׉?ׁB! בCט  {u׉׉	 7cassandra://U3FeER4OVzEBJ9lkOLnAMecDnOn3EtsTeeOMrPuTTmY 9`׉	 7cassandra://ImbtfOCoHT3_SgIKLWzdHFPvkmXcnGvWPd3OZsafcOgm`S׉	 7cassandra://tsS714N4RCmPWAGSQBzeeJyFfs4paHNG9XlPyruxHMI$`̵ ׉	 7cassandra://rmwRRCGhQF8SA2EZRS_-VxMLo6cPMIU8WaXdXw65kLg rg̈͠\䰻K1ט   {u׈         ׈E\䰻K1׉E Groen in en rond ziekenhuizen
Evidence-based inspiratiegids
Agnes E. van den Berg
Karin Tanja-Dijkstra
Jolanda Maas
Groene Gezonde Ziekenhuizen
׉	 7cassandra://tsS714N4RCmPWAGSQBzeeJyFfs4paHNG9XlPyruxHMI$`̵ \䰻K1́\䰻K1ˁ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://Ei7Oy3Q-RPmtke8Odd_tK7i3T8MDw-SkvCAROyaIalM Y` ׉	 7cassandra://PMnCRIf6nxj8TeXfez3wRTNiTsMoWElpk0gZgiNkr_o2`S׉	 7cassandra://nOnV0BqGgFZe7CUhMNECbdgqlmPmdq1GKxJBUMvnyCE`̵ ׉	 7cassandra://RH_gweWarnsI3vCU0iA7t3cTM71VeXwG0ijHnEdk4fŸ́H̜͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://3vEZnF8ip22HstqoqY83s6pd3PN_w6KpAkHG08qrdtM k` ׉	 7cassandra://U3BbmFUkoRP3nH67Q0XR8vusNaiQER9lH4QWT6sagxI/` S׉	 7cassandra://EH5D6Vyz6TbNU71rkcvSla4vZezAsmzM87ZD1cc30XEz` ̵ ׉	 7cassandra://ippE79UHcH6gsvXqPNFriIx010Lt8S296D_Ep_em4XEMYx͠\䰻K2 $נ\䰻K1 #~Y 9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #̟Y49 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #Ӂ̇9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #̇9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 # 9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #̇9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #-Y49 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #a9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #w9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K1 #̇9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2  #B9 ׉S	G
ׁׁrנ\䰻K2 #Y49 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #̐9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #29 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #IY49 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #}9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2	 #̐9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2
 #9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #ցY49 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #!B9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #8̐9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #N}9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #dY49 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #9 ׉SG
ׁׁrנ\䰻K2 #Ł̐9 ׉S G
ׁׁrנ\䰻K2 #܁̐9 ׉S!G
ׁׁrנ\䰻K2 #Y49 ׉S#G
ׁׁrנ\䰻K2 #'9 ׉S#G
ׁׁrנ\䰻K2 #=B9 ׉S#G
ׁׁrנ\䰻K2 #SB9 ׉S#G
ׁׁrנ\䰻K2 #jY49 ׉S%G
ׁׁr׉ECOLOFON
Deze inspiratiegids geeft een overzicht van de kennis over de invloed van groen op de gezondheid en het welbevinden
van patiënten en personeel op vijf ziekenhuisafdelingen waar in het kader van het onderzoeksprogramma Groene
Gezonde Ziekenhuizen in de periode 2015-2019 onderzoek naar is gedaan:
1. oncologie
2. psychiatrie
3. geriatrie
4. fysiotherapie
5. kindergeneeskunde
Elk hoofdstuk begint met een bespreking van de wensen en behoeften van de betreffende patiëntgroep, en de
mogelijke bijdrage die groen hieraan kan leveren. Vervolgens wordt de groene interventie die is onderzocht toegelicht,
en worden de praktische ervaringen en inzichten met de interventie besproken. De kennis uit literatuur en praktijk
wordt vertaald in een aantal aanbevelingen voor de toepassing van groen op de afdeling.
Referentie:
Berg, A.E. van den, Tanja-Dijkstra, K. & Maas, J. (2018). Groen in en rond ziekenhuizen: Evidence-based inspiratiegids. Wenum-Wiesel:
Natuurvoormensen omgevingspsychologisch onderzoek
© 2018 Groene Gezonde Ziekenhuizen
De auteurs aanvaarden geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit het gebruik van de resultaten van dit onderzoek of
de toepassing van de adviezen.
Wij hebben niet alle copyrighthouders van de illustraties kunnen achterhalen. Belanghebbende partijen worden verzocht contact op te
nemen met bureau Natuurvoormensen
Groene Gezonde Ziekenhuizen is een initiatief van:
2
׉	 7cassandra://nOnV0BqGgFZe7CUhMNECbdgqlmPmdq1GKxJBUMvnyCE`̵ \䰻K1׉EINHOUD
1| GROEN IN EN ROND ZIEKENHUIZEN: TERUG VAN WEGGEWEEST
2| ACHTERGROND EN OPZET VAN DEZE INSPIRATIEGIDS
VIJF AFDELINGEN 5
HOGE AMBITIES 5
KENNIS UIT LITERATUUR EN PRAKTIJK 5
LEESWIJZER
5
3| DE AFDELING ONCOLOGIE
7
EFFECTEN VAN GROEN
INTERVENTIE: CHEMOTUIN 8
ERVARINGEN
9
AANBEVELINGEN ‘GROENE BEHANDELRUIMTE’ 10
4| DE AFDELING PSYCHIATRIE
EFFECTEN VAN GROEN
ERVARINGEN
13
INTERVENTIE: DE GROENE KAS
15
14
AANBEVELINGEN ‘DAGACTIVITEITEN’ 16
5|DE AFDELING GERIATRIE
EFFECTEN VAN GROEN
ERVARINGEN
19
INTERVENTIE: VERGROENING
21
AANBEVELINGEN VERGROENING
20
22
6| DE AFDELING KLINISCHE FYSIOTHERAPIE
25
EFFECTEN VAN GROEN
INTERVENTIE: NAZORG WANDELGROEP
27
ERVARINGEN
AANBEVELINGEN GROEN BEWEEGPROGRAMMA
7| DE AFDELING KINDERGENEESKUNDE
31
EFFECTEN VAN GROEN
INTERVENTIE: NATUURONTDEKKER 32
ERVARINGEN
33
AANBEVELINGEN 34
NABESCHOUWING
WEINIG KLINISCH ONDERZOEK
36
ONBEKENDHEID MET GROENE INTERVENTIES 36
HANDVATTEN VOOR TOEKOMSTIG ONDERZOEK 36
BRONNEN
38
36
28
30
26
24
12
6
4
5
18
3
׉	 7cassandra://EH5D6Vyz6TbNU71rkcvSla4vZezAsmzM87ZD1cc30XEz` ̵ \䰻K1΁\䰻K1́{בCט   {u׉׉	 7cassandra://TLbeqLfYgYtwRe3FNEt3fZnkYRtQyE0ETOpRa3UQ-mc `׉	 7cassandra://CveF9phXJsvt_ICG5SJgVPNayU8j3SYYCUNRIoHXxjss`S׉	 7cassandra://1NtKSxdJ_S_57Kf0Ev9JqWwW0aK3AA0SADCqhxG5nyw$`̵ ׉	 7cassandra://mL-rHgQKLcUHm4khrwk24wXRNGh-vC7SackFW9TTyHc ?t̜͠\䰻K2 ט  {u׉׉	 7cassandra://Jj0aS8ZwhaIB4i60ABy5sWYn3ZWrCTZSgL3lj0oHfEM ` ׉	 7cassandra://BnByrxH7BvDi8Cr1OwtbpedOhaNxwB6PdKToe8UKVIg~` S׉	 7cassandra://SP48RtmjxLPFbKwZTszFPJ_1NBqphjdgEWy51UcAbiQ`̵ ׉	 7cassandra://0daV7IPnuCkcyhU3Y3fzFUSHbwCvJX4svR3UxDohbyQ{S̰͠\䰻K2!נ\䰻K2 H̒9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2 |9 ׉S&G
ׁׁr׉E1| GROEN IN EN ROND ZIEKENHUIZEN: TERUG VAN WEGGEWEEST
Opvattingen over de helende werking van de
natuurlijke omgeving zijn door de hele geschiedenis
heen terug te vinden in bijvoorbeeld de locaties van
sanatoria in de buurt van water en natuur, en het
ontwerp van kloostertuinen.
In de vorige eeuw is het ‘groen’ echter vrijwel geheel uit
de ziekenhuisomgeving verdwenen door snelle
technologische ontwikkelingen in de zorg in combinatie
met de opkomst van functionele stijlen in de architectuur
(Van den Berg, 2005) .
Wie anno nu een recent gebouwd of gerenoveerd
ziekenhuis binnenstapt, loopt echter grote kans
aangenaam verrast te worden door de prettige sfeer en
de warme en natuurlijke inrichting van de openbare
ruimten en behandelkamers. Deze kentering hebben we
voor een groot deel te danken aan organisaties zoals het
Amerikaanse Planetree die zich al sinds de jaren 70 en 80
van de vorige eeuw inzetten voor de transformatie van
ziekenhuizen in healing environments waarin de mens
centraal staat.
Healing environment betekent letterlijk een helende
omgeving die bijdraagt aan het herstellend vermogen
van patiënten.
Groen, met name in de vorm van helende tuinen, speelt
een belangrijke rol in het concept van een healing
environment. Groen wordt onder meer gewaardeerd
vanwege de stress reducerende en stemming
verbeterende werking. Het belang van groen voor het
welzijn en de gezondheid van patiënten, bezoekers en
personeel wordt in toenemende mate ondersteund door
wetenschappelijk onderzoek. Hiermee is een trend van
evidence-based design ontstaan waarin, analoog aan
evidence-based medicine,
ziekenhuizen worden
ontworpen en ingericht op basis van wetenschappelijke
kennis over de invloed van omgevingsfactoren op
gezondheid en welzijn (Wagenaar, 2005).
SANATORIUM JULIANA-OORD, LAREN
4
׉	 7cassandra://1NtKSxdJ_S_57Kf0Ev9JqWwW0aK3AA0SADCqhxG5nyw$`̵ \䰻K1׉EP2| ACHTERGROND EN OPZET VAN DEZE INSPIRATIEGIDS
In het programma Groene Gezonde Ziekenhuizen is
vier jaar lang, van 2015 tot 2019, onderzoek gedaan
naar de effectiviteit van groene interventies in en rond
ziekenhuizen in relatie tot de gezondheid en het
welzijn van patiënten en personeel.
Het programma werd gefinancierd door de Topsector
Tuinbouw en Uitgangsmaterialen, Ziekenhuis Tergooi,
Stichting Steun van het Goois Natuurreservaat, Royal
FloraHolland, en De Groene Stad. Het onderzoek is
uitgevoerd door de Vrije Universiteit Amsterdam samen
met Bureau Natuurvoormensen en IVN.
VIJF AFDELINGEN
In het programma zijn op vijf verschillende
ziekenhuisafdelingen groene interventies uitgevoerd en
geëvalueerd:
1. oncologie
2. psychiatrie
3. geriatrie
4. fysiotherapie
5. kindergeneeskunde
De interventies varieerden van een tuinpaviljoen voor
chemotherapie (afdeling oncologie) en een groene kas
(afdeling psychiatrie) tot een nazorg revalidatie
beweegprogramma voor hart- en vaatpatiënten
(afdeling fysiotherapie), een natuurontdekkast voor
kinderen (afdeling kindergeneeskunde) en een
complete groene metamorfose van een geriatrische
verpleegafdeling. De meeste onderzoeken vonden
plaats in ziekenhuis Tergooi (locaties Hilversum en
Blaricum). Alleen het onderzoek naar de
natuurontdekkast voor kinderen werd uitgevoerd bij het
Reinier de Graaf Gasthuis in Delft.
HOGE AMBITIES
Het onderzoeksprogramma ging van start met hoge
ambities. Het doel was om d.m.v. gerandomiseerde
klinische trials zoveel mogelijk harde ‘evidence’ voor de
effectiviteit van groene interventies in en rond
ziekenhuizen te verzamelen. In dit praktijk bleek dit
lastig te realiseren. Er bestaan nog geen kant-en-klaar
concepten voor groene interventies in ziekenhuizen -
5
alleen al het ontwikkelen en implementeren van de
interventies bleek elke keer een project op zich.
Daarnaast hebben ziekenhuizen nog geen routine met
het uitvoeren van onderzoek naar groene interventies.
Hierdoor konden diverse studies slechts gedeeltelijk of
in gewijzigde vorm worden uitgevoerd.
KENNIS UIT LITERATUUR EN PRAKTIJK
De resultaten van de verschillende studies zullen
worden gepubliceerd in aparte artikelen en factsheets.
Los van deze resultaten heeft het programma veel
kennis en ervaring opgeleverd. Voor elk onderzoek is
een literatuurstudie uitgevoerd waarin de beschikbare
wetenschappelijk kennis over de wensen en behoeften
van de betreffende patiëntgroep, en de mogelijke
bijdrage die groen hieraan kan leveren in kaart zijn
gebracht. Deze inspiratiegids geeft een samenvatting
van de uitkomsten van deze literatuurstudies,
aangevuld met inzichten uit de praktijk over het
uitvoeren en onderzoeken van groene interventies in en
rond ziekenhuizen.
We hebben voor deze gids bewust gekozen voor een
indeling in afdelingen, in plaats van in patiëntgroepen,
zoals gebruikelijk is in medisch onderzoek. Groen is
namelijk niet alleen een ‘medicijn’ voor patiënten, maar
ook voor personeel en bezoekers van de afdeling.
LEESWIJZER
Per afdeling geven we:
1. een overzicht van de wensen en behoeften van
de betreffende patiëntgroep
2. een samenvatting van de wetenschappelijke
‘evidence’ voor positieve effecten van groene
interventies op de afdeling
3. een beschrijving van de groene interventie die
is onderzocht op de afdeling
4. de ervaringen met de interventie
5. aanbevelingen voor toepassing van groen op de
afdeling
׉	 7cassandra://SP48RtmjxLPFbKwZTszFPJ_1NBqphjdgEWy51UcAbiQ`̵ \䰻K1Ё\䰻K1ρ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://zwE2e_AFtQBeYML55HN4Dl-mzJhjlrTzgtdfXX1DJFo Gh`׉	 7cassandra://jVoYAcjG2Lw_O_pQtxJX9oqNk5M9TtLgeNjRsgMGFeQP`S׉	 7cassandra://XPCu_SsKggb4tPqd9C9ksgYlpCb6ndmh2d1U2nLT-9Ym`̵ ׉	 7cassandra://wRQ_pgjGfdLCKkxxBgSxuVBdf5ClO6gxj_y1AWfzOos QsX͠\䰻K2;ט  {u׉׉	 7cassandra://bUB1cUFT3EsmWP8phPcm_Jg-yth6KaPKGUyij4ODBwI :` ׉	 7cassandra://SCga31B_y4i041Zt-RwVIbjmsSDF9jcNweHZPCp76pg̀#` S׉	 7cassandra://8V3wAAzIO7huG8PS-VuWQ2BP0U9K8vYnqc0p8Pe6gv4T`̵ ׉	 7cassandra://xq3pBdQ-amANMmlOPG0aLeYNR-ggxP-OXIQN0Fel8FcX(͠\䰻K2< נ\䰻K2$ ̭\̮9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2% 69 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2& CM9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2'  /9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2( C9̷9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2) 1̯9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2* ~O9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2+ C̋9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2, (̀9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2- Q9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2. 9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2/ #V9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K20 |̯9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K21 ]9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K22 RBo9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K23 #Z9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K24 ̴9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K25 }D9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K26 #-9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K27 (ف̶9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K28 ̠̑9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K29 ̭9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2: )N9 ׉S%G
ׁׁr׉E3| DE AFDELING ONCOLOGIE
Het krijgen van de diagnose kanker en de behandeling
ervan is een ingrijpende gebeurtenis. Lichamelijk maar
ook emotioneel krijgen patiënten veel te verwerken.
De diagnose en de ziekte gaan vaak gepaard met
psychische klachten.
Patiënten ervaren vanaf het moment dat kanker wordt
vermoed onzekerheid, controleverlies, heftige,
negatieve emoties en verlies van gevoel van
eigenwaarde (Carlson & Bultz, 2003). Een onderzoek
naar inloophuizen in Friesland laat zien dat 47% van de
kanker patiënten gedurende of na de behandeling
behoefte heeft aan psychosociale ondersteuning (Visser
e.a., 2009).
Er zijn diverse psychologische interventies beschikbaar
die met succes bij kankerpatiënten worden ingezet,
zoals cognitieve therapie en ontspanningstraining (de la
Torre-Luque e.a., 2016). Daarnaast kan een goede,
interpersoonlijke relatie met de medisch-specialist,
gekenmerkt door zorg, medeleven, respect en
vertrouwen, patiënten helpen om beter om te gaan met
de ziekte.
Tijdens een chemokuur voelen patiënten zich vaak
afgesneden van de echte wereld, opgesloten in een
klinische omgeving die weinig stimulerend is en het
gevoel van ziek zijn versterkt. (Blaschke, O'Callaghan,
e.a., 2017). Om dit soort vervreemdende en stressvolle
ervaringen tegen te gaan worden steeds vaker
omgevingsinterventies, zoals kijken naar ‘virtual reality’
beelden en het luisteren naar muziek ingezet. Ook
contact met natuur kan hierbij helpen. Uit een
onderzoek in Australië blijkt dat veel patiënten, bij
gebrek aan mogelijkheden om fysiek naar buiten te
gaan, zich tijdens de chemokuur mentaal voorstellen
dat ze in de natuur zijn (Blaschke e.a, 2017).
6
׉	 7cassandra://XPCu_SsKggb4tPqd9C9ksgYlpCb6ndmh2d1U2nLT-9Ym`̵ \䰻K1׉EEFFECTEN VAN GROEN
Onderzoek laat zien dat contact met groen, via
afbeeldingen, uitzicht uit het raam, of een wandeling
door een tuin of andere natuurlijke omgeving, kan
helpen om stress te reduceren, pijn te verminderen, en
de stemming en aandachtcapaciteit te verbeteren
(Hartig e.a., 2014; Kuo, 2015; Van den Berg & Van den
Berg, 2014; Weerasuriya e.a., 2018). Deze effecten zijn
ook meetbaar met objectieve gezondheidsindicatoren,
zoals fysiologische reacties en een sneller herstel na een
operatie. Eén van de eerste onderzoeken op dit gebied
liet bijvoorbeeld zien dat patiënten na een
galblaasoperatie minder sterke pijnstillers nodig hadden
en sneller uit het ziekenhuis werden ontslagen wanneer
ze herstelden in een kamer met uitzicht op bomen dan
wanneer ze herstelden in een kamer met uitzicht op
een stenen muur (Ulrich, 1984).
Deze resultaten lijken ook relevant voor
kankerpatiënten. Er is echter nog weinig maar
onderzoek gedaan bij deze populatie (zie voor een
overzicht Cutillo e.a., 2015). Een Amerikaans
gerandomiseerd onderzoek onder 157 vrouwen bij wie
recent de diagnose borstkanker was vastgesteld laat
zien dat contact met natuur kan helpen om mentale
vermoeidheid tegen te gaan (Cimprich & Ronis, 2003).
Patiënten die in de periode rond hun operatie
(gemiddeld 5 weken) minimaal 2 uur per week
natuuractiviteiten uitvoerden, zoals kijken naar natuur
vanuit het raam, of een boswandeling maken,
vertoonden een groter herstel van hun
aandachtcapaciteit dan patiënten in de nietinterventiegroep.
Er
is nog geen gerandomiseerd gecontroleerd
onderzoek naar effecten van groen in de
ziekenhuisomgeving op kankerpatiënten. Enkele
zorgvuldige uitgevoerde beschrijvende en evaluatieve
onderzoeken leveren wel sterke aanwijzingen voor een
meerwaarde van groen voor deze patiëntgroep (zie voor
een overzicht Blaschke, 2017). Zo blijkt uit semigestructureerde
interviews met 12 patiënten die waren
opgenomen op de afdeling oncologie dat uitzicht op
natuur, naast de houding van het personeel, het aantal
bedden op een kamer, en de inrichting van de kamer,
één van de vier belangrijkste aspecten is die van invloed
zijn op de ervaren kwaliteit van de ziekenhuisomgeving
(Rowlands & Noble, 2008).
7
De vergroening van een wachtkamer op de afdeling
oncologie van een Australisch ziekenhuis leidde tot veel
positieve reacties van gebruikers (Blaschke e.a, 2017).
Ruim 80% van de 147 ondervraagden merkte de planten
gelijk bij binnenkomst op, waarbij 67% ook wel gelijk
zag dat de potten, wanden, en tafels waren gevuld met
kunstplanten in plaats van echte planten.
Desalniettemin gaf 81% dat de wachtkamer was
verbeterd door de planten, en 71% dat ze er positief
door beïnvloed werden. 62% had wel liever echte
planten gezien. Hierbij waren er geen verschillen tussen
patiënten, hun begeleiders en personeel.
Een ander recent onderzoek onder een Delphi-panel
van 38 experts uit 7 landen (VS, VK, Australie, NieuwZeeland,
Canada, Zweden en Denemarken) geeft inzicht
in de kansen en belemmeringen voor toepassing van
groen op de afdeling oncologie (Blaschke, O’Callaghan,
e.a., 2017). Het panel noemde als belangrijkste kansen:
uitzicht op natuur, tuinen en andere natuurlijke plekken
die makkelijk
toegankelijk
zijn,
en
bewegingsprogramma’s in een natuurlijke omgeving die
aangepast zijn op de eisen van patiënten. Als
belangrijkste belemmeringen voor toepassing van groen
werden genoemd: gebrek aan kennis en bewustzijn van
de positieve effecten van natuur, ontoegankelijkheid
van groen rond het ziekenhuis, en onvoldoende
rekening houden met de beperkingen van zieke en
kwetsbare mensen.
׉	 7cassandra://8V3wAAzIO7huG8PS-VuWQ2BP0U9K8vYnqc0p8Pe6gv4T`̵ \䰻K1ҁ\䰻K1с{בCט   {u׉׉	 7cassandra://BegfrsBEE9CpFQP6P-Ta_jxZdFNgreMwg0Zy1yYk23M `׉	 7cassandra://6zQoM0rzr0UDw9XuS4QrFwCMgrJUSDAek6VSriOsERcy`S׉	 7cassandra://El6OGntR5_vBPqWY6Tm0R3gRrVrjCWMOjdYapaTZIts$`̵ ׉	 7cassandra://QzZrXcC-rt9SIFHeaoEijcwPlj-DFd17GplGHFKi8sw Sj@͠\䰻K2Bט  {u׉׉	 7cassandra://f19JKtCDNgwPkzHG0bC-OSW2TASvMvqzJ7TvZzVJDVg ŭ`׉	 7cassandra://ZKxc1St-WxivgfdUhtW6a9JRXAD9C8LnwK2Vq2FWx0oxU`S׉	 7cassandra://yBI3g9iQvYjXyLSu5xnvxMK73woer1fcDVVOV-r7NA4#`̵ ׉	 7cassandra://5XnhGv8U9-RuY73lUBxDIfyRmkhO3NmSpUBPDxJP4zE O(͠\䰻K2Cנ\䰻K2> 0q9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2? )9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2@ B̽9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2A ̼9 ׉S&G
ׁׁr׉E	QINTERVENTIE: CHEMOTUIN
Op initiatief van oncoloog Pieter van den Berg is bij het
Tergooi Ziekenhuis in Hilversum in 2015 een
tuinpaviljoen gerealiseerd om patiënten de gelegenheid
te bieden hun chemotherapeutische behandeling in de
tuin te ondergaan. In een interview voor Hortus
Magazine beschrijft van den Berg het ontstaan van dit
idee als volgt:
“Het vreet aan me, al die ernstig zieke mensen om me
heen. Ik heb het echt nodig om tot mezelf te komen. Ik
zoek daarvoor elke dag wel een groene omgeving op en
kom er dan als herboren uit. Op een dag, net toen we in
het ziekenhuis nadachten over een nieuwe inrichting van
de behandelkamers op de afdeling oncologie, drong
ineens tot me door: hé, wat goed is voor mij, moet goed
zijn voor mijn patiënten. En zo ontstond het idee voor de
Chemotuin.”
De volgende dag opperde hij zijn plan bij collega’s: Van
den Berg: ‘Het werd letterlijk lachend van tafel geveegd.
De collega’s en verpleegkundigen vonden het een idioot
voorstel. Ze hadden er nog nooit van gehoord en dachten
dat het onmogelijk was, zo niet qua behandeling dan wel
qua financiering.’
Maar van den Berg geloofde erin en maakte via-via
kennis met architect Bart van der Salm, een jonge
designer met grote interesse voor ambacht, zorg en
natuur. Van der Salm maakte een schets voor hoe zo’n
ONTWERP CHEMOTUIN TERGOOI
buitenbehandelkamer er dan uit kon zien. ‘En toen was
iedereen óm.’
Het paviljoen werd ontworpen vanuit het ruimtelijke
principe van een strandstoel; de zeven houten
behandelstoelen bieden veel beschutting en privacy,
terwijl de natuurlijke omgeving nog steeds kan worden
ervaren. Het paviljoen heeft een open houten structuur
met glazen dak, ingebed in een tuin met twee grote
bomen. Het paviljoen is toegankelijk via een houten
steiger vanaf een behandelkamer op de afdeling. De
locatie is toegankelijk met bedden en rolstoelen.
In het ontwerp is veel aandacht voor het gebruik van
natuurlijke materialen. In het hout zijn alarmknoppen
geïntegreerd, net als vlindergleuven, zodat patiënten
niet alleen kunnen genieten van bloemen en planten
maar ook van rondfladderende vlinders (zie voor meer
informatie, Van der Salm, 2014).
Het paviljoen werd in een recordtempo gebouwd, en op
22 juni 2015 op feestelijke wijze geopend door Pia
Dijkstra. De kosten werden voor een deel mogelijk
gemaakt door acties, evenementen en donaties.
8
׉	 7cassandra://El6OGntR5_vBPqWY6Tm0R3gRrVrjCWMOjdYapaTZIts$`̵ \䰻K1׉E
ERVARINGEN
Tijdens de voormeting vulden 187 patiënten die voor een
chemokuur op de afdeling oncologie verbleven een
vragenlijst in (Tanja-Dijkstra e.a., 2016). Hieruit kwam
naar voren dat de patiënten zeer positief stonden
tegenover de mogelijkheid om hun kuur in een paviljoen
in de tuin te ondergaan. Een meerderheid van ruim 60%
gaf aan liever een chemokuur buiten in de natuur dan
binnen te ondergaan.
Het belang van natuur werd verder onderstreept door de
bevinding dat ongeveer twee derde van de patiënten de
voorkeur gaf aan uitzicht op bomen, in plaats van uitzicht
op de straat, de lucht of iets anders.
Toen het paviljoen eenmaal gerealiseerd was, bleken
minder patiënten dan verwacht gebruik te maken van
het paviljoen. Dit had onder meer te maken met het feit
dat veel patiënten van hun arts niet naar buiten
mochten, bijvoorbeeld omdat het hun eerste kuur was,
of omdat ze een coldcap droegen.
Patiënten die de stap naar buiten wel maakten werden
geconfronteerd met een aantal ‘kinderziekten’ van het
paviljoen, zoals onvoldoende beschutting tegen felle zon
en een infuus apparaat dat alarm geeft bij het verrijden
over de hobbelige houten steiger.
Nadat de meeste van deze problemen waren opgelost
door een extra investering van het ziekenhuis werd het
paviljoen alsnog niet zo intensief gebruikt als verwacht
op basis van de resultaten van de voormeting. Dit had
ook gevolgen voor het onderzoek: er waren tijdens de
twee nametingen maar weinig patiënten die een
vragenlijst buiten in het paviljoen invulden waardoor het
lastig is om conclusies te trekken over de effecten van
het paviljoen.
Desgevraagd gaven patiënten aan dat slecht weer de
meest genoemde reden is om niet naar buiten te gaan
(Tanja-Dijkstra e.a., 2017). Andere genoemde redenen
zijn een gebrek aan privacy en voorzieningen, en een
onveilig gevoel. Voor de meeste patiënten zijn veiligheid
en comfort dus erg belangrijk. Voor hen kan uitzicht op
de natuur tijdens een behandeling een geschikt
alternatief bieden voor het daadwerkelijk buiten
ondergaan van de behandeling.
Dit laat niet onverlet dat alleen al de mogelijkheid om
naar buiten te kunnen voor kankerpatiënten een grote
troost en bemoediging kan zijn, ook al kunnen of willen
ze niet echt naar buiten. Zo’n mogelijkheid geeft
patiënten het gevoel dat tegemoet gekomen wordt aan
hun behoeften, en vermindert het gevoel van opgesloten
zijn in een klinische, medische omgeving.
Voor kanker patiënten heeft de chemotuin zonder twijfel
een grote meerwaarde. Zoals
patiënte en
verpleegkundige Christine Schuil (1957-2015) tijdens de
opening van de chemotuin het indrukwekkend en
overtuigend verwoordde: “zo’n tuin die er speciaal voor
gemaakt is om tot de rust te komen, daar voel je je veel
vrijer en ook minder een patiënt”.
9
׉	 7cassandra://yBI3g9iQvYjXyLSu5xnvxMK73woer1fcDVVOV-r7NA4#`̵ \䰻K1ԁ\䰻K1Ӂ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://tU_OK7pB8ddD6ROXaIzxz_FGIW75WW8btakjSRB5kII ޿` ׉	 7cassandra://1IdDD3tOqeZOgOS3mE8yYLwXCXJO_WZ5UqoQpN_8V3w7`` S׉	 7cassandra://6bHqt7RSaz8AqNVik5Q-R0XOvcmltnW3kTPDDLILoJM"`̵ ׉	 7cassandra://Hl7eBnl2_96PJN5PZZ81mIIp-vOtvLaf42yqFXkoSO0=v(͠\䰻K2Eט  {u׉׉	 7cassandra://UxHQ7JQ45r8Jir-MonB_A6mvWtfvlSfjFxIkE9_D9uQ ks`׉	 7cassandra://XB6XD3hO5QyraBRLvAl8UG7_j3AP_Wa71qTHJde5Qpw2`S׉	 7cassandra://bTlnJjQfDbEarpwZwsV4dC-FFOvw8NBUVtNqt4hf36A!`̵ ׉	 7cassandra://IVLsJjiaWy1XUrk2zeOnMsgBq5PMUUk7P-w3ZonuPl4  ͠\䰻K2F׉EAANBEVELINGEN ‘GROENE BEHANDELRUIMTE’
1. Verklein het risico op ‘kinderziekten’ door
toekomstige gebruikers (patiënten, personeel,
familie) te betrekken bij het ontwerp van een
groene behandelruimte.
2. Zorg voor voldoende draagvlak bij het personeel dat
de interventie moet integreren in hun dagelijkse
zorgpraktijk.
3. Zorg ervoor dat er voldoende personele inzet
beschikbaar is.
4. Maak de toegang tot de groene interventie
laagdrempelig en duidelijk zichtbaar. Breng
eventueel bewegwijzering aan.
5. Patiënten willen tijdens een chemo wel graag naar
buiten maar komen hier uit zichzelf niet makkelijk
toe. Zet eventueel gastvrouwen of andere
vrijwilligers in om patiënten aan te moedigen om
naar buiten te gaan.
6. Kies voor multifunctionele groene buitenruimten
waar behalve voor patiënten ook plek is voor
personeel en bezoekers.
7. Uitzicht op groen vanuit het raam wordt zeer op
prijs gesteld door kankerpatiënten. Verschaf
daarom zo veel mogelijk ‘visuele toegang’ tot het
aanwezige groen buiten het ziekenhuis. Daarnaast
kunnen aanvullende maatregelen worden genomen
zoals:
- het aanbrengen van een lage borstwering (bij
nieuwbouw/renovatie).
- het inrichten van daken die niet betreden
kunnen worden als ‘groen kijkdak’ (met sedum
of mos).
- verwijderen van obstakels die het uitzicht
blokkeren of vervuilen (bijv. auto’s).
- het zodanig plaatsen van bedden, stoelen etc.
zodat de gebruiker uitkijkt op groen.
10
׉	 7cassandra://6bHqt7RSaz8AqNVik5Q-R0XOvcmltnW3kTPDDLILoJM"`̵ \䰻K1׉E11
׉	 7cassandra://bTlnJjQfDbEarpwZwsV4dC-FFOvw8NBUVtNqt4hf36A!`̵ \䰻K1ց\䰻K1Ձ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://17jaxHAD8CmsgPzMhDnR0YgSnoGiayzkngP7rQqUrn8 @`׉	 7cassandra://CHqZHGteCEj7b2PfxCx89fmoQrc3__3T1RQIBzqKvlgX2`S׉	 7cassandra://Z0ODlDxnr_nLON0ar8P5ebCcfuCHtClG77ULhICjI8Uj`̵ ׉	 7cassandra://TPXtrptJlbHjT_wb4mV2dsJSi5pBWXsNWPo1gsySAEo YX͠\䰻K2Uט  {u׉׉	 7cassandra://qxpuaaBGHwbAHO_QJIyUSyIojri0peE7sO2M_BMqmK8 x` ׉	 7cassandra://RfKF8uTe5mwN8t3VowmNEC27hdmr8BcP2s9ocZQmbRwg-` S׉	 7cassandra://m4bp-KvQu0xusKIavds4efR50AbvLcilSzVCJ6aVhEg`̵ ׉	 7cassandra://9bwAaFlWeWbw5nsB8RS55R3VBZkJXRAklPIRgr5IsawMK(͠\䰻K2Vנ\䰻K2I Ak̘9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2J B́̦9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2K C+9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2L *̗w9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2M ̰`9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2N |9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2O }9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2P G9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2Q #_9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2R -̘9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2S ̠m9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2T ̹̏9 ׉S&G
ׁׁr׉E\4| DE AFDELING PSYCHIATRIE
Mensen komen op de afdeling psychiatrie van een
ziekenhuis om uiteenlopende psychiatrische problemen.
Soms zijn deze problemen plotseling ontstaan, en is er
sprake van een crisisopname. Soms bestaan de
problemen al langer en is in overleg met de huisarts of
behandelend psychiater besloten tot een opname.
Psychiatrische afdelingen van ziekenhuizen worden ook
wel PAAZ ( Psychiatrische Afdeling Algemeen Ziekenhuis)
genoemd. Op zo’n afdeling zijn er zowel patiënten die
intern verblijven, als patiënten die een dagbehandeling
ondergaan. Patiënten krijgen er verschillende vormen
van individuele en groepstherapie.
In de zorg aan psychiatrische patiënten wordt uitgegaan
van een holistische mensvisie. Hierin worden zowel
biologische (lichamelijke), als psychische (individuele) en
sociale (omstandigheden en partner, gezin of familie)
aspecten meegenomen in de diagnostiek en
behandeling. Uit onderzoek naar de behoeften van
psychiatrische patiënten blijkt dat deze vooral op het
sociale en psychische vlak liggen (McCrone e.a., 2001).
De meeste patiënten hebben een beperkt sociaal
netwerk, en de nummer één-positie op het terrein van
onvervulde sociale en psychische behoeften wordt
ingenomen door eenzaamheid (Kroon & Borgesius,
2003).
Uit interviews met patiënten blijkt dat zij vooral op de
PAAZ komen voor rust en ontspanning (Emmen & Van
Vuren, 2008). Patiënten hebben ook afleiding nodig om
hun gedachten te verzetten. Er is veel behoefte aan
laagdrempelige activiteiten zoals buitenactiviteiten,
muziek, sporten, en computeren.
Vanwege suïciderisico mogen niet alle patiënten aan
activiteiten buiten de afdeling meedoen. Op een PAAZ
wordt daarom gewerkt met een kleurcodesysteem
waarmee de bewegingsvrijheid van een patiënt wordt
aangegeven. Patiënt met de kleurcodes rood, oranje en
geel krijgen verhoogd toezicht en hebben geen
individuele vrijheden buiten de afdeling. Patiënten met
de kleurcodes groen en blauw hebben die vrijheden wel.
Groene interventies buiten de afdeling zijn dus alleen
beschikbaar voor psychiatrische patiënten op een PAAZ
met groene en blauwe kleurcodes.
12
׉	 7cassandra://Z0ODlDxnr_nLON0ar8P5ebCcfuCHtClG77ULhICjI8Uj`̵ \䰻K1׉ENEFFECTEN VAN GROEN
In bevolkingsonderzoeken worden de sterkste relaties
tussen groen en gezondheid gevonden in het psychische
domein. Zo blijkt uit een grootschalig Nederlands
onderzoek dat de kans dat bewoners van buurten met
weinig groen zich depressief bij de huisarts melden 1,33
keer zo groot is als bij bewoners van een groene
woonomgeving (Maas e.a., 2009). Ook angststoornissen
komen in een groene omgeving minder voor. Voor
andere klachten en aandoeningen, zoals COPD en
diabetes, worden ook relaties met groen gevonden, maar
die zijn minder sterk.
Het beeld uit het bevolkingsonderzoek wordt bevestigd
door experimenteel onderzoek naar de effecten van
kortdurend contact met groen op het herstel van stress
en andere psychische klachten zoals verdriet en
somberheid (Hartig e.a, 2014). Gezonde proefpersonen,
die na een stressvolle ervaring op basis van toeval
worden toegewezen aan een natuurlijke conditie, zoals
een wandeling door de natuur of kijken naar natuur
vanuit het raam, blijken sneller en completer te
herstellen dan proefpersonen die worden toegewezen
aan niet-natuurlijke condities. Ook vertonen ze meer
verbetering van de stemming (Tyrväinen e.a., 2014)
De bevindingen uit bevolkingsonderzoeken en
experimentele studies suggereren dat groene
interventies, bijv. in de vorm van dagactiviteiten in een
groene omgeving, ook effectief kunnen zijn voor
psychiatrische patiënten. Onderzoek met psychiatrische
patiënten is echter schaars. Voor zover er wel onderzoek
is, heeft dit meestal betrekking op tuintherapie
(horticultural therapy/therapeutic horticulture (Bragg &
Atkins, 2016)
Een onderzoek in Noorwegen laat bijvoorbeeld zien dat
klinisch depressieve personen gemiddeld een
verbetering van bijna 10 punten op de Beck Depressie
vragenlijst vertoonden gedurende een 12 weken durend
tuintherapie programma (Gonzalez e.a., 2009). Bij 72%
van de 18 deelnemers was de verbetering klinisch
betekenisvol.
Binnen de muren van een kliniek kan groen ook positieve
effecten teweeg brengen. Uit een vier maanden durende
interventiestudie in een Nederlandse forensischpsychiatrische
instelling (TBS kliniek) blijkt dat zowel de
13
bewoners als het personeel zich meer ontspannen
voelden in huiskamers nadat er planten waren neergezet
en het er gezelliger en huiselijker vonden (Van den Berg
& Van Duijn, 2014). Daarbij nam de sociale samenhang
toe en verminderden de gevoelens van onveiligheid door
agressief gedrag. Het fysieke klimaat in de huiskamers
met planten verbeterde eveneens. De luchtvochtigheid
lag in de groene kamers 5% hoger dan die zonder
planten.
Een praktische belemmering die uit het onderzoek in de
TBS naar voren kwam is de verzorging van de planten.
Slechts op één van de vier afdelingen werden de planten
goed verzorgd. Pschiatrische patiënten kunnen vanwege
hun psychische kwetsbaarheid moeilijk verantwoordelijk
worden gesteld voor de verzorging.
׉	 7cassandra://m4bp-KvQu0xusKIavds4efR50AbvLcilSzVCJ6aVhEg`̵ \䰻K1؁\䰻K1ׁ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://X76UUlRrB8wvhJY06nHDIECVPJoSHn9P8DGVSVNqVh4 `׉	 7cassandra://_0aF328fmbomd-e1MfZD44Ent0YBlVbco4HFPmMRjvAs.`S׉	 7cassandra://DQeSfiLv-mCgWwVLBY8VgvjJi1GRFZYdx909If6Kw20!`̵ ׉	 7cassandra://wy7FXHipOSASEqxqDYLTScjrlxEQZ3aGGRhJUqYBUpE w (͠\䰻K2Xט  {u׉׉	 7cassandra://ZLadlcLeDQsMWJGYcnMqDkYAhb5qfCs6T46TdX55ats `׉	 7cassandra://wLCqSj4AcTx1vSDavHOGzUkI3JD--O-ztaAtzBvgoPIs<`S׉	 7cassandra://GvRsSy72CNTQIQSNx4btfQAf33FTnmNrYtZsgGxJjoM!`̵ ׉	 7cassandra://Xhkr0Q3Jfm53TIk2JVqMPWTBMtQNiq7dtjgH2incaWA }(͠\䰻K2Y׉EINTERVENTIE: DE GROENE KAS
In 2015 werd bij de ingang van ziekenhuis Tergooi
Blaricum een Groene kas gebouwd. Deze glazen kas van
5x8 meter staat in een kleine tuin met bloemen en
fruitbomen, op een plek waar eerst parkeerplaatsen
waren.
De kas werd feestelijk geopend door Lodewijk Hoekstra,
de tuinman van het RTL-programma ‘Eigen Huis & Tuin’
en oprichter van NL Greenlabel. Hoekstra kwam op het
idee van een kas toen hij in het ziekenhuis was voor de
geboorte van zijn zoontje. Hij miste een plek buiten waar
je als bezoeker even kunt zitten in een omgeving die
ontspanning brengt. Waar je uit de klinische sfeer van
het ziekenhuis komt. Een prettige, groene plek die niet
alleen gebruikt kan worden door bezoekers, maar ook
door patiënten en verplegend personeel.
Het idee voor de Groene Kas werd omarmd door de
Stichting Vrienden van Tergooi, die ook het geld voor de
realisatie bijeen heeft gebracht. Voor de bouw zijn
duurzame materialen gebruikt die lang meegaan. De kas
is openbaar toegankelijk van zonsopgang tot
zonsondergang. In de kas staat een lange houten tafel
waar bezoekers, ook rolstoelgebruikers, kunnen
aanschuiven. Er groeien druiven en er staan hoge bakken
met geurende en eetbare planten en kruiden, zoals
lavendel, tijm, munt en tomaten. Op zonnige dagen
kunnen bezoekers ook buiten zitten.
Steeds meer mensen weten de Groene Kas te vinden.
Personeel komt regelmatig in de Groene Kas om te
lunchen. Bezoekers en poliklinische patiënten komen er
om even tot zichzelf te komen en te genieten van de
natuur. Activiteitenbegeleiders van de afdeling geriatrie
nemen patiënten die niet zelfstandig naar buiten mee
naar de kas waar ze vooral veel plezier beleven aan het
kunnen ruiken en voelen aan de planten.
Er worden ook regelmatig bijeenkomsten en andere
activiteiten in De Groene Kas georganiseerd. Op 28
september 2018 konden vrouwen er in het kader van
Red Dress Day bijvoorbeeld gratis een hartrisicocheck
laten doen. Daarnaast werd er in de kas, die voor de
gelegenheid was omgedoopt tot Rode Kas, een lezing
over het vrouwenhart gegeven.
Anders dan de Chemotuin is de Groene Kas geen
behandelruimte. In het kader van het programma
Groene Gezonde Ziekenhuizen is verkend in hoeverre
hiertoe mogelijkheden aanwezig zijn voor patiënten op
de afdeling psychiatrie.
14
׉	 7cassandra://DQeSfiLv-mCgWwVLBY8VgvjJi1GRFZYdx909If6Kw20!`̵ \䰻K1׉E	kERVARINGEN
Samen met de afdeling psychiatrie is een plan opgesteld
om dagactiviteiten in de Groene Kas uit te voeren, en de
effecten van deze activiteiten op welzijn, functioneren en
tevredenheid van de patiënt te vergelijken met die van
een reguliere dagactiviteit op de afdeling zelf.
Onderdelen van zo’n dagactiviteit in de groene kas zijn
o.a. het herkennen en aanraken van kruiden en andere
planten en het verzorgen van de planten (stekken,
verpotten, knippen).
Belangrijke mogelijke voordelen van dagactiviteiten in
een natuurlijke omgeving zoals de Groene Kas is dat
cliënten tot rust komen, en even kunnen ontsnappen aan
de ziekenhuissfeer. Uit ervaringen met bijvoorbeeld
tuintherapie, blijkt bovendien dat het fysiek bezig zijn
met levende materialen een betekenisvolle bezigheid is
en een veilige manier biedt om te experimenteren met
het uiten van emoties.
Helaas bleken de plannen voor dagactiviteiten met
patiënten van de afdeling psychiatrie in de Groene Kas
niet haalbaar. Het belangrijkste obstakel hierbij was de
verslechterende populatie met een sterke toename van
het aantal oudere, niet mobiele patiënten. Om bij de
Groene Kas te komen, moeten patiënten vanaf de
afdeling geriatrie een afstand van ongeveer 200 meter
afleggen naar de kas, over een smal voetpad met klinkers
langs een weg op het parkeerterrein. De inschatting van
15
het afdelingshoofd was dat onvoldoende patiënten
hiertoe binnen een redelijke tijd in staat zouden zijn.
Daarnaast speelde ook het probleem van begeleiding –
het bleek lastig om, ondanks een openstaande vacature,
een medewerker te vinden om deze activiteiten te
begeleiden.
Een meer algemeen nadeel van de Groene Kas is dat
deze niet is verwarmd. De kas is hierdoor maar beperkt
bruikbaar in de koudere maanden. Tijdens warme
zomermaanden kan het er juist erg warm worden. Deze
weersafhankelijkheid maakt het lastig om
georganiseerde activiteiten in de kas in te plannen. Ook
zijn er in en rond de kas weinig mogelijkheden om
materialen die gebruikt worden voor creatieve
activiteiten op te bergen.
Binnen het onderzoeksprogramma is uiteindelijk
besloten om in plaats van het onderzoek naar
dagactiviteiten een algemene evaluatie (POE: Post
Occupancy Evaluation) van de Groene Kas uit te voeren.
De resultaten van dit onderzoek zullen meer inzicht
geven in van het gebruik van en de tevredenheid met de
Groene Kas door diverse groepen gebruikers.
׉	 7cassandra://GvRsSy72CNTQIQSNx4btfQAf33FTnmNrYtZsgGxJjoM!`̵ \䰻K1ځ\䰻K1ف{בCט   {u׉׉	 7cassandra://tcQ5whWdHovbqNkwhasgit2Lv4YC4whyin0KGCLaZ9g J` ׉	 7cassandra://Xduy5-TWiRV0U1DSq3r6jjHmaUrY_pvnbWrXNiCjFik&i` S׉	 7cassandra://WBUkl6hct_VFB3jFSIMbQhHkZj6tVQ0wEzw9opqc8eY
`̵ ׉	 7cassandra://tTbspxpeR7m1UmAXGgnkiCP3IISwdiC-QR_xm7cS5Mo/(͠\䰻K2[ט  {u׉׉	 7cassandra://BwbmP85E6N63UAFRbJ2bIVwzu806hZqVZuEfBNFPCrQ `׉	 7cassandra://w6kGn2yGsHKO8w2rRvizYdmi6opb601p2a0mvD8SdTMA`S׉	 7cassandra://dOSAT2KSaRjnfSaD4Kk7c8SwL5XGiiZLDJzCWdipDq4;`̵ ׉	 7cassandra://eSmlmbyslEHqjrVGgtYE7yAC48qLkWq3cha0MvicFNs ͠\䰻K2\׉EAANBEVELINGEN ‘DAGACTIVITEITEN’
1. Niet alle patiënten van een psychiatrische afdeling
mogen aan buitenactiviteiten meedoen. Zorg er
daarom voor dat patiënten op de afdeling
voldoende toegang hebben tot groen, in de vorm
van planten, binnentuinen, en uitzicht op groen.
2. Dagactiviteiten met patiënten kunnen het beste
plaatsvinden in ruimten die hiervoor speciaal zijn
ingericht en niet openbaar toegankelijk zijn.
3. Organiseer laagdrempelige buitenactiviteiten zoals
natuurwandelingen op afgeschermde delen van het
buitenterrein van het ziekenhuis.
4. Ervaringen met tuintherapie laten zien dat het
verzorgen van planten een grote meerwaarde kan
hebben voor patiënten. Door hun psychische
kwetsbaarheid dienen ze hierin wel goed begeleid
te worden.
5. Laat creatief therapeuten en andere medewerkers
cursussen volgen waarin ze leren hoe natuurlijke
elementen in dagactiviteiten en therapie kunnen
worden benut.
16
׉	 7cassandra://WBUkl6hct_VFB3jFSIMbQhHkZj6tVQ0wEzw9opqc8eY
`̵ \䰻K1׉E17
׉	 7cassandra://dOSAT2KSaRjnfSaD4Kk7c8SwL5XGiiZLDJzCWdipDq4;`̵ \䰻K1܁\䰻K1ہ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://D7NzQ5vAUiBPw0tetUVK9yjRRIfxG9t5yq0ASv2mQCc ^`׉	 7cassandra://wMoj8cGTUokFtDR_Tz7Dc0iVFAapLEsZG9Ek8rkFaFIh`S׉	 7cassandra://5odQbt1VgrB8G1eb3XPHgpMfDBZ8KFmd7pSBrUNR_ps h`̵ ׉	 7cassandra://OjiVabUp5AsabJ9BXF8qw7c9lyEXfAjaXIiUdKK49nc MX͠\䰻K2lט  {u׉׉	 7cassandra://VGFcq_wOxAMSog_3MfpyVIJS1aj1Kw7FLhrwDCaqr_o A` ׉	 7cassandra://glvIta3QRCe4Ooy9hpsgQxDGa4Pem-22WP3evSX7Zj4̀` S׉	 7cassandra://bpLAdPbvefo_mtI4qoRx5-DTE63TcL0onCX26EssJ-IB`̵ ׉	 7cassandra://IolU5QHcNbplyYs0LaOHCtDn5FwXfrX85SI6eacl6nMM,͠\䰻K2mנ\䰻K2^ ̲̘9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2_ Ht9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2` |u9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2a Cjq9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2b сw9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2c `g9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2d #+9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2e L+9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2f fa9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2g #́9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2h Qv9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2i #+9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2j 9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2k +9 ׉S&G
ׁׁr׉E	5|DE AFDELING GERIATRIE
Op de afdeling geriatrie worden kwetsbare ouderen
opgenomen die meestal kampen met meerdere
problemen tegelijk. Dat kunnen lichamelijke klachten
zijn zoals uitdroging of longontsteking. Vaak spelen ook
psychische problemen mee, zoals een depressie of
dementie.
Patiënten komen vaak in ernstig verwarde toestand op
de afdeling geriatrie binnen. Dit wordt een delirium (of
delier) genoemd. Tijdens hun ziekenhuisopname krijgen
ouderen te maken met een reeks van stressoren zoals
het moeten ondergaan van diagnostische procedures en
medische ingrepen, scheiding van de thuissituatie,
onduidelijkheid over de diagnose en prognose, de angst
voor afhankelijkheid, verlies van autonomie en gebrek
aan beheersbaarheid, en de ziekenhuisomgeving die
vaak als niet vertrouwd, onpersoonlijk en bedreigend
wordt ervaren (McCusker e.a., 2002).
Acuut opgenomen ouderen krijgen ongeveer twee keer
zo vaak als jongere patiënten te maken met complicaties
(Thomas & Brennan, 2000). Ziekenhuisopnames gaan bij
oudere patiënten ook altijd gepaard met een hoger risico
op (verder) functieverlies, wat vaak resulteert in
ongewenste uitkomsten zoals verlies van
onafhankelijkheid, opname in een verpleeghuis of zelfs
sterfte (Rooij e.a., 2007).
In deze situatie hebben kwetsbare ouderen vooral
behoefte aan een veilige, vertrouwde en herkenbare
omgeving. Personeel speelt hierop in door bijvoorbeeld
op elke kamer een kalender op te hangen waar patiënten
op kunnen zien welke dag en datum het is.
Ondanks een hoge inzet van het personeel zijn
ziekenhuizen vaak niet goed ingericht op kwetsbare
senioren. Om hier verandering in te brengen zijn diverse
concepten voor het creëren van healing environments
voor oudere patiënten ontwikkeld. In Nederland wordt
bijvoorbeeld sinds 2013 het keurmerk ‘seniorvriendelijk
ziekenhuis’ uitgegeven door ouderenorganisatie KBOPCOB.
In deze concepten speelt de fysieke omgeving,
naast organisatorische en klinische maatregelen een
belangrijke rol. De aanwezigheid van groen, in de vorm
van planten, (binnen) tuinen is één van de fysieke
elementen die kan worden ingezet om tegemoet te
komen aan de behoeften van oudere patiënten.
Uit een verkennend onderzoek naar natuurbeleving bij
ouderen (Diek e.a., 2004) blijkt dat groen in de ouderzorg
onder meer kan helpen om:
 herinneringen op te halen
 sociale contacten te leggen
 gevoel van eigenwaarde te geven
 de zintuigen te stimuleren
 genezing te ondersteunen
18
׉	 7cassandra://5odQbt1VgrB8G1eb3XPHgpMfDBZ8KFmd7pSBrUNR_ps h`̵ \䰻K1׉EEFFECTEN VAN GROEN
De meerwaarde van groen in de zorg voor ouderen
wordt ondersteund door een groeiend aantal
wetenschappelijke onderzoeken. In dit onderzoek is er
vooral aandacht voor zintuiglijke ervaringen van ouderen
in de natuur (Orr e.a., 2016) en voor de positieve
effecten van healing gardens (beleeftuinen) op het
functioneren van ouderen met dementie (Uwajeh e.a.,
2018)
Ottosson & Grahn (2005) onderzochten de rustgevende
effecten van een bezoek aan de tuin bij een verpleeghuis
op een kleine groep van 15 geriatrische patiënten
(gemiddelde leeftijd 86 jaar). De patiënten brachten, in
wisselende volgorde, een bezoek van ongeveer een uur
aan de tuin bij het huis, of aan een favoriete omgeving
binnenshuis. Er werd gevonden dat het verblijf in de tuin
leidde tot een verbetering op tests voor de aandacht,
terwijl een verblijf binnenshuis juist een lichte
verslechtering tot gevolg had.
Een review laat zien dat er veel steun is voor positieve
effecten van healing gardens op het gedrag
(vermindering agitatie, dwaalgedrag), de stemming en
het algemeen welbevinden van ouderen (Gonzalez &
Kirkevold, 2014). Daarnaast worden ook positieve
effecten gevonden op de psychofysiologische stress
respons, de slaap, vermindering van val-ongelukken, en
het gebruik van psychofarmaca.
De meeste geriatrische patiënten zijn tijdens hun
opname in het ziekenhuis niet in staat om zelfstandig
een bezoek aan een tuin of andere groene ruimte buiten
de afdeling te bezoeken. Ze kunnen hier alleen
incidenteel, onder begeleiding van familie, een therapeut
of vrijwilliger naar toe. Het grootste effect kan bij deze
populatie dus worden bereikt met groen op de afdeling.
De effecten van dit soort groene interventies voor
ouderen zijn minder goed onderzocht, maar lijken
vergelijkbaar met die van tuinen en andere groene
interventies buiten de afdeling.
In een verpleeghuis in Canada werden de effecten van
het kijken naar een natuurlijke omgeving op het
fysiologisch functioneren van vijf vrouwelijke senioren in
de leeftijd van 77 tot 89 jaar onderzocht (Tang & Brown,
2006). De deelnemers werden in een stoel geplaatst met
uitzicht op een natuurlijke omgeving of uitzicht op een
19
niet natuurlijk straatbeeld met auto’s. De bloeddruk en
de hartslag werden na vijf en na tien minuten
geregistreerd. Elke deelneemster keek, in wisselende
volgorde, zowel naar het natuurlijke als naar het nietnatuurlijke
uitzicht. De resultaten laten zien dat het
kijken naar de natuurlijke omgeving bij alle deelnemers
tot een verlaging van de bloeddruk en hartslag leidde,
terwijl het kijken naar het straatbeeld bij slechts drie
deelnemers tot een verlaging leidde. Ook was de afname
in de bloeddruk en hartslag groter in de natuurlijke dan
in de niet-natuurlijke conditie.
In een Nederlands onderzoek werden de stress
reducerende effecten van creatieve activiteiten in een
natuurlijk ingerichte groenkamer in een zorgcentrum
vergeleken met die van creatieve activiteiten in een
neutraal ingerichte ruimte (Van den Berg & Custers,
2007). Tijdens het maken van een collage in de
groenkamer nam het niveau van het stresshormoon
cortisol (gemeten met behulp van speekselmonsters) af,
en ook de stemming werd minder negatief. In de
neutrale ruimte was er juist sprake van een lichte stijging
in het cortisolniveau en de negatieve stemming.
Er is nog weinig bekend over de bijdrage van groen aan
het verminderen van functieverlies van ouderen tijdens
een ziekenhuisopname. Ook is niet bekend hoe een
ziekenhuisomgeving voor ouderen het beste kan worden
ingericht om positieve effecten van groen optimaal te
benutten. Om hier meer inzicht in te krijgen, is een
onderzoek uitgevoerd op de afdeling geriatrie van
Ziekenhuis Tergooi.
׉	 7cassandra://bpLAdPbvefo_mtI4qoRx5-DTE63TcL0onCX26EssJ-IB`̵ \䰻K1ށ\䰻K1݁{בCט   {u׉׉	 7cassandra://1qGJo0NviaAXpJVlmmb5wMmIu2Rk9qWADZ25tw-8HXA u`׉	 7cassandra://-ieSEZTob0saIWmSs3QaDFm3waQ_AUCAbDI_pHd-V6kq`S׉	 7cassandra://ne0UYI7jh2P7aALKIlDCIoNAKoQSgt_09K_s1tKK3P4$/`̵ ׉	 7cassandra://UOmM2RFqpvjTPZX3zg-qSel-cbfZoXAlvL2Iz1_Oxjk MH͠\䰻K2pט  {u׉׉	 7cassandra://nrYZH8vg_-0fYnzDtiPZqOFq-SChmBW8ddfDQgNNmHs E`׉	 7cassandra://mQUSqn8PMbgjouMj_KEv8P2thrFIowJEsSE_Z88DoHMs`S׉	 7cassandra://Qsoj-__dG4iSE9J6dUId0cJUwsPtHNypJXsku5dLd0o!`̵ ׉	 7cassandra://RR0t85PHXPOLpkzYNca4j-kGSFENkXIYR6ANBBaTaBw [(͠\䰻K2qנ\䰻K2o ̠o9 ׉S%G
ׁׁr׉EeINTERVENTIE: VERGROENING
De vergroening van de afdeling geriatrie vond plaats in
november 2018. Aan de vergroening ging een lang traject
vooraf. Al in 2016 is aandacht gevraagd voor dit project
tijdens een ondernemersbijeenkomst. Verschillende
telers en plantenkwekers toonden interesse in het
project.
Begin 2017 is een bijeenkomst op de afdeling
georganiseerd om meer inzicht te krijgen in de
mogelijkheden en randvoorwaarden voor de toepassing
van planten. Bij deze bijeenkomst waren o.a. een klinisch
geriater en het afdelingshoofd aanwezig. Ook waren
enkele plantenkwekers uitgenodigd.
Vervolgens is op basis van een literatuurstudie een
overzicht
gemaakt
van
ontwerprichtlijnen , gericht op het ondersteunen van:
 De leesbaarheid en oriëntatie
 Vertrouwdheid en opwekken herinneringen
 Sociaal contact, een praatje maken
 Stimulering van de zintuigen
 Tot rust komen (zachte fascinatie)
 Bevorderen van gevoel van eigenwaarde
 Afleiding van ziekte en dood
Deze ontwerprichtlijnen zijn ook gevisualiseerd in een
collage met sfeerbeelden (zie p. 23).
voor vergroenen
evidence-based
In 2018 heeft Fhreja Deckers van ontwerpbureau Groene
Leefomgeving een ontwerp voor de vergroening gemaakt
(Deckers, 2018). Hierin zijn naast de ontwerprichtlijnen
ook de wensen van de verpleging en activiteiten
therapeuten meegenomen.
Het ontwerp omvat gedetailleerde uitwerkingen,
inclusief visualisaties, plantmaterialen, potten,
afbeeldingen en decoraties, voor de gemeenschappelijke
ruimten en plekken op de afdeling, waaronder de
huiskamer, de teampost, de gangen (inclusief 2
zithoeken), en de receptie.
De volgende plantmaterialen zijn toegepast:
− twee plantenwanden van firma Van Groene Huize
(gangen)
− twee moswanden van firma Oase Groen (gangen)
− twee grote hoge potten met schefflera (huiskamer)
− hangende boomtak met epipremnum (huiskamer)
− diverse potplanten o.a. spathiphillum, hedera,
cambria, calathea, en cyclamen (huiskamer,
teampost en zithoeken).
De potplanten werden gratis ter beschikking gesteld en
geleverd door diverse kwekers aangesloten bij
telersvereniging Decorum.
na vergroenen
www.fhreja.nl
20
׉	 7cassandra://ne0UYI7jh2P7aALKIlDCIoNAKoQSgt_09K_s1tKK3P4$/`̵ \䰻K1׉E
$ERVARINGEN
In de aanloop naar de vergroening reageerde het
personeel van de afdeling geriatrie aanvankelijk wat
terughoudend. Dit had onder meer te maken met het feit
dat het onderzoeksplan grotendeels tot stand was
gekomen in overleg met de directie, zonder inspraak van
de afdeling. Daarnaast kampt de afdeling met diverse
problemen, zoals personeelskort en ziekteverzuim,
waardoor de vergroening en het bijbehorende
onderzoek als een extra belasting werd gezien. Op de
achtergrond speelde ook de aanstaande verhuizing naar
de nieuwbouwlocatie, waardoor men zich afvroeg of het
wel zinvol was om te investeren in het vergroenen van
de afdeling.
Gaandeweg realiseerden het afdelingshoofd en de
betrokken medewerkers zich dat de vergroening, die
werd bekostigd vanuit het onderzoeksbudget met
aanvullende ondersteuning van telersvereniging
Decorum, unieke kansen bood om de kwaliteit van de
omgeving te verbeteren. Men ging de vergroening zien
als een ‘kadootje’, en het enthousiasme werd steeds
groter. Belangrijk was ook dat op de afdeling twee
activiteiten therapeuten werkzaam zijn die al langer
actief bezig waren met het introduceren van groen en
groene activiteiten op de afdeling. Zo gingen deze
therapeuten al regelmatig met patiënten naar de Groene
Kas (zie vorig hoofdstuk) om de ouderen te laten voelen,
proeven en ruiken aan de planten.
Uiteindelijk heeft de afdeling de vergroening omarmd en
volledig ondersteund. Er was veel betrokkenheid bij de
plannen, waarbij diverse waardevolle suggesties werden
gedaan. Eén van deze suggesties was om de ‘neutrale’
afbeeldingen van natuur, die op diverse plekken zouden
worden opgehangen, te vervangen door meer
nostalgische afbeeldingen die herinneringen oproepen
aan jeugdervaringen van de oudere patiënten.
Een belangrijke voorwaarde die vanuit de afdeling werd
gesteld is dat de planten en bijbehorende decoraties
verplaatsbaar zouden zijn naar de nieuwe locatie. Hier is
in het ontwerp rekening mee gehouden.
Voor en tijdens de vergroening kreeg het
onderzoeksteam veel medewerking. De technische
dienst werd ingeschakeld om allerlei voorbereidende
werkzaamheden te doen, en een verpleger zorgde alvast
voor afvoer van overbodig geworden versieringen.
Tijdens de vergroening waren continu drie
medewerksters beschikbaar om mee te helpen met het
aanbrengen van de materialen.
In afwachting van de onderzoeksresultaten kan worden
gesteld dat de eerste reacties op de planten in ieder
geval zeer positief zijn, en dat de vergroening door zowel
personaal als door patiënten en familie als een grote
verbetering wordt ervaren.
21
׉	 7cassandra://Qsoj-__dG4iSE9J6dUId0cJUwsPtHNypJXsku5dLd0o!`̵ \䰻K1\䰻K1߁{בCט   {u׉׉	 7cassandra://L4ngYpCqkJ89qix6WHkNv6skNaoa6eSgXqMpZwvez3Y ` ׉	 7cassandra://95VqO1Lelb951UOMwXXbzKYBcIUrJyl_k1HmSrMGpY02` S׉	 7cassandra://swXzV3i5O_te-qJC-1jpYhW2Zcr6PkcI5jqj8r5fq_8`̵ ׉	 7cassandra://Uvsi273iGL7OiKldkeNGrG3CtTWh6HrpSmxcIsnIo6I6(͠\䰻K2tט  {u׉׉	 7cassandra://thorfK1uoyvQTH0kkCCHw_AjA7G7X5VAYtYt0y-L-4U v`׉	 7cassandra://831j38y-43QrNPzfeVT5acCPex8RzHs1SL9KGxiAlK0@``S׉	 7cassandra://_7te4WVxL8QQX6GcZ7HRnBbTJALN4RPnxgLyDjOvOawF`̵ ׉	 7cassandra://V30EUzbhD0xohD_wyiu5ipLGFR5ZD4HPi-nPU1ZyHy4 ͠\䰻K2u׉EAANBEVELINGEN VERGROENING
1. Combineer levende plantmaterialen met andere
decoratieve materialen die het effect van de planten
ondersteunen, zoals natuurafbeelding en
vogelhuisjes.
2. Kies voor elke ruimte een passend thema (bijv.
nostalgie, koffiehoek, lucht) en maak hiervoor een
totaalontwerp.
3. Gebruik zowel groene planten als bloeiende planten.
Ook plantenwanden worden levendiger door enkele
gekleurde planten (zoals anthuriums) toe te voegen.
4. Levende bloemen en planten verdienen voorkeur,
maar plastic bloemen en planten vormen een goed
alternatief in ruimten waar dit om praktische redenen
niet mogelijk is (bijvoorbeeld ruimtes zonder
daglichttoetreding).
5. Vermijd toepassing van zijden bloemen en planten in
verband met brandbaarheid.
6. Hang plantenwanden en moswanden op strategische
plekken (bijv. aan het eind van een gang) waar ze al
van veraf zichtbaar zijn.
7. Kies bij levende planten voor hydrocultuur in plaats
van potaarde om het risico op schimmelvorming te
beperken.
8. Plaats plantenbakken zodanig dat ze de schoonmaak
niet belemmeren, en gebruik materialen voor
plantenbakken die niet poreus zijn, bestand tegen
‘verkeer’, en goed schoon te houden (geen
aluminium, glas, spiegels).
9. Vermijd giftige en allergene planten en bloemen.
22
׉	 7cassandra://swXzV3i5O_te-qJC-1jpYhW2Zcr6PkcI5jqj8r5fq_8`̵ \䰻K1׉E23
׉	 7cassandra://_7te4WVxL8QQX6GcZ7HRnBbTJALN4RPnxgLyDjOvOawF`̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://0oPfVrpOd-rp5L-W2VG-McJ1Z9h_aHFiJZr58kuH3I4 `׉	 7cassandra://ZHXunIi9XqWjMAw8WLJfMy8MPfF82P7EJatsJoCR_Ygms`S׉	 7cassandra://faucSjJf6XXQsAySPoFulgqm4VRCZmiwOaomHEPjK8I!`̵ ׉	 7cassandra://UlheObkG3hbcqU7s-mSY8PLtZniUc4IIkA0y-al25bg 1X͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://FEkwGPTMlnTQrXhlKblVYqhLaqrb92HCeWGj48ST_xI 0` ׉	 7cassandra://ToaYIOQ2mBH4xGDJbT7ybhN6qf2mAvGahQ2eSk2pUtoP` S׉	 7cassandra://7NbZthr-L6B99_A_rGDuA7i-anm5aHmpZh9VIEV0j74`̵ ׉	 7cassandra://9qx_Oxc2iAEscmgPAFoPz9ngKRa2iSk-fd6pn80Rj3IU`,͠\䰻K2נ\䰻K2w  ̝9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2x ̝9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2y ̹̥9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2z (s̞9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2{ fa9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2| #7+9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2} _h9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2~ #+9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2 ̠9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2 Ba9׉Hhttp://beweegkuur.nl/Gׁׁr׉E	6| DE AFDELING KLINISCHE FYSIOTHERAPIE
Hartproblemen blijven vaak lang onopgemerkt. Voor de
meeste mensen komt een hartinfarct of andere acute
hartziekte dan ook volkomen onverwachts. Opname in
het ziekenhuis is een ingrijpende gebeurtenis, die
meestal wordt gevolgd door een lange
revalidatieperiode. De afdeling klinische fysiotherapie
verzorgt voor deze patiëntgroep een speciaal
hartrevalidatieprogramma in het ziekenhuis.
Mensen die een hartinfarct hebben gehad ervaren de
gebeurtenissen die hier mee gepaard gaan vaak intens.
De abruptheid van het infarct, het vervoer met de
ambulance naar het ziekenhuis worden als belangrijke
keerpunten ervaren, waarbij mensen zich pas vaak
achteraf realiseren wat er werkelijk gebeurde.
Bijvoorbeeld het verhaal van een vrouw, opgetekend in
een Nederlands onderzoek naar de persoonlijke
ervaringen van hartpatiënten (Visse e.a., 2010, p.23)
‘Nou dan ben je onderweg in die ziekenauto. En ik zie zo’n
glazen dak en ik zie de blauwe zwaailampen, zie ik. Nou
dat dringt niet tot je door. Als je blauwe zwaailampen
ziet dan is er toch iets niet goed ofwel haha. Maar dat
had ik helemaal niet in de gaten…’
Uit ditzelfde onderzoek blijkt ook dat het
revalidatietraject dat volgt op de ziekenhuisopname veel
teweeg brengt bij hartpatiënten. Er moet een nieuwe,
actieve leefstijl worden opgebouwd, wat veel inzet en
doorzettingsvermogen vraagt. In zo’n revalidatietraject
streven patiënten ambitieuze doelen na zoals:
• herwinnen van vertrouwen
• het verminderen van angst of onzekerheid
• het leren kennen van en omgaan met eigen grenzen
• het verbeteren van de lichamelijke en geestelijke
conditie
• het optimaliseren van hun levensstijl
Het volgen van een revalidatieprogramma, ook al is het
hard werken, wordt door patiënten meestal wel als
zinvol ervaren. Als het programma stopt, stelt dit
patiënten voor een nieuw opgave om zelfstandig hun net
opgebouwde gezonde leefstijl te behouden. Ook het
contact met lotgenoten wordt gemist. Een hartpatiënt
verwoordt dit als volgt (Visse e.a, 2010, p. 25):
‘Maar toen ik daar klaar mee was, heb ik er heel veel
moeite mee gehad. Er is niet iets voor in de plaats, niet
iets aansluitend. Er is wel hier een sportschool, maar dat
moet je zelf betalen. Dat heb ik echt gemist, dat het
ineens wegvalt.’
In het programma Groene Gezonde Ziekenhuizen is op
deze behoefte van hartpatiënten ingespeeld door het
ontwikkelen van een vanuit het ziekenhuis aangeboden
groen nazorg wandelprogramma.
24
׉	 7cassandra://faucSjJf6XXQsAySPoFulgqm4VRCZmiwOaomHEPjK8I!`̵ \䰻K1׉EEFFECTEN VAN GROEN
Uit een representatieve publieksenquête blijkt dat een
meerderheid van de Nederlandse bevolking denkt dat
een bezoek aan de natuur verlichting kan bieden bij
gezondheidsproblemen (Van den Berg, 2012). Hierbij
denkt men echter vooral aan psychische problemen,
zoals stress en burn-out. Maar liefst 89% denkt dat de
natuur kan helpen om stress gerelateerde klachten te
voorkomen en te verminderen. De meerwaarde van
natuur voor hart- en vaatziekten wordt minder algemeen
erkend. Slechts een kwart van de Nederlandse bevolking
denkt dat natuur hiervoor een geschikt hulpmiddel is. Dit
geldt ook voor respondenten die zelf een hartkwaal
hebben.
Er is dus nog geen brede erkenning voor de positieve
effecten van groen voor hart- en vaat patiënten. Er zijn
echter duidelijke aanwijzingen dat groen voor deze
patiëntgroep een grote meerwaarde kan hebben. Zo laat
een Amerikaans onderzoek zien dat mensen die meer
dan een uur per week tuinieren 66% minder kans hebben
op een hartaanval dan personen die inactief zijn
(Lemaitre e.a., 1999). Tuinieren is hiermee van alle
onderzochte vormen van bewegen het meest effectief in
het verminderen van het risico op een hartaanval.
Uit onderzoek naar ‘green exercise’ groepen in Engeland
blijkt dat bewegen in het groen makkelijker is vol te
houden is, en minder moeite lijkt te kosten dan bewegen
in een sportschool of stedelijke omgeving (Barton e.a.,
2016). Dit bevordert de therapietrouw en zorgt voor
minder uitval bij beweegprogramma’s.
Deze effecten zijn ook relevant voor hart- en
vaatpatiënten, die na hun revalidatie vaak veel moeite
hebben om een actieve leefstijl vast te houden. Een jaar
na revalidatie blijkt tot wel 60% weer te zijn
teruggevallen naar een inactieve leefstijl (Janssen e.a.,
2014). Deelname aan groene beweegprogramma’s kan
voor hart- en vaatpatiënten een aantrekkelijk alternatief
vormen voor bijvoorbeeld indoor fitness.
Dit wordt bevestigd door een evaluatie van De Groene
Wandel Fysio, een Nederlands beweegprogramma
waarbij fysiotherapeuten vanuit hun praktijk buiten in de
natuur wandelen met patiënten die uit zichzelf moeilijk
in beweging komen (Van den Berg, 2017). Van de in
totaal 108 deelnemers aan dit programma had ruim een
25
derde last van hoge bloeddruk of een hart- en vaatziekte.
Het programma kende relatief weinig uitvallers, 93 van
de 108 deelnemers hebben het drie maanden durende
wandelprogramma afgerond. Ook de therapietrouw was
groot, gemiddeld waren de deelnemers bij 11 van de 12
wandelingen aanwezig.
Deelname aan De Groene Wandelfysio leidde tot
significante verbeteringen in gezondheid en welzijn. Zo
legden de deelnemers gemiddeld 74 meter meer af
tijdens de zes minuten wandeltest, en daalde het
zelfgerapporteerde bezoek aan de huisarts. Volgens de
deelnemers en de begeleidende fysiotherapeuten vormt
de natuurlijke omgeving, samen met de deskundige
begeleiding, één van de belangrijkste werkzame factoren
in het succes van het programma.
Wonen in een natuurlijke omgeving kan ook helpen om
actief te blijven na het volgen van een
beweegprogramma. Deelnemers aan de BeweegKuur,
een leefstijlinterventie voor mensen met overgewicht,
bleken beter in staat om het beweegniveau dat ze op het
eindpunt van de kuur hadden bereikt vast te houden
naarmate er meer groen in een straal van 250 meter
rond hun woning aanwezig was (De Vries et al., 2016).
Een mogelijke verklaring voor deze bevinding is dat
groen de woonomgeving aantrekkelijker maakt voor
openlucht recreatieve activiteiten waardoor het
makkelijker is om deze activiteiten vol te houden.
׉	 7cassandra://7NbZthr-L6B99_A_rGDuA7i-anm5aHmpZh9VIEV0j74`̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://6mksBjHAP4_VR5UOe2bxx9LcbFtVsWh6NnVUC-JKaUo US`׉	 7cassandra://VecimUbMyLs2wn6iXZoLHx5CTGuSwsjA4ls7cPO0QPsw`S׉	 7cassandra://Hjms_2kV02aLI4KYYscmzHoctH7l6iJSmKKnk_qDOA0$`̵ ׉	 7cassandra://eJ-VAI6MQPgLFxO0I9wpU1WytCnLcCkdRIdX3y2b67A :?4͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://ISHw7PxPrhGYENayA7zyID07BbfkqOD53XAngDXgguw &`׉	 7cassandra://hwM13vZSUfRoyLRZqsQ0MX76LYK5N8Fd_aSI7KLtfSko`S׉	 7cassandra://s2yEVQggfN7mUtoRlIG4Etn3YnmYMaOn_w1yG5_jxHg `̵ ׉	 7cassandra://sUzj5FfgzvRHBi8vl0fg-qUZW5UvcPuwz2fHfGUVYUM (͠\䰻K2נ\䰻K2 Jс59׉Hhttps://www.kwbn.nl/Gׁׁrנ\䰻K2 ̀9׉Hhttps://wandelcoach.nl/Gׁׁrנ\䰻K2 L'9׉Hhttps://gnr.nl/Gׁׁrנ\䰻K2 C9 ׉S%G
ׁׁr׉E	INTERVENTIE: NAZORG WANDELGROEP
Samen met fysiotherapeuten van de afdeling klinische
fysiotherapie van ziekenhuis Tergooi Hilversum is een
groen nazorg beweegprogramma ontwikkeld, dat
aansluit op het reguliere hartrevalidatie programma van
de afdeling.
De oorspronkelijke ambitie was om de reguliere
hartrevalidatie niet alleen binnen maar ook buiten aan te
bieden. Dit bleek echter niet haalbaar, omdat een
revalidatieprogramma buiten in een natuurlijke
omgeving volgens de verantwoordelijke behandelende
fysiotherapeuten onaanvaardbare risico’s met zich mee
zou brengen. Het kan bijv. niet worden uitgesloten dat
een patiënt die eerder behandeld is voor hartfalen
tijdens de revalidatie in het groen opnieuw acute
hartklachten krijgt, die in deze omgeving niet snel en
adequaat kunnen worden behandeld.
Het groene nazorg beweegprogramma bestond uit een
twee maanden durend wandelprogramma, waarbij een
fysiotherapeut elke week een uur wandelt met een
kleine groep van 5 a 6 hartpatiënten op het terrein van
het naast het ziekenhuis gelegen landgoed
Monnikenberg.
Monnikenberg is een in landschapstijl aangelegd klein
natuurgebied van 43 ha met afwisselend bos,
waterpartijen en weilanden. Het landgoed is vrij
toegankelijk via een aantal goed begaanbare paden.
Vanuit het op het landgoed aanwezige Klooster ‘Stad
Gods’ is er een doorkijk op Hilversum.
De begeleidende fysiotherapeut volgde voorafgaand aan
het programma een basiscursus tot wandelbegeleider 1
van de Koninklijke Wandel Bond Nederland (KWBN). In
deze cursus leert de deelnemer vaardigheden om op een
verantwoorde en veilige wijze een wandeling met een
groep te maken. Daarnaast maakte HetCoachBureau
speciaal voor het programma een korte handleiding voor
hoe je als wandelbegeleider optimaal gebruik kunt
maken van de positieve, rustgevende en
ondersteunende effecten van de natuurlijke omgeving.
Samen met het Goois Natuurreservaat (GNR), de
eigenaar/beheerder van Monnikenberg,
zijn
verschillende wandelroutes op het landgoed uitgezet
variërend in lengte van 2, 3 en 4 kilometer. Deze
wandelroutes zijn op kaart uitgestippeld en voorafgaand
aan de start van het programma ook uitgetest door de
fysiotherapeut.
In het nazorgprogramma was, naast het lopen van de
route en het doen van natuuren
ontspanningsoefeningen,
ook ruimte voor fysieke
oefeningen, zoals krachtoefeningen (kniebuigen),
stabiliteitsoefeningen (op 1 been staan), coördinatie
oefeningen (zigzaggen, achteruit lopen)
rekoefeningen.
en
26
׉	 7cassandra://Hjms_2kV02aLI4KYYscmzHoctH7l6iJSmKKnk_qDOA0$`̵ \䰻K1׉E
ERVARINGEN
Bij de voorbereiding en uitvoering van het groene nazorg
beweegprogramma liep het onderzoeksteam aan tegen
diverse obstakels.
Ten eerste werd er vanwege nieuwbouwplannen een
bouwhek geplaatst rondom het terrein van Tergooi,
waardoor het landgoed Monnikenberg niet langer
rechtstreeks
toegankelijk
was
vanaf het
ziekenhuisterrein. Na lang onderhandelen werd er een
doorgang gemaakt in het hek. Deze doorgang is echter
om veiligheidsredenen niet gebruikt door de
fysiotherapeut.
Een tweede obstakel lag op het organisatorische vlak. Op
de afdeling fysiotherapie was geen ondersteuning
beschikbaar voor het organiseren van de wandelgroepen
en het uitvoeren van het onderzoek. Deze taken kwamen
bij de fysiotherapeuten te liggen, die dit lastig in konden
passen in hun overvolle agenda.
Een derde obstakel betrof de randomisatie van de
deelnemers. Patiënten die de revalidatie hadden
afgerond, werden op basis van toeval toegewezen aan
de wandelgroep of een passieve controlegroep. Dit
bracht de fysiotherapeut die deze toewijzing moest
uitvoeren in een moeilijk parket. Hij kende de patiënten
persoonlijk en wist wie er wel en niet baat zou hebben
bij het wandelen in de natuur. Ook vond hij het
vervelend om patiënten teleur te stellen. Dit is een
bekend medisch-ethisch probleem. Onderzoek naar
natuurinterventies kan niet dubbelblind worden
uitgevoerd, patiënt en behandelaar weten wie er in de
natuurgroep zit en wie niet, en hebben ook vaak een
positief beeld van de effecten van een natuurinterventie.
Een laatste obstakel was
dat GNR, de
eigenaar/beheerder van het landgoed Monnikenberg,
tijdens het project een nieuwe visie op het landgoed
ontwikkelde (Goois Natuurreservaat, 2015). Waar het
organiseren van wandelgroepen vanuit het ziekenhuis
aanvankelijk werd gezien als een kans om de
gezondheidsfunctie van de terreinen van GNR beter te
benutten en zichtbaar te maken, keerde dit om in een
visie waarbij georganiseerd gebruik van het landgoed
niet langer als passend werd gezien bij de functie van het
landgoed als groene schakel en rustgebied in een steeds
meer verstedelijkend gebied. Hierdoor was er vanuit
GNR weinig draagvlak meer voor het project.
Uiteindelijk is in januari 2018 toch een eerste
wandelgroep met 6 hart- en vaatpatiënten gestart, met
bijbehorende controlegroep. Na afronding van deze
wandelgroep is het programma echter gestopt vanwege
logistieke problemen en het gebrek aan perspectief op
structurele inbedding van het nazorgprogramma in het
behandelaanbod van de afdeling.
De deelnemers aan de wandelgroep waren wel positief
over de wandelgroep en de begeleidende fysiotherapeut
was ook enthousiast. De slechte conditie van de
deelnemers in combinatie met de lange omweg naar het
natuurgebied maakte het wandelprogramma wel zwaar.
27
׉	 7cassandra://s2yEVQggfN7mUtoRlIG4Etn3YnmYMaOn_w1yG5_jxHg `̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://CqZXzP-_nNOrWqj-HKcjcGEJJegQjkrUBg9v5SNuJV0 5` ׉	 7cassandra://tM4dmgX2lIlCmR71AewrpDYe8P9p32qs9GXrg2DZY8Y5*` S׉	 7cassandra://6O0aTmrkV2BOPr6_xKTDpSKHHdTMhpjiQ6cETYrT30M`̵ ׉	 7cassandra://FZvzyOlpa0hESr9z2BzIabJUSLlXvMMs_7ICoXtb-5Y8(͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://6Mvbnt2B0gEEVFL5bpdu9VM_8tG3UsDI4QY9V0Er920 `׉	 7cassandra://Orf6Q4SNib0W1VpoDxsgRLvWnnO7H2YMo50k3ajmqEY3`S׉	 7cassandra://QKcNZzzj4nHR4EAdvIMxAyVkRgbWZdWiu3bvBkq2Zegp`̵ ׉	 7cassandra://1pcWvH0nouqGDKP1yTzrzGM5Eg4PkJ2WHmKQyaMhO0Q ͠\䰻K2׉E,AANBEVELINGEN GROEN BEWEEGPROGRAMMA
1. Wandelgroepen in de natuur vormen een
aantrekkelijke aanvulling op het bestaande aanbod
aan nazorgprogramma’s voor hart- en vaatpatiënten.
Informeer patiënten na het afronden van de
revalidatie op het bestaan van deze wandelgroepen.
2. Wandelgroepen voor kwetsbare groepen, zoals
hartpatiënten, dienen bij voorkeur begeleid te
worden door een fysiotherapeut of andere
zorgprofessional die bekend is met de problematiek
van de patiëntgroep.
3. Laat fysiotherapeuten die een wandelgroep gaan
begeleiden een training tot wandelbegeleider volgen
waarin ze leren om op een verantwoorde en veilige
wijze een wandeling met een groep te maken
4. Wissel het wandelen af met natuur- en
ontspanningsoefeningen.
5. Pas het tempo en het inspanningsniveau aan op de
conditie en wensen van de deelnemers.
6. Zorg er voor dat plezier in bewegen, genieten van
natuur en gezelligheid tijdens de wandeling voorop
staan. Dit voorkomt uitval en bevordert de
therapietrouw
7. Maak goede afspraken over het organiseren van de
wandelingen met de beheerder(s) van
natuurterreinen waar gelopen wordt.
8. Moedig
deelnemers na afloop van het
nazorgprogramma aan om te blijven wandelen en
verwijs door naar andere, minder intensief begeleide
vormen van bewegen in de natuur, zoals Gezond
Natuur Wandelen.
28
׉	 7cassandra://6O0aTmrkV2BOPr6_xKTDpSKHHdTMhpjiQ6cETYrT30M`̵ \䰻K1׉E29
׉	 7cassandra://QKcNZzzj4nHR4EAdvIMxAyVkRgbWZdWiu3bvBkq2Zegp`̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://A-1HjDrF33dw5Pd8XM4APB1faLxKtc8fAcFUiwhCSC8 `׉	 7cassandra://avCEIXEZ7wbuRDky35RkmvSr44-yYibtLSneXc7Q_To\`S׉	 7cassandra://rZFtzmmadZathZUGQClk14Xl6dJ6HWH7jLTeCKSYps8`̵ ׉	 7cassandra://g22j3cxFU2sHCwKDUhQfZqGaFQzot-OVqxVVSg9ri-I T͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://bVOL-MP2daBI4NutGQpVw6j1VPNKZFoyTjLG7SKBJjU ` ׉	 7cassandra://rJe8poteF2dlNYAOdXfC1cxp0Dm61MLV87aoR1xTwcIq6` S׉	 7cassandra://1rUYTv71uPYFRH8q0tLtnBz_pLJIfMmhZ3rgdYzU8IEN`̵ ׉	 7cassandra://nx5hh_fgG3VGR6Uu5ahH0Q_HX1CW-Xzd7_ZIWt2xK9EP(͠\䰻K2נ\䰻K2 HC9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2 ̔9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2 3L̔9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2 #eM9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2 s̀9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2 (̛9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2 h̨9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2 (ˁa9 ׉S%G
ׁׁrנ\䰻K2 8сI9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2 r9 ׉S&G
ׁׁrנ\䰻K2 ǁ̭9 ׉S%G
ׁׁr׉E7| DE AFDELING KINDERGENEESKUNDE
Als ouders horen dat hun kind ziek is, staat de wereld
voor hen even stil. Voor het kind gaat het leven echter
gewoon door. Een ziek kind is namelijk een kind zoals
ieder ander kind, met dezelfde behoeften en wensen.
Kinderen zijn lichamelijk, cognitief, emotioneel en sociaal
nog volop in ontwikkeling, en hebben daarom een
andere vorm van zorg nodig dan volwassenen heeft
(Stichting Kind & Ziekenhuis, 2013). Zo is bijvoorbeeld
het vochtgebruik per kilogram lichaamsgewicht bij een
kind hoger waardoor het sneller uitdroogt dan een
volwassene. Het denken van kinderen is ook nog niet zo
goed ontwikkeld als bij volwassenen. Vooral kleine
kinderen zijn nog niet in staat hun gevoelens te uiten en
te beschrijven. Denk bijvoorbeeld aan een kind dat
buikpijn aangeeft, terwijl het een oorontsteking.
Stichting Kind en Ziekenhuis zet zich al jarenlang in voor
meer kindgerichte medische zorg. Hierbij gaat de
stichting uit van het ‘handvest kind en ziekenhuis’. Dit
internationale handvest bestaat uit 10 artikelen waarin
de rechten van kinderen in een ziekenhuis zijn
vastgelegd. Volgens dit handvest moeten kinderen
bijvoorbeeld altijd begeleid worden door medisch
verpleegkundigen en ander personeel dat speciaal voor
de zorg aan kinderen is opgeleid, en hebben zij het recht
om altijd hun ouders of verzorgers bij zich te hebben.
Ook hebben zij het recht op mogelijkheden om te spelen,
zich te vermaken en onderwijs te genieten al naar gelang
hun leeftijd en conditie.
Op de afdeling kindergeneeskunde wordt op allerlei
manieren op de speciale behoeften van kinderen
ingespeeld. Zo zijn er ‘rooming-in’ mogelijkheden zodat
ouders ’s nachts naast hun kind kunnen blijven slapen.
Ook is er een speelkamer waar kinderen die zich goed
genoeg voelen kunnen spelen met allerlei speelgoed en
materialen. Voor kinderen die niet uit bed kunnen of
mogen zijn er pedagogisch medewerkers aanwezig die
naar hen toe gaan om voor te lezen of met ze te spelen.
30
׉	 7cassandra://rZFtzmmadZathZUGQClk14Xl6dJ6HWH7jLTeCKSYps8`̵ \䰻K1׉EEFFECTEN VAN GROEN
Steeds meer studies tonen aan dat de natuur voor
kinderen een rijke bron van positieve ervaringen is, en
dat regelmatig contact met natuur kan bijdragen aan een
gezonde lichamelijke, emotionele, cognitieve en sociale
ontwikkeling van kinderen. Zo hebben kinderen die
binnen 15 minuten lopen van een bos wonen een 25%
lagere kans op overgewicht (Dadvand e.a., 2014). En op
scholen met een groen schoolplein kunnen kinderen zich
na de pauze beter concentreren dan kinderen op scholen
met een traditioneel betegeld plein (Van Dijk-Wesselius
e.a., 2018).
Kinderen die in het ziekenhuis verblijven kunnen niet
buiten in het bos of op een groen schoolplein spelen. Zij
zijn voor hun contact met natuur aangewezen op groene
voorzieningen in en rond het ziekenhuis, zoals
beleeftuinen. Uit evaluaties van het gebruik en de
waardering van beleeftuinen bij kinderziekenhuizen blijkt
dat volwassenen (ouders en personeel) zo’n tuin vooral
gebruiken om te zitten en te ontspannen, terwijl
kinderen meer actief bezig zijn met de planten en
speeltoestellen in de tuin (Reeve e.a., 2017). Er zijn ook
aanwijzingen dat een bezoek aan de tuin angst, stress en
pijn kan verminderen bij zowel kinderen als volwassenen
(Sherman e.a., 2005). In één onderzoek rapporteerde
maar liefst 90% van de bezoekers een positieve
verandering in de stemming nadat ze in de tuin waren
geweest (Whitehouse e.a., 2001).
Een bezoek aan een tuin bij het ziekenhuis biedt dus veel
voordelen, maar lang niet iedereen weet de tuin te
vinden. Onderzoek in
drie Amerikaanse
kinderziekenhuizen met een tuin laat zien dat 57% van
de bezoekers en patiënten nog nooit in de tuin was
geweest, en 27% wist niet eens dat de tuin er was
(Pasha, 2013). Personeel wist wel van het bestaan af,
maar toch kwam bijna de helft er nooit, vooral omdat ze
het te druk hadden, of omdat het slecht weer was.
Groene voorzieningen, zoals planten en plantenwanden,
bieden een laagdrempelig alternatief voor kinderen en
andere gebruikers om natuur te kunnen beleven binnen
de muren van het ziekenhuis. Voor zover bekend is er
nog geen onderzoek naar planten en andere groene
voorzieningen in kinderziekenhuizen. Onderzoek naar
planten in bijvoorbeeld klaslokalen levert wel
aanwijzingen dat zulke voorzieningen positieve effecten
31
kunnen hebben. Een Nederlands onderzoek naar groene
wanden in klaslokalen laat bijvoorbeeld zien dat kinderen
in lokalen met een plantenwand het lokaal positiever
waarderen en zich beter kunnen concentreren dan
kinderen in lokalen zonder een plantenwand (Van den
Berg e.a., 2017).
Ook virtuele natuur kan positieve effecten hebben. Zo
blijkt uit onderzoek naar ‘virtual distraction’ therapie dat
kinderen met kanker of brandwonden pijnlijke
behandelingen beter kunnen verdragen wanneer ze zich
tijdens de behandeling met behulp van virtual reality
technologie kunnen spelen in een virtuele
natuuromgeving, zoals een dierentuin met gorilla’s of
een wereld vol sneeuw (Malloy & Milling, 2010). Omdat
er in dit soort onderzoek meestal geen niet-natuurlijke
controlecondities zijn opgenomen, blijft het echter de
vraag in hoeverre de natuurlijkheid van de omgeving
verantwoordelijk is voor de pijnreducerende effecten
van de therapie.
׉	 7cassandra://1rUYTv71uPYFRH8q0tLtnBz_pLJIfMmhZ3rgdYzU8IEN`̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://SVwAGFz0MLknwioJBveWtg4IdT61_JUST7pdTNfWDMQ `׉	 7cassandra://gdyI_oyVTDV8q1z-qjp9aBmWzV-4lFtZOQAECN_AUZUD`S׉	 7cassandra://vGV10tAA1hRtlm_gJk4HIU9CkHkR0Ua4PSiUSMX2KCw`̵ ׉	 7cassandra://f1fjxfUT4x6lWS05TN010-29yu-NuV4Y8k84hXjwqlUͧyD͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://JD1tTpqK_5RoD9aK9G2C-GipOrmgc7rU3S4K7bXuzng `׉	 7cassandra://94jHw4EmGc32mh72BufZBzie7Rwy2myj3CssDvXd7g0ry`S׉	 7cassandra://uPT-sbOj38m-q_sh5afIWjXIomPv3muMftlr-yLL4cA"`̵ ׉	 7cassandra://kw_tTjh7amgefnP4hJ7MTpv3-c2cl-Et0TH7o_K9wn8 "(͠\䰻K2נ\䰻K2 ̊9 ׉S%G
ׁׁr׉E5INTERVENTIE: NATUURONTDEKKER
Om de natuur dichtbij zieke kinderen te brengen,
ontwikkelde natuurorganisatie IVN de Natuurontdekker,
een verrijdbare kast voor naast het ziekenhuisbed. De
kast heeft aan alle zijden vakken en andere uitsparingen,
waarin materialen zijn verstopt die het kind er uit kan
trekken. Hierin bevinden zich allerlei natuurlijk
spelmaterialen, zoals:
 Ontdeklades met informatie over onder meer
kikkers, schelpen, wormen en bijen
 Knutselmaterialen en bouwplaten om dieren te
vouwen
 Een maquette van een sloot met kikkers, waterlelies
en boterbloemen (bovenop de kast)
 Magneten
 Een natuurmuseum waar kinderen hun
knutselwerken kunnen tentoonstellen
 Boeken over de natuur, waaronder een boek met
vogelgeluiden
De Natuurontdekker biedt ontspanning en afleiding voor
de patiëntjes. Voor ouders, verpleegkundigen en
pedagogisch medewerkers is de beleefkast een extra
middel om in te zetten bij het begeleiden en verzorgen
van de kinderen. IVN hoopt met de kast kinderen ook te
motiveren om na hun ziekenhuisopname de natuur in te
trekken
Om kinderen nog meer te verleiden om de natuur in te
gaan krijgen ze bij ontslag uit het ziekenhuis een
‘herstelpakketje’ mee met informatie over
natuurgebieden in de buurt, zoekkaarten en
natuuronderzoeksmateriaal.
EERSTE ONTWERP NATUURONTDEKKER
32
׉	 7cassandra://vGV10tAA1hRtlm_gJk4HIU9CkHkR0Ua4PSiUSMX2KCw`̵ \䰻K1׉E	ERVARINGEN
De Natuurontdekker is uitgetest op de afdeling
Kindergeneeskunde van het Reinier de Graaf Gasthuis in
Delft. De Natuurontdekker stond daar in de speelkamer,
waar kinderen er mee konden spelen. De kast kon ook
uit de speelkamer naar het bed van een kind worden
gereden.
De pedagogisch medewerkers waren enthousiast over de
Natuurontdekker. Ze vonden het een waardevolle
aanvulling op de bestaande spelmaterialen omdat de
kast naar het bed van het kind toe kon worden gebracht.
Verder waardeerden de pedagogisch medewerkers het
educatieve aspect en het feit dat er voor alle leeftijden
aansprekende onderdelen in zitten.
Om meer inzicht te krijgen in het gebruik en de
waardering van de Natuurontdekker is een onderzoek
uitgevoerd onder 41 kinderen (tussen de 4 en 12 jaar) op
de afdeling, waarvan 14 waren opgenomen in het
ziekenhuis, en 27 een poliklinisch onderzoek
ondergingen (Dijkstra e.a., 2018). De kinderen vulden, al
dan niet met wat hulp van een volwassene voor en na
het spelen met de Natuurontdekker een vragenlijst in.
Het onderzoek verliep voorspoedig. Er was veel
medewerking van de pedagogisch medewerkers en er
was een duidelijk en enthousiast aanspreekpunt op de
afdeling, die het onderzoek in goede banen leidde.
Uit het onderzoek blijkt dat de kinderen gemiddeld 24
minuten met de Natuurontdekker speelden, waarbij
sommige kinderen al na 3 minuten klaar waren, en
andere wel langer dan een uur bezig waren. Er werd het
meest met de Natuurontdekker gespeeld in de
speelkamer, 11 kinderen hebben vanuit hun bed of in
hun kamer met de kast gespeeld.
Bijna alle kinderen zijn positief over de Natuurontdekker.
Ze zijn het meest positief over het vogelzangboek, de
verschillende lades, de bovenkant en de magneten. De
meeste kinderen vinden de Natuurontdekker erg
interessant en erg mooi. Ook zou ruim 40% van de
kinderen zeker nog een keer met de Natuurontdekker
willen spelen.
Van de 35 kinderen die langer dan 5 minuten met de
Natuurontdekker speelden voelden 11 zich na afloop
meer verbonden met de natuur, de rest (op 1 kind na dat
zich minder verbonden voelde) was gelijk gebleven.
Anders dan verwacht had het spelen met de
Natuurontdekker weinig effect op de stemming en
pijnbeleving. De meeste kinderen waren voordat ze
gingen spelen al positief gestemd en hadden geen pijn.
Voor zover het spelen wel leidde tot een verandering in
emoties, was deze positief. Zo werden kinderen minder
moe, minder bang en blijer.
33
׉	 7cassandra://uPT-sbOj38m-q_sh5afIWjXIomPv3muMftlr-yLL4cA"`̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://Ke2WjD5oL3GGfMFpJ18HZJmBkmK2RPAkBjfwZFRJP5Y f` ׉	 7cassandra://5HEIU9xUgZHFyUewZW_iryIaoqOkBwS0lE6jZGtXJIQ(` S׉	 7cassandra://kxodwbIk_SrurE95ACLFqkaL0lPrFyD4YVVP2J7NVIU`̵ ׉	 7cassandra://aihkZGQO8QPbezvyCKNzuhLD_42jYvEZxiX67dIMG5s, (͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://eCdfu-e2D-5NGA9QcLuY6WsI6KRI3aEUaisQdME_jkQ p`׉	 7cassandra://jGNExxWJJkH2jwiz_DluXCjY8Co3VRMYzrdU6YkICSQ*`S׉	 7cassandra://PecBs1g6XkpbpotniNvXvVzC9bCuIh-WsstoAqKAmAc`̵ ׉	 7cassandra://IoUN85cJOVEGzNRRiVUrOIe3etoPDuaRWlyl1Efvk6M͋͠\䰻K2׉E AANBEVELINGEN
1. Kinderen in het ziekenhuis willen, net als alle andere
kinderen, blijven spelen, leren en ontdekken.
Natuurlijke spelmaterialen sluiten aan bij deze
behoefte en worden door kinderen hoog
gewaardeerd.
2. Een verrijdbaar object dat naar de kamer kan worden
toegereden, zoals de Natuurontdekker, vormt een
goede aanvulling op het bestaande aanbod aan
spelmaterialen in een ziekenhuis.
3. Speel in op de behoeften van kinderen door
meerdere zintuigen tegelijk aan te spreken,
bijvoorbeeld door de mogelijkheid te bieden om naar
geluiden uit de natuur te luisteren of om dieren en
andere dingen uit de natuur te kunnen aanraken.
4. Biedt kinderen de mogelijkheid om actief bezig te zijn
door ze laten knutselen met materialen uit de natuur.
5. Zorg er, indien mogelijk voor, dat kinderen en hun
ouders ook echt naar buiten de natuur in kunnen
door het aanleggen van een beleeftuin die zowel
tegemoet komt van de behoefte kinderen om te
spelen en de natuur te ontdekken als de behoefte van
ouders om tot rust te komen en er even uit te zijn.
34
׉	 7cassandra://kxodwbIk_SrurE95ACLFqkaL0lPrFyD4YVVP2J7NVIU`̵ \䰻K1׉E35
׉	 7cassandra://PecBs1g6XkpbpotniNvXvVzC9bCuIh-WsstoAqKAmAc`̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://va_gLUL5Ykeowlz4iDrjcvxF3-Adn_AZ5oCdrfH994g 8` ׉	 7cassandra://mdE5xvVq5BEMle0p1Db1ChN1tp2Ou5HSPGuiJzDacUk͖` S׉	 7cassandra://QtFGhvLHMq3rF99Ggh2yIJtZ14uM_48VhXD7j5U0Hnw"R`̵ ׉	 7cassandra://CV3qaB1gbDmNrbZZ5XXmYcnLOfo2LxOlb5fVfc_JyeAkm̔͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://p4HJUrqWVQWToeT6QUWW3Agwgmk6Uk8VW1YaPnFqNaI `׉	 7cassandra://PihTLjw1o58wxx8NiLSH_n5ydgNKoqhn-T2Fwc2sVcM:`S׉	 7cassandra://Bv3AN7VMbxsYu8DDi86q69WJVj9bdJWfoNg2jxBD5EM`̵ ׉	 7cassandra://XrEnj6uxaPwLr0UhaGqmnNKj_TjH6LnFGx1EaxLGquw q͠\䰻K2׉ENABESCHOUWING
Groene Gezonde Ziekenhuizen is een onderzoeksproject
dat niet alleen uniek is voor Nederland, maar ook in
internationaal opzicht.
Onderzoek naar de relatie tussen natuur en gezondheid
heeft de afgelopen twee decennia een stormachtige
ontwikkeling doorgemaakt. Het meeste onderzoek in
zowel binnen- als buitenland is echter gericht op
preventieve effecten van groen in de leefomgeving,
terwijl juist ook bij mensen die kampen met ziekte en
aandoeningen veel effect te behalen is.
De ziekenhuisomgeving vormt hierbij een speciale
locatie. Toepassing van groen in deze omgeving
ondersteunt niet alleen het helend vermogen van
patiënten, maar kan ook de werkstress van het personeel
verminderen en stelt bezoekers en andere gebruikers in
staat om even aan de ziekenhuissfeer te ontsnappen.
WEINIG KLINISCH ONDERZOEK
Toch is er maar weinig klinisch onderzoek naar
gezondheidsbaten van groen. De ambitie van de partners
van het programma Groene Gezonde Ziekenhuizen was
om hier verandering in te brengen, door het uitvoeren
van studies die voldoen aan algemene criteria voor goed
medisch onderzoek, zoals gerandomiseerde
gecontroleerde trials.
In de praktijk bleek deze ambitie, zoals ook beschreven
in deze inspiratiegids, minder makkelijk te realiseren dan
gedacht. Alhoewel het oorspronkelijke onderzoeksplan
grotendeels is gerealiseerd, was er bij bijna elke studie
sprake van onvoorziene omstandigheden die leidden tot
vertraging of wijzigingen in de onderzoeksopzet. Dit had
voor een groot deel te maken met algemene factoren
waarmee ziekenhuizen in Nederland te maken hebben,
zoals een gebrek aan personeel en een groot
ziekteverzuim en snel verslechterende patiënten
populaties.
ONBEKENDHEID MET GROENE INTERVENTIES
Daarnaast speelde ook een rol dat ziekenhuizen nog niet
zo bekend zijn met groene interventies. Anders dan bij
bijvoorbeeld medicijnenonderzoek, hebben ziekenhuizen
nog geen standaardprocedures voor het ondersteunen
van onderzoek naar groen en gezondheid. Medisch
personeel ziet groen vaak vooral als een decoratief
element dat de patiënt tevredenheid kan vergroten. De
gedachte dat groen ook kan worden ingezet ter
ondersteuning van de behandeling van patiënten wordt
nog niet breed erkend door artsen en verpleegkundigen,
zoals onder meer blijkt uit het verhaal van de oncoloog
die het initiatief nam voor de chemotuin bij Tergooi.
In het algemeen laten de ervaringen in het Groene
Gezonde Ziekenhuizen programma zien dat er bij het
introduceren van groene interventies veel aandacht
moet worden gegeven aan veiligheidsaspecten, comfort,
en het minimaliseren van risico’s. Ook is duidelijk
geworden dat gerandomiseerd onderzoek naar groene
interventies lastig is te realiseren omdat het personeel
patiënten die in de controlegroep terechtkomen niet
graag wil teleurstellen. Daarnaast blijkt dat alleen
ondersteuning van de directie ontoereikend is voor het
uitvoeren van onderzoek, ook op de werkvloer moet er
voldoende draagvlak en enthousiasme zijn.
HANDVATTEN VOOR TOEKOMSTIG ONDERZOEK
Al met al is in het onderzoeksprogramma veel kennis
opgedaan over de implementatie van groene
interventies in en rond ziekenhuizen en het uitvoeren
van onderzoek naar deze interventies. Onderzoekers met
een niet-klinische achtergrond en groene ondernemers
hebben een kijkje achter de schermen van een
ziekenhuis kunnen nemen, en daarbij veel geleerd over
hoe je groene interventies beter kunt laten aansluiten bij
de dagelijkse ziekenhuispraktijk. Tegelijkertijd hebben
ziekenhuizen ook kunnen kennismaken met de
mogelijkheden van groen, en zelf kunnen zien en ervaren
wat groen met mensen kan doen. De kloof tussen de
‘groene en witte wereld’ is hiermee een stukje kleiner
geworden.
Het onderzoeksprogramma Groene Gezonde
Ziekenhuizen bied veel handvatten voor toekomstig
klinisch onderzoek naar groen en gezondheid. Het laat
ook zien dat zulk onderzoek belangrijk en nodig is, gezien
de grote potentie van groene interventies ter
ondersteuning van en in aanvulling op het standaard
zorgaanbod van ziekenhuizen.
36
׉	 7cassandra://QtFGhvLHMq3rF99Ggh2yIJtZ14uM_48VhXD7j5U0Hnw"R`̵ \䰻K1׉E37
׉	 7cassandra://Bv3AN7VMbxsYu8DDi86q69WJVj9bdJWfoNg2jxBD5EM`̵ \䰻K1\䰻K1{בCט   {u׉׉	 7cassandra://cL-auxFuyTyurKpJsTGle84qrfEVilh4SiAKpIIw1QI 0` ׉	 7cassandra://32PIiRCvM0hTNaTsep5cpctLdrgWd4LbtAWthO27-iQw`S׉	 7cassandra://l9zoHAcNVXXc01Lop5Mf58IIi_Oul0m7wKfXERFe3YQ`̵ ׉	 7cassandra://3Ah0Gta2_yfCq5d30VR8s2fL7NOGl1VehhjAWXuK530ͱUX͠\䰻K2ט  {u׉׉	 7cassandra://JueUuLK5_8X38J3UYpax4NMqBpBUSj_k35fnI_ZOKB0 F` ׉	 7cassandra://6zhIqfsE0_PerRiWTwVmW_FZfKiS6gk30jc3cU45tWoH4`S׉	 7cassandra://-D0cY9UfTg0_ep7wx8_DLGmsTdy_AzuaTBI_y8cHWvo*`̵ ׉	 7cassandra://2z_dCXaF9qa2JcURhqPmuiMonh8Ns1ayU9G9sPqd4JA͚!͠\䰻K2נ\䰻K2 [=X9׉H 7http://fhreja.nl/?portfolio=tergooi-ziekenhuis-blaricumGׁׁrנ\䰻K2 Ot9׉H @http://vandersalm-aim.nl/portfolio/project-chemotherapie-buiten/Gׁׁrנ\䰻K2 #̮9׉H @http://vandersalm-aim.nl/portfolio/project-chemotherapie-buiten/Gׁׁrנ\䰻K2 S9ׁH *http://vandersalm-aim.nl/portfolio/projectׁׁЈ׉EBRONNEN
Barton, J., Bragg, R., Wood, C., & Pretty, J. (2016). Green exercise:
linking nature, health and well-being. London/New York:
Routledge.
Blaschke, S. (2017). The role of nature in cancer patients' lives: a
systematic review and qualitative meta-synthesis. BMC Cancer,
17(1), 370.
Blaschke, S., O'Callaghan, C. C., Schofield, P., & Salander, P. (2017).
Cancer patients' experiences with nature: Normalizing
dichotomous realities. Social Science and Medicine, 172, 107114.
Blaschke,
S., O’Callaghan, C. C., & Schofield, P. (2017). Naturebased
care opportunities and barriers in oncology contexts: a
modified international e-Delphi survey. BMJ Open, 7(10),
e017456.
Bragg, R., & Atkins, G. (2016). A review of nature-based
interventions for mental health care. London: Natural England.
Carlson, L. E., & Bultz, B. D. (2003). Cancer distress screening:
needs, models, and methods. Journal of Psychosomatic
Research, 55(5), 403-409.
Cimprich, B., & Ronis, D. L. (2003). An environmental intervention
to restore attention in women with newly diagnosed breast
Cancer. Cancer Nursing, 26(4), 284-292.
Cutillo, A., Rathore, N., Reynolds, N., Hilliard, L., Haines, H.,
Whelan, K., e.a. (2015). A literature review of nature-based
therapy and its application in cancer care. Journal of
Therapeutic Horticulture, 25(1).
Dadvand, P., Villanueva, C. M., Font-Ribera, L., Martinez, D.,
Basagaña, X., Belmonte, J., e.a. (2014). Risks and benefits of
green spaces for children: a cross-sectional study of
associations with sedentary behavior, obesity, asthma, and
allergy. Environmental Health Perspectives, 122(12), 1329.
de la Torre-Luque, A., Gambara, H., López, E., & Cruzado, J. A.
(2016). Psychological treatments to improve quality of life in
cancer contexts: A meta-analysis. International Journal of
Clinical and Health Psychology, 16(2), 211-219.
Deckers, F. (2018). Vergroenen afdeling geriatrie ziekenhuis
Tergooi Blaricum. Te raadplegen via
http://fhreja.nl/?portfolio=tergooi-ziekenhuis-blaricum
Diek, R., Garssen, A., Heitman, M., Loon, M. V., & Weijters, M.
(2004). Groen in de ouderenzorg: verkennend onderzoek naar
activiteiten gericht op natuurbeleving bij ouderen. . Utrecht:
Universiteit Utrecht: Wetenschapswinkel Biologie
Dijkstra, K. T., Maas, J., Meuwese, D., & Berg, A. v. d. (2018).
Factsheet Natuurontdekker. Amsterdam: Vrije Universiteit
Amsterdam.
Emmen, M., & Van Vuren, A. (2008). Wat ik wil, wat ik wens. De
wensen, behoeften en verwachtingen van de PAAZ patiënten.
Afstudeeronderzoek
's Hertogenbosch: Avans Hogeschool.
Gonzalez, M. T., Hartig, T., Patil, G. G., Martinsen, E. W., &
Kirkevold, M. (2009). Therapeutic horticulture in clinical
depression: A prospective study. Research and Theory for
Nursing Practice, 23(4), 312-328.
Gonzalez, M. T., & Kirkevold, M. (2014). Benefits of sensory garden
and horticultural activities in dementia care: a modified
scoping review. Journal of Clinical Nursing, 23(19-20), 26982715.
Goois
Natuurreservaat. (2015). Natuur- en Landschapsplan
Landgoed Monnikenberg. Hilversum: Goois Natuurreservaat.
Hartig, T., Mitchell, R., de Vries, S., & Frumkin, H. (2014). Nature
and Health. Annual Review of Public Health, 35, 207-228
38
Janssen, V., De Gucht, V., van Exel, H., & Maes, S. (2014). A selfregulation
lifestyle program for post-cardiac rehabilitation
patients has long-term effects on exercise adherence. Journal
of Behavioral Medicine, 37(2), 308-321.
Kroon, J. D., & Borgesius, E. (2003). De zorgbehoeftenlijst: een
vragenlijst voor het meten van zorg en rehabilitatiebehoeften
bij mensen met ernstige psychische stoornissen. Utrecht:
Trimbos-instituut.
Kuo, M. (2015). How might contact with nature promote human
health? Promising mechanisms and a possible central pathway.
[Mini Review]. Frontiers in psychology, 6(1093).
Lemaitre, R. N., Siscovick, D. S., Raghunathan, T. E., Weinmann, S.,
Arbogast, P., & Lin, D. Y. (1999). Leisure-time physical activity
and the risk of primary cardiac arrest. Archives of Internal
Medicine, 159(7), 686-690.
Maas, J., Verheij, R. A., de Vries, S., Spreeuwenberg, P., Schellevis,
F. G., & Groenewegen, P. P. (2009). Morbidity is related to a
green living environment. Journal of Epidemiology and
Community Health, 63(12), 967-973.
Malloy, K. M., & Milling, L. S. (2010). The effectiveness of virtual
reality distraction for pain reduction: A systematic review.
Clinical Psychology Review, 30(8), 1011-1018.
McCrone, P., Leese, M., Thornicroft, G., Schene, A., Knudsen, H. C.,
Vázquez‐Barquero, J. L., e.a. (2001). A comparison of needs of
patients with schizophrenia in five European countries: the
EPSILON Study. Acta Psychiatrica Scandinavica, 103(5), 370379.
McCusker,
J., Kakuma, R., & Abrahamowicz, M. (2002). Predictors
of functional decline in hospitalized elderly patients: a
systematic review. The Journals of Gerontology Series A:
Biological Sciences and Medical Sciences, 57(9), M569-M577.
Orr, N., Wagstaffe, A., Briscoe, S., & Garside, R. (2016). How do
older people describe their sensory experiences of the natural
world? A systematic review of the qualitative evidence.
[journal article]. BMC Geriatrics, 16(1), 116.
Ottosson, J., & Grahn, P. (2005). A comparison of leisure time
spent in a garden with leisure time spent indoors: on measures
of restoration in residents in geriatric care. Landscape
Research, 30(1), 23-55.
Pasha, S. (2013). Barriers to garden visitation in children's
hospitals. Health Environments Research & Design Journal,
6(4), 76-96.
Reeve, A., Nieberler-Walker, K., & Desha, C. (2017). Healing
gardens in children’s hospitals: Reflections on benefits,
preferences and design from visitors’ books. Urban Forestry &
Urban Greening, 26, 48-56.
Rooij, S., Schuurmans, M., Buurman, B., & Korevaar, J. (2007).
Acuut opgenomen in het ziekenhuis. Nederlands Tijdschrift
voor Evidence Based Practice, 5(4), 99-102.
Rowlands, J., & Noble, S. (2008). How does the environment
impact on the quality of life of advanced cancer patients? A
qualitative study with implications for ward design. Palliative
Medicine, 22(6), 768-774.
Sherman, S. A., Varni, J. W., Ulrich, R. S., & Malcarne, V. L. (2005).
Post-occupancy evaluation of healing gardens in a pediatric
cancer center. Landscape and Urban Planning, 73(2-3), 167183.
Stichting
Kind & Ziekenhuis. (2013). Ernstig zieke kinderen hebben
recht op gezonde zorg. Utrecht: Stichting Kind & Ziekenhuis.
׉	 7cassandra://l9zoHAcNVXXc01Lop5Mf58IIi_Oul0m7wKfXERFe3YQ`̵ \䰻K1׉E8Tang, J. W. S., & Brown, R. D. (2006). The effect of viewing a
landscape on physiological health of elderly women. Journal of
Housing for the Elderly, 19(3-4), 189-204.
Tanja-Dijkstra, K., Van den Berg, A. E., Maas, J., Bloemhof- Haasjes,
J., & Van den Berg, P. (2017). Chemotherapie in de tuin.
Nederlands Tijdschrift voor Oncologie.
Tanja-Dijkstra, K., Van den Berg, J., , Maas, J., Nijhof, R., Van den
Berg, P., & Grevink, B. J. (2016). Chemotherapy outdoors: A
biophilic design approach. Paper presented at the International
Association of People-Environment Studies.
Thomas, E. J., & Brennan, T. A. (2000). Incidence and types of
preventable adverse events in elderly patients: population
based review of medical records. BMJ, 320(7237), 741-744.
Ulrich, R. S. (1984). View through a window may influence
recovery from surgery. Science, 224(4647), 420-421.
Uwajeh, P., Polay, M., & Iyendo, T. O. (2018). Therapeutic
Gardens–A healing environment for optimizing the health care
experience of Alzheimer’s and dementia patients: A narrative
review. Preprints (doi: 10.20944/preprints201810.0022.v1).
Van den Berg, A. E. (2005). Health impacts of healing
environments: A review of the benefits of nature, daylight,
fresh air and quiet in healthcare settings. Groningen:
Foundation 200 years University Hospital Groningen.
Van den Berg, A. E. (2012). Buiten is gezond. Onderzoeksrapport
publieksenquête De Friesland Zorgverzekeraar.
Van den Berg, A. E. (2017). Pilot Groene Wandel Fysio,
effectmeting en evaluatie. Groenekan: Natuurvoormensen
Omgevingspsychologisch onderzoek.
Van den Berg, A. E., & Custers, M. H. G. (2007). Natuur, stress en
cortisol: Experimenteel onderzoek naar de invloed van
tuinieren en activiteiten in groenkamers op het fysiologisch,
affectief en cognitief herstel van stress. Rapport 1629.
Wageningen: Alterra.
Van den Berg, A. E., & Van den Berg, M. M. H. E. (2014). Health
benefits of plants and green space: Establishing the evidence
base. Acta Horticulturae, 1093(19-30).
Van den Berg, A. E., & Van Duijn, B. (2014). Planten in justitiële
inrichtingen. PT projectnummers 14908/14912. Leiden:
Fytagoras.
Van den Berg, A. E., Wesselius, J. E., Maas, J., & Tanja-Dijkstra, K.
(2017). Green walls for a restorative classroom environment: A
controlled evaluation study. Environment and Behavior, 49(7),
791-813.
Van der Salm, B. (2014). Project chemotherapie buiten, een
paviljoen voor chemotherapie in het landschap. Te raadplegen
via http://vandersalm-aim.nl/portfolio/projectchemotherapie-buiten/
Van
Dijk-Wesselius, J. E., Maas, J., Hovinga, D., Van Vugt, M., &
Van den Berg, A. E. (2018). The impact of greening schoolyards
on the appreciation, and physical, cognitive and socialemotional
well-being of schoolchildren: A prospective
intervention study. Landscape and urban planning, 180, 15-26.
Visse, M., De Kruif, A., Jongepier, B., Roukema, B., & Vlaanderen,
E. (2010). Ervaringen van mensen met hart- en vaatziekten met
de psychosociale zorg: Vertrouwen, begrijpen en ‘gezien
worden’. Amsterdam: VU Amsterdam.
Visser, A., Geluk, W., Breed, W., van Leeuwen, N., van Liempt, H.,
Bossema, E., e.a. (2009). Inloophuizen voor mensen met
kanker en hun naasten. TSG, 87(7), 294-297.
Wagenaar, C. (Ed.). (2005). Evidence Based Design: Architecture as
medicine? Proceedings of an international symposium held at
the University Medical Center Groningen, The Netherlands,
November 22, 2003. Groningen: Foundation 200 Years
University Hospital.
Weerasuriya, R., Henderson-Wilson, C., & Townsend, M. (2018). A
systematic review of access to green spaces in healthcare
facilities. Urban Forestry & Urban Greening.
Whitehouse, S., Varni, J. W., Seid, M., Cooper-Marcus, C., Ensberg,
M. J., Jacobs, J. R., e.a. (2001). Evaluating a children's hospital
garden environment: Utilization and consumer satisfaction.
Journal of Environmental Psychology, 21(3), 301-314.
39
׉	 7cassandra://-D0cY9UfTg0_ep7wx8_DLGmsTdy_AzuaTBI_y8cHWvo*`̵ \䰻K1\䰻K1{,Inspiratiegids 16dec\Ab盬