׉?4ׁB!בCט  {u׉׉	 7cassandra://3gvxCL8lx-WFrsKd-JwyowPWvDqHYBr0iXF6Ll3JBdc k`׉	 7cassandra://vwZ1CbHb9XQLYUysqzN39tUdG3SbomOxLXB8dRix7H0m%`S׉	 7cassandra://VcSRP3tH_ULVsGmGluluUJb3FUb92LqGU35NYt597PU#`̵ ׉	 7cassandra://wP6yxw6eyQ_gdGE-8MOeYK3utiL2HF4NECxnSOUQDok ~7͠[ttzޗg4ט   {u׈         ׈E[ttzޗg׉E ExPress
3e jaargang nr. 1
Nieuws voor gepensioneerden van VVG-PGB
Mei 2018
Dit is een uitgave van
Van de grafische sector
naar de kloosterwereld.
Hoe Fons Metsaars
zich al tijden
voorbereidt op zijn
komende pensioen
׉	 7cassandra://VcSRP3tH_ULVsGmGluluUJb3FUb92LqGU35NYt597PU#`̵ [ttzޗg[ttzޗg{בCט   {u׉׉	 7cassandra://jZR-Qs-he_bCMWIfyYIxQMoijWsdUzWDZQrdH4c4sBw p`׉	 7cassandra://YnBvoJVEmHQFxhuSMBFwaHYjJ1CakAAV44Apf6XFttw`׉	 7cassandra://HBPJRvNisn667JH2kkZKP2dHrEBGFCarWWSX3_upli8D`j ׉	 7cassandra://HZqY6ZEuC_yahCRV_O5xqkPjpvJOHn2neRQxQ6v5bik 6͠	[tt{ޗg7נ[tt{ޗg; 	̯9ׁHmailto:ks@pensioenfondspgb.nlׁׁЈ׉EIn dit nummer
2 - 3 Prima jaarvergadering,
zorgen blijven
4 - 5 Beleggingsbeleid.
Interview met Rob Heerkens
bestuurslid PGB
6 - 7 Kloostermuseum domein
St. Catherinadal
8 - 9 Interview met
Pieter Omtzigt
10-11 KNVG en NVOG slaan
handen verder ineen
12-13 Ben Kamphuis haalt stof
van vergeten instrumenten
14 Interview met
Freek Busweiler
15 Column Jochem
Dijckmeester, bestuurslid
PGB
16-17 Nederland met
rekenrente
braafste jongetje
van de klas en
Bismarcklezing
18-19 Albert Emmink,
gek op papier en inkt
20-21 Verslag ALV door de
secretaris
22-23 PGB goede
uitzondering op
mannenwereld
cOlOFON
ExPress is een uitgave van VVGPGB
en verschijnt twee maal per
jaar. 3e jaargang nummer 1
Redactie: Theo Leoné, Ruud Peys,
Tonnie Klein Hemmink en
Jos van Rijsingen
Eindredactie: Geer Meershoek
Vormgeving en layout: Hans Brand
Druk: Drukkerij Tesink B.V.
Oplage: 13.000 stuks
Reacties kunt u sturen naar:
redactie@vvgpgb.nl
2
Als voorzitter had ik een dubbele
boodschap te brengen. We zijn een
financieel gezonde vereniging met een
stabiel tot stijgend ledenaantal. Onze
belangenorganisatie KNVG is in gesprek
met de andere koepel, de NVOG, om de
krachten te bundelen. De lobby richting
politiek en sociale partners is niet altijd
goed zichtbaar, maar ik kan eenieder
verzekeren dat deze zeer intensief is.
Ik bespeur ook wel enige beweging in
de publieke opinie over de toekomst
van ons pensioenstelsel. Steeds breder,
recent nog door pensioenadviseur Philip
Manco, wordt ervoor gewaarschuwd
een van de beste pensioenstelsels ter
wereld niet volledig overhoop te halen.
De kans dat het niet datgene brengt wat
wordt gehoopt, is levensgroot. En dat
was het tweede deel van mijn boodschap.
Pensioendiscussie
Het
blijft echter de grote vraag welke
belangen komende tijd in de pensioendiscussie
de doorslag zullen geven.
Vakbonden als FNV staan min of meer
aan onze zijde omdat ze niet teveel willen
morrelen aan de collectieve risicodeling
en het door sociale partners gestutte
paritair stelsel. Minister van Sociale Zaken
Wouter Koolmees (D66) blijft optimistisch
dat de sociale partners er binnen
niet al te lange tijd uit zullen komen. Als
enigszins argwanend waarnemer van de
politieke ontwikkelingen vraag ik me dan
meteen af waar voor hem de speelruimte
zit. Het zou zo maar kunnen zijn dat hij de
vakbonden tegemoet komt in hun eis de
pensioenleeftijd niet, of minder snel, te
verhogen. Dat zou voor met name de FNV
een belangrijke overwinning zijn.
Maar voor ons gepensioneerden? Als,
zorgen blijven
Prima jaarvergadering,
We kunnen terugkijken op een geslaagde jaarvergadering in Amersfoort, op 11
april. Vooraf gezellig bijpraten met oud-collega’s, een gevarieerde agenda met
ruimte voor presentaties door en over ons pensioenfonds en de nodige vragen
en suggesties die het bestuur als ‘huiswerk’ meeneemt. De Brabantse cabaretier
Mark van de Veerdonk zorgde er in een tjokvolle zaal voor dat het zware
onderwerp
afgesloten.
pensioenen met de nodige relativering kon worden
׉	 7cassandra://HBPJRvNisn667JH2kkZKP2dHrEBGFCarWWSX3_upli8D`j [ttzޗg׉E:Bestuursleden Henk v.d. Rijst
en Tonnie Klein Hemmink in gesprek over de
pensioenquiz waarvoor de Persgroep prijzen
beschikbaar had gesteld.
Ook waren voor de leden weer kranten beschikbaar
voor de terugreis met de trein.
bijvoorbeeld, de doorsneepremie (jong en
oud betalen even veel premie en bouwen
even veel op) sneuvelt, kost dat zoveel geld
aan compensatie voor oudere werknemers
dat het maar de vraag is of er nog wat over
blijft om de pensioenen te indexeren.
Indexeren
En dat is toch waar onze gerechtvaardigde
belangen liggen. Als een iets ruimere, maar
altijd nog prudente en verantwoorde rekenrente/rendement
mag worden gehanteerd,
zouden in het huidige stelsel de meeste
“Beste pensioenstelsel ter
wereld niet volledig overhoop
te halen”
pensioenfondsen (óók Pensioenfonds PGB)
gewoon kunnen indexeren. Daar hebben
gepensioneerden wat aan, maar óók alle
actieve, werkende deelnemers die hun
pensioentoezegging zien groeien met de
prijsontwikkeling. In dat verband hanteer ik
altijd de stelling dat de belangen van
jongeren en ouderen veel meer gelijk
opgaan dan vaak wordt gedacht. Als
jonge deelnemers zich ook nog eens
realiseren dat hun pensioenpremies
NIET worden gebruikt om
de uitkeringen van gepensioneerden van nu
te betalen, zou er heel veel kou uit de lucht
gehaald kunnen worden.
Het risico bestaat dus dat dit jaar compromissen
worden gesloten die ons gepensioneerden
niet vooruit helpen. Eventuele
wijzigingen in ons pensioenstelsel kunnen
gelukkig niet halsoverkop worden doorgevoerd.
Als er desastreuze keuzes worden
gemaakt, duurt het nog geruime tijd voordat
deze daadwerkelijk ingevoerd kunnen
worden. In de politiek betekent dat dan dat
er nog volop kansen zijn het proces te beïnvloeden.
Door onze koepelorganisatie(s)
maar ook door ieder individu bij de verkiezingen.
De Provinciale Statenverkiezingen
van 2019 zijn bijvoorbeeld ook bepalend
voor de samenstelling van de Eerste Kamer.
Jos van Rijsingen, voorzitter
Kortweg
* We hebben Freek Busweiler tijdens de ALV als ‘beoogd bestuurder’ namens
de gepensioneerden aan de aanwezigen kunnen voorstellen. Inmiddels is
de goedkeuring van De Nederlandsche Bank er. Zie op pagina 14 in deze
ExPress een interview met de door de VVG voorgedragen bestuurder.
* Freek Busweiler laat een vacature namens de VVG achter in het Verantwoordingsorgaan
van Pensioenfonds PGB. Na een aantal ledenbrede
oproepen te hebben geplaatst, is het bestuur van de VVG drukdoende met
de selectieprocedure. We hopen snel duidelijkheid te verschaffen.
* Tijdens de ALV kwam het verzoek om actuelere informatie over de werkzaamheden
van het Verantwoordingsorgaan te produceren en verspreiden.
Binnen het Verantwoordingsorgaan blijkt deze wens ook te leven. De commissie
communicatie van dit orgaan gaat ermee aan de slag om dit van de
grond te tillen. Wordt vervolgd dus.
* Veel vragen ontvingen we over wel of niet indexeren. Bij de huidige wettelijke
regels komt dat pas aan de orde als de (beleids)dekkingsgraad van
ons pensioenfonds boven de 110 procent komt. Begin dit jaar leek dit vanaf
2019 makkelijk haalbaar, de maanden daarna vielen de rendementen terug.
Het blijft dus afwachten. Korten is de eerstkomende vijf jaar niet aan de
orde.
* Een vragenstelster kaartte aan dat in Duitsland en Oostenrijk op kosten van
de verzekering heilzame kuurmogelijkheden bestaan. Nederland kent dit
niet en er zijn geen signalen dat dit een item is waar de politiek zich sterk
voor wil maken.
* Een aantal vragen op het gebied van pensioenuitkering of financiële situatie
was te persoonlijk om algemeen te beantwoorden. De Infodesk van PGB
heeft een aantal mensen tijdens de ALV van adequate uitleg kunnen voorzien.
De klantenservice kan nog altijd benaderd worden. Tel. 020-5418200
of via e-mail: ks@pensioenfondspgb.nl.
* Vragen over persoonlijke financiële planning (bijvoorbeeld ‘Wanneer is
het tijd om mijn huis te verkopen?’) moeten met deskundigen in de eigen
omgeving worden besproken.
* Vragen over de gevolgen van een nieuw pensioenstelsel kunnen pas beantwoord
worden als er duidelijkheid is over de keuzen die, eerst de sociale
partners en daarna de politiek gaan maken.
3
[ttzޗg[ttzޗg{בCט   {u׉׉	 7cassandra://ShX0wC-cgdRP2USkiV7LWH8M8UbK_dBOxa9qjZ8MKtI `׉	 7cassandra://v2UHGNrclpFTKcIqFiuqvGbCyy_MV7AycyprsIu_Wnk۝`׉	 7cassandra://m8dkPuRJcwqdAX-VDOPXxlkJ34hyfnKqGrEdCw5vrcoDZ`j ׉	 7cassandra://goXbD749NWOxhjl9_YG9DQ0iMfESf92Ao2_g2OrrAr8  ͠	[tt{ޗg<׉EKans op korting veel kleiner maar
Rob Heerkens: koopkracht
gepensioneerden voorlopig
nog niet hersteld
er toe leidt dat het
rendement omhoog
gaat en dat daarmee
de kans op indexering
misschien toch wat
groter wordt.
Zoeken naar
alternatieve
beleggingen
Van de ruim 25
miljard euro die het
fonds momenteel
in beheer heeft, is
45 procent belegd
in vastrentende
waarden, met name
Nederlandse staatsobligaties,
en 55
procent in aandelen
en andere zakelijke
De kans dat Pensioenfonds PGB moet korten op de pensioenen is vorig
jaar aanzienlijk kleiner geworden. Door het herstel is indexatie (verhogen
van pensioenen) weer in zicht. Het ziet er op dit moment echter niet naar
uit dat de pensioenen op korte termijn omhoog kunnen. En als er éénmaal
geïndexeerd kan worden, dan is dat voorlopig zo mondjesmaat dat het jaren
zal duren voordat de koopkracht van de gepensioneerden weer volledig op
peil zal zijn.
Dat stelde Rob Heerkens, in het
bestuur van het PGB belast met het
beleggingsbeleid, tijdens de Algemene
Ledenvergadering van de VVG-PGB
op 11 april in Amersfoort. Heerkens
maakte zijn opmerkingen in een duidelijk
en overzichtelijk betoog over het
dynamische beleggingsbeleid dat bij
PGB de leidraad vormt voor het beheer
van de gelden. PGB heeft daarmee
eind vorig jaar ook een internationale
onderscheiding behaald. ‘’Dan zult u
vragen: hoe kan dat nu, jullie het beste
beleggingsbeleid maar onze
pensioenen gaan nog altijd niet
omhoog? Ons doel is en blijft de koopkracht
van gepensioneerden en andere
deelnemers op peil te houden en zo
4
snel mogelijk weer te kunnen indexeren.
Dat is echter niet zo makkelijk.’’
PGB heeft de afgelopen jaren een aantal
nieuwe elementen op het gebied
van beleggen geïntroduceerd die daaraan
kunnen bijdragen. ‘’Wat we daarbij
wel en niet doen, is afhankelijk van
wat u ervan vindt. Wilt u meer risico of
juist minder risico bij de beleggingen?’’
benadrukt Heerkens. Het pensioenfonds
heeft daar, zoals bekend, eerder
onderzoek naar gedaan onder zowel
de gepensioneerden als de andere
deelnemers. Daaruit bleek onder meer
dat meer dan 80 procent van de eerste
groep best wat meer risicovol wilde
beleggen, zoals in aandelen, als dat
waarden met een hoger risicoprofiel.
Ondanks de lage rentestand in Europa
is PGB min of meer verplicht om een
groot deel in rentegevende waarden
in portefeuille te hebben om aan de
verplichtingen te kunnen voldoen. ‘’U
doet dat waarschijnlijk zelf ook, u heeft
een deel in kasgeld of op een bankrekening
voor grotere of onvoorziene
uitgaven en de rest staat wat meer
vast.’’ Bij de aandelen is het uitgangspunt
een goede spreiding om risico’s
binnen het pakket binnen de perken te
houden: ‘’We zitten dus bijvoorbeeld
in de zeep met Unilever en in de olie
met Shell.’’ Maar daarnaast zijn de
beleggers van PGB de laatste tijd actief
op zoek geweest naar alternatieven
zoals private equity of hypotheken die
mogelijk nog wat meer rendement op
kunnen opleveren, hoewel daar vaak
wel hogere kosten tegenover staan.
‘’Afwijken van wat tot nu toe in de
pensioenwereld als gemiddeld wordt
beschouwd kost veel energie. Als je
nieuwe dingen probeert gaat het vaak
goed maar het gaat niet altijd goed.
Dan staan ook direct de beste stuurlui
׉	 7cassandra://m8dkPuRJcwqdAX-VDOPXxlkJ34hyfnKqGrEdCw5vrcoDZ`j [ttzޗg׉EXvolledige indexatie nog ver weg
aan wal met hun kritiek,’’ waarschuwt
Heerkens daarbij.
Het dynamische beleggingsbeleid
werpt zijn vruchten af. Zo heeft het
fonds hierdoor vorig jaar alleen al 256
miljoen aan extra inkomsten kunnen
realiseren. ‘’Dat rendement, daar
draait het uiteraard om. Daarmee
kunnen we uiteindelijk de dekkingsgraad
verhogen en dat leidt ertoe dat
we misschien ook weer kunnen gaan
indexeren. De laatste jaren voldoen
we eigenlijk niet aan de verwachting
van de gepensioneerden om hen een
waardevast pensioen te geven. In ieder
geval is de kans op korten vorig jaar
gedaald tot net drie procent terwijl dat
eind 2016 toch nog ruim tien procent
was. We zijn er al heel blij mee dat
dat gevaar grotendeels is geweken
maar daarmee zijn we er nog niet.
Bovendien: garanderen dat er nooit
een korting zal komen, dan kunnen we
niet. Beleggen blijft beleggen en de
crisis van 2008 heeft laten zien wat er
allemaal fout kan gaan.’’
Beleidsdekkingsgraad
Indexeren mag pas, zoals vaker
gemeld, als Pensioenfonds PGB een
beleidsdekkingsgraad (BDG) - dat is
de dekkingsgraad over een aaneengesloten
periode van 12 maanden
- weet te bereiken van minstens 110
procent. Komt die dekkingsgraad vijf
jaar lang onder de 105 procent, dan
zou Pensioenfonds PGB moeten gaan
korten. ‘’Dankzij ons beleggingsbeleid
en het rendement dat dat oplevert, is
de beleidsdekkingsgraad per eind van
het jaar gestegen van 96 procent in
2016 naar 106,1 procent bij de laatste
jaarwisseling. In de eerste maand van
dit jaar zat de voor indexatie essentiele
dekkingsgraad net boven de 110
procent maar vooral door het tegenzittende
beursklimaat is die er in februari
en maart weer onder gedaald.‘’ De
grens van die 110 procent is daarmee
helaas weer wat verder uit het zicht
verdwenen,’’ geeft Heerkens toe.
Overigens mag een pensioenfonds pas
bij een BDG van 127 procent volledig
gaan indexeren: ‘’Dat betekent dat
het, ook als we eindelijk weer mogen
gaan indexeren, wel jaren zal duren
voordat de achterstand in koopkracht
is ingehaald.’’
Ruud Peys
Bestuursleden en leden luisteren aandachtig
naar de voorzitter
5
[ttzޗg[ttzޗg{בCט   {u׉׉	 7cassandra://qXKL40QyAmEC8Oi3h02X47AQbp2TJ35rikgmvNqeTH0 `׉	 7cassandra://m1e89MnK5TCUeHETq3S8yT0Y2SFKgFES5yLKHDor1Xs `׉	 7cassandra://-DSIUw1Pv3nI9btmrOp7kB9vKnVFmNTivdwdZpH5fgMI`j ׉	 7cassandra://sRhb21mJfS6THnvMrtE_nN4NOfNXus2n14CPdWB5li8 <͠	[tt{ޗg?׉EmEen prachtig kasteeltje uit de 15e eeuw omringd door andere historische gebouwen. Daar
omheen een wijngaard van liefst acht hectare, een moestuin, kruidentuin, imkerij en fraaie
wandelpaden. Een nieuw gastenverblijf, een winkel vol klooster- en streekproducten waaronder
abdijbieren en ambachtelijke kaas en vanaf juni de eigen wijn. Een volledig verbouwde
oude boerderij waarin naast een sfeervol restaurant en vergaderruimten ook de wijnmakerij
te vinden is. En dat alles rond een kloostergemeenschap die al sinds 1271
onafgebroken bestaat.
Je kunt je een slechtere omgeving
voorstellen om je voor te bereiden
op het leven na je pensioen dan de
Norbertinessenpriorij Sint-Catharinadal
in Oosterhout. Hier vinden we Fons
Metsaars, nog even bedrijfsadviseur
bij het Koninklijk Verbond van Grafische
Ondernemingen KVGO maar in
september met pensioen. ‘’Dan hoor
ik bij de VVG en ik zal ook meteen lid
worden.’’ Metsaars heeft tijdens een
lange loopbaan, vooral als regionaal
bedrijfsadviseur,
de grote veranderingen
in de
grafische industrie
van nabij meegemaakt. ‘’De hele
sector heeft een enorme omslag door
moeten maken waarbij het drukwerk
dat vroeger de hoofdrol speelde nu
nog maar één van de vele kanalen is
naast al het digitale. Het is een interessante
tijd geweest, ik heb met heel
veel mensen contact gehad en ook veel
vrienden gemaakt.’’ Half september
neemt Metsaars afscheid en dat doet
hij in het Wijnhuis De Blauwe Camer
van Sint-Catharinadal.
Want Metsaars kent dit klooster en
alles eromheen inmiddels meer dan
goed. Hij kwam er toevallig voor ’t
eerst in 2009, toen nog namens het
KVGO. De kloostergemeenschap heeft
al sinds 1954 een
eigen kunstatelier
bij de historische
boekbinderij en is
vanwege die grafische
activiteiten
ook lid van het
KVGO. ‘’Wij
reiken altijd
een zilveren
speld uit aan directieleden die 25 jaar
zijn ingeschreven en daarvoor ben ik
destijds ook een keer naar Oosterhout
getogen.’’ Vier jaar geleden werd de
kennismaking vernieuwd toen Metsaars
na een verblijf in Noord-Nederland
weer naar ‘zijn’ Brabant was
teruggekeerd. ‘’Mijn echtgenote en ik
werken nu als vrijwilliger in de winkel.
We draaien twee weken op zaterdag
en dan één weekend niet. Daarnaast
houd ik me ook bezig met de veiligSt-Catharinadal
is een
belangrijke
toeristische
attractie
geworden.
Van de grafische wereld naar een wijnw
heid van het hele complex. Ik heb daar
kennis van en ervaring in en die zet ik
hier graag in. Op dit moment doe ik
het naast mijn vaste baan maar ik ga er
na mijn pensionering zeker meer tijd
insteken. Het is een prachtige instelling
met fantastische mensen. Het moet
natuurlijk geen fulltimebaan worden,
we gaan er ook op uit, maar achter de
geraniums zitten is niets voor mij.’’
Ontwikkelingsproject
Sint-Catharinadal heeft, net als de
grafische sector, de laatste jaren een
enorme verandering doorgemaakt.
Zuster Maria Magdalena, de gedreven
en opmerkelijk zakelijke priorin van
de Norbertinessenpriorij, is daarbij
de drijvende kracht geweest. Zij legt
uit: ‘’Het kunstatelier staat weliswaar
overal uitstekend bekend, we hebben
er zelfs prijzen mee behaald, maar de
inkomsten liepen toch gestaag terug.
Op een bepaald moment werd het
duidelijk dat het voortbestaan van onze
gemeenschap in gevaar dreigde te
komen. Sint-Catharinadal kan over een
paar jaar haar 750 jarig bestaan vieren;
dat is echt uniek. Wij zijn het aan het
verleden verplicht om de toekomst veilig
te stellen. Daarom zijn we begonnen
met ons Ontwikkelingsproject.’’
Zuster Maria Magdalena heeft daar
lang over nagedacht en, zegt ze zelf,
vele slapeloze nachten gehad. Na een
wat aarzelend begin is ze al snel overal
gaan pleiten en steun zoeken voor
‘haar’ Catharinadal. Ze ging langs bij
de wethouder, bij de gedeputeerde,
bij andere instellingen en ook zocht
ze een kring mensen om zich heen,
vrijwilligers als Metsaars die hun
eigen deskundigheid graag inbrengen.
‘’Door al dat werk kwam ik weleens
in een spagaat. Ik ben als priorin ook
een moeder voor de zusters van onze
gemeenschap, dat is en blijft altijd het
voornaamste. Maar tegelijk moesten
Fons Metsaars helpt samen met zijn vrouw in ‘t
weekend in de fraaie winkel
6
׉	 7cassandra://-DSIUw1Pv3nI9btmrOp7kB9vKnVFmNTivdwdZpH5fgMI`j [ttzޗg ׉E[winkel in ’t prachtige domein St. Catherinadal
toch ook al die zaken geregeld worden.’’
Uiteindelijk lukte het om van
de provincie een lening te krijgen die
het mogelijk maakte de plannen te
realiseren. Ook de gemeente Oosterhout
faciliteerde, waar mogelijk. ‘’De
belangrijkste vraag was, wat willen we
er eigenlijk mee? Daar kwamen best
veel ideeën voor maar die waren vaak
toch niet geschikt. Zo werd geopperd
om hop te gaan telen om ons eigen
bier te brouwen. Maar abdijbier is er al
zo veel. Op een gegeven moment viel
het woord wijngaard. Ik denk dat het
van de Heilige Geest kwam….’’
Unanieme steun
Het idee krijgen is één, het realiseren is
natuurlijk wat anders. De priorin wilde
eerst en vooral weten hoe de zusters
van het klooster erover dachten. ‘’Alles
wat we hier doen moet gedragen
worden door onze gemeenschap. Ik
heb de zusters uitgebreid geïnformeerd
en uiteindelijk hebben we een geheime
stemming gehouden waaruit bleek dat
ze het er unaniem mee eens waren.’’
Dat betekende dat het werk kon
beginnen. De aangrenzende vleugel
naast het kasteeltje De Blauwe Camer,
dat al sinds 1647 het huis is van de
zusters - ‘toen moesten we vanwege de
Tachtigjarige Oorlog vluchten uit Breda’
-, werd grondig verbouwd om, met
behoud van het historische karakter,
ruimte te maken voor gastenkamers,
een eetzaal en bijbehorende voorzieningen.
De oude boerderij werd
omgetoverd tot wijnmakerij met alle
benodigde apparatuur met daarnaast
een fraai restaurant en vergaderzalen.
De acht hectare grond om het kasteel,
waar vroeger de koeien graasden, werd
omgeploegd en bewerkt om ruimte te
maken voor een grote wijngaard. Voor
de aanleg daarvan en het wijnmaken
is een wijndeskundige uit Zuid-Afrika
aangetrokken. Zuster Maria Magdalena:
‘’Als je zoiets doet, moet je het
goed doen, daar moet je dus expertise
voor in huis halen.’’ De eerste wijnoogst
vond plaats in oktober 2017 en
nu is het wachten op de wijn die in juni
gebotteld moet worden.
Het Sint-Catharinadal van nú is naast
een religieuze gemeenschap tot een
belangrijke toeristische attractie
geworden. Je kunt hier overnachten,
vier keer per dag een kerkdienst
bijwonen, een rondleiding krijgen
door de wijngaard, de moestuin en
het kasteel, je kunt wijn proeven én
kopen of ook een bruiloft, of een
bedrijfsbijeenkomst organiseren. Je
kunt er ook ambachtelijke kaas kopen
door een nieuwe samenwerking met
een aangrenzend boerenbedrijf bij de
Sint-Paulusabdij. Deze vormt samen
met Norbertinessenpriorij Sint-Catharinadal
en de Benedictinessen van de
Onze Lieve Vrouwe Abdij de Heilige
Driehoek van Oosterhout. Een deel
van het werk wordt daarbij gedaan
door de zusters maar verder blijft de
zustergemeenschap strikt gescheiden.
Zuster Maria Magdalena: ‘’We hebben
echt een prachtige groep vrijwilligers
om ons heen. Mensen die zich volop
inzetten en vaak ook hun expertise
inbrengen. En vergeet ook niet onze
medewerkers van de sociale werkvoorziening
!GO.’’ De nieuwe elementen
zijn ondergebracht in een stichting
waarbij de inkomsten ten goede komen
aan de Norbetinessenorde. Zuster
Maria Magdalena loopt – terecht –
trots rond op het prachtige project
dat tegenwoordig een belangrijke rol
speelt in de plaatselijke en regionale
economie. Voor haar doemt echter al
weer een volgende veranderslag op:
‘’Onze orde telt momenteel nog 16 zusters.
We hebben geen intreders, dat is
een punt van zorg. Jonge vrouwen van
vandaag willen zich niet meer voor een
heel leven vastleggen op het kloosterleven
zoals wij dat hebben gedaan. Om
de gemeenschap ook na 750 jaar voort
te laten bestaan, kunnen we wellicht
zoeken naar eigentijds engagement?”
Ruud Peys
7
[ttzޗg![ttzޗg {בCט   {u׉׉	 7cassandra://wl7qmijMbChf8IcndU0N4IcZ2-87FQ9zKBFcwQtVkSI `׉	 7cassandra://T_5phHGF8aa2BNFsCjjcctpZK11BEGYuFlyF5CMOMEs8`׉	 7cassandra://RhnQDHEMGYc1HpCXjqQkWPruEs4YXW4ycKukv8QMhSMB`j ׉	 7cassandra://WmJCKPFxxNhUFDVX6XD_Y-hgzA94LMoRyNudl7FiEnM ͠	[tt{ޗgA׉EISchuldenberg Europese
twee keer de omvang van het bruto nationaal product. Er is
fors gespaard. “We hebben de grootste pensioenreserves ter
wereld, als je het Noorse oliefonds even niet meetelt. Er is
één grote dreiging. Dat de rendementen van staatsobligaties
naar nul zijn gegaan. Hetgeen voor een groot deel samenhangt
met het beleid van de Europese Centrale Bank.”
Tel uit je verlies
Omtzigt verdedigt de onafhankelijke positie van de ECB.
Invloed van politici moet je niet willen. Die hebben de neiging
om telkens vlak voor de verkiezing de rente te verlagen. De
economie krijgt dan wel een korte opleving maar betaalt vervolgens
de rekening in de vorm van inflatie. Tel uit je verlies.
“De ECB bepaalt niet alleen de rentes. Op het lage renteniveau
kan ik wel kritiek hebben – maar dat kan. Iets anders
geldt voor het opkoopprogramma waarmee de bank begonnen
is. Bijna een derde van alle staatsschuld in de eurozone
is nu in handen van de centrale bank. En ook nog eens 15
procent van alle obligaties van beursgenoteerde bedrijven.
Met die
handelswijze heeft de ECB het idee dat we een markteconomie
zijn volstrekt verlaten.”
Valt gezien de crisis begrip te hebben voor de ECB of is de
bank compleet doorgeschoten?
Pieter Omtzigt: “In Europa is de centrale bank gekker te keer gegaan dan de
Amerikanen.”
De hervormingen van het Nederlandse stelsel zijn
niet genoeg om alle bedreigingen van de pensioenen
te bezweren. Zonder sanering van de schuldenberg
bij de Europese centrale Bank staan de
rendementen permanent onder grote druk. Aan
het woord: kamerlid en pensioenspecialist Pieter
Omtzigt van het cDA.
“Principieel ben ik van mening dat een centrale bank
geen balans moet hebben van 4.500 miljard euro,
merendeels staatsleningen. Vierduizend vijfhonderd
miljard! Dat heeft de centrale bank van zelfs de
Sovjet-Unie nog nooit gehad. De Amerikanen zijn een jaar geleden
met dit beleid gestopt. Hun schuld is nog 20 procent van
het bruto binnenlands product. In Europa hebben we dubbel zo
veel. We zijn gekker te keer gegaan dan de Amerikanen.”
Groningen of Florence
Twentenaar Pieter Herman Omtzigt (1974) beschouwt de jaren
dat hij in Italië en Engeland verbleef als een goede vooropleiding
van zijn huidige functie. Hij is voor het CDA woordvoerder
Europa, belastingen en pensioenen. Omtzigt had voor zijn promotie
in de econometrie de keuze tussen de universiteiten in
Groningen en Florence. “Met lood in de schoenen belde ik naar
Groningen. Ze moesten erg lachen. Groningen of Florence. Dat
werd natuurlijk Italië. Ik heb zware kritiek op de Europese Centrale
Bank. Een deel van mijn klasgenoten in Florence werkt
nu bij de ECB.” De pensioenreserves in Nederland hebben bijna
8
“De ECB doet dit vanwege het gevaar van deflatie. Ook best
wel gevaarlijk. Wellicht leuk voor de gepensioneerden. Je ziet
De Europese Centrale Bank in Frankfurt heeft
volgens Pieter Omtzigt het idee van een
markteconomie volstrekt verlaten. “Bijna een
derde van alle staatsschuld in de eurozone is
nu in handen van de centrale bank. En ook
nog eens 15 procent van alle obligaties van
beursgenoteerde bedrijven.”
IN tERVIEW
׉	 7cassandra://RhnQDHEMGYc1HpCXjqQkWPruEs4YXW4ycKukv8QMhSMB`j [ttzޗg"׉E
Bank houdt pensioenen in klem
bij deflatie ieder jaar de prijzen dalen terwijl je pensioen gelijk
blijft. Maar voor bedrijven of mensen met een hypotheek ontstaan
enorme problemen. Deflatie moet je dus niet willen.”
Zuidelijke landen
Andere koek is echter dat (meer dan) het vermoeden bestaat
dat niet alleen al voor 2500 miljard staatsobligaties gekocht
zijn vanwege een dreigende deflatie maar ook om met name
de zuidelijke staten gemakkelijker geld te laten lenen.
“Met als gevolg een heel lage rente. Pensioenfondsen maken
op staatsobligaties tussen de -0,5 en
2 procent rendement. Bij -0,5 moet
je elk jaar bijbetalen. Daar word je
niet blij van.”
Het opkopen van de obligaties met hun hopeloos lage rendementen
is volgens Omtzigt een van de grote systeemrisico’s in
ons financiële stelsel.
“Formeel gezien zou de ECB de waardepapieren een keer
moeten verkopen. Maar ik zie niemand die zegt: doe mij maar
een pakket van 400 miljard staatsobligaties van Italië tegen
nul rendement. Dat gaat niet gebeuren. Dus ben ik bang dat
er grote verliezen geleden worden. Ondertussen is er enorme
economische schade. Voor spaarders en gepensioneerden.
Maar niet voor hen alleen – dat moeten we wel steeds blijven
bedenken. Mensen met een behoorlijk spaarboekje worden
er niet blij van. En de deelnemers aan het pensioenfonds ook
niet. Er wordt niet of nauwelijks geïndexeerd. Dat treft zowel
de gepensioneerden in hun uitkering als de jongeren in hun
opbouw.”
‘‘Pas op voor invloed van politici”
Duidelijk en solidair
Wat het ideale pensioenstelsel van Pieter Omtzigt is? Belangrijk
is in ieder geval dat de mensen van tevoren weten welke
risico’s ze lopen. Het contract moet duidelijk en compleet
zijn. Mensen stellen daar immers een deel van hun financiële
planning op af. “Een van de grote problemen van het huidige
stelsel is het risico van geen indexatie. Een heleboel gepensioneerden
zeggen terecht dat ze niet
wisten dat het gevaar onderdeel
van het contract vormt. Het was
het wel, maar was nooit verteld.” Een tweede gewichtig punt
voor Omtzigt: zorg voor een mate van solidariteit. Zodat de
pensioenen levenslang gelden. Vergeet ook niet – die dreigen
wel eens tussen wal en schip te belanden – de pensioenen
voor nabestaanden en arbeidsongeschikten. Punt drie: houd
afstand van de politiek. Zodat Den Haag en Brussel niet bij de
pensioenpotten kan. “De reden dat de meeste landen geen
goed functionerende pensioenfondsen hebben, is de afstand
tot de overheid. De pensioenfondsen moeten privaat zijn en
van de sociale partners – de werknemers en werkgevers. Als
je een staatspensioenstelsel hebt, gaat de politiek zich met
van alles bemoeien en blijft van de buffers en fondsen niets
over.”
theo leoné
9
[ttzޗg#[ttzޗg"{בCט   {u׉׉	 7cassandra://7zFND5hgRT-ZnbhNbSjlVy1p385dGObt19rgf2FeZL0 B`׉	 7cassandra://OKs-3A_3pdJ2TXF6jPIFQQIP2XQoI2xFzKDOWmpVZMc`׉	 7cassandra://sIDpPP4ZrPVBqsCb-WPdkol3VPSifcrR0BqwNZhYuLAF?`j ׉	 7cassandra://Z2YHoHgYErIkkKfB7eHlI7kwJmrdRyEoE944uPmSnDk ͠	[tt{ޗgD׉E4Organisaties slaan handen verder ineen
De koepels van ouderenorganisaties
KNVG
en NVOG gaan nauwer
samenwerken. De beide
verbonden willen fuseren
om nog beter met één stem
namens de ouderen op te
kunnen treden. Voor zo’n
fusie moeten alleen nog
wat administratieve en
organisatorische vraagstukken
worden opgelost.
KNVG is de Koepel van Nederlandse
Verenigingen van Gepensioneerden
KNVG waar de VVG-PGB bij is aangesloten.
NVOG staat voor de Nederlandse
Vereniging van Organisaties van
Gepensioneerden die ook landelijke en
regionale onafhankelijke verenigingen
van ouderen omvat. De organisaties
hoorden tot enkele jaren geleden bij
elkaar maar door persoonlijke geschillen
is toen een splitsing ontstaan.
‘’In de loop der tijd zijn we weer
steeds nauwer gaan samenwerken.
We sturen samen brieven
en petities naar de Tweede
Kamer of de regering en pakken
ook andere activiteiten gezamenlijk
op. Verder hebben
KNVG en NVOG ook gezamenlijke
commissies voor zorg en
financiën. Het is echter toch
praktischer om weer tot één
verbond voor alle ouderenorganisaties
in ons land te komen,’’ zegt bestuurslid
van VVG-PGB Thijs Reuder die samen
met Henk van der Rijst namens de
VVG-PGB betrokken is bij de KNVG
en alle vergaderingen bezoekt. ‘’Wij
vertegenwoordigen daar een van de
grootste verenigingen van gepensioneerden
in ons land dus we hebben
een belangrijke stem in het geheel.’’
Zowel KNVG als NVOG hebben bijvoorbeeld
grote moeite om bestuursleden
Niet meer roepende in de woestijn
Martin van Rooijen, oud-voorzitter van onze koepelorganisatie KNVG, maakt
zich er in de Tweede Kamer sterk voor dat in de zogenoemde rekenrente een
bodem van 2 procent mag worden gelegd. Lange tijd leek hij met zijn pleidooien
een roepende in de woestijn, maar gaandeweg krijgt hij steeds meer
steun, ook van ‘onafhankelijke’ deskundigen. Het lijkt allemaal nog onvoldoende
om de Tweede Kamer in meerderheid achter zijn voorstellen te krijgen,
maar Van Rooijen kennende houdt hij nooit op. Het zal dus ook invloed
hebben bij de discussie over de inrichting van een nieuw pensioenstelsel. Of
misschien blijft het wel bij een simpele verbouwing…
te vinden. Het
KNVG werkt
na het vertrek
van Martin van
Rooijen naar de
Kamer zelfs al
meer dan een jaar
met een interim
voorzitter.
Reuder: ‘’Dat
is ook niet zo
vreemd, je wordt er niet voor betaald
en het kost je wel drie, vier dagen in de
week. Als er een fusie komt, dan heb
je maar één voorzitter en ook minder
bestuursleden nodig.’’ Mede gezien die
tijdsdruk is er tevens behoefte aan professionele
ondersteuning, waarover de
NVOG momenteel wél beschikt maar
de KNVG niet. Dat leidt er wel toe dat
de NVOG een flink hogere contributie
van de aangesloten organisaties vraagt
dan de KNVG. ‘’Dat is ook een van de
praktische vraagstukken waar we nog
een oplossing voor moeten vinden,’’
zegt Reuder.
Het belangrijkste doel van een fusie
is om de stem van de gepensioneerden
en andere ouderen nog harder
en duidelijker te laten klinken. ‘’We
worden tegenwoordig als vertegenwoordigers
van de ouderen nadrukkePremies
zorgv
De premies voor de zorgverzekering
gaan volgend jaar fors omhoog, voorspellen
twee van de vier grote spelers
op de zorgmarkt CZ en Zilveren Kruis.
Nee, dat is helemaal niet nodig, zegt
VGZ waarmee de VVG samen een zorgverzekering
voor de leden aanbiedt.
De zorgpremie moet volgend jaar
mogelijk minstens zes procent
omhoog, dubbel zo veel als die over
2018, omdat de reserves waarmee
de verzekeraars de laatste jaren de
stijging hebben weten te beperken zijn
uitgeput. Bedrijven als CZ en
Zilveren Kruis waarschuwen dat
10
IN tERVIEW
׉	 7cassandra://sIDpPP4ZrPVBqsCb-WPdkol3VPSifcrR0BqwNZhYuLAF?`j [ttzޗg$׉E	lijk gehoord, zowel in het parlement als
bij de betrokken ministers. We hebben
bijvoorbeeld een goede inbreng bij het
hele debat over het nieuwe pensioenstelsel.
Ook treden we gezamenlijk op
waar het gaat om de rekenrente die
zo’n obstakel vormt voor de indexatie
van onze pensioenen. We steunen wat
dat betreft samen de pogingen van
Martin van Rooijen, vroeger zelf voorzitter
van de KNVG en nu lid van de
Tweede Kamer, om daar door een tijdelijke
maatregel wat aan te doen. Als
je ziet wat er allemaal aan ontwikkelingen
zijn die ons rechtstreeks raken,
dan is het ook steeds belangrijker dat
de ouderen in ons land met één stem
spreken. Die fusie van KNVG en NVOG
komt er wat ons als VVG-PGB betreft
dus zeker.’’
Ruud Peys
gverzekering: sterk omhoog of toch niet?
daardoor forse premiesprongen
onvermijdelijk worden. Achmea, moederbedrijf
van Zilveren Kruis, heeft al
gewaarschuwd dat ‘het einde van de
premiesubsidie nabij is’. CZ gebruikte
volgens gegevens van Financieele
Dagblad in 2017, 259 miljoen euro van
zijn reserves om de premiestijging te
dempen, bij Zilveren Kruis was dat 108
miljoen. Die potten zijn echter nu op
het minimaal vereiste niveau beland.
Volgens de verzekeraars is daarom een
inhaalslag nodig om bij een kostendekkende
premie in de buurt te komen en
tegelijkertijd de stijgende zorgkosten
bij te kunnen benen.
Maar directeur Tom Kliphuis van VGZ
is het daar niet mee eens. Hij erkent
dat de buffers op raken maar dat
hoeft niet automatisch te leiden tot
forse premiestijgingen. ‘’Ik ben daar
een stuk optimistischer over dan mijn
collega's.’’ Kliphuis verwacht dat de
premies door de kostenbesparingen bij
de zorginstellingen en bij verzekeraars
toch binnen de perken kunnen blijven.
Hij verwacht wat dat betreft veel effect
van de langetermijn contracten die
VGZ heeft gesloten met twaalf zorginstellingen.
Daarin staat dat zo’n instelling
een deel van de bezuinigingen zelf
mag houden wat onder meer de artsen
een stimulans geeft om minder kostbare
behandelingen voor te schrijven.
Voor de zorg én de verzekeraars blijft
het grote probleem dat de
zorgkosten al maar hoger worden.
Volgens het Centraal Planbureau gaan
die de komende tijd jaarlijks meer dan
drie procent omhoog als de overheid
of anderen geen maatregelen nemen
om de stijging onder controle te krijgen.
Ook het bevriezen van het eigen
risico op 385 euro zoals afgesproken
in het regeerakkoord leidt tot hogere
zorgpremies.
Ruud Peys
11
[ttzޗg%[ttzޗg${בCט   {u׉׉	 7cassandra://tHGDXOLJ8PlGcturM5_bwjeZfFwm9YP1rd3Z6O8x1U4 6`׉	 7cassandra://11ih4EXk00oZhkqGaam0W0G5lFpiXf_3SJE-4cGWV3w`׉	 7cassandra://BBT6kObzKR43KHWDZDRTd72-nL_20-ycEKEwBpp3pIgI`j ׉	 7cassandra://wuQAOPwJAI4D7sygZthH95SI57LCTc3XeiD5S3NILfc M͠	[tt|ޗgF׉EBen Kamphuis haalt stof
Ben Kamphuis: “Van letterzetter
naar tandtechniek. Als je iets
wilt, kun je het. Klaar.”
Nooit van gehoord? Het Mundomotorium
uit Hengelo? Laat Ben Kamphuis
(1946) aan het woord en je hebt direct
een avondvullend programma.
Letterzetter was hij, administrateur,
tandtechnicus. Een en al onrust. Met
een dynamiek die vooral tot uiting
kwam als hij met zijn band muziek
kon maken. Avond aan avond speelde
Kamphuis op zijn basgitaar dansmuziek.
Geweldig. Geen wonder dat hij
zich ’s ochtends wel eens in de ogen
wreef.
“Bij de Twentsche Courant was ik een
beetje een vreemde eend in de bijt.
Oma kwam met het idee om typograaf
te worden. Die had het zelfs in de
crisisjaren niet slecht gehad. Tot aan
de komst van het fotografisch zetten
bleef ik bij de krant. Om in september
1976 een toch wel bijzondere stap te
maken. Op dertigjarige leeftijd begon ik
bij Smithuis als leerling in de tandtechniek.
Ik had inmiddels een vrouw en
twee kinderen. Van letterzetter naar
tandtechniek. Waarom ook niet? Vader
zei altijd: als je iets wilt, kun je het.
Klaar. Dertig jaar heb ik gewerkt als
tandtechnicus.”
12
De muziek kwam op een wat lager
pitje. Niet langer vier keer per week op
pad - eerder een, misschien twee avonden
van huis. Logisch, vrouwlief was
niet van plan de kinderen alleen op
te voeden. Maar wat te doen met de
vrije avonden? “Van niets doen word ik
onrustig. Ik heb geen rust in de kont.”
Vakmanschap Meesterschap
Dankzij de muziek maakte Kamphuis in
Enschede kennis met Gerard Brummer.
De man van Grolsch succesvolle biercampagne
Vakmanschap is Meesterschap,
had een huiskamer vol boeiende
instrumenten. Een vonk sloeg over.
Recht voor zijn raap: “Als je wat kwijt
wilt, moet je eerst mij bellen!” Aan
enthousiasme heeft Kamphuis nooit
een gebrek gehad. “Brummer had met
zijn kinderen afgesproken niets weg te
doen. Er gingen een paar jaar overheen.
Toen kwam hij bij mij thuis met
een tasje vol losse onderdelen. Of daar
nog iets van te maken was? Ik heb me
toen veertien dagen opgesloten. Brummer
reageerde verbaasd. Hoe was dat
mogelijk? Sindsdien kwam hij iedere
keer met wat spullen.”
De belangstelling voor oude instrumenten
nam bij Ben Kamphuis snel toe.
De focus schoof naar de wonderlijke
apparaten die vanaf 1863 een eeuw
lang zijn gebruikt in het natuurkundig
onderwijs. Halverwege de negentiende
eeuw kwamen – gedreven door
industrialisatie en oplevende handel
- nieuwe schooltypen in zwang. De
Hogere Burgerschool verscheen, de
landbouw- en ambachtsscholen. De
Mammoetwet (met Mavo, Havo en
VWO) nam rond 1970 het scholenlandschap
opnieuw op de schop waardoor
oude onderwijsmiddelen overbodig en
vergeten raakten.
“In de jaren voor de Mammoetwet lag
het accent sterker op het aanschouwelijk
onderwijs. De leerlingen moesten
optisch zien wat er gebeurde”, zegt
cultuurwetenschapper en docent Hans
van den Broek. Samen met Ben Kamphuis
schreef hij voor het tijdschrift voor
wetenschaps- en universiteitsgeschiedenis
Studium een artikel over het
mundomotorium uit Hengelo.
Gebruiksklaar
Kamphuis heeft sinds het midden van
׉	 7cassandra://BBT6kObzKR43KHWDZDRTd72-nL_20-ycEKEwBpp3pIgI`j [ttzޗg&׉E
van vergeten instrumenten
De collectie is uitgegroeid
tot een piekfijn
verzorgd museum.
de jaren tachtig
een geweldige
collectie opgebouwd
van
instrumenten
die in de periode
1860 – 1940
gebruikt zijn bij
het natuurkundig
onderwijs.
De bovenste
verdieping van
zijn woning
is een heus
museum. Alle
instrumenten zijn
gebruiksklaar en
zo nodig minutieus
gerenoveerd.
Alleen de
herinnering
(leuke vondst,
berg maar op) is technicus Kamphuis niet
genoeg.
Pronkstuk van de collectie is het
mundomotorium, gemaakt door de
Groningers Willem Gleuns en Hendrik
Deutgen. Het instrument werd in 2000
gevonden op de zolder van scholengemeenschap
Bataafse Kamp in Hengelo.
De functie van het apparaat: het laten
zien van de beweging van hemellichamen.
Ah, zelfs aan de zon- en maansverduistering
is gedacht.
Apentrots zijn de ontwerpers van het
toestel. Gepromoveerd onderwijsman
Gleuns met zijn 25 jaar ervaring en
instrumentenmaker Deutgen van de
Academie in Groningen zijn niet de
eerste de besten. Om de marktkansen
te vergroten schrijven
ze in 1854
een brief aan de
minister van Binnenlandse
Zaken.
Of hij het instrument wil laten beoordelen
door de geleerde heren van de
Koninklijke Akademie van Wetenschappen.
De reactie uit Leiden keert als een
boemerang terug in het Groningse.
Wetenschapper Frederik Kaiser veegt
met het toestel – “dat valsche denkbeelden
omtrent het wezen van het
zonnestelsel zal oproepen” – de vloer
aan. Wat botsen zijn het onderwijskundige
en het wetenschappelijke nut, de
geleerdheid van bastion Leiden en de
kennis van de koude grond uit Groningen.
“Uitzonderlijke
collectie
oude natuurkundelessen”
Strijd Groningen – Leiden
Van den Broek: “De kloof tussen
Groningen en Leiden was onoverbrugbaar.
Groningen, waar een docent de
beginselen van de wiskundige aardrijkskunde
en sterrenkunde moest zien
over te brengen op zijn leerlingen.
Leiden, waar een van Europa’s grootste
astronomen van zijn tijd met tegenzin
een didactisch hulpmiddel moest
beoordelen waarin hij op voorhand
geen vertrouwen
had.”
Gleuns en
Deutgen grijpen
elke gelegenheid
aan om hun (wellicht wat dure)
instrument aan te prijzen. Zonder groot
succes. Een handleiding van het toestel
is in diverse wetenschappelijke musea
te vinden. Tot de vondst in Hengelo
in het jaar 2000 was het instrument
zelf – waarvan hooguit tien exemplaren
gebouwd zijn – in geen velden of
wegen te bekennen.
theo leoné
Het mundomotorium,
een zeldzaam
instrument
gemaakt door
de Groningers
Willem Gleuns en
Hendrik Deutgen.
Het toestel werd
in 2000 gevonden
op de zolder van
scholengemeenschap
Bataafse
Kamp in Hengelo.
De functie van
het apparaat: het
laten zien van de
beweging van
hemellichamen.
13
[ttzޗg'[ttzޗg&{בCט   {u׉׉	 7cassandra://rrqJhdcUcQJSJLM0RTIvr-sgqUO_tuu8C8xCYNg4_xM `׉	 7cassandra://JWZP_Y0rSKEMjAURwAPN8NjveFcBIj82uncWhHeLHII`׉	 7cassandra://a3tmNEtZikuRZwdE4kAuCQf2M6mewXF4LOlhS-6Hx-MG`j ׉	 7cassandra://18PHiCy77A8w8fnK26raR_F0hO9s8Lpa4QnKpvuGLrY R͠	[tt|ޗgHנ[tt|ޗgK 
p ̃9ׁHmailto:reuder@upcmail.nlׁׁЈנ[tt|ޗgJ 	&؁9ׁH #mailto:ledenadministratie@vvgpgb.nlׁׁЈ׉EGPensioenwereld net als dagbladen:
leuk, uitdagend én
gecompliceerd
‘’Het grootste deel van mijn
loopbaan heb ik gewerkt in de
uitgeverij; boeken-, tijdschriften
en kranten. Kranten uitgeven is
leuk, kranten zijn maatschappelijk
van groot belang maar het is ook
gecompliceerd. Datzelfde geldt
voor pensioenen, het is leuk, het
is voor iedereen relevant maar het
lijkt ook met de dag gecompliceerder
te worden. Daarom trekt die
pensioenwereld me aan en ben ik
ook graag bereid namens de VVGPGB
toe te treden tot het bestuur
van Pensioenfonds PGB.’’
Dat zegt Freek Busweiler over zijn
benoeming voor die bestuurszetel.
Die benoeming werd al aangekondigd
tijdens de ALV van de VVG-PGB en is
daags daarna ook goedgekeurd door
de Nederlandsche Bank als toezichthouder.
De afgelopen weken was hij
ook al enige tijd als waarnemer bij
de bestuursvergaderingen aanwezig.
Busweiler werd ‘opeens’ kandidaat
toen een andere gegadigde, een
FNV-bestuurder, al aftrad voordat ze
haar zetel goed en wel had ingenomen.
Hij zat sinds anderhalf jaar, ook
namens de VVG-PGB, in het Verantwoordingsorgaan
maar had al eerder in
zijn loopbaan veel met pensioenen te
maken gehad.
Busweiler is net na de oorlog geboren
in Marknesse in de toen nog érg prille
Noordoostpolder. ‘’Wij woonden daar
in een houten noodwoning. Toen mijn
jongere broer werd geboren timmerde
mijn vader er een slaapkamertje bij.
Tegenover ons stond een stenen huis,
daar waren we allemaal erg jaloers op.
Omdat mijn vader geen boerderij kreeg
toegewezen, zo ging dat in die tijd nog,
is hij een loonwerkerij begonnen. In de
vakanties hielp ik mee in het bedrijf. Ik
ben zelf na mijn rechtenstudie begon14
nen
in Human Relations, dat ging dus
over arbeidsvoorwaarden en -omstandigheden
maar ook over pensioenen.
Toen heb ik me daar dus al vaak mee
bezig gehouden. Toen ik later directeur
werd bij VNU en vervolgens bij
Wegener ging dat natuurlijk wat meer
op afstand. Maar toen ik na mijn
vertrek bij Wegener als adviseur actief
werd, ben ik ook enige tijd namens de
werkgever bestuurslid geweest van
het pensioenfonds van PostNL. Dat
heeft me veel ervaring met de huidige
materie opgeleverd. Waarom mijn
benoeming voor PGB dan toch nog
goedgekeurd moet worden? Omdat
DNB iedere benoeming moet goedkeuren
en bovendien Pensioenfonds PGB
wel heel wat anders is dan het fonds
van PostNL, het is veel gecompliceerder
en aanzienlijk groter.’’
Grensverleggend
Busweiler is zonder meer enthousiast
over de kans die hij krijgt bij PGB. ‘’Dat
fonds is, zoals velen bekend is, begonnen
voor de grafische sector. Maar we
weten allemaal wel wat er de laatste
jaren met die sector is gebeurd, die
is als gevolg van de digitalisering veel
kleiner geworden en daar lijkt nog
steeds geen eind aan gekomen. Pensioenfonds
PGB is daarom andere wegen
ingeslagen en heeft de afgelopen tien
jaar een enorme groei doorgemaakt.
Dat is zeker in het belang geweest
van de deelnemers en dus ook van
de gepensioneerden. Die aanpak
getuigt van lef en van ondernemerschap,
ze zijn echt grensverleggend
bezig geweest en waren daarmee een
voorloper in de Nederlandse pensioenwereld.
Daar heb ik groot respect voor
en ik zou ook graag bij willen dragen
aan de verdere ontwikkeling van het
fonds.’’
Hij benadrukt dat hij weliswaar een
bestuurszetel inneemt op voordracht
van de VVG-PGB maar daar dan niet
zit om uitsluitend de belangen van de
gepensioneerden te behartigen. ‘’Als
bestuurder ben je verantwoordelijk
voor een evenwichtige belangenbehartiging.
Ik ben wel benoemd namens de
VVG maar zonder last of ruggenspraak.
Als er bepaalde besluiten genomen
moeten worden, dan zal het bestuur
de belangen van alle groeperingen
op een evenwichtige wijze moeten
afwegen. Natuurlijk moet ik er wel
voor zorgen dat de belangen van de
gepensioneerden daarbij niet over
het hoofd gezien worden.’’ Busweiler
wordt in het bestuur verantwoordelijk
voor de communicatie en heeft daar
al bepaalde ideeën over. Nadenkend
formulerend zegt hij: ‘’Daar zou ik wat
over kunnen zeggen maar dan praat
ik toch een beetje voor mijn beurt. Nu
mijn benoeming eenmaal rond is, dan
gaan we het daar zeker over hebben.’’
Ruud Peys
׉	 7cassandra://a3tmNEtZikuRZwdE4kAuCQf2M6mewXF4LOlhS-6Hx-MG`j [ttzޗg(׉EHeeft drie jaar besturen in de
pensioensector mij 10 jaar ouder gemaakt?
cOluMN
cultuur, en mij daarom gedraag als
iemand van boven de 40, vroeg ik mijzelf
geschrokken af.
Een gesprek met een paar collega-bestuurders
veroorzaakte
laatst bijna een vroege midlifecrisis….
Want al was ik zelf nog in
de veronderstelling “jong” te zijn,
misschien dacht mijn omgeving
daar heel anders over. Was ik
ongemerkt “oud” geworden…?
Laat ik eerst uitleggen wat er gebeurde.
De collega-bestuurders waren te gast
geweest bij de jaarlijkse bijeenkomst
van onze vereniging van gepensioneerden.
Een van de onderdelen was een
cabaretier. Dit onderdeel, werd mij
geamuseerd verteld, was een groot
succes. Ik bleek daarin ook onderwerp
van gesprek te zijn geweest. De vraag
was of Pensioenfonds PGB jongeren
in het bestuur heeft en er was discussie
over mijn leeftijd ontstaan. Ik
was inmiddels boven de 40 werd in de
zaal gedacht. Nee, dat viel mee riep
iemand, pas 38… (for the record, ik
ben 36). De conclusie van de
cabaretier: Jong? Jochem ziet
er kennelijk uit als 40-plus en
gedraagt zich ook zo. Vooral
die laatste conclusie duwde
mij richting de genoemde
vervroegde midlifecrisis.
Onderzoek
Recent is onderzocht hoe het staat
met de diversiteit in besturen van
pensioenfondsen. Hiermee is het nog
altijd niet zo best gesteld en een van
de bevindingen was dat 60% van de
besturen geen leden onder de veertig
heeft. Ik merk dit ook als ik congressen
bezoek. Vaak ben ik veruit de jongste.
Terwijl, laten we eerlijk zijn, 40-min al
een rekbaar begrip is als het gaat om
de term “jong”.
In een interview met NRC over dit
thema grapte ik al eens dat ik dit
“redelijk mid-career” vind. Zorgt het
gebrek aan jongeren in pensioenfondsbesturen
er misschien voor dat ik mij
inmiddels aanpas aan de bestaande
Verscheidenheid
Groepsdenken treedt ongemerkt
gemakkelijk op in groepen met
veel hetzelfde soort mensen. Mede
daarom vind ik verscheidenheid aan
de bestuurstafel ook zo belangrijk.
Dat gaat natuurlijk verder dan een
focus op leeftijd. De pensioensector
wordt geconfronteerd met ingrijpende
veranderingen (zoals het mogelijke
nieuwe pensioencontract). Dit vraagt
om het vermogen om als team afstand
te kunnen nemen, zaken van meerdere
kanten te bekijken en misschien nog
wel het belangrijkste, om creativiteit.
Een team waaraan deze eisen worden
gesteld heeft behoefte aan mensen
met verschillende karakters, afkomst,
sekse, leeftijd, ervaring, expertise en
persoonlijkheidskenmerken.
Veelzijdig team
Als ik kijk naar de samenstelling van
het bestuur bij Pensioenfonds PGB zie
ik gelukkig een zeer gevarieerde
groep. Alle bestuurders
brengen expertise in op
uiteenlopende onderwerpen.
Vanuit diverse achtergronden
en kenmerken kijkt iedereen
op zijn eigen manier naar de
uitdagingen die op ons afkomen. Als
team is het vervolgens de uitdaging
om die verschillende gezichtspunten
voldoende de ruimte te geven en te
waarderen. Aan iedereen individueel
de opdracht beelden en ideeën ook
buiten het bestuur te toetsen om
te voorkomen dat er groepsdenken
ontstaat.
Jochem Dijckmeester
In gesprek
Daarom bezoek ik bewust niet alleen
de standaard congressen en seminars.
En ik ben blij met de groep jonge
enthousiaste bestuurders die ik heb
ontmoet rond de uitverkiezing tot
jonge pensioenfondsbestuurder van
het jaar 2017. Ik werk samen met
PensioenLab. En ik blijf in gesprek gaan
met groepen (jonge) deelnemers in
ons fonds. Ben jij een jonge deelnemer
en vind je het leuk om samen met een
groepje (jonge) collega’s samen met
mij te spreken over pensioen? Dan
doe ik dat heel graag. Daarmee help je
mij om jong te blijven denken zodat ik
niet bang hoef te zijn dat de cabaretier
gelijk krijgt. Dan blijft de midlifecrisis
voorlopig nog op afstand. Bij dat laatste
helpt gelukkig ook dat ik mij vorige
week nog eens moest legitimeren bij
het kopen van een fles wijn…
Jochem Dijckmeester is vanaf 2016 bestuurslid
van Pensioenfonds PGB. Hij is jonge pensioenfondsbestuurder
van het jaar 2017. Als
columnist gaat hij in op actuele onderwerpen,
zoals de toekomst van het pensioenstelsel.
Aanmelden ziekenkostenverzekering VGZ
Leden die zich via VVG-PGB aanmelden bij ziektekostenverzekering VGZ moeten
aantonen dat zij lid zijn van de VVG. Voor het aanvragen van een bewijs
van hun lidmaatschap kunnen zij een berichtje sturen naar het e-mailadres
ledenadministratie@vvgpgb.nl.
Voor overige vragen kunnen zij zich telefonisch wenden tot bestuurslid/ledenservices
Thijs Reuder tel. 06 – 52616833 of reuder@upcmail.nl
15
[ttzޗg)[ttzޗg({בCט   {u׉׉	 7cassandra://Xu3V_EenoyzmHx_qsCuP6J8zLPqvVewTovIYTeqPzw4 L`׉	 7cassandra://ECod5CzzX687LqpvTf8UGNABsVBuvcwtvfiR3VilmLI `׉	 7cassandra://g2mhGLKGaKhm3r73UWY8dAJt5dHLu3y5urJN8nMrW_IG`j ׉	 7cassandra://d_5BDkaVuArNIXgk4a-RSIQEZAfUOdyIPnUZT0YD96w ͠	[tt|ޗgL׉El‘’Nederland met rekenrente
braafste jongen van de klas’’
In de hele discussie over herziening
van het pensioenstelsel wordt
weinig gesproken over de rekenrente.
Dat is opmerkelijk omdat die
rekenrente de belangrijkste oorzaak
is van de lage dekkingsgraden en
daarmee van de onvrede over dat
stelsel. Voor zover er over de rekenrente
wordt gesproken is het nogal
dogmatisch terwijl er op de huidige
systematiek veel valt af te dingen.
Nederland rekent zich in
internationaal verband als braafste
jongen van de klas arm met de
laagste rekenrente.
Dat stelde drs. Han de Jong, hoofdeconoom
van ABN AMRO onlangs in
de zogenaamde Bismarcklezing. ‘’Er is
behoorlijke onvrede met ons huidige
stelsel van aanvullend pensioen en
er wordt al jaren gesproken over een
herziening van deze tweede pijler. Die
onvrede is opmerkelijk omdat we een
goed stelsel hebben. We lijken nu af te
stevenen op een stelsel van individuele
pensioenpotten met collectieve risicodeling.
Dat lijkt me een slecht idee.’’
De Jong benadrukt dat onze pensioenfondsen
de grootste van de wereld zijn.
Het totale pensioenvermogen bedraagt
180 procent van het bruto nationaal
product terwijl dat bij de nummer 2
op deze ranglijst, IJsland, 145 procent
is. Het totale vermogen van de
fondsen is sinds de eeuwwisseling
ook fors toegenomen. ‘’Ondanks die
spectaculaire stijging en omvang van
het totale pensioenvermogen staan de
dekkingsgraden al jaren onder druk.
Veruit de meeste fondsen hebben een
reservetekort en veel fondsen een dekkingstekort
of zijn er recent in geslaagd
daaraan nipt te ontsnappen. Veel fondsen
zijn derhalve 'in herstel'. Indexatie
aan de inflatie is voor weinig fondsen
weggelegd en kortingen vormen nog
altijd een reële, zij het voor de meeste
fondsen geen acute, dreiging.’’ De
belangrijkste factor bij die daling van
de dekkingsgraden is de rente geweest.
16
Drs. Han de Jong
Eind 2007 stond de meest geciteerde
rentevoet op 4,9%, in oktober vorig
jaar was dat 1,5%. Bij een gemiddelde
afdekking van 40 procent van het renterisico
op de verplichtingen duwt die
rentedaling de dekkingsgraad ongeveer
veertig punten naar beneden.
Stelselherziening
Het regeerakkoord somt de redenen
voor een stelselherziening nog eens
op. De Jong: “Verwachtingen worden
onvoldoende waargemaakt...”, luidt
het. Laat me het beeld even helder
schetsen. We hebben het grootste,
best gekapitaliseerde pensioenstelsel
in de wereld. Een toonaangevende
studie ziet ons stelsel als het op één
na beste in de wereld. Nergens in de
wereld is de armoede onder ouderen
zo laag als bij ons en nergens in de
wereld is de daling van inkomen bij
pensionering geringer dan bij ons.
Maar ‘de verwachtingen worden
onvoldoende waargemaakt’. Ambitie is
prachtig, maar hier vraag je je toch wel
af of die verwachtingen dan misschien
niet een tikkeltje te hooggespannen
zijn.’’
‘’We gaan in ons stelsel wel op een
opvallende manier om met de rente,’’
benadrukt De Jong. ‘’We maken de
toekomstige verplichtingen van pensioenfondsen
immers contant door
de 'marktrente' als disconteringsvoet
te hanteren (met toevoeging van een
Ultimate Forward Rate, UFR). Actuarieel
is de argumentatie dat wanneer je
de activa op marktwaarde waardeert
je dat ook met de passiva moet doen
en kennelijk denken we dat gebruik van
een marktrentetarief dat bewerkstelligt.
Hoe lager de rente, des te hoger de
contante waarde van de verplichtingen
en des te lager de dekkingsgraad van
een fonds.’’
‘’Ik heb de afgelopen jaren met enige
regelmaat mijn verbazing uitgesproken
over deze systematiek. De marktrente
heeft geen enkele feitelijke invloed op
de ontwikkeling van de verplichtingen.
Alleen als je alle toekomstige kasstromen
volledig wilt afdekken, zou de
marktrente een redelijke disconteringsvoet
zijn. Een pensioenfonds heeft een
gespreide beleggingsportefeuille om
aan de verplichtingen te voldoen en de
indexatie waar te maken. Het lijkt dan
logisch om de verplichtingen contant
te maken met het verwachte rendement
op de beleggingen. Uiteraard met
inachtneming van voldoende buffers
die mede afhankelijk zouden moeten
zijn van de risicograad van de beleggingsportefeuille.’’
Ruud
Peys
Minister vindt stels
׉	 7cassandra://g2mhGLKGaKhm3r73UWY8dAJt5dHLu3y5urJN8nMrW_IG`j [ttzޗg*׉E
‘Door aanpassing financiële regels
is korten op pensioenen voorkomen’
De wet uit 2015 waarmee de
financiële regels voor pensioenfondsen
zijn aangepast
heeft er toe bijgedragen dat
pensioenfondsen sindsdien
nauwelijks hoeven te korten,
ondanks het feit dat veel van
die fondsen de afgelopen
jaren een dekkingsgraad
van onder de 100 procent
hadden. Wel blijken fondsen
in hun herstelplannen vaak
uit te gaan van optimistische
rendementsverwachtingen.
Als zij dan lagere rendementen
realiseren, blijft herstel
naar het wettelijk vereiste
vermogen langdurig uit.
Dat schrijft minister Koolmees
van sociale zaken en
werkgelegenheid aan de
Tweede Kamer. De aanpassingswet
werd gezien als een
soort onderhoud van het
pensioenstelsel en moest
een aantal onwenselijkheden,
zoals het abrupt
korten van pensioenen,
tegengaan. Ook moest er
meer stabiliteit komen bij de
financiële sturing van pensioenfondsen
en was er meer
behoefte aan duidelijkheid
over de risico’s die aan
pensioensparen kleven voor
de deelnemers. Nieuwe
regels over de herstelperiode
en dekking moesten
zorgen voor meer evenwicht,
vat de bewindsman
samen.
Herstelplannen
Met de wet werd voor pensioenfondsen
één herstelplan
ingevoerd met een doorrollende
looptijd van maximaal
tien jaar. Dit herstelplan
wordt, zolang sprake is van
een reservetekort, jaarlijks
geactualiseerd met steeds
opnieuw een hersteltermijn
van (maximaal) tien jaar.
Hiermee wordt voorkomen
dat schokken tegen het
einde van het hersteltermijn
tot abrupte maatregelen
leiden. Verder moet een
fonds dat – na toepassing
van andere herstelmaatregelen
– naar verwachting niet
binnen de looptijd voldoende
herstelt onmiddellijk
een korting doorvoeren.
Om aanhoudende dekkingstekorten
tegen te gaan mag
een fonds maximaal vijf jaar
achtereen een dekkingstekort
(een dekkingsgraad
< ± 105%) hebben. Vóór de
aanpassing was dit maximaal
drie jaar. Heeft een fonds vijf
jaar achtereen een dekkingstekort
dan moet er gekort
worden maar dat mag over
maximaal tien jaar worden
gespreid. De doelstelling om
kortingen te voorkomen, is
ondanks de lage rente grotendeels
gehaald, stelt de
minister. Sinds 2015 hebben
slechts twee kleine fondsen
een bescheiden korting
doorgevoerd. Positief is ook
dat de pensioenpremies
tamelijk stabiel zijn gebleven
ten opzichte van het loon.
En sinds 2015 verschaffen
pensioenfondsen hun
deelnemers vooraf meer
duidelijkheid over de verdeling
van financiële mee- en
tegenvallers.
Hoge verwachtingen
Daar staat tegenover dat de
door de pensioenfondsen
opgezette herstelplannen
om de dekkingsgraad weer
op te voeren grotendeels
leunen op hoge verwachte
rendementen. Een zorgpunt
is ook dat de nieuwe
pensioenopbouw bij veel
fondsen deels uit het vermogen
wordt gefinancierd.
Als dat te lang doorgaat,
is dat nadelig voor pensioengerechtigden.
Voor een
toekomstbestendig pensioen
is meer nodig dan noodzakelijk
onderhoud, stelt minister
Koolmees tenslotte. Hij
refereert daarmee aan de
herziening van het pensioenstelsel
waar de sociale
partners zich al enkele jaren
over buigen.
Ruud Peys
selherziening wel nodig
Minister Koolmees stelt in een reactie op de Bismarcklezing
dat er wel degelijk reden is voor een stelselherziening.
‘’Veranderingen op de arbeidsmarkt, de stijgende levensverwachting,
de financiële crisis en de dalende rente hebben de
kwetsbaarheden van ons stelsel bloot gelegd. Verwachtingen
worden onvoldoende waargemaakt; er zijn spanningen tussen
generaties en het stelsel sluit niet meer aan bij de veranderende
arbeidsmarkt.’’ De bewindsman is het eens met de
Jong dat de sterk gedaalde rente de oorzaak is voor de lagere
dekkingsgraden. Daarnaast zijn ook de verplichtingen van de
pensioenfondsen gestegen door de hogere levensverwachting,
de toegenomen werkgelegenheid en hogere lonen. Een
dalende rente heeft echter wel een positief effect op het
vermogen van een fonds door de hogere koersen van bijvoorbeeld
obligaties. Koolmees wijst echter de Jongs suggestie
af dat we moeten overstappen naar het gebruik van een
rekenrente die is gebaseerd op de verwachte rendementen
van de beleggingen. ‘’Er zijn meerdere redenen waarom de
Pensioenwet marktwaardering als uitgangspunt heeft. In de
eerste plaats heeft het rekenen met een hogere rekenrente
tot gevolg dat nog te behalen rendementen reeds worden
ingeboekt en uitgedeeld. Als sprake is van een collectieve
pot waarin gezamenlijk risico’s worden gedeeld leidt dat tot
herverdeling tussen generaties.’’
‘’In de tweede plaats beloven pensioenfondsen pensioen dat
met een hoge mate van (nominale) zekerheid wordt waargemaakt.
Om te zorgen dat zij aan die hoge zekerheidsmaatstaf
kunnen voldoen, moeten ze te allen tijde voldoende geld in
kas hebben. In de derde plaats opent het loslaten van marktwaardering
de deur naar subjectieve wijzigingen van de rekenrente
voor pensioenfondsen, waarbij de financiële belangen
van deelgroepen binnen het pensioenstelsel leidend gaan
worden. De rekenrente wordt dan een speelbal van conflicterende
belangen binnen het pensioenstelsel, waardoor het
vertrouwen in het stelsel verder wordt ondermijnd,’’ schrijft
Koolmees.
17
[ttzޗg+[ttzޗg*{בCט   {u׉׉	 7cassandra://_YIWYz1zV8RF5RFZ4-R9_ExOLb7PlbjOTZCzgPQY1P8 `׉	 7cassandra://t0SG-BF6qnfXE-1Y_sYbc71AA7fLwX7NCEJwSrKgosM`׉	 7cassandra://ZS2sWDkU8ubpkbX0XH6uIe7pzaB2NCRCT9rCxhyJQPwL`j ׉	 7cassandra://4PyMjMUuK3d2um8-x5Kt385GJWLoA-5Pa3C3tvxkL4k O:͠	[tt|ޗgN׉EAchter de degelpers
Albert Emmink: “Tot mijn 38ste heb ik flink
doorgeleerd.”
Albert Emmink
gek op geur van papier en inkt
Opschudden die hap! Iedereen wil
toch een einde aan de crisis? Nou
dan. In Emmeloord vond in 2012
al de Einde crisis Party plaats.
Albert Emmink (1942) zit niet
graag bij de pakken neer. Een
paar keer per week kart hij van
Havelte naar zijn drukkerij aan
de Zeeasterstraat in het centrum
van Emmeloord. Op naar de
degelpers, de geur van papier en
drukinkt. In topjaar 2008 telde het
bedrijf veertien medewerkers. Nu
aan de slag in de drukwinkel zijn
twee mensen, een stagiaire en –
stoppen is geen optie – routinier
Albert.
In het najaar van 1958 rolde Emmink
bij de Noord-Nederlandse Drukkerij in
Meppel het grafisch vak binnen. Van de
rotatiepers kwamen bladen als Landbode
en Arnhemse Koerier. Nog voor
zijn diensttijd haalde hij het diploma
handzetter, gevolgd door een opleiding
tot assistent-calculator.
Nieuw-Guinea
“Tot mijn 38ste heb ik flink doorgeleerd.
Ook tijdens diensttijd. Ik was vrijwilliger
voor Nieuw-Guinea. We zouden
vertrekken uit Ossendrecht, wisten
niet wat te gebeuren stond. Plotseling
18
ging Nieuw-Guinea naar Indonesië. Een
kwestie van centen. Geen enkel eergevoel.
Ik besloot om daar mijn leven niet
voor in de waagschaal te stellen.
Vertrok uit het leger.”
Emmink pakte de draad weer op bij de
handel in grafische machines Ceelen.
Hij begon als leerling-vertegenwoordiger
en haalde het patroonsdiploma.
Je kon maar nooit weten. Maar eerst
kwamen het Instituut voor Grafische
Techniek te Amsterdam, uitgeverij
Pudoc in Wageningen en Crips uit
Meppel op zijn pad. Tijdens tien jaar
Pudoc zwierf hij heel Europa door om
beurzen te bezoeken. In de zijlijn werd
tijd gevonden voor cursussen Engels,
spreken in het openbaar en snel lezen.
Pionierskelder
Voldoende elders rondgesnuffeld
begon Emmink in 1978 voor zichzelf.
Drukte allesbehalve kranten, bouwde
vanuit zijn pionierskelder in Emmeloord
een voorsprong in techniek op.
Verwierf zich daardoor een solide plek
in de hoofdplaats van de Noordoostpolder.
Na zijn vijftigste liet Emmink de
teugels op het grafisch terrein wat los
om plaats te maken voor bijzondere
initiatieven.
“Vanaf 1995 organiseren we een
uitwisseling met Japanse scholieren
uit Mizumaki. Het ene jaar komen een
stuk of tien Japanse jongeren onze kant
op, het volgende
jaar gaat vanuit
Emmeloord een
groep naar Azië.
Aanvankelijk werd
de uitwisseling
gefinancierd door
de gemeente. Vanaf
2000 is de uitwisseling
ondergebracht
bij een stichting met
zestig sponsors en
donateurs. Je wordt
in Japan ontvangen
als een koning. Zo’n
contact laat je toch
niet verdwijnen?
Wij steken veel op
van hun cultuur,
zij zijn blij hier een
kijkje te nemen. Een
ideale mix. Onze
stichting bestaat al
bijna twintig jaar. Ik
geloof in de waarde
van de uitwisseling.”
Gezant van PUM
Als gezant van de
stichting PUM trok
Emmink vanaf 1998
als senior-expert
naar tal van ontwikkelingslanden
om
met zijn kennis
׉	 7cassandra://ZS2sWDkU8ubpkbX0XH6uIe7pzaB2NCRCT9rCxhyJQPwL`j [ttzޗg,׉Een contacten lokale grafische bedrijven
een handje te helpen. Een paar
weken naar de Filipijnen, dan weer
naar Kirgizstan, Armenië of Sri Lanka.
Drie keer bezocht hij Ghana. PUM is in
1978 opgericht door de Nederlandse
werkgeversorganisatie VNO-NCW en
wordt ondersteund door het ministerie
van Buitenlandse Zaken. Specialistische
oudgedienden -waarom zou je hun
kennis verloren laten gaan? – laten
zich op vrijwillige basis uitzenden naar
projecten waar hun hulp goed gebruikt
kan worden.
“In het buitenland is de baas vaak
echt de baas. De ruimte voor kritiek is
dikwijls gering. Daar sta je dan. Alleen,
niemand haalt je af. In de Filipijnen
dacht de baas van een drukkerij
met veertig medewerkers dat ik zijn
knechtje was. Mis dus. Ik ging naast
hem aan zijn bureau zitten en maakte
een plattegrond van zijn bedrijf. Eerst
maar eens de routing bekijken. Na drie
dagen kreeg hij mijn eerste best kritische
verslag. Ik dacht nog: straks sta ik
buiten. Veertien dagen was ik bij het
bedrijf. Ik heb er nog contact mee. Er is
zelfs een kind naar me vernoemd.”
Emmink hielp de bedrijven met zijn
advies, soms ook met machines die
elders overbodig waren geworden.
Einde van crisis
Een bijzonder initiatief met Albert
Emmink in een hoofdrol is de Einde
Crisis Party in 2012. Om precies te zijn
op 20-12-2012 van 16.45 tot 20.12 uur.
De hoofdsponsors: de C1000-winkels
van Greidanus en Odink plus Drukwinkel
Emmeloord. “De crisis heeft
lang genoeg geduurd”, valt te lezen in
een speciale uitgave van nieuwsblad
Nieuwe Tijd. “We zijn het meer dan
beu. Voor ons polderbewoners is een
nieuwe tijd aangebroken. Als afsluiting
van de crisis vieren we feest!”
Een drukte van belang die dag in het
centrum van Emmeloord. Met veel
muziek, 1200 porties stamppot en 600
belegde broodjes. Weg met de crisis. In
iedere geval eventjes.
theo leoné
“Zo’n uitwisseling met Japan
laat je toch niet verdwijnen?”
“Niks crisis, we vieren feest”
19
[ttzޗg-[ttzޗg,{בCט   {u׉׉	 7cassandra://LiuVCgyMv9tflPmNjjE5np8CcHiqD3g16GxQh4t7SPw G`׉	 7cassandra://PGTkdxXyoSo785j57l3yLTIyfXjOVfud_Isbk1rL_8c`׉	 7cassandra://C6w_JQgxqYRosvBblhXkeJd7inSZaKh7RbP2atNP2ogG\`j ׉	 7cassandra://F3Skc1Vf7eepyklZ59a80RId0pJ_k8jYirLdE_1hX-4 D͠	[tt|ޗgP׉EHans Brader onlosmakelijk
verbonden met 11 april
Er zijn van die dagen die eeuwig in je
geheugen blijven. Woensdag 11 april
2018 is zo’n dag voor veel VVG-PGBers.
Zeker voor Hans Brader. Na een
bijna “eeuwige” bestuursperiode
wordt de Brabander ongewild de ster
van de dag. De vicevoorzitter is op
de Algemene Ledenvergadering niet
meer herkiesbaar
en wordt door
voorzitter Jos van
Rijsingen bij zijn
afscheid terecht
in het zonnetje
gezet. Braders
verdienste voor de VVG-PGB is enorm.
Niet alleen door zijn grote bestuurlijke
ervaring. Maar vooral door de diplomatieke
wijze waarop hij orde weet te
scheppen in moeilijke vraagstukken. De
voorzitter maakte dat duidelijk met: “Jij
verwoordde dat zo dat niemand kwaad
kon worden. Zelfs niet als iemand op
zijn nummer werd gezet.’’
En dat terwijl Hans Brader
het liefst een man
op de achtergrond
is.
Dat
laatste
is
“Ze dronken hun glas en
deden een plas voorgoed naar
de verdoemenis verbannen”
bewust door de afsluiter van de dag
cabaretier Mark van der Veerdonk
weggemoffeld. Zijn provinciegenoot
zag in Hans Brader de rode draad in
zijn voordracht en de manier waarop
dat gebeurde grensde bijna aan het
ongelooflijke. De lach galmde door de
Eenhoorn en echode nog lang door.
Niet alleen door
Mark van der
Veerdonk is door
deze ALV het
slechte imago
van “ze dronken
hun glas en
deden een plas” voorgoed naar de
verdoemenis verbannen. Voorzitter Jos
van Rijsingen is de andere hoofdfiguur.
Strak, maar toch joviaal, leidt hij de
vergadering. Geen moment verslapte
zijn aandacht zodat de discussie
nergens ontspoorde. Een toehoorder
verwoordde dat met: “Knap zoals de
voorzitter als een Frater Venantius de
vergadering bespeelde.”
Terecht dat iedereen met een
goed gevoel en een stralend
gezicht naar de nazit
afdaalde. En dan te bedenken
dat voor circa 250
leden niet louter vreugdevolle
en eenvoudige zaken
de revue passeerden. Zo is de
dekkingsgraad, die in januari
hoopvol was voor de toekomst,
de laatste maanden iets
gedaald. De ouverture, het
nieuwste
Scheidend vicevoorzitter
Hans
den Brader werd
samen met zijn
vrouw Henny in de
bloemetjes gezet
door Jos van Rijsingen,
hetgeen voor
Mark v.d. Veerdonk
aanleiding was tot
hilarische woordspelingen.
presentatiefilmpje
van ons Pensioenfonds
PGB, werd enthousiast ontvangen.
De oproep van de voorzitter: wie
is de oudste in de zaal (Ter Broeke uit ’s
Heerenberg, hij wordt volgende maand
87) in zijn openingsspeech verhoogde
de sfeer. Evenals het feit dat onze koepel,
de KNVG, bezig is de krachten te
bundelen met de NVOG om samen iets
te doen aan de absurd lage
rekenrente
en de
pensioenhervorming.
De
notulen
en het jaarverslag
van de secretaris waren
vervolgens hamerstukken.
Penningmeester Piet Rietkerk
kreeg het even moeilijk door
Regelmatig barsten de leden in
schaterlachen uit bij de geweldige
afsluiting door cabaretier
Mark van der Veerdonk na het
informatieve gedeelte van de
ALV.
de forse groei van het kapitaal
en het feit dat er nog geen
bestuursbeleid is over het
maximum van die groei.
De toezegging om daarover
in het bestuur
20
׉	 7cassandra://C6w_JQgxqYRosvBblhXkeJd7inSZaKh7RbP2atNP2ogG\`j [ttzޗg.׉Ede man van de ledenadministratie
en nog veel
meer, werd herkozen als
bestuurslid. Aandacht werd
gevraagd voor de vacature
lid Verantwoordingsorgaan.
De voorkeur gaat uit naar
een vrouw en als het kan
ook nog jonger dan veertig.
Het niet opvullen van de
vacature Brader leverde
evenmin problemen op.
Henk van der Rijst is nu
vicevoorzitter. Even werd
nog stil gestaan bij de
stijging van de bestuurskosten
alvorens de voorzitter
afscheid nam van Hans
Brader en Freek Busweiler
voorstelde als (op dat
moment nog) beoogd
bestuurslid PGB.
Na de pauze volgde een
geslaagde presentatie van
Rob Heerkens, bestuurslid
PGB, over het beleggingsbeleid
alvorens de enthousiaste
Mark v.d Veerdonk
de aanwezigen in schaterlachen
liet uitbarsten.
een besluit te nemen, bracht de goede
stemming terug mede door de kascommissie
die decharge verleende.
Oud-penningmeester Jan Rabelink
stelde zich beschikbaar voor de kascommissie.
Tonnie Klein Hemmink,
Hans van den Berghe
Secretaris VVG-PGB
Zorgen over achterblijven pensioenen
Bij gepensioneerde deelnemers van
Pensioenfonds PGB leven zorgen. Zij
zien hun pensioen niet meestijgen met
de prijzen. Pensioenfonds PGB heeft de
pensioenen de afgelopen 10 jaar niet
kunnen verhogen. Hoewel de AOW wel
is gestegen, merken gepensioneerden
dat in hun portemonnee. Toch zijn
gepensioneerde deelnemers over de
hele linie tevreden en vinden ze dat
hun pensioen in goede handen is bij
het pensioenfonds.
Dat blijkt uit een opiniepeiling onder
deelnemers van Pensioenfonds PGB.
Uit het onderzoek komt opnieuw een
aantal misverstanden over
pensioenen naar voren. Zo denken
gepensioneerden vaak dat ze recht
hebben op een verhoging van hun uitkering
(indexatie). Dat is niet zo omdat
ze in het verleden geen premie hebben
betaald voor een waardevast pensioen.
Dat betekent dat pensioenen alleen
omhoog kunnen als de buffer hoog
genoeg is. Hiervoor moet de dekkingsgraad
minimaal 110 procent zijn. Vanaf
dat moment kunnen de opgebouwde
pensioenen en de pensioenuitkeringen
gedeeltelijk omhoog. Per eind februari
dit jaar was de dekkingsgraad ‘pas’
107,4 procent.
Ook driekwart van de mensen die
pensioen opbouwen, maakt zich enige
zorgen over hun pensioen. Tegelijkertijd
blijkt dat veel mensen slecht zicht
hebben op hun eigen pensioensituatie.
Maar iets meer dan de helft weet hoeveel
pensioen hij of zij later ongeveer
zal krijgen. Nog niet de helft weet of
dat genoeg is om na pensionering van
te kunnen leven.
Veel werknemers denken ook nog altijd
dat ze premie betalen voor de uitkering
van de gepensioneerden van nu, zoals
bij de AOW. Dat is niet het geval. De
premie is bestemd voor de opbouw van
het eigen pensioen, ook al zit er wel
onderlinge solidariteit in de regeling.
Onderzoeksbureau Motivaction peilde
in november 2017 in opdracht van Pensioenfonds
PGB de kennis en mening
over het pensioen van (gepensioneerde)
deelnemers. Er werden 7.877
vragenlijsten ingevuld van de uitgezette
55.669. Er is ook gevraagd naar de
waardering voor Pensioenfonds PGB.
Deelnemers gaven een 6,9 en gepensioneerden
een 7,7.
Ruud Peys
21
[ttzޗg/[ttzޗg.{בCט   {u׉׉	 7cassandra://FvSV3iaLoaxSaXSRCgpf9cZ7onKLS5UlMtC1MZLfdtQ `׉	 7cassandra://WhQBfoe2g7oHUvzczAoAL4vwoXaoilVZLff6Vvjf7pU`׉	 7cassandra://YW0p0Zd07GppPRo7TP4Dk9MJdctecGhFm5NPJJ_ju7oB`j ׉	 7cassandra://5H96VzgftGpsBXr2gaux-RBP6P3YVE1Fk-9ZVkq82qw A]͠	[tt}ޗgRנ[tt}ޗga 	9ׁH "mailto:hansvandenberghe@kpnmail.nlׁׁЈנ[tt}ޗg` 	ǁ̇9ׁHmailto:redactie@vvgpgb.nlׁׁЈנ[tt}ޗg_ 
Lj9ׁHmailto:info@vvgpgb.nlׁׁЈנ[tt}ޗg^ 	g9ׁHhttp://www.vvgpgb.nlׁׁЈנ[tt}ޗg] 
O9ׁH #mailto:ledenadministratie@vvgpgb.nlׁׁЈנ[tt}ޗg\ 	̃9ׁHmailto:reuder@upcmail.nlׁׁЈנ[tt}ޗg[ 	̞9ׁHmailto:gmeershoek@planet.nlׁׁЈנ[tt}ޗgZ 	f̰9ׁHmailto:kleinhemmnink@home.nlׁׁЈנ[tt}ޗgY ̗9ׁHmailto:p.rietkerk@kpnmail.nlׁׁЈנ[tt}ޗgX 9ׁH "mailto:hansvandenberghe@kpnmail.nlׁׁЈנ[tt}ޗgW 39ׁH #mailto:Henk.van.der.rijst@planet.nlׁׁЈנ[tt}ޗgV 9ׁH "mailto:josvanrijsingen@hotmail.comׁׁЈ׉EPGB goede uitzondering op
mannenwereld pensioenfondsen
Pensioenfondsen slagen er niet of
nauwelijks in om meer jonge of vrouwelijke
bestuurders aan te trekken,
hoewel ze dat wel hadden toegezegd.
Pensioenfonds PGB is echter een gunstige
uitzondering want het heeft twee
vrouwen en een jongere in het bestuur.
Vijf jaar geleden sprak de sector in
de Code Pensioenfondsen af dat in
besturen minimaal één vrouw en één
jongere onder de veertig jaar moesten
zitten. Er kwamen handleidingen diversiteit,
een Pensioenlab waar twintigers
en dertigers kennis kunnen maken met
de sector en ook wordt jaarlijks de
beste jonge Pensioenfondsbestuurder
gekozen. Maar die afspraken worden
bij de meeste fondsbesturen lang niet
gehaald. Twee derde van de fondsen
heeft nog geen enkele bestuurder van
onder de veertig en bijna 40 procent
heeft geen vrouw in het bestuur. ‘’Bij
sommige pensioenbesturen is er ‘te
weinig urgentie om te veranderen’,’’
zegt Margot Scheltema, voorzitter van
de monitoringscommissie van de Code
Pensioenfondsen. ‘’Ik denk dat dit niet
terecht is. Veel academisch onderzoek
onderstreept de waarde van diversiteit
voor een goede besluitvorming.’’
‘‘Vooropgesteld: wij vinden dat de
besturen diverser moeten’’, reageert
directeur Gerard Riemen van de
Pensioenfederatie in het Financieele
Dagblad. ‘’Dat hebben we niet alleen
afgesproken, een bestuur gaat er daardoor
op vooruit; afwegingen worden
beter als er vanuit verschillende achtergronden
wordt gekeken. En je wilt dat
deelnemers zich enigszins herkennen in
het bestuur. Maar je moet die nieuwe
bestuurders wel vinden. En wat als dat
niet lukt? Wie leg je dan een sanctie
op? Toch niet het pensioenfonds en
daarmee de deelnemers?’’ Volgens
Riemen moeten de organisaties van
werkgevers, werknemers en gepensioneerden
die de kandidaten voor
pensioenbesturen leveren ‘beter hun
best doen’. Minister Koolmees van SZW
heeft op aandringen van de Tweede
Kamer nu toegezegd dat hij de fondsen
en hun besturen hierop gaat aanspreken.
Ruud
Peys
Wat vinden Nederlanders
belangrijke aspecten
van palliatieve zorg?
Omdat na het door ons versturen
van deze enquête meer ouderen
de vragenlijsten hebben ingevuld
publiceren wij onderstaand bericht.
In Nederland is er sinds een aantal
jaar extra aandacht voor palliatieve
zorg. Dit is zorg voor mensen bij wie
genezing niet meer mogelijk is. Om te
achterhalen wat voor Nederlanders
belangrijke aspecten van palliatieve
zorg zijn, is er een online vragenlijst
ontwikkeld. Gedurende de periode
mei tot augustus 2017 hebben meer
dan 2400 mensen deze vragenlijst
ingevuld. Er werd hen gevraagd de acht
belangrijkste items te kiezen voor als
zij nog maar een paar weken te leven
zouden hebben en daarna werd hen
22
In juli 2017 is onze vereniging benaderd door Mevr. Annette
v.d. Velden, als internist werkzaam bij het UMC Groningen
en het Martini Ziekenhuis. Zij had een enquête opgesteld
om goed inzicht te krijgen in de wensen en behoeften in de
zorg van mensen voor wie het einde van het leven dichterbij
komt. Deze enquête hebben wij aan onze ;leden voorgelegd.
nog een keer gevraagd om acht items
te selecteren die voor hen het belangrijkst
zijn in hun laatste levensjaar. Van
de mensen die de vragenlijst hebben
ingevuld, was bijna 70% vrouw. De
leeftijdsverdeling was divers: de helft
van de mensen was tussen de 46 en
67 jaar, maar ook door ouderen is deze
vragenlijst goed ingevuld. Zeventien
procent was 68-75 jaar en 7% ouder
dan 75 jaar.
In Nederland zijn een aantal items het
meest belangrijk: geen pijn hebben,
eigen regie voeren, aandacht krijgen
voor persoonlijke wensen en betekenisvol
leven. Het maakt geen groot
verschil of het om de laatste weken van
het leven gaat of het laatste levensjaar.
Wel lijkt het zo te zijn dat Nederlanders
in de laatste weken van het leven niet
willen lijden en in het laatste levensjaar
eigen regie voeren en betekenisvol
leven belangrijker zijn.
Met de resultaten van deze vragenlijst,
wordt met alle betrokken partijen
bij palliatieve zorg in Nederland, een
selectie gemaakt van wat er in de zorg
geregistreerd zou kunnen gaan worden
om de kwaliteit van palliatieve zorg
inzichtelijker te gaan maken.
Mevrouw
Annette van
der Velden,
Internist en
kaderarts
palliatieve zorg
׉	 7cassandra://YW0p0Zd07GppPRo7TP4Dk9MJdctecGhFm5NPJJ_ju7oB`j [ttzޗg0׉E|‘Gepensioneerden profiteurs’
De huidige generatie gepensioneerden heeft buitengemeen
geprofiteerd van de solidariteit. Ze hebben al
enorm veel geluk gehad, laten we die niet nog meer
geluk geven. Voor huidige werknemers blijft veel minder
pensioen over dan de 70 procent van het middelloon die
vorige generaties wel kregen.
Die uitspraken zijn van Martin Pikaart (49), pensioendeskundige,
schrijver van De Pensioenmythe en voorman
van Alternatief voor Vakbond AVV. Pikaart vindt het
onterecht er op te wijzen dat de pensioenpotten met
1.300 miljard euro nog nooit zo vol geweest zouden zijn.
De verplichtingen zijn ook nog nooit zo hoog geweest,
zegt hij.
‘’Als het woord solidariteit echt iets betekent voor de
polder én we constateren dat de huidige generatie
gepensioneerden daar buitengemeen van heeft geprofiteerd
én je wilt pech- en geluksgeneraties voorkomen,
dan moet je daar naar handelen.’’ Pikaart denkt ook dat
de strijd voor een hogere rekenrente een achterhoedegevecht
is. ‘’Nu gaan indexeren terwijl er niet meer geld
in de pensioenpot komt, blijft potverteren. Dat is generatieverschuiving,
c.q. diefstal. En dat moet je niet doen
in een systeem dat toch al de huidige generatie ouderen
behoorlijk heeft gematst.’’
VVG-PGB
Bestuur
Voorzitter:
Jos van Rijsingen, tel. 073-6214378
josvanrijsingen@hotmail.com
tweede voorzitter:
Henk van der Rijst, tel 030 – 6352441
Henk.van.der.rijst@planet.nl
Secretaris:
Hans van den Berghe, tel. 053-5728313
hansvandenberghe@kpnmail.nl
Postadres secretariaat: Hondelink 25,
7482 KJ Haaksbergen
Penningmeester:
Piet Rietkerk, tel 06- 23340815,
p.rietkerk@kpnmail.nl
Bestuurslid/ledenadministratie
Tonnie Klein Hemmink, tel 06 – 51605411
kleinhemmnink@home.nl
Bestuurslid/communicatie:
Geer Meershoek, tel. 06 - 13199587
gmeershoek@planet.nl
Bestuurslid/ledenservices:
Thijs Reuder, tel. 06 - 52616833
reuder@upcmail.nl
ledenadministratie:
Mailadres: ledenadministratie@vvgpgb.nl
Postadres: Hunzestraat 18, 7555 WB Hengelo
Telefoon: 06 51605411
Website: www.vvgpgb.nl
Algemeen mailadres: info@vvgpgb.nl
Mailadres redactie:
redactie@vvgpgb.nl
Mailadres secretariaat:
hansvandenberghe@kpnmail.nl
23
[ttzޗg1[ttzޗg0{בCט   {u׉׉	 7cassandra://GPKyDgyJC8B6dqce6KvspbuGR9HGEFieFxkiEaKq7_Y `׉	 7cassandra://_1hQP1f5mXIY3jt8AxSFDYN60z6XLLIa6uGML5dD0ggJc`S׉	 7cassandra://OznF7pU2kwVMzZPrOAIzTXWvS1NvQ4fujRHn32TGBoU`̵ ׉	 7cassandra://8Ai4z4Q-uVwS1diKbrk5KIPH8wA3v-Lfod2zzFeM_Oc͠[tt}ޗgT׉E24
׉	 7cassandra://OznF7pU2kwVMzZPrOAIzTXWvS1NvQ4fujRHn32TGBoU`̵ [ttzޗg2׈E[ttzޗg3[ttzޗg2{)Express nr 1 2018 LR !Magazine Express 3e jaargang nr 1[ttvY5N$O