׉?ׁB!בCט  u׉׉	 7cassandra://MoPEjXe8VK-RIpDDlKWm-ABUi7r3UH6McBaDgPvGfU8 r`׉	 7cassandra://2EGvF22mEP2JFJv6Ht35M4E_9uQCIZDi309k74sGDzYjd`V׉	 7cassandra://L5Kbv_ABYhaezLpR2TEuzcBOfQ7UwTVZZ147pOqmmTQ!`̷ ׉	 7cassandra://V8oFFYvhz8uDr2czJo84pNVodnDw3T14kXOqXX5Hu2g /4͠dpFז0?Fgט   u׈   `n  ׈EdpFז0?Fc׉EeJan Huyghe
Het kan alle dagen geen kermis zijn… Een oude manier om te zeggen: het kan niet alle dagen kermis zijn… Alhoewel…
Als je de kermiskalender (tot ca. 2000) van de dorpen in Bachten de Kupe (Veurne-Ambacht) erop
naslaat, dan stel je vast: van half mei tot eind september was er werkelijk elke zondag wél ergens kermis in een
dorp in het Veurnse ommeland. De mensen verlangden naar hun kermis, waren er trots op, en bezochten de
kermis van de naburige dorpen. Maar vandaag, anno 2023? De kermiskalender vertoont gaten: er zijn dorpen
zonder kermis. Hoe komt dat? Waarom zijn er vandaag minder kermissen dan vroeger? Misschien omdat het
vandaag elke dag kermis is..? Heb je hem…?
De geschiedenis herhaalt zich en Niets nieuws onder de zon… Nog twee gezegden over de relativiteit van alle dingen.
Vooral over de beleving van de tijd. Want zie, als wij vandaag anno 2023 met enige heimwee en nostalgie terugdenken
aan de kermissen van pakweg 1970, dan vallen we in herhaling. Immers, de generaties die ons voor gingen, deden
dat ook. Zo bijvoorbeeld de journalist van Het Wekelijks Nieuws, editie 5 juli 1947. Niet zonder weemoed pleegt hij
in die editie een lang stuk over de kermissen van “den zogezegden ouden tijd”, vanuit zijn standpunt bedoelt hij de
jaren ’20, ’30. Ik denk dat de auteur van het mooie opstel uit 1947 Jan Sansen (1915-1993) was, toenmalig directeurhoofdredacteur
van Het Wekelijks Nieuws (na WO II voorzetting van De Poperinghenaar). Het lijkt wel zijn stijl: pittig,
krachtig, zwierig. Hier volgt zijn opstel van 76 jaar geleden.
De grote kermis – want te onzent althans
was er een grote en een kleine kermis –
werd voorbereid in ’t stille, van lang vorenaf:
“t drinkgeld werd van kante gestoken,
een beetje met nen keer, de winkeliers
en de herbergbazen van de plaatse
kwamen van weken op voorhand regelmatig
1
nu en dan bijeen om de spelen en vermakelijkheden
te beredderen en de prijzen uit
te steken, ’t was een weg en weergeloop
naar de burgemeester en den schepenen om
de toelagen voor de feestelijkheden te
bedisselen, daar werd uitgekeken en uitgezocht
in de registers van den burger׉	 7cassandra://L5Kbv_ABYhaezLpR2TEuzcBOfQ7UwTVZZ147pOqmmTQ!`̷ dpFז0?FddpFז0?FcבCט   u׉׉	 7cassandra://o4sbFHN8zQ-Oo9nhRvxxXCa5asUG2a-s4iqey31prEQ 
`׉	 7cassandra://CMGytG9soQcbIXMxN0du8VFj6F5gShtVnCBapsbvCCYQ`V׉	 7cassandra://i5Sy65Azbkl3U1bGd5U3J4DT0tr4yAxO69xWZAuRFjM;`̷ ׉	 7cassandra://f6p9Ij7TRZUdF23Djv5m-cA4R4lzI3o2lmvmOIZrPCc s͠dpFז0?Fjט  u׉׉	 7cassandra://pXP25z-zxUVuWR8MtfLT3Oxl81Qskri67ACDFRqakVw `` ׉	 7cassandra://2jv3zG8Tzbawv4UAfqNFRxAt4w2z28r0oSFKllZyY0c̈́`V׉	 7cassandra://S_RYD1Tlqo9f6Edp0Lob-kLstdsU9qy6lkkf4QnAFmo!`̷ ׉	 7cassandra://J-CTOyaX_5hUxtvueTXhk1jHGWyJFmOBKsU_Yx66Eb8 @͠dpFז0?Fk׉EePotlood- of houtskooltekening Kermis in Veurne
van kunstschilder Jos Van Belleghem (°Beernem 1894 †Veurne 1970).
Centraal op het werk de attractie Chamonix, een tobogan of glijbaan,
van Frans Ceuninck die er voor het eerst mee verscheen
op de kermis van Poperinge in 1936.
De tekening toont ook dat het tijdperk van de woonwagens nog niet voorbij was.
2
׉	 7cassandra://i5Sy65Azbkl3U1bGd5U3J4DT0tr4yAxO69xWZAuRFjM;`̷ dpFז0?Fe׉Elijken stand of er geen zilveren, gouden
of diamanten bruiloft kon gevierd worden
ter gelegenheid van de kermis; in de kerke
werden de spinnenwebben met den kobbejager
weggeborsteld, de grote kuis werd
er gedaan door de “suisse” en een hele
ploeg godvruchtige jonge dochters onder
de leiding van juffrouw Victorine die een
profijtelijk sommeke preleveerde op haar
jaarlijks inkomen om een stel zeemvellen,
dweils, bezems, schrobbers en “poets”
voor ’t boenen aan te kopen.
De koster mobiliseerde al de misdienaars
om de koperen kandelaars, de wierookvaten
en al dat kon blinken eens
duchtig op te glanzen. – De kerkbaljuw had
het voorrecht om al de heiligen eens goed
af te stoffen en desnoods een wassing te
geven: was er een of ander te verkleurd
dan moest de kerkraad er eerst zijn zegen
over geven vooraleer hij in ’t nieuw
mocht geschilderd worden.
Kort voor den kermisdag werden de hovekens
opgerakeld, de bloemperkskens verzorgd,
’t een en ’t ander huis herschilderd,
frisse gordijntjes voor de vensters
gehangen en eens dat op den vooravond de
klokkeluiders op den kerketoren met handen
voeten de touwen… trokken en het vanouds
gekende kermisdeuntje beiaardierden,
stond heel het dorp, huis en hof,
plankier en gevel, kerk en stadhuis pimpelend-fris
in ’t nieuw.
En dan late in de avond, als het halfduister
deemsterde, werd het kermiskanon
geplaatst op de molenwal. – In den aanwezigheid
van den burgemeester, schepenen,
gemeenteraadsleden, mijnheer den pastoor,
den secretaris, de onderwijzer, de
organisateurs van de kermis, ’t volk en de
joelende jeugd, daar weerklonken met een
tussenpoos van vijf minuten minstens
voor ieder schot, heinde en verre dat ze ’t
hoorden tot in de naburige dorpen, drie
kanonschoten, zo geweldig dat de rossige
klaarte uitsloeg tot boven de gepinte
wielen van den statigen molen.
De autoriteiten en ’t volk waren tevreden
dat er geen doden of gekwetsten waren,
doch sloegen de armen in de lucht,
toen, bij ’t laatste schot, waarvoor de
grootste lading in ’t kanon gestopt werd,
’t kanon in razende vaart den molenwal
afgerobbeld was.
Kermis-Zondag was de grote dag: ’t
vrouwvolk droeg hun schoonste of nieuwe
kleren en ’t was ’t zien weerd hoe ze, in de
grootste verscheidenheid, bonte hoeden
droegen. Dat waren hoeden: vol bloemen,
3
De renne! Dat was voor de durvers. – Dat
kostte: “ne sou” voor een toer: de mensen
hielden hun harte vast, toen ze zagen hoe
sommige zodanig de hoogte inzwierden,
dat de dwarsbalken eronder plooiden en
te vrezen viel dat ze, ’t hoofd vooruit,
uit de schuite zouden stuiken.
En kramen, al maar kramen onder witte
zeilen, met speelgoed, nougat, spekken,
een overvloed van lekkernijen. – En dan de
notenmarchands met hun teerlingbak: zoveel
de teerlingen wezen, zoveel noten en
een teerlingsmete voor “nen dikken”!
’t Wemelde en wriemelde van ’t volk over
’t plein en ’t drumde van mensen in de cafe’s
en op ’t voorland, waar de stoelen
buitengezet waren voor de gelegenheid.
Na den noene en vespertijd begonnen de
volksspelen: zaklopen, appeltje-knap,
loopkoers en wat vooral het gehele dorp
aanlokte, was de ringsteking. – De boeren,
in hun sjieze, met ’t beste paard ervoor
gespannen, viseerden met de lange stekpijke
om de ringen op te pikken. – Bezijds
de plaatse was ’t schietinge aan de gaaiperse.
– In ieder hoek en kant, waar men
ook kwam, was ’t op de een of andere manier
spel en leute.
’t Schoonste van heel de kermis was
nochtans de hartelijke ontvangst van de
familie-overkomste: broers en zusters,
nonkels en tanten, nichtjes en kozijntjes,
van verre en bij, ze zagen malkaar eens
weer en de familiegeest zat en bleef erin.
krieken, druiven en voor de dames van de
voornaamste ingezetenen een voilette met
pikkelbollekens. – Het was toen nog de mode
dat de burgemeester en al wat gezag
had of functie uitoefende op de gemeente,
naar de hoogmis gingen in pietenleer en
met den hogen hoed op. - De gardesjampetter
in besten tenue, met kepi, droeg een
soort savel en ’t jong volk zag dat hij een
gummistok had tegen dat ’t neep, om de
orde te handhaven.
Op ’t oksaal werd er gezongen in koor en
als de mis al een half uur gedaan was, hing
de wierookwalm nog in ’t gewelf.
Alover ’t kerkeplein was ’t nu vollenbak:
de peerdjesmolen, een centiem voor een
toertje in den bak en een cent voor een
toertje op ’t paard; en de jongens die
hielpen steken, terwijl ’t levende paard
den molen, bakken en peerden aan de gang
trok, mochten er voor niks opspringen, als
‘t gedoente eens goed op dreef was.
׉	 7cassandra://S_RYD1Tlqo9f6Edp0Lob-kLstdsU9qy6lkkf4QnAFmo!`̷ dpFז0?FfdpFז0?Fe) 0DG zomernummer 41 2 2023 Jan-HUyghe kermissenBdkdp`nRv