׉?4ׁB! בCט  {u׉׉	 7cassandra://bAz-YQEnpeYCwC4khoHG2K5N3znfjGRyyO4yOExIgsY {1`׉	 7cassandra://fJOGaIPBSXjwfw1tsAlI5uL9upYpM43YnmnYGqiSRCAE	`S׉	 7cassandra://UCR6ysehnSEl4mnPeCN7-NWfppOIS2vNfFt02VhUqHM`̵ ׉	 7cassandra://wZRIl49w0gZciKUtr7z4t_WKdZFnuO4-EHxES4XQJf0 ͠[oE!R׈E[oE!S׉E 7WVGGZ IN ZICHT, ALLE ZEILEN BIJZETTEN
JAARVERSLAG 2017
׉	 7cassandra://UCR6ysehnSEl4mnPeCN7-NWfppOIS2vNfFt02VhUqHM`̵ [oE!T[oE!S{בCט   {u׉׉	 7cassandra://ARcWlXfvru3wFXdWnb4GSlpa59Nr0rlx0c3n-kXbNdE)` ׉	 7cassandra://SrKR7DOU-VYzb9fleNDzw-XwG-yK7Q9q3BBwf6kVGpQ 9`׉	 7cassandra://q2AQeNtwTCLYR0dS1RaX16FDRKHGVP9yOstUJHpOiwQ
`j ׉	 7cassandra://-ySv20CSys3HstaciFUvqqWh3xTWTaUSD7UjlcY7flwi,͠	[oE!Uנ[oE! ̊X̒9ׁHmailto:secretariaat@pvp.nlׁׁЈנ[oE! SAW9ׁHhttp://www.pvp.nlׁׁЈ׉E COLOFON
Redactie
Heleen van Koeven
Hellen Köhler
Vormgeving
Qiks
Druk
Multicopy
Stichting PVP
Maliebaan 87
3581 CG Utrecht
T 030 - 271 83 53
www.pvp.nl
Email secretariaat@pvp.nl
Twitter @stichtingpvp
Mei 2018
׉	 7cassandra://q2AQeNtwTCLYR0dS1RaX16FDRKHGVP9yOstUJHpOiwQ
`j [oE!V׉E 7WVGGZ IN ZICHT, ALLE ZEILEN BIJZETTEN
JAARVERSLAG 2017
[oE!W[oE!V{בCט   {u׉׉	 7cassandra://qErslsNfUWpCNECeR7QoQh8DcHnJu6m_9J39SwLUx8U d` ׉	 7cassandra://u9k2TkhllfUqDes1iBOg-h7vLDetU0-bu6blwxgziZU0U`׉	 7cassandra://zhLa6ytXjJbEgypD0kJ4hv5_0kyN1MVh-rLEUTguys8`j ׉	 7cassandra://mYG81I8RoyAumnV8indbXbe4EGxt-SOBoDOBgUMFMbo. ͠	[oE!X׉EAFKORTINGEN
AKJ
CVP
FACT
Ggz
IGJ
ICT
Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg
Cliëntenvertrouwenspersoon
Flexible Assertive Community Treatment
Geestelijke gezondheidszorg
Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd
Informatie- en communicatietechnologie
IBS Inbewaringstelling
LSFVP
Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen
MT Managementteam
NVvP
Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie
OR Ondernemingsraad
P&O
Personeel en organisatie
Pvp Patiëntenvertrouwenspersoon
Rapp
RM
Rvt
RVVZ
VU
VWS
Raad van toezicht
Reserves Voormalige Vrijwillige Ziekenfondsverzekering
Vrije Universiteit
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Wet Bopz Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen
Wzd
Wet zorg en dwang
Wkkgz Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg
Wvggz Wet verplichte ggz
Registratie activiteiten primair proces
Rechterlijke machtiging
Cliënt of patiënt?
In dit jaarverslag gebruiken wij, indien mogelijk, de term cliënt i.p.v. patiënt. De Stichting PVP ziet haar klanten als cliënten.
In de wet Bopz wordt de term patiëntenvertrouwenspersoon genoemd. De afkorting pvp is een begrip binnen de ggz,
vandaar dat wij deze beide termen handhaven.
׉	 7cassandra://zhLa6ytXjJbEgypD0kJ4hv5_0kyN1MVh-rLEUTguys8`j [oE!Y׉EInhoudsopgave
Voorwoord 6
Opvallende zaken in 2017
8
Bericht van de raad van toezicht
Het pvp-werk in cijfers en resultaten
Voorbereiding Wvggz
Overige activiteiten in 2017
10
13
20
22
Bijlage 1, Verslag van het cliëntenpanel
25
Bijlage 2, Verslag van de klachtencommissie en interne klachtafhandeling
Bijlage 3, Verslag van de ondernemingsraad
Bijlage 4, Overzicht medewerkers
Bijlage 5, Publicaties en presentaties
Bijlage 6, Financieel verslag
Bijlage 7, Bestuur en toezicht
25
30
32
34
35
38
[oE!Z[oE!Y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://NoWFV0i4NlL_Ifz9k4pRKZlYYUJZWKRCpntDqlsmBjU ` ׉	 7cassandra://sMdAYaBeCLO4WqxQxn-6MuF6pgFZ3GAyjxWEcqtwag0̈́`׉	 7cassandra://4txdSvngOqAADAKX8OprF-XODCq2RxAinAkeH0TV8Kk$`j ׉	 7cassandra://d6BWkOCnU-x5oakRMkXafPefej5WEZVNSWEEoC_2R-8͠	[oE![נ[oE! i(9ׁHhttp://pvp.nlׁׁЈ׉EInleiding
Wvggz in zicht, alle zeilen bijzetten
Voorwoord
Het PVP-model
Voor de rechtsbescherming van cliënten in de ggz was 2017 een gedenkwaardig jaar. De langverwachte
Wet verplichte ggz (Wvggz) kwam in zicht nadat deze werd aangenomen door de Tweede Kamer. Hoe de
wet in de praktijk uit zal pakken is nog niet te voorzien, maar één van de uitgangspunten van de Wvggz is
het versterken van de positie van de cliënt bij gedwongen zorg. De Stichting PVP heeft als wettelijke taak de
cliënt daarin zo goed mogelijk te ondersteunen. Zij wil die ondersteuning zó inrichten dat de cliënt optimaal van
dit recht gebruik kan maken en is daarom begonnen met nadenken over hoe zij haar belangrijke, nieuwe
rechtsbeschermende taken handen en voeten moet gaan geven. De medewerkers van de stichting hebben
in 2017 alle zeilen bijgezet om naast de intensieve voorbereiding op de Wvggz, de bereikbaarheid en dienstverlening
van patiëntenvertrouwenspersonen optimaal te houden.
U leest in dit jaarverslag hoe de stichting zich in 2017 heeft ingespannen om goed aan de start te kunnen
verschijnen bij het in werking treden van de Wvggz en intussen in de dagelijkse praktijk ggz-cliënten te
ondersteunen bij vragen en klachten.
Werken in het heden
Ondanks het grote belang van de nieuwe ontwikkelingen, waarover u hierna en op blz. 20 meer leest, lag de
focus van de Stichting PVP in 2017 als vanouds primair op het ondersteunen van cliënten bij het realiseren van
hun rechtspositie onder de Bopz.
In 2017 hebben pvp’en ondersteuning aan cliënten geboden bij in totaal 25.005 vragen en klachten. Dat zijn
9.256 vragen en 15.749 klachten, verdeeld over de pvp’en in de ggz-instellingen, landelijke helpdesk, chat
en e-mail. Daarnaast werd de website pvp.nl in 2017 32.544 keer bezocht, waarbij men 933 keer een van de
voorbeeldbrieven downloadde.
In het hoofdstuk ‘Het pvp-werk in cijfers en resultaten’ op blz. 13 leest u meer over de opbouw van deze cijfers
en de realisatie van de andere werkzaamheden die de stichting verricht om uitvoering te geven aan de
wettelijke taak. Daarnaast geven wij u graag iets mee van bijzondere ontwikkelingen en opvallende zaken
die pvp’en hebben waargenomen binnen de ggz-instellingen en die direct van invloed zijn op de rechtsbescherming
van cliënten. Zoals de impact die de komst van de klachtenfunctionaris heeft op de klachtafhandeling,
een afname aan kennis bij behandelaren over de rechtspositie van cliënten bij gedwongen zorg
én een toename van het aantal klachten over dwangmedicatie. Hiervoor verwijzen we u graag naar het
hoofdstuk ‘Opvallende zaken’ op blz. 8.
Werken aan de toekomst
Toen de Stichting PVP haar beleid voor 2017 uitzette, was de verwachting dat de parlementaire behandeling
van de Wet verplichte ggz in 2017 zou worden afgerond en dat de Wvggz al met ingang van 2019 van kracht
zou worden. Dit had consequenties voor het jaarplan van de stichting voor 2017. Al naargelang er meer
duidelijk werd over de definitieve wettekst, heeft de Stichting PVP zich beraden over de wijze waarop zij zich
het best kon voorbereiden.
6
׉	 7cassandra://4txdSvngOqAADAKX8OprF-XODCq2RxAinAkeH0TV8Kk$`j [oE!\׉EHDe Wvggz heeft effect op de rechtspositie van cliënten, er komen bijvoorbeeld klachtgronden bij en
dwangmaatregelen buiten de instelling worden mogelijk. De cliënt kan o.a. eerder in het proces van
dwangbeslissing rekenen op de ondersteuning van een pvp. Zo krijgt de cliënt recht op ondersteuning bij het
opstellen van een zorgkaart of een zorgplan, dat de eigen regie van de cliënt zo veel mogelijk moet gaan
waarborgen. Hiermee heeft de wet ook rechtstreeks impact op de uitvoering van de rol en taak van de pvp.
We krijgen er andere taken bij, die op andere plaatsen, en mogelijk op andere tijden zullen worden uitgevoerd.
De stichting moet de impact van deze veranderingen vertalen in haar werkprocessen en organisatie om
haar wettelijke taak te kunnen blijven vervullen.
We hebben ervoor gekozen een Programmaplan Wvggz in te richten, waarbij optimaal gebruikgemaakt
wordt van al opgebouwde kennis binnen de gehele organisatie. Patiëntenvertrouwenspersonen zijn vanaf de
ontwerpfase van het Programmaplan Wvggz betrokken bij de diverse projecten. Dat is arbeidsintensief, maar
wordt gerechtvaardigd door de gedachte dat deze werkwijze de kwaliteit van besluitvorming vergroot en
straks de implementatie van de veranderingen gaat ondersteunen. De stichting vindt het van groot belang
dat cliënten direct bij het ingaan van de Wvggz kunnen rekenen op de ondersteuning van een patiëntenvertrouwenspersoon
die volledig is toegerust op de gewijzigde wetgeving.
Daarnaast is onderdeel van het Programmaplan Wvggz dat de keuzes die binnen het programma gemaakt
worden, voorgelegd worden aan een externe adviesraad, waarin belangrijke stakeholders zitting hebben.
De kernvraag aan de externe adviesraad is: vervult de Stichting PVP op deze wijze haar wettelijke taken
doeltreffend en doelmatig? De eerste projecten zijn direct na aanname van de wet door de Eerste Kamer in
januari 2018 van start gegaan. U leest hier over meer op blz. 20.
Dank
Een ding staat vast, ondanks de veranderingen die op de stichting en haar werknemers afkomen. De pijlers van
het pvp-werk veranderen niet. Wij blijven cliënten in de ggz die mogelijk met dwang worden geconfronteerd,
onafhankelijk, laagdrempelig, partijdig, en ontvankelijk ondersteunen bij het handhaven van hun rechten.
Tot slot wil ik de medewerkers van de stichting danken voor hun bijdrage aan de uitvoering van onze huidige
en de voorbereiding op onze toekomstige wettelijke taken. Het blijkt dat pvp’en er steeds opnieuw in slagen
om, onder soms moeilijke omstandigheden, partijdige ondersteuning te bieden aan cliënten en hun onafhankelijkheid
ten opzichte van de zorgaanbieder te bewaken. Deze bijzondere combinatie van factoren bepaalt
in grote mate het rechtsbeschermende karakter en maakt de rol van pvp niet eenvoudig. Dit vraagt om
zorgvuldige ondersteuning en onderhoud.
Nannie Flim,
Directeur/bestuurder Stichting PVP
7
[oE!][oE!\{בCט   {u׉׉	 7cassandra://WyVexzcWaqQTPClM6HT9Ns-JoTg2EwoU-_TFf6PdMbs b` ׉	 7cassandra://gVIMzdX_EPEGtGMOKXlx8dxZN5r4j3zViLhBbDAAS2s͈`׉	 7cassandra://nEvJ7SaTaGj2jBXq0RmmRUCbtI_Ti64zrbMt8sT-E0k*`j ׉	 7cassandra://4GPpCDO_olKGPb_kRQHVv81f2iSNyzWswZlP_KUR-y8X͠	[oE!^׉ElOpvallende zaken in 2017
Patiëntenvertrouwenspersonen (pvp’en) komen als één van de weinige, onafhankelijke, beroepsgroepen in
iedere ggz-instelling in Nederland waar gedwongen zorg geleverd wordt. Zij schrijven voor de instelling waar
zij werkzaam zijn een jaarbericht. Hierin staat, naast het aantal vragen en klachten waarmee de cliënten van
de instelling bij hen kwamen en over welk onderwerp die gingen, óók wat hen in positieve of negatieve zin is
opgevallen. Door al deze opvallende zaken uit jaarberichten te verzamelen ontstaat een beeld van ontwikkelingen
in de ggz. In 2017 waren dit: een toename van klachten over dwangmedicatie, een gebrek aan
kennis over de Wet Bopz bij behandelaren en een soms moeizame start van de klachtafhandeling conform
de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg.
Naast het verzamelen van opvallende zaken uit jaarberichten, is in januari 2018 in alle pvp-teams geïnventariseerd
wat volgens de pvp’en in 2017 de bijzonderheden waren bij de instellingen waar ze werkzaam zijn.
Er gaat veel goed op het gebied van cliëntenrechten. Maar in het ondersteunen van cliënten bij het verwezenlijken
van hun rechtspositie zijn er in 2017 onderwerpen die extra aandacht hebben gevraagd. Hierna
beschrijven we drie opvallende thema’s, die rechtstreeks van invloed zijn op de rechtspositie van cliënten.
Toename klachten over dwangmedicatie
Opvallend is dat cliënten vaker klagen over het toedienen van dwangmedicatie. De afgelopen vijf jaar laat
een stijgende lijn zien in het aantal vragen en klachten hierover. Zie grafiek 3 in het hoofdstuk ‘Jaaroverzicht in
cijfers’ op blz. 15.
Uit de vragen en klachten van cliënten maken pvp’en op dat er tegenwoordig sneller wordt gekozen voor
het toepassen van dwangmedicatie. Cliënten vertellen dat zij hierdoor minder eigen regie ervaren.
Kennis Wet Bopz beperkt
Pvp’en die cliënten ondersteunden bij hun gang naar de klachtencommissie constateerden een toename
van professionele fouten door een gebrek aan kennis van de Wet Bopz bij behandelaren, zoals bijvoorbeeld
de separeerregels of de regels rondom dwangbehandeling. Cliënten geven onder andere aan dat zij niet
goed zijn geïnformeerd over de dwangbehandeling die zij ondergaan en geen opgaaf kregen van de reden
van die dwangbehandeling.
Uit een jaarbericht:
Het viel de pvp op dat arts-assistenten onvoldoende bekend leken met de Wet Bopz. In een schriftelijke
aanzegging voor dwangmedicatie op grond van extern gevaar werd deze bijvoorbeeld aangezegd voor
een periode van twaalf maanden. Ook de verantwoordelijk psychiater leek er niet van op de hoogte dat de
termijn voor een eerste aanzegging wettelijk gemaximeerd is op drie maanden.
Klachtafhandeling loopt niet soepel
Sinds 1 januari 2017 zijn zorgaanbieders verplicht hun klachtafhandeling volgens de nieuwe Wet kwaliteit,
klachten en geschillen zorg (Wkkgz) in te richten. Zorgverleners moeten met ingang van 1 januari 2017 hun
klachtenreglement aangepast hebben aan de nieuwe wet en er moet een klachtenfunctionaris beschikbaar
zijn voor cliënten. De klachtenfunctionaris bemiddelt bij een klacht met als doel te komen tot een oplossing
en kan de cliënt informeren over de verschillende mogelijkheden om een klacht in te dienen.
De invoering van de Wkkgz lijkt niet bij alle instellingen soepel gegaan. Er is over het ontbreken van, of
onjuistheden in, het klachtenreglement van instellingen door pvp’en een aantal ‘signalen’ afgegeven die
in een aantal gevallen ook aan de Inspectie zijn doorgegeven. Een signaal wordt afgegeven wanneer er
tekortkomingen in de structuur of organisatie van een ggz-instelling zijn die afbreuk doen aan de rechten van
cliënten.
8
׉	 7cassandra://nEvJ7SaTaGj2jBXq0RmmRUCbtI_Ti64zrbMt8sT-E0k*`j [oE!_׉EPvp’en hebben wisselende ervaringen met klachtenfunctionarissen. Er is een verscheidenheid aan hoe de
functie wordt ingevuld en hier en daar is er een groot verloop onder deze functionarissen. De ervaring van
sommige pvp’en is dat de klachtenfunctionaris niet altijd op de hoogte is van de wetgeving en soms ook niet
goed weet hoe een klacht op te pakken. Dat werkt vertragend en maakt dat het vaak lange procedures
zijn, langer dan wenselijk voor de cliënt. Het maakt het klachtproces soms bureaucratischer en complexer
dan het voorheen was. Voor cliënten is het soms moeilijker geworden om te klagen, dat heeft directe invloed
op hun rechtspositie.
Uit een jaarbericht:
Binnen ... zijn er niet zoveel cliënten die met behulp van de pvp een klacht in willen dienen bij de klachtencommissie.
Enkele cliënten die dit wel wilden doen afgelopen jaar hebben dat niet gedaan vanwege de
wijziging in de klachtenprocedure, waardoor er geen klachtencommissie meer is die een oordeel geeft over
de klachten. Zij hebben die verandering als een gemis ervaren. Cliënten ervaren de nieuwe procedure toch
als die van de slager die zijn eigen vlees keurt. De ervaring van de cliënten is ook dat de klachtenfunctionaris
zich te veel aan de zijde van de organisatie opstelt.
Uit een jaarbericht:
In het eerste halfjaar van 2017 bleek de binnen … aangestelde klachtenfunctionaris haar taak helaas niet
naar behoren te vervullen. Diegene die deze functie vervolgens overnam constateerde dat er met een groot
aantal klachten niets gedaan was. Na overleg met de juridisch adviseur van …. hieromtrent is afgesproken
dat de pvp’en klachten direct aan haar en aan de klachtencommissie zouden zenden. Hierdoor werden
klachten weer efficiënt in behandeling genomen.
Uit een jaarbericht:
Van cliënten die hun klacht bij de klachtenfunctionaris hebben ingediend horen wij als pvp’en geregeld
terug dat het hen onduidelijk is wat er uiteindelijk met hun klacht is gebeurd.
9
[oE!`[oE!_{בCט   {u׉׉	 7cassandra://2L1Puvum_hqeX7L5NhQz3n7akb6UNLfMl5tIrGEurQQ ` ׉	 7cassandra://cPWsuSpY7-QXXHeoSsCQfM3W2KTDRwTLkaVaqPZ1gmM͈`׉	 7cassandra://T3ZKCJOUq79NhuSRGraQFMg0Z-_XA-OF9EOs5RlKgQE&r`j ׉	 7cassandra://VNFXW4b2uxR-44l7oA9o8k_7GVYqImNYTTZ5rVQaPY8ͽK͠	[oE!a׉EBericht van de raad van toezicht
Het is de wettelijke taak van de Stichting PVP om cliënten binnen de ggz te ondersteunen in het verwezenlijken
van hun rechtspositie. De raad van toezicht (hierna: de raad) ziet erop toe dat de Stichting PVP deze
wettelijke taak effectief en efficiënt uitvoert en dient als klankbord voor de bestuurder. De raad vervult die rol
op afstand, kritisch en met betrokkenheid bij het rechtsbeschermende karakter van het vertrouwenswerk.
In het voorjaar van 2017 hebben de raad, de ondernemingsraad en het managementteam gezamenlijk
een aantal voor de stichting relevante ontwikkelingen verkend, zoals de komst van de Wet verplichte ggz
(Wvggz), de rol van de stichting ten aanzien van de ontwikkeling van het vertrouwenswerk binnen andere
sectoren waar dwangzorg kan worden toegepast en de consequenties van ambulantisering van de zorg
voor het werk van de pvp. Het doel was om kennis te nemen van elkaars visie en om een gezamenlijk
referentiekader te ontwikkelen voor toekomstige besluitvorming.
Inhoudelijke onderwerpen in 2017
Wet verplichte ggz
De wettelijke taak van de pvp staat beschreven in de Wet Bopz. In 2017 is de parlementaire behandeling van
de Wet verplichte ggz en de Wet zorg en dwang, die de Wet Bopz zullen vervangen, in de Tweede Kamer
afgerond. Begin 2018 heeft ook de Eerste Kamer ingestemd met deze wetten, die met ingang van 2020 van
kracht worden. De taken van de pvp binnen de Wet verplichte ggz worden uitgebreid ten opzichte van de
huidige taken.
De raad van toezicht is in 2017 actief betrokken geweest bij de strategische thema’s die hieruit voortkomen,
zoals: wat is de betekenis van de nieuwe wettelijke taken, hoe sluit de stichting aan bij andere organisaties
die zich op de Wvggz voorbereiden, en hoe borgt de stichting de uitvoering van de huidige wettelijke taak
gedurende de voorbereiding op de nieuwe wet?
Voor het vertalen van de wettelijke taken naar een werkbaar pvp-model heeft de bestuurder gekozen voor
het inrichten van een ontwikkelgroep. De groep bestaat uit managementteamleden en pvp’en. De raad
heeft begrip voor deze structuur.
De raad heeft het toetsingskader vastgesteld, waaraan het eindresultaat dient te voldoen. Eventuele
organisatorische consequenties zullen in 2018 aan bod komen.
De pvp en de Wkkgz
In januari 2017 is ook het deel van de Wkkgz, dat de klachtafhandeling binnen de zorg regelt, van kracht
geworden. De rol van klachtenfunctionaris heeft daarmee binnen de ggz zijn entree gemaakt. Conform de
Wkkgz heeft elke ggz-instelling een eigen klachtenprocedure ontwikkeld. De raad heeft de keuzes besproken
die door de bestuurder gemaakt zijn over hoe de relatie tussen de pvp en de klachtenfunctionaris vormgegeven
wordt. Ook de wijze waarop de pvp cliënten ondersteunt bij hun gang naar de geschillencommissie en de
wijze waarop de pvp toeziet op de uitvoering door de zorgaanbieder van de klachtafhandeling conform de
Wkkgz, zijn aan het bod geweest.
10
׉	 7cassandra://T3ZKCJOUq79NhuSRGraQFMg0Z-_XA-OF9EOs5RlKgQE&r`j [oE!b׉EOp verzoek van het ministerie van VWS een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de (centrale faciliteit
van de) cvp
De cliëntvertrouwenspersoon (cvp) heeft met het aannemen van de Wet zorg en dwang een wettelijke
borging gekregen. In 2017 ontving de stichting een verzoek van het ministerie van VWS om een bijdrage te
leveren aan de ontwikkeling van de functie cliëntvertrouwenspersoon. De raad is met de bestuurder van
mening dat een bijdrage daaraan gepast is. Afstemming tussen de verschillende vormen van vertrouwenswerk
binnen sectoren waar gedwongen zorg een rol speelt wordt door de raad gewenst geacht. De bestuurder
heeft de raad geïnformeerd over haar deelname aan en resultaten van het traject dat door het ministerie
van VWS is ingericht om de inhoudelijke en organisatorische inbedding van de cvp vorm te geven. Het traject
zal tot eind 2018 doorlopen.
Verkennen van samenwerkingsmogelijkheden met het Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg (AKJ)
De voorzitters van de raden van toezicht van het AKJ, vertrouwenspersonen in de Jeugdhulp en de Stichting
PVP hebben in 2017 kennisgemaakt en uitgesproken een voorstander te zijn van een verdere strategische
verkenning van samenwerkingsmogelijkheden.
Organisatie van het vertrouwenswerk
De raad heeft kennisgenomen van de resultaten van diverse externe toetsingen die hebben plaatsgevonden in
2017 en ziet toe op uitvoering van de hieruit voortkomende aandachtspunten ten aanzien van (de organisatie
van) het vertrouwenswerk.
De accountant heeft na controle zijn goedkeuring gegeven aan de jaarrekening 2016.
Het CIIO (certificeerder voor professionele dienstverlening gebaseerd op de ISO-norm) heeft na een uitgebreide
externe audit het kwaliteitscertificaat in 2017 opnieuw verlengd.
De raad heeft in 2017 toegezien op uitvoering van de aandachtspunten die voortkwamen uit de, in 2016
door een externe partij uitgevoerde, vulnerabilitytest in het kader van de databeveiliging. Op basis daarvan
heeft de stichting in 2017 een databeveiligingsbeleid ontwikkeld waarvan de raad heeft kennisgenomen.
De raad is positief over de wijze waarop de stichting vorm heeft gegeven aan haar databeveiliging.
De raad heeft kennisgemaakt met de nieuwe voorzitter van de externe klachtencommissie die klachten over
het pvp-werk in behandeling neemt en heeft zich laten informeren over de werkwijze van de commissie.
De raad heeft kennisgenomen van de interne risicoanalyse die de bestuurder jaarlijks uitvoert.
Ook is de ervaren toename van de werkdruk binnen de organisatie, mede als gevolg van de voorbereiding
op de Wvggz, besproken.
Een analyse van de ziekteverzuimcijfers is gepresenteerd aan de raad, alsmede de te nemen maatregelen
om ziekteverzuim te beperken.
Ook de relatie van de stichting met het ministerie van VWS, het goed laten verlopen van de plannings-en
verantwoordingscyclus en de inhoudelijke afstemming met het ministerie over keuzes die de stichting maakt
in het uitvoeren van haar wettelijke taak, zijn onderwerp van gesprek geweest in 2017 tussen de raad en de
bestuurder.
11
[oE!c[oE!b{בCט   {u׉׉	 7cassandra://xeZMgG2JZqVKN4Un_AOjlNviAqHD1XpBAnXBR58OT3U ` ׉	 7cassandra://pY7yS3GKOkIYQp3ybIzGmwOVwV0_X0Q4LRLXSwaL5tEZ`׉	 7cassandra://1TusY5LNnf4ugdTIVtepd1tnekr9AsiOC_VFEXc9hEU`j ׉	 7cassandra://w9LX-HrXEovcG3JzQ7NXXejk2nSo51NUV1yE9nP9aoQPx͠	[oE!d׉EDe raad van toezicht als werkgever
In zijn rol als werkgever heeft de raad een jaargesprek gevoerd met de bestuurder en zijn vertrouwen in de
toekomstige samenwerking uitgesproken. De raad heeft erop toegezien dat de weging van de rol van
bestuurder in het kader van de Wet Normering Topinkomens correct is uitgevoerd.
Good Governance en het functioneren van de raad van toezicht
De raad voert zijn toezichthoudende taak uit conform de Zorgbrede Governancecode en heeft in 2017
samen met de bestuurder een compliance check uitgevoerd van de governance binnen de stichting ten
opzichte van de nieuwe governancecode 2017. De reglementen van de raad en het bestuur zijn op basis
hiervan aangepast. Overige aanpassingen zullen in 2018 worden gerealiseerd.
Er is, conform het rooster van aftreden, in juni afscheid genomen van mevrouw Aberson als lid van de raad.
De raad heeft besloten de ontstane vacature niet in te vullen, omdat met de huidige leden voldoende
invulling gegeven wordt aan het profiel dat voor de raad is vastgesteld. De statuten laten ruimte voor een
omvang van de raad van tussen de drie en vijf leden. Als vicevoorzitter is de heer Levert benoemd.
Leden van de raad hebben deelgenomen aan diverse activiteiten van de stichting en zorgen er samen met
de bestuurder voor dat diverse managementteam- en stafleden met enige regelmaat inhoudelijke onderwerpen
toelichten binnen de raad.
De raad onderschrijft volledig het belang van onafhankelijke en professionele ondersteuning van cliënten
in de verwezenlijking van hun rechtspositie binnen de (gedwongen) geestelijke gezondheidszorg. Vanuit de
raad wordt het werk van de stichting met belangstelling en betrokkenheid gevolgd. De raad spreekt zijn
waardering uit voor de consequente wijze waarop pvp’en zich opstellen aan de kant van de cliënt binnen
de ggz en de wijze waarop de stichting als geheel vormgeeft aan haar rechtsbeschermende rol.
Jos de Beer,
voorzitter raad van toezicht
12
׉	 7cassandra://1TusY5LNnf4ugdTIVtepd1tnekr9AsiOC_VFEXc9hEU`j [oE!e׉EHet pvp-werk in cijfers en resultaten
De Stichting PVP biedt professionele ondersteuning aan individuele cliënten bij het realiseren en handhaven
van hun rechten binnen de ggz. Daarnaast spant de stichting zich in voor de verbetering van de rechtspositie
van cliënten, met name binnen de gedwongen zorg. De stichting streeft naar maatwerk in de ondersteuning
van cliënten en zet hiervoor verschillende vormen van dienstverlening en voorlichting in.
De primaire processen van de Stichting PVP zijn:
1. Individuele ondersteuning van cliënten
2. Voorlichting
3. Signaleren
4. Kennis genereren en verspreiden
5. Pio-opleiding
1. Individuele ondersteuning van cliënten
Ondersteuning op locatie of via de helpdesk
De pvp ondersteunt cliënten op locatie of via de helpdesk-pvp. Cliënten bespraken in 2017 in totaal 25.005
vragen (9.256) en klachten (15.749) met de pvp. In grafiek 1 is te zien dat het aantal vragen en klachten de
afgelopen drie jaar iets terugloopt. In 2017 zijn vijf pvp’en opgeleid, zie daarvoor ook verder in dit hoofdstuk
onder 5, Patiëntenvertrouwenspersonen in opleiding. De begeleiding tijdens de opleiding heeft aandacht
en tijd gevraagd van de pvp’en. Dat zou kunnen verklaren dat er in 2017 iets minder cliënten bij vragen en
klachten zijn ondersteund dan in 2016. 21% van de vragen en klachten is afgehandeld via de helpdesk en
79% via de pvp op locatie.
Grafiek 2: Aantal vragen en klachten 2015 - 2017
5000
10000
15000
20000
25000
30000
0
2015
2016
vragen en klachten
2017
13
[oE!f[oE!e{בCט   {u׉׉	 7cassandra://M6NpSWT0hlXPSLdTbaHDXk3ZpbCtVjoaCipgG4GZNV0 ` ׉	 7cassandra://axOTatBj2ki9EfGOMEeM774Myl704zzIzjm4RjnYAHcyi`׉	 7cassandra://JY4CqsifBZzb0rWDkg5jbR9Q841CHx8Uuik_yFSF6t0"`j ׉	 7cassandra://l2QQ72pPQI1zUlqS1-2vK11FyHt71vEFYTJJBrCN400lp͠	[oE!g׉E	Cliënten van de pvp op locatie
In 2017 namen 7.743 cliënten contact op met een pvp op locatie. In 89 gevallen deden ze dat niet individueel
maar met een groep van twee of meer cliënten. De meeste vragen en klachten (83%) komen van cliënten
tussen de 24 en 65 jaar oud. Een klein deel, 1% van de vragen en klachten, komt van jongeren onder de 18
jaar en 8% van de vragen en klachten op locatie van cliënten die 65 jaar of ouder zijn. Ruim de helft van de
vragen en klachten komt van cliënten die niet vrijwillig in behandeling zijn. De meesten (44%) van hen zijn
gedwongen opgenomen met een rechterlijke machtiging en daarmee onderhevig aan dwang.
Ondersteuning via de helpdesk
Het aantal vragen en klachten waarmee cliënten bij de telefonische helpdesk terechtkwamen, is iets
afgenomen, naar ruim 5.200. Cliënten maken nog steeds goed gebruik van de helpdesk.
Cliënten van de pvp bij de helpdesk
Vragen en klachten van cliënten van de helpdesk-pvp worden zo mogelijk anoniem geregistreerd. Het is
meestal voor de ondersteuning van een cliënt bij de helpdesk niet nodig om persoonlijke gegevens vast te
leggen. Van de helpdesk-contacten weten we dat 37% van de cliënten op een opname- of crisisafdeling in
behandeling is en dat 28% ambulante cliënten zijn.
Waar gaan de vragen en klachten over?
De onderwerpen van de vragen en klachten waarvoor cliënten contact opnamen met een pvp zijn in 2017
niet veranderd ten opzichte van 2016. Grafiek 2 toont de registraties van inhoudelijke vragen en klachten: de
registraties van cliënten die via de helpdesk vragen naar de lokale pvp zijn weggelaten. Ook de registraties
van cliënten die ontevreden zijn over de pvp (178 keer in 2017) worden niet getoond. Informatie hierover
vindt u in Bijlage 2 op blz. 26.
Behandeling
De vragen en klachten gaan nog steeds het vaakst over aspecten van de behandeling. In grafiek 2 is te
zien dat dit onderwerp de laatste jaren iets meer dan een kwart van alle vragen en klachten betreft. Naast
vragen en klachten over de inhoud van de behandeling of het behandelplan gaat het cliënten vooral om
de begeleiding en zorg of medicatie.
Grafiek 2: Percentage onderwerpen 2015-2017
Dwangbehandeling
Middelen of maatregelen
Vrijheidsbeperking
Overige dwang/drang
Behandeling
Bejegening
Dossier/informatie
Externe rechtspositie
Ontslag, verlof en overplaatsing
Verblijf en accomodatie
Overig binnen instelling
Overig buiten instelling
0
2017
5
2016
10
2015
15
20
25
30
14
׉	 7cassandra://JY4CqsifBZzb0rWDkg5jbR9Q841CHx8Uuik_yFSF6t0"`j [oE!h׉EDwang en drang
Zeker een kwart van alle vragen en klachten ging over een onderwerp dat gerelateerd is aan dwang en
drang of dat door cliënten als zodanig wordt beleefd. Een cliënt kan bijvoorbeeld dwang ervaren als de
behandelaar vindt dat overplaatsing of ontslag noodzakelijk is voor de behandeling. Maar ook wanneer
een cliënt wordt voorgehouden toch vooral vrijwillig mee te werken omdat er anders een IBS wordt aangevraagd,
is dat een situatie die regelmatig voor vragen en klachten zorgt. Iets meer dan 6% van de vragen en
klachten van deze cliëntengroep ging daarover.
17% van alle vragen en klachten ging over een onderwerp dat direct te maken heeft met dwang. Zie
hiervoor de eerste vier onderwerpen in grafiek 2. Daarbij gaat het voor een belangrijk deel om verschillende
vormen van dwangtoepassing en dwangbehandeling, zoals het gedwongen toedienen van medicatie,
separatie of afzondering. Cliënten hebben pvp’en om bijstand en ondersteuning gevraagd bij 590 vragen en
klachten over insluiting: in 434 gevallen ging het om insluiting in de separeer of afzonderingsruimte en in 156
gevallen om insluiting op de eigen kamer.
Wanneer cliënten te maken krijgen met dwangbehandeling gaat het vaak om een behandeling waarbij
tegen de wil van de cliënt medicijnen worden toegediend gedurende een langere periode. In 2017 is over
dwangmedicatie als behandeling 1.105 keer geklaagd. Dat is 46 keer vaker dan in 2016. De afgelopen vijf
jaar laten een stijgende lijn zien in het aantal vragen en klachten over deze vorm van medicatie. Zie hiervoor
grafiek 3. Cliënten komen elk jaar iets vaker bij de pvp met een vraag of klacht over dwangmedicatie.
Verder gingen de vragen en klachten over bijvoorbeeld maatregelen die de vrijheid beperken, zoals het niet
mogen verlaten van de afdeling, het niet mogen ontvangen van bezoek of beperkingen in het telefoonverkeer.
Grafiek 3: Aantal vragen en klachten over dwangbehandeling medicatie 2013-2017
200
400
600
800
1000
1200
0
2013
2014
2015
vragen en klachten
2016
2017
Afhandeling van de vragen en klachten
De ondersteuning van een pvp varieert van een rol op afstand via coaching of advisering, tot het samen met de
cliënt voeren van gesprekken met een zorgverlener. 59% van alle vragen en klachten van cliënten op locatie en
de helpdesk heeft de pvp afgehandeld zonder dat daarvoor contact is opgenomen met anderen.
Contact met instellingsmedewerkers bij individuele ondersteuning
Bij 41% van alle vragen en klachten had de pvp contact met een derde persoon als onderdeel
van de ondersteuning. Cliënten vinden, wanneer een vraag of klacht is besproken met een medewerker, in
39% van de gevallen dat de vraag is beantwoord of de klacht is opgelost. Bij 26% van de vragen en klachten
vindt de cliënt dat echter niet het geval. Cliënten voelen zich bij 49% van de driegesprekken serieus genomen
of begrepen door de instellingsmedewerker, 17% geeft aan zich niet gehoord te voelen.
15
[oE!i[oE!h{בCט   {u׉׉	 7cassandra://5sD7ekPw7P46zuuodt386XTMI4R-Jj3Miuodr-C4wXI 5` ׉	 7cassandra://8w1hjetSgD907yXS3GEZFWIKsm5_L7QlAHQWpYThH-4͊`׉	 7cassandra://tA1HKkl31Xoyy8bQu8POseyj-5DULOOfIBvAlWSlN6I#h`j ׉	 7cassandra://fBvmoJe3gcSW76ocM4w7cvuiYATNpHVTPEdtoAVl8fYFX ͠	[oE!j׉EKlachtenprocedures
Sinds 1 januari 2017 zijn de meeste zorgaanbieders verplicht hun klachtafhandeling volgens de nieuwe Wet
kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) in te richten. De Wkkgz biedt zorgaanbieders ruimte om zelf
hun klachtenregeling te ontwerpen. Een instelling is bijvoorbeeld niet meer verplicht om cliënten de mogelijkheid
te geven om alle klachten die te maken hebben met de relatie cliënt-instelling voor te leggen aan een
klachtencommissie.
Vanaf 1 januari 2017 moeten zorgverleners een klachtenfunctionaris hebben voor cliënten. De klachtenfunctionaris
bemiddelt bij een klacht en kan de cliënt informeren over de verschillende mogelijkheden om een
klacht in te dienen. Wanneer de bemiddeling door een klachtenfunctionaris het probleem niet oplost, kan de
cliënt een rechtszaak aanspannen of naar een onafhankelijke geschilleninstantie gaan.
Uiteraard bleven in 2017 de klachtencommissies voor klachten in het kader van de Wet Bopz wél bestaan.
De ervaringen van pvp’en met de uitvoering van de nieuwe wet in de praktijk zijn divers. Dit heeft ertoe
geleid dat de Stichting PVP haar rechtsbeschermende taak scherper heeft afgebakend. Over de ervaringen
van de pvp’en staat in het hoofdstuk ‘Opvallende zaken in 2017’ het een en ander beschreven.
Omdat voor klachten in het kader van Wkkgz niet meer bij elke ggz-instelling een klachtencommissie aanwezig
is, hebben instellingen alternatieven bedacht. Bijvoorbeeld: de klacht die eerder door de klachtencommissie
werd behandeld, wordt nu via de zorgaanbieder zelf afgehandeld.
De pvp adviseert cliënten vaak om de klacht op een zo laag mogelijk niveau te bespreken en de klacht
daar neer te leggen waar hij is ontstaan. De cliënt houdt de regie over zijn klacht. Wanneer een cliënt een
klacht wil voorleggen via een formele klachtenprocedure kan de pvp ondersteuning bieden bij elke stap die
daarvoor nodig is, inclusief bijvoorbeeld de gang naar de klachtenfunctionaris. In 2017 is dat in totaal bij 1.651
klachten het geval geweest.
Daarvan hebben de pvp’en 264 keer cliënten ondersteund bij de klachtenfunctionaris en 1.314 keer bij de
klachtencommissie, en zijn cliënten ondersteund bij 96 klachten die door de zorgaanbieder zijn afgehandeld.
Ook hebben pvp’en twee keer een cliënt ondersteund bij de gang naar de geschilleninstantie. Al deze
mogelijkheden kunnen ook gecombineerd voorkomen. De pvp ondersteunt dan bijvoorbeeld een cliënt bij
het voorleggen van een klacht aan de klachtenfunctionaris én aan de klachtencommissie.
Van alle klachten die zijn doorgegaan naar een klachtenprocedure waaronder de klachtenfunctionaris, is
bijna 60% gerelateerd aan dwang en drang. In ruim een derde van alle klachten is over dwangmedicatie als
behandeling geklaagd.
2. Voorlichting
De pvp geeft voorlichting aan cliënten en medewerkers over het werk van de pvp en patiëntenrechten.
Doel hiervan is onder andere om ook cliënten die zelf niet zo mondig zijn of niet in staat zijn om voor zichzelf
op te komen, te wijzen op hun rechten en de mogelijkheid tot het inschakelen van een pvp voor ondersteuning,
waardoor hun rechtspositie wordt vergroot. In 2017 hebben pvp’en 1.479 keer voorlichting gegeven.
Daarvan neemt het aandeel voorlichtingen aan medewerkers van ggz-instellingen iets toe: 15% ten opzichte
van 13% in 2016. Er zijn tevens bijna 22.000 folders en posters verspreid om cliënten te informeren over de
bereikbaarheid en dienstverlening van de pvp.
16
׉	 7cassandra://tA1HKkl31Xoyy8bQu8POseyj-5DULOOfIBvAlWSlN6I#h`j [oE!k׉EIn 2017 is, zoals voorgenomen in het jaarplan over 2017, specifiek voor cliënten met een Voorwaardelijke
Machtiging een factsheet ontwikkeld over de rechtspositie en de mogelijkheden voor ondersteuning door
de pvp. Dit factsheet wordt ook gebruikt voor voorlichting aan medewerkers van FACT-teams. Slechts weinig
medewerkers weten dat cliënten met een Voorwaardelijke Machtiging recht hebben op ondersteuning door
de pvp. Daarom hebben we in 2017 enkele pilots gedaan om de bekendheid hiermee te vergroten.
De website van de Stichting PVP geeft niet alleen informatie over de rechten van cliënten binnen de ggz
maar stelt hen in staat om ook zelfstandig, zonder de ondersteuning van een pvp, een klacht in te dienen.
Daarvoor zijn o.a. een groot aantal voorbeeldbrieven geplaatst, die gemakkelijk gedownload kunnen worden
zodat cliënten hun eigen klacht of verzoek schriftelijk kenbaar kunnen maken. In 2017 is in totaal 933 keer een
voorbeeldbrief gedownload, zijn 217 keer de gedragsregels van de pvp opgevraagd, is er 379 keer naar een
van de voorlichtingsfilmpjes gekeken en is 199 keer de pdf ‘Uw rechten in de ggz’ gedownload.
Het aantal volgers van het Twitteraccount van de stichting is in 2017 minder gegroeid dan in de voorgaande
jaren, van 1.200 eind 2016 naar 1.278 volgers op 31 december 2017. In 2017 zijn de tweets van de stichting
132.694 keer weergegeven en is er 15.538 keer een bezoek aan het profiel van de stichting gebracht.
3. Signaleren
De pvp brengt tekortkomingen in de structuur of organisatie van een ggz-instelling, die afbreuk doen aan
de rechten van cliënten, onder de aandacht van de instelling. Dat gebeurt via een melding of een signaal.
In 2017 zijn er in totaal 170 meldingen en signalen afgegeven. Dat is iets minder dan in 2016, toen er 177
signalen en meldingen zijn afgegeven. De meeste meldingen gingen, net als in 2016, over verblijf en accommodatie
(22%). Onderwerpen waren bijvoorbeeld huisregels en slechte hygiëne in de accommodatie. Maar
ook ging een substantieel deel van de meldingen over de klachtenprocedure (16). Per 1 januari 2017 zijn de
meeste zorgaanbieders verplicht hun klachtafhandeling volgens de nieuwe wet Wkkgz geregeld te hebben.
Uit navraag van de pvp bij de instelling(en) waarin zij werkzaam zijn, bleek echter dat nog niet elke instelling
dit op orde had. Meldingen over dit onderwerp gingen vooral over het ontbreken van, of onjuiste klachtregelingen.
Bij ernstige tekortkomingen wordt een schriftelijk signaal afgegeven. In 2017 gingen de meeste
signalen over het onderwerp ‘Overige binnen instelling’ (12%). Dertien signalen hadden als onderwerp de
klachtenprocedure in relatie tot de Wkkgz.
Bij een signaal bestaat, anders dan bij een melding, de mogelijkheid om de tekortkoming aan de Inspectie
voor de Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) voor te leggen. Dat gebeurt wanneer de instelling onvoldoende
actie onderneemt om de gesignaleerde tekortkoming op te heffen. In 2017 zijn er drie signalen doorgestuurd
naar de IGJ. Het betreft bij alle drie ontbrekende regelingen in het kader van Wkkgz.
4. Kennis genereren en verspreiden
De Stichting PVP brengt kennis over patiëntenrechten en de beleving van cliënten over hun rechtspositie
samen door middel van inventarisaties en praktijkonderzoek. In 2017 heeft de stichting weer meta-informatie
verkregen over de jaarberichten 2016 die zijn verzonden naar de ggz-instellingen. Deze informatie is verzameld
door pvp’en vooraf groepsgewijs te interviewen over opvallende zaken die ze van plan waren te melden
in hun jaarberichten. Hierdoor kon de informatie gebruikt worden in het jaarverslag 2016 van de Stichting
PVP. Voor het jaarverslag 2017 is dit op dezelfde manier gedaan. Een weerslag van deze ervaringen leest u in
het hoofdstuk ‘Opvallende zaken in 2017’ op blz. 8.
17
[oE!l[oE!k{בCט   {u׉׉	 7cassandra://4vgZ083EpqMuQjBc6lIVribJmXq12hidujcGSInwSAY WC` ׉	 7cassandra://8lyYv7bIPSwAKOXQW5hF-TUHg2ipbLWWS-Ul_92Rri4x`׉	 7cassandra://nuYeEPEDpDc7Zwqb8IGMfEe0aWoRawYUeAWK_16nJc8`j ׉	 7cassandra://ziowo3r9Pg20dcOiSyrVIojlzwRhrp5IaY-EhBnUu2sQ ͠	[oE!m׉E>Juridische consultatie intern
De pvp bekleedt een juridisch georiënteerde functie die deel uitmaakt van de keten van rechtsbescherming
bij vrijheidsbeneming en dwangtoepassing in de ggz. Juridische kennis is voor de pvp onontbeerlijk. Pvp’en
kunnen de juristen van de stichting consulteren. Naast het geven van specifieke juridische informatie bestaat
de ondersteuning van de juridische sectie onder meer uit het becommentariëren van (concepten van)
toelichtingen bij klaagschriften, brieven, meldingen en signalen van pvp’en. In 2017 werd de juridische sectie
ruim 800 keer geconsulteerd door pvp’en.
Juridische consultatie extern
In 2017 werd vanuit de juridische sectie deelgenomen aan de Landelijke Adviescommissie Bopz van de Raad
voor Rechtsbijstand, aan een overleg met de Orde van Advocaten over de betekenis van het advies van
de Curriculumcommissie Bopz-advocatuur (2016), aan de Expertgroep registratie vrijheidsbeperking (VU) en aan
de expertgroep van het NIVEL-onderzoek naar ‘Het betrekken van patiënten, naasten/familie en nabestaanden
bij het incidententoezicht in de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ)’. Voorts werd een bijdrage geleverd aan
een studiedag van het Korsakov Kenniscentrum.
Meelopen advocaten
In 2017 is voor tweeëntwintig advocaten contact gelegd met een lokale pvp om de advocaten te laten
meelopen tijdens een klachtencommissieprocedure in het kader van de Wet Bopz. Advocaten die zich willen
laten inschrijven voor het psychiatriepiket moeten aan deze eis van de Raad voor Rechtsbijstand voldoen.
Digitale dienstverlening
De Stichting PVP wil informatie- en communicatietechnologie gebruiken om de kerntaken via meerdere
(digitale) kanalen beschikbaar te maken voor cliënten.
Eind juli 2017 is de functionaliteit ‘Wie is mijn pvp?’ op de website geïnstalleerd. Hiermee kunnen cliënten via
de locatie waar ze in behandeling zijn de pvp vinden die daar werkzaam is, inclusief de werktijden, telefoonnummer
en e-mail adres van de betreffende pvp. Deze zoekmogelijkheid is 1.227 aangeklikt. Mogelijk draagt
deze nieuwe vorm van dienstverlening bij aan de afname van het aantal telefonische vragen aan de helpdesk
over contactgegevens van de pvp op een locatie.
Sinds november 2017 biedt de Stichting PVP, als pilot, ook ondersteuning van cliënten via de mogelijkheid om
te chatten. De chat is geopend op maandag t/m donderdag van 19 - 21 uur. In de aanloop hebben we nog
weinig ruchtbaarheid gegeven aan de chat, maar toch zijn er in die korte periode dertien chatgesprekken
gevoerd met cliënten. In 2018 wordt besloten of deze vorm van dienstverlening wordt voortgezet.
Waar mogelijk verspreiden we informatie voor cliënten en medewerkers van ggz-instellingen via de website,
intranet en/of portalen van deze instellingen. Daarbij is de stichting echter afhankelijk van de medewerking
van de instellingen. Pvp’en gebruiken voor de communicatie met cliënten, naast e-mail en telefoon, ook
WhatsApp.
Informatiepunt Dwang in de Zorg
De medewerkers van de helpdesk van de Stichting PVP bemensen ook het Informatiepunt Dwang in de Zorg.
Dit informatiepunt van het ministerie van VWS richt zich op cliënten, directbetrokkenen en professionals door
eenvoudige uitleg te geven over wetten en procedures rondom dwang binnen de ggz en de ouderen- en
gehandicaptenzorg. In 2017 werden er iets minder vragen aan het informatiepunt gesteld dan het jaar daarvoor,
in totaal waren het er 994. In 2016 werden de meeste vragen gesteld door professionals, maar in 2017
stelden familieleden/naastbetrokkenen de meeste vragen. De meeste vragen gingen over de procedure tot
gedwongen opname IBS/RM (33%).
18
׉	 7cassandra://nuYeEPEDpDc7Zwqb8IGMfEe0aWoRawYUeAWK_16nJc8`j [oE!n׉E	5. Patiëntenvertrouwenspersonen in opleiding
Om cliënten zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen is het belangrijk dat pvp’en gedegen worden opgeleid.
Er bestaat geen externe opleiding die voorbereidt op het patiëntenvertrouwenswerk. Daarom worden
pvp’en intern opgeleid, door middel van een leerwerktraject van een jaar. Zij worden pio’s genoemd.
De opleiding wordt intern verzorgd, maar voor een aantal onderdelen wordt externe expertise ingehuurd.
In april 2017 zijn vijf pio’s begonnen met hun opleiding. De opleiding bestaat uit 4 fasen. In fase 1 maken de
pio’s kennis met de wereld van de ggz. In fase 2 krijgen de pio’s fulltime onderwijs in ons kantoor in Utrecht.
In fase 3 gaan de pio’s meelopen met een ervaren pvp. En fase 4 is de theorie- en praktijkfase waarin de pio
onder begeleiding van een mentor in de eigen instelling gaat werken. De opleiding wordt afgesloten met
een assessment.
Overig
Poolpvp
Iedere cliënt heeft recht op ondersteuning van een pvp. Er zijn echter situaties denkbaar waarin een cliënt
aangeeft niet langer door de lokale pvp ondersteund te willen worden, of wanneer een pvp aangeeft een
bepaalde cliënt niet meer optimaal te kunnen ondersteunen. Om de cliënt dan toch te kunnen blijven
ondersteunen is een groep zogenaamde ‘poolpvp’en’ in het leven geroepen die in dat geval de dienstverlening
van de lokale pvp overneemt.
De poolpvp wordt gevormd door een groep van ervaren pvp’en met als opdracht een manier te vinden om
de ondersteuning vorm te geven, mee te kijken met de lokale pvp en deze te coachen in het herstellen van
het contact met de cliënt, en eventueel het bedenken van voorwaarden waaronder de ondersteuning vorm
kan krijgen. De ondersteuning van een pool-pvp wordt altijd geëvalueerd.
Vervangers
Wanneer op een locatie langere tijd geen pvp aanwezig is (door ziekte, vertrek of het uitvoeren van een
bijzondere taak voor de organisatie als geheel), komt er een vervanger. De stichting heeft vier vervangers die
door heel Nederland gaten in de continuïteit van dienstverlening opvullen. Zij hebben voor deze vervanging
een beperkter aantal uren dan de lokale pvp en vervullen de meest noodzakelijke ondersteuning van individuele
cliënten en de signaleringsfunctie. De tijd voor voorlichting en overleg met cliëntenraden en bestuurders bijvoorbeeld
is beperkt. De kennis die vervangers opdoen door vaak op verschillende locaties te werken wordt weer
gebruikt om de dienstverlening van de stichting als geheel te verbeteren.
19
[oE!o[oE!n{בCט   {u׉׉	 7cassandra://TqqNoDFeC9guM7tblVUXGAsRK3TSM7xF4V62McRL_HY V ` ׉	 7cassandra://hgEpMtMd8h0aPV5drw32-PGXH6eE20tMTsIF4LD2lD4͎t`׉	 7cassandra://C6712c1n0skePvDWjRoBnjFCk0beyvjVEO8JumPlczE+`j ׉	 7cassandra://N21zbxSxjVj1fKLGfLihNXhYCzHE3wD9CXehjG-sMV4\͠	[oE!p׉EVoorbereiding Wvggz
Zoals beschreven in de inleiding van dit jaarverslag, is de Stichting PVP in 2017 gestart met een nieuwe fase in
de voorbereidingen op de Wet verplichte ggz. De afgelopen jaren heeft de Stichting PVP zich ingezet om de
interne organisatie zo goed mogelijk aan te passen aan de nieuwe situatie, ook al waren er nog vele vraagtekens
over hoe de wet er uiteindelijk uit zou komen te zien. In dat licht zijn we niet eerder dan 2017, nadat
de wet door de Tweede Kamer was aangenomen, gestart met het inrichten van een Programmaplan Wvggz,
waarmee we de voorbereiding op de komst van de Wvggz organiseren.
In de voorbereidingen op de Wvggz zijn de afgelopen jaren reeds belangrijke voorwaarden gerealiseerd en
belangrijke stappen genomen voor effectieve uitvoering van het pvp-werk onder de Wvggz, zoals voorwaarden
op het gebied van ICT en mogelijkheden tot kennis delen Dit is al waardevol gebleken, maar in de realisatie van
nieuwe werk- en organisatievormen is het noodzakelijk dat werknemers en externe belanghebbenden, zoals de
cliëntenbeweging, nog sterker betrokken worden bij de verdere voorbereidingen.
Na de behandeling van de Wvggz in de Tweede Kamer is de stichting verder gaan nadenken over hoe we
het veranderproces zo goed mogelijk konden vormgeven.
In de loop van 2017 zijn we intern gestart met het opzetten van een Programmaplan Wvggz voor alle projecten die
nodig zijn om het vertrouwenswerk onder de Wvggz vorm te geven. De veranderingen hebben consequenties voor
alle medewerkers en vrijwel alle werkprocessen en het cliëntregistratiesysteem. Bovendien is het de verwachting
dat onder invloed van de regionale samenwerkingsverbanden de regionale diversiteit van werken zal
toenemen. Hierdoor zal er naar verwachting, binnen landelijke kaders, een groter beroep gedaan worden
op de zelfstandigheid van pvp’en. Om die redenen heeft de directeur/bestuurder besloten om een
ontwikkelgroep in te stellen, waarbij het MT en zes pvp’en (uit elk team één) gezamenlijk regie voeren over
de voorbereiding op de Wvggz.
Dit legt, zoals al aangegeven in het voorwoord op blz. 6 een zware druk op de gehele organisatie qua urenbesteding,
maar de stichting is ervan overtuigd dat ze hiermee de benodigde aanpassingen zo zorgvuldig
mogelijk, organisatiebreed, kan doorvoeren en daarmee de ondersteuning van cliënten zo goed mogelijk
kan uitvoeren.
Ontwikkelgroep
De ontwikkelgroep heeft de regie over de uitvoering van het Programmaplan Wvggz.
De directeur/ bestuurder is opdrachtgever. De projectsecretaris is verantwoordelijk voor de operationele sturing
van het programma en de coördinatiegroep bewaakt de voortgang en samenhang. De projectleiders zullen
de projectplannen uitwerken en uitvoeren. De taken van de overige medewerkers en overlegvormen zijn in
het schema hierna beschreven.
De opdracht aan de ontwikkelgroep is:
- Ontwikkel een samenhangend model voor de uitvoering van de pvp-taken conform de Wvggz;
- Ontwikkel werkmethoden voor het pvp-werk waarmee cliënten binnen de ggz optimaal ondersteund
worden in het realiseren van hun rechtspositie conform de Wvggz;
- Ontwikkel een passende organisatiestructuur waarbij de pvp’en passend worden ondersteund bij het
uitvoeren van de (deels nieuwe) wettelijke taken.
Alle eindresultaten voldoen aan het toetsingskader voor het programma:
- De eindproducten vormen een samenhangend pvp-model waarbinnen de kwaliteit, de continuïteit, de
toegankelijkheid en het rechtsbeschermende karakter van de voorziening efficiënt zijn geborgd;
20
׉	 7cassandra://C6712c1n0skePvDWjRoBnjFCk0beyvjVEO8JumPlczE+`j [oE!q׉E- Aan de externe adviesraad, bestaande uit een vertegenwoordiger van het College voor de Rechten van
de Mens, de cliënten-en familieorganisatie Mind, GGZ-Nederland, de Inspectie voor de Gezondheidszorg
en Jeugd en de advocatuur, legt de stichting de voorgenomen keuzes ten aanzien van de uitvoering van
de nieuwe wettelijke taken voor. De hoofdvraag aan de adviesraad is: Geeft de Stichting PVP op deze wijze
doeltreffend en doelmatig uitvoering aan haar wettelijke taak?
De uitkomsten zullen worden vertaald naar benodigde inzet van middelen voor de financiering van de
(deels) nieuwe wettelijke taken en input vormen voor het gesprek met VWS hierover.
Taken en bevoegdheden
Raad van toezicht
Raad en advies/goedkeuring
besluit bestuurder
OR
Bestuurder
Advies en
instemmingsrecht
Opdrachtgever/kaderstelling/voortgangsbewaking/
afstemming externe contacten/beslist
Gehele organisatie
Input en feedback
Stafmedewerkers
Advies en bijdragen
vanuit eigen expertise
Ontwikkelgroep
Uitvoeren opdracht/adviseren aan bestuurder/
betrekken collega’s
Externe
adviesraad
Cliëntenpanel
Coördinatiegroep
Bewaking voortgang en samenhang projecten
Klankbord groep
Bijdrage leveren/feedback
geven/ sparringpartner
Project
groep
A
Project
groep
A
Project
groep
C
Project
groep
D
Studiedagen in het teken van de Wvggz
Ieder jaar organiseert de Stichting PVP twee studiedagen voor alle medewerkers. Er is dan aandacht voor
professionalisering en er worden ervaringen uitgewisseld. In 2017 hebben de studiedagen in het teken gestaan
van de Wvggz en is gesproken over de gevolgen die de wet heeft voor zowel cliënt als behandelaar.
Daarnaast hebben medewerkers met elkaar onderzocht welke veranderingen de wet met zich meebrengt
voor de uitoefening van de pvp-functie.
21
[oE!r[oE!q{בCט   {u׉׉	 7cassandra://zKur5Kg6IgcgZ272TddSURQx0MjMCPz2_nQnDW-Z9no ` ׉	 7cassandra://SSWuK3msuyhjMNlOTF0dlP64cWdD7ZL2deK9G5_xRn0~N`׉	 7cassandra://r_iGu9kmceJ52zjpK6SWisTIfWFNKMXAOBc2dD5t6fI"`j ׉	 7cassandra://JQfUgf1dlsJZGMBPxXCq_d8iQwxc0speS2LdkE903FIO ͠	[oE!s׉EOverige activiteiten
De focus van de organisatie ligt te allen tijde op het ondersteunen van cliënten en de andere primaire processen
van de Stichting PVP. Om te zorgen dat dat werk effectief, veilig en kwalitatief hoogwaardig uitgevoerd wordt,
worden de patiëntenvertrouwenspersonen ondersteund door stafmedewerkers en het management op het
gebied van ICT, kwaliteitsprocedures, ARBO, P&O en deskundigheidsbevordering.
Informatiebeveiliging
Medewerkers kunnen op een veilige manier inloggen vanaf elke computer met intranetverbinding. In 2017
is het informatiebeveiligingsbeleid vastgesteld met alle onderliggende richtlijnen. Samen met het uitvoeren
van diverse andere actiepunten naar aanleiding van de securityscan door een onafhankelijke externe partij,
is het niveau van de informatiebeveiliging toegenomen ten opzichte van die securityscan (een gemiddelde
score van ‘Largely achieved’, met een volwassenheidsniveau 4 ‘Predictable process’). In 2017 is een vulnerability
risk assessment uitgevoerd op de nieuwe functionaliteit ‘Wie is mijn pvp?’; er zijn geen risico’s gevonden.
Kwaliteitssysteem
Het kwaliteitscertificaat van de Stichting PVP wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld aan de hand van een
externe audit volgens de normen van de Maatstaf van CIIO, een geaccrediteerde interpretatie van de ISO
9001:2015-norm voor professionele kennisintensieve dienstverleners.
In 2017 is de stichting voor het eerst beoordeeld aan de hand van de nieuwe Maatstaf 2016, waarbij de
nadruk is verschoven van beheersing via formele procedures naar het inbedden van de kwaliteitsnormen en
risicomanagement in alle beleidsprocessen. De stichting is er trots op dat de certificering weer is gecontinueerd.
De belangrijkste bevindingen in 2016 hadden betrekking op het effectief benutten van informatie over
veiligheidsincidenten en het doorvoeren van procesverbeteringen. Deze onderwerpen zijn in 2017 opgepakt
en bij de audit in 2017 werden alle in 2016 geconstateerde kanttekeningen opgelost verklaard.
CIIO heeft wel een aantal nieuwe aandachtspunten benoemd. CIIO constateert dat het beheer van
kwaliteitsdocumenten verbetering behoeft. Hiervoor heeft de stichting een plan van aanpak opgesteld.
Daarnaast moedigen zij de stichting aan de verbeteringen op het gebied van het veiligheidsbeleid uit te
bouwen door de analyse van veiligheidsincidenten verder te ontwikkelen en te trachten de conclusies van
die analyse te vertalen in aanpassing van beleid of aanscherping van werkprocessen.
Plein, sociaal intranet
In afwachting van de Wvggz is er sinds 2016 gebouwd aan een sociaal intranet, Plein. In 2017 is Plein voor
de medewerkers van de stichting al niet meer weg te denken als middel om kennis te delen, te discussiëren
over (inhoudelijke) thema’s, de interne communicatie vorm te geven en een beveiligde werkomgeving te
bieden voor alle (dagelijkse) werkzaamheden binnen de stichting. In 2017 hebben we de implementatie van
Skype voorbereid, zodat medewerkers vanuit alle windstreken van het land gemakkelijker met elkaar kunnen
overleggen.
Opleiding en deskundigheidsbevordering
Om cliënten zo goed mogelijk te kunnen ondersteunen is het belangrijk dat pvp’en gedegen worden
opgeleid en zich daarna in hun vak blijven ontwikkelen, van elkaar leren en nieuwe kennis kunnen opdoen.
Daarvoor maakt de stichting op diverse manieren gebruik van deskundigheidsbevordering om zo doorlopend
aandacht te besteden aan het op peil houden van de actuele kennis van haar medewerkers: de juridische
afdeling verzorgt met regelmaat bijscholing over een juridisch onderwerp, er zijn intervisiegroepen en maandelijkse
casuïstiekbesprekingen. Ook is in 2017 een aantal scholingsmodules ontwikkeld waarvoor pvp’en zich
konden inschrijven. Daarnaast konden ervaren pvp’en zich inschrijven voor diverse modules die aan nieuwe
22
׉	 7cassandra://r_iGu9kmceJ52zjpK6SWisTIfWFNKMXAOBc2dD5t6fI"`j [oE!t׉Epvp’en werden gegeven in het kader van hun opleiding.
Ten slotte is een groep medewerkers die deelnemen aan de pilot ‘Chat’ getraind in het kunnen chatten met
cliënten.
Modules
Pvp’en blijven zich ontwikkelen. Voor het opfrissen en uitbreiden van basiskennis kunnen zij diverse modules
volgen. Een greep uit het aanbod van 2017:
• ‘De geschillencommissie ggz’ en ‘Strafrechtelijke opneming in de psychiatrie’ door onze juridische afdeling;
• ‘Forensisch’;
• ‘Professionele weerbaarheid’;
• ’Het herkennen en signaleren van compassiemoeheid’;
• ‘Moreel beraad’.
Toetsing
In 2016 zijn pvp’en getoetst op een tweetal deelcompetenties van de juridische competentie. In 2017 zijn
de laatste pvp’en getoetst en geslaagd. Daarmee is bij alle pvp’en de toets afgenomen en zijn zij allemaal
geslaagd.
Medewerkergesprekscyclus
In 2017 is voor het eerst gewerkt met de nieuwe medewerkergesprekscyclus, waarin de ontwikkeling op
competenties centraal staat en er meer wordt gevraagd van het reflectievermogen van medewerkers.
Dit past beter bij de bijzondere functie van de pvp.
Samenwerking binnen vertrouwenswerk in andere sectoren
In 2017 heeft de Stichting PVP vertrouwenswerk geleverd in drie instellingen voor mensen met een
verstandelijke beperking, conform de aangepaste methodiek voor deze sector.
De Stichting PVP zoekt samenwerking met de Stichting Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg (AKJ) en de
Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen(LSFVP), om de kwaliteit en de efficiency van het pvp-werk
te waarborgen. In 2017 had die samenwerking met name betrekking op de ondersteunende processen zoals
registratie van het primaire proces, P&O en financiën.
De stichting is door VWS gevraagd om bij te dragen aan de ontwikkeling van de cliëntvertrouwenspersoon
(cvp) binnen de Wet zorg en dwang (Wzd). Het is de bedoeling van de wetgever dat de cvp binnen de
psychogeriatrie en de verstandelijk gehandicaptenzorg, eenzelfde werking heeft als de pvp binnen de
ggz. De stichting heeft haar kennis en expertise op het gebied van het opzetten en onderhouden van deze
rechtsbeschermende voorziening ingebracht in het ontwikkelingstraject van de cvp en zal dit ook in 2018
blijven doen.
23
[oE!u[oE!t{בCט   {u׉׉	 7cassandra://Px77i40K1_TwXSBKf2zjI1mM7WVjnQ5XYSbFseolON0 `׉	 7cassandra://_4MyzNGtT94PqjPLO6mbKJBd5x9sxqPJm_whY-eSRpkG}`׉	 7cassandra://zR8MSN4Wevaasf1iLq57TIDSgngFiv_BgoyzP_J6B48`j ׉	 7cassandra://U3D0cpdqwqSvb2Jvd7bCTb4PF0eWFkQsxiTcVnJ8ISU )͠	[oE!v׉EBijlagen
24
׉	 7cassandra://zR8MSN4Wevaasf1iLq57TIDSgngFiv_BgoyzP_J6B48`j [oE!w׉EBijlage 1, Verslag van het cliëntenpanel
Om te toetsen of de kwaliteit van het werk verder kan verbeteren en om voorgenomen beleid te toetsen,
heeft de Stichting PVP een cliëntenpanel.
Het panel bestaat uit twaalf leden uit verschillende regio’s. De meeste leden zijn lid van een cliëntenraad van
een ggz-instelling. Het panel brengt advies uit over onderwerpen die te maken hebben met het pvp-werk. De
adviezen van het panel zijn zwaarwegend bij beslissingen over het beleid van de stichting.
In 2017 is het panel vier keer bij elkaar geweest. Het heeft onder meer geadviseerd en meegedacht over:
• de wijze waarop de taak signalering vormgegeven kan worden;
• de rol van de pvp bij de ondersteuning van cliënten bij de geschillencommissie;
• het jaarverslag 2016 en het jaarplan 2018;
• de ontwikkeling van de website van de Stichting PVP;
• wat te doen met de ervaringen van de pvp-vervangers in 2016;
• de ondersteuning aan ambulante cliënten die vrijwillig in behandeling zijn;
• de activiteiten die de Stichting PVP gaat ondernemen ter voorbereiding op de komst van de Wvggz;
• de inhoud van de jaarberichten die pvp’en schrijven over hun ervaringen binnen de instellingen;
• wat te doen wanneer de lijnen van de pvp-helpdesk overbezet zijn.
Ook heeft een aantal leden van het panel een rol gehad in de opleiding van nieuwe pvp’en. Zij hebben in
gesprekken met de pvp’en in opleiding verteld over hun ervaringen met de ggz en over hun ervaringen met
de ondersteuning van een pvp.
25
[oE!x[oE!w{בCט   {u׉׉	 7cassandra://wl7AvPt-Bbtq0QUDKMb3AWVyRWEr_k1_auTpRXR2kwM ` ׉	 7cassandra://IZcH-J_Oh7xd1w_cWD-redGU9x4y2BR9C2TEzCDCIGs͊`׉	 7cassandra://HGx-DJu-gtwQyzrjD7skdL04BAazX4VALgBuC_56C3Y%`j ׉	 7cassandra://Hie4Y-buEvfb2te1Qu1vP0Jf3gX0141jbZrIJoOw0vEJ ͠	[oE!y׉EBijlage 2, Verslag van de klachten-commissie
en interne klachtafhandeling
Externe klachtafhandeling
De klachtencommissie Patiëntenvertrouwenspersonen toetst klachten van cliënten over een pvp of manager
aan de gedragsregels van de stichting, doet een uitspraak over de gegrondheid van de klachten en bespreekt
de klachten en uitspraken elk jaar met de bestuurder van de Stichting PVP.
De klachtencommissie doet tevens aanbevelingen om de dienstverlening te verbeteren.
In het jaar 2017 hebben in totaal zes klagers zich tot de klachtencommissie gewend.
Aan twee klagers is door de ambtelijk secretaris van de klachtencommissie medegedeeld dat de klacht niet
in behandeling kon worden genomen, omdat deze geen betrekking had op het handelen van een pvp of
de leidinggevende van een pvp, respectievelijk omdat de klachtencommissie niet de mogelijkheid kent van
een bemiddelingsgesprek als door klaagster verzocht. Aan een andere (derde) klager heeft de ambtelijk
secretaris om een nadere toelichting gevraagd, omdat de klacht niet duidelijk was. Ondanks de toezegging
van de klager dat hij de nadere toelichting - vergezeld van stukken - via de post zou toesturen, is daarna niets
meer van deze klager vernomen.
Eén van de zes klagers heeft de klachtencommissie gedurende het jaar herhaaldelijk benaderd met nieuwe
klachten. Deze klachten betroffen onder meer de aan klaagster opgelegde restricties voor de ondersteuning
van een pvp. De klachtencommissie heeft hierover reeds eerder een uitspraak gedaan. Klaagster kon daarom
in een aantal van de nieuwe klachten niet worden ontvangen. Twee klachten van deze klaagster zijn wel
behandeld.
Verder zijn ook de klachten van de overige twee klagers in behandeling genomen.
De klachtencommissie heeft derhalve in totaal vier klachten van drie klagers in behandeling genomen. In
drie van de zaken heeft de klachtencommissie een uitspraak gedaan. De klachten bevatten in totaal zes
klachtonderdelen die betrekking hadden op het handelen van een pvp en/of diens leidinggevende. Vijf
klachtonderdelen zijn gegrond verklaard en één klachtonderdeel is ongegrond verklaard. Eén zaak was aan
het einde van het jaar nog niet afgerond.
De klachtencommissie heeft voorts in 2017 een uitspraak gedaan in een klacht die in 2016 reeds was ingediend
en aan het einde van het jaar nog niet was afgerond. Deze klacht bestond uit twee klachtonderdelen.
Klaagster is niet-ontvankelijk verklaard in de beide klachtonderdelen.
Vergeleken met 2016 is sprake van een afname van het aantal klagers (van 13 naar 6). Het aantal uitspraken
van de klachtencommissie is ten opzichte van 2016 toegenomen (van 1 naar 4).
Aanbevelingen
De klachtencommissie heeft in 2017 twee aanbevelingen aan de Stichting PVP gedaan.
Aanbeveling 1:
“De klachtencommissie beveelt de Stichting PVP aan om in de werkwijze van de pvp op te nemen dat, na
afloop van een gesprek met een cliënt, een evaluatie van het gesprek plaatsvindt. Daarbij dient de pvp na
te gaan of de verwachtingen over en weer en de eventueel gemaakte afspraken duidelijk zijn.”
Naar aanleiding van deze aanbeveling zal de Stichting PVP onderzoeken of zij de pvp kan faciliteren met
hulpmiddelen om de evaluatie van de dienstverlening nog structureler uit te voeren.
26
׉	 7cassandra://HGx-DJu-gtwQyzrjD7skdL04BAazX4VALgBuC_56C3Y%`j [oE!z׉EUAanbeveling 2:
“De klachtencommissie beveelt de Stichting PVP aan om algemene uitgangspunten te formuleren voor de
maximale belasting van een pvp met betrekking tot de hulpvraag van een cliënt. Daarbij dient bijvoorbeeld
het maximaal aantal contactmomenten - per telefoon en per e-mail - per twee weken te worden aangegeven,
zodat duidelijk is wat de grens is van de ondersteuning die een pvp kan bieden en wanneer sprake is van
overvraging van de pvp door de cliënt. Indien een cliënt het aantal contactmomenten overschrijdt, behoort
het naar het oordeel van de klachtencommissie tot de verantwoordelijkheid van de Stichting PVP daarover
met de betreffende cliënt in gesprek te gaan.
In geval van (structurele) overschrijding van het aantal contactmomenten door een cliënt kan dat de rechtvaardiging
zijn voor het opleggen van restricties. De restricties dienen periodiek per drie maanden te worden
geëvalueerd waarbij moet worden beoordeeld of de beperkingen in het beroep dat de cliënt op de pvp
kan doen, dienen te worden gehandhaafd (voor weer drie maanden). De cliënt moet bij deze evaluaties
worden betrokken en over het besluit van de Stichting PVP ook schriftelijk worden geïnformeerd.”
Naar aanleiding van deze aanbeveling laat de Stichting PVP weten dat onderzocht zal worden op welke
wijze invulling gegeven kan worden aan belangrijke maar in uitwerking mogelijk toch ook ingewikkelde
aanbeveling van de klachtencommissie. Daarnaast onderschrijft de Stichting PVP dat het belangrijk is om
contactrestricties schriftelijk te evalueren op de wijze die de klachtencommissie aangeeft. De procedure
interne klachtafhandeling en het protocol Match Cliënt-PVP zal dienovereenkomstig worden aangepast,
aldus de Stichting PVP.
Vergaderingen
De klachtencommissie heeft op 19 juli 2017 een plenaire jaarvergadering gehouden. Voorts heeft er regelmatig
overleg plaatsgevonden tussen de voorzitter en de ambtelijk secretaris. Het overleg tussen de leden van de
klachtencommissie ten aanzien van de vast te stellen uitspraak heeft voornamelijk plaatsgevonden na de
hoorzitting en door middel van e-mailuitwisseling.
Tijdens het overleg met het bestuur van de Stichting PVP op 29 maart 2017 is onder meer gesproken over de
Wkkgz en de Wet verplichte ggz en de betekenis daarvan voor de Stichting PVP.
De klachtencommissie was in 2017 als volgt samengesteld:
• de heer mr. N. van den Burg, onafhankelijk voorzitter;
• mevrouw mr. dr. B.J.M. Frederiks, plaatsvervangend voorzitter;
• mevrouw mr. drs. E. van Zadelhoff, lid namens de cliëntenorganisaties;
• mevrouw drs. M. Knuttel, lid namens de cliëntenorganisaties;
• mevrouw drs. M. Theulen, lid namens de GGZ-instellingen.
Het ambtelijk secretariaat is in 2017 verzorgd door mr. drs. I.M. van Trier.
Interne klachtafhandeling
Uiteraard kunnen cliënten die een klacht hebben over een van de medewerkers van de Stichting PVP ook
direct, conform de interne klachtenprocedure, bij de leidinggevende van de persoon in kwestie een klacht
indienen i.p.v. via de externe klachtencommissie.
De leidinggevende zal naar aanleiding van de klacht van de cliënt onderzoeken of en op welke manier de
klacht van de cliënt kan worden opgelost. Het is mogelijk dat de leidinggevende de klacht niet kan oplossen,
of dat de cliënt nog niet tevreden is. In die gevallen zal de leidinggevende de cliënt doorverwijzen naar de
externe klachtencommissie.
27
[oE!{[oE!z{בCט   {u׉׉	 7cassandra://LZGDXMDfcWQMVC5JDV0Vd07DHnZOcWgCG-IE82IMIt0 ,` ׉	 7cassandra://2b5PaAG44Naa76xCoqNFY-0a3ia1ePrB8SSOhdlK1N40` ׉	 7cassandra://8_FFiHg4lupOj5QD06_soryLArEBEihdoZ1ucaNXMDE`j ׉	 7cassandra://lZMllHPbxYy1qveXf8bVW6YsPJccR6nly1q3acLpxhc@hx͠	[oE!|׉EcIn 2017 zijn er 36 klachten (in 2016: 27) op deze manier in behandeling genomen door de leidinggevenden.
Deze klachten betroffen alle onvrede over de pvp.
Geen van deze 36 klachten zijn doorgegaan naar de klachtencommissie. De klachten zijn door de
leidinggevenden in overleg met de cliënt afgehandeld.
Het aantal door de leidinggevenden behandelde klachten gaat in 2017 naar het niveau van 2015 (41)
Omschrijving
2016
Ontevreden over de pvp: bejegening
Ontevreden over de pvp: acties
Ontevreden over de pvp: bereikbaarheid
Totaal
5
19
3
27
2017
3
32
1
36
Soort interventie
2016
Leidinggevende heeft contact met pvp
Leidinggevende heeft geen contact met pvp
Totaal
13
14
27
2017
21
15
36
Resultaat
2016
Klacht deels/anders opgelost
Klacht ingetrokken
Klacht niet opgelost
Klacht opgelost
Vraag beantwoord
Nog niet bekend
Totaal
2
1
1
22
1
2017
5
2
2
25
0
2
27
36
28
׉	 7cassandra://8_FFiHg4lupOj5QD06_soryLArEBEihdoZ1ucaNXMDE`j [oE!}׉ELeidinggevenden zijn goed in staat om in samenspraak met de betrokken pvp, maar ook zelfstandig, cliënten
uitleg te geven over de taken van de patiëntenvertrouwenspersoon en de onvrede hierdoor bij de cliënt
weg te nemen.
Voorbeelden van vragen en klachten:
• Pvp komt afspraken niet na;
• Pvp doet niets met mijn klachten;
• Pvp is niet partijdig;
• Cliënt vraagt tevergeefs hulp.
29
[oE!~[oE!}{בCט   {u׉׉	 7cassandra://P5buSEPEpnJZ1X6A8sNl3UVaGGnG6efgwFrrpVQw2mE ݏ` ׉	 7cassandra://NCsLhu0f2jn6zPGfxkH1cacu2XTegKMQCSb7lMbTbTQV`׉	 7cassandra://2piKVaXw7akZw5IYr6b4JQYTaImRpYoZORGEfKy6odQ]`j ׉	 7cassandra://pD_jA2vS2PHPVv3IW2I_ELoIOx5-EHc_CCwVemYugrs> ͠	[oE!׉E'Bijlage 3, Verslag van de ondernemingsraad
De ondernemingsraad van de Stichting PVP bestaat uit vijf leden en een ambtelijk secretaris. Op 1 mei 2016
zijn alle leden verkozen voor een ambtstermijn van drie jaar. De ondernemingsraad vergaderde het afgelopen
jaar twaalf keer. Met de bestuurder en P&O-adviseur vond zes keer een overlegvergadering plaats.
Contact met de achterban
In 2017 vonden de volgende contactmomenten tussen medewerkers en de OR plaats:
- Bezoeken aan teams in januari 2017;
- Jaarlijkse OR-dag op 13 april 2017.
In 2017 hebben geen tweedaagse studiedagen plaatsgevonden, maar zijn er twee afzonderlijke dagen
georganiseerd die in het teken stonden van de voorbereiding op de Wvggz. Hierdoor is het OR-halfuur tijdens
de studiedagen komen te vervallen.
De OR ontving ook berichten van de achterban via e-mail. Enkele onderwerpen die door de achterban
werden aangedragen en waar de OR actief mee aan de slag is gegaan zijn de volgende.
Werken in de avonduren
In toenemende mate hoorde de OR geluiden over werken in de avonduren en op vrije dagen, en ontving hij
vragen hierover. In het bijzonder werden er vragen gesteld over de pilot met chatten in de avonduren. De OR
heeft een enquête opgesteld en door medewerkers laten invullen. De resultaten van deze enquête zijn met
een begeleidende brief gepubliceerd op het intranet en besproken met de bestuurder.
Klachtencommissie
De OR heeft enkele vragen ontvangen over de werkwijze van de externe klachtencommissie. Naar aanleiding
hiervan heeft een gesprek plaatsgevonden met de bestuurder. De klachtencommissie is uitgenodigd om hun
werkwijze in 2018 op een landelijke bijeenkomst terug te koppelen aan de achterban.
Instemming
De OR heeft instemming verleend op:
• Verlenging contract bedrijfsarts;
• Persoon en positionering preventiemedewerker.
De OR heeft geen instemming verleend op:
- Openbaar maken van registratiecijfers van de individuele pvp’en tijdens regiobijeenkomsten.
Scholing
Vier leden van de ondernemingsraad en de ambtelijk secretaris hebben een financiële cursus gevolgd om
de financiën van de stichting beter te kunnen duiden.
Tijdens de OR-studiedagen hebben alle leden en de ambtelijk secretaris een training gevolgd over duurzame
inzetbaarheid. Naar aanleiding van deze training zijn de speerpunten voor 2018 bepaald.
ICT
De OR heeft zich door de projectmanager ICT laten informeren over de stand van zaken van de lopende
projecten. Bijzondere aandacht werd geschonken aan de mogelijkheid om op afstand in te loggen op het
netwerk van de stichting. De OR ontving ook een plan van aanpak voor de performance van Rapp, het registratiesysteem
van de stichting en een plan van aanpak maatregelen informatiebeveiliging. In 2018 zal de
OR een volgende rol houden omtrent aanpassingen van de informatiebeveiliging ten gevolge van nieuwe
privacywetgeving.
30
׉	 7cassandra://2piKVaXw7akZw5IYr6b4JQYTaImRpYoZORGEfKy6odQ]`j [oE!׉EDuurzame inzetbaarheid
De OR heeft zich in het tweede gedeelte van dit jaar verdiept in duurzame inzetbaarheid. Duurzame inzetbaarheid
is een paraplu-begrip waaronder veel zaken vallen die voor de OR van groot belang zijn, zoals werving
en selectie, tevredenheid van medewerkers, werkdruk en scholing. De studiedagen van de OR hebben
dan ook in het teken gestaan van dit onderwerp.
Meerjarenbeleid (financiën)
Wat betreft het meerjarenbeleid heeft de OR zich in 2017 voornamelijk beziggehouden met financiën. De
leden van de OR hebben hiertoe een financiële training gevolgd en vragen gesteld naar aanleiding van het
financieel jaarverslag. De OR heeft gesproken met de accountant waarbij aandacht is besteed aan het financieel
beleid van de stichting en het volgen van de relevante procedures. Ook is met de controller gesproken
over het beleid omtrent de werkkostenregeling, resulterend in een netto-uitkering aan alle werknemers.
31
[oE![oE!{בCט   {u׉׉	 7cassandra://_clr9Ep2WOUlc5iOIDuVC7Cs8uGrpOWRVHd9TEqoeL8 k` ׉	 7cassandra://K5riZZilSpxAO6MYIRdvjGdQA6CkT-nsCk6--nstomg_'`׉	 7cassandra://dC85v_ZK1RklriEdTtGSOu_MDzzrkVpEwRhurYELwY4 Y`j ׉	 7cassandra://5ZDzqjU7USRLg0Kf7JsaznztG-5H_TAAZ0M-jn-AGzEI|͠	[oE!׉E[Bijlage 4, Overzicht medewerkers
Op 31 december 2017 waren 71 medewerkers in dienst bij de Stichting PVP. Dit betrof 25 mannen (35%) en
46 vrouwen (65%) In 2017 bedroeg het gemiddelde aantal FTE 61,12. Qua leeftijdsopbouw is 12% jonger dan 40 jaar,
20% is 40 tot 50 jaar oud, 48% is tussen de 50 en 60 jaar oud, en 20% is ouder dan 60 jaar. In 2017 zijn vier medewerkers
uit dienst gegaan en zijn zeven nieuwe medewerkers in dienst gekomen.
In dienst op 31 december 2017
Pvp’en
Carla Andringa
Hans Arwert
Hanneke Bernsen
Jeroen Boersma
Hans Bogers
Marjon Boomaerts
Sieke van Boxtel
Daphne den Broeder
Gerie Bulstra
Wendy Bult
Annita Deen
Henk van Dijk
Rieke Dirks
Jan Willem van Drunick
Manna Ellen
Nagib El Farougui
Marc Frankevyle
Paul Geurts
Arianne de Geus
Martijn van Gool
Elsa Grin
Bert Hofma
Roeland Hofstee
Bernard Hulsman
Halling IJzerman
Susanne Jonkers
Wiesje Koning
Henriëtte van der Laan
Jeanne van der Leij
Els Nieuwenhuis
Ton Nijhof
Ellen Oldenburg
Linda Paay
Rachel Perquin
Ingrid Peters
Marianne Peters
Winfried Raaphorst
Eddy Raymann
Irma Ronde
Marieke Rosing
Theo van Veldhuizen
Tienke Vermeulen
Noëlle de Vries
Gerard Wiersema
Fietje Wijkniet
Pvp-vervangers
Ronald de Koster
Lia van Muijen
Christa Noordam
Sandra de Rooij
Marga van Wiggen
Pvp’en in opleiding
Simon Berg
Sander Janssen
Roos Ligthart
Simone Lommers
Cocky Oppelaar
Managementteam
Mariska Costeris, controller en adviserend MT-lid
Nannie Flim, directeur/bestuurder
Hans Hiltemann, manager team West 2, Zuid en Oost Nederland
Nelly de Hoog, manager Onderzoek & registratie, ICT en Programma-management
André de Mol, manager team West 1 & Midden en Noord Nederland
Ton-Peter Widdershoven, hoofd juridische afdeling
Stafmedewerkers
Heleen van Koeven, medewerker onderzoek & registratie
Hellen Köhler, communicatieadviseur
Caroline van Schaardenburg, P&O-adviseur
Juridische afdeling
Ada Blok, jurist
Caroliena van den Bos, juridisch medewerker
Sander Welie, jurist
Secretariaat en administratie
Sophie Dinkla, coördinerend secretaresse
Shirley Peek, secretaresse
Miriam Saridi, secretaresse
Chantal Warmerdam, financieel-administratief medewerker
32
׉	 7cassandra://dC85v_ZK1RklriEdTtGSOu_MDzzrkVpEwRhurYELwY4 Y`j [oE!׉EExterne klachtencommissie
Raad
van toezicht
Ondernemingsraad
Directeur/bestuurder
Nannie Flim
Secretariaat
P & O
Communicatie
Cliëntenpanel
Opleidingsadviesraad
Controller
Adviserend
MT-lid
M. Costeris
F & C
Manager
MT-lid
A. de Mol
Senior jurist
MT-lid
T.P. Widdershoven
Manager
MT-lid
H. Hiltemann
Manager
MT-lid
N. de Hoog
Team W1
Juristen
Team M
Team N
Team W2
Team Z
Team O
O & R
Programmamanagement
(tijdelijk)
33
[oE![oE!{בCט   {u׉׉	 7cassandra://Ehg_5PxmKfrcQOUexJj67XJTBoURIBJKOfOBX6RpjTo *` ׉	 7cassandra://tXvxIQoxI5tX5bWsqneEWzM5Ne_oGHfGrkvl5hzoAYgsn`׉	 7cassandra://ebmnv3Dn2iO1Hs1xDW2gHele25FzTeoopm5S8ER20-c!`j ׉	 7cassandra://d7n0o_tqJVMIF2MndImNONc1C3E0CQTr8nQyGtnXEDg $͠	[oE!׉EBijlage 5, Publicaties en presentaties
‘De kleine lettertjes’, door Linda Paay, in Diverce, Cliëntenblad van Dimence. Jaargang 9 - nummer 1 -
maart 2017
‘Ontwikkelingen Wetsvoorstel Verplichte geestelijke gezondheidszorg’, door Wendy Bult, in Diverce,
Cliëntenblad van Dimence. Jaargang 9 - nummer 2- juni 2017
‘Rechtsbescherming onder druk door veranderingen binnen de ggz’, door Heleen van Koeven en
Hellen Köhler, in Journaal ggz en recht. Jaargang 13 - nummer 4 - augustus 2017
‘In veilige haven’, door Halling IJzerman, in Diverce, Cliëntenblad van Dimence.
Jaargang 9 - nummer 3 - oktober 2017
‘Morele waarden en schade’, door Irma de Ronde, in Diverce, Cliëntenblad van Dimence.
Jaargang 9 - nummer 4- december 2017
‘Voorstellen: de patiëntenvertrouwenspersonen bij Forint’, door Irma de Ronde, in Informant,
informatiekrant van Forensische psychiatrie bij Lentis.
Presentaties
‘Alles is van goud, maar het blijft een kooi’, presentatie over de bevindingen van de pvp met de HIC,
tijdens HIC 17-congres te Den Bosch door Sieke van Boxtel en Nannie Flim, 29 juni 2017.
‘De pvp, privacy en vertrouwen’, presentatie tijdens het annual dinner van de alumnivereniging beleid en
management gezondheidszorg (aBMG) van de Erasmus Universiteit door Jan Willem van Drunick, te Utrecht
op 3 november 2017.
Pvp-krant
In 2017 is één pvp-krant verschenen. Mede door de extra werkzaamheden die de voorbereiding op de
Wvggz met zich meebracht, is de publicatie van een tweede krant een aantal maanden uitgesteld.
De pvp-krant lente 2017 had als thema de Wet Kwaliteit, klachten en geschillen zorg en droeg als titel
‘Komt goede zorg tot zijn recht?’.
34
׉	 7cassandra://ebmnv3Dn2iO1Hs1xDW2gHele25FzTeoopm5S8ER20-c!`j [oE!׉EBijlage 6, Financieel verslag
Resultaat 2017
In 2017 bedragen de baten (inkomsten) van de stichting € 5.500.040. Deze inkomsten komen grotendeels uit
subsidies van het ministerie van VWS. Daarnaast had de stichting ook beperkte inkomsten uit dienstverlening
voor cliënten uit niet-BOPZ-geregistreerde instellingen en dienstverlening door het landelijk bureau aan de
Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen en uit vertrouwenswerk voor cliënten in andere zorgsectoren.
De lasten bedragen € 5.310.746. Het jaarresultaat is hierdoor € 189.294 positief. Dit bedrag verrekent de stichting
met toestemming van het ministerie van VWS voor € 193.022 met de egalisatiereserve. Het bedrag wat
betrekking heeft op de jubileumvoorziening, € 3.728, wordt ten laste van de algemene reserve gebracht.
Aan personeelskosten is € 4.660.191 betaald, circa 88% van de totale uitgaven van de stichting.
Kosten bestuur en toezicht
Het salaris van de bestuurder is conform de Wet Normering Topinkomens (WNT) en bedraagt in 2017 € 101.136
bruto (exclusief werkgeverslasten). De aanpassing van het salaris vindt jaarlijks trendmatig plaats. Dit ligt vast
in het beoordelings- en beloningssysteem voor de bestuurder dat de raad van toezicht in 2007 heeft vastgesteld.
Het salaris van de bestuurder blijft hiermee onder het in de WNT vastgelegde maximum voor een
organisatie van de omvang en complexiteit van de Stichting PVP.
De honorering van de raad van toezicht is in 2017 vastgesteld op € 4.938 voor de voorzitter en € 2.822 voor
de leden. De honorering van de voorzitter en de vier leden van de raad van toezicht is inclusief BTW. Op de
honoreringsbedragen wordt verder jaarlijks een indexatie toegepast. Daarnaast ontvangen zij een kilometervergoeding
volgens de standaardregeling van de stichting en een vergoeding voor zakelijke kosten op basis
van declaraties. Zij ontvangen geen vergoeding voor telefoon, porto en dergelijke. De gezamenlijke bezoldiging
van de leden van de raad van toezicht bedraagt in 2017 € 14.980.
Jaarrekening 2017
Baten
subsidies
overige baten
totaal baten
Lasten
personeelskosten
huisvestingskosten
bureaukosten
reis- en verblijfkosten
algemene kosten
afschrijvingskosten
totaal lasten
Exploitatieresultaat €
4.660.194
103.964
285.900
93.238
103.213
64.241
5.310.746
189.294
5.376.345
123.695
5.500.040
Financiering van de activiteiten
De financiering van de Stichting PVP bestaat sinds 2009 uit een instellingssubsidie die door het ministerie van
VWS verleend wordt. Jaarlijks vraagt de stichting subsidie aan op basis van een activiteitenplan en begroting.
Nadat deze verleend is door het ministerie, ontvangt de stichting periodiek een voorschot. Na afronding van
het jaar dient de stichting de aanvraag tot subsidievaststelling in.
Naast de instellingssubsidie ontvangt de stichting voor 1% van de omzet vergoedingen voor vertrouwenswerk
binnen instellingen zonder BOPZ-indicatie en voor 1% van de omzet vergoedingen voor overige activiteiten,
met name de administratieve ondersteuning van de Landelijke Stichting Familievertrouwenspersonen. De
vergoedingen die de Stichting PVP ontvangt voor haar vertrouwenswerk zijn vrijgesteld van omzetbelasting.
De Stichting PVP is aangemerkt als ANBI.
35
[oE![oE!{בCט   {u׉׉	 7cassandra://18FjdvZ-bMpKKCy3pOdv6cgxDRp_wFnLHjlNwtFJFzY i` ׉	 7cassandra://dNzswhvMgdn_HP29w51ohZQIJwGYkgEWeoJNuNN1Krg``׉	 7cassandra://FU4ktno0Of5NolqZ50Fj3eqT5_2WrfhxMyslujQrzzc`j ׉	 7cassandra://U9CMW1RFxvSpnsKhmw69TH97AIa417pK_HvbAhuExyw\a ͠	[oE!׉EEigen vermogen
De algemene reserve bedroeg ultimo 2017 € 305.913. De bestuurder kan, met instemming van de raad van
toezicht, deze reserve inzetten ter bevordering van de doelstelling van de stichting, de ondersteuning van
cliënten in de ggz bij de handhaving van hun rechten.
De egalisatiereserve bedraagt ultimo 2017 € 485.577. Aan de egalisatiereserve is door VWS een beperkte
bestedingsmogelijkheid gegeven. De egalisatiereserve kan in een boekjaar uitsluitend worden besteed aan
activiteiten waarvoor de instellingssubsidie in dat boekjaar is verleend en die niet kunnen worden bekostigd
uit de instellingssubsidie die is verleend ten behoeve van dat boekjaar.
Jaarrekening RJk C1
De jaarrekening wordt opgesteld op basis van de Richtlijn voor de jaarverslaggeving C1, voor ‘kleine organisaties
zonder winststreven’. Stichting PVP kwalificeert volgens de criteria genoemd in de RJk C1 als een kleine
organisatie-zonder-winststreven.
Reservering spaar- en vakantie-uren
De cao ggz maakt het mogelijk verlofuren te sparen voor diverse doeleinden. De waarde van de gespaarde
verlofuren wordt door de stichting op de balans gereserveerd tegen het uurtarief inclusief sociale lasten, rekening
houdend met vakantiegeld en eindejaarsuitkering. De waarde van de niet-opgenomen vakantie-uren
wordt door de stichting op de balans gereserveerd tegen het uurtarief inclusief sociale lasten. Die reservering
is in 2017 iets toegenomen.
De reservering voor spaaruren is ultimo 2017 ook hoger dan ultimo 2016. Deze kosten zijn in overleg met de
financier apart benoemd in de begroting. Op basis van de leeftijdsopbouw van het medewerkersbestand is
de verwachting dat de reservering na 2017 zal gaan dalen.
De toename van de spaarurenreservering was in 2017 minder sterk dan verwacht. Dit is onder andere het
gevolg van de ongeplande uitstroom en daarnaast heeft de stichting in 2017 concrete afspraken met een
aantal medewerkers kunnen maken dat zij een deel van hun gespaarde verlofuren reeds gaan benutten in
de aanloop naar hun pensioen.
Risico’s
Het risicobeleid is in het afgelopen jaar verder ontwikkeld. De stichting streeft ernaar risico’s waar mogelijk
te beheersen. Met dat doel wordt de risicorapportage iedere raad van toezicht-vergadering besproken en
wordt er jaarlijks uitgebreid stilgestaan bij de vraag of alle risico’s geïdentificeerd en juist gewogen zijn. De
stichting identificeert voor 2018 drie belangrijke risico’s:
Toegankelijkheid van de dienstverlening handhaven onder de Wvggz
De Wvggz is begin 2018 aangenomen in de Eerste Kamer. Dit zal een groot effect hebben op het takenpakket
en de werkwijze van de stichting. Cliënten zullen ook buiten de instelling met dwang en drang te maken
krijgen. De locaties waarop cliënten van de stichting zich kunnen bevinden nemen daardoor sterk toe.
Het werven van voldoende personeel
In 2018 zullen 4 pvp’en uitstromen als gevolg van het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. De leeftijdsopbouw
van de medewerkers van de stichting is zodanig dat er in de komende jaren nog meer medewerkers
met pensioen zullen gaan. Met het invoeren van de Wvggz wordt het mogelijk noodzakelijk dat de
stichting haar capaciteit uitbreidt. Gelet op de huidige krapte op de arbeidsmarkt verwacht de stichting dat
er extra inspanning nodig zal zijn om alle vacatures in te vullen.
36
׉	 7cassandra://FU4ktno0Of5NolqZ50Fj3eqT5_2WrfhxMyslujQrzzc`j [oE!׉EICT - Beheersing en Afhankelijkheid
Het is van groot belang voor de stichting om de privacy van cliënten te garanderen. De stichting heeft haar
informatieveiligheidsbeleid laten beoordelen door een onafhankelijke externe partij die een securityscan en
een vulnerability risk assessment heeft gedaan. De conclusies zijn dat de informatiebeveiliging onder controle
is: op basis van het NEN 7510-assessment heeft de Stichting PVP een gemiddelde score van ‘Largely achieved’,
met een volwassenheidsniveau 4 ‘Predictable process’. De digitale mogelijkheden en eisen blijven zich
ontwikkelen. Om met haar beperkte middelen ook in de toekomst aan de eisen te kunnen blijven voldoen
heeft de stichting een ICT-meerjarenbeleid opgesteld.
Investeringen en verplichtingen 2017
In 2017 heeft de stichting € 31.675 geïnvesteerd in de vervanging van afgeschreven laptops en computers.
Deze worden in 5 jaar afgeschreven. Daarnaast heeft de stichting € 15.364 geïnvesteerd in aanpassingen
aan de kwaliteit van de werkomgeving op het landelijk bureau, in de vorm van zit-sta-bureaus en een extra
werkruimte afgezonderd van de kantoortuin.
Baten
subsidies
overige baten
totaal baten
Lasten
personeelskosten
huisvestingskosten
bureaukosten
reis- en verblijfkosten
algemene kosten
afschrijvingskosten
totaal lasten
Exploitatieresultaat €
4.719.369
100.500
126.000
115.000
245.843
66.498
5.358.082
0
5.274.582
83.500
5.358.082
37
[oE![oE!{בCט   {u׉׉	 7cassandra://4AzXAomc5fpnhnLKxjMQnOibC9d-IQOEmIAqWm4kbMc ʮ` ׉	 7cassandra://QyScOU4a4pp2MkXGP1_fCwMfHb9t70VLgYdhPVHER-g9`׉	 7cassandra://6g3mS30eqtFNAgJr4ebsCBH2Apsv__tNYHQwtE5-BYg`j ׉	 7cassandra://04AbBgb_aoCPAARR6ou7ub5MSfGx_okFco-BQJnL1Ow5] ͠	[oE!׉EBijlage 7, Bestuur en toezicht
Op 31 december 2017.
Bestuur
Mevrouw H.H.J. Flim MCM, directeur/bestuurder,
59 jaar, benoemd 1-3-2006.
Raad van toezicht
De heer drs. J.F. de Beer, voorzitter sinds 1-10-2014,
67 jaar, benoemd 1-3-2011, herbenoeming 1-3-2015, aftredend 1-3-2019.
Directeur van de NVZD, vereniging van bestuurders in de zorg.
Nevenfuncties:
- Voorzitter Raad van Toezicht Amerpoort;
- Voorzitter Raad van Toezicht Stichting Specialistisch Behandelcentrum Zandheuvelweg;
- Lid Raad van Toezicht Carante Groep;
- Lid Raad van Commissarissen Castle Craig Nederland;
- Lid Toetsingscommissie RVVZ;
- Lid Raad van Toezicht van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Tandheelkunde.
Mevrouw mr. E.E. Aberson, vicevoorzitter van 24-6-2015 tot 1-7-2017.
61 jaar, benoemd 1-7-2009, herbenoeming 1-7-2013, afgetreden op 1-7-2017.
Zelfstandig adviseur public affairs; Associate Senior justice sector advisor bij The Hague Institute for Innovation
of Law (HiiL).
Nevenfuncties:
- Lid bestuur (vicevoorzitter/secretaris) Stichting Klachten en Geschillen Zorgverzekeringen;
- Lid Geschillencommissie Kinderopvang.
De heer ir. H.F.J. Levert, vicevoorzitter sinds 1-9-2017.
60 jaar, benoemd 1-10-2014, herbenoeming 1-10-2018, aftredend 1-10-2022.
Algemeen Directeur Xerox Nederland.
Nevenfuncties:
- Lid Raad van Commissarissen Xerox Manufacturing (Nederland) B.V.;
- Bestuurslid Stichting ICT Milieu.
Mevrouw drs. C.M. Vogeler,
50 jaar, benoemd 1-5-2015, herbenoeming 1-5-2019, aftredend 1-5-2023.
Directeur Korsakov Kenniscentrum.
Partner VOOR-bureau voor executive search.
Nevenfunctie:
- Lid Adviesraad programma Zorg en Perspectief Fonds Delta Lloyd Ohra.
De heer dr. E. van Duijn,
46 jaar, benoemd 1-3-2016, herbenoeming 1-3-2020; aftredend 1-3-2024.
Psychiater en opleider psychiatrie GGZ Delfland.
Senior onderzoeker Leids Universitair Medisch Centrum.
Nevenfuncties:
- Lid Raad van Toezicht Stichting Geriant;
- (Duo)voorzitter van de werkgroep Behavioural Phenotype van het European Huntington’s Disease Network;
- Lid Scientific Planning Committee van Enroll-HD;
- Lid Wetenschappelijke Adviesraad van de Vereniging van Huntington;
- Lid Medische Adviesraad van de Vereniging Hereditary Cerebral Hemorrhage with Amyloidosis, Dutch type.
38
׉	 7cassandra://6g3mS30eqtFNAgJr4ebsCBH2Apsv__tNYHQwtE5-BYg`j [oE!׈E[oE![oE!{בCט   {u׉׉	 7cassandra://BUtmbxMvi-FpT2H2X6m8czS0pTSylhIQ4kasKCbfiUYl	` ׉	 7cassandra://wxKxKlcLJAroTQubFoYiSQ_CzJ5gXuaa8ffL4V58EeM`S׉	 7cassandra://V-sNIQz-dToKQ_AmAt57kSUyyY0Q78HtB8dJQez8ePU`̵ ׉	 7cassandra://wffJ0y9d9bykypz9j2Uzj2SxiEjG_cyhBiuxbuXsTCg!.͠[oE!נ[ oE! ?W9ׁHhttp://www.pvp.nlׁׁЈנ[ oE! U9ׁHmailto:info@pvp.nlׁׁЈ׉E HMaliebaan 87 3581 CG Utrecht
T 030 271 83 53 E info@pvp.nl I www.pvp.nl
׉	 7cassandra://V-sNIQz-dToKQ_AmAt57kSUyyY0Q78HtB8dJQez8ePU`̵ [oE!׈E[oE![oE!{)Jaarverslag 2017 Stichting PVP  +Jaarverslag van de Stichting PVP over 2017.[vj