werkgebieden ook op
het management in deze werkgebieden. VIEWonVALUE
wordt uitgegeven door DACE.
UITGEVER
DACE, www.dace.nl
REDACTIEADRES
Redactie VIEWonVALUE
Postbus 1058, 3860 BB Nijkerk
Telefoon: (033) 247 34 60
HOOFDREDACTEUR
Ed Antoine
Risico’s en onzekerheden
+
25 jaar RISMAN: verleden, heden en toekomst van het leren omgaan met onzekerheden
Column: Is serious gaming een manier om risico’s en onzekerheden te managen?
In de beperking herkent men de meester
Een ding is zeker, en dat zijn de onzekerheden
VIEWonVALUE – jaargang 5 – editie 10 – voorjaar 2021
www.viewonvalue.com
REDACTIE
Menno Hartsema, Carmen Valk-Struik
REDACTIERAAD
Jarno Kuijvenhoven (vz), Arno Rol, Hans Bakker,
Martijn Gesink, Martijn Koster, Han Vrijling
BLADMANAGEMENT
MOS bv, Caroline Knobbe en Sam Dekkers
redactie@mos-net.nl, www.mos-net.nl
ADVERTENTIE-EXPLOITATIE
Stichting DACE - secretariaat
Telefoon: (033) 247 34 55
E-mail: info@dace.nl
Advertentietarieven op aanvraag.
VORMGEVING
NeverSeen | Graphic Art & Design
Dimitri van den Berg, www.neverseen.nl
TROTSE PARTNERS VAN VIEWonVALUE
DRUK
Veldhuis Media, Raalte, www.veldhuismedia.nl
INZENDEN KOPIJ
Inzenden en publiceren van artikelen en berichten in
overleg met de redactie. Kopij inzenden via
redactie@mos-net.nl.
PRIJS
RHDHV, Amersfoort, www.rhdhv.com, info@rhdhv.com
Losse verkoop € 8,95.
LEZERSSERVICE
Adresmutaties, abonnementen en nabestellingen graag
doorgeven via DACE: info@dace.nl.
COPYRIGHT
Het overnemen evenals het vermenigvuldigen uit dit
vaktijdschrift is slechts toegestaan na schriftelijke
toestemming van de redactie.
ISSN
Kobus Swanepoel, Eelde, www.tresviri.nl
ISSN: 2543-0823
00:0 2
׉	 7cassandra://vzRAo9frwPp0TCKmfu5Ljip5XZsUPhhueLBukIRriQc>` `}7<׉E"D VOORWOORD VOORWOORD VOORWOORD VOORWOORD VOORWOORD VOORWOORD VOORWOORD
RISICO’S, 100% ZEKER!
We lopen allemaal elke dag risico’s, dat is zeker. De kop boven dit voorwoord laat zien
dat risico en onzekerheid verschillende begrippen zijn. In het dagelijks taalgebruik
worden ze vaak door elkaar gebruikt. In deze VIEWonVALUE zul je zien dat de auteurs
deze begrippen gebruiken, en wél in de juiste betekenis.
De auteurs betogen dat risicobeheersing begint met het onderkennen van relevante risico’s
en die te concretiseren. Dat is wat anders dan een longlist van risico’s nastreven die
vooral gericht is op volledigheid van een risicodossier. Denk ook aan een goede kostenbaten
analyse. Ook dat blijkt lastig in de praktijk. Veel verschillende belangen leiden de
aandacht af. In 2013 fraudeerden enkele Bulgaren met belastingtoeslagen voor 3,8
miljoen euro. Een flink bedrag, maar slechts een fractie van de 68 miljard die in die
periode in de vorm van toeslagen werd uitgekeerd. Vervolgens stelde de Belastingdienst
voor 25 miljoen extra aan controlemedewerkers bij de afdeling Toeslagen aan, zo meldt
Jesse Frederik in de Correspondent van 16 januari jl. Grof geschut onder het motto ‘dit
mag nooit meer gebeuren’; het gaat immers om belastinggeld. En vervolgens wordt
onder druk van de politiek en de publieke opinie het systeem aangescherpt. De schade
is inmiddels bekend. Ongeveer 22.000 slachtoffers die ieder 30.000 euro is toegezegd, circa 660 miljoen euro in eerste aanleg. En dit is
pas het begin.
De vraag die dit oproept is of een risico gemitigeerd, gereduceerd of geaccepteerd moet worden. In dit voorbeeld is het risico van fraude
gereduceerd, maar de gevolgschade van de genomen maatregelen blijkt enorm te zijn. De schade van de fraude accepteren of juist
alleen het oorspronkelijke incident mitigeren was een betere oplossing geweest. Maar dat is wijsheid achteraf.
In het verlengde hiervan las ik in de Correspondent van 29 januari jl. een artikel van Michiel de Hoog, die Bert Zwart, wiskundehoogleraar
en specialist in extreme value theory, aanhaalde. Kort gezegd komt het erop neer dat verregaande optimalisatie en het verhogen
van efficiëntie kan leiden tot onbeheersbare risico’s omdat hierdoor in het ontwerp steeds minder marge zit om geringe
afwijkingen op te vangen. Zo kan een kleine afwijking van het ‘normaal’ ontaarden in een ontwrichtende gebeurtenis. Als een van de
voorbeelden noemt hij de beschikbare IC-capaciteit in de zorg die ingericht is op het gemiddelde. U allen welbekend wat dit betekent
in de huidige situatie. Het viel mij op dat ik deze theorie en gedachtelijnen van Bert Zwart nergens expliciet ben tegengekomen in de
artikelen in dit nummer.
Genoeg artikelen in deze VIEWonVALUE die aanzet geven om zelf te blijven nadenken om risico’s en onzekerheden in het juiste
perspectief te plaatsen. Laat het boerenverstand niet ten onder gaan aan het systeem!
Ed Antoine, hoofdredacteur
INHOUDSOPGAVE
Voorwoord – Risico’s, 100% zeker! – 3
Interview: 25 jaar RISMAN: verleden, heden en toekomst van
het leren omgaan met onzekerheden – 4
Een ding is zeker en dat zijn onzekerheden – 11
Dace Katern – 12
Probabilistisch ramen van levensduuruitgaven op basis van
prijsindices – 16
Column Paul Beljaars – In de beperking herkent men de meester – 22
Risicomanagement en onzekerheid in maatschappelijk perspectief – 24
Vijf vragen aan... Paul Kreuger – 29
Fry Zinnig – 30
Hoe voorkomt de Cost Engineer kostenoverschrijdingen? – 32
Column Mark Kok – Is serious gaming een manier om risico’s en
onzekerheden te managen? – 36
00:0 3
׉	 7cassandra://aUOufxsZzDBwj4y3vQDrKkSeTX6tLUv4xEho-7l9p-g` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://rO_mW_E-vOJE_mp3qSQKqSKhW4lfNi5x2sNq61TjoBA [c`׉	 7cassandra://VvTbex7ck-w32uWd4Chm7-Tq1NABrubmzMhPMck8N3YE`j׉	 7cassandra://xEMk-SogiTCNEXgK-zbbTEsQ7GIsPqIQjuiBYLYWHhM` ׉	 7cassandra://GiR_khD2ynArcTg5b3XiW60BLupNQO_NIOuv3f81SxQ rp͠=`}7<ט  u׉׉	 7cassandra://9eGV8v8pqAMYl3uyNi4srwYlId0Jjh8hb8yIACPdbEI `׉	 7cassandra://5MkEqQlEITewUtXypMoYSrr-QKN-2N9ZTgqM4KnRaM0Y`j׉	 7cassandra://h9f9SG93IBaUjoQ6u0afNbs2Ysh_I9g8ftu79vY1IlA`` ׉	 7cassandra://8-le5v3AuKiI2C5tlqYnOTOkCdEtt9GrjSfZIXEXAiY͟p͠=`}7<׉E00:04
׉	 7cassandra://xEMk-SogiTCNEXgK-zbbTEsQ7GIsPqIQjuiBYLYWHhM` `}7<׉E	8INTERVIEW
25 JAAR RISMAN: VERLEDEN,
HEDEN EN TOEKOMST VAN
HET LEREN OMGAAN MET
ONZEKERHEDEN
Uitschieters voorkomen door projecten beter beheersbaar te krijgen qua tijd en geld.
Vanuit die behoefte is in 1995, 25 jaar geleden dus, de RISMAN-methode ontstaan. Aan de
wieg stonden Rijkswaterstaat (RWS), TwynstraGudde, NS Railinfrabeheer (NS RIB, nu:
ProRail), TU Delft en Gemeentewerken Rotterdam. Projecten liepen uit en werden
duurder. Vooral bij RWS, NS RIB en ook bij Gemeentewerken Rotterdam ontstond daarom
de behoefte aan een methode voor risicomanagement.
We hebben een gesprek met Daniëlla van Well-Stam en Fianne Lindenaar van TwynstraGudde en met Bouke van den Bunt van Rijks -
waterstaat. Alle drie kunnen zij bogen op een jarenlange ervaring met risicomanagement en daarbinnen de RISMAN-methode. Met zijn
drieën stonden zij aan de wieg van de methode en samen verzorgen ze alweer jaren de training Risicomanagement voor Bouw en Infrastructuur,
een Postacademische Opleiding (PAO) aan de TU Delft.
Auteurs: Ed Antoine en Sandra Kagie (Sanscript Tekstproducties)
B
egin jaren negentig van de vorige eeuw liep binnen RWS
al het Project Ramingen Infrastructuur (PRI), herinnert
Bouke van den Bunt zich. Een project dat voortvloeide
uit de kosten overschrijding bij de bouw van de
Oosterscheldekering. “Bedoeld om beter de kosten van
infrastructurele projecten te kunnen ramen.” Volgens Daniëlla
van Well-Stam een mooi haakje om te komen tot RISMAN.
Als je nu 25 jaar later kijkt naar de methode RISMAN dan zou je
kunnen zeggen dat het net als vele andere methoden voor
risicoanalyse en risicomanagement is gebaseerd op de cirkel
plan-do-check-act van Deming. “Maar als je kijkt naar hoe we
zijn begonnen dan was die cirkel binnen RISMAN er in het
begin nog helemaal niet. We zijn namelijk begonnen met vier
simpele lineaire stappen”, vertelt Daniëlla:
1. Vaststellen doel / Waar richt je de analyse op?
2. Risico’s in kaart brengen, waarbij je heel breed kijkt naar
risico’s - dus niet alleen vanuit technisch oogpunt
3. Prioriteren / vaststellen van de belangrijkste risico’s
4. Beheersmaatregelen uitwerken
Uniek: kijken door zeven brillen
Deze opeenvolgende stappen vormden in beginsel de RISMANmethode.
“Waarbij het vooral uniek was dat we binnen stap twee
heel breed naar risico’s keken. Niet alleen door een technische
00:05
׉	 7cassandra://h9f9SG93IBaUjoQ6u0afNbs2Ysh_I9g8ftu79vY1IlA`` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://0vTvCVonlukjkeDelfKD0pYfnN8KvZnPk2ow7gpGPMc y`׉	 7cassandra://AcYdhYrZEBtWNM3m3pyBRtOjKXmZFx4w5ZV_wLIQeXw`2`j׉	 7cassandra://FiBgeN71lh7ehjksoOe411Kaz-l2zf2g_G_CK1EcXkc` ׉	 7cassandra://t1-FGSLec_m0Qj-t88thuusYACX9_QnRQnYBuYuu8ZAxVd͠=`}7<ט  u׉׉	 7cassandra://4QpvxFO_tv4HxJuiRXImaVA_lmpNYkzIeTfZZ3O5P9U `׉	 7cassandra://_RKB2_hL9qZqsTkS7dOTcvS2JTZW7zjA42F3EqCbXU4Yk`j׉	 7cassandra://Xsx7PkRvPdClZLcA_fwNfPSwxZgOFYr6ZcExcn_4du8` ׉	 7cassandra://0xZkIhYGw0FdW83z5hVx8MOVk3LjSzyicz-6jdPoeGg |͠=`}7< ׉E2Risicomanagement voor Bouw en Infrastructuur - PAO TU Delft
Net als de methode RISMAN is ook de training Risicomanagement voor Bouw en Infrastructuur die Bouke van den Bunt, Daniëlla van
Well-Stam en Fianne Lindenaar al jaren verzorgen voor de PAO aan de TU Delft continu in ontwikkeling. Van een tweedaagse cursus in
2001 is de PAO inmiddels uitgegroeid tot een training die vier dagen beslaat, waarvan het thema ‘risicomanagement en contracteren’ op
de vierde dag facultatief is.
Ook in de training zie je volgens de drie de ontwikkeling van methode naar toepassing terug. “Het invoeren van de methode, het verandertraject,
neemt als je het vergelijkt met de beginperiode steeds meer een centrale plek in het programma in”, legt Bouke uit.
Praktijkverhalen van bijvoorbeeld gastsprekers zijn daarbij volgens hem heel belangrijk. Net als een spelsimulatie van een middag. Op deze
manier hebben de drie inmiddels zo’n vijftienhonderd cursisten opgeleid.
bril, maar ook nog door zeven andere brillen.”
De zeven RISMAN-brillen of invalshoeken zijn:
• politiek/bestuurlijk
• financieel-economisch
• juridisch/wettelijk
• technisch
• organisatorisch
• geografisch/ruimtelijk
• maatschappelijk
“Vervolgens dachten we ‘OK’ dan heb je dus een foto, een
momentopname, maar je moet op een bepaald moment ook
kijken of maatregelen zijn uitgevoerd en of ze effect hebben
gehad. Zo zijn we op het cyclische proces gekomen”, legt
Daniëlla uit.
“Die stap kwam eigenlijk al vrij snel”, vult Bouke aan. “In 19961997
hebben we dat cyclische proces binnen RWS bijvoorbeeld al
toegepast bij de bouw van de Westerscheldetunnel. In dat traject
hebben we binnen RWS dus voor het eerst risicomanagement
toegepast. Er werd toen ook voor het eerst iemand specifiek
vrijgemaakt om dat proces te ondersteunen.”
Nu: implementatie centraal
Waar in beginsel het accent binnen RISMAN dus heel erg op de
methode van analyse lag, kwam daar al snel het cyclische proces
van risicomanagement bij. En nu denken we volgens Fianne
Lindenaar juist veel meer na over hoe je risicomanagement
binnen een project of organisatie moet implementeren.
Nu staan vooral vragen als ‘wat moet je organiseren?’, ‘hoe zit het
met cultuur binnen een organisatie?’, ‘welk gedrag is nodig?’, ‘wie
moet het doen?’ en ‘hoe leg je het vast?’ veel meer centraal dan de
methode op zich. “Er komt eigenlijk steeds wat bij. RISMAN,
maar eigenlijk risicomanagement, is nog steeds in
ontwikkeling”, vat ze samen.
Waar je volgens de drie ervaringsdeskundigen voor moet waken,
is dat risicomanagement een papieren tijger wordt. Een lange
afvinklijst of iets boekhoudkundigs. Dat voorkom je volgens hen
door risicomanagement onderdeel te maken van de sturing van
een project of organisatie. “Zodat er met de informatie ook
daadwerkelijk iets wordt gedaan”, verwoordt Daniëlla.
Reden volgens haar om binnen het vakgebied van
risicomanagement de laatste jaren steeds meer te focussen op de
zachte kant: de manier waarop je risicomanagement
organiseert. “Zodanig dat mensen risicomanagement niet zien
als iets losstaands, maar als een onderdeel van een project of
organisatie”, legt ze uit. Dit kan bijvoorbeeld door
risicomanagement te koppelen aan mijlpalen in de planning of
aan de raming. Zo komt risicomanagement volgens haar
automatisch veel dichterbij het reguliere werk en daarmee veel
dichterbij de mensen te staan.
Streng zijn: geen ellenlange lijsten met risico’s
Om vervolgens te voorkomen dat je binnen een project of
organisatie verzandt in ellenlange lijsten met risico’s waarop
gestuurd moet worden, zijn de drie streng: “Zet alleen essentiële
risico’s waar je collectief op moet sturen op de lijst”,
waarschuwen ze. Ingewikkeld? Zeker, zo realiseren ze zich, maar
wel nodig. Want de neiging om alle risico’s te benoemen en
vervolgens op de lijst te zetten, is er absoluut. Dat zien ze in de
praktijk steeds opnieuw. “Niet effectief”, concluderen ze.
Daniëlla herinnert zich hoe zij en een aantal collega’s gevraagd
werden om bij een groot project te helpen met het
risicomanagement. “Toen we vervolgens de enorme lijsten met
risico’s zagen, dachten we: ‘Jeetje, hier is niet doorheen te komen.
Daar hebben we dagen voor nodig’. Toen zijn we heel duidelijk
geweest en hebben we gezegd dat het hele dossier niet meer dan
veertig risico’s mocht bevatten. Om mensen te dwingen tot de
essentie te komen. Meer dan vijf of zes risico’s per discipline kun
je toch niet beheersen.”
De koppeling met het doel van je risicomanagement is volgens
Bouke een heel krachtig middel om deze focus te houden. En als
tweede tip geeft hij mee ‘goed scherp en streng te zijn op het
verwoorden van risico’s’. “Problemen die je al hebt, zijn geen
risico’s”, zegt hij stellig. “Risico’s zijn zaken die nog niet zijn
opgetreden, maar waar je bang voor bent.”
00:06
׉	 7cassandra://FiBgeN71lh7ehjksoOe411Kaz-l2zf2g_G_CK1EcXkc` `}7<׉E
INTERVIEW
“Allerhande tools waarmee je risico’s kunt inventariseren, leiden
hierbij vaak alleen maar af .”
Wat gaat er mis en hoe gaat het mis? En waardoor komt het dat
het misgaat en waar leidt dat toe? “Als je dat rijtje vragen kunt
beantwoorden, kun je een risico beheersen. Terwijl je op vage
risico’s geen beheersing kunt zetten”, gaat hij verder.
“Vergunningen of communicatie”, wordt er in risicosessies vaak
geroepen. “Maar dan kom je op een oneindig aantal
beheersmaatregelen. Mijn vraag is dan, welk risico gaan we nou
beheersen?”
‘Maak van de risicoanalyse geen Poolse landdag’
“Voorkom ook dat een risicoanalyse een soort Poolse landdag
wordt”, vult Daniëlla aan. “Reden waarom wij steeds weer zoeken
naar de koppeling van een bijeenkomst waarin je risico’s
bespreekt met reguliere werkzaamheden, zoals een vergadering
die toch al gepland stond.”
“Wees ook niet bang om gewoon te beginnen met een leeg
papiertje of een simpele Excel-sheet”, zegt Fianne. “Het gaat erom
dat je met elkaar grip krijgt op een project. Waar zitten de
uitdagingen, waar zit de spanning qua budget en tijdpad. Waar
zitten de echte eventuele bottlenecks. Daar wil je het gesprek
over aangaan.” Want juist dit gesprek is volgens haar van belang
om tot de kern van de risico’s te komen. Allerhande tools
waarmee je risico’s kunt inventariseren, leiden hierbij wat haar
betreft vaak alleen maar af.
Besluitvorming en risico’s
Om aan te geven hoe lastig het kan zijn om bepaalde risico’s met
betrekking tot een project realistisch in te schatten, refereert
Bouke aan het boek ‘Megaprojects and Risk’ van Bent Flyvbjerg
uit 2003. Dit als het gaat om de spanning die het politieke spel
rond projecten met zich mee kan brengen.
“In zijn boek beschrijft Flyvbjerg op basis van wereldwijd
onderzoek dat een bestuurder vooral heel graag zijn
megaproject erdoor wil hebben. In de besluitvormingsfase van
zo’n project ziet niet elke bestuurder het als zijn belang om
allerlei heel duur uitvallende risico’s te benoemen”, legt Bouke
Drs. Daniëlla van Well-Stam is managing
partner binnen TwynstraGudde en houdt zich
sinds 1995 bezig met risicomanagementvraagstukken
bij met name complexe (ruimtelijke)
investeringsprojecten. Deze variëren van het
uitvoeren van onafhankelijke risicoanalyses,
het toepassen van of advies geven over risicomanagement
binnen een (project)organisatie,
tot het geven van opleidingen/trainingen. Zij
heeft Bedrijfskunde gestudeerd aan de Erasmus
Universiteit Rotterdam en heeft aan de basis
gestaan van de ontwikkeling van de RISMANmethode.
Sinds 2000 fungeert zij als cursusleider
bij de training Risicomanagement voor
Bouw en Infrastructuur bij Postacademisch
Onderwijs.
00:07
׉	 7cassandra://Xsx7PkRvPdClZLcA_fwNfPSwxZgOFYr6ZcExcn_4du8` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://LbAjzYP1g9kRxkp724T-nuUqzWf16F22tAXdg96KNoE OG`׉	 7cassandra://eNO_KJa9F-uucTp3b_00EwennHYTv8csdeseRGGI-JwY`j׉	 7cassandra://aMAdaYk-yd-_yPMpELJZStTs4-acdSWY2EJKTuLaxFob` ׉	 7cassandra://xFnorUVtX1FELEjpOdsip-NSP1e-kPVCDCI74y8T-40x͠=`}7<#ט  u׉׉	 7cassandra://2UiI3PNJipGqH_I12vk1JJInFHBxNN07Nd6T-BJssTQ $Q`׉	 7cassandra://WmEcI5LaiILw16KFOrO5jacmT2XMd387w4r3qCFWgO8[(`j׉	 7cassandra://B6VBYOkv5vcyFPH6l-th9VHfDJ_Aa51cuoy3HTmsCzk` ׉	 7cassandra://flb9idurHGemLj9AzMC95BaYxg_cquh5nYCq1VEuqfw 8|͠=`}7<$׉EIr. Fianne Lindenaar is na haar studies HTS
Civiele Techniek en Civiele Technologie en
Management sinds 1997 werkzaam op het
gebied van risicomanagement. Allereerst bij
Rijkswaterstaat en sinds 2005 als senior
adviseur Risicomanagement bij
TwynstraGudde, waar zij inmiddels partner is.
Zij heeft in haar werkzaamheden een
substantiële bijdrage geleverd aan de
ontwikkeling van de RISMAN-methode. Haar
specialismen zijn: implementatie van
risicomanagement, het toepassen van of advies
geven over risicomanagement binnen een
(project)organisatie en opleiding en coaching
van risicomanagers. Ook verzorgt zij jaarlijks
diverse cursussen op dit gebied. Sinds 2000
fungeert zij als cursusleider bij de training
Risicomanagement voor Bouw en
Infrastructuur bij Postacademisch Onderwijs.
“Ik vind het dan altijd zo jammer dat zo’n project dan een slecht imago
krijgt en dat dat ook meteen aan risico’s wordt gekoppeld."
uit. “Gelukkig steekt Nederland hier gunstig bij af, maar ook
hier komt dit voor.”
“Onderschatting van de kosten aan de start van een project”, vat
Daniëlla samen. Hoe krijg je dat net allemaal een tandje
realistischer in de besluitvorming? Het is wat haar betreft een
belangrijke vraag die kostenramers zich moeten stellen. “Op het
moment dat je bij de initiatie van een project de kosten bij
voorbaat aan de lage, optimistische, kant inschat, weet je dat elk
risico meteen een probleem oplevert. Want dan heb je direct een
overschrijding te pakken.”
Dus is wat haar betreft de vraag aan bestuurders wat zij liever
willen. Een project aan de start er wat makkelijker doorheen
krijgen en dan misschien later alsnog in de problemen komen?
Of zich hard maken voor een wat hoger initieel budget zodat
dingen in een later stadium wat soepeler lopen?
Noord-Zuidlijn vs. Betuweroute
Bouke haalt vervolgens twee projecten aan: de Noord-Zuidlijn en
de Betuweroute. “We hebben kunnen zien dat de NoordZuidlijn,
dat lange tijd een heel goed imago had, een stuk
duurder is geworden. Terwijl de Betuweroute ten onrechte een
minder imago had. Het viel wel duurder uit, maar dit proces is
eigenlijk heel zuiver verlopen”, geeft hij aan.
“Neem de Tunnel Pannerdensch Kanaal, 800 miljoen gulden
destijds erbij, maar feitelijk nog vóór de start van het project, een
scope uitbreiding. Als je kijkt naar gerealiseerde kosten ten
opzichte van de geraamde kosten dan is de Betuweroute maar
twee of drie procent duurder geworden. Fantastisch goed
beheerst als je het mij vraagt.”
“Het waren ook gewoon politieke keuzes om er dingen aan toe
te voegen”, vult Daniëlla aan. “Ik vind het dan altijd zo jammer
dat zo’n project dan een slecht imago krijgt en dat dat ook
meteen aan risico’s wordt gekoppeld. Zo zie je hoe essentieel het
samenspel is tussen een goeie raming, de scope van het project
en gedegen risicomanagement in combinatie met de (politieke)
besluitvorming daarover.”
Realistische raming
“Formuleer aan het begin van een project een heldere scope,
werk deze uit met daarbij een goede raming, inventariseer daar
00:08
׉	 7cassandra://aMAdaYk-yd-_yPMpELJZStTs4-acdSWY2EJKTuLaxFob` `}7<׉E
{INTERVIEW
“Bestuurders hier maken ruimte voor dit soort rationele afwegingen.
Ze durven daarbij bovendien ook risico’s te nemen.”
op een fatsoenlijke manier de risico’s bij en zet het op een goede
manier in de markt”, somt Bouke op. Op die manier kom je
volgens het drietal in het begin van een project tot een veel
realistischere raming. Vervolgens is het zaak de verschillen
tussen de politieke wereld en de projectenwereld, die er volgens
hen zonder twijfel zijn, te overbruggen.
Dat dat laatste in Nederland in heel veel gevallen lukt, heeft
volgens Bouke vooral te maken met de kwaliteit van bestuur in
Nederland. “Bestuurders hier maken ruimte voor dit soort
rationele afwegingen. Ze durven daarbij bovendien ook risico’s
te nemen”, geeft hij aan. Dat laatste moet ook, als je het hem
vraagt, ‘want anders krijg je niks voor elkaar’.
“Wanneer je een bepaald risico neemt, moet je dit echter
expliciet en bewust doen”, gaat hij verder. “En precies dat is waar
het in risicomanagement om draait. En dus niet om het mijden
van risico’s, zoals wel eens wordt gedacht.”
De rol van de kostenengineer
De rol van de kostendeskundige in het huidige speelveld van
risicomanagement ligt volgens Fianne en Daniëlla in het
vertalen van het risicoprofiel in een post onvoorzien. Dit op basis
van ervaring, kentallen en de belangrijkste risico’s die hij ziet.
“En dus niet op basis van het doorslaan in het perfectioneren van
aantallen risico’s, inschattingen van risico’s en vervolgens ook
nog van restrisico’s. Iets dat we in de praktijk veel zien”, geeft
Fianne aan.
Een mate van detail die wat Daniëlla betreft niet werkt,
integendeel. “Of de kans van optreden van een bepaald risico nu
vijf dan wel zes procent is, is helemaal niet relevant. Maar daar
ontstaat vaak wel discussie over.”
“Met name als het gaat over het kentallendeel zijn
kostendeskundigen heel ver”, benadrukt Fianne. “Zeker in
vergelijking met de planningswereld. Denk aan kentallen over
risico’s, over schades, over mogelijk opgetreden risico’s. Daarin
Ir. Bouke van den Bunt is project/programmamanager
bij Rijkswaterstaat en heeft Civiele
Techniek aan TU Delft gestudeerd. Hij is vanaf
1995 betrokken geweest bij de (door) ontwikkeling
van de RISMAN-methode en risicomanagement,
onder andere als leidinggevende van
Projectbureau RISMAN bij RWS en als lid van
de Technische Adviesraad van de NoordZuidlijn.
Momenteel is hij werkzaam in het
programma IA Sourcing van RWS als trekker
Markt en Inkoop. Sinds 2000 fungeert hij als
cursusleider bij de training Risicomanagement
voor Bouw en Infrastructuur bij
Postacademisch Onderwijs.
Foto: Gareth Williams
00:09
׉	 7cassandra://B6VBYOkv5vcyFPH6l-th9VHfDJ_Aa51cuoy3HTmsCzk` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://dGc0q2hRTuF-HKESF7JtclMsD8nFtwWrLTL8OVMAizA L`׉	 7cassandra://bKjMmbBjlh_B5cfcOUK_MQY--Nk2h8cazecuHNnRKR4N9`j׉	 7cassandra://GnVV8nwUhPgp7Iuj8v7Ykn8fSinClukC9AmUeL7UNik6` ׉	 7cassandra://pVjs36kItthzsVzRwUg9Vfu62DzHbJ3okjlQRGVd_hM \|͠=`}7<'ט  u׉׉	 7cassandra://lMIbyOiNol-U_iMpHlTWLVNSbnV4h0DF_RRIwveExG4 x`׉	 7cassandra://VborEBrTjkdHvNxZtGLwVjCRJK-mAuYIecqHEHLWiPoY`j׉	 7cassandra://ZyGztJWiXaehXI-0XQrzFSMSuTKmmkaOT4qlUuPZp2M` ׉	 7cassandra://xT-i4stGX6zYpHZhpZFvbI7uqZ7h2Zp7mY9aCywW60o͡|͠=`}7<(׉EINTERVIEW
zit wat mij betreft de toegevoegde waarde van een
kostendeskundige als het gaat om het maken van realistische
inschattingen.”
En wanneer een klant dan toch vraagt om een heel
gedetailleerde benadering, ook in de kostenregels, dan moet een
kostendeskundige wat haar betreft tegengas durven geven.
“Teruggaan naar de essentie in een risicodossier en niet streven
naar die vervolmaakte spreadsheet”, luidt haar advies.
“Je ziet een tendens van het zoeken naar zekerheden”,
concludeert Daniëlla. “En we denken die te vinden door zoveel
mogelijk risico’s zo exact mogelijk in te schatten. Terwijl je
eigenlijk in essentie wilt weten waar je onzekerheid zit.” In de
beperking herken je de meester. Het werken met marges kan
hierbij volgens haar al helpen. “Dan zit je namelijk vaak al
dichterbij de waarheid dan wanneer je één heel specifiek bedrag
noemt als budget om mee aan de slag te gaan.” Maar deze
probabilistische benadering is volgens haar voor veel
bestuurders en besluitvormers nog steeds een erg lastig begrip.
Leerproces
Fianne noemt het tot slot een voortdurend leerproces om op
deze manier, door risicoanalyse en risicomanagement toe te
passen, naar onzekerheden te kijken. “Niet alleen voor
individuen, maar zeker ook voor organisaties. Maar wanneer je
hier eenmaal bedreven in bent dan zul je merken dat je sneller
en explicieter keuzes kunt maken en dat je als organisatie
sneller kunt schakelen wanneer er iets misgaat”, geeft ze het
belang ervan aan.
Dat steeds meer organisaties hiervan doordrongen zijn, blijkt
volgens Bouke wel uit het feit dat bijvoorbeeld in de aannemerij
risico-afwegingen steeds vaker een rol spelen bij de keuze wel of
niet in te schrijven op een bepaald project. Een conclusie die
Daniëlla onderstreept. “Het juist inschatten van de risico’s
bepaalt hun bestaansrecht. Een goede of foute inschatting
betekent winst of verlies”, benadrukt ze.
00:10
׉	 7cassandra://GnVV8nwUhPgp7Iuj8v7Ykn8fSinClukC9AmUeL7UNik6` `}7<׉EDACE YOUNG PROFESSIONALS COLUMN DACE YOUNG PROFESSIONALS COLUMN DACE YOUNG PROFES
Een ding is zeker en dat
zijn onzekerheden
Bij het uitvoeren van projecten is er één zekerheid: er zijn onzekerheden
en risico’s zullen werkelijkheid worden. Dat weet iedereen. Toch gebeurt
het vaak dat een project tegenvalt en dat de risico’s vooraf worden onderschat.
Hoe komt dat? Zijn de risico's niet correct ingeschat? Of is er meer
aan de hand?
Er wordt over het algemeen bij projecten veel aandacht besteed aan het managen van
voorzienbare risico’s door het projectteam. Vanuit projectmanagementniveau wordt er
vaak een bepaald percentage contingency aangehouden, voor de onvoorzienbare risico’s.
Maar om dit percentage afdoende te laten zijn, moet er wel een bepaalde maturity van het
ontwerp aanwezig zijn of dat er op andere plekken onzichtbare contingency is ingebouwd.
Dat laatste is niet de bedoeling, want dan kunnen stakeholders moeilijk vergelijkingen
uitvoeren tussen verschillende ontwerpen en keuzes maken. Dan moeten we toch iets
inzoomen op de begroting zelf. Sluit het maturity level wel aan bij percentage
contingency? En zit er een goede logica in de planning, zodat de einddatum – en daarmee
samenhangend het begrote bedrag – wel haalbaar is?
Columnist: Vincent de Niet,
Medior Project Planning
Professional bij PRIMAPLAN
Project Control Services.
Termen
Een van onze Young Professional collega’s, Rob Haest (CEC) heeft in november 2020 een
presentatie binnen de DACE SIG YP gegeven omtrent ‘estimating biases’. Er blijken
termen te zijn voor wat ik hierboven beschrijf.
In een van zijn bronnen, The Psychology of Cost Estimating (Andy Prince, NASA, 2015),
wordt uitleg gegeven over de psychologische ‘biases’. Ik zal de relevante kort benoemen,
maar het is een aanrader de paper eens te lezen, aangezien er meer biases zijn:
optimism/overconfidence (te positief inschatten), anchoring (de mogelijkheid dat er
onbewust door een estimator naar een eerder genoemd getal toe wordt gerekend),
availability (teveel op beschikbare info uit verleden baseren en wellicht verkeerde
conclusies trekken), Halo/horns effect (informatie onthouden/zien die onze verwachting
bevestigt. Andere informatie kan makkelijker genegeerd worden), Bandwagon effect
(vocaal sterke manager die zijn/haar mening erdoor drukt).
Dit sluit aan bij ervaringen binnen onze SIG en zien we terug in diverse sectoren. Projecten
die uit de bocht vliegen qua tijd en/of geld door dergelijke redenen zijn natuurlijk
interessante materie, maar de vraag is: Hoe gaat risicomanagement helpen bij projecten
die door dergelijke redenen al met een achterstand aan de wedstrijd beginnen? Als de basis
al belabberd is, kunnen we risico’s blijven mitigeren, maar is de kans op een verloren
wedstrijd meteen groot.
De conclusie is dat risicomanagement pas een goed inzicht geeft als de mate van maturity
van het ontwerp en daarmee de planning en begroting daadwerkelijk aansluiten bij het
percentage contingency. En dat er serieus wordt gekeken naar de risico’s, dat de kans en
impact zo goed mogelijk worden ingeschat. Aanvullend is het van belang dat deze impact
dan als buffers in zowel de planning als begroting terugkomen en niet worden weggewuifd
als risico’s en daarmee alvast naar de winst of vervroegde opleverdatum worden geschoven.
00:11
׉	 7cassandra://ZyGztJWiXaehXI-0XQrzFSMSuTKmmkaOT4qlUuPZp2M` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://HzYPx1uAM3ZxCBvSce7f_KR-XKRYc_vLAbJ21SkJThk `׉	 7cassandra://J-D9iECNQy9ssTGmuFtZ-TKF9wlAC5Hjx0Ofk2OSP3ohu`j׉	 7cassandra://eF1ObwDFz49T5Vrkd2hLNN9jro-yWHE2g1KO4Eikjbsd` ׉	 7cassandra://BoZkvPG1pu8t7nneWyO_J_fXickue8i3UptQxlXZQVg͂t͠=`}7<*ט  u׉׉	 7cassandra://PxI0XBU6hPBhlebTnm06nl9KcN8-WLun19UW-DyShbM 8` ׉	 7cassandra://zmQLVX_v-QNl4iDaz1LlP2lXm5fdN-9NPt4pLMhLd8Ul-`j׉	 7cassandra://iuQfMrVZQFd21UWG-ar7P2fAK-1_YHM0yi-QuRCtU4U` ׉	 7cassandra://riI8OwVJOjZqk5XPFFMQxlFGs57N-Uqq4frrv5qDRa4oP͠=`}7<+׉EVERSLAG
JE MOET SCHIETEN, ANDERS
KUN JE NIET SCOREN
Door de coronacrisis ging de normale contactbijeenkomst in november 2020 niet door en werd in plaats
daarvan een tweede DACE-webinar gehouden. Dit webinar werd georganiseerd door de SIG
Probabilistische Risicoanalyse en had als thema ‘Toeval, onzekerheid en trefzekerheid van ramingen’. Het
altijd lastige onderwerp van probabiliteit werd deze middag aan de hand van de analogie met het
voetbalspel in al zijn eenvoud toegelicht. Zo kregen we te horen wat Cristiano Ronaldo en Gary Lineker te
maken hebben met stochasten, dataverzameling, correlaties en risico-acceptatie.
Verslag van: Drs. Rien Scholing, projectmanager/senior consultant bij Bilfinger Tebodin Netherlands
DACE-voorzitter Robert de Vries
faciliteerde het webinar en
memoreerde dat in dit bijzondere
jaar meerdere cursussen
zijn uitgesteld. Voor 2021 is
echter een heel nieuw
programma opgesteld met vele
mogelijkheden om achterstanden in te halen. Daarnaast is het DACEbestuur
druk bezig met het voorbereiden van het ICEC World
Congress in De Doelen in Rotterdam in 2022. Ook gaf Robert aan dat
de eerstvolgende bijeenkomst op 18 maart 2021 in webinar-vorm zal
worden gehouden. Tenslotte introduceerde hij de twee sprekers van
deze middag, Arno Willems van IV-Infra en Fedde Tolman van Kiwa
KOAC. Elkaar afwisselend zouden zij ons deze middag leiden langs de
velden van het voetbal, de probabilistiek, de moeilijkheid van het
verkrijgen van data en het begrip risico-acceptatie.
Een simpel spelletje?
Arno trapte af met de bekende uitspraak van Gary Lineker uit 1990
dat voetbal eigenlijk een simpel spel is, met 22 man dat 90 minuten
duurt, waarbij aan het eind altijd de Duitsers winnen. Hij wist aan te
tonen dat deze stelling intussen niet meer op waarheid berustte. Het
feit dat de Duitsers niet altijd winnen werd wel duidelijk in het WK
van 2018 waarbij de Duitsers laatste in hun poule werden. Maar ook
het feit dat het simpel spel betreft, is intussen weerlegd. Arno citeerde
de Leidse wetenschapper Rens Meerhoff die concludeerde dat voetbal
zo complex is, dat elke poging om het te versimpelen, omwille van je
analyse, tot onjuistheden leidt. Die conclusie wordt gestut door de
ervaring van Johan Cruyff die aangaf dat ‘voetbal heel simpel is, maar
het moeilijkste wat er is, is simpel voetballen’. Ook de ervaring van
Lobanosvki, trainer van Dynamo Kiev in de jaren 70 en 80, die ongeveer
als eerste op bijna wiskundige wijze trainingsmodellen ontwikkelde
met behulp van data, ondersteunde zijn betoog van de
complexiteit van het spelletje.
Als klap op de vuurpijl, en om ook de laatste ongelovige te overtuigen,
liet Arno een aantal filmpjes zien van een wetenschappelijk experiment
dat met Cristiano Ronaldo is uitgevoerd. Daarin was te zien dat
Ronaldo een voorzet kreeg, die ofwel in het doel gekopt ofwel geschoten
kon worden. Hij miste niet één voorzet. Het bijzondere was de
oplopende graad van moeilijkheid. Op zeker moment werd halverwege
de voorzet het licht uitgedaan, waardoor Ronaldo in het donker
zijn punt moest maken. Nog weer later werd vlak voordat de voorzet
werd gemaakt, dus nog voordat de voet aan de bal was, het licht uitgedaan.
Arno concludeerde dat Ronaldo een aan de werkelijkheid zeer
sterk benaderend fysisch model in zijn hoofd moest hebben, waarin
richting, snelheid en curve van de bal een plaats hebben. Ten tweede
moet hij een wiskundig deterministisch model maken om voorspellingen
van de curve te kunnen doen. Dat model verandert meer en
meer in een probabilistisch model als meer onzekerheden optreden
en Ronaldo alleen gegevens heeft over de trapkracht en voetrichting
van de voorzet, en verder niets ziet van de snelheid, richting en curve
van de bal. Door de grote onzekerheid wist hij op zeker moment niet
of hij de bal moest koppen of schieten, maar met zijn borst wist hij
uiteindelijk toch doel te treffen. Die trefzekerheid bereiken terwijl zo
weinig gegevens bekend zijn, is iets dat wij ook beogen.
Probabilistiek
Hier pakte Fedde de bal op. Hij ging in op de probabilistische moeilijkheden
bij het maken van ramingen en wilde toe naar een praktische
werkwijze. Daarbij nam hij ons mee naar de schoolbanken om de
principes van de waarschijnlijkheidsrekening nog eens door te
nemen. Een stochastische variabele is een door het toeval bepaalde
variabele grootheid. Dat toeval wordt weergegeven in een kansverdeling;
bijvoorbeeld de kans op een totaal van 12 bij het gooien met twee
dobbelstenen is kleiner dan op een totaal van 6. Een kansverdeling
kan omgezet worden in een kansdichtheid, door differentiatie. Voor
00: 12
׉	 7cassandra://eF1ObwDFz49T5Vrkd2hLNN9jro-yWHE2g1KO4Eikjbsd` `}7<׉Ezo’n kansverdeling kunnen verschillende functies worden gebruikt,
om te beginnen de normale verdeling. Maar ook de driehoeksverdeling
wordt vaak gebruikt en als die niet goed werkt kan overgegaan
worden naar de discrete verdeling.
Bij twee stochasten wordt het al iets ingewikkelder. Overgang naar
een simultane verdeling is dan nodig. De correlatie tussen de twee
stochasten moet dan bepaald worden, dat wil zeggen zijn ze onafhankelijk,
afhankelijk of iets ertussenin. Voor deze correlatiefactor kan
eenvoudig een vaste coëfficiënt tussen 0 en 1 gekozen worden. Fedde
liet met een rekenvoorbeeld zien, dat hier zomaar een factor 2 in de
spreiding fout kan zijn als hier verkeerde keuzes worden gemaakt.
Ook heeft zo’n coëfficiënt de moeilijkheid dat op het oog totaal
verschillende soorten verbanden toch allemaal dezelfde correlatiecoëfficiënt
hebben. De copula is de meer ideale verbindingsfunctie
tussen twee stochasten, maar die heeft veel praktische moeilijkheden.
Daarom is de partiële copula geïntroduceerd, ook wel ‘vine’ genoemd
vanwege zijn gelijkenis op een wijnrank bij de grafische uitwerking.
In de standaardaanpak zoals die tot nu wordt gehanteerd, worden
minimum, modus en maximum, ook wel de Laagste-Top-Uiterste
genoemd ofwel LTU, van een marginale verdeling geschat. Vervolgens
wordt op het oog een correlatiecoëfficiënt bepaald, waarna een
Monte Carlo berekening wordt uitgevoerd en een raming wordt
verkregen. Het voorstel van de SIG is in principe eenzelfde aanpak,
maar eentje met iets meer werk dat uiteindelijk wel betere schattingen
levert. In dit voorstel wordt gewerkt met conditionele LTU’s met
3 condities per variabele. Ook worden 2 variabelen paarsgewijs naast
elkaar gezet wat leidt tot 9 bepalingen. Na schatting van de correlatiecoëfficiënten
daaruit en het toepassen van de ‘vines’, wordt een betere
raming verkregen.
Dataschaarste
Hierna nam Arno het stokje weer over. Hij ging in op de mogelijkheden
en moeilijkheden van het verkrijgen van data. De eerste methode
die werd genoemd is die van benchmarking. Hierbij wordt gezocht
naar referentieprojecten en de uitkomsten die deze hebben gegenereerd
wat betreft verschillende soorten kosten, onvoorzien en onzekerheden.
Een bijzonder voorbeeld van benchmarking is de methode
van Reference Class Forecasting, ontwikkeld door Nobelprijswinnaar
Kahneman en Tverski. Deze is door Flyvbjerg daarna vele malen in de
praktijk gebracht. De blik en de ervaring van buiten, levert betere
resultaten dan de initiële, eigen inschattingen van het werk.
Een andere methode om data te verzamelen is via statistiek en dataanalyse.
Om nog even bij het thema voetbal te blijven noemt Arno
hier het bedrijf Scisports, dat allerlei soorten van data verzamelt over
voetbal en zo bijvoorbeeld scoringskansen bepaalt per speler, ook
onder specifieke omstandigheden. Bijvoorbeeld als deze komt aangerend
onder een bepaalde hoek ten opzichte van het doel en als deze
hoog in de kruising of laag bij de paal schiet.
Tenslotte noemde Arno de elicitatiemethode ofwel de expertmening.
Die mening kan individueel bij experts gevraagd worden via een
interview of vragenformulier of in een groep bijvoorbeeld via een
brainstormsessie of een ‘decision room’. Zeker als het individueel
wordt gedaan is het raadzaam om de vragen eenvoudig te houden en
geen randzaken te noemen. Verder is het raadzaam om de experts
tevoren te trainen in de regels van het kansdenken; niet iedereen
begrijpt wat een kans van 80% betekent. Andere tips zijn dat je als risicoanalist
aanwezig moet zijn bij de expertsessie, dat de expertsessie
niet langer dan een uur moet duren en dat het beste gesproken kan
worden over direct waarneembare parameters. Vermijd vragen met
een zekere vooringenomenheid of framing en vragen die een beroep
doen op vuistregels. Bij het combineren van expertmeningen is het
nog wel de vraag of deze experts allemaal even zwaar moeten meetellen.
Misschien moet de risico-analist een rangschikking toepassen,
bijvoorbeeld op basis van positie/ervaring. Misschien moeten de
experts hun eigen gewicht aangeven, waarbij overigens de klassieke
m/v-vertroebeling optreedt; mannen overschatten hun eigen
kunnen vaak. Misschien moeten de experts elkaar een weging geven.
Arno houdt een pleidooi voor het gebruik van de zuivere scoringregel;
een expert krijgt zijn maximaal verwachte score dan en slechts
dan als zijn schatting overeenkomt met zijn mening. Lees Roger M.
Cooke om hier meer over te weten te komen.
Risico-acceptatie
Als laatste behandelt Fedde het thema risico-acceptatie. In het algemeen
houden we niet van grote risico’s of van onbekende risico’s.
Echter de omstandigheden en de positie zijn wel van belang. Als een
mens in gevaar verkeert, is deze immers bereid om meer risico’s te
nemen. Fedde neemt een aantal voorbeelden door om te laten zien
hoe onze risico-perceptie kan veranderen in de loop van de tijd.
Zo is te zien dat het overlijden door ziekten sinds 1990 langzaam is
gedaald; het overlijden door ongelukken is constant gebleven. Bestrijding
van ziekten heeft hoge prioriteit in onze wereld. Dit geeft een
indruk van wat acceptabel is; aan welke knoppen draaien we wel en
aan welke niet of minder.
Halverwege de negentiende eeuw was een gemiddelde leeftijd van
overlijden van 35 jaar nog heel gewoon. Door de veranderingen in de
medische wetenschap is die gemiddelde leeftijd nu veel hoger en de
perceptie van het risico daarmee ook. Ook een grafiek die de levensverwachting
per leeftijd aangeeft, geeft boeiende resultaten. Blijkbaar
mag een 70-plusser niet te veel meer verwachten, zo zou de grafiek
gelezen kunnen worden.
Boeiend waren ook de statistieken over privé beleggen. Het verwachte
rendement bij een laag risicoprofiel was hoger dan bij een hoog risicoprofiel.
Een vreemd resultaat op het eerste gezicht, maar als ingezoomd
wordt op de standaarddeviatie dan is te zien dat bij het hoge
risicoprofiel de standaarddeviatie zo veel groter is. Met andere
woorden als je aan de goeie kant van de Gauss-kromme zit, dan
behaal je pas echte winsten. Een andere grafiek die getallen iets
anders presenteert, laat dit verschil direct zien. Belangrijk is dus ook
hoe getallen gepresenteerd worden; je zou eens tot een foute conclusie
kunnen komen.
Tenslotte laat Fedde nog een statistiek uit de bouw zien, waarbij
gemiddelde rendementen van 1 tot 3% worden getoond. Ook bij
inzoomen op grote of middelgrote bedrijven is niet veel variatie te
zien. Dit geeft ook een indicatie van wat soort risico men wil lopen.
00: 13
׉	 7cassandra://iuQfMrVZQFd21UWG-ar7P2fAK-1_YHM0yi-QuRCtU4U` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://J_MTXv4XJa2AzqIqp9KVZLUl5UtxZBhvoJuyyesnYOI T`׉	 7cassandra://morTok157lj7mNEE6vZ2k9SSvlv_z3JxQyTFTyf_ankP`j׉	 7cassandra://csM32BIYp65gTvQkxVfSNrrK3p2L_nFKRbat-HVeLx0` ׉	 7cassandra://MOQfGHkceCc4okyq-DTEAOZms_gSczXXKIRvPpg6B5w  ͠=`}7<-ט  u׉׉	 7cassandra://BmB_Wf-PUlx54jMGXux66b17Wx8zhcQnSH_PP7YfJIU c`׉	 7cassandra://tzc-wjhHUEgUytW7N1Mf8Vu1jLalOmgZas-LbKTj6KwK`j׉	 7cassandra://0pGsXNUwx-urjH9_0RXKVbH65eItSB87n8m4s44DVHcD` ׉	 7cassandra://kK_nhcz3iziPzdTGcHIMYkxSfGOQA-g9dS9PtAUk-JAIt͠=`}7<.נ`}7<6  G9ׁHmailto:info@dace.nlׁׁЈנ`}7<5 ǁ̪9ׁHhttps://www.dedoelen.nl/en/)ׁׁЈנ`}7<3 x9ׁHhttp://www.ICostE.orgׁׁЈ׉EuDACE CCE COURSE 2021-2022
OPLEIDING
DACE heeft de inschrijving geopend voor de derde opleiding tot Certified Cost Engineer (CCE). De opleiding wordt gegeven in
samenwerking met gerenommeerde partners en is geaccrediteerd door ICEC. In iets meer dan een jaar worden tijdens zes driedaagse
contactmomenten en zelfstudie alle aspecten van het vakgebied van Project Services behandeld.
Met deze opzet gaan we in de toekomst door, waarbij we de vakken en opdrachten continu zullen blijven verbeteren. Dankzij
de volledig Engelstalige opzet is er ook interesse vanuit het buitenland om deel te nemen aan deze opleiding (de contactmomenten
zullen wel allemaal centraal in Nederland plaatsvinden). De start van het volgende cohort is gepland voor september 2021.
Meer informatie over de inhoud en opzet van de opleiding en de inschrijving kan worden verkregen op www.DACE.nl of via
Bureau DACE (info@DACE.nl).
AGENDA
Cost Engineering
Certified Cost Engineer 2021-2022 cursus (CCE) maart 2021
Cursus Essenties van Cost Engineering (ECE) 24 en 25 juni en 1 en 2 juli 2021
Cursus Essenties van Project Cost Control (EPCC) 9 en 10 december 2021
Value Management
Awareness Basisopleiding Value Management 1 (3-daagse VM1) 9, 10 en 17 november 2021
Basisopleiding Value Management (6-daagse VM1) kick-off: 25 mei (ochtend) + 15, 16, 22, 23, 29 en 30 juni 2021
VM2-opleiding kick-off: 20 april (ochtend) + 26 mei, 1 en 2 juni 2021
VM3-opleiding 15, 22 en 29 september 2021
Leadership for Cost Engineers
Leadership for Cost Engineers 16 en 17 november en 9 december 2021
Overzicht DACE contactbijeenkomsten 2021
17 juni 2021, 30 september 2021, 25 november 2021
00: 14
׉	 7cassandra://csM32BIYp65gTvQkxVfSNrrK3p2L_nFKRbat-HVeLx0` `}7<׉E	DACE is organizing the 2022 ICEC World Congress in Rotterdam on June 12-15. ICEC stands for the International
Cost Engineering Council (www.ICostE.org), a non-profit organization that brings together more than 300.000
Cost Engineers from more than 40 countries. Cost Engineering includes, estimating, project controls, planning/
scheduling, procurement, contract management, quantity surveying, value management etc.
The theme of the World Congress is Predictable Projects in a
Dynamic World. We live in a dynamic World, full of Technological
Innovations, Environmental Challenges, Political and Economic
Developments. Despite these dynamics our Customers (Project
Managers, Directors, Principals, Governments and Investors) require
us to make accurate and timely estimates, forecasts and schedules
from the Feasibility Phase till Decommissioning. We (the Cost, Value,
Controls, QS professionals) need to rise to this challenge. The Congress
aims to bring together our Customers, Suppliers, Academic Research
and us in order to Share Knowledge, to Inspire and Develop Predictability
in Projects.
This means we are primarily looking for contributions from Researchers,
Customers, Professionals and Suppliers related to Predictable
Projects in a Dynamic World.
We started of traditionally with a conference in de Doelen (a congress
centre in Rotterdam https://www.dedoelen.nl/en/), but then came
COVID-19. The safe choice is to go for a virtual congress, but we would
like to aim for a hybrid form, even though that is a grassroots area or
unchartered territory where no one has gone before.
How can you contribute? We are looking for:
Research papers and a presentation with respect to the theme of
the Congress with a focus on predictability, innovations,
environmental challenges and/or political & economic
developments;
Workshops for max 20 people per workshop;
Presentations from Customers showing developments in their
thinking, requirements and needs, e.g. procurement strategies,
political pricing, etc.
Presentations about (potential) Projects responding to the
Dynamic World, e.g. wind farms, coastal defenses, draught
prevention, Silk Road, sustainable buildings, etc.
Presentations reflecting experience with the theme from
Professionals for Professionals;
Etc.
And of course, we are also looking for people who want to be part of the
organization of this World Congress. In case you are interested, please
contact us at info@dace.nl.
00: 15
׉	 7cassandra://0pGsXNUwx-urjH9_0RXKVbH65eItSB87n8m4s44DVHcD` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://REywpJsGDRBXujaFcO-8bWZ1kaFKb1T6TTsVoNdIB0Q `׉	 7cassandra://4bDc36yV7urfnM87TLp92-0GoltTa4J8GwIWEZzyFPs`f׉	 7cassandra://mTRX5O6CzrO7yYUzeEKvOprJuBND8uVI3DujoPKJ1mM0L`̿ ׉	 7cassandra://yHDJhk42v5M8bhhIgtaNwsVdaRL1NZbGKpL28-X3lt0 tx͠,`}7<4ט  u׉׉	 7cassandra://C9UkRtiLGRath7i-W12y7Rd2ajKmtZgkDFmudhq-dp0 A` ׉	 7cassandra://epZG57tFhAYJUk_mBY5lX3WIfJCzo7Yc3HIw--GtjyEv`f׉	 7cassandra://wyXzbREdlhNQ_qu0IFvO2KGHgWglCWnzFznl4vsYycgm`̿ ׉	 7cassandra://KSaopnU16CdXJrvZdIfIubfZPsHQ9RflnME1yOGoEnI͏d͠,`}7<7׉E Nprobabilistisch
ramen van
levensduuruitgaven
op basis van
prijsindices
00: 16
׉	 7cassandra://mTRX5O6CzrO7yYUzeEKvOprJuBND8uVI3DujoPKJ1mM0L`̿ `}7<׉EVPROBABILISTISCH RAMEN VAN LEVENSDUURUITGAVEN OP BASIS VAN PRIJSINDICES
Probabilistisch ramen van investeringsprojecten neemt onzekerheden over
volumes van materialen en prijzen mee in de berekening. Dit geeft besluit -
vormers inzicht in de spreiding rond verwachte projectkosten en -baten. In dit
artikel bespreken we de ontwikkelingen van probabilistisch ramen en de
opschaling van projectkosten naar levensduurkosten. Dit opschalen houdt
geen rekening met prijs(de)escalatie. Een andere kansverdeling voor prijs -
ontwikkelingen, afgeleid van prijsindices, past beter bij hoe we omgaan met
prijsfluctuaties en leidt tot andere uitkomsten.
Auteurs: Martine van den Boomen Technische Universiteit Delft, Faculteit Civiele Techniek & Geowetenschappen en Hogeschool
Rotterdam, Kenniscentrum Duurzame Havenstad, Hans Bakker, Daan Schraven en Marcel Hertogh, Technische Universiteit Delft,
Faculteit Civiele Techniek & Geowetenschappen.
P
robabilistisch ramen in de bouw werd rond 1989 in
Nederland geïntroduceerd door de Werkgroep Ramingen
Problematiek onder de vlag van het toenmalige Directoraat-Generaal
Rijkswaterstaat [1]. De aanleiding waren de stijgingen
van projectkosten in de wegenbouw en overschrijdingen van
de onderliggende ramingen. Rond 2010 is het probabilistisch
ramen van projectkosten toegevoegd aan de Standaard Systematiek
voor Kostenramingen (SSK) [2], [3]. Door rekening te houden
met onzekerheden over volumes en eenheidsprijzen, kunnen
ramingen van projecten met een spreiding rondom een
verwachte waarde worden gepresenteerd. Dit geeft besluitvormers
inzicht in de kansen voor onder- en overschrijding van
budgetten. Methodisch zit probabilistisch ramen als volgt in
elkaar. Voor ieder volume en eenheidsprijs wordt een onzekerheidsdistributie
verondersteld. Vaak is dit een driehoeksverdeling
waarbij een verwachte waarde, een bovengrens en een
ondergrens worden aangenomen. Met een Monte Carlo Simulatie
worden vervolgens 10.000 ramingen gesimuleerd door trekkingen
te doen uit deze driehoeksverdelingen. Deze ramingen
worden gesorteerd en geven een totaalbeeld van de verwachte
projectuitgaven met een spreiding rond deze verwachting. Het
SSK-model ondersteunt deze berekening. Een kostenengineer
hoeft alleen een verdeling op te geven, een verwachtingswaarde
en boven- en onderwaarden van de driehoeksverdeling. Vaak
gebeurt dit op basis van ervaring en expert judgement.
Verbreding naar levensduuruitgaven
In 2018 is het probabilistisch ramen in het SSK-model verbreed
naar levensduuruitgaven [4]. Naast volumes en eenheidsprijzen
kan een Cost Engineer ook een onzekerheidsverdeling toekennen
aan de frequentie van optreden, of het tijdstip waarop
bepaalde materialen of activiteiten nodig zijn. Methodisch is er
weinig veranderd. Voor het probabilistische ramen van levensduuruitgaven
worden nu trekkingen gedaan uit opgegeven driehoeksverdelingen
voor volumes, eenheidsprijzen en de
frequentie van optreden. Ook nu weer worden 10.000 ramingen
gesimuleerd. Voor iedere raming worden de uitgaven geprojecteerd
op een tijdslijn die overeenkomt met de levensduur en
vervolgens contant gemaakt. Dit levert 10.000 contante waarden
op, die samen een verwachting van de levensduuruitgaven en
spreiding rond deze verwachting geven.
Het doortrekken van de methodische aanpak van probabilistisch
ramen van projectuitgaven naar levensduuruitgaven lijkt
een logische stap, maar gaat voorbij aan prijs(de)escalatie. Over
een langere termijn laten de meeste prijzen een stijgende trend
zien, en sommige een dalende. Maar de verwachte waarde van
een driehoeksverdeling voor een eenheidsprijs verandert niet of
dit nu een trekking is in jaar 2 of in 30 jaar. Een driehoeksverdeling
modelleert een constante prijs met fluctuaties rond die prijs
maar geen stijgende of dalende trend.
Voor de korte termijn zijn prijsstijgingen minder relevant en
minder onzeker. Voor het probabilistisch ramen van projectuit00:17
׉	 7cassandra://wyXzbREdlhNQ_qu0IFvO2KGHgWglCWnzFznl4vsYycgm`̿ `}7<`}7<בCט   u׉׉	 7cassandra://M7Qr_C7QULotsjs7xgjvhWge8e7t-F-iguqXkvlJoXM ` ׉	 7cassandra://fZhfn3qVI7x2jKw0bO_OHK50DXAiBp5CPQFLgE164W4M`f׉	 7cassandra://KCK9GCJIxXXzaX03wCXMuZYLTpVLzWDfm4WOLjAb-_o`̿ ׉	 7cassandra://QnE20Nl7v2FHoVErDclqny6Qu8PWMNdybOF_EzPgIOM͡}͠,`}7<9ט  u׉׉	 7cassandra://OR9I6ydpybquelWx8yqPXN9Z6u5wrAvT4zMHc7akV18 `` ׉	 7cassandra://9D-WjUapQ8BH2OFsDbKaYYCEioF4I8pmP9IxHdVmfc4``f׉	 7cassandra://ZIWqpQ2qSJZ1Hh5grj6tmwDvnfjP-l3tBcdWZocSk9cH`̿ ׉	 7cassandra://K1pjTOHY80yoldUMQ1DC4u5fx-J6UkzwyA0H9j2tMmc͜͠,`}7<:׉E%Toch speelt voor de langere termijn prijs(de)escalatie wel degelijk
een rol van betekenis.
gaven over een korte termijn van enkele jaren zullen prijsstijgingen
daarom minder van invloed zijn. Een driehoeksverdeling
ligt dan voor de hand omdat deze eenvoudig op basis van ervaring/expertise
kan worden ingeschat. Toch speelt voor de
langere termijn prijs(de)escalatie wel degelijk een rol van betekenis.
Dit blijkt uit analyse van indices van producentenprijzen
voor de bouw die door het CBS worden bijgehouden [5]. Ook het
CROW houdt indexen bij weliswaar met een andere doelstelling
waaruit (de)escalatie van prijzen blijkt [6]. Deze observatie
leidde tot de onderzoeksvraag hoe prijs(de)escalatie in probabilistische
levensduurramingen meegenomen kan worden.
De Geometric Brownian Motion
De Geometric Brownian Motion (GBM) kan als alternatief voor
een driehoeksverdeling worden ingezet. De GBM wordt ook wel
een random walk genoemd. In de financiële wereld is een GBM
één van de eerste voor de hand liggende modellen om prijsontwikkeling
te voorspellen als historische prijzen beschikbaar zijn.
Wiskundig wordt een GBM als volgt omschreven:
Vergelijking 1.
Hier staat dat het verschil tussen de natuurlijke logaritmen van
een prijs op tijdstip j en de prijs op tijdstip j‐1 gelijk is aan een
constante drift μ en een volatiliteit σ volgens een schok die een
standaardnormaalverdeling volgt. De term εj is een willekeurig
getal dat volgt uit een trekking uit een normaalverdeling met
een gemiddelde waarde van 0 en een standaardafwijking van 1.
De rechterkant van de vergelijking vertelt dat bij iedere tijdstap
de verschil-logaritme van twee opeenvolgende prijzen gelijk is
aan een constante stap en een willekeurige schok. De constante
drift µ en volatiliteit σ kunnen uit historische prijsreeksen
worden gehaald door eerst ln (P_j )-ln (P_(j-1)) uit te rekenen. Het
gemiddelde van deze reeks is drift µ en de standaardafwijking
van deze reeks is volatiliteit σ . Tabel 1 demonstreert hoe de drift
en volatiliteit uit historische prijsindices voor asfalt worden
gehaald.
Tabel 1 - Voorberekening van de drift en votaliteit asfaltprijzen.
Input prijsindex wegen met gesloten verharding (4211b, CBS 2020)
Jaar
1998
1999
2000
2001
2002
2003
2004
2005
2006
2007
2008
2009
2010
2011
2012
2013
2014
2015
2016
2017
2018
2019
Drift
Volatility
Prijsindex = P
90,4
91,3
97,8
102,9
105,7
108,2
108,7
108,2
123,4
127,7
154,6
138,7
149,7
159,9
169,5
175
173,4
161,7
152,5
166,8
170,4
173,7
Gemiddelde
Standaardev.
ln(P)
4,50
4,51
4,58
4,63
4,66
4,68
4,69
4,68
4,82
4,85
5,04
4,93
5,01
5,07
5,13
5,16
5,16
5,09
5,03
5,12
5,14
5,16
µ
σ
0,010
0,069
0,051
0,027
0,023
0,005
-0,005
0,131
0,034
0,191
-0,109
0,076
0,066
0,058
0,032
-0,009
-0,070
-0,059
0,090
0,021
0,019
0,031
0,066
Zodra drift µ en volatiliteit σ gevonden zijn, kunnen met vergelijking
1 toekomstige prijsvoorspellingen worden gedaan. Daarvoor
is het handig om het natuurlijke logaritme van de prijzen
weg te halen. Vergelijking 1 kan worden omgeschreven tot:
Vergelijking 2 vertelt dat de prijs op tijdstip j gesimuleerd kan
worden door de prijs op tijdstip j-1 te vermenigvuldigen met een
factor. Die factor is de exponentiele waarde van de drift plus de
schok van de volatiliteit. Toepassen van vergelijking 2 op de
historische asfaltprijzen uit tabel 1 geeft figuur 1.
ln(Pj) - ln(Pj-1)
00:18
׉	 7cassandra://KCK9GCJIxXXzaX03wCXMuZYLTpVLzWDfm4WOLjAb-_o`̿ `}7<׉ERPROBABILISTISCH RAMEN VAN LEVENSDUURUITGAVEN OP BASIS VAN PRIJSINDICES
Figuur 1 - Historische asfaltprijzen en toekomstige voorspellingen.
Figuur 1 laat tot 2020 historische prijsindices zien. Na 2020 kan
de asfaltprijs zich op verschillende manieren ontwikkelen. Ieder
pad is mogelijk. De doorgetrokken lijn na 2020 is de verwachtingswaarde
die een stijgende trend laat zien. De paden die
dichter bij deze verwachtingswaarde liggen hebben een grotere
kans van optreden dan de uiterste paden.
De GBM lijkt exotisch, maar dat valt wel mee. De verwachtingswaarde
kan namelijk ook verklaard worden op basis van inflatiecijfers.
De prijsindex voor asfalt in 1998 is 90,4. In 2019 is deze
173,7. Over 21 jaar is de prijsindex dus gestegen van 90,4 naar
173,7. Het percentage stijging per jaar volgt uit het oplossen van
90,4 (1+i) ^21=173,7 voor i en hieruit volgt dat i gelijk is aan
3,15%. Over de afgelopen 21 jaar is de prijs van asfalt gestegen
met 3,15% per jaar. Onder de aanname dat deze trend ook geldt
voor de komende 20 jaar vinden we een verwachtingswaarde
voor de asfaltprijs in 2039 van 〖173,7(1+3,15%)〗^20=323. Dit
komt overeen met de waarde die af te lezen valt in figuur 1 en
gevonden was met de GBM. Wat de GBM toevoegt aan de traditionele
manier van omgaan met inflatie is de spreiding rond de
verwachtingswaarde. Deze spreiding is klein in de nabije
toekomst en wordt groter naarmate de toekomst verder in de
tijd is. Prijspaden die dichter bij de verwachtingswaarde liggen
hebben een grotere kans van optreden. De uiterste extreme
paden hebben een zeer kleine kans van optreden. Vergelijk dit
met een driehoeksverdeling. Die neemt geen prijsstijging (of
daling mee) en ook de spreiding rond de verwachtingswaarde is
constant.
Casestudy levensduuruitgaven brug
Een casestudy van de raming van levensduuruitgaven van een
willekeurige brug laat het verschil zien tussen het gebruik van
een driehoeksverdelingen en GBM’s voor prijzen. De drift en
volatiliteit van levensduuractiviteiten voor de GBM’s zijn zo goed
mogelijk geschat uit historische producentenprijsindices. Zo
goed mogelijk omdat huidige registraties van prijsindices veelal
betrekking hebben op bouwuitgaven en niet zozeer levensduuruitgaven.
De levensduuractiviteiten voor de brug zijn weergegeven
in tabel 2 met de aanname voor de traditionele aanpak
(driehoeksverdelingen). Tabel 3 geeft de aannamen voor de
GBM’s die horen bij de levensduuractiviteiten.
Tabel 2 - Levensduuractiviteiten van een brug met traditionele driehoeksverdelingen en waarden voor boven- en ondergrenzen.
Levensduuractiviteiten
Hoofddraagconstructie -
herstellen betonschades rijvloer
Opleggingen - vervangen
Steunpunten - herstellen
betonschades - kolom
Verharding - vervangen
verhardingsconstructie
Verharding - vervangen deklaag
Voegovergangen - vervangen
geluidsarme voegen
Schampkant - herstellen
betonschades
Geleideconstructie - onderhoud
Geleideconstructie - vervangen
Leuning - vervangen
Leuning - conserveren
Overig jaarlijks onderhoud
Verkeersmaatregelen
Freq.
(jaar)
25
50
25
20
20
25
10
20
20
40
10
1
1
Volume
9.200m2
16 stuks
410m2
9.200m2
9.200m2
30m
1.600m2
1.450m
1.450m
730m
730m
1 stuks
1 stuks
Eenheidsprijs
€5
€35.000
€18
€35
€15
€1.250
€18
€18
€115
€300
€75
€25.000
€4.000
Frequentie
Boven
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
Onder
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
Volume
Boven
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
Onder
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
Prijzen
Boven
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
Onder
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
15%
00:19
׉	 7cassandra://ZIWqpQ2qSJZ1Hh5grj6tmwDvnfjP-l3tBcdWZocSk9cH`̿ `}7<`}7<בCט   u׉׉	 7cassandra://l5Xkde2lN0cFl39eSI8U4U8E-VNCbl6jLf32cUDLdh0 z`׉	 7cassandra://Vo2sLPcwaG76BxHGF52RrGDHocoFVpARMqbxpdLvWTsY	`f׉	 7cassandra://QXrXxPfmhA2nEIbnYZfhk2hRBIuYhWv-ak6cbaebnKg^`̿ ׉	 7cassandra://7EJn9L9iKLzC7mztckbWb2onl4uHDQAGVltdGl2JNn0͠,`}7<<ט  u׉׉	 7cassandra://eHgZ-MDqd0zm8_flR-WEKJAZxvw55wYUVjjAbSPA2f0 ` ׉	 7cassandra://z9ucOledMZkHG7CvJsGYyq4jV3Aps4wcU7I2h9ucODwK`f׉	 7cassandra://1kj7zIvcNm9mgdkavW1TA8KQDvW_X4pIuNZm5nzRrqs`̿ ׉	 7cassandra://2IgVN5fIxtAnqORmfxLoAcjbItwCiOfKc9N6IL800rM͋*p͠,`}7<=נ`}7<J q0I9ׁH 5http://www.cobouw.nl/marktontwikkeling/nieuws/2019/08ׁׁЈנ`}7<I k9ׁHhttp://sector-dwars.htׁׁЈנ`}7<H rE9ׁH *http://bouw.nl/nieuws/2018/04/10/stijgendeׁׁЈנ`}7<G r9ׁH )http://prijzen-zitten-bouwsector-dwars.htׁׁЈנ`}7<F tV9ׁH 2http://www.nvb-bouw.nl/nieuws/2018/04/10/stijgendeׁׁЈנ`}7<D rc9ׁH 8http://www.cobouw.nl/aanbesteden/nieuws/2018/10/aannemerׁׁЈנ`}7<C r
N9ׁH &http://www.crow.nl/publicaties/indexenׁׁЈנ`}7<B r9ׁH 1http://opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/en/dataset/ׁׁЈנ`}7<A rS9ׁHhttp://www.crow.nl/onlineׁׁЈנ`}7<@ rvK9ׁHhttp://www.crow.nl/themaׁׁЈנ`}7<? rdB9ׁH 8http://puc.overheid.nl/rijkswaterstaat/doc/PUC_14675_31/ׁׁЈ׉ETabel 3 - Levensduuractiviteiten van een brug met GBM’s voor prijsontwikkeling.
Levensduuractiviteiten
drift
Hoofddraagconstructie - herstellen betonschades rijvloer
Opleggingen - vervangen
Steunpunten - herstellen betonschades - kolom
Verharding - vervangen verhardingsconstructie
Verharding - vervangen deklaag
Voegovergangen - vervangen geluidsarme voegen
Schampkant - herstellen betonschades
Geleideconstructie - onderhoud
Geleideconstructie - vervangen
Leuning - vervangen
Leuning - conserveren
Overig jaarlijks onderhoud
Verkeersmaatregelen
0,017
0,021
0,017
0,028
0,028
0,033
0,017
0,015
0,021
0,021
0,015
0,015
0,015
*Refereert aan Tabel 2., in Boomen, Bakker, Schraven and Hertogh (2020) [7].
Op basis van deze data zijn twee probabilistische ramingen
gemaakt volgens de SSK-systematiek waarbij we voor iedere
raming 1000 simulaties hebben uitgevoerd door trekkingen te
doen uit de kansverdelingen voor frequenties, eenheden en
prijzen. De uitgaven zijn vervolgens geprojecteerd op een tijdslijn
van 100 jaar, de verwachte levensduur van deze brug. De levensduuruitgaven
op iedere tijdslijn zijn contant gemaakt. De
contante waarden (1000 stuks per raming) zijn gegroepeerd in
een histogram. Deze analyse hebben we twee keer uitgevoerd,
één keer volgens de huidige methode (driehoeksverdeling) en één
waarbij de driehoeksverdeling voor prijzen is vervangen door een
GBM. Het resultaat van de twee probabilistische ramingen is
weergegeven in figuur 2. Een aandachtspunt is het contant
maken van levensduuruitgaven. Producentenprijsindices (PPIs)
geven de totale inflatie weer en daarom wordt bij gebruik van een
GBM contant gemaakt met de nominale discontovoet. Omdat bij
de driehoeksverdeling prijsstijgingen geen rol spelen, is hier de
reële discontovoet van toepassing. Voor detailleerde uitleg over
toepassing van discontovoeten onder inflatie verwijzen we naar
Boomen [7] en de standaard ISO 15686-5:2017 [8].
Figuur 2 laat zien dat de verwachtingswaarde van de raming met
GBM’s hoger ligt dan de verwachtingswaarde van de raming met
alleen driehoeksverdelingen. Dit komt omdat de driehoeksverdeling
prijsescalatie negeert. Het verschil in verwachtingswaarde
voor de casestudie bedraagt 13%. Verder laat figuur 2 zien dat de
onzekerheidsspreiding van de raming met GBM’s groter is dan de
raming met alleen driehoeksverdelingen. Dit wordt verklaard
door de volatiliteiten en het uitwaaieren van de GBM’s. Hoe
kleiner de volatiliteit, hoe minder een GMB uitwaaiert. Er is gerekend
met een reële discontovoet van 5% als lange termijn voorspeller
op basis van een gemiddelde reële discontovoet over de
periode van 1995-2020. Dit komt overeen met een nominale
discontovoet van 6,96%. De gevoeligheid voor andere discontovoeten
is weergegeven in Tabel 4.
GBM
volatiliteit
0,017
0,021
0,017
0,028
0,028
0,033
0,017
0,015
0,021
0,098
0,016
0,016
0,016
Referentie *
Code (bron)
4213 (CBS)
19 (CROW)
4213 (CBS)
4211b (CBS)
4211b (CBS)
17 (CROW)
4213 (CBS)
Arbeid (CBS)
19 (CROW)
19 (CROW)
Arbeid (CBS)
Arbeid (CBS)
Arbeid (CBS)
Figuur 2 -Vergelijking van de probabilistisch ramingen met alleen
driehoekverdelingen en de toepassing van GBM’s voor
prijsontwikkelingen.
Tabel 4 laat zien dat de onderschatting van de conventionele
methode hoger wordt als met lagere discontovoeten wordt gerekend.
Het niet meenemen van prijsescalatie kan ertoe leiden dat
reële uitgaven worden onderschat.
Conclusie
Prijs(de)escalatie beïnvloedt ramingen van project- en levensduuruitgaven,
maar wordt nauwelijks meegenomen in probabilistische
ramingen. Dit kan tot serieuze problemen leiden zoals
verschillende persberichten laten zien: ‘Aannemer draait onterecht
op voor onverwachte prijsstijgingen’ [9], ‘Stijgende prijzen
zitten bouwsector dwars’ [10], ‘Exorbitante prijsstijgingen en
00:20
׉	 7cassandra://QXrXxPfmhA2nEIbnYZfhk2hRBIuYhWv-ak6cbaebnKg^`̿ `}7<׉E^PROBABILISTISCH RAMEN VAN LEVENSDUURUITGAVEN OP BASIS VAN PRIJSINDICES
Tabel 4 - Gevoeligheidsanalyse voor de discontovoet in de casestudy.
Reële discontovoet
(algemene inflatie van
1,87%)
Verwachte waarden van contant-gemaakte levensduuruitgaven
in € mln (afgerond)
Conventionele methode
(driehoeksverdeling voor
prijsonzekerheid)
1%
2%
3%
4%
5%
6%
7%
4,63
3,08
2,16
1,59
1,22
0,96
0,79
Methode met GBM
voor prijs(de)escalatie en -
onzekerheid
5,90
3,79
2,58
1,84
1,38
1,07
0,86
27 %
23 %
19 %
16 %
13 %
11%
9%
Onderschatting van conventionele
methode in relatie tot methode met
GBM
oplopende bouwkosten’ [11]. Het voorliggende artikel toont een
alternatieve kansverdeling afgeleid van historische prijsindices.
Deze kansverdeling geeft rekenschap van prijs(de)escalatie in
project- en levensduuruitgaven. Een casestudie laat zien dat het
niet meenemen van prijs(de)escalatie tot over(onder)schatting
van reële uitgaven leidt. Het voorliggende onderzoek geeft geen
eindantwoorden. Het kan een tussenoplossing bieden voor de
huidige systematiek omdat naast de voorgestelde verdeling
(GBM) meer voorspellende methoden voor prijsontwikkeling
voorhanden zijn die wellicht betere resultaten geven. Dit
pakken we op in vervolgonderzoek. Voor een goede toepassing
zal ook de registratie van prijsindices uitgebreid moeten worden
naar levensduuruitgaven.
Dit artikel is een verkorte Nederlandstalige toelichting op het
peer-review artikel: Probabilistic life cycle cash flow forecasting
with price uncertainty following a geometric Brownian motion.
Structure and Infrastructure Engineering [7].
Referenties
[1] puc.overheid.nl/rijkswaterstaat/doc/PUC_14675_31/
[2] www.crow.nl/thema-s/projectmanagement/kostenmanagement/standaardsystematiek-voor-kostenramingen-(ssk)
[3]
Standaardsystematiek voor kostenramingen SSK2010,
CROW publicatie 137
[4] www.crow.nl/online-kennis-tools/kennismodule-kostenmanagement
[5]
opendata.cbs.nl/statline/#/CBS/en/dataset/ -
81139eng/table?ts=1586689719624
[6] www.crow.nl/publicaties/indexen-risicoregelingen-gww
[7] Boomen, M. v. d., Bakker, H. L. M., Schraven, D. F. J., &
Hertogh, M. J. C. M. (2020). Probabilistic life cycle cash flow
forecasting with price uncertainty following a geometric
Brownian motion. Structure and Infrastructure Engineering,
1-15. doi:10.1080/15732479.2020.1832540
[8] ISO 15686-5:2017. Buildings and constructed assets - Service
life planning - Part 5: Life-cycle costing: International
Organization for Standardization
[9] www.cobouw.nl/aanbesteden/nieuws/2018/10/aannemerdraait-onterecht-op-voor-onverwachte-prijsstijgingen-zo-kandat-anders-101265971
[10]
http://www.nvb-bouw.nl/nieuws/2018/04/10/stijgendeprijzen-zitten-bouwsector-dwars.html"
www.nvb -
bouw.nl/nieuws/2018/04/10/stijgende-prijzen-zittenbouw
sector-dwars.html
[11] www.cobouw.nl/marktontwikkeling/nieuws/2019/08 -
/opinie-de-betaalbaarheid-van-bouwen-in-nederland101275363
00:21
׉	 7cassandra://1kj7zIvcNm9mgdkavW1TA8KQDvW_X4pIuNZm5nzRrqs`̿ `}7<`}7<בCט   u׉׉	 7cassandra://rIEix1PmPY-0HiA7JTdN-PGAXpYThCzHEx0dHDyc0Kc v`׉	 7cassandra://cAbYHJ-fFZe3rsxIOPqvye322VLcaI8Gq66zfrcbuL4*S`j׉	 7cassandra://h07WK1sRCcy0ZaUEAqji0sbiG_KzMI26SIw6gMV0EOY&` ׉	 7cassandra://j0Qb57Zos6iXGLrS5j5D_jyCWTAuIMZWnh3x9QQRaGQ t͠=`}7<Eט  u׉׉	 7cassandra://Hl_fMtl_ZoWaYa0dI3gLOBnaiBsiHpiQ-lucSQLQ6aY p` ׉	 7cassandra://K1aDr3-XNdh-XDAJJv1NX4pD-Z8koTEKpbZ05ZuVmW0g`j׉	 7cassandra://k_uXlzQSxZ4ce8KIqo0B6I_TQBX8_y4PwvcoSt5YRgk` ׉	 7cassandra://c1gbOFSG954k1HkO0UcMWhDTC0sdaun3Ji769_9_hF8ll͠=`}7<K׉E ULUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN CO
00: 22
׉	 7cassandra://h07WK1sRCcy0ZaUEAqji0sbiG_KzMI26SIw6gMV0EOY&` `}7<׉EOLUMN
N COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUM
in de beperking
herkent men
de meester
Auteur: Paul Beljaars, Sr projectleider bij een Infra aannemer.
V
anaf het begin van de mensheid zijn wij bezig met
overleven, ons aanpassen aan veranderende situaties en
het verleggen van onze grenzen. Met vallen en opstaan
hebben we ons ontwikkeld tot de mensen die we nu zijn. Zolang
het vallen niet fataal was, konden we door op te staan de grens
weer een stukje verleggen. En ervan leren, natuurlijk. Want ook
toen al stootte die ezel zich niet twee keer aan dezelfde steen.
Vallen hoorde bij overleven. Wie dat niet durfde of wilde, moest
blijven zitten waar hij of zij zat. In die tijd was dat een slechte
keuze. Wie niet wilde lopen, had geen eten en hoe dat op lange
termijn afloopt lijkt me duidelijk.
Anno 2020 zijn we nog steeds bezig met deze ontwikkeling. We
verleggen grenzen en leren van onze fouten. Het vallen noemen
we tegenwoordig risico’s en die moeten we beheersen. Het opstaan
proberen we in leercurven en deming-cirkels te vatten. Het principe
is niet veranderd, maar de manier waarop we dit denken te
managen wel.
Bij elke aanbesteding of nieuw project starten we met het in kaart
brengen van de gevaren: wat ligt er op de loer? In de branche zijn
we inmiddels voorbij de fase dat we ‘aan risicomanagement doen’
om het af te kunnen vinken in ons kwaliteitssysteem. Hoe naïef
ook, ik vertrouw erop dat we er allemaal oprecht van overtuigd
zijn dat de risico’s in onze projecten serieus zijn en beheerst
moeten worden. We kennen immers voorbeelden genoeg,
meestal bij anderen overigens.
We beginnen goed met een inventarisatie en - zoals geleerd - de
beheersmaatregelen. Maar hoe gedreven zijn we dan om de
onderste steen boven te krijgen? Hoe kwetsbaar durven wij ons op
te stellen over het feit dat we het zelf ook niet weten? Of durven de
jonge collega’s de oplossing van de ervaren rot ter discussie te
stellen? Snotneuzen. En hoe vaak laten we risico’s links liggen
omdat ze niet van ons zijn. Vinden we. En diepen we bekende risico’s
uit tot op decimalen terwijl we de grote onbekende laten voor
wat het is. En welk podium geven wij onze criticasters?
In deze fase lijken onze managementsystemen en contracten het
te winnen van ons gevoel en intuïtie. En laten we een schat aan
beheersingstools liggen die grote gevolgkosten kunnen voorkomen.
Helaas.
Maar toch, we komen vaak tot een indrukwekkende lijst van risico’s
die in grote lijnen wel zal kloppen. Daar laten we dan een
kwantificering op los, waarbij we kansen en gevolgen waarderen.
Soms staat de volgorde van de ranglijst ons niet aan en sleutelen
we wat aan de input. En soms is de uitkomst van de MultiCriteriasimulatie
zodanig dat we ons zekerheidspercentage aanpassen
zodat we toch uitkomen op een risico-percentage dat we bij ‘dit
type werk’ vinden passen.
Was daarmee begonnen. Dan hadden we ons kunnen richten op
de kansen.
O, dat brengt mij op de volgende pubquiz-vraag. Wat is erger: een
opgetreden risico of een gemiste kans? Goed risicomanagement
maakt je betrouwbaar, goed kansen-management maakt je onderscheidend.
Dat moet vooral de ondernemers onder ons aanspreken.
En toch laten we het managen van kansen vaak links liggen.
Is het onze calvinistische inborst die ons weerhoudt van het flirten
met kansen? Of is het juist ons opportunisme waardoor we met
een roze bril alle kansen al beschouwd hebben als waarheden om
ons vervolgens met open ogen naar een waterval laten drijven? Ik
denk dat we ons graag door opportunisme laten leiden. Daarmee
gaan we al op voorhand uit van de goede afloop van al die kansen,
optimistische aannames en positieve scenario’s. “En we zijn ondernemers,
nietwaar?” Om vervolgens een piepklein lijstje over te
houden met ‘opportunities’. Hallo! Hebben we de kans van ons
falende opportunisme goed ingeschat? Dat zijn dan weer risico’s.
Dus hoe meer kansen je meeneemt in de basisoplossing, hoe meer
risico’s je op je lijstje hebt. En zo lijkt de cirkel weer rond.
Lijkt, want ik ben de draad kwijt. En zo gaat het in praktijk ook.
We beginnen goed, maar gaandeweg verstrikken we in oorzaak
en gevolg, vage beheersmaatregelen en verouderde lijstjes. De
Monte Carlo-simulatie doen we op basis van vergane input en
uiteindelijk houden we voor de risicopot een bedrag aan waar we
ons goed bij voelen. En signalen die tijdens het project oppoppen,
worden niet meegenomen.
Ik heb een voorstel. Als we het nou eens, net zoals onze voorouders
deden, beperken tot de simpele driedelige afweging: wat kan er
mis gaan, hoe komen we er dan heelhuids uit en hoe houden we
er toch zoveel mogelijk aan over. Daar mogen best systemen voor
gebruikt worden, maar zo houden we het mooi overzichtelijk.
Afgesproken?
00:23
׉	 7cassandra://k_uXlzQSxZ4ce8KIqo0B6I_TQBX8_y4PwvcoSt5YRgk` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://omGsYKo8S_FwwVVcxKc7E0yUznsBwF4PwFzw2osVHcg `׉	 7cassandra://Lb6JgBmL1KDHT03kEn3FK1EK4HcDVqHK8HKrtavXrhYg`j׉	 7cassandra://v_3SlL5FApAHmAGEekuI9ZC1tJrDOpA2-yte64sY-34'` ׉	 7cassandra://KbOVmOFy3SMfJtm5E6XAnAODFBfXtb4yPY_HKuySBNg Sl͠=`}7<Mט  u׉׉	 7cassandra://K36CwYVOP1v2NdZrZjP-mouOTjvX4_GIJZmvvO1OuQY `׉	 7cassandra://_a8AdbAWXzaoJ7PU9QvDF4_ldEGr9KjyVBowuQW6ggIf`j׉	 7cassandra://hgkoUzLjWGb1vg-el8CBSqqcbfqik4V5TIWZkcASkXUU` ׉	 7cassandra://3gMFC9FCrgMLI47YUWA3l2UJ_7odkHSsUsgRaU4AWYM͠=`}7<N׉E Erisicomanagement
en onzekerheid in
maatschappelijk
perspectief
00:24
׉	 7cassandra://v_3SlL5FApAHmAGEekuI9ZC1tJrDOpA2-yte64sY-34'` `}7<׉ERISICOMANAGEMENT EN ONZEKERHEID IN MAATSCHAPPELIJK PERSPECTIEF
We hebben in onze maatschappij steeds vaker te maken met spanningen
rond de vraag hoe we met risico’s moeten omgaan. Vanwege die onzekerheid
wordt risicoanalyse vaak sceptisch benaderd. Daarom zie je nu de trend om
transparant te zijn over de onzekerheidsmarges. Het draagvlak voor risico -
management volgt op de betrouwbaarheid van het risicomanagement.
Auteur: Geert Henk Wijnants, Principal Consultant bij Stork Asset Management
Technology en lid van DACE SIG CEPI.
O
m de betrouwbaarheid van risicomanagement inzichtelijk
te maken, moet de onzekerheid rond aanwezige
risico's worden gecommuniceerd. Dit is op veel verschillende
gebieden te zien, in de ontwikkeling rond de economie, de
politieke verhoudingen binnen de EU en met grootmachten, en
ook in ieders directe omgeving rond bijvoorbeeld de vraag hoe
met het corona virus om te gaan en hoe de balans te vinden
tussen economie en besmettingsgevaar, wanneer we kijken naar
de politieke discussie rond de donorwet waar een afweging
achter zit tussen zelf donor zijn en eventueel zelf donororganen
nodig hebben en ook op het gebied van al dan niet maatregelen
nemen om de gevolgen van klimaatverandering tegen te gaan.
Een diversiteit aan onderwerpen met één gemeenschappelijke
factor namelijk dat er vanuit het perspectief van risicobeheersing
naar gekeken kan worden én dat bepalend is voor een
succesvolle aanpak in hoeverre er draagvlak is voor een gekozen
benadering.
Risicomanagement als oplossing
Waarom kies ik in de titel voor dit maatschappelijke perspectief
en waarom is risicomanagement zo van belang? Omdat risicomanagement
in de huidige context een oplossing biedt. Ik schrijf
dit vooral vanuit het besef dat risicomanagement een transparante
methode is om voor- en nadelen van het nemen van maatregelen
bij een te voorzien probleem tegen elkaar af te wegen.
Daarmee voorkom je bijna altijd veel discussie over kosten, zoals
mijn oude leermeester Henny Ellenbroek van Akzo Engineering
E-DES me heeft geleerd. Destijds ging dat soort discussies over
het al dan niet moeten inzetten van instrumentele beveiligingen
Figuur 1 - Risicogestuurde besluitvorming.
om daarmee al dan niet catastrofale industriële calamiteiten te
voorkomen. Middels technieken, als de industriële standaard
IEC 61508 en bedrijfseigen methodieken als bijvoorbeeld het
Cactus proces (DSM), kon (en kan en wordt) de balans worden
aangebracht tussen de kans op een incident en de kosten van het
voorkomen van zo’n incident. En dit dan wel op zó’n manier, dat
dit voor álle betrokkenen als volkomen logisch werd ervaren
waarbij het NIET overwegen van dit soort beschermende maatregelen
eigenlijk niet eens meer ter discussie kwam. Immers, het
was duidelijk dat zo’n besluit zou leiden tot een ‘goedkoop is
duurkoop’ of ‘penny wise, pound foolish’ situatie. Dat die IEC
61508 in deze tijd ook een soort van wettelijke status (invulling
zorgplicht) heeft gekregen, heeft daarbij ongetwijfeld geholpen
00:25
׉	 7cassandra://hgkoUzLjWGb1vg-el8CBSqqcbfqik4V5TIWZkcASkXUU` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://1Yit_JNWRdi8YgXXAcmY3IGxkMPRJ3JdtLAZZWGaa0I ` ׉	 7cassandra://H9KUrw-SHiFT3Jm3_pfcLUFASeZMaYvuRK4cPMLwyMsko`j׉	 7cassandra://ENuPPmAlNIB0yFbZMjDDFYlHpvC_kB7RJnvh029V8nw` ׉	 7cassandra://ak98WrE96E_Qc9QDPbexci-AlO8i1DxUdhC_c5ERh50i`͠=`}7<Pט  u׉׉	 7cassandra://0wsyRWQqaqxf_DwKBOzih-vaIbnxfmN8tjxUaTgfm1E `׉	 7cassandra://Rd-BkodmdKrsatqFEvihTghQC8IiTeEwb3D16wjm-FY]`j׉	 7cassandra://sBKBKILHOap4ErnnIamvCZB8tFnO6X1oBNqXJ8hLKb8` ׉	 7cassandra://hjHpQlLRS5c9OCqDtnJ_2YZs6Bar9Q9H66L0Kii8AMo x͠=`}7<Q׉Eom diegenen die het niet zo ophadden met risico’s, over de streep
te trekken. Voor het draagvlak kun je aan de hand van dit voorbeeld
al concluderen dat een wettelijke status helpt om noodzakelijke
veranderingen gerealiseerd te krijgen.
Historie van risicomanagement
Tegen de achtergrond van het zoeken naar balans is het niet zo
verwonderlijk dat men ook op andere gebieden in Nederland
met de jaren het nut van het sturen op risico’s heeft ervaren. Zo
vinden we dit terug in het beheersen van overstromingsrisico’s
met de faalkanseisen voor dijken en sluizen, wat een degelijke
wettelijke basis heeft gekregen in de vorm van de waterwet. Het
draagvlak voor deze wet is mede gebaseerd op ons collectieve
geheugen met de watersnoodramp. Zoiets nooit meer. En tegelijkertijd
leidt dit dan tot vragen als: maar hoe hoog moeten die
dijken dan zijn, hoe zeker is zeker genoeg?
Wat we ons hierbij vaak niet realiseren, dat is dat onze manier
van omgaan met risico’s typisch iets is wat zich heeft kunnen
ontwikkelen in onze Nederlandse cultuur met onze eigen ervaringswereld,
waarbij, ook weer vanuit de ervaringen in het verleden,
een belangrijke rol is weggelegd voor de overheid om ten
behoeve van onze zekerheid (de voeten drooghouden) voor de
benodigde voorzieningen te zorgen. In veel landen wordt daar
(nog) niet zo tegen aangekeken. Daar wordt ervan uit gegaan dat
het vooral het individu is, die zélf een afweging moet maken. Als
die daarbij dan inschattingsfouten maakt, moet die dan zelf ook
de consequenties ervaren. De vraag óf die persoon dan wel in
staat is om die consequenties te dragen en wat te doen als dit dan
vervolgens bij de maatschappij terechtkomt, wordt daarbij niet
gesteld onder het populaire motto dat speculeren over onzekerheden
een hobby is waar je de dagen mee kunt vullen als je niets
te doen hebt.
Dat het tijd kost om dit soort perspectieven te laten landen werd
me recent nog weer eens duidelijk toen ik oude krantartikelen
onder ogen kreeg van de Salembrand in psychiatrisch centrum
Groot Bronswijk in Wagenborgen, waarbij destijds (1970) 16 van
de op dat moment 119 aanwezige bewoners omkwamen [1]. Een
dusdanig traumatische gebeurtenis dat deze vandaag de dag, 50
jaar later dus, nog middels een kranslegging [2] bij een apart
monument op de begraafplaats wordt herdacht. Destijds was al 9
jaar eerder gewezen op de risico’s van het oude gebouw wat bij de
rijksinspecteur van de brandweer al tot de conclusie had geleid,
mede gebaseerd op ervaringen met een eerdere brand in Driebergen,
dat bij een grote brand aldaar met wel 50 doden rekening
gehouden zou kunnen worden. Dit risico werd
klaarblijkelijk, door de onzekerheid in de kans, niet als
voldoende concreet gewaardeerd. Inmiddels zijn we jaren verder,
en is in Nederland de rol van de brandweer doorontwikkeld van
het geven van een advies naar het verlenen van een gebruiksvergunning
[3]. Zonder vergunning mag een gebouw eenvoudigweg
niet in functie komen.
Dat we in Nederland met regelgeving risico’s willen beperken
roept de vraag op of daarmee het risico ook wérkelijk beheerst is.
Dan komen we bij het punt of een wettelijk gezien risico, waarbij
op grond van ervaringen uit het verleden maatregelen zijn afgedwongen,
ook in de praktijk als nuttig en nodig worden ervaren
en dus wordt nageleefd zoals bedoeld. Als dat namelijk niet zo is,
bestaat immers altijd de mogelijkheid de dwingend opgelegde
regelingen als een papieren maatregel worden gezien en dat
men ervan uitgaat dat de soep niet zo heet gegeten wordt als die
wordt opgediend. Hier lopen we dus aan tegen de factor ‘risicoperceptie’.
Zijn we als individuen in staat het risico op waarde te
taxeren en daar dan ook naar te handelen? Om dat te kúnnen
moeten we ons inleven in de achtergronden van de risicobeoordeling
en de omgang met de onzekerheden daarin; risicomanagement
in het algemeen.
Risicomanagement een ‘hot’ onderwerp?
Dat roept de vraag op of risicomanagement wordt ervaren als
een betrouwbaar hulpmiddel en in welke mate dit leeft in de
maatschappij? Om dit nu te toetsen heb ik in het online krantenregister
gezocht op de termen risicomanagement, reliability en
betrouwbaarheid wat ná het jaar 2000 10 artikelen oplevert (!).
Dit leidt voor mij dan tot de conclusie dat het begrip risicomanagement
en daaraan gerelateerde onderwerpen als betrouwbaarheid
in de algemene nieuwsgaring niet erg leven. Redenen
daarvoor kunnen zijn dat we het (a) kennelijk op orde hebben
waardoor er geen behoefte is naar meer detail én/of (b) dat het
tegelijkertijd alleen gespreksonderwerp is binnen nogal gespecialiseerde
groepen waardoor het een relatief nerdy onderwerp
lijkt. Op zichzelf is het dan niet zo verwonderlijk dat men in de
maatschappij in het algemeen moeite heeft met risicomanagement
en dan daarbij zeker ook niet direct bereid is om maatregelen
te accepteren wanneer de overheid op haar beurt middels
regelgeving die risico’s wil beheersen met een beroep op risicobeheersing
als argument. Denk maar aan de coronamaatregelen.
Dit roept de vraag op, hoe we dit gedrag dan wel kunnen veranderen.
Algemene
toepassing van risicomanagement: hoe?
Mijns inziens zijn er meerdere mogelijkheden om het omgaan
met risico’s breed te laten landen.
1. Als eerste, wees expliciet door risico’s te omschrijven in
termen van de dagelijkse praktijk. Wanneer bij een ongeval de
consequenties kunnen variëren tussen een minimum en een
maximum, kunnen we dit communiceren met behulp van
het gemiddelde en de bandbreedte. Met deze waarden kun je
in de praktijk toetsen of de voorspelling juist is geweest. Dit
voorkomt dan verdachtmakingen zoals: dat er een belang zou
kunnen zijn om een zwart scenario te schetsen. Immers, op
basis van deze waarden is er een reëel, verifieerbaar risicoscenario.
Dit wordt bij sommige Risk Based Inspectie (RBI) methodes
toegepast door bij voorspelde degradatie een waarde op te
geven met daarbij een mate van voorspelbaarheid (veelal 4
klassen), die dan gekoppeld zijn aan een onzekerheidsmarge
(van maximaal +/- 100% tot +/- 10% van de degradatiesnel00:26
׉	 7cassandra://ENuPPmAlNIB0yFbZMjDDFYlHpvC_kB7RJnvh029V8nw` `}7<׉ERISICOMANAGEMENT EN ONZEKERHEID IN MAATSCHAPPELIJK PERSPECTIEF
Figuur 2 - King Carol brug ingebruikname in 1895.
heid). Ook kennen we dit bij kostenbegrotingen waarbij de
mate van zekerheid via één van de 5 AACE klassen wordt
opgegeven en gemakshalve grofweg varieert van +/- 50% tot
+/- 5%. In de klimaatmodellen wordt die onzekerheidsmarge
ook toegepast en met toenemende kennis kleiner gemaakt,
met als resultante nauwkeuriger prognoses rond 3˚ C temperatuurtoename
voor over 5 à 6 decennia [4].
2. Maak de ervaringswereld, waar vanuit wordt gegaan bij de risicobeoordeling,
transparanter voor de geïnteresseerden. Hierin
is al een ontwikkeling te zien doordat allerlei incidenten
middels programma’s als Discovery Channel (vliegtuigincidenten)
en ook op YouTube makkelijk toegankelijk zijn.
Hierbij is een toelichting dan wel noodzakelijk. Zo zag ik filmpjes
van ronddwarrelende windturbinebladen met toegevoegde
commentaren van het soort: ‘dit is het risico wat u
loopt met windturbines’, waarbij de context van de doorontwikkeling
van bewaking en versterking van het ontwerp
totaal ontbreekt. Breiden we dit beeld uit met het soort van
informatie rond de 5G straling en suggestieve berichtgeving
rond vaccinaties, en er verschijnt een uitdaging. De uitdaging
hierbij is gelegen in het begrip ‘betrouwbare nieuwsvoorziening’,
waarbij (a) voorzien in informatie en (b) onafhankelijke
controle op de inhoud daarvan, essentieel zijn.
3. Maak personen ook meer aansprakelijk voor de geclaimde
risico’s én de gevolgen van hun acties en help hen bij het
maken van de bijbehorende keuzes. Ik heb dit wel eens getypeerd
middels het AnghelSalignyTest (zie voetnoot 1) om
duidelijk te maken dat vrijblijvendheid vaak niet juist is. Dit is
geheel passend bij de complexer wordende wereld waarbij
verstrekkende afwegingen gemaakt moeten worden. Zo
kennen we in het verkeer al het puntensysteem waarmee het
rijbewijs en het verkregen recht op eigen vervoer verloren kan
gaan al naar gelang het gedrag. Vervang het 'rijbewijs' en 'het
recht op vervoer' door 'donorcodicil' en 'recht op orgaan' of
'aantal COVID-19 boetes' (zie voetnoot 2) en 'recht op IC' en er
ontstaat een vergelijkbaar proces met directe koppeling van
eigen keuzes aan persoonlijke gevolgen van die keuzes.
00: 27
׉	 7cassandra://sBKBKILHOap4ErnnIamvCZB8tFnO6X1oBNqXJ8hLKb8` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://cRl_UVsDlzR_Xe8NoZTeSar8DGgxOW9AAwFetcDE0cY ` ׉	 7cassandra://ygMdo5g1aT7TTfY1clCRmNoXcJAimrOYi5g9Jv0KrNcc`j׉	 7cassandra://IzQIViCtq4ZPOZyrNa3RkVPSs6Y7EM2x_kCdx1Uz_Sc` ׉	 7cassandra://bDMi4elYlOgcE-V_skDrxB1yqd1hzbibgssbaupbci4lL͠=`}7<Sט  u׉׉	 7cassandra://V9nMyQ3W_Dm2n-vr4YSSqN9-wKJT_hWSpLZuawCcXEg \`׉	 7cassandra://up7NKH3oKot1Sqrx-cywFA7nyIXaFK4Z3a7kfx-TBoY[`j׉	 7cassandra://-wbSYtGOTK-35Q1dJEvbVvaNGXSpFmVI_5flhVDwTig` ׉	 7cassandra://a_3Qhdn4wtPIhkVRAgtvKyaiMNQv7xaUDCL2ds_ZYyE͊͠=`}7<Tנ`}7<W 9ׁH 1http://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/bouwregelׁׁЈנ`}7<V }i9ׁH -http://www.112wagenborgen.eu/2016/10/26/groteׁׁЈ׉ERISICOMANAGEMENT EN ONZEKERHEID IN MAATSCHAPPELIJK PERSPECTIEF
Voetnoot 1
Anghel Saligny [5] was de ontwerper en bouwer van de toen langste brug van Europa, over de Danube. Tijdens de officiële ingebruikname waarbij de
brug zwaar werd belast met treinen, bevond hij zich met een team onder de brug. Hierdoor stond hij met zijn leven in voor de kwaliteit van de
constructie. Te vergelijken met de locatiedirecteur die de betrouwbaarheid van zijn bedrijfslocatie staaft door middel van zijn direct ernaast gelegen
woning.
Voetnoot 2
'Aantal COVID-19 boetes'. Vooralsnog een concept, gebruikmakend van de registratie van het aantal boetes. Indien sprake is van duidelijk risicozoekend
gedrag (bij herhaling geconstateerd), leidt dit tot verlies op recht op een IC-plaats wanneer er onvoldoende voorzieningen beschikbaar zijn (en
de reguliere zorg dus in feite ook al deels is afgebouwd –met de nodige gevolgen voor diegenen die daar dan van afhankelijk zijn). Een mildere variant
is het verlies van recht op verzekering van ziektekosten, analoog met verlies van verzekering in geval een auto.
Gegeven het controlerende karakter wat hierin zit komt dit
vanzelfsprekend nogal Orwelliaans over. Dáár waar de keuzes van
de een, negatieve effecten hebben voor de ander, is de afweging
waarin dit proces het meest optimaal is ingericht. Dit werkt in het
algemeen het beste door het risico wat ontstaat ook bij de veroorzaker
terug te leggen. Een mooi voorbeeld uit de watersector waarin
dit effectief is ingericht is het probleem van de verontreiniging van
drinkwater uit een rivier door het afvalwater van een stroomopwaarts
gelegen papierfabriek. Door wettelijk te regelen dat de
waterafvoer stroomopwaarts moest liggen van het waterinnamepunt
van de fabriek (waardoor die zichzelf zou vervuilen als de
afvalstroom te smerig is), kon geregeld worden dat het overlast
gevende afvalprobleem héél effectief werd opgelost. Het laat zich
aanzien dat met name de eerste twee middelen 1 en 2 het meest
effectief zullen zijn doordat die helpen om inzicht en daarmee
draagvlak te krijgen voor de besluitvorming rond risicomanagement.
Het derde middel (3) is praktisch beperkt toepasbaar, namelijk
voor die situaties waarin op korte termijn effecten van gemaakte
besluiten te zien zullen zijn. In een aantal gevallen, zoals met de
ontwikkelingen rond klimaatverandering, zijn de trends pas op de
langere termijn duidelijk, ook al manifesteert dit zich nu al steeds
duidelijker. De combinatie van [onzekerheid nu over toekomstige
ontwikkelingen] met [eisen van een korte terugverdientijd] maakt
dat regelmatig sprake is van een reactieve houding om geschetste
risico’s te gaan controleren. Het zou ongetwijfeld helpen als het per
bedrijf duidelijk is op welke manier, tegen welke kosten, te verwachten
ongewenste effecten voorkomen kunnen worden. Een toolbox
in de vorm van een gestandaardiseerde effectieve risicobeoordeling
met gevolgen en onzekerheden geeft daarbij dan de vereiste transparantie
om daarmee commitment in de vorm van een #smt verklaring
af te kunnen geven. Standaarden als ISO 55001 (asset
management) [6] en ISO 31000 (risico management) [7] zijn al
beschikbaar en kunnen gebruikt worden voor het verder ontwikkelen
van de toolbox. In 2019 is vanuit Veiligheid Voorop onderzocht
hoe risicomanagement een effectievere rol kan krijgen in de
communicatie met de burger. "Organiseren van een effectieve
kennisoverdracht met betrekking tot risico's" is een resultaat van
dat onderzoek [8].
Samenvatting
Momenteel bevinden we ons in een fase waarin we geconfronteerd
worden met veel onzekerheden waarbij keuzes voor de toekomst
gemaakt moeten worden. Niets doen, op de handen blijven zitten, is
in veel gevallen géén optie gegeven de mogelijke consequenties van
zo’n 0-optie. Of en hoe te handelen kan met behulp van risicobeoordeling
worden afgewogen. Daarvoor is dan inzicht en draagvlak
voor zo’n aanvliegroute nodig. Dat inzicht in – en draagvlak voor –
is niet iedereen gegeven, zoals hiervoor uitgewerkt. Daarbij spelen
ook maatschappelijke factoren een rol. Het is dan ook niet verwonderlijk
dat we bij het zoeken naar sturing vanuit risicomanagement
niet te veel naar de omgeving kunnen kijken omdat die vaak nog
niet vertrouwd is met de basisprincipes.
Duidelijk is geworden dat te nemen beslissingen gebaat zijn met
transparantie in de afwegingen. Risico’s en onzekerheden daarin
spelen daarbij altijd een rol. Dat hoeft geen probleem te zijn als die
risico’s duidelijk zijn en er in de afwegingen met de onzekerheden
in de risico’s rekening wordt gehouden. In de beschikbare methoden
is daarin voorzien. Het artikel besluit dan ook met de bevinding
dat informatieverstrekking over toegepaste, bewezen betrouwbare
gestandaardiseerde methoden ervoor kan zorgen dat commitment
kan worden afgegeven voor de implementatie van daarmee
genomen beslissingen. De principes van Asset Management en Risicomanagement
zijn toepasbaar om deze aanpak te effectueren.
Referenties
[1] Nieuwsblad van het Noorden, 26 oktober 1970, ‘Ik heb destijds
gezegd, als hier ooit een brand komt en er zijn minder dan 50
doden dan zal me dat niet verbazen’
[2] www.112wagenborgen.eu/2016/10/26/grote-brand-vrouwenpaviljoen-salem-herdacht-in-wagenborgen-2/
[3]
Omgevingsvergunning voor brandveilig gebruik, Rijksoverheid.
www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/bouwregel geving/ -
brandveilig-gebruik-gebouwen
[4] Nieuwe realiteit: bij verdubbeling CO₂ warmt aarde drie graden
op. NRC 27 aug 2020
[6] ISO 55001 (2014), Assetmanagement - Managementsystemen -
Eisen
[7] ISO 31000 (2018), Risk management - Principles and guidel ines
on implementation
[8] Risicocommunicatie door Brzo-bedrijven en veiligheids regio’s;
een inventarisatie en analyse van praktijken in Nederland.
Crisislab. Nov. 2019.
00:28
׉	 7cassandra://IzQIViCtq4ZPOZyrNa3RkVPSs6Y7EM2x_kCdx1Uz_Sc` `}7<׉E5
vragen aan...
In elke editie van VIEWonVALUE stelt de redactie aan iemand uit het werkveld enkele
vragen rondom Cost Engineering en Value Engineering en de toepassing daarvan in de
praktijk. Deze keer vijf vragen aan Paul Kreuger Program Manager Center of Excellence
Project Management, bij FrieslandCampina.
“Ik denk dat Value Engineering steeds meer zal worden
geïmplementeerd in de business.”
1. Waarom heb je gekozen voor het
vakgebied van Value Engineering?
“Ik heb niet doelbewust een keuze
gemaakt voor het vakgebied Value
Engineering. Vanwege mijn rol als
senior project manager bij FrieslandCampina,
ben ik gevraagd om deel te
nemen in het team van Value Engineering
facilitators. Daarmee heb ik
verscheidene jaren ervaring kunnen
opdoen met Value Engineering.
Sinds zomer 2019 ben ik binnen
FrieslandCampina verantwoordelijk voor alle Value Engineering
voor de grotere CAPEX projecten. Ik leid daarbij een team van 15
Value Engineering facilitators, en we proberen om ieder jaar
weer onze systematiek te verbeteren, om zodoende nog meer
waarde voor de onderneming te creëren.”
2. Wat moet je doen om een goede Value Engineer te worden?
“Buiten een goede training, denk ik dat je de natuurlijke flair
moet hebben om een sessie te faciliteren. Het moet vooral ook
leuk zijn om te doen, voor zowel het team als de facilitator, dat is
een van de ingrediënten voor succes. Je moet aanvoelen hoe een
team in de wedstrijd zit, en de juiste momenten kunnen kiezen
voor een grapje, een leuk filmpje of een pauze. Ik word vaak
verrast door beginnende facilitators die in een workshop
compleet ander gedrag vertonen dan in hun dagelijkse werkzaamheden,
heel leuk om te zien. We beoordelen ieder jaar onze
facilitators, door consequent evaluatieformulieren te laten invullen.
Dat geeft een goed beeld, en dus nemen we ook regelmatig
afscheid van een facilitator, gewoon omdat een persoon eenvoudigweg
niet de juiste eigenschappen van een facilitator heeft. We
zijn daar best strikt in, gezien het belang van Value Engineering
binnen FrieslandCampina.”
3. Wat vind jij de toegevoegde waarde van de Value Engineer?
“De Value Engineer bij ons is degene die in staat is om een project
goed uit te dagen. Door een goede voorbereiding moeten de
juiste vragen worden gesteld, om zodoende waarde te vermeerderen.
Het hoeft niet per se iemand te zijn die verstand van de
inhoud heeft, maar wel iemand die begrijpt hoe het proces in
elkaar zit. Een goede Value Engineer wordt, ondanks alle lastige
vragen die hij stelt, over het algemeen goed gewaardeerd. Dat is
een belangrijk criterium, wat mij betreft.”
4. Waar zie jij het vak Value Engineering over 10 jaar?
“Ik denk dat Value Engineering steeds meer zal worden geïmplementeerd
in de business. Ik zie ook wel een trend dat het langzamerhand
onderdeel zal worden van de dagelijkse
werkzaamheden, volledig geïntegreerd, en niet meer als afzonderlijk
deel, of als bijzondere inspanning. Met andere woorden:
Ik denk dat ons streven moet zijn om dit in de genen van
mensen te krijgen, dan zouden we een hele mooie stap hebben
gemaakt.”
5. Als je Value Engineering zou samenvatten in een muzieknummer,
welk nummer zou dat zijn?
“Money don’t matter 2 night” van Prince. Behalve dat het een
heel mooi nummer is, spreekt de titel uit wat ik bij Value Engineering
altijd benadruk: Het is geen bezuinigingsronde, en pas
secundair een financieel verhaal. Doel is om de uiteindelijke
waarde van het project te verbeteren.”
00: 29
WATCH 00:29
׉	 7cassandra://-wbSYtGOTK-35Q1dJEvbVvaNGXSpFmVI_5flhVDwTig` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://fofQFPVLeBdalDn3MXfqQGv5SHjlZaZ8qt_eXprBdDI @r`׉	 7cassandra://E7V2QpQF7w9NWu0atOTeal4sfbyDtyKMnicoxi7tCN0m`j׉	 7cassandra://iw28dremyprURmrF-65EyiRHNGzQlz1zVX5D4kiG5Z8$|` ׉	 7cassandra://uCuMVvgeQKO_VCoLbR7C9ncQNu3sqb8gfEMG5Ciqf9o 6͠=`}7<Xט  u׉׉	 7cassandra://X5XmorgnKjnxp6ZyMJGV4EDPBwhjN_ddomFcUx6s3Vw `׉	 7cassandra://ITBCn9GLw56oWsig1nXprAcLfz316LrvSuoLNJVC4aMY`j׉	 7cassandra://9BqJGylqQmJJHPfUNpqLGMYw-rHQhT7oi1Pn8WJ6u08` ׉	 7cassandra://TqLBPmxSEMeDALg_Qys4WTMhuAhNZKf7Me73BkWzriU͹͠=`}7<Y׉EY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG COL
het risicopotje
V
eel, zo niet alle projecten worden begroot met een
risicopotje. Bij dit risicopotje kunnen er een aantal dingen
fout gaan, zo is mijn ervaring. Ik noem er een paar in
willekeurige volgorde.
Ten eerste is, dat op het moment wanneer het project van start
gaat, de complete begroting op één hoop wordt gegooid en het
risicopotje niet apart wordt gealloceerd. En uiteraard komt er
dan tóch een onvoorziene omstandigheid voorbij. En dat houdt
dus in dat er op andere posten bezuinigd moet worden om dit
risico te kunnen ondervangen. Richting het eind van het project
moeten er dan allerlei trucs uitgehaald worden om toch het
budget te kunnen halen, wat meestal de kwaliteit niet ten goede
komt.
De tweede, veelgemaakte fout is, dat er niet goed gekeken wordt
00:30
naar de grootte van het risicopotje. Niet gehinderd door enige
kennis of onderbouwing, wordt er rücksichtslos 10% op de calculatie
gegooid en dat is dan de post ‘risico’.
Zo heb ik eens een project begroot waar 75% van de aanneemsom
bestond uit staal. En de staalprijs stond op dat moment op
een all time low. En zoals Yazz al in de jaren ’80 zong: “The only
way is up”. Als je dan een project hebt van € 500k, waar € 375k
voor staal is, dan zorgt een stijging van de staalprijs met 10% al
dat je ‘onvoorzien’ al bijna op is voordat het project is begonnen.
En op dat moment voorzagen mijn collega en ik dat een stijging
van 25% van de staalprijs veel realistischer zou zijn, ofwel een
risico van € 90k. Nu maken aannemers daar handig gebruik van
om dit soort dingen uit te sluiten in de kleine lettertjes, maar dat
is alleen maar het probleem verschuiven.
׉	 7cassandra://iw28dremyprURmrF-65EyiRHNGzQlz1zVX5D4kiG5Z8$|` `}7<׉E$OLUMN
In deze column wordt op kritische wijze een beeld geschetst van ontwikkelingen en gebeurtenissen in het werkveld.
N FRY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG COLUMN FRY ZINNIG
”Niet zelden komen dan aan het eind van het project
de lijken uit de kast.”
Een derde fout die ik vaak ben tegengekomen is dat bij het
opstellen van een risicopost alleen gekeken wordt naar de harde
euro’s. Hoeveel duurder wordt die machine, wat is de prijs van die
kuub beton etc. etc. Het effect van de invloed van de omgeving en
de eventuele uitloop van de planning, daar wordt al helemaal
niet naar gekeken. Dat is té ongrijpbaar, niet te onderbouwen.
Deze risico’s worden meestal weggewuifd met een opmerking
als: ‘Als, als.. als de hemel naar beneden valt hebben we allemaal
een blauwe hoed.’ Maar een werkvoorbereider die een aantal
keer opnieuw het equipment moet inplannen, kost wel degelijk
geld. En als het complete projectteam inclusief portacabins een
week langer moet blijven, kost dat wel degelijk keiharde euro’s.
Een vierde fout is dat calculatiefouten uit de risicopot moesten
worden gehaald. Zo had een gemeente het budget voor een
project opgesteld op basis van de offerte van de aannemer. Exclusief
btw. En aangezien een gemeente btw-plichtig is, begon het
project al met 19% achterstand. Dit soort grove calculatiefouten
vallen niet onder ‘risico’. En dan als uitsmijter, de vijfde veelgemaakte
fout. Veel projecten worden naar een budget gecalculeerd.
Op deze manier valt het project onder een bepaald
mandaat of is er geen toestemming nodig van een hoger
echelon. Met als gevolg dat de risicopot de sluitpost wordt.
Eigenlijk is dit opportunistische wensdenken het allergrootste
risico bij projecten. Tijdens een project wordt hierdoor een schaduwboekhouding
bijgehouden en kosten vooruitgeschoven om
maar gunstig te blijven rapporteren aan de juiste managementlaag.
Die daar onbewust (of bewust?) aan meewerkt en de ogen
sluit voor het onvermijdelijke.
Niet zelden komen dan aan het eind van het project de lijken uit
de kast. Maar het project is gereed, de klant (hopelijk) tevreden
over de kwaliteit. En de budgetoverschrijdingen? Die worden
breed uitgemeten in de media waarna er een paar koppen rollen.
Eind goed, al goed, toch?
In deze VIEWonVALUE wordt professor Bent Flyvbjerg verschillende
keren aangehaald. Hij categoriseerde in 2003 de overschrijdingen
technische, psychologische en politieke oorzaken.
Waarbij met name deze laatste twee oorzaken voor de grootste
overschrijdingen zorgen. En dit inzicht is helaas nog steeds
actueel. Waarmee het belang van u en mij als cost- en value engineer
nog eens wordt onderstreept. Wij zitten als een spin in het
web, zitten er dicht op en hebben zo invloed op het tot stand
komen van een betrouwbaar en realistisch budget met een
passende risicoreservering.
Maar met onze huidige ramingsprogramma’s en risicosessies
worden bovengenoemde fouten juist ondervangen, zult u
zeggen! En zijn we in staat een juiste en betrouwbare raming
neer te leggen met een passende risicoreservering. De basis voor
een gedegen projectbudget.
Maar is dit waar? Komt u dergelijke fouten nooit tegen in uw
praktijk als kostendeskundige? Of ziet u ze wel, maar wuift u ze
weg? Met als excuus dat de project manager of de opdrachtgever
het zo wil?
Zeg eens eerlijk...
Fry Zinnig
00:31
׉	 7cassandra://9BqJGylqQmJJHPfUNpqLGMYw-rHQhT7oi1Pn8WJ6u08` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://hT2FJehnw5nJ1k3NycoxVlePuh8ltcmOLvvHOUqLC_Y `׉	 7cassandra://PucUD0sYPgSoeA7_KQzXKORZRJ2HOGEY07ObXls6fl4/\`j׉	 7cassandra://7dH7Cr-SlVHqxcJXVVeX_GuvtAZxGGt-MpKevXXUx9w` ׉	 7cassandra://pnMxXXgpb2lf6MG30PjJO-b8yFlysgCU3sdSBXye_vw  l͠=`}7<[ט  u׉׉	 7cassandra://sN5DgrFkdwdTZT_y1v_DS-0_nOHWDS-Ki-SBsEWfHlU '` ׉	 7cassandra://WcRoULF0eN5aNksrs9UVVFGQtGinyCiwB-aYmJ8s6HE` `j׉	 7cassandra://GmqWzvk4XUQe2uUU5k_RAhN91ZHBFTT99go6wC_NRuYj` ׉	 7cassandra://tv9cwUf0vF0Z8VCQ2a30hFHaHP73yT6govmiVaKhTVwҺ|͠=`}7<\׉E00: 32
׉	 7cassandra://7dH7Cr-SlVHqxcJXVVeX_GuvtAZxGGt-MpKevXXUx9w` `}7<׉EHOE VOORKOMT DE COST ENGINEER KOSTENOVERSCHRIJDINGEN?
hoe voorkomt de
cost engineer
kostenoverschrijdingen?
Hoe komt het toch dat wij als Cost Engineers, ondanks onze ervaring, bij grote
investeringsprojecten regelmatig de fout in lijken te gaan met de kosten -
ramingen? Na de zoveelste miljoenenoverschrijding verwacht je dat we het
wel een keer zouden leren.
Auteurs: Marcel Smit, Sr Research Scientist bij TNO Strategic Business Analysis. Jasper
Hoeve, Projectleider & Informatiemanager bij RHDHV Infrastructuur. Beiden zijn lid
van de Special Intrest Groep Parametrische Analyse (SIG PA) van DACE.
P
rofessor Bent Flyvbjerg is een Deense specialist op het
gebied van de kosten van grote infrastructuurprojecten.
Hij was voorheen verbonden aan de TU Delft en momenteel
is hij hoogleraar aan de universiteit van Oxford. Professor
Flyvbjerg geeft aan dat megaprojecten, en met name infrastructuurprojecten,
grote kostenoverschrijdingen hebben. Zo hebben
railprojecten bijvoorbeeld een kostenoverschrijding van 44%,
bruggen en tunnels 33% en wegen 20%. Flyvbjerg heeft dit vastgesteld
op basis van bijna 200 internationale projecten. Iedereen
kent wel internationale projecten waar het mis is gegaan,
bijvoorbeeld de aanleg van de Kanaaltunnel (+/- 225% kostenoverschrijding)
[1], en het Sydney Opera House (+/- 2800% kostenoverschrijding)
[2]. En dichter bij huis: de Betuwelijn (+/- 100%) [3],
de HSL (115%) [4], de Noord/Zuidlijn (+/- 350%) [5] of de Tramtunnel
in Den Haag (75%) [6] om er maar een paar te noemen. En
natuurlijk nog recent de verbouwing van het voormalige ministerie
van Buitenlandse zaken voor gebruik door de Tweede
Kamer (van enkele tientallen miljoenen naar 161 miljoen euro).
Ook zijn er bekende voorbeelden van ICT-projecten met een
gemiddelde kostenoverschrijding van 43%, zoals de invoering
van de OV-chipkaart, het alarmsysteem C2000 en het Elektronisch
Patiënten Dossier. Ook Defensie kent projecten met grote
kostenoverschrijdingen, zoals internationaal, de F-35 waarvan de
totale ontwikkelingskosten (betaald door de VS en partnerlanden)
gestegen zijn van $ 34.4 miljard in 2001 tot $ 55,5 miljard in
2019 [7]. En, nationaal, het logistiek ondersteuningsschip dat in 7
jaar € 143 miljoen [8] duurder werd dan gepland of de nieuwe
onderzeeboten die volgens de Algemene Rekenkamer minimaal
€ 730 miljoen duurder worden [9].
Oorzaken van overschrijding
Professor Flyvbjerg noemt drie oorzaken voor de overschrijding,
te weten technische, psychologische en politieke. De laatste twee
hebben vooral betrekking op menselijk gedrag. Flyvbjerg gaat
hier in zijn boek Megaprojects and Risks (2003) uitgebreid op in.
Psychologische en politieke oorzaken van kostenoverschrijdingen
zijn belangrijke aspecten waar veel aandacht aan moet
worden besteed, maar waar we als Cost Engineers weinig tot geen
invloed op hebben.
Aan de technische oorzaken kunnen we wel iets doen. Deze
hebben namelijk betrekking op de kwaliteit van de ramingen
die wij, Cost Engineers afgeven. Welke technische oorzaken van
kostenoverschrijdingen kennen we uit de praktijk?
• Scopewijzigingen nadat de raming is opgesteld. Een bekend
fenomeen dat eigenlijk in elk project wel voorkomt. Bijvoorbeeld
een weg krijgt meer rijstroken of een schip krijgt een
00:33
׉	 7cassandra://GmqWzvk4XUQe2uUU5k_RAhN91ZHBFTT99go6wC_NRuYj` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://cN7da_Ncaum47Jpr5grkliHbJmt3IsDrEdbNCkzVjmI I` ׉	 7cassandra://MQbb9F9zJdDXLH3-CIIT2tT64QHDNkcXU26vJZ5louwa$`j׉	 7cassandra://juBDp_zpUIXX4f6W4WMld6sIA-68gwtipZj577mKrJ8` ׉	 7cassandra://1bACQzzGmqrLYewxtvyf-HCT7_uTkm8DWA_-YFqRibAͥ*͠=`} 7<^ט  u׉׉	 7cassandra://KtgxJX_CDejg5zTxmEltllKWTB0ToMuVuGpln72olj4 +`׉	 7cassandra://oTH0DnAQ_NAsEuPx0fbxUjVw8fKgUxx9VlDREThGa9wYa`j׉	 7cassandra://CGiVF0q1zaYKYhnSj6rtG9fC_NCaYoQ2t-yXnNbqyeg` ׉	 7cassandra://cpMo-ogG4jgyAXlOM8lqW6Yb6hj7m95oQWezC7WqnI8ͳ4͠=`} 7<_נ`} 7<g =9ׁH 7http://www.binnenlandsbestuur.nl/ingez_schijnindexeringׁׁЈנ`} 7<f !Q9ׁHhttp://www.cob.nl/overׁׁЈנ`} 7<e a9ׁH <http://zuidlijn-mag-wat-kosten-maar-dan-hebben-we-ook-wat.htׁׁЈנ`} 7<d _9ׁH 'http://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2242399ׁׁЈנ`} 7<c Ł9ׁH *http://slaand-succes-of-eeuwige-belofte.htׁׁЈנ`} 7<b J9ׁHhttps://nos.nl/artikel/2178469ׁׁЈ׉E!Jaar
2005
2009
2010
2011
2012
Budget
265,0
363,5
377,6
383,2
407,9
Verhoging t.o.v.
vorige budget
98,5
14,1
5,6
24,7
Als gevolg van prijsindexatie
46,5
14,1
5,6
• 17,7 correctie prijsescalatie
(prijspeil 2011)
• 1,5 prijs-escalatie staalgewicht
(prijspeil 2011)
Tabel 1 - Ontwikkeling van het budget voor de bouw van het logistiek ondersteuningsschip (in M €).
andere voortstuwing. Vaak wordt dit veroorzaakt door voortschrijdend
inzicht. In een raming in de beginfase van een
project wordt hier vaak een reservering voor opgenomen. Het
is erg lastig om vooraf te kwantificeren hoeveel de kosten van
het project gaan wijzigen door scopewijzigingen. Een bekend
voorbeeld hiervan is de aanleg van de HSL-Zuid. De volledige
realisatie van de A4 verbreding bij Hoogmade en de A16
verbreding tussen Galder en Moerdijk is onderdeel uit gaan
maken van de HSL-projectscope. Oorspronkelijk zouden
alleen meerkosten als gevolg van de HSL-Zuid aan deze
wegprojecten worden toegerekend. Daarnaast was de afsplitsing
bij Breda oorspronkelijk geen onderdeel van de scope,
maar is er later wel aan toegevoegd.
• Niet voldoende prijscompensatie. De grote projecten gaan
over vele jaargrenzen heen, wat betekent dat rekening gehouden
moet worden met inflatie. Regelmatig komt het voor dat
er geen of te weinig prijscompensatie gegeven wordt, omdat
niet met het markt-specifieke inflatiecijfer rekening wordt
gehouden. Een foutieve prijsescalatie kan al snel resulteren in
grote kostenoverschrijdingen ten opzichte van het geraamde
budget. Een goed voorbeeld daarvan is het eerdergenoemde
logistiek ondersteuningsschip van Defensie: ruim 60% van de
€ 143 miljoen euro van de verhoging van het budget werd
veroorzaakt door prijsbijstellingen, onder andere als gevolg
van de prijsontwikkeling van staal [10], zie ook tabel 1. Ook bij
de Noord/Zuidlijn werden prijsindices gehanteerd die de
daadwerkelijke prijsstijging niet correct representeerden [11].
Risico’s kwantificeren
De benoemde oorzaken voor kostenoverschrijding zijn natuurlijk
al langer bekend. De Cost Engineer heeft een aantal ‘gereedschappen’
in zijn kist om met beperkte informatie
desalniettemin een verstandige raming af te geven. Vaak worden
in de beginfase van projecten risicosessies gehouden, waarbij een
risicoreservering wordt vastgesteld, op basis van een risicomatrix
waarbij verschillende percentages gelden voor de risicoreservering
voor verschillende omstandigheden. Maar deze percentages
variëren vaak maar beperkt (tussen de 5 tot 10%). De echt onverwachte
gebeurtenissen met grote kostenstijgingen tot gevolg
kunnen daarmee nooit afgedekt worden. Maar juist dit zijn wel
de gebeurtenissen die de miljoenen overschrijdingen tot gevolg
kunnen hebben. Het eerlijke antwoord is dat risico´s met een erg
kleine kans van optreden (< 1%) maar zeer grote gevolgkosten,
erg moeilijk financieel te beheersen zijn. Beheersing van deze
risico’s moet op een andere manier worden georganiseerd.
Aansluiten bij behoeften van besluitvormer
Wat we vaak zien, in zowel een defensie- als infrastructuuromgeving,
is dat al in een heel vroeg stadium een raming moet worden
afgegeven, nog voor er überhaupt ook maar informatie is verkregen
van een mogelijke leverancier of functionele eisen bekend
zijn, die leidend worden in het vervolg van het project. Deze
raming bepaalt het budget en wordt daarna vaak ook taakstellend.
De onzekerheid is dan nog groot. Er is nog maar een vage
beschrijving van de functionaliteiten en er is weinig data
beschikbaar. Een oplossing hiervoor zou zijn om als Cost Engineer
een grote onzekerheidsmarge af te geven bij de raming; ‘we
schatten het benodigde budget op 135 miljoen +/- 60%’. Maar
daar kan een besluitvormer weinig mee, dat gaat niet werken.
De besluitvormer wil voor de allocatie van budgetten en de lange
termijnplanning een puntschatting hebben en niet een bovengrens
en een ondergrens die mijlenver uit elkaar liggen. Een
oplossing waarbij de Cost Engineer rekening houdt met de onzekerheid,
is het bewust hoger inschatten van de kosten middels
een risicoreservering. Ook hier is de besluitvormer niet blij mee,
want dan bestaat de mogelijkheid dat de kosten onterecht te
hoog worden ingeschat en het project niet goedgekeurd wordt.
Daarnaast is een project met een risicoreservering groter dan de
realisatiekosten moeilijk uitlegbaar aan de budgethouders.
Kritisch blijven
De daadwerkelijke realisatie- (en exploitatie)kosten van een
project worden beïnvloed door heel veel factoren, die allemaal
buiten de invloedsfeer van de Cost Engineer liggen (bijvoorbeeld
scopewijzigingen HSL-Zuid) of buiten de expertise van de Cost
Engineer (geopolitieke analyses voor raming Cougar transport•
1,5 medische voorzieningen
• 4,0 extra staal
Overige redenen van
verhoging budget
• 12 scheepsbouw markt-ontwikkelingen
• 25 groter ontwerp
• 15 extra kosten afbouw in Nederland
00:34
׉	 7cassandra://juBDp_zpUIXX4f6W4WMld6sIA-68gwtipZj577mKrJ8` `}7< ׉EHOE VOORKOMT DE COST ENGINEER KOSTENOVERSCHRIJDINGEN?
helikopters). Als er gecorrigeerd wordt voor scopewijzigingen en
indexatie, dan is de kostenoverschrijding van de HSL-Zuid niet
115% maar 35% waarvan een deel nog veroorzaakt werd door
marktomstandigheden en ontwerpwijzigingen in de originele
scope [12]. Vergelijkbare correcties op de kostenoverschrijdingen
gelden voor een aantal van de eerdergenoemde projecten.
Tabel 1 geeft een overzicht van de ontwikkeling van het budget
van het project logistiek ondersteuningsschip van Defensie van
2005 tot en met 2012 [13]. Hieruit wordt ook duidelijk hoe de
verhoging van het oorspronkelijke budget uit 2005 verklaard
kan worden. Het budget in 2012 is met € 143 miljoen toegenomen
ten opzichte van 2005, ofwel met 54%. Alle verhogingen
zijn te verklaren: ruim € 85 miljoen (+/- 60%) is het gevolg is van
prijsindexatie, ruim € 45 miljoen (+/- 32%) het gevolg van een
scopewijziging (groter ontwerp, afbouw in Nederland, medische
voorzieningen en extra staal) en € 12 miljoen (+/- 8%) is het gevolg
van marktontwikkelingen in de scheepsbouw.
Uiteindelijk is het project in 2015 gerealiseerd voor in totaal
€ 409,3 miljoen [14]. De extra verhoging van € 1,4 miljoen is het
gevolg van een prijsindexatie.
Dus misschien hebben desbetreffende Cost Engineers niet eens
zo slecht geraamd. Deze nuance gaat natuurlijk verloren
wanneer hierover wordt gecommuniceerd in de media.
Het is echter wel te makkelijk om te zeggen dat kostenoverschrijding
van grote projecten aan de rest van de wereld ligt, en
niet aan de Cost Engineers. Bij ons is er ook genoeg ruimte voor
verbetering. Allereerst zouden we eerder en duidelijker aan de
opdrachtgever en andere stakeholders moeten aangeven wat de
gevolgen van elke wijziging in scope zijn voor de kosten. Op deze
manier wordt bij de stakeholders duidelijk welke wijzigingen
zich voorgedaan hebben en waarom de kosten anders worden
dan oorspronkelijk gepland. De kostenoverschrijding kan
verder worden onderbouwd door gebruik te maken van Value
Engineering. Met Value Engineering worden de functionele
eisen aan een project, de mate waarin het ontwerp voldoet aan
deze functionele eisen en de kosten van de functievervullers
inzichtelijk gemaakt. Met het toepassen van Value Engineering
wordt niet alleen duidelijk wat de reden is voor kostenoverschrijding,
maar ook welke waarde deze kostenoverschrijding heeft
toegevoegd aan het project. Daarnaast zouden we kritischer
moeten zijn op de ramingen die we afgeven. Als er nog veel onzekerheid
in een project zit, dan moet dit in de risicoreservering
worden gereflecteerd. De risicoreservering zou dan met name in
het begin van het project in veel gevallen aanzienlijk omhoog
moeten gaan.
Referenties
[1] L.A. Veditz, 1993, The Channel Tunnel, A Case Study
[2] P. Murray, 2004, The saga of Sydney Opera House
[3] https://nos.nl/artikel/2178469-betuwelijn-10-jaar-doorslaand-succes-of-eeuwige-belofte.html
[4]
M. De Pater, G. Van De Meulen, I. Laane, S. Bleker, 2020,
HSL-Zuid Eindevaluatie
[5] nos.nl/nieuwsuur/artikel/2242399-eerste-ritje-in-de-noordzuidlijn-mag-wat-kosten-maar-dan-hebben-we-ook-wat.html
[6]
www.cob.nl/over-ondergronds-bouwen/voorbeeldprojecten/den-haag-tramtunnel/
[7]
GAO-20-339 Joint Strike Fighter, United States Government
Accountability Committees
[8] Vaststelling begroting Ministerie van Defensie (X) voor het
jaar 2012, lijst van vragen en antwoorden nr. 77,
4 april 2012
[9] Vizier op de vervanging van de onderzeeboten, Algemene
Rekenkamer, 12 oktober 2020
[10] Vaststelling begroting Ministerie van Defensie (X) voor het
jaar 2012, lijst van vragen en antwoorden nr. 77,
4 april 2012.
[11] www.binnenlandsbestuur.nl/ingez_schijnindexering
[12] M. De Pater, G. Van De Meulen, I. Laane, S. Bleker, 2020,
HSL-Zuid Eindevaluatie
[13] Vaststelling begroting Ministerie van Defensie (X) voor het
jaar 2012, lijst van vragen en antwoorden nr. 77,
4 april 2012
[14] Materieelprojectenoverzicht (MPO) 2014
00:35
׉	 7cassandra://CGiVF0q1zaYKYhnSj6rtG9fC_NCaYoQ2t-yXnNbqyeg` `}7<`}7< bבCט   u׉׉	 7cassandra://_hcrCDSP05qVsKJMKwoY7d8jsfE3tjVATGZkcji__kU ؂`׉	 7cassandra://c0M-1GPbdVGRqRoZbbaUYqYEeNPaEwUYAMkXbuTFKEc;}`j׉	 7cassandra://sfmfXIBzJ_y2M5GPUyWLTO4_Z0bfW61NpJQFSXMGW4Q` ׉	 7cassandra://CICkWYNo9sBgdmtMsnhoMMp0jW1Mp18i6KhjZ3ewwd4 @l͠=`} 7<aט  u׉׉	 7cassandra://zdXPp4vo3fLmzeEX9JpaRbSdod5ku_t4uetCiotvW3M w` ׉	 7cassandra://EJG59gs7ynXLc6wpvlzZJ9jU_g11M3DAXp8Nw4yHtaQc!`j׉	 7cassandra://TaRi1OuQGRM29m84CiCSOtbo1IYmodabE5IVudKZMyQ` ׉	 7cassandra://3J1DCadKKuEeZBbumwyXgZfofbauaRci_rUHxa6jCich_l͠=`} 7<h׉EUMN COL
00: 36
׉	 7cassandra://sfmfXIBzJ_y2M5GPUyWLTO4_Z0bfW61NpJQFSXMGW4Q` `}7<׉ELUMN
N COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN COLUMN
is serious gaming
een manier om
risico s en
onzekerheden
te managen?
,
Auteur: Mark Kok, werkzaam bij K&R bv.
O
p een avond komt Diana, directeur van een
marketingbureau, zuchtend thuis. Haar bedrijf is de
afgelopen jaren erg succesvol geweest en het aantal
medewerkers is sterk gegroeid. Niets om over te zuchten zou je
denken. Maar als gevolg van deze groei en het aanhouden van de
COVID-19 maatregelen, kan niet iedereen meer tegelijk op
kantoor zijn. Mede door de sterke groei vindt Diana het echter
wel belangrijk om de bedrijfscultuur te waarborgen en de
creatieve processen te faciliteren. En dat laatste gaat nou
eenmaal niet zo makkelijk via Teams, Zoom etc.
Nieuwbouw had Diana al eerder overwogen, maar daar ziet zij
als een berg tegenop. Bij haar vorige nieuwbouw had zij zich
namelijk verbaasd over haar persoonlijke positie in dat gehele
proces. De meeste ontwerpkeuzes werden namelijk door de
‘professionals’ gemaakt en als zij dan al een keer betrokken
werd, dan kreeg ze een technische tekening voorgeschoteld met
een aantal ingewikkelde technische notities. Of zij maar even
wilde aangeven waar zij welke voorzieningen wilde hebben,
welke gebouwinstallaties zij wilde etc. En Diana is ook nog niet
vergeten hoe onzeker ze was over het toekomstige eindresultaat.
Uiteindelijk is het gebouw gerealiseerd, maar het voldeed bij
oplevering niet aan haar wensen en was ook nog eens veel
duurder geworden dan ooit bedacht. En ze is zeker ook nog niet
vergeten welke ellende de aanpassingen in de maanden na oplevering
met zich meebrachten. Kortom, geen aantrekkelijk vooruitzicht
om dat nog eens te moeten doen. Wat een risico’s en
onzekerheden.
Of zou het anno 2021 met de inzet van nieuwe technieken, zoals
artificial intelligence, algoritmes en de sterk verbeterde visualisatietechnieken
inmiddels mogelijk zijn om als opdrachtgever
zelf te definiëren wat je wilt? En dat dan aan een ontwerpteam of
projectontwikkelaar over te dragen?
Het antwoord daarop is gelukkig volmondig JA. Hedendaagse
nieuwe ontwikkelingen op het gebied van big data, artificial
intelligence, slimme algoritmes, fotorealistische visualisatie en
gaming technologie maken het inmiddels mogelijk om zowel
ontwerpopties als werkprocessen in organisaties realtime te
simuleren. En dat kunnen we natuurlijk perfect gebruiken voor
klanten zoals Diana. Dit om hen nog beter te kunnen faciliteren
in het maken van de juiste keuzes. Met deze nieuwe technieken
worden de gevolgen van te maken keuzes direct ervaren door
klanten. Bijkomend voordeel is dat de risico’s en onzekerheden
afnemen.
Gebruikers van gebouwen kunnen dus in een virtuele omgeving
hun nieuwe of vernieuwde huisvesting daadwerkelijk ervaren
voordat deze gerealiseerd wordt. Door middel van de ‘Digitally
try before you buy’ in huisvesting worden oplossingen tot leven
gebracht. Daarvoor wordt een VR Treadmill gebruikt waarop je,
op een natuurlijke en soepele wijze, kunt lopen, zitten, opzij
stappen en achteruit lopen. Op deze wijze kunnen klanten rondlopen
in hun virtuele gebouw en zelf aanpassingen doen en voorzieningen
aangeven. Hoe gaaf is dat?
Door deze werkwijze ontstaan er gebouwen die beter aansluiten
op de wensen van opdrachtgevers. En belangrijker nog: met een
proces waarin klanten écht klant zijn en hun huisvesting
kunnen testen en aanpassen op een moment ver voor de start
van de realisatie.
00:37
׉	 7cassandra://TaRi1OuQGRM29m84CiCSOtbo1IYmodabE5IVudKZMyQ` `}7<`}7<bבCט   u׉׉	 7cassandra://KmDN6arBAKxLyLEQUxb6LFm3aR2uHV39B5ipiDqSDYo `׉	 7cassandra://T5HFshRCr2sS6yRg-HynomPxs-i-LAirLzezCKNns74Q`j׉	 7cassandra://n9YscxqhCaahvxomjexmsuKJxUThJhXEvRFgGLXNBVI` ׉	 7cassandra://cDa9qK8oaKb39T55MxnByoR3WXtIqFoVfKFbsqYZqVg  #͠=`}"7<kט  u׉׉	 7cassandra://YJjpJwGonsLScij1EQiOp6MBKvIp25HKbtId5-g-3e8 A`׉	 7cassandra://0FnK3OoK5gTRWy_S22YTix0L4aR0wzHegqxxmSNDbB4O`j׉	 7cassandra://g8nb_BhNj3Ogvxqe524L_S7yQNmkF2QsErMgUTZOIksa` ׉	 7cassandra://B336xckv_iRMNYR312-7u2DFDjj4ASSMAIcohmVuO7I [ ͠=`}%7<lנ`}%7<p ̟9ׁH "mailto:Kobus.Swanepoel@tresviri.nlׁׁЈ׉E׉	 7cassandra://n9YscxqhCaahvxomjexmsuKJxUThJhXEvRFgGLXNBVI` `}7<׉EOPTIMALISEER UW PROJECT MET PRISM
Verlaagt de overheadkosten voor projectbeheer en optimaliseert de cashflow
Verbetert het projectresultaat en de kosten beheersbaarheid
Standaardiseren van projectprestatie-metingstechnieken voor alle projecten
Kosten (ERP systeem) en tijd (planning programma) geïntegreerd in één systeem
Transparantie tijdens elke fase van het project
Zorgt voor een uitstekende responstijd, ongeacht het aantal projecten, de hoeveelheid
projectgegevens of het aantal gebruikers
Gecentraliseerd systeem met analyse van Earned Value. Het vereenvoudigt voortgang
en statusrapportage aan het einde van de maand!
AUTHORIZED PARTNER VOOR NEDERLAND
Kobus Swanepoel, Burg. J. G. Legroweg 45A, 9761 TA Eelde
+31(0)6 1544 2014 | +31(0)50 850 7263 | Kobus.Swanepoel@tresviri.nl
׉	 7cassandra://g8nb_BhNj3Ogvxqe524L_S7yQNmkF2QsErMgUTZOIksa` `}7<`}7<bבCט   сu׉׉	 7cassandra://r1hq6cMFkkJuL0gQdV3VQ3lBqg7CQc6K4sbA8VHqsiM `׉	 7cassandra://4GUeMCEZdXBs_UTnwnXC5vyzewo5ld6fErc3VWjitG0Wc`i׉	 7cassandra://1f4BZT52a7n1X-rab8TIVLj5U4puUWh8Gr_gaMTxtqc` ׉	 7cassandra://yMsmVPLpCbpvHTZyHiGZ8h9gp4kzjGVOmDGsX2JASjE 2_͠7`}%7<nנ`}%7<q 9ׁHhttp://royalhaskoningdhv.comׁׁЈ׉EKosten- risico- en valuemanagement
Doordacht en doeltreffend
Complexe projecten goed financieel onderbouwen terwijl plannen en risico’s
voortdurend veranderen, is voor de adviseurs en kostenmanagers van
Royal HaskoningDHV dagelijks werk. Zij maken plannen concreet en onderbouwen
investeringskosten en levensduurkosten van GWW- utiliteitsbouw en industrieën.
U krijgt inzicht in de risico’s en de gevolgen daarvan voor besluitvorming. Hiermee
kunt u bouwen op betrouwbare gegevens, kostenbewust ontwerpen en nieuwe
ontwikkelingen initiëren. De kracht van Royal HaskoningDHV is de bundeling
van kennis en de intensieve samenwerking met de collega’s om voor de klant het
maximale aan kwaliteit en aan slagkracht te bereiken.
Een greep uit onze expertises:
■ Kostenramingen en –rapportages, onderscheid projectonderdelen,
calculatieprogramma
■ Risicoanalyse en –management, identificeren, beheersen
■ Schaduwramingen, ontwerpfasen, contracten, second opinion, kosten beheersen
■ Planeconomisch prijzenboek, basismodel grondexploitatie, aanleg en beheer
■ Coaching kostenramingmethodiek, maatwerkopleiding
■ Value management studies
■ Uitvoeren van kosten-, risico- en waardebeheersing als onderdeel van het
ontwerpproces
royalhaskoningdhv.com
׉	 7cassandra://1f4BZT52a7n1X-rab8TIVLj5U4puUWh8Gr_gaMTxtqc` `}7<׉Et
m
`}7<`}7<<)ׁ2ׁ> ׁ3 d  U   $Vakblad Dace View on Value. #10-2021`}RAn5