׉?4ׁB! qבCט  u׉׉	 7cassandra://LUuqQHZ8SJ6EYmObZ6nZ1kBtu3xUzwUSu3A2XFga9ic `׉	 7cassandra://2Nh90Zh_ROodBxlDsN7zXJaImt18pSK8iPE5l8OUyRo͕`׉	 7cassandra://fWUKstT8Ct8YM6Sepec4NiQUafoV7GdVVrXInK6pJh0+`  ׉	 7cassandra://lFAECU7QwVnzRyWNfJnJnS9Jl8A4_rsc2t50CXhtclQ  ͠c!j!>ט   u׈   frJ  ׈Ec!j!>)׉E UMASTERPLAN MAASDAL
NOORD-LIMBURG
visie op regionale ontwikkeling en rivierverruiming
׉	 7cassandra://fWUKstT8Ct8YM6Sepec4NiQUafoV7GdVVrXInK6pJh0+`  c!j!>*c!j!>)rבCט   u׉׉	 7cassandra://556VPEs-kXxTowjtjlvUUw5-EQAZIxAzcAYRoXMIcFs(` ׉	 7cassandra://cEMhOnPsKKC3KlvM2lFrzcUNUnNuGbIivERjkk_72Sc` ׉	 7cassandra://gk5iTyCyH2U41MkQOb3zNGu8E8ZutBI3czy7aeUnJbo`   ׉	 7cassandra://zjSTLRhEIseD6n27rcmSvkcFnUapI4C6vkUDFIk-Go4͠c!j!>ט  u׉׉	 7cassandra://U8xgbYa160baq9FjHeBZJVJdqT-5foWHpruW-55PoSoͺ.` ׉	 7cassandra://bRo6KTmIsrQFvwhgaC4QU6x_hKT-LbH_ZEiuTDexLSQ` ׉	 7cassandra://nvQemiEtbmiXyOVFNC_wUc8GaMCSXQX8iEJBHHqtDzQ`   ׉	 7cassandra://T961ddI6YNvk31o4BeKVbsk79T2ohkafV0xBIx5vHYQ8͠c!j!>׉E #2 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
׉	 7cassandra://gk5iTyCyH2U41MkQOb3zNGu8E8ZutBI3czy7aeUnJbo`   c!j!>+׉E MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
3
MASTERPLAN MAASDAL
NOORD-LIMBURG
visie op regionale ontwikkeling en rivierverruiming
DLA+ rural and urban landscapes BV, Groesbeek juni 2013
׉	 7cassandra://nvQemiEtbmiXyOVFNC_wUc8GaMCSXQX8iEJBHHqtDzQ`   c!j!>,c!j!>+qבCט   u׉׉	 7cassandra://bjAsb9NK9llEy_9gcHLqcbzeyrmtnnQgxZ_F9mXM00M 7/`׉	 7cassandra://cG5DeWKN_9vWxEcGNzQ1XMETJYIaULyWktLhEZjDYSo|`׉	 7cassandra://2lhn0evpuh4O4letWQl4BaG2mhQI-pWBOI6yj1Md72Y'`  ׉	 7cassandra://uUdwX5hGFcuIxMcF8Yp0Bazp8fwp0RG4nyL1Z-FsuxI ͠ c!j!>ט  u׉׉	 7cassandra://JhJcDCsuSSZFOm-GNaGAfrzAXHYIzuTG5gWNbpJA4dE ` ׉	 7cassandra://CJuuQfRtNuAbXtBsrDC8hLWASMi5kvmLqMnz6lKoVtku`׉	 7cassandra://5MW1gDohzGYxQ8pGarT1d4tmjKj8w49g68Zs_1CTwnk`  ׉	 7cassandra://Tphm3O-Ybi9ZJmgV-nTQ4TZNxKdQ0ORlqVAXrZueF6s͒T@͠c!j!>׉E׉	 7cassandra://2lhn0evpuh4O4letWQl4BaG2mhQI-pWBOI6yj1Md72Y'`  c!j!>-׉E)MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5
SAMENVATTING
Voor u ligt de gebiedsvisie ‘Masterplan
Maasdal’. Het masterplan geeft een
breed gedragen en inspirerende
visie op toekomstige ruimtelijke
ontwikkelingen in het noordelijke
Maasdal. Deze mogelijke ruimtelijke
ontwikkelingen gaan hand in hand met
de verruiming van het stroomprofi el
van de Maas die nodig is voor
hoogwaterveiligheid in 2100. Als gevolg
van klimaatverandering zullen de
maatgevende waterstanden van de Maas
in de toekomst immers sterk toenemen.
In dit Masterplan gaan we na in
hoeverre de regionale ambitie duurzaam
en toekomstbestendig te verweven
is met passende maatregelen voor
rivierverruiming. De regio ziet in
de noodzakelijke rivierverruiming
kansen voor structurele, integrale
gebiedsontwikkeling die moet leiden tot
een krachtige regionale identiteit. Het
perspectief voor de inwoners is nieuwe
economie en duurzaam welzijn.
Visionair, niet voorschrijvend
Het Masterplan is een overkoepelend
plan, ontwikkeld onder regie van de drie
gemeenten in het plangebied – Bergen,
Gennep en Mook en Middelaar – daarin
bijgestaan door de provincie Limburg.
Het plan is in de eerste plaats visionair.
Het schrijft geen ontwikkelingen voor
maar identifi ceert kansen met name voor
de lange termijn, die breed gedragen
worden. Het geeft een creatieve doorkijk
naar de toekomst die ondernemers en
andere partijen prikkelt initiatieven te
ontplooien en zo werk met werk te maken.
Kansen moeten dus door marktpartijen
worden opgepakt. In hoeverre deze
marktpartijen bereid zijn investeringen
te doen, zal afhangen van conjunctuur,
maatschappelijke trends en het tempo
waarin de hoogwatermaatregelen hun
beslag krijgen.
Meerdimensionale aanpak
Tot nog toe wordt rivierverruiming
van de Maas bijna als vanzelfsprekend
verbonden met delfstoff enwinning.
Dat heeft alles te maken met het
genereren van geld voor de gewenste
ingrepen. Hoogwaterveiligheid wordt
daarmee gekoppeld aan een enkelvoudig
economisch belang, wat feitelijk neerkomt
op een tweedimensionale aanpak.
In dit Masterplan kiest de regio
welbewust voor een meerdimensionale
aanpak – een aanpak die een veelvoud
aan maatschappelijke én economische
belangen dient. Geheel conform de
Regiovisie namelijk, wordt aan de ene
kant aangestuurd op onderscheidende
identiteit en kwaliteitslandschap, en aan
de andere kant op innovatieve combinaties
van agrarische, toeristisch-recreatieve,
ecologische, woon- en zorgfuncties.
Met deze meerdimensionale aanpak
creëert de regio een scala aan kansen voor
welvaart en welzijn, waarvan de baten op
termijn kunnen worden verzilverd.
Het thema rivierverruiming is hier dan
ook geen uitwerking van eerdere ‘van
boven af’ geïnitieerde studies, zoals de
IVM-studies en de Quickscan. Het
plan is juist andersom ingestoken: ‘van
onder af’. Het laat zien hoe en wáár het
regionale ontwikkelingsperspectief hand
in hand kan gaan met de noodzakelijke
rivierverruiming.
Meebewegen met het onderliggende
landschap
Een relevant aspect van de voorgestane
gebiedsontwikkeling is, dat het Maasdal
samen met Stuwwal en Maasduinen
in potentie een onderscheidend
kwaliteitslandschap vormt. Een
kwaliteitslandschap dat van ons allemaal is
en dat we dat slechts in bruikleen hebben.
We hebben de plicht om het respectvol te
gebruiken en in vitale staat door te geven
aan volgende generaties.
Maar landschap is niet alleen van ons
mensen. We delen het met een complex
en biodivers systeem van andere levende
organismen, dat alleen kan overleven
als wij hun leefomgeving en de fysische
factoren die daaraan ten grondslag liggen,
respecteren en in stand houden. Bij
de gebiedsontwikkeling wordt daarom
ingezet op duurzame ontwikkeling
volgens het ‘cradle to cradle’ principe, dat
uitgaat van het sluiten van kringlopen en
het zuinig omgaan met energievoorraden.
Het spreekt dan ook vanzelf dat
nieuwe ontwikkelingen moeten
׉	 7cassandra://5MW1gDohzGYxQ8pGarT1d4tmjKj8w49g68Zs_1CTwnk`  c!j!>.c!j!>-qבCט   u׉׉	 7cassandra://7doZtACBg5GIRI2I-AhcfsXNg8NymiIGlDS6ihY_skQ ` ׉	 7cassandra://qGkONCRgycOGJKNC770LDo71ud0q1NF-OWUq2ae5evYj`׉	 7cassandra://agdmlbLp-O1SxVqU1bwaoL5aUsx_XSabajwIhWFQMnI$`  ׉	 7cassandra://JEAMY1kd46V6ndSydeqWOZWWYGhJj2ZAvSbd-850QSYX͠c"j!>ט  u׉׉	 7cassandra://z22yI5h7AxP-EO8whR0I31bV3PUt9aWsWvVKJ9D3rFo ` ׉	 7cassandra://WbUpOQXpkoMC9PsJas89Ut18a9NvlgyrGYC8_wFa_XU]`׉	 7cassandra://QVQeDxXDV71OkpEL_8gdCeVwb8dk0NKGzD3ELe5q9fs`  ׉	 7cassandra://7TLsKIyUJklA6UnTe9LYp2NPKEC9sXCPIrgSnpQFfL8[͠c"j!>׉E6 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
voldoen aan criteria als duurzaamheid,
toekomstbestendigheid, gebiedseigenheid
en respect voor de authentieke natuurlijke
en cultuurlijke kernkwaliteiten van het
kwetsbare Maasdallandschap.
Daarbij past het basisprincipe dat
rivierverruiming meebeweegt met het fossiele
lineaire geulenstelsel.
Onderscheidend kwaliteitslandschap
Het voorgestelde pakket aan
rivierverruimingsmaatregelen resulteert
in een ‘hoogwaterlandschap’ met twee
kwaliteitsaspecten. Aan de ene kant is de
realisering van een solide, eff ectieve en
dus veilige waterafvoer; en aan de andere
kant het herstel van het karakteristieke
reliëf van het oude geulenstelsel.
Rivierverruiming voegt zo een waardevolle
betekenislaag toe aan het ‘Maasdal van de
toekomst’.
Het nieuwe hoogwaterlandschap is
enerzijds de fysieke onderlegger en
hechtingsstructuur voor sectoren als
landbouw, recreatie, wonen en zorg;
anderzijds schept het de condities
voor herstel en beleefbaar maken van
geomorfologie, biotiek, archeologie en
cultuurhistorie.
Het nieuwe hoogwaterlandschap verdient
daarmee de status van kwaliteitslandschap.
Een dergelijk kwaliteitslandschap laat zich
uitstekend vermarkten. Zeker wanneer
men bedenkt dat onze kleinschalige en
verstilde landelijke regio het groene hart
vormt van een omvangrijke, dynamische
en dichtbevolkte ‘urbane ring’. Voor de
kritische en kapitaalkrachtige stadsmens
vertegenwoordigt dat groene hart meer
dan alleen een stiltegebied. Hier komt
zijn gezonde voedsel vandaan, hier brengt
hij graag zijn vrije tijd door en als hij het
zich kan veroorloven heeft hij hier zijn
tweede woning. Hier kan hij bijkomen
(sich erholen) van het soms hectische
stadsleven, zijn fysieke en mentale
gezondheid sterken en zich met alle
luxe, comfort en zelfs professionele zorg
omringen.
Volop kansen voor de regionale economie
Dit is precies waar ondernemers en
brancheorganisaties – zowel in de
landbouw, toerisme & recreatie als zorg
– succesvol op kunnen inspelen. Door in
gezamenlijkheid doelgericht te werken
aan innovatieve productcombinaties
kunnen de gezamenlijke ondernemers de
kwaliteitsslag bewerkstelligen die nodig is
om de kritische stadsmens aan onze regio
te binden.
Iedere sector zal zijn bijdrage moeten leveren
aan het ‘aanharken van ons landschap’ en
het ‘oppoetsen van onze pronkstukken’.
Belangrijke pronkstukken zijn onder andere
het watersysteem van de Maas met ecologische
zijrivieren en beken, de vele natuurterreinen
en parken, de kleinschalige ‘natuurlijke’
cultuurlandschappen, de pittoreske
rivierdorpen, de markante terrassteilrand,
de recreatieplassen en een heel scala aan
cultuurhistorische objecten met bijbehorende
verhalen.
Landbouw drijvende economische kracht
Het Maasdal wordt overwegend agrarisch
gebruikt. Dat betekent dat de boeren
in het Maasdal bij de voorgestane
ontwikkelingen een centrale rol spelen. De
regio stuurt daarom aan op een constructieve
samenwerking met de agrarische sector.
Uiteindelijk doel is een onderscheidende
kwaliteitsomgeving waarin duurzame
renderende landbouw, gezond leven,
gezonde voeding, hoge biodiversiteit en
een aantrekkelijk vrijetijdslandschap de
kernbegrippen vormen.
De overheid zoekt samen met de sector naar
een realistisch en kansrijk toekomstperspectief.
Mogelijk kan dat ook leiden tot nieuwe
agrarische bedrijfsconcepten, die
beantwoorden aan duurzaamheidsprincipes en
tegelijk garant staan voor een goed inkomen.
Uiteraard is het plan er in de eerste
plaats op gericht de waardevolle
productiegronden van de agrarische
ondernemers zoveel mogelijk te sparen.
Hoge productiegronden blijven
onaangetast en lage productiegronden
worden na vergraving waar mogelijk
teruggegeven aan de landbouw.
De regio zet niet primair in op
delfstoff enwinning omdat die bijna
altijd resulteert in plassen en dus voor
altijd productiegronden onttrekt aan de
landbouw.
Tegenover de onttrekking van gronden
en eventuele waardevermindering van
landerijen stelt de regio mogelijkheden
voor de in het Maasdal gevestigde boeren
om nieuwe bouwvolumes te realiseren.
׉	 7cassandra://agdmlbLp-O1SxVqU1bwaoL5aUsx_XSabajwIhWFQMnI$`  c!j!>/׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
7
Daarmee is rekening gehouden bij de
dimensionering van het pakket aan
verruimingsmaatregelen.
Deze opstelling is een voorbeeld voor de
wijze waarop de regio de economische
kracht van de agrarische sector en de
potentie voor verder hoogwaardige
agrarische ontwikkeling voor de
toekomst veilig wil stellen. Dit in nauwe
samenwerking met de sector zelf.
Toerisme en recreatie geënt op water en
erfgoed
Een andere belangrijke gebruikersgroep
is die van de toeristisch-recreatieve
ondernemers. Met het oog op de
toekomstbestendigheid van de sector is
water een belangrijke economische drager.
Veel ontwikkelingskansen zijn dan ook
watergerelateerd.
De Maas is in dit Masterplan de
‘verbindende’ factor. De voorgestelde
mogelijkheden van reizen en transport
over water zijn divers. Ze zijn niet alleen
van puur recreatief belang, ze verzorgen
ook voor een aantrekkelijke ontsluiting
van het Maasdal voor langzaamverkeer.
De belangrijkste toeristisch-recreatieve
verbinding over land is de doorgaande
‘Maasdalroute’ voor wandelaars en fi etsers.
Ze is de hartlijn waaraan bestaande en
nieuwe toeristische infrastructuur worden
opgehangen.
Waar het gaat om cultuurtoerisme, krijgen
de historische rivierdorpen een essentieel
aandeel in de totale gebiedsontwikkeling.
Deze vaak nog gave erfgoedensembles van
de historische kernen zijn een zorgvuldige
rehabilitatie meer dan waard. Om
initiatieven eff ectief te sturen zijn TOP’s
(Toeristische Ontwikkelingsplannen)
met speciale aandacht voor erfgoed en
beeldkwaliteit echter onontbeerlijk.
Kernbegrippen zijn hier authenticiteit,
kleinschaligheid, belevenswaardigheid en
gastvrijheid.
Subliem wonen
Nieuwe woonvormen in het Maasdal
zijn in principe bestemd voor collectief
en meervoudig gebruik. Ze bieden de
mogelijkheid van zowel tijdelijke als
permanente bewoning. Wonen op het
water of op de steilrand langs het Maasdal
is door de bijzondere landschappelijke
condities en de panoramische uitzichten
altijd een vorm van subliem wonen.
Ontwikkelingen waarbij wonen zich
richt op multifunctionaliteit en nieuwe
doelgroepen met specifi eke wensen –
zoals de ‘erholung’ zoekende stedeling,
de vitale senioren en de families-metzorgbehoevende(n)
– hebben de voorkeur.
13 deelplannen
Het Masterplan Maasdal mondt uit in een
constellatie van een 13-tal deelplannen
voor de oostzijde van de Maas, die als
‘preliminaire schets’ voor ruimtelijke
ontwikkeling zijn op te vatten. Daarnaast
zijn er – hoewel ze strikt genomen buiten
de reikwijdte van dit Masterplan Maasdal
vallen – ook voor de westzijde van de
Maas vijf typen hoogwatermaatregelen
voorgesteld en kwantitatief meegenomen
bij de hydraulische berekeningen. Dit
om een meer uitgebalanceerd beeld te
schetsen van de haalbaarheid van de
hoogwatertaakstelling. Die ‘Brabantse’
maatregelen zijn hier vanzelfsprekend niet
verder uitgewerkt.
Elk deelplan bevat een aantal concrete
actievoorstellen. Deze actievoorstellen,
ondergebracht in een bijbehorende
actiematrix, zijn achtereenvolgens
geïdentifi ceerd en geprioriteerd voor
de korte (quickwins), middellange
(planologische beleid) en lange – mogelijk
zelfs zeer lange – termijn. Daarmee vatten
ze het betreff ende deelplan kernachtig en
overzichtelijk samen.
Alle actiematrices van het totaal
aan deelplannen vormen samen het
kaderprogramma.
׉	 7cassandra://QVQeDxXDV71OkpEL_8gdCeVwb8dk0NKGzD3ELe5q9fs`  c!j!>0c!j!>/qבCט   u׉׉	 7cassandra://lODHi0dfa69WFhUGR5EB5XJbH0vfWeE-ZHir_b7XNao A` ׉	 7cassandra://CNpUA2iY1XuWQPBZkXsO_iQVx7uvO9k5KGxXGWxGx14G` ׉	 7cassandra://a5fJHq7Qt4EcTtfL5XknzgTc9Vsci97Nz3w847MMFaQ`   ׉	 7cassandra://Ka7d37GT2XLQ0n-S4G57WL5w54RD9cLVhHUv4MVa83UTR͠c"j!>ט  u׉׉	 7cassandra://rzSSzr6_C21jEvee-gGJs6z9S3_vYLOSk3UdgPBrOi4 ` ׉	 7cassandra://Gud4gDMArDGnsjcBSMqBMZcNRE2j9vcVm6_LEB5Uil0F` ׉	 7cassandra://XI-zvx3Q5xSF-vaO2kMIjN1qBMSlKDo5JKq4DVZDJ980`  ׉	 7cassandra://Es0M4Mt_diD-0ZrI3241D8jGVLesNqasMyT-fOFlBLsb͠c"j!>׉E8 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
INHOUDSOPGAVE
SAMENVATTING ................................................................................................................................................................
VOORWOORD .....................................................................................................................................................................
1. INLEIDING .............................................................................................................................................................
2. CONTEXT EN STATUS ..........................................................................................................................................
3. PROCES .....................................................................................................................................................................
4. VERKENNING & PREVIEW .................................................................................................................................
4.1 GLOBALE BESCHRIJVING MASTERPLANGEBIED .........................................................................................
4.2 VERKENNING LANDSCHAP ................................................................................................................................
4.2.1 Hoogwaterveiligheid 2050 / 2100 ..................................................................................................................
4.2.2 Geomorfologie
4.2.3
Archeologie
4.2.4 Cultuurhistorie
...............................................................................................................................................
....................................................................................................................................................
..............................................................................................................................................
4.2.5 Ecologie & biodiversiteit ...............................................................................................................................
4.3 VERKENNING GEBRUIK ......................................................................................................................................
4.3.1 Verbindingen en toegankelijkheid ................................................................................................................
4.3.2
Landbouw ......................................................................................................................................................
4.3.3 Toerisme & recreatie .........................................................................................................................................
4.3.4
Zorg ................................................................................................................................................................
4.3.5 Wonen ............................................................................................................................................................
5. VISIE .........................................................................................................................................................................
5.1 LANDSCHAP EN OMGEVINGSKWALITEIT ......................................................................................................
5.2 HOOGWATERLANDSCHAP ..................................................................................................................................
5.3 INTEGRALE ORDENINGSPRINCIPES ...............................................................................................................
5.4 LANDBOUW ............................................................................................................................................................
5.5 TOERISME & RECREATIE ....................................................................................................................................
5.6 ZORG .........................................................................................................................................................................
5.7 WONEN ....................................................................................................................................................................
11
13
17
23
27
29
34
34
42
46
48
52
59
59
60
66
70
71
73
73
74
76
78
84
90
92
׉	 7cassandra://a5fJHq7Qt4EcTtfL5XknzgTc9Vsci97Nz3w847MMFaQ`   c!j!>1׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
9
6. SCENARIO DEELPLANNEN EN KADERPROGRAMMA .................................................................................
6.1 TOTSTANDKOMING VAN DE DEELPLANNEN .............................................................................................
6.2 KADERPROGRAMMA ............................................................................................................................................
Deelplan 1 Waterfront Mook ................................................................................................................................
Deelplan 2 Herstel Maasheggenlandschap ...............................................................................................................
Deelplan 3 Plasmolen en de Mookerplas .................................................................................................................
Deelplan 4 Bezoekerscentrum Noordelijke Maasvallei .............................................................................................
Deelplan 5
‘Genneper rivierenpark’ .........................................................................................................................
Deelplan 6 ‘Gennep aan de Maas’ ...........................................................................................................................
Deelplan 7 ‘t Meer van Huys Heijen’ ......................................................................................................................
Deelplan 8 ‘Riviernatuurpark Maaseilanden’ .........................................................................................................
Deelplan 9 Watersporten bij Diekendaal .................................................................................................................
Deelplan 10 ‘De Bergerplas’ ......................................................................................................................................
Deelplan 11 Maaspark Well ....................................................................................................................................
Deelplan 12 Well, levendig toeristenplaatsje ...............................................................................................................
Deelplan 13 ‘Riviernatuurpark De Stalberg’ .............................................................................................................
BRABANT Middelwaert Mook weer eiland ............................................................................................................
BRABANT ‘Oeff eltse aanbrug’ ................................................................................................................................
BRABANT ‘Vortumse geul’ ....................................................................................................................................
7. RIVIERKUNDIGE EVALUATIE ............................................................................................................................
7.1 STATUS EN DEELPLANNEN ..................................................................................................................................
7.2 OVERZICHT VAN HET CUMULATIEVE EFFECT .............................................................................................
7.3 KOSTENINDICATIE ...............................................................................................................................................
7.4 BATEN ......................................................................................................................................................................
7.5 RESUMÉ ..................................................................................................................................................................
BRONNEN
VERANTWOORDING
COLOFON
95
95
96
99
107
115
125
131
137
145
149
153
161
171
177
185
191
195
199
201
201
202
206
209
211
׉	 7cassandra://XI-zvx3Q5xSF-vaO2kMIjN1qBMSlKDo5JKq4DVZDJ980`  c!j!>2c!j!>1qבCט   u׉׉	 7cassandra://4_PexAb2OyXEx3z6W7yLplbcVThEIGb9kTlainXujyc щ`׉	 7cassandra://mI3VCaw18-7J-kT8Ju7DKXiDzrsIP9KpfnwogfaH-4A``׉	 7cassandra://lcFGKQhcbv94KBCSPracVBP9W0CIXaev2kv6KOM-hKE`  ׉	 7cassandra://DhJOChceq2vmBGJtBMLLapYtgjycL2yHddQq8dzOOBE ͠c"j!>ט  u׉׉	 7cassandra://GUSVyd2MwjMr8vlmLoEM7BG_uHyE4Wh-KfNCau0CbFs p` ׉	 7cassandra://Uv5JPh6N7wj_1bVSuvk1G3lBGOD6KTWcWKomRnucYKUl@`׉	 7cassandra://ihh3Zhy1s_spe1pqzbUf14wpgXR6RIQhTUsVmxDe8mc`  ׉	 7cassandra://SBNqHn7kQElaSkkiGeneR7-Hm75rPlkUiDM3UiohHVIVn6͠c"j!>׉E׉	 7cassandra://lcFGKQhcbv94KBCSPracVBP9W0CIXaev2kv6KOM-hKE`  c!j!>3׉EnMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
11
VOORWOORD
De gebiedsontwikkeling Maasdal vormt
één van de 4 programmalijnen in de
uitvoeringsagenda 2011 2014 van de
Regiovisie Bergen, Gennep en Mook
en Middelaar (BGMM). In 2010 is de
Regiovisie bestuurlijk goedgekeurd door de
gemeenteraden van de 3 genoemde gemeenten
en door provinciale staten van Limburg. Zij
is onder leiding van Prof. Riek Bakker binnen
twee jaar tijd ontwikkeld in een unieke
samenwerking met en maximale inbreng van
alle relevante stakeholders en talrijke burgers.
Hierdoor is een gedragen, inspirerende en
collectieve ambitie ontstaan, die de regio
nu bewust geworden van al zijn kwaliteiten,
kansen en onderscheidend vermogen weer
op de kaart moet zetten. De regio wil zich
uniek gelegen in de luwte tussen de stedelijke
regios Nijmegen aan de noordzijde en Venlo
aan de zuidzijde positioneren als eencenter
of excellence met als steekwoorden: puur,
authentiek en gastvrij en met respect voor de
natuur en het landschap.
De Stuurgroep Regiovisie BGMM
bestaande uit bestuurlijke vertegenwoordigers
van de 3 gemeenten, de provincie én
ondernemers en maatschappelijke organisaties
- heeft begin 2012 opdracht gegeven tot
de integrale gebiedsontwikkeling van het
Maasdal. Het vormt een cruciale drager
van die Regiovisie, als rode draad beter
blauwe engroene draad van Mook tot
Wellerlooi.
De eerste stap vormde de selectie van een
adviseur. Adviesbureau DLA+ rural and
urban landscapes te Groesbeek kwam als
beste uit de bus. Onder leiding van Paul
Vossen, programmamanager Maasdal en
vanuit de Provincie Limburg gedetacheerd in
het Programmabureau Regiovisie BGMM,
is een ambtelijke projectgroep voortvarend
aan de slag gegaan. Vertegenwoordigd waren
onder meer de Gemeenten, Provincie en
Rijkswaterstaat.
Evenals bij de totstandkoming van de
integrale Regiovisie BGMM (20082010)
zijn bij de voorbereiding van het
Masterplan Maasdal alle relevante instanties
en organisaties betrokken geweest, alsmede
vele vertegenwoordigers van het (toeristisch)
bedrijfsleven, de landbouwsector, natuuren
landschapssector, dorps- en wijkraden
enzovoort. Op een interactieve en
onorthodoxe manier is de dialoog met al
deze partijen georganiseerd en uiteindelijk
uitgemond in het voorliggende “Masterplan
Maasdal Noord Limburg, visie op regionale
ontwikkeling en rivierverruiming”.
Het Masterplan Maasdal is een
omvangrijk document met tal van
suggesties en voorstellen voor de integrale
gebiedsontwikkeling van het Maasdal,
voor zowel de korte als lange termijn. De
reikwijdte ervan is breed en strekt zich
uit van hoogwaterveiligheid en landbouw
tot recreatie en toerisme, zorg en wonen.
Dat maakt dit Masterplan uniek. De
keuze is gemaakt voor rivierverruiming,
waarmee de hoogwaterveiligheid in de 21e
eeuw blijvend kan worden gegarandeerd,
ondanks de klimaatveranderingen. De
gekozen hoogwatermaatregelen faciliteren de
overige ontwikkelingen als structuurdrager;
ze worden in het Masterplan Maasdal
gezien als kansen voor welvaart en
omgevingskwaliteit. Met name de invulling
van de hoogwatermaatregelen is een
kristallisator gebleken voor ook afwijkende
opvattingen. Het is goed dat belangrijke
stakeholders als de landbouwsector (LLTB)
en de ontgronderbranche (Firma Teunesen)
tijdig hun standpunt en oplossingen kenbaar
hebben gemaakt. Daarmee kon de Stuurgroep
Regiovisie BGMM nadrukkelijk rekening
houden bij de formulering van een bestuurlijk
standpunt op het voorliggende Masterplan
Maasdal.
De Stuurgroep en daarna de gemeenteraden
en provinciale staten zijn nu aan zet om
het bestuurlijk proces vóór 1 november
2013 te voltooien. Dit houdt verband met
de tijdige input vanuit de regio – op het
onderdeel Hoogwaterveiligheid – richting
de landelijke Deltacommissie. Deze zal
in 2014 het Deltaplan Grote Rivieren
2050/2100 vaststellen, een plan waarmee
investeringsruimte is gemoeid voor onder
meer de realisatie van het Masterplan
Maasdal.
De Stuurgroep Regiovisie is de projectgroep
bijzonder erkentelijk voor het gedegen,
deskundige en inspirerende werkstuk, dat
nu voorligt. Met de presentatie van het
rapport heeft de projectgroep haar taak
conform opdracht uitgevoerd. De regio –
Overheid, Ondernemers en Maatschappelijke
Organisaties – heeft nu een uniek document
in handen om samen met de burgers
de integrale gebiedsontwikkeling van
het Maasdal als onderdeel van de gehele
Regiovisie energiek en slagvaardig op te
pakken.
Ton Kessels,
Voorzitter Stuurgroep Regiovisie BGMM
׉	 7cassandra://ihh3Zhy1s_spe1pqzbUf14wpgXR6RIQhTUsVmxDe8mc`  c!j!>4c!j!>3qבCט   u׉׉	 7cassandra://RqR2wVVQ4Y84sVFHq91J6T4ITOGEt30eHdS2dJziAOg 3`׉	 7cassandra://KEqC6uZqYk4f0cnYEmlkX7J024yiXg4yNH0XPyLJyy0U5`׉	 7cassandra://e9BzVew3xsAlPq8_Nro0Jw8uXZr9YmdVAXYIDZkCRFA)`  ׉	 7cassandra://IUaQq6AVWDJSC70HMyrhcGnCqWmlEpiuwhHE0CtGHbI ͠c"j!>ט  u׉׉	 7cassandra://2WeK0CcM6BbRmsJ_MkXLdS9mgIYn_KtKkgf-0EFbrMc `׉	 7cassandra://W9jkupSYj4Z4oYwXChU7A01uktWpjA3PY665KsPgvvom`׉	 7cassandra://4wBKaRtb8kgZCvTcikU7xZ0iQoeAfMzRzbf6A-FUVi0`  ׉	 7cassandra://_MCvC807Ed1-SUUFSF53FvRfsgl-lPoPWdD-CArH8qg ;0͠c"j!> ׉E .De Maas bij Geysselberg (ten zuiden van Well)
׉	 7cassandra://e9BzVew3xsAlPq8_Nro0Jw8uXZr9YmdVAXYIDZkCRFA)`  c!j!>5׉E
mMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
13
1
INLEIDING
In hun oriëntatie op de toekomst hebben de drie Noord-Limburgse gemeenten Bergen,
Gennep en Mook en Middelaar samen met de provincie Limburg én ondernemers en
maatschappelijke organisaties een strategisch perspectief voor de langere termijn ontwikkeld.
Ideeën en opvattingen over de toekomstige gebiedsontwikkeling van Noord-Limburg zijn in het
voorjaar van 2010 vastgelegd in de Regiovisie Bergen, Gennep, Mook en Middelaar en vervolgens
uitgewerkt in de zogenaamde Regionale Agenda.
Als uitwerking van een van de twee sleutelprojecten uit de Regionale Agenda is dit Masterplan
Maasdal een logische volgende stap in een proces dat moet leiden tot een succesvolle
toekomstige ontwikkeling van de regio Noord-Limburg.
De Stuurgroep Regiovisie heeft bureau DLA+ rural and urban landscapes uit Groesbeek
opdracht gegeven om de gewenste gebiedsontwikkeling van het Noord-Limburgse Maasdal
richting en perspectief te geven in een masterplan: een integrale gebiedsvisie met daaraan
gekoppeld een kaderprogramma voor de uitvoering. De Stuurgroep kon voor de begeleiding
van het visievormingsproces rekenen op provinciale ondersteuning.
De projectgroep die met het Masterplan Maasdal aan de slag is gegaan, werd namens de
Stuurgroep Regiovisie voorgezeten door programmamanager Paul Vossen en bestond –
behalve uit medewerkers van het bureauteam van DLA+ rural and urban landscapes – uit
vertegenwoordigers van de drie samenwerkende gemeenten, de Provincie Limburg en instanties
als Waterschap Peel en Maasvallei, Staatsbosbeheer, Rijkswaterstaat, de Recreatiesector en de
LLTB.
De opdracht die de drie gemeenten bij de projectgroep hebben neergelegd, is te komen tot
een integrale gebiedsvisie, die de weg bereidt voor een rooskleurige toekomst van specifi ek
het Maasdal. Een integrale gebiedsvisie die – dat is essentieel – alle belangen en aspecten
die in het Maasdal aan de orde zijn, maximaal respecteert. En dat zijn er nog al wat. Want
behalve een sterk gevoelde verantwoordelijkheid voor de fysieke kwaliteit van het kwetsbare
uiterwaardenlandschap (geomorfologie, archeologie, cultuurhistorie en ecologie) en de
vanzelfsprekende verplichting jegens gebruikers en gebruik van het Maasdal (de agrarische
sector, toerisme & recreatie, wonen en zorg), is er bovendien nog het vraagstuk van de
hoogwaterveiligheid (Taakstelling Hoogwaterveiligheid 2050/2100) waarmee terdege rekening
moet worden gehouden. Programmatisch zijn de volgende thema’s uit de Regiovisie leidend:
innovatieve landbouw, bijzondere zorgconcepten, exclusieve woonprogramma’s en nieuwe toeristischrecreatieve
producten en voorzieningen.
׉	 7cassandra://4wBKaRtb8kgZCvTcikU7xZ0iQoeAfMzRzbf6A-FUVi0`  c!j!>6c!j!>5qבCט   u׉׉	 7cassandra://35-adE27Urka_3Iz4z2jDw4R2-fysSfFQJhxtZ1fu2g ` ׉	 7cassandra://xW1YGgfTcrOKZzaPsbwafDtHl1eCuEBabQwlfjvYG2oj`׉	 7cassandra://vhPiRi9gyjJfXCVvsj9uG2nko3ilL7egsQtaOLZtJ_I`  ׉	 7cassandra://Bk4a5QLmfyBPB1EIYySUQ0u3aaHt90VrgvuhP9XFXew͑5͠c"j!>"ט  u׉׉	 7cassandra://UfUUpz7fz6uKNthI50i_ZoTQ2c0qwVwiLh2ArW4S9nE ]`׉	 7cassandra://nsSENNowW1d7IsEp4AL3DACrmUeo1QMR6w8KiMMppaAS]`׉	 7cassandra://y3llwwecw09HZsiOaAvzP93VJSQM3z79rMcyLOIfMSQb`  ׉	 7cassandra://Zo6spE8zE1iAx4hhDYt4gbZPNcpDsK2G_lKcuGj4iB8 v͠c"j!>#׉E14 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
De complexe mix van belangen is
bepalend geweest voor het aandeel van de
belangenhouders in het visievormingsproces.
Vanuit de overtuiging namelijk, dat
draagkracht in dit soort ingewikkelde
vraagstukken alleen maar verkregen wordt
via een ‘bottom-up’ benadering waarin
alle relevante belangen vertegenwoordigd
zijn, kende de visievorming van het
Masterplan Maasdal een zeer intensieve
participatie ván en communicatie mét
belangenhouders. Naast de stakeholders die
in de projectgroep zitting hadden, hebben
met name vertegenwoordigers van de
bewoners (Buurtcomité Bloemerstraat e.o.,
Dorpsoverleg Mook, Dorpsraad Aff erden,
Dorpsraad Aijen, Dorpsraad Bergen,
Dorpsraad Middelaar-Plasmolen, Dorpsraad
Ven Zelderheide en Dorpsraad Wellerlooi,
Forum Siebengewald, Forum Well,
Werkgroep SL!M, Vereniging Hèjje Mojjer)
en allerlei direct belanghebbende organisaties
(LWV, MKB, RTB, Recron, Ondernemers
Mook, Stichting Promotie Noord-Limburg,
KAN, Vereniging Natuurmonumenten,
Stichting Limburgs Landschap, Staatsbosbeheer,
Eldoradopark, Leukermeer, HISWA, Industriële
Kring Land van Cuijk en Noord-Limburg, KSV
Schuttevaer, RGV Holding, Sport- en speelstraat
De Brink, Teunesen Zand en Grint BV,
Toeristisch platform Maasduinen-Venlo) hun
stem kunnen laten horen tijdens de diverse
stakeholdersbijeenkomsten.
Dit conceptrapport Masterplan Maasdal kent
de volgende indeling. Aan deze Inleiding
(Hoofdstuk 1) gaat een Samenvatting vooraf,
bedoeld als ‘quick reference’ en praktisch
resumé voor bestuurders en belangenhouders.
In hoofdstuk 2 (Context en status) wordt het
Masterplan globaal geplaatst in zijn sociaalmaatschappelijke
en beleidsmatige context;
waarbij overigens moet worden opgemerkt
dat specifi eke beleidaspecten in dit stuk verder
alleen worden besproken waar ze ook echt
inhoudelijk relevant zijn.
Daarna wordt in hoofdstuk 3 (Proces) de
hele procesgang van het project geschetst:
van ‘Voorbereiding’ en ‘Inventarisatie’ via
‘Visievorming’ naar de opmaak van een
‘Kaderprogramma’ voor de uitvoering.
In hoofdstuk 4 (Verkenning & preview)
vindt u niet alleen de resultaten van de
inventarisatie, er wordt ook vooruitgekeken
naar toekomstige gebiedsontwikkeling vanuit
de diverse perspectieven. Dat levert per
perspectief een aantal uitgangspunten voor
ontwikkeling op.
In hoofdstuk 5 (Visie) worden al die
perspectieven geconvergeerd tot één integrale
gebiedsvisie voor de lange termijn met daarbij
spelregels voor rivierverruiming in de vorm
van integrale ordeningsprincipes.
In hoofdstuk 6 (Deelplannen en
kaderprogramma) ziet u hoe de gebiedsvisie
is uitgemond in een 13-tal deelpannen die
tezamen gebiedsdekkend zijn en die zowel
integraal als separaat kunnen bijdragen aan
een succesvolle gebiedsontwikkeling van
het Maasdal – en daarmee van de hele regio
Noord-Limburg. Elk deelplan bestaat uit
een beschrijving van de uitgangssituatie
gevolgd door een schets van het streefbeeld,
en gaat vergezeld van een heldere kaart en
een ‘actiematrix’ waarin de noodzakelijke
actievoorstellen overzichtelijk zijn samengevat.
In hoofdstuk 7 (Rivierkundige evaluatie)
ten slotte wordt een overzicht gegeven van
de samenhangende deelplannen en het totale
eff ect daarvan op de taakstelling. Daarbij
wordt ook ingegaan op de bijdrage aan de
waterstandverlaging, zowel door maatregelen
aan de Limburgse als aan de Brabantse
zijde. Vervolgens wordt een indicatie van de
kosten gegeven en de te verwachten (bredere)
maatschappelijke eff ecten.
Omdat het thema hoogwaterveiligheid
in hoofdzaak gezien wordt als
randvoorwaardelijk en instrumenteel, is niet
gekozen voor een separate ‘Blauwe visie’.
Rivierverruiming is van meet af met de totale
visievorming verweven. Vandaar ook dat
de aard en de eff ecten van de betreff ende
rivierverruimingsmaatregelen steeds integraal
in de deelplannen zijn ondergebracht en daar
cijfermatig worden onderbouwd.
De projectgroep wil zijn erkentelijkheid en
dank uitspreken aan alle belangenhouders
die vaak op bijzonder inspirerende en
creatieve wijze aan de totstandkoming van
dit Masterplan Maasdal hebben bijgedragen.
Dit Masterplan zou er zonder hun zeer
gewaardeerde inbreng nooit gekomen zijn.
Namens Projectgroep, Programmabureau en
DLA+,
Paul Vossen
Harry Derks
׉	 7cassandra://vhPiRi9gyjJfXCVvsj9uG2nko3ilL7egsQtaOLZtJ_I`  c!j!>7׉E $MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 15
׉	 7cassandra://y3llwwecw09HZsiOaAvzP93VJSQM3z79rMcyLOIfMSQb`  c!j!>8c!j!>7qבCט   u׉׉	 7cassandra://u6za7TXWWs9r3Ps5ZF_p0i1QiR72yKaxZrB872t3GpI 37`׉	 7cassandra://zCbmZS82qTFkQjCtlZumWeCzpRG0S7CX0CeOhBNM3m0M`׉	 7cassandra://Qqz-HB3fLxoStONjj0LXkgGmxKiHD7fhCNXbd78oWsQ-`  ׉	 7cassandra://kKY4U60eKEP2nXd8Xqekuu9N7bbb2djAvy5pszs9gmk x͠c"j!>%ט  u׉׉	 7cassandra://OZBEEqOUN3REl7mpDB6YwoPWr90PK_UWrXVwSwb8ucE m`׉	 7cassandra://arqV2dBaGH-GqHHa_a3_wNzj1StMIBOO4T1fHZi-Llkh`׉	 7cassandra://h8mK99Sak0HMIQpD0F2tyagbqRAMOAkbOgsU41iQqnQt`  ׉	 7cassandra://zIGZnuEETszNnieGEV_FYYrLA2DqyHDsCUmbLB8-c9A D͠c"j!>&׉EVeerstoep nabij Mook
׉	 7cassandra://Qqz-HB3fLxoStONjj0LXkgGmxKiHD7fhCNXbd78oWsQ-`  c!j!>9׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 17
2
CONTEXT EN STATUS
Proactief sturing geven aan de toekomst
De opzet van de genoemde Regiovisie Bergen, Gennep Mook en Middelaar is ‘de regio beter tot
haar recht te laten komen en een bestendig perspectief voor het geheel te garanderen.’ (Regiovisie,
pag. 6). In dit strategische document worden de wensen en ambities in zeven programma’s
beschreven en wordt via twee sleutelprojecten, de N271 en de Ontwikkeling van het Maasdal,
aangegeven welke ontwikkelingen met voorrang ter hand worden genomen. Het doel van de
visie wordt als volgt geformuleerd:
‘Hiermee (Regiovisie) willen we de kwaliteitsslag bereiken die nodig is om de leefbaarheid te
vergroten en de achterstand op het omliggende gebied te verkleinen. Als je nu niet kiest, stagneert
de regio. Dat betekent dat het roer nú om moet. Dat doen wij onder het motto ‘keuren, kiezen en
onderscheiden.’ We willen de krachten bundelen om uit het isolement te komen en de (demografi sche)
krimp te lijf te gaan. Afwachten is geen optie. Wij geven proactief sturing aan onze toekomst.’
(Regiovisie, ibidem)
‘Center of excellence’
Essentieel is dat de regio gekozen heeft voor een ontwikkeling die voortbouwt op de eigen
kwaliteiten (het eigen ‘kapitaal’) en dus voor een regiospecifi ek profi el, dat zwaar inzet op
onderscheidend vermogen. Het ontwikkelingsmodel waarvoor gekozen is, is het ‘haltermodel’,
waarbij de regio de as vormt tussen twee ‘gewichten’, gerepresenteerd door de regio Nijmegen
in het noorden en de regio Venlo in het zuiden. Het idee is dat de regio kan profi teren van de
groeiambitie van beide stedelijke agglomeraties (+50.000 extra inwoners), maar dan wel ‘op onze
eigen manier, namelijk kleinschalig en duurzaam. De inzet is om in de regio een ‘center of excellence’
neer te zetten, met als steekwoorden: puur, authentiek, gastvrij en met respect voor de natuur en het
landschap.’ Regiovisie, ibidem).
Sleutelproject Maasdal
In hoofdstuk 4 van de Regiovisie zijn de twee sleutelprojecten beschreven: ontwikkeling van
de N271 als etalage van de regio en de integrale ontwikkeling van het Maasdal. Voor wat het
Maasdal betreft: dat zal beleefbaar moeten worden als kwaliteitslandschap en ruimte blijven
bieden aan grondgebonden landbouw. Ingrepen vanwege de hoogwaterveiligheid zullen
gecombineerd moeten worden met toeristisch-recreatieve activiteiten en het cultuurlandschap
dienen te borgen.
Om de gewenste meerwaarde van het Maasdal te kunnen leveren en de (economische)
ontwikkelingskansen te kunnen benutten, dienen de ontwikkelingen op het vlak van (water)
veiligheid, natuurontwikkeling, regionale voedselproductie, wonen, werken, toerisme / recreatie
en zorg te worden gebundeld en integraal tot ontwikkeling te worden gebracht.
In de Regiovisie is aangegeven, dat de regio in dit kader onder meer de volgende activiteiten zal
ontplooien:
• brengen van samenhang in de plannen voor veiligheid en natuurontwikkeling;
׉	 7cassandra://h8mK99Sak0HMIQpD0F2tyagbqRAMOAkbOgsU41iQqnQt`  c!j!>:c!j!>9qבCט   u׉׉	 7cassandra://zhmSDqRC4WyCOilLpxVDTPxPbVg3qbqecF-2p7d5mIw *` ׉	 7cassandra://H7C2Ws7_0pr47dYGsMbtM_OHJruE62dXbc6NKs0li2wi`׉	 7cassandra://NDgk5NPEWb3Ob1hynMhcik3gAvgeKMrOk86_Fe6tey4`  ׉	 7cassandra://ndWxfFL0IIJ6L7GUItcR8orUpgLDKMnIaE1mIHdFeNwx͠c#j!>(ט  u׉׉	 7cassandra://64uZ5ljUKlOCN587MRJeKFc7UMFzP7Ub0OEkRLObJL4 ` ׉	 7cassandra://izIiy98ojaWkFf5BDC61FRhWIcpAErXztJVwvyiWAH0i*`׉	 7cassandra://9fLY7-TdmHAfh_1KLaCrrpiFSa70-GNnRhCAZDYtYp0`  ׉	 7cassandra://GU28X-eHAyVbG1jH5PS1dpxDFeb6fSR1HGiWwd-WSn4We͠c#j!>)׉E 18 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
• verhogen organisatiekracht richting
agrariërs;
• toegankelijk maken van het gebied via
fi ets-, wandel- en vaarroutes;
• herstel en behoud Maasheggenlandschap;
• meenemen noodzakelijke aanpassingen
in de oost-west verbindingen (uit het
programma ‘netwerken en verbindingen’)
• inzetten cultuurhistorische of industriële
‘monumenten’ voor huisvesting bijzondere
zorggroepen;
• ontwikkelen van een investeringsstrategie
op basis van het principe van
gebiedsontwikkeling.
‘Masterplan Maasdal’
Om de in de Regiovisie vervatte ‘opgave’
te kunnen realiseren heeft de Stuurgroep
Regiovisie, waarin bestuurders van de
gemeenten Bergen, Gennep en Mook
en Middelaar, de provincie Limburg,
ondernemers en maatschappelijke organisaties
zitting hebben, het noodzakelijk geacht dat,
als eerste stap en in lijn met de Regiovisie, een
integrale gebiedsvisie op de (her)inrichting en
het ruimtelijk gebruik van het Maasdal wordt
ontwikkeld.
De Stuurgroep Regiovisie heeft op 26
januari 2011 opdracht gegeven om deze
integrale gebiedsvisie voor het Maasdal in
het ‘Masterplan Maasdal’ te verwoorden /
verbeelden.
Om aan deze opdracht uitvoering te geven
is een ambtelijke projectgroep ingesteld
bestaande uit vertegenwoordigers van de drie
gemeenten, de Provincie, Rijkswaterstaat,
het Waterschap Peel en Maasvallei, de LLTB,
de terreinbeherende organisaties en de
recreatiesector. De ambtelijke projectgroep
stond onder leiding van een door de Provincie
Limburg gedetacheerde programmamanager.
De ambtelijke projectgroep heeft zich laten
bijstaan door adviesbureau DLA+ rural and
urban landscapes te Groesbeek.
Op een aantal momenten heeft
de ambtelijke projectgroep tijdens
zogenaamde ‘stakeholdersbijeenkomsten’
met vertegenwoordigers van wijk- en
dorpsraden, ondernemers en brancheen
belangenorganisaties gesproken. Die
gesprekken waren op de eerste plaats bedoeld
om input te krijgen voor het Masterplan,
maar hadden op de tweede plaats tot doel om
in de regio draagvlak te genereren voor de
in het Masterplan te vervatten gebiedsvisie.
Daarnaast zijn er met onder meer de LLTB,
de recreatiesector en de ontgrondingensector
bilaterale (verdiepings)overleggen gevoerd.
Gelet op wederzijdse beïnvloeding en de
hydraulische samenhang in het gebied
heeft er ook met vertegenwoordigers van de
gemeenten Cuijk en Boxmeer, de provincie
Noord-Brabant en het Waterschap Aa en
Maas afstemming plaatsgevonden.
Het voorliggende ‘Masterplan Maasdal’ vormt
het eindproduct van een intensief traject.
Het Masterplan geeft een integrale visie op
het toekomstige ‘ruimtelijk gebruik’ van het
Maasdal in de gemeenten Bergen, Gennep
en Mook en Middelaar. Het Masterplan
dient als startdocument voor de verdere
gebiedsontwikkeling. Het fungeert als
indicatief toetsingskader voor bestaande en
nieuwe initiatieven, als ontwikkelingskader en
als uitgangsdocument voor de volgende fasen
in het traject: planuitwerking, realisatie en
beheer.
Regionale ambitie en hoogwaterveiligheid
Versterking van de regio vormt het doel
van de gedeelde ontwikkeling van de drie
gemeenten. Onverwijld aan de slag dus,
zou je zeggen. Jazeker, voor wat betreft het
Maasdal is er alleen een ‘maar’: de Maas.
De Maas, die de meeste tijd traag en liefl ijk
naar zee stroomt en die al eeuwenlang de
belangrijkste levensader van dit gebied is,
vormt tegelijkertijd een reële bedreiging voor
de (water)veiligheid van de regio.
De (water)veiligheid moet worden
gegarandeerd, zo stellen de gemeenten in hun
Regiovisie, want …. “Natte voeten bedreigen
per defi nitie een uitbreiding van gevarieerd
en duurzaam wonen, zorg, recreëren en
ecolandbouwen. Gebeurt dat niet, dan vallen
alle opties in het water.” (Regiovisie pag. 7)
Hiermee is duidelijk dat regionale ambitie
en hoogwaterveiligheid twee kanten van
dezelfde medaille zijn en dat toekomstige
gebiedsontwikkeling niet los gezien kan
worden van ingrepen die deze veiligheid
zullen garanderen.
De hoogwaters van de negentiger jaren
hebben laten zien wat de gevolgen zijn als de
Maas buiten haar oevers treedt, welke risico’s
mens en dier lopen en hoeveel (economische)
schade kan ontstaan.
Om de risico’s en gevolgen van nieuwe
hoogwaters uit te sluiten c.q. te beperken,
zijn er sinds de hoogwaters van 1993 en 1995
door ‘Maaswerken’ al tal van maatregelen
(rivierverruiming en waterkeringen) genomen
om langs het onbedijkte deel van de Maas
een beschermingsniveau van 1:250 bij de
huidige maatgevende debieten te kunnen
garanderen. De komende jaren zal dit traject
worden afgerond; onder meer door de aanleg
׉	 7cassandra://NDgk5NPEWb3Ob1hynMhcik3gAvgeKMrOk86_Fe6tey4`  c!j!>;׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
19
van een aantal zogenaamde ‘sluitstukkaden’,
waaronder de kade(verhoging) bij Mook.
Bij de ontwikkeling van het Masterplan
Maasdal zijn de maatregelen die in het
kader van ‘Maaswerken’ zijn getroff en en die
men de komende jaren nog zal treff en, als
feitelijk gegeven respectievelijk autonome
ontwikkeling meegenomen. Deze maatregelen
hebben in het proces van de totstandkoming
van het voorliggende Masterplan niet ter
discussie gestaan.
Bij de visieontwikkeling is wel rekening
gehouden met de eff ecten van de
klimaatverandering waarnaar door de
Deltacommissie 2008 (ook wel aangeduid
met ‘Commissie Veerman’) onderzoek is
gedaan. Sterker nog, in lijn met het in de
Regiovisie verwoorde standpunt dat de
waterveiligheid dient te worden gegarandeerd,
is bij de totstandkoming van het Masterplan
als uitgangspunt gehanteerd dat de visie
‘Deltaproof’ dient te zijn. Tegen deze
achtergrond is nadrukkelijk stilgestaan bij
de vraag, welke maatregelen bovenop de
ingrepen in het kader van ‘Maaswerken’
aan Limburgse kant én aan Brabantse kant
dienen te worden getroff en om ook in 2100
een veiligheidsniveau van 1:250 (bij de dan
voorkomende maatgevende debieten) te
kunnen garanderen.
Deltaprogramma
Voor de uitvoering van het advies inzake
een klimaatbestendige inrichting van
Nederland heeft de Deltacommissie 2008 het
Deltaprogramma opgesteld. Dit programma is
fi nancieel (Deltafonds) en politiek-bestuurlijk
verankerd in de vernieuwde Deltawet die op 1
januari 2012 in werking is getreden.
Het is van belang om de opgaven voor
veiligheid, watervoorziening en de rol die
ruimtelijke inrichting daarbij kan spelen
in samenhang te bezien. Daarom worden
in het kader van het Deltaprogramma vijf
deltabeslissingen genomen die grote invloed
zullen hebben op de toekomst van ons land.
Deze deltabeslissingen worden in 2014 aan
het Kabinet voorgelegd.
De in dit kader relevante deltabeslissing
‘waterveiligheid’ zal in de periode 20122014
gebiedsgerichte veiligheidsstrategieën
ontwikkelen, waarbij naar drie lagen van
veiligheid gekeken wordt:
• laag 1: maatregelen om overstromingen te
voorkomen;
• laag 2: gevolgen van overstromingen
beperken via ruimtelijke inrichting;
• laag 3: gevolgen van overstromingen
beperken via rampenbestrijding.
In het najaar van 2012 zijn de zogenaamde
‘regioprocessen’ van start gegaan die input
moeten vormen voor de in 2014 te nemen
deltabeslissing ‘waterveiligheid’. Bij de
regioprocessen ligt het accent op het aspect
waterveiligheid.
Door in dit Masterplan al rekening te houden
met de lange termijn hoogwatertaakstelling
(2100) en maatregelen te ontwikkelen
waarmee overstromingen kunnen worden
voorkomen, anticiperen de samenwerkende
gemeenten op deze regioprocessen. Door dat
te doen, is de regio in staat om een integrale
visie te ontwikkelen waarin de andere
belangen en functies in het Maasdal – zoals
landbouw, toerisme / recreatie, wonen en
bedrijvigheid – worden meegewogen. De
noodzakelijke hoogwatermaatregelen worden
zodanig gekozen en gedimensioneerd, dat er
win-winsituaties ontstaan.
Hoogwatermaatregelen
Zoals uit het voorgaande blijkt, is op landelijk
niveau overeengekomen om de komende
jaren besluiten te nemen over de maatregelen,
die de komende decennia getroff en moeten
worden om in 2050 en 2100 te voldoen aan
de thans bekende hoogwatertaakstellingen;
zo poogt men de risico’s en gevolgen van
hoogwaters uit te sluiten dan wel te beperken.
‘Niets doen’ is in deze geen optie. De lokale
bevolking heeft recht op bescherming
tegen hoogwaters. Maar bovendien hangen
de watersystemen dermate samen dat er
afstemming nodig is met ontwikkelingen
elders. Dit om te voorkomen dat er in de
Maas bij Bergen, Gennep en Mook en
Middelaar bovenstrooms of benedenstrooms
ongewenste hydraulische eff ecten optreden.
Men kan hoogwaterveiligheid langs de Maas
in Limburg in beginsel op twee manieren
realiseren. Ten eerste kan men kiezen voor het
aanleggen van nieuwe waterkeringen en het
ophogen van bestaande waterkeringen. Op
de tweede plaats kan men rivierverruimende
maatregelen treff en. Bij de totstandkoming
van het voorliggende Masterplan is - ook in
de stakeholdersbijeenkomsten - stilgestaan bij
beide opties.
Het voordeel van de eerste optie is dat in
het gebied weinig tot geen ingrepen hoeven
plaats te vinden. De meeste landbouwgronden
worden ongemoeid gelaten. Nadeel is
dat de karakteristieke Maasdorpen in het
Maasdal geheel of gedeeltelijk ‘verstopt’
׉	 7cassandra://9fLY7-TdmHAfh_1KLaCrrpiFSa70-GNnRhCAZDYtYp0`  c!j!><c!j!>;qבCט   u׉׉	 7cassandra://oK9fkz5DLeDmXQLVhAkp9kdnBQnBxXL20jEXmIztYpY ۊ` ׉	 7cassandra://plpj9JYnLjqlAXid5bIS6dEgdE6ahI2tvcyWJ9E8U44U`׉	 7cassandra://pAV5GHPEZ3rDS-GqtfkTGl2obrDCxW35HtmWn2fxecU`  ׉	 7cassandra://5wh9ObkqDEKZMRROv4HMfCkHOBR2eKB9UAVNw2s8b8YoN͠c#j!>+ט  u׉׉	 7cassandra://kGRxxvTnmjVwZAjd8KCI6p_ulNw1VWl2HA-SB6Tq6fg '`׉	 7cassandra://QkWPQ5AVLXz1Yzk5qDAIaZhfszmNUSPKfpJk8Y5mo3I|`׉	 7cassandra://XG92GyGtEjZ0g_jgfdR1fX5VeJ1Qi8v7m6F55W5QMd4%M`  ׉	 7cassandra://Zoga-4wuTGqd5PKe2VHdpFBmALtALpx_cthMR0tgsgU 
͠c#j!>,׉E[20 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
worden achter (hogere) waterkeringen
waardoor het karakteristieke landschap wordt
aangetast. Bovendien zullen in dit geval de
landbouwgronden in de toekomst frequenter
en langer overstromen. Wanneer men kiest
voor de tweede optie en aansluiting wordt
gezocht bij de geomorfologie van het gebied,
zoals bestaande oude Maasarmen, zal de
aantasting van het landschap beperkt zijn.
Maar belangrijker nog is dat deze optie ruimte
biedt voor de beoogde integrale ontwikkeling
van het Maasdal, waarvan de essentie is
het realiseren van een optimale ruimtelijkfunctionele
samenhang van waterveiligheid,
recreatie en toerisme, wonen en bedrijvigheid
en landbouw.
Om genoemde redenen is er in het
‘Masterplan Maasdal’ voor gekozen om
de lange termijn hoogwaterveiligheid te
realiseren door middel van rivierverruimende
maatregelen, die zoveel mogelijk aansluiten
bij de geomorfologie van het gebied. In de
praktijk betekent dit, dat een groot aantal
kleinschalige rivierverruimende maatregelen
wordt voorzien. Ook in eerdere studies, zoals
de ‘Integrale Verkenning Maas II’ (IVM2 –
RWS 2006) en de Quickscan Maas (Provincie
Limburg – 2010) is gekozen voor een aanpak
via rivierverruimende maatregelen. In deze
studies waren evenwel forse ingrepen in
het landschap voorzien en zouden op grote
schaal ontgrondingen plaatsvinden. Het
voorliggende Masterplan wijkt met haar
aanpak in positieve zin af van de aanpak in de
genoemde studies.
Het is goed om op te merken dat de
rivierverruimende maatregelen die in
het ‘Masterplan Maasdal’ voor zowel de
Limburgse kant als voor de Brabantse kant
voorzien zijn, in principe eerst op langere
termijn (over 20 -40 jaren) zullen worden
gerealiseerd en dat het huidige gebruik van
de gronden in het Maasdal nog vele jaren kan
worden gecontinueerd. In de tussenliggende
periode kunnen zich vanzelfsprekend situaties
voordoen waarbij werk met werk kan worden
gemaakt. Hiermee wordt bedoeld dat het
treff en van hoogwatermaatregelen in de
tijd naar voren wordt gehaald om andere
(economische) ontwikkelingen – bijvoorbeeld
op het vlak van toerisme / recreatie – mogelijk
te maken.
Status ‘Masterplan Maasdal’ en beoogde
ontwikkelingen
Het ‘Masterplan Maasdal’ verwoordt /
verbeeldt de integrale visie van de Stuurgroep
Regiovisie op de (her)inrichting van het
Maasdal in de gemeenten Bergen, Gennep
en Mook en Middelaar met een doorkijk
naar Cuijk en Boxmeer. Het Masterplan als
zodanig is géén instrument van ruimtelijke
ordening. Uit het Masterplan vloeien geen
rechten en plichten voort. Het Masterplan
kan wel worden gezien als richtinggever voor
de door de Stuurgroep Regiovisie beoogde
gebiedsontwikkeling. Het ‘Masterplan
Maasdal’ vormt wel de basis voor de opstelling
en de inbreng van de drie gemeenten in
de regioprocessen in het kader van het
Deltaprogramma.
Wanneer de wens bestaat om de in het
Masterplan vervatte visie planologisch te
verankeren en daarmee meer status te geven,
zou het ‘Masterplan Maasdal’ kunnen
worden vertaald naar een intergemeentelijke
structuurvisie. Het is aan de gemeenten om
aan te geven of men dit wenselijk acht.
N.B.: Het is goed om op te merken dat het
‘Masterplan Maasdal’ een uitgebalanceerd
pakket is van cumulatieve hoogwatermaatregelen
in nauwe correlatie met innovatieve en creatieve
ontwikkelingsvoorstellen op het gebied van
landbouw, toerisme & recreatie, wonen en
zorg. Deze ontwikkelingsvoorstellen moeten
vooral gezien worden als kansen en niet als
concreet uitgewerkte uitvoeringsplannen. Het is
uiteindelijk aan de private sector om die kansen
in samenspraak met de overheden te zien, te
grijpen en te realiseren.
׉	 7cassandra://pAV5GHPEZ3rDS-GqtfkTGl2obrDCxW35HtmWn2fxecU`  c!j!>=׉E׉	 7cassandra://XG92GyGtEjZ0g_jgfdR1fX5VeJ1Qi8v7m6F55W5QMd4%M`  c!j!>>c!j!>=qבCט   u׉׉	 7cassandra://7h-JM9-qL7zvnqWJZA2Bh6TgaFXWH8ipC7aGyBD04-E `׉	 7cassandra://I3lP9HW623QJgoATJm_vCxG7GdVojav5LeaHiLzpSLw|`׉	 7cassandra://LsfdawBvYAcMKmMd9O2sbiwEoDsp-EXXs_q3LB07yOY.`  ׉	 7cassandra://XyXbUHb68XbQ0lsTOi8DL4SfLnV4VHjxLeqZoQX9L60 q͠c#j!>.ט  u׉׉	 7cassandra://2Lut2zXZtetrwLdNQYIErpoGdGYRPsI-hR02TIe8Odg P`׉	 7cassandra://trzn0jP-5ZcWQr6p4W5VonO2MXnrElNscxBianWpRcgq`׉	 7cassandra://4KTo4vgYwFLMqVwi4GY3COP9J9KWhTluOzF32Qv777Y! `  ׉	 7cassandra://CzvDuFtvBi64XsTtiezBP5AnovTDF0v-t0lHb9fzaZU &͠c#j!>/׉E )Tijdens de eerste stakeholderbijeenkomst
׉	 7cassandra://LsfdawBvYAcMKmMd9O2sbiwEoDsp-EXXs_q3LB07yOY.`  c!j!>?׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
3
23
PROCES
Belangen zoveel mogelijk respecteren
Een masterplan of gebiedsvisie is een globale visie op de toekomst. Het geeft een beeld van
hoe een gebied zich duurzaam en toekomstbestendig kan ontwikkelen. Het opstellen van zo’n
masterplan is een complexe materie omdat het allerlei nieuwe ideeën, bestuurlijke aspecten,
bestaande plannen, projecten en beleidsvoornemens in zich moet verenigen en met tal van
belangen, randvoorwaarden en gevoeligheden rekening dient te houden. Uitgangspunt is een zo
breed mogelijk draagvlak.
In het geval van dit Masterplan Maasdal komt daar nog een complicerende factor bij: de
hoogwaterveiligheid 2050/2100 en de aanzienlijke hoogwatertaakstelling die daarvan het gevolg
is.
Aan de éne kant willen we maximaal recht doen aan de hoofdprogramma’s uit de Regiovisie
en tegelijk optimaal beantwoorden aan de hoogwatertaakstelling. Aan de andere kant
willen we alle spelende belangen – en dat zijn er nogal wat – waar mogelijk respecteren.
Daarom is in alle procesfasen van dit Masterplan Maasdal veel tijd en plaats ingeruimd voor
de inbreng en de participatie van de grote, zeer gediff erentieerde groep van bestuurlijke,
zakelijke en particulier belangenhouders. Dat gebeurde via zogenaamde ateliers en interactieve
stakeholdersbijeenkomsten.
We zullen de afzonderlijke procesfasen – Verkenning & preview, Visie en Deelplannen en
kaderprogramma – achtereenvolgens kort toelichten.
(Zie ook procesdiagram op bladzijde 25).
Verkenning & preview
In de verkenningsfase is alle relevante actuele informatie over het gebied bestudeerd en
geordend: beleidsmatig (vigerende beleidscontext), geomorfologisch, archeologisch, cultuuren
natuurhistorisch, ecologisch, en niet te vergeten hydraulisch. Dat is gebeurd op basis van
uitwisseling (bijeenkomsten, workshops, ateliers), aanlevering (context vigerend beleid/ lopende
projecten) en onderzoek uitgevoerd door experts in verschillende disciplines.
Met behulp van alle verzamelde informatie zijn de specifi eke kenmerken, maar vooral de
kernkwaliteiten geïdentifi ceerd en bijeengebracht. Samen vormen ze, wat we noemen, het
‘actuele uitgangslandschap’: het Masterplangebied, zoals het erbij ligt aan de vooravond van
de visievorming. Deze kenmerken en kernkwaliteiten zijn niet allemaal van gelijk gewicht;
sommige zijn ‘hard’, min of meer dwingend, andere zijn ‘zacht’ en daarmee fl exibel en
onderhandelbaar. Reeds lopende, op zich zelf staande projecten worden als harde gegevenheid
beschouwd en kwantitatief meegenomen bij de berekeningen voor de hoogwatertaakstelling.
Met als uitgangspunt een integraal plan werd gezamenlijk en multidisciplinair de ‘speelruimte’
bepaald waarbinnen gebiedsontwikkeling idealiter zou kunnen plaatsvinden.
De verkenningen moesten nadrukkelijk ook voorzien in een ‘expert preview’; een vooruitblik op
de toekomst met als doel uitgangspunten voor kwalitatieve gebiedsontwikkeling te formuleren.
׉	 7cassandra://4KTo4vgYwFLMqVwi4GY3COP9J9KWhTluOzF32Qv777Y! `  c!j!>@c!j!>?qבCט   u׉׉	 7cassandra://U-EdMqKy3lBuk0JUp7OrezHwXCJM7qRWTk-ZPF6TP2w c'` ׉	 7cassandra://G4czR_ztEVFuptFfa22a9cxG7B0TRxYhBlt1hasBFEUL`׉	 7cassandra://aA_mKIBcMimKPS-1TKIIk_ecC-JyIaEUE-mN93wX0ko6`  ׉	 7cassandra://I_YDouhBsQtxgA1oSPEevMGTh5q2vIzio83WxCajTZ0Y͠c#j!>2ט  u׉׉	 7cassandra://EtioShugdy2rZO97BDrUCgiSc86i2bAmjrmyMVdRmvU n` ׉	 7cassandra://oTBmc3ir6rteILAo1OSxDPD4oAby6UagETmm6gXucZA,`׉	 7cassandra://FVEo6kqkk9XHtN2tRIcDTOXxfPBvEYlHq8gAV6MAp_Yt`  ׉	 7cassandra://z_PplpsOVHHZBbI0jqsX8HPFP48z0NzZHQE2XS4nrVIK0͠c#j!>3׉E;24 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Dat is gedaan vanuit enerzijds het perspectief
van identiteit, kwaliteitslandschap en
hoogwaterlandschap (geomorfologie,
archeologie, cultuurhistorie, ecologie
en rivierverruiming) en anderzijds het
functioneel-ruimtelijke gebruik (landbouw,
toerisme en recreatie, exclusief wonen, zorg).
De resultaten zijn bijeengebracht in hoofdstuk
4 Verkenning & preview.
Ter ondersteuning van deze activiteiten
hebben twee bijeenkomsten en een atelier
van de projectgroep plaatsgevonden. Ook
werd een veldverkenning met gebiedskenners
georganiseerd. De aanpak werd vastgesteld,
inzichten en specifi eke gebiedskennis werden
uitgewisseld.
Deze activiteiten hebben mede geleid tot
het bepalen van de uitgangspunten, het
globaal aftasten van de ruimtelijk-functionele
speelruimte en tot het verkennend schetsen
van hoogwatermaatregelen en de daaruit
volgende kansen en mogelijkheden. Daarmee
werd tegelijk een aanzet gegeven tot het
opstellen van integrale ordeningsprincipes.
Visie
Met behulp van de uitkomsten van
alle verkenningen en de diverse expert
previews heeft de projectgroep een set van
integrale ordeningsprincipes geformuleerd,
die aan de belangenhouders ter
beoordeling is voorgelegd. Dat gebeurde
tijdens twee opeenvolgende interactieve
stakeholdersbijeenkomsten – de eerste had
als thema landbouw en natuur, de tweede
landbouw en overig gebruik. Het interactieve
karakter van de bijeenkomsten bestond erin
dat stakeholders zich groepsgewijs over een
aantal prikkelende stellingen bogen. De
stellingen hadden betrekking op de diverse
kansen dan wel ontwikkelingsmogelijkheden
die bepaalde rivierverruimingsmaatregelen
kunnen hebben voor landbouw, toerisme
en overig ruimtegebruik in het Maasdal. De
deelnemers werd nadrukkelijk gevraagd niet
alleen een oordeel over de stellingen te geven
maar ook constructief en creatief mee te
denken over mogelijke alternatieven.
Hoewel de bijeenkomsten ook de nodige
gevoeligheden blootlegden en duidelijk
maakten waar haken en ogen zaten, leverden
ze een schat aan ideeën en inzichten op,
waarvan in het verdere verloop van de
visievorming dankbaar gebruik is gemaakt.
In elk geval zijn de integrale
ordeningsprincipes – mede op basis van
alle input van stakeholders – aangepast en
verfi jnd; daarmee werd meteen het fundament
gelegd voor de gewenste kwaliteitsslag.
Deelplannen en kaderprogramma
De visie is uitgewerkt in een kaderprogramma,
dat is opgebouwd uit een scenario van
deelplannen met bijpassende kaarten,
compleet met een actiematrix. De deelplannen
zijn gebiedsdekkend en overlappen elkaar
soms. In de deelplannen zijn uitgangssituatie,
streefbeeld en actievoorstellen beschreven in
de context van de te realiseren bijdrage aan
de rivierruiming. Zo komen alle relevante
ontwikkelingsaspecten aan de orde, zowel
voor de korte (quickwins), de middellange als
de lange termijn.
Formele vaststelling
De defi nitieve versie van dit Masterplan
Maasdal zal na goedkeurig door de
opdrachtgevende gemeenten formeel worden
vastgelegd. Die vaststelling valt, net als het
bepalen van eventuele vervolgstappen, buiten
de scope van het Masterplan.
׉	 7cassandra://aA_mKIBcMimKPS-1TKIIk_ecC-JyIaEUE-mN93wX0ko6`  c!j!>A׉E"MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
25
LANDSCHAP / GROENE VISIE
HOOGWATER / BLAUWE VISIE
BASISKAART
UITGANGSLANDSCHAP
hard en zacht
HOOGWATERLANDSCHAP
hard en zacht
SPEELRUIMTE
PERSPECTIEF NATUURLANDSCHAP
PERSPECTIEF GEBRUIKSLANDSCHAP
PERSPECTIEF
HOOGWATERLANDSCHAP
MEERWAARDE
CONCEPT MASTERPLAN
DEFINITIEF TOETSINGSKADER PROJECTEN

GLOBAAL UITVOERINGSPROGRAMMA
bepalen STRATEGIE, SPELREGELS EN VERVOLG

ambities versus budget: KOSTEN EN BATEN VERHOUDING
DEFINITIEF MASTERPLAN
INTENTIEOVEREENKOMST
CONSENSUS
VISIE
INVENTARISATIE
VOOR
BEREIDEN
׉	 7cassandra://FVEo6kqkk9XHtN2tRIcDTOXxfPBvEYlHq8gAV6MAp_Yt`  c!j!>Bc!j!>AqבCט   u׉׉	 7cassandra://TzzJXfzZsJzi0I3bmTFdixwL91R_vOUCf5UEQs44I88 `׉	 7cassandra://P4__qici7jnW0bu9WPy13vIgcRepC7Xpa0C0FiSpiawt`׉	 7cassandra://ur7iPVQlaDCp8oKdLY1jkogzXqTroYc0n3ixFmAM5oY$p`  ׉	 7cassandra://0b63Ol2ppKz8hqvMtD2Nv3FleqiL5Rh5E1xAbcbQ12s 
j͠c#j!>5ט  u׉׉	 7cassandra://7bij9zRCb4SEXvmbWusUltKv48Ux5mB4c7GYcZ8ebrk M`׉	 7cassandra://xsgJ7cm7GmW4xRzc6rNNFHXXRqUXHCPAjNUAcgzm4KkdA`׉	 7cassandra://LEruaOMKfU-bIWXKU6nFAjy093YEitBpq-HF_rfQpSQ`  ׉	 7cassandra://YGeHXTzUUStRbs-0dGpOdAAGZ225-vqEqhTBip2ix3A ZA&͠c#j!>6׉EDe Maas bij Well
׉	 7cassandra://ur7iPVQlaDCp8oKdLY1jkogzXqTroYc0n3ixFmAM5oY$p`  c!j!>C׉E
4
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 27
VERKENNING & PREVIEW
Verkennen...
In het kader van dit Masterplan heeft een verkenning annex analyse plaatsgevonden van
alle informatie die voor de gewenste toekomstige ontwikkeling van het Masterplangebied
relevant is. Die informatie is verzameld via bronnenonderzoek, een aantal thematische (veld)
verkenningen en een onderzoek naar de beleidscontext, inclusief lopende projecten.
We geven eerst een globale beschrijving van het Masterplangebied (4.1) en gaan vervolgens in op
de verkenningen.
De Verkenning Landschap (4.2) bestaat uit : Hoogwaterveiligheid 2050/2100, Geomorfologie,
Archeologie, Cultuurhistorie, en Ecologie & Biodiversiteit.
De Verkenning Gebruik (4.3) richt zich achtereenvolgens op Verbindingen & Toegankelijkheid,
Landbouw, Toerisme & Recreatie, Zorg en Wonen.
...en vooruitkijken
De resultaten van verkenning en analyse vormen tezamen de beschikbare speelruimte – zowel
ruimtelijk als functioneel: het kader waarbinnen nieuwe ontwikke lingen kunnen plaatsvinden.
In ‘expert previews’ wordt – vanuit het specifi eke verkenningsperspectief –nadrukkelijk
vooruitgekeken: welke ontwikkelingskansen zijn er, en waar, in welke delen van het Maasdal?
Met welke randvoorwaarden moet rekening gehouden worden en welke risico’s zijn er?
De invalshoek is vooral positief: wat zijn de mogelijkheden, wat zijn de kansen en welke
meerwaarde kunnen die opleveren, zowel integraal als voor de diverse sectorale belangen? Deze
previews resulteren in zogenaamde ‘uitgangspunten voor ontwikkeling’.
Gebiedsontwikkeling in het Maasdal
Verruimingsmaatregelen in de uiterwaarden ten behoeve van de hoogwater veiligheid zijn het
meest eff ectief in lager gelegen gebieden langs of in de nabijheid van de Maas. Voor de drie
Noord-Limburgse gemeenten vallen die gebieden vrijwel geheel samen met het Maasdal.
Het zal dan ook niet verbazen dat de gebiedsontwikkeling in het Maasdal – meer dan waar
ook in de regio – in sterke mate beïnvloed wordt door de Taakstelling Hoogwaterveiligheid
2050/2100. Of gewenste ontwikkelingen binnen het Maasdal al dan niet doorgang
kunnen vinden, hangt daarom af van de mate waarin hoogwaterveiligheid gediend is. De
hoogwaterveiligheid is hierbij randvoorwaardelijk.
Gebiedsontwikkeling gaat, voor wat het Noord-Limburgse Maasdal betreft, dus altijd hand in hand
met het realiseren van hoogwaterveiligheid.
Kansen en hoogwaterveiligheid
De hoogwatertaakstelling impliceert een aanzienlijke ruimteclaim op het Maasdalgebied,
die een inperking zou kunnen inhouden van de ‘ontwikkelingsvrijheid’ binnen het Maasdal.
Daarbij bestaat het niet ondenkbeeldige risico dat rivierverruimingsmaatregelen kunnen
leiden tot een ingrijpende aantasting van het kwetsbare uiterwaardenlandschap met zijn
׉	 7cassandra://LEruaOMKfU-bIWXKU6nFAjy093YEitBpq-HF_rfQpSQ`  c!j!>Dc!j!>CqבCט   u׉׉	 7cassandra://fao3dFitj7QK1fcrTAdWiqEBa5UfjlkAfDPtdTqCXdI <|`׉	 7cassandra://Zdmj7eIf4qzwa2id91i5JTh3Y3lhROihKV_9jglXO7Yd`׉	 7cassandra://BjylrCh5wFs3zyrqrtgo43HpWzlChcBfjGjvvuWLHp0`  ׉	 7cassandra://02-QMATlFwbRnOknaix41iAJi02P3Ld5Qv9vCt1pHm0 +*͠c$j!>8ט  u׉׉	 7cassandra://oVR2fwfOLh_F7q_snPZCUs0DspvHf20o5-_pOLNcONE `׉	 7cassandra://0ONdBgp8DnI5PXfiVQAjqMiyjU3LfZgCsfgiH1JB174L`׉	 7cassandra://0rCTD3wI0NUfJJZEJjQQ3mU0dDFaVCRMYcGvfkmukUo`  ׉	 7cassandra://mPAaFHwSYhZPIxSKbRHpYMcJ3rgtEktVU516xbbDanE n"͠c$j!>9׉Ebijzondere kernkwaliteiten. Met name zomerbedverbreding, ontgrondingen die
resulteren in grootschalige permanente plassen en nevengeulen, en vlaksgewijze
weerdverlaging hebben verregaande gevolgen voor kernkwaliteiten op het gebeid
van aardkunde en archeologie.
Toch liggen er wel degelijk kansen, tenminste als de gebiedsontwikkeling op een
verantwoorde en evenwichtige wijze wordt aangepakt.
In dit Masterplan willen we daarom onze energie en creativiteit primair richten
op de mogelijkheden en de kansen die rivierverruiming te bieden heeft.
Dat willen we doen door de ontwikkeling van integraal en uitgebalanceerd pakket
aan ruimtelijke deelplannen, die de regionale ambitie maximaal verenigen met de
Taakstelling Hoogwaterveiligheid 2050/2100.
Rivierruiming en vrijkomend grondvolume
Gangbaar is dat rivierverruiming direct gekoppeld wordt aan delfstoff enwinning;
zo wordt geld verdiend en werk met werk gemaakt.
Voor deze gebiedsvisie wil de regio die gangbare koppeling niet langer
primair stellen. Ze pleit voor een integrale, meerdimensionale benadering.
Een benadering waarbij hoogwatermaatregelen bij voorkeur zodanig worden
gepositioneerd en gedimensioneerd, dat eerst en vooral nieuwe kansen staan voor
welvaart en omgevingskwaliteit. Delfstoff enwinning wordt daarmee secundair -
maar wordt zeker niet uit het oog verloren.
Voor welke hoogwatermaatregelen ook gekozen wordt, rivierverruiming
impliceert altijd vrijkomend grondvolume. Voor het Masterplangebied
is de randvoorwaardelijke waterstandsverlaging in het kader van de
Hoogwatertaakstelling 2100 zo omvangrijk dat je gerust kunt spreken van
een gigantisch vrijkomend grondvolume. De vraag is dan: wat gaat er met die
vrijgekomen gronden gebeuren?
Op die vraag wordt nader ingegaan in hoofdstuk 5, Visie.
׉	 7cassandra://BjylrCh5wFs3zyrqrtgo43HpWzlChcBfjGjvvuWLHp0`  c!j!>E׉EAMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 29
Het stroomgebied van de Maas (bron: Wikipedia)
4.1 GLOBALE BESCHRIJVING MASTERPLANGEBIED
Begrenzing plangebied en studiegebied
Het plangebied waarop dit Masterplan Maasdal in essentie betrekking
heeft, wordt aan de westzijde begrensd door de (hartlijn van de)
Maas en aan oostzijde door de oude rijksweg N271. In het zuiden
vormt de gemeentegrens van Bergen vlak bij de monding van het
Geldernsch-Nierskanaal bij De Hamert de grens en in het noorden de
gemeentegrens van Mook en Middelaar bij de spoorbrug over de Maas
bij Mook.
Het plangebied is circa 36 km lang en vrij smal. Het varieert in
breedte van slechts enkele tientallen meters in het uiterste zuiden en
het uiterste noorden tot zo’n 2 à 2,5 km ter hoogte van Leukermeer
(Well), Diekendaal (Heijen) en Plasmolen.
Het studiegebied is echter aanmerkelijk ruimer opgevat. Waar
dat vanwege de onderlinge verbanden relevant is, worden
grensoverschrijdende voorstellen gedaan. Dit om een meer
uitgebalanceerd beeld te verkrijgen van de haalbaarheid van de
hoogwatertaakstelling 2050/2100, wordt de ‘Brabantse zijde’
kwantitatief meegenomen bij de hydraulische berekeningen.
De Maas
Voordat de Maas het Masterplangebied passeert, heeft zij al een afstand
van bijna 800 km afgelegd. Ze ontspringt op circa 400 meter hoogte
bij het Noord-Franse plaatsje Pouilly-en-Bassigny op het Plateau
van Langres, 100 km boven Dijon. Bij Eijsden, even ten zuiden
van Maastricht, komt de Maas ons land binnen. De tegenwoordige
hoofdstroom komt uit in het Haringvliet en mondt vervolgens uit in
de Noordzee.
Het totale stroomgebied van de Maas, het gebied dus waarvan de Maas
het oppervlakte water afvoert (vandaar in het Engels: ‘Water Catchment
Area’), is ruim 35.000 km2
groot en ligt verspreid over Frankrijk,
België, Luxemburg, Duitsland en Nederland.
Het bestaat uit een stelsel van zo’n 260 zijrivieren, vertakkingen
en beken – waarvan maar liefst 180 alleen al in Nederland. In het
Masterplangebied zijn dat onder meer het Geldernsch-Nierskanaal, de
Molenbeek, de Heukelomsebeek, de Eckeltsche Beek, de Niers en de
׉	 7cassandra://0rCTD3wI0NUfJJZEJjQQ3mU0dDFaVCRMYcGvfkmukUo`  c!j!>Fc!j!>EqבCט   u׉׉	 7cassandra://xKMc3pNc5VCb8SXYx2xJhEjyKbq2uje7qJ7oZ666tYQ ` ׉	 7cassandra://cL6BWWzqzd1E-hskUYS323x5Hc0P_2z8Seu_eb7Ke7IlE`׉	 7cassandra://wg0v-oN016TAZTLFTjdqR4uhHlSD7W_2q1riVIyWgw4`  ׉	 7cassandra://UOiFVvqA3VvSZRUYxJRtvspxVF8KLvIei9yI2L3z6pcq͠c$j!><ט  u׉׉	 7cassandra://m7kD2XutUfmJjbnIy1Llnl3qvyGZ3Vp1jNU-YFYMbmc <`׉	 7cassandra://9YO2IohGYWw0poWzUf-bq4pgnjxtiCxR8EbPz86-oOU\:`׉	 7cassandra://oJZL7Z-nXBXEek1oAQCO6LGelL4URGsjmYXtLEbbVNo`  ׉	 7cassandra://HxMOPCmp9jVnIZlbIcWgg7Rg535Z_ViGhw6H-GVBQpk =͠c$j!>=׉E&30 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Tielebeek. Het stroomgebied van de Maas in
Nederland is circa 8000 km2
groot.
Regenrivier
De Maas is een regenrivier met een totaal
verval van zo’n 400 m, hetgeen betekent dat
waterpeil en debiet sterk kunnen fl uctueren,
afhankelijk van het seizoen en de actuele
regenval. Om scheepvaart mogelijk te maken
wordt het 250 km lange Nederlandse traject
van de Maas vrijwel volledig gestuwd, dat
wil zeggen kunstmatig op een hoger peil
gehouden. Alleen op de Grensmaas – het
meest zuidelijke deel van de Maas tussen
Maastricht en Roosteren dat gedeeld wordt
met België – is geen scheepvaart mogelijk.
Daar stroomt en kronkelt de rivier vrij en
ongestuwd. Schepen nemen in plaats van de
Grensmaas het 36 km lange Julianakanaal.
In Limburg onderscheiden we drie
deeltrajecten: de Bovenmaas, de al genoemde
Grensmaas en de Zandmaas. Voor elk
van deze deeltrajecten worden door de
provincie Limburg in samenwerking met
belanghebbende publieke en private partijen
plannen ontwikkeld en/of al uitgevoerd. Dit
Masterplan behandelt de Zandmaas.
Natuur en landschap
Geomorfologisch gezien is de Maas goeddeels
verantwoordelijk voor de landschappelijke
verschijningsvormen in het gebied.
Kenmerkend zijn de Maasterrassen die
trapsgewijs uitgesleten zijn in opeenvolgende
geologische perioden, waarbij de oudste
terrassen het hoogst liggen en het verst van
de rivier. Maar ook de unieke Maasduinen
die ontstaan zijn doordat rivierzand in droge
perioden door de wind tot een grillig patroon
van parallel lopende ruggen opgestoven werd.
Verder is er in het uiterste noorden nog de
stuwwal bij Mook – in de voorlaatste ijstijd
door het noordelijke landijs opgeduwd – waar
voorlangs de Maas scherp afbuigt in westelijke
richting.
Deze landschappen hebben hun eigen
bijzondere biotopen met vaak zeldzame fl ora
en fauna en verlenen dit deel van NoordLimburg
zijn uitzonderlijke biodiversiteit en
zijn hoge ecologische waarde. Door de rijke
natuur, de vele afwisselende landschappen en
de soms markante hoogteverschillen heeft het
gebied een hoge belevingswaarde en oefent
daarmee een grote aantrekkingskracht uit op
toeristen en dagrecreanten.
Globale historische ontwikkeling
De Maas is verantwoordelijk voor een helder
landschappelijk ’ritme’, dat sterk de culturele
inrichting van het Maasdal bepaalde: wei- en
hooiland in de lagere delen, bewoning en
akkercomplexen op de ruggen. De bewoning
concentreerde zich aan de rand van de
dalvlakte (het Late Dryas terras) opzij van het
winterstroombed vaak bij de monding van
een beek, hetgeen leidde tot een kenmerkend
cultuurlandschap met langgerekte eenheden
in de lengterichting van de stroomdalvlakte.
Een landschap dat eeuwenlang op min of
meer natuurlijke wijze correspondeerde met
de grillen van de Maas.
De Maas is dus vanouds de voornaamste
structuurdrager van het gebied en aan en
langs die Maas hebben zich dan ook alle
belangrijke ontwikkelingen voltrokken:
demografi sch, sociaaleconomisch, natuur- en
cultuurhistorisch.
In het Neolithicum, de Nieuwe Steentijd,
vond een grote sociale verandering plaats.
Jager-verzamelaars gaven hun zwervend
bestaan op om zich blijvend te vestigen en
zelf vee te houden en gewassen te verbouwen.
Ergens tussen 5000 en 1200 v. Chr. vestigden
zich op de hogere delen langs de rivier de
eerste boeren, waarschijnlijk van Keltische
oorsprong. In het Maasdal zelf was de bodem
slibrijk en voedselrijk, maar de oude geulen
waren nat, venig en moerassig.
Rond het begin van de jaartelling verschenen
met de komst van de Romeinen nieuwe
veelal Gallo-Romeinse nederzettingen langs
de rivier, die soms ook in de Merovingischeen
Karolingische periode nog bewoond
waren. In de Middeleeuwen ontstond op
de hoger gelegen schrale zandgronden de
zogenaamde ‘potstalcultuur’, genoemd naar de
stallen waarin schapenmest en heideplaggen
werden opgepot en gebruikt als mest voor de
voedselarme bodem. De voor het Maasdal
zo karakteristieke rivierdorpen Well, Aijen,
(oud-) Bergen, Aff erden, Heijen, Milsbeek,
Middelaar en Mook en het vestingstadje
Gennep ontstonden in diezelfde periode en
hadden allemaal van oudsher een duidelijke
relatie met de rivier.
Door de opkomst van het spoortransport en
later het gemotoriseerd wegverkeer verfl auwde
de oriëntatie op de Maas. Met name de aanleg
van de oude rijksweg N271 zorgde ervoor
dat de meeste dorpen en stadjes zich van de
rivier afkeerden en zich richtten naar deze
nieuwe verkeersader en sindsdien belangrijkste
economische structuurdrager. Alleen Well,
Aijen, (oud)-Bergen en Mook liggen nog ‘echt
aan de Maas’, maar ook niet meer dan dat.
Gennep is meer op de Niers gericht.
׉	 7cassandra://wg0v-oN016TAZTLFTjdqR4uhHlSD7W_2q1riVIyWgw4`  c!j!>G׉E 4MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
31
Rivierdorp Well
׉	 7cassandra://oJZL7Z-nXBXEek1oAQCO6LGelL4URGsjmYXtLEbbVNo`  c!j!>Hc!j!>GqבCט   u׉׉	 7cassandra://2pZrXVO2nvJYGS93RF0UPWlyXrqyC6LEhmH-ZIq3tOc  `׉	 7cassandra://ZdYyG1mSYB3saCpurWEOwOjOosO4EI_ZcM7VqyhO3C8``׉	 7cassandra://HQvxKbUBApk6Z3XAmC_RC9s_KEWazuUxL3LI__G8-nI`  ׉	 7cassandra://AsSeFFAUAu3W1xHLaSh-MUMQ37oiHboY2T8wuqeL_Yo n$͠c$j!>?ט  u׉׉	 7cassandra://k6DYLQdkWP-yowLs94Ub3aNr67pCWnoW6jBY0zwtj7A ]` ׉	 7cassandra://_MPH6gd2OyonUOGu0mcHPezQ9N0bMYQV5cc8tmoValMS`׉	 7cassandra://cYw4iJVB3v9f4Ln6T80dD4txl04WR2bD3XTeo4RieCo`  ׉	 7cassandra://6FMvuwn8pAYPU0wGZ8Qw0r8UK1g6dgeC4lff_dSw-XAm͠c$j!>@נc$j!>C 
̟9ׁHhttp://www.deׁׁЈ׉E32 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Economisch en strategisch belang
Het gebied is altijd van groot (militair-)strategisch belang geweest. Tijdens de
Romeinse periode lag er in de eerste eeuwen na Christus waarschijnlijk een
doorwaadbare plaats met een Gallo-Romeinse nederzetting ter hoogte van de
huidige spoorbrug in Mook. In de vierde eeuw zorgde een Romeinse brug bij
Cuijk voor een vaste oeververbinding met de aldaar gelegen versterkte legerplaats.
Vermoed wordt dat ook ter plaatse van het Genneperhuis een Romeinse
fortifi catie heeft gelegen.
In de Middeleeuwen en lang daarna was de Maas een essentiële transportader.
Mook was een belangrijke tol- en overslagplaats voor goederen naar en van
Nijmegen. Op strategische plekken langs de Maas werden kastelen gebouwd
(Kasteel Heumen, Middelaershuys, Genneperhuis, Kasteel Heijen, kasteel Well,
kasteel de Stalbergh). Veel plaatsen en kastelen die direct aan de rivier lagen,
spekten eeuwenlang hun kas met tolheffi ng op de rivier.
Tijdens de 80-jarige oorlog raakten Spaanse en Staatse troepen met regelmaat
slaags in Noord-Limburg. Tijdens de slag op de Mookerheide (14 april 1574)
gebeurde dat bij Mook. Het Genneperhuis was in deze roerige tijden van
bijzonder strategisch belang en wisselde meermalen van bezetter. Eerst werd het
in 1599 door de Spanjaarden ingenomen en vervolgens door de Staatsen in 1602
weer heroverd; in 1635 werd het opnieuw door de Spanjaarden bezet en versterkt
(de omvangrijke kroonwerken ontstonden), maar in 1641 werd het tijdens
het beleg van Gennep door Frederik Hendrik heroverd (de circumvallatielinie
werd toen aangelegd). In 1672 werd het Genneperhuis tijdens de Spaanse
Successieoorlog door de Fransen ingenomen en in 1710, opnieuw door een Frans
leger, verwoest. De stenen zijn in Gennep gebruikt voor de bouw van huizen en
muren.
Ook in de Tweede Wereldoorlog is het gebied zwaar bevochten. In mei 1940
tijdens de Duitse inval maar vooral in de herfst en de winter van 1944/45 in de
nasleep van de operaties ‘Market Garden’ en ‘Veritable’ (de beslissende geallieerde
aanval op het Rijnland). Met name Gennep, Milsbeek, Mook en Middelaar
(compleet verwoest) hebben zwaar te leiden gehad van de oorlogshandelingen.
Huidige demografi e en bedrijvigheid
Het grondgebied van de drie opdrachtgevende gemeenten is langgerekt en
smal. Het ligt als het ware ingeklemd tussen de provincies Brabant, Gelderland
en het dichtbevolkte Duitse Rheinland-Westfalen. In het noorden is de sterke
regionale invloed voelbaar van het KAN, het stedelijk knooppunt ArnhemNijmegen,
in het zuiden die van Venlo. En verder naar het westen vinden we de
sterke stedelijke ontwikkelingen rond Den Bosch en Eindhoven. Voorts zijn er
Van boven naar beneden: de jachthaven bij ‘t Leukermeer,
de steenfabriek bij Afferden en het bedrijventerrein bij
Heijen
׉	 7cassandra://HQvxKbUBApk6Z3XAmC_RC9s_KEWazuUxL3LI__G8-nI`  c!j!>I׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
33
vooral sociaal-maatschappelijke relaties met
de gemeenten in het Land van Cuijk aan de
overkant van de Maas.
Het gebied van de drie Noord-Limburgse
gemeenten is relatief dunbevolkt. Er wonen
in totaal nog geen 40.000 mensen, verdeeld
over 16 kernen (Bergen per 1 januari 2012:
13.294; Gennep per 1 april 2011: 17.369;
Mook en Middelaar per 1 april 2011: 7.924).
Hoewel de bevolkingsgroei is afgevlakt en
men als gevolg van vergrijzing en ontgroening
(het wegtrekken van jonge mensen) krimp
verwacht, wordt verondersteld dat gebieden
die binnen de invloedssfeer van stedelijke
conglomeraten liggen, lichte groei tegemoet
zouden kunnen zien. Ten opzichte van 2009
(38.540) is het totaal aantal inwoners in
2011/2012 (38.587) in elk geval heel licht
gestegen; bron: CBS).
De bevolkingsdichtheid van het eigenlijke
Masterplangebied is vele malen geringer.
Alleen de kernen Well, Aijen, (oud-)Bergen,
Heijen, Middelaar en een – kleiner – deel van
de kernen Mook en Milsbeek liggen binnen
de grenzen van het plangebied.
De bedrijvigheid in het Masterplangebied
is voornamelijk agrarisch van aard;
daarnaast vinden we bij de Mookerplas en
het Leukermeer sterke concentraties van
toeristisch-recreatieve functies (zwemstrand,
ligweide, horeca, campings, jachthavens).
Binnen het Masterplangebied bevinden
zich alleen bedrijventerreinen in Milsbeek
(binnendijks), Heijen (langs de Haven)
en Aff erden (steenfabriek). Nieuwe
bedrijventerreinen zijn niet gepland.
Naar demografi e en bedrijvigheid binnen
de drie gemeenten is in het kader van de
Regiovisie al uitgebreid onderzoek gedaan.
Hoogwaterveiligheid en taakstelling
Zoals gezegd heeft de Maas met haar grillige
karakter het Maasdal in sterke mate gevormd.
In het verleden waren er geen stuwen en werd
de Maas tijdens droge tijden een ondiepe
rivier zoals dat bij de Grensmaas nog het geval
is. Hoogwaters kwamen regelmatig voor,
maar de bewoners waren daarop ingesteld.
Vandaag de dag kent het Maasdal een Maas
die tijdens lage afvoeren gestuwd is en die aan
Limburgse kant bij hoogwater afgegrensd is
van bebouwing door waterkeringen die om de
woonkernen zijn aangelegd.
Doordat de Maas een regenrivier is, hebben
de hoogwaters een grillig verloop. Het
vroeger onvoorspelbare gedrag van de Maas
is overigens wel steeds meer voorspelbaar
geworden dankzij modellen waarmee op korte
termijn betrouwbare hoogwatervoorspellingen
kunnen worden gegeven. Daardoor is het
ook mogelijk om bijvoorbeeld demontabele
keringen – als onderdeel van de bestaande
waterkeringen – tijdig te kunnen plaatsen.
Met het verhogen van de waterkeringen wordt
de zogenaamde ‘overschrijdingskans’ verkleind
van circa eens per 50 jaar naar eens per 250
jaar wordt het land achter de waterkeringen
steeds beter beschermd. De bewoners van
Limburg hebben recht op deze verhoogde
bescherming. Dat is zo geregeld in de Wet op
de Waterkering (WoW).
Deze wet anticipeert op de klimaatverandering
die onafwendbaar zijn loop neemt. Want de
Maasafvoeren en waterstanden zullen door de
klimaatverandering vrijwel zeker van karakter
veranderen. De hoogwaterafvoeren vanuit het
hele stroomgebied zullen hoger worden en
langer duren. Daar zit de crux. We zullen ons
immers op die toenemende, frequentere en
deels onvoorspelbare watervolumes moeten
voorbereiden.
Voor verdere informatie verwijzen we naar
de offi ciële rapporten, zoals het rapport
van de commissie Veerman ‘Samen werken
met water’ en naar de bevindingen van de
Deltacommissie 2008 ( www.deltacommissie.
com).
׉	 7cassandra://cYw4iJVB3v9f4Ln6T80dD4txl04WR2bD3XTeo4RieCo`  c!j!>Jc!j!>IqבCט   u׉׉	 7cassandra://HvwIsjifGFFJY7VUAdtDPnKNu-fFlDPlEFBDbjBf2W0 i`׉	 7cassandra://p1ZsEHcKyeaSEAb3YTrADAIr70nKUs2xbU1WvLg7-nsaE`׉	 7cassandra://0B9vd0y95XE_lM0oITojaeA01PE1Sx9ZTJlO4bmky-E`  ׉	 7cassandra://ODOuyC6tsns5sNI7X-3bzKeJqnGxRwUmQcsL7IJaRFoyf>͠c$j!>Bט  u׉׉	 7cassandra://Si1O03awGvfe5yfh-yLgwTPHEP_ASZvpAmDYgOUFx7A `׉	 7cassandra://4G32u2JvsxvOF0zeMW1BiI7k4EBwYovjINfaeXmqmxcS1`׉	 7cassandra://5mwlVRAY_ZPoxWWlIdBPwfe7FjZc1v46NfH-Z18W2Xk(`  ׉	 7cassandra://Smst8AUcqo1CvUsu5hmM5I-SGgkQXd6LXiVOlf1XXnc !f͠c$j!>D׉Et34 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
4.2 VERKENNING LANDSCHAP
4.2.1 Hoogwaterveiligheid 2050/2100
4.2.1.1 Verkenning
Taakstelling
Bij het handhaven van de hoogwaterveiligheid
van onze grote rivieren in de toekomst wordt
het begrip ‘hoogwatertaakstelling’ of kortweg
‘taakstelling’ gehanteerd. Dit begrip komt in
dit Masterplan meerdere keren aan de orde en
wordt hier daarom kort toegelicht.
De achtergrond van het taakstellings-begrip
is dat het beleid erop gericht is dat de
afvoercapaciteit van de rivier in de toekomst
actief wordt verbeterd om de waterstanden
tijdens extreem hoogwater niet verder te
laten stijgen wanneer de hoogwaterafvoeren
in de rivier in de toekomst toenemen door
klimaatverandering. De taakstelling geeft
daarmee aan hoeveel de waterstanden
langs de rivier moeten worden verlaagd
bij toename van de afvoeren, zodat ze
feitelijk niet hoger worden dan de huidige
maatgevende waterstanden. De beleidskeuze
om waterstanden niet verder te laten stijgen
bij hogere extreme afvoeren wordt al toegepast
in het kader van Ruimte voor de Rivier en de
Maaswerken en naar verwachting zal dit beleid
ook in de toekomst worden voortgezet. Het
niet verder laten stijgen van de maatgevende
waterstanden betekent ook dat de dijken in
de toekomst niet verder hoeven te worden
verhoogd. Dit geldt overigens pas vanaf het
moment dat de dijken ´op orde zijn´: voor
de Maas wordt hier op sommige plaatsen nog
aan gewerkt.
De waterstanden moeten dus, conform
de taakstelling ten opzichte van ‘niets
doen’ worden verlaagd. Dit kan door
rivierverruiming en bijvoorbeeld verkleining
van de ruwheid. Verkleining van de ruwheid,
of het handhaven van een zekere gewenste
ruwheid, is een beheersmaatregel waarbij
vegetatie moet worden beheerst en wordt hier
niet meegenomen bij de inrichtingsplannen.
Voor het Masterplan is alleen de
rivierverruiming van belang.
Opgemerkt wordt dat de taakstelling
afhankelijk is van de tijdshorizon die in
beschouwing wordt genomen. Voor het
Masterplan Maasdal is een doorkijk naar
2100 relevant. Door de lange tijdshorizon
is de taakstelling ook navenant groot. De
taakstelling wordt bepaald door berekeningen
uit te voeren met een representatief
rekenmodel. Dit gebeurt voor de zogenaamde
referentiesituatie (die is hier gedefi nieerd als
de situatie na uitvoering van de Maaswerken).
Vervolgens worden de waterstanden
doorgerekend bij de hogere normafvoer die
voor het jaar 2100 wordt verwacht. In de
laatstgenoemde situatie zijn er (nog) geen
rivierverruimende maatregelen toegepast. Het
verschil in waterstanden in lengterichting van
de rivier (in de as) tussen de eerste en tweede
situatie is de taakstelling, zoals in fi guur 1
voor het Maasdal is weergegeven.
Toelichting:
De fi guur geeft voor het gehele NoordLimburgse
traject van de Maas aan hoever
de waterstand ter plaatse moet worden
verlaagd om waterstandsverhoging in
de toekomst te voorkomen. De rivier
stroomt van links naar rechts: links is
het bovenstroomse deel van het Maasdal,
rechts het benedenstroomse deel. Ter
oriëntatie zijn kenmerkende dorpen langs
de Maas en kenmerkende bruggen over
de Maas aangegeven. Verticaal staat het
waterstandseff ect aangegeven in meters. De
lijn geeft aan in hoeverre de waterstand
door maatregelen verlaagd moet worden
om bij nul uit te komen (dit is de rode
lijn). Zo moet helemaal bovenstrooms de
waterstand met ongeveer 60 cm worden
verlaagd (taakstelling is -0,6 m) en
helemaal benedenstrooms met 0 cm. Dit
laatste lijkt vreemd, maar er wordt van
uitgegaan dat de waterstand in het Maasdal
benedenstrooms van het plangebied ‘op orde
is’ (dus dat daar precies aan de taakstelling
wordt voldaan).
Met rivierverruiming kan aan de
taakstelling tegemoet worden gekomen.
De dóórwerking van rivierverruiming is
altijd vanaf de verruimingslocatie naar
bovenstrooms toe, zij het wel in afnemende
mate; dit gaat volgens het zogenaamde
stuwkromme-verloop, waarbij in dit geval
sprake is van een negatieve stuwkromme
(verlaging is te beschouwing als negatieve
stuwing). Rivierverruimende maatregelen
werken niet door naar benedenstrooms,
behalve voor de tijdelijke berging van een
hoogwaterpiek, zoals de Lob van Gennep,
maar dit wordt hier buiten beschouwing
׉	 7cassandra://0B9vd0y95XE_lM0oITojaeA01PE1Sx9ZTJlO4bmky-E`  c!j!>K׉E	MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
35
dat ook grootschalige maatregelen met
veel grondverzet worden uitgevoerd. Bij
het Maasdal is er een grote uitdaging aan
de benedenstroomse zijde van het plan.
Dit is te zien in de nevenstaande fi guur:
tussen Mook en de brug bij Oeff elt loopt
de taakstelling naar bovenstrooms toe
snel op. Dit betekent dat hier relatief
veel moet worden verruimd. Dit is
Figuur 1: taakstelling voor het Masterplan Maasdal
gelaten. Meerdere verruimingsplannen zullen
dus steeds naar bovenstrooms ‘cumulatief’
doorwerken en dit moet voor het voldoen aan
de taakstelling dus op een dusdanige manier
gebeuren dat idealiter precies op de nullijn
wordt uitgekomen. Elke maatregel heeft echter
een afwijkende doorwerking naar bovenstrooms:
zo zal een grote maatregel praktisch gezien ook
verder naar bovenstrooms doorwerken dan een
kleine maatregel. Bovendien is de mate van
doorwerking (in vaktermen: het stuwkrommeeff
ect) ook afhankelijk van de locatie langs de
rivier. Voor afzonderlijke plannen kan tot op
zekere hoogte op basis van ervaring nog een
inschatting worden
gemaakt van de eff ectiviteit (bijdrage aan
de taakstelling. Voor meerdere plannen en
ook voor een nauwkeuriger bepaling van de
eff ecten, zijn wederom berekeningen nodig
met een rekenmodel. Door de ruimtelijke en
rivierkundige complexiteit zal het dus in de
praktijk nooit lukken om precies op de nullijn
uit te komen en zal er altijd op sommige plaatsen
extra verlaging optreden.
De rivierverruiming kan op verschillende
manieren plaatsvinden, die allemaal tot het
gewenste doel kunnen leiden. Als de taakstelling
groot is, zoals hier, is het echter onontkoombaar
hier echter tegelijkertijd lastig omdat
op dit traject relatief weinig ruimte
aanwezig is. De taakstellingslijn laat
dit feitelijk al zien: het snel toenemen
van de taakstelling naar bovenstrooms
toe is een aanwijzing van een relatief
nauw riviertraject in de huidige situatie.
Verder bovenstrooms in het plangebied
zijn enkele grote plannen voorzien, zoals
Maaspark Well en Hoogwatergeul OoijenWanssum.
Deze maatregelen zullen een
grote waterstandsverlaging geven, maar
deze zullen geen doorwerking hebben
naar benedenstrooms toe. Deze grote
plannen hebben vooral een gunstig eff ect
bovenstrooms van het Maasdalgebied.
Een goede afstemming van de maatregelen
in lengterichting, op te vatten als
´balansprobleem´ is daarmee als een grote
uitdaging op te vatten voor het plangebied
voor het Maasdal.
׉	 7cassandra://5mwlVRAY_ZPoxWWlIdBPwfe7FjZc1v46NfH-Z18W2Xk(`  c!j!>Lc!j!>KqבCט   u׉׉	 7cassandra://ABuvpc25Nos6JUDl1TKT9c3I84WpRudKpaVcIbTiUB4 )`׉	 7cassandra://TXZf4URdoAn0IuBxQeNX9Hb2Gn9_95fPr3NgYwvOWj4n`׉	 7cassandra://qzWiJGsAuxTld9Hj4RZWBTGjUcpODpgSS6eIXumLVb4m`  ׉	 7cassandra://YcDwn2QOguifUU4r4FIlDUr-8aIDYisC7kLsFDkZI5w :.͠c%j!>Fט  u׉׉	 7cassandra://q3DVzrusXHx5NouNUsreNlcsZIN2d65q8ZndJpGwbEc o` ׉	 7cassandra://2PCvK4scy-vmXhZ4tzXe8CosF4g0abOgcqwUIKyBvzkcQ`׉	 7cassandra://1iW86ypYDV8E7Gi2Tiar_M9ByW7n4Qfr3nzieH7-SnMT`  ׉	 7cassandra://Wt2tWgkoO2QTVxjqydLMj7hqKIwTivm3wSaUAPYPB24s͠c%j!>G׉E	7Noodzakelijke verhoging van de veiligheid (Maaswerken project)
Het Maasdal heeft van oudsher met hoogwaters van de Maas te
kampen gehad en deze hebben, in interactie met de mens, het Maasdal
in sterke mate gevormd. Het Maasdal bevindt zich aan de Limburgse
kant grotendeels in het zogenaamde ‘onbedijkte’ gedeelte, met hoge
gronden die de overstromingen begrenzen. De hoogwaters van 1993
en 1995 en de daarmee gepaard gaande wateroverlast hebben duidelijk
gemaakt dat er aan de veiligheid het nodige schortte. Om de veiligheid
te verhogen zijn daarom grootschalige rivierverruimende maatregelen
uitgevoerd en kaden aangelegd, dan wel verhoogd, in het kader van
het project de Maaswerken; deze werken zijn in hun afrondende fase
en zullen sowieso voltooid worden. In dit Masterplan Maasdal worden
de Maaswerken dus als op zichzelf staande ontwikkeling meegenomen
in de referentiesituatie (dit is de uitgangssituatie voor de berekeningen,
waar de plannen mee worden vergeleken).
In 2005 zijn de meeste Limburgse waterkeringen (tot dusver kaden
genoemd) onder de Wet op de Waterkeringen (WoW) gebracht met
een vastgesteld beschermingsniveau van 1/250 jaar. Zoals het er nu
naar uitziet zullen ze om de 6 jaar getoetst worden aan de hand van
de actuele situatie. De hiervoor benodigde toetspeilen worden formeel
vastgelegd in de Hydraulische Randvoorwaarden (HR), die steeds
worden geactualiseerd. Th ans is de HR2006 vigerend.
N.B.: Overigens geldt voor het bedijkte gedeelte van de Maas buiten
de provincie Limburg een beschermingsniveau van 1/1250 jaar. Dit
beschermingsniveau geldt ook voor het grootste deel van de Brabantse zijde
van de Maas.
Doorkijk naar de toekomst
Eerder uitgevoerde verkennende studies, zoals de Integrale Verkenning
Maas-II (kortweg IVM2, 2006) en de zogenaamde Quickscan (‘Ruimte
voor de Maas’; 2010) geven een doorkijk naar wat er op hoofdlijnen aan
rivierverruiming nodig is voor 2050 én 2100. Zoals eerder aangegeven
is hierbij het uitgangspunt, dat de hogere rivierafvoeren die straks als
gevolg van klimaatverandering kunnen worden verwacht, niet mogen
leiden tot hogere waterstanden dan de huidige 1/250 norm voor de
Limburgse zijde van het Maasdal. Overigens geldt dit principe ook
voor de waterstanden die horen bij een 1/1250 beschermingsniveau
voor het bedijkte deel van het plangebied en voor de Brabantse zijde.
׉	 7cassandra://qzWiJGsAuxTld9Hj4RZWBTGjUcpODpgSS6eIXumLVb4m`  c!j!>M׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 37
Niets doen betekent dat de waterstanden
tijdens extreem hoogwater verder oplopen.
Zoals aangegeven is de taakstelling: de
waterstandsverlaging die met maatregelen
in de toekomst bereikt moet worden om op
het oplopen van de waterstand tegen te gaan.
Relevant in deze context is, dat de taakstelling
in fi guur 1 de totale taakstelling betreft, die
door rivierverruimende maatregelen zowel aan
de Limburgse als aan Brabantse zijde moet
worden gecompenseerd. Een harde verdeling
van de wederzijdse bijdrage is er echter niet.
Het is aan de Limburgse en Brabantse regio
om dit goed met elkaar af te stemmen. Voor
het Masterplan Maasdal is het uitgangspunt
dat aan de Limburgse zijde wordt gedaan wat
redelijkerwijs mogelijk en haalbaar is. Wel
is het zo, dat aan de Limburgse zijde in veel
gevallen minder ruimte voor rivierverruiming
aanwezig is dan aan Brabantse zijde.
Feitelijk valt de Brabantse zijde buiten dit
Masterplan. Om toch inzicht te krijgen in
de haalbaarheid van de integrale plannen
om aan de totale taakstelling te voldoen zijn
veelbelovende maatregelen aan Brabantse
zijde (zonder verdere ruimtelijke uitwerking)
meegenomen bij het analyseren van het totale
waterstandsverlagende eff ect.
Taakstelling instrumenteel aan Regiovisie
De reeds uitgevoerde studies (IVM2 en
Quickscan) waren vooral ingestoken vanuit de
‘blauwe’ kant, met een sterke nadruk op een
maximale rivierkundige eff ectiviteit. Hierbij is
minder rekening gehouden met een integrale
belangenafweging vanuit de regio. Bovendien
waren de hoogwatermaatregelen vaak sterk
indicatief en nogal grof geschematiseerd.
In het Masterplan wordt dit omgedraaid:
het ontwikkelen van een integrale visie voor
de gebiedsontwikkeling wordt vooropgesteld.
Deze dient te voldoen aan de taakstelling, maar
doet primair recht aan de ontwikkelingen die
de Regiovisie voor het Maasdal wenselijk acht.
Omdat de benodigde rivierverruiming in
principe op meerdere manieren kan worden
verkregen, betekent dit dat binnen het
Masterplan de taakstellende rivierverruiming
in feite instrumenteel is aan de gewenste
gebiedsontwikkeling.
Onderdelen van de verkenning
Tijdens de verkenning zijn de volgende
activiteiten uitgevoerd.
• Vaststellen van gepaste
rivierverruimingsmaatregelen voor de Maas
• Globale analyse van de uitgevoerde studies
voor IVM2 en Ruimte voor de Maas;
• Klaarmaken rekengereedschap en uitvoeren
van oriënterende berekeningen;
• Analyse van de taakstelling en overleg met
Rijkswaterstaat over de uitgangspunten
Naar aanleiding van deze activiteiten heeft
een eerste overleg met de stakeholders
plaatsgevonden over de aanpak en inzichten,
en is er een veldverkenning georganiseerd.
Deze activiteiten hebben mede geleid tot
het vaststellen van de uitgangspunten,
het globaal aftasten van de speelruimte en
tot het vaststellen van de verdere aanpak.
Ze hebben bovendien de aanzet gegeven
tot het verder uitwerken van de integrale
ordeningsprincipes.
Typologie van relevante
rivierverruimingsmaatregelen
Globaal gesproken kunnen we voor de
Limburgse kant kiezen uit een zestal
hoogwatermaat regelen – al dan niet
gecombineerd – en elk met zijn eigen
consequenties en zijn voor- en nadelen:
• Zomerbedverdieping
Zomerbedverdieping als
hoogwatermaatregel bestaat uit het
wegnemen van bodemmateriaal. Binnen
het project Maaswerken wordt in het
noordelijk deel van het Maasdal, vanaf
de stuw Sambeek al zomerbedverdieping
toegepast.
Zomerbedverdieping kan een eff ectieve
maatregel zijn, maar doordat er een aantal
nadelen en risico’s aan kleven zijn er
vraagtekens te plaatsen bij de robuustheid
van de maatregel.
Het belangrijkste risico schuilt in de
morfologische eff ecten. Vanwege de
fi jne zanden in de bodemlagen van de
Maas is het uitgesloten dat ongewenste
complicaties optreden die de stabiliteit
van het systeem in gevaar brengen.
Het eff ect van verder verdiepen in het
plangebied zal naar verwachting gering
zijn omdat de maatregel al toegepast
wordt door de Maaswerken.
• Zomerbedverbreding
Zomerbedverbreding als
hoogwatermaatregel bestaat uit het
wegnemen van oevermateriaal tot op het
bodemniveau van de hoofdgeul. Dit kan
een eff ectieve maatregel zijn, maar kent
net als zomerbedverdieping morfologische
risico’s. Zomerbedverbreding is
ingrijpender dan de inrichting van of
׉	 7cassandra://1iW86ypYDV8E7Gi2Tiar_M9ByW7n4Qfr3nzieH7-SnMT`  c!j!>Nc!j!>MqבCט   u׉׉	 7cassandra://A4i37tdBgkvyF-Z3n9ll5x46tUAMf1aWejq8lWcCcng A` ׉	 7cassandra://LZ7mxwWMcmdFbFc2ZX-A6RmHFqFmxzgLkbxxzwg-1ew`S`׉	 7cassandra://zYj7LfJ5_qggPPN3kzd3zPDv3CWc5LS5w2Gr_ianfR0`  ׉	 7cassandra://t938YlNTngEeNuOAUqaGjWzbO1VL-EcoRbo5REOlvcQl͠c%j!>Iט  u׉׉	 7cassandra://gmkAsrleZqkLGoxIghwpKYacZx3eEVnAWI7ZylDGFlo 8`׉	 7cassandra://wBWXQrDlcdqnW0jFvth-cDo0GzTKY-l1WwhAfjUBPsAf`׉	 7cassandra://4-qbKpKGs3q-kGSLNFkCYs_4muKOm6_55BB0AIDRkFc`  ׉	 7cassandra://FzOENIjmY5JUvQphhure1wkPS4bXr9JcTDAw8wu4jF0́:͠c%j!>J׉E38 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
het faciliteren van natuurvriendelijke
oevers. Bij dat laatste zullen door de
extra ruwheid hoegenaamd geen nadelige
morfologische eff ecten optreden. Verder
is zomerbedverbreding erg ingrijpend,
omdat de vaak waardevolle oeverzones
rigoureus worden weggenomen. Met
zomerbedverbreding ontstaat als het
ware een soort ‘watersnelweg’, die het
water nog sneller afvoert. Toepassing van
deze maatregel vraagt om een uitgekiend
ontwerp i.v.m. de systeemgeometrie en
de benedenstroomse eff ecten van de
versnelde afvoer.
• Weerdverlaging (uiterwaardverlaging)
Weerdverlaging is een veel toegepaste
rivierverruimingsmaatregel.
Weerdverlaging is eff ectief voor het
verlagen van de hoogwaterstanden.
De maatregel heeft daarbij minder
morfologische risico’s dan de hiervoor
genoemde maatregelen. Weerdverlaging
kan vlaksgewijs plaatsvinden, maar ook
‘profi elvolgend’ worden uitgevoerd.
Het laatste heeft vanuit landschappelijk
oogpunt de voorkeur.
• Wegnemen obstakels (dwarsbedijkingen,
veerstoepen, landhoofden bruggen)
In het winterbed van de Maas bevinden
zich obstakels die een opstuwend eff ect
hebben, bijvoorbeeld (landbouw)wegen
die soms als het ware dwarsbedijkingen
vormen, in de stroom liggende
veerstoepen en de landhoofden van enkele
bruggen. Het wegnemen van landhoofden
van bruggen, zeker wanneer deze het
stroomprofi el robuust frustreren, kan
zeer eff ectief zijn en heeft weinig nadelige
morfologische eff ecten.
• Meestromende nevengeul
Bij rivierverruiming worden ook vaak
parallelle geulen aangelegd, doorgaans
met ‘nevengeulen’ aangeduid. Deze
kunnen ‘tweezijdig aangetakt’ zijn met
de hoofdgeul en daarmee permanent
of nagenoeg permanent meestromend
worden gemaakt. Ze zijn vaak
landschappelijk en ecologisch zeer
attractief, maar minder eff ectief voor
hoogwaterstanddaling, tenzij ze worden
gecombineerd met een bredere strook
weerdverlaging, bijvoorbeeld in de vorm
van het zogenaamde ‘accoladeprofi el’.
• Hoogwatergeul
Een hoogwatergeul is een niet permanent
meestromende geul en wordt ook
wel eens als ‘groene’ geul aangeduid,
omdat de geul of een deel ervan
gewoon kan begroeien en alleen tijdens
hoogwater overstroomt. Vaak wordt een
hoogwatergeul gecombineerd met het
reactiveren van een oude strang of laagte
in de uiterwaard.
Globale analyse eerder onderzoek en eerste
berekeningen
De tot dusverre uitgevoerde studies laten
zien dat er zeer grootschalige ruimtelijke
maatregelen nodig zijn om op termijn
aan de taakstelling te kunnen voldoen.
De onderzochte maatregelen bestaan
noodzakelijkerwijs voor een groot deel
uit grootschalige uiterwaardverlaging.
Eerder is al aangegeven dat de benodigde
waterstandsdaling snel vanuit het
benedenstroomse (noordelijke) deel van het
plangebied wordt opgebouwd. Dit wijst
op een nauw gedeelte in de rivier in de
huidige situatie. In het bijzonder dáár zal
een oplossing moeten worden gezocht door
ook de Brabantse zijde te betrekken en zelfs
dan kan daar moeilijk aan de taakstelling
worden voldaan. Op het middelste deel van
het plangebied lijkt de speelruimte groter,
omdat het eff ect van rivierverruiming in
bovenstroomse richting doorwerkt en de
taakstelling daar vrij constant is. Verder
bovenstrooms ligt een minder grote opgave,
mede vanwege de gunstige doorwerking
van een aantal grote (aanstaande) autonome
projecten (Ooijen-Wanssum aan de westelijke
kant en Maaspark Well aan de oostelijke
kant).
Rekengereedschap
Ten behoeve van deze studie is een
Maptable model gemaakt van het
plangebied. Maptable is een interactieve
digitale ontwerptafel, gebaseerd op het
rekenmodel WAQUA. Van meet af aan was
duidelijk dat Maptable een betrouwbaar
en eff ectief rekeninstrumentarium is. Door
vereenvoudigingen kunnen de eff ecten van
gemaakte ontwerpen op waterstanden binnen
circa 10 minuten worden doorgerekend met
een nauwkeurigheid die voldoende bleek
voor dit Masterplan. Uit de simulaties met
Maptable kwam ook naar voren dat er goede
mogelijkheden zijn voor een ruimtelijke
invulling met respect voor behoud van de
landschappelijke kwaliteiten.
׉	 7cassandra://zYj7LfJ5_qggPPN3kzd3zPDv3CWc5LS5w2Gr_ianfR0`  c!j!>O׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 39
4.2.1.2 Uitgangspunten voor ontwikkeling
hoogwaterveiligheid
Omdat een van de uitgangspunten is
dat het plangebied zelf moet voorzien
in het behalen van de taakstelling is
voor het hydraulisch perspectief van de
hoogwatertaakstelling onder meer gekeken
naar de referentiesituatie en autonome
ontwikkelingen, de status van OoijenWanssum
en niet te vergeten naar een
mogelijke verdeling van de taakstelling over
de oostzijde (Limburg) en westzijde van de
Maas (voornamelijk Brabant). Vanuit het
streven naar landschappelijk ‘maatwerk’
is hydraulisch technisch berekend of het
mogelijk is om in plaats van enkele grote,
ook meerdere kleinere projecten uit te
voeren (‘veel kleintjes maken één grote’).
De uitkomsten van dit onderzoek hebben
aangetoond dat dit nadrukkelijk het geval
is.
De volgende uitgangspunten zijn relevant
voor toekomstige ontwikkeling:
• ‘Maaswerken’ en HR2006
worden beschouwd als uitgevoerd
(referentiesituatie)
De werking van het retentiegebied Lob
van Gennep wordt gegarandeerd. Dit
heeft betrekking op de tijdige instroming
van de Lob voor het afvlakken van de
hoogwaterpiek, hetgeen mogelijk moet
blijven. In de praktijk betekent dit dat we
die instroming niet moeten blokkeren.
Verder is de Lob van Gennep geen
onderwerp van deze studie.
• Voorgenomen ontwikkelingen met
een grote kans van doorgaan worden
kwantitatief mede in beschouwing
genomen
Het gaat hierbij om Maaspark Well en
de Hoogwatergeul Ooijen-Wanssum. De
hoogwater geul Well-Aijen is onderdeel
van de Maaswerken en deze zit dus al in
de referentiesituatie.
• Het benedenstrooms van het plangebied
gelegen Maastraject voorziet in zijn
eigen opgave
Er wordt vooralsnog van uitgegaan dat
in het Maastraject benedenstrooms van
Mook geheel wordt voorzien in de opgave
die daar geldt. Dat betekent dat er geen
extra opgave wordt afgewenteld op het
plangebied. Daarom start fi guur 1 met
de taakstelling bij de benedenstroomse
grens van het plangebied op 0 cm. Indien
mocht blijken dat er daadwerkelijk
sprake is van overruimte in de bijdrage
aan de taakstelling aan de bovenstroomse
zijde van een benedenstrooms gelegen
gebied, dan kan bestuurlijk worden
verkend of deze te verdisconteren is in de
taakstelling.
• De taakstelling wordt – naar
redelijkerwijs mag worden aangenomen
– verdeeld over plannen ten oosten én
ten westen van de Maas
De te realiseren waterstandsdaling geldt
voor de as van de rivier. Ruimtelijke
maatregelen kunnen gezocht worden
over de volle breedte van het winterbed,
dus zowel aan de Limburgse als aan
de Brabantse kant. Dit is van belang
omdat het plangebied van het Maasdal
(voornamelijk) op de oostoever ligt.
De Limburgse en Brabantse regio’s
dienen hierover in gesprek te gaan en
mogelijk kan ook de Deltacommissie
te zijner tijd hierover met een advies
komen. Ter wille van de werkbaarheid
zijn we ervan uitgegaan dat men in het
Maasdal aan de oostzijde redelijkerwijs
doet wat mogelijk en haalbaar is en dat
aan de westzijde op eenzelfde creatieve
manier naar rivierverruiming wordt
gezocht (combinatie van groen en
blauw). Het Masterplan maakt dan de
gevolgen zichtbaar voor de Limburgse
inspanningen. Het ligt in de bedoeling
om ook een Masterplan voor de Brabantse
zijde op te stellen. Daarna kan nader
overleg plaatsvinden over onderlinge
afstemming van de plannen.
• Verruiming dient allereerst te worden
gezocht in maatregelen met geringe
risico’s voor de stabiliteit van het
systeem
Robuuste, duurzame rivierverruimende
maatregelen hebben de voorkeur.
Maatregelen die een potentieel risico
vormen voor de stabiliteit van zomerbed
en winterbed van de rivier, en maatregelen
die veel onderhoud vergen om de
verruiming in stand te houden, dienen
zoveel mogelijk te worden vermeden.
Zomerbedverdieping en -verbreding zijn
hiervan voorbeelden.
׉	 7cassandra://4-qbKpKGs3q-kGSLNFkCYs_4muKOm6_55BB0AIDRkFc`  c!j!>Pc!j!>OqבCט   u׉׉	 7cassandra://vXTzRZmzwewozd-tvmRdRThIpvJrJFg-YVIIcwp5CzU `׉	 7cassandra://gNAbThyRBbqeIXV4nfnoosVJ7COT3ppoOy-2Lrdf0NEE`׉	 7cassandra://iOEYgv3r-Of1gsAOIOOWKVLBKsGNmBwTlYHQC0R7HFs`  ׉	 7cassandra://uEaLPa5Yh9NiaPDSInE-7to039qRSMrfjH6lDwnbUmEV:͠c%j!>Lט  u׉׉	 7cassandra://pzbdYU2Nmx8LfG8Q34-q2GbcriD49BtS6y1jY6Z-Vus `׉	 7cassandra://PDreREe9MJOXCBElWNefx5tbbsC5KPRsyn6hjdIf6f8ͅ`׉	 7cassandra://M2o2GPWobXfNMN362maDgzheJuwf82aYKLs4Iy0SsOI*`  ׉	 7cassandra://T2BekM4Q9_udrofC1f9tiPysa8NPp0s4zmarkNEL06E ͠c%j!>M׉E
040 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
• Met een toekomstige wijziging van
het stuwbeheer wordt geen rekening
gehouden
De stuwen in de Maas zullen op niet
al te lange termijn moeten worden
vervangen, maar hieromtrent en over
een mogelijke heroverweging van het
stuwbeheer bestaat op dit moment nog
enige onduidelijkheid. Daarom wordt
van het huidige stuwbeheer uitgegaan.
Dit uitgangspunt is bijvoorbeeld van
belang voor het vaststellen van de
vergravingsniveaus en van de inrichting
van meestromende nevengeulen.
• Verkleining van het rivierbed is
absoluut niet toegestaan
Om een onbelemmerde afvoer van water,
ijs en sediment te kunnen waarborgen,
alsmede de vigerende gebruiksfuncties
zonder extra maatregelen te kunnen
faciliteren (dit geldt met name voor
de scheepvaart), wordt de huidige
rivierbedding niet verkleind.
• Voorkomen van negatieve eff ecten op
de hydraulica en de morfologie van het
watersysteem
Voor alle maatregelen geldt, dat negatieve
hydraulische en morfologische eff ecten op
het watersysteem ongewenst zijn. Tal van
maatschappelijke functies zijn afhankelijk
van een goede werking en stabiliteit van
zomer- en winterbed. Deze dienen dan
ook onverminderd in stand te worden
gehouden. De maatregelen zullen te zijner
tijd hierop getoetst moeten worden (dit
valt buiten het kader van dit Masterplan).
• Er is geen dwingende voorkeur voor
grote projecten ten opzichte van veel
kleinere projecten
Wat de omvang van projecten betreft,
biedt dit Masterplan de nodige vrijheid.
Hoewel sommige plannen te kleinschalig
zijn om een signifi cante bijdrage aan
de hydraulische taakstelling te kunnen
leveren, dragen ze signifi cant bij aan
nieuwe, hoge ecologische waarden; ze
zijn daarom feitelijk onmisbaar. Zeker
als ze ook nog het oorspronkelijke
landschap versterken. Voor de eventueel
onontkoombare grote plannen geldt dat
deze dusdanig moeten worden ingericht
dat ze kleinschalige ontwikkeling elders
niet beperken.
• Natuurvriendelijke oevers zijn als
neutraal te beschouwen
Langs de Maas zijn en worden in de
toekomst op grote schaal natuurlijke
en natuurvriendelijke oevers aangelegd
als ecologische corridors. Tot dusverre
is altijd verondersteld dat deze niet
bijdragen aan de taakstelling en daarmee
hydraulisch neutraal zijn: ze geven geen
waterstandsverlaging maar ook geen
opstuwing. De stroomverruiming wordt
namelijk teniet gedaan door de grotere
hydraulische ruwheid, die gevolg is
van toename van ruige vegetatie. Mede
hierdoor en doordat deze herinrichting
van de oevers al in een ander kader
plaatsvindt wordt hieraan in het
Masterplan verder geen aandacht gegeven.
׉	 7cassandra://iOEYgv3r-Of1gsAOIOOWKVLBKsGNmBwTlYHQC0R7HFs`  c!j!>Q׉E >MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 41
Zicht op de brug bij Well
׉	 7cassandra://M2o2GPWobXfNMN362maDgzheJuwf82aYKLs4Iy0SsOI*`  c!j!>Rc!j!>QqבCט   u׉׉	 7cassandra://bYdj4Mq9S76AFhpBm0SoM0DSfQEV3InCoVw_-x5wmrY +``׉	 7cassandra://OhzawI_FjfI0KzRiUIj_4JLjSgfsQ5w2raVDhE1n3pIqm`׉	 7cassandra://xcb29HnDGkUTOmYyK5-688OmGeef_B9OaSQ6yK2Q0sk#@`  ׉	 7cassandra://TvDrLOesLq--O8jUF5o7kR4DOayowgOijovUgHHS_ug ͠c%j!>Oט  u׉׉	 7cassandra://1GrEjnLOxyzhOMewwaIH487ZgQMZTNG8Ma7jbU4b_SU ~W` ׉	 7cassandra://LIBTnhzWiNDgoHbq7SW5C9CjLvkAPJaaJ3Tm6uNWFm0g`׉	 7cassandra://MbTO1fBDZhy2MLEdQzxdGVbHaOMm9388WWewMXfDCtI6`  ׉	 7cassandra://GVkE7IwBfKiKhB2Pq1_OghmeXxXJRWbDrJ7dYKI-gEIo͠c%j!>P׉EL4.2.2 Geomorfologie
4.2.2.1 Verkenning
Markante geologische opbouw Noord-Limburgs Maasdal
Het Masterplangebied maakt deel uit van een landschap met een, voor
Nederlandse begrippen, markante geomorfologische opbouw. Een
landschap dat gevormd is onder grootschalige en langdurige geologische
processen. Aan de basis van dit landschap ligt het proces van tektoniek,
waarin een bovenregionaal patroon is ontstaan van breuken, horsten en
slenken.
Een tweede bepalende factor in de landschapsvorming is de grootschalige
klimaatfl uctuatie op de schaal van de ijstijden (glacialen), maar vooral
ook de klimaatfl uctuaties binnen de laatste fase van de laatste ijstijd – het
Weichselien met de overgang naar het Holoceen.
De geologische gesteldheid van een landschap vormde het uitgangspunt
voor de inrichting en het gebruik ervan in het verleden en biedt daardoor
ook een natuurlijk kader voor ontwikkelingen in de toekomst. Voor het
Masterplangebied zetten we deze processen door de tijd kort samengevat
uiteen.
Grootschalige langetermijntektoniek
Ter hoogte van het Masterplangebied ligt de Maas in de ‘Slenk van Venlo’,
een tektonisch dalingsgebied als reactie op het westelijk aangrenzende
opheffi ngsgebied: de Peelhorst. De Peelhorst vormt een regionale
waterscheiding tussen het Maasdal en het bekenstelsel van de Centrale
Slenk (midden Brabant). Vanaf de Peelhorst mondt een groot aantal
korte beken uit in de Maas, die met name in de benedenlopen diep
ingesneden zijn. De Maas volgt het patroon van breuklijnen die binnen
het Masterplangebied naar het noorden toe steeds meer wijken: de Maas
kreeg meer ruimte waardoor het landschap van de Maasterrassen hier een
veel groter oppervlak bestreek.
Meest noordelijk buigt de Maas naar het westen af, samenhangend met
de stuwwal van Nijmegen. Daar breekt de Maas min of meer door de
Peelhorst heen.
Het patroon van breuken, slenken en horsten heeft geleid tot een
geleidelijke oostwaartse verplaatsing van de Rijn. In het Eemien
(interglaciaal) heeft de Rijn het gebied verlaten, met achterlating van de
zogenaamde Midden-Terrassen in de zone tussen de Maas en de Duitse
׉	 7cassandra://xcb29HnDGkUTOmYyK5-688OmGeef_B9OaSQ6yK2Q0sk#@`  c!j!>S׉E/MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 43
grens. Deze zone met Midden-Terrassen
vormt een lokale waterscheiding waarvandaan
korte, diep ingesneden beekloopjes afwateren
op de Maas.
De IJstijden: grootschalige en kleinschalige
klimaatfl uctuaties
• Saalien – ca. 370.000-130.000 BP
(‘Before Present’): Als gevolg van de
landijsuitbreiding en stuwwalvorming
bij Nijmegen werd de gehele Rijnstroom
naar het zuiden verlegd. De veel kleinere
Maasstroom ging op in deze grote
Rijnstroom die
de oudste midden-pleistocene
Rijnterrassen aansneed, waarbij markante
steilranden werden gevormd (ten
zuidoosten van Nieuw Bergen).
• Eemien (ca. 130.000-110.000 BP):
Gedurende het warme Eemien lag een
grote meanderende Rijnstroom juist ten
zuiden van de stuwwal van Nijmegen. De
Maasafvoer ging op in deze Rijnstroom
die zich insneed in de Rijnafzettingen uit
het Saalien, hetgeen leidde tot de vorming
van het Midden-Terras.
• Weichselien (ca. 110.000-12.000 BP):
De processen uit het Weichselien
zijn vooral bepalend geweest voor
de geomorfologische details die we
tegenwoordig herkennen in het
landschap. Gedurende het Weichselien,
een koude periode met daarbinnen
diverse relatief korte warme perioden, lag
het landijs op enige afstand.
Zowel de Maas als de Rijn werkten zich
onder invloed van klimaatfl uctuaties
geleidelijk naar een steeds lager
terrasniveau. In warme perioden
kregen de rivieren een meanderend
karakter en sneden zich in. In koude
perioden gedroegen de rivieren zich
meer vlechtend en bouwden een
nieuw terrasniveau op vanuit de nieuw
gevormde dalvlakte. Het resultaat is een
markant rivierterrassenlandschap waarin
langs de Maas ten minste vijf niveaus
kunnen worden onderscheiden. De
hoogteverschillen tussen deze terrassen
bedragen hooguit enkele meters, maar
zijn als regionaal verschijnsel wel bepalend
voor het patroon van de waterafvoer (van
zowel Maas als haar zijrivieren). De Rijn
verliet het Masterplangebied nog voor het
einde van het Weichselien. De Niers nam
het Rijndal pas in het holoceen als lokale
meanderende rivier over.
Opvallend is de vorming van de grote
rivierduincomplexen gedurende de laatste
koude fase van het Weichselien. Er trad
op grote schaal verstuiving op waarbij
vanuit droge rivierbeddingen zand
werd uitgestoven en op aangrenzende
hogere delen in de vorm van metershoge
duinen werd afgezet. Stuifduinen vinden
we behalve als grote aaneengesloten
complexen op de oostoever van de Maas
ook in het Maasdal als kleine lokale
opduikingen, ontstaan op terrasruggen
van het Late Dryas terras.
• Holoceen (12.000- heden): De overgang
naar het Holoceen werd gekenmerkt door
een opvallende klimaatverbetering. Dit
leidde tot een regelmatiger waterafvoer,
afname van de sedimentlast en de
vorming van een gesloten vegetatiedek.
De Maas reageerde hierop met de
vorming van één licht meanderende
Maasgeul, die zich in de loop van het
Holoceen steeds dieper insneed, als
gevolg waarvan deze steeds minder
vaak de omliggende vlakte kon
overspoelen. De hogere terrasdelen
binnen de dalvlakte bleven waarschijnlijk
goed bewoonbaar. In de Romeinse
tijd en vanaf de Late Middeleeuwen
namen de overstromingsfrequentie
en afvoerenpieken toe als gevolg van
ontbossing van het achterland en leidden
tot oeverafzettingen langs de Maas en op
de hogere terrasdelen in de dalvlakte. De
Niers gedroeg zich in deze periode als een
lokale meanderende stroom en vormde
enkele fraaie meanders en oeverwallen.
Twee riviersystemen
De dalvlakte van de Maas beslaat feitelijk twee
totaal verschillende riviersystemen: enerzijds is
er het Late Dryas-terras met een ‘wild’ patroon
van vlechtende geulen met tussenliggende
terrasruggen: brede, relatief ondiepe geulen en
vergelijkbare brede relatief lage ruggen. Een
helder landschappelijk ’ritme’, dat eeuwenlang
richting gaf aan de culturele inrichting van
het Maasdal: wei-hooiland in de lagere delen,
bewoning en akkercomplexen op de ruggen.
De bewoning concentreerde zich daarnaast
langs de Maas, levensader van de regio.
Dit resulteert in een cultuurlandschap met
langgerekte eenheden in de lengterichting van
de dalvlakte. De geulen die de natuurlijke
overlaten vormden, slibden voornamelijk in
de eerste helft van het Holoceen snel op maar
daarna nauwelijks meer – samenhangend met
een steeds diepere ligging van de Maas. Bij
hoog water hadden de meestromende geulen
blijkbaar voldoende kracht om sedimentatie te
׉	 7cassandra://MbTO1fBDZhy2MLEdQzxdGVbHaOMm9388WWewMXfDCtI6`  c!j!>Tc!j!>SqבCט   u׉׉	 7cassandra://BqiWc5LuOFup0WZvqaoorhu9SAjTfZKaUKOP9egia1I W`׉	 7cassandra://APaL__B9PHhkXnDXq98CQ4ommUOf66VvR2lWIELBY188?`׉	 7cassandra://_fCXDmmlh1QxiO-P8IWN4tcUuebMVFyx9_ctHJrBK18`  ׉	 7cassandra://YEJzTEQdAmVN_gATZ95x-NaBUEEXxnDbCyAj86udR7Mb6:͠c%j!>Rט  u׉׉	 7cassandra://iDfn24TbLIl95wyHL9X-gZF1d5I90GyKH6a9YdQZCJo w`׉	 7cassandra://bkpJpTGEwRTG5axdCC4bDGfRDHf6OuYNgRv12_22Fdo@{`׉	 7cassandra://Pzs-eXV9jHhGzxItgmr-mAQMAuAHGY3_MAY98pCdgZM`  ׉	 7cassandra://PRxDY8K2b-EQgYzhhaGcEKuIk_jXsJAvP7YNUg1CvjU > ͠c&j!>S׉E44 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
voorkomen.
Daarnaast is er de holocene Maasinsnijding:
kronkelwaarden met de huidige geul.
Deze beslaat in het zuiden van het
Masterplangebied circa eenderde van
het Maasdal, en verbreedt zich naar het
noorden geleidelijk tot globaal de helft van
het Maasdal. Kronkelwaarden zijn voor
een belangrijk deel in de eerste helft van
het Holoceen gevormd. Veel later (postRomeins)
vond ook sedimentatie plaats van
binnenbochten tegelijk met een verdere
uitbouw van kronkelwaarden. Deze worden
in tegenstelling tot het oude deel van de
kronkelwaard gekenmerkt door dikke
pakketten siltrijke afzettingen (de onder
invloed van ontbossing en akkerbouw
geërodeerde löss uit het achterland). Deze
aardkundige tweedeling is een belangrijk
gegeven voor de uitgangspunten voor
ontwikkeling van het Maasdal.
4.2.2.2 Uitgangspunten voor ontwikkeling
geomorfologie
• De Maas zou moeten worden
aangehouden als ‘Moedergeul aller
geulen’ bij de aanleg van nieuwe geulen.
Het hele cultuurlandschap is geënt op
die ene eeuwenoude watervoerende
hoofdgeul. Grote diepe geulen in het
achterland (Late Dryas terras) verstoren
dit beeld;
• Het geulenpatroon op het Late Dryas
terras zou moeten worden benut als
overloopgeulenstelsel
Ga daarbij uit van ondiepe tijdelijk
watervoerende brede geulen met
eventueel een smalle diepe kern. Het
uitgraven van de vlechtende geulen kan
bijdragen aan een betere beleving van het
cultuurlandschap (accentuering ruggengeulen);
•
Ruggen in het terrassenlandschap
zouden behouden moeten blijven (met
name de zones met ‘oude bouwlanden’)
Lokale laagten daarin zijn eventueel
te benutten om het patroon van
overloopgeulen te verbinden;
• Daar waar geologie en geomorfologie
zich herkenbaar manifesteren, kan het
verhaal van het onderliggende of fossiele
landschap verteld worden. Aardkundige
kernkwaliteiten zijn vanuit het oogpunt
van natuur- en cultuurtoerisme
interessant.
׉	 7cassandra://_fCXDmmlh1QxiO-P8IWN4tcUuebMVFyx9_ctHJrBK18`  c!j!>U׉E gMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 45
De dijk bij het historische dorp Bergen gezien vanaf de Kerkstraat
׉	 7cassandra://Pzs-eXV9jHhGzxItgmr-mAQMAuAHGY3_MAY98pCdgZM`  c!j!>Vc!j!>UqבCט   u׉׉	 7cassandra://S4y_BECTFNcGVEFwe7H4kYMWmv-nsNAUQNHP-btXjx8 `׉	 7cassandra://9B4YSFpDqMRGtXIkUwEB8Fre-qfXzjJ9BYk8fkTZIXM_x`׉	 7cassandra://iYQmWKpwwmUbWpI1e-4qjhcJ4lfeJkXSmDnQOx3ShOg`  ׉	 7cassandra://o7fVYQ9BhJZxoXGa9Uxa5AkQWCA-2lcyVoxsgBkFRaEn:͠c&j!>Uט  u׉׉	 7cassandra://1oif1G8jDZwBm4oqJJZNG-GaFtXcHq8Es5jW44zlKOM w`׉	 7cassandra://nR9S-6kCo1rC8noQpyld2zpyEaE3jHW5rhwBZG5sv9cd`׉	 7cassandra://YcK_UAq6_b89UbEE1u88ReTmD3FsW-MKS9MVMntTQ-4,`  ׉	 7cassandra://2Znnx95cgohIAX6IUS45lOW-pV9Sj-jxe6ekw50SyX4 h͠c&j!>V׉E46 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
4.2.3 Archeologie
4.2.3.1 Verkenning
Lopend en reeds uitgevoerd archeologisch
onderzoek in het kader van de Maaswerken
Grote aantrekkingskracht voor de mens
Het Maasdal heeft gedurende het Holoceen
een grote aantrekkingskracht gehad voor
bewoning, beakkering en andere activiteiten.
Vooral de Maasoevers kennen een hoge
dichtheid aan archeologische vindplaatsen
vanaf de Steentijd tot in de Nieuwe Tijd.
De sporen daarvan concentreren zich op de
ruggen van het Late Dryas-terras en op de
Vroeg- en Midden-Holocene kronkelwaarden
van de Maasgeul. Het minst vondstrijk zijn
de terrasgeulen op enige afstand van de
Maas, met juist weer een zeer hoge dichtheid
aan bewoningssporen op de oostelijke
aangrenzende Pleistocene hogere gronden
(oudere terrassen al dan niet bedekt met
rivierduinen). De hoogste dichtheid aan
archeologische resten lijkt zich dus juist
te concentreren op de beide randen van
de dalvlakte (de oever van de Maas en de
steilrand naar hogere gronden).
Zeer hoge archeologische verwachting
De hoge dichtheid aan bewoningssporen
duidt op bewoningscontinuïteit en
goede bewoonbaarheid van de dalvlakte
gedurende het Holoceen. Hoog water werd
op natuurlijke wijze opgevangen door het
stelstel van Late Dryas geulen, waarbij men
op de hoogste delen kon blijven wonen. De
‘hoogwater problematiek’ ging echter pas
spelen vanaf de grootschalige Romeinse en
Middeleeuwse ontbossingen met almaar
toenemende fl uctuaties en piekafvoeren naar
het heden.
heeft aangetoond, dat grote delen van de
dalvlakte van de Maas goed geconserveerde
archeologische resten bevatten, vanaf de
Midden-Steentijd tot de Late Middeleeuwen
en recentere perioden. Tegelijk is veel meer
inzicht verkregen in de paleogeografi sche
opbouw van het gebied. Daarbij valt op dat
de Maasgeul al in een vroege fase van het
Holoceen haar grote meanderbochten heeft
gevormd en zich nadien nauwelijks nog heeft
verplaatst. De meanderbochten en huidige
oevers van de Maas zijn daarmee zones
gebleken met een zeer hoge archeologische
verwachting. Dit blijkt onder andere uit het
Zandmaasproject Well-Aijen, waar een zeer
hoge dichtheid aan archeologische resten
is vastgesteld. Op basis van vergelijkbare
bevindingen elders langs de Maas is op de
archeologische verwachtingskaart voor de
drie gemeenten Bergen, Gennep, Mook
en Middelaar aan de Maasoever een hoge
archeologische verwachting toegekend. Ook
de afgesneden meanders van de Maas ter
hoogte van Boxmeer zijn gevormd in de eerste
helft van het Holoceen en worden gekenmerkt
door sporen van prehistorische activiteiten tot
aan de voormalige Maasoevers.
4.2.3.2 Uitgangspunten voor
ontwikkeling archeologie
• Kronkelwaarden van de holocene
Maas moeten zoveel mogelijk
intact blijven; met name ook vanuit
de archeologische zorgplicht: er
is immers een hoge dichtheid aan
archeologische resten. Ruimte ligt
hier wel in de meest jonge aanwassen,
met name in de binnenbochten van
de Maas (natuurlijke aanwas postRomeins)
en daar waar sprake is van
recentere op- en aanwassen uit de Late
Middeleeuwen/Nieuwe Tijd. Hier
kan gedacht worden aan beperkte
zomerbedverbreding en het weer
uitgraven van de jongste, subrecente
kronkelwaardgeulen.
• Als er vergravingen noodzakelijk
zijn, dan hebben reeds afgegraven
delen vanuit archeologisch en
landschappelijk oogpunt de
voorkeur.
• Daar waar archeologische
verwachtingen hoog zijn en
meer in het bijzonder waar
relicten gevonden zijn, kan het
bijbehorende verhaal verteld worden.
Archeologische kernkwaliteiten zijn
vanuit het oogpunt van natuur- en
cultuurtoerisme altijd interessant. Hier
zijn quickwins te behalen; denk aan de
Romeinse brug bij Cuijk-Middelaar
(Archeologisch Rijksmonument) en
roofridderkasteel de Stalbergh bij De
Hamert.
׉	 7cassandra://iYQmWKpwwmUbWpI1e-4qjhcJ4lfeJkXSmDnQOx3ShOg`  c!j!>W׉E @MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
47
Oude Maasmeander bij Heijen
׉	 7cassandra://YcK_UAq6_b89UbEE1u88ReTmD3FsW-MKS9MVMntTQ-4,`  c!j!>Xc!j!>WqבCט   u׉׉	 7cassandra://3PrW7rLZClvgdS6kWaSa7bqu_Guf8-bnB721KJ0d210 ` ׉	 7cassandra://NhpR9M9_KUA26Chl0hIiY2xvfI_caDgkRHfx12RnGjok]`׉	 7cassandra://SPNuHHLzO541w8jKxpMogU9WSgpVtHv_3-QxRRs2-zU`  ׉	 7cassandra://YRMo8Fav1n7DSUEWAUgnQd9_nAL3DD67pw6tPdeuI2Af1͠c&j!>Xט  u׉׉	 7cassandra://owGPgTrJA8B3fW1DCNEKyRYP1k9b-r2aIBJ9KgZ8WAY z`׉	 7cassandra://thdi9fuCjmlg7GNe7jxeCOy3UnNlUwpv7lg4Q6VDSFIu`׉	 7cassandra://Ukq3CsVXOxv5OF7zEWnRL48vpnDHhN5btzGb1wXF2pM%`  ׉	 7cassandra://ar8ureOg56e12KpLMfrxVjnNbDwFidUjwe5uOf6Dw9g 0|͠c&j!>Y׉Eh48 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
4.2.4 Cultuurhistorie
4.2.4.1 Verkenning
Verschillende cultuurhistorische
landschappen
In de rijke cultuurhistorie van het Maasdal
vallen verschillende landschappen op, die
elk een uiting zijn van een dimensie van het
eeuwenlange leven met de Maas. Rijk aan
sporen van het verleden en allerlei sferen
oproepend, vormen die landschappen
‘verhalenbiotopen’: complexen van
omstandigheden die de randvoorwaarden
scheppen voor het vertellen en laten beleven
van de unieke verhalen – de identiteit - van
het Masterplangebied.
De uitdaging is om ontwikkeling
aan te wenden tot verbetering van de
omstandigheden waarin de unieke verhalen
van het Masterplangebied spreken. In het
algemeen zijn de kernkwaliteiten van een
streek bepalend voor de identiteit en de
belevingswaarde. Ze vormen als het ware
de bouwstenen voor een onderscheidende
toeristisch-recreatieve ontwikkeling. Met
name het cultuurhistorisch erfgoed is van
onschatbare waarde bij een betekenisvolle
toeristisch-recreatieve ontsluiting. Cultuur- en
natuurtoerisme worden steeds populairder.
Hieronder wordt dat erfgoed aan de hand van
een aantal van cultuurhistorische Maasdallandschappen
nader belicht.
Het agrohistorische landschap
Al vroeg streek de mens neer op de
oeverwallen. Vanaf die hoogten konden de
boeren van twee walletjes eten: ze konden
er droge voeten behouden en akkerbouw
beoefenen. En ze konden munt slaan uit
de vruchtbaarheid van de gronden van
de omliggende overstromingsvlakte: de
oevergronden van de holocene Maas en de
broeken rond de Maasbeddingen van het
laatglaciaal. Deze gronden stonden bloot aan
invloed van rivier, zijstroompjes en kwel.
Ze werden o.a. gebruikt voor beweiding en
hooiwinning.
Gestadig verrijken van akkers met mest
en plaggen lijkt vaak te hebben geleid
tot het ontstaan van enkeerdgronden op
de oeverwallen. Dit kan zijn gebeurd in
plaatsen als Middelaar, Heijen, HengelandAff
erden-Gening, Heukelom-Bergen-AijenKamp,
Elsteren-Well-Wellerlooi en Arcen.
Voorstelbaar is dat de ontginning van de
gronden van de overstromingsvlakte en het
eeuwenlang gebruik van dit land vroegen om
waterbeheersing. De gehuchten/dorpen in het
Maasdal moeten al gauw hebben geprobeerd
de invloed van de Maas op de omliggende
oever- en broekgronden in te perken. Indruk
maakt vooral een structuur van vermoedelijke
dijkjes van Well via Elsteren, Kamp, Aijen en
Bergen tot in Heukelom.
Het strategische landschap
In de Middeleeuwen werd de Maas ervaren
als een bron van fortuin en macht. De rivier
was van levensgrote betekenis voor handel
en transport. Landsheren wilden graag
een graantje meepikken van deze nering
door tolheffi ng. Essentieel hiervoor was
controle over de rivier in een ontoegankelijke
omgeving. De waterrijke Maasoevers en de
zompen van de laatglaciale Maasgeulen waren
een plek par excellence voor tolburchten en
andere sterkten.
In de 80-Jarige oorlog maakte het
Masterplangebied deel uit van een militair
sleutelgebied. Een roemrucht feit dat de
betekenis van dit gebied onderstreepte, was
de “slag op de Mookerhei” in 1574. Listig
opgesteld in de enge ruimte tussen Maas en
stuwwalhoogte, verpletterden de Spanjaarden
het leger van Lodewijk en Hendrik van
Nassau. Duizenden soldaten sneuvelden in de
strijd of verdronken in moerassen. Het gebied
rond de Maas was voor de Spanjaarden van
immense strategische waarde. Het vormde
een springplank voor de verovering van de
Rijnsteden in het Kleefse land en voor de
opmars naar Kleef en Schenkenschans: de
Staatse veste die de splitsing van Waal en
Neder-Rijn beheerste. Geen wonder dat hier
meermalen verwoed is slag geleverd.
Ook in de Moderne Tijd viel het Maasdal
weer op door zijn strategische ligging. Dat
bleek in 1940 bij de inval van de Duitsers en
later nogmaals in 1944 tijdens de opmars van
de geallieerden. Al met al zijn de Maasoevers
van het Masterplangebied op te vatten als één
groot, met soldatenbloed doordrenkt slagveld.
Het Sacrale landschap
Duizenden jaren bewoond, kennen
Masterplangebied e.o. legio verwijzingen
naar godsvrucht en godvrezendheid, naar
Keltisch, Germaans, Romeins en christelijk
geloof. Zo herinneren de namen St. Jansberg
en St. Maartenberg bij Middelaar aan de
gewoonte om vreugdevuren te stoken rond
Sint jan (24 juni) en Sint Maarten (11
november). En de veldnamen Duivelskuul en
Duivelssteeg bij Aff erden lijken uitingen van
een gedemoniseerde heidense cultusplaats.
In rivieren, beekdalen en zompen werden
׉	 7cassandra://SPNuHHLzO541w8jKxpMogU9WSgpVtHv_3-QxRRs2-zU`  c!j!>Y׉E NMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 49
Kapelletje langs de Weideweg vlakbij Well
׉	 7cassandra://Ukq3CsVXOxv5OF7zEWnRL48vpnDHhN5btzGb1wXF2pM%`  c!j!>Zc!j!>YqבCט   u׉׉	 7cassandra://lmD1HG0SNsgR6Om5gh5fNBu5rkCKBMJHkfW5EKPzSlo l7`׉	 7cassandra://4BUdYEhEgjL4DmdRFmeIJe0De9RX5Jn33WE14mdkRFURF`׉	 7cassandra://pi3CXBHyDxBPe9cRv8ci63MmfVZViZhQanhGEnK_rAgC`  ׉	 7cassandra://-huoJo48gK6auQnR3P9_CH2jl2EEoRhhpB3bWmJSi3k ͠c&j!>[ט  u׉׉	 7cassandra://Mw9tv3Q5OdxENQNv29lSKe8LL5euiRXm4BwUCLB3KsI /`׉	 7cassandra://6iPJ1OIKR5KWCVtzuHZuZlpgqWGPGFiS3xb4a3dA6aE7`׉	 7cassandra://RrN2B1Bz9Qf5Cppf68W-5kKCkxUKGuaTg6dh4VP8_0sc`  ׉	 7cassandra://Mbx5d0sq9SHmH41AeHgQ-t0WRnpsOuzIA2B0gHBvcdUK:͠c&j!>\׉E]50 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
vaak voorwerpen – sieraden, munten,
gebruiksartikelen, botten, soms zelfs
menselijke lijken – achtergelaten als
off erandes. Ook langs de Maas zijn zulke
rituele deposities aangetroff en. Vooral
oversteekpunten en samenvloeiingen van
beken leken favoriet voor die off ergaven. Met
name in de gemeenten Mook en Middelaar,
Gennep en Bergen zijn archeologische
vondsten met sacraal karakter gedaan.
Niet toevallig zijn rond de Maas ook legio
tekens van christelijk geloof te vinden, in
het bijzonder kerken, kapellen en kruisen.
Nog altijd wordt de Maas stichtelijk begeleid
door een zoom van kerken, kapellen en
veldkruizen, in Arcen, Wellerlooi, Well,
Kamp, Heukelom, Aff erden, Gennep en
Middelaar. Meerdere van deze heiligdommen
vormen gekerstende heidense plekken van
adoratie, oeroude cultusplekken langs de
rivier waar oorspronkelijk de rivier en de
vruchtbaarheid die hij bracht, kunnen zijn
verheerlijkt.
Landschap van riviernering
Door de eeuwen heen ontstond rond de Maas
allerlei nering die nauw verweven was met de
rivier. Visserij, handel en transport maakten
daar al vroeg deel van uit. Bijzondere aandacht
verdient in dit verband het voorkomen van
een groot aantal veerovergangen. Sommige
ervan zijn duizenden jaren oud en vormden
ooit doorwaadbare plekken – voorden – in
de rivier. Bij de veerovergangen bestonden
vaak ook aanleg- en losplaatsen voor schepen.
Zoals bij de veren van Well, Boxmeer,
Oeff elt en Gennep. De veerovergangen zijn
symbolisch voor de betekenis – economisch,
sociaal, godsdienstig en militair-strategisch
Sint Antoniuskapel, Heukelom
– van de verbindingen tussen de Brabantse
zijde van de Maas – Zuid-Nederland - en
de Rijnlandse zijde. Ondanks de komst van
bruggen bestaan langs de Maas nog relatief
veel veerverbindingen; deze benadrukken de
intensiteit van de contacten over de aloude
rivier.
׉	 7cassandra://pi3CXBHyDxBPe9cRv8ci63MmfVZViZhQanhGEnK_rAgC`  c!j!>[׉E)MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
51
4.2.4.2 Uitgangspunten voor ontwikkeling
cultuurhistorie
• Probeer bij rivierkundige maatregelen
relicten en sferen van het verleden in te
passen, Zo kunnen de omstandigheden
voor het vertellen van het verhaal van
een plek – de ‘verhaalbiotoop’ - worden
versterkt;
• Doe onderzoek naar oude stelsels van
waterbeheersing; probeer die te laten
doorschemeren in een natuurlandschap,
zodat men de functie van oude
waterkeringen kan ontdekken en de
relatie ervaren tussen de Maas, de beken
en andere zijstroompjes. Dat landschap
met bijbehorende verhalen kan veel
meerwaarde geven aan de beleving van de
cultuurhistorie van het Masterplangebied.
• Maak het strategisch landschap
herkenbaar; respecteer de ontelbare
eeuwenoude sporen van strijd, met name
in het meest noordelijke deel van het
Maasdal (Mook tot Gennep) en probeer
relicten van verdediging en oorlog
herkenbaar te maken (via beeldende
kunst, dichtkunst, vertelkunst, muziek en
theater).
• Blaas oude bedevaartroutes nieuw
leven in; langeafstandswandelroutes
van Brabant naar Kevelaer, die
vroomheid paren aan het ervaren van
landschapsschoon en gastvrijheid. Een
nieuw netwerk van oude bedevaartroutes
kan – net als eertijds – een impuls geven
aan de economie van het Maasdal.
• Herstel oude (veer)verbindingen ; het
reactiveren van oude veren biedt een
prachtkans om de rivier en hiermee
verweven cultuurhistorie te ervaren en om
ruimte voor de rivier projecten aan beide
zijden van de Maas onderling educatief en
toeristisch te verbinden.
• Probeer hoogwatermaatregelen te
combineren met versterking of herstel
van de relatie tussen woonkernen en
rivier; meer ruimte voor de rivier zou zo
worden beloond met meer gelegenheid
om met volle teugen te genieten van de
Maas, in het wonen, werken, recreëren en
reizen.
׉	 7cassandra://RrN2B1Bz9Qf5Cppf68W-5kKCkxUKGuaTg6dh4VP8_0sc`  c!j!>\c!j!>[qבCט   u׉׉	 7cassandra://U45ZMB0tuVeewnpp46sie5as8aQeGIMNLdFWZeOH0KI ɔ`׉	 7cassandra://afDQ9B0e31njhjjdtXGpp0kbER9Zrqm89hWzBbjArQgr`׉	 7cassandra://l2EoX41uIDyjkXr4EWK8QaC7Zym9vXuK0IWbakddidI`  ׉	 7cassandra://ZQgrBno9KU7tOh3iKKMsrFsbnrtAvfetkQ_9oweEEPg IA.͠c&j!>^ט  u׉׉	 7cassandra://-cbJLjyPY3UPp0E3AIOmFKtKt5dQEgxJKP6QJ4hAleI `׉	 7cassandra://w-twhlFpwVlLhKMouu581Dnn_MzjtjliDI3Lc_o9vsc``׉	 7cassandra://PsKaNaORJH5Xiv4LGlv3yIdmDY4XsMnw--hWM6n5d8A`  ׉	 7cassandra://5AG3keSmIn_yjXVOpatIaqxkicXCLRtMDJXVgAfye8s rW͠c'j!>_׉EV4.2.5 Ecologie & biodiversiteit
4.2.5.1 Verkenning
Opmerkelijk diverse biotiek
In het noordelijke deel van het Masterplangebied bij Mook en Gennep
is de steile stuwwalrand sinds mensenheugenis de begrenzing van de
Maasvallei aan de oostzijde. Langs het Maasdal en het Niersdal werden
waar de oeverwal te laag bleek en waar de rivierduinen ophielden, al
vroeg kades aangelegd. De Maas is hier onderdeel van de ‘Bedijkte
Maas’. Sinds de hoogwaters van eind vorige eeuw zijn in bijna het hele
Masterplangebied nieuwe waterkeringen aangelegd. Op onderdelen en
sluitstukken worden deze keringen zelfs nogmaals aangepast, verhoogd
en geschikt gemaakt met het oog op de te verwachten hoogwaterafvoer
in de toekomst.
Het grootste deel van de Maas in het Masterplangebied maakt deel
uit van de zogenaamde Zandmaas. De Zandmaas bestrijkt grofweg
het traject van Roermond tot aan Gennep. Ze neemt een volstrekt
eigen plek in tussen de Nederlandse riviertrajecten. De Zandmaas
is namelijk onze enige Nederlandse terrassenrivier. Het fossiele
landschap tot aan Middelaar vertelt haar verhaal. Een verhaal van
tektonische bewegingen, opeenvolgende ijstijden met tussenliggende
warme tijden, de insnijdende rivieren in gevecht met hydraulische
weerstand en niet te vergeten de eeuwenlang verstuivende winden.
In de geomorfologische verkenning (4.2.2.1) wordt dat verhaal meer
uitgebreid verteld.
Water dominante oerkracht
Als we naar de gevolgen van al die op elkaar inwerkende oerkrachten
kijken dan heeft met name het water hierbij een dominante rol
gespeeld. De soms woeste rivier en haar voedende zijarmen hebben
zich door de tijd terrasgewijs diep ingesleten. Het resultaat is het
Maasterrassenlandschap met zijn markante terrasranden en dwars
daarop de soms diep ingesleten dalen van beken en zijrivieren. In het
overwegend zuidnoord georiënteerde, Noord-Limburgse Maasdal
vormen deze oostwest georiënteerde dalen uitnodigende poorten in
de terrassenwand. Door de geleidelijke overgang van laag naar hoog
zijn ze elementair voor de ecologie; de dalen vormen zogenaamde
‘ecologische corridors’ van het Maasdal naar het achterliggende
׉	 7cassandra://l2EoX41uIDyjkXr4EWK8QaC7Zym9vXuK0IWbakddidI`  c!j!>]׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
53
landschap. Overigens zijn de wegen die
dergelijke beekdalen volgen, ook interessant
in toeristisch-recreatief opzicht.
Unieke biotiek
Wanneer je het watersysteem van het NoordLimburgse
stroomgebied van de Maas
van bovenaf beziet, doet het met al zijn
vertakkingen en subvertakkingen denken
aan het menselijk lymfesysteem. En zoals het
lymfesysteem van essentieel belang is voor
onze lichaamsfuncties, zo is het fi jn vertakte
‘groenblauwe’ watersysteem cruciaal voor de
vitaliteit van de Maasvallei. Hoofdgeul, actieve
en passieve nevengeulen, kwelkommen,
zijrivieren en beken zijn stuk voor stuk
onmisbare dragers van de ecologische
structuur.
Door de talrijke insnijdingen van oude
riviergeulstelsels, wemelt het in de Maasvallei
van ingesloten laagten en‘gradiënten’,
(overgangen tussen hoog en laag, nat
en droog) met een grote afwisseling aan
bodemsoorten. Die grote geomorfologische
verschillen, verspreid over een relatief klein
oppervlak, vormen de grondslag voor
een unieke zeer gediversifi eerde biotiek.
We onderscheiden hierbij ondermeer de
natuur van de Maas zelf als leefgebied
en trekroute van stromingminnende
vissoorten als winde, maar ook weer
zeeprik, zeeforel en zalm. Deze vissoorten
maken voor hun voortplanting weer steeds
meer gebruik van de beken die in de Maas
uitmonden. Hieraan ontlenen deze beken
dan ook natuurwaarden naast specifi eke fl ora
en fauna die zich tot de beken zelf beperken,
zoals ondermeer bepaalde libellensoorten,
kokerjuff ers en eendagsvliegen. Daarnaast
herbergt het maasdal hoge natuurwaarden
op het meestentijds droge deel van het dal.
Dit varieert van stroomdalfl ora op droge
kopjes met ondermeer thijmsoorten
en sedums, via glanshaverhooilanden op
vochtiger delen tot beekdalgraslanden
langs de op het laagterras gelegen beken.
In het maasdal komen ook nog autochtone
populaties van bijzondere bomen en struiken
voor die onze aandacht verdienen. Zeker
de genoemde terrestrische natuurwaarden
zijn moeilijk te vervangen en daarom gebaat
bij behoud op de actuele groeiplaatsen. Bij
ingrepen in het gebied dient hiermee rekening
te worden gehouden.
Met andere woorden: de grote
geomorfologische verschillen staan garant
voor een opvallend grote biodiversiteit, waarin
talloze vaak zeldzame fl ora en fauna hun
biotoop vinden.
Voeg daarbij de opportunistische mens die
eeuwenlang het landschap naar vermogen
naar zijn hand heeft gezet en zodoende
unieke cultuurlandschappen heeft gecreëerd.
Deze van origine kleinschalige ‘natuurlijke’
cultuurlandschappen zijn vaak heel
verschillend van karakter, ze vormen levendige
habitats voor zeer specifi eke soorten dieren
en planten, soorten die nu sterk bedreigd
zijn en op de rode lijst staan. Herstel van
oorspronkelijke cultuurlandschappen is een
hoogwaardige vorm van natuurontwikkeling.
Herstel watersysteem cruciaal voor vitale
ecologie
In de tweede helft van de vorige eeuw heeft de
Monding van het Gelderns-Nierskanaal vlakbij de Hamert, Wellerlooi
׉	 7cassandra://PsKaNaORJH5Xiv4LGlv3yIdmDY4XsMnw--hWM6n5d8A`  c!j!>^c!j!>]qבCט   u׉׉	 7cassandra://xSG74N9Iaqq5ayV5cZsAwVpXbkJHjwk77VSkF8MYk0k ` ׉	 7cassandra://DIcr3_O7AD_sSJYRXrf_flZ-oxsuNrRAknOE7wx8vnYh`׉	 7cassandra://3F5RP4dkVdH1-LGWcSQVvWlhabW8DgC60Hr6wETz6-A`  ׉	 7cassandra://DXJVq4gSQCVuiTfY8TPNf_l0Lzf26E9qXdFNBZUziYcvL͠c'j!>aט  u׉׉	 7cassandra://PPH7t78lfoNitWhTIV93tVmjgSjGecxDz5xY-6R9yDI `׉	 7cassandra://pVOEmj-MbwKfTrfYgkehOIzWEJCgCauTlKELiEbS8IUJC`׉	 7cassandra://22P6gFMYphiJilXmRTPbniTHgU1reLKPnVodpzzqqkQY`  ׉	 7cassandra://hffIU8-eSKxX3PWx8IhajV-58XSQLA53gWSbYe5z4tY 7͠c'j!>b׉E54 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
vitaliteit van dit riviersysteem in het algemeen
sterk te lijden gehad van de mechanisatie van
de landbouw en de aanleg van industriële
havens met aanpalende bedrijventerreinen.
De oorspronkelijk reliëfrijke uiterwaarden
van Maas, zijrivieren en beken zijn
veranderd. Ze zijn afgevlakt tot rationeel
ingerichte landbouwgronden, die zich in
niets meer onderscheiden van binnendijkse
landbouwgebieden.
Sinds de eeuwwisseling heeft de concrete
uitvoering van renaturaliseringsprojecten al
voor een substantieel herstel gezorgd van de
‘groenblauwe dooradering’.
Verder herstel is echter noodzakelijk.
Want alleen als dit groenblauwe netwerk
helemaal hersteld is, vormt het een continue
verbindende ecologische infrastructuur die
de migratie van soorten tussen de diverse
kernnatuurgebieden en unieke ecotopen
mogelijk maakt. Het bestaan van royale
natuurkerngebieden in combinatie met de
mogelijkheid tot vrije uitwisseling staat garant
voor een hoge biodiversiteit en een maximale
veerkracht.
Ook aandacht voor zijrivieren en beken
Zijrivieren en beken hebben in potentie een
hoge ecologische waarde die relatief snel te
herstellen is. Goede voorbeelden daarvan
zijn de Tielebeek en de Heukelomsche beek.
In aansluiting op en in samenhang met
de reeds lopende renaturalisatieprojecten
en conform de doelstellingen van de
Europese Kaderrichtlijn Water willen we het
watersysteem van het Noord-Limburgse
stroomgebied van de Maas (weer) natuurlijk
en veerkrachtig maken. Daarin worden
zowel beekdalen als beken betrokken; het
hele profi el wordt heringericht. Tegelijkertijd
worden maatregelen genomen om de belasting
met schadelijke stoff en uit bijvoorbeeld
landbouw en riooloverstorten te verminderen.
Speciale aandacht vragen de beekmondingen.
De mondingen van zowel de natuurlijke
beken als de gegraven beken zijn in het
verleden allemaal vastgelegd met stortsteen.
Door dat weg te halen – niet alleen in
de monding maar ook zover mogelijk
stroomopwaarts – kan er een natuurlijke
beekmonding ontstaan. Beekmondingen
hebben een belangrijke functie voor de
visfauna van zowel de beek als de Maas. Die
functie is nu sterk verstoord. Verder is een
natuurlijke beekmonding ook visueel veel
aantrekkelijker. In het rapport Streefbeelden
en herstelmaatregelen van beekmondingen in
het Maasdal (2007) zijn voorstellen gedaan
voor alle beekmondingen in het Maasdal.
Deze voorstellen zijn geïmplementeerd
in een uitvoeringsovereenkomst tussen
Rijkswaterstaat en de Limburgse
waterschappen.
Ecologie gebaat bij rivierverruiming
Een natuurlijke rivier bestaat namelijk
in de meeste gevallen uit een hoofdgeul
met meerdere nevengeulen. Er bestaan
verschillende typen nevengeulen die elk hun
eigen ecologische betekenis hebben. Uit
diverse ecologische studies voor de Maas blijkt
dat de volgende varianten van de nevengeul in
het Masterplan eff ectief zouden kunnen zijn:
• Meestromende nevengeul
Een meestromende nevengeul is een
geul die ook bij lage afvoeren van de
Maas nog meestroomt. Een dergelijke
geul heeft een belangrijke functie voor
vis die in de rivier leeft, bijvoorbeeld als
paaiplaats, als opgroeiplek van larven
of migratie langs een stuw (natuurlijke
vistrap). Verder zullen zich langs en in
een dergelijke geul allerlei leefgebieden
ontwikkelen, die nu ontbreken langs
de Maas. Bij lage afvoeren is een debiet
gewenst van minimaal 0,5-1 m3 per
sec. Een stromende nevengeul hoeft niet
geheel te worden aangelegd of ingericht,
maar graaft binnen bepaalde grenzen
(interventiezone in verband met een
zekere controle) door terugschrijdende
erosie zijn eigen weg door de oeverlanden.
Hierdoor vragen tracé en dimensionering
het minste onderhoud en leveren tegelijk
het hoogste natuurrendement. Aan
bovenstroomse kant van de stuw wordt
water ingelaten, dat zich een weg zoekt
door de weerd en daarbij gebruik maakt
van bestaande laagtes en droge geulen.
Door (terug schrijdende) erosie zal de geul
zich steeds dieper insnijden totdat een
zeker evenwicht is bereikt (al dan niet
afgedwongen). Wanneer een stromende
nevengeul om een stuw wordt gelegd
zal een sterke morfologische controle en
geleiding nodig zijn om te voorkomen
dat het debiet op termijn ongecontroleerd
zal toenemen en/of dat de inlaat wordt
onderspoeld.
Stromende nevengeulen komen
nauwelijks meer voor in Nederland,
terwijl de ecologische waarde van
een dergelijk type zeer hoog is. Het
Geldernsch-Nierskanaal dat bij de
Hamert in de Maas uitmondt, is ook
ontstaan door terugschrijdende erosie.
Ten oosten van de stuw van Sambeek
׉	 7cassandra://3F5RP4dkVdH1-LGWcSQVvWlhabW8DgC60Hr6wETz6-A`  c!j!>_׉E \MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
55
De Heukelomsche Beek gezien vanaf de Kerkstraat, Bergen
׉	 7cassandra://22P6gFMYphiJilXmRTPbniTHgU1reLKPnVodpzzqqkQY`  c!j!>`c!j!>_qבCט   u׉׉	 7cassandra://L7TrT3xz9jVl_qEJOEJJgD_xLnyw_DtmziJ1l3iXz_A {q` ׉	 7cassandra://GOPLXZ3-uTcFevSMR1tnYx5sS3kJNdu96k_ic0b2rwcf9`׉	 7cassandra://G1AiNct1mlO8t2pBnbrtFrKia6KMuxrgt2ZEHXOJgh8``  ׉	 7cassandra://srTD62rsYsEls07QmxCEC7AGeiaYEuoE2vc2PsNv6HMb9͠c'j!>eט  u׉׉	 7cassandra://lY6TpkHlCc0yIb5RGDm7GXkgGYgFpKJJGQ3YsHD2vZM ߒ`׉	 7cassandra://8kfUGfdcwkf8vnoHd877iU327UPCQJYeTPDCTekw1-4\`׉	 7cassandra://a3U-nNMINDZKcettbWsuueBubxFY57is6FrIK3rkBK8B`  ׉	 7cassandra://qMBxEY2p1xLL_Jxjbiv-0PR7XzYCLek4ejin6R4f-W8r:͠c'j!>f׉E56 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
liggen goede mogelijkheden voor de
aanleg van een meestromende nevengeul.
Die kan tevens als natuurlijke vistrap
fungeren.
• Kwelgeul
In het Masterplangebied komen van
origine zogenaamde kwelgeulen voor.
Dit zijn geulen of relicten van geulen
(ingesloten laagten), die parallel lopen
aan de terraswand en gevoed worden
door zuiver en helder kwelwater dat in
de hoger gelegen terrassen ontstaat. De
Heukelomse Beek is een fraai voorbeeld
met karakteristieke kernkwaliteiten.
In potentie zijn er binnen het
Masterplangebied enkele parallel aan
de terraswand gelegen laagtes die met
enige hulp een waardevolle kwelgeul
kunnen worden. Door met zorg ondiep
te ontgronden/ontkleien komt het
kwelwater naar boven en verzorgt zo een
constante stroom met schoon kwelwater
in de uiterwaard. Hier gedijen bijzondere
planten en dieren. Een natuurlijk profi el
met geleidelijke overgangen van hoog naar
laag en een meanderende beek versterkt
dit eff ect. Nu wordt het kwelwater nog
op veel plaatsen afgevangen door diepe
ontwateringsgreppels en rechtgetrokken
beekjes, waardoor natuurlijke potenties
nauwelijks tot ontwikkeling komen.
Bij aanleg wordt het gebied volgens
bestaande laagtes verlaagd tot net onder
grondwaterpeil. Helder grondwater
kan zo een belangrijkere rol in het
gebied gaan spelen. Een kwelgeul
sluit daarmee uitstekend aan bij de
specifi eke kenmerken van de Zandmaas.
De hoogwatergeul bij Wanssum (ligt
buiten Masterplangebied) is zo’n
nieuwe kwelgeul; hij komt in de
plaats van de oorspronkelijk geplande
vlaksgewijze weerdverlaging van het hele
gebied, met een brede, relatief diepe geul
waarbij geen rekening werd gehouden
met natuurlijke laagtes, stroomruggen en
uittredend grondwater.
• Hoogwatergeul of ‘groene rivier’
Hoogwatergeulen zijn nevengeulen die
alleen bij hoge waterstanden rivierwater
voeren en met de rivier meestromen.
Als een hoogwatergeul zich over grote
lengte uitstrekt en ook in de breedte
een behoorlijk volume heeft, wordt hij
ook wel ‘groene rivier’ genoemd. In het
verleden werden hoogwatergeulen vaak
afgedamd, waardoor ze volliepen met
slib. Voor het herstel moeten de dammen
worden verwijderd en het sediment
weggehaald (zogenaamde ‘reliëfvolgende
ontkleiing’). Naast het feit dat ze ‘ruimte
voor de rivier’ bieden, zijn dergelijke
geulen ecologisch interessant, doordat
er zich een ‘open’ soortenrijke vegetatie
kan ontwikkelen met bijzondere fl ora
en fauna, waaronder soorten die door
de klimaatverandering vanuit het zuiden
optrekken. Voor de ontwikkeling van
een ecologisch interessante vegetatie
speelt ook het beheer een belangrijke
rol. Hoogwatergeulen zijn mogelijk bij
Middelaar, langs de bandijk tussen Cuijk
en Boxmeer (Brabant),langszij het ‘eiland
Bergen en Aijen’, tussen de bandijk en
de Groeningsche en Vortumsche Bergjes
(Brabant).
Authentieke natuurlandschappen geliefd bij
groot publiek
De bezoekersaantallen van traditionele,
seizoensgebonden recreatiegebieden met hun
betaalde entree en vaak artifi ciële groenaanleg
zijn het laatste decennium opmerkelijk
gedaald.
Dit terwijl de ‘pure’ natuurgebieden zich
juist kunnen verheugen op een signifi cante
publiekstoename. Ze zijn vrij toegankelijk
en goed dóórgankelijk, hebben door de
seizoenen een wisselende maar altijd hoge
belevingswaarde. Bovendien – en dat is
frappant – spelen veel horecaondernemers
aan de randen van deze gebieden daar direct
op in met een aanbod dat afgestemd is op
de natuurtoerist. Uit de statistieken blijkt
dat sinds de openstelling van dit soort
natuurgebieden het aantal daarop inspelende
horecaondernemers tot een factor 3 kan
stijgen.
Dit onderschrijft het economische belang
van het herstel van natuur en ‘natuurlijke’
cultuurlandschappen.
Het is verstandig in te zetten op projecten
die zich richten op win-winsituaties,
projecten dus die twee of meer belangen
dienen: ecologie, imagovorming van de
streek en vrijetijdseconomie. En wel zo dat
de oorspronkelijke (natuur)landschappelijke
waarden worden terug gebracht en ontsloten.
Voor het Maasdal liggen er ondermeer de
volgende kansen:
• Op een aantal locaties in het
onderzoeksgebied liggen rivierduinen. Met
name bij de Hamert tussen de rijksweg en
de Maas ligt een strook met behoorlijke
hoge rivierduinen. Deze duinen zijn
in het verleden geheel bebost geraakt,
׉	 7cassandra://G1AiNct1mlO8t2pBnbrtFrKia6KMuxrgt2ZEHXOJgh8``  c!j!>a׉E
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 57
waardoor de karakteristieke vegetatie
verdwenen is en daarmee ook het
stuivende karakter. Door de houtopslag
te verwijderen en doelgericht beheer
toe te passen kan de oorspronkelijke
situatie zich herstellen. Landschappelijk
is het eff ect duidelijk: de duinen in het
nationale park Maasduinen worden weer
zichtbaar.
• Door oeverbeschoeiing weg te halen kan
zich een natuurlijke oever ontwikkelen
met onder andere steilranden en
zandstrandjes. De steilranden vormen
natuurlijke broedlocaties voor
oeverzwaluwen en ijsvogels, maar ook
vele soorten bijen en graafwespen
nestelen zich er graag. Op de strandjes
die ontstaan groeien plantensoorten, die
helemaal aangepast zijn aan dit milieu.
Op deze strandjes zou ook dagrecreatie
kunnen plaatsvinden.
• Herstel van het cultuurlandschap kan
leiden tot een aantrekkelijk gebied
met bloemrijke akkers, hooilanden,
een hoogstamboomgaard enzovoort,
afgewisseld door Maasheggen. Dergelijke
goed ontwikkelde ‘natuurlijke’
cultuurlandschappen zijn er nauwelijks
meer. Veel diersoorten die gebonden
zijn aan dit landschapstype, zijn ernstig
bedreigd. Landschapsherstel is dus niet
alleen cultuurhistorisch erg waardevol
maar ook ecologisch. Karakteristieke
diersoorten van dit type landschap zijn
onder andere steenuil, geelgors, ooievaar
en kwartel.
4.2.5.2 Uitgangspunten voor ontwikkeling
ecologie & biodiversiteit
• Behoud de actuele natuur- en
landschapswaarden.
Binnen het maasdal bevinden zich
concentraties met hoge actuele
natuurwaarden. Het streven is er op
gericht deze ecologische hotspots te
vrijwaren van ingrepen die deze waarden
aantasten/vernietigen. Veelal bevinden
de hotspots zich al in eigendom van
natuurterreinbeherende organisaties.
• Combineer
rivierverruimingsmaatregelen met
natuurontwikkeling.
Waar mogelijk zal uitdrukkelijk
rekening worden gehouden
met potentiële natuur- en
landschapswaarden.
• Herstel natuurlijke nevengeulen geeft
hoge ecologische meerwaarde.
Vanuit het oogpunt van ecologie
en biodiversiteit heeft de aanleg
van nevengeulen in de vorm van
hoogwatergeulen, kwelwatervoerende
geulen of met de hoofdgeul
meestromende geulen een duidelijke
voorkeur boven maatregelen als
vlaksgewijze weerdverlaging en
zomerbedverbreding. Beide laatste
maatregelen leiden tot vervlakking en
tasten de biodiversiteit aan.
• Verzilver de ecologische potentie van
het stelsel van zijrivieren en beken.
In aansluiting op en in samenhang met
de reeds lopende renaturalisatieprojecten
willen we het watersysteem als geheel
(weer) natuurlijk en veerkrachtig
maken. Daarbij wordt het hele profi el
van zowel beekdalen als beken hersteld.
De beekdalen die zich dwars in het
terrassenlandschap hebben ingesleten,
zijn immers belangrijke ecologische
corridors, die kernnatuurgebieden zoals
Nationaal Park Maasduinen verbinden
met het Maasdal.
• Maak beekmondingen natuurlijk en
verbeter daarmee de visstand.
Door het stortsteen weg te halen
waarmee in het verleden de
beekmondingen gefi xeerd zijn,
ontstaan opnieuw natuurlijke
beekmondingen, minidelta’s die een
grote aantrekkingskracht hebben op
de visfauna; daardoor zal het aantal
vissoorten in de beken stijgen.
• Breng de natuur dichter bij het
publiek.
Actievoorstellen die al per direct kunnen
worden opgepakt, zijn bijvoorbeeld het
vanaf de N271 zichtbaar maken van
de rivierduincomplexen, de verdere
aanleg van natuurvriendelijke oevers
langs de Maas om zo de ecologische
corridor te continueren (liefst in
combinatie met de aanleg van LAW het
Maasstruinpad) en het herstel van het
Maasheggenlandschap bij Middelaar.
׉	 7cassandra://a3U-nNMINDZKcettbWsuueBubxFY57is6FrIK3rkBK8B`  c!j!>bc!j!>aqבCט   u׉׉	 7cassandra://Wv-LdbZC1QEssf_o-cmg_OqMMgItrY3MQtn11VAVuIs ]?`׉	 7cassandra://L3_jGCHamcCs5FojbDpFd__lSpVRp_dRkp713KOxkT4͇_`׉	 7cassandra://tDMWtDu1wZ-MZPDwlkjVRZUxi4QJdsmExjNy9Fw7xS8(J`  ׉	 7cassandra://F18ret_fvvkfii6v9X1ASBMo7nmXcM7yQrfoVqz2sYM 
в͠c'j!>hט  u׉׉	 7cassandra://6-K2idPDppk7lDbJ2vQEOoymulntFoZNbaLsLTVdNK4 `׉	 7cassandra://GMYEp67e8BXYkjFvsc0w_BcBDS_2eSMHvKbjwtmhB_AWy`׉	 7cassandra://4-j_Nej_mvrViBVgvVJNXVjFswEF1FCyMwtuNRPrISs`  ׉	 7cassandra://OIRW7koj3uwlLRYgRDNTXoVaVm2pHqW52U53WTq8bqQB͠c'j!>i׉E׉	 7cassandra://tDMWtDu1wZ-MZPDwlkjVRZUxi4QJdsmExjNy9Fw7xS8(J`  c!j!>c׉E
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 59
4.3 VERKENNING GEBRUIK
4.3.1 Verbindingen en toegankelijkheid
4.3.1.1 Verkenning
Noord-zuid
In de huidige infrastructuur zorgt de N271
voor een goede ontsluiting in noordzuidelijke
richting. In het Maasdal zelf is geen sprake
van een continue noord-zuidverbinding.
Dat heeft zijn oorzaak in het verleden toen
landwegen in de uiterwaarden werden
uitgelegd vanuit de nederzettingen op het
hoge en droge achterland. Daarom zijn ze
meestal niet doorgaand.
barrières kunnen zorgen. Iets waarmee bij de
inrichtingsvoorstellen terdege rekening moet
worden gehouden. Een goede doorgaande
ontsluiting van het uiterwaardengebied is
immers essentieel voor toerisme en recreatie.
Verder is het zo dat de rivier zelf zijn betekenis
als verbindende waterweg op lokaal niveau
nagenoeg geheel verloren heeft. Zowel noordzuid
als oost-west.
Oost-west
Verbindingen in oostwestelijke richting zijn
er onvoldoende: ‘In oostwestelijke richting is
zowel voor het autoverkeer als het fi etsverkeer
een stevigere aanhechting op de gemeenten
aan de overzijde van de Maas noodzakelijk’,
aldus de Regiovisie.
Oost-westverbindingen zijn in wezen net
zo belangrijk als noord-zuidverbindingen
om te komen tot een samenhangend en
grensoverschrijdend toeristisch-recreatief
netwerk. Daarom is extra aandacht nodig
voor goede dwarsverbindingen – veren en
bruggen – met de Brabantse zijde en met
het Limburgse en Duitse achterland. In deze
context is vooral de N271 een lastige, vaak
onveilige barrière voor het langzaam verkeer.
Het Masterplan zal aangeven hoe deze
blokkades en barrières weg te nemen dan wel
te omzeilen.
Daarbij komt dat in het Maasdal gedurende
de laatste vijftig jaar door vergravingen
(havens, plassen, landhoofden van bruggen)
en nieuwe bebouwingen (industrieel
overslagterrein) dwars op het lineaire
uiterwaardensysteem blokkades en barrières
zijn opgeworpen, die de continuïteit
verstoren.
Rivierverruimingsmaatregelen in de vorm
van meestromende geulen zouden voor extra
Verbindingen en toegankelijkheid in dienst
van Toerisme & recreatie
Bij de gebiedsontwikkeling van het Maasdal is
het thema Verbindingen en toegankelijkheid
nagenoeg uitsluitend van belang voor de
ontwikkeling van de toeristisch-recreatieve
sector. Vandaar dat de visie met betrekking
tot dit thema integraal wordt behandeld in de
visieparagraaf Toerisme & Recreatie (5.5).
4.3.1.2 Uitgangspunten voor
ontwikkeling verbindingen en
toegankelijkheid
• Zorg voor een samenhangend en
continu netwerk van wegen en
paden, zowel parallel aan de rivier
als haaks daarop.
• Herstel de ‘verbindende’ rivier.
Watertransportverbindingen zoals
waterpendeldiensten met vaste
vaartijden en veerdiensten voor
woon-werkverkeer en scholieren,
waarvan ook toeristen gebruik
kunnen maken.
׉	 7cassandra://4-j_Nej_mvrViBVgvVJNXVjFswEF1FCyMwtuNRPrISs`  c!j!>dc!j!>cqבCט   u׉׉	 7cassandra://Oll7U8qDHeOfM7Kah9DoIxbCphme_TfSbpXh3_os1Eo Z`׉	 7cassandra://BD6_OiGwJ9yGrhh00tlXy7RXJzRqILcue_FK9VPoukIl!`׉	 7cassandra://m4Un2kFsyPuzAD3duBxudqBfBbjAUr1k596jiXh2Tyw`  ׉	 7cassandra://FVs6ST2JXJiIahhaB5Szqnt-AwvhpD_9gIekrubaV7M &͠c'j!>kט  u׉׉	 7cassandra://JnM9Sw_c38J06ibrB539hBLsaxP5PTwa9OJtc2dAaTM r` ׉	 7cassandra://Mfg9ZXo8ueqXSoKqXwMaxgUW7qmoVdnsMR83h8neL64d`׉	 7cassandra://00xUOC7CGrECtpS7f9kn4KTgJ9qTCn-TvwoE1cQosWQ`  ׉	 7cassandra://hX5DfzB68nQpoOoUPdfjgs2gxRvlrs8qBkxHQg2bJGIp͠c'j!>l׉E	4.3.2 Landbouw
4.3.2.1 Verkenning
Landschap en agrarisch gebruik in Nederland
De landbouw in Nederland was en is in hoge mate verantwoordelijk voor de
vormgeving van onze cultuurlandschappen. Dat heeft alles te maken met het
feit dat de eigenschappen en de kwaliteit van de bodem bepalend zijn voor de
vorm van landbouw die erop mogelijk is. Er bestond een duidelijke samenhang
tussen landschap en agrarisch gebruik, een samenhang die je dan ook terugzag in
landschappelijke patronen.
Met de komst van moderne landbouwtechnieken konden voortaan ook slechtere
gronden geschikt worden gemaakt voor de landbouw. De afgelopen decennia
heeft de landbouw bovendien een enorm proces van transformatie ondergaan,
die zich uitte in verregaande schaalvergroting, intensivering, specialisatie,
industrialisatie, technologisering en globalisering. In Noord-Limburg is dit proces
overigens minder hevig geweest.
Economisch gezien betekende deze transformatie een enorme stap voorwaarts,
maar de gevolgen voor natuur en landschap waren vaak ingrijpend. Zo is veel
van de oorspronkelijke landschappelijke samenhang met zijn bijbehorende
cultuurhistorische en ecologische waarden verloren gegaan. De boer, die als
voedselproducent natuur en landschap eeuwenlang op evenwichtige wijze vormde
en beheerde, is zijn vroegere rol van rentmeester door de dwang van de harde
economische realiteit goeddeels kwijtgeraakt.
Agrarisch landschap in Limburg
Ook in Limburg heeft de landbouw in de voorbije eeuwen het landschap in
sterke mate gevormd. Nog steeds is 2/3 van het Limburgse grondgebied in
gebruik bij boeren en tuinders. Het agrarische landschap wordt door veel
mensen gewaardeerd. Voor het behoud van de agrarische sector, het agrarische
cultuurlandschap en voldoende voedselvoorziening is het van belang om voor
de land- en tuinbouw voldoende productiepotentieel te hebben en te behouden.
(Praktijkgids zuinig ruimtegebruik; provincie Limburg)
De provincie wil in Limburg een evenwichtige en toekomstbestendige
ontwikkeling realiseren door – op basis van integrale afweging – te zoeken
naar een balans tussen landbouw, natuur en overige functies. In de provinciale
nota ‘Limburgse land- en tuinbouw loont’ staat de ambitie verwoord: “De
land- en tuinbouw in Limburg ontwikkelt zich verder als innovatieve sector
׉	 7cassandra://m4Un2kFsyPuzAD3duBxudqBfBbjAUr1k596jiXh2Tyw`  c!j!>e׉E~MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
61
met economisch gezonde bedrijven en
vooruitstrevende ondernemers die duurzaam
produceren en midden in de (lokale)
samenleving staan.
Drieledige zonering
Met dit beleid geeft de Provincie sturing
aan de ruimtelijke ontwikkeling van
de land- en tuinbouw. Ontwikkeling
van grootschalige, niet grondgebonden
landbouw vindt voornamelijk plaats in
daartoe aangewezen gebieden (LOG’s en
glastuinbouwconcentratie gebieden). In de
omgeving van kwetsbare landelijke gebieden
wordt een afwaartse beweging van intensieve
veehouderij en glastuinbouw gerealiseerd
(extensivering). In het resterende gebied is
een vervlechting van landbouw met andere
functies aan de orde. Grondgebonden
landbouw (bijvoorbeeld rundveehouderijen
en akker- en tuinbouw) kan zich in principe
in het overgrote deel van het buitengebied
ontwikkelen. Voor Noord-Limburg resulteert
dat in de volgende drieledige zonering.
(1) In de Grenszone, het jonge
ontginningslandschap langs de Duitse
grens, concentreert zich de grootschalige
en intensieve land- en tuinbouw.
(2) De Maasduinzone is de min of
meer landbouwneutrale tussenzone,
die grotendeels samenvalt met
Nationaal Park De Maasduinen. Dit
Nationaal Park herbergt de langste
rivierduinengordel van Nederland.
Het is vastgesteld als Natura2000gebied,
als speciale beschermingszone
Vogel- en Habitatrichtlijngebied (VHR)
en als Robuuste Verbinding (RV) in de
Ecologische Hoofdstructuur (EHS).
(3) De Maasdalzone – het feitelijke
Masterplangebied – is een kwetsbaar en
aantrekkelijk uiterwaardengebied waar
naast de landbouw ook de ruimtevraag
vanuit niet-agrarische functies erg groot
is. Maas en Maasdal zijn onderdeel
van de Ecologische hoofdstructuur
waarin ruimte wordt gemaakt voor
de ontwikkeling van een nieuw
veerkrachtig natuursysteem. Dit gaat
vaak samen met ontgrondingen die dan
worden aangewend in het kader van de
rivierverruiming. Voor grote vlakken
zijn aldus ontgrondingsvergunningen
afgegeven. Ook is er sprake van
een – waar mogelijk – continue
ecologische corridor langszij de rivier.
Verder zijn er in het Maasdal nieuwe
natuurgebieden en beheersgebieden
aangewezen. De nieuwe natuurgebieden
worden onderdeel van de Ecologische
Hoofdstructuur waarvoor op basis van
de SN (Subsidieregeling Natuurbeheer
2000) ontwikkelingsgelden beschikbaar
zijn. Beheersgebieden zijn eveneens
onderdeel van de EHS maar vallen
samen met extensieve landbouwgebieden
waarvoor de SAN (Subsidieregeling
Agrarisch Natuurbeheer) geldt. Daaruit
kun je afl eiden dat landbouw en
natuurontwikkeling, ontgrondingen en
rivierverruiming in het Maasdalgebied
steeds hand in hand gaan. Daarbij komt
dat dit unieke uiterwaardengebied door
de inwoners recreanten en toeristen
beleefd wordt als hun vrijetijdslandschap
met hoge cultuur- en natuurhistorische
waarden.
Maasdalzone: uiterwaardenlandschap
onder druk
Karakteristiek voor het Maasdal waren de
oude meanders met een unieke stroomdalfl ora
en het Maasheggenlandschap met bloemrijke
graslanden (hooilanden met nabegrazing)
en een labyrint van opgaande heggen, die
als veekering en slibafvang fungeerden.
Akkerbouw was vanwege de latente dreiging
van hoogwater eigenlijk alleen mogelijk
op de hogere gronden: de oeverwallen en
terrasrestruggen bij onder meer Middelaar,
Milsbeek, Heijen, Aff erden, Bergen, Aijen en
Well.
Ook hier had de transformatie van de
landbouw, die de afgelopen decennia
plaatsvond, de nodige gevolgen. Door
de ruilverkaveling en het ontbreken van
adequate subsidieregelingen verdwenen
de monumentale Maasheggen evenals het
netwerk van landwegen en zandpaden.
De doorgankelijkheid van het landschap
werd daarmee in het grootste deel van het
uiterwaardengebied gereduceerd tot enkele
geasfalteerde landbouwwegen. Grote delen
van de uiterwaarden werden omgeploegd tot
akkerland. Veel van het typerende microreliëf,
zoals geulen en kronkelwaarden, werd
gaandeweg genivelleerd. De perceelstructuur,
de bodemopbouw, de sloten en greppels
veranderden. Door de toenemende
grootschalige maïscultuur hebben de ooit zo
botanisch rijke hooilanden plaats gemaakt
voor akkers en soortenarme graslanden. Het
uiterwaardenlandschap van nu onderscheidt
zich nauwelijks nog van grootschalige
landbouwgebieden.
׉	 7cassandra://00xUOC7CGrECtpS7f9kn4KTgJ9qTCn-TvwoE1cQosWQ`  c!j!>fc!j!>eqבCט   u׉׉	 7cassandra://Fr2yyhX0zkFIrXpVwuOZ9RC6s93omqrLw3eWbv-Bi94 l`׉	 7cassandra://o16pNe6zSvWzzKgjsRXN5Yur48RS-Y6K8ddebsmZ9Iks`׉	 7cassandra://v7cvh-_dC2tt_4QfQ0CdXBYgveNISs7K9WgyFRUD_6A#>`  ׉	 7cassandra://ytZRciURhFjfoTN017moVKvWG19O8TfKdyVGZwBT0SI b$͠c(j!>nט  u׉׉	 7cassandra://D2QLGHRM_fAnPyZ3f26I1N7gDIQeaINr3bp1buq2DJM *e`׉	 7cassandra://E7tt6abd7qqg3ggd-HdbAVa8cY3Vk2qjCaGDOgB5gbYY`׉	 7cassandra://T-SP4iCZrQSjBqhT2dpTPtzVBQSXKrGZB6Ys5jU6F2g~`  ׉	 7cassandra://ecz5aB7ctPKHdMi0aC_btglrmRl_RVKivY05kJgCzvk ` ͠c(j!>o׉E62 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Voedergewassen
Het aantal agrarische bedrijven dat nog in
het stroomvoerende deel van het Maasdal
gevestigd is, is gering. In de gemeente Mook
en Middelaar is dat er slechts één, net als
in Gennep. De gemeente Bergen telt nog
zo’n twaalf landbouwbedrijven die in het
Masterplangebied gelegen zijn.
Tegenwoordig wordt een deel van de gronden
in het Maasdal gebruikt door bedrijven die
niet zijn gevestigd in het Maasdal of op de
hogere gronden van de drie gemeenten en
die deze gronden uitsluitend gebruiken voor
akkerbouw. Voor deze ondernemers zijn de
afgelegen uiterwaarden alleen interessant voor
arbeidsextensieve voedergewassenproductie,
die voornamelijk bestaat uit de teelt van
ruwvoer en – in mindere mate – hooi.
Voor de eigenaren van de gronden hebben
pachtcontracten voor het gebruik als
akkerland een hogere opbrengst dan bij het
gebruik van deze gronden voor veeteelt. Door
deze verandering van agrarisch gebruik van
het gebied in combinatie met een andere
bedrijfsvoering en een afname van het aantal
agrarische bedrijven is er weliswaar sprake van
gebiedsdiff erentiatie maar verdwijnen in snel
tempo de karakteristieke graslanden met hun
grazende koeien uit het Maasdallandschap.
Daarom is het zo van belang de
melkveehouders wier bedrijven nog in het
Maasdal of op de hogere gronden van de
drie gemeenten gevestigd zijn, alle ruimte te
geven; zodat graslanden en weidegang kunnen
terugkeren in het uiterwaardenlandschap.
Op grote schaal wordt mais verbouwd in de uiterwaarden
׉	 7cassandra://v7cvh-_dC2tt_4QfQ0CdXBYgveNISs7K9WgyFRUD_6A#>`  c!j!>g׉E $MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 63
׉	 7cassandra://T-SP4iCZrQSjBqhT2dpTPtzVBQSXKrGZB6Ys5jU6F2g~`  c!j!>hc!j!>gqבCט   u׉׉	 7cassandra://D0ktVw3523g0umlJ-TcQ-CPN6gjtKnPKVz4bObrJO5s `׉	 7cassandra://EvcYFEBQAGUnMmrvVRG2iDllcRAsaLWClfQU9DOgnHUl1`׉	 7cassandra://gdkUyMnUkm9oGgnjLNXtj1vCpDczYOpEWyEVvcMLubA`  ׉	 7cassandra://W_Mb4bqrF-jdYmL3CUWrkC1xUGtUPrCTmsHSxGfiCbEr>͠c(j!>qט  u׉׉	 7cassandra://7qO0o5oEyc_GOcCXCqEe87V9Fp6Z7BzFEOrT2cquxhA kk`׉	 7cassandra://BC37noOMQ_3RaL676Bla1wfxbAd61PPE94ZmFTuL78cL;`׉	 7cassandra://BUO9kIVF2TszWzmzOeFeO73FZSWfqZTy5SAJpkuFFbA`  ׉	 7cassandra://qpwGX4JbFlLgFm2k0h_xIfZDKCEftwPJOpRPv_CGhtMZ>͠c(j!>r׉E64 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
4.3.2.2 Uitgangspunten voor ontwikkeling
landbouw
• Renderende bedrijfsvoering essentieel
Bij alle ontwikkelingen in het Maasdal
moet vooropstaan dat de bedrijven die
zijn gevestigd in het Maasdal of op de
hogere gronden van de drie gemeenten een
economisch rendabel perspectief moet worden
geboden. Verbreding door multifunctionaliteit
zou in aanvullende zin van belang kunnen
zijn bij de vereiste continuïteit. Bij voorkeur
zodanig dat er in het Maasdal van de
toekomst ook plaats is voor grondgebonden
agrarische bedrijven.
• Centrale rol voor agrarische bedrijven
die zijn gevestigd in het Maasdal
Nu is het nog zo dat cultuurgronden die in
het bezit komen van natuurorganisaties, in de
regel autonoom worden ontwikkeld en buiten
de voedselproductie gehouden. Dat vindt de
sector ongewenst. Zij huldigt de opvatting
dat voedselproductie en natuurontwikkeling
harmonisch samen kunnen gaan. Sterker
nog: het rivierlandschap als ‘natuurlijk’
agrarisch cultuurlandschap kan alleen samen
met de agrarische sector worden hersteld.
De bedrijven die in of onmiddellijk aan het
Maasdal zelf gehuisvest zijn zouden hun oude
rol als rentmeester van het landschap weer
graag opnieuw willen oppakken. Het zou goed
zijn om het grondgebruik dicht bij ‘huis’, met
name bij de uitgifte van natuurgronden, te
bevorderen.
De LLTB speelt daar op in door een
landschapsgericht collectief van ‘natuurboeren’
in het leven te roepen, dat zich toelegt
op het beheren en onderhouden van
landschapselementen in combinatie met
voedselproductie.
• Multifunctionaliteit speerpunt
plattelandsvernieuwing
Plattelandsvernieuwing is langlopend
overheidsbeleid gericht op het vitaliseren
van het landelijk gebied. De overheid ziet de
mogelijkheden daartoe vooral in het verbreden
en verduurzamen van de bedrijfsvoering.
Ondernemers in de extensiveringsgebieden
worden gestimuleerd om de veelzijdigheid
van het historische begrip ‘gemengd bedrijf’
een nieuwe betekenis en een nieuwe invulling
te geven. Dat betekent dat de overheid
met name multifunctionaliteit ziet als een
realistisch en kansrijk toekomstperspectief
voor een renderende extensieve agrarische
bedrijfsvoering.
Dat heeft op tal van plekken in Nederland
geleid tot nieuwe, uiterst diverse agrarische
bedrijfsconcepten, die niet alleen
beantwoorden aan de duurzaamheidsprincipes
maar ook garant staan voor een goed
inkomen.
Multifunctionaliteit kan niet worden
afgedwongen. De overheid kan wel
voorwaarden scheppen waardoor ondernemers
die hiervoor opteren, in staat worden gesteld
dit te ontwikkelen.
In het noordelijk Maasdal lijkt het of de
multifunctionele bedrijfsvoering niet aanslaat.
De agrarische sector in dit gebied is van
mening dat multifunctionaliteit beperkt
toepasbaar is, omdat er met het oog op het
grondbeslag geen plaats is voor meerdere
biologisch melkveebedrijven en omdat de
vraag van de markt slechts een beperkte
ontwikkeling van andere verbrede takken,
zoals boerderijwinkels of zorgboerderijen,
mogelijk maakt. De sector is er voorstander
van om de multifunctionaliteit vooral te
zoeken in landschappelijke functies, zoals
het beheer en onderhoud van Maasheggen
en agrarisch natuurbeheer. De stimulerende
overheidsmaatregelen en de gerichte
subsidieregelingen zijn klaarblijkelijk niet
aantrekkelijk genoeg voor de lokale agrarische
sector om de stap naar verbreding en
verduurzaming te zetten.
• Stimuleren ‘natuurlijk’ (agrarisch)
cultuurlandschap
De dynamiek van de rivier vormde in het
Maasdal een grillig stelsel van ruggen en
geulen. De lager gelegen gronden werden
vooral gebruikt als hooiland met nabegrazing.
Samen met de verschillen in vernatting en
de periodieke overstromingen resulteerde
dit agrarisch gebruik in een uitzonderlijke
biodiversiteit. Want wat we vaak niet beseff en,
is dat de meeste rode-lijstsoorten (nationale
lijst van bedreigde fl ora en fauna) hun
biotoop vinden in kleinschalige historische
cultuurlandschappen. Juist het verdwijnen
van deze cultuurlandschappen heeft geleid
tot het ontstaan van de rode lijst. Ook in het
Maasdal is veel van de vaak unieke fl ora en
fauna verdwenen, met name die van het oude
heggenlandschap en de stroomdalen.
Gepleit wordt dan ook voor terugkeer naar
een kleinschalig ‘natuurlijk’ cultuurlandschap,
maar dan wel afgestemd op het werken
met geschikt modern materieel. Middels
een stimuleringsinstrumentarium kunnen
ondernemers worden verleid dit te realiseren
en te onderhouden.
• Behoud en herwaardering graslanden
en oude akkers
De lagere gronden in de uiterwaarden zijn
vanouds in gebruik als grasland, hetgeen niet
alleen de belangrijkste kernkwaliteit van het
uiterwaardenlandschap vormt, maar meteen
ook de unieke agrarische potentie. Het is dan
׉	 7cassandra://gdkUyMnUkm9oGgnjLNXtj1vCpDczYOpEWyEVvcMLubA`  c!j!>i׉EaMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
65
ook zaak de nieuwe agrarische exploitatie
van deze graslanden primair daarop te enten.
Denk aan de productie van (biologisch) vlees
en – voor zover weidegang direct om het
bedrijf mogelijk is – zuivel.
De hoge ruggen in het uiterwaardenlandschap
– de oeverwallen die direct langs de rivier
liggen – worden sinds mensenheugenis
bewoond. Hier zijn ook de vruchtbare
oude akkers gelegen. Deze oude akkers
blijken uitermate geschikt voor de teelt van
hoogwaardige gewassen voor menselijke
consumptie, die door ambachtelijke veredeling
een substantiële toegevoegde economische
waarde krijgen. Voor de grondgebruiker in het
Maasdal, die voor zijn bedrijf een kansrijke
toekomst nastreeft, vormen de vruchtbare
akkers dus bij uitstek een lucratief perspectief.
Vergraven van de oude akkers langs de rivier
als rivierverruimingsmaatregel, is in feite het
kind met het badwater weggooien.
• Duurzaamheid principieel
Met de ontwikkeling van de landbouw zetten
de overheid en ondernemers in op continuïteit
en duurzaamheid voor de bedrijven. Doel
is een rendabele én eco-effi ciënte agrarische
bedrijfsvoering. Eco-effi ciëntie is het streven
om milieu en economie met elkaar te
verzoenen in een continu verbeteringsproces,
waarbij met minimale ingrepen gezocht
wordt naar een goedkopere en meer
milieuvriendelijke werkwijze. Hierbij wordt
bovendien gestreefd naar een duurzaam
verbond tussen landbouw en natuur.
• Openstellen landerijen
Door onze bossen en heidevelden lopen
talloze paden. Vroeger gold dat ook voor onze
akkers en weilanden, maar dat is allang niet
meer zo. En dat is jammer, zeker wanneer je
bedenkt dat zestig procent van Nederland
boerenland is.
Ook de landerijen in het Maasdal zijn
nauwelijks voor publiek toegankelijk. De
toerist wordt ongastvrij buitengesloten. Hoe
anders is dat in Engeland waar het platteland
grote populariteit geniet juist omdat het
boerenland er voor iedereen vrij te betreden is.
Uitgangspunt is dan ook de landerijen
in het Maasdal open te stellen en via
schouw- of struinpaden toegankelijk te
maken. Nieuwe (struin)padenstelsels
ontsluiten het belevenswaardige ‘natuurlijke’
cultuurschap van de uiterwaarden en
verbinden de boerenhoven. Het is natuurlijk
wel zaak het risico van besmetting met
ziektekiemen (bijvoorbeeld neospora via
hondenuitwerpselen) in acht te nemen.
De boeren in het Maasdal kunnen door
openstelling van hun landerijen op de toerist
gerichte nevenactiviteiten ontplooien, en
daarmee hun voordeel doen.
• Samenwerking met andere sectoren
Het brede maatschappelijk-economische
perspectief van de sector landbouw
geeft aanleiding om intensiever te gaan
samenwerken met andere sectoren.
• Anticiperen op toekomstige vergroting
bedrijfsvolume
De regio wil landbouwbedrijven – ook in de
uiterwaarden – ontwikkelingsruimte (extra
bouwvolume) bieden. Volgens de vigerende
regelgeving moeten deze bedrijven zelfstandig
voor compenserende verruiming zorgen. Om
deze ondernemers daarbij tegemoet te komen,
worden eventuele nieuwe bouwvolumes bij
voorbaat gecompenseerd door middel van
overdimensioneringen in het pakket aan
rivierverruimingsmaatregelen.
׉	 7cassandra://BUO9kIVF2TszWzmzOeFeO73FZSWfqZTy5SAJpkuFFbA`  c!j!>jc!j!>iqבCט   u׉׉	 7cassandra://wLR1NwfZzzzQlN3-9P9AfhpcPDplS9XEtFsp8AA09wM H`׉	 7cassandra://lkEnzfegNhxgHvjTD2C_f9u9HrZ4yDXVpVtZ1p28KCEmv`׉	 7cassandra://srRh73DYKdf4W1shwGhcPuNn-qPHrAL3AFTgBKpcMO4`  ׉	 7cassandra://z0unAlpiAggNpSoZDuOGw7D_h-z5dOx5SoyantfmyH4 }2͠c+j!>uט  u׉׉	 7cassandra://LNcF3i3T3EhfiYWaFcXzym8Ik4nPomEplO0NY98KBSg v` ׉	 7cassandra://HNbxu8jZYr8R5HEt4SbIcz0Qg-c_kiuAZ_vWhlCmIQYh`׉	 7cassandra://6UkaQluhL7uSscHB1CDqZQhYn2uk7kni5gb4Wi8PPBE`  ׉	 7cassandra://VTuw9-jHq6Az3iABEvlBL0D1rlAtFA_EtCAJpLzXzDw_͠c+j!>v׉E
866 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
4.3.3 Toerisme & recreatie
4.3.3.1 Verkenning
De verblijfsrecreatieparadox
De Nederlandse verblijfsrecreatiesector heeft het moeilijk. Recentelijk onderzocht Pietersma
namens de RECRON (de Vereniging van Recreatieondernemers Nederland) de actuele
situatie in de verblijfsrecreatiesector (Verblijfsrecreatieparadox, april 2012). Daaruit blijkt
dat er sprake is van een overaanbod van vooral traditionele campings en bungalowparken,
die niet aansluiten bij de marktvraag maar hun bedrijfsvoering desondanks kunnen continueren
vanwege een lage fi nancieringsdruk.
Daar staan andere, meer professioneel ingestelde, innovatieve verblijfsrecreatieondernemers
tegenover, die bewust inspelen op de marktvraag en inzetten op kwaliteitsverbetering.
Pietersma spreekt in dit verband over de ‘verblijfsrecreatieparadox’: ‘het spanningsveld tussen
het oplossen van het overaanbod en het ruimte geven aan kwaliteitsverbetering.’
Volgens hem hebben het overaanbod en de daaruit voortvloeiende noodlijdende exploitatie
de nodige maatschappelijke gevolgen. Het leidt volgens hem tot verpaupering, illegale
permanente bewoning en verrommeling van het landschap. Het blokkeert planologische
ontwikkelingen. Daarnaast heeft het overaanbod een negatief eff ect op de sociale vitaliteit
van het buitengebied en de regionale werkgelegenheid. Bovendien lijdt de branche imagoschade,
waardoor Nederland als vakantiebestemming steeds meer uit de gratie raakt.
De urgentie van het probleem is duidelijk. De RECRON pleit ervoor ‘…overheidsbeleid
en ondernemerskansen aan elkaar te verbinden’. De opgave voor de overheid zou onder
meer moeten bestaan uit ‘het instellen van een herverdelingsfonds (…), het ontwikkelen
van vraaggericht beleid, het ontwikkelen van vrijetijdslandschappen en het bieden van innovatie-
en experimenteerruimte’.
De opgave voor kwaliteitsbewuste verblijfsrecreatieondernemers zou dan zijn ‘om verder te
professionaliseren door scherpe doelgroepkeuzes te maken, te benchmarken, duurzaam te
ondernemen en door nieuwe S-curves te ontwikkelen zodat het verblijfsproduct opnieuw
wordt uitgevonden.’
Gelijkwaardige planologie gewenst
In hetzelfde rapport constateert de RECRON dat ‘de marktwerking verstoord wordt
omdat minicampings tot stand komen in een ongelijk ruimtelijk-economisch speelveld
ten opzichte van de reguliere sector. De stelling gaat op dat er inkomenssteun voor
agrariërs plaatsvindt via planologie. Agrariërs kunnen planologisch gezien gemakkelijk
en snel nieuwe recreatieve functies realiseren vanwege een mild ruimtelijk regime.’ In de
׉	 7cassandra://srRh73DYKdf4W1shwGhcPuNn-qPHrAL3AFTgBKpcMO4`  c!j!>k׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 67
ogen van de sector zou sprake moeten zijn
van gelijkwaardige planologie, waarbij alle
recreatieondernemers – of het nu boeren en
particulieren met hun kleinschalige campings
en logementen betreft of de reguliere
recreatieondernemers - op dezelfde wijze door
de overheid worden tegemoet getreden.
Grondpositie en restricties vanuit
hoogwaterproblematiek
Een ander fenomeen, dat specifi ek
recreatieondernemers raakt die in de
uiterwaarden of het bergingsgebied gevestigd
zijn, is het feit dat deze bedrijven niet of
maar zeer beperkt over de noodzakelijke
groeiruimte kunnen beschikken. Dat komt
doordat het extra bouwvolume dat nodig
is om te kunnen doorontwikkelen en
het bedrijf vitaal te houden te allen tijde
gecompenseerd moet worden in termen van
waterstandsverlaging. Volgens de vigerende
regelgeving moeten deze bedrijven zelfstandig
voor compenserende verruiming zorgen. Om
deze ondernemers daarbij tegemoet te komen,
worden eventuele nieuwe bouwvolumes bij
voorbaat gecompenseerd door middel van
overdimensioneringen in het pakket aan
rivierverruimingsmaatregelen.
Noord-Limburg
Het landelijke en verstilde NoordLimburg
is van oudsher een populaire
toeristisch-recreatieve bestemming. Het
landschapsschoon van het stuwwalgebied
bij Mook, het vroeger zo pittoreske Maasdal
en het geaccidenteerde gebied van de
Maasduinen waren en zijn geliefd bij een
groot publiek.
Aan de randen van stuwwal en
rivierduinengebied – vooral langs de N271
– hebben zich gaandeweg diverse toeristischrecreatieve
bedrijven gevestigd. Maar ook hier
net als in de rest van Nederland, voldoen lang
niet alle accommodaties en voorzieningen aan
de actuele marktbehoefte.
Wat het Maasdal betreft, beperkt de
toeristisch-recreatieve infrastructuur zich
vooralsnog tot een tweetal grootschalige
recreatieplassen met reeks van recreatieve dagen
verblijfsfuncties. De toeristische potenties
van het Noord-Limburgse Maasdal (het
eigenlijke Masterplangebied) zijn verder niet
of nauwelijks benut; het Maasdal is nu vooral
een functioneel agrarisch landschap.
Ook de historische rivierdorpen in het
Maasdal maken lang niet allemaal optimaal
gebruik van hun unieke positie aan de Maas.
Groeimarkt
In tegenstelling tot sommige andere
economische dragers is toerisme & recreatie
een groeimarkt. Vooral het luwtegebied
van de Regio Maasduinen heeft een hoge
potentie. Het wordt immers aan alle
kanten omringd door hoogdynamische en
dichtbevolkte urbane regio’s: het KAN-gebied
in het noorden, het Duitse Ruhrgebied
in het oosten, Den Bosch en Eindhoven
in het westen en Venlo in het zuiden. De
belangstelling vanuit deze gebieden voor
onze laagdynamische, verstilde landelijke
regio groeit explosief. Voor de mens uit de
omliggende ‘urbane ring’ is onze regio een
onmisbaar ‘groen hart’. Hij beschouwt het
als zijn vrijetijdslandschap. Hier vindt hij zijn
ontspanning, actief en passief. Hier ook kan
hij – in tegenstelling tot de hectische stad –
‘ontspannen’ leven, tijdelijk, en op termijn
misschien zelfs permanent. De gestresste
en de zorgbehoeftige stadsmens kan hier
recupereren, of zoals men in Duitsland zegt
‘sich erholen’: weer op krachten komen.
De kwaliteit van de leefomgeving in het
landelijk gebied wordt aldus geassocieerd
met gezond leven en zelfs met geluk.
Terecht want er blijkt een rechtstreekse
link te zijn met de volksgezondheid. Tal
van onderzoeken naar welvaartsziekten als
obesitas, te hoog cholesterol, suikerziekten
en allerlei depressieve aandoeningen, tonen
aan dat een actief verblijf in een natuurlijke
groene leefomgeving een positief, vaak zelfs
helend eff ect heeft op de mens; een opvatting
die eind negentiende, begin twintigste eeuw
gemeengoed was. Uit die periode stammen de
vele sanatoria en andere herstellingsoorden die
Noord-Limburg rijk was, en is.
Ondernemers actief op het gebied van
toerisme, recreatie en horeca kunnen daar
gepast op inspelen.
Onderscheidend vermogen noodzakelijk
Om van die groei te kunnen profi teren en
dus meer toeristen aan te trekken stuurt
de regio aan op een hoogwaardiger, meer
gediff erentieerd aanbod en een langdurige
relatie met de bezoekers. Een dergelijk
kwaliteitsslag resulteert in herhalingsbezoek,
een toename van de gemiddelde verblijfsduur
en een hogere besteding en daarmee
׉	 7cassandra://6UkaQluhL7uSscHB1CDqZQhYn2uk7kni5gb4Wi8PPBE`  c!j!>lc!j!>kqבCט   u׉׉	 7cassandra://tq7CkgcX2Q2l2RTU6ofq_RzUBafiNDuWJAu8LJJTgiM m` ׉	 7cassandra://_BBBXlT3z7rojigoFVtsVJGtNf-qRUP4tDrgO6OVYDc``׉	 7cassandra://20JvgXF6iNAWLzsgb5Ne9PMb_8f_xYmtEZwyk5q-YR8`  ׉	 7cassandra://p4b-Z7813ywvw0Z_iaVn6bnnJYzk36AM6RyqkgtYdQIm7͠c+j!>xט  u׉׉	 7cassandra://fIWauBeV1QEU6kPQE8bROBRCogwutj6eR3tjOhNLU5Y `׉	 7cassandra://OiNYv_ilC_W2NPvye6olKpR2iM_CIte0AiSbi3rv7YAB,`׉	 7cassandra://JwEN10c96N2FdhMmyZxUTZQ3SSF13YzeTmQjwIVX938:`  ׉	 7cassandra://ta8CmMw2knEMinCAJZS1E33-RTdVO_s2Vy6qLWdkicQU:͠c,j!>y׉E68 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
in versterking van de economie en de
werkgelegenheid.
Het besef dat toerisme sterk kan bijdragen
aan de vitaliteit van het landelijk gebied is
algemeen en overal om ons heen zijn ‘buren’
dan ook actief met ontwikkelprogramma’s.
De concurrentie tussen en met regio’s, zowel
binnen Nederland als daarbuiten, is hevig.
Voor een succesvolle ontwikkeling en
doorgaande groei van het bruto regionaal
product in deze sector is het daarom
belangrijk om goed na te denken over de
wijze waarop de regio zich wil profi leren en
positioneren. Bepalend voor een krachtig
imago is de kernidentiteit van de regio. Dat
is een identiteit die geënt is op unieke en
authentieke kernkwaliteiten waar je trots
op bent en waarmee je je nadrukkelijk kunt
onderscheiden van de concurrentie.
Onderscheidend vermogen is een basaal
criterium bij de representatie van het gebied
en het uniek daaraan gerelateerde pakket van
producten. Uiteraard wordt ook gekeken
naar de kwaliteit van het toeristisch-recreatief
product en – essentieel – naar de vraag van de
klant.
Markt en trends
De klantvraag is snel en substantieel aan het
veranderen. Gasten worden steeds kritischer,
meer kwaliteitsbewust en via internet kunnen
ze het hele aanbod eenvoudig vergelijken. ‘De
gast is koning’: gastvrijheid is een kernbegrip
geworden.
Wat verder opvalt, is dat het menselijk
gedrag individualiseert. Mensen zijn ook
actiever, mobieler, meer avontuurlijk en
belevingsgericht ingesteld waarbij ze zelf de
regie nemen.
De toerist wil op ontdekking en daarbij
verrast worden. Hij wil het landschap
exploreren en heeft dan interesse in ‘pure’
natuur, in pittoreske dorpen en in historisch
erfgoed mét de bijbehorende verhalen.
Omgevingskwaliteit en landschappelijke
veelzijdigheid zijn doorslaggevend voor de
populariteit van een streek. Kernbegrippen
zijn hier authenticiteit, kleinschaligheid en
belevenswaardigheid.
Het is voor de toeristische regio Maasduinen
dan ook zaak om ‘haar tuin aan te harken’
en haar pronkstukken beter te etaleren.
Daartoe moet de regio haar kernkwaliteiten
en ‘hotspots’ identifi ceren en gerichte
plannen maken om zaken te versterken
en te expliciteren. Recreatieondernemers
beseff en dit maar al te goed; ze zien de
uitzonderlijke potentie van een hoogwaardig
vrijetijdslandschap. Maar toch houden ze tot
dusver hun aandacht vooral gefocust op het
eigen bedrijf en drukken nog te weinig hun
stempel op de inrichting van een voor de
toerist aantrekkelijk kwaliteitslandschap, dat
met recht vrijetijdslandschap kan worden
genoemd.
De klantvraag verandert niet alleen, hij is
ook aan diff erentiatie onderhevig. Zo neemt
de groep ‘extended families’ toe: gezinnen
‘plus’, met kinderen en kleinkinderen,
opa en oma. Ook gaat men vaker vanuit
allerlei sociale motieven in grotere groepen
op pad: medewerkers van bedrijven
(teambuilding), verenigingen, bevriende
gezinnen. De vergrijzing levert een groeiende
groep actieve senioren op die fi etsend en
wandelend het landelijk gebied verkennen
en de (culinaire) gastvrijheid proeven.
De vraag wordt daarnaast breder onder
invloed van de kapitaalkrachtige groep van
tweepersoonshuishoudens die vragen om
specials en meer luxe arrangementen, die ze
zelfstandig kunnen samenstellen. Verder is er
behoefte aan allerlei faciliteiten op het gebied
van ‘heerlijk genieten, ontspannen en relaxen’
(wellness en beauty).
Ook de betekenis van kamperen wordt breder:
natuurkamperen, kamperen bij de boer,
‘glamour camping’.
Speciale aandacht vraagt de stijgende behoefte
aan vakantieadressen en accommodaties
die ingesteld zijn op het verblijf van
zorgbehoevenden en hun families.
Groter verband
Uiteraard openbaart de Maasvallei zich
tweezijdig van de rivier, hetgeen impliceert
dat voor de ontwikkeling van de vallei hecht
wordt samengewerkt met Brabant. De
inspirerende basis voor die samenwerking
is gelegd in de in 2009 verschenen nota
Noordelijke Maasvallei, grensoverschrijdend
perspectief. Dat ‘grensoverschrijdende
perspectief’ is in het bijzonder van belang
voor toerisme en recreatie.
Gezamenlijke promotie is essentieel
voor de profi lering van de Maasvallei als
aantrekkelijke vakantiebestemming. Een
ander voorbeeld van vruchtbaar samen
optrekken is het gezamenlijk realiseren van
watertransportverbindingen over de Maas.
׉	 7cassandra://20JvgXF6iNAWLzsgb5Ne9PMb_8f_xYmtEZwyk5q-YR8`  c!j!>m׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 69
4.3.3.2 Uitgangspunten voor ontwikkeling
toerisme & recreatie
• Versterk de regio-identiteit met het
accent op onderscheidend vermogen
Extra aandacht voor profi lering en
positionering van Maasduinen én
Maasdal als toeristisch-recreatieve tweeeenheid.
•
Speel slim in op het gigantische
bezoekerspotentieel van de urbane ring
De regio werkt aan een veelzijdig
kwaliteitslandschap dat kan
functioneren als ‘vrijetijdslandschap’ en
‘erholungslandschap’. Kernbegrippen
zijn authenticiteit, kleinschaligheid,
belevenswaardigheid en gastvrijheid.
• Initiatief voor de noodzakelijke
kwaliteitsslag ligt primair bij de
ondernemers
De ondernemers spelen in op de
veranderende en zich diff erentiërende
marktvraag en geven onderscheidende
wijze inhoud aan het begrip gastvrijheid.
• Gemeenten faciliteren kwaliteitsslag
De samenwerkende gemeenten willen
daarin inspireren en stimuleren en
vooral faciliteren. Gemeenten werken
vanuit een meer regionaal perspectief
aan een laagdrempeliger planologie
en verkorte procedures. Visies
zullen uitvoeringsgericht en meer in
samenspraak met de ondernemers worden
ontwikkeld.
• Verbeter verbindingen en
toegankelijkheid
Zowel noord-zuid en oost-west als over
land en water.
• Hoogwatermaatregelen krijgen
betekenis als hechtingsstructuur voor
een gevarieerde toeristisch-recreatieve
infrastructuur
De nadruk hierbij ligt op een veelzijdig
en complementair te ontwikkelen
programma van voornamelijk
watergerelateerde accommodaties en
voorzieningen.
• Hoogwatermaatregelen krijgen
betekenis als onderlegger
voor kwalitatief herstel van
cultuurlandschappen
De karakteristieke van oorsprong
‘natuurlijke’ cultuurlandschappen vormen
een onmisbare kwaliteitsomgeving voor
de natuur- en cultuurtoerist.
• Historische rivierdorpen oriënteren zich
opnieuw op de Maas
De oude rivierdorpen worden op
kleinschalige en respectvolle wijze
ontwikkeld tot de gastvrije toeristische
centra van het Maasdal.
• Anticiperen op toekomstige vergroting
bedrijfsvolume
Om recreatiebedrijven – ook in de
uiterwaarden – ontwikkelingsruimte
te bieden, worden eventuele
nieuwe bouwvolumes bij voorbaat
gecompenseerd door middel van
overdimensioneringen in het pakket aan
rivierverruimingsmaatregelen.
׉	 7cassandra://JwEN10c96N2FdhMmyZxUTZQ3SSF13YzeTmQjwIVX938:`  c!j!>nc!j!>mqבCט   u׉׉	 7cassandra://TrKo7PZ9au7DD5gV3lzyQHJATcDNoW_MgyHXbJ7VhQU `׉	 7cassandra://mhDK0wPB0hEoctFz8PNbOnn8lKk0aRSRgIq0FowVVaIc`׉	 7cassandra://Y4x_uLobdPQuAw6cYmINlT-niyoUqKFJzvenb1I8Pj0Q`  ׉	 7cassandra://FO0vBghq3h7G190G_ybbrxoTvoRolgwYAbGq6Gt9qx0 ST͠c,j!>{ט  u׉׉	 7cassandra://zbq3DTovGFOhnRDrHDN7QKhh4B5uuTTomtKMM1Jww2Y 0`׉	 7cassandra://VMwG0I9z2mMA3s-ieLXeDQ0LGb86X4HDEdk2ibC7Vgsh)`׉	 7cassandra://yoDmCv8PsLIJRTG-dEWvQ8xhLmz-c9RJMANj3rw94vY `  ׉	 7cassandra://F35-33tEM0V0zqLFNLtEuR38i-nMIT6trmTYadPC5vc >͠c,j!>|׉E70 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
4.3.4 Zorg
4.3.4.1 Verkenning
Zorglandschap & Erholungslandschap
Van oudsher is het bosrijke Noord-Limburg
een gebied geweest dat allerlei traditionele
vormen van intramurale zorg herbergde.
Zorgbehoevenden werden ver van hun
familie ondergebracht in herstellingsoorden,
sanatoria, internaten en opvangtehuizen. De
kloosterorden speelden daarin een hoofdrol.
Grootschalige zorginstellingen vinden we nu
nog in de gemeente Gennep.
Een natuurlijke omgeving, gezonde lucht en
landelijke rust worden sinds de tweede helft
van de 19e
eeuw beschouwd als heilzame
remedie tegen het zware en ongezonde
stadsleven.
Dat inzicht is eigenlijk alleen maar sterker
geworden. Dat zien we terug in het
bewustzijn van de stadsmens uit de urbane
ring die wil onthaasten en zich wil ‘opladen’ in
onze overwegend groene, landelijke regio. In
feite hebben we hier te maken met een nieuwe
vorm van zorg waarbij het accent meer ligt op
(combinaties van) actief bewegen en passief
verwennen dan op traditioneel verzorgen. Het
gaat dan om allerlei sportieve activiteiten aan
de ene kant en ‘heerlijk genieten, ontspannen
en relaxen’ (wellness en beauty) aan de andere
kant.
Onze regio is tegenwoordig dus zowel
zorglandschap als erholungs-landschap.
Deze dubbelbestemming komt het best tot
uitdrukking in de toenemende vraag naar
vakantieadressen en accommodaties, die
volledig ingesteld zijn op het verblijf van
zorgbehoevenden en hun familie.
Een gecombineerde vraag ligt er ook bij de
nog steeds groeiende groep van senioren.
Deze vaak nog heel vitale mensen houden
graag zelf de regie. Ze zijn op zoek naar
vakantieaccommodaties en (semi)permanente
woonvormen met veel luxe en comfort in een
rustige, rustieke omgeving, waarin ze zich
verzekerd weten van veiligheid en eventuele
zorg.
4.3.4.2 Uitgangspunten voor ontwikkeling
zorg
• Zoek het onderscheidend vermogen
in bijzondere combinaties van zorg,
recreatie en landelijk wonen
׉	 7cassandra://Y4x_uLobdPQuAw6cYmINlT-niyoUqKFJzvenb1I8Pj0Q`  c!j!>o׉EJMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
71
4.3.5 Wonen
4.3.5.1 Verkenning
Het Masterplangebied bestaat voor het
overgrote deel uit uiterwaarden die regelmatig
overstromen. Vanouds beperkt wonen zich
tot de hogere delen. Op de langgerekte
oeverwallen ontstond een kenmerkende
lintbebouwing, die zich gaandeweg verdichtte
tot dorpen en gehuchten. Karakteristiek
zijn historische rivierdorpen als Well, Aijen,
Bergen en Middelaar.
Overige bewoning in het Masterplangebied
vinden we op de hogere terrasgronden direct
boven de steilrand.
Sinds de jaren ’50 heeft op enkele plekken
bebouwing plaatsgevonden juist over de
steilrand in het dieper gelegen Maasdal.
Verder is er bij de Maashaven in Heijen een
bedrijventerrein aangelegd in de laagte van
het Maasdal. Deze jongste uitbreidingen
hebben geleid tot de aanleg van nieuwe zware
winterdijken met als gevolg een versmalling
van het winterprofi el van de Maas.
In het kader van de Hoogwatertaakstelling
2050/2100 en de daarmee verband
houdende rivierverruiming is nieuwe (woon)
bebouwing die een volumebeperking van de
afvoercapaciteit inhoudt, niet aan de orde.
Wel bestaan er mogelijkheden voor bijzondere
drijvende woonvormen.
Voor het overige zullen de exclusieve
woonprogramma’s die onderdeel zijn van de
regionale ambitie voor het Masterplan gebied,
zich beperken tot de hogere terrasgronden.
4.3.5.2 Uitgangspunten voor
ontwikkeling wonen
• Geen bebouwing in het Maasdal die
leidt tot volumebeperking van de
afvoercapaciteit
• Zoek naar ontwikkellocaties voor
exclusief wonen eerst en vooral op de
hogere terrasgronden
Respecteer daarbij de alternerende en
ruime doorzichten naar het Maasdal.
• Bewoning in het Maasdal blijft
vooral beperkt tot drijvend wonen
op nieuwe plassen
Bewoning zal een uitgesproken
landelijke architectuur hebben.
Grotestraat, rivierdorp Well met links de historische begraafplaats
׉	 7cassandra://yoDmCv8PsLIJRTG-dEWvQ8xhLmz-c9RJMANj3rw94vY `  c!j!>pc!j!>oqבCט   u׉׉	 7cassandra://5d4wv_1hMZMecGuOGC4EuJ7700ea9uIHKez_tDIQgjc B`׉	 7cassandra://cIeJ3RbcoXyk1rtp8u7v0Wv5aibI4SSH8pcyoxt9icMa`׉	 7cassandra://wUtcoNNzhS9Fo_t6PXtGbaKocRLMce_AIsEbSimjR1kB`  ׉	 7cassandra://wH9D4hCNeTIosFEpOh_Pl-6oD4qg7tR6z-mZvmZzTCk 	:͠c,j!>~ט  u׉׉	 7cassandra://CYfnadLnfHqQJzTFXmTePYdj3n1dZHAMI0eaKapXd6A h`׉	 7cassandra://qMXCeuE4zexTdqDHNqLdlP8x7QSoN8TrHVfwkGHHJGQj`׉	 7cassandra://QJUl3EGmrKayztble6L7QGWwMfMgqYn1NkNPAcLGA48`  ׉	 7cassandra://yqsnNPHPt4nAwtPIGdkg_JyEzO8VIWdRHrvWb-AC6Bk `&͠c,j!>׉E 4De Maas bij Mook met op de achtergrond de spoorbrug
׉	 7cassandra://wUtcoNNzhS9Fo_t6PXtGbaKocRLMce_AIsEbSimjR1kB`  c!j!>q׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5
De veerstoep bij Aijen
73
VISIE
5.1 LANDSCHAP EN OMGEVINGSKWALITEIT
Onze leefomgeving noemen we ook wel landschap. Landschap is ruimtelijk continu en
manifesteert zich in vele gedaanten die ook nog eens aan (fysieke) verandering onderhevig zijn.
Je kunt er wonen en doorheen reizen.
Landschap is van ons allemaal.
Maar we hebben het slechts in bruikleen. We hebben de plicht om het respectvol te gebruiken
en in vitale staat door te geven aan volgende generaties. Daarbij komt dat landschap niet alleen
van ons mensen is. We delen het met een complex en biodivers systeem van andere levende
organismen, dat alleen kan overleven als wij hun leefomgeving en de fysische factoren die
daaraan ten grondslag liggen, respecteren en in stand houden. Bij de gebiedsontwikkeling wordt
daarom ingezet op duurzame ontwikkeling volgens het ‘cradle to cradle’ principe, dat uitgaat
van het sluiten van kringlopen en het zuinig omgaan met voorraden energie.
Landschap is voor de mens vol betekenissen, die overigens niet door iedereen hetzelfde worden
geïnterpreteerd en beleefd. Zo heeft landschap onder meer een natuurlijke en een cultuurlijke
betekenis. ‘Zuivere’ natuur (onbeïnvloed door de mens) komt bijna niet meer voor, zeker niet
in het dichtbevolkte Nederland waar de mens zijn omgeving ingrijpend blijft herinrichten. In
die zin vormt landschap de weerslag van een cultuur of beschaving in een bepaalde tijd. Je kunt
er uit afl ezen hoe men – meer of minder respectvol – omgaat met het revitaliserend vermogen
van de natuur (of liever het leven zelf) en met zijn ‘patrimonium’ (collectief cultuurlijk
erfgoed).
Dan is er het fysische landschap. De aardkorst, gevormd onder invloed van kosmische
oerkrachten, klimaat en de elementen water, weer en wind. In de Maasvallei is water de
dominante kracht, met de Maas als aorta van het fi jn vertakte watersysteem. Water representeert
de kernidentiteit van het Maasdal, het Masterplangebied. De Maas heeft eeuwenlang een
hoofdrol gespeeld die met de zich voltrekkende klimaatverandering opnieuw in dominantie
zal toenemen. Minder dan ooit zal de Maas zich in een artifi cieel keurslijf laten dwingen.
Rivierverruiming vraagt dan ook om ‘natuurlijke’ oplossingen, direct geënt op het authentieke
lineaire geulenstelsel.
Een andere betekenis die niet onbesproken mag blijven is die van het belevingslandschap. Hierbij
gaat het enerzijds om een emotioneel perspectief – denk aan de koppeling met persoonlijke
ervaring en herinnering, waardoor een landschap rijk en betekenisvol wordt, bezield raakt.
Dit soort beleving bepaalt je stemming; maakt dat je je thuis voelt in een landschap en dat
je je ermee kunt identifi ceren. Anderzijds is er het esthetisch perspectief. Dat refereert aan het
oude begrip ‘natuurschoon’, dat we terugvinden in termen als het ‘arcadische landschap’ en het
‘pastorale landschap’ maar ook in meer gangbare uitdrukkingen als ‘pittoresk’, ‘schilderachtig’ of
‘pure natuur’.
Landschapskwaliteit ontstaat door de stapeling van een grote verscheidenheid aan betekenissen,
zowel gemeenschappelijke als persoonlijke. Kwaliteitslandschap is aldus de constellatie van
al die betekenissen. Kernwoorden zijn: toekomstbestendig, veelzijdig, multifunctioneel,
׉	 7cassandra://QJUl3EGmrKayztble6L7QGWwMfMgqYn1NkNPAcLGA48`  c!j!>rc!j!>qqבCט   u׉׉	 7cassandra://MbqT5OxAUvRogvfoJCql1c2DqE_H8gBzyRxWI32xL8k ` ׉	 7cassandra://fqTEuKJ_wpC77MdTSfhhpj42-N-v-H2acP6F160ETsQd`׉	 7cassandra://mRxpOYKl3DiRQEG5W0fDe3k6NRK638L9g4ImY25fhSY`  ׉	 7cassandra://yze12B51KeZNa_OnHhDNrbNVSVRsTChI2f8HPqudrcÚ͠c-j!>ט  u׉׉	 7cassandra://m58xTY5WDN5Ssblf1sa5YLZqgwtRGsEGGfI_h9vQ_yc T`׉	 7cassandra://fFjc1iZ0xEiF6BI3jJnSZc1qW-2XUPqNY5ixa2khIEMV`׉	 7cassandra://2ndR6BvZ9AGJ3yNdU43doabxNLEVySbW7b761zfvJroX`  ׉	 7cassandra://VJfhupZBztSPHQx_fW3Dt9XA7ZhFKiRlgFPLig1-dZg ͠c-j!>׉E74 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
verweven, samenhangend, aantrekkelijk,
belevenswaardig, duurzaam, biodivers, gezond
en vitaal.
Bij de gebiedsontwikkeling van het Maasdal
wordt gestreefd naar een hoogwaardig
kwaliteitslandschap.
5.2 HOOGWATERLANDSCHAP
Meebewegen met het landschap
Als gevolg van de gezamenlijke
rivierverruimingsmaatregelen zal een nieuw
en toekomstbestendig ‘hoogwaterlandschap’
ontstaan. Daarbij hanteert de regio het
principe van meebewegen met de geomorfologie
van het natuurlijke landschap.
Dat natuurlijke landschap heeft twee
essentiële kwaliteitsaspecten. Aan de ene
kant staat het garant voor een solide,
eff ectieve en dus veilige waterafvoer. En aan
de andere kant wordt het karakteristieke
geaccidenteerde reliëf van het fossiele
nevengeulenstelsel gereconstrueerd, waarmee
impliciet het oorspronkelijke, biodiverse en
belevenswaardige natuur- en cultuurlandschap
wordt hersteld.
In die zin voegt rivierverruiming een
waardevolle betekenislaag toe aan het
‘Maasdal van de toekomst’.
Het nieuwe hoogwaterlandschap is enerzijds
de fysieke onderlegger en hechtingsstructuur
voor verbreding en uitbreiding van de
economische gebruiksmogelijkheden voor
sectoren als landbouw, recreatie, wonen
en zorg; anderzijds schept het de condities
voor herstel en beleefbaar maken van
geomorfologie, biotiek, archeologie en
cultuurhistorie.
Pleidooi voor meerdimensionale benadering
rivierverruiming
De Hoogwatertaakstelling 2050/2100
vraagt om een meer dominante rol voor het
water in het uiterwaardenlandschap. Dat
uiterwaardenlandschap wordt met behulp van
een pakket aan rivierverruimingsmaatregelen
heringericht en geschikt gemaakt voor
het verwerken van toenemende en langer
aanhoudende waterafvoeren. Een direct
gevolg van rivierverruiming is dat het totale
te vergraven volume dat moet leiden tot
de gewenste waterstandsverlaging, altijd
omvangrijk zal zijn.
De vraag is dan – zoals we in hoofdstuk 4 al
aangaven – wat gaat er met de gigantische
hoeveelheid vrijkomende gronden gebeuren?
Gangbaar is dat rivierverruiming direct
gekoppeld wordt aan delfstoff enwinning;
zo wordt geld verdiend en werk met werk
gemaakt.
Voor deze gebiedsvisie wil de regio die
gangbare koppeling niet langer vooropstellen.
Ze pleit voor een integrale, meerdimensionale
benadering. Een benadering die primair
gericht is op het creëren van nieuwe kansen
voor welvaart en omgevingskwaliteit. Met dat
doel voor ogen worden hoogwatermaatregelen
gepositioneerd en gedimensioneerd.
Delfstoff enwinning wordt daarmee weliswaar
secundair maar wordt zeker niet uit het oog
verloren.
Waterstandsverlaging versus vrijkomende
gronden
Gronddepots in en buiten het Maasdal zijn
niet wenselijk. Vrijkomende gronden zouden
het functionele gebruik en de landschappelijke
kwaliteit van het gebied niet mogen aantasten.
Die opvatting vinden we dan ook terug als
integraal ordeningsprincipe (5.3).
Het idee daarbij is als volgt:
hoogwatermaatregelen worden – als dat
tenminste past binnen het na te streven
toekomstperspectief – daar gelokaliseerd,
waar de mogelijkheden voor winning van
verhandelbare delfstoff en als zand, grind en
klei optimaal zijn.
Tegelijkertijd worden hoogwatermaatregelen
zodanig ruimtelijk en functioneel
ingericht dat het restvolume binnen het
uiterwaardengebied geborgen kan worden.
Zo gaat de aanleg van hoogwatergeulen in
principe gepaard met diepe zandwinplassen,
waarin dat restvolume wordt gedeponeerd.
Omdat locaties voor hoogwatermaatregelen
gekozen worden op basis van hun meerwaarde
voor welvaart en omgevingskwaliteit, zullen ze
lang niet altijd geschikt zijn voor kleiwinning
dan wel grind- en zandwinning.
De vraag naar deze delfstoff en fl uctueert,
op dit moment is de vraag gering. Maar als
de vraag straks aantrekt, is dat wellicht het
moment om rivierverruimingsmaatregelen
doorgang te laten vinden.
Met andere woorden: rivierverruiming
wordt in dit Masterplan primair geënt op
de geomorfologie van het landschap en de
kansen voor welvaart en omgevingskwaliteit,
maar wanneer de actuele marktsituatie dat
toelaat zal delfstoff enwinning zeker een rol
van betekenis spelen.
Aldus levert het Masterplan Maasdal
een bijdrage aan de discussie over de
implementatie van het duurzaam handhaven
van de waterveiligheid in de toekomst. Een
discussie die al gevoerd wordt in het kader van
de Deltacommissie.
׉	 7cassandra://mRxpOYKl3DiRQEG5W0fDe3k6NRK638L9g4ImY25fhSY`  c!j!>s׉E 5MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
75
De Maas bij Mook
׉	 7cassandra://2ndR6BvZ9AGJ3yNdU43doabxNLEVySbW7b761zfvJroX`  c!j!>tc!j!>sqבCט   u׉׉	 7cassandra://5aiYXYpTD9cvqSdWd5hoO8gEaCRIflDJdDhz7_CCkRQ 4`׉	 7cassandra://H-406SFtWom4-Ba_ZI5G6GMRqqPOdjk_GnWoakYzzYAa`׉	 7cassandra://QJA5RADwUK0UEQiLBwPax4mBDxGfrdWcu7zsUWdFZUg`  ׉	 7cassandra://PzzR-DJTDIpqy83NWHYUSMaTAIkUdSPVg6dOhX7K-28r>͠c-j!>ט  u׉׉	 7cassandra://MpkXfl5_N1-GfaPse8I2kZt2fhdluAwvDAo0C5YabzE `׉	 7cassandra://b5NroH6Hb_PeJDxjtmE6pEdRj8HlfLNxBswx_Ls1EWk7`׉	 7cassandra://pzMdFRCUIVWTLxeeBJ_ExL5NMkmIJnhXZMLokarqM2Q`  ׉	 7cassandra://VI_Nh75wvgyf0RuyfpzwLf1zniQpEvMdrNrEsEkUbG4;t>͠c-j!>׉EF76 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5.3 INTEGRALE
ORDENINGSPRINCIPES
De volgende ordeningsprincipes vormen de
spelregels bij rivierverruiming. Ze zijn het
resultaat van de afweging van de sectorale
‘uitgangspunten voor ontwikkeling’ die tijdens
de verkenning en analyse naar oren gekomen
zijn. Bij de samenstelling van het pakket aan
verruimingsmaatregelen zijn ze leidend, dan
wel sturend maar ten minste richtinggevend.
Deze spelregels hebben een tweeledig doel:
• Ze dienen de kernkwaliteiten van het
oorspronkelijke uiterwaardenlandschap
te beschermen, herstellen en beleefbaar te
maken;
• Ze dienen de gebruikersbelangen; van
zowel bestaande als nieuwe gebruikers.
Aan het pakket van rivierverruimingsmaatregelen
liggen de volgende – integrale –
ordeningsprincipes ten grondslag:
1. De hoofdgeul van de Maas blijft
hoofdstroom: andere geulen zijn
nadrukkelijk ondergeschikt. De
hoofdgeul blijft ongeveer even breed en
wordt in geen geval smaller; dat is ook
wenselijk voor de scheepvaart.
2. Rivierverruimingsmaatregelen bewegen
mee met het oorspronkelijke reliëf.
De hoogteverschillen tussen ruggen,
geulen en terrassteilranden worden
geaccentueerd en beleefbaar gemaakt.
Daarbij gelden de AHN-kaart en de
fysisch-geografi sche terrassenkaart als
uitgangspunt. Vlaksgewijze vergraving
van de uiterwaarden is daarom geen
optie.
3. Rivierverruimingsmaatregelen
concentreren zich eerst en vooral op
de laaggelegen oude geulen in het
buitendijks gebied. Dit impliceert
dat de robuustheid van de diverse
maatregelen direct geënt is op maat en
schaal van het lineaire geulenstelsel.
4. De – permanent – meestromende geulen
worden bij voorkeur in het Holoceenterras
nabij de hoofdgeul aangelegd
in oude nevengeulen. Zo kunnen
voormalige eilanden (historische
‘middelweerden’) aan de rand van de
hoofdgeul worden gereconstrueerd.
5. Voor de – alleen bij hoogwater
meestromende – hoogwatergeulen is
een ligging in het achterland (Dryasterras)
na te streven. Hierbij kunnen
ondiepe, brede ‘groene rivieren’
worden aangelegd, voorzien van een
accoladeprofi el. In kwelgeulen wordt
hoogwaardig kwelwater zolang mogelijk
vastgehouden (strangen).
6. Het lineaire ruggenstelsel wordt
beschermd en alleen in laatste instantie
betrokken bij de rivierverruiming. De
hoge oeverwallen, terrasrestruggen en
kronkelwaarden van de holocene Maas
worden in standgehouden, mede omdat
hier sprake is van een hoge dichtheid
van archeologische resten. Ook vanwege
de hoge onderzoekskosten (2012: tot
11 euro per m2
), wordt vlaksgewijze
vergraving van ruggen onwenselijk
geacht.
7. De hoogste ruggen worden vanouds
bewoond en zijn archeologisch
waardevol. Hier vinden we nog steeds
enkele karakteristieke historische
rivierdorpen. Op de ruggen liggen ook
de waardevolle oude akkers.
8. Het gigantische volume aan
vrijkomende gronden mag het landschap
ook buiten het Maasdal niet aantasten.
Bij het positioneren en dimensioneren
van hoogwatermaatregelen wordt
daarom aangestuurd op een maximale
winning van verhandelbare delfstoff en
(grind, zand, klei). Overige minder
waardevolle gronden worden in
principe omgeput in zandwinplassen.
׉	 7cassandra://QJA5RADwUK0UEQiLBwPax4mBDxGfrdWcu7zsUWdFZUg`  c!j!>u׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
77
9. Bij alle rivierverruimingsmaatregelen
wordt het ‘agrarisch
productiepotentieel’ zorgvuldig
meegewogen volgens het principe
van ‘zuinig ruimtegebruik’ zoals
dat is vastgelegd in de gelijknamige
Praktijkgids (Provincie Limburg i.s.m.
LLTB, 2011). Met de term ‘agrarisch
productiepotentieel’ wordt bedoeld:
‘het vermogen van het landbouwgebied
om producten te kunnen voortbrengen.
Van invloed zijn de omvang van het
landbouwareaal, de kwaliteit van de
landbouwgronden (bodemstructuur,
perceelsvorm, ligging) en de aanwezige
voorzieningen, zoals het waterbeheer en
de ontsluiting.’
10. Rivierverruimingsmaatregelen worden
zodanig ingericht dat de opbrengst
per hectare voor de landbouw
substantieel blijft. Vandaar dat het type
hoogwatergeul (‘maatregel geel’) met een
optimale drooglegging voor hooilanden
met nabegrazing de voorkeur krijgt.
11. De natuurlijke dynamiek van
beekmondingen wordt waar mogelijk
hersteld.
12. Obstakels worden indien enigszins
haalbaar verwijderd, omdat dan
minder ingegrepen hoeft te worden
in het landschap. Voorbeelden
van dergelijke obstakels zijn
bouwvolumes, landhoofden van
bruggen, dwarsdammen en onnodige
bedijkingen.
13. Het pakket aan rivierverruimingsmaatregelen
wordt zodanig
gedimensioneerd dat eventuele
toekomstige volume-uitbreidingen
van landbouw- en recreatie bedrijven
in de uiterwaarden mogelijk blijven.
Volgens de vigerende regelgeving
moeten deze bedrijven zelfstandig voor
compenserende verruiming zorgen.
׉	 7cassandra://pzMdFRCUIVWTLxeeBJ_ExL5NMkmIJnhXZMLokarqM2Q`  c!j!>vc!j!>uqבCט   u׉׉	 7cassandra://NkGYnAgPa1ECGynmRG6wkqrwwY4wtxCoJ3i7ZKngMgk `׉	 7cassandra://9646kN3Z5Ks8kHZDjtBKstPHqYnVkm5ns1MnbHJyPHM͋`׉	 7cassandra://KNqpHfcvHCkK8GJV1jd8SH0uRP5Y4MHg89yrJHgTFj4'`  ׉	 7cassandra://GZfBO5QIZu-9VxPLdnwobLqKMZRMtRoJU2F-8guHHm8 UX͠c-j!>ט  u׉׉	 7cassandra://JTHTOmjYP1Ujcht_kQ4ADpDOCFHo6eDH8zezm_4mLUw J`׉	 7cassandra://-Ut10gCxV5c12ydfM-VduGuk2Cf0tyXNIOFHP600nck̈́B`׉	 7cassandra://FF9_fg-2NR92gAumoJblpmIAfHUjx17fTURPpjtjfag+`  ׉	 7cassandra://l_V7qWjP5Mpp7L5FZ1W8p7ZM_UtjfTZa2TtsggJCMG4 IN͠c-j!>׉E
78 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5.4 LANDBOUW
5.4.1 Kwaliteitsslag in het Maasdal
Ontwikkeling Maasdal
Zoals uit de Verkenning & preview Landbouw
naar voren komt, staat het kwetsbare
rivierenlandschap in het Maasdal door de
aanhoudende rationalisatie van de landbouw
nog steeds onder druk. De landbouw ziet
zich gedwongen tot verdere intensivering of
schaalvergroting. Tegelijkertijd constateren we
dat het beleid van Rijksoverheid en Provincie
in kwetsbare gebieden als het Maasdal vooral
gericht is op extensivering en verbetering van
de landschappelijke kwaliteit.
In het rapport Puzzelen met de ruimte in
Limburg; Over landbouw en ruimteclaims
in het Limburgs landelijk gebied (dec. 2009)
wordt geconcludeerd dat landbouwbedrijven
zullen moeten kiezen uit drie mogelijke
vormen van bedrijfsontwikkeling:
schaalvergroting, verdieping, verbreding of een
combinatie daarvan. ‘Grote bedrijven’, zo
stelt men, ‘continueren gemakkelijker, o.a.
doordat zij een sterkere positie in de keten
innemen, kostprijsgericht zijn en innoverend;
kleinere bedrijven verdwijnen of verbreden;
middelgrote bedrijven zullen nieuwe allianties
moeten aangaan (kostprijsverlaging en
ketenpositie).’
In het laatste decennium zijn veel
landbouwbedrijven in het gebied van de
Regiovisie
gestopt. Maar ook al neemt
daar het aantal landbouwers af, er blijft voor
de sector behoefte aan voldoende ruimte
en grond om zich te kunnen ontwikkelen:
minder agrariërs, grotere bedrijven. Die
grotere bedrijven zullen een deel van de
karakteristieke graslanden in de uiterwaarden
gebruiken voor de grootschalige teelt van
arbeidsextensieve voedergewassen voor de
intensieve veehouderij. Het toekomstbeeld
is dat van een grootschalige landbouw in een
kleinschalig landschap.
Zuinig ruimtegebruik
De Hoogwatertaakstelling 2050/2100
speelt weliswaar vooral op de lange termijn,
maar legt onvermijdelijk beslag op de
productieruimte van de landbouw in het
Maasdal. De provincie wil in Limburg
een evenwichtige en toekomstbestendige
ontwikkeling realiseren. Voor dat doel moeten
aanspraken op landbouwgrond worden
afgewogen tegen het maatschappelijk belang
om voor de land- en tuinbouw voldoende
productieruimte én productiepotentieel
te behouden. Het zoeken naar een balans
tussen landbouw, natuur en overige functies
vraagt om een integrale afweging. Voor dat
doel is een van de onderwerpen, ‘zuinig
ruimtegebruik’, uitgewerkt in een gelijknamige
Praktijkgids, in juli 2011 uitgegeven door
de provincie in nauwe samenwerking met
de LLTB. ‘Zuinig ruimtegebruik’ is ook een
van de onderwerpen die zijn vastgelegd in de
Verklaring van Roermond.
Vandaar ook dat ‘zuinig ruimtegebruik’ een
van de ordeningsprincipes is, waarop de in
׉	 7cassandra://KNqpHfcvHCkK8GJV1jd8SH0uRP5Y4MHg89yrJHgTFj4'`  c!j!>w׉E
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
79
dit Masterplan voorgestelde maatregelen
gebaseerd zijn. De essentie van ‘zuinig gebruik
is dat het agrarisch productiepotentieel
zorgvuldig wordt meegewogen bij
de samenstelling van het pakket aan
rivierverruimingsmaatregelen.
Met het oog op de continuïteit van de
sector worden vergravingen ten behoeve
van de waterstandsverlaging geconcentreerd
in de laag gelegen nattere delen van de
uiterwaarden: de geulen. De hoger gelegen
oude akkers met hun hoogkwalitatieve
gronden blijven hun functie behouden en
worden zo veel mogelijk gespaard.
Als het landbouwareaal in omvang
afneemt kan het productiepotentieel
worden hersteld door te investeren in de
kwaliteit van de landbouwgronden en het
voorzieningenniveau. Dergelijke maatregelen,
die ertoe bijdragen dat er uiteindelijk voor
de landbouw geen achteruitgang optreedt,
worden ‘mitigerend’ genoemd.’ Doel daarvan
is, verlies aan kwantiteit te compenseren door
verbetering van de kwaliteit waardoor het
totale productiepotentieel niet vermindert.
Deze mitigerende maatregelen worden bij
voorkeur in het Maasdal zelf genomen,
waarbij onder meer zoveel mogelijk
versnippering wordt tegengegaan. Maar
het Maasdal neemt een aparte positie
in. Verbetering van natte gronden door
ophoging zou namelijk confl icteren met
de voorgestane waterstandsverlaging. Maar
indien kwalitatieve compensatie binnen het
Maasdal niet toereikend is, wordt gezocht
naar oplossingen buiten het Maasdal.
Voortrekkersrol wordt beloond
In de visie van provincie kan de landbouw
in Limburg zich verder ontwikkelen als
innovatieve sector met economische gezonde
bedrijven en vooruitstrevende ondernemers
die duurzaam produceren en midden in
de (lokale) samenleving staan. Het moet
er uiteindelijk toe leiden, dat straks elk
landbouwbedrijf een sierraad voor de
omgeving is.
Overheidsinspanningen zijn er meer
en meer op gericht vooruitstrevende
landbouwondernemers een voortrekkersrol
te geven. Deze voortrekkers zetten in
op ‘excellent produceren’ met aandacht
voor kwaliteitslandschap (gebaseerd op
gebieds-DNA), milieu, dierenwelzijn en
volksgezondheid (gezond voedsel). Ze kunnen
daarbij niet alleen rekenen op constructieve
hulp, facilitering van de provincie en
gemeenten, maar ook op fi nanciële
ondersteuning.
De bedoeling is, dat de innovatieve plannen
van deze voortrekkers structuurversterkend
werken, de integrale samenwerking met
andere sectoren centraal stellen en aansluiten
bij het burgerperspectief (draagvlak).
De verwachting is dat plannen die volgens
dit nieuwe beleidskader worden uitgevoerd,
duurzaam zijn en gaandeweg breed en
gemotiveerd navolging vinden.
Kwaliteitsslag in het Maasdal
Ook de regio wil daarom volop inzetten op
de ontwikkeling van de landbouw in de kop
׉	 7cassandra://FF9_fg-2NR92gAumoJblpmIAfHUjx17fTURPpjtjfag+`  c!j!>xc!j!>wqבCט   u׉׉	 7cassandra://V5eqleOsSfv_XOWQHGOev1D3qEkxf2DUWJw4j_U1Cr0 `׉	 7cassandra://8WT9LvQvVbG6WCD1n4Fo1fdXL5H3M4Jy4PH37MzPie8[j`׉	 7cassandra://QSWR-lpLszy6VysfSAYpAdqfp3YsfVd3Rx-Xc7WOz8s`  ׉	 7cassandra://ck9Zog1O2q-Z5NTrAnGjbriq1a_ar-Vs5Ol8AezXhH4 Р$͠c.j!>ט  u׉׉	 7cassandra://2M8mIlocJM3_BB7Pas0t9zZnSMhnTaxbRs_U3pXuUBw $` ׉	 7cassandra://VXQxDQP54Oajt8-rvHoCfFW9t1eTnfaSzzbp758AJK0fS`׉	 7cassandra://H1zHjHzJRHd7-Lr7Ws07BHry9KVmLnjctaQARoDvOqA`  ׉	 7cassandra://pWHoxcX5BJXi568fRAaD8an2GLzFm0G3zIZ7lmzilxkn͠c.j!>׉E	80 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
van Noord-Limburg. Voorwaarde is dan wel
dat de boeren constructief bijdragen aan
kwaliteitsverbreding van het Maasdal in de
meest brede zin. Beleidsdoel is het scheppen
van een onderscheidende kwaliteitsomgeving
waarin duurzame renderende landbouw,
gezond leven, gezonde voeding, hoge
biodiversiteit en een aantrekkelijk
vrijetijdslandschap de kernbegrippen vormen.
De invulling van de hoogwater taakstelling
biedt daarbij de ideale omstandigheid om tot
een duurzame kwaliteitsslag te komen.
5.4.2 Toekomstperspectief: slimme
combinaties
De toekomst van de agrarische sector in het
Maasdal ligt dus bij het op onderscheidende
wijze combineren van verschillende
bedrijfsactiviteiten, waarmee het aloude begrip
‘gemengd bedrijf’ een nieuwe, innovatieve
invulling krijgt:
• Agrarisch: productie van hoogwaardige
streekproducten;
• Toeristisch-recreatief: boerderij als
‘gasthof’;
• Zorgverlening: opvang van volwassenen/
senioren/kinderen met een beperking;
• Beheer en onderhoud: de boer als
rentmeester van natuur en landschap.
Hier ligt een volledig nieuw perspectief: de
boer niet alleen als ‘producent’ van gezond
voedsel maar ook van gastvrijheid, zorg, natuur
en landschap. Een fl exibel ondernemerschap,
gericht op unieke productenmixen en op basis
waarvan een gezonde inkomensbasis wordt
verkregen.
Agrarisch: productie van hoogwaardige
streekproducten
De vraag naar streekeigen, eerlijke en veilige
producten neemt gestaag toe. Mensen willen
gezond leven en vooral ook gezond eten.
Ze zijn zeer betrokken bij de herkomst van
hun voedsel. Het duurzaam produceren
van hoogwaardige, gezonde (bio)producten
voor de lokale -, stads- en euregionale markt
kan daarom lucratief zijn. Een collectief van
bioboeren kan de regionale merkidentiteit van
streekproducten duurzaam vorm en inhoud
geven.
Toeristisch-recreatief: boerderij als gasthof
Er zijn kansen voor de boer of manegehouder
als horeca- en recreatieondernemer. Hij
kan zijn boerderij, zijn ‘hof’, openstellen
voor gasten. Daarbij gaat het vooral om
onderscheidende ‘experience’-concepten,
die inspelen op de behoefte aan nieuwe
kwalitatieve vormen van beleving en
verblijf voor jong en oud op het boerenerf.
De op toerisme en recreatie ingestelde
landbouwbedrijven kunnen, naar het
voorbeeld van het door de LLTB in het leven
geroepen ‘collectief van natuurboeren’, een
collectief van recreatieboeren te vormen.
׉	 7cassandra://QSWR-lpLszy6VysfSAYpAdqfp3YsfVd3Rx-Xc7WOz8s`  c!j!>y׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
81
Zorgverlening: dagopvang van mensen met
een beperking
Tal van aspecten van het boerenleven, zoals
omgang met dieren, werken in de moestuin
en ‘buiten’ zijn, hebben een therapeutisch
eff ect. Vooral mensen met een beperking en
dementerende ouderen hebben er baat bij.
Veel zorgorganisaties exploiteren in eigen
beheer zorgboerderijen. Maar het aantal
zelfstandige zorgboerderijen neemt toe.
Deze zogenaamde zorgboeren realiseren
naast hun gewone agrarische activiteiten
dagopvang, speciaal voor deze groep van
zorgbehoevenden. Daarnaast zijn er steeds
meer boeren actief op het gebied van
(buitenschoolse) kinderopvang.
Boer als rentmeester
De aanduidingen Ecologische
Hoofdstructuur, Provinciale
Ontwikkelingszone Groen, Ecologische
Maascorridor zijn allemaal van toepassing
op (delen van) de Maasdalzone en zijn
welbewust door de Provincie bepaald. Het
beleid daarachter is nadrukkelijk gericht op
behoud van biodiversiteit. Met dat doel wordt
langzaam maar zeker een robuust ecologisch
migratienetwerk gerealiseerd, een systeem dat
garant staat voor ecologische veerkracht.
Ook bij de – tot dusver in het kader van de
noodzakelijke rivierverruiming uitgegeven –
concessies voor ontgrondingen ligt het accent
voornamelijk op natuurontwikkeling.
Voor het Maasdal zijn bovendien
subsidieregelingen van kracht voor het
realiseren van enerzijds ‘nieuwe natuur’ en
anderzijds ‘beheersgebieden’, waar agrariërs
natuur- en landschapsgericht boeren. Zowel
bij ‘nieuwe natuur’ als bij ‘beheersgebieden’
in de uiterwaarden ligt het accent op
herstel van kleinschalige ‘natuurlijke’
cultuurlandschappen als het heggenlandschap
en het kwelbeeklandschap met zijn natte
hooilanden en elzenstrookverkaveling.
Opmerkelijk is dat het merendeel van de
bedreigde soorten die op de Rode Lijst
staan, zijn leefgebied heeft in de kleinschalige
‘natuurlijke’ cultuurlandschappen. Beleidsdoel
is dat het aantal Rode Lijst soorten in 2020
verminderd moet zijn ten opzichte 19942002;
de populatie van Rode Lijst soorten
moet dus weer toenemen. Herstel van dit
soort kleinschalige cultuurlandschappen leidt
daarmee tot behoud en zelfs een toename van
biodiversiteit.
Maar dat niet alleen. Deze feitelijke
herwaardering van het ‘natuurlijke’
cultuurlandschap is meteen ook een
herwaardering van datzelfde landschap
als erfgoedlandschap. Al die kleinschalige
cultuurlandschappen zijn immers
exponenten van de specifi eke eigenheid en
belevingswaarde van de streek.
De stapeling van cultuurlijke en natuurlijke
waarden is voor het begrip kwaliteitslandschap
elementair; ze vormen de grondslag voor de
aantrekkingskracht van het ‘groene hart’.
Natuur- en landschapsontwikkeling en
inherent daaraan beheer en onderhoud zijn dus
cruciaal voor zowel de biodiversiteit als voor de
aantrekkingskracht en belevingswaarde van het
vrijetijdslandschap.
Het is duidelijk dat het ontwikkelen en in
stand houden van een kwaliteitslandschap
de collectieve inzet vraagt van geëngageerde
personen en organisaties. Een aantrekkelijk
en ‘biodivers’ Maasdallandschap kan nooit
vanuit individuele bedrijven gebiedsdekkend
gerealiseerd worden. Om versnippering
te voorkomen en een gelijkgestemde
aanpak te bevorderen is behoefte aan een
overkoepelende strategie. De LLTB, die niet
voor niets de slogan ‘anders durven doen’
voert, wil hierin een centrale rol spelen. Ze
hebben zelfs een collectief van natuurboeren
opgericht.
De boer kan dus een gewaardeerd partner
worden in beheer en onderhoud. Als lid
van het collectief en zelfstandig ondernemer
kan de boer naast zijn primaire activiteit
als voedselproducent een belangrijke taak
vervullen bij het ‘produceren’ van natuur en
landschap.
‘Kwaliteitsmenu’ als fondsengenerator
Naast die collectieve inzet vraagt het
ontwikkelen en in stand houden van het
kwaliteitslandschap geld, veel geld. Het
collectief van natuurboeren kan zijn werk
niet voor niets doen. De revenuen van zijn
natuur- en landschapsgerichte activiteiten
moeten een substantieel en toekomstbestendig
aandeel vormen van het basisinkomen
van de deelnemende natuurboeren.
Doel is immers een rendabele natuur- en
landschapsgerichte bedrijfsvoering, waardoor
zowel bedrijfscontinuïteit als ontwikkeling
en beheer duurzaam gegarandeerd zijn. Niet
alleen de agrariër moet doordrongen zijn van
de meerwaarde van een mooi landschap. Ook
de maatschappij moet het belang ervan inzien
en zich realiseren dat daar een economische
tegenprestatie tegenover moet staan.
׉	 7cassandra://H1zHjHzJRHd7-Lr7Ws07BHry9KVmLnjctaQARoDvOqA`  c!j!>zc!j!>yqבCט   u׉׉	 7cassandra://uuhFHcQGxhhK9Ovk0ypdsmfl7IqbV7Ia-TOZ-hrmMso d` ׉	 7cassandra://sPlJZZ4oZ3VXbC1l_F0MFRbQ9p2gg3gp6qf_BZob6Awf!`׉	 7cassandra://cB2I5uPXBOHTzS1IVMopgqTmUogqLyu1PYeTB7iAeH8h`  ׉	 7cassandra://h_vgbEx-gjYx_1dVOZwEKHb3ek2gbUr_cgSleUUdG1cw3͠c.j!>ט  u׉׉	 7cassandra://0neXHVoOQNfyxjO6JJhT_Z2dYnIjhZm5g2xQNL78TMM ;` ׉	 7cassandra://U3iepMjyPuOB_wVuDPnxOuBVtKKnyNtlAJRv6NrNUIA*g`׉	 7cassandra://ga-GFMKcYsLDIUA60DcKBnGgJEnxCYgiuODJ1hXKZDs`  ׉	 7cassandra://D5yrYbbyL7Eo2OaeD9d2XCnJ_jOeikUgS9j-R7pc2No8[͠c.j!>׉E82 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5.4.3 De agrarische sector en
rivierverruiming
De hoogwatertaakstelling met de daaraan
inherente rivierverruimingsmaatregelen
resulteert hoe dan ook in een ruimteclaim
op de uiterwaarden in het Maasdal. Hoe
we het ook wenden of keren; het gebied
moet stevig op de schop. Het is zaak om de
tussen nu en 2100 noodzakelijke ingrepen
zodanig te kiezen dat ook andere doelen /
belangen worden gediend en het gebied aan
kwaliteit kan winnen. Uitgangspunt van het
Masterplan is te zoeken naar maatregelen,
die dit kwetsbare gebied zoveel mogelijk
in zijn kernkwaliteiten intact laten. Die
kernkwaliteiten zijn uiterst divers: ze zijn van
aardkundige, archeologische, ecologische,
natuur- en cultuurhistorische aard en zijn met
het oog op de complexe gebiedsontwikkeling
van het Maasdal samengebracht in een
integraal pakket van ordeningsprincipes.
Net zo divers is het gebruik van het
Maasdal. Vanuit het perspectief van de
diverse gebruikers zijn uitgangspunten
geformuleerd. Sommige daarvan lijken,
althans in eerste instantie, met elkaar
te confl icteren. Vooral de landbouw, de
hoofdgebruiker van het Maasdal, zal ruimte
moeten inleveren. Vanuit de gangbare
bedrijfsvoering hebben de ondernemers en
de gebruikers in het Maasdal de voorkeur
voor rivierverruimingsmaatregelen die in
of direct langs de rivier plaatsvinden, zoals
zomerbedverbreding. Ook het wegnemen
van dwars op de stroomrichting liggende
obstakels, zoals de landhoofden van
bruggen, zouden vóór alle andere mogelijke
maatregelen moeten worden toegepast. Vanuit
het oogpunt van de traditionele landbouw
is dat logisch want deze maatregelen
hebben strikt genomen het grootste
rivierverruimingseff ect en laten alles bij het
oude.
Maar als met dit type maatregelen veel blijft
zoals het was, valt in feite de basis weg onder
het Masterplan Maasdal. Immers met het
Masterplan zetten regio en Provincie in
op integrale gebiedsontwikkeling, waarbij
het uiterwaardenlandschap hersteld wordt
tot een attractieve en belevenswaardige
kwaliteitsomgeving. Een kwaliteitslandschap
dus, dat fungeert als dé drager van de
regionale ambitie en de zo noodzakelijke
nieuwe economie. Voorwaarde is dus dat
agrariërs hun bedrijf moeten kunnen blijven
uitoefenen.
Eff ecten rivierverruimingsmaatregelen op
de landbouw
Omdat ze de kwetsbare uiterwaarden
ontzien en waar mogelijk herstellen, hebben
verruimings maatregelen die meebewegen
met de geomorfologie van het onderliggende
landschap de voorkeur. Onderstaand
de gevolgen die de eerder omschreven
rivierverruimingsmaatregelen hebben voor
landbouw en landschap:
• Zomerbedverdieping en –verbreding
hebben consequenties, die voor een
deel ongewis zijn. Zomerbedverdieping
heeft al plaatsgevonden in het kader van
Maaswerken. Ook heeft tot tweemaal
toe stuwpeilopzet plaatsgevonden.
Zomerbedverbreding heeft weliswaar
tijdelijk een groot eff ect op de
waterstandsverlaging maar heeft een
aantal nadelige neveneff ecten. In de
eerste plaats vanuit de hydraulica van
de rivier: verzandingen, afkalvingen,
vaargeul binnenvaart enz. Daarnaast
ondermijnt zomerbedverbreding de
kernkwaliteiten van het Maasdal, zowel
aardkundig (verlies karakteristieke en
markante bodemreliëf) als archeologisch
(aantasting van het archeologisch
erfgoed dat overvloedig aanwezig is in
de oeverwallen), maar ook agrarisch
(het verlies van vruchtbare historische
akkergronden). Op verzoek van de LLTB
is beperkte zomerbedverbreding wel
voorzien nabij Mook. Aldus wordt ook
daar aan de vereiste waterstandsverlaging
voldaan.
• Vlaksgewijze weerdverlaging , wat neerkomt
op vergraving en egalisatie van de hogere
gronden, is niet aan de orde vanwege het
verlies van vruchtbare akkers en andere
kernkwaliteiten.
• Het wegnemen van dwars op de
stroomrichting liggende obstakels, zoals
de landhoofden van bruggen, heeft
weliswaar een groot eff ect op de
waterstandsverlaging maar de kosten die
met een dergelijke maatregel gemoeid
zijn, zijn aanzienlijk. Desondanks
wordt in het Masterplan voorgesteld
om het obstakel van het landhoofd bij
Oeff elt weg te nemen en de brug in de
uiterwaarden op pijlers te zetten.
• De meestromende geul wordt als
hoogwatermaatregel in het NoordLimburgse
Maasdal alleen kleinschalig en
beperkt toegepast om zo min mogelijk
gronden te onttrekken aan de landbouw.
• Hoogwatergeulen blijken het minst
׉	 7cassandra://cB2I5uPXBOHTzS1IVMopgqTmUogqLyu1PYeTB7iAeH8h`  c!j!>{׉EGMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
83
ingrijpend te zijn. Meer nog, ze
benadrukken en versterken het
authentieke uiterwaardenlandschap.
Bovendien onttrekken ze naar
verhouding de minste landbouwgronden.
De maatregel behelst een drietal
varianten, dat veelal gecombineerd wordt
toegepast, waarbij het belangrijkste
verschil bestaat in de mate van vernatting
dan wel drooglegging:
o Maatregel ‘blauw’: permanent water;
o Maatregel ‘groen’: (natte)
natuurontwikkeling;
o Maatregel ‘geel’: grasland voor
landbouw.
In het algemeen heeft de sector moeite met
vernatting. Belangrijkste bezwaren zijn de
kortere bewerkings- en beweidingsperiode,
structuurafname (door vertrapping en
insporen van werktuigen), de slechtere
benutting van mineralen (verminderde
stikstofbeschikbaarheid), de lagere kwantiteit
en kwaliteit van de grasproductie en de risico’s
voor diergezondheid. Dat betekent dat bij
vernatting de opbrengst per hectare daalt.
Vandaar dat bij de inrichtingsvoorstellen
(hoofdstuk 6) de maatregel geel (grasland voor
de landbouw) het grootste oppervlak beslaat.
De fl uctuerende grondwaterstand is bepalend
voor de vergravingsdiepte. Bij de maatregel
geel wordt uitgegaan van een minimale
drooglegging van 50 cm onder maaiveld in de
zomer.
Het is overigens niet zo dat alleen de
grondwaterstand onder het maaiveld van
invloed is op het agrarisch gebruik van de
betroff en gronden. Ook door omputten en
omzetten van gronden wordt de natuurlijke
geomorfologie verbroken en ontstaan
slecht doorlatende lagen en verstoorde
grondstructuren - met als gevolg een grotere
kans op vernattingsschade.
׉	 7cassandra://ga-GFMKcYsLDIUA60DcKBnGgJEnxCYgiuODJ1hXKZDs`  c!j!>|c!j!>{qבCט   u׉׉	 7cassandra://nWug2ZQT8lJ9MdNR_aYYxavPrglS6ksAG4Yh14pieWY $` ׉	 7cassandra://lsHtmCP6Wwbb-Yas-1BhfHl7dE69u-ATpsNZ0312yUog`׉	 7cassandra://mEDmhzr8YwjvW4qHGGVNvdULl6TmW2iClf1vRe93CdQg`  ׉	 7cassandra://Om4aymRXFsRIkAzuPz3pOk0jlR8ab52BVqyyFgSPPtg{͠c.j!>ט  u׉׉	 7cassandra://BPbOKu6JHMWOy8w1uhhN1JWydA6SIwJiBMZDIg3kIZs U:`׉	 7cassandra://XcyEuYn_0Ckv_PwxduFc32LjSWhHWN2gLNHEAFp9H5g͓`׉	 7cassandra://fcmOb7dTCPHZSbVptfn_PmTqbomzn7gl8Uy3zmlb9DU,0`  ׉	 7cassandra://lLvEtdECXDZZtgh2upfj_v0t1CXydW2AQXIBIJbwFaQ ͠c.j!>׉E84 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5.5 TOERISME & RECREATIE
Vrijetijdseconomie en professionaliteit
Toerisme & recreatie is voor de regio
van toenemend economisch belang. Het
is een markt die nog steeds groeit. De
sector krijgt dan ook de planologische
ruimte om zich te ontwikkelen tot een
volwaardige vrijetijdseconomie. In het
algemeen wil de overheid daarin sturen,
inspireren en enthousiasmeren maar – zoals
gangbaar binnen de economie – ligt de
dynamiek primair bij de ondernemers. Het
perspectief voor de conjunctuurgevoelige
leisure-sector wordt gefundeerd op die
brancheondernemers, die creatief en
vernieuwend willen inspelen op marktkansen.
De nieuwsbrief van het OSO, Overlegorgaan
van Samenwerkingsverbanden in de
Openluchtrecreatie, bepleit dat met name de
recreatieschappen ondernemender moeten
worden (OSO-info 16, november 2011).
Omdat de Rijksoverheid zich steeds verder
terugtrekt uit openluchtrecreatie, zal de sector
voor een rendabele exploitatie samenwerking
moeten zoeken met marktpartijen en
waar mogelijk zien te participeren in
gebiedsgerichte projecten van provincie en
gemeenten. Interessant hierbij is dat het
Rijk zich nog wel bemoeit met structurele
ontwikkelingen op het gebied van natuur en
biodiversiteit: ‘En daar ligt een mooi raakvlak
met openluchtrecreatie.’
Er wordt gepleit voor een proactieve
verbinding tussen economie en natuur.
In het algemeen wordt gesteld dat de
recreatieschappen moeten investeren in
groene ruimte en biodiversiteit en daarmee
in de eigen business. Daarbij wordt samen
opgetrokken met STIRR, de Stichting
Innovatie Recreatie en Ruimte. De STIRR is
een initiatief van een aantal vooruitstrevende
recreatieondernemers en fungeert als aanjager
van initiatieven op het snijvlak van recreatie
en ruimte. De ambitie is recreatie en toerisme
tot een gewaardeerde partner te maken bij
gebiedsontwikkeling met als imago: krachtig,
eigentijds en belangrijk voor de samenleving.
Dat doet zij door innovaties in de praktijk te
ondersteunen en stimuleren met onder meer
zogenaamde ‘Green Deals’.
Er is dus een ingrijpende sectorbrede
kwaliteitslag nodig. Daartoe is – meer
dan ooit – behoefte aan effi ciënte
samenwerking en professionalisering binnen
de regionale toeristische sector. Onderlinge
samenwerkingsverbanden binnen de sector
dienen te worden aangehaald. Het is van het
groot belang eensgezind de ambities bij te
stellen. Het is zaak om toekomstgericht en
kordaat in te zetten op duurzaamheid, een
eenduidige regio-identiteit en onderscheidend
vermogen. Brancheorganisaties zullen
projectorganisaties moeten worden; waarbij
wordt gereorganiseerd op concrete haalbare
doelen, daadkracht en doortastendheid.
Planologische onderbouwing
vrijetijdslandschap
Het is de bedoeling dat de samenwerkende
gemeenten nadrukkelijker inspireren en
stimuleren, maar vooral faciliteren. De
gemeenten doen dat vanuit een regionaal
perspectief. Ze zullen werken aan een
laagdrempeliger planologie en verkorte
procedures.
Kwaliteitsslag begint op internet
De markt groeit, maar de eff ectieve vraag
is fundamenteel aan het veranderen.
Toeristen zijn zelfbewust, kritisch en zeer
kwaliteitsbewust. Ze zijn ervaren in het reizen
en nemen zelf de regie bij de selectie van
reisdoel en arrangement. Mensen bepalen
hun keuze via internet; daar kunnen ze ook
het hele aanbod eenvoudig vergelijken. Als
ze naar de regio komen, hebben ze vooraf
al welbewust gekozen voor landelijkheid
en de onderscheidende kernkwaliteiten
van landschap en toeristisch-recreatieve
attractiewaarde.
Toeristen willen behandeld worden als
welkome gasten; gastvrijheid dient hoog
in het vaandel te staan. Potentiële nieuwe
gasten beslissen over hun bestemming op
basis van reviews op internet. Het is dus zaak
het toeristisch-recreatieve aanbod van de
regio op internet uitgebreid te presenteren.
Daarnaast moet ook de ‘Gastvrijheidsacademie’
die Noord-Limburg wil oprichten, snel
operationeel worden.
Sector verrijken met diversiteit en kwaliteit
De zelfbewuste toerist zal als consument
uiteindelijk bepalen welke toeristisch
recreatieve producten kansrijk zijn en
aldus voor een belangrijk deel de richting
bepalen waarin de sector zich ontwikkelt.
Zoals het zich nu laat aanzien, is er een
toenemende sympathie voor bijzondere,
creatieve, duurzame toeristisch-recreatieve
voorzieningen (winkels, horeca, logementen
en andere verblijfaccommodaties met een
unieke belevingswaarde). Onderscheidende
initiatieven – ongeacht hun schaal of
omvang – zouden altijd gestimuleerd en
׉	 7cassandra://mEDmhzr8YwjvW4qHGGVNvdULl6TmW2iClf1vRe93CdQg`  c!j!>}׉E׉	 7cassandra://fcmOb7dTCPHZSbVptfn_PmTqbomzn7gl8Uy3zmlb9DU,0`  c!j!>~c!j!>}qבCט   u׉׉	 7cassandra://vAaZXbSAZjIaJZRzchwoGTLT__mhiy3X-I4aZoTqrC4 ` ׉	 7cassandra://kpqQTRwmltVIm1Y9xvycvcMJXELtaamZD8Cean27LJ8g`׉	 7cassandra://jcYiwan3eTFI0T0nHMLC1YlxT00Lv2yq5gV8enpp25E`  ׉	 7cassandra://ZS7hKIl3pVbNz2DPn1XpRV2cAtYi4JJX-9kOvcnL_O0q͠c/j!>ט  u׉׉	 7cassandra://VZLIAJwiEZdJ2WCu-ga53QAbvuYxC5TAsfhgXPfnGuY ` ׉	 7cassandra://VhsEISjyjvF9q_RrEWns1nltDNPls3s6A472H331EXkl`׉	 7cassandra://53s7BtgzzoPX-56OpxIKKrNCpLTDsp-GfYCo1G2h6QQ`  ׉	 7cassandra://R3a24SO5RPub4zY3kxIAXIdmEyfetJp4P4XQMLtjjSIe͠c/j!>׉E86 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
gefaciliteerd moeten worden omdat ze de
sector vernieuwen en verrijken. Toegevoegde
waarde is daarbij een essentieel criterium.
Uitgangspunt zou moeten zijn dat alle
vooruitstrevende, innovatieve, ‘sustainable’
initiatieven kunnen rekenen op een coulante
overheid, die uitgaat van een gelijkwaardige
behandeling en een laagdrempelige
regelgeving.
Strategische allianties
Alom leeft het besef dat toerisme sterk kan
bijdragen aan de vitaliteit van het landelijk
gebied. En om ons heen is men al behoorlijk
actief met ontwikkelprogramma’s. Om zich
te kunnen handhaven zullen de tot dus
ver traditionele toeristische ondernemers
zich fl exibel moeten gaan opstellen en hun
bedrijven gaan vernieuwen en specialiseren.
Unieke productcombinaties ontstaan in
de landelijke Regio Maasduinen door
strategische allianties te sluiten met bedrijven
en instellingen uit de sectoren landbouw, zorg
en wonen.
Met een multifunctionele aanpak kan de
regio zich onderscheiden en zich een krachtig
toeristisch imago aanmeten. Rondom
thema’s als ‘landelijk wonen’, ‘gezond
leven’, ‘eerlijk voedsel’ en ‘natuurbeleving’
kunnen verrassende productenmixen en
arrangementen worden samengesteld.
Het veelzijdige, maar verstilde landschap
vormt hier de hechtingsstructuur én het
ruimtelijk decor. Het landschap krijgt
aldus een sleutelpositie, namelijk die van
‘vrijetijdslandschap’ en ‘belevingslandschap’.
Een goede omgevingskwaliteit is de
basisvoorwaarde voor een bloeiende toeristische
en recreatieve sector en de grondslag voor
kwaliteitsverbetering van het toeristisch product.
Ze is de representatieve ‘gastenkamer’ van de
regio en zodoende van sectoraal belang om
het authentieke Noord-Limburgse landschap
doelgericht te verbeteren en te ontsluiten voor
het (stedelijk) publiek.
Maasvallei
Dit Masterplan zoomt in op het Maasdal aan
de Noord-Limburgse kant van de Maasvallei.
De Maasvallei ontvouwt zich aan beide
zijden van de Maas en omvat het complete
historische stroombed (zomer- en winterbed)
van de rivier. Zo ligt de noordelijke Maasvallei
– met zijn typerende terrassenlandschap –
ruwweg tussen Peelzoom aan Brabantse zijde,
en de stuwwal bij Mook en het Rijnplateau
aan Limburgse kant.
Voor de ontwikkeling van de Maasvallei
wordt al samengewerkt met Brabant. Het
is de bedoeling dat ook in het kader van de
Hoogwatertaakstelling 2050/2100 wordt
samengewerkt.
In dat licht bezien zou het logisch zijn om
een stap verder te gaan en ook de integrale
gebiedsontwikkeling – die net als in NoordLimburg
gestalte krijgt in samenhang met de
rivierverruiming – gezamenlijk op te pakken.
Groen hart van urbane ring
Vooral het luwtegebied van Maasdal en
Maasduinen heeft een hoge potentie. Ze
vormt het groene hart van de urbane ring,
bestaande uit het KAN-gebied, het Duitse
Ruhrgebied, Den Bosch en Eindhoven en
Venlo. Gezien de vanouds intensieve relaties
met het dichtbevolkte Nordrhein-Westfalen
ligt juist daar een grote marktpotentie.
Voor de stedeling is onze regio het ideale
vrijetijdslandschap en belevingslandschap.
Hier kan hij zijn hectische bestaan in de
stad afwisselen met het rustige, ontspannen
leven op het land (‘slow life’). Hier kan
hij onthaasten en zich ontspannen. En de
gestresste en zorgbehoeftige stadsmens kan
hier recupereren, of zoals men in Duitsland
zegt ‘sich erholen’: weer op krachten komen.
Ondernemers actief op het gebied van
toerisme, recreatie en horeca kunnen daar
gepast op inspelen.
Eenheid in verscheidenheid
Het is nadrukkelijk de bedoeling om de
regio – dus zowel Maasdal en stuwwal
als Maasduinen – eenduidig en als een
samenhangende eenheid te ontwikkelen en
te promoten. Echter, binnen het langgerekte
plangebied van het Maasdal zijn oorden te
ontdekken met onderling zeer verschillende
karakteristieken en kwaliteiten. In samenhang
met de naburige hogere gronden zijn de
onderlinge verschillen vaak nog groter.
In de streefbeelden – zoals uitgewerkt in
deelplannen in hoofdstuk 6 – vormen
verscheidenheid, unieke karakteristieken en
gave ensembles dankbare uitgangspunten voor
duurzame ontwikkeling van locaties. Nieuwe
ontwikkelingen worden dus bij voorkeur
geënt op historische structuren, maar ook de
instandhouding en het herstel van het rijke
erfgoed – zowel cultuur- als natuurhistorisch
– heeft de volle aandacht.
Water als drager voor ontwikkeling
Het Maasdal functioneert – met enige
regelmaat en vooral in de winter – als
stroombedding. Daarom zijn vanouds
de functies in het Maasdal principieel
׉	 7cassandra://jcYiwan3eTFI0T0nHMLC1YlxT00Lv2yq5gV8enpp25E`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 87
watergerelateerd. Ook in het scenario voor
de toekomst wordt overwegend ingezet
op watergerelateerde ontwikkelingen. De
plannen houden tenminste rekening met
de hoogwatersituatie en veiligheid, maar
kenmerkend voor de ontwikkellocaties zijn
de creatieve functiecombinaties die primair
gefundeerd zijn op watergebruik en de
meerwaarden die water kan hebben op de
kwaliteitsomgeving.
De Maas en in het bijzonder de in het
kader van de rivierverruiming nieuw te
graven meestromende geulen en plassen in
het winterbed bieden bijna onbegrensde
en onvermoede mogelijkheden voor
watertoerisme en –recreatie: jachthavens,
drijvende vakantie-lodges of woonboten,
natuurstrandjes, paviljoens, watersport en
outdoor-centra. Daarbij is het cruciaal dat
de oerfunctie van de rivier als ‘verbindende
waterweg’ weer meer betekenis krijgt. In de
nabije toekomst zullen alle highlights in de
vallei (Maasdal en achterland) vanaf de Maas
toegankelijk zijn via land-waterknooppunten:
gastvrije kades met Maashaltes en veerstoepen.
Toeristen kunnen van plek naar plek de rivier
bevaren met een toerboot of rondvaartboot.
Watertaxi’s zoals de MaasHopper en (nieuwe)
fi ets-/voetveren zullen frequenter pendelen en
routes verbinden.
De dorpen pal aan de rivier en het stadje
Gennep richten zich zoals vanouds weer
functioneel en ruimtelijk op de Maas. Daarbij
is het van belang dat zo’n ‘riviergericht dorp’
vanaf de Maas een attractieve en uitnodigende
zichtlocatie wordt. Het algehele rivierfront
wordt opgeknapt en gerevitaliseerd, waarbij
de eigen identiteit van het dorp wordt
geaccentueerd. Eén groot voordeel hebben
rivierdorpen aan de Limburgse zijde al:
ze liggen lekker aan de zonzijde. Boten
van bezoekers worden afgemeerd aan de
kademuur van een kleinschalig vriendelijk
‘ontvangstplein’, een levendige kade met
horeca en terrassen biedt toegang tot de
bezienswaardige ontspannen kern van het
rivierdorp.
’Maasdalroute’ is hartlijn nieuwe
toeristische infrastructuur
In de uiterwaarden van het Maasdal – ook
wel ‘voorland’ genoemd – ligt parallel aan de
hoofdgeul een lineair stelsel van laaggelegen
langgerekte nevengeulen en hoger gelegen
langgerekte ruggen. Op deze ruggen in het
dal liggen sinds mensenheugenis enkele
kleinschalige rivierdorpen en de oude bolle
akkers. Vanwege de hoogwaters zijn deze
rivierdorpen nauwelijks uitgebreid en nog zeer
authentiek en pittoresk. De landwegen zijn
sinds lang vooral dienstbaar aan de landbouw;
ze volgen de hoge ruggen en daarmee de
rivier. Vandaar dat deze landwegen meer en
meer in zwang raken als toeristische routes.
Ze volgen de rivier met haar panoramische
vergezichten en brengen je min of meer
vanzelf in de historische rivierdorpen.
In de uiterwaarden echter zijn de landwegen
opgehangen aan de nederzettingen op het
hoge en droge achterland en daarmee niet
doorgaand. Ook zijn er in het Maasdal de
laatste vijftig jaren door vergravingen (havens,
plassen, landhoofden van bruggen) en nieuwe
bebouwingen (industrieel overslagterrein)
dwars op het lineaire uiterwaardensysteem
blokkades en barrières opgeworpen die de
continuïteit verstoren. In het Masterplan
worden oplossingen aangedragen om deze
blokkades en barrières zo snel mogelijk weg
te nemen dan wel te omzeilen. Een continu
lineair stelsel van de riviervolgende landwegen
is elementair voor de toeristische ontwikkeling
en publieke ontsluiting van het langwerpige
Maasdal. Het verbeterde, samenhangende en
doorgaande stelsel van landwegen noemen we
‘Maasdalroute’.
De Maasdalroute is de toeristische hartlijn, de
lengteas die bestaande centra, accommodaties,
voorzieningen en overige attracties en
belevingswaardigheden verbindt of kruist en
waaraan nieuwe ontwikkelingen zich hechten.
Tevens is de Maasdalroute een interessante
cultuur- én natuurroute die op een
thematische en educatieve wijze erfgoedparels
en natuurparels ontsluit. Met de Maasdalroute
worden feitelijk de afzonderlijke parels tot een
schitterend snoer geregen.
Eerst in samenhang met de rivier als
verbindende waterweg komt de Maasdalroute
volledig tot zijn recht. Een reeks van landwaterknooppunten
maakt het mogelijk om
afwisselend over water of land de Maasvallei te
verkennen.
De landwegen in het Maasdal waar tot
dusver over gesproken is, zijn goed verharde
wegen maar tot op de dag van vandaag
autoluw – ze worden voornamelijk gebruikt
door landbouwverkeer en relaxte fi etsers en
wandelaars – en dat moet ook in toekomst
zo blijven. Maar als Maasdalroute een feit
is, zullen de landwegen snel in populariteit
toenemen bij fi etsers en wandelaars. Om
de dominantie van de auto te breken,
worden daarom op regelmatige afstand
sluizen opgenomen in route die voor
landbouwverkeer en paardenwagen passerbaar
zijn maar niet voor personenauto’s.
׉	 7cassandra://53s7BtgzzoPX-56OpxIKKrNCpLTDsp-GfYCo1G2h6QQ`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://wA7g_onnK9HwmLC3b8sQYAdNsA4YweDzN7FJHsyEsSM S` ׉	 7cassandra://fnw4cDzEW144DRlx-L8F8QboOnMr6JrHfBENTmezQQwVS`׉	 7cassandra://sMVWld03wR-BRjiahyZuDYRnItfBH-P8-jRL1icaz4k`  ׉	 7cassandra://QJ0J979YCd5GPjzuA2YXwQ1wvtddOuM7oX9a70gy7aQns͠c/j!>ט  u׉׉	 7cassandra://npnZQVtT17GeLjn4Man0J2M9CSU1WiXKH-nBHz3TYD0 `׉	 7cassandra://BYfWG_Hdpw1lRFDP2mjLwlfzY2TqW2kWAN-c6RZ0chkS`׉	 7cassandra://rOo-4C84vRwVNrwGtElyzi43s3eyRWQL5GIBz9yPS-8`  ׉	 7cassandra://ufeLogrip-8SnUTUKLCOlYM7SoHq9EvL43VRzTMJ6wU 6͠c/j!>׉EQ88 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Maasstruin- en Maasruiterpad
Ten slotte willen we in het Masterplan
inzetten op een tweetal, het Maasdal
volgende doorgaande onverharde paden.
Het eerste pad is een of Maasstruinpad, een
langeafstandswandelpad van Rotterdam
naar Maastricht en wellicht nog verder. Het
tweede is een Maasruiterpad direct langs
de rivier, vergelijkbaar met de oude lijn- of
jaagpaden. Het doorgaande ruiterpad wordt
op regelmatige afstand gefaciliteerd door
een manege met herberg waar ruiter en
paard kunnen rusten en overnachten. Het
Maasruiterpad kan aansluiten op bestaande
Euregio-ruiterpaden.
Voorland en achterland verbonden
Het ‘voorland’ is de uiterwaardenzone van
het Maasdal. Het ‘achterland’ begint in wezen
bij de steilrand naar het aangrenzende hoger
gelegen terrasniveau; hier liggen hoog en
droog de hoofdfuncties van de regio. Het
Maasdal volgend ligt op de rand van dit terras
de N271, de regionale hoofdweg van noord
naar zuid en visa versa. De N271 verbindt
de belangrijkste bebouwingskernen. Allemaal
dorpen die zijn gesticht op het aangrenzende,
hoger gelegen terrasniveau – en veelal direct
gelegen zijn aan een beek. Elk dorp heeft
vanouds zijn eigen toegangsweg naar de
veerplaats – waar men de rivier kon oversteken
– en een laad- en loswal. Men onderhield
goede relaties met de overburen aan Maas; en
de overgeslagen goederen en soms ook dieren
kwamen van en/of gingen naar het Duitsland.
Er bestonden verbindingwegen over de
stuwwal naar Kleve en onderlangs diezelfde
stuwwal naar Kessel en Goch. Verder naar het
zuiden – richting Weeze, Kevelaer, Twisteden,
Walbeck, Geldern – voerden de verbindingen
dwars door de ruige duin- en veengronden.
Ook trok de op zes kilometer van de grens
gelegen bedevaartsplaats Kevelaer (sinds 1642)
veel pelgrims uit Brabant. Deze historische
dwarsverbindingen zijn nog grotendeels
in takt. Ze kennen veelal geen intensief
autoverkeer en zijn zodoende uitermate
geschikt als toeristische en recreatieve
fi etsroutes die Brabant Limburg en Duitsland
in serie schakelen. Via deze ‘BLD-routes’
kan het Duitse achterland verkend worden;
tegelijk wordt met deze routes omgekeerd ook
de Regio Maasduinen toegankelijk gemaakt
en ontsloten voor de Duitse gasten. Daarbij
verdient de inrichting van de routes met name
bij de grensovergangen en met betrekking
tot de continuïteit in en vanuit Duitsland de
aandacht.
Toeristische ontwikkeling historische
rivierdorpen planologisch sturen
Het is verstandig om specifi ek voor de
historische rivierdorpen Well, Aijen,
oud Bergen en Mook (min of meer
naar het voorbeeld van Arcen) een
toeristisch ontwikkelingsplan (TOP) met
uitvoeringsgerichte projectvoorstellen op te
stellen; dit in samenwerking met plaatselijke
ondernemers en belangrijke spelers uit
toeristische sector. Een dergelijke TOP zal
zich primair richten op het versterken van
de ‘couleur locale’. Het TOP is ook een
erfgoedplan en beeldkwaliteitplan; het geeft
praktische richtlijnen voor het structureel
opknappen van het cultuurhistorisch
erfgoed als gaaf ensemble. Bovendien maakt
het concreet hoe – op een respectvolle
kleinschalige wijze – het erfgoedensemble
creatief benut kan worden. Speciale
aandacht gaat uit naar een regelluw beleid,
dat ondernemers en burgers concreet
stuurt en faciliteert bij hun initiatieven om
accommodaties en voorzieningen te realiseren,
vooral die welke gericht zijn op meerdaags
verblijf.
Verder wordt gedacht aan allerlei kleinschalige
attracties, “oude ambachten”, musea,
(souvenir)winkeltjes enzovoort, die de
aantrekkingskracht van een dorp voor
vakantiegangers, dagjesmensen én de eigen
inwoners verhogen.
׉	 7cassandra://sMVWld03wR-BRjiahyZuDYRnItfBH-P8-jRL1icaz4k`  c!j!>׉E `MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 89
De dijk bij Middelaar, straks onderdeel van de Maasdalroute
׉	 7cassandra://rOo-4C84vRwVNrwGtElyzi43s3eyRWQL5GIBz9yPS-8`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://J33QvGzloNClGKqUO0hb0X_xbwla__2Ntl-uH-ga2K8 G` ׉	 7cassandra://qOMyfz5X5rzBxOqeNhamhVjYuRuG5ABpoX4_9MqVAEQJ`׉	 7cassandra://WmvR49XKL2SI6xSCfckgUNyADyjaMGHyfg4N4k1Ww44N`  ׉	 7cassandra://_dRtFyAACYWz2LWSotTrAXMVNvjJFdRejFWL3GKyscYYF͠c/j!>ט  u׉׉	 7cassandra://ZXSI84I3P_SSdKPHSz7QWct8C089t8L4f2Zqbcy_yQs `׉	 7cassandra://738RQkJYxtDmUGUUN86HsmLoMjgEHvHqJ_55lrV_yG8e8`׉	 7cassandra://amrf3E4QOZsOgc4PNrqRZ4HcE6i80DbptE3dEvyV0Yw `  ׉	 7cassandra://ZJjl9STZINlj5bDSsv92F9HhHjROji2VQXfbJjjejrI ͠c/j!>׉E90 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5.6 ZORG
Zoals we eerder al vaststelden is onze
overwegend groene, landelijke streek al
sinds de tweede helft van de 19e
eeuw in
trek als zorgregio. Maar sindsdien is de
zorgvraag ingrijpend veranderd en verbreed.
Die zorgvraag heeft al lang niet meer alleen
betrekking op mensen die langdurig en
intramuraal verzorgd moeten worden.
Onder invloed van allerlei trends en sociaalmaatschappelijke
ontwikkelingen zijn aan die
traditionele doelgroep nieuwe doelgroepen
toegevoegd, elk met zijn specifi eke wensen en
eisen.
Verschillende groepen, die samen een groot
deel van de bevolking vertegenwoordigen, zijn
vanuit het oogpunt van gebiedsontwikkeling
interessant:
• De ‘erholung’ zoekende stedeling : het betreft
hier de gestresste stadsmens die bewust
leeft en naar zelfzorg streeft. Hij zoekt
in het groene landschap een ‘healing
environment’ (‘helende omgeving’) waar
hij kan recupereren. Zijn activiteiten
richten zich op het behouden van
een gezonde geest en een gezond lijf.
Lokale bedrijven kunnen producten en
arrangementen aanbieden op het gebied
van spiritualiteit en esoterie, sportief
bewegen, gezond eten en allerlei vormen
van wellness en beauty, geïnspireerd op
het klassieke Kurort-concept.
• De vitale senioren : het gaat hier
om een grote en groeiende groep
vijftigplussers die op zoek zijn naar
rust, comfort, veiligheid en zekerheid
van zorg, en daarbij graag zelf de regie
houden. Ze vinden die in exclusieve
vakantieaccommodaties en (semi)
permanente woonvormen met op
hun behoeften afgestemde recreatieve
voorzieningen (golf, jachthaven) – bij
voorkeur in een landelijke, pittoreske
omgeving. Langer zelfstandig wonen
komt steeds meer binnen bereik
dankzij de inzet van allerlei domotische
zorgsystemen (zorgdomotica).
• De families-met-zorgbehoevende(n):
deze eveneens groeiende groep wil,
nadrukkelijk samen met dierbaren die
specifi eke zorg nodig hebben, op vakantie
of met enige regelmaat een weekendje
weg uit de dagelijkse omgeving. Dit
vraagt om aangepaste accommodaties
met professionele zorg al dan niet in
samenwerking met zorgorganisaties.
Denk aan de zogenaamde ‘herstelhotels’
met speciale verblijfsaccommodatie voor
familie en andere naasten, vergelijkbaar
met het Ronald McDonald huis.
Deze veranderingen vragen letterlijk om
een innovatief zorglandschap, waarbij het
onderscheidend vermogen gezocht in bijzondere
combinaties van zorg, recreatie en landelijk
wonen, zoals comfortabele resorts, intieme
gastenhuizen en toegewijde zorgboerderijen.
Daarbij kan het gaan om tijdelijke (vakantie)
bestemmingen maar ook om (semi-)
permanente oorden en parken.
Belangrijk is dat zorg niet geïsoleerd wordt
geboden, maar wordt gecombineerd met
en bij voorkeur geïntegreerd in gangbare
kernactiviteiten op het gebied van toerisme &
recreatie, wonen en landbouw.
Om die reden wordt ‘Zorg’ bij de
gebiedsontwikkeling van het Maasdal
gezien als integraal thema. Dat komt tot
uitdrukking in die visieparagrafen, waar zorg
een belangrijk onderwerp is bij de diverse
integrale ontwikkelconcepten.
׉	 7cassandra://WmvR49XKL2SI6xSCfckgUNyADyjaMGHyfg4N4k1Ww44N`  c!j!>׉E $MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
91
׉	 7cassandra://amrf3E4QOZsOgc4PNrqRZ4HcE6i80DbptE3dEvyV0Yw `  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://sSwiCSVumBeqmGp49hi75-pqXIlCAa7VPyXeb9W4c0c ]\`׉	 7cassandra://P_bZKrwKsAOjn5rsu0_ANh1pxxg0-yEaeL1Bwy6YKYok`׉	 7cassandra://F7y18fCOaL-w18KUwoe1fdSo37dSqoHY5a1CheQZZu0`  ׉	 7cassandra://g5N6LGe08m2APxXvvIt7JHBOQJtbkoAu0WePtc3xDLI 	͠c/j!>ט  u׉׉	 7cassandra://QAMVi3XotUCngkFIml9-t_WXh4duhF5Mgig00jq5uKc &u` ׉	 7cassandra://c_Q1vwkj5zlzLb36N1XFLv8-JYz2LpFrRKnnKUMZMCsG`׉	 7cassandra://qNuk1wMBpPA9URuwNYFy1TNzapT3W7r_3zAEa9-W8uw%`  ׉	 7cassandra://piAHMN1QlQtuLIyhO3CWtH8o1N-sx0VCZDuE_qo_YFgiC͠c/j!>׉E92 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
5.7 WONEN
Summum van exclusiviteit
Wonen in het Maasdal is in feite een
privilege. Het is een omgeving waarvan de
gemiddelde toerist verzucht: ‘Hiér zou ik
willen wonen!’ Wat het zo exclusief maakt?
De landelijkheid, de rust, de prachtige natuur,
de weidse vergezichten en natuurlijk de
Maas die traag door zijn brede vallei naar zee
stroomt. En het summum van exclusiviteit
is natuurlijk wonen in een van die pittoreske
historische rivierdorpen en buurtschappen;
zoals Mook, Heukelom, oud Bergen, Aijen
en Well. Met name die drie laatste hebben
door hun geïsoleerde ligging in het stroomdal
van de rivier hun authenticiteit grotendeels
behouden. Er heeft – ook in de laatste vijftig
jaar – nauwelijks nieuwbouw plaatsgevonden.
Maar ook buiten deze dorpen zijn er
bijzondere woonplekken. Neem de markante
steilrand van het Late Dryas terras ten westen
van de N271; daar te kunnen wonen met
panoramisch uitzicht over het dal lijkt een
exclusief voorrecht.
Het ‘sublieme’ wonen
De Regiovisie pleit voor investeren in
exclusieve woonprogramma’s. Onbedoeld
kleeft er iets elitairs aan het begrip
exclusiviteit. ‘Exclusief’ heeft namelijk de
connotatie van ‘uitsluitend voorbehouden
aan een kleine elite’. Dat is nadrukkelijk
niet de bedoeling, we willen namelijk dat
zoveel mogelijk mensen kunnen genieten
van landelijk wonen – al is het maar tijdelijk.
Vandaar dat we, waar het gaat om nieuwe
woonvormen liever spreken van ‘het sublieme
wonen’.
Nieuwe landelijke wooncomplexen die het
predicaat ‘subliem’ verdienen, zijn eerst
en vooral woonvormen die permanent en
tijdelijk wonen op een creatieve wijze weten
te combineren. Uitgangspunt is dat nieuwe
ontwikkelingen primair bedoeld zijn voor
publiek en collectief gebruik en dus minder
voor elitair individueel gebruik.
‘Living on the edge’
Verspreid over het Maasdal vinden we met
name op de landschappelijke randen van het
Late Dryas terras grotere en kleinere zones
die zich lenen voor vormen van subliem
wonen. Hier, in het decor van een langzaam,
natuurlijk en romantisch landschap liggen
bijzondere wooncomplexen op grote kavels
– met aan de lage kant een overweldigend
panoramisch uitzicht op de uiterwaarden
en het open water, en aan de hoge kant
uitgestrekte bossen en rivierduinen. De
condities zijn zodanig dat er enerzijds
ruimte is voor het opwaarderen van de
bestaande gebouwenclusters (van origine
meest boerenerven), zowel esthetisch als
functioneel. Anderzijds zijn er mogelijkheden
om nieuwe clusters te realiseren, mits het
open, intermitterende karakter met de fraaie
doorzichten vanaf de N271 naar de Maas –
letterlijk – ruim gerespecteerd wordt.
Meebewegen met het water
Een belangrijke voorwaarde voor
bouwvolumes in het Maasdal is dat de
Waterwonen, tekening W.P.P. Kol architect
׉	 7cassandra://F7y18fCOaL-w18KUwoe1fdSo37dSqoHY5a1CheQZZu0`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
93
maatregelen die daarbij worden ingezet,
bieden geweldige kansen voor subliem
‘waterwonen’. Op diverse locaties zullen
nieuwe plassen ontstaan waar ontwikkelingen
op het gebied van waterwonen hun beslag
zullen krijgen. Diverse typologieën zijn
mogelijk: drijvende eilanden, drijvende
solitaire woningen en woonboten. Mogelijke
ontwikkellocaties voor drijvend wonen vinden
we in de Mooker Voorhaven (deelplan 1) en
de Bergerplas (deelplan 10).
En ook hier bestaat de mogelijkheid
om woon-, zorg- en vakantiefuncties op
innovatieve wijze te combineren.
Keurmerk ‘Excellent Wonen’
De essentie van nieuw te realiseren
woonprogramma’s in het buitengebied
is, dat slimme combinaties van woon-,
zorg- en toeristische functies voortaan van
overheidswege worden gestimuleerd. Wonen
is voortaan meer dan wonen alleen, het heeft
ook een zorgdimensie en een toeristischrecreatieve
dimensie.
Op deze manier kan een scala van innovatieve
woon- en vakantiemilieus ontstaan voor een
brede, gediff erentieerde doelgroep waarmee
de regio kan anticiperen op maatschappelijke
tendensen en ontwikkelingen, die zich – ook
internationaal – steeds duidelijker aftekenen.
De meest pregnante evolutie is de
verdergaande vergrijzing, die resulteert in
een groeiende groep van redelijk vermogende
senioren en pensioengerechtigden. Deze
senioren zijn mensen die tot op steeds hogere
leeftijd zelfstandig maar wel comfortabel en
veilig willen wonen. Verder willen ze indien
noodzakelijk verzekerd zijn van deskundige
zorg. Dat kan dankzij nieuwe zorgdomoticatechnieken
en (thuis)zorgdiensten in of
vlakbij het wooncomplex. In het warmere
Zuid-Europa overwinteren senioren in
resorts, landgoederen en vakantieparken.
Verblijfsmilieus met mengvormen en crossovers
van wonen, zorg en recreatieve functies
zoals zwembad, golfbaan en dergelijke, zijn
daar dan ook heel gewoon.
Zo kunnen senioren ook in Noord-Limburg
permanent en al dan niet begeleid wonen
in ‘thematische’ vakantieparken (met
accent op watersport, golf, paardensport);
en kunnen mensen met een beperking en
andere zorgbehoevenden op vakantie in
comfortabele landelijke wooncomplexen met
een hotelmatige service en een ambulante
zorgfunctie.
Dergelijke ontwikkellocaties vormen de
bouwstenen van een nieuw gevarieerd en
gediff erentieerd marktprofi el waarmee de regio
zich nadrukkelijk kan onderscheiden.
Woonvormen die erin slagen dit
onderscheidende principe op een voorbeeldige
wijze te realiseren, zouden een keurmerk
‘Excellent Wonen’ kunnen krijgen. Daarmee
kunnen ondernemers zich succesvol
profi leren.
Er is ook ruimte voor nieuwe vakantieparken
met een ‘excellent-wonen’-status. Dit zijn
hoog gekwalifi ceerde duurzame, eco-effi ciënte
vakantieparken, die ook tot voorbeeld
dienen voor de upgrading van het bestaande
arsenaal aan campings en vakantieparken in
de regio. Kenmerkend is de ruim opgezette,
landschappelijke uitleg met meer streekeigen
groen. Ook voor hen ligt dat keurmerk in het
verschiet.
׉	 7cassandra://qNuk1wMBpPA9URuwNYFy1TNzapT3W7r_3zAEa9-W8uw%`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://IFS1Cc5irE5FQbRTXVwkEas4zdzCZ_6SnzASCWeEi_I `׉	 7cassandra://nFvoXDEyGQqMNTUHk7W1VeA2ZllyyH4uYRIlwe5GSTAL`׉	 7cassandra://_ixerofZs5NnbkFZt9MV9XWC7idELpuRipeTvSauCgY`  ׉	 7cassandra://02z_pRupWqMfMt23aENUTpm-XuGcNrRlZipOn4yoyf4 RiX͠c0j!>ט  u׉׉	 7cassandra://Mr7Zx2nB7Pe4IpvBSpJ41KWYo9hdrNzuTw3-UKTe9Fs 3`׉	 7cassandra://dYum0HR54hgRBKxd7ar9-qncECBtHoFQnWiVKF70f3sg`׉	 7cassandra://ZaoOiQQr8tS8PbhVdW8fnFV8mF1Odd-FjR0I-st7Xp86`  ׉	 7cassandra://mqCwAhcJPnI5n13_1vd1fL2-vNHe-X_qntXDm5MYRGw v͠c0j!>׉E 9De Maas bij Cuijk met zicht op de Sint Jansberg bij Mook
׉	 7cassandra://_ixerofZs5NnbkFZt9MV9XWC7idELpuRipeTvSauCgY`  c!j!>׉E
6
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
95
DEELPLANNEN EN
KADERPROGRAMMA
6.1 TOTSTANDKOMING VAN DE DEELPLANNEN
Uitwerking conform uitgangspunten en ordeningsprincipes
De belangen van de diverse gebruikersgroepen van het Maasdal zijn vertaald in ‘uitgangspunten
voor ontwikkeling’. De kernkwaliteiten van het landschap en de randvoorwaarden voor
rivierverruiming zijn interdisciplinair afgewogen en vertaald in ‘integrale ordeningsprincipes’.
Op basis van de ‘uitgangspunten voor ontwikkeling’ en de ‘integrale ordeningsprincipes’ zijn
ontwikkelingsmogelijkheden met een reëel perspectief op nieuwe economie geïdentifi ceerd en
samengebracht. Deze voorselectie van ontwikkelingsmogelijkheden is op interactieve wijze tot
stand gekomen met de stakeholders tijdens diverse stakeholdersbijeenkomsten, waarbij ook de
rivierkundige eff ecten (bijdrage aan de taakstelling) globaal zijn doorgerekend.
Deze interactieve bijeenkomsten zijn voorbereid in nauw overleg met de Projectgroep, waarin
de gemeenten een eminente rol hebben en waarin ook het kader voor de ontwikkelingen is
afgestemd. De door de stakeholders aangedragen ideeën en andere ingebrachte elementen zijn
met de projectgroep doorgenomen en beoordeeld. Belangrijke elementen en veelbelovende
ontwikkelingsmogelijkheden zijn in de Deelplannen, vaak op visionaire en innovatieve wijze,
uitgewerkt.
Geen rigide planvorming maar inspirerende visie
Het gaat dus niet om strikt omlijnde, rigide planvorming maar om een inspirerende integrale
toekomstvisie op hoofdlijnen; globaal dus maar wel met een duidelijke koers en een duidelijke
oriëntatie. Aanpassing blijft daarom mogelijk, zeker als voortschrijdend inzicht of veranderde
omstandigheden daartoe aanleiding geven.
Om dezelfde reden moeten ook de 13 deelplannen, die integraal deel uitmaken van het
ontwikkelingsscenario in dit Masterplan Maasdal, niet als kant en klare blauwdrukken worden
beschouwd. Met deze deelplannen hebben we visionaire ‘streefbeelden’ willen schetsen; beelden
van een toekomst die gloort wanneer de lijnen, die we in de betreff ende deelplannen als het
ware met een licht potlood hebben aangezet, verder worden doorgetrokken. Niet meer, maar
zeker ook niet minder.
De in de deelplannen onder streefbeeld beschreven perspectieven richten zich primair op een
onderscheidende, hoogwaardige leefomgeving en nieuwe economie. De wellicht verrassende
programmatische suggesties zijn vooral inspirerend en prikkelend bedoeld. Ze maken optimaal
gebruik van de onverwachte buitenkansen die zich in het licht van de hoogwatertaakstelling
aandienen. ‘Van de nood een deugd maken’ is het devies, zoals dat feitelijk voor het hele
Masterplangebied geldt.
׉	 7cassandra://ZaoOiQQr8tS8PbhVdW8fnFV8mF1Odd-FjR0I-st7Xp86`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://fWTSfvGE00JVaLZAse9c40nQlmfaUmd38IX_QzRh8Nc g`׉	 7cassandra://r3b0Y-7WgWlf3RthSU8VaBTjPjzstJDrF9hP6aMKTZw6`׉	 7cassandra://oUqaeQg2o1KfnypYyzm9I0I3V9cN5PwPr6ohCYuK4QI=`  ׉	 7cassandra://eHYx6504H_nYD9ZTho8VUksSG4PxgEt1uXPLfIzn5d4^̐͠c0j!>ט  u׉׉	 7cassandra://7rYx4ynCTv6j9O8TShtHQyQsU6Lj2LpIgg6jl3KNTfk `׉	 7cassandra://Hp0ThHmIpAtlsnPwbcm9PNwjGcrkaoGr1VyC518gklY2J`׉	 7cassandra://pwFq_pTyI7gQFjlSWpnBDp5vwFuCcYm8wJ2ElN9StXkx`  ׉	 7cassandra://rlh7L8Rcn39reFl0dgzsQc74j80ZCA1Gyp4sBsVizno_F͠c0j!>׉Eb96 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
6.2 KADERPROGRAMMA
De Deelplannen zijn in matrixvorm
samengevat. Deze matrices vormen het
kaderprogramma van het Masterplan. Bij
het vaststellen van de prioriteiten worden
– vooruitlopend op de rivierverruiming –
actievoorstellen opgenomen voor de korte en
middellange termijn, die gericht zijn op snel
resultaat, zogenaamde ‘quickwins’ en ‘noregrets’.
Dit is gedaan omdat de voorstellen
voor rivierverruiming naar verwachting pas
op de lange tot zeer lange termijn worden
gerealiseerd. Het is dus niet zo dat al op korte
termijn op grote schaal de uiterwaarden
vergraven zullen worden.
Hierna worden de achtereenvolgende
deelplannen beschreven. Bij elk deelplan
hoort een kaart: in totaal 13 deelplankaarten
met legendaoverzicht voor de Limburgse en
één kaart voor de Brabantse kant. Samen
vormen de – elkaar deels overlappende –
deelplankaarten één grote overzichtskaart.
Toelichting op de grafi eken
‘Waterstandseff ect’
Waar in de afzonderlijke deelplannen sprake
is van een substantiële waterstandsverlaging,
wordt zowel cijfermatig als door middel
van een grafi ek aangegeven wat binnen het
betreff ende segment de exacte bijdrage is aan
de waterstandsverlaging.
Het totale eff ect op de waterstandsverlaging is
de cumulatie van de afzonderlijke bijdragen.
Dat verklaart waarom de rode lijn in de
afzonderlijke grafi eken – soms ver – boven de
grijze taakstellingslijn uitkomt.
De grafi ek in paragraaf 7.2 (pag. ) laat de
cumulatieve bijdrage aan de taakstelling zien.
Hier wordt ook duidelijk dat het totale
pakket aan rivierverruimingsmaatregelen in
dit Masterplan voldoet aan de ambitieuze
Hoogwatertaakstelling 2050/2100 van het
Deltaprogramma Rivieren.
Algemene actiematrix
De belangrijkste voorstellen voor
gebiedsontwikkeling zijn per deelplan
samengevat in een zogenaamde actiematrix.
We beginnen dit kaderprogramma echter met
een algemene actiematrix. Daarin zijn alleen
de belangrijkste voorstellen opgenomen, die
voor het hele gebied gelden.
Onder kolom met ‘WIE’ worden de instanties
en/of bedrijven genoemd die voorgestelde
acties zouden kunnen initiëren.
׉	 7cassandra://oUqaeQg2o1KfnypYyzm9I0I3V9cN5PwPr6ohCYuK4QI=`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
97
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Landverbindingen
 Netwerk van ruiterpaden
 Langeafstandsroutes: Maasstruinpad en Maasruiterpad
 Maasdalroute
o Kwaliteit bestaande fietsroutes verbeteren
o Aanleggen en verbinden ontbrekende delen in continue route
o Voorzien van bebording, infodragers e.a. voorzieningen
o Aansluiten op veren
Vaste waterverbindingen (overlangs)
 Instellen permanent vervoer over water (tenminste toch in de zomer)
voor bewoners en toeristen. Afspraken inzake vaste dienstregeling te
maken met rederijen (watertaxi, MaasHopper, rondvaart) en
vervoersbedrijven op het land
 Bestaande en nieuwe Maashaltes (her)inrichten
 Aanlegkades en ontvangstpleinen inrichten
Vaste veerdiensten (dwars)
Instellen nieuwe permanente fiets- en voetgangersveren
Collectieven stichten
 ‘bioboeren’
 ‘natuurboeren’; natuur- en landschapsgerichte landbouwers
 ‘recreatieboeren’
 Zorgboeren
Planologische beleid instellen op nieuwe ontwikkelingen
 Integrale ruimtelijke plannen opstellen
 Regelluw beleid maken. Laagdrempelig facilitair loket instellen.
 Gave ensembles aanwijzen
 Ontwikkellocaties en ontwikkelingszones opnemen in
gebiedsontwikkelingsplannen (structuurvisie + bestemmingsplan
Buitengebied).
 Waterfronten riviergericht dorp
Ecobeken
Ecologische functie beken specifiek uitwerken (planvorming en
maatregelen) met aandacht voor de beekmondingen en ecopassages.
Tabel 1: actiematrix algemeen
Waterschap i.s.m. regio
Waterschap i.s.m. regio
Regio i.s.m. ondernemers
LLTB
LLTB
Regio
Regio
Regio i.s.m. ondernemers
Regio i.s.m. o
Gemeenten
Gemeenten
׉	 7cassandra://pwFq_pTyI7gQFjlSWpnBDp5vwFuCcYm8wJ2ElN9StXkx`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://rZ0-Ctb_yOVn2d5bTy5ZJVWFxcJtwDyEhpdwkD8RqJI X`׉	 7cassandra://esMULP4WoUR1bgiSZmmJaFCfcFbjaBzD_m0OX_L-Nt0̓`׉	 7cassandra://xD4iFrhJcwbzsFbXtZ2YM-_bmp6I6kKXUOkrHyJx9t8&`  ׉	 7cassandra://E3Do7uh2p_XXRfZh1sYNSZZrIcBIJ_QqFx_oHPwL8tE iw͠cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://DPVwrsnKwCZhG7sdOGeCt81WrE9gfuvlnkll_uSObE4 `׉	 7cassandra://SRfPnrOWF4Rl9fGCWX84hwiTiR7Kyw0gW9cDVZQOQNs[`׉	 7cassandra://7AZ3w1BI6HnDah2h5q7lAHPV6AdqiCGVBDV8wyU-9nk`  ׉	 7cassandra://JXQUrKrsHVakgs8s7d-j8OlWoSr9FiK8dzQujeevmcUr͠cj!>׉E98
׉	 7cassandra://xD4iFrhJcwbzsFbXtZ2YM-_bmp6I6kKXUOkrHyJx9t8&`  c!j!>׉E8MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 99
Deelplan 1 Waterfront Mook
Gemeente
Maaskant
: Mook en Middelaar
: oost
Hoogwatermaatregel : verhoging kademuren en aanleg recreatieplas
Locatie
: langs Maaspark Mook
UITGANGSSITUATIE
Strategische ligging
Mook ligt op een unieke strategische positie:
in een ruim westwaarts buigende buitenbocht
van de Maas daar waar rivier en stuwwal aan
elkaar raken. Door zijn strategische ligging
vervulde het historische rivierdorp Mook
op beslissende momenten en perioden in de
vaderlandse geschiedenis een cruciale rol:
als ‘voorde’ door de Maas op de Romeinse
heerbaan van Maastricht naar Nijmegen, als
overslagplaats voor de handel van Nijmegen
met het zuiden (van de Middeleeuwen tot
de aanleg van het Maas-Waalkanaal), als
slagveld in de 80-jarige Oorlog periode (1574)
en als bruggenhoofd tijdens de grootste
luchtlandingsoperatie ooit (Market Garden,
september 1944).
Als knooppunt van handel en vervoer over
land en water is Mook eeuwenlang een niet
onaanzienlijke pleisterplaats geweest met
bijbehorende herbergen.
Sinds het einde van 19e eeuw heeft Mook
een groeiende betekenis als toeristische
bestemming.
Er wordt gewandeld in de bossen: over de
stuwwal met zijn verrassende vergezichten,
door de beekdalen met hun bronnen en
aangelegde (vis)vijvers en onderlangs de
moerassige vennen.
Uit de vroege periode dateren de voormalige
hotels ‘de Schans’ en ‘de Mookerheide’
(bondshotel) en het vroegere badhotel De
Plasmolen.
Zo heeft Mook dus lange tijd een substantiële
toeristische functie vervuld. Nog steeds is
het bosgebied bijzonder in trek, getuige
de veelheid aan routes (ook voor de lange
afstand: bijvoorbeeld LAW Pieterpad). Toch
heeft de toeristische functie van de kern
Mook met de opkomst van Mookerplas
en Plasmolen in de jaren zestig aan belang
ingeboet.
Verderop, vlak voor de spoorbrug, ligt de oude
veerstoep er doelloos bij sedert de veerpont
Mook-Katwijk na aanleg van de A73-brug
bij Heumen uit de vaart werd genomen.
Sindsdien vormt de Maas een barrière voor
het langzaam verkeer, dat uit moet wijken
naar het veer Cuijk-Middelaar of de brug bij
Heumen.
Kerk aan de rivier
Cultuurhistorisch hoogtepunt en pregnant
landmark vanaf (de overzijde van) de Maas
is de kerk van St. Antonius Abt, een fraai
RCE rijksmonument, waarschijnlijk in eerste
instantie gesticht als schuurkerk in de 13e
eeuw. De Mookse kerk is volledig ommuurd;
en door zijn standaardligging op het oosten
opent het gebouw zijn deuren aan de
rivierzijde en lijkt daarmee zijn eeuwenlange
relatie met de Maas te bestendigen.
Hooggelegen tussen de kerk en de Rijksweg
ligt het Raadhuisplein met raadhuis. Vanaf het
bordes bij de kerk daalt men via de trappen
af naar het laaggelegen kadeplein dat zich
stroomafwaarts langs de huidige kademuur
uitstrekt en nog verder stroomafwaarts
overgaat in het huidige Maaspark.
Stedenbouwkundige omkering
Mook is eeuwenlang op de rivier georiënteerd
geweest, in alle opzichten. Dat veranderde
in 1821 toen onder Lodewijk Napoleon als
onderdeel van het Rijkswegenplan in 1821
de Rijksweg, de huidige N271, door het
dorp werd aangelegd. Hoewel nog slechts
׉	 7cassandra://7AZ3w1BI6HnDah2h5q7lAHPV6AdqiCGVBDV8wyU-9nk`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://8VN_ESDwpEbioWz1n46txp4nvwRYQSApqpV3KQLmfN0 ;s`׉	 7cassandra://QHUOWzx_4H-1CZLCRgc0JKCVFHBn7VupQC3UMBSDLS0ax`׉	 7cassandra://cj8-X3AmTQLjNkFIN5l67oEvOagd6sxMLhKYdhLd0TU`  ׉	 7cassandra://zg2lqt4bNJQblIX6Tv3Mndf1dnEinW-8ku1W1EXeU70 ?3͠cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://gK9tC4C55J9Bad0pGa8IKP72jq49WIGMqWoNp-HiANk `׉	 7cassandra://ig_Nnd-0uPZA8UacR__6irx7NFfUPJuDqeIQg8ejUFw\`׉	 7cassandra://zLqEIVBcEUo6c-407MncrOkW3wzF9hcG8tq1PFwvv5g`  ׉	 7cassandra://e7YqiiGjUzXDfplB1p7XNHDnGp5PI-OLi55hykbM2cw P͠cj!>׉E+100 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
van regionale betekenis, is deze weg in het
jongste verkeerskundige ontwerp behandeld
als provinciale hoofdroute. Het gevolg
is een bewonersonvriendelijke fysieke
barrière, die het huidige Raadhuisplein
letterlijk links laat liggen. Het plein zelf
fungeert in hoofdzaak als parkeerplein, niet
als pleisterplaats noch als ontvangstkamer;
een aantal keren per jaar – o.m. Vierdaagse
Feesten – heeft het een publieke functie
als evenementenplein. Passanten rijden
snel door, ze hebben geen idee dat slechts
150 meter verderop de Maas majesteitelijk
voorbij stroomt.
Bouwlocatie ‘Startscheveld’ Mook-zuid
De in de structuurvisie opgenomen
bouwlocatie Startscheveld is in het
Masterplan op de kaart aangeduid als
‘ontwikkellocatie wonen’.
Hoogwatertaakstelling
Bij Mook en Katwijk is sprake van een
fl essenhals. Over een afstand van zo’n
1,5 km is het profi el van rivierbedding
met tweezijdige uiterwaarden heel smal:
ca. 330 m. Dijkverlegging aan Brabantse
zijde is lastig, en het opnieuw instellen
van de Beerse Overlaat is buitengewoon
ingrijpend en zal gepaard gaan met zeer
hoge inrichtingskosten. Uit de verkenning
blijkt dan ook dat de hoogwatertaakstelling
2100 in het bijzonder bij Mook culmineert
en niet of nauwelijks gehaald kan worden
zonder robuuste ingrepen.
׉	 7cassandra://cj8-X3AmTQLjNkFIN5l67oEvOagd6sxMLhKYdhLd0TU`  c!j!>׉E
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
101
STREEFBEELD
Tweezijdige, langgerekte
zomerbedverbreding
De fl essenhals bij Mook noopt tot
ingrijpende rivierverruimingsmaatregelen.
De vereiste robuuste hoogwatermaatregelen
worden vooruitstrevend opgepakt, hetgeen
resulteert in een tweezijdige (Limburg én
Brabant) langgerekte zomerbedverbreding.
Dit om het stroomprofi el substantieel te
verruimen. Het toch al smalle Maaspark
zal daarmee letterlijk ruimte geven aan de
Maas. Vanaf de noordelijke gemeentegrens
tot aan de veerstoep zal ca. 20 meter aan
de rivier worden opgeoff erd. In het pakket
hoogwatermaatregelen is ook een vergelijkbaar
tracé aan zomerbedverbreding opgenomen,
dat zich langs de Maas uitstrekt vanaf de
bocht in de Cuijkse Steeg tot vlak voor de
plek waar de Romeinse brug moet hebben
gestaan.
Rijkswaterstaat is terughoudend met
zomerbedverbreding vanwege de mogelijk
morfologische risico’s. Toepassing vraagt
derhalve om een uitgekiend ontwerp, waarin
onder andere rekening wordt gehouden met
systeemgeometrie en de benedenstroomse
eff ecten van versnelde afvoer.
‘Mookervoorhaven’
Een eveneens belangrijke rivierverruimingsmaatregel
betreft de aanleg van een grote plas.
Daartoe wordt de hele driehoek tussen
Maas, Cuijkse Steeg en het huidige
kanaal afgegraven, zodat een omvangrijke
recreatieplas ontstaat. Dit wordt de
‘Mookervoorhaven’: dé structuurdrager waaraan
alle nieuwe ontwikkelingen van het Maaspark
worden opgehangen.
De kanaalmond wordt aangepast waarbij
extra ruimte voor een vernieuwd Maaspark
wordt gecreëerd. Wat overblijft tussen Maas
en plas is een langsdam: een ca 400 m lang
en 35 à 55 m breed, lintvormig eiland dat
bestaat uit de huidige Maasoever met zijn
kribbenversterking. Voornoemde waterplas
wordt nog verder vergroot met het water
van het meest noordelijke deel van de
hoogwatergeul van Middelaar naar Mook
(zie ook Deelplan 2). Aldus ontstaat één
aaneengesloten waterplas, die de basis legt
voor een krachtige toeristisch-recreatieve
economische impuls. Het Maaspark krijgt
over de lengte van de nieuwe plas ook een
nieuwe aanlegkade, die wordt ingericht
als gezellige langshaven voor de actieve
pleziervaart met ligplaatsen voor zowel leden
als passanten.
Bij de aanleg van nieuwe waterwegen die
uitmonden in de rivier, dient altijd rekening
te worden gehouden met de eff ecten van de
stroming voor de scheepvaart, zoals erosie of
juist sedimentatie.
Mook als markante zichtlocatie
Behalve aan rivierverruiming levert het
toekomstige Maaspark een belangrijke
bijdrage aan het herstellen van de historische
relatie van Mook met de Maas en de
oriëntatie op de rivier. Mook kan – net als
Well – weer een echt ‘dorp aan de rivier’
worden. Een markante zichtlocatie met een
aantrekkelijk dorpsgezicht en een uitnodigende
Maasboulevard.
׉	 7cassandra://zLqEIVBcEUo6c-407MncrOkW3wzF9hcG8tq1PFwvv5g`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://4N6qP_ZD0ymkzTtuw-Lwl-BrX2S2ak7vc3D7lqOM4Pc .`׉	 7cassandra://wufPB7I5YhuBMoRdYXCZHALrqJDh9yHUpmJwOfw_V5g^a`׉	 7cassandra://Q7aZ9dFGmQh2o09EzEyRKftsXRIQu_u7tDMGgOYdhPw&`  ׉	 7cassandra://yqIB9LDG31Iod7sBuTKhgygkOcpUY8z-G0X8g_NtnXs VX͠cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://DNdg1w-rdA5zulAIS6U3zMgvqv4TjjnUvP3T1NPTGdE `׉	 7cassandra://Q5B3yEly_WB7FiMMOfJfG8RyHXArb7xCWSPUJacRsvoWF`׉	 7cassandra://J7fRR25Sl7Q5NTR1eFjuLR-Bp-N-CNJLwSaN0zif-yk
`  ׉	 7cassandra://lV2Eu9iPYmImmQW_sdtGjPgdJKiXlap4HOWuzRIdAmQ !Z͠cj!>׉E102 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
De kwaliteitslag die daarvoor nodig is,
is veelomvattend, maar begint bij een
gastvrije entree en gevarieerde, sfeervolle
gastenaccommodaties op en aan het water.
Het huidige Maaspark is toe aan een
grondige herziening en verrijking. Daarom
wordt ingezet op een veelomvattend en
multifunctioneel waterfront voor het ‘dorp
aan de rivier’ dat Mook wil zijn. Een
waterfront dat gaandeweg meer en meer
betekenis kan krijgen door intelligente en
duurzame functiecombinaties van water,
natuur, recreatie, mobiliteit en wonen een
kans te geven. Uitgangspunt is de voorgestelde
planontwikkeling van meet af aan ‘bottom
up’ en synergetisch vorm en inhoud te geven:
gebundelde initiatieven van ondernemers
en gemeente zullen dienen als stabiele
onderbouw voor toekomstbestendige en
haalbare plannen.
Het Maaspark en promenade zullen zich
straks uitstrekken over de gehele lange
zijde van het dorp (1,5 km), dus vanaf de
veerstoep bij de spoorbrug helemaal tot aan
de brug (annex kering) over het kanaal naar
de Mookerplas. Om het park te vergroten
is landwinning nodig ter plaatse van de
kanaalmond – van Maas tot Kanaalbrug.
Daarmee zou vanaf het kadeplein over een
afstand van zo’n 700 m een nieuwe 40-60 m
brede openbare, groene landstrook vrij ter
beschikking komen voor toeristisch-recreatief
gebruik.
Het aldus verlengde Maaspark heeft een
vriendelijk hoogtepunt aan het einde van
de promenade met Dolfi jn Watersport en
Recreatie, waar ook een gezellige eet- en
drinkgelegenheid is. De promenade loopt hier
tussen het terras en de verplaatste aanlegsteiger
door. Daarmee heeft Mook, het dorp aan de
rivier, zijn eerste horecagelegenheid aan de
Maas.
Veelzijdige Maasboulevard met kadeplein
en waterpoort
De Maasboulevard zou een echte
‘waterboulevard’ kunnen worden door
een reeks van bijpassende vitale functies te
implementeren. Functies als de Maashalte,
de bedrijvige langshaven, een levendig
kadeplein met dito promenade, fl anerend
en zich vermakend publiek en kleurige
horecavoorzieningen met gezellige terrassen.
Aan de aanlegkade zou een horecaboot
met drijvend terras het prima doen. Op
het niveau van het kadeplein zijn alleen
tijdelijke horecavoorzieningen mogelijk, dit
in verband met hoogwater. Toch kan ook dat
een plezierige drukte opleveren, denk aan de
tijdelijke paviljoens op de Noordzeestranden,
aan spiegeltenten, poff ertjeskramen en
mobiele kiosken. Exploitanten krijgen op het
kadeplein langs de kademuur ruimte voor hun
tijdelijke accommodatie, inclusief eigen terras.
Ten noorden van het kadeplein ligt de
voormalige loswal overgaand in een
‘dorpsweide’ ideaal voor evenementen, spel en
sport.
De nieuwe aanlegkade valt samen met het
bestaande kadeplein. Dit kadeplein dat
over een afstand van zo’n 200 m direct
aan de Maas ligt, wordt een prominente
waterpoort: de dorpsentree vanaf de rivier.
Direct onder de kerk is een deel van het plein
exclusief gereserveerd als Maashalte: een vast
De kade
׉	 7cassandra://Q7aZ9dFGmQh2o09EzEyRKftsXRIQu_u7tDMGgOYdhPw&`  c!j!>׉E
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 103
opstappunt waar met grote regelmaat de
Maashopper en/of andere watertaxi’s halteren.
Naast de Maashalte in zuidelijke richting
ligt een rivierhalte voor rondvaartboten en
charters. Nog weer verder zuidelijk ligt de
langgerekte passantenhaven, die overgaat in de
jachthaven met vaste ligplaatsen.
Uitnodigend Raadhuisplein
Het huidige Raadhuisplein zou weer een echt
plein kunnen worden. Voorgesteld wordt dat
auto’s voortaan parkeren op een ‘verwant’
plein aan de zuidzijde van de Groesbeekseweg
(hoek Rijksweg). Het aanzien en de
functionaliteit van de Rijksweg ter hoogte van
het Raadhuisplein worden met het veranderde
karakter van de pleinen en het centrum in
overeenstemming gebracht. De gemeente
verhuist haar burelen naar een nieuwe
behuizing aan het ‘verwante’ plein, mogelijk
bovenop een nieuw winkelcentrum. Het oude
monumentale gemeentehuis begint een nieuw,
opwindend leven met op de begane grond een
brasserie en op de bovenverdieping(en) een
streekmuseum dat aandacht besteedt aan het
historisch patrimonium, waarbij de Slag op
de Mookerheide een hoofdthema zou kunnen
zijn.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De regio wil de Maas niet langer als barrière
zien en pleit in haar Regiovisie terecht
voor opwaardering van zowel langs- als
dwarsverbindingen. Rivieroverschrijdende
wandel- en fi etsroutes worden hoog
gewaardeerd en benadrukken de
landschappelijke eenheid van de Maasvallei.
Het stelsel van veerverbindingen – op korte
afstand van elkaar – vormt samen met
Maastaxi en Maashopper een subtiel systeem
van connecties over water, dat van de Maas
een attractieve verbindende structuur maakt
die van belang is voor zowel scholieren
en woon-werkverkeer als toeristen en
dagrecreanten.
Daarin past het in ere herstellen van de
veerdienst Mook-Katwijk met een kleine
veerpont voor wandelaars en fi etsers. Dit
hernieuwde veer vormt een cruciale schakel
in de toeristische verbinding van Grave en
het Land van Cuijk met Mook, de stuwwal,
Plasmolen en de Mookerplas. Hoewel er een
plan ligt voor een hightech snelfi etsbrug aan
de Spoorbrug bij Mook, vormt deze veerdienst
een passend en betaalbaar alternatief.
Het entreegebied bij de veerstoep in het
Maaspark wordt zodanig heringericht dat
bezoekers een gastvrij onthaal krijgen en
verwezen worden naar boulevard, historische
kerk en vernieuwd Raadhuisplein.
Doordat de Cuijkse steeg geen doorgaande
weg meer is, loopt de fi etsroute vanuit Mook
naar de (auto)veerpont bij Cuijk voortaan
via een nieuw aan te leggen fi etspad over de
nieuwe dijk en de – verlengde – Brigidaweg
naar de Cuijksesteeg. Vanuit Plasmolen en
Middelaar blijft de bereikbaarheid gelijk.
Raadhuisplein
׉	 7cassandra://J7fRR25Sl7Q5NTR1eFjuLR-Bp-N-CNJLwSaN0zif-yk
`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://JAE8Yr18YJiPQg9Qj6zeZdtg3uyIADGxt07NKw3yBh0 9`׉	 7cassandra://xLcB3hUsiRu7laeemC9J_rkRH-xvg7EC8dE1eQSEnIk*3`׉	 7cassandra://1FVuuHwWeZEm--8f8c4m46pzDJJh_hwnpPyoQd4R03E`  ׉	 7cassandra://LmWc1_HdUeKOG6sUVDBmwWwDlLDlhRhMlR9AOcf37cg /`̚͠cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://lJLKkN1RMY2EmXxJ6NRyJzrWlEkpgg_RxdPIjTIE2J0 `׉	 7cassandra://w9c95ofrQZeTc6PuKasoiaxE67uKynq-dJvABsetjk4E`׉	 7cassandra://rfOhMVPLoA03M4Xssh4SZaqsqYSHp2PqGwjZ_yaxkTg`  ׉	 7cassandra://Gm5t_pO2FjwdQtkBP2FAtrNqj-HHdQJfxIbIHKBhnDEXf͠cj!>׉E104 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Maatregel 1
• Maatregel 2
• Maatregel 3
: 8,1 m + NAP na peilopzet
: uitgraven plas met jachthaven en
aanlegkade
: hoogwatergeul Middelaar-Mook
: zomerbedverbreding bij spoorbrug
• Waterstandsverlaging (cm) : totaal 13 t.h.v. rkm 159
• Bijdrage in m2
: 2069
De waterstandsverlaging is berekend voor de gecombineerde hoogwatermaatregelen:
hoogwatergeul (compleet van rkm 163 naar 159) en Mookervoorhaven
(van rkm 164 naar 163).
Dit samengestelde plan draagt in totaal 13 cm bij aan de waterstandsverlaging.
De netto waterstandsverlaging hangt af van de reconstructie van het
Maasheggenlandschap.
figuur 2: waterstandseffect van deelplan Herstel Waterfront Mook (exclusief Heggenlandschap)
׉	 7cassandra://1FVuuHwWeZEm--8f8c4m46pzDJJh_hwnpPyoQd4R03E`  c!j!>׉EUACTIEMATRIX _ deelplan 1 Waterfront Mook
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 105
WIE
Points of Interest ontsluiten; bijv. Mookerschans, Heumense Schans
Maasboulevard en Maaspark, herstellen relatie Mook-Maas
Waterfront/ riviergericht dorp: planologisch kader ontwikkelen, opstellen
bestemmingsplan en beeldkwaliteitplan.
Gemeente i.s.m. ondernemers
Gemeente i.s.m. ondernemers
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel WIE
Zomerbedverbreding Maaspark
Dorp aan de rivier / waterfront; ‘bottom up’ planontwikkeling
Maasboulevard & Mookervoorhaven
 Verleggen kanaalmond (landwinning) en graven recreatieplas
 Nieuwe aanlegkade met kadeplein met rivierhalte en promenade.
 Horecaboot met drijvend terras
 Tijdelijke horecavoorzieningen
 Upgraden Maaspark met dorpsweide voor evenementen
 Jachthaven met vaste ligplaatsen en passantenligplaatsen
 Nieuw fietspad over de nieuwe dijk dat via door te trekken
Brigidaweg uitkomt op Cuijksesteeg
Hoogwatergeul in vorm van recreatieplas
 exclusief waterwoonmilieu met woonboten
 Integreren zorgvakantie-accommodatie
 Oeverzone zuid- en westzijde inrichten als natte natuur
Ontwikkellocatie oksel kanaal Mookerplas-Mookervoorhaven
 Ontwikkellocatie ‘hotspot met economische potentie’ opnemen in
gebiedsontwikkelingsplan (structuurvisie + bestemmingsplan
buitengebied)
 Nieuw ‘excellent’ vakantiepark; combineren functies wonen (tijdelijk
en permanent), zorg en recreatie
Raadhuisplein, herinrichting autoluw horecaplein
Veerpont en Maashalte
 Herstellen fiets- en voetgangersveer Mook-Katwijk
 Maashalte. Kade gastvrij inrichten.
Maasdalroute (voor fietsers en wandelaars)
 Bewegwijzeren
 Nieuw verbindingspad aanleggen onder spoorbrug door
(Oosterkanaaldijk)
 Nieuw verbindingspad over Maasboulevard vanaf de sluisbrug bij de
Tabel 2: actiematrix deelplan 1
Gemeente
Gemeente / bevoegd gezag
Rijksoverheid
Gemeente i.s.m. ondernemers
Gemeente i.s.m. ondernemers
Rijksoverheid / bevoegd gezag
i.s.m. ontgronders e.a.
ondernemers
Gemeente i.s.m. ondernemers
Regio / gemeente
׉	 7cassandra://rfOhMVPLoA03M4Xssh4SZaqsqYSHp2PqGwjZ_yaxkTg`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://NJhgkuucFXbjnBeDE6KQfd8ldPkt_7FOmYVbDEp92Nc `׉	 7cassandra://lSMdBLn6JnkmccfFYZ90F_MJ6sQkTOLgGgE5ma5Rzys͌ `׉	 7cassandra://eqraRoMDTP1aWwkLlsKMkvOPt1F5GebO_AiupkzRL-k(`  c	*j!>ט  u׉׉	 7cassandra://ZZt75sDZWIFZo9C6bthQT1RF3KrE39miqwoollq0lwE `׉	 7cassandra://TsgJlI8v4bx22GsP8UflWsspgKP2-Bef5kO49GzANP4`D`׉	 7cassandra://sv9GVhNVOnk9IrVg06QV2GH4PLOXZsT5503IVsdP-As`  ׉	 7cassandra://UloUp3D6sVF7ILSZOx5JGxu1tV2Yb74mzRuQDqQEXr4|͠c	+j!>׉E׉	 7cassandra://eqraRoMDTP1aWwkLlsKMkvOPt1F5GebO_AiupkzRL-k(`  c!j!>׉E
zMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 107
Deelplan 2 Herstel Maasheggenlandschap
Gemeente
Maaskant
: Mook en Middelaar
: oost
Hoogwatermaatregel : hoogwatergeul; lineaire afgraving t.p.v. laagste delen in uiterwaardLocatie
:
tussen rkm 164 en 159
UITGANGSSITUATIE
Stroomgordel
Het kerkdorp Middelaar en buurtschap
Heikant liggen hoog en droog op één
stroomgordel, zij het op een separate
oeverwal aan weerszijden van een restgeul.
Op de plaats waar nu de Tochtgraaf ligt,
stroomde ooit een geul van de Maas. De
noordelijke oeverwal loopt nog verder
door richting Ottersum. De Heikantseweg
en de Bloemenstraat liggen in elkaars
verlengde op deze zelfde wal.
Romeinen
De oeverwallen bij Middelaar waren in
de Gallo-Romeinse periode bewoond.
Het stuwwalmassief bij Plasmolen was
de grondslag voor de bouw van een
omvangrijke monumentale Romeinse
villa met landgoed (van ca 125 tot
350 na Chr.). En vanuit Nijmegen
(toentertijd Oppidum Batavorum, in de
laat-Romeinse tijd Ulpia Noviomagus
Batavorum) volgde de Romeinse heerbaan
hier de oostelijk zijde van de Maas om bij
de voorde van Mook over te steken naar
Cuijk (Ceuclum). Later, halverwege de 3e
eeuw, is door de Romeinen een brug met
zes brugpijlers aangelegd waarvan relicten
zijn gevonden bij een opgraving in 1992.
Achter de dijk
Op de plek waar nu de Lambertuskerk in
Middelaar staat, zou al in de 12e eeuw een
houten kapel gestaan hebben. Eeuwenlang
heeft het dorp, dat omstreeks de 15e
eeuw groter was en meer aanzien had
dan Mook, geleefd met een dynamische
rivier zonder dijken. Middelaar is nu
een verstild landelijk woondorp, dat een
hechte gemeenschap kent. De buurtschap
Heikant is meer en meer gewild bij
mensen die in rurale luxe willen wonen.
Na de hoogwaters van 1993 en 1995
werd een dijk aangelegd. Sinds 2005 ligt
Middelaar achter een verzwaarde dijk
(peil 13,8 m + NAP, veiligheidsnorm
1/250 jaar). De dijk loopt van Middelaar
buiten langs de Broekstraat en de
Koningsbeemdweg naar de stuw in het
kanaal dat de Mookerplas ontsluit.
Maasheggengebied
Het buitendijkse gebied bevat restanten
van het karakteristieke, eeuwenoude
Maasheggenlandschap – naar men
zegt ‘het oudste cultuurlandschap van
Nederland’. Begin 19e eeuw werd
het prikkeldraad geïntroduceerd in
Nederland. Sindsdien zijn gaandeweg
steeds meer heggen gerooid, ook in
dit gebied. Van origine bestaat het
heggenlandschap overwegend uit grasland.
Tegenwoordig is ongeveer een derde van
de gronden in gebruik als akkerland. Uit
kaartstudie blijkt ook, dat hier – zoals
op zo veel plaatsen in de uiterwaarden –
percelen zijn afgegraven ten behoeve van
kleiwinning.
Om verdere teloorgang van deze
De dijk bij Middelaar, rechts de Broekstraat.
׉	 7cassandra://sv9GVhNVOnk9IrVg06QV2GH4PLOXZsT5503IVsdP-As`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://6ZnljlVdNSf_6NHylE1mGs9pywCUQp9bSTHlcB_980M i`׉	 7cassandra://N2KSPYM0TAR849a_3h4dDYkupgwAAYCt_RoQpa_Yzbc``׉	 7cassandra://xvGG0Cj3JP-sgUJP6ky37DfrTTqQqHlX3h21JWFcQzgH`  ׉	 7cassandra://HI_Tdc3XQNyd-WL0x8ACnz-R8lM2lEuLDFurrfyYMnU X͠c	+j!>ט  u׉׉	 7cassandra://_P56oIhsbF_3WPCqw1ABZIqK9mWA2QF6pW9BG1uNTmA `׉	 7cassandra://BGmlTzZJQvFZ3cVYgUEQ-hSlTCs2Yif09AD7K3I78tA^:`׉	 7cassandra://ymO4V8KoZYxT9WPWfiMxlzst1BGUGZYCTGtISXHHk70`  ׉	 7cassandra://eAE8_Alawg3M9T9vZsnqYkeD23h8_6N3mbgensRUKbg G P͠c	+j!>׉E108 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
monumentale landschapselementen te
voorkomen worden momenteel delen van
het heggenlandschap hersteld; daarbij
worden de hagen op traditionele wijze
vervlochten.
Aan de overzijde, in de buitenbocht van
de Maas, ligt Cuijk, streekcentrum en een
sterk verstedelijkt dorp. Via de Veerstraat
en de oude Steeg is de (auto)veerpont
naar Cuijk bereikbaar. Op een terp
nabij de Maas (rkm 160) ligt een grote
boerderij gebouwd op de fundamenten
van het voormalige tolkasteel aan de Maas
‘Huize Middelaer’. De contouren van de
slotgracht zijn nog goed zichtbaar.
Hoogwatertaakstelling
We noemden al de fl essenhals
bij Mook en Katwijk. Ter plaatse
van Mook en Middelaar legt de
hoogwatertaakstelling eveneens grote druk
op de gebiedsontwikkeling in het NoordLimburgse
Maasdal.
Een integrale vlaksgewijze afgraving –
zoals uitgewerkt in Integrale Verkenning
Maas 2 (afgekort IVM2) – heeft
vergaande, ongewenste gevolgen.
Dat geldt ook voor het graven diepe
nevengeul, waarbij de landerijen aan
de landbouw worden onttrokken en de
Maasheggen defi nitief verdwijnen.
Verwezenlijking van de vereiste
waterstandsverlaging zal dan ook
primair gevonden worden in de lager
gelegen delen in het buitendijks gebied,
dit conform de in gezamenlijkheid
geformuleerde ordeningsprincipes. Dat
wil onder meer zeggen: met respect
voor de hoge akkers en de reeds in
gang gezette reconstructie van het
Maasheggenlandschap.
STREEFBEELD
Rivierverruimingsmaatregelen
Conform het ordeningsprincipe
‘concentreer de rivierverruimingsmaatregelen
eerst en vooral op de laaggelegen oude geulen’
is een rivierverruiming parallel aan de
jonge bandijk de beste mogelijkheid, meer
specifi ek een hoogwatergeul, op gepaste
afstand van de dijk (geulprofi el begint
50 m buiten de teen) en opgebouwd uit
twee geleidelijk in elkaar overlopende
geultypes:
1. Een overgroot deel, wordt alleen
oppervlakkig vergraven en blijft
geschikt als grasland voor de landbouw
(geel);
2. Een beperkt deel krijgt permanent
water (blauw). De uitgraving is hier zo
diep dat een bevaarbare plas ontstaat.
Eventueel kan hier zand en/of grind
gewonnen worden.
Panorama over de Maas vanaf Cuijk met in de verte de Jansberg en de Mookerheide
׉	 7cassandra://xvGG0Cj3JP-sgUJP6ky37DfrTTqQqHlX3h21JWFcQzgH`  c!j!>׉E	OMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 109
In de breedte (ca 250 m) krijgt de
hoogwatergeul een asymmetrisch profi el
met een fl auw hellend talud aan de
Maaskant en een wat steiler talud aan
de kant van de dijk, daarmee worden de
bestaande hoogten in de uiterwaarden
feitelijk wat sterker geaccentueerd. Door
de drempel bij de inlaat overstroomt het
overgrote deel van de hoogwatergeul
alleen bij extreem hoge waterstanden en
wordt dus normaliter niet onttrokken
aan de landbouw. Dit is belangrijk
want behalve een boerenbedrijf in de
uiterwaarden zitten juist achter de dijk
nog een aantal middelgrote tot grote
melkveebedrijven die afhankelijk van
deze productiegronden. Op de hoge
gronden kan maïs worden geteeld in de
lager gelegen hoogwatergeul gras (hooi en
kuilgras). Ook kan het vee over de dijk
worden geleid om daar te grazen.
Het waterstandsverlagingseff ect
van een hoogwatergeul is kleiner
dan die van een diepe nevengeul.
Vandaar dat direct langs de maas een
langgerekte zomerbedverbreding wordt
gerealiseerd; een belangrijke aanvullende
verruimingsmaatregel die alleen in de
deelplannen 1 en 2 wordt toegepast. In
dit deelplan gaat het om het tracé dat zich
langs de Maas uitstrekt vanaf de bocht
in de Cuijkse Steeg tot vlak voor de plek
waar de Romeinse brug moet hebben
gestaan (zie ook deelplan 1).
Subliem waterwonen
Het meest noordelijke deel van de
hoogwatergeul van Middelaar naar
Mook staat dus over een lengte van
ongeveer 850 m (tot aan de Brigidaweg)
permanent onder water. Omdat het
werkelijk bevaarbaar is vormt het een
wezenlijk onderdeel van de omvangrijke
nieuwe recreatieplas, die we de
‘Mookervoorhaven’ genoemd hebben (zie
deelplan 1). Via de Mookervoorhaven
staat de hoogwatergeul in verbinding met
de Maas. De noordoever van deze ‘blauwe’
hoogwatergeul volgt op respectabele
afstand de jonge dijk en wordt zoals we
in deelplan 1 al aangaven over een lengte
van 600 tot 700 m ingericht als groene
aanlegkade. Hier bestaat de mogelijkheid
om een exclusief waterwoonmilieu te
creëren: comfortabele woonboten met een
eigen ligplaats voor een pleziervaartuig.
De zuidoever krijgt een fl auw hellende
oever en een brede plasdras rand voor
spontane natuurontwikkeling.
Bij de inrichting dient rekening te worden
gehouden met de stroombanen bij
hoogwater.
Toeristisch-recreatieve hotspot
De oksel van Mookerplas en
Mookervoorhaven (tussen bandijk,
׉	 7cassandra://ymO4V8KoZYxT9WPWfiMxlzst1BGUGZYCTGtISXHHk70`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://aTXarSNWCAZTZSQfC8sJHfPERT1MKOs0gz3QAlDI3c0 "`׉	 7cassandra://QrkOBOR7FlxYvNE5tzT8A_rtBFSqybQO5mzpqzwpmlcc`׉	 7cassandra://JiIDCVRHznXXwLoiluUxGTsthdY6E1iG04hBrR6vTD4z`  ׉	 7cassandra://dlg4x0E2p0nZYom0OBhYp8vHh2YdRCbmg5XiE3dAWgcwdT͠c	+j!>ט  u׉׉	 7cassandra://M0OT08fP9VkZt7bBgN2623AGKPThEbLMEkK7JoJlc-M 2`׉	 7cassandra://rCPUoIT1vIUcBLDBCjpM30-r2NBeq3wINHkpxOaJJCIh$`׉	 7cassandra://FKPMS_acfq5YNoQdxptbywE1iClNofHAFLnxNMynKKw N`  ׉	 7cassandra://5tEoMATQExuRHdwVX0LbfPdTEMnHhXEj-FH__1vKYuw  P͠c	+j!>׉E110 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Lambertusweg en Brigidaweg) is vanuit
toeristisch-recreatief oogpunt een ideale
hotspot met economische potentie.
Structureel herstel eeuwenoud
landschappelijk erfgoed
Uit de Tranchot-kaart blijkt dat het
kleinschalige Maasheggenlandschap aan
de Brabantse kant beduidend fi jnmaziger
was dan aan de Limburgse kant van de
Maasvallei. Maar wat ook opvalt op deze
kaart is dat – juist hier bij Middelaar –
de uiterwaard werd gekenmerkt door
een fi jnmazig netwerk van zomergroene
hagen en tussenliggende graslanden.
De rivierverruimingsmaatregelen
kunnen binnen het plan gecompleteerd
worden door het oorspronkelijke
Maasheggenlandschap op de oeverwal
structureel en volledig te reconstrueren
en duurzaam te beheren – vanaf de
Mookervoorhaven tot aan de inlaat van
de hoogwatergeul. De reconstructie van
het Maasheggenlandschap zal resulteren
in het tenietdoen van een stukje van de
waterstandsverlaging als gevolg van de
rivierverruimingsmaatregelen.
Een kilometerslang netwerk van
gevlochten opgaande hagen en geknotte
bomen omsluit een mozaïek van
‘graskamers’ met door riet omzoomde
poelen. En een netwerk van zandpaden
die de aanliggende graskamers ontsluiten,
maakt het landschap compleet. Het
ruimtelijk spannende labyrint dat
zo ontstaat, is bijzonder geliefd bij
bewoners en toeristen. En de massale,
uitbundige wit-rose voorjaarsbloei van de
Maasheggen is een ‘must’ om van nabij
in ogenschouw te nemen. Wellicht is het
zelfs mogelijk om in enkele graskamers
zomer kampeerplaatsen met eenvoudige
sanitaire voorzieningen toe te staan
(Natuurkampeer terrein).
Het intensieve onderhoud zal aan de
hand van een soortenbewust beheersplan
(met heldere werkinstructies) tegen een
redelijke vergoeding door een boer of een
vereniging van boeren in stand kunnen
worden gehouden. Ook de verspreide
zomerkampeerplaatsen kunnen door de
boer geëxploiteerd worden.
Hoge biodiversiteit
Kleinschalige cultuurlandschappen staan
bekend om de relatief hoge biodiversiteit,
veel rode lijstsoorten hebben er hun
habitat. Bij een intact kleinschalig
Maasheggenlandschap op leeftijd kan
de biodiversiteit buitengewoon hoog
zijn. Het zal echter na de reconstructie
nog enige tijd vragen, voor het zó ver
is met het Maasheggenlandschap in dit
deelplangebied. Maar het gegeven dat
de Maasheggen gefl ankeerd worden
door de natuuroever-zone langs de Maas
(‘ecologische corridor’) aan de kant en
de hoogwatergeul-zone (met graslandnatuurtypen
van droog naar nat) langs
de bandijk aan de andere kant, is
veelbelovend. Maasheggen, Maasoever en
hoogwatergeul zullen zich in samenhang
ontwikkelen tot een karakteristiek
Maasdalcultuurlandschap met een
betekenisvolle natuurwaarde. Er ontstaat
een duurzame natuurkern van formaat
met ecologische veerkracht (capaciteit om
veranderingen op te vangen).
Op dit moment is het plan ‘3e
fase
Maasoevers’ actueel, waarbij invulling
wordt gegeven aan natuurvriendelijke
oevers van de ecologische corridor. Deze
invulling zal op termijn wellicht moeten
wijken voor de zomerbedverbreding
zoals opgenomen in het pakket van
rivierverruimingsmaatregelen voor dit
deelplan.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De (auto)veerpont naar Cuijk blijft
bereikbaar via de Veerstraat.
Bovenop de verzwaarde dijk zal een
(halfverhard) fi ets-wandelpad een goede
doorgang met fantastisch zicht bieden
op de Maasheggen aan de ene, en de
Mookerheide en de bossen van de St.Jansberg
aan de andere kant.
׉	 7cassandra://JiIDCVRHznXXwLoiluUxGTsthdY6E1iG04hBrR6vTD4z`  c!j!>׉E GMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
111
De (auto)veerpont Middelaar-Cuijk
׉	 7cassandra://FKPMS_acfq5YNoQdxptbywE1iClNofHAFLnxNMynKKw N`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://I7PH14KvU6nVo_oM-m9XfgLjJFSO7FK8kjBt39aOpIg `׉	 7cassandra://o-fxFA_-t2ZLszDBCyz52JurCl7Z3B8AgIFEgFgx3tc)6`׉	 7cassandra://dkx-v-qxzCzhsSM3xeaalgtDAR6ZybkTvF_fTGIlptU`  ׉	 7cassandra://8Yj5OEMuzElbYtvHYBE1lRsFZ0QFn2Kp2rfuASiUgCQ p͠c	+j!>ט  u׉׉	 7cassandra://a4UpiuErQLTKJ4RbZ4hNRFz84tHgwXRHzaX4eQjBerQ d`׉	 7cassandra://7mRaOfvfD1UbXKoATJlDz2tg-TKR38bVkOYU2iM_4ac'`׉	 7cassandra://sJ-lPM09uxm9wu9CVdK57uhA6-Pg74_fCmi86qByZJk`  ׉	 7cassandra://j4ih6zkE5EcY7lqrE22Kww-6vi2y-UK-kDlGNjKf2MYJx͠c	+j!>׉E112 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Maatregel 1
• Maatregel 2
• Maatregel 3
• Maatregel 4
: 8,1 m + NAP na peilopzet
: uitgraven samengestelde plas met
jachthaven en aanlegkade
: hoogwatergeul Middelaar-Mook
: zomerbedverbreding Mook
• Waterstandsverlaging (cm) : totaal 23 t.h.v. rkm 162
• Bijdrage in m2
: reconstructie Maasheggenlandschap
: 2618
De waterstandsverlaging is berekend voor de gecombineerde hoogwatermaatregelen:
zomerbedverbreding (van rkm 162,3 naar 163,5), hoogwatergeul
(compleet van rkm 159 naar 163),Mookervoorhaven (van rkm 163 naar 164)
en reconstructie Maashegenlandschap.
Dit samengestelde plan draagt in totaal 23 cm bij aan de waterstandsverlaging.
De netto waterstandsverlaging hangt af van de reconstructie van het
Maasheggenlandschap.
figuur 3: waterstandseffect van deelplan Herstel Heggenlandschap (inclusief Waterfront Mook)
׉	 7cassandra://dkx-v-qxzCzhsSM3xeaalgtDAR6ZybkTvF_fTGIlptU`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
113
ACTIEMATRIX _ deelplan 2 Herstel Maasheggenlandschap
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
Maasdalroute
 Bewegwijzeren
 Continueren route over dijk (Koningsbeemdweg – Broekstraat)
Gastenhuizen/ boerderijen: beleid aanpassen
Point of Interest ontsluiten
 Huize Middelaer
 Romeinse brug
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel
Zomerbedverbreding (van Mookervoorhaven tot Romeinse brug)
Maasheggenlandschap restaureren
 Reconstructieplan en beheersplan. Uitvoering door ‘natuurboeren’
Netwerk van zandpaden t.b.v. ontsluiting
 Natuurkampeerterrein beheerd door natuurboer planologisch
vastleggen
 Maassstranden aanleggen icm met ‘natuurlijke oevers’
 Panorama view
Tabel 3: actiematrix deelplan 2
WIE
Regio / Gemeente
Gemeente
Gemeente i.s.m. ondernemers
WIE
Rijksoverheid
Gemeente / bevoegd gezag
i.s.m. ondernemers
׉	 7cassandra://sJ-lPM09uxm9wu9CVdK57uhA6-Pg74_fCmi86qByZJk`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://9x9I970MIa6orECJVH09Q2fJ9sxhebqW-hdWiRzcFLM ,7`׉	 7cassandra://DZk-wM5i2WLD7ZeYafYrQiCr7x1esVcjyQyyVWDw0Hk͌`׉	 7cassandra://2JLmKXTA2O08Eq-ccAyTqR9k89eThxnxoSok9mo2QfA'`  c	j!>ט  u׉׉	 7cassandra://CjGM1CrPa0SuM5WV4g79fB8jR0tilcs5LbDD2iUJVQI #`׉	 7cassandra://hMB2ojfF5ifpWQ05s2Ht-XUY-T6KxvfsbTPsgwHh_qg]`׉	 7cassandra://n1tVErXQrZZNr5nofOS8Lgv5hRYo97_I7HTWlojHe50`  ׉	 7cassandra://kQ9z6QEDN1P6TgZfzo8YeGUGQnHVuAv-T8n6JP-DzhQ ̨͠c	j!>׉E114
׉	 7cassandra://2JLmKXTA2O08Eq-ccAyTqR9k89eThxnxoSok9mo2QfA'`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 115
Deelplan 3 Plasmolen en de Mookerplas
Gemeente
Maaskant
: Mook en Middelaar
: oost
Hoogwatermaatregel : geen
Locatie
: onderlangs de stuwwal
UITGANGSSITUATIE
Het vroege toerisme
Tegen het einde van de 19e eeuw kreeg
Mook steeds meer betekenis als toeristische
bestemming.
Er werd gewandeld in de bossen: langs de
steilrand met zijn verrassende vergezichten,
door de beekdalen met hun bronnen en
aangelegde (vis)vijvers en onder langs de
moerassige vennen.
Het historische buurtschap Plasmolen gelegen
onderlangs de rand van de stuwwal, – daar
waar de oude molenbeken samenvloeien
– was bijzonder geliefd, in het bijzonder
bij kunstenaars vanwege het ‘arcadische
landschap’ met zijn golvende heuvels, zijn
uitgestrekte heidevelden en zijn pittoreske
panorama’s op het Maasdal. Tot voor kort was
het monumentale hotel de Plasmolen, gelegen
aan een statige visvijver, de kers op de taart
van het toerisme, maar is helaas door brand
verwoest.
Na afronding van de zandwinningen
eind jaren ‘50 en begin jaren ‘60 van de
vorige eeuw bleven de Mookerplas en het
afvoerkanaal over. De plas werd recreatief
ingericht en eind jaren ’60 namen dag- en
verblijfsrecreatie een hoge vlucht. Aan en
om de plas ontstond een concentratie van
allerlei op toerisme en recreatie gerichte
voorzieningen: jachthavens, campings,
vakantieressort, faciliteiten als een
strandbad, zeilschool, midgetgolfbaan,
én een ‘ontvangstplein’ met daaraan
gelegen een breed scala aan restaurants
en een bowlingbaan. Accommodaties en
voorzieningen die gasten aantrekken tot ver
buiten de grenzen van de regio.
Romeinse villa
Op de Kloosterberg boven Plasmolen zijn de
funderingen van een omvangrijke Romeinse
villa (van ca 125 tot 350 na Chr.) gevonden.
Toen daarvan op de vindplaats een artistieke
3D-verbeelding van het gebouw op de
vindplaats werd aangelegd had Plasmolen er
een bijzondere cultuurtoeristische trekker bij.
De Romeinse villa keek vanaf de Kloosterberg
Verbeelding Romeinse villa
uit over uitgestrekte Maasvallei waar ook
landerijen van de villa moeten hebben
gelegen. De puinwaaier van het Zevendal
vormde het voorterrein van de villa. In een
oude Maasgeul direct aan de voet van de steile
stuwwal lag over grote lengte een zompige,
venige zone waarin kwel en bronwater zich
verzamelde – een soort natuurlijke gracht zou
je kunnen zeggen. Namen als Koningsven,
De Diepen en Riethorst herinneren aan deze
plassen en moerassen. De Geuldert is een
natte natuurparel die een heel goed beeld geeft
van hoe het gebied aan de voet van de stuwwal
er ooit over een groot oppervlak uitgezien
moet hebben. De vijver voor het voormalige
hotel, de vijvers van het voormalige
openluchtbad, het bowlingcentrum met
appartement in een merkwaardige laagte en de
diverse vijvers langs de Riethorsterweg
׉	 7cassandra://n1tVErXQrZZNr5nofOS8Lgv5hRYo97_I7HTWlojHe50`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://l5IsGNCj00vuJK1gJeicJNRMLxJEkrm8e8VWIbe-zJs o`׉	 7cassandra://EeQFXmdqrFCSanA5zDMnvKjbHPIQf5slVdexJpHyLSwj4`׉	 7cassandra://KaePjLk7j_nE04krS0q-mb3XYSDMLf6oDiQhzV7QPCU`  ׉	 7cassandra://0qGjRlm1C8Y135mVMTcTijUwfayaMhxURmo81wB7emY 0m\͠c	j!>ט  u׉׉	 7cassandra://3eVUJOzouFLEzi5Rh5yhBM7EPOsiDJClqICV3Zy7xSE `׉	 7cassandra://e7Ue4dXVr2B71r911h-FeO91nprEWlgCZcyY1-KyhXoA`׉	 7cassandra://kdX-QqGT9agi3D0M3vC4wbxXC4m6tR8PgGX9XjYVeB88[`  ׉	 7cassandra://xAOb-WtwqR6yV6ZTkf7UC08fCJJ5tfAsuNEic7eVVZc P͠c	j!>׉E[116 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
markeren het verloop van de Pleistocene
Maasmeander.
STREEFBEELD
‘Bypass’ Mookerplas-Maas bezwaarlijk
In de Regionale Agenda wordt de ‘bypass
Mookerplas-Maas’ als een 1e
fase project
aangeduid. Deze hoogwatermaatregel is
nader onderzocht en als pilot voorgelegd
aan de stakeholdersvergadering. Daar werd
het voorstel niet alleen beoordeeld op zijn
merites als hoogwatermaatregel maar ook
op zijn mogelijke sectorale meerwaarden.
Daarbij bleek dat een bypass in de vorm
van een nieuw kanaal van de Maas naar
de plas nogal wat negatieve neveneff ecten
sorteerde. Om er enkele te noemen: het
vergraven van de aardkundig waardevolle
rivierduinen; kwaliteitsvermindering van het
schone kwelwater van de Mookerplas; het
amputeren van de ecologisch hoogstaande
Tielebeek; de noodzaak van een dijkenstelsel
dat het landschap aantast en bovendien de
watergerelateerde functies afsnijdt van de
plas; de barrièrewerking van het nieuwe
kanaal voor de bestaande wegenstructuur
waaronder de nieuwe doorgaande toeristische
‘Maasroute’; en last but not least het feit
dat de gecalculeerde bijdrage in centimeters
waterstandsverlaging lager is dan die van de
(gele) hoogwatergeul (zie deelplan 2). Vandaar
de slotsom dat er aan een dergelijk project te
veel bezwaren kleven.
Landschapsetalage Noorderpoort
De regio verdient een markante entree. Wie
Mook in zuidelijke richting verlaat over
De Noorderpoort onderaan de Mookerheide
De Swaere Noodt
de N271, de oude Rijksweg, ziet onder de
majestueuze oude eiken door hoe zich aan
zijn rechterhand het Maasdal uitstrekt. Links
van de weg verheft zich prominent de beboste
steilrand van de stuwwal. Verderop bevinden
zich – ook aan het oog onttrokken – aan
beide zijden van het kanaal, ter hoogte van het
Katerbosch, enkele rivierduintjes.
De N271 met zijn prachtige eiken aan
weerszijden – gelegen tussen stuwwal en
Maas – voelt als de monumentale ‘oprijlaan’
van de regio: de Noorderpoort. Deze poort
werkt vanwege het zicht op het kenmerkende
uiterwaardenlandschap aan de westzijde en de
Mookerheide aan de oostzijde tevens als een
‘landschapsetalage’. Dit in correspondentie
met de Zuiderpoort van de regio nabij
landgoed de Hamert (zie deelplan 13).
Meerdere gastvrije entrees naar Maas en
plas
Het kerkplein bij Mook zou in de toekomst
vanaf de N271 een illustere doorkijk op de
Maas en de kadeactiviteiten kunnen bieden.
In de Plasmolen ter hoogte van de Witteweg
zal langs de Rijksweg in het kader van
Sleutelproject N271 een pleisterplaats worden
gerealiseerd waar stuwwal én Mookerplas
worden aangeprezen. Bij T-kruising
Pastoorsdijk kan – met een heel beperkte
ingreep – de tot dusver verholen Mookerplas
aanlokkelijk schitteren naar de reizigers op de
N271; het is de enige plek waar de attractieve
recreatieplas zich fysiek kan etaleren en
aanbevelen.
‘Die Swaere Noodt’ entree naar de
Mookerheide
Bovenop de stuwwal glooit het purperkleurige
pronkstuk, dat Mook voorgoed een plaats
in onze vaderlandse geschiedenis bezorgd
heeft: de Mookerheide. Alleen, als je het
niet weet, rijd je er zo aan voorbij. Bezoekers
zouden vanaf de N271 er toch minstens
iets, al is het maar een glimp van moeten
kunnen opvangen. Bovendien is het zo dat die
fameuze Mookerheide nergens een toegang,
een entree heeft die ook echt met haar
uitzonderlijke status in overeenstemming is.
De oplossing ligt halverwege Mook en
Plasmolen, daar waar aan de N271 ‘Die
Swaere Noodt’ staat, een karakteristiek
witgekalkt keuterboerderijtje. Op deze plek
opent zich de stuwwal via het Startse Dal, een
droogdal dat achter de huidige Mookerheide
langs kromt. Door hier het lage geboomte
׉	 7cassandra://KaePjLk7j_nE04krS0q-mb3XYSDMLf6oDiQhzV7QPCU`  c!j!>׉EDe Mookerheide
׉	 7cassandra://kdX-QqGT9agi3D0M3vC4wbxXC4m6tR8PgGX9XjYVeB88[`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://Tx0Pk2I-nqWxaMObLTR5MGnIVpYprH4czUz4cqnb62g `׉	 7cassandra://DPreCXQsa9pfW045hlREdoXYgnP8CM1MgMSXYuBB8lkab`׉	 7cassandra://PYHqGSkhWWupoX-5fJUF6ERZnZCUgytLFLsNDlUJ7Lw`  ׉	 7cassandra://dIkNa1KGqk6FCZlrTudSuDPSEhB0Ut-cnqR_QqWO-Wg tX͠c	j!>ט  u׉׉	 7cassandra://nqJKVD6icnV7WnWsxUQQbkVneMfkYCICGki14R_ujrQ =`׉	 7cassandra://MbSXNizyrzS9UcEyVr8VOjY4KWJgNgthO2p3pb4rAFkG9`׉	 7cassandra://uHbw2YpkRcwZszR_YK-N77CT_GHif0G9u5UGoOKnYis[`  ׉	 7cassandra://5emjgscEd4kHfdk3HRyhp2bWI626YqwSAmtsaARji7I QP͠c	j!>׉E118 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Het ‘Muldershofplein’, het grote geasfalteerde plein centraal in Plasmolen
te verwijderen en de heide tot aan de N271
uit te laten lopen, wordt de passant een tot
de verbeelding sprekende blik gegund op de
heide en komt het monumentale boerderijtje
weer in zijn oorspronkelijke landschappelijke
context te staan.
Het is de ideale plek om de stuwwal te
verkennen want behalve de Mookerheide
links van het Startse Dal, bevindt zich rechts
de hoge rug van de Zevendalse weg met
daarachter het prachtige Zevendal en even
verderop natuurgebied de St.-Jansberg.
Dé plek dus voor een waardige entree tot
de heide. De huidige parkeerruimte kan –
uiteraard in gepaste maat en schaal – worden
uitgebreid en ‘De Swaere Noodt’ (het pand is
van Natuurmonumenten maar staat te koop)
zou in de toekomst een horecafunctie kunnen
krijgen en tegelijk informatie kunnen bieden,
niet alleen over natuur en landschap, maar
ook over de geschiedenis. De naam van dit 19e
eeuwse pand verwijst namelijk naar de Slag
op de Mookerheide: vluchtende soldaten van
het verslagen leger van Hendrik en Lodewijk
van Nassau zouden jammerlijk (‘in swaeren
noodt’) omgekomen zijn in de moerassen die
zich onderlangs de stuwwal uitstrekten.
Vanaf het pand voert een pad omhoog naar
de hooggelegen heide, van waaruit men ook
nu al een magnifi ek panoramisch uitzicht heeft
over het Maasdal.
Revitalisatie Plasmolen
Plasmolen heeft nog steeds een grote
toeristisch-recreatieve aantrekkingskracht
maar ook in de toekomst attractief te blijven
is revitalisatie noodzakelijk. De combinatie
van stuwwal, bos en water, de kernkwaliteiten
van Plasmolen, kan beter worden benut.
De kwaliteitsslag die daarvoor nodig is,
concentreert zich op een drietal locaties: het
historische ‘buurtschap Plasmolen’ met hotel
en visvijver aan de Rijksweg, ‘Hart Plasmolen’
en Recreatiegebied de Mookerplas. Voor de
laatste twee wordt een integrale ontwikkeling
voorgesteld.
Wat het historische buurtschap betreft, kan
worden ingezet op diverse ontwikkelingen.
Zo is het terrein van het voormalige Hotel de
Plasmolen bestempeld als ontwikkellocatie.
De gemeente Mook en Middelaar heeft een
voorkeur voor een – met het oude hotel
vergelijkbare - ‘high class’ hotelaccommodatie,
bedoeld voor zowel de zakelijke als de
toeristische markt.
In die accommodatie zou een museale functie
kunnen worden ondergebracht rond thema’s
als de Romeinse villa, de schilderskolonie, de
watermolens en de zware strijd in de nasleep
van Market garden in WO II.
Voorts bestaan er in het kader van het
Sleutelproject N271 plannen om in Plasmolen
ergens langs de N271 een pleisterplaats in te
richten.
Na beëindiging van de zandwinning
begin jaren zestig werden Mookerplas en
omgeving ingericht als recreatiegebied. Uit
die tijd dateert ook de grote geasfalteerde
parkeerplaats aan de Witteweg, aan de
noord- en westzijde waarvan zich diverse
horecabedrijven vestigden.
Geleidelijk aan groeide het gebied uit tot het
nieuwe hart van Plasmolen. Toch voldoet
׉	 7cassandra://PYHqGSkhWWupoX-5fJUF6ERZnZCUgytLFLsNDlUJ7Lw`  c!j!>׉E 3MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 119
De Mookerplas
׉	 7cassandra://uHbw2YpkRcwZszR_YK-N77CT_GHif0G9u5UGoOKnYis[`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://ZLYt1AE1NVFVkFF6r4NaMjQnEbjVs-Ml4_lU58R2o1Q ԟ`׉	 7cassandra://cv89Iz_P9aiX6VHkXijZwlInGRoMyVeKOCQP_b54s6kk`׉	 7cassandra://ddFkCWVqL9bHN8ps177B8RyGejtQ1xpn1iE4hyFwxKI`  ׉	 7cassandra://FTqC63bZ-B5y-q1WU1eYN4FlbpUrBwgq8VPW-8Pfz7gm?T͠c	j!>ט  u׉׉	 7cassandra://gfcpMcG5K5vI53gwoW_v1LdWwO_E0O2AgpnVKPYeD-w ߇`׉	 7cassandra://Kywd1N9_LG3uOSEeFKqUd-1N_vzEPC_47rl7OohY4hkZ`׉	 7cassandra://KVxkBCsBRO3FqwaTfmU7IK34xsNOOsMTg31hfLIl_5Y\`  ׉	 7cassandra://uMIIrPY_w-LlH9xz0UvSC4FELALmnt0Hhk3UYq3SrY4 |͠c	j!>׉E120 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
het gebied niet als toeristisch-recreatieve
ontvangstruimte. Er zijn nogal wat nadelen.
De parkeerplaats – waar alle terrassen op
uitzien – is louter en alleen ingericht voor
auto’s. Bij hoogtijdagen is er ook nog eens
onvoldoende capaciteit; het zuidelijk deel is
namelijk al jarenlang niet meer openbaar.
Jammer is ook dat de kernkwaliteiten
stuwwal, bos en water niet vanaf de terrassen
ervaren kunnen worden. Het gebied ligt nu
eenmaal niet aan het water en biedt geen
uitzicht op de stuwwal. Dat is ook de kern
van het probleem.
Er wordt overwogen om de parkeerfunctie te
verplaatsen en de huidige parkeerplaats in te
richten als ontvangstplein. Maar ook dan ligt
dat plein nog steeds niet aan het water.
Beter lijkt het de uitgangssituatie hart
Plasmolen intact te laten en de oplossing te
zoeken in samenhang met de Mookerplas en
zo te komen tot een integrale ontwikkeling.
In dit deelplan stellen we voor dat de
parkeerplaats blijft waar hij is en dat
nieuwe ontwikkelingen zich manifesteren
in een daartoe aangewezen ‘recreatieve
ontwikkelingszone’ aan de oostzijde van
de plas. Deze zone is een prima aanleiding
voor verdere doorontwikkeling van het
recreatiegebied Mookerplas, waarvan het
potentieel nog niet ten volle wordt benut.
De hartlijn van de zone wordt gevormd door
een royale promenade, die wordt opgespannen
tussen de parkeerplaats in het hart van
Plasmolen en de parkeerplaats bij de Grote
Siep helemaal aan de andere kant van de plas,
bij de Pastoorsdijk.
Deze Mookerplas-promenade is een ‘slow
moving’ ontwikkelingsas waaraan zich – op
welbepaalde deelstukken gelegen aan het
water – een reeks nieuwe (complementaire)
recreatie- en horecabedrijven kunnen hechten.
Deze ontwikkeling vraagt om een doordachte
functionele ordening en een bijpassende
architectonische verschijningsvorm. Denk
aan creatieve functiecombinaties van horeca
met terrassen aan en op het water, outdoor
en indoor, winkeltjes, mobiele verkoop en al
dan niet een geleding voor wandelaars, fi etsers
enzovoort.
In het kader van Sleutelproject N271 is ter
hoogte van de Grote Siep tussen de waterloop
en de Rijksweg een ‘ontwikkellocatie Toerisme
en Recreatie’ voorzien.
In de zuidoosthoek van de Grote Siep,
waar de huidige parkeerplaats ligt, zou een
markante en uitnodigende entree naar de
promenade kunnen worden aangelegd.
Het bestaande bos wordt zo goed mogelijk
in tact gelaten en waar nodig opgewaardeerd.
De promenade voert door het ‘schiereiland’
Zevenbergen maar verandert hier van
karakter; de natuur en de aanwezige
grafheuvels (Rijksmonument) worden
gerespecteerd; hier kan een Archeologisch
Informatiepunt worden ingericht.
Ter hoogte van de recreatieweiden bij de
Siep kunnen nieuwe (verblijfs)functies
zich concentreren in een speciaal daartoe
aangewezen ontwikkellocatie, die de
Mookerplas-promenade verder kan versterken.
Om ontwikkelaars over te halen te investeren
in recreatiegebied De Mookerplas, zou wel
het huidige betaald-parkerenregiem van de
parkeerplaatsen aan de Pastoorsdijk moeten
vervallen. Alleen dan krijgen Mookerplas en
specifi ek de promenade een reële en faire kans
om tot ontwikkeling en bloei te komen.
Meerdere gastvrije entrees en doorzichten
naar Maas en plas
Een van de aspecten die steeds terugkeren
op verscheidene plekken in het Maasdal, is
de aanwezigheid van attractieve entrees en
uitnodigende doorzichten c.q. uitzichten
op het water. Zo zal het Raadhuisplein
in Mook in de toekomst vanaf de N271
een opwindende doorkijk op de Maas en
de Maaskade-activiteiten kunnen bieden.
Op dezelfde wijze kunnen passanten vanaf
de N271 ter hoogte van de Pastoorsdijk
in Plasmolen aangelokt worden door de
schittering van de tot dusver verholen
Mookerplas; dat is namelijk de enige plek
waar de recreatieplas zijn aantrekkelijke fysiek
aan het doorgaand verkeer kan etaleren.
Bij de genoemde, geplande pleisterplaats langs
de Rijksweg in Plasmolen ter hoogte van de
Witteweg kunnen stuwwal én Mookerplas
worden aangeprezen.
Beekdal Tielebeek en vakantiepark ‘De Wankum’
De zuidoostelijke rand van de Mookerplas
is opvallend onderontwikkeld, wat indirect
ook uit de Structuurvisie Mookerplas en
omgeving valt af te lezen. Door de dichte
beplantingsrand wordt de plas aan het zicht
ontnomen; ze ligt volstrekt geïsoleerd. Door
bestaande bomen fl ink op te snoeien en her en
der wat te kappen komt de ‘waterrecreatieve
parel’ uit zijn oester. Hier liggen fantastische
kansen. Zeker als wordt samengewerkt met
de gemeente Gennep. De Pastoorsdijk is
misschien gemeentegrens, maar absoluut
geen fysieke grens! De relatie met de plas is
cruciaal.
De hoger gelegen open veldakkers tussen
Pastoorsdijk (west), Tielebeek (oost),
Vliegop (zuid) en Rijksweg (noord) vormen
׉	 7cassandra://ddFkCWVqL9bHN8ps177B8RyGejtQ1xpn1iE4hyFwxKI`  c!j!>׉E
=MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 121
het sleutelgebied voor twee ruimtelijke
ordeningsvraagstukken: de revitalisatie van de
Mookerplas en de robuuste renaturering van de
Tielebeek.
De Tielebeek – van origine een gegraven
waterloop – zou eventueel op termijn de
status van ‘beek met beekdal’ kunnen krijgen
door het maaiveld over de gehele lengte van
de loop tweezijdig verlagen tot bijna op de
waterspiegel. De breedte van dit artifi ciële
beekdal kan variëren van 50 tot 100 meter.
Er is al wel een actueel plan voor beekherstel,
maar een breed beekdal kan deze ecologische
verbindingszone (EVZ) tussen Maas,
Koningsven en stuwwal aanzienlijk robuuster
maken. De grond die uit het dal vrij komt
kan uitgespreid worden over het aanpalende
veld. Een dergelijke maatregel past niet in
het actuele beleid van het waterschap Peel en
Maasvallei.
Dit veld met als toegangsweg De Wankum
kan zich vervolgens ontwikkelen als
hooggekwalifi ceerd duurzaam vakantiepark.
De verblijfsaccomodaties liggen hier
straks in ruim opgezette streekeigen
beplantingsstructuren. De randen zijn ten
minste 15 m breed zodat ook in de winter
de bebouwing verholen ligt. Langs de
Pastoorsdijk is dit niet zo, hier kijken de
vakantiewoningen en hotelappartementen
wijds over het water en de verbeterde en
verlengde stranden van de Mookerplas.
Pastoorsdijk en parallelle promenade – in het
verlengde van de Mookerplas-promenade
– zullen zich ontwikkelen tot een geliefde
passage met over de gehele lengte zicht op
de plas. Een hele kwaliteitsslag aangezien
de Witteweg alleen op de smalle brug
gelegenheid biedt voor een snelle blik op het
water.
De vista, het open zichtveld op de plas vanaf
de N271, wordt bij de ruimtelijke uitleg van
het vakantie park gevrijwaard.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De Mookerplas staat via de kanaalmond
in verbinding met Mookervoorhaven en
Maas. Waterfront Mook is uitdrukkelijk de
‘kop’, het vriendelijke gezicht, van de zich
diversifi ërende Mookerplas. Het ‘voetstuk’
waar de Mookerplas straks stevig op staat is
het luxe ‘groene’ vakantiedorp en de voor
recreanten geoptimaliseerde waterkant en
Pastoorsdijk. Tussen ‘kop’ en ‘voetstuk’ lopen
parallel aan de plas diverse paden en wegen.
Door de Mookerplas-promenade wordt
concreet invulling gegeven aan de ‘missing
link’ in het zo begeerde ‘rondje plas’ voor
fi etsers en wandelaars.
Door de toegang tot de regio te markeren met
een Noorder- en een Zuiderpoort wordt de
samenhang van dit unieke gebied benadrukt.
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
Niet van toepassing
De Tielebeek ter plaatse van de kruising met de N271
׉	 7cassandra://KVxkBCsBRO3FqwaTfmU7IK34xsNOOsMTg31hfLIl_5Y\`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://1orC6Qp0ncA-cKZY-baIutoja6-htJo8ueS-OLzcU-E `׉	 7cassandra://eTI2IQSKQ6j974Kzi3unoBmitxqpjm5tNZAomiKF_Eg5`׉	 7cassandra://kFEb0aNY-UXWyIVC3GkQuyuagKgumlqhV0pzO7oO0SM`  ׉	 7cassandra://eFMXDntyyxaEeyW0q0P_NVDjoFZbN461XmOLnob_sTAJ͠c	j!>ט  u׉׉	 7cassandra://POFrdoY_zKaMPO8VU2FJep891Azmw0myrmMzT05Vp94)` ׉	 7cassandra://tTKun_SXziG21mH7o-iDcGh9K7_cMEDMIzkmlr7VUhc` ׉	 7cassandra://MU7F-r9Uw3r22xTTu7Zb91i3RZbK-3d0XJG5EE6HgOk `   ׉	 7cassandra://3dd6iOPgFA84ym1jFaWvCWC2pvt9ktebj-CwGvqF9rUV͠c	j!>׉EC122 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
ACTIEMATRIX _ deelplan 3 Plasmolen en de Mookerplas
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Points of interest ontsluiten
 Grafheuvels Zevenbergen: archeologisch info punt (AIP)
Visueel ontsluiten Mookerheide
‘De Swaere Noodt’ zou in de toekomst gastenhuis annex
informatiecentrum kunnen worden. Vooruitlopend daarop worden
aangelegd:
 Uitbreiden heide tot aan Rijksweg. Kap- en snoeiwerk t.b.v.
landschapsetalage met direct zicht op heide

Pleisterplaats Mookerheide met veilige ingang en vergrote
parkeerruimte
 E.e.a. combineren met realiseren nieuwe ‘regiopoort’
Visueel ontsluiten Mookerplas
 Realiseren direct zicht op plas t.h.v. Pastoorsdijk
Recreatieve ontwikkelingszone (Revitalisatie Mookerplas)
 Ontwikkellocatie Hart Plasmolen en markante entree naar
Mookerplas-promenade i.s.m. de lokale ondernemers reorganiseren
 ‘Promenade Mookerplas’ als hechtingsas voor diverse functies,
planologisch voorbereiden.
 Horecapaviljoen met watersportcentrum en gastensteiger (recreatieve
hotspot Pastoorsdijk)
Beekdal Tielebeek & nieuw vakantiepark ‘De Wankum’
 Beekherstel: versterken EVZ door verbreden beekdal
 Snoei- en kapwerk t.b.v. doorzicht vanaf N271
 ontwikkellocatie opnemen in gebiedsontwikkelingsplan
(structuurvisie + bestemmingsplan Buitengebied).
 Nieuw duurzaam vakantiepark. Integreren zorgvakantieaccommodatie
Tabel
4: actiematrix deelplan 3
Ondernemers i.s.m.
waterschap en gemeente
Ondernemers i.s.m. gemeente
Ondernemers i.s.m. gemeente
Gemeente
Gemeente i.s.m. beherende
instanties
׉	 7cassandra://kFEb0aNY-UXWyIVC3GkQuyuagKgumlqhV0pzO7oO0SM`  c!j!>׉E %MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 123
׉	 7cassandra://MU7F-r9Uw3r22xTTu7Zb91i3RZbK-3d0XJG5EE6HgOk `   c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://AgZBa0i-PKI9_HVEGIceWtbkzheY2SQ-8DIMTHws-os M`׉	 7cassandra://fhw8qaoetL5zhXywCGS1yW23bla6pubRBjfwmj_Vo7k͚`׉	 7cassandra://uN3ZmwtIhSVB8Qpzg-O2444K12zsigQcONZhvfgpkBo*`  c
+j!>`ט  u׉׉	 7cassandra://8iFypPwgEqQtGXmRlWG_NDpiYYXIgZA1ooO-SEDc5SQ `׉	 7cassandra://pie-bpgpz_uXQKUI1neD2HoIOt1c8WZymSLHC35D_BYX~`׉	 7cassandra://uAeObao3MBUHs8iVBGW3vp_MY-zc7kmsPnHiv_QCkhMx`  ׉	 7cassandra://3zi3TvzKZERQHGxV7i_1q3fBp_2baVdb7NLQiLF4wCsͺr͠c
+j!>a׉E124
׉	 7cassandra://uN3ZmwtIhSVB8Qpzg-O2444K12zsigQcONZhvfgpkBo*`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 125
Deelplan 4 Bezoekerscentrum Noordelijke Maasvallei
Gemeente
Maaskant
: Gennep
: oost
Hoogwatermaatregel : geen
Locatie
: Bloemenstraat Milsbeek
UITGANGSSITUATIE
Op nog geen 80 m afstand van de Maas
aan de Bloemenstraat te Milsbeek ligt op
een verhoogd terrein in de uiterwaard
het verlaten complex van de steenfabriek
‘Huisman’. De Bloemenstraat, die de hoogte
van de stroomrug volgt, wordt daar waar de
rivierduinen dit toelaten begeleid door enige
lintvormige woonbebouwing. Het verhoogde
terrein is omdijkt en heeft globaal een omvang
van 600 x 130 meter.
zou de noordelijke Maasstreek zich kunnen
profi leren en promoten. Van hieruit zouden
die de Maasvallei kunnen verkennen en
ontdekken. Het gebouwencomplex van
de voormalige steenfabriek is is niet echt
representatief en op delen is het verval
zichtbaar. Onderzocht kan worden of
onderdelen geschikt zijn voor hergebruik. De
uitdaging zou kunnen zijn de herinnering aan
en de beleving van de oude steenfabriek op
enigerlei wijze tastbaar te maken.
Een dergelijk bezoekerscentrum zou moeten
kunnen instaan voor een economische
haalbaar concept onder meer door
samenwerking met bedrijven.
Ter inspiratie wordt hierna een opsomming
gegeven van mogelijke functies en
voorzieningen, waaruit een succesvolle mix
kan worden samengesteld.
STREEFBEELD
Bezoekerscentrum Noordelijke Maasvallei
De locatie is op termijn kansrijk als een
bezoekerscentrum voor de Maasvallei. Hier
Functie – ontvangst en infobalie
Het Bezoekerscentrum zou het begin
kunnen zijn van een wandeling, fi etstocht
of bootexcursie met informatie over fl ora en
fauna, landschap, archeologie en (cultuur)
historie van de hele Maasvallei; ook kan
aandacht worden besteed aan naburige
karakteristieke gebieden als de Maasduinen,
Mookerheide en de St.-Jansberg. Verder kan
worden verwezen naar bijzondere belevingen
en attracties in de nabije omgeving, zoals
Keramiek Experience en de Martinustoren
in Gennep. Er zou een speciaal programma
gemaakt kunnen worden voor de jonge
bezoeker, scholen en mensen met een
beperking. Er kan hulp geboden worden
bij het samenstellen van georganiseerde
(commerciële) activiteiten en arrangementen.
Men kan terecht voor inlichtingen over
alternatieve logementen, eten en drinken,
educatieve paden en digitaal ondersteunde
wandelingen.
Functie – Transferium
Het bezoekerscentrum zou het kloppend hart
kunnen worden van een toeristisch-recreatief
netwerk van land- en waterroutes, met een
transferiumfunctie en een ruime parkeerplaats
voor toeristen die van hieruit hun reis starten.
De eigen haven is uniek en geschikt als
‘Maashalte’ en aanlegplaats voor passanten,
maar ook voor botenverhuur.
En natuurlijk kunnen van hieruit van
hieruit allerlei tochten en excursies beginnen
met (educatieve) thema’s (beeknatuur,
ontstaan stuwwal, historische veldslagen
enz.). Denk aan routes als het Tielebeekpad,
het Stuwwal geo-pad en het StaatsSpaanse
circumvallatielinie-pad (volgt beide
Maasoevers, zoals in 1574 de legers van de
׉	 7cassandra://uAeObao3MBUHs8iVBGW3vp_MY-zc7kmsPnHiv_QCkhMx`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://jW7SGATcy3V9H4SA8UF10qbElb4nkWfehuzSsftbiFU s`׉	 7cassandra://eLlYlJrpK3ZKaFL8QOtVN50MqWfjWTrGMHqABV6vSqke`׉	 7cassandra://igcNIwlXbVGHhcJBKJhBeutNy56ezMvP2t-4YPiQOjcB`  ׉	 7cassandra://6CR8kodhFoawC6eYanGH63FJpnLcFHn0eGkSkV2Yg70uT͠c
,j!>cט  u׉׉	 7cassandra://YtfadgltNqT8yPs-2pxw0v55EpsZmrNSrXCIREZQPV8 [`׉	 7cassandra://ZhGwYzoryeRL4e4r-oo_H4jmSQ6zeQz1QByecgWcEdIK[`׉	 7cassandra://FcgC9L_IULXJOF64alWFBkLxpbd1_MrIQH52prAhwrc `  ׉	 7cassandra://uAi_ZRYpGST0Bl5e-yeLGvutpEaDefHw6O_OUMkcY6Q ^Z͠c
,j!>d׉EG126 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Spanjaarden en de Nassau’s, letterlijk in
aanloop naar de Slag op de Mookerheide).
Functie – Horeca
Het bezoekerscentrum zou een volwaardige
horecagelegenheid kunnen huisvesten met
een zonnig terras en een uniek panorama:
een prachtig uitzicht met aan de ene kant
de glinsterende Maas en aan de andere kant
de glooiende bosgordel van de stuwwal.
Vanzelfsprekend kun je daar lekker eten en
drinken. Mogelijk kun je er overnachten,
bijvoorbeeld in een low budget hotel. Verder
kan het uitgebaat worden als gelegenheid voor
vergaderen, educatie en feesten.
Functie – Evenementen
Het centrum leent zich wellicht voor het
huisvesten van een jaarlijks terugkerende,
regionale evenementen die kunnen zorgen
voor een substantieel deel van de inkomsten
en zo een belangrijk fundament leggen voor
de rentabiliteit.
Functie – Valleiwinkel
In een inpandige valleiwinkel zouden
allerlei producten verkocht kunnen worden
die in verband staan met de Maasvallei
en haar bewoners, denk aan: knuff els van
representatieve Maasdieren (das, knofl ookpad,
ree) en boeken over de geschiedenis en
natuur van Maas en Maasvallei, maar ook
worden hier typische streekproducten en
streeklekkernijen.
Functie – MaasMuseum
Het bezoekerscentrum zou een
‘MaasMuseum’ kunnen herbergen met een
vaste expositie die het verleden verbeeldt
en verhaalt over hoe vroeger was. Met
onderwerpen als archeologie, natuur- en
cultuurhistorisch erfgoed, kunst en keramiek.
Verhalen, sagen en legendes voor jong en
oud, over geheimen, rampen en bijzondere
mensen in de Maasvallei; over kastelen,
(roof)ridders, heren en heerlijkheden; over
‘sporen in het landschap’, maar ook over
natuurbescherming en bijzondere dieren en
planten. Een aantal instellingen kan een vaste
expositieruimte inrichten. Daarnaast zijn
er wisselende (kunst)exposities, met thema’s
die op de een of ander manier betrekking
hebben op het leven, werken en genieten in
de Maasvallei. Er zijn tentoonstellingsruimten te
huur (zowel binnen als buiten). Het museum
heeft een mediaruimte met interactieve
computerprogramma’s en een kindersite. De
fi lmzaal vertoont natuur- en cultuurfi lms,
voor jong en oud.
Functie – Heemtuin
Een heemtuin zou de inheemse fl ora ter
introductie en instructie kunnen presenteren.
Op het ruime terrein van de voormalige
steenfabriek zijn de diverse habitats of
ecotopen van de Maasvallei in NoordLimburg
nagemaakt, zoals ze voorkomen
in de uiterwaarden (op ruggen en in
geulen), op het terras (bossen, kampen en
paraboolduinen) maar ook nabij en op de
stuwwal. Een ideale plek om plantenkennis bij
te spijkeren. In een afgeschermd wild deel van
de tuin staat de Kabouterhut, waar kinderen
de geheime wereld van de ‘rivierkabouters’
kunnen ontdekken.
Buitendijks struinen in omgeving
bezoekerscentrum
Bij de voormalige steenfabriek is de uiterwaard
heel smal, daardoor zijn de oude runderrassen
die hier grazen vanaf het terras heel goed te
zien. Deze dieren zorgen voor een natuurlijk
evenwicht in de ruige bloemrijke graslanden
van het aaneengesloten uiterwaardengebied
zonder afscheidingen, dat grofweg gelegen is
tussen Maas en Bloemenstraat en verhoogde
Rijksweg, van Middelaar tot de Oeff eltse
Brug. Een heerlijk gebied om na een bezoek
aan bezoekerscentrum buitendijks te struinen.
Enkele honderden meter stroomopwaarts
mondt de Niers uit in de Maas en liggen de
gereconstrueerde aarden verdedigingswerken,
ook wel hoornwerken genoemd, van het
Genneperhuis. Een brug over de Niers leidt
naar de ruïne van de burcht zelf. Van hier
wandelt men door de Maaskemp (zie deelplan
6) in een half uurtje naar het historische
centrum van de versterkte stad Gennep, of in
ongeveer drie kwartier naar de nieuwe luxe
jachthaven ‘De Paesplas’.
Stroomafwaarts gaat het naar de monding
van de Tielebeek – waar een wandelroute ‘van
monding tot bron’ tot op de stuwwal voert –
en langs de boerderij, gebouwd op de relicten
van Huize Middelaer door het monumentale
Maasheggenlandschap naar de veerpont
Cuijk-Middelaar.
Tielebeek; robuuste ecologische
verbindingszone
Een actueel plan voor beekherstel zal
binnenkort tot uitvoering komen. In het
kader van het Masterplan Maasdal kan de
Tielebeek – als ecologische verbindingszone
(EVZ) tussen Maas, Koningsven en stuwwal –
in de toekomst een aanzienlijke kwaliteitsslag
maken.
Een hooggekwalifi ceerd duurzaam
vakantiepark langszij de Pastoorsdijk
׉	 7cassandra://igcNIwlXbVGHhcJBKJhBeutNy56ezMvP2t-4YPiQOjcB`  c!j!>׉E MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 127
Uitzicht over de uiterwaarden vanaf de uitkijktoren bij de ruïne van het Genneperhuis met rechts de voormalige steenfabriek en in het midden de
kerk van Cuijk
׉	 7cassandra://FcgC9L_IULXJOF64alWFBkLxpbd1_MrIQH52prAhwrc `  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://eLwXEtolmSNWMo0-1iMdCTTOXyNUZU8rZNEK_GU7psg (`׉	 7cassandra://gaCboz7qXCDpMAs66WDXPVZC_GmW7QWLXR9wC-CCITc͕`׉	 7cassandra://E8gyX5hwNZRiIERoBK_y9MmTqumZDOFUUz_4nl4uweo+`  ׉	 7cassandra://HuIyO7-7Rmdh4v6J9LBwFynW8aVbksjwwSVTzqh-bSc 6X͠c
,j!>fט  u׉׉	 7cassandra://pKDHPjXMCvK5B2ghTKKKqchKjhDJ_BA0IDKSX_WIhZ4 `׉	 7cassandra://S-kcJIKQ8q63y-P7GNJEBzqOw74uFkR625TGNS9T0no>c`׉	 7cassandra://CwldO5I3am4mInVTPHyzZe71brlqrByBLKA4bFw9GrA`  ׉	 7cassandra://--i2iWdpUuxslcjNvQbuyRL7LXxz7-c-QOVp1BklQWMm͠c
,j!>g׉E (Het vestingterrein van het Genneperhuis
׉	 7cassandra://E8gyX5hwNZRiIERoBK_y9MmTqumZDOFUUz_4nl4uweo+`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 129
binnen de gemeente Gennep zoals
voorgesteld in deelplan 3, biedt unieke
kansen op compensatie en voortschrijdende
ontwikkeling van de EVZ tot een robuuste
verbinding (RV). De Tielebeek – van origine
een gegraven waterloop om de venen te
ontwateren voor ontginning – kan alsnog de
status van beek met beekdal krijgen als over
de gehele lengte van de loop, tweezijdig het
maaiveld verlaagd wordt tot plas-drasniveau
en de iets hoger gelegen fl anken daarbij
worden meegenomen in de landschappelijke
inrichting. De geïsoleerde zompige laagte
tussen de rivierduinen Bloemenstraat en
De Bulten kan een waardevolle natuurkern
vormen in de fl ank. De breedte van het aldus
ontstane beekdal kan variëren van 50 tot 100
meter en meer. De monding van de Tielebeek
verdient ook extra aandacht. Ongeveer
500 m stroomafwaarts van het geplande
bezoekerscentrum loopt de Tielebeek
rechtstreeks in de Maas. Hier ligt een viertal
plasjes direct aan de Maas; als die onderling
verbonden worden, ontstaat parallel aan de
Maas, een luw meestromend waterelement
met fl auwe natuuroevers op het zuiden waarin
de Tielebeek zijn heldere kwelwater kan lozen.
Een geliefd watermilieu voor vissen, dat
mogelijk de soortenrijkdom in de beek nog
verder doet verhogen.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
Het Bezoekerscentrum Noordelijke Maasvallei
fungeert als hart van een deels nieuwe
toeristische infrastructuur met hoogwaardige
fi ets-, wandel- en bootverbindingen die
aansluiten op bestaande verbindingen aan
beide zijden van het Maasdal. Vanaf de
N271 is het Bezoekerscentrum bereikbaar
via Bloemenstraat en Pastoorsdijk (vanuit
Plasmolen) en Bloemenstraat (Milsbeek/
Gennep).
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
Niet van toepassing
ACTIEMATRIX _ deelplan 4 Bezoekerscentrum Noordelijke Maasvallei
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
Bezoekerscentrum Noordelijke Maasvallei
 Organisatie, financiële middelen en maatschappelijke inbedding
 Restaureren voormalige steenfabriek en nieuwbouw centrum
 Maashaven geschikt maken voor ontvangst en vertrek
 Inrichting diverse functies: info, museum, horeca, tuin, parkeerplaats,
etc..
Tabel 5: actiematrix deelplan 4
WIE
Ondernemers i.s.m. regio en
provincie
׉	 7cassandra://CwldO5I3am4mInVTPHyzZe71brlqrByBLKA4bFw9GrA`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://yM8Olm1u8n7mSAxVvWIPq4JMMuyMzIu0EjJESjiSIr4 `׉	 7cassandra://-Ki1QQVcSxmEm_jDNDM63jqCPnUb_J-4CLSV_-wXxaY͝[`׉	 7cassandra://9ywnmLQ6sxL1QgSC9IH5uDUoK0yJoPdU8SHnv_BdZK0*[`  c
j!>ט  u׉׉	 7cassandra://DlFzFCmZJqGIxcTOWCMKSs2CQwsMn9IwPjg2Bbp2RjU d`׉	 7cassandra://30xbSt4WJqQLlSzHDsl8CRtCd6w3pWH98_BZRhH6Y8wLU`׉	 7cassandra://X7jtWywJhwjpf5K3e-7pyXVMh-jItHSBcsb7wPLWZ84U`  ׉	 7cassandra://mfyVhKZW5ludoKEjmnBTRPOVUaQjKqBBK_2LgRbcTXw v͠c
j!>׉E׉	 7cassandra://9ywnmLQ6sxL1QgSC9IH5uDUoK0yJoPdU8SHnv_BdZK0*[`  c!j!>׉EbMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
131
Deelplan 5 Genneper rivierenpark
Gemeente
Maaskant
: Gennep
: oost
Hoogwatermaatregel : meestromende nevengeul
Locatie
: tussen rkm 157,5 en 156,5
UITGANGSSITUATIE
Frankische nederzetting
De Maaskemp, een uitgestrekt
graslandengebied in de uiterwaarden
tussen Gennep, N271, het Genneperhuis
en de Maas is archeologisch en
cultuurhistorisch van zeer hoge waarde.
In de directe omgeving van Gennep zijn
er vele vroegmiddeleeuwse vindplaatsen,
hetgeen niet verwonderlijk is door de
strategische ligging in de oksel van
Niers en Maas. In de Maaskemp is bij
opgravingen in 1989 een nederzetting
ontdekt uit de late 4e en 5e eeuw. De
nederzetting is waarschijnlijk rond 390
gesticht door Franken in Romeinse dienst,
mogelijk gelegerd in de nabijheid van een
burgus, wellicht op de plaats van het latere
Genneper huis bij de samenvloeiing van
Maas en Niers. De nederzetting op de
Maaskemp was waarschijnlijk de basis van
een Frankische warlord.
Plattegrond van Gennep-Maaskemp (foto
uit H.A. Heidinga & G.A.M. Off erberg, Op
zoek naar de 5e eeuw, Amsterdam 1992.
Het Genneperhuis
Aan de monding van de Niers ligt het
Genneperhuis, een burcht en versterkte
vesting. De geschiedenis van het huis gaat
terug tot de elfde eeuw. Mogelijk was het toen
een omgrachte donjon. In de loop van de
middeleeuwen ontwikkelde het Genneperhuis
zich tot een imposante versterking. Lange
tijd bood het kasteel thuis aan de Heren van
Gennep. Nadat het korte tot het Hertogdom
Gelre behoord had, werd het in 1442
verkocht aan Kleef. Tijdens de Tachtigjarige
Oorlog speelde de burcht een belangrijke
rol in de verdediging van het gebied rond
Gennep. In 1641 was ze in Spaanse handen.
Na een grootscheeps beleg door prins Frederik
Hendrik in datzelfde jaar capituleerden
de Spanjaarden. Bij de belegering werd
een 24 kilometer lange verschansing rond
De ruïne van het Genneperhuis
׉	 7cassandra://X7jtWywJhwjpf5K3e-7pyXVMh-jItHSBcsb7wPLWZ84U`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://XeZvJ-Mz2Ldg6er0jMibmYgujZvceal79yMWKhqL93c `׉	 7cassandra://I5ye2FnxSNUyjPYbm5IFLaBfbspvRPX7wBC5rXmm7wc\`׉	 7cassandra://UX3e-0f_WbcqQofMmK3saQwBBNHy373i8wlOcHyetZ4`  ׉	 7cassandra://H4_9wbxavoNvxZ6D-FY9WHzTOgJMvGKJUu4uZl7SCuY BX͠c
j!>ט  u׉׉	 7cassandra://7B5QbqtHsMlAEYdgXjXxL7n3gSYOi5a7v9ObnkKbm7o `׉	 7cassandra://Y3Z1xXuzG6X2UK6ie4kc54KsLZPioHojRI332Qn70kkGx`׉	 7cassandra://8b2QexxuebHNOBNpEZu4bgkjkjiDPSqW9bDh3Ofo4vA`  ׉	 7cassandra://-3QsgvXlQQnOBMQ6tRBGvz5J1OdMKFcP884ELS3AJUcGL͠c
j!>׉E
3132 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
het Genneperhuis aangelegd, ook wel
circumvallatielinie genoemd. De relicten van
deze ‘insluitingslinie’ zijn nog op de AHN
nog duidelijk zichtbaar en zijn het zeker
waard om beschermd te worden.
Het Genneperhuis werd uiteindelijk verwoest
in 1710 door de Fransen. In 2011 werd de
gedeeltelijke reconstructie van kroonwerken
en grachten voltooid, waarmee de locatie een
toeristische trekpleister is geworden. De ruïne
van het huis en zijn verdedigingswerken heeft
de status van beschermd monument, maar dat
zou gezien de unieke historische continuïteit
voor de hele Maaskemp moeten gelden.
Het aanwezige hoogwaardige
cultuurhistorische erfgoed maakt een
ingrijpen in dit hele gebied ongewenst.
STREEFBEELD
Middelweert
Voorgesteld wordt een reconstructie
van de oude middelweert, een soort
zandplaat in de buitenbocht van de rivier
– een beperkte maatregel ter hoogte van
rivierkilometer 156. De meestromende
geul, die het eiland scheidt van het vaste
land, is ongeveer 1 km lang en 30 á 40
meter breed en heeft een eroderende
steilrand langs de Maaskemp en een
fl auwe zandige oever aan de weertzijde.
Mogelijk ontstaat op termijn een te
sterke afkalving, dan is interventie nodig
en kan de steile oeverkant beschermd
worden tegen verdere erosie. Dit plan
is niet zozeer belangrijk vanuit de
hoogwaterproblematiek – de bijdrage
is slechts een centimeter – de kwaliteit
is vooral cultuurhistorisch en ligt in de
reconstructie van een eiland dat nog
zichtbaar is op een kadastrale kaart van
het hertogdom Kleef uit de vroege 18e
eeuw. De inrichting is bovendien van
ecologische betekenis. De meestromende
nevengeul heeft namelijk een zeer hoog
natuurrendement. Zo’n meestromende
nevengeul stroomt ook nog mee bij lage
afvoeren van de Maas. Een ecotoop die
nog weinig voorkomt langs de Maas.
Een dergelijke geul heeft een belangrijke
functie voor vis die in de rivier leeft,
bijvoorbeeld als paaiplaats (eiafzetting
en bevruchting), als opgroeiplek van
larven of migratie langs een stuw
(natuurlijke vistrap). Karakteristieke
soorten die zich ook aangetrokken
voelen tot dit natuurtype zijn onder
meer ijsvogel, oeverzwaluw, grote
gele kwikstaart, beekrombout(libel),
weide- en bosbeekjuff er. De oevers
van de Maas worden over grote lengte
natuurlijk ingericht. Deze zogenaamde
‘ecologische corridor’ vormt samen met
de middelweert en de meestromende
nevengeul een natte natuurkern. De
waterstandverlaging die hiermee wordt
bereikt is beperkt, slechts 1 cm, maar
ecologisch en cultuurhistorisch van grote
betekenis.
Gereconstrueerde kroonwerken en grachten
׉	 7cassandra://UX3e-0f_WbcqQofMmK3saQwBBNHy373i8wlOcHyetZ4`  c!j!>׉E	MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
133
Genneper Rivierenpark
Het totale uiterwaardengebied aan beide
zijden van de Niersmonding, vanaf
het dorp Middelaar tot aan de brug
bij Oeff elt, is ongeveer 200 ha; ruim
genoeg om een schaapskudde (grotere
dieren vertrappen de steilranden van de
gereconstrueerde kroonwerken van het
Genneperhuis) een habitat te geven. De
ruige graslanden begraasd door schapen,
de Tielebeek met natuurwandeling,
het Bezoekerscentrum Maasvallei, het
Genneperhuis met kroonwerken, de
middelweert, het historisch centrum
Gennep met rechtstreekse toegang
van en naar de Maas, het opnieuw
geopende voet- fi etsveer en de jachthaven
Paesplas, het zijn stuk voor stuk zeer
belevenswaardige bouwstenen die
gezamenlijk een fenomenaal rivierpark
vormen dat niet snel vergeten zal worden.
Wanneer we dan ook nog in staat zijn om
een krachtige ecologische verbinding van
enig formaat tussen Maasdal en Niersdal
te bewerkstelligen kunnen we met recht
spreken van een ‘rivierenpark’.
Dan zullen we echter de fysieke
blokkades van de twee dwarsdammen
Nijmeegseweg en meer nog de N271
moeten opheff en; uiteraard vraagt dit
om inventieve oplossingen die op een
verantwoorde wijze rekening houden met
hoogwaterveiligheid. De grondlichamen
van deze wegen die de Niers kruisen
zullen worden ingekort; de overbrugging
wordt verlengd zodat genereus vrije
ruimte ontstaat voor passage en
uitwisseling voor fl ora en fauna, grazende
dieren en wandelaars.
Daar waar eens het grote waterrad van
de eerste papiermolen van het latere
Nederland stond, zou opnieuw een
omvangrijk energiegenererend waterrad
werkzaam kunnen zijn. Daartoe zou
dan gelijktijdig een stuwwand met
cascade in de Niersstroom aangebracht
kunnen worden. Dit heeft de potentie
om een opvallend landmark te worden.
Onderzoek naar de precieze uitstraling
en gebruiksmogelijkheden is dan
ook zekere zinvol. Een peilopzet van
de Niers zal de uiterwaarden doen
vernatten. Het brede Niersdal bij
Gennep met zijn zompige uiterwaarden
en kronkelige nevengeul, is vanouds
een ecologisch hoogwaardevol gebied.
Met name de stroomdalgraslanden, iets
stroomopwaarts bij Zelder, zijn beroemd
bij natuurliefhebbers en geven een goede
indruk wat mogelijk ook bij Gennep in
het verschiet ligt. De cascade is feitelijk
een goed doordachte vistrap. Vanaf het
gezellige horecaterras op de zwevende
‘boardwalk’ onderlangs de hoge kademuur
kijkt men op rad en cascade, een waar
spektakel.
׉	 7cassandra://8b2QexxuebHNOBNpEZu4bgkjkjiDPSqW9bDh3Ofo4vA`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://ObCWi7AThBI4McPK6Xb0DtnqQ81YfN4BBIlJ5P-mDvY `׉	 7cassandra://EoFXPZ8ktca4aKymPwTOakUm2IE_zhopV3FqJL6iqiMG`׉	 7cassandra://gBBMtglT5KjXsR35mIQFVttsqQhiOmmfGCIV-EwmrBkY`  ׉	 7cassandra://ZkbmvNuEQE-OvHLtgdEZqSE5Av89E-s_FeWg-f2sjiA ̞͠c
j!>ט  u׉׉	 7cassandra://72KwABG3RKja2hSCprvAoG7uk84y_RMjOLpRqrWt3z0 [`׉	 7cassandra://gKmJgU1vf5kc02FpdVk_2h5ArdQ-doEfwjbtf2o0k6Y&`׉	 7cassandra://yql1K247cgyvV9_sZVZMFAb8bkIEEq0d490_wW_hABA`  ׉	 7cassandra://JKT6yVjZ8eo3Km1IPZRFTdx8dV7dpQ6w8gI_Vptvo7MH͠c
j!>׉E134 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
VERBINDINGEN EN TOEGANKELIJKHEID
De uiterwaarden langs de Bloemenstraat – waar ook het
bezoekerscentrum is gepland – en Maaskemp zijn via een
brug over de Niers verbonden. De hekwerken zouden
op termijn kunnen verdwijnen en dan kunnen bij de
toegangen ’wandelaarsvriendelijke’ klaphekjes worden
aangebracht. Vanaf de bandijk bij Middelaar kun je ook
– zonder obstakels – met de fi ets via de Bloemenkamp
een stukje door de uiterwaarden fi etsen. Daarna gaat het
verder over de Bloemenstraat, langs het Bezoekerscentrum
Maasvallei in de voormalige steenfabriek tot je bij de
Smelenberg weer opnieuw de uiterwaard in kunt met de
fi ets. Vanaf hier kun je de brug over de Niers nemen en bij
de ruïne de Genneperhuisweg volgen. Deze brengt je in
Gennep-stad of via de Veerstraat, bij het voet- en fi etsveer
– dat geheel volgens plan – in het zomerseizoen weer vaart.
Ook dit veer past in de ‘ladder’ van dwarsverbindingen
voor langzaam verkeer over de Maas.
Maar je kunt ook verder door het Maasdal, onder de
Oeff eltse brug door. Veerstraat en Paesplasweg sluiten hier
voortaan naadloos op elkaar aan.
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Vergraving
: 8,1 m + NAP
• Waterstandsverlaging (cm) : 1 t.h.v. rkm 156,5
• Bijdrage in m2
: meestromende nevengeul
: 118
Figuur 4: waterstandseffect van deelplan Genneper Rivierenpark
De brug over de Niers richting de ruïne van het Genneperhuis
׉	 7cassandra://gBBMtglT5KjXsR35mIQFVttsqQhiOmmfGCIV-EwmrBkY`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 135
ACTIEMATRIX _ deelplan 5 Genneper rivierenpark
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Maashalte
Kade gastvrij inrichten
Natuurrivierpark
 Overeenkomst afsluiten met ‘natuurboeren’, omtrent natuurdoel en
een eenduidige extensief beheer voor het hele uiterwaardengebied van
beide rivieren.
 Ecopassages N271 en Nijmeegseweg; wegnemen van een groot deel
van de landhoofden
 Verwijderen interne hekwerken in uiterwaarden; aanbrengen
klaphekjes in grensafscheiding
 Nieuwe routes door Niersdal en langs Tielebeek
 Verhaal vertellen van Genneperhuis met crossmediale communicatie
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel
Middelweert
Kleinschalige meestromende nevengeul inrichten met natte natuur:
oeverzone, plas-dras zone en poelen
Tabel 6: actiematrix deelplan 5
WIE
Rijksoverheid
Gemeente / bevoegd gezag
i.s.m. natuurorganisatie
Gemeente
׉	 7cassandra://yql1K247cgyvV9_sZVZMFAb8bkIEEq0d490_wW_hABA`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://lOOjLlodkuutjshtTrFvSbvNrkJXul9uRmJo2FuoJKI a`׉	 7cassandra://xfBHiVLz-S4syRysj_EQDSxonn417w_ZowS8J98Cwxkͤ8`׉	 7cassandra://silXF0q3T7KocbpKtaxSFnfXnwb6kFcOtVAXlQnROT0+`  c#j!>ט  u׉׉	 7cassandra://OydO-7DM7X8DAgEVcxPR34nkv-2TZpNHfbOALYJPHII "?`׉	 7cassandra://2odwOwi-6GrsZ914MtvWzpf1KXYKtqDXL15DrGAAM2Ud`׉	 7cassandra://5PaFhx657DFi9_rBYqUW_h_ojqJ7MkTlQTre-V2qFUk`  ׉	 7cassandra://MW-CW3Psfe4N3kywzAQg8Om3BEj3XEq6jEc9biLRonI @|͠c#j!>׉E׉	 7cassandra://silXF0q3T7KocbpKtaxSFnfXnwb6kFcOtVAXlQnROT0+`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 137
Deelplan 6 Gennep aan de Maas
Gemeente
Maaskant
: Gennep
: oost
Hoogwatermaatregel : uitbreiding Paesplas
Locatie
: bezuiden de Oeff eltse brug, van rkm 155,5 tot rkm 154
UITGANGSSITUATIE
Vestingstad Gennep
Gennep is als nederzetting ontstaan bij een
voorde (doorwaadbare plaats) vlakbij de plek
waar de Niers uitmondt in de Maas. Hier
kwamen de landwegen samen en kruisten
het water. Uit onderzoek blijkt dat onder de
vernielde en gesloopte oude kerk achter de
juist gerestaureerde Martinustoren al rond 750
een houten kapel heeft gestaan. Stadsrechten
en dus ook stadswallen dateren uit het begin
van 14e eeuw of zelfs nog iets eerder. De met
een gracht en muren omringde versterkte
stad Gennep was benaderbaar via twee
waterpoorten, de Nierspoort en de Maaspoort
en twee landpoorten de Zandpoort in het
zuiden en de Nieuwe Poort in het noorden.
Zandstraat, Markt en Torenstraat volgen een
hoge stroomrug en verbinden de Zandpoort
met de Nieuwpoort. Vanuit de Nieuwe poort
liep een weg rechtstreeks naar het versterkte
Genneperhuis, een burcht met omvangrijke
hoornwerken, heel strategisch gelegen in de
oksel van Maas en Niers. De Middeleeuwse
stad Gennep beschikte ooit over een
stadskasteel dat zo ongeveer op de plaats van
de huidige Sint-Martinuskerk gestaan moet
hebben. Na afbraak van het stadkasteel was de
versterkte stad zelf moeilijk te verdedigen en
werd derhalve bij de diverse belegeringen van
het Genneperhuis direct bezet. Gennep heeft
verschillende keren onder een ander bestuur
gestaan: Kleefs (1441), Pruisisch (1609),
Frans (1794), Nederlands (1815), Belgisch
(1830) en uiteindelijk Nederlands (1839).
Oude verbindingen
Door de aanleg van de rijksweg NijmegenMaastricht
in 1845 werd Gennep beter
bereikbaar.
De Noord-Brabantsch-Duitsche SpoorwegMaatschappij
(NBDS) verbond het
Nederlandse Boxtel via Uden, Veghel,
Gennep, Goch en Xanten met het Duitse
Wesel, deze lijn stond in Nederland bekend
als het Duits Lijntje. Op 15 juli 1873 kon het
traject van Boxtel naar Goch worden geopend.
Deze spoorlijn is lange tijd onderdeel van
Fragment uit de kaart Beleg en inname van
Gennep in 1641 door Frederik Hendrik
de kortste route tussen Londen en Moskou.
Voor Gennep het begin van een grote
bloeiperiode. In het najaar van 1944 wordt
de brug opgeblazen door de Duitse leger. De
geallieerden kunnen de Maas hierdoor niet
oversteken. Na de bevrijding van Gennep in
1945 wordt een baileybrug aangelegd. De
spoorlijn geraakt in onbruik en in 1971 rijdt
de laatste trein Gennep binnen. In de jaren
50 is er al een autobrug naast de spoorbrug
aangelegd, waarna ook de eeuwenoude pont
naar Oeff elt uit de vaart werd genomen.
De scheidende rondweg
De N271 bij Gennep is – vanuit het
achterhaalde perspectief de A73 aan de
rechterkant van de Maas te projecteren –
aangelegd als autosnelweg met twee rijstroken
per richting en voorzien van vluchtstroken.
De aansluiting op de Oeff eltse brug is
ongelijkvloers uitgevoerd waardoor de
N271 gelegen is op een massief en hoog
grondlichaam dat de historische stad en de
Maas op drastische wijze van elkaar scheidt.
De zogenaamde ‘Rondweg Gennep’ werd in
1977 geopend. Sindsdien gaat het doorgaande
provinciale verkeer niet meer door het
historisch centrum van Gennep. De rust is
teruggekeerd, maar Gennep ligt voortaan
alleen nog maar aan de Niers.
׉	 7cassandra://5PaFhx657DFi9_rBYqUW_h_ojqJ7MkTlQTre-V2qFUk`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://NjXqoO9wQFxZQnntx7-VCfKPdLNd-odwNqK7Zne-slM `׉	 7cassandra://ZDw7hP-QoD5Xa5t2Bt6D9A-mAD1aZg0iqID4M_pA1l4a`׉	 7cassandra://XVI2828sI9yQcI2Br20ZQ25_cetFL2IO7h3uDz9UM7QA`  ׉	 7cassandra://HgBQlDUolzQ90v383WjkVYTqNv_2EhMiYoKM4fCK_Kk 9h͠c#j!>ט  u׉׉	 7cassandra://Z6RtIM62fV6J75lgo7XtuyYcbTAV1u7jCMLcVcro7D4 ^`׉	 7cassandra://yaiQ2d4qzeAigVnWKsjCLM8wsh2-lIKIZsbLCu1zUE4g`׉	 7cassandra://ZTPwCnEEeU-TUQuI7vT8OS0K8SbVLdQMf_34jAUPCGw`  ׉	 7cassandra://fSSqgj1eRmgUjQe2aRg0QY4mId6YL5xqh4TiFZnctoIT͠c#j!>׉E138 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Keramiekstad met cultuurhistorie
Eind vorige eeuw werden het vestingstadje en
de openbare ruimte gerenoveerd en ingesteld
op een
Overslagcentrum (ROC). De haven zou
enorm uitgebreid worden. Maar de realisatie
bleek niet haalbaar, in 2011 ging de stekker
uit het plan.
gastvrije ontvangst van toeristen. Gennep wil
zich nu sterker profi leren als keramiekstad,
het nieuwe Keramiek Centrum zal
gehuisvest worden in of nabij het oude
papiermolengebouw.
Enkele bezienswaardigheden in en om het
historisch centrum van Gennep zijn:
• De Middeleeuwse stadsmuur en de groene
gracht met omloop;
• Het oude stadhuis dat begin 17e eeuw,
na de grote stadsbrand van 1597, werd
gebouwd;
• De gerestaureerde Martinustoren uit 1869
en bijbehorend kerkhof,
• De eerste protestantse kerk op Nederlands
grondgebied uit 1663;
• Museum Het Petershui s, in laat-gotische
bouwstijl ca 1612/1617.
Gennep zonder Maas
Gennep-stad is de fysieke relatie met de
Maas kwijtgeraakt, maar de gemeente
heeft bij Heijen een operationeel haven en
industrieterrein, dat zich een tiental jaren
geleden nog heeft uitgebreid met mega
bedrijfshallen in het winterstroombed van de
Maas. Sterker nog, de bedrijfshallen liggen
midden in de laag gelegen historisch geul ’t
Meer die tot dan toe bij hoogwater nog een
zeer functionele watervoerende rol vervulde.
Vanaf de jonge dijk om de megahal, kijkend
naar kasteel Heijen is ’t Meer zelfs zonder
hoogwaterstand heel goed waar te nemen. Tot
voor kort waren er ook nog plannen voor de
ontwikkeling van een grootschalig Regionaal
Gerenommeerd zorgcentrum
Sinds het einde van de 19e
eeuw hebben de
kloosters in en rond Gennep zich geprofi leerd
met de gezonde bosrijke omgeving en een
goede reputatie opgebouwd op het gebied
van zorg. Bedlegerigen met een lange
herstelperiode, longpatiënten, tbc-lijders,
verstandelijk-lichamelijk gehandicapten
worden opgevangen in rust- en kuuroorden.
Nog steeds kent Gennep een concentratie aan
zorginstellingen.
STREEFBEELD
‘Gennep Middeleeuwse stad’
Het erfgoed van stad en ommeland moet in
samenhang opgeknapt en ontsloten worden.
Beleving en herinnering beklijven het best als
het verband der dingen tastbaar en herkenbaar
in beeld wordt gebracht. De verhalenreeks die
daarbij wordt verteld, ondersteunt de beelden
en brengt het verleden tot leven.
De kernidentiteit ‘Gennep Middeleeuwse stad’
kan de drager worden voor een veelomvattend
toekomstgericht toeristisch-recreatief product,
waarbij de historische kern van Gennep en
het ‘Genneper Rivierenpark’ de podia worden.
Het motto van de Rijksdienst voor het
Cultureel Erfgoed ‘behoud door ontwikkeling’
is daarbij uitgangspunt. Ook de Provincie
Limburg zet in op historische samenhang
en de afl eesbaarheid daarvan. Ensembles
worden gewaardeerd vanwege hun intrinsieke
׉	 7cassandra://XVI2828sI9yQcI2Br20ZQ25_cetFL2IO7h3uDz9UM7QA`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 139
culturele waarde, hun grote economischtoeristische
meerwaarde en hun bijdrage aan
de ruimtelijke kwaliteit.
Specifi ek voor het Middeleeuws erfgoed in
en om de historische kern van Gennep zou
een ‘erfgoedplan voor behoud, ontwikkeling
en beheer’ opgesteld kunnen worden.
Daarbij kan bijzondere aandacht uitgaan
naar de conservering en de toekomstige
verschijningsvorm van de structuurdragers
van de historische kern: het stratenplan, de
ommuring, de verdwenen poorten en de
omgrachting.
Het thema Middeleeuwen is niet zomaar een
interessante betekenislaag in de tijd, het grijpt
hier terug naar de oorsprong van de stad als
entiteit.
Maasstraat weer echt ‘straat naar de Maas’
De Rondweg Gennep heeft de Maasstraat als
authentieke hoofdverbinding met de Maas
en Brabant rücksichtslos geamputeerd. In dit
deelplan krijgt de Maasstraat zijn oude functie
terug. Door het massieve grondlichaam van
de autosnelweg wordt een tunnel gegraven
voor auto-, fi ets- en wandelverkeer. Een
ingrijpende operatie maar meer dan de moeite
waard! De afstand vanaf de Markt in het
centrum tot op het kadeplein aan de Maas is
dan nog maar zo’n 900 meter. De Maasstraat
gaat straks weer in een rechte lijn vanaf hartje
Markt, door de Maaspoort – die alleen nog
in reminiscentie bestaat, over de groene
gracht, over wat nu de Maasweg heet, door
de nieuwe tunnel, over de Veerstraat, naar
de veerstoep annex los- en laadkade aan de
Maas. Dit betekent wel dat het clubhuis van
de Tennisvereniging Gennep verplaatst moet
worden.
Een dergelijke tunnel moet uiteraard
afsluitbaar zijn in geval van hoogwater.
De veerpont wordt als klein voet- en fi etsveer
weer in gebruik genomen. De Maas is niet
langer een barrière, een overtocht naar ‘t
Veerhuis Oeff elt, restaurant, hotel en camping
zal gedurende de zomermaanden een leuk
uitstapje zijn.
De los- en laadkade wordt opgeknapt en
gaat functioneren als Maashalte voor de
MaasHopper, rondvaartboten en aanlegkade
voor passanten.
De kade vormt voortaan een vooruitgeschoven
ontvangstplein voor bezoekers van Gennep.
Hier krijg je al ’n voorproefj e van de
gastvrijheid van de Gennepenaren. Er staat
een mobiele kiosk van waaruit een terras
met kleurrijke parasols wordt bediend. Hier
kun je even wachten op het toeristentreintje
– aangedreven door zonne-energie – dat elk
half uur een rondje maakt langs de jachthaven
aan de Paesplas, door de vestingstad, naar
het Genneperhuis en het Bezoekerscentrum
Maasvallei en weer terug. De nieuwe
rechtstreekse toegangsweg van kadeplein
tot Markt is als het ware de representatieve
oprijlaan naar de vestingstad en zal als zodanig
een uitgebreide ‘make over’ met aandacht voor
de historie moeten ondergaan. Met name het
historische aanzien van de groene gracht, de
stadsmuren en de Maaspoort verdient de volle
aandacht. Ten slotte lijkt het logisch om de
hele verbindingsweg één straatnaam te geven:
de Maasstraat.
Genneper Jachthaven: uitnodigende
waterpoort
De gemeente zou graag steviger
inzetten op watertoerisme als krachtige
toekomstbestendige economische pijler.
De Paesplas, die tot dusver gedomineerd
werd door de grootschalige industriële
Haven bij Heijen, krijgt nu alle ruimte
voor de ontwikkeling van een separate,
groots opgezette jachthaven met een eigen
havenpoort. De bestaande plas wordt met
ongeveer 10 ha vergroot, de diepte van de
uitbreiding is 5 m ten opzichte van stuwpeil.
Het schiereiland, tot voor kort gebruikt
voor overslag van goederen, wordt vanaf
nu toebedeeld aan de uitleglocatie van de
prestigieuze Genneper Jachthaven. Haven
en erf – inbegrepen de bestaande plas en het
overslagschiereiland – beslaan straks in totaal
ca 30 ha, het jachthaventerrein loopt van
het schiereiland tot vlak bij het bruggehoofd
Maasstraat
Maasweg
׉	 7cassandra://ZTPwCnEEeU-TUQuI7vT8OS0K8SbVLdQMf_34jAUPCGw`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://eTdA3wMHwnwq0TDCAiVvCkySmIlbjrqkkO0gpxUngZ8 k%`׉	 7cassandra://uWhAiJkisF9QcrGc2USHZpZ3tVc227Nxl_InLPqbAQ0T"`׉	 7cassandra://GSfoiOaqsRZ50edhRuf9HPe52yCcBNdQhFiDIEAqp0I`  ׉	 7cassandra://GBEjU6-vRONEA-w1d2iH_cZQsUzxJboyKYXJAnLtEJs X͠c#j!>ט  u׉׉	 7cassandra://8IJJHpMJHxXy_k7g1wJ8r3khFtvf8_YM_RjVwU8gLVM #X`׉	 7cassandra://A8GQACGe2g_rxJur_XEpO3_xkq_uKdcUmxVZTdC7O6I`׉	 7cassandra://DsqVibVGAQDx9jsQbSNI0dRrILvO16gkimeEJUyZZLA	`  ׉	 7cassandra://FPf1BMRkr0ZJ8_mHZXe5p9Kgv3D4VBneVRsoTN8JDME [̈͠c#j!>׉E
$140 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Industrie bij de Paesplas
van de Brabantweg. De bijdrage aan de
waterstandsverlaging is 4 cm.
Het perspectief is een moderne full-service
jachthaven, die functioneert als uitnodigende
waterpoort voor het gastvrije historische stadje
Gennep.
De opvallend luxe jachthaven heeft ruime
steigers en voorziet in een groot havendeel
voor vaste ligplaatsen en een royale
passantenhaven. Het drijvend havenpaviljoen
vormt het kloppend hart van de jachthaven.
De ijle futuristische architectuur beklijft
op het netvlies, het gebouw werkt als een
markant landmark voor schippers. Van hieruit
de houdt de havenmeester toezicht en voert
de administratie. Er zijn basale sanitaire
voorzieningen zoals douches en toiletten en
een winkel met scheepvaartbenodigdheden
en een beperkt assortiment levensmiddelen.
Beneden is een gezellig havencafé annex
eetgelegenheid met ruim drijvend terras;
boven – met panoramisch zicht op haven en
Maas – is een prachtig nautisch restaurant
waar verse vis op het menu staat. Beide
horecagelegenheden zijn ook toegankelijk
voor niet-leden. De haven is perfect te
bereiken over zowel het water als de weg; er is
een grote parkeerplaats.
Voor het overige voldoet de moderne
jachthaven aan actuele milieu- en
veiligheidscriteria. Er is zelfs een grote
waterloods voor overdekte winterstalling.
Deze loods is zodanig gesitueerd dat de
dominante blokken van industrieterrein
Heijen grotendeels aan het zicht worden
onttrokken. Niettemin is dit industrieterrein
functioneel voor de jachthaven; hier ligt
namelijk de ‘droge’ botenstalling, waar de
boten op de wal in overdekte stellages worden
ondergebracht.
Punt van aandacht is dat er voor de Paesplas
voldoende aansluitingslengte op de Maas
bestaat, dit in verband met de scheepvaart.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De in ere herstelde Maasstraat herstelt niet
alleen de rechtstreekse verbinding tussen
veerpont en kadeplein, maar vormt ook
de kortste verbinding van de historische
kern Gennep naar de jachthaven aan de
Paesplas. De Paesplasweg wordt geasfalteerd
en doorgetrokken; hij loopt langs het
bruggehoofd, onder de Oeff eltse brug door en
sluit aan op de nieuwe Maasstraat.
Havenbezoekers, leden en passanten, kunnen
met het ‘e-treintje’ (op zonne-energie)
naar het centrum van Gennep waar het
leuk uitgaan en winkelen is. Daarnaast
zijn er, door de centrale ligging, vanuit de
jachthaven ook leuke dagtochtjes te plannen
naar het Duitse achterland, bijvoorbeeld
naar het Archeologische Park in Xanten
of het historische stadje Kalkar met zijn
‘Kernwasserwunderlan’.
׉	 7cassandra://GSfoiOaqsRZ50edhRuf9HPe52yCcBNdQhFiDIEAqp0I`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
141
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Vergraving
: 8,1 m + NAP na peilopzet
: plas ca 10 ha
• Waterstandsverlaging (cm) : 4 t.h.v.
• Bijdrage in m2
: 470
rkm 154
Figuur 5: waterstandseffect van deelplan Gennep aan de Maas
׉	 7cassandra://DsqVibVGAQDx9jsQbSNI0dRrILvO16gkimeEJUyZZLA	`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://EEFnm4xDle_qMAmMfmYH92x0TYZeokaivE3ViinzgB8 `׉	 7cassandra://_D3cQ3ExZfBRoTHGr2JrJyWIpDXUIJJstILZVVCZUng*`׉	 7cassandra://brfErhI_LO2ZFKTAu7E4jPsEau8_50r3XzuKpasGOFw`  ׉	 7cassandra://aV0W3--Kr3PWW_tZZEonulHv-yRRpL6gm-JpyiEXFpcWz͠c#j!>ט  u׉׉	 7cassandra://5wg_xFvcYrs7UfQWnMl4U6XepG94FyaGuXemW67RZg4 TE`׉	 7cassandra://n6I91CDyzVlfB6JcoX-TmIuRkeY-y3d-SqPP635_0TEq`׉	 7cassandra://KU6zhe9JtZNQzToqOS3oevO-COagutBTc1swlAA6xDU&`  ׉	 7cassandra://ejOaCc3USxwnkLMk_XAS-X8VOSV94YN7azeN2O74QEg 	P͠c$j!>׉E142 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
ACTIEMATRIX _ deelplan 6 Gennep aan de Maas
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Maaskade & Maashalte
 Kade gastvrij inrichten als ontvangstplein
 ‘E-treintje’
Veerpont naar Oeffelt
Weer in gebruik nemen voor fietser en voetganger
Paesplasweg
Asfalteren en doortrekken tot aan Maasstraat.
‘Points of interest’ ontsluiten, bijv. Genneper Molen
Historische kern Gennep
 Opstellen ‘erfgoedplan voor behoud, ontwikkeling en beheer’
 Aanleg tunnel door grondlichaam N271van centrum Gennep naar
Maaskade. Verplaatsen clubhuis van de Tennisvereniging Gennep.
 reconstructie groene gracht, stadsmuren en Maaspoort
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel
Jachthaven Paesplas (recreatieve hotspot)
 Havenpaviljoen met diverse functies zoals watersportcentrum,
horeca, etc..
 Jachthaven met vaste ligplaatsen en een royale passantenhaven en
overdekte winterstalling
 Parkeerplaats
Tabel 7: actiematrix deelplan 6
Gemeente i.s.m. ondernemers
Ondernemer
Gemeente
Gemeente i.s.m. ondernemers
Gemeente
Gemeente i.s.m. provincie
Gemeente
WIE
Ondernemers i.s.m. gemeente
/ bevoegd gezag
׉	 7cassandra://brfErhI_LO2ZFKTAu7E4jPsEau8_50r3XzuKpasGOFw`  c!j!>׉EHet Veerhuis Oeffelt
׉	 7cassandra://KU6zhe9JtZNQzToqOS3oevO-COagutBTc1swlAA6xDU&`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://iXZEWV3fRBNBa09DWd2Zbym7mibytLa7gf0HsrlQLwE `׉	 7cassandra://1IweKZMIRNUKqPt1lXLqAoDrhZutOBYtRaOhgWVnuB0͟Y`׉	 7cassandra://vOmi6gV8eQpNMF7Xhcs6bI4ctjmB1NRaSwvHbo8b0nw,`  cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://RxAKVWMs4ZpOlEXqQYqT0NRm1j97XFASiyfO4uwysAI =r`׉	 7cassandra://6567wmjg7ryOOuCYu-vd4wEcYNFBsyAJP_lHDuhICuIQ`׉	 7cassandra://vmBHnQ2_CMRDeAibTTn8Xoq-Gs9msj18DWhnX8EaVHg`  ׉	 7cassandra://VjA9-xWjLWmyU9-huXJAx36EKVqvLH-uLEwZCCo-vBc 	sr͠cj!>׉E144
׉	 7cassandra://vOmi6gV8eQpNMF7Xhcs6bI4ctjmB1NRaSwvHbo8b0nw,`  c!j!>׉E	AMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 145
Deelplan 7 ‘t Meer van Huys Heijen
Gemeente
Maaskant
: Gennep en Bergen
: oost
Hoogwatermaatregel : optioneel
Locatie
: ’t Meer ten noordoosten van Mergeldijk
UITGANGSSITUATIE
Heijen door de eeuwen heen
Heijen is, samen met het buurtschap Smele,
een van origine lintvormige nederzetting
aan de rand van de Maasvallei. De eerste
kapel stond er waarschijnlijk al in 9e
eeuw.
De huidige kerk dateert van na de Tweede
Wereldoorlog. Eeuwenlang verliep de tijd
traag in deze landelijke gemeenschap. Na
de aanleg van de Rijksweg NijmegenMaastricht
in de Napoleontische tijd (1939)
is de Hoofdstraat een belangrijke levensader
in het dorp die door de toenemende
verkeersdrukte vanaf de zestiger jaren ook
voor overlast en onveiligheid heeft gezorgd.
De oorspronkelijke bebouwing is nagenoeg
verdwenen. Sinds de realisatie van de N271
(1977) en de A77 (1986) ligt de dorpskern
er weer rustig bij. In de periode 1979-1982
werd de Maas gekanaliseerd, hierdoor verviel
het pontje tussen Heijen en Boxmeer. De
naam van de Boxmeerseweg herinnert aan de
voormalige veerverbinding.
Huys Heijen
Een historische bezienswaardigheid is het
kasteel ‘Huys Heijen’ een waterburcht,
omgeven door een gracht, die begin 16e
aan de rand van het dorp aan een actieve
hoogwatergeul werd gebouwd. De grachten
zijn omstreeks de voorlaatste eeuwwisseling
gedempt, maar de lineaire laagte van de oude
geul is nog opvallend goed herkenbaar. Tot ver
in de 19e
eeuw bleef de geul, die op zijn laagst
is ter hoogte van het kasteel, het hele jaar
door vol met water staan. Deze langgerekte
plas werd ’t Meer genoemd. Tegenwoordig
is het Heijense Meer helemaal opgedroogd,
maar bij hoogwater krijg je een goed beeld
hoe de waterburcht in vroeger tijden er heeft
uitgezien.
‘Ongelukkige’ planologie
Aan de noordkant van Heijen, tussen
dorpskern en N271 ligt tweezijdig van de
Hoofdweg een bedrijventerrein. Aan de
Maaskant ligt de Haven met grootschalige
industrie. De jongste uitbreiding bestaat
uit enkele enorme bedrijfshallen die
plomp verloren midden in de laagte van de
historische geul ’t Meer werden gebouwd; dit
terwijl deze geul tot dan toe bij hoogwater een
zeer functionele watervoerende rol vervulde.
De grofschalige industriële stalen hallen en
het fi jnschalige kasteel zo direct naast elkaar
eeuw
De grootschalige bedrijvigheid bij Heijen
׉	 7cassandra://vmBHnQ2_CMRDeAibTTn8Xoq-Gs9msj18DWhnX8EaVHg`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://iJAPC4U-MS2YLihdnZSfGzBqUb90I8QlM8pKZ62GtIc `׉	 7cassandra://021ub9TW7sHvr95KBRV9EHKwJpkID8do5YK5eTwWZTo_x`׉	 7cassandra://TRvVNDIxHrNDsseG8q-fSNGaNGe_92lPDilCTmlvPEo`  ׉	 7cassandra://TXfYyLbQ80yyrXwty34HIyOF-3FpMwUQtfftOCy7ERg X͠cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://ovP9qcaMNuZIWrEmV31XxKRES5mNpabOVzc6QlMnrOk _`׉	 7cassandra://qNU3niXzBcTyjmVjuajYwbQNjUbNZhia_5ABOx4yMaoP`׉	 7cassandra://LozD38-QHX14UshWYqYyXIEeR7N6TxFW92cibReIJV0`  ׉	 7cassandra://kXIzv8hREYevUawFYFu9fEb801zAk0sHWQLIetRB1JM <
͠cj!>נcj!> ld̅9ׁHhttp://www.vantoentotlater.nlׁׁЈ׉E
146 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
getuigen van een enigszins ongelukkige
planologie.
Recreatiepark Heijderbos
Aan de oostkant van de N271 is een
omvangrijk recreatiepark gevestigd, genaamd
het Heijderbos. Een goede omgevingskwaliteit
is basisvoorwaarde voor een bloeiende
toeristische sector.
STREEFBEELD (optioneel)
Wellicht toch haalbaar
Hoewel de hoogwatermaatregelen in dit
Masterplan overwegend langetermijnplannen
zijn en het streefbeeld dat hierna geschetst
wordt, daar vanuit het oogpunt van de
hoogwatertaakstelling uitstekend in zou
passen, geven we het toch de kwalifi catie
‘optioneel’ mee. We hebben het over de
sanering van de geblokkeerde hoogwatergeul
en de reconstructie van het historische Heijense
Meer (’t Meer), een plan dat vanwege de
dominante aanwezigheid van bedrijventerrein
Hoogveld de eerstkomende 30 jaar
waarschijnlijk niet haalbaar zal zijn. Maar
misschien dat voortschrijdend inzicht in de
toekomst ertoe leidt dat het wellicht toch
gerealiseerd kan worden.
Reconstructie van ‘t Meer
Dus, zodra het in de (verre) toekomst
realistisch blijkt om de bedrijven van
Hoogveld te verplaatsen, kunnen de
beeldobstructieve bedrijfshallen gesloopt
worden. Aanhakend bij de Heerenplas
(zie deelplan 10) stroomopwaarts en
aansluitend op de Haven stroomafwaarts,
Het gebied tussen Mergeldijk en Huys Heijen kan in de toekomst een hoogwatergeul worden.
kan de hoogwatergeul tussen Mergeldijk
en dorpsrand weer een continue doorloop
worden. Momenteel is de geul op het
laagste punt zomaar 2 meter dieper dan de
uiterwaard ten westen van de Mergeldijk.
Voor het reconstrueren van het watervoerende
Heijense Meer voorlangs Huys Heijen zal ca
3,5 m afgegraven worden; ’t Meer wordt zoals
vroeger ongeveer 1 km lang en 40 m breed.
Voor het resterende deel tot aan de Haven
zal afgraven tot 1,5 à 2 m onder het maaiveld
voldoende zijn.
Zo krijgt de omgevingskwaliteit van kasteel
en ommeland een fl inke oppepper en wordt
de oorspronkelijke waterrijke omgeving van het
kasteel ‘Huys Heijen’ in ere hersteld.
Ruw geschat zou dit leiden tot een
waterstandsverlaging van enkele centimeters.
Met deze optionele hoogwatermaatregel zou
het tekort aan benodigde waterstandsverlaging
ter hoogte van rkm 148 kunnen worden
opgelost. De waterstandsverlaging zou dan 3
cm bedragen.
Alte Schanz
Vanuit Huys Heijen, gezien aan de overzijde
van ’t Meer, loopt parallel aan het water een
oude veldweg met de naam Mergelstraat
(mergel werd gebruikt om bodem van
de akkers te bemesten) naar de krachtig
slingerende buitenbocht van de Oude Maas.
Hier in de buitenbocht van de rivier – met
controle op de hele meander – heeft een
versterkte (tol)plaats op een kunstmatig
opgeworpen ronde heuvel gelegen, dat
is althans op te maken uit de Pruisische
׉	 7cassandra://TRvVNDIxHrNDsseG8q-fSNGaNGe_92lPDilCTmlvPEo`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 147
Huys Heijen (bron: www.vantoentotlater.nl)
kadastrale kaart van 1732 waarop de locatie
met de naam ‘Alte Schanz’ wordt aangeduid.
Waterburcht en schans in combinatie met
Pleistocene geul en afgekapte Maasbocht
vormen een uniek ensemble, goed afl eesbaar
in het rivierlandschap en met een intrigerend
verhaal dat beslist verteld moet worden.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
Wandelaars en fi etsers die het Maasdal
naar het zuiden zo dicht mogelijk langs het
water willen volgen, zullen de eerstkomende
decennia nog vanaf de toekomstige Genneper
Jachthaven over de Paesplasweg naar de
Heijenseweg-Hoofdstraat moeten gaan en
dan onder het viaduct van de N271 door de
Hoofdweg volgen door het bedrijventerrein
en het lintvormige centrum van Heijen; pas
wanneer ze onder het viaduct van de A77
door zijn, kunnen ze bij Diekendaal de Maas
weer door de uiterwaard kunnen volgen.
De Boxmeerseweg begint daar waar
bedrijventerrein en bewoonde kom in elkaar
overgaan. Deze oude weg loopt niet meer
naar het veer (sinds 1974), maar brengt je
wel bij een bijzonder fenomeen, het (aan
Heijense zijde afgesloten) waterkruispunt van
kanaal en Oude Maas, om uiteindelijk op het
Zuidereiland dood te lopen. Je kunt ook over
de Mergelstraat – bij de gigantische bedrijfshal
afslaan – terug naar de Hoofdstraat. De
Mergelstraat geeft een prachtig zicht op Huys
Heijen en ‘t (nu nog drooggevallen) Meer en
loopt een stukje direct langs de Oude Maas,
waar de ‘Alte Schanz’ heeft gelegen.
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
Niet van toepassing
ACTIEMATRIX _ deelplan 7 ’t Meer van Huys Heijen
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Maasdalroute
 Bewegwijzeren
 Route koppelen bij Hendrix UTD
 Nieuwe verbindingsweg aanleggen tussen Mergelstraat en
Lankerseweg, onder de brug van de A77 door en verder bovenlangs
de steilrand van het terras
‘Points of interest’ ontsluiten
 Huys Heyen
Tabel 8: actiematrix deelplan 7
Regio / gemeente
Gemeente
׉	 7cassandra://LozD38-QHX14UshWYqYyXIEeR7N6TxFW92cibReIJV0`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://FEDqg6fI5xgjQDKYYRWc-oYBSMHzrBhc3hTcE6U3HmE `׉	 7cassandra://3Y2FGbxkdf1AqP9w5oKxlkMjmQhRdYc-WjD32-fQxu8͗`׉	 7cassandra://AZ3yghtWRLi8Si1KxjiYuLJAidiFIkP4Eta7E2xq4u0*A`  cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://1OBPuJkqr2jXhQa0dlI7XDUV96v3j3-uO5HN-UnDoEw d`׉	 7cassandra://7GXjOInRuLnbNpXpMRj64fQ1qehqfRscwSkR6bKwZz4\`׉	 7cassandra://tI1PHNwPG1D3PEl1oNMWLunkTtpNOnqGYjjA98yVqSIH`  ׉	 7cassandra://pWlh4oaJm6oNSEYWx2PoAWTkzd0ozOz7k0BG4CKrcRQ͎d͠cj!>׉E148
׉	 7cassandra://AZ3yghtWRLi8Si1KxjiYuLJAidiFIkP4Eta7E2xq4u0*A`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
149
Deelplan 8
Gemeente
Maaskant
Riviernatuurpark Maaseilanden
: Gennep
: oost en west
Hoogwatermaatregel : gedeeltelijke vlaksgewijze afgraving, reliëfvolgend
Locatie
: tussen rkm 153 en 148
UITGANGSSITUATIE
De Witte steen
Bij Boxmeer en Heijen is de Maas tussen
1979 en 1982 door de aanleg van een kanaal
rechtgetrokken. Samen met de twee oude
meanders vormt de gekanaliseerde Maas
twee eilanden. Door de kanalise ring heeft
er gebiedsuitwisseling plaatsgevonden: De
Witte Steen, voorheen Limburgs, ligt nu
aan de Brabantse kant; het zuidelijke eiland,
Zuidereiland geheten, is 98 ha groot; het
hoorde vroeger bij Boxmeer maar ligt nu in
Limburg. De gronden op de Witte Steen
hebben een oppervlak van 45 ha en zijn
vanuit Beugen bereikbaar via de Maasstraat
en een dam in de oude Maas; ze worden
gebruikt als weiland. Nabij de dam ligt een
recreatiehaven met ongeveer 100 ligplaatsen.
Zuidereiland
Het Zuidereiland is bereikbaar vanuit Heijen
via de Boxmeerse Weg en een dam in de oude
Maas parallel aan het kanaal. Hier ligt dwars
op de stroomrichting een zwaar grondlichaam
van de A77. Op het Zuidereiland zijn
twee operationele bedrijven gevestigd: een
melkveehouderij die de koeien overwegend op
stal houdt en in wezen niet grondgebonden
is, en een handel in schepen wiens eigenaar
(tot januari 2011) exploitant was van
Mazenburg, een restaurant/camping op de
zuidpunt en er nog steeds woont. Plannen
om hier een viersterrenhotel met 32 kamers
te bouwen zijn voorlopig van de baan. Op het
Zuidereiland ligt voor het overgrote deel een
ontgrondingsvergunning ter compensatie van
het bouwvolume van dit hotel.
Heggenlandschap
Op de Tranchot-kaart (1803-1820) is te
zien dat het heggenlandschap langs de
Maas aan Brabantse kant over het algemeen
zeer fi jnmazig was, en dat aan Limburgse
kant juist sprake was van een grofmazig
heggenlandschap met soms grote open velden.
Het Zuidereiland vormde een uitzondering;
het heggenlandschap daar was ook in de
Brabantse periode al grofmazig en opener.
Hoge dynamiek voorbij de stuw
Voorbij rkm 147 ligt stuw- en sluiscomplex
Sambeek. Het verschil in peilhoogte tussen
het beneden- en het bovenstroomse pand
is 3m. Benedenstrooms direct achter de
stuw ontstaat veel dynamiek in de rivier.
Dat biedt kansen voor watergebonden
natuurontwikkeling op de eilanden.
STREEFBEELD
‘Buitenkans’ op ecologische
gebiedsontwikkeling
Door hun geïsoleerde ligging in combinatie
met de hoge rivierdynamiek ter plaatse
door de bovenstroomse ligging in het
stuwpand Grave zijn de eilanden bij uitstek
geschikt voor een ambitieuze ecologische
gebiedsontwikkeling in het kader van de
rivierverruiming. Een buitenkans, want
nergens in de verder zo sterk gereguleerde
Maas (in het noordelijk Maasdal) is een
dergelijk perspectief mogelijk. Uitgangspunt
is niet zomaar ontkleien, maar reliëfvolgend
vergraven of soms zelfs omputten, zodanig
dat zich een samenhangend, gevarieerd en
dynamisch natuurterrein zonder hekwerken
kan ontwikkelen. Het verdient aanbeveling
de bestaande ontgrondingsvergunning ter
compensatie van het ooit geplande hotel
te integreren in het bredere verband van
reliëfvolgende rivierverruiming.
Om de bestaande bedrijven op het
Zuidereiland operationeel en bereikbaar
te houden zal ten minste eenderde van
het gebied zijn huidige hoogte behouden.
Uitgangspunt is verder dat het huidige
melkveebedrijf ruim voldoende cultuurgrond
ter beschikking houdt voor weidegang met
׉	 7cassandra://tI1PHNwPG1D3PEl1oNMWLunkTtpNOnqGYjjA98yVqSIH`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://aBbv1lvUxgbD2AHxkRDM-Nj7uM7Pel3lZLPfZAl2-P0 ث`׉	 7cassandra://gxtLPtqC5Vq4xDdUVBRX3KmF5i0MRBMWDZLusBP8QlYG=`׉	 7cassandra://Ovqy4erIo_z-ZzpvMgZJibBB-QuQ6-FctFOrzcd5A_wU`  ׉	 7cassandra://W6lllSpe69oQo5JB5KLjxd68QRtR8otWVbnprZS2drs v̞͠cj!>ט  u׉׉	 7cassandra://H37rb4YwaM37KI60VKwKypt3ewm2VT5zdqUcFvRhX3Y K`׉	 7cassandra://MckwqV9rD6ek6GD73ai4hQMUkyUhBsaszNgi0bwM0dQ#j`׉	 7cassandra://N-H9WZnpL6RvCJ5xrEl6TwOHnB87HPzuEbyJMTtxkwY}`  ׉	 7cassandra://U9jD4Zf29o0ia4r9zg4Nh5_av80zv0tKWppaeJ3IX4oKlt͠cj!>׉E150 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
natuurlijke begrazing. Grazend melkvee –
pinken, kalveren en melkkoeien – brengt de
traditionele charme van het boerenbedrijf
terug in het uiterwaardenlandschap.
Respecteren van oude Maasmeanders
Bij reliëfvolgend vergraven worden de zandige
oeverwallen van de oude Maasmeanders
zoveel mogelijk gerespecteerd. Zo functioneert
de natuurlijke hoogte van de oeverwal als
hoogwater vluchtplaats (HVP) beschikbaar
voor gebiedseigen diersoorten en grote
grazers. Verder zouden er mogelijk plaatselijk
ruigere zandige ruggen kunnen ontstaan. In
de lage tot zeer lage delen en waterhoudende
putten ontstaan plas-dras situaties, moerassen
op de iets hogere delen stroomdalgraslanden
die frequent periodiek overstromen. Langs
de Maasoever vormen zich steilranden en
slikkige rivieroevers. De hoge biodiversiteit
van rivierecosystemen komt tot ontwikkeling
onder invloed van ecologische sleutelprocessen
als jaarrondbegrazing, vraat, vegetatiesuccessie
en uitwisseling van organismen tussen rivier
en uiterwaard.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De toegangswegen blijven. Bij de dammen in
de oude Maasmeanders worden veeroosters
geplaatst. Over de oeverwallen loopt het
hoofdpad, verder zijn er enkele struinpaden.
Een beperkt deel van dit stiltegebieden is niet
toegankelijk.
Oude Maasmeanders bij Heijen
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Vergraving
: 8,1 m + NAP
: tweederde Zuidereiland en
Noordereiland volledig
• Waterstandsverlaging (cm) : 5 t.h.v. rkm 149
• Bijdrage in m2
: 621
Kanttekening
Kleiwinning kan de herinrichting volledig fi nancieel dragen, mits er voldoende
vraag is en de kleiwinner zelf het tempo mag bepalen. Klei in depot zetten
brengt hoge kosten met zich mee.
figuur 6: waterstandseffect van deelplan Riviernatuurpark Maaseilanden
׉	 7cassandra://Ovqy4erIo_z-ZzpvMgZJibBB-QuQ6-FctFOrzcd5A_wU`  c!j!>׉EWMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 151
ACTIEMATRIX _ deelplan 8 Riviernatuurpark Maaseilanden
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
‘Points of interest’ ontsluiten
 Waterkruispunt kanaal – Oude Maas
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel
Riviernatuurpark
Ontgrondingen in het kader van rivierverruiming worden afgestemd op
ecologische gebiedsontwikkeling.
 Ecologische gebiedsontwikkeling: dynamisch natuurterrein zonder
hekwerken
 Veeroosters plaatsen t.p.v. entree
 Natuurvriendelijke oevers aanleggen
 Ook aan ‘Herenplas’-kant van de oude Maasarm natuurvriendelijke
oevers aanleggen i.c.m. met strand
 Overeenkomst m.b.t. exploitatie, beheer en onderhoud door
‘natuurboeren’
 Maken struinkaart
Tabel 9: actiematrix deelplan 8
WIE
Gemeente
WIE
Gemeente / bevoegd gezag
i.s.m. natuurorganisatie
׉	 7cassandra://N-H9WZnpL6RvCJ5xrEl6TwOHnB87HPzuEbyJMTtxkwY}`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://y8CI6g7WNCRsOMTHnjIpWpaZd6RCtU843dCiiK0Hhew `׉	 7cassandra://7MNj-J44BFXKtqfdrzz5Jn-VZloXlFJy4uFUXupoejI͔`׉	 7cassandra://ocnPeJQlPsnHmZnL_aqnJEJew8WTpgGlKY1ccaWBNLQ(`  cAj!>ט  u׉׉	 7cassandra://n5ZJe4O4fHmvq0nVSt48-BcHX6nGl7VJaDSza0PaKLg ``׉	 7cassandra://i2oiUz3Pv_YKctyK1Ej1QAYMTDyn4Skx81xUUMorvZsa`׉	 7cassandra://vzlCjLDGXoRbD3ihRxkZUxCh5wntzhWNfKY9k-gbtDM`  ׉	 7cassandra://z8TQS6SCLJAlB_N_o7C-CmZdaYMhHlT2XyuyuIEnB9cqr͠cAj!>׉E׉	 7cassandra://ocnPeJQlPsnHmZnL_aqnJEJew8WTpgGlKY1ccaWBNLQ(`  c!j!>׉ETMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 153
Deelplan 9 Watersport bij Diekendaal
Gemeente
Maaskant
: Gennep en Bergen
: oost
Hoogwatermaatregel : hoogwatergeul met meestromende waterloop ten zuiden van de A77
Locatie
: tussen A77 en rkm 145,5 bij Aff erden
UITGANGSSITUATIE
Natuurlijke terraswand
Dit deelplangebied wordt begrensd door
de oude Maasmeander en het stuw- en
sluizencomplex Sambeek in het westen
en het hoger gelegen terras met daarop
de N271 in het oosten. Links van de
Stuwweg direct langs de rivier ligt de
oeverwal, het zandige hogere deel met
een dik kleidek. De terraswand vormt
een natuurlijke hoogte die het hoogwater
meestal keert. Bij Diekendaal kraagt het
terras uit en positioneert zich op markante
wijze – als een soort uitkijkpost – langs
het Maasdal. Diekendaal was al bewoond
omstreeks 2000 jaar voor Christus en ook
de Romeinen hebben hier een kampement
gehad.
Bij Aff erden, daar waar Veerweg en de
oude Eckeltsche Beek elkaar kruisen,
heeft de burcht Heerenwaard gelegen, van
waaruit tol geheven werd op de Maas.
De huidige Leigraaf loopt door het laagste
deel van de uiterwaarden direct langs
deze markante steilrand. Hoog en droog
juist op de rand van het terras liggen,
enigszins op afstand, enkele bebouwde
kavels ontsloten door de Hoofdstraat
en Elskamp. Het betreft voornamelijk
voormalige landbouwbedrijven; in dit
gebied zijn namelijk nog maar twee
landbouwbedrijven en een manege actief.
In 2007 is er een plan ‘de nevengeul van
Aff erden’ opgesteld. Dit plan is voorlopig
aangehouden en wordt daarom niet
meegenomen.
STREEFBEELD
Watersysteem voor meervoudig gebruik
In het kader van de langetermijnplannen
voor de Hoogwatertaakstelling 2050/2100
worden de hoogwatereff ecten en de
mogelijke meerwaarde voor natuur,
landschap en meervoudig gebruik
opnieuw bezien. Ook hier is dankbaar
gebruik gemaakt van de brede inbreng van
de stakeholders. Met name de zone ten
oosten van de Stuwweg biedt ruimte voor
een brede hoogwatergeul met een diep
ingesneden, meestromende waterloop; een
watersysteem met een totaal oppervlak
van ca. 140 ha, dat ongekende kansen
biedt voor multifunctioneel gebruik. Deze
hoogwatergeul begint ten noorden van de
Veerstraat bij Aff erden en wordt helemaal
tot aan de A77 vergraven – mogelijk zelfs
nog verder in de richting de haven bij
Heijen. Het laagste deel heeft de vorm
van een beekdal met een snelstromende
waterloop en is gericht op vernatting
die plas-dras natuur (groen) toelaat.
Door de inlaat bij rkm 145,5 relatief
laag te houden kan het dal mogelijk
ook regelmatig overstromen. De hogere
delen van de hoogwatergeul langszij de
Stuwweg blijven geschikt voor (extensief)
landbouwgebruik (geel). Vanaf de A77
tot of zelfs voorbij de Lankerseweg kan
de hoogwatergeul overgaan in een royale,
bevaarbare plas die in open verbinding
staat met de oude Maasmeander en ook
De huidige Leigraaf gezien vanaf de
Hengelsboomseweg.
׉	 7cassandra://vzlCjLDGXoRbD3ihRxkZUxCh5wntzhWNfKY9k-gbtDM`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://x9LtawMv850Q0_mx4p3Pu35bZBStjzYJuz9kP9RgOwo L`׉	 7cassandra://hehtmJUBavuykey57O0setw3v21u44AxHn1m7uBuA6Y_#`׉	 7cassandra://IWoRBIul8mr1h01hPInlnncMzToixoN8TR39T6SBkk8`  ׉	 7cassandra://Ly7NQ5updkwfmvFbm-1-en59r8Y8-5sXUy_Lpt7a4C8 }X͠cAj!>ט  u׉׉	 7cassandra://2TGw0cQMdDtVCo9hjzrOaMwRsk8nzxO0EDeN6v7oG2g `׉	 7cassandra://m3lTR3-XB7sP_gp_Z0WvNIcF6hh_kTL8rn-7UI7qSJI͛`׉	 7cassandra://3gPjbkrZGcBqnoJctw-hef-rG2LCL2D__6JjkZka7X0-`  ׉	 7cassandra://LaKbcpefaHWgTLvG4FfOsj74tocCROQ7OIKIAyZadVg XP͠cAj!>׉E	154 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
geschikt is voor waterrecreatie (blauw).
Hier is dan de uitgraving het diepst (tot
meters onder het stuwpeil) en zijn de
eff ecten voor de rivierverruiming het
grootst. De vorm van de langsdam tussen
de oude Maasarm en de Heerenplas
is overeenkomstig de vorm van een
middelweert die hier heeft gelegen volgens
de Kleefse kadasterkaart uit het jaar 1732.
Meestromende waterloop
Op enige afstand van de steilrand,
ter hoogte van de huidige Leigraaf
– of misschien zelfs in plaats daarvan
– wordt een smalle (3 tot 4 m breed)
meestromende waterloop met steile
oevers en een meanderend verloop in het
plan opgenomen. Langs de waterloop
worden enkele poelen aangelegd, die
soms in directe verbinding staan met
deze waterloop. Nog vóór de stuw wordt
de waterloop gevoed vanuit de Maas om
uiteindelijk zo’n vier kilometer verderop
te eindigen in de oude Maasmeander
(lager stuwpand) ter hoogte van de A77.
Door het hoogteverschil in dit traject is
het verhang ten opzichte van de gestuwde
Maas relatief hoog (ongeveer 0,75 m/
km bij lage Maasafvoer). Daarmee zijn
ook de stroomsnelheid en het debiet (de
hoeveelheid water die een waterloop per
tijdseenheid transporteert of afvoert)
hoger dan in andere nevengeulen.
De te verwachten dynamiek is gunstig
voor zowel natuurontwikkeling als
recreatieve kanosport.
Punt van aandacht vormen de eventuele
negatieve morfologische eff ecten. De
meestromende waterloop is in feite een
nevengeul die nauwgezet gecontroleerd
dient te worden. Eventuele negatieve
eff ecten kunnen ook door middel
intensivering van beheer en onderhoud
ondervangen worden.
Waternatuur
De zone van de hoogwatergeul kan geheel
of gedeeltelijk voor extensieve begrazing
ingericht worden zonder afscheidingen.
De met de Maas meestromende waterloop
is aantrekkelijk is voor stroming minnende
organismen en dus ecologisch waardevol,
zeker wanneer het dal regelmatig mag
over stromen. Vanwege de hoge dynamiek
en stroomsnelheid kan het interessant
zijn om de Eckeltsche Beek door de
waterloop te leiden. Het beekwater en het
kwelwater uit het hogere Maasduinengebied
zijn van hoge kwaliteit. Is de
Maaswaterkwaliteit te laag dan kan de
Eckeltsche Beek als alternatief door een
aangepast, meer natuurlijk profi el van
de Leigraaf geleid worden. In dat geval
moet uitwisseling met de parallelle – van
Maaswater afhankelijke – waterloop nader
onderzocht worden.
De Eckeltsche Beek bij Afferden
׉	 7cassandra://IWoRBIul8mr1h01hPInlnncMzToixoN8TR39T6SBkk8`  c!j!>׉E LDe met de Maas meestromende waterloop gezien vanaf de Veerweg bij Afferden.
׉	 7cassandra://3gPjbkrZGcBqnoJctw-hef-rG2LCL2D__6JjkZka7X0-`  c!j!>āc!j!>ÁqבCט   u׉׉	 7cassandra://5OMNYkGgMjIxm1fTDKiyg-M-byJeZy7n5Wx4TKG22tA !`׉	 7cassandra://LqmkVF4ofwjGaQLKQJXLAXC97suhowDBB3r3OHajmB8p`׉	 7cassandra://ODdEqCag9c2XLFpvZIxyMjqwKiLTbEWA7hq-MxD1xSw`  ׉	 7cassandra://PIsmc6QkIYACi7A-SJmG5JdDvTxzAW1olqBhPkQGfB8fJT͠cAj!>ט  u׉׉	 7cassandra://MvYphvlJ-mquol8_y_le1PgKT7Z2v5sLu5gVqQ9uXlo Ԯ`׉	 7cassandra://lH3A6jO1Mn1SNllucORB2LHW42oFoNm6euYpEFNC_WUE	`׉	 7cassandra://WWjTwDh6CLwak0dGTCpubdBrb5KY-uTDg7QtpXmGNz8l`  ׉	 7cassandra://B7wiWCl-JuTlrImYdf7GqB5hE5iutJLcE7_-vXJGHj4 In̒͠cAj!>׉E156 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Heerenplas
Door zijn grote verhang en de daarmee
samenhangende stroomsnelheid is de
meestromende waterloop ook bijzonder
aanlokkelijk voor kajak- en kanovaarders.
Samen met de voorzieningen op Niers en
Swalm kan de streek zich nadrukkelijker
profi leren als kanosportgebied. De
bevaarbare plas die we Heerenplas noemen
– naar de historische ‘Heerenwaard’ – kan
mogelijk in eerste instantie geëxploiteerd
worden als zandwinplas. Uiteindelijk
zouden daarin ook restgronden worden
gedumpt die vrijkomen bij de aanleg van
de hoogwatergeul en niet bruikbaar zijn
als delfstof.
De Heerenplas heeft de potentie om
zich gaandeweg te ontwikkelen tot een
watertoeristisch attractiepunt ingericht
voor diverse soorten waterplezier. Ook
oeverwaterrecreatie is een belangrijke
behoefte. Mogelijk kan hier aan de oude
Maasmeander op de zandige ondergrond
van de oeverwal zelfs een aantrekkelijk
strand worden gerealiseerd – met drijvend
paviljoen. Vanuit dit paviljoen wordt het
strand bediend en kan men vaartuigen
huren. Direct langs de oevers kunnen
wandel- en fi etspaden worden aan gelegd.
Het kloppend toeristisch-economisch
hart van dit watersportgebied kan zich
ontwikkelen op het uitkragende terras
van Diekendaal. Hier ligt al een manege
die knooppunt/overnachtings herberg kan
worden in een netwerk van ruiterpaden in
uiterwaarden, Maasduinen en Euregio.
Complete toeristisch-recreatieve upgrading
Vlakbij in het bosrijke achterland ligt een
hele zone met vakantie- en verblijfsparken,
waaronder campings; samen vormen
zij een geweldig potentieel voor een
hoogwaardig en attractief watersport gebied
in de toekomst. Hierbij hoort echter ook
een strategisch plan voor het opwaarderen
van deze parken. Toeristen en recreanten
zijn zeer kwaliteitsbewust en worden
veeleisender. Daarbij gaat het niet alleen
om de overnachtingsaccommodaties en
faciliteiten op het park, maar ook om
wat de omgeving als geheel te bieden
heeft, dus om upgrading van het complete
toeristisch-recreatieve product. Om ‘in
de markt’ te kunnen blijven, zullen de
recreatieondernemers moeten samenwerken.
Alleen samen kunnen ze een
gerichte, ingrijpende kwaliteitsslag voor
de zone tot stand brengen. Beoogd
wordt een brede zeer gevarieerde waaier
van complementaire en kwaliteitsvolle
overnachtings- en verblijfsaccommodaties
die een brede doelgroep aanspreekt en
aantrekt. Voor die kwaliteitsslag is eerst
en vooral ruimte nodig. Want vooral
op de campings zitten de gasten bijna
op elkaars lip; ze willen meer groen en
vooral grotere standplaatsen. Ze komen
in beginsel voor rust en natuur naar de
regio. Hier kan de overheid en vooral de
gemeente een stimulerende rol spelen
door recreatieondernemers die hun
verblijfsterrein – volgens voornoemde
principes – ingrijpend willen saneren
en renoveren, planologisch tegemoet
te komen. Afhankelijk van de mate
waarin zijn herinrichtingsplan een
aantoonbare ‘verrijking’ betekent, mag
de recreatieondernemer (dit kunnen
ook boeren zijn) zijn terrein uitbreiden.
Daardoor kan hij zijn bestaande
overnachtingseenheden ruimer in het
groen zetten. En als bonus mag hij dan
nog eens 10 tot 20 % aan bijkomende
verblijfseenheden extra exploiteren.
Hierdoor is zijn investering vlotter terug
te verdienen. Ook zou de exploitant in
de gelegenheid gesteld moeten worden
om en aantal stacaravans te vervangen
door vakantiebungalows. Mits deze
vakantiebungalows niet permanent
bewoond worden, kan de exploitant ze
misschien zelfs verkopen. Voordat het
aantal verblijfseenheden kan worden
uitgebreid is voor elk terrein, principieel,
een herinrichtingsplan met aanmerkelijk
meer groene ruimte nodig.
Verblijfstoerisme op de steilrand
De langgerekte en markante steilrand
vormt een hoogwaardig landschappelijk
element en vraagt extra aandacht. Boven
op de rand van het terras ligt een lint
met intermitterende bebouwde kavels.
Van daaruit heeft men een weids uitzicht
op de recreatieve plas, de meestromende
waterloop en het fraaie natuurlijke
uiterwaardenlandschap. Binnen het
streefbeeld hebben deze bebouwde kavels
een potentieel hoge economische waarde,
׉	 7cassandra://ODdEqCag9c2XLFpvZIxyMjqwKiLTbEWA7hq-MxD1xSw`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 157
namelijk als toeristische uitspanning of
meerdaags gastenverblijf. De ontwikkeling
daarvan moet wel gestimuleerd worden en
vraagt uiteraard om goede planologische
sturing in de vorm van kleinschalige
herstructurering.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
Maasdal en Maasduinen vormen een
fi ets- en wandelparadijs. De landwegen
Stuwweg, Hoofdstraat en Elskamp
verzorgen de doorgang en continuïteit
in de lengterichting van de rivier goed.
Via de nieuwe plas geeft de Stuwweg
voortaan verbinding met Hoofdstraat en
N271 via de Lankerse weg. Er worden
twee hoge bruggen opgenomen zodat de
recreatieve vaart op de meestromende
waterloop niet wordt gehinderd. De
Lankerseweg, Hengelsboomweg, Nieuwe
Stuwweg en Heukelom sestraat bieden
niet alleen toegang tot het plangebied, het
zijn ook belangrijke dwarswegen; in hun
verlengde wordt het fraaie achterland met
de diverse bungalowparken, campings
evenals de kern van Aff erden ontsloten.
De uiterwaard is goed te overzien vanaf
de terrasrand en goed ontsloten met
fi ets- en wandelpaden. Ecotoeristen en
wandelaars kunnen zonder barrières de
Maasvallei verkennen. Langs waterloop en
Maas kunnen doorgaande paden worden
aangelegd. Beide kunnen onderdeel zijn
ononderbroken doorgaande route (LAW
‘Maasstruinpad’) van Maastricht tot aan
de Biesbosch. Aan deze paden kunnen
picknickplaatsen en een vogelkijkhut
gerealiseerd worden.
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Vergraving
• Afstand tot waterkering
: 8,1 m + NAP < stuw > 11,1 m + NAP
: plas en meestromende waterloop in
hoogwatergeul
• Waterstandsverlaging (cm) : 4 t.h.v. rkm 146
• Bijdrage in m2
: 392
: 20 m
Figuur 7: waterstandseffect van deelplan Watersport bij Diekendaal
׉	 7cassandra://WWjTwDh6CLwak0dGTCpubdBrb5KY-uTDg7QtpXmGNz8l`  c!j!>Ɓc!j!>ŁqבCט   u׉׉	 7cassandra://GfXCgQJZPc6zyt6XItkQWIwOVqH5xLmsb0I7vaSyqXk :`׉	 7cassandra://JPCPjrxDLwNEj8vL7q4iwb0OsF6SggVQ7jxsWGaVj1c&`׉	 7cassandra://0oPzW8R6zspy4Rt1TGviPHJoDFGoaZK6RwcjrpCIzL4;`  ׉	 7cassandra://RJcHExtk7a1KHH8n8_lCHJ-mulULBpNph8dX6pzhBl4E͠cBj!>ט  u׉׉	 7cassandra://dEgbXcLyDflhwqAy3yqS5zRGS3ZgecU4IZMLiW7Vsz4 wF`׉	 7cassandra://G6TzgzNzZ3ktkBgqlnO7dCdlnZKK5049MgXCSqOUM2Q#`׉	 7cassandra://QXAmr4U0Hjda2wVpbPAkm3aoc6u4u73fdIWshtx5Jjwm`  ׉	 7cassandra://TDjy4MlrozNRWxod1nONkIqpHJEjpCGFESfIDM5IemcE͠cBj!>׉E\158 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
ACTIEMATRIX _ deelplan 9 Watersport bij Diekendaal
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Recreatieve ontwikkelingszone
 Herstructureringsplan met regelluw beleid. Laagdrempelig facilitair
loket instellen.
 Stimuleren ontwikkeling nieuwe kwalitatieve onderscheidende
gastenhuizen / gastenhoven (boerderij)
 Stimuleren stichten nieuwe kwalitatieve zorgvakantiehuizen (i.s.m.
zorgorganisaties)
Ontwikkellocatie Diekendaal
 Ontwikkellocatie opnemen in gebiedsontwikkelingsplan
(structuurvisie + bestemmingsplan Buitengebied).
 Bestaande manege upgraden tot knooppunt in ruiternetwerk met
functies als herberg met stallen en overnachtingsmogelijkheden
Toeristisch-recreatieve upgrading
 Gezamenlijk actieplan recreatieondernemers; opwaarderen vakantieen
verblijfsparken’ door saneren, renoveren, uitbreiden
 Planologische ruimte creëren voor gemixte functies van tijdelijke en
permanent wonen in vakantieparken.
 Integreren zorgvakantie-accommodatie
Tabel 10: actiematrix deelplan 9
Gemeente
Ondernemer
Gemeente
Ondernemers
Gemeente
Ondernemers
׉	 7cassandra://0oPzW8R6zspy4Rt1TGviPHJoDFGoaZK6RwcjrpCIzL4;`  c!j!>׉E-MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 159
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel
Hoogwatergeul met beekdal en meestromende watergeul
 Meestromende watergeul: inrichten met voorzieningen voor
kanovaren / rafting
 Bruggen over waterloop
 Beekdal: accoladeprofiel inrichten met natte natuur; oeverzone, plasdras
zone en poelen. Extensieve begrazing
 Overig deel hoogwatergeul: inrichten als grasland voor de landbouw
Heerenplas, bevaarbaar
 Drijvend paviljoen, watersportcentrum
 Strand en ligweiden aan plas
 Tijdelijk en permanent drijvend wonen
Eckeltsche Beek
Onderzoeken ecologische meerwaarde indien Eckeltsche Beek verbonden
wordt met meestromende waterloop (oude Leigraaf) naar Heerenplas
Kasteel Roofslot Heerenwaard
Project opstarten om archeologische locatie en bijbehorend verhaal voor
het publiek te ontsluiten.
Tabel 10: actiematrix deelplan 9
Rijksoverheid i.s.m.
ontgronders e.a. ondernemers
WIE
Rijksoverheid / Gemeente
i.s.m. ondernemers en
natuurorganisatie
Waterschap i.s.m.
natuurorganisatie
Gemeente / bevoegd gezag
׉	 7cassandra://QXAmr4U0Hjda2wVpbPAkm3aoc6u4u73fdIWshtx5Jjwm`  c!j!>ȁc!j!>ǁqבCט   u׉׉	 7cassandra://fGr4D3ZhVRdMade1sz-2MrZuqwBKeiE8mP6JiXsKgZo `׉	 7cassandra://tQVqRz6Ec4bjibRBmgEtP6pnTfVsJVkyFgkwm7FJ-oA͒U`׉	 7cassandra://kNMRa4uwCbuMBQ0j-5FXjBAczXbnS3_WWfVvw6OUO84'`  czj!>*ט  u׉׉	 7cassandra://_iGdMX6giQqD-SuNsjYu1cpwtWzBUyclRJLmA8iuSQw IV`׉	 7cassandra://F3YeR4o3LNIGQCvZ70sgr0TMcBOhPanCNl8xTHwq76Ub`׉	 7cassandra://yTkXh6oaRZ6Px3rSdGe-FirILTOljn_0qW2NcBPTSck`  ׉	 7cassandra://nxW5dcKY1Jz8-gSC057pRmHdwNhnxmCVqf57FA4oi1Q͏-n͠czj!>+׉E160
׉	 7cassandra://kNMRa4uwCbuMBQ0j-5FXjBAczXbnS3_WWfVvw6OUO84'`  c!j!>׉ELMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 161
Deelplan 10 De Bergerplas
Gemeente
Maaskant
: Bergen
: oost
Hoogwatermaatregel : waterplas i.c.m. hoogwatergeul
Locatie
: tussen A77 en rkm 145,5 bij Aff erden
UITGANGSSITUATIE
Project Heukelomsebeek
Dit deelplangebied, gelegen tussen Maas
en N271, wordt in het noorden begrensd
door de Veerweg bij Aff erden en in het
zuiden globaal door de Halve Maanseweg.
Het betreft dezelfde plangrens als bij
de Integrale Gebiedsuitwerking (IGU)
Heukelomsebeek, een veelomvattend
project waarvan de uitvoering is gestart
in 2011. Het daarbij gehanteerde
inrichtingsplan en het geïmplementeerde
maatregelenpakket is neutraal ten aanzien van
de Hoogwatertaakstelling 2050/2100; kortom
het levert geen bijdrage aan de integrale
waterstandsverlaging. Voor nadere informatie
zie de site van de Dienst Landelijk Gebied
(Heukelomsebeek).
Optimalisatie waterstandsverlaging
In het kader van de langetermijnplannen
ten behoeve van de Hoogwatertaakstelling
2050/2100 worden de cumulatieve
hoogwatereff ecten van de diverse plannen –
inbegrepen de reeds voor genomen projecten
– in samenhang opnieuw bezien. Het is niet
de bedoeling de uitgevoerde/uit te voeren
inrichtingsplannen op korte termijn aan te
passen of over te doen.
Wel wordt gekeken hoe op termijn de bijdrage
aan waterstandsverlaging optimaler kan; dat
geldt ook voor dit plangebied.
Fraaie, gastvrije rivierdorpen in een
‘museaal’ landschap
Het Maasdal in het deelplangebied
wordt in zijn geheel gekenmerkt door
een karakteristieke geo mor fo logische
onderlegger: een lineair stelsel van langgerekte
terrasrestruggen, langgerekte geulen en de
doorgaande steilrand van het midden- of
Allerød-terras. Al sinds de late Middeleeuwen
manifesteert zich hier een uitgebalanceerd
cultuurlandschap, dat tot op de dag van
vandaag nog grotendeels authentiek en
samenhangend is gebleven; een ‘universeel
gaaf ensemble’, een landschap van museale
kwaliteit. Parallel aan elkaar liggen twee hoge
terrasrestruggen met eeuwenlange bewoning
en zeer goede oude akkergronden. De geulen
zijn ingesneden door de Pleistocene Maas; in
deze (soms ingesloten) laagten liggen vanouds
de weidegronden. De Maasduinen, met hun
struweel en heidegronden, vormden eveneens
een onmisbaar begrazingsgebied dat via de
driften vanuit de historische Maasdorpen
Bergen en Aijen bereikbaar was. De breedste
oude geul is het natst, hij loopt dicht langs
de steilrand van het Midden-Terras. Op het
Midden-Terras manifesteren zich reliëfrijke
paraboolduinen. In de geul heeft zich een
beekdal gevormd. De kwel uit het achterland
heeft hier broekgebieden doen ontstaan en
doet de Heukelomse Beek stromen. In het
beekdal hebben zich waardevolle ecotopen
gevormd zoals moerassen (Heuloërbroek)
en ruige natte bloemrijke graslanden. Een
uiterwaardverlaging is hier beslist ongewenst;
het zuivere kwelwater zou uitzijgen en de
waardevolle ecotopen zouden onherstelbaar
verstoord worden.
Bergen en Aijen , perspectief op
welvaart.
Het Waterschap Peel en Maasvallei bereidt
momenteel een nieuwe dijkverhoging
(plus 50 cm) voor die omstreeks 2015
gerealiseerd moet zijn. Het nieuwe peil van
de waterkering wordt ca 15.3 m + NAP. In het
licht van de klimaatveranderingen is een derde
verhoging niet ondenkbaar.
De in het kader van dit Masterplan
Maasdal te nemen hoogwatermaatregelen
benedenstrooms van Bergen moeten
voorkomen dat een derde dijkverhoging te
zijner tijd alsnog nodig is.
De oude en sfeervolle historische lintdorpen
Bergen en Aijen liggen pal aan de Maas
en openbaren zich nu al als aantrekkelijke
gastvrije toeristische kernen in een landschap
met museale kwaliteiten. Een veelbelovende
kans op welvaart mits het erfgoed gekoesterd
wordt en de aloude relatie met de rivier
weer inhoud gegeven. Een toeristisch
ontwikkelingsplan (TOP), waarbij de
historische dorpskernen als ‘gave ensembles’
worden gedefi nieerd, kan de zaak in goede
banen leiden.
׉	 7cassandra://yTkXh6oaRZ6Px3rSdGe-FirILTOljn_0qW2NcBPTSck`  c!j!>ʁc!j!>ɁqבCט   u׉׉	 7cassandra://LddF-OD5nT7IeEo2oKkZJKILPPfFXn_reysDcAhBkdo ``׉	 7cassandra://W4LDUBicMr6pewN-34vVKSLKJ0FQrxxcnSEwTMKeMRgj`׉	 7cassandra://PwZUEu_KbWFwIDnh51Irq-6hGQyUG_gTK3codO_JVsM`  ׉	 7cassandra://RroZhgsjF03I8cdAmtU8oyGMbk-S9ENdOpKGA3ZM6C8|'T͠czj!>-ט  u׉׉	 7cassandra://iYv4fYebAHgC-GiNbU5NzJh5DUEHv8JVdlRS_fOJTJg x`׉	 7cassandra://bfE3cvbX9D_fvKcMXZhMNAr-_emdvx_H6uCImSae13kK`׉	 7cassandra://SPIaTrQhQRfPx-WY-WM3E1VFQCU8LIJtPBOW6b_NQDY`  ׉	 7cassandra://25LYEMN2cxo3ugX2poDdT55J3JpIDxFr9tS9RsUY4eU $P͠czj!>.׉E162 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
STREEFBEELD
Hoogwatergeul met recreatieplas
De kiem voor dit deelplan is gelegd
tijdens een van beide interactieve
stakeholdersbijeenkomsten. Het behelst
een zeer bruikbaar compromis met
nieuwe mogelijkheden voor landbouw,
natuur en waterrecreatie. De voorgestelde
hoogwatermaatregel is tweeledig. Allereerst
wordt vanaf de huidige monding van de
Heukelomse Beek bij Heukelom tot aan
de Kerkstraat een brede hoogwatergeul
gerealiseerd waar continu water in staat
(blauw). Feitelijk ontstaat er een ruime
langgerekte recreatieplas, die benedenstrooms
in open verbinding staat met de Maas en
toegankelijk is voor grotere pleziervaartuigen
met meer diepgang. Delfstofwinning kan
bijdragen aan de fi nanciële haalbaarheid
en kan de ontwikkeling doen versnellen.
Bovendien wordt de oude geul tussen
‘terrasrestrug Aijen- Bergen’ en de
‘terrasrestrug Sintelberg-Suikerberg’
uitgediept tot een eff ectieve hoogwatergeul
die aantakt op de Maas via het langgerekte
plassenstelsel zoals voorzien in het autonome
project Maaspark Well. De tweeledige
hoogwatermaatregel resulteert in een totale
bijdrage aan de waterstandsverlaging van 5 tot
6 cm bij de bovenstroomse aftakking van de
hoogwatergeul. Dit is inclusief ‘het op poten
zetten’ van de Kerkstraat ter plaatse.
Kwetsbare Heukelomse Beek
gerespecteerd
Belangrijk is dat zodoende op termijn alsnog
een aanmerkelijke verruiming voor de rivier
bereikt kan worden zonder dat de kerndoelen
van de IGU Heukelomse Beek worden
verlaten. Het kwetsbare beekdallandschap van
de Heukelomse Beek wordt gerespecteerd,
blijft over grote lengte tot aan de Kerkstraat
van oud Bergen volkomen intact en wordt
op punten zelfs geoptimaliseerd. Het is
namelijk de bedoeling om – in de ruige
natte graslanden van het beekdal tussen
Kerkstraat en Zeedijk – het authentieke
(zie Tranchot-kaart) en voor deze streek zo
unieke, kleinschalige coulissenlandschap
met supersmalle percelen en elzensingels
te reconstrueren. Verder liggen er diverse
historische dwarsdijken in het plan
Heukelomse beek die bij hoge afvoer een
blokkade vormen. In het plan wordt ervan
uitgegaan dat zowel voor de veiligheid als voor
de doorstroom baarheid van het Heukelomse
beekdal de Kerkstraat wordt opgetild.
Daartoe wordt de Kerkstraat een brug op
pijlers (wegdek op peil 15,3 m + NAP) die
bij hoogwater als evacuatieroute gebruikt kan
worden. Maaiveldhoogte beekdal Heukelomse
Beek is ca 12,2 m + NAP, waardoor het goed
mogelijk zal zijn om onder de brug door te
fi etsen en te wandelen.
Optionele waterverbinding tussen
Bergerplas en plassen Maaspark
Geen onderdeel van dit plan maar wel
overwogen is de verdergaande verdieping
van de hoogwatergeul tussen ‘terrasrestrug
Aijen-Bergen’ en de ‘terrasrestrug SintelbergSuikerberg’;
en wel zo dat het nieuwe
plassengebied van Maaspark Well een
meestromende bevaarbare waterverbinding
krijgt met de nieuwe ‘Bergerplas. Daarmee
zou ‘eiland Bergen-Aijen’ een echt eiland in de
Maas worden en toeristisch-recreatief zeker in
aanzien stijgen. Zoals gezegd, geen onderdeel
van dit plan maar wellicht nuttig om als optie
achter de hand te houden.
Temeer omdat deze optie een substantiële
extra bijdrage kan leveren aan de
waterstandsverlaging benedenstrooms.
Centrale waterplas
Nieuw-Bergen en oud Bergen (i.s.m. Aijen)
krijgen beide een strategische toppositie aan
de nieuwe recreatieplas, een positie met een
aanlokkelijk perspectief op nieuwe economie.
Maar ook het buurschap Heukelom ligt
aan de plas en zou haar voordeel kunnen
doen met de nieuwe ruimtelijke uitleg. De
bevaarbare plas biedt allerlei buitengewone
kansen op het vlak van watertoerisme,
waterrecreatie en wonen, die zich nog verder
moeten uitkristalliseren. Dit deelplan zet
alvast een aantal mogelijkheden op een rij.
Zo kunnen Nieuw-Bergen en oud Bergen
elk een royale eigen jachthaven met vaste
ligplaatsen ontwikkelen. Aan de moderne
Nieuw-Bergense kant kan direct aan en op het
water – wellicht over grote lengte – een luxe
waterkwartier, een villabuurt, tot stand komen
met ‘cleantech’ villa’s zowel drijvend als op
poten. Ook hier geldt dat bij planvorming
rekening gehouden moet worden met de
stroombanen bij hoogwater.
Aan de meer authentieke oud Bergense kant
past een recreatieve hotspot: een drijvend
horecapaviljoen met groot terras van waaruit
tevens de jachthaven wordt beheerd. Andere
accommodaties zoals een watersportwinkel
en een watersportschool (waar gasten terecht
kunnen voor zeilopleidingen, boot- en
sloepverhuur, vaarbewijzen en arrangementen)
passen ook in dit paviljoen. Hier wordt
׉	 7cassandra://PwZUEu_KbWFwIDnh51Irq-6hGQyUG_gTK3codO_JVsM`  c!j!>׉E MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 163
Zicht vanaf de Sintelenberg op het gebied tussen de terrasrestruggen ‘Aijen-Bergen’ en ‘Sintelberg-Suikerberg’
׉	 7cassandra://SPIaTrQhQRfPx-WY-WM3E1VFQCU8LIJtPBOW6b_NQDY`  c!j!>́c!j!>ˁqבCט   u׉׉	 7cassandra://UQYDkLLbm3d66uXu5d0v-hv9tUdtYEcDalYcEl6NhBo {`׉	 7cassandra://-75wfW_NDqBtryUePITisMQ7GUD2DqpXzVgJ6Y3ZDxYR`׉	 7cassandra://Hy6rO9X9N5f1n2M-KKuvAcrCd9nFi2yt6XKdcohES0c`  ׉	 7cassandra://-IiO6CM0Yq11JQjwbNfU9cLUMIZfRFx1OUeJZ-_H3l4 k7X͠czj!>0ט  u׉׉	 7cassandra://AaVBDHPOkrhZe-AUrZDGV5j7c5uZ0MvGQn9mTp6xAj8 o`׉	 7cassandra://g9G4oCeXBPIqfgdGVwS-zTak7KH7DTXRIVs9Go80nTgi+`׉	 7cassandra://iwyZhHJ1HlKqWqfaVBSycDVnvD6QLdqehkfivc5Lt7k`  ׉	 7cassandra://5fmnJbOGkIjQOZP2JAloWKO9zdt39ygvIH9kabe2yIMpAL͠czj!>1׉E ]164 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Zicht op de historische kern Bergen vanaf de Aijenseweg
׉	 7cassandra://Hy6rO9X9N5f1n2M-KKuvAcrCd9nFi2yt6XKdcohES0c`  c!j!>׉ECMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 165
naast de vaste ligplaatsen voor jachten en
traditionele woonboten ook voldoende ruimte
gereserveerd voor passanten ligplaatsen. Direct
langs de oevers van plas kunnen wandel- en
fi etspaden worden aangelegd.
Cultuureiland Aijen-Bergen
Het hele eiland en de twee historische
kernen in het bijzonder verdienen de status
van ‘gaaf ensemble’. Er zou een regeling
getroff enen moeten worden voor de algehele
bescherming van de cultuurhistorische
waarden in karakteristieke samenhang.
Onder voorwaarde van respectering
van die waarden is er ruimte voor een
gevarieerd aanbod aan nieuwe toeristischrecreatieve
functies en functiecombinaties.
Pure landelijkheid en de kernidentiteit ‘
historisch Maasdorp’ krijgen betekenis door
de inventieve wijze waarop ondernemers
hun accommodatie en producten
ontwikkelen en presenteren. Denk aan (land)
winkels en horeca met streekproducten,
erfgoedlogementen (bijzonder overnachten
in historische omgeving, bijvoorbeeld in
fraai gerestaureerde panden in het dorp
of bij traditionele boerderijen), wellness
(al dan niet in combinatie met bijzondere
zorgarrangementen). Te denken valt
ook aan een evenementenweide en een
transferiumfunctie, bedoeld als uitvalsbasis
voor het omliggende museale landschap
Eckeltsche Beek omleggen
Vanwege de hoge dynamiek en
stroomsnelheid is het op termijn, als
Heerenplas en hoogwatergeul worden
aangelegd (deelplan 9), wellicht interessant
om de Eckeltsche Beek door de meestromende
waterloop met Maaswater langs Diekendaal
te leiden. Het beekwater en het kwelwater
uit het hoger gelegen Maasduinengebied
zijn van hoge kwaliteit. Waar de beek in de
nieuwe Heerenplas loopt kan een ‘minidelta’
ontstaan. De natuuroevers langs waterloop en
plas zijn ideale paaiplaatsen voor vissen. Een
ecologische studie kan voor- en nadelen van
een verlengde Eckeltsche Beek afwegen.
Verder is het zaak om – alvorens de loop
van deze verlengde beek te bepalen –
archeologisch onderzoek te doen naar het
oude roofslot Heerenwaard, waarvan de resten
zich direct naast de Veerweg bij Aff erden
bevinden.
Ruiverkaveling ten behoeve van
optimale agrarische exploitatie
Tegelijk met het eff ectueren van de
voornoemde rivierverruimingsmaatregelen
zou een ruilverkaveling kunnen plaatsvinden.
Daarmee kan versnippering van agrarische
gronden worden gecorrigeerd. Bovendien
kan de toe- en doorgankelijkheid
voor landbouwvoertuigen vanuit de
landbouwbedrijven die gesitueerd zijn aan de
terrasrand, gegarandeerd worden.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
Omleiding Heukelomsestraat Aff erden
In het verlengde van de Nieuwe Stuwweg
bij Aff erden loopt de Heukelomsestraat
prominent door het Maasdal door het
buurschap Heukelom helemaal tot oud
Bergen. In dit deel van de Maasdal zone is
het de enige verbinding van noord naar zuid.
Wel zijn er tussen Aff erden en Heukelom
enkele zijwegen die eenmaal over de N271
verbinding geven met de Maasduinenzone
en het (Duitse) achterland. Van Heukelom
naar oud Bergen kruist deze straat de nieuwe
plannen voor de Bergerplas. Daarom wordt de
Heukelomsestraat omgeleid langs de oostkant
van de nieuwe Bergerplas waar hij bij de
Rijksweg (N271) aansluit op de Kerkstraat.
Maar ook dan is de Heukelomsestraat nog de
enige, en dus essentiële, doorgaande noordzuid
verbinding voor fi etsers en wandelaars
in het Maasdal. Het profi el van de nieuwe
Heukelom sestraat krijgt hier – vanwege de
villabuurt die aan en op het water is gepland
– wellicht vorm als ‘waterboulevard’. In
het brede Maasdal, bij het ‘eiland AijenBergen’,
lopen over ruggen en langs geulen
diverse noord-zuid landwegen: AijensewegKampweg,
Sintelenberg, Holshaeg-Aijerbroek,
Parallelweg. De Parallelweg zou in de
toekomst doorgetrokken kunnen worden in
aansluiting met de nieuwe Heukelomseweg.
Verbindingen Maasdal-Maasduinen
De historische schaapdriften vanuit oud
Bergen en Aijen lopen west-oost en verbinden
de Maasdalzone met de Maasduinenzone.
De Kerkstraat vanuit oud Bergen voert
je nu over N271 naar het centrum van
Nieuw-Bergen waar men kan winkelen. De
Maasstraat in oud Bergen ligt in het verlengde
van de Kerkstraat geeft, via de nog dienst
doende (auto)veerpont, verbinding met het
Brabantse Vierlingsbeek. De Aijerdijk – na
het oversteken van de N271 Op de Paal en
vervolgens Bedevaartdijk (naar Bedevaartsoord
Kevelaer) geheten – voert midden door de
bossen en heidevelden langs de Wellsche
׉	 7cassandra://iwyZhHJ1HlKqWqfaVBSycDVnvD6QLdqehkfivc5Lt7k`  c!j!>΁c!j!>́qבCט   u׉׉	 7cassandra://8lllsJqm5nzyOhbi8EvNhL3bjiGHvkq-07fbuMQffjM `׉	 7cassandra://kZxyMeGsQkuTmWkuit0htYTyw5yV-PrfxghickUkxtMBT`׉	 7cassandra://kYOzq5tTmvv0QG7QM8PJvMImTVrBL8ZK5_Qyt0YqwXIJ`  ׉	 7cassandra://gLEi2w9NQ-RRZmTNP68-ACoEevYHLiYD7-uE_4BbXd8 Q̚͠czj!>3ט  u׉׉	 7cassandra://aV1gCAfkwk-F-W-8kaiypRQC9LVqjVgqhQLzwqsCQ4g Ν`׉	 7cassandra://WCD1nynxn0u2wVlDoDrGES5RbPj1mUDgbRDoY0L84HYH5`׉	 7cassandra://ywqstxYxtW6zcvLa6K7iY2bhV_2lNOj2fZysqXQI9NU`  ׉	 7cassandra://A5QGuMeXYZ_Eql7mGSExLD0tc6bumip3ir85gnCdTnw 8P͠c{j!>4׉E9166 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Hut en het verlaten ‘Zollamt’ naar de Duitse
Airport Weeze.
In het verlengde van de Aijerdijk richting
Maas ligt een gereconstrueerde laad- en
losplaats, die wellicht de bestemming van
‘ontvangstkade’ met Maashalte en aanlegplaats
voor pleziervaart kan krijgen.
Wandelen en fi etsen
In het deelplangebied zelf kunnen wandelaars
en fi etsers hun hart ophalen. De uiterwaard
is goed te overzien vanaf de ringdijk van het
eiland en het gebied goed ontsloten met fi etsen
wandel paden. Via het veer van oud Bergen
naar Vierlingsbeek krijgt men aansluiting op
het Brabantse achterland (Oorlogsmuseum en
Zoo Overloon) met zijn uitgebreide fi ets- en
wandelnetwerk.
Weeze Airport
Airport Weeze Niederrhein Germany is
een jonge, internationale luchthaven net
over de grens in Duitsland op 30 km van
Nijmegen en Venlo. Vanaf deze luchthaven
vliegen veel low cost airlines naar diverse
vakantiebestemmingen. Airport Weeze
maakt tegelijk de Euregio en de Noordelijke
Maasvallei bereikbaar voor de wereld; een
gegeven dat in de toekomst beter benut kan
worden.
Parkeren
Door verhoging van de toeristisch-recreatieve
activiteit zal de druk op de kernen toenemen.
De eigen bewoners mogen dan nauwelijks
hinder van ondervinden. Dus moet gezien
de te verwachten aantrekkingskracht van
de recreatieplas en het cultuureiland van
meet af aan gezocht worden naar duurzame
parkeeroplossingen. De fraaie historische
lintdorpen zelf moeten bij voorkeur autoluw
blijven. Gasten parkeren dus buiten de
het dorp op daarvoor ingerichte groene
parkeerplaatsen.
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Vergraving
• Afstand tot waterkering
: 11,1 m + NAP
• Waterstandsverlaging (cm) : 6 t.h.v. rkm 137
• Bijdrage in m2
: 20 m
: oude geul tot 0,5 m boven stuwpeil
: 751
Figuur 8: waterstandseffect van deelplan Bergerplas
׉	 7cassandra://kYOzq5tTmvv0QG7QM8PJvMImTVrBL8ZK5_Qyt0YqwXIJ`  c!j!>׉E UMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 167
De gereconstrueerde laad- en losplaats in Aijen
׉	 7cassandra://ywqstxYxtW6zcvLa6K7iY2bhV_2lNOj2fZysqXQI9NU`  c!j!>Ёc!j!>ρqבCט   u׉׉	 7cassandra://6a54PUr2GN_mlZf9Zwhg28QqKm7Fl3VOy5YFY8IaKDU `׉	 7cassandra://Ql_IpLh3JXhuMrCkGbz-DV1po8RK2aGY8ptDSE4w6Ws*r`׉	 7cassandra://zdcvQmSmN1lT4jyYmSxk_mSzt1PyIasw4y_cHK5eGDQW`  ׉	 7cassandra://SWhQQCLIWFCVCeWSZH_dx7R2Vw66kfBe_Zvkf4OgicQH͠c{j!>6ט  u׉׉	 7cassandra://WB15f3jQ4_GXHzxExbxLDVMmeSDCLKrZIgXRFmJpoBM +`׉	 7cassandra://tSI1EdNnpOjYOVrnjH4A3wRJZ_S-G6wNZ1VQ9XHGKB0`׉	 7cassandra://zKTvDEZKqufU53hmoo6_iRVKelGqh2dZ1sOyNJN0XIQ	K`  ׉	 7cassandra://nqG5A5wt5laj09FQWZe90FEtDHKG3oJIF5457XSeTvM?A͠c{j!>7׉E1168 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
ACTIEMATIX DEELPLAN 10 De Bergerplas
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Recreatieve ontwikkelingszone
 Herstructureringsplan en regelluw beleid maken. Laagdrempelig
facilitair loket instellen.
 Stimuleren nieuwe kwalitatieve onderscheidende gastenhuizen /
gastenhoven (boerderij)
 Nieuwe manege en nieuwe mini-campings o.a. in Heukelom
Cultuureiland Aijen-Bergen
Gebiedsontwikkelingsplan voor cultuureiland opstellen: Toeristisch
Ontwikkelingplan (TOP) annex erfgoedplan en beeldkwaliteitsplan.
 Ondernemers prikkelen tot initiatieven en innovatie
Eiland gastvrij instellen op nieuwe economische functies:
landwinkels, horeca met streekproducten, wellness etc, gastenhuizen;
erfgoedlogementen; ook voor zorgbehoeftigen; evenemententerrein;
Camping; transferium / groene parkeerplaatsen
 Eiland visueel accentueren; bijv. bomenring langs binnenzijde
ringdijk.
 Maashalte Aijen. Kade gastvrij inrichten.
Heukelomse Beek
Herstel kleinschalig ‘natuurlijk’ cultuurlandschap (type kwelbeekdal)
Renaturaliseren vrije meanderende loop
 Kwelzone met natte hooilanden en elzen- strokenverkaveling
Tabel 11: actiematrix deelplan 10
Gemeente
Gemeente i.s.m. onderneme
Gemeente i.s.m. onderneme
Gemeente
Gemeente i.s.m. onderneme
Gemeente i.s.m.
Natuurorganisaties
׉	 7cassandra://zdcvQmSmN1lT4jyYmSxk_mSzt1PyIasw4y_cHK5eGDQW`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 169
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel
Bergerplas, bevaarbaar
 Gebiedsontwikkelingsplan voor de gehele Bergerplas opstellen
(structuurvisie + bestemmingsplan Buitengebied).
 Jachthaven oud Bergen (recreatieve hotspot)
o drijvend horecapaviljoen, watersportcentrum
o jachthaven met vaste ligplaatsen en passantenligplaatsen
o woonboten (tijdelijk als vakantieboot en permanent)
 ultiem waterwonen bij Nieuw-Bergen Tijdelijk & permanent wonen;
drijvend & op poten;‘cleantech’ & ‘excellent
 clubhuis met jachthaven; vaste ligplaatsen bewoners
 Oeverzones inrichten als natte natuur
Tabel 11: actiematrix deelplan 10
WIE
Rijksoverheid / Gemeente
i.s.m. ondernemers
׉	 7cassandra://zKTvDEZKqufU53hmoo6_iRVKelGqh2dZ1sOyNJN0XIQ	K`  c!j!>ҁc!j!>сqבCט   u׉׉	 7cassandra://4Z1WfzjIJORbMrKLiIPLnTffk6uAwGT3XP6jw561I10 `׉	 7cassandra://yl9ptAxN7L9uNSTnD8rIQFZ8sUQYb51oecPtnwBdmkQ͝Q`׉	 7cassandra://g4n1r3eqK33jRgeQUvpoEoEZJRfmoH18wwIkiyIzRAA*`  cj!>Fט  u׉׉	 7cassandra://8tcnvkvCeMqjtapuovWLokHuiRSJPvmP-c7I4wUc_IY F`׉	 7cassandra://Y0c5dJ7f0pOYT7eAlD_6QHm9G0c3nQ5ofLraE--3Q7oZ`׉	 7cassandra://1Gkyk-OuuWvJXu3uxpVkyofG05zscDWrDaTAI4Fpep4`  ׉	 7cassandra://Zuz1Ai1gbDUQD8uJ7uaHkFjuRNJMD2qdDeze6gTt3zg͙lx͠cj!>G׉E170
׉	 7cassandra://g4n1r3eqK33jRgeQUvpoEoEZJRfmoH18wwIkiyIzRAA*`  c!j!>׉EWMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 171
Deelplan 11 Maaspark Well
Gemeente
Maaskant
: Bergen
: oost
Hoogwatermaatregel : waterplas annex hoogwatergeul
Locatie
: tussen rkm 138 bij Aijen en 133 bij Well
UITGANGSSITUATIE
STREEFBEELD
Maaspark Well
In het plangebied tussen Aijen en Well
wordt het Maaspark Well aangelegd; zie de
13.12.2011 vastgestelde Structuurvisie.
Een veelomvattend lopend project in
een vergevorderd stadium dat bestaat uit
een onderdeel rivierverruiming met een
samenstel van nieuwe langgerekte plassen
dan wel hoogwatergeulen, inbegrepen
een vergrote voorhaven en een onderdeel
toeristisch recreatieve ontwikkeling
Leukermeer en omgeving. Om deze integrale
gebiedsontwikkeling mogelijk te maken, zijn
diverse aanpassingen aan het Maasdal en
het Leukermeer nodig. Vanwege het grote
maatschappelijke en economische belang zijn
een integrale structuurvisie, een MER plan
en een bestemmingsplan opgesteld en is een
ontgrondingsvergunning aangevraagd.
De structuurvisie ligt nu (april 2012) ter
inzage. De uitvoering start na afronding van
een uitgebreid archeologisch onderzoek (zie
‘Meerwaarde/geomorfologie & archeologie).
Rivierverruiming
De (integrale) bijdrage aan de taakstelling
is aanzienlijk; het uitvoeringsplan met
bijbehorend maatregelenpakket is goed
voor een waterstandsverlaging van circa
20 cm. Omdat deze waterstandsverlaging
nog niet in de aan de regio opgelegde
Hoogwatertaakstelling 2050/2100 was
verwerkt, worden de eff ecten ervan nu in dit
Masterplan meegnomen.
Samenhang en verweving met de omgeving
Het opzichzelfstaande project Maaspark Well
omvat eff ectieve hoogwatermaatregelen welke
worden gecombineerd met een afgewogen
scala van recreatieve dag- en verblijfsfuncties.
Een ontwikkeling die perfect past in het Masterplan
Maasdal Noord-Limburg.
Wat mogelijk extra aandacht verdient, is de
samenhang c.q. verweving met het lineaire
Maasdal en de parallel daaraan gelegen Maasduinen.
De
aansluiting van de hoogwatergeul tussen
‘terrasrestrug Aijen- Bergen’ en de ‘terrasrestrug
Sintelberg-Suikerberg’ bij Aijen op de Maas
(zie deelplan 10) wordt bewerkstelligd via het
nieuwe plassenstelsel zoals voorzien in het
project Maaspark Well.
Betere ontsluiting bezoekerscentrum De
Maasduinen
In het hart van Nationaal Park De
Maasduinen (de verantwoording voor het
stelsel Nationale Parken in Nederland ligt
momenteel bij de diverse provincies!) bij het
gesloten sluiscomplex in het kanaal van ’t
Leukenmeer naar het Reindersmeer wordt
Bezoekerscentrum De Maasduinen gerealiseerd.
Er wordt een uitnodigend gebouw met een
aansprekende architectuur over de sluisbak
gebouwd. In het nieuwe bezoekerscentrum
worden horeca en informatievoorziening met
elkaar gecombineerd. Het Reindersmeer – een
zandwinplas midden in de bossen – grenst aan
het welgevormde paraboolduinenlandschap
de Bergerheide. Het ‘rondje Reindersmeer’ is
tegenwoordig een populaire natuurwandeling.
Het bezoekerscentrum is weliswaar een
blikvanger vanaf de N271, maar desondanks
moeilijk te vinden. Een duidelijk aangegeven
afslag op de N271 in combinatie met een
eenduidige toegangsweg voor geordende
parkeerplaats voor auto’s en bussen is beslist
noodzakelijk. Het bezoekerscentrum ligt
eigenlijk op een kruispunt van boswegen
die echter, om als geschikte toegangswegen
te kunnen worden aangemerkt, nog wel de
nodige aanpassingen behoeven. De Oude
Baan, die parallel loopt aan de N271, is
׉	 7cassandra://1Gkyk-OuuWvJXu3uxpVkyofG05zscDWrDaTAI4Fpep4`  c!j!>ԁc!j!>ӁqבCט   u׉׉	 7cassandra://wILTAJjWVW7HsZdBZje_YkTFJCjqEVCaQgdq-OuNtQw (`׉	 7cassandra://4ytASbXbM18LKBiVlLzjvsLMIiuBDCWqle-CkP2S5UEk9`׉	 7cassandra://gpwgeuYYuY46AY3ZTiRPo4Xqlm2Pd38LQ-nQSxNPrXg%F`  ׉	 7cassandra://cep5YbnpPrge1XIYEh8OC7wrfQwpF2bRy15Fj0RGOdc X͠cj!>Iט  u׉׉	 7cassandra://Cg2AeYN4lgqPUPnuGLQWy4eCnPIhiPRg3QBbXAj971M `׉	 7cassandra://c9IjRTxfwkKoiYhmxkNaPLG96iljP7_506eGy8zqq9og`׉	 7cassandra://wZDpebjlrBK4J6jp4OLNdQ6RgYUENtDIPxoAvD76RWM#`  ׉	 7cassandra://GLYwiJ6bc6albwn2WekjkE5XvbXxFYTHvP0CeEC0Ui0 <P͠cj!>J׉E .Bezoekerscentrum Nationaal Park de Maasduinen
׉	 7cassandra://gpwgeuYYuY46AY3ZTiRPo4Xqlm2Pd38LQ-nQSxNPrXg%F`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 173
namelijk niet continu. De zandpaden – haaks
op de Oude Baan – zijn als toegangsweg
onherkenbaar en buigen bovendien op
beslissende momenten af op houden
zelfs op. (Zie verder ‘Verbindingen en
toegankelijkheid’)
Vakantiemilieus combineren met exclusieve
woon- en zorgmilieus
Het project Maaspark Well richt zich primair
op een intensivering van de traditionele dagen
verblijfsfuncties en een opwaardering van
het bestaande toeristisch-recreatief product.
Maar door de hoge dichtheid van functies en
voorzieningen is het gebied eveneens geschikt
voor het realiseren van exclusieve woon- en
zorgmilieus.
Met name de open kavels in de buurt
van de Vlissert en de Sterberg lenen zich
goed voor het stichten van puur landelijk
zorgcomplexen. Verspreid in het landschap
kunnen hier enkele beschutte enclaves of
resorts worden ontwikkeld die zich richten
op mensen met een beperking of op senioren.
In de enclaves voor mensen (kinderen en/
of volwassenen) met een verstandelijke
beperking, kan men zowel permanent
wonen als tijdelijk wonen. In den lande zijn
diverse goed werkende voorbeelden, zoals de
‘biologische zorgboerderij’.
In wezen zijn het landelijke
leefgemeenschappen waar permanente
bewoners én tijdelijke (vakantie)gasten
wonen, werken, ontspannen. Gewerkt kan
worden in huis, op het erf, in natuur en
landschap en/ of bedrijven in de buurt onder
professionele begeleiding. Een taak in huis is
het schoonmaken van de gastenverblijven het
verwennen van de gasten. Ook vakantiegasten,
kunnen werken bij bedrijven in de buurt die
zich richten op hun eigen functie én de zorg;
bijvoorbeeld beroepen zoals boer, bakker,
horecaondernemer en recreatieondernemer.
De laatste zou overigens ook een gedeelte van
zijn verblijfsaccommodaties geschikt kunnen
maken voor zorgvakanties. Vanzelfsprekend
kan ook volop gerecreëerd worden aan en op
het water, in de bossen en op de heide.
In de enclaves voor senioren, kan men
eveneens permanent of tijdelijk wonen. In
resorts met een ‘hotelmatige’ service kunnen
senioren leven in eigen regie. Tijdens het
ouder worden ontstaat een toenemende
behoefte aan luxe en comfort in combinatie
met zekerheid en veiligheid, hetgeen in deze
resorts worden geboden.
Een buitenleven met gevarieerde
recreatiemogelijkheden naast de deur en in
huis een sociale omgeving met bar, lounche,
restaurant, entertainment en wellicht een
vitaliteits- en wellnesscentrum met zwembad.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De gezamenlijke verbindingen van noord
(eiland oud Bergen-Aijen) naar zuid (eiland
Elsteren-Well) bundelen zich bij de brug
Voorhaven-Leukermeer; snel en langzaam
verkeer gaat over de Kampweg-‘t Leuken.
Bepaling van de verkeerskundige eff ecten zijn
zeker onderdeel van het MER-plan. Essentieel
is hoe het profi el van de weg zou op veiligheid
voor fi etsers en wandelaars wordt aangepast.
De belangrijkste west-oostverbindingen lopen
langs het kanaal dat werd gegraven voor de
afvoer van delfstoff en van de zandwinning
׉	 7cassandra://wZDpebjlrBK4J6jp4OLNdQ6RgYUENtDIPxoAvD76RWM#`  c!j!>ցc!j!>ՁqבCט   u׉׉	 7cassandra://wnQb1DjpmRn2SgOnraBuSZJoC3pqs9kagbNsK3ohwKI `׉	 7cassandra://kqXlwfJLb94s9QuOyWfWEW6CUNPkRDvtnd3fMYI5Z6AV`׉	 7cassandra://1ErUJJvcGyg5ROtXKC16fuUAzdzOcjfGLwYn7sIRXgM`  ׉	 7cassandra://4SqHM81XqUY8nazQFu8Qlt6pO83XG-Eda3UmKdbnpO0 NX͠cj!>Mט  u׉׉	 7cassandra://BSnJca-jkY38XU-PTZglaWQ8WX-GCT95q9JfjCoVJ_M `׉	 7cassandra://Cy3lGF7kq2866oNJ9VLTvGuORdXmWF4-ell2JFRD0Fs7`׉	 7cassandra://nY-kVWb5Q9v3dGR4R0aRJmTiwK9ybgFBZtRuXNMVfSc3`  ׉	 7cassandra://rUbePSbEX4kjUbQxBA0DyWwjvababIdUdgyLdEeGHsE Cs*͠cj!>N׉E174 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Reijnderslooi.
Terwille van de bereikbaarheid van het nieuwe
bezoekerscentrum aan het Reindersmeer
wordt voorgesteld de Oude Baan te
gedeeltelijk reconstrueren voor langzaam
verkeer met een doorgaande verbinding naar
voormalig kasteel en landgoed Bleijenbeek.
Van Nieuw-Bergen naar het zuiden loopt de
Oude Baan langs het Eendenmeer en over de
Bedevaartsdijk (die begint in Brabant en via
Aijen naar Kevelaer loopt) naar de sluis. Ten
zuiden van de sluis ligt Bosscherheide, een
geometrische ontginning voor houtaanplant
met kaarsrechte paden. In het verlengde van
de sluis zou een ‘Nieuwe Baan’ voor langzaam
verkeer naar het zuiden aangelegd kunnen
worden, door Knikkerdorp, over de Kevelaarse
Dijk, langs de visvijver naar Wellerlooi, door
landgoed de Hamert met het schilderachtige
Pikmeeuwenwater, naar het meanderende
Geldersch-Nierskanaal en uitspanning de
Hamert (letterlijk: ‘oude overslagplaats’).
Ook verder naar het zuiden, buiten het
Masterplangebied, zou de Nieuwe Baan een
vervolg kunnen krijgen tot in Venlo.
Voorstel is verder om de bestaande zandwegen,
tweezijdig langs Leukenmeer en kanaal
gelegen, in te richten als uitnodigende
toegangsroute, compleet met recreatieve en
informatieve voorzieningen. Beide zandwegen
verdienen een herkenbaar begin met
opvallend informatiebord en kleine informele
parkeerplaats aan zowel de Kampweg als ’t
Leuken. Van daaruit volgen de zandwegen de
oevers van ’t Leukenmeer, gaan onder de brug
van N271 door, direct (geen afbuiging) langs
het kanaal naar het nieuwe Bezoekerscentrum
Maasduinen. Het ‘rondje Leukenmeer’ zal
zodoende zeker ook populair worden, zowel
bij de omwonenden als de gasten.
Zicht op ‘t Leukermeer vanaf de N271
׉	 7cassandra://1ErUJJvcGyg5ROtXKC16fuUAzdzOcjfGLwYn7sIRXgM`  c!j!>׉EvMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 175
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Maatregel
: 11,1 m + NAP
: diverse vormen (zie plan
Maaspark Well)
• Waterstandsverlaging in cm : 25 t.h.v. rkm 131
• Bijdrage in m2
: 1617
• Afstand tot teen waterkering : > 50 meter
Figuur 9: waterstandseffect van deelplan Maaspark Well
ACTIEMATRIX DEELPLAN 11 Maaspark Well
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
Maasdalroute
 Bewegwijzeren
 MER-plan verkeerskundige effecten.
 Reconstrueren ‘Oude Baan’ t.b.v. langzaamverkeer.
 Aanleg ‘Nieuwe Baan’ voor langzaam verkeer naar het zuiden
 Bestaande zandwegen, tweezijdig langs Leukenmeer en kanaal
gelegen, in te richten als uitnodigende toegangsroute, compleet met
recreatieve en informatieve voorzieningen.
 Optimaliseren ontsluiting Bezoekerscentrum De Maasduinen.
De Vissert en De Sterberg
 Stichten landelijk gelegen zorgcomplexen
 Enclaves voor mensen met een verstandelijke beperking; permanent
en tijdelijk wonen
 Enclaves voor senioren; permanent en tijdelijk wonen
Tabel 12: actiematrix deelplan 11
Ondernemers /
organisaties
WIE
Regio / Gemeente
׉	 7cassandra://nY-kVWb5Q9v3dGR4R0aRJmTiwK9ybgFBZtRuXNMVfSc3`  c!j!>؁c!j!>ׁqבCט   u׉׉	 7cassandra://kMf4DBIWz0wyR4Hzc-rpsqoYMPdlQufKC52geL-yLpM O`׉	 7cassandra://EDdNb3QsXYEWP_fQXpb7eWQsvKT3NMRqBCyAMgfWhckͥP`׉	 7cassandra://ga-VhN_SUQO2a-Ril-LcXpGCIjR6qFXr__7PQjZMrWU-`  cj!>Xט  u׉׉	 7cassandra://NbX3FgrYnXwl3m1MGZEHPnQGJ82hohs1dMykUZbWR4s Vx`׉	 7cassandra://r1zN8LRKhhhKavFAzk2XNN00os4WBy4kwyRhGLk-9n4[V`׉	 7cassandra://Mjh6fYnjcnvSanK2ZaRg6K0CF5H2FwYEMfi0Xx4vTwcY`  ׉	 7cassandra://ZyufaZhgLkzjbB5SWxnIWwBgPTYqoZ40p_3Wh_U9Ay0 Ù͠cj!>Y׉E׉	 7cassandra://ga-VhN_SUQO2a-Ril-LcXpGCIjR6qFXr__7PQjZMrWU-`  c!j!>׉E>MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 177
Deelplan 12 Well, levendig toeristenplaatsje
Gemeente
Maaskant
: Bergen
: oost
Hoogwatermaatregel : geen
Locatie
: niet van toepassing
UITGANGSSITUATIE
Well, authentiek Maasdorp
De historische kern van Maasdorp Well
ligt op een heel strategische plek. Hoog en
droog op de oeverwal, op een kruispunt van
land- en waterwegen, aan de buitenbocht
van de rivier en bij de monding van de
Molenbeek is Well gesticht. Well heeft
vanouds een hoog plein direct aan het
water, de oeverwal is hier ingesleten door de
rivier. Op het plein, ongeveer waar nu een
kapel staat, stond ooit een schipperskerkje,
toegewijd aan St. Petrus. De oude met hoge
muren omsloten begraafplaats staat op de
Rijksmonumentenlijst. Aan de overzijde van
het plein, ook direct aan de rivier, staat sinds
mensenheugenis een herberg voor handel,
vertier en overnachting. Vanaf het terras
heeft men een prachtig zicht op de Maas en
haar overkant. Bij de verlaten veerstoep van
het Brabantse Wanssum staat nog het oude
veerhuisje. Tot de opening in 1954 van de
Koninginnebrug ( Baileybrug) was een
overzetveer in functie.
Levendig toeristenplaatsje
Benedenlangs het dorp ligt de uitgestrekte
groene loswal waar vroeger vrachtschepen
en passagiersboten aanlegden. Tegenwoordig
staat ter hoogte van het plein nog een
eenvoudig staketsel in het water voor het
aanleggen van de rondvaartboten en de
MaasHopper. De MaasHopper is een fi ets- en
wandelpendelboot die vaart van Aff erden tot
Baarlo/Steil, met diverse stops in pittoreske
Maasdorpen. Well dankt haar opbouw, haar
karakter en haar bekoring aan de unieke
en functionele ligging aan de Maas. Het is
dan ook een aantrekkelijke en in de zomer
levendig toeristenplaatsje. De sfeer in Well
wordt mede bepaald door de kleinschalige
Grotestraat Well met rechts het Marktplein
Historische begraafplaats Well
׉	 7cassandra://Mjh6fYnjcnvSanK2ZaRg6K0CF5H2FwYEMfi0Xx4vTwcY`  c!j!>ځc!j!>فqבCט   u׉׉	 7cassandra://2uPcwgWrS1KLhZIVOQicGWWTBniEfN-uCU0B2GddZPY f`׉	 7cassandra://tozZAjfpcrXt3a0YM8j75foJc916_oICrrjhlSH1bAUZZ`׉	 7cassandra://C3cfJV5DsLICCgELzbRXjuDaArUutT_dTx_9z-qT4BsR`  ׉	 7cassandra://lfck30K-UT3aI8QYHGLODWQH_0CO0TEX0o1yJk2s-0M ^\͠cj!>\ט  u׉׉	 7cassandra://i2RYvf7bmatEkuDu_MXCm_hNZYmCFiod1aZfbA3Bl10 `׉	 7cassandra://VrGr0vn6vp8txKHoW-OYrB0j5-YoVomnuzP2wKldHJw\`׉	 7cassandra://xgw1I0HUHeQa_JiLLPZxwCxTWv_RF_h_MTNzynaZo-g!`  ׉	 7cassandra://oWm6SwQvSP6OlV8KDZLs1wKbkODDQJybF1O9PHPwIuk j<P͠cj!>]׉E178 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
historische gebouwen aan Grotestraat en Marktplein
die overwegend wit zijn geschilderd. Hier hebben zich
enkele horecagelegenheden en een toeristenwinkeltje
gevestigd. Van het Marktplein loopt een steegje naar
de oude loskade en de in het Maaswater verdwenen
veerstoep.
Luchtfoto Kasteel Well 1930 (bron: Archief Well)
Kasteel Well trots van het dorp
De trots van het dorp Well is de oude monumentale
waterburcht ‘Kasteel Well’, gelegen in de laagte achter
de bebouwde kom. Rivier, dorp, kasteel, landerijen en
bossen op de achtergrond vormen een samenhangend
en uniek ensemble, een en ander goed vergelijkbaar met
Arcen.
Oorspronkelijk vormde de Kasteellaan een historische
as die de waterburcht rechtstreeks verbond met een
hoog en droog gelegen punt gelegen aan de oostzijde
van de oude Napoleonsweg (N271). De Kasteellaan
loopt tegenwoordigvanuit de kern buitenom langs de
gracht naar nieuwe nederzetting Papenbeek tot bij
het Moleneind aan de rand van het bos. Hier ligt aan
de N271 een pleisterplaats met een driehoekig plein,
waarvandaan de Wezerweg een rechtstreekse verbinding
met het Duitse achterland en Airport Weeze legt.
Knikkerdorp
Buiten het Masterplangebied, aan de overzijde van de
N271 ligt Knikkerdorp. De karakteristieke concentrische
wegen zijn geënt op de paraboolduinen. Hier biedt een
heel natuurlijke camping verblijfsaccommodatie.
De historische as (Kasteellaan) is omgeleid.
׉	 7cassandra://C3cfJV5DsLICCgELzbRXjuDaArUutT_dTx_9z-qT4BsR`  c!j!>׉E pMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 179
De wit geschilderde, kleinschalige historische gebouwen aan de Grotestraat
׉	 7cassandra://xgw1I0HUHeQa_JiLLPZxwCxTWv_RF_h_MTNzynaZo-g!`  c!j!>܁c!j!>ہqבCט   u׉׉	 7cassandra://OeBFYbX--gwf6wYcwduMp8s9cXP4BJCK4zm50D0YPy8 	`׉	 7cassandra://dBZMKSVH0rUOP_pmhymhOcRxR9jZ2ImBOjUcB38y-as^<`׉	 7cassandra://HjYIT1zgdt8HVM0EoRiRCHFLUXt67gcPbNK5HTA-0hAP`  ׉	 7cassandra://Sm63B3EDK_3tBbZgpaJfrUOjtm6fQP5cbsnfD6AnD54 ͠cj!>`ט  u׉׉	 7cassandra://0RIENl31MgX9uqs67y6lYOywNQO6btisrqEIwGdnBYQ C`׉	 7cassandra://2IanhPuBZd8dOfPCep1GfkSS5dAZyQXcY0no-ZoaQNk]Y`׉	 7cassandra://XI4opJQF_INK4vLuMXW2kQQndDG1rxHrcArU7PM_72o`  ׉	 7cassandra://rxYsNVu-_nxFJLlZXt4UD_N1ZhfXX5Ms9r7fpn7k1yk iP͠cj!>a׉E180 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
STREEFBEELD
Hoogwatergeul veelbelovend alternatief
Tussen de oeverwal, waarop Elsteren en Well
gelegen zijn, en het Midden-Terras waarop
Papenbeek ligt, bevindt zich de doorgaande
laagte van een oude Maasgeul. Deze begint
bij rkm 131, iets voorbij Knikkerdorp, en
loopt door tot de Voorhaven bij Leuken.
Deze oude geul zou bijzonder geschikt zijn als
hoogwatergeul gezien de hoge bijdrage aan de
waterstandsverlaging (maximaal 22cm bij rkm
131).
In dat geval zou het grondlichaam aan
Limburgse zijde waarover de N271 aansluit
op de Koninginnebrug (nieuwe brug sinds
1980) getransformeerd moeten worden tot
een aanbrug op peilers die de hele uiterwaard
overspant. Verder zou dan de dijk bij Elsteren
en Well een ringdijk worden, waardoor zich in
het stromend winterbed – net als bij BergenAijen
– een ’eiland’ zou vormen. Een niet
onbelangrijk neveneff ect daarvan zou zijn dat
het markante Maasdorp Well zich als ‘eiland
in de Maas’ toeristisch nog nadrukkelijker zou
kunnen manifesteren.
De kwel van de hogere gronden en het
heldere water van de Molenbeek zouden dan
Grote Waay en Broeklossing – net als de
Heukelomsche Beek in de toekomst – traag
doen meanderen in een zompig dal. Een
dergelijk beekdal komt sterk overeen met het
historische landschap waarin de waterburcht
Kasteel Well is gebouwd.
De hoogwatergeul levert dus een veelbelovend
alternatief, maar lijkt vanwege het zeer
gunstige eff ect van de hoogwatermaatregelen
die onderdeel zijn van het project Maaspark
Well, vooralsnog niet opportuun.
׉	 7cassandra://HjYIT1zgdt8HVM0EoRiRCHFLUXt67gcPbNK5HTA-0hAP`  c!j!>׉EXMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
181
Well, gastvrij knooppunt direct aan de
verbindende Maas
De functioneel-economische relatie met de
Maas heeft Well gemaakt tot wat het nu is:
een markant en authentiek op de rivier gericht
dorp. In het Noord-Limburgse Maasdal heeft
alleen Mook een vergelijkbare oorspronkelijke
riviergerichtheid. Maar Mook heeft de
rivier de rug toegekeerd en zich ingesteld
op de Rijksweg als economische levensader.
Ofschoon Well ver van diezelfde Rijksweg
af ligt, heeft ook dit dorp gaandeweg zijn
functioneel-economische relatie met de rivier
verloren.
Toch liggen voor Well de kansen op welvaart
vooral bij de dynamiek en de intrinsieke
kwaliteiten van de verbindende rivier.
Gemeente en ondernemers werken samen
aan TOP
Het is verstandig dat gemeente en
ondernemers samenwerken om specifi ek
voor Well een toeristisch ontwikkelingsplan
(TOP) met uitvoeringsgerichte projectvoorstellen
op te stellen, gericht op meerdaags verblijf.
Zo’n TOP zal zich primair richten op het
versterken van de ‘couleur locale’. Vanuit
het versterken van de eigen identiteit als
riviergericht historisch dorp kan Well zich
onderscheiden van andere Maasdorpen.
Het TOP is ook een erfgoedplan en
beeldkwaliteitplan; het geeft praktische
richtlijnen voor het structureel opknappen
van het cultuurhistorisch erfgoed als ‘gaaf
ensemble’. En maakt concreet hoe – op
een respectvolle kleinschalige wijze – het
erfgoedensemble creatief benut kan worden.
Speciale aandacht verdient de Grotestraat
met Marktplein en ‘Maasplein’ met open
zicht op de Maas. De Grotestraat is de
historische ontwikkelingsas van het dorp,
maar kan beslist ook betekenis krijgen
als hechtingsas voor nieuwe toeristischeconomische
ontwikkelingen. Met name
wanneer de Grotestraat wordt ingericht als
belevenswaardige (en autoluwe) promenade
zullen gasten hier graag de omgeving
verkennen.
Last-but-not-least worden de diverse
mogelijkheden van de Maas als levensader
en drager voor nieuwe toeristische economie
afgewogen en in projectvorm uitgewerkt.
Vervolgens kan een nieuw bestemmingsplan
planologische ruimte bieden voor initiatieven
van gastvrije ondernemers en particulieren.
Belangrijk is de keuze om weer te leven van
en met de Maas: kleinschalig, landelijk, puur
en echt, gebaseerd op identiteitsbepalende
elementen. De belevingswaarde van het
geboden toeristisch product is net als
de beeldkwaliteit van het dorp geënt op
eigenheid en oorspronkelijkheid.
Waterkant ontvangstkant
Samen met de ontvangstkade onderlangs
kan het ‘Maasplein’, eenmaal in ere hersteld,
een krachtige trekker vormen. De waterkant
wordt weer ‘ontvangstkant’ met een
langgerekte uitnodigende kade (overwegend
in gras met een wandelpad) met Maashalte
voor MaasHopper, rondvaartboten en
toerboten. De veerpont, ditmaal een kleine
voor wandelaars en fi etsers, wordt weer in ere
hersteld.
Marktplein met doorkijk op de Maas
׉	 7cassandra://XI4opJQF_INK4vLuMXW2kQQndDG1rxHrcArU7PM_72o`  c!j!>ށc!j!>݁qבCט   u׉׉	 7cassandra://ac6GrTwYanQ9aHWaJeJKmd_ruSOOvME0brwoyi1G4uU `׉	 7cassandra://iBJWnMLzAsrCw7dLv3g1jmYnBymy4XuS4iyqdwvxj-U;^`׉	 7cassandra://e6dHDpuSyTJzPAJDF4yaPliAYl7IQ_WFKrCqAfr4_YQ`  ׉	 7cassandra://ZY259o4uk-iI5oprp6PMUE5S88gMbDJT4zHohfKVZzIfv͠cj!>cט  u׉׉	 7cassandra://KLp5qQrCHn4bfa8GeP0MtSes5ROKy0TnQkgeIf2qsDE V`׉	 7cassandra://bXpU6zumJ3a3XTMR9O_-FjMZeTAIou5sut9oat45Trk5`׉	 7cassandra://zk3bbos3I13M8URmI_3uuOanMNz-t7eIeHiPFqHZ4do`  ׉	 7cassandra://p4YwWBvoloCuaN9Puj8sAfPvg_Ia8ZzBTEu4LYJpDjkS|͠cj!>d׉E	182 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
De panden aan de Maaszijde van de
Grotestraat hebben een grote tuin met zicht
op het water. Voor al deze panden moet
het bestemmingsplan het mogelijk maken
om een horecaonderneming te stichten met
bijvoorbeeld een ‘huiskamerrestaurant’ en
een ‘beer garden’ of ‘Biergarten’ waar drank
en streekgerechten geserveerd worden. Hoe
meer van deze uitnodigende, overwegend
groene ‘gastentuinen’ (goed zichtbaar van
het water) hier op een rijtje liggen, hoe
vaker de pleziervaart hier aanlegt. Vanaf de
kade zijn deze gezellige gastentuinen direct
bereikbaar met een trapje en ’n poortje. Voor
het overige zou het voor alle dorpelingen
mogelijk moeten worden (er zullen er zeker
zijn die deze buitengewone kans grijpen) om
in het eigen pand een hoogwaardige en vooral
andersoortige verblijfsaccommodatie in te
richten. Met name erfgoedlogementen zijn zeer
in trek. Zo kunnen meerdere dorpsbewoners
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
Niet van toepassing
hun voordeel doen en een aardige cent
bijverdienen en is de acceptatie dat het
drukker wordt in het dorp groter.
Bosrand als decor
De boskant wordt weer groen. Onderlangs
de woonwijk Papenbeek, tussen de
Elsterendijk en de Kasteellaan, wordt een zone
landschappelijk heringericht. Daarbij worden
haaks op de steilrand percelen versmald en
houtwallen aangelegd, als groene coulissen.
Zo blijft het uitzicht voor de aanwonenden
bewaard, oogt de stedelijke rand vanuit het
dorp Well groen en blijft bruikbaar voor de
landbouw.
Door een dergelijke integrale kwaliteitsslag
kan Well de reputatie krijgen van een ‘must
see’ cultuurtoeristische attractie.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De ‘nieuwe’ kleine veerpont voor wandelaars
en fi etsers zorgt voor de noodzakelijke
dwarsverbinding met de Brabantse overzijde
en sluit daar aan op het netwerk van fi ets- en
wandelwegen. Zij past in de voorkeur om
dwarsverbindingen met Brabantse zijde vooral
te zoeken in dit soort kleine veerverbindingen,
die eenvoudig en tegen relatief lage kosten te
realiseren zijn.
Relevant is dat er voor gasten die met de auto
komen, tweezijdig, buiten de bebouwde kom
een goede parkeerplaats (zonder betaling) ter
beschikking staat. Alleen de dorpsbewoners
zelf en bevoorradingstransport mogen in het
dorp rijden met een auto.
׉	 7cassandra://e6dHDpuSyTJzPAJDF4yaPliAYl7IQ_WFKrCqAfr4_YQ`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 183
ACTIEMATRIX _ deelplan 12 Well, levendig toeristenplaatsje
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
Maasdalroute
 Bewegwijzeren
Veerpont en Maashalte
 Nieuw fiets- en voetgangersveer instellen.
 Maashalte: kade gastvrij inrichten incl. ontvangstplein
Gaaf ensemble


Gebiedsontwikkelingsplan opstellen: Toeristisch Ontwikkelingplan
(TOP) annex erfgoedplan en beeldkwaliteitsplan.
Planologische ruimte creëren voor initiatieven van gastvrije
ondernemers en particulieren (gastentuinen, huiskamerrestaurants);
opstellen nieuw Bestemmingsplan
Waterfront
 Ondernemers prikkelen tot initiatieven en innovatie.
Kade instellen op nieuwe economische functies:
o gastenhuizen en erfgoedlogementen; ook voor zorgbehoeftigen
o Gastentuinen en gastenhoven
o Exclusief wonen, permanent en tijdelijk, in een uitgebalanceerd
cultuurhistorisch erfgoedlandschap.
Kasteel en Papenbeek
 Landschappelijke herinrichting
 Historische as versterken
Parkeerplaatsen
Voor gasten tweezijdig, buiten de bebouwde kom
ACTIES LANGE TERMIJN_in samenhang met hoogwatermaatregel
Koninginnebrug
Aanbrug op peilers over hele breedte uiterwaard
Tabel 13: actiematrix deelplan 12
Gemeente i.s.m. ondernemers
WIE
Regio
Regio / gemeente i.s.m.
ondernemers
Gemeente
Gemeente i.s.m. ondernemers
en cultuur- en/of
natuurorganisaties
Gemeente i.s.m. ondernemer
WIE
Rijksoverheid / Provincie
׉	 7cassandra://zk3bbos3I13M8URmI_3uuOanMNz-t7eIeHiPFqHZ4do`  c!j!>c!j!>߁qבCט   u׉׉	 7cassandra://T3ADSAqi8Dt9zevjKRWLsZyY1t4-veiO9vBaYXUHiK0 {3`׉	 7cassandra://1wMByn5TLPKkBCWwY3HNrqcLmukjgM6fu9H7VftJPAM͜`׉	 7cassandra://CICrRvht43Ii2xQpId0l-NKACvlo1dT-Cu9yt8QMpW0+L`  c3j!>uט  u׉׉	 7cassandra://XEFF9HtA5--qRwa96PPGxDs1EtHSUUgRbBACHykn9yg `׉	 7cassandra://8sUapxKh5khF9RwhPzg0ksQ0b0wLDEJOuC8-6HZvnpI`L`׉	 7cassandra://hDzqDUX4g_PIBpl-F1_rmW5oNpn2nB55gwmJ6hEACaA`  ׉	 7cassandra://4Hv64bcPVKEOc-_NWBCeXgVM3h_R1KBlQ66nAQ5bPCc͉=n͠c3j!>v׉E184
׉	 7cassandra://CICrRvht43Ii2xQpId0l-NKACvlo1dT-Cu9yt8QMpW0+L`  c!j!>׉E[MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 185
Deelplan 13 Riviernatuurpark De Stalberg
Gemeente
Maaskant
: Bergen
: oost
Hoogwatermaatregel : geen
Locatie
: tussen Knikkerdorp (rkm 131,5) en Huize Roobeek (rkm 123,5)
UITGANGSSITUATIE
Geen ruimte voor eff ectieve
hoogwatermaatregelen
Het meest zuidelijke segment binnen het
Masterplangebied heeft over een lengte
van bijna 7,5 km een opvallend smalle
stroomvoerende winterbedding. Het MiddenTerras,
dat hier overwegend bebost is, raakt
bijna de rivier. Van steilrand tot rivierrand is
de breedte respectievelijk: langszij Geysselberg
Wellerlooi van rkm 131,5 tot rkm 128
gemiddeld 180 m, langs Zeelberg tussen de 40
en de 60 m, ter hoogte van rkm 127 tot 126
wordt de uiterwaard weer ruimer (155 m),
van daaraf vallen Midden-Terras en rivierrand
over een lengte van 550 m echt samen om
dan vervolgens weer iets te verbreden tot 70 m
bij het Geldersch-Nierskanaal dat boven De
Hamert uitmond in Maas.
Het zal duidelijk zal dat in dit
segment geen ruimte is voor eff ectieve
hoogwatermaatregelen.
Op het Midden-Terras aan de westzijde van
de N271 – waar zich in een ver verleden
stuifduinen (Geysselberg, Zeelberg, Stalberg)
hebben geformeerd – vinden we alleen
bij Wellerlooi enige bebouwing. Op de
duinenrug bij Geysselberg liggen verspreid
vakantiehuisjes, op de Zeelberg een drietal
clusters van boerenhoven. Van daaraf heeft
zich op de Stalberg aaneengesloten bebossing
ontwikkeld tot bij Hostellerie De Hamert,
die zich terecht profi leert met de rijke
geschiedenis van het gebied en de eeuwige
rust van de voorbijglijdende Maas.
Burcht De Stalbergh
Op de Stalberg in de buitenbocht lag
vanaf de 15e
eeuw de burcht De Stalbergh.
Van dit kasteel uit de 15e eeuw is vrijwel
niets meer over. Slechts enkele met zand
opgevulde kelders en restanten van muren zijn
behouden. Nu vormt het een ongeveer 15 ha
groot natuurgebied waar een kudde gallowayrunderen
graast. Het valt binnen het Natura
2000-gebied van de Maasduinen.
De Hamert
Bij oude herberg De Hamert zelf was een
overslagplaats van water- op landtransport,
waaraan de herberg zijn naam ontleend. Van
hieruit lopen twee wegen naar Duitsland.
De Twistedenerweg (nu een fi etspad)
die al sinds de 17e
eeuw de verbinding
vormt met Kevelaer, dat vanaf 1643 een
belangrijk bedevaartsoord in de regio is. De
Walbeckerweg liep rechtstreeks naar Schloss
Walbeck en het ‘spargeldorp’ met dezelfde
naam.
Aan de overzijde van Rijksweg ligt Landgoed
de Hamert, 1084 ha groot. De Hamert vormt
het zuidelijke gedeelte van Nationaal Park De
Maasduinen, een aaneengesloten natuurgebied
van ongeveer 4200 hectare dat is vastgesteld
als Natura 2000-gebied. De Hamert bleef
lange tijd heel natuurlijk want het behoorde
bij de jachtterreinen van de kasteelheren van
de Heerlijkheid Well. In het midden van De
Hamert ligt een omvangrijke gerestaureerde
vorstengrafheuvel (omstreeks 2000 jaar voor
Christus), mogelijk de grootste in Nederland.
Een grafveld met wel 100 heuvels ging in de
20e eeuw door ontginning geheel verloren.
Het landgoed wordt nu beheerd door
Stichting het Limburgs landschap en
omvat – volgens de stichting – een
breed scala aan landschapstypen: de
Maasweiden, droge loof- en naaldbossen,
heidevelden, vennen, hoogveen, akkers en
het snelstromende Geldernsch-Nierskanaal
met zijn beekbegeleidende vochtige bos.
Aan de zuidzijde vormt de Roode Beek
de grens. Sinds 2000 werkt Het Limburgs
Landschap aan de terugkeer van het
Heerenveen (herstelbeheer), dat pas in 1908
werd ontgonnen. Landgoed De Hamert, de
Walbeckerheide (natuurherstelproject in
Duitsland bij Schloss Walbeck) en reservaat
de Dorperheide vormen samen een robuuste
natuurlandschappelijke eenheid.
׉	 7cassandra://hDzqDUX4g_PIBpl-F1_rmW5oNpn2nB55gwmJ6hEACaA`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://VdeMKQjHAkBKOTHMYw-ulZSMJUaUtXUteHf3WYp5X4w S6`׉	 7cassandra://Una2kC-jpYQAa6Ru8l01V1Iw-RNYIJV3kJYBlzPag3sn`׉	 7cassandra://MZYZWwgr_vVIH65bPJPISQU9hf350Nct4IfpOWOxV5U`  ׉	 7cassandra://3I0ZI0ObfKrRIQhaR4kV2jCBXiM2rQlTIX-bHu7Y9_0 
zX͠c4j!>yט  u׉׉	 7cassandra://bOWAos7ilPzuy5i9nO9QZw1kvbw3VtNINLj0JrpiycE g`׉	 7cassandra://fH18pDXq_GcgerxCTbJfNT8mxb0yqjaGbD_5hmM18TQb`׉	 7cassandra://qvsMjIODm8dfeGa6SGuajY5s7rhXt6QoWjoq2TTc5lQ=`  ׉	 7cassandra://R6sdc9IXrtH4F2wm5lIBgk34cBFZiLc01Rzi8iKzPcË́V͠c4j!>z׉E׉	 7cassandra://MZYZWwgr_vVIH65bPJPISQU9hf350Nct4IfpOWOxV5U`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 187
Wellerlooi
Het kerkdorp Wellerlooi is gelegen aan de
oostkant van de N271 midden in De Hamert.
Het centrum van Wellerlooi dateert
grotendeels van na 1945, de buitengebieden
zoals de Droogstal en de Schaak ademen
met hun historische boerderijen de sfeer
van vroeger. Venweg en Paaldijk ontsluiten
natuurbos en achterland. Het dorp is de
laatste jaren toeristisch sterk in opkomst. Er is
een camping, maar ook andere ondernemers
spelen hier dankbaar op in. Het fi ets- en
voetveer Wellerlooi-Blitterswijck heeft hier
met haar 40.000 overzettingen op jaarbasis
zeker aan bijgedragen.
Roobeek
Even ten zuiden van het Masterplangebied ligt
huize Roobeek, gesticht als klooster in 1932.
Als de broeders in 1980 vertrekken wordt
het terrein verkocht aan Het Limburgs
Landschap. Hier ligt nu golfbaan Roobeek,
een 9 holes par-3 baan met vijf holes in open
landschap; de andere vier holes lopen door
het bos. Daarnaast zijn er twee 18-holes
putting greens, een chipping green en een
driving range. Vlakbij aan de zandwinplassen
in het bos ligt Klein Vink, een all seasons
vakantiepark met kuuroord ‘Th ermaalbad
Arcen’. Arcen is dankzij ‘kasteelpark Arcen’
uitgegroeid tot een aantrekkelijk toeristisch
dorp dat het ‘merk’ Maasvallei goed op de
kaart zet.
STREEFBEELD
Riviernatuurpark De Stalberg
Het Natura 2000-gebied omvat ook de
smalle uiterwaard Heereweerd en de beboste
rivierduintjes Stalberg ten westen van de
voormalige Rijksweg N271. Vanwege
de snelle overgang van de rivier naar de
Pleistocene Maasduingronden is hier
een schoolvoorbeeld zichtbaar van een
archetypische vegetatiegradiënt van vochtige
kalkrijke, regelmatig overstromende gronden
met een lemig/kleiig karakter, naar zeer droge,
relatief kalkarme zandgronden hogerop.
Niet alleen een natuurparel vanwege de
hoge biodiversiteit, ook een representatief
voorbeeld van hoe het Maasdal er vroeger uit
moet hebben gezien.
Voorstel is om het natuurgebied De Stalberg
uit te breiden tot juist voorbij de Geysselberg.
Zo ontstaat, tussen Maas en N271, een
doorgaand riviernatuurpark met een lengte
van zo’n 7,5 km, dat in innige samenhang
met Landgoed de Hamert extra betekenis
kan krijgen. De Rijksweg vormt echter een
barrière voor de noodzakelijke ecologische
dwarsverbindingen die de onderlinge
verwevenheid vorm en inhoud moeten geven.
Een potentiële ecologische verbinding van de
rivier naar de hogere gronden aan de overzijde
van de weg de Looijsche Graaf zou kunnen
zijn met de langs liggende visvijver ‘Aan de
Aswaarden’.
Na uitvoering van dit plan vormen de
bestaande woon- en bedrijfskavels kleine
enclaves in een natuurpark dat zich aan twee
zijden van de Rijksweg uitstrekt.
Panoramisch viewpoint
De Weideweg onder Well is een van de
weinige wegen in het Noord-Limburgse
Maasdal die zo direct langs de rivier lopen.
Dat is een bijzonder kenmerk van deze
plek; het zicht op de Koninginnebrug en
Blitterswijck is een panoramisch ‘viewpoint’
waard. Ook in de toekomst zal deze weg
vanuit Well de rivierbocht volgen, maar bij
Geysselberg geeft hij voortaan (over een
‘cattle grid’: Galloways verstaan alleen Engels)
toegang tot het riviernatuurpark. Hij voert
langs de terrasrand om bij het voetveer af te
buigen naar de N271. Als zandweg nu en
alleen bestemd voor fi etsers en wandelaars
gaat hij verder om uiteindelijk pas bij
rkm 126 aan te sluiten op de Rijksweg,
die hier als monumentale bomenlaan een
indrukwekkende corridor vormt.
Landschapsetalage ‘Zuiderpoort’
Het pittoreske en gevarieerde
duinheidelandschap is het paradepaardje
van Nationaal Park De Maasduinen, maar
is vanaf de Rijksweg helaas nergens te
zien. In het bijzonder dit onderdeel van
de Rijksweg met aan twee zijden sublieme
natuur, is de ideale entree tot de onvolprezen
Maasduinen maar ook van de regio NoordLimburg.
De monumentale bomenlaan
vormt een lange tunnelachtige entree die we
de ‘Zuiderpoort’ zouden willen noemen. Dit
in correspondentie met de ‘Noorderpoort’ van
de regio die net onder Mook ligt, daar waar
de stuwwal (met daarboven de Mookerheide)
bijna aan de Rijksweg raakt (zie deelplan 3).
Bij deze Zuiderpoort zou (met enig kap- en
snoeiwerk) de perfecte ‘landschapsetalage’
kunnen ontstaan, de plek waar de regio laat
׉	 7cassandra://qvsMjIODm8dfeGa6SGuajY5s7rhXt6QoWjoq2TTc5lQ=`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://qpPmX0o81NhI6HoeM90oM9rvDxQLJ2yRpHJGE78yQqM 	`׉	 7cassandra://VJwOaJrdOfhUbtCknLF1y1ZjNDObc-m_1qgxxN5fenk] `׉	 7cassandra://2aFtCXpCaFSFwKbg8OzeTrSBukr5_zLUmhtXSc1bl-A`  ׉	 7cassandra://sUm-itSPes3lLivRuLZLGaREl27LxG6KTjaQSSrNvLU t4X͠c4j!>|ט  u׉׉	 7cassandra://cgBNI3-8TBirUX62K7CLxSD7ToEiCWC451LOgZOF-Rs f:`׉	 7cassandra://BEBUT6X822Xk8mevvo3qcpbN5FJDJDkXDLXdsI0YRKs'|`׉	 7cassandra://Rqz3iYKLDftyKH_gJIjEvZq3FovUzzduogVbk7ffwaM `  ׉	 7cassandra://-n8I_eRwfH4LV_0a9OvOVRRKnuJw-ZP73XjQ38zFSO4VX͠c4j!>}׉E188 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
zien waarom ze zo heet. Intermitterende
‘vensters’, links en rechts van de Rijksweg,
bieden een riant uitzicht op stuifduinen en
heide aan de ene zijde en moeder Maas aan de
andere zijde.
‘Poortwachtershuisjes’
Riviernatuurpark en Landgoed De Hamert
zijn bij uitstek geschikt voor extensieve
recreatie. Natuur- en cultuurtoeristen
kunnen hier hun hart ophalen. Maar
horecavoorzieningen ontbreken nagenoeg.
Bij de Zuiderpoort ligt Hostellerie De
Hamert, dat echter behoorlijk op stand is en
daarom niet de voorkeur heeft bij bepaalde
doelgroepen. Kansen voor een gevarieerd
horeca-aanbod kunnen ingevuld worden
bij de eerder genoemde enclaves tussen
Maas en Rijksweg. Hier gelegen huizen
zouden in de nabije toekomst – zonder
tijdrovende planologische procedures –
gastvrije ‘poortwachterhuisjes’ kunnen
worden. Representatieve gastenhuizen of
–winkels waar men bijvoorbeeld lokaal
gekweekte asperges, rozen en blauwe bessen
kan kopen, streekgebrouwen bier en andere
streekgerechten kan nuttigen, op het terras
van het tweezijdige uitzicht kan genieten en
wellicht ook kan overnachten in huis of op
een kleine huiscamping.
Maashalte De Hamert
De rivier krijgt een extra toeristisch-recreatieve
dimensie als waterweg. Aan beide zijden
bevinden op uitnodigende zichtlocaties direct
aan het water, markante gebouwen (eertijdse
veerhuizen, herbergen) of een riviergericht
dorp. Deze zichtlocaties zijn bij uitstek
geschikt als Maashaltes, als aanlegplaats
Het fiets- en voetveer Wellerlooi-Blitterswijck
voor de pleziervaart en opstappunt voor de
watertaxi of Maashopper.
Bij Hostellerie de Hamert met daar vlakbij het
uitgebreide scala aan vakantieaccommodaties
en leisure-voorzieningen rond Roobeek
en niet te vergeten het Nationaal Park
Maasduinen.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
Landgoed de Hamert heeft een prima
netwerk van routes met startpunten
bij parkeerplaatsen. De fi etsroutes zijn
aangesloten op het fi etsknooppuntennetwerk.
Er zijn tal van wandelroutes, een
invalidenroute en een ruiterroute.
Het karakter van de unieke Weideweg onder
Well verandert. Hij blijft de rivierbocht
volgen, maar geeft bij Geysselberg voortaan
toegang tot het in omvang toegenomen
riviernatuurpark. Hij loopt langs de terrasrand
om bij het voetveer verderop aan te sluiten op
de N271.
Net als in Mook waar zichtlijnen of
‘landschapsetalages’ de Mookerheide en de
Mookerplas visueel ontsluiten, wordt ter
hoogte van de Zuiderpoort uitzicht gecreëerd
op de in het oog lopende Maas en de
karakteristieke rivierduinen .
De Maas wordt weer ‘waterweg’ met
‘Maashaltes’ voor pleziervaart, watertaxi en
Maashopper.
Het fi ets- en voetveer Wellerlooi-Blitterswijck
heeft hier met haar 40.000 overzettingen
per jaar bewijst het belang van kleine
veerverbindingen doorheen het hele Maasdal.
׉	 7cassandra://2aFtCXpCaFSFwKbg8OzeTrSBukr5_zLUmhtXSc1bl-A`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 189
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
Niet van toepassing
ACTIEMATRIX _ deelplan 13 Riviernatuurpark De Stalberg
‘QUICK WINS’ & ACTIES MIDDELLANGE TERMIJN
WIE
Maasdalroute
 Bewegwijzeren
 Zandpad doortrekken tot aan Westerweg
Riviernatuurpark de Stalberg
 Uitbreiden natuurgebied De Stalberg tot juist voorbij de
Geysselberg.
 Ecologische dwarsverbindingen herstellen (N271 vormt een
barrière).
 veerroosters aanleggen bij Geysselberg; zandpad nu en alleen
bestemd voor fietsers en wandelaars.
Zuiderpoort
 kap- en snoeiwerk t.b.v. ontstaan ‘etalage’
Gastenhuizen
Particulieren prikkelen tot initiatieven en innovatie m.b.t. nieuwe
economische functies. Huizen kunnen gastvrije ‘poortwachtershuisjes’
worden:
 B&B
 Kleine huiscamping
 verkoop streekproducten
Tabel 14: actiematrix deelplan 13
Natuurorganisatie i.s.m. Regio
/ Gemeente
Gemeente i.s.m. ondernemers
Regio / Gemeente
Natuurorganisatie
׉	 7cassandra://Rqz3iYKLDftyKH_gJIjEvZq3FovUzzduogVbk7ffwaM `  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://2j-7QtoqastW_ZrHXiOUtte6aijE4nxdHML_9mrUk9s L`׉	 7cassandra://42_VmOrNZAvKF4ensunFonuPutcDjNYwSr-Gy1-IQiML&`׉	 7cassandra://f_Sl7t3i41ywS5Qasj-40eFtgxtmqZejrjhF4iHpnE0`  ׉	 7cassandra://4jD-OmuQqe7ciaZUAkX_UqdJt44y2HoJ4jruMCskdJg 2F͠c4j!>ט  u׉׉	 7cassandra://ui0EI47QVKDsbGsh3pt-I0IORQ3SvFfTmhlq0a-2qig X`׉	 7cassandra://M3L-OyfAOCtH6Zjv9mO4lF9b922jsyWbEXgUE2zgWdILk`׉	 7cassandra://iG9Us2pwU38yv1QPp_6wfObMdGUNDKPeumbq1pdFMIM`  ׉	 7cassandra://Hgx5DRofbXVNoSdvqGZrfPAC3yLj6LWbbOezzCYzHaw =|͠c4j!>׉E׉	 7cassandra://f_Sl7t3i41ywS5Qasj-40eFtgxtmqZejrjhF4iHpnE0`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 191
BRABANT Middelwaert Mook weer eiland
Gemeente
Maaskant
: Cuijk
: west
Hoogwatermaatregel : Vlaksgewijze afgraving uiterwaard i.c.m. meestromende nevengeul ‘Middelweart’
Locatie
: tussen rkm 166 en 164
UITGANGSSITUATIE
Flessenhals
Bij Mook en Katwijk is sprake van een heel
nauwe rivierdoorsnede, die men gerust
als ‘fl essenhals’ kan bestempelen. Over een
afstand van zo’n 1,5 km is het stroomprofi el
ca. 330 m breed. Dijkverlegging aan de
Mookse kant is niet mogelijk. Aan de
Katwijkse kant is dat benedenstrooms van de
spoorbrug evenmin mogelijk in verband met
het bedrijventerrein aldaar. Dijkverlegging
bovenstrooms van de spoorbrug geeft slechts
een marginale verruiming, die ook nog
eens veel kosten met zich meebrengt. Het
opnieuw instellen en inrichten van de Beerse
Overlaat zou bijzonder eff ectief zijn maar is
tegelijk ook zeer complex en gaat gepaard
met enorme kosten. Het meenemen van
mogelijke overruimte benedenstrooms als
eff ectieve bijdrage aan waterstandsverlaging
in het Masterplangebied is vooralsnog niet
opportuun.
Eiland in de Maas
Tussen Katwijk en Mook lag eeuwenlang
een eiland in de rivier, van oudsher bekend
als ‘Middelwaert’. Het woord ‘Middelweert’
verwijst naar de Middelnederlandse
woordcombinatie ‘midden’ + ‘werde’ (=
‘eiland’). Er waren diverse van dergelijke
middelweerts in de Limburgse Maas, meestal
op plaatsen waar de rivier ooit doorwaadbaar
was. De meeste zijn inmiddels verdwenen. Bij
Mook is de oude Middelwaert nog zichtbaar
als een ver in de Maas uitliggende uiterwaard
aan de Katwijkse kant. Het eiland in de Maas
is heel lang bewoond geweest. Het boerenerf
dat er was, staat afgebeeld op diverse prenten
en op een foto gemaakt rond 1923, niet lang
voordat het eiland ophield eiland te zijn.
De Middelwaert is tegenwoordig Brabants
grondgebied maar heeft nog lang bij de
provincie Limburg gehoord.
De ‘flessenhals’ bij Mook
׉	 7cassandra://iG9Us2pwU38yv1QPp_6wfObMdGUNDKPeumbq1pdFMIM`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://Yd24O3w9Xp4k4Su07m3nNQ_yaP9E3ZOPTj9sH5ddQB8 9`׉	 7cassandra://9usLWiBZXq0iWJmCbOAHANST-tUULBvZjMQJFZeo7mgI`׉	 7cassandra://8h5pm2gttBH3u2Z5-tZjMLyRNCd_NnqLsXrp9DYxbDk`  ׉	 7cassandra://HW0lzpg-Tv37Qxu80e2sGucgGlElmjH9cSuvF8pqbZ4 U̐͠c4j!>ט  u׉׉	 7cassandra://0nzeWcjXISuw73GAVA6h7oOQMJreKdhOnG9DRu-b6XA z`׉	 7cassandra://3Zxj92DI56joUeEp0KgbspMJPV-kUOtgHkOn5YUIZcMy;`׉	 7cassandra://8oaMgof5O-2Iui8gYkKTa9xnpAMniVG4bE12aPKcyco&`  ׉	 7cassandra://4eSQLiqKBYZo5iAdrkGaqKEZIXOVKFunYv-Xi9exm7g UP͠c4j!>׉E192 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
STREEFBEELD
Weerdverlaging tot nat grasland
Vanwege de fl essenhals is een
rivierverruimingsmaatregel juist hier heel
effi ciënt.
Daarom stellen we allereerst voor de
uiterwaard aan de Cuijkse kant, ook al is hij
hier maar smal, fl ink te verlagen tot 1,5 m
onder stuwpeil. Daarbij respecteren we een
afstand van 50 m uit de teen van de dijk.
Voorbij en ter hoogte van de spoorbrug,
tussen monding van het Maas-Waalkanaal
en de oude veerstoep, wordt ingezet op een
maximaal eff ect.
Middelwaert weer eiland
Ten tweede kan de oude nevengeul, die
van Middelwaert een eiland maakte,
gereconstrueerd worden over een lengte van ca
900 m. In de binnenbocht van de rivier, waar
de stroming luw is, zou dan op zo’n 15 m uit
de teen van de dijk een smalle (20 m breed en
2,5 m diep ten opzichte van stuwpeil 8,1 m +
NAP) meestromende geul ontstaan. Deze geul
heeft aan de dijkzijde een beschermde steile
oeverrand en aan de eilandzijde – in de volle
zon – een fl auwe helling. De bijdrage aan de
waterstandsverlaging is beperkt tot neutraal
maar de aldus herstelde, traag meestromende
geul is ecologisch waardevol – met name als
paaiplaatsen voor vissen. De Middelwaert
wordt niet afgegraven en komt voortaan in
het verlaagde ommeland weer prominent tot
uitdrukking als historisch eiland in de Maas.
Relatief grote waterstandsverlaging
In een fl essenhalssituatie zoals in de
Maas ter hoogte van Mook/Katwijk
werken rivierverruimingsmaatregelen per
defi nitie sterker door dan bij een breder
stroomprofi el. Dit maakt dat de tweezijdige
zomerbedverbreding een bijzonder
effi ciënte maatregel is en een relatief grote
waterstandsverlaging oplevert van ca 7 cm.
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De veerstoep Katwijk kan als voet- en
fi etsveerverbinding naar Mook weer in
gebruik worden genomen. Struinen in
uiterwaard mogelijk maken (struinpaden).
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Maatregel
: 8,1 m + NAP na peilopzet
: vlaksgewijze vergraving
uiterwaarden tot beneden
stuwpeil i.c.m. smalle
meestromende geul
• Waterstandsverlaging in cm : 6 t.h.v rkm 164
• Bijdrage in m2
: 669
Figuur 10: waterstandseffect van deelplan Middelwaert Mook weer eiland
׉	 7cassandra://8h5pm2gttBH3u2Z5-tZjMLyRNCd_NnqLsXrp9DYxbDk`  c!j!>׉E `MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 193
Aan de overzijde van de Maas bij Mook ligt de Middelwaert.
׉	 7cassandra://8oaMgof5O-2Iui8gYkKTa9xnpAMniVG4bE12aPKcyco&`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://EKblfnqEwjltWayn09gGNABKHCvuKhEzYYnYymgDwo4 v`׉	 7cassandra://EicBoWnpOFe4HhLJoqdo0LHzNWiwGowsL0rNMPzXf0gG`׉	 7cassandra://ydp2r7PrcBo3DHW28yWHb7JUwuQKE0sdMIWFgC2TnGA-`  ׉	 7cassandra://RYon73YaXppmtCiCWyiJiIff1rKmVek1QrOa4ndh62M GX͠c4j!>ט  u׉׉	 7cassandra://O6MjJYsLTwFlezfowUea113-PSkXAaEoCHG35xNnbxM %H`׉	 7cassandra://erJjC50HQS1KAcKxbYCs691Pj1NzBdaZBFizlEuKCL4aa`׉	 7cassandra://e0aLqPTeXhbrBdWgyrxfp4VW95pGfunumIanaaLmRaY`  ׉	 7cassandra://-Wbvltj3BOPp2nqV7H5W0LD2F59PJWI8hisYQpXCjfE͋n͠c4j!>׉E h194 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Het dijklichaam van de N264 dwars op de stroomrichting van de Maas
׉	 7cassandra://ydp2r7PrcBo3DHW28yWHb7JUwuQKE0sdMIWFgC2TnGA-`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 195
BRABANT Oeff eltse aanbrug
Gemeente
Maaskant
: Boxmeer
: west
Hoogwatermaatregel : nieuwe aanbrug op pijlers bij Oeff elt plus hoogwatergeul
Locatie
: Oeff eltse brug (rkm 154,5), hoogwatergeul (tussen rkm 152 en 159
UITGANGSSITUATIE
Een hoge bandijk en ruime uiterwaarden
Aan de overzijde van de Maas liggen, hoog en
droog, Cuijk, Sint Agatha, Oeff elt, Beugen,
Boxmeer, beschermd door een bandijk
(bescherming 1/1250).Cuijk ligt pal aan de
rivier, de andere plaatsen liggen wat verder
van de Maas.
Bij het klooster in Sint Agatha iets ten zuiden
van Cuijk wordt de uiterwaard breder,
bij Oeff elt in de gemeente Boxmeer is de
uiterwaard om en nabij de 900 m breed, ten
zuiden van Oeff elt – net boven Beugen – zelfs
1300 m breed. In het Maastraject BeugenBoxmeer
ligt een S-bocht in de Maas. Bij
Beugen ligt de buitenbocht weer aan de
Brabantse kant. Hier meet de uiterwaard
van bandijk tot Oude Maas nog maar 550
m. Bij Boxmeer was de uiterwaard – tot de
kanalisatie in 1979 – wel 2 km breed want de
buitenbocht van Oude Maas ligt hier weer aan
de Limburgse kant.
Toch is dit niet altijd zo geweest want ’t
Zand, een oud buurtschap aan de rand van
de huidige woonkern Boxmeer, heeft in een
ver verleden ook aan de buitenbocht geleden.
Het Meer – langszij het gebouwencomplex
van zorgcentrum St. Anna – is een relict van
een Pleistocene Maasmeander die tot op de
dag van vandaag permanent onder water
staat. Hier lag het voormalige kasteel Boxmeer
waarvan de voorgevel deels geïntegreerd is in
het zorgcentrum. In de periode 1979-1982
werd bij Beugen-Boxmeer een kanaal gegraven
dat de Maas beter bevaarbaar maakte. De
oude Maasmeanders bleven intact maar
werden aan één zijde afgedamd. Door deze
ingreep ontstond een Noordereiland ‘De
Witte Steen’ en een Zuidereiland. In de dode
Maasarm bij Beugen werd een jachthaven met
drijvende steigers aangelegd waar ongeveer
100 schepen kunnen liggen.
‘Oeff eltse geul’, langgerekt en laag
Het Actueel Hoogtebestand Nederland
(AHN) maakt goed inzichtelijk dat de
uiterwaarden aan de Brabantse zijde tussen
Cuijk en Boxmeer het laagst zijn direct langs
de bandijk en wel over de gehele lengte (over
land 8,2 km; over water van rkm 160 tot rkm
151). Bij hoogwater vult zich deze groene
rivier in het Maasdal – vanaf nu de ‘Oeff eltse
geul’ genoemd – het eerst; hij ligt namelijk
merendeels ook nog lager dan de laagtes
aan de Limburgse kant. Rivierverruimingsmaatregelen
gericht op een vrije en verdiepte
doorloop van de ‘Oeff eltse geul’ zijn daarom
heel eff ectief.
Onmiskenbaar knelpunt in de doorvoer bij
hoogwater – eigenlijk net zo’n fl essenhal als
bij Mook – is het Brabantse landhoofd van de
Maasbrug bij Oeff elt. De N264 ligt vanaf de
Beugenseweg op een dwarsdam, een massief
grondlichaam. Hoewel de oorspronkelijke
winterstroombedding van de Maas hier zo’n
1400 meter breed is, bedraagt de feitelijk
doorgang ter hoogte van de Maasbrug slechts
290 meter.
Monumentaal Maasheggenlandschap
De Brabantse uiterwaarden langs dit deel van
de Maas zijn beroemd vanwege het fi jnmazige
monumentale heggenlandschap. Over de
gehele lengte van Sint Agatha tot Boxmeer
en verder, van bandijk tot rivieroever, was
dit landschapstype eeuwenlang dominant.
Begin 19e eeuw werd het prikkeldraad
geïntroduceerd in Nederland. Sindsdien
werden gaandeweg steeds meer heggen
gerooid, ook in dit gebied. Van origine bestaat
het heggenlandschap overwegend uit grasland,
maar tegenwoordig komen ook akkers voor.
De Brabantse gemeenten doen er alles aan om
de graslanden met Maasheggen-mozaïek te
herstellen.
Zo zijn er diverse projecten in voorbereiding
dan wel in uitvoering, die reconstructie
van het Maasheggenlandschap en
beekherstel tot doel, compleet met
׉	 7cassandra://e0aLqPTeXhbrBdWgyrxfp4VW95pGfunumIanaaLmRaY`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://w7QvOlmwf-zohmKDD-FIwGggbOPbCTmNGxHW5toSyzQ `׉	 7cassandra://y049dqfYcBRYrx3TShbgaRQxQqkyAIPP26S3Xx4hiuIY@`׉	 7cassandra://ZtMJfi8un4U7L21e_l5FqEjF5t-hwVaHQe74dQ__EMUs`  ׉	 7cassandra://o6vp0n5x90Wue1S_vlP5qR5fsi86NSVfPSh3uSLpTgs 2N͠c5j!>ט  u׉׉	 7cassandra://knYkQkHOi6_j-Rg55fhpjlBUyMybR9ljVb00Fc_IW7Q  `׉	 7cassandra://xtczTkHouXeJJRnIS8XI89hnjAhkTLnSWLQgrOxAJ8w1`׉	 7cassandra://ufSKlSbUIR49NvOfNzoqxC5xV81YfjidRCPsasxxqi8V`  ׉	 7cassandra://kiJlyiRV_Wf1FAtKxqD4cslhVdRnBEm33l4Wde1GDxc ;p̜͠c5j!>׉ER196 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
compenserende maatregelen in het kader van
waterstandsverlaging.
STREEFBEELD
Nieuwe Oeff eltse aanbrug gedeeltelijk op
pijlers
In het kader van de hoogwatertaakstelling
2050/2100 wordt zowel van Limburgse
als van Brabantse zijde gezocht naar een
voor beide zijden acceptabele balans in de
rivierverruimingsmaatregelen. Tussen Cuijk
en Boxmeer zijn de uiterwaarden aanzienlijk
breder en zelfs lager dan die tussen Middelaar
en Diekendaal bij Heijen. Het lijkt daarom
logisch dat in dit segment van de Maas
het accent van de taakstelling ligt aan de
Brabantse kant.
De N264, om precies te zijn, de landhoofden
van de brug bij Oeff elt vormen een groot
obstakel. Feitelijk vindt daar door de
vernauwing van de landhoofden een grote
opstuwing plaats.
Voorstel is om eerst en vooral de blokkade
van het landhoofd aan Brabantse zijde weg
te nemen. Het aarden landhoofd wordt
gedeeltelijk weggenomen ter plaatse van de
oude groene rivier of ‘Oeff eltse Geul’ en
vervangen door een doorlaatbare aanbrug
op pijlers. Dat is een kostbare, technisch
ingrijpende operatie, maar met wel een met
een zeer positief eff ect. Uit de berekeningen
blijkt dat hiermee een waterstandsverlaging
van 24 cm kan worden verkregen. De
doorwerking van deze waterstandsverlaging
is tot ver bovenstrooms merkbaar. Het
grote voordeel van deze maatregel is dat
het monumentale Maasheggenlandschap
Het Maasheggenlandschap bij Oeffelt aan de Brabantse zijde
volkomen in stand wordt gehouden.
Voor een volledig beeld is onderzocht wat
het eff ect zou zijn van het wegnemen van
het gehele aarden landhoofd van bandijk
tot aan de rivier. Het resultaat van een
dergelijke maatregel blijkt absoluut niet
rendabel en is nauwelijks eff ectief: de extra
waterstandsverlaging bedraagt per saldo niet
meer 3 cm.
Verdieping en verbreding ‘Oeff eltse geul’
Mocht op termijn blijken dat alsnog
een aanvullende maatregel nodig is, dan
kan bovendien nog de ‘Oeff eltse geul’
als hoogwatergeul fl auw hellend verder
uitgediept worden over een breedte van 200
m. Dat heeft wel vergaande consequenties
voor het landschap. Want na verdieping
tot op een niveau van 8,5 + NAP zal het
Maasheggenlandschap in de hoogwatergeul
compleet moeten worden gereconstrueerd.
De stobben van de eeuwenoude struiken
en bomen zijn natuurlijk onvervangbaar,
mogelijk kunnen de wortels voortijdig
gestoken en de stobben ingekuild worden.
Anders duurt het weer een tiental jaren
voordat nieuwe aanplant tot wasdom is
gekomen.
Verder is het zo dat het fi jnmazige netwerk
van Maasheggen bij hoogwater toch
ook een zekere weerstand geeft, die de
waterstandsverlaging merkbaar vermindert.
Toch vormt ook deze aanvullende maatregel
een duurzame en toekomstbestendige optie.
Een deel van het gebied, de Oeff elter Meent is
aangewezen als Natura 2000 gebied; met die
bestemming wordt uiteraard zoveel mogelijk
rekening gehouden.
׉	 7cassandra://ZtMJfi8un4U7L21e_l5FqEjF5t-hwVaHQe74dQ__EMUs`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 197
VERBINDINGEN EN
TOEGANKELIJKHEID
De hoogwatermaatregelen hebben geen
enkele eff ect op de kwaliteit van de
brugverbinding met Gennep. Wel is het
zo dat de door de gemeente Gennep
gewenste verbreding van de brug ten
behoeve van wandelaars en fi etsers bij het
op pijlers zetten van het landhoofd aan
Brabantse kant een duurdere operatie zal
worden dan nu voorzien is. Daar staat
tegenover dat in ere herstellen van het
oude veer Gennep-Oeff elt de verbreding
feitelijk overbodig maakt.
Wanneer de Oeff eltse geul wordt
gerealiseerd, zal het huidige stelsel van
landwegen op dwarsdijken in het gebied
moeten worden aangepast.
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Vergraving
• Bouw
: 8,1 m + NAP na peilopzet
: aanbrug weghalen en
hoogwatergeul
: aanbrug op pijlers
: 4685
• Waterstandsverlaging in cm : 34 t.h.v. rkm 153
• Bijdrage in m2
Figuur 11: waterstandseffect van deelplan Oeffeltse Aanbrug
׉	 7cassandra://ufSKlSbUIR49NvOfNzoqxC5xV81YfjidRCPsasxxqi8V`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://lGlMjgg2TFh8vklQJdTmKp6lHlAxsSW5hXJHdJKRi9A `׉	 7cassandra://aNfXRF_MEeonWsxdwbEBW3ojYKluXUkXbJVm2ubGI9o`X`׉	 7cassandra://OQDvkBdl6CICgEgj4qdxTmdbznE35CmpfeBiLvoATPI`  ׉	 7cassandra://TAQabIrRlCpwszbg8keM43tD28gUsPchWJQRpZuJI48 N͠c5j!>ט  u׉׉	 7cassandra://tgZiefHq-8X2CdpOAkEiAWN0KN5YzA_pWxfv9W8s6yk G~`׉	 7cassandra://357lksIwdExlqBPEjpML6Tdper_oEtg_2YWRCrkd8JIR`׉	 7cassandra://JngKn17BU4nesDSOoXe058gHs8ZDLa5lSoA_Ip33bBE`  ׉	 7cassandra://6EOBdR4_iH9TFQNOb0U3Q5cmADRu_HEIBpDGNg3p9Qg;͠c5j!>׉E 6198 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
De Sint Jansbeek
׉	 7cassandra://OQDvkBdl6CICgEgj4qdxTmdbznE35CmpfeBiLvoATPI`  c!j!>׉E
MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 199
BRABANT Vortumse geul
Gemeente
Maaskant
: Boxmeer
: west
Hoogwatermaatregel : hoogwatergeul
Locatie
UITGANGSSITUATIE
Excellent Maasheggenlandschap
Boxmeer, Sambeek, Vortum, Groeningen en Vierlingsbeek liggen allen
op een hoge en brede oeverwal. De steilrand is vaak markant. Alleen
bij Boxmeer ligt een bandijk.
De uiterwaard tussen Sambeek en het Stuwcomplex is ongeveer
800 m breed, bij Vortum 1500 m, bij Groeningen 1900 m en bij
Vierlingsbeek 600 m.
Overlangs in de uiterwaarden ligt over een lengte van ca 3,8
km een hoge verstoven zandrug met bebossing: de Vortumsche
Bergen en de Groeningsche Bergen. Door de bebossing vormen
deze rivierduinen een opvallend accent in het verder open en lage
uiterwaardenlandschap. Tussen de zandrug en de Maas ligt een gaaf,
ruimtelijk besloten Maasheggenlandschap.
Tussen de rug en de bewoonde oeverwal ligt een langgerekte groene
rivier, die we vanaf nu ‘Vortumse Geul’ noemen en die nauwelijks tot
geen Maasheggenbestand heeft. Dat was oorspronkelijk echter wel
zo. Bij hoogwater vervult deze open groene rivier een belangrijke rol,
temeer daar de Maasheggen in deze zone ontbreken en er zodoende
nauwelijks weerstand wordt opgebouwd.
De Sint Jansbeek, een gegraven waterloop, ligt min of meer op de
laagste lijn van die groene rivier.
Het stuwpeil van stuwpand Grave is 8,1 m + NAP en het stuwpeil van
stuwpand Sambeek ligt 3 meter hoger, namelijk 11,1 m + NAP.
STREEFBEELD
‘Vortumse Geul’ verdiept
De ‘Vortumse Geul’ – een 7,5 km lange hoogwatergeul van Boxmeer
tot Vierlingsbeek – wordt over een breedte van 400 m verdiept. De
taluds van de verdiepte Vortumse Geul zijn fl auw, de bodem van
de geul heeft een accoladeprofi el met een licht holle vorm en een
: van Boxmeer (rkm 148,5) tot Vierlingsbeek (rkm 141)
waterloop voor de Sint Jansbeek op dezelfde plaats als nu. Dit plan
heeft een groot waterstandsverlagend eff ect: 23 cm.
Landbouwfuncties worden in principe niet verstoord.
VERBINDINGEN EN TOEGANKELIJKHEID
Veer van Vortum naar Aff erden blijft als vanouds functioneren, evenals
het veer van Vierlingsbeek naar oud Bergen.
Gemeente
Bergen
0,05
0,1
0,05
0
0,15
0,1
0,25
0,2
0,35
0,3
0,45
0,4
0,55
0,5
0,6
124 126 128 130 132 134 136 138 140 142 144 146 148 150 152 154 156 158 160 162 164 166
taakstelling
Vortumse_geul
Gemeente
Gennep
Gemeente
Mook/Middelaar
Eff ecten Hoogwaterveiligheid
• Stuwpeil
• Vergraving
: 11,1 m + NAP na peilopzet
: hoogwatergeul
• Waterstandsverlaging in cm : 18 t.h.v. rkm 141
• Bijdrage in m2
: 1817
Figuur 12: waterstandseffect van deelplan Vortumse geul
Waterstandeffect (m)
Broekhuizenvorst
Wellerlooi
brug Wanssum
Well
Geijsteren
Aijenl
Bergen
Afferden
Boxmeer
brug A77
Heijen
brug Oeffelt
Gennep
Middelaar
Mook
brug Mook
׉	 7cassandra://JngKn17BU4nesDSOoXe058gHs8ZDLa5lSoA_Ip33bBE`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://Xs6U7LBejQ3ZCRc-boUmT6NxGuQLM_JpzOEWpWGSeVw `׉	 7cassandra://LzWDv6kkS7VZgwQ08EcuAJiuo3tCyhDdarIXdg1Hqbs̀`׉	 7cassandra://a-dIG2wrK6bbcKcyFmwffmN0IxS5swPE8sYUWSvHGUg'`  ׉	 7cassandra://NldNwlQUO-lUyoh4apYplao95Avz-CJ7Sv1_YwcLKGI p͠c5j!>ט  u׉׉	 7cassandra://wQcnXxuKNZ3MMaigYGh4LWQSfk3gGlgzQh2v9O9Nb1M `׉	 7cassandra://ol6hxHe6tP_a5SKWonWudoaEpCVgx0mLbBSNyx5w2sgq`׉	 7cassandra://nNQkyq37EQEPxkD2aBkY6A58oJOJngf_C-xJC9fry0k (`  ׉	 7cassandra://jiZw0rDWa1OWw6nMidGnav8Ul29lyAh2aH6BpY3jEJE X͠c5j!>׉E &Het sluiscomplex vanaf Sambeek gezien
׉	 7cassandra://a-dIG2wrK6bbcKcyFmwffmN0IxS5swPE8sYUWSvHGUg'`  c!j!>׉E	LMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
201
7
RIVIERKUNDIGE EVALUATIE
In dit hoofdstuk wordt eerst kort ingegaan op de status van de deelplannen en de positie van
Rijkswaterstaat hierin, en van de mogelijke toekomstige invloed van het Deltaprogramma.
Vervolgens wordt een overzicht gegeven van deelplannen als geheel en het cumulatieve eff ect
hiervan op de taakstelling. Daarbij wordt vanzelfsprekend de Limburgse bijdrage aan de
waterstandverlaging behandeld, maar ook maatregelen aan Brabantse zijde komen aan de orde.
Ten slotte volgt een indicatie van de kosten en wordt in gegaan op de te verwachten (bredere)
maatschappelijke eff ecten.
N.B. Calculaties zijn indicatief en onder voorbehoud.
7.1 STATUS VAN DE DEELPLANNEN
Vooraf willen we nog maar eens benadrukken, dat de deelplannen in dit Masterplan voor
het Maasdal geen kant en klare blauwdrukken zijn, maar visionaire streefbeelden. De diverse
voorstellen in de deelplannen zijn bewust met een zeker ‘realisme’ beschreven, om het
voorstellingsvermogen van de lezer te prikkelen.
De voorstellen moeten dan ook vooral worden gezien als bijzondere, ruimtelijke en functionele
kansen voor de regio binnen de context van de hoogwatertaakstelling die aan de regio wordt
opgelegd.
Wanneer in de toekomst vanuit bijvoorbeeld rivierkunde of fi nanciële randvoorwaarden
andere keuzen worden gemaakt, dan kan de hier gehanteerde integrale meerdimensionale
ordeningsmethodiek opnieuw worden toegepast om te komen tot verantwoorde keuzes en
kosteneff ectieve inrichtingsvoorstellen.
Men dient er rekening mee te houden dat de deelplannen en de bijbehorende
rivierverruimingsmaatregelen in dit stadium op globale wijze rivierkundig zijn doorgerekend.
Daartoe zijn per deelplan de meest relevante varianten in een rekenmodel gezet (Maptable)
en vergeleken. Uiteindelijk zijn de, vanuit meerdimensionaal perspectief meest gunstige
maatregelen opgenomen. De afzonderlijke eff ecten van de deelplannen zijn bij elkaar opgeteld;
zo ontstaat het cumulatieve eff ect, dat aantoont dat hoogwatertaakstelling 2050/2100 ook
daadwerkelijk wordt gehaald.
Drijvende voorzieningen in het plangebied worden niet ‘meegemodelleerd’. Bij verdere
uitwerking zal te zijner tijd moeten worden gegarandeerd dat deze en dergelijke voorzieningen
de stroombanen vrij houden (‘obstakelvrije eis’) en dat ze geen of nagenoeg geen opstuwing
veroorzaken.
׉	 7cassandra://nNQkyq37EQEPxkD2aBkY6A58oJOJngf_C-xJC9fry0k (`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://gx76bz5HCvQb5tFBDcLVcS-Q5jXDqlRhPpiCC37QCm0 C` ׉	 7cassandra://yBs2g2sVLzT1GWQoszkA6150raZ3O8usoqzweMAyTSU_`׉	 7cassandra://J3nvJj6jkM0hfW3gfrLQSmWCLmhE-oUgvU9gvSf20V8`  ׉	 7cassandra://VCXaDoXb5Xk4RRySnM7ghB11Aeu0fltDwhNmx4_v9mUT͠c5j!>ט  u׉׉	 7cassandra://kYLMvhGM9pSZ0Zn1uvOLmlDVNm1x-Xna1r_gpyR5WG4 p` ׉	 7cassandra://ISFZ9v3ZEnFahbaTjpY-hSYei5NixHczVA0mnFVG4qgC8`׉	 7cassandra://NdxsJO46k5JYu2PZG1TsFGdi6N6qqQf2TRo8GlxDr5M`  ׉	 7cassandra://gLwne86wfciHVZUsvplTWcVuTFHzqHrMjAB7Krid0JI 7l͠c6j!>׉E202 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
In samenhang hiermee moet ook de rol van
Rijkswaterstaat bij de totstandkoming van
dit Masterplan worden verduidelijkt. Bij
ingrepen in de riviergebonden omgeving
zal Rijkswaterstaat eff ecten beoordelen
op de functies van de rivier (hydraulisch
en morfologisch; toekomstig beheer en
onderhoud en gebruiksfuncties zoals ecologie,
waterkwaliteit en scheepvaart).
Eerst als ervoor gekozen wordt om
de voorstellen met bijbehorende
rivierverruimings maatregelen uit de
deelplannen daadwerkelijk te implementeren,
zullen de eff ecten onweerlegbaar moeten
worden aangetoond en nauwkeurig becijferd.
Dat valt buiten de scope van dit Masterplan.
Rijkswaterstaat heeft zich daarom in deze
fase van planvorming dan ook beperkt tot
het meegeven van aandachtspunten bij de
deelplannen. Deze aandachtspunten zijn in
dit Masterplan verwerkt.
Het Deltaprogramma Rivieren heeft primair
aandacht voor de hoogwaterveiligheidsopgave.
Niettemin zullen ook de gemeentelijke
belangen en kansen worden meegewogen.
Zo zal zeker rekening worden gehouden
met ruimtelijk beleid en voorgestane
ontwikkelingsmogelijkheden binnen de regio.
Het voorliggende Masterplan sorteert dus al
vóór op deze mogelijkheid.
De planning van het Deltaprogramma is
dusdanig dat vanaf 2012 regioprocessen
worden opgestart die kansrijke strategieën
identifi ceren, waarna een voorkeursstrategie
wordt verkozen, leidend tot ‘Deltabeslissingen’
rond eind 2015.
Voor het Maasdal is een nadere beslissing
ten aanzien van de gewenste afvoerverdeling
van de Rijntakken niet relevant. Wél van
belang is een beslissing aangaande het
gewenste beschermingsniveau. Het is niet
ondenkbeeldig dat hieromtrent tot een andere
normstelling zal worden besloten dan thans
het geval is. Bij een andere normstelling hoort
een andere taakstellingslijn en daarmee een
andere invulling van ruimtelijke plannen
om aan die lijn tegemoet te komen. Het
Masterplan zal in dat geval ‘herijkt’ moeten
worden. Dat kan dan het beste met de in
het kader van dit Masterplan ontwikkelde
integrale ordeningsmethodiek worden gedaan.
7.2 OVERZICHT CUMULATIEF
EFFECT
Het totaal van de actievoorstellen (per
deelplan vastgelegd in een actiematrix) vormt
het kaderprogramma (zie hoofdstuk 6). In
het kaderprogramma worden tientallen
kansen gegenereerd voor de ontwikkeling van
een kwaliteitslandschap in combinatie met
verbreding van economie en verhoging van
welzijn. Het gaat dus om een divers en open
pakket aan actievoorstellen, waaruit markt én
overheden keuzes kunnen maken.
De actievoorstellen, die planologisch
anticiperen op de gebiedsontwikkeling,
betreff en voor een deel ‘quick wins’. Het
overgrote deel van de actievoorstellen voor
de lange tot zeer lange termijn is direct
gerelateerd aan hoogwatermaatregelen
(tijdshorizon tot 2100). In dit hoofdstuk
wordt het cumulatieve eff ect van de
zorgvuldig samengestelde maatregelen ten
opzichte van de taakstelling gepresenteerd.
Ten opzichte van eerdere
rivierverruimingsplannen levert dit
Masterplan een grote meerwaarde. De
methodiek is namelijk is gericht op behoud
en versterking van kwaliteitslandschap.
Kenmerkend voor de aanpak is dat
‘meebewegen met het landschap’ vooropstaat.
Dat is een groot verschil met de vooral
economisch gestuurde techniek van
‘vlaksgewijze vergraving’ en de aanleg
van diepe zandwinplassen. Een dergelijke
vergravingsmethode houdt weinig rekening
met het kwetsbare uiterwaardenlandschap.
Een overzicht van de totale waterstandsdaling
is gegeven in de fi guur 1. De grafi ek moet
gelezen worden van benedenstrooms naar
bovenstrooms – conform de doorwerking van
waterstandsverlaging – dus van rechts naar
links.
De individuele eff ecten van de afzonderlijke
plannen zijn bij elkaar opgeteld. Deze
werkwijze is globaal en kan lokaal afwijkingen
geven, maar voor verkennende studies als dit
Masterplan is dat geaccepteerd.
De rode lijn geeft de totale
waterstandsverlaging weer. In de grafi ek is dat
de grijze taakstellingslijn. Als de gerealiseerde
waterstandsdaling (rood) onder de
taakstellingslijn (grijs) ligt is daaraan voldaan.
׉	 7cassandra://J3nvJj6jkM0hfW3gfrLQSmWCLmhE-oUgvU9gvSf20V8`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 203
figuur 13: totale waterstandsdaling ten opzichte van de taakstellingslijn
Over vrijwel het gehele traject is sprake
van een gunstige marge ten opzichte van
de taakstelling. Ook nabij Mook aan de
benedenstroomse zijde wordt de taakstelling –
ondanks de zeer beperkt mogelijkheden voor
rivierverruiming – zo goed als gehaald.
Een aandachtspunt blijft het riviergedeelte
tussen Aijen en Well waar de taakstelling
volgens de actuele rekenmodellen nog niet
gehaald wordt. Wellicht dat dit tekort met
inzet van de Optionele waterverbinding tussen
Bergerplas en plassen Maaspark (deelplan 10)
kan worden gecorrigeerd.
Interessant is de vergelijking tussen de
bijdrage aan waterstandverlaging aan de
Limburgse zijde en die aan de Brabantse
zijde. Deze bijdrage is te zien in de fi guren
14 en 15. De bijdrage van de plannen aan
de Brabantse zijde is aanzienlijk groter dan
aan de Limburgse zijde. Dit is te verwachten
omdat de ruimte aan de Limburgse zijde over
het grootste deel van het Maasdal beperkt is.
Eerder is binnen de IVM-studie
(‘Blokkendoos’) aangegeven, dat de
verhouding in bijdrage aan de taakstelling
van de plannen in Limburg en Brabant bij
voorkeur ongeveer respectievelijk 40% en
60% zou moeten zijn. Aan deze verhouding
wordt in het Masterplan met de voorgestelde
maatregelen dus grotendeels voldaan.
N.B. De totale waterstandsdaling is met bijna
20000 m2
met ruim 15000 m2
veel groter dan die in de IVM studie
.
׉	 7cassandra://NdxsJO46k5JYu2PZG1TsFGdi6N6qqQf2TRo8GlxDr5M`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://wSQ2TggNd6cNuF5d0R8prNUNifWf6bWbuRCuRUj1YXI P`׉	 7cassandra://5ZQeIMqnii3QXIS83B9LxbhzlQsFdYdiAW-qt9Pd5JYA`׉	 7cassandra://9NfZ0dSB3IJhDg_Crk-afDvMRzabnVmZxMkxwmaya5c`  ׉	 7cassandra://5rsD-0mWXNw5EBq2kig5rWUntRefFCjNckLlgvFrs6o e!̎͠c6j!>ט  u׉׉	 7cassandra://hQc7x7Oq8GjdshCjeimi1ov-wf9pEd9hdrM597QormY -`׉	 7cassandra://hL3xWq_rHOoIjXiGrByqP67XQiAgvyDtMRee7QFRqi0G)`׉	 7cassandra://lF1CAnl7aDpRtcquKl-FdsQqLznaN-Nrnxef8HAPYQgH`  ׉	 7cassandra://A04gQEKvRvdgtZ5gs49qXu8qO2HW__9CvpgeljgvhFof͠c6j!>׉E%204 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
figuur 14: totale waterstandsdaling als gevolg van de uitvoering van de Limburgse plannen ten
opzichte van de taakstellingslijn
figuur 15: totale waterstandsdaling als gevolg van de uitvoering van de Brabantse plannen ten
opzichte van de taakstellingslijn
׉	 7cassandra://9NfZ0dSB3IJhDg_Crk-afDvMRzabnVmZxMkxwmaya5c`  c!j!>׉EsMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 205
Een overzicht van de eff ecten van de plannen
in beide provincies is hiernaast in tabel 15
weergegeven. Hier is het eff ect uitgedrukt
in m2
, het ‘waterstandsverlagend oppervlak’.
Dit is de waterstandsdaling maal de lengte
waarover het werkt.
N.B. De bijdrage van Maaspark Well en
van Ooijen-Wanssum is in dit overzicht
ook meegenomen, evenals in de voorgaande
grafi eken, omdat in de aangegeven taakstelling
nog niet met deze maatregelen rekening was
gehouden.
EFFECT DEELPLANNEN EN HOOGWATERMAATREGELEN
Deelplan
nummers
1 + 2
Deelplannen met maatregelen
Waterfront Mook en Maasheggenlandschap
 Zomerbedverbreding oostzijde Maas, Mook
en Cuijkse Steeg
 Recreatieplas ‘Mookervoorhaven’ +
Hoogwatergeul MiddelaarMook
 Herstel heggenlandschap MiddelaarMook
Brabant
Middelwaert Mook weer eiland
 Zomerbedverbreding westzijde Maas,
Katwijk
 Meestromende nevengeul met herstel van
historische Middelwaert Mook
5
Genneper Rivierenpark
 Meestromende nevengeul, historische
Middelwaard, Gennep
6
Brabant
Gennep aan de Maas
 Uitbreiding Paesplas (met jachthaven)
Oeffeltse aanbrug
 Zomerbedverbreding westzijde Maas ter
hoogte van St. AgathaOeffelt
 Hoogwatergeul én brug OeffeltGennep
gedeeltelijk op pijlers
8
Riviernatuurpark Maaseilanden *
 Maaiveldverlaging reliëfvolgend
Noordereiland (Brabant)
 Maaiveldverlaging reliëfvolgend
Zuidereiland (Limburg)
9
Watersport bij Diekendaal
 Recreatieplas (‘nieuwe Heerenplas’) én
hoogwatergeul (+ meestromende
waterloop)
Brabant
10
11
Limburg
Tabel 15: Overzicht van de bijdragen van de
deelplannen aan het waterstandverlagend effect
*
**
Hoogwatergeul BoxmeerVierlingsbeek
De Bergerplas
 Recreatieplas (met jachthaven) én
hoogwatergeul
Maaspark Well **
Ooijen – Wanssum **
Totaal
Totaal
Verhouding
Voor dit plan is een 50/50 verdeling verondersteld
Deze ingreep is géén onderdeel van Maaswerken maar daadwerkelijk extra rivierverruiming.
751
1.617
1.653
7.930
40%
11.818
19.747 (100%)
60%
310
118
MHW
winst (m2)
Limburg
1.607
2.069
1.058
2.075
669
MHW
winst (m2)
Brabant
470
2.261
4.685
311
392
1.817
׉	 7cassandra://lF1CAnl7aDpRtcquKl-FdsQqLznaN-Nrnxef8HAPYQgH`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://UTVZHmURSR9NNU3TFvhFLpZlMjPsorqYnf2vrsZm4ZI xZ` ׉	 7cassandra://PdyO7T1bPdGRA3lQJH1jIPhIt5bydbRd8RjMhDP-GO0i`׉	 7cassandra://-fdU629HwzjVncZq6-pbGBClZtIxZp6SdjQug2j0RIwa`  ׉	 7cassandra://AqxKM1RlNfkrpus-n_ZUyn6JJVuKlMrJVowLPWIGcdEn+͠c7j!>ט  u׉׉	 7cassandra://OcBRA0eGv_NyWuDmpFG87tzPmt1YTHUSTFUP_MjW7rc ` ׉	 7cassandra://8LGHrmOwBMWvagQnFY0yAzTEYrXSQtO8Z051wo3FXHw<X`׉	 7cassandra://Y2YkJtSAM8JDpN4Gwuz0rswahe2FG7WoeniZpiLHWCE`  ׉	 7cassandra://mHFLfJCa0_tKnH5M4ynVIplIi_iIEErNa6P2-6M9rjẃx͠c7j!>׉E206 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
7.3 KOSTENINDICATIE
De verschillende maatregelen en daaruit
voortvloeiende kansen uit het Masterplan
voor het Maasdal en de uitwerkingen
daarvan voor de verschillende
deelgebieden, brengen uiteraard kosten
met zich mee. Hierna worden deze kosten
gepresenteerd voor zover deze thans te
overzien zijn.
Overzicht typen kosten
Voor het bepalen van de kosten die
samenhangen met het Masterplan maken
we een nader onderscheid in:
• Maatregelen primair gericht op
hoogwaterbescherming. Voorbeelden
hiervan zijn de verhoging van
kademuren en de aanleg van een
hoogwatergeul.
• Investeringen in de
omgevingskwaliteit. Denk
bijvoorbeeld aan de aanleg van fi etsen
wandelpaden, landschappelijke
herinrichting of de aanleg van een
nieuw natuurgebied.
• (Aanvullende) private investeringen in
bijvoorbeeld logiesaccommodaties
zoals gastenhuizen en
erfgoedlogementen, exclusief wonen
en andere horecavoorzieningen.
In het navolgende wordt uitsluitend nader
ingegaan op de benodigde investeringskosten
die samenhangen met de uitvoering van
maatregelen, voor zover die geschikt gemaakt
moeten worden voor de rivierkundige
functie. Deze geven een goede vergelijking
met de kosten die bijvoorbeeld voor de
IVM-maatregelen (overwegend vlaksgewijze
vergraving) zouden moeten worden gemaakt
omdat ook die uitsluitend beperkt zijn tot de
rivierkundige realisatie.
Daarmee samenhangende kosten voor
onderhoud en beheer zijn van belang
vanaf het moment dat de voorzieningen
daadwerkelijk zijn gerealiseerd. Deze
zijn echter thans lastig te bepalen en
waarschijnlijk niet sterk onderscheidend voor
de verschillende plannen. Ze worden daarom
niet in de indicatie meegnomen.
Dat geldt ook voor investeringen in de
omgevingskwaliteit en private investeringen.
Beide investeringstypen zijn in deze fase van
de vorming van een gebiedsvisie, die vooral
concentreert kansen en ontwikkelingen voor
de lange tot zeer lange termijn, onmogelijk
reëel in te schatten.
Om die reden worden dit type investeringen
hier dan ook buiten beschouwing gelaten.
(Grond)opbrengsten
Naast kosten zijn er ook opbrengsten.
In de ramingen is rekening gehouden
met de opbrengsten uit zand- en
grindwinning. Deze opbrengsten zijn
bepaald op basis van het totale volume
zand dat vrijkomt vanwege uitvoering van
de maatregelen, aangenomen dat circa
een derde van de gewonnen hoeveelheid
ook daadwerkelijk kan worden verkocht.
Als marktprijs is een gemiddeld bedrag
gehanteerd van 11 euro per m3
opbrengsten zijn lager omdat er ook
. De nettokosten
zijn verbonden aan de winning
van zand (in de ramingen is uitgegaan
van 7 euro per m3
). Deze opbrengsten
kunnen in een fonds worden gereserveerd
voor acties uit het kaderprogramma
ten behoeve van verbetering van de
ruimtelijke kwaliteit en ondersteuning van
ondernemersinitiatieven.
Bij de gehanteerde referentiesituatie, die
uitgaat van vlaksgewijze vergraving, is
aangenomen dat er geen vermarktbaar
zand wordt gewonnen. Voor de
uitvoering van de maatregelen dienen
op verschillende locaties gronden te
worden aangekocht. Voor zover deze
gronden niet primair noodzakelijk zijn
voor het realiseren van de beoogde
hoogwaterbescherming, is het
denkbaar dat er (als tegenhanger van de
grondproductiekosten) extra opbrengsten
ontstaan uit bijvoorbeeld de opbrengsten
van delfstoff en, de verkoop (of pacht)
van grond voor (drijvende-)woningbouw
en de uitgifte van grond voor andere
(bedrijfsmatige) activiteiten. Of hiervan
inderdaad sprake kan zijn en om welke
bedragen het feitelijk zal gaan, valt in dit
stadium van de gebiedsvisie nog niet vast
te stellen.
Kostenindicatie
Voor de voorliggende verkenning wordt
hierna op basis van de uitgevoerde
ramingen een kostenindicatie gegeven.
Naast de kengetallen die Ecorys voor het
Maasgebied gebruikt is voor de specifi eke
׉	 7cassandra://-fdU629HwzjVncZq6-pbGBClZtIxZp6SdjQug2j0RIwa`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 207
aanpak van het Maasdal afstemming
geweest met de heer Brouns, die zijn
ervaring heeft ingebracht in onderstaande
berekeningen. Voor een goed begrip
moet worden benadrukt, dat opgestelde
ramingen louter een indicatie geven van
de te verwachten (netto) kosten. De
voorgestelde plannen en maatregelen
zijn alleen op hoofdlijnen geformuleerd
en derhalve nog niet volledig
uitgekristalliseerd. De ramingen zijn
bovendien gebaseerd op grove kengetallen
voor het gebied als geheel. Specifi eke
omstandigheden ter plaatse hebben
uiteraard invloed op de hoogte van de
uiteindelijke investeringen.
Onderstaande - 16 toont de uitkomsten
van de uitgevoerde ramingen. Voor
het Masterplan ramen wij de totale
investeringskosten op grofweg circa
180 miljoen euro. Dat is circa 10
miljoen euro meer in vergelijking
met de referentiesituatie. Dit verschil
blijft beperkt door een daling van de
benodigde kosten voor voorbereiding
en toezicht (inclusief archeologisch
1)
2)
Grondaankopen
Grondverzet
Verplaatsing
Meerprijs tussentijdse opslag ter plaatse
Afvoer per schip
3)
4)
5)
6)
7)
8)
9)
Kosten voor zandwinning
Herinrichting gebied
Voorbereiding en toezicht
Onvoorzien
Totaal kosten
Opbrengsten
Saldo kosten en opbrengsten
Tabel 16: Indicatie benodigde investeringskosten (in miljoen euro)
25
4
35
23
179
39
140
Masterplan
39
53
21
16
16
0
4
52
22
170
0
170
Referentie
39
53
21
16
16
onderzoek, opruimen explosieven etc.).
In het masterplan worden hoge gronden
gespaard, waardoor de kosten voor
voorbereiding en toezicht ten opzichte
van de referentiesituatie zullen dalen.
Omdat er echter in het Masterplan ook
opbrengsten zijn uit zandwinning dalen
de uiteindelijke kosten en resteert een
netto investeringsbedrag van 140 miljoen
euro, 30 miljoen euro lager dan in de
referentiesituatie.
׉	 7cassandra://Y2YkJtSAM8JDpN4Gwuz0rswahe2FG7WoeniZpiLHWCE`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://CGyOqZF4F6FCZ1buG08pvk9Pm-_tq_n5IeRYYF51O8Y *`׉	 7cassandra://R3HCb8YpJOKnQSj-IKGsoYJAo0RURMed91ClDtOFpsgDu`׉	 7cassandra://2xW56x4i6fVaegzlRbMPGnpIdVPZlghToh15vz7p6x07`  ׉	 7cassandra://-mSZDoK-w7OANBzMZ9Eh4NMv7DpHve_LNrTdD8BQsDkͩ͠c7j!>ט  u׉׉	 7cassandra://kR80Qjy0hp7wUiNaNwatkd8KDqAR3VzbDf3Wa9LbEU8 XX` ׉	 7cassandra://D3q7e4TbhVqCaEDN_GR1l8hpSYemnyUmM6PwEUsc2voh`׉	 7cassandra://lBaD0A8GgR7D4R9hLm_d0cvIp4AHT_5vxbKKx5954TgK`  ׉	 7cassandra://bVTwSP2MPdCLDlLuyxly8eTyDkN1oWLqt96PrshnmqQV͠c7j!>׉E208 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
LIMBURG
BRABANT
ONTTROKKEN AAN LANDBOUW
hectares
Zomerbedverbreding
 Mook
 Cuijkse Steeg
Totaal
Permanent water
 Mooker voorhaven i.c.m. geul
 Gennep nevengeul bij
Middelwaard
 Nieuwe Paesplas
 Nieuwe Heerenplas
 Nieuwe Bergerplas
Totaal
Natte natuur
 Dam Mooker voorhaven
 Rondom geul
 Inlaat
 Middelwaert Gennep
 Zuidereiland
 Meestromende geul Diekendaal
 Rondom Bergerplas
Totaal
TOTAAL
1,62
8,20
2,20
4,16
52,65
58,40
34,00
161,23
303,34
22,6
3,89
10,53
36,38
65,00
138,40
Totaal
 Middelwaert Mook
2,70
5,17
1,58
2,23
3,81
Zomerbedverbreding
 St. Agatha / Oeffelt
Totaal
 Katwijk
5,17
ONTTROKKEN AAN LANDBOUW
hectares
9,00
9,00
 Noordereiland
44,15
Totaal
TOTAAL
46,85
61,02
VERNAT GRASLAND ( terug naar landbouw)
hectares
 Hoogwatergeul Middelaar/Mook
 Zijstrook Diekendaal / Afferden
 Hoogwatergeul Bergen Aijen
TOTAAL
87,29
62,27
42,65
192,21
TOTAAL
375,24
 Oeffeltse geul
 Vortumse geul
hectares
163,9
211,34
RESUME AFGEROND
LIMBURG
Onttrokken
Vernat
hectare
300
200
BRABANT
Onttrokken
Vernat
TOTAAL in hectare
Tabel 17: overzicht maatregelen in hectares
hectare
60
380
totaal
360
580
940
׉	 7cassandra://2xW56x4i6fVaegzlRbMPGnpIdVPZlghToh15vz7p6x07`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 209
Nevenstaande tabel 17 ‘overzicht maatregelen
in hectares’ is niet rechtstreeks te vergelijken
met tabel 16 ‘eff ect deelplannen en
hoogwatermaatregelen’ (bladzijde 205).
In tabel 17 worden de oppervlakte in hectares
van de diverse maatregelen aangegeven.
In tabel 16 wordt de eff ectiviteit in
centimeters waterstandsverlaging van de
diverse maatregelen tot uitdrukking gebracht.
De eff ectiviteit van een maatregel kan per
oppervlakte-eenheid aanmerkelijk verschillen,
een en ander afhankelijk van de locatie en het
type maatregel.
7.4 BATEN
Waterveiligheid
Door de aanleg van de rivierkundige
ingrepen in het Maasdalgebied
wordt de veiligheid van het gebied
voor overstromingen vanuit de Maas
gewaarborgd. De daarmee samenhangende
baten zijn evident. Een vergelijking
met ‘niets doen’ maakt inzichtelijk hoe
omvangrijk de baten (en dan vooral
de vermeden materiële en immateriële
schade) precies zijn. Denkbaar is dat
bepaalde gebieden vanwege de uitvoering
van de maatregelen een hoger dan
wettelijk noodzakelijk veiligheidsniveau
krijgen, maar ook dat tijdelijk op
bepaalde plekken sprake is van minder
extra veiligheid omdat noodzakelijke
maatregelen niet of slechts lastig gefaseerd
uit te voeren zijn.
Ten slotte kan sprake zijn van vermeden
schade bovenstrooms, afhankelijk van
het type maatregelen dat uiteindelijk
als onderdeel van de gebiedsvisie wordt
uitgevoerd en het type maatregelen
dat elders wordt genomen. Vanwege
het verkennende en visionaire karakter
van het Masterplan is het uitvoeren
van afzonderlijke berekeningen van het
overstromingsrisico niet opportuun.
Eff ecten voor de landbouw
Om alle voorgestelde maatregelen
uit de gebiedsvisie voor het Maasdal
te kunnen realiseren is aankoop van
landbouwgronden onvermijdelijk.
Zo zouden in het Masterplangebied
naar schatting zo’n 300 hectare aan
de landbouw onttrokken worden,
ten gunste van waterplassen en/of
natuurontwikkeling. Door het principe
van ‘meebewegen met het landschap’
houden veel van de in de maatregelen
betrokken gronden hun agrarische
bestemming, en wel overwegend in de
functie van weide- en/of hooiland. Hierbij
gaat om circa 200 hectare.
De kosten voor grondverwerving zijn
slechts voor een deel maatschappelijke
kosten. Deels gaat het om een
herverdeling van de welvaart, waarbij
huidige grondbezitters in fi nanciële
zin volledig worden gecompenseerd.
Het (netto) welvaartseff ect is eigenlijk
alleen het verlies aan productiviteit van
de aangekochte grond in de huidige
bestemming. Dit verlies neemt in de tijd
af als de opbrengsten bij een aanwending
voor agrarisch gebruik om wat voor reden
dan ook autonoom al afneemt.
Recreatieve beleving
In het kader van de gebiedsontwikkeling
in het Maasdal wordt onder andere
nieuwe (hoogwaardige) EHS riviernatuur
aangelegd. De natuurgebieden bieden
ruimte voor recreatief medegebruik.
Hierdoor worden de mogelijkheden voor
wandelen, fi etsen en struinen voor de
bevolking woonachtig in de omgeving
van het gebied sterk verbeterd. Temeer
daar ook de toegankelijkheid van het
gebied verbetert. Dit levert extra baten
op in termen van een toename van de
belevingswaarde van het gebied voor
recreanten. Om dit type eff ecten goed
te kunnen inschatten is het overigens
gebruikelijk om net als bij de andere
eff ecten een vergelijking te maken met
een (denkbeeldige) situatie waarin de
maatregelen uit de gebiedsvisie niet
worden uitgevoerd. Denkbaar is dat in dat
geval ook investeringen worden gepleegd
om het gebied aantrekkelijker te maken,
maar ook dat de omgevingskwaliteit en
daarmee de recreatieve beleving verder
verslechtert.
Woongenot
Voor de inwoners van het gebied treedt
door de voorgenomen investeringen in
omgevingskwaliteit een verfraaiing van het
׉	 7cassandra://lBaD0A8GgR7D4R9hLm_d0cvIp4AHT_5vxbKKx5954TgK`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://rZaWKMWI8djzePm2ptJ1yvEJvLvaqsdmtwBNHC20gy0 `׉	 7cassandra://U0iUTbxfcokpFGG9IAj_QrXfhXnoi77TOIKNnQ1ZwdwX-`׉	 7cassandra://LgN1oFUpr1XI0mZW_oT9G08TFiyGLwat0DrKxOd-lqY`  ׉	 7cassandra://8_XKQ9ixv3ip7q1Q1RszP7dNwZePpqCR4iNHGr32kEE 9͠c'j!>ט  u׉׉	 7cassandra://QweEVLFqEmyUzNdI6gCKj74DQJEgwZy11ZBCGA0L1Fk H` ׉	 7cassandra://7Uq7UhlmstS9dbM04vhgBRtjKZF6BlB0715dAxPoVsMB`׉	 7cassandra://yhf19UITPFFsWF45XAjL96MewYDj9fy9_zOuVsgqF7k`  ׉	 7cassandra://IXyCF29FB8YmG7ue8iGofVL37A_gSK4QXRtsKZ0hGz84͠c'j!>׉E׉	 7cassandra://LgN1oFUpr1XI0mZW_oT9G08TFiyGLwat0DrKxOd-lqY`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
211
landschap op. De recreatiemogelijkheden
in de nabijheid verbeteren en voor
sommige bewoners ook het uitzicht.
De toename van het woongenot van
bestaande inwoners in het gebied
vormt in principe een extra baat van de
gebiedsontwikkeling en zou gewaardeerd
kunnen worden door te kijken naar
het verschil in woningwaarde van
woningen met uitzicht op een (nat)
natuurlandschap en woningen die
op agrarisch gebied uitkijken. In dit
stadium is het lastig om de omvang
van dit eff ecten te kwantifi ceren van de
eventuele toename van het woongenot
voor bestaande inwoners in het gebied.
Onder meer ook omdat een indicatie
over het aantal woningen waarvoor het
uitzicht daadwerkelijk (en signifi cant)
verbetert, ontbreekt. Op het moment dat
de plannen verder zijn uitgekristalliseerd
kan een dergelijke inschatting wel worden
gemaakt.
7. 5 RESUMÉ
In dit hoofdstuk is een beeld geschetst
van de te verwachten cumulatieve
rivierkundige eff ecten en daarnaast
onderscheid gemaakt in cumulatieve
eff ecten van de Limburgse maatregelen
ten opzichte van die van de maatregelen
aan Brabantse kant.
Vervolgens is voor dit pakket van
maatregelen voor de realisatie van het
Masterplan de orde van grootte van
de investeringskosten ingeschat om de
maatregelen aan Limburgse zijde te
kunnen realiseren.
Voorts zijn de bredere maatschappelijke
eff ecten aangegeven, die ontstaan op het
moment dat de plannen daadwerkelijk
zijn gerealiseerd. De uitkomsten laten
zien dat uitvoering van de voorgestelde
maatregelen uit het Masterplan
kosteneff ectief kunnen worden
uitgevoerd. Omdat de hoge gronden in
het Masterplan worden gespaard dalen de
kosten voor “voorbereiding en toezicht”.
Bovendien zijn er in het voorliggende
Masterplan grondopbrengsten
ingecalculeerd voor de verkoop van zand
vanwege de gunstiger wijze van vergraven,
waardoor de netto investeringskosten
afnemen.
Bovenop deze voordelen komen een
aantal maatschappelijke eff ecten die
voor het Masterplan ten opzichte
van de gehanteerde referentiesituatie
overwegend positief uitpakken. Benutting
van de gesignaleerde marktkansen
vraagt uiteraard ook om aanvullende
investeringen, maar daar staan impliciet
ook weer opbrengsten tegenover.
׉	 7cassandra://yhf19UITPFFsWF45XAjL96MewYDj9fy9_zOuVsgqF7k`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://lkbdKWUbMVRtmCrkaxDGd89gtzmxUdUVcROv9sn9Yik lr` ׉	 7cassandra://wI4Ycr2Kkn9Dbm_YNeQewIEd81sTZ8V19djZm0xY2CcSr`׉	 7cassandra://upeJ5ZolbF9audcdnd5XYHKKF8WTXn_EXzPMDMy2C7Y?`  ׉	 7cassandra://_KlDoudxSLzOVtAqYgqVQGgSsBuMz8AA0AobIg3Jndc͘"͠c(j!>ט  u׉׉	 7cassandra://6xfR0h26NfClssP2ShHH88Xhr51ywQhJEweEPc0y9vs t` ׉	 7cassandra://rWYOgRGHzotQV15TnPwvd8J4pGZsVpjYhlwy5K7g3_MS.`׉	 7cassandra://VwlVSuVzicnUlMinr0JMW3okoDWXv2IUrHjYQoQ9PdE`  ׉	 7cassandra://Ig4Z4p6aB55_1aFFnaWawwi8ZaK6NMlSwY74p-tm82sy͠c(j!>׉Ej212 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
BRONNEN
LITERATUURLIJST MASTERPLAN MAASDAL
kaartmateriaal en andere afbeeldingen
DLA+ rural and urban landscapes
foto’s en afbeeldingen
Indien niet specifi ek aangegeven zijn de foto’s afkomstig van DLA+
landscape architects
Literatuur
Alterra, 2008, Maaivelddaling en drooglegging in Groot Mijdrecht nu
en in de toekomst, achtergrondrapportvan de Verkenning water Groot
Mijdrecht Noord.
Barends, S., H. Renes e.a., Over hagelkruisen, banpalen en pestbosjes.
Historische landschapselementen in Nederland, Utrecht, 1993.
Barends, S., J. Renes e.a., Het landschap van Zuid-Limburg, in:
Historisch-Geografi sch Tijdschrift 5 (1987), nr. 1/2.
Berendsen, H.J.A. & E. Stouthamer, 2001. Paleogeographic development
of the Rhine-Meuse delta, Th e Netherlands. Van Gorcum, Assen.
Berg, M.W. van den, 1996. Fluvial seguences of the Maas: a 10
Ma record of neotectonics and climatic change at various time-scales.
Proefschrift, Landbouwuniversiteit Wageningen.
Beyer, D., N.G.M. van den Brink, M.J.M. Scholten en E.H. van
Velzen, 2002: Onderbouwing hydraulische randvoorwaarden 2001 voor
de Maas, Rijkswaterstaat RIZA-rapport 2002.016
Buro Drift, maart 2007, Streefbeelden en herstelmaatregelen van
beekmondingen in het Maasdal, achtergronddocument herstelmaatregelen.
Buro Heusschen*Copier landschap + stedenbouw, Masterplan
Maasplassen.
Bureau Waardenburg, 2011, Handreiking uiterwaardinrichting Maas.
Advies bij ruimtelijke plannen en ontwerpen voor de Kaderrichtlijn Water.
DLA+ landscape architects BV, 2010, Mill, landelijk & Gastvrij.
DLA+ landscape architects BV, 2011, Structuurvisie Mill, ‘In duurzaam
perspectief’.
Delta Commissie, 2008, Samen werken met water. Een land dat leeft,
bouwt aan zijn toekomst.
Dienst Landelijk Gebied, 2007, Inrichtingsplan nevengeul Baarlo.
Dienst landelijk Gebied Regio Zuid, 2010, Integraal Gebiedsprogramma
Maasheggen.
Directie Kennis, Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
en Bureau Lantschap, 2009, Ontgonnen verleden, regiobeschrijvingen
provincie Zuid Limburg.
Dorpsraad Middelaar Plasmolen, 2011, brief inzake Sleutelproject N271
‘Onderzoek pleisterplaats Plasmolen’.
Gemeente Bergen, Gennep en Mook en Middelaar en Riek Bakker
Advies, 2010, Strategische Regiovisie Bergen, Gennep, Mook en
Middelaar, Gebiedsontwikkeling Maasduinen keuren, kiezen en excelleren.
Gemeente Bergen, Gennep en Mook en Middelaar en Riek Bakker
Advies, 2010, Regionale agenda Bergen, Gennep, Mook en Middelaar,
Gebiedsontwikkeling Maasduinen keuren, kiezen en excelleren.
Gemeente Bergen, Gennep en Mook en Middelaar en Riek Bakker
Advies, 2010, Sleutelproject N271 ‘etalage’ van de regio ‘Bouwstenen’
& Programma Verbindingen en Netwerken ‘de Maaswijdte’, 2010,
Gebiedsontwikkeling Maasduinen keuren, kiezen en excelleren.
Gemeente Gennep, G. Aymans, P. Burggraaff en W. Janssen, 1988, De
regio Gennep aan de ketting (1731-1732).
׉	 7cassandra://upeJ5ZolbF9audcdnd5XYHKKF8WTXn_EXzPMDMy2C7Y?`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
213
Gemeente Mook en Middelaar, 2009, Structuurvisie Mookerplas en
omgeving.
Haartsen, A., Ontgonnen verleden. Regiobeschrijvingen Zuid-Limburg
(rapport DK nr. 2009/dk116-L van de Directie Kennis, Ministerie van
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit), Ede, 2009.
Harry van Enckevort en Jan Th ijssen, 2002, Cuijk, een regionaal
centrum in de Romeinse tijd.
Heunks, E., 1999. Project Zandmaas, deelgebied Venlo, Hout-Blerick;
een Aanvullende Archeologische Inventarisatie. RAAP-rapport 458.
RAAP Archeologisch Adviesbureau, Amsterdam.
Heunks, E., 2001. Project Zandmaas. Deelgebied Oijen. Een
Aanvullende Archeologische Inventarisatie (AAI). RAAP-rapport 498.
RAAP Archeologisch Adviesbureau, Amsterdam.
Heunks, E., 2001. Project Zandmaas. Deelgebied Well-Aijen. Verkennend
archeologisch onderzoek. RAAP_briefverslag 270 (2001-1391), RAAP
Archeologisch Adviesbureau, Amsterdam.
Huisink, M., 1998. Changing river styles in response to climatic change.
Academisch proefschrift, Vrije Universiteit van Amsterdam.
J.D.H. Harten, 1997, Sporen in het landschap, kleine historische
landschapselementen in de West-Betuwe en de Vijfheerenlanden.
J. Renes, 1999, Landschappen van Peel en Maas.
Kenniscentrum Hospitality Business 2009, De IJsseldelta; een
spetterende regio. Een adviesrapport ten behoeve van watertoerisme en
waterrecreatie in de regio IJsseldelta. Afstudeerproject Erika Snoeijer.
KernTeam Urgenda Limburg en Buro Heusschen*Copier landschap +
stedenbouw, 2010, Maas en Meer, Vlekkenplan, ontwikkelperspectief voor
het Maasplassengebied.
Projectorganisatie De Maaswerken, 1999. Trajectnota/MER Zandmaas/
Maasroute. Deelrapport Kaarten (aardkundige waarden/archeologie).
Projectorganisatie De Maaswerken, Maastricht.
Provincie Limburg, afdeling Landelijk Gebied, 2009, Meerjarenplan
Zandmaas 2 2009, perspectief op 2015-2050.
Provincie Limburg, Stimuleringsplan Noordelijk Maasdal.
Kooistra, M.J. en R.M.K. Haring, Essen langs de Maas?
Micromorfologisch-bodemkundig onderzoek van zandbodems langs de
Maas bij Lomm (conceptrapport van Alterra), Wageningen, 2001.
Ministerie van Landbouw, natuur en Voedselkwaliteit, Bureau
Lantschap, 2009, Ontgonnen verleden, regiobeschrijvingen provincie
Zuid-Limburg.
Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat Dienst
Limburg, 2006, Advies Integrale Verkenning Maas 2, hoofdrapport en
achtergronddocumenten
Ministerie van LNV, Staatsbosbeheer, Rijkswaterstaat, Dienst Landelijk
Gebied, 2009, Kwaliteitsprincipes Uiterwaardinrichting. Principes voor
de landschapsecologische kwaliteit van terreininrichtingsprojecten in het
rivierengebied.
Nationaal Archief, 2003. Veldminuten van de Topografi sche Militaire
Kaart 1840-1861.
Nissen, P. en K. Swinkels (red.), Monumenten van vroomheid. Kruisen,
kapellen en vrijstaande heiligenbeelden in Limburg, Zutphen, 2004.
Platform Integraal Overleg, juli 2009, Noordelijke Maasvallei –
grensoverschrijdend perspectief.
Programmadirectie Ruimte voor de Rivier, Arcadis en Robbert de
Koning, 2008, Rivieren & Inspiratie, Ruimte voor de Rivier.
׉	 7cassandra://VwlVSuVzicnUlMinr0JMW3okoDWXv2IUrHjYQoQ9PdE`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://n9EcrV030FIbLdU1kPQH7ybO_d1T9FT1meT-4bO2rMs ` ׉	 7cassandra://B7Yp7TZb_sk5RW67OHaVZhl03mThldIP9Myyo1jq0oUW,`׉	 7cassandra://gzMR6UzJT9N2jYqDzneMUTDMqX4bJnAHd-ZmAmBwO1Y?`  ׉	 7cassandra://xz87MG6F1iyRsCygXGjMkfYo2VaY2WPz6EMyunrNar0}W͠c(j!>ט  u׉׉	 7cassandra://BL5-EhMt9Ei-jCftLVRvDuU3OZxwb0-cD_hBGfmLDMY *t` ׉	 7cassandra://_DCS0DT8bT6Hbe8bOvBVyKP28EHdm_yaAZZkikvwxXU5`׉	 7cassandra://-7J4RsFbEXf5KW0YLj8n_yC0AtVmateycUU-gQCW5Iw}`  ׉	 7cassandra://vGUdtSQqvNxge60Ge7AZlCAKckdyHLmSrX-dHOHB2xEa"͠c(j!> 6נc(j!>3 6̮9ׁHhttp://www.zorghoteladvies.nlׁׁЈנc(j!>2 ̎9ׁHhttp://www.zorgboeren.nlׁׁЈנc(j!>1 ̎9ׁHhttp://www.zandmaas2.nlׁׁЈנc(j!>0 b9ׁHhttp://www.wpm.nlׁׁЈנc(j!>/ ځ̪9ׁHhttp://www.wellaandemaas.nlׁׁЈנc(j!>. Á̟9ׁHhttp://www.verhalenbank.nlׁׁЈנc(j!>- ̎9ׁHhttp://www.vakbladnbl.nlׁׁЈנc(j!>, ̬9ׁHhttp://www.vantoentotlater.nlׁׁЈנc(j!>+ ~9ׁH $http://www.strategischeregiovisie.nlׁׁЈנc(j!>* g̭9ׁHhttp://www.staatsbosbeheer.nlׁׁЈנc(j!>) P09ׁH ,http://www.rws.nl/water/plannen_en_projectenׁׁЈנc(j!>( 9̅9ׁHhttp://www.rws.nl/waterׁׁЈנc(j!>' "9ׁH  http://www.ruimtevoorderivier.nlׁׁЈנc(j!>& 9ׁH  http://www.ruimtelijkeplannen.nlׁׁЈנc(j!>% ̑9ׁHhttp://www.riwa-maas.orgׁׁЈנc(j!>$ ݁S9ׁHhttp://www.rgv.nlׁׁЈנc(j!># Ɓl9ׁHhttp://www.recron.nlׁׁЈנc(j!>" 	D9ׁH !http://evoland.nl/watermanagementׁׁЈנc(j!>! ̥9ׁHhttp://www.plׁׁЈנc(j!>  9ׁHhttp://www.np-demaasduinen.nlׁׁЈנc(j!> 9ׁHhttp://www.natuurmonumenten.nlׁׁЈנc(j!> j9ׁHhttp://www.mookenmiddelaar.nlׁׁЈנc(j!> S̺9ׁHhttp://www.midden-limburg.euׁׁЈנc(j!> <̊9ׁHhttp://www.louisbolk.orgׁׁЈנc(j!> %U9ׁHhttp://www.lltb.nlׁׁЈנc(j!> 9ׁHhttp://www.limburgslandschap.nlׁׁЈנc(j!> 9ׁHhttp://www.limburgsekastelen.nlׁׁЈנc(j!> ̢9ׁHhttp://www.limburg.nl/POLׁׁЈנc(j!> ʁx9ׁHhttp://www.limburg.nlׁׁЈנc(j!> 9ׁHhttp://www.liefdevoorlimburg.nlׁׁЈנc(j!> 9ׁHhttp://www.lgog.nl/kGennep.htmׁׁЈנc(j!> ̍9ׁHhttp://www.leukermeer.nlׁׁЈנc(j!> ~̷9ׁHhttp://www.l1.nl/thema/natuurׁׁЈנc(j!> ~ց̸9ׁHhttp://www.industriele-kring.nlׁׁЈנc(j!> ~̐9ׁHhttp://www.hetlnvloket.nlׁׁЈנc(j!> ~9ׁH 1http://www.helpdeskwater.nl/onderwerpen/wetgevingׁׁЈנc(j!> ~{̤9ׁHhttp://www.helpdeskwater.nlׁׁЈנc(j!> ~dm9ׁHhttp://www.google.nlׁׁЈנc(j!> ~Mr9ׁHhttp://www.gennep.nlׁׁЈנc(j!> ~6E9ׁH "http://www.geldersarchief.nl/beeldׁׁЈנc(j!> ~̰9ׁHhttp://www.eldoradoparken.nlׁׁЈנc(j!>
 ~̦9ׁHhttp://www.eemlandhoeve.nlׁׁЈנc(j!>	 ~9ׁHhttp://www.dewoonomgeving.nlׁׁЈנc(j!> ~ځ̺9ׁHhttp://www.deltacommissaris.nlׁׁЈנc(j!> ~Á|9ׁHhttp://www.debeerze.nlׁׁЈנc(j!> ~v9ׁHhttp://www.brabant.nlׁׁЈנc(j!> ~]9ׁHhttp://www.bhic.nlׁׁЈנc(j!> ~~n9ׁHhttp://www.bergen.nlׁׁЈנc(j!> ~gg9ׁHhttp://www.archis.nlׁׁЈנc(j!> ~P̌9ׁHhttp://www.archiefwell.nlׁׁЈנc(j!> ~9̃9ׁHhttp://www.aaenmaas.nlׁׁЈנc(j!>  ~"X9ׁHhttp://www.ahn.nlׁׁЈנc(j!> ~9ׁH Ihttp://users.skynet.be/jeanpierre.schreurs/aardrijkskunde/geologie11.htmlׁׁЈנc(j!> ~x9ׁHhttp://nl.wikipedia.orgׁׁЈ׉E214 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Provincie Limburg, 2011, Provinciaal Omgevingsplan Limburg 2006
incl. actualiseringen.
Raemakers, D.C.M. & E. Heunks, 2000. Project Zandmaas. Deelgebied
Lomm. Een Aanvullende Archeologische Inventarisatie (AAI). RAAPrapport
499. RAAP, Amsterdam.
Renes, J., Landschappen van Maas en Peel. Een toegepast historischgeografi
sch onderzoek in het streekplangebied Noord- en Midden-Limburg,
Leeuwarden/Maastricht, 1999.
Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek, 2000, Th e Late
Roman Bridge at Cuijk
Rijkswaterstaat, Rijksinstituut voor Integraal Zoetwaterbeheer en
Afvalwaterbehandeling, 2004, IVM Maatregelen Atlas, beschrijvingen,
RIZA rapportnummer 2004.020.
Rijkswaterstaat, DWW, RIKZA en RIZA, 2001: Hydraulische
Randvoorwaarden voor Primaire waterkeringen, December 2001
Rijkswaterstaat Dienst Limburg, 2006: Integrale Verkenning Maas 2.
Advies, Hoofdrapport en Achtergronddocumenten, 2006
ROB, 2001. Indicatieve Kaart van Archeologische Waarden (IKAW) 2e
generatie. Globale Archeologische Kaart van het continentale Plat.
Archeologische Monumentenkaart. Rijksdienst voor het Oudheidkundig
Bodem onder zoek, Amersfoort (cd-rom).
Schuyf, J., Heidens Nederland. Zichtbare overblijfselen van een nietchristelijk
verleden, Utrecht, 1995.
Schorn, E., 2009. Natuurrealisatieplan Zandmaas: aanleg nevengeul
plangebied Aff erden/Sambeek-Oost. Een inventariserend archeologisch
veldonderzoek (IVO). BAAC B.V.
Stiboka/RGD, 1985. Geomorfologische kaart van Nederland, schaal
1:50.000, kaart blad 46 Gennep. Stichting voor Bodemkartering/Rijks
Geologische Dienst, Wageningen/Haarlem.
Stiboka, 1976. Bodemkaart, schaal 1:50.000, blad 46 West/Oost
Vierlingsbeek. Stichting voor Bodemkartering, Wageningen.
Stichting Milieufederatie Limburg, Stichting het Limburgs
Landschap, Staatsbosbeheer, Vereniging Natuurmonumenten, Wereld
Natuurfonds, 1999, Toekomst voor een zandrivier, deelrapport geologie,
geomorfologie en hydrologie.
Stichting Milieufederatie Limburg, Stichting het Limburgs
Landschap, Staatsbosbeheer, Vereniging Natuurmonumenten,
Wereld Natuurfonds, 1999, Toekomst voor een zandrivier, locatiestudie
Stevensweert – Mook
Stimuleringsfonds voor Architectuur, 2005, Limes Atlas.
Stroming BV, 2011, Doelmatig beheer van veilige riviernatuur.
Tebbens, L.A., 1999. Late Quarternary evolution of the Meuse fl uvial
system and its sediment composition. A reconstruction based on bulk
sample geochemistry and forward modelling.
Proefschrift, Landbouwuniversiteit Wageningen.
Tichelman, G., 2005. Archeologisch Onderzoek in het kader van De
Maaswerken. Inventariserend Veldonderzoek (IVO), waarderende fase
Well-Aijen. Rapport 404. ADC Archeoprojecten, Amersfoort.
Topografi sche Dienst Kadaster, 2004, ANWB Topografi sche Atlas
1:25.000 Limburg.
Uitgeverij Nieuwland, 2006. Grote Historische Atlas Limbur (18941926).
Schaal 1:25.000. Uitgeverij Nieuwland, Tilburg.
Velzen, E.H. van, M.J.M. Scholten, D. Beyer en C. Stolker, 2007:
Achtergrondrapport HR 2006 voor de Maas,
Th ermometerrandvoorwaarden 2006, Rijkswaterstaat RIZA Rapport
2007.022, 2007
Verhoeven, M.P.F. & G.R. Ellenkamp, 2008. Op een terras langs de
Maas: een archeologische -verwachtings- en beleidsadvieskaart voor de
׉	 7cassandra://gzMR6UzJT9N2jYqDzneMUTDMqX4bJnAHd-ZmAmBwO1Y?`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 215
gemeenten Gennep, Mook en Middelaar en Bergen. Deelrapport I: de
archeologische verwachtings- en advieskaart. RAAP-rapport 1644.
Weesp
Waterschap Rivierenland, A.M.A.J. Driessen en G.P. van de Ven,
2004, In de ban van Maas en Waal.
Wit, M.J.M. de, 2008. Van regen tot Maas. Grensoverschrijdend
waterbeheer in droge en natte tijden. Veen Magazines, Diemen.
Wolters Noordhoff Atlasproducties, 1990, Grote Historische Atlas van
Nederland 1:50.000, deel 4 Zuid-Nederland 1838-1857. WoltersNoordhoff
Atlasprodukties, Groningen
websites
nl.wikipedia.org
users.skynet.be/jeanpierre.schreurs/aardrijkskunde/geologie11.html
www.ahn.nl
www.aaenmaas.nl
www.archiefwell.nl
www.archis.nl
www.bergen.nl
www.bhic.nl
www.brabant.nl
www.debeerze.nl
www.deltacommissaris.nl
www.dewoonomgeving.nl\index.cfm: nationaal archief
www.eemlandhoeve.nl
www.eldoradoparken.nl
www.geldersarchief.nl/beeld--geluid/kaarten
www.gennep.nl
www.google.nl
www.helpdeskwater.nl
www.helpdeskwater.nl/onderwerpen/wetgeving-beleid/kaderrichtlijnwater/uitvoering/maas/
www.hetlnvloket.nl
www.industriele-kring.nl
www.l1.nl/thema/natuur
www.leukermeer.nl
www.lgog.nl/kGennep.htm
www.liefdevoorlimburg.nl
www.limburg.nl
www.limburg.nl/POL
www.limburgsekastelen.nl
www.limburgslandschap.nl
www.lltb.nl
www.louisbolk.org
www.midden-limburg.eu
www.mookenmiddelaar.nl
www.natuurmonumenten.nl
www.np-demaasduinen.nl
www.plusbibliotheekfl
evoland.nl/watermanagement
www.recron.nl
www.rgv.nl
www.riwa-maas.org
www.ruimtelijkeplannen.nl
www.ruimtevoorderivier.nl
www.rws.nl/water
www.rws.nl/water/plannen_en_projecten
www.staatsbosbeheer.nl
www.strategischeregiovisie.nl
www.vantoentotlater.nl
www.vakbladnbl.nl
www.verhalenbank.nl
www.wellaandemaas.nl
www.wpm.nl
www.zandmaas2.nl
www.zorgboeren.nl
www.zorghoteladvies.nl
׉	 7cassandra://-7J4RsFbEXf5KW0YLj8n_yC0AtVmateycUU-gQCW5Iw}`  c!j!> c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://H8z8p01sdA1hsWIGu4_dRDQU2yHAfmIZyuxI608z2h8 D` ׉	 7cassandra://prI9LuqvDkZmI6Ndc4X_llskZPOViLflY46xU6rGGjE-` ׉	 7cassandra://CJO9LrV6aUiidxzybSbHmrHbTlrsVWr4RKCDCSKWZC8Q`  ׉	 7cassandra://lybtyivQe9d8lWnK85EfjhbCHxBviUJwIw2WuzkVOnM[zt͠c(j!>ט  u׉׉	 7cassandra://Tw5VCskdEhqegPgAbmNZ6VA8dj4AkQtDRlTidThdB0I ` ׉	 7cassandra://ZDV0HR5Vt9fcNW_TH-ggIzoI9EQ2CBdkdi0X1RwuG5Y5+` ׉	 7cassandra://7u85LsDHVqN0dAdfhy5YKIr56dReBOlqgFVYtQ4HDJE`  ׉	 7cassandra://s8IarT7J0VJOlyob0C47kLDiX-_me_ufM3oI5YYFsmAR4͠c(j!>4׉E`216 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
VERANTWOORDING
Bureauteam
DLA+ rural and urban landscapes BV
Harry Derks
p
Gert Jan Akkerman
Pieter van Kesteren
Rogier van der Weiden
Paulien Varkevisser
Agtersloot Hydraulisch Advies
Ron Agtersloot
senior adviseur landschapsarchitect, auteur
senior adviseur rivierkundige, auteur
tekstschrijver
ontwerper, cartograaf, visualisator
ontwerper, illustrator, fotografi e & lay-out
hydraulisch adviseur
Van Hemmen Landschapshistorie
Ferdinand van Hemmen
landschapshistoricus
Eckhart Heunks landschapsarcheoloog
Eckhart Heunks
Natuurbalans | Limes Divergens
Peter Verbeek
landschapsarcheoloog / adviseur archeologie, paleogeografi e en cultuurhistorie
ecoloog
Adviesbureau & Interimmanagement Erna van de Ven
Erna van de Ven
toeristisch adviseur
Ecorys Nederland BV
Michel Briene
adviseur economische impact en kosten-batenanalyse
׉	 7cassandra://CJO9LrV6aUiidxzybSbHmrHbTlrsVWr4RKCDCSKWZC8Q`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
217
Projectgroep
DLA+ rural and urban landscapes BV
Harry Derks
Gert Jan Akkerman
Gemeente Bergen
Paul Peters
Gemeente Gennep
Edith Vos
Gemeente Mook en Middelaar
Tonnie Th ijssen
Programmabureau
Paul Vossen
Jolanda Jansen
Sander Meij
Provincie Limburg
Antoine Dohmen
Joop Brouns
Pierre Raeven
Overige instanties
Johan Ronnes
Sjors Winkelmolen
Robinia Heerkens
Hans Leushuis
Klaas van der Laan
Gert Middel
senior adviseur landschapsarchitect, auteur
senior adviseur rivierkundige, auteur
afdelingshoofd Ruimtelijke Ontwikkeling
adviseur Ruimtelijke Ordening
beleidsmedewerker R.O., Economische Zaken, Recreatie en Toerisme
programmamanager Masterplan Maasdal
programmasecretariaat Masterplan Maasdal
programmasecretariaat Masterplan Maasdal
rayonplanoloog en procesbegeleider
senior adviseur ontwikkeling Maasvallei
senior beleidsmedewerker / thematrekker landbouw
agrariër, vertegenwoordiger landbouwsector / LLTB
directeur Eldorado Parken, vertegenwoordiger recreatiesector
beleidsmedewerker Water en Bodem RWS
senior adviseur netwerkontwikkeling en visie RWS, vertegenwoordiger in regioprocessen
Staatsbosbeheer
senior adviseur integraal waterbeheer en ruimtelijke ordening Waterschap Peel en Maasvallei
׉	 7cassandra://7u85LsDHVqN0dAdfhy5YKIr56dReBOlqgFVYtQ4HDJE`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://Z_y1ThFftiIOpv2InQc4_Bpjl2hjrrrRD0MTYIrUFfA ?` ׉	 7cassandra://RfojiI2u_AeT0z-hXJqdVJlwAAMtk974_SPCXFe-8kk,`׉	 7cassandra://I7PpRMyS7Bi0Yr7lOcxb4ogGD2fcMUJn45FCpLLAC1Q`  ׉	 7cassandra://3woGt1Nhj6cZQcdAs6N_jjbkn04Ek-jEluIqBz-V9zsF͠c(j!>7ט  u׉׉	 7cassandra://55TS0DqHkZ-x1a4xmbSr2_JefViuC5S37aPSA2qt11I ` ׉	 7cassandra://mNU1UgFr_SagZj9sxK2cc1FDnv9Tlfg0KaKVD_6ob0g'`׉	 7cassandra://_s_7A3cKwi4BB70y7o0_HfcfyIPjyp5lB9upBswnWrA`  ׉	 7cassandra://HQMKkBfD_s1U6hG1shieX7iV2t28Eq5hoRJIESj5qCE5C͠c(j!>8׉Ey218 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
Stakeholderbijeenkomsten
Ronald Starrenburg
Wim Bindels
Janny Mans
Henk Oldenhof
Jan van Groenendael
Kees van Lieshout
Leo van Druten
Henk Hendriks
Gert-Jan Botden
Piet Ponjee
Dorien Kwak
Claus Burgers
Sjaak Hendriks
John Siebers
Twan Haasen
Marc Nabuurs
Piet Derks
Sjors Winkelmolen
Herman Janssen
Lilian Driessen
Ger Koch
Marc Hermans
Henri Banken
Paul Peters
Marcel Robroek
Raymond Klimsop
Edith Vos
Hannie Baarends
Martien Peeters
Peter Toonen
Jan Willem Strijbosch
Tonnie Th ijssen
Henny Maalsté
Rowena van der Maat
Patrick Luijkx
Gerard Valk
Martin van Wieff eren
Jacq van Bergen
Buurtcomité Bloemenstraat e.o.
Buurtcomité Bloemenstraat e.o.
Buurtcomité Bloemenstraat e.o.
Buurtcomité Bloemenstraat e.o.
Dorpsoverleg Mook
Dorpsoverleg Mook
Dorpsraad Aff erden
Dorpsraad Aff erden
Dorpsraad Ayen
Dorpsraad Bergen
Dorpsraad Bergen
Dorpsraad Bergen
Dorpsraad Middelaar-Plasmolen
Dorpsraad Middelaar-Plasmolen
Dorpsraad Ven Zelderheide
Dorpsraad Ven Zelderheide
Dorpsraad Wellerlooi
Eldorado Parken
Forum Siebengewald
Forum Siebengewald
Forum Well
Forum Well
Gemeente Bergen
Gemeente Bergen
Gemeente Bergen
Gemeente Bergen
Gemeente Gennep
Gemeente Gennep
Gemeente Gennep
Gemeente Gennep
Gemeente Gennep
Gemeente Mook & Middelaar
Gemeente Mook & Middelaar
HISWA
Industriële Kring Land van Cuijk en Noord-Limburg
KSV Schuttevaer
Vakantiepark Leukermeer
LLTB
׉	 7cassandra://I7PpRMyS7Bi0Yr7lOcxb4ogGD2fcMUJn45FCpLLAC1Q`  c!j!>׉EMASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 219
Johan Ronnes
Maurice Linders
Angely Waajen
Mathias Brockmann
Lia Wildeman
Paul Vossen
Wil Janssen
Jolanda Jansen
Antoine Dohmen
Joop Brouns
Frans Janssen
Frank Verkoijen
Hanneline Oosting-Adriaansens
Nicole Bakkum
Hans Leushuis
Jan Bremer
Robinia Heerkens
Sjaak Smits
Klaas van der Laan
Ger Frenken
Arjan Ovaa
Ilse Lenders
Gert Jan Akkerman
Harry Derks
Ron Agtersloot
Pieter van Kesteren
Jaap Deutekom
Toon Drissen
dhr. F. Storms
Fons Mandigers
Joop Jongerius
Gert Middel
mevr. L. Hubertus-Cox
Mart van Boekel
LLTB
LLTB
Limburgse Werkgevers Vereniging
MKB
Ondernemersvereniging Mook
Programmabureau
Programmabureau
Programmabureau
Provincie Limburg
Provincie Limburg
Provincie Limburg
RECRON
RBT Knooppunt Arnhem-Nijmegen
RGV
Rijkswaterstaat
Rijkswaterstaat
Rijkswaterstaat
Sport- en speelstraat De Brink
Staatsbosbeheer
Stichting Limburgs Landschap
Stichting Limburgs Landschap
Stichting Promotie Noord Limburg
Team DLA+
Team DLA+
Team DLA+
Team DLA+
Teunesen Zand en Grint BV
Toeristisch platform Maasduinen-Venlo
Vereniging Hèjje Mojjer
Vereniging Natuurmonumenten
VVV Plasmolen-Mook
Waterschap Peel en Maas
Werkgroep Gennep-Zuid
Werkgroep SL!M
׉	 7cassandra://_s_7A3cKwi4BB70y7o0_HfcfyIPjyp5lB9upBswnWrA`  c!j!>c!j!>qבCט   u׉׉	 7cassandra://8A_jBBGAJHsrPziG5MBBDS24O8U7yYVehwSVR-9LryY͂` ׉	 7cassandra://uCRwGgQMoCWHrJr1I_C0Ep4X_b1U0SK917WlAr6YnJYW` ׉	 7cassandra://KiS1SW5VQbQs949rfImLSoyqN-L75u73mjpfEHt8RV0`   ׉	 7cassandra://MO6BIT_jw7GGjSLwgXH_1QjQXTZtsGp-G-ODaD3NsY4D:͠c(j!>:ט  
Uu׉׉	 7cassandra://Uj28GVKFNe4C_u3bcH2NPZBt7F5hi7K2iBT0gHDlJjk `		׉	 7cassandra://5A5VFBPe5gip_XWOxTMevl94nv_yUGn-XLkNuoJZjQYM,`b׉	 7cassandra://U3dwhPpr_zu_cI5Nj_Qy2L2WLYrPoe3oOKvZXPRjf8w` ׉	 7cassandra://hdj_sa4zh1iWSSNgcb8vUj9d101B6eD1jP4PR2P1CAM  ͠c(j!>;נc(j!>> :q9ׁHhttp://www.dlaplus.nlׁׁЈנc(j!>= "u9ׁHmailto:info@dlaplus.nlׁׁЈ׉E-220 MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG
COLOFON
opdrachtgevers
Gemeente Mook en Middelaar
Gemeente Gennep
Gemeente Bergen
project
Masterplan Maasdal Noord-Limburg
juni 2013
opdrachtnemer
DLA+ rural and urban landscapes BV
Wylerbaan 28a, 6561 KR Groesbeek
T 024 3976000
E info@dlaplus.nl
I www.dlaplus.nl
׉	 7cassandra://KiS1SW5VQbQs949rfImLSoyqN-L75u73mjpfEHt8RV0`   c!j!>׉E׉	 7cassandra://U3dwhPpr_zu_cI5Nj_Qy2L2WLYrPoe3oOKvZXPRjf8w` c!j!>c!j!>בCט   
Uu׉׉	 7cassandra://e0RJPl1HV-nRl6CMqrVjy82nIKoxH76OP3xgxV1-mOk0` 		׉	 7cassandra://qiy4P74lE7wSXnZ-24dR_G5U6ckncERqjxVPpVp1xWU` b׉	 7cassandra://Qx2Rf0Sl5v6Iot9sxCftqgAYUhHvsDDvAkh64vM0Kog` ׉	 7cassandra://cANCwp_1BZWj3GIhw7XmJcUYE5rn-j38Fu6PhcqRHREH͠c(j!>?׉E׉	 7cassandra://Qx2Rf0Sl5v6Iot9sxCftqgAYUhHvsDDvAkh64vM0Kog` c!j!>׈Ec!j!>c!j!>
UבCט   u׉׉	 7cassandra://0fIUQNkjBPT0Rk07cy-LSCAFdGqbVVGOrEgaaJ13ocA` ׉	 7cassandra://heYrRgk2Nx8_sk27FBB6tX-oln3oqXU7JUpZaKytDcM|` ׉	 7cassandra://Po8XEabV77PXqaMcj7l1OhLRtYSMvtXfT4pc7XawdgE`   ׉	 7cassandra://Ceouz_qFwm--aDqn9Xb3mz1zr-NhEsu2keqk5e46R8E&͠c)j!>Aט  u׉׉	 7cassandra://26NtiJJBYsiK4ovh0NOKf1TkKnP9nMhgrv1gLEjmZ_A a`׉	 7cassandra://cVkUh5ltXktGB08Ao0DWIRdW_1flUTutfNiI9HO5esE͆`׉	 7cassandra://HVBl95YBkCj1rMPOmAfxOhD1nkgsWirdHkjykmLOgJs&`  ׉	 7cassandra://IFxD-EG2ngR7JMitTcm_VfJewcoCWGhVKbBKX0NRL1o ْ͠c)j!>B׉E %MASTERPLAN MAASDAL NOORD-LIMBURG 221
׉	 7cassandra://Po8XEabV77PXqaMcj7l1OhLRtYSMvtXfT4pc7XawdgE`   c!j!>	׉E׉	 7cassandra://HVBl95YBkCj1rMPOmAfxOhD1nkgsWirdHkjykmLOgJs&`  c!j!>
c!j!>	q)  Masterplan Maasdal Noord-LimburgWVisie op regionale ontwikkeling en rivierverruiming.

Het masterplan geeft een breed gedragen en inspirerende visie op toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen in het noordelijke Maasdal. Deze mogelijke ruimtelijke ontwikkelingen gaan hand in hand met de verruiming van het stroomproﬁel van de Maas die nodig is voor hoogwaterveiligheid in 2100. Als gevolg van klimaatverandering zullen de maatgevende waterstanden van de Maas in de toekomst immers sterk toenemen. In dit Masterplan gaan we na in hoeverre de regionale ambitie duurzaam en toekomstbestendig te verweven is met passende maatregelen voor rivierverruiming. De regio ziet in de noodzakelijke rivierverruiming kansen voor structurele, integrale gebiedsontwikkeling die moet leiden tot een krachtige regionale identiteit. Het perspectief voor de inwoners is nieuwe economie en duurzaam welzijn. cfrJ