׉?4ׁB! בCט ? ?{u׉׉	 7cassandra://IY0-bOmVVZayJhhR7niNwRDy9zaW1iKf9EqphJ1G6dQ ``׉	 7cassandra://aDsGnFBP_nyX08IxUYxH3VVFlldMETDIwJUAm9rDo9Mͫ`t׉	 7cassandra://8WO-A2j1UxTGfvE-pRf0w5OALnIaBZuvMsWLaPyMvRw5` hyN,{,6׈EhxN,{+׉E %Stationslocaties
Nederland 2025/2026
׉	 7cassandra://8WO-A2j1UxTGfvE-pRf0w5OALnIaBZuvMsWLaPyMvRw5` hxN,{+hxN,{+~{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://OJRA9180YdSquWm2gSiBdkR_Bbu-pJJ5y01Olmk4o-4 [`׉	 7cassandra://II3z3bsXnpNIP_OKNmB707UqHUqN4pwveWDljnQ0BAUj$`t׉	 7cassandra://XDn20lpDmHk-PA4szATuM24wKx5YM8J98oBs4h2y3ek"K` hyN,{,9ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://nJBtBbu9PiOodRhC5-Y-6Vq_VyledhvCmh4rs3gO8EU l`׉	 7cassandra://gEcNyIKKOmvVvjxbYV6Gs60btVrtkd5yV_F3JJlXvssM`t׉	 7cassandra://078WZ0blDlRYBcGNRcM7FQVnLhJ9at5OWMRW8XMHa6gk` hyN,{,:נhyN,{,= ؁9ׁHhttp://www.movares.comׁׁЈ׉ESlim, circulair en
klaar voor de toekomst!
Fietsenstalling Dordrecht inspireert
Wij zijn trots op ons ontwerp voor de eerste duurzame, demontabele en adaptieve
fietsenstalling van Nederland. Het paviljoen biedt ruimte aan 1.900 fietsen, bestaat uit
grotendeels herbruikbare bouwcomponenten én vormt een uitnodigende entree van
het stationsgebied.
Demontabel & verplaatsbaar
Adaptief ontwerp
CO₂-opslag in houten liggers
Sociaal veilig en overzichtelijk
Energiepositief door zonnedak
In een tijd van groeiende ruimtelijke opgaven en beperkte middelen nemen wij het
voortouw in slimme, duurzame en maakbare oplossingen die maximale maatschapelijke
meerwaarde creëren. Wij denken graag met u mee!
www.movares.com
׉	 7cassandra://XDn20lpDmHk-PA4szATuM24wKx5YM8J98oBs4h2y3ek"K` hxN,{+׉EVoorwoord
Het is bij stationslocaties net zoals bij een
auto: onder de motorkap gebeurt van alles
maar die activiteiten zijn niet altijd zichtbaar.
Het gaat vaak immers om langdurige
investeringsprogramma’s met een eigen
dynamiek waarbij alleen de mijlpalen
zichtbaar zijn. Deze jaarlijkse uitgave van
‘Stationslocaties’ geeft de lezer in ieder
geval een actueel overzicht van de activiteiten
rondom stationslocaties in Nederland.
Verhalen vanuit gemeenteland, van projectontwikkelaars,
consultants en van een
spoorbouwmeester.
Bij stationslocaties gaat het niet meer alleen
om het vervoeren maar heden ten dage ook
om de voorzieningen er omheen. De uitdagingen
en belangen zijn groot. Vanuit het
ministerie van Volkshuisvesting moeten er
de komende jaren veel woningen bij komen
rondom stations. Ontwikkelaars moeten
bouwen aan leefomgevingen die uitstekend
bereikbaar zijn.
Bij het lezen van de verhalen in dit
magazine wordt het duidelijk: spoorzones
moeten veilig zijn en klimaatadaptief,
mensen moeten er goed kunnen vertoeven,
er moet (genoeg) stroom zijn, de omgeving
moet vergroenen. De menselijke maat wint
aan importantie.
In Schiedam zijn we ons daar ook terdege
van bewust. Het gaat niet alleen om stenen
stapelen; de leefkwaliteit staat voorop.
Onlangs heeft op de locatie Schieveste de
starthandeling plaatsgevonden voor de
bouw van de eerste 92 van 3.000 woningen
op deze stationslocaties. Hopelijk vindt u
inspiratie in dit en andere interviews!
Wethouder Antoinette Laan (Wonen)
van de gemeente Schiedam
Stationslocaties 2025/2026 - 3
׉	 7cassandra://078WZ0blDlRYBcGNRcM7FQVnLhJ9at5OWMRW8XMHa6gk` hxN,{+hxN,{+}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://GL6fYO8X331IHLgB03WnjZnpS2gW67LXXVSrMe9He3M `׉	 7cassandra://6dvX67-QyyBWyAJltFFJ9N8xC8czviGu4vyGg1eIBLQN`t׉	 7cassandra://hQipH4S9kjY9LFummFZNJZXLqn9o88Xjq-90XA-HuKc` h=*zaט ? ?{u׉׉	 7cassandra://RdNeVp-Mg0wM2Uz5VlJESagF5hX5BatZceMogBJ3ihY {&`׉	 7cassandra://f2YbJLuY7TH4YGm0FjCwBPXLD6W6ldT2DRTekTHw86È`t׉	 7cassandra://JWh_L0u7hrnyP5uxPxb5BXVqp1E30j4_t5rkFEVU37o%|` h=*zb נh=*z} I̒
9ׁH  http://www.verhoeven-leenders.nlׁׁЈנh=*z| V
9ׁHhttp://www.diztrikt.nuׁׁЈנh=*z{ s9ׁHhttp://www.raillighting.comׁׁЈנh=*zz nyG9ׁHhttp://www.wyne.nlׁׁЈנh=*zy ^w̧9ׁH %http://www.verenigingstationlokaal.nlׁׁЈנh=*zx w̙9ׁH  http://www.spoorzonehoofddorp.nlׁׁЈנh=*zw ]̾l
9ׁHhttp://www.schiedistrict.nlׁׁЈנh=*zv ̾b
9ׁHhttp://www.schieveste.nlׁׁЈנh=*zu ZZp9ׁHhttp://www.red-company.nlׁׁЈנh=*zt Zb
9ׁHhttp://www.rotterdam.nlׁׁЈנh=*zs \d9ׁHhttp://www.movares.comׁׁЈנh=*zr qB
9ׁHhttp://www.ivbn.nlׁׁЈנh=*zq m̉
9ׁHhttp://www.entreezoetermeer.nlׁׁЈנh=*zp x9ׁHhttp://www.maarsengroep.nlׁׁЈנh=*zo Tz9ׁHhttp://www.woningmakers.nlׁׁЈנh=*zn P9ׁHhttp://www.tilburg.nlׁׁЈנh=*zm ̣
9ׁHhttp://www.crossmarkbreda.nl/tׁׁЈנh=*zl _8f9ׁHhttp://www.spoorbeeld.nlׁׁЈנh=*zk g8̕9ׁH  http://www.spoorzonebeverwijk.nlׁׁЈנh=*zj 8V
9ׁHhttp://www.alkmaar.nlׁׁЈנh=*zi PՁ̄9ׁHhttp://www.goudaspoorzone.nlׁׁЈנh=*zh ՁK9ׁHhttp://www.appm.nlׁׁЈנh=*zg Ӂ{9ׁHhttp://www.poortvanhoorn.nlׁׁЈנh=*zf qr̃9ׁHhttp://www.jagermedia.nlׁׁЈנh=*ze p̐9ׁHmailto:arthur@jagermedia.nlׁׁЈ׉EStationslocaties
Nederland 2025/2026
Magazine
Stationslocaties Nederland,
jaargang 2025/2026
Redactie en
advertentie-exploitatie
Jager Media
D.A. Arthur Jager
Postbus 2711
7301 EE Apeldoorn
M 06 - 223 91 776
E arthur@jagermedia.nl
Journalisten
Pieter Pulleman,
Marc van Rossum du Chattel,
Dianne Huijskens,
Ger Dreijer,
Sandra Put en
Johan Koning
www.jagermedia.nl
Presentaties van vestigingslocaties
in Nederland (binnenstedelijke
(stations)ontwikkelingen,
Haven(industrie)terreinen en
Logistieke Hotspots).
- Blending Media
- Monique Jager
Social Media Team
- Blending Media
Vormgeving
Studio Transparant
Fotografie
Jager Media
www.poortvanhoorn.nl
Volg ons ook online
via LinkedIn Zakelijk
www.appm.nl
www.goudaspoorzone.nl
www.alkmaar.nl
www.spoorzonebeverwijk.nl
www.spoorbeeld.nl
www.crossmarkbreda.nl/t-zoet
www.tilburg.nl
www.woningmakers.nl
www.maarsengroep.nl
www.entreezoetermeer.nl
www.ivbn.nl
www.movares.com
www.rotterdam.nl
www.red-company.nl
Deelnemers
in deze
uitgave
www.schieveste.nl
www.schiedistrict.nl
www.spoorzonehoofddorp.nl
www.verenigingstationlokaal.nl
www.wyne.nl
Het magazine Stationslocaties
Nederland wordt duurzaam
geproduceerd.
www.raillighting.com
www.diztrikt.nu
www.verhoeven-leenders.nl
׉	 7cassandra://hQipH4S9kjY9LFummFZNJZXLqn9o88Xjq-90XA-HuKc` h=*z\׉EBPartners bij ontwikkelen van stationslocaties
6 Coverpresentatie:
Stationslocaties
Nederland 2025/2026
Lees het uitvoerig interview met de
vertegenwoordigers van Ontwikkelcombinatie
Schieveste (OCS).
Direct achter station Schiedam
Centrum verrijst de komende jaren
een compleet nieuwe stadswijk:
Schieveste.
3 Voorwoord door wethouder Antoinette Laan
(Wonen) van de gemeente Schiedam
10 Rotterdam Central District: van kantoren
naar gemengd stedelijk gebied
14 Nieuwe stadwijk Entree verbindt
Station Zoetermeer met binnenstad
17 IVBN - Hier groeit de nieuwe stad: bouwen
aan leefomgevingen die bereikbaar zijn
20 Movares - Stationslocaties: slim,
circulair en toekomstbestendig
22 Breda - ’t Zoet, de Sweetspot van Brabant
24 Tilburg dendert door met spraakmakende
ontwikkelingen in de Spoorzone en het
Kenniskwartier
28 Woningmakers NL inmiddels actief
voor ruim 70 gemeenten
30 Alkmaar transformeert van stationsgebied naar
groene, leefbare en goed bereikbare stadswijk
34 Beverwijk zet grote stappen in Spoorzone
37 Bureau Spoorbouwmeester - Ontwerpend onderzoek
naar klimaatadaptatie in stationsgebieden
40 Hoorn ontwikkelt het stationsgebied stap voor stap
42 Hoorn kiest ontwikkelpartner voor stationsgebied
44 APPM - Een pleidooi voor een nieuwe generatie
Sleutelprojecten
46 Gouda bouwt aan de toekomst met ruimte voor
wonen, werken en ontspannen op een A-locatie
48 Station Hoofddorp: kloppend hart van de regio
51 Vereniging Station Lokaal - Een nieuwe stap voor
aantrekkelijke stationsomgevingen
52 WYNE - Stationslocaties als kraamkamers
voor vernieuwing
54 De Railpuck: plug & play-verlichting
verovert het spoor
56 Zwijndrecht ontwikkelt in Stationskwartier
tuinstedelijke buurten met karakter
59 Ingenieursbureau Verhoeven en Leenders -
Een betrouwbare partner voor je civiele en
bouwkundige projecten
inhoud
Stationslocaties 2025 /2026- 5
׉	 7cassandra://JWh_L0u7hrnyP5uxPxb5BXVqp1E30j4_t5rkFEVU37o%|` h=*z]h=*z\}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://AZzkHU5_n_lQ921BvbDJHld9INDZ2i6IGfBdzywTvHA ;`׉	 7cassandra://6c6pta3kxR0Im1Ukmu4uZG3xjd7TPuRDLZpr9Osvl9c̓]`t׉	 7cassandra://8C3F7dlfv3RO17Kx5oCrN8iO1SVSPCH1dQgm_jtEf1o)V` hzN,{,[ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://DDJBNVrcTc-31I9BtpXlDhzd7iFl7kjFZBfnzONACmQ `׉	 7cassandra://fs8pOM-v4twJjExZz9xcFGH0owrRYEkYztfNhvCuYBÍ_`t׉	 7cassandra://eYr4aON8mxe3Riv0GbGFm0nw5dxKfSrCviIBlbpiT9g(` h{N,{,\׉EHet autovrije stadspark verbindt de deelprojecten (WAX)
Schieveste: ontwikkelen met
vertrouwen en mandaat
Direct achter station Schiedam Centrum verrijst
de komende jaren een compleet nieuwe stadswijk:
Schieveste. Op deze strategische locatie, ingeklemd
tussen spoor en A20, komen circa 3.000 woningen,
aangevuld met voorzieningen en hoogwaardige
openbare ruimte. Het project moet niet alleen voorzien
in de woningbehoefte van de regio Rotterdam, maar ook
de stedelijke dynamiek van het 750-jarige Schiedam een
krachtige impuls geven.
O
m te horen hoe publiek en privaat hier samen vorm
aan geven, schoof Stationslocaties Nederland aan bij
een rondetafelgesprek in Schiedam. Aan tafel zaten
vertegenwoordigers van de Ontwikkelcombinatie Schieveste
(OCS): Pieter Kal, projectdirecteur bij Dura Vermeer, Marco
Dijkshoorn, directeur Projectontwikkeling bij Van Omme & De
Groot, regiomanager Job Posner van Synchroon en Hans Borsje,
regiomanager bij VolkerWessels Vastgoed. Namens de gemeente
Schiedam was projectdirecteur Gebiedsontwikkeling Lydia
Buist aanwezig. Samen spraken zij over de manier van samenwerken,
de uitdagingen en de kansen van deze grootschalige
gebiedsontwikkeling.
Hoogstedelijke wijk
Schieveste is onderdeel van de bredere gebiedsontwikkeling
SchieDistrict. Wonen, werken, leren en voorzieningen komen
hier samen. Het plangebied bij het station is zo’n 800 meter lang
en 100 tot 150 meter breed. OCS wil er een hoogstedelijke wijk
realiseren voor een brede stedelijke doelgroep. Veel aandacht
gaat daarom uit naar het openbaar gebied en de invulling van
de plinten. “Het zijn niet heel veel vierkante meters openbare
ruimte per persoon, maar wel heel hoogwaardige”, zegt Kal.
Voor de stedenbouwkundige opzet liet OCS zich inspireren door
6 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://8C3F7dlfv3RO17Kx5oCrN8iO1SVSPCH1dQgm_jtEf1o)V` hxN,{+׉EV.l.n.r. Job Posner, Lydia Buist, Pieter Kal, Hans Borsje en Marco Dijkshoorn
“Dat de gemeente werkt met
een projectorganisatie en
een projectdirecteur met mandaat
is bijzonder.”
Eerste gebouw ‘Prelude’ (OZ architect, Beeldenfabriek)
het voormalige Renault-terrein in Parijs, vertelt Posner. “Daar is
een nieuwe woonwijk neergezet, met veel woningen en groene
paden ertussen. Dat was een belangrijk uitgangspunt voor
ons.” Het Stedenbouwkundig plan van Schieveste, ook wel het
Masterplan genoemd, is ontworpen door Kuiper Compagnons
in samenwerking met Delva Landscape Architects.
Doorbraaklocatie
De locatie is door het Rijk aangewezen als een van de 24
doorbraaklocaties in Nederland: complexe binnenstedelijke
projecten die cruciaal zijn voor de woningbouwproductie.
Het Rijk ondersteunt deze projecten met begeleiding en middelen.
Voor Schieveste stelde de rijksoverheid via de regeling
Start Schieveste, links minister Mona Keijzer en
burgemeester Harald Bergmann
Woningbouwimpuls ruim achttien miljoen euro beschikbaar
voor onder meer infrastructuur en voorzieningen. Dat geld is
hard nodig: de uitdagingen zitten in geluid van spoor en snelweg,
de noodzaak van kostbare tunnels en onderdoorgangen
voor optimale verbindingen tussen Schiedam Oost, Schieveste
en bedrijventerrein ’s-Gravelandsepolder. En een ondergronds
afvalsysteem; allemaal nodig om de beoogde kwaliteit van de
openbare ruimte te bereiken.
Van masterplan tot bestemmingsplan
De eerste gesprekken over het marktinitiatief Schieveste dateren
uit 2017. In december 2018 lag er een grondreserveringsovereenkomst
en een jaar later een masterplan. Toch verliep de
Schieveste, tussen spoor en A20 (Kuiper Compagnons, WAX)
Stationslocaties 2025/2026 - 7
׉	 7cassandra://eYr4aON8mxe3Riv0GbGFm0nw5dxKfSrCviIBlbpiT9g(` hxN,{+hxN,{+}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://EffXO1WlD8BPncXybbFMge2eV-4JryukEhuyxYRvQ_Q vp`׉	 7cassandra://7Etim6H1ocQU16Sl9wXWdkomGe826ACWOpt3ouvsWTs̀`t׉	 7cassandra://qG5Wd7qRbm73KUkzNmiJMGBlRQ480CBpm5qn6iNks8A%` h{N,{,^ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://R_oSSXU6kB3vyqylX0tV5lI6HIHTB-NXLIWbhs0qt-w  `׉	 7cassandra://B1-L6nksobBP-8aG3GBcnmk19fuxyH5vlubVa8smdcÁ`t׉	 7cassandra://R873ofzBMHl6U8NAlZYDOG33xa8GBGbRwPyZO8pHbqc$` h{N,{,_נh{N,{,d j̆9ׁHhttp://www.schiedistrict.nlׁׁЈנh{N,{,c z9ׁHhttp://www.schieveste.nlׁׁЈ׉EVolgende fase: studentenwoningen in Boogie Woogie (Kuiper Compagnons, WAX)
planvorming niet zonder slag of stoot. Posner: “We hadden wat
problemen met het bestemmingsplan vanwege vier bezwaarmakers.”
De belangrijkste bezwaarmaker werd betrokken in de
planvorming. “Deze gebouweigenaar was bang voor waardevermindering
door een nieuw gebouw pal voor zijn pand. Dat
gebouw hebben we geschrapt en het volume elders binnen het
plan gecompenseerd”, vertelt Borsje. Ook een ander gebouw
werd aangepast op basis van de onderbouwde argumenten
van de bezwaarmaker. “Het ontwerp werd er beter van en onze
boodschap is daarom: werk samen met je buren, je plan wordt
er mogelijk beter van.”
Bijzonder is dat er verder nauwelijks bezwaren kwamen, vervolgt
Buist: “We hebben bewoners en ondernemers vanaf het
begin goed geïnformeerd. Overal waar de nieuwe ontwikkeling
de bestaande stad raakt, ontwikkelen we overigens nieuwe
woningen en bedrijfsruimten om de integratie te bevorderen.”
Flexibiliteit en schuifpuzzel
Een goed voorbeeld van de flexibele aanpak van OCS en gemeente
is de geplande onderdoorgang bij de Boerhaavelaan. Die is in
de loop van het proces verplaatst om beter aan te sluiten op
de technische mogelijkheden. Ook de bouwlogistiek vroeg om
flexibiliteit. “Vanwege de beperkte ruimte besloten we om zigzaggend
door het plangebied te bouwen in plaats van in één
lijn”, zegt Borsje. Buist: “Hierdoor kunnen we afgeronde delen
direct inrichten.” Ze vergelijkt de samenwerking met het oplossen
van een schuifpuzzel: “Het is complex, er zijn veel obstakels,
maar we pakken het samen op.”
8 - Stationslocaties 2025/2026
“Het gaat uiteindelijk niet om de gebouwen,
maar om wat er gebeurt: voorzieningen,
wandelroutes, leefkwaliteit.”
Topteam
Volgens alle gesprekspartners is het succes te danken aan de
intensieve samenwerking binnen OCS en met de gemeente.
Posner: “Wij komen in deze setting minimaal eens per twee
weken bij elkaar. We noemen dit het ‘topteam’. Alles wordt
besproken, heel hands-on. Ik vind het bijzonder hoe we dat
samen oppakken.” Er is een duidelijke taakverdeling afgesproken.
“Het systeem is eenvoudig en werkbaar”, aldus Borsje. “Wat
ook helpt, is dat het team nauwelijks wisselt.” Buist: “Ieder pakt
zijn rol.” Volgens de ontwikkelaars toont de gemeente lef door
te werken met een dedicated projectteam en een projectdirecteur
met mandaat. Dijkshoorn: “Dat is anders dan het werken
met een stuurgroep die bijvoorbeeld eens per kwartaal bij
elkaar komt en veel meer afstand heeft tot de ontwikkeling.”
Naast het topteam bestaan thematische werkgroepen, bijvoorbeeld
voor civiele werken, mobiliteit, vergunningverlening en
gronduitgifte. Dat houdt het proces overzichtelijk en soepel.
“Natuurlijk knettert het soms”, zegt Buist, “maar na een goed
gesprek gaan we weer samen verder.” Een treffend voorbeeld is
de razendsnelle aanpassing van het bestemmingsplan na vernietiging
door de Raad van State: binnen 28 dagen na de negatieve
uitspraak stelde de gemeenteraad een nieuwe versie vast.
׉	 7cassandra://qG5Wd7qRbm73KUkzNmiJMGBlRQ480CBpm5qn6iNks8A%` hxN,{, ׉Etafvalsysteem is in aanleg en eind augustus begon de bouw van
het eerste gebouw. In de loop van 2026 volgen de studentenwoningen.
Buist: “Schiedam heeft daarvoor een convenant met
Delft gesloten: 450 studentenwoningen hier betekenen minder
druk in Delft.”
Stadspark (WAX)
Innovatieve oplossingen
De intensieve samenwerking leidt ook tot innovatieve oplossingen.
Zo vond OCS samen met Essent een manier om de netcongestie
te omzeilen met een collectieve warmte-koudeopslag
(WKO) voor het hele gebied in plaats van per bouwblok. Kal:
“Daarmee hebben we een ‘congestieverzachter’ voor het overvolle
net.” De warmte en koude komen mede uit oppervlaktewater
van de nabijgelegen Schie, zegt Dijkshoorn: “Dat levert
niet alleen duurzaamheid op, maar ook wooncomfort in de
woningen.” Ook water speelt een belangrijke rol. Posner: “We
willen hemelwater zo lang mogelijk vasthouden in het gebied,
maar niet te veel. Bij pieken vloeit het af naar de Schie.” De
gemeente zorgt voor waterberging op het maaiveld, de ontwikkelaars
voor waterretentie op de daken.
De kracht van Schieveste zit volgens de deelnemers in de
manier van samenwerken. “Deze intensieve, betrokken samenwerking
is uniek”, zegt Borsje. Kal vult aan: “Dat de gemeente
werkt met een projectorganisatie en een projectdirecteur met
mandaat is ook bijzonder.” Dijkshoorn: “We hebben geen stuurgroep
nodig.” Buist besluit: “Het werkt hier goed omdat we vertrouwen
hebben in elkaar. Natuurlijk heeft iedereen zijn eigen
belang, maar dat belang kun je delen om er de grote gemene
deler uit te halen.”
<<
Prelude (OZ architect, Beeldenfabriek)
Sociale duurzaamheid
Schieveste moet meer worden dan stenen stapelen. “We ontwikkelen
hier echt met heel veel oog voor sociale duurzaamheid”,
benadrukt Kal. De wijk wordt een mix van woningen
voor studenten, starters, jonge gezinnen en ouderen. Huur en
koop voor alle inkomensgroepen. Kal: “We zetten een wijk neer
voor alle generaties.” Een belangrijk element is het 800 meter
lange groene stadspark, de Enfilade. “We besparen kosten noch
moeite om dat te realiseren”, zegt Kal. “Zelfs het afvalsysteem
wordt ondergronds uitgevoerd. Dat is een forse investering.”
Ook Posner wijst op de kwaliteit van de buitenruimte: “Per
gebouw, in het park, overal is aandacht voor de leefomgeving.”
Gemeente en OCS hebben elk een stedenbouwkundig supervisor
die samen de kwaliteit bewaken. Hoogbouw brengt wel uitdagingen
met zich mee, zoals windhinder en geluid. “We hebben
studies laten doen en passen glazen schermen en variatie
in gebouwhoogten toe om een aangenaam leef- en verblijfsklimaat
te waarborgen.”, vertelt Borsje. Buist vult aan: “Het gaat
uiteindelijk niet om de gebouwen, maar om wat er gebeurt:
voorzieningen, wandelroutes, leefkwaliteit. Schieveste is een
uitgebalanceerde toevoeging aan de stad.”
Convenant met Delft
Schieveste wordt een gebied met hoge dichtheid en een lage
parkeernorm (gemiddeld 0,3 per woning). Dat kan omdat het
plan direct grenst aan een groot OV-knooppunt. “We realiseren
daarnaast oplossingen voor deelmobiliteit voor auto en fiets”,
zegt Dijkshoorn. “Daarnaast worden er extra veel fietsparkeerplaatsen
op logisch toegankelijke plekken gesitueerd.” De eerste
bouwactiviteiten zijn inmiddels gestart. Het ondergrondse
Feiten over Schieveste
• Aantal woningen en type: circa 3.000 tot 3.500 woningen.
Fase 1 (“Schiehoven”) omvat circa 1.100–1.200 woningen,
in een mix van studentenhuisvesting, betaalbare en vrijesector
huur- en koopappartementen.
• Bouwplanning: De eerste paal voor gebouw Prelude, met
92 koopwoningen, werd eind augustus 2025 geslagen.
• Voorzieningen en groenzones: woningen met plintvoorzieningen
(horeca, fietsenstalling), groene zone de
Enfilade, en een ondergronds afvalsysteem (OAS) dat
begin 2027 operationeel wordt.
• Infrastructuur en verbindingen: uitstekende OV-connectie
via station Schiedam Centrum; toekomstige fiets-/voetgangerstunnel
bij Boerhaavelaan; integratie met bedrijventerreinen
Spaanse Polder en ’s Gravelandsepolder.
• Schieveste ligt bovenop het openbaar vervoersknooppunt
Schiedam Centrum, dat uitstekend bereikbaar is per trein,
tram, bus en metro. Binnen één uur vanaf Schieveste zijn
bijna alle steden in de randstad bereikbaar met het openbaar
vervoer. Vier minuten naar Rotterdam Centrum en
zes minuten naar de campus van Delft.
www.schieveste.nl www.schiedistrict.nl
Stationslocaties 2025/2026 - 9
׉	 7cassandra://R873ofzBMHl6U8NAlZYDOG33xa8GBGbRwPyZO8pHbqc$` hxN,{,hxN,{, }{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://ReyLY-kpmEhI1YrcoFYy7w9qPlEF5OlM0BTUzHDDAho O`׉	 7cassandra://dVXjugiHa97mjONxBla5oozC0KtM5qs7lB_BrwaAaawq`t׉	 7cassandra://EYnpRkpQ5HGPxo78pw_P2qMhCkenpgvzcZDXMNne2uk$H` h{N,{,bט ? ?{u׉׉	 7cassandra://wiVIlHLGqEXFCcc84mB-nad3Lso1KoYNKHOu35coSCE b&`׉	 7cassandra://yRzudM9eY7eFrtkqmhu_3CVFWlzE2-Wu4c7SgytjjKḱ`t׉	 7cassandra://1E_78J9Yr0oqgAuRNeQB0iPEzQ-ipHNW1e3vF58GF68&S` h{N,{,e׉ERotterdam Central District:
van kantoren naar gemengd stedelijk gebied
Het Rotterdam Central District (RCD) ondergaat de komende jaren een ingrijpende transformatie.
Waar het gebied rond het Centraal Station nu nog wordt gedomineerd door kantoren en verkeer,
zet de gemeente richting toekomst in op een mix van wonen, werken en verblijven.
RISE skyline Hofplein, artist impression
10 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://EYnpRkpQ5HGPxo78pw_P2qMhCkenpgvzcZDXMNne2uk$H` hxN,{,׉E
HOverzicht ontwikkelingen Rotterdam Central District
A
an het gebied worden nieuwe woon- en kantoorgebouwen,
uiteenlopende voorzieningen en meer groen
toegevoegd, legt overall projectmanager RCD Kees van
Oorschot uit. Hierdoor ontstaat er meer leven op straat, niet
alleen tijdens kantoortijden, maar ook in de avonduren. De
ambitie is om RCD uit te laten groeien tot een uniek en volwaardig
deel van de binnenstad. In totaal staan zeven nieuwbouwontwikkelingen
gepland, samen goed voor circa 4.000
woningen en 100.000 m2
kantoren en voorzieningen.
De veranderingen die in Rotterdam Central District plaatsvinden
komen mede door de bouw van het nieuwe station
Rotterdam Centraal, een besluit uit 1998 met een belangrijk
vliegwieleffect. Van Oorschot: “Het was een belangrijke publieke
investering die veel vertrouwen gaf en zo een aanjager werd
V.l.n.r. Ton Boon, Kees van Oorschot en Nanne de Ru
voor nieuwe investeringen. En het markante ontwerp is een
visitekaartje voor de stad.”
RISE
Een van de iconen van de vernieuwing wordt RISE, ontwikkeld
door RED Company aan het Hofplein. Het plan omvat
drie torens, waarvan de hoogste met 286 meter de skyline van
Rotterdam opnieuw zal definiëren. De andere twee meten
155 meter. Met circa vijftig procent betaalbare en middeldure
huurwoningen wil RISE niet alleen imponeren door hoogte,
maar ook bijdragen aan de woonopgave. Het ontwerp van
Powerhouse Company legt nadruk op een sterke plint en hoogwaardige
openbare ruimte, zodat de torens onderdeel worden
van de stad in plaats van losgezongen van hun omgeving.
Nanne de Ru (RED Company): “Wij bouwen RISE met ons eigen
bouwbedrijf. Alle bouwpartners zijn familiebedrijven met een
directeur/eigenaar aan het roer. Dat maakt het makkelijker om
met elkaar de diepte in te gaan. Vooral op het onderdeel bouwlogistiek
zit de meeste winst, of juist verlies.”
The Modernist
Aan de westzijde van het station is Maarsen Groep gestart met
de bouw van The Modernist, de derde en laatste fase van de
herontwikkeling van Weenapoint. In 2028 wordt The Modernist
opgeleverd. Het project omvat circa 14.000 m2
hoogwaardige
kantoorruimte en commerciële voorzieningen, naast de twee
woontorens met 333 huur- en 88 koopwoningen. De plint krijgt
horeca en winkels en verbindt zo de drukte van het station met
de stedelijke dynamiek eromheen. Ton Boon (Maarsen Groep):
“Dit zijn langlopende projecten en dat betekent dat je risico’s
loopt. De eerste plannen dateren van 2008 en inmiddels zijn
we een aantal crises verder. We hebben de afgelopen jaren
met de gemeente gewerkt aan de optimale mix van woningen
Stationslocaties 2025/2026 - 11
׉	 7cassandra://1E_78J9Yr0oqgAuRNeQB0iPEzQ-ipHNW1e3vF58GF68&S` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://neBdLKAqJ2m-KgaFrsAT3heLjW7ukkY2xV6_HuVQbSM `׉	 7cassandra://mmqanldIcCtOQfKx-XnLYnp4ptKcl_kGfOtJZzrbSUgͅ#`t׉	 7cassandra://_jHBbl5sPZocnWhEpoFmIipOt_OiQNO18wnQGFQOq9U)$` h|N,{,gט ? ?{u׉׉	 7cassandra://_Dqw3xOxdP-LquRGEZLKG-jqaO6Hixg3X0Rhw2yS_68 z`׉	 7cassandra://w28wpBAN7L4qZ1P44YAHRpLmeVHOf5jID8WfnC7ZVdwun`t׉	 7cassandra://ZpYnN1EsR6PcGUap24yGDAOIJRi5iRgTmjCvTlWXxc4&` h|N,{,h׉EmBoven en (rechts)onder: The Modernist, artist impression
(koop- en huur-) en kantoren, waardoor het juiste moment is
gekomen om door te pakken.” Over de markt maakt hij zich
weinig zorgen: “Hoogwaardige, duurzame kantoorruimte zo
dicht op het station zijn altijd gewild. De koopwoningen zetten
we later in de markt en dat komt ongetwijfeld ook goed.”
Wonen, werken en levendigheid
Volgens Van Oorschot zijn de woningen essentieel. De nieuwe
kantoorruimte is eveneens belangrijk. “Er zijn veel kantoor“Het
is een gebied met een enorme
aantrekkingskracht op jonge
mensen.”
gebouwen in het gebied toe aan renovatie. Door nieuwbouw
ontstaat schuifruimte en dat is goed. Ook komen er bedrijven
vanuit de randen van de stad naar deze centrale plek. Het moet
een gemengd gebied worden, waarbij bewoners lopend of fietsend
naar voorzieningen kunnen. Bovendien hopen we dat
het zo aantrekkelijk wordt dat ook Rotterdammers uit andere
stadsdelen naar Rotterdam Central District komen.” Boon deelt
dat optimisme: “Door het toevoegen van woningen ontstaat er
levendigheid, er zijn al veel voorzieningen én er is een gigantisch
OV-knooppunt. Het is een gebied met een enorme aantrekkingskracht
op jonge mensen.” De Ru benadrukt de unieke positie
van Rotterdam: “Het is een van de weinige steden waar je in
het centrum kunt ontwikkelen en echt het verschil kunt maken.
Hofplein was altijd een wat vreemde plek in het centrum. Nu
komen er woningen en een park waardoor een natuurlijke verbinding
met de achterliggende gebieden ontstaat.”
Mobiliteit en groen
Nieuwe mobiliteitskeuzes spelen een grote rol. Van Oorschot:
“Vroeger ging het bij nieuwe plannen over parkeerplaatsen
voor auto’s en garages. Dat is nu niet meer gewenst. Bij RISE
komen tachtig parkeerplekken en bij The Modernist negenenvijftig.
We willen meer ruimte voor de voetganger en fietser
12 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://_jHBbl5sPZocnWhEpoFmIipOt_OiQNO18wnQGFQOq9U)$` hxN,{,׉ERISE skyline bij nacht, artist impression
en er komt meer groen, onder meer met het
Hofbogenpark, een twee kilometer lang park
op het oude spoorviaduct. Fietsparkeren is
wel een probleem bij bestaande gebouwen;
daarvoor zoeken we oplossingen.” RISE speelt
daar alvast op in met 5.500 fietsparkeerplekken.
De Ru: “Er komen aparte ruimtes voor
fietsen, brommers en scoot mobielen, met
oplaadpunten voor e-bikes en zelfs een fietsenmaker.”
The Modernist voorziet in 1.200
fietsplekken in de bestaande parkeergarage
in de binnentuin van het complex.
Open discussies
Grote bouwprojecten duren vaak jaren. Boon:
“Tussen idee en realisatie kan, net als bij The
Modernist, zomaar tien jaar zitten. In die tijd
verandert er van alles: nieuwe technieken,
andere inzichten, kostenstijgingen. Daarom
ben ik blij met de manier waarop we hier
samenwerken, met de gemeente én de andere
ontwikkelaars.” De Ru: “We hebben open
discussies met elkaar en ondanks verschillende
belangen komen we er telkens uit.” Van
Oorschot: “Speciaal voor de ontwikkeling van
Rotterdam Central District is een programmaorganisatie
opgezet. We waren altijd projectmatig
georganiseerd, maar de integrale aanpak
werkt beter. Wat ook helpt is dat we de
gemeenteraad vroeg betrekken. Ontwikkelaar
en gemeente beginnen met een ambitiedocument
en werken dat samen uit tot een nota
van uitgangspunten. Dat legt vast wat we willen
en wordt besproken in de raad. Wanneer
we vervolgens met een omgevingsplan
komen, is het geen verrassing meer.”
En zo verandert de kantorenwijk stap voor stap
in het nieuwe visitekaartje van Rotterdam. De
komende jaren zal blijken dat hoogbouw in
Rotterdam niet alleen de lucht vult, maar ook
de stad dichter bij elkaar brengt.
<<
Stationslocaties 2025/2026 - 13
׉	 7cassandra://ZpYnN1EsR6PcGUap24yGDAOIJRi5iRgTmjCvTlWXxc4&` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://qtGH8I013myYckbsNyOB-eaNHZEM85nAoTL7qFh2pk0 $`׉	 7cassandra://cdk6F9B9F0jUekKkowDnP4V9ZckipHPRz5yZIur4JtQ͚`t׉	 7cassandra://YoCRgaTR8Ar6D6YaiXTxcZFjjbjgiIgUZsZJ0vsedGA2` h|N,{,kט ? ?{u׉׉	 7cassandra://idO8Yno3ZWc-a4ZMJrH3_RZ16Z2oAZZa-FaLB1ETk4w M`׉	 7cassandra://8_I9s5Gcm0gz0iWFnvZYbhW4sETRz_epML7La_JbEzA͓`t׉	 7cassandra://bzLBy1F50W9B2FEqnwnbGJr8q4h1xbQBBaPXtagEhlU/N` h|N,{,l׉E5Impressie van de stadswijk Entree, copyright BURA
Nieuwe stadswijk Entree verbindt
Station Zoetermeer met binnenstad
Zoetermeer ontwikkelt een nieuwe stadswijk. Entree is de werknaam van het te transformeren gebied
en dat is precies de functie die Zoetermeer aan de ontwikkeling wil meegeven. Entree biedt straks
ruimte aan 7.000 nieuwe woningen, innovatieve bedrijven en een gastvrij stationsgebied met horeca,
winkels en goede verbindingen. ‘Een toonaangevend voorbeeld van de combinatie van wonen en werken
in hogere dichtheden in een groene omgeving’, zo stelt de toekomstvisie van de stad. De Afrikaweg die
het gebied doorsnijdt, wordt daarbij omgevormd tot een levendige stadsstraat die de as vormt van de
nieuwe wijk en Station Zoetermeer volwaardig verbindt met de binnenstad.
14 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://YoCRgaTR8Ar6D6YaiXTxcZFjjbjgiIgUZsZJ0vsedGA2` hxN,{,׉EQWethouder Jan Iedema (links) en gebiedsmanager Robert Bergenhenegouwen buigen zich over
de maquette van Entree
‘R
De levendige stadsstraat Afrikaweg, copyright BURA
ustige woonwijken willen we rustig
houden en aan Entree voegen we
graag wat moderne stedelijke sfeer
toe’. Aan het woord is Jan Iedema, wethouder
Stedelijke ontwikkeling: ‘In Entree is ruimte
om de woningnood een beetje te helpen oplossen.
Het gebied ligt op een goede plek. Dicht
bij het station en dicht bij het stadscentrum.
Er komen gebouwen met een hoge dichtheid,
Entree wordt een wijk zoals we die nog niet
kennen in Zoetermeer. Een stap die laat zien
dat onze stad openstaat voor verandering.’
Sinds 2023 is Robert Bergenhenegouwen
gebiedsmanager van Entree: ‘Entree is nu
een gebied met gedateerde kantoorpanden,
die deels leegstaan of tijdelijk in gebruik
zijn genomen met alternatieve functies.
Braakliggende parkeerterreinen en een grote
anonieme openbare ruimte bepaalden tot
voorkort het beeld van het gebied. Het is mooi
om te zien hoe we een stuk niemandsland
tussen de omringende wijken kunnen transformeren
tot een levendige stadswijk die het
station en het stadscentrum met elkaar verbindt.’
‘Zoetermeer
groeit en werkt zelfbewust aan
een schaalsprong van groeikern naar volwassen
stad’, stelt Iedema. Hij geeft aan dat
Entree een ontwikkeling is die plaatsvindt
in een periode van tenminste 15 jaar. ‘In die
tijd gaan we Entree zien groeien, kunnen we
tussentijds evalueren en waar nodig bijsturen.
De gemeenteraad stelde deze zomer het
omgevingsprogramma en de ontwikkelvisie
vast. Daarin komen de zorgvuldig doorlopen
planvorming en participatietrajecten samen.
Dat is geen statisch verhaal. De visie geeft precies
aan welke kwaliteit nodig is om de hoge
verwachtingen voor Entree waar te maken.’
Bergenhenegouwen voegt daaraan toe dat de
visie de stedenbouwkundige en programmatische
kaders bevatten om ontwerpers en ontwikkelende
partijen te inspireren om tot de
bijzondere uitwerking en realisatie te komen
die we voor ogen hebben.’ ‘Een kader maar
geen keurslijf’, benadrukt hij.
Stationslocaties 2025/2026 - 15
׉	 7cassandra://bzLBy1F50W9B2FEqnwnbGJr8q4h1xbQBBaPXtagEhlU/N` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://NF8lpbCi2xEz8dCO3QtPwE4kDx2c3KCn-tBNZpAyhjw Ze`׉	 7cassandra://UXtiSKzEVQcihDeEsL-UNeK7bRbRuEXV2A1t2MwanwA[`t׉	 7cassandra://7gITePx7HO1PlrC5Hqpt6_QEKqRmrItAKpkmCcBh-HA%` h|N,{,nט ? ?{u׉׉	 7cassandra://hBpIvmwnjjGWzp3cnIZKsgoZAubQpmsTFj7eaYBnCJQ ;f`׉	 7cassandra://Vf2VDsc3gGoh4y0RNBHnh7ztZ5KSx5sLQkpf2aqugTIp`t׉	 7cassandra://0lfIvDyp81MQ4daBw4CoM2-w1dlGlntm0QiFTBEonlE%` h|N,{,oנh|N,{,q >̫9ׁHhttp://www.entreezoetermeer.nlׁׁЈ׉EHet gedateerde kantorengebied vanuit de lucht
Wat verstaat Zoetermeer onder een
levendige stadswijk?
Wat Iedema betreft komen vijf eigenschappen
samen: uitnodigend, actief, verbindend, vernieuwend
en gezond. In Entree krijgen fietsers
en voetgangers voorrang en is deelmobiliteit
de norm. We stimuleren thuiswerken en werken
in collectieve werkruimtes/werkcafés. Ook
de dagelijkse voorzieningen zijn op loop- en
fietsafstand. Daar wordt rekening mee gehouden
in de bouwplannen en voorzieningen in
de plint. De parkeernorm is net als in de binnenstad
bewust lager dan in de andere woonwijken
van de stad. Bewoners parkeren in
garages van de bouwblokken waarbij gebruik
wordt gemaakt van de hoogteverschillen in
het gebied.
Het groene straatbeeld nodigt uit te bewegen
en te ontmoeten. Een leuk voorbeeld hiervan
zijn de binnentuinenroutes. De stedelijke
blokken van Entree zijn gesloten bouwblokken
rondom een binnentuin. Omdat de binnentuinen
via verschillende doorsteken voor
iedereen bereikbaar zijn, ontstaat er een informele
route die uitnodigt een ommetje door de
buurt te maken.
Wie zou in Entree willen wonen? Waar andere
nieuwbouwprojecten in de Randstad zich
vooral richten op gezinnen, verwachten we
dat Entree interessant is voor jongeren en
senioren, alleenstaand of samenwonend die
stedelijke allure, voorzieningen en openbaar
vervoer dichtbij belangrijk vinden.
Levendige stadsstraat
Het Entreegebied wordt doorsneden door de
Afrikaweg. Deze staat bekend als een drukke
doorgaande weg die vanaf de A12 het verkeer
Upgrade Stationsgebied
De nieuwe stadswijk Entree zorgt voor een betere verbinding van het station met de binnenstad
van Zoetermeer. In 2024 werden dagelijks gemiddeld 16.000 reizigers op Station
Zoetermeer geteld, met een verwachte groei naar 2040, mede door de komst van zo’n 7000
woningen in Entree. Daar hoort een goed bereikbaar openbaar vervoer en een aantrekkelijke
toegang tot het stationsgebied bij. Tijdens de aanleg van de nieuwe stadswijk wordt goed
gekeken hoe daar het beste invulling aan kan worden gegeven.
16 - Stationslocaties 2025/2026
de stad inleidt. De Afrikaweg blijft weliswaar
de binnenstad en de A12 aan deze zijde van
Zoetermeer verbinden, maar wordt getransformeerd
tot een prettige stadsstraat. De straat
wordt zo verdeeld dat auto’s er langzamer rijden
en voetgangers en fietsers er volop ruimte
krijgen. De nieuwe maquette laat zien dat er
gebouwen aan de stadsstraat staan met hun
‘gezicht’ naar de straat. Bergenhenegouwen
stelt dat het concept van de stadsstraat als
entree tot de stad ambitieus en uitdagend is
en daarmee ook kwetsbaar. De ontwikkelvisie
heeft daarom een stelsel van duidelijke randvoorwaarden
om de stadsstraat tot een succes
te maken.
<<
Wie geïnteresseerd is in de ontwikkeling van
Entree leest er alles over op
www.entreezoetermeer.nl
׉	 7cassandra://7gITePx7HO1PlrC5Hqpt6_QEKqRmrItAKpkmCcBh-HA%` hxN,{,׉EHier groeit de nieuwe stad:
IVBN-leden bouwen aan
leefomgevingen die bereikbaar zijn
Nederland staat voor een enorme woningbouwopgave. Maar een toekomstbestendige leefomgeving vraagt
om méér dan alleen nieuwe woningen. Bijna alle politieke partijen maken van de bouw van extra woningen
een centraal thema in aanloop naar de verkiezingen. En dat is ook nodig. Het gaat om het ontwikkelen
van gebieden die aansluiten bij de behoeften van mensen, met een goede infrastructuur en voorzieningen
als scholen, winkels, kantoren, voldoende groen en ontmoetingsplekken. Deze elementen zijn minstens
zo belangrijk als de woning zelf. Je woont niet alleen ín een woning, maar juist ook daarbuiten, in een
wijk, straat en dorp of stad. Voorzieningen stimuleren bovendien de werkgelegenheid en versterken de
economische vitaliteit van steden. Pas waar het wonen en de leefomgeving in balans zijn, ontstaat er een
thuis en een plek waar een gemeenschap kan groeien.
Stationslocaties 2025/2026 - 17
׉	 7cassandra://0lfIvDyp81MQ4daBw4CoM2-w1dlGlntm0QiFTBEonlE%` hxN,{,	hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://sjxA-v5zN3lUE1xuDRqhdOJ_S0_q6AbjQ29EL-Pysqw `׉	 7cassandra://FwqCigGlWvMFWPcTvBIywTEyzA9UkusPrjFoL6X8Sec~`t׉	 7cassandra://yKcUYbzQH-agjgjJ_wsaHdpudJMZCBTv8-zgFxe4fOg(` h|N,{,rט ? ?{u׉׉	 7cassandra://HLR2aOJmWH3RDea-lWZ9kLJfRBwIw2zZ6oIkJ0HfBxo e`׉	 7cassandra://MEGcgZGqQ4mwUNa2xyMF9tBuqtxzcYfzPrATQvgVbqU̓`t׉	 7cassandra://lwwLnNrOWUGSENoo7Vo9aOidH22Pg6ybUNQzIZRn-Nk#` h|N,{,s׉EB
ereikbaarheid en duurzaamheid spelen bij gebiedsontwikkelingen
een steeds grotere rol. Goede OVverbindingen,
zoals bij stationslocaties, maken het reizen
zonder auto eenvoudiger en vergroten de aantrekkelijkheid van
een gebied. Stations zijn al lang niet meer de plekken waar je
alleen de trein kunt nemen; ze zijn vaak uitgegroeid tot vervoershubs
en, in grotere steden, tot dynamische stadsharten
waar wonen, werken, winkelen, reizen en ontspannen samenkomen.
De uitstekende bereikbaarheid, het duurzame karakter
en de veelzijdige functies maken stationsgebieden de sleutelplekken
in de stedelijke ontwikkeling van vandaag én morgen.
“Project Crossroads laat zien
hoe stedelijke transformatie
in de praktijk werkt.”
IVBN-leden zijn maatschappelijke investeerders die met pensioen-
en verzekeringsgelden investeren in middenhuurwoningen,
winkels, kantoren en logistiek. Zij willen bijdragen aan de
grote maatschappelijke opgave om duurzame leefomgevingen
te creëren en te behouden.
18 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://yKcUYbzQH-agjgjJ_wsaHdpudJMZCBTv8-zgFxe4fOg(` hxN,{,
׉EMet een gezamenlijke portefeuille van 25 miljard euro aan
hoogwaardige en duurzame vastgoedbeleggingen en miljarden
aan kapitaal dat zij hiervoor beschikbaar willen stellen,
zetten zij actief in op innovatie, verduurzaming en transformaties.
Een
goed voorbeeld is het project Crossroads van NLV. Het
gebouw, gelegen aan de rand van station Amsterdam Sloterdijk,
laat zien hoe stedelijke transformatie in de praktijk werkt. Met
360 huurwoningen, een supermarkt en groene collectieve tuinen
bestaat dit project uit veel meer dan alleen woonruimte.
Crossroads laat zien dat investeren in stationslocaties niet
alleen gaat om het toevoegen van nieuwe woningen, maar
om het creëren van complete stadswijken. Precies daar ligt
de meerwaarde van beleggers in stedelijke transformatie: het
koppelen van betaalbare en duurzame woonconcepten aan de
kracht van het OV-netwerk. Zo ontwikkelt dit stationsgebied
zich de komende jaren tot het bruisende hart van de nieuwe
wijk Havenstad. Een dynamische plek om te wonen, werken en
samenkomen met uitstekende OV-verbindingen en de binnenstad
van Amsterdam op fietsafstand.
Het blijven investeren in woningbouw nabij spoorlocaties
is wenselijk, maar niet eenvoudig. Hoewel deze locaties
kansen bieden voor verdichting, bereikbaarheid en duurzame
stedelijke ontwikkeling brengt de ontwikkeling van deze
locaties ook uitdagingen met zich mee. Zo zorgen spoorwegen
voor geluidsoverlast. Woningen die in de nabijheid van een
spoorlijn worden gebouwd, moeten vaak extra worden
geïsoleerd met bijvoorbeeld geluidsisolerende gevels, wat leidt
tot hogere bouwkosten en daarmee de haalbaarheid van een
project beïnvloedt. Hoewel het STOER-rapport adviseert om de
geluidsproductieplafonds te verlagen, blijft dit vooralsnog een
punt van aandacht bij het ontwikkelen van nieuwe woningen.
Behalve geluid is ook de veiligheid bij het transport van gevaarlijke
stoffen een aandachtspunt. Dit vraagt om een zorgvuldige
balans tussen het goederenvervoer zelf, de stedelijke ontwikkelingsplannen
en de veiligheid van de nieuwe bewoners. Ook
voor een succesvolle realisatie van projecten langs het spoor
is het cruciaal dat het overheidsbeleid helder, stimulerend en
consistent is. Alleen dan zijn langjarige investeringen en commitment
van alle partijen mogelijk.
Op steenworp afstand van Utrecht Centraal, hét grootste en
drukste OV-knooppunt van Nederland, vinden we het iconische
Central Park, onderdeel van het Bouwinvest Dutch Office Fund.
Daarmee staat het gebouw letterlijk in het hart van de stad
en in het centrum van een gebied waar mobiliteit, werken en
stedelijke ontwikkeling samenkomen.
Central Park laat zien dat moderne kantorenontwikkeling
meer is dan het neerzetten van werkplekken. Het multi-tenant
gebouw combineert hoogwaardige kantoorruimte met een
sterke nadruk op gezondheid en welzijn. Een eyecatcher is het
inpandige park op 45 meter hoogte, beplant met bomen en
groen, waar gebruikers kunnen ontspannen en elkaar ontmoeten.
Daarnaast scoort het gebouw hoog op alle duurzaamheidscriteria,
met innovatieve systemen die energie besparen
en het binnenklimaat optimaliseren. Zo bewijst Central Park
dat duurzaamheid en kwaliteit van werkomgeving elkaar kunnen
versterken.
Central Park combineert hoogwaardige
kantoorruimte met een sterke nadruk op
gezondheid en welzijn
De ligging direct naast het station maakt het gebouw uitstekend
bereikbaar per trein, bus en fiets, wat bijdraagt aan
een verschuiving naar duurzamere vormen van mobiliteit.
Bedrijven kiezen bewust voor deze locatie vanwege de combinatie
van bereikbaarheid, representativiteit en een gezonde
werkomgeving. Daarmee draagt Central Park niet alleen bij aan
het versterken van het Utrechtse stationsgebied, maar ook aan
de bredere economische vitaliteit van de stad.
Institutionele beleggers spelen hierin een sleutelrol. Met kapitaal
van pensioenfondsen en verzekeraars investeren zij in
projecten die waarde toevoegen voor de lange termijn: stabiel
financieel rendement met maatschappelijke meerwaarde.
Central Park en Crossroads zijn daarvan treffende voorbeelden.
Ze laten zien hoe investeren in stationslocaties kan bijdragen
aan de ontwikkeling van complete stedelijke knooppunten die
duurzaamheid, bereikbaarheid en leefkwaliteit samenbrengen.
Net als Crossroads in Amsterdam maakt Central Park duidelijk
dat de meerwaarde van beleggers in stedelijke transformatie
verder gaat dan het realiseren van woningen of kantoren
alleen: het draait om het creëren van toekomstbestendige en
levendige stadsdelen.
<<
Stationslocaties 2025/2026 - 19
׉	 7cassandra://lwwLnNrOWUGSENoo7Vo9aOidH22Pg6ybUNQzIZRn-Nk#` hxN,{,hxN,{,
}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://xcqutiz4KhmY_JdikO57koHjCeFL6pIwB6_XqEqjdoQ S`׉	 7cassandra://ZZMc-XN5QnOlAfoOFvPH75i7YPBFpjwil_1THYWDewom>`t׉	 7cassandra://kfM_OMXeO_UHoIKKgaRiGEZAw8niNj3r6eg4i3Ojwok"5` h}N,{,uט ? ?{u׉׉	 7cassandra://SETShioLUT95PMSgBj7Xr3OrPqsnHF8GJ5M5kUxMx-s l`׉	 7cassandra://2L2Z4st6Z4utXQJhCXIIBw52PK923p2giyjLfj0dB-s͈`t׉	 7cassandra://30JOnfbQmNSrc-fIhetIMJQilxL__bFMoLgtK7O0cPQ)` h}N,{,v׉EMultimodale knoop Eindhoven - Movares/KCAP/TeamV
Stationslocaties: slim, circulair en toekomstbestendig
Movares speelt een voortrekkersrol in het ontwikkelen van slimme en duurzame oplossingen
die maatschappelijke meerwaarde creëren. Dit doen we onder andere via de transformatie van
historische stationsomgevingen tot aantrekkelijke en veilige leefgebieden en door toekomstvisies
te ontwikkelen voor multimodale OV-knooppunten zoals in Eindhoven.
Stationsgebied Eindhoven Centraal
Brainport Eindhoven is economisch gezien de tweede regio van Nederland, met een grote
verstedelijkingsopgave: 62.000 woningen en 72.000 werkplekken. Rondom station Eindhoven
Centraal worden circa 10.000 nieuwe woningen gerealiseerd, wat leidt tot extra druk op ruimte,
station en openbaar vervoer. Dit vraagt om een mobiliteitstransitie: van autogericht naar lopen,
fietsen en OV.
Multimodale Knoop Eindhoven
Movares werkt samen met KCAP en TeamV aan deze transformatie tot een hoogwaardige en robuuste
OV-knoop in Eindhoven. Deze stationslocatie wordt het visitekaartje van de regio én een cruciale
schakel in duurzame mobiliteit. Slim. Circulair. Toekomstbestendig.
׉	 7cassandra://kfM_OMXeO_UHoIKKgaRiGEZAw8niNj3r6eg4i3Ojwok"5` hxN,{,׉E'Station Nunspeet: waar historie
en landschap samenkomen
De vernieuwde stationsomgeving in Nunspeet
verbindt het centrum met het landschap van de
Hoge Veluwe. Twee verdiept aangelegde passages
zorgen voor een veilige en prettige kruising van het
spoor: één voor langzaam verkeer met een lichte vide
die ontmoeting en sociale veiligheid bevordert en
een tunnel voor autoverkeer die files en wachttijden
voorkomt en daardoor de luchtkwaliteit verbetert.
De wanden van de onderdoorgangen zijn uitgevoerd
in metselwerk dat verwijst naar het monumentale
stationsgebouw, waardoor de passages een warme
uitstraling krijgen en de identiteit behouden blijft.
Verbinding, beleving en behoud van karakter
Het glooiende fiets- en voetpad loopt mee met
het landschap en maakt de Veluwe voelbaar tot in
het hart van Nunspeet. De nieuwe entree van het
station wordt versterkt door een uitbreiding van de
historische perronkap uit 1906, wat samen met de
nieuwe lift zorgt voor grandeur en herkenbaarheid.
Deze elementen sluiten aan bij de architectuur van
het monumentale station. Zo laat het ontwerp van
studioSK zien dat infrastructuur niet alleen functioneel
is, maar ook drager van cultuur, identiteit en
geschiedenis – vandaag én morgen.
Transformatie monumentaal station Nunspeet – Movares
Foto’s : Rindert van den Toren
׉	 7cassandra://30JOnfbQmNSrc-fIhetIMJQilxL__bFMoLgtK7O0cPQ)` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://9OL13Aa4E6ju3_ea3Ox1wsBiOX4QR12DcvetIKPLjKo ^;`׉	 7cassandra://izt7GvG7GbkUgCrtCgxIOJXMSLGiyvBbTSNUoJmPN3M|`t׉	 7cassandra://QUJh1OsQY1N8Nt-Zh_0YzkuB3CHDPtf-WjZ0hqqBq3I'` h}N,{,xט ? ?{u׉׉	 7cassandra://oVGRUaOhtwUon_EEZOrU-qG0Vphkk2L9Yw0DRCLiBa0 `׉	 7cassandra://LinKCyLg246Di2u31Ho984lDN5A4JOuM5VcVNIalWYct`t׉	 7cassandra://VdaMQPrgu_gBhZ0kIaGKHsjb9YoRhtIMBHZoJlwOLhI%` h}N,{,yנh}N,{,{ 69ׁHhttp://www.crossmarkbreda.nl/tׁׁЈ׉E ‘t Zoet, de Sweetspot van Brabant
Vogelvlucht Havenkwartier - ’t zoet Breda (Gemeente Breda)
Een plek waar historie, ambitie
en toekomst samenkomen. Waar
stedelijkheid, natuur en cultuur
niet botsen, maar juist elkaar versterken.
Zo’n plek bestaat. En die
plek heet ’t Zoet.
B
reda staat aan de vooravond van een
indrukwekkende stedelijke schaalsprong.
Aan de oevers van de Mark, op
het terrein van de voormalige suikerfabriek,
ligt 48 hectare goud – letterlijk en figuurlijk.
Ooit het domein van de geurige bietencampagnes,
straks het kloppend hart van een
nieuw stadsdeel: ’t Zoet – het summum van
modern stedelijk leven aan het water.
Nú is het moment
In een tijd waarin de vraag naar woningen,
duurzame mobiliteit en hoogwaardige stedelijke
leefomgevingen piekt, biedt ’t Zoet een
zeldzaam groot binnenstedelijk gebied met
een ongekend potentieel. Met 48 hectare in
totaal – centraal gelegen tussen internationale
treinstation, de historische binnenstad
en omliggende wijken – vormt dit terrein het
22 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://QUJh1OsQY1N8Nt-Zh_0YzkuB3CHDPtf-WjZ0hqqBq3I'` hxN,{,׉EWat maakt ’t Zoet bijzonder?
• Historisch én toekomstgericht: van suikerfabriek tot stadsinnovatie
• Multifunctioneel: ruimte voor wonen, werken, cultuur, leisure en natuur
• Verbindend: hechte aansluiting op bestaande stadsdelen én nieuwe netwerken
• Duurzaam en groen: klimaatadaptief, natuurinclusief en circulair gedacht
• Schaalsprong met karakter: hoogstedelijk zonder in te boeten op leefkwaliteit
Kijk voor meer informatie op
www.crossmarkbreda.nl/t-zoet
fundament voor de volgende fase in de ontwikkeling
van Breda.
’t Zoet wordt geen standaard woonwijk. Het
wordt een hoogstedelijk stadsdeel, doordrenkt
met cultuur, natuur, ondernemerschap en
verbinding. Hier ontmoeten wonen, werken,
recreëren en beleven elkaar. Hier ontstaan
nieuwe vormen van stedelijk leven: compact,
duurzaam, creatief en sociaal inclusief.
Een strategische locatie van nationaal
belang
Breda behoort tot de top van Nederlandse
regio’s. Met een HSL-station, directe verbindingen
met binnen- en buitenland, én de
ligging aan de Mark is Breda uniek gepositioneerd.
Dat maakt ’t Zoet niet alleen relevant
voor Breda, maar voor heel Brabant – en zelfs
Nederland.
Een gezamenlijke opgave
De aankoop van het terrein door gemeente
en provincie markeerde een krachtig begin.
Maar de echte waarde zit in de samenwerking
met marktpartijen, woningcorporaties, investeerders
en kennisinstellingen. ’t Zoet is geen
gesloten plan, maar een uitnodiging tot cocreatie.
Samen maken we de stad van morgen.
De komende periode staat de concrete uitwerking
van het Toekomstperspectief ‘Proef
Stationslocaties 2025/2026 - 23
’t Zoet’ centraal. Dit is het canvas waarop
ideeën, initiatieven en investeringen samenkomen.
Een uitnodiging om samen geschiedenis
te schrijven. Voor wie zoekt naar betekenisvolle
investeringen, impactvolle projecten en
zichtbare maatschappelijke waarde, is ’t Zoet
een once in a lifetime opportunity.
<<
׉	 7cassandra://VdaMQPrgu_gBhZ0kIaGKHsjb9YoRhtIMBHZoJlwOLhI%` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://9NnFam1uYmNdqHimsp2y3rzdeo9hePRxBt7G3SLex2Q `׉	 7cassandra://hSgCxXJuRLdZz6JrsvtDkYEG-7BHGCX-2MVu-WwhSP8͈T`t׉	 7cassandra://uNImG5gKn27NXH9vACVjWNXknVnOa-hRmkZE1cKirDo*{` h}N,{,|ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://uLGpU7eV_v8ljtDHeUXQXWhU8QHBYDfnHOdFagMxiRk (`׉	 7cassandra://K4DNflquligxqzPCBuvEx2-ddpVTLvorgkVdjpz8yVÚ`t׉	 7cassandra://zTg45XvZc76Mgr00qDEsfiItqcOpSDVxmolpu_NA0lA)V` h}N,{,}׉E	'Tilburg dendert door
met spraakmakende ontwikkelingen in
de Spoorzone en het Kenniskwartier
Langs en rondom het spoor in Tilburg vinden belangrijke gebiedsontwikkelingen met veel woningbouw
plaats: in een lijn die loopt vanaf het Interpolis gebouw aan de Spoorlaan tot aan de universiteit in Tilburgwest.
Langs deze zogenaamde kennis-as ontwikkelt de stad zich over een lengte van enkele kilometers tot
een fijne, klimaatbestendige plek waar mensen prettig kunnen wonen, werken, studeren, ontspannen,
sporten en vertoeven. Wethouder Bas van der Pol vertelt over de ontwikkelingen in twee specifieke gebieden
aan deze kennis-as: de Spoorzone en het Kenniskwartier.
Impressie Hof van Zwijsen vanaf het groene hof, uitkijkend op een van de toekomstige woontorens
© AbsentMatter 2025
D
e Spoorzone, het gebied rondom het
Centraal Station, onderging in de
afgelopen 14 jaar, in een publiekprivate
samenwerking met VolkerWessels en
SDK Vastgoed, al een baanbrekende transformatie.
De LocHal, een culturele hotspot in de
voormalige NS locomotievenwerkplaats, won
in 2019 zelfs de internationale architectuurprijs
‘World Building of the Year’. De lat én de
ambities liggen dus hoog in Tilburg, waar het
behoud van cultureel erfgoed een belangrijke
rol speelt.
Bouwen op bestaand erfgoed
Zo ook bij de nieuwste ontwikkelingen in de
Spoorzone. Daar worden vanaf 2028 zo’n 300
woningen gerealiseerd op het dak van de
Koepel en de Wagenmakerij, twee monumentale
bedrijfshallen aan het spoor. “Dit is een
heel complexe opgave”, vertelt Bas van der Pol.
“We gaan daar woningen bouwen op industriële
hallen, die van oudsher licht van constructie
zijn. En op een plek waar veel geluid
is, zowel van het spoor als van de hallen zelf,
die in gebruik blijven als evenementenlocaties.
Een grote uitdaging dus voor de architecten,
die dit gaan ontwerpen. Afgelopen zomer
hebben we, in een open uitvraag, drie bureaus
hiervoor geselecteerd: Bedaux de Brouwer
Architecten uit Tilburg, het Rotterdamse
architectenbureau Nudus en Stramien uit
Antwerpen. Met deze nieuwe woningen
bedienen we een jongere doelgroep, die graag
binnenstedelijk wil wonen met een bruisend
uitgaansleven op loopafstand.”
Veel aandacht voor de buitenruimte
Het vormgeven en aanleggen van een fijne
buitenruimte is een belangrijk onderdeel van
24 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://uNImG5gKn27NXH9vACVjWNXknVnOa-hRmkZE1cKirDo*{` hxN,{,׉E8De Locomotiefboulevard bij MindLabs en Bibliotheek LocHal - Beeldbank Gemeente Tilburg l Jules van Iperen
de Spoorzone. De gemeente stelde daar een
ambitiedocument voor op, waarin klimaatadaptatie,
waterbeheer en koeling urgente
onderwerpen zijn voor de toekomst van de
stad. “Die buitenruimte sluit goed aan op het
rauwe, industriële karakter van de Spoorzone.
Zo is er een plek met een podium en is er voldoende
terrasruimte, waar mensen elkaar
kunnen ontmoeten. De Loc-Boulevard is doorgetrokken
richting het NS-plein aan de oostzijde.
Het vormt nu een soort langgerekt park
langs het spoor, waar je heerlijk kunt wandelen
en waar veel afwisselende horeca zit.”
Maar er gebeurt nog veel meer in de
Tilburgse Spoorzone:
Het vierde perron van het Centraal Station is
inmiddels gereali seerd.
Bas van der Pol wethouder stedelijke ontwikkeling,
economie en omgevingskwaliteit
De tijdelijke fietsenstalling aan het Burgemeester
Stekelen burg plein is opgeheven. Er
is een ontwerp in de maak om het plein zelf
op te knappen, zodat het een hogere verblijfskwaliteit
krijgt.
Verder gaat het project De Staalmeesters binnenkort
van start: een woon- en werkzone, die
Impressie van de toekomstige stadshal in de Koepelhal-Wagenmakerij vanaf de Burgemeester Brokxlaan © Nudus, Stramien en Bedaux de Brouwer
Stationslocaties 2025/2026 - 25
׉	 7cassandra://zTg45XvZc76Mgr00qDEsfiItqcOpSDVxmolpu_NA0lA)V` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://qG8lWksQcMFXDFsfF_jJYa3NSQgRN7O7O0RWpJHlZ3I `׉	 7cassandra://MOBHtpOMPKKRMITpOUkJjn9SyvNJEQdXF8u0YFQgKWY͑ `t׉	 7cassandra://aClvfjLes5z8opI3OTwLoauqjAfWK4XhSukR8jhuMyk,` h~N,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://ayqOCLFomO5RJOjLaRGjkzJzFTEssb3eeDumI9nkHTs `׉	 7cassandra://AJmJv5-QPhJ6mFWIPouWt2Zl3z7ERJYhcTcMxl8z6LM͏t`t׉	 7cassandra://dIjgDBpQThNJ67WCj6XPqCpZiEAIQcaJUbDm-MrcS0I'` h~N,{,׉E{Impressie van hoe het nieuwe station en stationsplein Tilburg Universiteit eruit kan gaan zien © Gemeente TilburgBureau West8
de wijk Theresia en de Spoorzone met elkaar
verbindt door de realisatie van 180 woningen
op de Burgemeester Brokxlaan.
Een historisch rangeerlocomotiefje werd opgeknapt
en maakte, op initiatief van horecaonderneming
Houtloods, zijn rentree in de
Spoor zone als kunstobject.
Aan de westzijde van de Spoorzone, op de
Zwijsen locatie, verschijnen in de nabije toekomst
enkele woontorens (400 woningen)
met publieksfuncties op de begane grond. In
een latere fase volgt nog een hotel en een kleiner
kantoor. Ook hier wordt de buitenruimte
opnieuw aangelegd en aangesloten op de LocBoulevard.
Impressie
van hoe het winkelcentrum Westermarkt eruit kan gaan zien © AbsentMatter2025
Verder wordt onderzocht of Verzekeraar CZ,
een grote werkgever in Tilburg, op termijn
naar de nieuw te bouwen Clarissentoren kan
verhuizen. “Dit is voor ons een heel mooie kans
om een grote werkgever als nieuwe dimensie
toe te voegen aan de Spoorzone”, aldus Van
der Pol. “Voor hen is de nabijheid van het
station interessant. Wij zien voor hen ook kansen
in combinatie met Mindlabs (een cluster
van kennis en ondernemerschap om innovatie
te versnellen). Op de huidige locatie van CZ
kunnen wij dan weer een grote hoeveelheid
woningen bouwen.”
Kenniskwartier, met station als hart van
de gebiedsontwikkeling
Reis je per sprinter vanuit Tilburg Centraal in
westelijke richting dan stop je als eerste bij
station Tilburg-Universiteit, gelegen in de wijk
West, ook wel het Kenniskwartier genoemd.
Ook dit station staat op de nominatie voor
een grote renovatie. Bas van der Pol: “We willen
daar, aan de universiteitszijde, alle drie de
perrons bij elkaar brengen. Nu zijn die nog
onhandig gescheiden van elkaar. Verder moet
er een royalere passage komen naar het station
toe, een nieuwe stationshal met goede
faciliteiten en betere fietsvoorzieningen. Nu
vormt het station een barrière in de wijk, maar
straks is het het hart van de nieuwe gebiedsontwikkeling.
Net zoals het Centraal Station
dat in het centrum van de stad is.”
26 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://aClvfjLes5z8opI3OTwLoauqjAfWK4XhSukR8jhuMyk,` hxN,{,׉E10.000 extra woningen
Binnen die nieuwe gebiedsontwikkeling worden
in Tilburg-west 10.000 nieuwe woningen
voor starters, studenten, gezinnen en ouderen
toegevoegd in een bestaande wijk, rondom
het station Tilburg-Universiteit. Dat aantal
is bijna een verdubbeling van de al bestaande
woningen. “Die worden bij voorkeur niet
gesloopt, wel gerenoveerd. We gaan de nieuwe
woningen dus inweven in de bestaande leefomgeving”,
legt Van der Pol uit.
Deze ontwikkeling valt onder het landelijke
NOVEX project voor grootschalige binnenstedelijke
woningbouw. Een deel van de kosten
zal het Rijk voor zijn rekening nemen.
De wijk krijgt de aandacht die het
verdient
De vooroorlogse wijk was destijds één van de
eerste grote stadsuitbreidingen van Tilburg.
De nieuwe gebiedsontwikkeling bouwt voort
op de lange geschiedenis en de karakteristieken
van de wijk. “De wijk heeft gewoon aandacht
nodig. Dus wij zien het als onze opgave
om ervoor te zorgen dat mensen daar fijn
kunnen opgroeien, perspectief hebben in het
leven en hun talenten kunnen ontplooien.”
Het feit dat Bas van der Pol in de wijk geboren
is en er zijn jeugd doorbracht maakt het
voor hem ‘nóg specialer om er tijd in te mogen
steken’.
Behoud en versterking van het vele
groen
Naast de bouw van een groot aantal woningen,
wordt het vele, al aanwezige, groen zoveel
mogelijk gehandhaafd en verder versterkt. Zo
komt er een nieuw park langs het spoor, met
watersystemen die ervoor zorgen dat regenval
“Met al die nieuwe wandelen
langzaam-verkeer-routes
tussen oost en west worden
straks de Spoorzone, het
Kenniskwartier en het
Wandelbos verweven met
elkaar.”
het bos in wordt geleid om verdroging tegen
te gaan. “We streven ernaar eenzelfde grootte
areaal - maar hoogwaardiger - aan groen te
realiseren, terwijl we gelijktijdig het aantal
woningen in de wijk verdubbelen. Dat is best
een knappe prestatie!”
Een nieuwe wijkeconomie
In deze nieuwe gebiedsontwikkeling is zo’n
70.000 m2
Van 3 naar 4 stations in de toekomst
Tilburg heeft nu 3 stations: Centraal, Univer
siteit en Reeshof.
Het Centraal Station onderging in het voorbije
decennium een grote transformatie.
De renovatie van station Tilburg-Universiteit
is onderdeel van de gebiedsontwikkeling
van het Kenniskwartier, zoals beschreven
in het artikel.
Rondom station Reeshof zijn plannen voor
een verdere verdichting van de woningbouw.
Op lange termijn komen daar ongeveer
300 (veelal levensloopbestendige)
woningen bij.
Ook is de ambitie om in de toekomst aan de
oostzijde van de stad een geheel nieuw station
te realiseren in Udenhout, om zo het
buitengebied beter te ontsluiten.
ruimte gereserveerd voor werk en
een nieuwe wijkeconomie: van startups tot
dienstverleners tot maakeconomie. “En niet
te vergeten alle bedrijven die gelieerd zijn aan
onze kennisinstellingen in die wijk, zoals de
universiteit, de hogescholen Avans en Fontys,
en mbo-opleidingen Yonder en de Rooi Pannen.
Al die verschillende onderwijsinstellingen
leveren grote potentie voor een nieuwe economie
en misschien ook wel voor een mengvorm
van nieuwe onderwijsprogramma’s. Dat
moet allemaal een plek kunnen krijgen in deze
wijk. De universiteit zelf investeert in nieuwe
sportvoorzieningen, waarmee ze een enorme
opwaardering mogelijk maken.”
Verder komt er 20.000 m2
beschikbaar voor
het maatschappelijk programma, zoals uitDeze
impressie geeft een idee van hoe de Reitse Campus er ongeveer uit kan gaan zien. © Bureau West8
breiding van basisscholen, de bibliotheek en
zorgvoorzieningenclusters.
De aanleg van nieuwe busbanen, waar je
hoogfrequent en comfortabel met de bus kunt
reizen, zullen het gebied goed verbinden met
de rest van de stad.
Trendsetter in Nederland?
Parkeren van auto’s gaat veelal gebeuren
in parkeerhubs, die onder de grond of in
gebouwde voorzieningen worden gehuisvest.
“De gemeente bouwt en exploiteert die parkeergarages
op eigen initiatief, voor eigen
rekening en eigen risico. Daarin zijn wij waarschijnlijk
de eerste gemeente in Nederland die
dat doet op deze schaal. In de praktijk is het
vaak moeilijk om, binnen een gebiedsontwikkeling,
financiële dekking te vinden voor een
parkeergarage. Om die bottleneck te ontlopen
halen wij, bij alle gebiedsontwikkelingen, de
parkeerhubs eruit en schrijven die zelf over
tientallen jaren af. Zonder die ballast krijgen
we de grondexploitaties veel makkelijker sluitend.”
Mijmeren
over de toekomst
De 46-jarige Bas van der Pol ziet het helemaal
voor zich: hoe hij in de toekomst, als gepensioneerde,
vanuit zijn geboortewijk in West,
door een groene, parkachtige en levendige
omgeving rond het spoor, prettig naar het
centrum van de stad kan lopen. “Er komen op
twee plekken - bij het bos en bij de universiteit
- nog extra onderdoorgangen. We slopen
een bestaand viaduct, bouwen het op poten
terug en richten eronder een overdekt park
in. Met al die nieuwe wandel- en langzaamverkeer-routes
tussen oost en west worden
straks de Spoorzone, het Kenniskwartier en
het Wandelbos verweven met elkaar. En vormen
ze samen een prachtig geheel.”
<<
Stationslocaties 2025/2026 - 27
׉	 7cassandra://dIjgDBpQThNJ67WCj6XPqCpZiEAIQcaJUbDm-MrcS0I'` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://ut8h3tPzQrzwRgougBFVIZShn8r5MY5o2ENKwHFCapc !`׉	 7cassandra://HPupIrMqkjl_3HoZ4jqbQvamIjHfyozI6Pdi8u9crBkͅ`t׉	 7cassandra://dwnVFnU7hvnCB-y5yxjm7rc1b39eFh7ZHHbCreD39_k)` h~N,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://wcTCFBmutYwNjOzsxNqUi_XoUEUJpPFFmmG8gg5stmk 5`׉	 7cassandra://2dvJIJwDLEtK4GUEK-Zkj-F4D15vur7CijcePwu_nz4{`t׉	 7cassandra://_-3OU64FbWxgQPw-_tgemb8Y8SwaJjYrtiVGoOBYI8E%` h~N,{,נh~N,{, ~̫9ׁHmailto:martin@woningmakers.nlׁׁЈ׉E_Woningmakers NL inmiddels actief voor ruim 70 gemeenten
De programmamanagers van Woningmakers
NL zijn ter zake kundig, kennen de dynamiek
van de markt en staan boven de partijen
In Nederland is nog steeds sprake van een
enorm tekort aan woningen, de cijfers zien er
nog niet goed uit, we blijven op 70% hangen.
Er moet keihard worden gebouwd, maar: dat is
niet eenvoudig. Want in ons tamelijk kleine land
is woningbouw ingewikkeld georganiseerd en
veel woningbouwplannen worden gefrustreerd
door de stikstofproblematiek en netcongestie.
Een intensieve samenwerking tussen overheid
en markt is noodzakelijk om de énorme
woningbouwambitie te realiseren.
Geen belang
De Woningmakers organiseren het overleg met marktpartijen, zoals
woningcorporaties, projectontwikkelaars en makelaars. En vanuit
de Woningmakers vindt samenwerking en uitwisseling van gegevens
plaats met de gemeenten en provincie op basis van een dedicated
publiek-privaat monitoringsysteem, Domiportal. En omdat de
Woningmakers zelf geen commercieel belang in de projecten hebben,
vindt er zo een ander soort gesprek plaats, waarbij de invulling van
de regionale woningbehoefte als geheel centraal staat. De programmamanagers
van Woningmakers NL zijn ter zake kundig, kennen de
dynamiek van de markt én de overheid, en staan boven de partijen.
Woningbouw is mensenwerk
Goede cijfers zijn onontbeerlijk om de woningbouw uit de problemen
te helpen, maar goed met elkaar omgaan vinden de Woningmakers
eigenlijk nog veel belangrijker. Iedereen beleeft de problematiek vanuit
zijn eigen optiek, drijveren en achtergrond, en met ervaringen
vanuit het verleden. Nieuwsgierigheid en het begrijpen van elkaars
context vormen de drijvende kracht om tot oplossingen te komen.
Dat schrijven we niet alleen op, maar we willen in elkaar blijven
investeren om de woningbouwbehoefte samen te realiseren.
28 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://dwnVFnU7hvnCB-y5yxjm7rc1b39eFh7ZHHbCreD39_k)` hxN,{,׉E$De werkwijze van Woningmakers NL
De werkwijze van de Woningmakers is gebaseerd op zes
Bouwstenen (modules) waarmee u uw voordeel kunt
doen.
Bouwsteen # 1: Inspiratie & advies.
Een goede samenwerking begint met
een goed, oriënterend gesprek.
Wij brengen met onze kennis & kunde
inspiratie en advies. Dus: eerst eens om
de tafel.
Bouwsteen # 2: Verkenning.
Bij aanvang van een samenwerking
tussen de overheid en de markt kiezen
we een gezamenlijk vertrekpunt.
Woningmakers heeft veel ervaring met
startsituaties.
Bouwsteen # 3: Bouwberaad.
Ofwel versnellingstafel. Het is het
gesprek over de planlijst met alle betrokken
partijen. De publiek-private planlijst
van woningbouwmonitor Domiportal is
uitgangspunt.
Bouwsteen # 4: Versnellingsinterventie.
Patronen die de vaart uit de woningbouw-processen
halen vragen om
Versnellingsinterventies om in publiekprivate
samenwerking oplossingen te
ontwikkelen.
Bouwsteen # 5: Kopgroep overleg.
Het periodiek overleg met vertegenwoordigers
van woningcorporaties,
projectontwikkelaars en nieuwbouwmakelaars.
Gaat het goed? Waar kunnen
we verbeteren? Sturing geven aan het
proces.
Bouwsteen # 6: woningbouwmonitor
Domiportal.
Domiportal is de aan de markt
getoetste woningbouwmonitor van
de Woningmakers. Dat is: meten =
weten. Een heel belangrijk verschil met
andere woningbouwmonitors: een team
accountmanagers heeft dagelijks contact met gebruikers
om ervoor te zorgen dat alle informatie actueel en
volledig is, en zij kunnen eventueel support verlenen.
Zo weten we zeker dat alle informatie klopt, zonder dat
menskracht bedoeld voor het primaire proces van de
woningbouw te belasten met “lijstjes vullen”.
‘Gemeentelijke planlijsten zijn ambtelijk ingevuld. Het is verstandig
om de bouwende partijen ook tegen die lijst te laten aankijken.
Ik heb in zeventig gemeenten een markttoets en reality check van de
planlijsten doorgevoerd door zo’n lijst tegen de markt aan te houden.
Ze veranderen altijd significant. Daarna is het zaak met elkaar goed
te kijken naar de data en erover te praten. Door te sparren wordt
de planlijst beter. Als de planlijst niet klopt, kun je er ook geen goed
gesprek over voeren. Gemeenten en ontwikkelaars moeten vaker het
ongemakkelijke gesprek met elkaar durven voeren. Als je iets van
elkaar wilt, dan helpt het als je zaken durft te benoemen en te vragen.
Niet alleen de mooie verhalen, maar ook als het “schuurt”.
De Woningmakers kunnen zo de mediator zijn.’
Martin Bosch
Organisatie
Martin Bosch is vanaf de start van Woningmakers (2017) zowel
strategisch adviseur, programmamanager als netwerkmanager.
Hij is dé spin in het web als het gaat om de samenwerking
tussen ontwikkelaars, corporaties en makelaars. Inmiddels is
hij algemeen directeur van een organisatie die in 70 gemeenten
de woningbouw een zet geeft door markt en overheid beter
te laten samenwerken.
Alleen sámen kunnen we bouwplannen realiseren. Ter
zake kundig een samenwerking organiseren, daar zijn de
Woningmakers goed in.
<<
Interessant?
Neem contact op met:
Martin Bosch
M 06 143 88 221
E martin@woningmakers.nl
Stationslocaties 2025/2026 - 29
׉	 7cassandra://_-3OU64FbWxgQPw-_tgemb8Y8SwaJjYrtiVGoOBYI8E%` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://6y0tsh7_QnWbbauh7ygV8WUgQAipHvUu727hgNYzDjw 6`׉	 7cassandra://3Ehjbw4YHnupUozRhvJ1QPaGqIuU74CD9o6VIo2sHJǗb`t׉	 7cassandra://GQgDHfHh5Gpbgas1Pabxupy0TK0mgpbSaVFLQi89_t0*K` h~N,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://TQ1ZrGkreFDIwCkHiueH_09WETHzAMVn9ent5r7ni4k `׉	 7cassandra://qqKTRxz-vjCeA8ry2bHUUDo1pUMDpv4IFWh5IDKNu1A͆`t׉	 7cassandra://ds0FiKGAsXPYo8nCW7Ino2gtl7ENcIMQ5zQuID9n5TY'` h~N,{,׉EAlkmaar transformeert
Van stationsgebied naar groene,
leefbare en goed bereikbare stadswijk
Een impressie van de toekomstige achterzijde van het vernieuwde station Alkmaar
Het station Alkmaar is de best bereikbare plek van de stad en daarmee uitermate geschikt voor verdere
stedelijke groei. In 2021 zette de gemeente Alkmaar daarom samen met NS, ProRail, buurtbewoners,
ondernemers en belangenorganisaties de ambities voor het stationsgebied op papier in een ontwikkelbeeld.
Sindsdien is er wel veel veranderd en dat vraagt om een frisse blik en herijking van de plannen.
Laat - west. Foto E. van de Pol
N
ieuwe inzichten over verdichting, duurzaamheid,
mobiliteit en hergebruik van bestaande gebouwen
maken dat de oude plannen niet meer volledig aansluiten
op de huidige wensen en mogelijkheden. Bovendien
besloot de gemeente nog niet zo lang geleden het treinspoor
ongelijkvloers te kruisen met een onderdoorgang, een ingreep
die een belangrijke aanleiding vormt om het ontwikkelbeeld
opnieuw onder de loep te nemen. Ontwerpbureau De Zwarte
Hond is daarom druk bezig met een herziening van de plannen.
“We staan als gemeente voor een flinke klus”, zegt Menno
Cabooter, opgavemanager voor grootschalige gebiedsontwikkelingen.
“Het stationsgebied ligt op een strategische plek,
tussen het historische centrum en het Alkmaars Kanaal. De
herontwikkeling maakt onderdeel uit van een bredere woningbouwopgave,
waarbij we inspelen op de groei van 112.000 naar
140.000 inwoners in 2040.”
30 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://GQgDHfHh5Gpbgas1Pabxupy0TK0mgpbSaVFLQi89_t0*K` hxN,{,׉EXAlkmaar van bovenaf bekeken: groen is nooit ver weg in deze Noord-Hollandse stad. Daardoor heeft ‘de kaasstad’ op veel mensen een aantrekkingskracht. Foto Ossip
“We streven ernaar dat minimaal 20 procent
van de openbare ruimte groen wordt ingericht.”
Alkmaar mikt in het stationsgebied op zo’n 1.200 nieuwe
woningen en ongeveer 48.000 vierkante meter kantoorruimte.
“We willen een multifunctioneel gebied”, vertelt programmamanager
Gerda van Rossum. “Er worden niet alleen woningen
gebouwd, maar we zijn ook nadrukkelijk op zoek naar partijen
die willen investeren in werkgelegenheid in het gebied. Juist
in Alkmaar leent het stationsgebied zich voor kantoren en er
is vraag naar goede kantoorconcepten in de stad. In het oorspronkelijke
plan uit 2021 gingen we nog uit van grootschalige
sloop, maar inmiddels zien we dat ontwikkelaars juist kansen
zien in het transformeren van bestaande gebouwen.”
Groen krijgt voorrang
Niet alleen de bestaande gebouwen krijgen een nieuwe invulling,
ook de openbare ruimte gaat op de schop. “We willen
meer groen”, benadrukt Van Rossum. “Denk aan groene verbindingen,
parkjes, wateropvang en groene daken. Groen moet
niet alleen mooi zijn, maar ook bijdragen aan het klimaatbestendig
maken van de stad. In het nieuwe plan krijgt een
integrale groenstructuur daarom een centrale plek. We streven
ernaar dat minimaal 20 procent van de openbare ruimte groen
wordt ingericht.”
Stationslocaties 2025/2026 - 31
Visie van De Zwarte Hond
Ontwerpbureau De Zwarte Hond staat bekend om een integrale,
toekomstgerichte aanpak van stedelijke ontwikkelingen.
Ze verbinden architectuur, landschap en stedenbouw om
gebieden duurzaam en leefbaar te maken. Volgens hun visie
is het belangrijk om plekken te ontwerpen waar mensen zich
thuis voelen, waar ruimte is voor ontmoeting, biodiversiteit en
innovatie. Die uitgangspunten vormen nu ook de basis van de
herziening van het ontwikkelbeeld voor Alkmaar. Van Rossum
en Cabooter benadrukken dat de balans tussen wonen, werken,
recreëren en mobiliteit daarbij centraal staat.
Stadhuis, toren en beeldengroep Moriaanshoofd. Fotostudio Natzijl
׉	 7cassandra://ds0FiKGAsXPYo8nCW7Ino2gtl7ENcIMQ5zQuID9n5TY'` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://bgUGp5P5SHKBUoFarEVCDJNkeIHdBdw_Ftvplu9fYGc `׉	 7cassandra://s0ZfnPpUuWrzCVDMyKYPU-t897MxOhB36FyycRhXLOwm`t׉	 7cassandra://KKHwFQzCXbQDcu9FfwBDpbnZMwls9reWTtctJu7k49s$` h~N,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://qBKjWaOW2qfB40OKaJfFq8uT1AmKvFqhyZUo2sXyTQk <`׉	 7cassandra://zkBNHRToHjkKJdaZoUoGhclVBs_tBLa_e-dp8mxxVHÀ`t׉	 7cassandra://MBgPgXpHeFuX0JDSGZeargIVbkKlhv8oIrI8nywNMO0%` h~N,{,׉EStation Alkmaar Centraal. Foto Ossip
“Ook al groeit Alkmaar verder:
de historische binnenstad vol
monumentale panden blijft
dé kern van Alkmaar. ”
Spooronderdoorgang is heel belangrijk
Een van de grootste knelpunten in het huidige stationsgebied
is de verouderde spoorwegovergang bij de Helderseweg. Deze
overgang zorgt dagelijks voor forse verkeersopstoppingen en
vormt een veiligheidsrisico omdat het spoor op maaiveldniveau
wordt gekruist. De geplande ondertunneling is daarom
een heel belangrijk onderdeel van de herontwikkeling.
Een impressie van de ondertunneling van de spoorovergang Helderseweg.
32 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://KKHwFQzCXbQDcu9FfwBDpbnZMwls9reWTtctJu7k49s$` hxN,{,׉EMient. Foto E. van de Pol
“Het stationsgebied wordt
een eigenzinnig stadsdeel
met een eigen identiteit.”
De ondertunneling zorgt voor een betere doorstroming,
minder overlast en een aanzienlijke
verbetering van de verkeersveiligheid. “Het
project bereiden we in nauwe samenwerking
met ProRail voor”, vertelt Van Rossum. “De uitvoering
staat gepland rond 2030, afhankelijk
van de technische haalbaarheid en financiële
steun.”
Samen bouwen aan de toekomst
Een ingreep van deze omvang vraagt natuurlijk
niet alleen om financiële middelen, maar
ook om draagvlak. Daarom zet de gemeente
Alkmaar actief in op participatie en communicatie
met omwonenden en andere belanghebbenden.
Tijdens meerdere informatiebijeenkomsten
over de ondertunneling van de
spoorovergang in 2024 kregen bewoners volop
gelegenheid om hun zorgen en ideeën te
delen. Daarnaast wordt een klankbordgroep
opgericht waarin bewoners en betrokken partijen
meedenken over planning en uitvoering.
Zo probeert de gemeente de overlast tijdens
de bouw tot een minimum te beperken en het
project zo goed mogelijk aan te laten sluiten
bij de wensen van de buurt.
Met deze open, interactieve aanpak wil de
gemeente vertrouwen opbouwen en het project
samen met de omgeving realiseren. Zo
wordt de spooronderdoorgang niet alleen een
technisch hoogstandje, maar ook een verbindende
schakel die de leefbaarheid en mobiliteit
in Alkmaar duurzaam verbetert. Ook bij
het ontwikkelplan uit 2021 waren bewoners
intensief betrokken om hun input te verwerken.
Minder
verdichting, meer kwaliteit
Door de veranderde inzichten en de praktische
uitdagingen is de herijking van het ontwikkelbeeld
volgens Van Rossum en Cabooter onvermijdelijk
geworden. Waar in 2021 nog werd
ingezet op hoge dichtheid en zelfs de optie van
een tweede maaiveld, blijkt dat deze ingrepen
in de praktijk niet haalbaar zijn of niet de
gewenste kwaliteit opleveren. Ook daarom
kiest de gemeente bewust voor een koerswijziging,
waarbij leefbaarheid en een prettige
woon- en werkomgeving vooropstaan.
“Minder verdichting betekent ruimte voor
meer groen, sociale voorzieningen en voldoende
openbare ruimte waar mensen zich thuis
voelen”, legt Van Rossum uit. “Daarnaast krijgt
de samenhang tussen wonen, werken, recreeren
en mobiliteit veel meer aandacht. Die
functies moeten beter op elkaar aansluiten en
elkaar versterken.”
Stationslocaties 2025/2026 - 33
Van Rossum benadrukt dat de gemeente
Alkmaar niet de ambitie heeft om van het
stationsgebied een ‘binnenstad 2.0’ te maken.
“Zeker niet. Deze stedelijke ontwikkeling is
bedoeld als aanvulling op onze prachtige historische
binnenstad. Daarvan hebben we er
maar een. Het stationsgebied wordt een eigenzinnig
stadsdeel met een eigen identiteit. Het
verbindt straks het historische centrum en het
Alkmaars Kanaal niet alleen functioneel beter,
maar ook visueel.”
De vernieuwde visie van de ontwikkelplannen
vormt straks de basis voor een toekomstbestendig
stationsgebied dat aansluit op duurzaamheidsdoelen,
klimaatadaptatie en veranderende
woonwensen. “Het gaat niet alleen
om kwantiteit, maar vooral om kwaliteit”,
besluit Van Rossum. “We willen een aantrekkelijk
en leefbaar gebied creëren waar mensen
graag wonen, werken en elkaar ontmoeten.
Nu en in de toekomst.” Naar verwachting
wordt de herziening van het ontwikkelplan
in het eerste kwartaal van 2026 afgerond en
door de gemeenteraad vastgesteld. Daarmee
is Alkmaar klaar om ook in het gebied rondom
het station centrum duurzaam verder te
groeien.
<<
׉	 7cassandra://MBgPgXpHeFuX0JDSGZeargIVbkKlhv8oIrI8nywNMO0%` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://HqMhdm_V82JP0Ouz9fijq-BIjpLsMIUNaTBWESLsRrw `׉	 7cassandra://LsStgYBm37oYyqBPQKB6vQ-DR_DVoCrh7vwtHyP-rz4͉`t׉	 7cassandra://aogOmBz6DJOeCd6z3aKW_gYsMMleoFHTlnp9Dm4atos)` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://jocWzV6inuWvVCGK5dUAAA5tSUypbS8slDw_XtVKaVE  `׉	 7cassandra://Z1L9nO6wYSx4PXQeadZy4RXk_pP9p6TCC3BfCwwd2DQ|`t׉	 7cassandra://G4GrqT4PCfmO3To4wylOSXLKKW7FhR7c6QEWpuiCewQ(` hN,{,׉EaBeverwijk zet
grote stappen
in Spoorzone
Beverwijk heeft veel potentie rond het station.
De potentie wordt de komende jaren volop
benut met mooie en realistische plannen.
S
inds drie jaar is Ali Bal wethouder in Beverwijk, hij heeft
ruimtelijke ontwikkeling in zijn portefeuille. De wethouder
kijkt met tevredenheid terug op de stappen die de
afgelopen jaren zijn gezet, waarin vooral veel voorbereidend
werk is verricht om de potentie van het stationsgebied te
benutten. Zoals onder andere het project Ankie’s Hoeve, een
nieuw woongebied op een markante plek in de stad waar vroeger
een gelijknamige kinderboerderij stond. Voor dit project is
de afgelopen periode gewerkt aan de ruimtelijke procedure,
die binnenkort formeel wordt doorlopen. Het moet de poort
naar het centrum vormen, voor automobilisten die vanaf de
A22 komen. Het woongebied krijgt 210 appartementen en commerciële
ruimtes in een parkachtige omgeving. De kracht van
deze plek is dat hij direct aan het station ligt en dus ook direct
bij het centrum van de stad.
Bal hoopt dat begin volgend jaar de bouw kan beginnen voor
Ankie’s Hoeve. “Dat wordt een belangrijk zaadje dat we planten
voor de verdere ontwikkeling van de Spoorzone. De afgelopen
jaren hebben we vooral voorbereidend werk gedaan als het
gaat om Bazaarstad en de Parallelweg Zuidwest. Ook zijn we
het Meerplein nu aan het oppakken.”
Impressie Ankie’s Hoeve. Studio Vinke
Als de wethouder praat over de Parallelweg Zuidwest komen er
twinkelingen in zijn ogen. Het is een ambitieus herontwikkelingsplan
voor een gebied met kantoren en gebouwen die niet
meer voldoen aan de eisen van deze tijd. Bal: “Eigenlijk wilden
we hier woningen bouwen, maar de provincie heeft aangegeven
dat daar tot 2040 geen ruimte voor is. Op deze plek moet
wel echt iets gebeuren.” Ook de grondeigenaren zagen de noodzaak
om het gebied een impuls te geven.
Eigen Zuidas
En dus hebben die grondeigenaren in samenwerking met de
gemeente een gebiedsvisie opgesteld die voorziet in een stapsgewijze
herontwikkeling. Opvallend in deze visie is de toevoeging
van hoogteaccenten tot 70 meter. “Beverwijk creëert zijn
eigen Zuidas”, zegt de wethouder met een knipoog. “Het wordt
een stedelijk, dynamisch deel van de stad met moderne hoogbouw.”
Bij
hoogbouwplannen is er vaak bezwaar vanuit de samenleving,
maar op deze plek wordt dat niet verwacht. In de directe
omgeving zijn namelijk geen woningen. En ook in de gemeenteraad
was er breed draagvlak, sterker nog, een deel van de
34 - Stationslocaties 2025/2026
raad wilde het plafond van 70 meter loslaten. Bal acht dat op
dit moment niet nodig. De geplande gebouwen moeten daadwerkelijk
gevuld kunnen worden en leegstand moet worden
voorkomen. Het is ook niet de bedoeling om een muur van 70
meter neer te zetten, het worden verschillende complexen met
hoogteaccenten. De ontwikkeling zal gefaseerd verlopen, waarbij
niet het hele gebied in één keer wordt vervangen. Naar verwachting
zijn de eerste resultaten rond 2028 zichtbaar.
Het succes van deze ontwikkeling valt of staat met een goede
verbinding met het centrum van Beverwijk. Bal droomt al langer
van een passerelle, een fiets- en voetgangersbrug over het
spoor vlak naast het station. Die droom zou zo maar werkelijkheid
kunnen worden. De financiering van de brug begint
langzaam handen en voeten te krijgen. “We gaan een subsidieaanvraag
doen voor de verbinding en die acht ik kansrijk.
Natuurlijk zal Beverwijk ook nog moeten bijpassen, en ik zou
het logisch vinden als marktpartijen ook een bijdrage leveren.”
Een ander project waarbij Beverwijk de afgelopen jaren een
grote stap heeft gezet is rond de Bazaar. Dit is een initiatief van
׉	 7cassandra://aogOmBz6DJOeCd6z3aKW_gYsMMleoFHTlnp9Dm4atos)` hxN,{,׉Ebouwbedrijf Heijmans en De Bazaar zelf. Het project heeft de
werknaam Bazaarstad, al vindt de wethouder het woord ‘stad’
wat verwarrend voor deze uitbreiding van Beverwijk. Voor dit
project ligt er inmiddels een integrale gebiedsvisie.
Bazaarstad moet de komende jaren gefaseerd worden ontwikkeld.
En dat begint dan op ‘P0’, een parkeervlakte die bijna
nooit wordt gebruikt. “We kunnen hier vrij snel met woningbouw
aan de slag omdat P0 en ook het naastgelegen P1 buiten
de zogeheten milieucontour liggen. Daardoor hebben we
niet direct met provinciale milieuregels te maken”, legt Bal uit.
“Voor andere delen van het Bazaarterrein is meer afstemming
met de provincie nodig.”
In totaal worden op P0 en P1 zo’n 2.000 woningen gerealiseerd.
P0 kan probleemloos worden opgeheven, maar dat geldt niet
voor P1. Om dat terrein te compenseren komt er een bovengrondse
parkeergarage, dichtbij de snelweg A9. In 2027 moet
de eerst paal de grond in.
Ali Bal is sinds 2022 wethouder in
Beverwijk namens Samen Lokaal
Beverwijk. Eerder was hij raadslid,
adviseur ruimtelijke ontwikkeling
en docent aardrijkskunde.
Bal heeft een achtergrond in
sociale geografie. Zijn portefeuille
omvat ruimtelijke ontwikkeling,
wonen, sport en bestuurlijke
vernieuwing.
Bruisende wijk
Bazaarstad wordt een bijzondere en bruisende wijk, met veel
aandacht voor leefbaarheid. Met de snelwegen en het spoor in
de nabijheid is dat een noodzaak, waarbij ook wordt gekeken
Stationslocaties 2025/2026 - 35
׉	 7cassandra://G4GrqT4PCfmO3To4wylOSXLKKW7FhR7c6QEWpuiCewQ(` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://N2IO1tkNqAs2A1O9eYjT1Qi1-J-a0O-2jybdcwt3zMs c:`׉	 7cassandra://BYwOIVJnezH-CzOPI6zIczMw_tv9pXmcsV1PIArDRgg͆N`t׉	 7cassandra://Xyt4FDUN0t5RRQPBZxe87REM7uZLib2g94c0KU0xpjI(q` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://9i2DrSQC1VHMLevjSwhoOwOxe-QPAaB__81tUyD1aIY %`׉	 7cassandra://zVHONRvf5RQxUjoSz25atkkRli-nhA2YLUqunyb96L4̈́`t׉	 7cassandra://WaneRjskBJvg7OOL8_bVcUd6ERhHy4VwX7DwdS97Ysg&` hN,{,׉E3Luchtfoto van Spoorzone Beverwijk
naar geluidswerende maatregelen. De wijk
wordt toegankelijk voor de auto, maar alleen
voor bestemmingsverkeer. Daarnaast wordt
ingezet op een goede ov-verbinding met het
station. In de wijk is ruimte voor maatschappelijke
voorzieningen en een supermarkt.
“Overgangsgebied tussen
industrie en stad.”
Midden in de Beverwijkse Spoorzone ligt het
Meerplein, het ultieme voorbeeld van het stedelijk
denken uit de vorige eeuw. Het is een
riante parkeerplaats. Wethouder Bal ziet daar
veel kansen, maar moet ook rekening houden
met de wens om de auto in het centrum kwijt
te kunnen. “Wat we nu van plan zijn is om een
parkeergarage te organiseren. We hebben een
onderzoek gedaan naar wat dat gaat kosten
en wat de meest logische plek is.” Tegelijkertijd
heeft Beverwijk een marktconsultatie gedaan
om een visie te krijgen op het plein van de
toekomst. Voor Bal is het uitgangspunt om op
die plek woningen te realiseren, want die zijn
hard nodig. “We willen een tender uitschrij36
- Stationslocaties 2025/2026
ven op basis van die marktconsultatie. Met
een parkeergarage op het Meerplein of op het
NS-terrein. Of beide.” De eerste paal moet binnen
drie jaar de grond in.
Spelregelkaart
Ook met de haven is Beverwijk aan de slag.
Nadat de provincie woningbouw rond de
Parallelweg onmogelijk maakte, dreigde een
impasse. “De provincie heeft gezegd dat ze tot
2040 in ieder geval geen woningbouw willen.
Dan kun je twee keuzes maken. Of je zegt: we
gaan wachten tot 2040, wanneer het mogelijk
wel mag. Of we doen een koerswijziging.”
En dus koos de gemeente voor een koerswijziging:
het havengebied wordt versterkt.
“Tegelijkertijd hebben we een spelregelkaart
opgesteld, die de randvoorwaarden vastlegt,
voor de haven, de Parallelweg en Bazaarstad.”
Waarbij de Parallelweg een overgangszone
tussen industrie en bestaande stad wordt.
“Dus dat betekent ruimte voor onder meer
kantoren en leisure.”
Eén van de voorwaarden is om meer kadegebonden
bedrijven in het gebied te vestigen.
“Dat kunnen we niet forceren maar dat is wel
de wens.” De spelregelkaart is opgesteld in
samenspraak met de ondernemers en vastgesteld
door de gemeenteraad. “Met dat document
kan de inpasbaarheid van een initiatief
worden getoetst.”
Verder heeft wethouder Bal zich ingezet voor
een zogenoemd ‘kwaliteitsboek openbare
ruimte’, waarmee de gemeente de binnenstad
uniform ingericht wil krijgen en verbindingen
wil maken tussen de diverse gebieden. “Dat
gaat over de materialen die we toepassen.
Maar ook waar we ruimte zien voor vergroening.
En hoe we straten met elkaar kunnen
verbinden.” Aan de stadskant zijn ook plannen
voor herontwikkeling van de voormalige fietsenstalling
naast het NS-station tot woningen.
Daarvoor tekende Bal een samenwerkingsovereenkomst
met NS. Kortom: er gebeurt
genoeg in Spoorzone Beverwijk.
<<
׉	 7cassandra://Xyt4FDUN0t5RRQPBZxe87REM7uZLib2g94c0KU0xpjI(q` hxN,{,׉E
VOntwerpend onderzoek naar klimaatadaptatie in stationsgebieden
Stations als groene oases
Hoosbuien, perioden van aanhoudende droogte, een aaneenschakeling van tropische dagen: we zullen er
mee moeten leren leven. Het vraagt een aanpassing van onze leefomgeving. Die moet klimaatadaptief
worden, zo ook onze stations. Door nú in te spelen op de veranderende omstandigheden kunnen we er
samen voor zorgen dat die stations prettige en leefbare plekken blijven. Maar hoe doe je dat? Hoe houden
we ze koel en aangenaam? Wat doen we met een tekort of juist een overvloed aan water? En kunnen
klimaatadaptieve maatregelen de stationsomgeving ook beter en mooier maken? Dergelijke vragen staan
centraal in het ontwerpend onderzoek Klimaatadaptieve stations van Bureau Spoorbouwmeester, NS,
ProRail en Flux landscape architecture.
Impressie klimaatadaptieve omgeving station ‘s-Hertogenbosch (bron: Flux landscape architecture)
“D
at we als spoorsector met het
thema klimaatadaptieve stations
aan de slag moesten, was voor
Bureau Spoorbouwmeester al een tijdje
duidelijk”, vertellen Marianne Loof (Spoorbouwmeester)
en Liesbeth Boeter (adviseur
Bureau Spoorbouwmeester). “Het onderzoek
past bij de duurzame ambities van ProRail en
NS en bouwt voort op de handboeken van het
Landschapsplan voor het Spoor.”
Urgentie
Voor het station dringt de tijd. Actie is nodig.
Doen we dat niet, dan zijn de consequenties
groot, helemaal omdat veel van onze stations
in stenige omgevingen liggen, op plekken met
een hoge ruimtedruk. Staal, beton en baksteen
bepalen meestal het karakter. Dat moet anders.
Hoosbuien, langdurige hitte, aanhoudende
droogte: ze gaan steeds meer impact hebben.
“We zijn heel blij met het resultaat. Vooral
omdat het gelukt is om de opgave te vertalen
naar een krachtig wenkend perspectief. Voor
het station en de stationsomgeving kan dit
een game changer worden”, concludeert Loof.
Dat het resultaat overtuigt, vinden ze niet
alleen binnen Bureau Spoorbouwmeester.
Als onderdeel van de studie was er al veelvuldig
contact met ProRail, NS en een aantal
stations managers van de vijfentwintig onderzochte
stations. Daar waren de reacties al heel
positief. Het toont niet alleen de wens om
stappen te gaan nemen in het klimaatadaptief
maken van station en stationsomgeving.
Ook zegt het wat over de urgentie die gevoeld
wordt binnen de spoorsector.
Loof: “Voor NS en ProRail is het van groot
belang om de risico’s die klimaatverandering
met zich meebrengt zo goed mogelijk te
beperken, alleen al omdat het directe gevolgen
kan hebben voor de technische eisen die
we aan het spoor stellen.”
Stationslocaties 2025/2026 - 37
׉	 7cassandra://WaneRjskBJvg7OOL8_bVcUd6ERhHy4VwX7DwdS97Ysg&` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://s0UQDOkAm1Tw_sFYAIxebaXJSbqHZSSfaJOqY5uoILA r`׉	 7cassandra://YYxJZhdw-AZpjCgU7DxhqVXWe2jHaMPLDkFhlsgHa6Qz`t׉	 7cassandra://xbs2SmUsSBpLEs7ljnKdapgm6hyIxoLCb_mnLzRRufk$` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://RT-b4PbS6YjqKa-7357cioq9wa1aPStkUTxo5oysu74 D`׉	 7cassandra://5D2_KwFHCq1uu9Mb5AWtjt68JBzV27oX4quyBVP5rjk͎`t׉	 7cassandra://jrZ95h84ca-sCJZ8LAjzHBdQ5HLP7tPKLHK8g6CYuL4(` hN,{,׉EKlimaattransitiepad met bijbehorende maatregelen (bron: Flux landscape architecture)
Onderzoeksmethode
Voor het onderzoek selecteerden Bureau
Spoorbouwmeester, NS, ProRail en Flux landscape
architecture vijfentwintig stations verspreid
over heel Nederland. Daarbij is gekeken
naar reizigersaantallen, ligging en ruimtelijke
opzet. Vervolgens zijn binnen een straal van
driehonderd meter de belangrijkste ruimtelijke
kenmerken en klimaateffecten geanalyseerd,
zoals verharding, groen, water, hittestress
en risico op wateroverlast.
“Om te laten zien hoe dit in de praktijk werkt,
zijn vijf stations verder uitgewerkt: ’s-Hertogen
bosch, Beverwijk, Deventer, Leiden en
Woerden”, vertelt Boeter. Voor elk van deze
locaties is een klimaattransitiepad opgesteld:
een reeks maatregelen die stapsgewijs ingevoerd
kunnen worden, afhankelijk van de context.
Zo wordt duidelijk hoe ieder station, met
zijn eigen specifieke situatie, toekomstbestendig
kan worden gemaakt.”
’s-Hertogenbosch: station als groene
oase
“Station ’s-Hertogenbosch laat goed zien hoe
groot de klimaatopgave kan zijn én welke kansen
er liggen,” vertellen Loof en Boeter. “Het
huidige stationsgebied bestaat voor een groot
deel uit steen en verharding. Op warme dagen
loopt de temperatuur er flink op, terwijl bij
hevige regenval juist wateroverlast dreigt.”
In het klimaattransitiepad is daarom gekozen
voor een reeks samenhangende maatregelen.
Een belangrijk onderdeel is het vergroenen
van de perrons en het voorplein, waardoor
schaduw en verkoeling ontstaan en regenwater
beter kan worden opgevangen. Ook wordt
ingezet op een slimme waterhuishouding
met infiltratiekratten en wadi’s, zodat piekbuien
minder schade veroorzaken.
Daarnaast spelen materiaalkeuze en inrichting
een rol: minder hittevasthoudende
Impressie station Leiden: bufferen en infilteren in natuurlijke wadi en plantenvakken in openbare ruimte (bron: Flux landscape architecture)
38 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://xbs2SmUsSBpLEs7ljnKdapgm6hyIxoLCb_mnLzRRufk$` hxN,{,׉E,Klimaatadaptieve maatregel voor waterberging op station Zwolle (bron: Erik Karst Fotografie)
bestra ting, beplanting in meerdere lagen en
een betere verbinding met het omliggende
stedelijk groen. Zo verandert het stationsgebied
stap voor stap in een groene oase die niet
alleen bestand is tegen hitte en wateroverlast,
maar ook de verblijfskwaliteit voor reizigers
verhoogt. Klimaatadaptatie speelt overal in
Nederland, en dus ook op ieder station. Maar
de context, en daarmee ook de aard en uitwerking
van de oplossingen, verschilt.
Hoezeer de ingrediënten
ook op elkaar lijken:
een vaste receptuur voor
een klimaatadaptief station
bestaat niet.
Het is altijd maatwerk.
Andere kijk op groen
Het onderzoeksresultaat verschijnt op een
moment dat overal in Nederland stationsgebieden
volop in de belangstelling staan. In zo
ongeveer iedere grote en middelgrote stad
worden plannen gemaakt voor verdichting en
gebiedsontwikkeling.
“Ook in dat licht is deze studie waardevol en
agenderend”, stelt Loof. “Wanneer we onze
stationsgebieden steeds dichter bebouwen,
kan dat leiden tot meer in plaats van minder
verstening. Daarbij hebben we gewoonweg
ruimte nodig om het station klimaatadaptief
te maken. Groen en water spelen daarin
absoluut een grote rol, maar bieden zeker
niet de enige oplossing. Van waterberging en
bebouwing die anticipeert op rukwinden en
hoosbuien tot het gebruik van materialen die
warmte veel minder vasthouden: we hebben
alles nodig.”
Wat betreft het groen vult Gerwin de Vries
van Flux landscape architecture aan dat ook
de ondergrond en de aansluiting op de stedelijke
groenstructuren bepalend zijn voor het
welslagen.
“Je lost dit niet op met kleine, goed bedoelde
ingrepen. Wil je de stad en dus ook het stationsgebied
leefbaar houden en klimaatadaptief
maken, dan vraagt dat om een structureel
andere kijk op stedelijk groen en groenbeheer.
Al moet gezegd dat ik op steeds meer plekken
beweging zie. Het gaat van kijkgroen naar een
bredere benadering: van tuin naar stadsnatuur;
de stad als een landschap dat werkt als
spons, verkoeling brengt en ook nog eens bijdraagt
aan de verblijfskwaliteit.”
ieder station een klimaat transitiepad
Zijn we er nu met deze studie en de enthousiaste
ontvangst? “We hebben zeker een belangrijke
stap gezet. Het onderwerp ligt helder op
tafel”, stellen Loof en Boeter.
“De spreekwoordelijke toolbox is klaar, we
weten wat werkt en de methodiek is algemeen
toepasbaar. Nu is het van belang dat
we voor alle stations een klimaattransitiepad
maken dat integraal onderdeel wordt
van de planvorming op en rond stations. Het
stationsplein in Zwolle is daarvan alvast een
prachtig voorbeeld. Dat is echt klimaatrobuust
ingericht, met aandacht voor het tegengaan
van hittestress door vergroening en een verbeterd
watersysteem met ruimte voor waterbuffering:
het versteende stationsplein heeft
plaatsgemaakt voor een groene oase die functioneert
als spons bij hevige regenbuien. En
dat allemaal gecombineerd met een aangename
routing naar de binnenstad.”
<<
Lees het volledige
ontwerpend onderzoek
via de QR-code
Stationslocaties 2025/2026 - 39
׉	 7cassandra://jrZ95h84ca-sCJZ8LAjzHBdQ5HLP7tPKLHK8g6CYuL4(` hxN,{,hxN,{,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://TkLj6kJ2Dci2VUn-9JGBs_OzKP9FXzHGvamxNMdFLsM 3H`׉	 7cassandra://s1WpJUBC5nA8aCe9Fe2MIBF7t1hlMEhTeSCKJN_hAHḾ`t׉	 7cassandra://u7beFK4b8YKChQw_f_bApaeZQneq2pazkbxPHs6xFLo&6` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://bYNKaR639_G1y9SCQw_j_MnilTto8WfJPVrTbVylOFQ zr`׉	 7cassandra://_4bwFR4pZY9DDVhNxGYUc5Gtu95AfNdwXlxM2lfjGYI͓!`t׉	 7cassandra://RvOd7EeZ5dBFu2EIfiO11EYFVe21FAn3_CMNK_tMSMc(` hN,{,׉E.Samen de puzzel leggen: Hoorn ontwikkelt
het stationsgebied stap voor stap
Het stationsgebied in de Poort van Hoorn ondergaat de komende tien jaar een metamorfose. Waar nu
nog een wirwar aan sporen, parkeerterreinen en loodsen ligt, verrijst een levendig stadsdeel. Met zo’n
vijfhonderd woningen, nieuwe voorzieningen, een prominente plek voor de Museumstoomtram HoornMedemblik
en een verbeterd mobiliteitsknooppunt. Gemeente Hoorn, ProRail, NS, de Provincie NoordHolland
en de Museumstoomtram werken sinds 2016 samen om deze complexe puzzel te leggen.
“H
et is een ingewikkeld gebied, waar bijna elke vierkante
meter al een functie heeft,” klinkt het uit
de mond van wethouder Axel Boomgaars .“Dat
maakt dit project extra spannend, maar ook een voorbeeld van
hoe goed samenwerken eruit ziet.”
Samenwerking als fundament
De basis van de huidige plannen werd al gelegd in 2016 en
2017. Gemeente, spoorpartners en provincie tekenden na eerdere
pogingen een intentieovereenkomst in 2018, gevolgd door
een samenwerkingsovereenkomst in 2021. “Alle partijen zagen
dat dit alleen kon slagen als we het gezamenlijk oppakten.
Bovenaanzicht van het te ontwikkelen stationsgebied
Juist omdat ieder zijn eigen belang heeft in het gebied”, vertelt
Danou Veenhof, regiodirecteur van ProRail.
Die gezamenlijke aanpak maakt dat partijen elkaar vasthouden,
ook bij tegenslag. “Het start altijd met momentum,” zegt
Irma Winkenius, regiodirecteur van de NS. “Als niet iedereen
tegelijk urgentie voelt, komt er niets van de grond. Hier viel het
samen – en sindsdien zetten we de schouders eronder.”
Het schuifpuzzel-gebied
Het stationsgebied is al jarenlang een lappendeken van dertien
sporen, losse gebouwen en parkeerterreinen, die vooral
rond de jaren ’60 en ’70 ontstond omdat er steeds nieuwe
40 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://u7beFK4b8YKChQw_f_bApaeZQneq2pazkbxPHs6xFLo&6` hxN,{, ׉E
voorzieningen nodig waren in het gebied.
ProRail-voorzieningen staan daardoor midden
in het gebied, wat het maken van een nieuwe
invulling lastig maakt. “Het is organisch
zo gegroeid,” vertelt wethouder Boomgaars.
“Toen hebben we gezegd: we moeten doen
alsof het een leeg canvas is. Dan zie je pas
wat er mogelijk is om deze locatie een nieuwe
stedelijke invulling te geven en het stationsgebied
als knooppunt voor trein, bus, fietser,
voetganger en auto te verbeteren. Maar een
leeg canvas bestaat alleen op papier. Het project
lijkt daardoor op een schuifpuzzel: als het
ene blokje verplaatst is ontstaat er ruimte
voor het volgende.” “Waarbij ook nog eens
verzekerd moet zijn dat het station voortdurend
goed en veilig bereikbaar moet zijn” vult
Winkenius aan.
Efficiënter omgaan met spoorruimte
Een van de grote puzzelstukken is de spoorinrichting.
Twee sporen verdwijnen, de resterende
bundel wordt compacter. Ook het relaishuis
van ProRail verhuist naar een toekomstbestendige
plek. De verplaatsing van het onderstation
is in uitvoering. Dat hebben gemeente
en ProRail samen opgepakt. Veenhof: “Voor
ons was het noodzakelijk om het onderstation
te verzwaren en de gemeente wilde het verplaatsen
om ruimte te maken voor de nieuwe
invulling. We hebben daarom samen werk
met werk gemaakt en een nieuw onderstation
gebouwd op een locatie net buiten het te ontwikkelen
stationsgebied.”
Museumstoomtram (meer) in de
spotlight
Een bijzondere speler is de Museumstoomtram,
die al sinds 1968 in Hoorn gevestigd is. Wat ooit
begon in een loods aan de rand van de stad,
groeide uit tot een landelijke publiekstrekker
met honderdduizend bezoekers per jaar.
Tot nu toe lag het museum wat verstopt,
maar dat verandert in de plannen radicaal. In
het nieuwe stationsgebied wordt de stoomtram
een prominente blikvanger, met een
promenade en een transparant expositiedepot.
René van den Broeke, directeur van de
Museumstoomtram: “We noemen onze collectie
wel rijdende Rembrandts. Die staat nu
een beetje weggestopt in oude loodsen. Straks
kan iedereen ze zien, midden in een levendig
gebied. Dat is een enorme kwaliteitsverbetering.”
Mobiliteitsknooppunt
van de regio
Een van de doelen is om van de hele Spoorzone
in Hoorn een sterk mobiliteitsknooppunt
te maken. Het busstation verhuist naar de
noordzijde, er komt een parkeergarage met
ondergrondse fietsenstalling en het parkeren
Vertegenwoordigers van Museumstoomtram en gemeente op de plek waar de stoomtrampromenade komt.
Op pagina 43 staat een sfeerimpressie van de nieuwe situatie
op maaiveldniveau verdwijnt. Tegelijkertijd
worden zo’n 500 woningen en minimaal
13.500 vierkante meter commerciële en maatschappelijke
voorzieningen toegevoegd.
Cruciaal is de nieuwe traverse. Veenhof :“De
huidige loopbrug over het spoor is te smal en
onaantrekkelijk.” Boomgaars vult aan: “We willen
een brede, uitnodigende ‘opgetilde straat’
maken die de binnenstad en het nieuwe stuk
stad écht verbindt.” Voor NS is het belangrijk
dat er een herkenbaar stationsentree komt.
Winkenius: “Voor de reizigers moet het meteen
duidelijk zijn waar ze moeten zijn.”
Parkeren slim opgelost
Net als bij het spoor geldt ook bij parkeren:
de oplossing moet slim én toekomstvast zijn.
Een cruciale keuze was om parkeren niet langer
op maaiveldniveau te laten plaatsvinden.
Aan de noordzijde van het stationsgebied worden
auto’s én fietsen ondergebracht in één
publiek parkeergebouw – een zeldzame combinatie
in Nederland. Boomgaars: “Dat besluit
was het eerste stuk van de puzzel. Het maakte
letterlijk ruimte vrij voor andere ontwikkelingen.”
De toekomstige bewoners parkeren in
een eigen bewonersgarage.
Treinen rijden altijd door
Bij alle ingrepen blijft één randvoorwaarde
wel overeind: de treinexploitatie mag eigenlijk
geen moment stilvallen. Veenhof benadrukt
dat het spoor een 24/7 operatie is, zeker in
Hoorn. “Overdag en ’s avonds rijden de treinen,
Meer dan woningen alleen
Hoewel het plan voorziet in maximaal 520
woningen, kijken de partners nadrukkelijk verder.
Winkenius wijst op het belang van functies
die reizigers aantrekken. “Het zou mooi
zijn als bijvoorbeeld een kantoorhoudend
bedrijf uit Sloterdijk zegt: we verhuizen naar
Hoorn. Dat zorgt voor evenwichtiger vervoer
heen en terug. En het maakt het gebied levendig.
Het gaat om méér dan wonen alleen.”
Boomgaars sluit zich daarbij aan: onder de
noemer ‘voorzieningen’ is ruimte voor uiteenlopende
functies. “Juist die mix maakt het
stationsgebied tot een levendig geheel voor
inwoners, bezoekers en bedrijven.”
Voorbeeld voor andere steden
De partners zijn het erover eens dat Hoorn een
voorbeeldproject is. Niet omdat alles vanzelf
gaat, maar juist door de manier van samenwerken.
“Je loopt steeds tegen problemen aan,
maar je zoekt samen naar oplossingen. Dat is
de kracht. Dit is een voorbeeld van hoe je met
gezamenlijke ambities en een integraal plan
zo’n complexe puzzel kunt leggen. Doorzetten
is daarbij ook essentieel voor de samenwerking.
Prijsstijgingen, tegenvallers – ze horen
erbij. De kunst is om elkaar vast te houden en
door te gaan.”
<<
Stationslocaties 2025/2026 - 41
’s nachts worden ze er schoongemaakt. Toch
zullen er korte treinvrije periodes nodig zijn,
om echt ongestoord te kunnen bouwen. Voor
de rest moet alles doorgaan.” Dat vraagt nauw
overleg met NS en alle betrokken partijen.
׉	 7cassandra://RvOd7EeZ5dBFu2EIfiO11EYFVe21FAn3_CMNK_tMSMc(` hxN,{,!hxN,{, }{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://9SGnksZTKc1ME_KyC27oeA0XE9yMi139sDMHbN7FQK0 a`׉	 7cassandra://_Ose51SGrsK811y9R_x5gaJuFlsTGZkAydpwuRtzTVg`t׉	 7cassandra://Be3igZW22icnGqdUCKn_JpUGs64N0GfeS4XEz32Vxr0$` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://zkGQ8k8PavjzLGF5xieyYVHWggyR0OnXe2c9bi2jm_o @`׉	 7cassandra://ID7xV_4IVBHNgBagzwrjlRJNceZWOsZQVCUcsO5QuQMp`t׉	 7cassandra://B8_U-N8Qohs16ohfmPpPnFyVA0ygMPvhWNZX6hhPiQU"j` hN,{,׉EVan overstaplocatie naar verbeterd OV-knooppunt en levendige stadswijk
Gemeente Hoorn kiest
ontwikkelpartner voor stationsgebied
De gemeente Hoorn heeft Ballast Nedam Development en Blauwhoed geselecteerd als ontwikkelpartner
voor de transformatie van het stationsgebied in de Poort van Hoorn. Deze bouw- en ontwikkelbedrijven
gaan samen met de gemeente en andere partners het gebied omvormen tot een levendig stadsdeel. Er
komen maximaal 520 woningen, commerciële, maatschappelijke en sociaal-culturele voorzieningen en
een verbeterd OV-knooppunt.
H
et stationsgebied in Hoorn is nu vooral
een plek waar mensen slechts kort
verblijven. “Dat willen we veranderen”,
aldus wethouder Axel Boomgaars. “We willen
een plek maken waar je juist graag naartoe
gaat, blijft en zelfs woont. Ons bestaande stationsgebied
leent zich uitstekend voor een stedelijk
karakter en kan de ambitie van Hoorn
om meer stad te worden aanjagen.”
Uitgebreide partnerselectie
Om het stationsgebied goed te kunnen ontwikkelen,
koos de gemeente eind vorig jaar
bewust voor een uitgebreide partnerselectie
in plaats van een planselectie. “We zochten
een partij die niet alleen bouwt, maar ook
meedenkt en ervaring heeft met gebiedsontwikkeling
rond OV-knooppunten. Een partnerselectie
geeft de mogelijkheid om meerdere
partijen goed te leren kennen”, vertelt wethouder
Boomgaars. “We kwamen daarmee
in een luxepositie terecht, want er was veel
belangstelling van sterke landelijke partijen.”
Uiteindelijk koos de gemeente, na uitgebreide
gesprekken over de samenwerking en de ontwikkeling
en programmering van het stationsgebied,
voor de combinatie Ballast Nedam
Development en Blauwhoed. Samen vormen
zij voor deze gebiedsontwikkeling het consortium
De Nieuwe Golf. “Deze partij begrijpen
het beste waar we naartoe willen”, legt
Boomgaars uit. “We wilden echt tot een goede
teamsamenstelling komen. Ze hebben ruime
ervaring in het ontwikkelen van nieuwe stedeSfeerimpressie
van eerste fase ontwikkeling stationsgebied Poort van Hoorn © De Nieuwe Golf
Boomgaars voegt toe: “Met de realisatie van
520 woningen willen we als stad aantrekkelijker
worden, daarbij ook specifiek voor jongeren
en jonge gezinnen. Het idee is om dit gebied te
ontwikkelen tot een stad met stedelijk karakter
en grootstedelijke allure, zonder de binnenstad
te kopiëren, maar juist door functies toe
te voegen die nu ontbreken. De Nieuwe Golf
heeft de ervaring en visie om dit samen met
ons toekomstbestendig te realiseren.”
Ervaring en ambitie
Voor Ballast Nedam Development en Blauwhoed
was het ontwikkelproject in Hoorn een
logische keuze om op in te schrijven. “We hebben
al vele stationsgebieden ontwikkeld, zoals
in Utrecht en Delft. Die ervaring nemen we
mee naar Hoorn”, zegt Onno Dwars, CEO bij
Ballast Nedam Development. “Het is voor ons
opnieuw een unieke kans om een monotone
plek om te vormen tot een levendig, centraal
en warm stadsdeel, rekening houdend met de
bestaande stad en de verbinding tussen oud
en nieuw. Samenwerken als partners geeft
42 - Stationslocaties 2025/2026
lijke gebieden, tonen daadkracht en laten zien
dat we snel kunnen overgaan naar de realisatie.
Tegelijkertijd schatten ze de uitdagingen
van het gebied realistisch in.”
Toekomstbestendig ontwikkelen
De gemeente Hoorn wil nu aan de slag. “Het
stationsgebied is een van de belangrijkste ontwikkellocaties
van onze stad”, zegt Boomgaars.
“Inwoners en wijzelf kunnen niet wachten om
straks het resultaat te zien. We willen dat de
ontwikkeling nu ook echt van start gaat.”
Met de gekozen partners kan het stationsgebied
de komende jaren transformeren tot een
levendig stadsdeel met woningen en maatschappelijke
voorzieningen. Direct grenzend
aan de historische binnenstad en het grootste
stadsstrand van Nederland.
׉	 7cassandra://Be3igZW22icnGqdUCKn_JpUGs64N0GfeS4XEz32Vxr0$` hxN,{,"׉Eeen andere dynamiek dan een traditionele opdracht. Samen
onderzoeken we de mogelijkheden en de uitvoering.”
“De uitvraag van de gemeente zette bij ons direct een vuurtje
aan”, vertelt Eltjo Bouwman, directeur bij Blauwhoed. “Het
ontwikkelen van dit soort gebieden is onze ambitie en we wisten
dat we voor Hoorn hier een goed antwoord op hadden. Het
stationsgebied is uitdagend en veelbelovend. Door de samenwerking
van ontwikkelaars met verschillende achtergronden en
allerlei andere partners ontstaat een compleet team met één
doel: Hoorn verder op de kaart zetten als aantrekkelijke stad.”
Stedelijk wonen en aantrekkelijke voorzieningen
De ontwikkelingsplannen richten zich op een mix van stedelijk
wonen en aantrekkelijke voorzieningen. Eltjo Bouwman: “We
geloven in gebiedsontwikkeling die geworteld is in de lokale
context. Door ondernemers en bewoners te betrekken, bouwen
we aan een wijk die duurzaam is én gedragen wordt.”
Onno Dwars benadrukt dat het nieuwe stationsgebied niet
concurreert met het historische centrum. “We voegen iets
nieuws toe: commerciële functies, maatschappelijke voorzieningen
en sociaal-culturele faciliteiten die Hoorn nog sterker
maken.”
Uitdagingen en zorgvuldige groei
De opgave is complex en vraagt om zorgvuldigheid. Mobiliteit,
bouwfasering, inrichting van de openbare ruimte in samenhang
met het OV-knooppunt zijn belangrijke thema’s. Ook is
er veel aandacht voor aansluiting op de bestaande stad. “Het
is een langjarig traject”, zegt Boomgaars. “Van eind 2026 tot
ongeveer 2034 bouwen we gefaseerd aan dit nieuwe stadsdeel.
Hoorn groeit daarmee stap voor stap, met oog voor kwaliteit en
de juiste volgorde.”
Dwars beaamt die woorden: “Meer stad worden doe je niet van
Sfeerimpressie van een binnenhof met woningen in stationsgebied Poort van Hoorn
© De Nieuwe Golf
de ene op de andere dag, maar door stapsgewijze nieuwbouw.”
Bouwman vult aan: “We letten op de snelheid die de markt
vraagt én de zorgvuldigheid die de stad nodig heeft. Het gaat
om een groei in de juiste volgorde: bereikbaar, leefbaar en aantrekkelijk.
Als we dat goed doen, volgt de rest vanzelf.”
De gemeente en de ontwikkelpartners benadrukken dat het
project meer is dan woningen en winkels. “Maatschappelijke
en culturele functies staan net zo hoog op de agenda”, aldus
Boomgaars. “We onderzoeken de mogelijkheden voor een nieuwe
bibliotheek, een groter poppodium, sport-, onderwijs- en
zorgvoorzieningen. Samen met culturele instellingen, inwoners
en andere partners zoals ProRail, de NS en de provincie
Noord-Holland, geven we invulling aan wat het stationsgebied
kan toevoegen aan Hoorn.”
<<
Sfeerimpressie van de Stoomtrampromenade met rechts voorzieningen en woningen © De Nieuwe Golf. Op pagina 41 staat een foto van de
huidige situatie
Stationslocaties 2025/2026 - 43
׉	 7cassandra://B8_U-N8Qohs16ohfmPpPnFyVA0ygMPvhWNZX6hhPiQU"j` hxN,{,#hxN,{,"}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://iPkbdWQhDF8sNALhvPRsuvMQdWy68T83tvCHpdpjE14 u`׉	 7cassandra://kqRLX5aWurFybCIglpTFNhcBHTA_elH2QUbV3zbCEYA͂O`t׉	 7cassandra://oF8LeLHvEt7-h54sYzFjUH_Bg4Q7Up2-uQVeZwzaak0(8` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://7xJJj80_xgRsBru-WZm5RfE0BgIE_3yV_BC1hwcDnSQ <c`׉	 7cassandra://3Kz7OQaT7Q9JUx1YJCAQw59ya0lk_weEc3eg_ZYEq0s~@`t׉	 7cassandra://Vh4mnlGfBRDWmgB9AnotE4trW9-K1YUZZUQe264SruI$` hN,{,נhN,{, 
ށ^9ׁHhttp://www.appm.nlׁׁЈ׉EEen pleidooi voor een nieuwe
generatie Sleutelprojecten
Nederland staat voor een grote opgave op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling. De sleutel ligt in het in
samenhang realiseren van woningbouw, economische ontwikkeling, mobiliteit en duurzaamheid.
APPM pleit met Vereniging Deltametropool, Railforum en NS voor een nieuwe generatie Sleutelprojecten,
waarin station en stationsomgeving geïntegreerd worden ontwikkeld. Het Rijk neemt hierin de regie om,
over beleidsterreinen heen, te investeren in de kwaliteit van stedelijke knooppunten. APPM en partners
willen doorpakken met deze duurzame knooppuntontwikkeling.
Multifunctionele ontwikkeling Jaarbeursplein Utrecht (Wonderwoods & Galaxy Tower)
Twee drijfveren
1. De druk op de woningmarkt is allereerst
enorm en leidt tot een grote bouwopgave.
Tot 2030 wordt 60 tot 65% van de nieuwe
woningen binnenstedelijk gebouwd, vaak
dicht bij ov-knooppunten.
2. Steden zijn de brandpunten van innovatie
en ontwikkeling en faciliteren grotendeels
de economische ontwikkeling van
Nederland en Europa. Ruimte voor werkplekken
in de stad krijgt echter niet dezelfde
prioriteit als woningbouw, terwijl het de
economische ontwikkeling van stadscentra
kan versterken.
Mobiliteit verbindt wonen en werken Er is
echter steeds minder beleids- en financiële
ruimte voor nieuwe infrastructuur vanwege
de grote vervangings- en onderhuidsopgave.
Er zijn ook minder investeringen nodig, want
ontwikkeling rondom ov-knooppunten vergroot
nabijheid en ov-gebruik, wat het wegennet
kan ontlasten. Ook worden binnensteden
steeds meer autoluw, wat stations tot de nieuwe
entree van de stad maakt. Een goed station
werkt als katalysator voor ontwikkeling van
de stad, en integreert belangen als woningbouw,
economie, mobiliteit en duurzaamheid.
Sleutelprojecten als Rotterdam Centraal en
Breda laten zien dat een integrale benadering
meerwaarde voor de maatschappij oplevert.
Wat gaat er mis?
Het station kan een grote rol spelen in de verstedelijking
van Nederland. Er wordt echter
weinig geld voor vrijgemaakt. Ten eerste doordat
de opgave rond stations vooral als capaciteitsvraagstuk
voor het spoor wordt gezien en
niet naar de potentie van het station en het
omliggende gebied wordt gekeken.
44 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://oF8LeLHvEt7-h54sYzFjUH_Bg4Q7Up2-uQVeZwzaak0(8` hxN,{,$׉E'Fellenoord Eindhoven
© KCAP Identiteit
Ten tweede is er in stationsontwikkelingen
met een integrale opgave van verstedelijking
en ov vaak te weinig budget. Dit is actueel
voor stations als Leiden, Schiedam, Eindhoven,
‘s-Hertogenbosch en Nijmegen. Een derde
reden is dat bij knooppuntontwikkeling vaak
de MIRT-systematiek wordt toegepast, die niet
voor knooppuntontwikkelingen is bedoeld. Dit
lijkt niet de meest efficiënte aanpak voor dit
soort projecten, ook gezien de lange doorlooptijd
en hoge kosten voor planvorming.
Ons voorstel voor integrale knooppuntontwikkeling
Wij
pleiten daarom voor een nieuwe generatie
Sleutelprojecten. Het station wordt daarbij
ontwikkeld als integraal onderdeel van de stationsomgeving
en in samenhang met nieuwe
woningbouw en werkgelegenheid, met aandacht
voor ruimtelijke kwaliteit in brede zin.
Zo’n Sleutelproject draagt bij aan de integrale
opgave, om het tekort aan woningen aan te
pakken en de stedelijke economie te versterken.
Hier horen een op maat gesneden planvormingsmethodiek,
samenwerkingsmodel en
financieel instrumentarium bij, met financiele
inbreng vanuit Rijk (meerdere ministeries),
regio en de markt. Een integrale aanpak kan
gecompliceerd zijn, maar biedt ook kansen om,
mits goed en slim vormgegeven, met minder
kosten meer doelen te bereiken.
Wie kan aanspraak maken op het
predicaat Sleutelproject?
Allereerst stationsgebieden de strategische
economische meerwaarde. Sleutelprojecten
worden aangewezen waar ze (nieuwe) concurrentiekracht
kunnen versterken, in steden die
kansrijke economische sectoren huisvesten en
waar de ontwikkeling van het stationsgebied
bijdraagt aan een sterker vestigingsklimaat,
bij voorkeur in steden met een universiteit of
hogeschool als centra van innovatie. Deze steden
hebben baat bij aantrekkelijke vestigingsen
interactiemilieus en goede verbindingen.
Ten tweede sluiten Sleutelprojecten aan op
prioriteiten in de ruimtelijke ordening. Ze kunnen
aanjager zijn van een verschuiving in ontwikkelingen
van de Randstad naar de bredere
‘Bandstad’ of andere regio’s, waar de benutting
van economische kansen kan bijdragen aan de
ontwikkeling van (grensoverschrijdende) daily
urban systems. Ook kunnen projecten geprioriteerd
worden die verbonden zijn aan nieuwe
infrastructuurprojecten. Zo wordt het potentieel
van nieuwe infrastructuur nog beter
benut. Locaties voor woningbouw in spoorzones
krijgen prioriteit waar capaciteit op het
spoornetwerk is, zodat we beter gebruikmaken
van bestaande infrastructuur.
Daarnaast worden Sleutelprojecten aangewezen
waar in omvang en kwaliteit relevante
gebiedsontwikkelingen zijn op loop- of fietsafstand
van het station. Door gebieden met
een hoog ontwikkelpotentieel te prioriteren
en in samenhang te realiseren, kunnen Sleutelprojecten
effectief worden ingezet. Ervaring
leert dat woningen die binnen 1200 meter
van een intercitystation worden gebouwd veel
nieuwe treinreizigers opleveren.
Een laatste punt is de capaciteit en kwaliteit
van de ov-knoop. Een Sleutelproject kan ook als
vervoersknooppunt extra versterking behoeven,
vanwege bijvoorbeeld de groei van vervoersstromen
of de positie van het station in
het netwerk. Het goed verbinden van verschillende
modaliteiten en ketenvoorzieningen is
essentieel voor de overstapfunctie van een ovknoop.
Ons
pleidooi voor Sleutelprojecten is ook een
pleidooi voor transparante centrale regie tot
prioritering van projecten. Er wordt immers
vanuit het hele land gelobbyd voor een rijksbijdrage
aan ov-knooppunten en gebiedsontwikkeling.
Dit pleidooi is een aanzet om tot
een nieuwe manier van kijken en werken te
komen. Wij en onze partners gaan graag met
u in gesprek om deze visie te toetsen en te verbeteren.
<<
www.appm.nl
Over
de auteurs: Pepijn, Govert en Nana werken op verschillende plekken in Nederland aan de ontwikkeling van stationsgebieden.
Stationslocaties 2025/2026 - 45
׉	 7cassandra://Vh4mnlGfBRDWmgB9AnotE4trW9-K1YUZZUQe264SruI$` hxN,{,%hxN,{,$}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://nEEDaiXlcy2PTZvkbTuF1IsjsvLmZ2FYPCk8699z4Bo m`׉	 7cassandra://1ABWBk1fDn6Cnh8p-W0KfTl2hlpeE5o_0NERCt2V3Q0͇`t׉	 7cassandra://pDEAjnoLNc0K0uwo6Bu7Wo60iiX83x35uldqh2RLsjg'y` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://y56XDHavju1JWZ5StkD2bFOnZFlBbyEJy5_hzyYucsU F`׉	 7cassandra://hLAwrQDsDUiG7qfARIvS37IAHXqqctlCjyc5pwrM9_U}`t׉	 7cassandra://jSbhLnVvEq3Q-_7L99bJo7-i0PIVVJiAeqMBgCeDlH8%` hN,{,נhN,{, f9ׁHhttp://www.goudaspoorzone.nlׁׁЈ׉ElGouda bouwt aan de toekomst
met ruimte voor wonen, werken
en ontspannen op een A-locatie
De gemeente Gouda ervaart, net als andere
gemeenten in grote delen van ons land, (grote)
druk op de woningmarkt. Er moeten flink
wat woningen worden bijgebouwd om aan
de vraag, die met name van eigen inwoners
komt, te kunnen voldoen. Tegelijkertijd willen
we zoveel mogelijk het groen in en rondom
de stad in stand houden. Nieuwe woningen
bouwen we dus bij voorkeur binnen bestaande
ruimtes. Zoals in de Spoorzone van Gouda;
binnenstedelijk, dichtbij het station en de
historische binnenstad. Zo maken we slim
gebruik van de ruimte die toch al beschikbaar is.
In 2020 is begonnen met het maken van
concrete bouwplannen en tot aan 2028
bouwen we in het Goudse spoorzonegebied
ruim 1500 nieuwe woningen voor verschillende
portemonnees. In totaal is er binnen Spoorzone
ruimte voor bijna 3000 nieuwe woningen.
Van werken naar wonen
De Spoorzone transformeert de komende jaren. “En daar
zijn in de afgelopen tijd al veel stappen voor gezet,” vertelt
programmamanager Gert van Dijken. “Gouwenaars kennen
het gebied vooral als locatie voor kantoren en logistiek. Straks
zijn er ook allerlei andere functies. Nieuwe bedrijven kunnen
zich nog steeds vestigen, maar daar komt nu de mogelijkheid
voor woningen en andere voorzieningen bij. We sturen waar
mogelijk binnen gebouwen op dubbel grondgebruik. Met
verschillende functies onder één dak, zodat een dynamisch
en afwisselend gebied ontstaat. Een mooi voorbeeld daarvan
is het net opgeleverde pand van woningcorporatie Mozaïek
Wonen. Zij hebben 156 sociale huurwoningen gebouwd,
met een ruime binnentuin voor de huurders en in de plint
bevindt zich bedrijfsruimte. Het is een pand geworden dat
echt als eyecatcher naast het station staat.
De Spoorzone heeft een breed aanbod aan hoogwaardige
voorzieningen, onder andere voor onderwijs en
gezondheidszorg. Door slim ruimtegebruik kunnen daar in
de komende jaren woningen, kantoren en voorzieningen
aan worden toegevoegd. Binnen het projectgebied
zijn 12 deellocaties die allemaal in een andere
ontwikkelfase zitten.”
Een goede visie als sterke basis
“Om een projectgebied van deze omvang te ontwikkelen,
zijn er verschillende principes die als uitgangspunt gelden
voor alle ontwikkelingen. Als eerste is dat het gebruik van
bodemwarmte voor duurzame energie. Daar liggen hier echt
kansen. Veel van onze nieuwbouwontwikkelingen zetten
een Warmte Koude Opslag in. Nauwe samenwerking tussen
de verschillende locaties is erg belangrijk daarin. Sommige
WKO’s en bronnen moeten met elkaar in verbinding
staan voor een optimaal resultaat. Daarnaast vraagt
binnenstedelijk ontwikkelen om maatwerk per deelgebied
en om aandacht voor de omgeving. Wat betekent de nieuwe
ontwikkeling voor de huidige bebouwing? Dit biedt vaak net
zoveel kansen als dat het gevolgen heeft.
Gert van Dijken
Programmamanager
Gouda Spoorzone
Vervolgens moeten we er voor zorgen dat de stad bereikbaar
blijft en de infrastructuur op orde is, ook na het realiseren
van de woningen in het gebied. Waarbij we bijzonder
aandacht besteden aan de Burgemeester Jamessingel. Dit
is een belangrijke verkeersader, die dwars door het gebied
gaat en ook de ontsluitingsweg is voor het verkeer naar de
stad. We pakken de weg aan om hem toekomstbesteding
te maken. Daarbij kijken we naar het STOMP-principe
en zetten dus voetgangers en fietsers boven de
auto’s. Een goed mobiliteitsconcept biedt ruimte
aan wandelaars en fietsers om zich veilig en goed
te kunnen verplaatsen. Bestaande kwaliteiten
van de Spoorzone willen we graag versterken en
nieuwe kwaliteiten willen we toevoegen. Daarmee
bedoelen we dat we op verschillende plekken zo
׉	 7cassandra://pDEAjnoLNc0K0uwo6Bu7Wo60iiX83x35uldqh2RLsjg'y` hxN,{,&׉Eveel mogelijk nieuw groen en water toevoegen. Dat
heeft een positieve invloed op de leefbaarheid en
een verkoelend effect tijdens warme periodes.
Voor ons vanzelfsprekend, maar goed om te
noemen is dat we binnen elk project een optimale
woningenmix willen realiseren. Zeker een derde
van de woningen komt beschikbaar als sociale huur.
Juist het dubbel grondgebruik in multifunctionele
gebouwen wordt gestimuleerd.”
“In de Spoorzone willen we voldoende
betaalbare woningen bouwen voor iedereen.
Voor jongeren, ouderen, starters, senioren en
gezinnen. Want iedereen verdient een fijne
plek om te wonen, ongeachte de dikte van
je portemonnee. Daar werken we hard aan,
samen met de corporaties en ontwikkelaars.”
– Jan Kees Oppelaar, wethouder wonen gemeente Gouda
Wat komt er in de Goudse Spoorzone?
De Goudse Spoorzone is een uitgerekt binnenstedelijk gebied, waar op 12 verschillende locaties ontwikkelingen
plaatsvindt. Sommige zijn in uitvoering, andere in planvorming en twee zijn al afgerond. Elk van de projecten is
uniek en biedt straks zowel koopwoningen in verschillende klassen én (sociale)huur aan. Een greep uit de projecten:
1
De Rietgors
Mozaïek Wonen |
Opgeleverd december 2021
In het zuidelijk deel van de Spoorzone
ligt het project De Rietgors aan de
Winterdijk 14. Aan het einde van 2021
heeft Mozaïek Wonen hier 60 tijdelijke,
prefab woningen geplaatst. De woningen
zijn volledig van hout en gebouwd op
de bestaande funderingen van het
voormalige schoolgebouw. De woningen
zijn voor mensen die minder kans maken
op de woningmarkt, zoals jongeren,
starters of mensen die met spoed een
huis zoeken.
2
De Koploper
Mozaïek Wonen |
Opgeleverd mei 2025
Woningcorporatie Mozaïek Wonen heeft
een woontoren van 15 verdiepingen
gebouwd met 156 sociale huurwoningen.
Deze woningen zijn speciaal voor éénen
tweepersoonshuishoudens. Dertig
van deze woningen worden verhuurd
aan cliënten van zorgorganisatie Ipse
de Bruggen, waarmee het project ook
bijdraagt aan inclusief wonen. In de plint
is ruimte voor 550m2
3
Wonen in Goud
M3 architecten en BPD |
Bouw gestart januari 2024
4
Wonen in GOUD bestaat uit 250
appartementen en komt aan de rand
van het spoorzonegebied. Wonen
in GOUD heeft zowel koop- als
huurappartementen (sociale-, middenen
vrije sector huur). De hoogste
toren (70 meter) is al van ver te zien.
Het is na oplevering zelfs bijna het
hoogste gebouw van Gouda. Alleen de
Gouwekerk is iets hoger. In Wonen in
GOUD is de community gedachte erg
belangrijk: samenwonen in het gebouw
en samen gebruik maken van gedeelde
voorzieningen.
1828
Wibaut Projectontwikkeling |
Bouw gestart juni 2024
commerciële ruimte
en daarnaast nog 50 parkeerplaatsen. Dit
gebouw is duurzaam gebouwd en met
de groene binnentuin, een ware groene
oase.
5
Parcour
Blauwhoed | Bouw gestart
juni 2025
1828 richt zich volledig op jongeren
in de leeftijd van 18 tot 28 jaar. Aan
het begin van de Spoorzone komen
hier 247 woningen. Dit zijn studio’s
en tweekamerappartementen voor
(werkende) jongeren. Ieder appartement
heeft een eigen woonruimte én er zijn
voorzieningen om delen.
www.goudaspoorzone.nl
Vroeger was dit gebied aan de zuidkant
van het station het voormalige
spooremplacement. Er komen luxe
stadswoningen, appartementen,
bungalows, herenhuizen en vrijstaande
villa’s. Alle woningen in Parcour worden
rondom een parktuin gebouwd en zijn
op een speelse manier verbonden met de
natuur. Vanuit elke woning is er een mooi,
vrij uitzicht op het groen voor de deur. De
omgeving wordt klimaatadaptief met veel
groen en wadi’s.
׉	 7cassandra://jSbhLnVvEq3Q-_7L99bJo7-i0PIVVJiAeqMBgCeDlH8%` hxN,{,'hxN,{,&}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://NsRHwIBxofi6j1VDhYt_4h1s0F5SEOF5RkfT00XYlt0 I`׉	 7cassandra://g1_3lvG0vYEjt6vYgEcSqMAPFSWgFSXWhLdpzc3rtdAxQ`t׉	 7cassandra://IBWmS6Ub-lnmSghbnY7HIuMeNbJza97t19GOF5_oc7E&c` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://xpbntwLzJvOOAPPv8wl7pRQvtHMWewooFPId4lj82yM x`׉	 7cassandra://4jTJTY08sbEF5a1QTLbxtM6_dYxnq_GcJxJmozXAYPs|`t׉	 7cassandra://vyVX2cMnm6mGmAnqn5mR3BkSof9LUEJ925gPRZMQZ0Y)"` hN,{,׉EImpressie van het toekomstige stationsplein met de MKH op de achtergrond
Station Hoofddorp:
kloppend hart van de regio
W
Stel je voor: op een doordeweekse ochtend over een jaar
of tien kom je aan in Hoofddorp. Je stapt uit de metro,
loopt over een mooi, levendig en ruim stationsplein
met stedelijke voorzieningen en bent binnen een paar
minuten op kantoor, thuis of onderweg naar je bestemming
ver buiten de regio. Dit toekomstbeeld vormt het
uitgangspunt van het station als Multimodale Knoop
Hoofddorp (MKH) – een belangrijke regionale overstaplocatie
en kloppend hart van een groeiend Hoofddorp.
48 - Stationslocaties 2025/2026
e praten met Maurits Schaafsma, concernstrateeg
bij de gemeente Haarlemmermeer, over de rol van de
MKH in de ruimtelijke ontwikkeling van Hoofddorp
en de bredere regio. Maurits is verantwoordelijk voor de samenhang
van de planontwikkeling van Spoorzone Hoofddorp, de
vernieuwing van station Hoofddorp en de inpassing van de
verlenging van de Noord/Zuidlijn van de Amsterdamse metro
in Haarlemmermeer.
MKH: verbinding tussen stedenbouw en mobiliteit
Maurits ziet de MKH als een cruciale schakel binnen het stedenbouwkundige
én mobiliteitsnetwerk in de regio. “Het station is
meer dan een knooppunt tussen trein, metro en bus,” zegt hij.
“We werken aan een plek die écht verbindt: reizen en stedelijk
leven vallen hier samen. Spoorzone Hoofddorp ontwikkelt zich
tot een stedelijk centrum dat aantrekkelijk is voor bewoners,
׉	 7cassandra://IBWmS6Ub-lnmSghbnY7HIuMeNbJza97t19GOF5_oc7E&c` hxN,{,(׉E-“We staan in Haarlemmermeer voor een grote, maar
mooie uitdaging. Met onze schaalsprong wonen bouwen
we minimaal 20.000 nieuwe woningen tot 2040, en
Spoorzone Hoofddorp speelt daarin een cruciale rol. Het
sluit perfect aan bij de demografische verschuivingen
met meer jongeren en ouderen.”
Beryl van Straten,
wethouder ruimtelijke ontwikkeling en woningbouw
bezoekers en bedrijven - met het stationsplein als levendige
ontmoetingsplek.”
Ambitie: een nieuw stedelijk centrum
In het centrum van Hoofddorp, dicht bij het station, worden zo’n
15.000 woningen gebouwd. Dit gebeurt binnen drie projecten:
het huidige Stadscentrum, Hyde Park en Spoorzone Hoofddorp.
Er wordt nu al gebouwd in Stadscentrum zelf en in Hyde Park.
Spoorzone zelf voegt zo’n 6.500 - 10.000 nieuwe woningen toe
in de deelgebieden Stationskwartier (direct naast het station)
en Graan voor Visch Zuid (op korte afstand).
“Spoorzone is meer dan een woningbouwlocatie,” benadrukt
Maurits. “Het wordt een stedelijk gebied met een hoge dichtheid,
waar wonen, werken en voorzieningen samenkomen.
Samen met Stadscentrum en Hyde Park vormt Spoorzone het
nieuwe centrum van Hoofddorp, met het recent gerenoveerde
Stadspark als groene long. Het wordt een aantrekkelijk, echt
stedelijk milieu; iets dat nu nog ontbreekt in Hoofddorp.”
Verbinding centrum en station
Het nieuwe centrum ligt excentrisch ten opzichte van bestaande
woonwijken, maar dit is historisch zo gegroeid en komt ook
Multimodale Knoop Hoofddorp in het Stationskwartier. In grijs: Hyde Park
Maurits Schaafsma op station Hoofddorp
voor in andere steden, zoals Amersfoort en Tilburg. “Dat betekent
wel dat we optimaal kunnen aansluiten op het station.
Station Hoofddorp speelt een steeds belangrijkere rol als vervoersknooppunt,
met bijvoorbeeld een hoogfrequente Airport
Sprinter naar Amsterdam Centraal en meerdere Hoogwaardig
Openbaar Vervoerbuslijnen (HOV). Met de mogelijke verlenging
van de Noord/Zuidlijn van de Amsterdamse metro naar
Schiphol en Hoofddorp wordt deze plek een nog betere ontwikkellocatie.”
Stationslocaties
2025/2026 - 49
׉	 7cassandra://vyVX2cMnm6mGmAnqn5mR3BkSof9LUEJ925gPRZMQZ0Y)"` hxN,{,)hxN,{,(}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://wglkFPb8ELUsUpm-hPoM8gkQJR8ezaQl1CyBAIaLvb8 m`׉	 7cassandra://Tlk424ngZpau9iyCAqXja2RBsrN9tquI-8P_N66MjsMr`t׉	 7cassandra://CIbpKewx2q-vmn1i4SZ1ClSBEsz1Tpi-COJp31VNsa4 e` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://wT31BJELkD1j1yCqiVbKMz2KwIeER9HASDNe0qYIi7U "1`׉	 7cassandra://NJyxXv22i298zCfZ-ccQmIbrI2VJUwxeqJQhDX3H1p0͊`t׉	 7cassandra://mMf-VK_p7JmEFHbiLrtrHaDz_v0LjcxcfivFC7O1LjA)w` hN,{,נhN,{, ']9ׁHhttp://www.nnttm.nlׁׁЈ׉ESchematische weergave van de structuur van de MKH
Station Hoofddorp: nu toe aan een
kwaliteitsimpuls
Station Hoofddorp voldoet nu al niet meer
aan de kwaliteitseisen die je vandaag de dag
aan een station kunt stellen. Het heeft geen
goed ontvangstdomein met voorzieningen
zoals een stationshal, horeca en wachtruimte.
Perrontoegangen liggen aan de uiteinden van
de perrons, waardoor je lange loopafstanden
hebt. Op de perrons ben je ook slecht beschut
tegen weer en wind. “En dat voor een station
dat ongeveer 200.000 mensen bedient
in Haarlemmermeer en Amstelland.” zegt
Maurits.
MKH: overschakelen naar een
multimodaal knooppunt
Met de komst van een nieuwe HOV-buslijn
naar het zuidwesten van Haarlemmermeer
en naar de Bollenstreek, samen met de metro
en gebiedsontwikkeling, wordt uitbreiding en
verbetering van het station onvermijdelijk.
Het plan is om naast de twee huidige treinperrons
een metroperron en een busperron toe te
voegen, allemaal op dezelfde hoogte. Dit transformeert
Station Hoofddorp tot Multimodale
Knoop Hoofddorp (MKH).
Samenwerking en aanpak
Onder leiding van de Vervoerregio Amster dam
werken ProRail, NS, gemeente Haar lem mermeer,
provincie Noord-Holland en het ministerie
van Infrastructuur en Waterstaat samen
aan de verkenning van de beste oplossing.
“We weten nu al dat het vervangen van de
huidige excentrische perrontoegangen door
een nieuwe middentunnel de overstapfunctie
enorm verbetert. Het zorgt voor kortere loop50
- Stationslocaties 2025/2026
afstanden en een overzichtelijk station, toegesneden
op de nieuwe functie.”
Meer OV, minder auto’s, betere
leefomgeving
“Met het Zuidasdok in Amsterdam, de verlenging
van de metro en de bouw van de
Multimodale Knopen Schiphol en Hoofddorp
krijgt het openbaar vervoer in de corridor
Hoofddorp – Schiphol – Zuidas een enorme
boost”, zegt Maurits. “Dat is goed voor Nederland.
De MKH wordt een veel belangrijker overstappunt
en het aantal reizigers verdubbelt.
Dat ontlast station Schiphol van overstappers
die niet op de luchthaven hoeven te zijn. Ook
werknemers en bezoekers van de vele internationale
bedrijven die rond station Hoofddorp
zijn gevestigd zullen meer gebruik maken van
station Hoofddorp in plaats van Schiphol.”
De vervoerskundige verbetering van het station
is ook goed voor de gebiedsontwikkeling
naast het station. De middentunnel en
uitbreiding maken een aantrekkelijk stedelijk
gebied mogelijk door de combinatie met
het stationsplein. Door de metro is er minder
ruimte nodig voor auto’s. Dit geeft meer ruimte
voor voetgangers, fietsers, groen en water,
waarmee Spoorzone Hoofddorp een fijn, leefbaar
stedelijk gebied wordt.
Realisatie: een nieuwe generatie
sleutelprojecten
Nederland ontwikkelt steeds meer mooie
spoorzones. Kijk naar steden als Zwolle,
Eindhoven, Breda en Groningen. In die spoorzones
is de grote uitdaging de bekostiging van
de verbetering van het station zelf.
“In het verleden hebben we met sleutelpro“De
metroverlenging van Amsterdam
naar Schiphol en Hoofddorp maakt onze
bereikbaarheid veel robuuster.
Het vernieuwde station en stationsplein
worden het visitekaartje van
Haarlemmermeer. Zo versterken we het
vestigingsklimaat voor internationale
bedrijven nog verder. Dat is waar
Haarlemmermeer van oudsher goed in is.”
Marja Ruigrok, wethouder economie,
verkeer & vervoer
jecten de vernieuwing van de grote stations
in Utrecht, Rotterdam, Den Haag, Breda en
Arnhem kunnen bekostigen. We pleiten nu
voor een nieuwe generatie sleutelprojecten
waar Hoofddorp er een van is”, licht Maurits
toe. “Zie daarvoor ook de bijdrage ‘Een pleidooi
voor een nieuwe generatie sleutelprojecten’
van Pepijn van Wijmen c.s. elders in deze
uitgave. Daarmee zouden die spoorzoneprojecten
een enorme impuls krijgen. Dat levert
niet alleen een groot aantal woningen op,
maar maakt ook de steden economisch sterker
en draagt bij aan de mobiliteitstransitie. Wij
steunen daarom het pleidooi voor een nieuwe
generatie sleutelprojecten van harte.”
<<
׉	 7cassandra://CIbpKewx2q-vmn1i4SZ1ClSBEsz1Tpi-COJp31VNsa4 e` hxN,{,*׉EEen nieuwe stap voor aantrekkelijke
stationsomgevingen
Station Zwolle. Foto Rick Schotman
A
l jaren wordt er op verschillende plekken
in het land door betrokken initiatiefnemers
gewerkt aan betere stationsomgevingen
met vaak mooie resultaten.
Plekken die tot voorheen nog troosteloos en
verlaten waren, zijn nu levendig en er wordt
naar omgekeken. De initiatieven weten elkaar
steeds beter te vinden. Na een magazine en
een geslaagd symposium eind vorig jaar, is het
nu tijd voor de volgende stap: de oprichting
van de Vereniging Station Lokaal (VSL).
Met de oprichting van een vereniging krijgt
een groeiende beweging van lokale initiatieven
rond Nederlandse stations een stevige
organisatorische basis. De VSL wil bewoners,
ondernemers, over heden en vervoerders verbinden
om stations en OV-hubs te transformeren
tot levendige ontmoetingsplekken. Waar
stations vaak als anonieme doorgangsplekken
worden gezien, laat VSL zien dat zij ook sociale,
duurzame en economische kansen bieden.
Het magazine Station Lokaal dat vorig jaar uitkwam
laat tientallen inspirerende voorbeelden
uit het hele land zien. Zo is in Deurne een
troosteloos stationsgebied omgevormd tot het
bekroonde Stationspark, waar een moestuin,
kunst en ontmoetingsplekken zorgen voor
verbinding en werkgelegenheid. In Helmond
biedt Het Beginstation circulaire projecten en
werkplekken voor mensen met afstand tot de
arbeidsmarkt, terwijl in Gilze-Rijen vrijwilligers
al jaren het historische stationsgebouw
openhouden voor reizigers. In Harlingen en
Hurdegaryp geven dagbesteding en jongerenprojecten
leegstaande gebouwen een nieuwe
sociale functie. Ook elders – van Roden Centraal
in Drenthe tot De Spoortuin in Rotterdam en
de brasserie in Delfzijl – ontstaan hubs die verder
gaan dan alleen mobiliteit. Ze gaan hand
in hand gaat met zorg, educatie, werkervaring
en natuur. De voorbeelden variëren van taallessen
in de voormalige wachtruimte van station
Kapelle-Biezelinge en creatieve ateliers
in Krabbendijke tot lunchrooms en vakantiewoningen
in de stationsgebouwen van HorstSevenum
en Houthem-St. Gerlach.
Ook in Zuidbroek is er een bijzonder initiatief:
het Noord-Nederlands Trein & Tram Museum,
Station Zuidbroek, waarin het Noord-Nederlands Trein & Tram Museum (www.nnttm.nl) is gevestigd.
Foto: Archief Noord-Nederlands Trein & Tram Museum
gevestigd in het monumentale stationsgebouw
uit 1865, waar de geschiedenis van spoor
en tram in Noord-Nederland tot leven komt
voor bezoekers van alle leeftijden.
Steeds is samenwerking de sleutel: met
gemeenten, NS, anders vervoerders ProRail, en
maatschappelijke organisaties. Het Ministerie
van I&W ondersteunt deze ontwikkeling,
omdat sociale stationsomgevingen bijdragen
aan veiligheid, toegankelijkheid en lokale binding.
Ook de Stichting Doen levert een startbijdrage
voor de eerste periode.
Met inmiddels ruim veertig initiatieven in het
netwerk wil Vereniging Station Lokaal kennisdeling
en onderlinge hulp structureel maken.
Het platform fungeert als vraagbaak, inspiratiebron
en spreekbuis richting beleidsmakers.
Daarmee wordt het eenvoudiger voor nieuwe
initiatieven om op te starten, financiering te
vinden en obstakels binnen het soms complexe
stakeholdersverld te overwinnen.
De oprichting van VSL markeert een volgende
stap: wat begon als losse projecten, groeit uit
tot een landelijk netwerk dat inzet op aantrekkelijke,
sociale en groene stationsgebieden.
Zo worden stations niet alleen plekken om te
reizen, maar ook om te ontmoeten, te leren en
samen te bouwen aan een duurzame, verbonden
samenleving.
<<
Stationslocaties 2025/2026 - 51
׉	 7cassandra://mMf-VK_p7JmEFHbiLrtrHaDz_v0LjcxcfivFC7O1LjA)w` hxN,{,+hxN,{,*}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://H-GW-you-dxtQ9I2vIGprxHDNdDkVkla1MxzCfC603E `׉	 7cassandra://so0vyaRmfBUaKbbeqz0gH-4yqri6KMnmz-eLVzZND1Ez1`t׉	 7cassandra://MuUhjXg8CVtHv2fzlwrmGuHvOn9435fvfN9tXq6nTzE&` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://8TnA-NKqh0iDwUyC1RuNqCNB78t5aWDolpY05aXTD6E `׉	 7cassandra://SXZVGGelLt7nPM2e1vynYyspWzX51uTmT7DWA3N1-hA͕`t׉	 7cassandra://ePd0lxiT5-x6QjcCUYOEZA3VaziQDLM4EFKTucM0VPE+` hN,{,נhN,{, AJT9ׁHhttp://Archdaily.comׁׁЈ׉EDe transformatie van stationsgebied naar grootstedelijk stadsdeel zet door
Stationslocaties als kraamkamers
voor vernieuwing
Waar in een eerder artikel Retail op stationslocaties de focus vooral lag op de binnenkant van het station,
verschoof in het daaropvolgende artikel Treinstations als de nieuwe verbinders de aandacht naar de herontwikkeling
van (de achterzijde van) stationsomgevingen. Vandaag de dag zien we dat stationslocaties
integraal uitgroeien van soms onontgonnen ontwikkel-locaties tot volwaardige stadsdelen.
T
reinstations als dynamische high traffic-locaties
worden hiermee ingebed
in een bredere stedelijke context, die
het geheel een andere lading geeft. De dominante
rol van het treinstation transformeert
steeds meer naar een randvoorwaarde voor
het functioneren van moderne grootstedelijke
stations locaties.
Wonen, werken, recreëren, verblijven en
reizen op stationslocaties
Waar stationslocaties traditioneel vooral werkZuidas
(foto WYNE)
plekken boden, denk aan de kantoren op de
Zuidas, worden in het kader van hun verdere
transformatie steeds meer aanvullende functies
toegevoegd. In grootschalige stationslocaties
is inmiddels sprake van een mix van
wonen, werken, recreëren en verblijven.
Met dit mixed-use karakter spelen de nieuwe
stationslocaties in op uiteenlopende vormen
van gebruik. Van de gehaaste forens tot de
kantoormedewerker die drie keer per week de
trein pakt en met een koffietje in de hand het
kantoor binnenloopt, tot de empty nester die
LocHal Tilburg (foto WYNE)
na jaren weer in hartje stad, pal boven het station,
woont.
De dynamiek waarin gebruikerspieken en
-dalen elkaar door de dag heen afwisselen,
zorgt voor nieuw elan en bedrijvigheid. En
dat in een grootstedelijke context waarin
steeds meer rekening wordt gehouden met
de uiteenlopende behoeften van verschillende
gebruikers.
Naast het brengen van economische vitaliteit
spelen mixed-use stationslocaties een steeds
52 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://MuUhjXg8CVtHv2fzlwrmGuHvOn9435fvfN9tXq6nTzE&` hxN,{,,׉ECanal Corridor Kings Cross (foto Archdaily.com)
Werkwarenhuis Den Bosch (foto WYNE)
belangrijkere rol in het laden van de identiteit
van steden. De LocHal in Tilburg is daarvan een
letterlijk en figuurlijk prachtig voorbeeld. De
transformatie van deze voormalige locomotief-werkplaats
gaf Tilburg nieuwe trots, met
een zichtbare spin-off voor de binnenstad en
omliggende wijken.
De ontwikkeling van stationslocaties van
rafelrand naar onderscheidende impactmakers
is een fenomeen dat niet over het hoofd
mag worden gezien. Ontwikkelingen zoals
Beurskwartier Utrecht, Knoop XL in Eindhoven,
Spoorzone Zwolle, het CID in Den Haag en
het Rotterdam Central District laten zien hoe
breed dit speelveld inmiddels is.
Heeft uw station een binnenstad?
Voor al deze grootschalige ontwikkelingen
geldt dat stationslocaties steeds meer transformeren
van pure mobiliteitsknooppunten
naar complete stadsdelen, met alle kansen,
uitdagingen en risico’s van dien.
Grote mixed-use stationslocaties zijn, meeliftend
op de high traffic-dynamiek, aantrekkelijke
locaties voor winkels en horeca.
Winkelcentrum Hoog Catharijne in Utrecht is
een bekend voorbeeld. Hoe dichter station en
binnenstad bij elkaar liggen, hoe groter echter
het risico op kannibalisatie als er niet vooraf
goed wordt nagedacht over differentiatie in
programmering. Mixed-use stationslocaties
kunnen worden gezien als ‘tempo-vertragers’
richting de binnenstad, met een voorzieningenaanbod
dat zich juist onderscheidt van
wat daar al aanwezig is.
Dit roept de vraag op of een station anno nu
niet beter sec kan inzetten op zijn primaire
taak: het veilig en efficiënt faciliteren van het
reisproces van in-, uit- en overstappers, met
winkels en horeca die zijn afgestemd op de
bijbehorende high traffic-dynamiek.
Stationslocaties als kraamkamers voor
vernieuwing
Met het tempo waarin stationsgebieden uitgroeien
tot plekken waar wonen, werken,
recreëren en verblijven samenkomen in een
hoog verdichte stedelijke context, moeten ook
de voorzieningen meegroeien. Juist daar loert
het risico van ‘voorzieningenluwte’. De eerdergenoemde
ochtend-middag-avond/nacht
(OMA/N)-dynamiek en de noodzakelijke differentiatie
ten opzichte van de omliggende stad
vragen om een nieuwe benadering van programmering.
Een benadering die niet alleen
gericht is op het maximaliseren van huurstromen
en dus de usual suspects in retail en
horeca aantrekt.
Moderne mixed-use stationsgebieden vragen,
gelet op het toenemend aantal bewoners en
gebruikers, om voorzieningen in brede zin:
cultuur, creatieve hubs, lokale kleinschalige
bedrijvigheid en maatschappelijke organisaties.
Voorzieningen die bijdragen aan economische
én maatschappelijke vitaliteit, en
ruimte scheppen voor leefbaarheid en menselijke
maat. In die zin biedt hoge verdichting
juist een kans in plaats van een bedreiging.
Daarbij geldt dat ook de kwaliteit op ooghoogte
doorslaggevend is: aantrekkelijke plinten,
een groen-blauwe openbare ruimte en
aandacht voor ontwerp en detail maken het
verschil.
En last but not least: placemakers van het
eerste uur, die het gebied nieuw elan hebben
gegeven, hoeven niet te verdwijnen zodra de
markt aantrekt. Integendeel, zij verdienen
vaste plekken binnen de ontwikkeling, met
betaalbare condities. Zo kunnen ook startende
ondernemers, culturele initiatieven en maatschappelijke
voorzieningen blijvend bijdragen
aan de levendigheid en vernieuwing.
Stationslocaties kunnen op deze manier de
kraamkamers voor vernieuwing zijn, mits er
vooraf goed wordt nagedacht over de programmering
van de voorzieningen. Het kan!
<<
Stationslocaties 2025/2026 - 53
׉	 7cassandra://ePd0lxiT5-x6QjcCUYOEZA3VaziQDLM4EFKTucM0VPE+` hxN,{,-hxN,{,,}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://c0qXkMiVzA8eW5X6s-dobCEULr4NCmwo1KI9ceunDjo `׉	 7cassandra://jRnTTneNlmAjCaXVp32CC_nQdwLpn6LLiFAXxL77Dhk~`t׉	 7cassandra://NaZXQbBDmYasff3IM_9jtBqiuDF8h0vx4g03_Urg4kQ)E` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://Rxxq4cGRgifuzQsaJxKdYsXJDqbnZDT50pGMZagNrVU `׉	 7cassandra://9RV6simyWX0z65mtf7RLdiXCqNIzYBRxk5gwJmlVZ4A`t׉	 7cassandra://myDj3fq8-ivLnqMtRm4tYLeSXonHsciMSAjVleq3aMQ%` hN,{,נhN,{, &̙9ׁHmailto:cindy@raillighting.comׁׁЈנhN,{, x̖9ׁHmailto:cindy@raillighting.comׁׁЈ׉EDe Railpuck: plug & playverlichting
verovert het spoor
De Railpuck is een innovatief plug & playverlichtingssysteem
dat precies in de zijkant van een
spoorstaaf past. Het systeem zorgt ervoor dat het licht
precies op de juiste plek valt. Diverse Nederlandse
spooremplacementen zijn inmiddels voorzien van de
Railpuck, zegt Theo van der Velden van RAILLIGHTING,
het bedrijf achter de Railpuck. “Er is wereldwijd veel
belangstelling. Iedereen is enthousiast.”
54 - Stationslocaties 2025/2026
H
et verlichten van een spooremplacement, rangeerterrein
of baanvak gebeurt doorgaans met armaturen op
hoge masten of op bestaande spoorconstructies, zoals
bovenleidingportalen. De installatie van zulke conventionele
systemen is vaak kostbaar en tijdrovend. Daarbij valt het licht
niet altijd op de gewenste locatie en veroorzaken de masten in
woongebieden geregeld lichthinder. “De Railpuck biedt dan de
oplossing”, zegt Marco Rooks van RAILLIGHTING. “Het is snel en
makkelijk te installeren en ook nog eens stukken goedkoper.”
Veiliger
Doordat de Railpuck in de zijkant van een spoorstaaf wordt
geklikt, valt het de licht spreiding precies daar waar je het wilt
hebben, namelijk op loop- of inspectiepaden naast het spoor.
Rooks: “Bij licht van bovenaf bestaat er een grote kans dat je te
׉	 7cassandra://NaZXQbBDmYasff3IM_9jtBqiuDF8h0vx4g03_Urg4kQ)E` hxN,{,.׉Ete maken, ontwikkelde RAILLIGHTING een sensor:
de Railsens. “Die klik je net als de puck in de
spoorstaaf. Door de sensor heb je de verlichting
alleen daar waar je die nodig hebt. De sensor
reageert alleen op passerende personen.” De
Railpuck kan ook op zonne-energie functioneren,
in combinatie met de Solar Cube”.
Pilot in Duitsland
De Railpuck en Railsens zijn sinds twee jaar
op de markt. Van der Velden: “Er zijn er inmiddels
een duizendtal geïnstalleerd op emplacementen
in onder meer Den Bosch, Lelystad,
Vlissingen en Onnen.” Ook over de grens verlichten
de Railpuck en de Railsens spooremplacementen.
Van der Velden: “We hebben in
Frankrijk, België en Duitsland inmiddels projecten
opgeleverd.” Hij noemt een pilotproject
bij Thyssen Steel in Duitsland als voorbeeld. “Zij
benaderden ons om een test te doen. Ze hadden
aanvullende eisen op het gebied van lichtkleur
en een lager vermogen. Dat hebben we
samen aangepast. Als de Duitse pilot met driehonderd
Railpucks slaagt dan zijn we in beeld
voor de rest van de sporen op het fabrieksterrein
en de andere bedrijfslocaties.”
Demo-avond
Op 3 december is er een demo-avond in het
Spoorwegmuseum waar installatie en werking
van het systeem live wordt toegelicht aan
spoorvervoersbedrijven als NS, spoornetbeheerder
ProRail en spooraannemers.
Rooks: “Het is een nieuw systeem en als je
het principe uitlegt, willen mensen wel eens
afwachtend reageren. Zodra ik in de praktijk
laat zien hoe simpel en goed het werkt, is iedermaken
krijgt met schaduw, door bijvoorbeeld
een geparkeerde trein. Met de Railpuck heb je
daar geen last van omdat je het pad verlicht
vanaf de zijkant. Je maakt het dus voor iedereen
veiliger.”
Plug & Play-systeem
De pucks krijgen hun stroom uit een voedingspunt
met twee drivers. De benodigde kabels
zijn eenvoudig in te pluggen en verbinden de
pucks met elkaar en met de drivers. “Je brengt
het systeem in no time aan, met minder mensen
dan gewoonlijk en zonder de inzet van
zware machines. Bovendien hoeft de bovenleiding
niet spanning loos gemaakt te worden.
Dat scheelt heel veel tijd in de werkvoorbereiding
en er is automatisch minder impact op de
dienstregeling en scheelt kosten.”
Extra energiebesparing
Er is slechts twee Watt per puck nodig. Het energieverbruik
van 140 pucks is daarmee ongeveer
gelijk aan dat van een standaard conventioneel
armatuur. Om de energiebesparing nog groter
Stationslocaties 2025/2026 - 55
“Zodra ik in de praktijk laat
zien hoe simpel en goed het
werkt, is iedereen meteen
overtuigd.”
een meteen overtuigd. De reacties uit de markt
zijn dan ook allemaal positief.”
De gepatenteerde Railpuck en de Railsens
worden volledig in Nederland gemaakt. “Dat
is belangrijk om kwaliteit, levertijd en goede
handling te waarborgen”, licht Rooks toe.
Inmiddels heeft RAILLIGHTING-distributeurs
in verschillende landen, waaronder België,
Frankrijk, Spanje, Engeland, Kroatië, India en
Nieuw-Zeeland.. De Nederlandse en Duitse
markt bedient RAILLIGHTING zelf. Van der
Velden: “Er is wereldwijde interesse van bedrijven
die het systeem lokaal op de markt willen
brengen. We hebben gesprekken lopen in onder
meer Spanje, Zweden, Australië en Amerika.
Dus ook overzee is er belangstelling.” Rooks: “De
Railpuck is klaar voor de stap van Nederlandse
vinding naar internationale standaard.”
<<
Wil je de op 3 december de demo-avond
bezoeken? Stuur dan een e-mail naar
Cindy van Hulst: cindy@raillighting.com
RAILLIGHTING
St. Jobsweg 30-B
3024 EJ Rotterdam
E: cindy@raillighting.com
׉	 7cassandra://myDj3fq8-ivLnqMtRm4tYLeSXonHsciMSAjVleq3aMQ%` hxN,{,/hxN,{,.}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://rymBoKatLPmdw6YcNcWr1zXPZ6N03Eu9xN1l0JotXFc `׉	 7cassandra://FSgB_FKtO9oyG25sMjUkydliNwinFHWYbTVTAn24SLA͏m`t׉	 7cassandra://DLE4m3HVve_c-eb4x_pQMZO4rulrFQEpjCAwxgKV22o+x` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://2Q3is6f9xObEV93VxmueG1-ehYsjXM30YWqy3dteuAA `׉	 7cassandra://kfL5hIxJMt-GdHDUX4A9ApXRagNtyCQUbMoIgPOvJsI͉p`t׉	 7cassandra://KIjw8NJD8HBld5XkVbDy-CLvNWPqIBJNam3TQAw46nE)` hN,{,׉EeZwijndrecht ontwikkelt in
Stationskwartier tuinstedelijke
buurten met karakter
‘Een stedelijk dorp met grootschalig werken langs de oevers en ontspannen opgezette groene
woonwijken.’ Zo werd Zwijndrecht in 1925 omschreven door wetenschapper en hoogleraar
stedenbouwkunde Th.K. van Lohuizen.
A
ls we Bas Pijl, de huidige stedenbouwkundige van de
gemeente Zwijndrecht, vragen naar zijn omschrijving
van de identiteit van Zwijndrecht, lijkt dat antwoord
verrassend veel op de typering van een eeuw geleden. “Aan de
ene kant is Zwijndrecht een gerenommeerde binnenvaartstad,
gelegen aan een van de drukste vaarroutes van Nederland. Aan
de andere kant is het een tuinstedelijke stad, die in de jaren 30
verder vorm kreeg door ontwerpen van stedenbouwkundige
Pieter Verhagen. Hij schiep een afwisselend stadsbeeld, met
een goede balans tussen bebouwing en beplanting. Een plek
waar mensen fijn konden wonen en elkaar konden ontmoeten.
Die gedachte hebben wij naar het heden doorgetrokken
en beschreven in drie belangrijke documenten: het Masterplan
Stationskwartier, het Beeldkwaliteitsplan en het MasterplanNoord.
Deze documenten vormen de basis voor de ontwikkeling
van Diztrikt.”
Stationskwartier, Mecanoo
Unieke signatuur van Zwijndrecht
Onder de naam Diztrikt wordt de komende jaren een gebied ontwikkeld
in een straal van één kilometer rondom het station van
Zwijndrecht. De identiteit van een tuinstad en de daarbij behorende
architectuur is beschreven in het Beeldkwaliteitsplan,
dat tot stand kwam in samenwerking met Studio Hartzema
en Atelier Dutch.
“Identiteit zit in de stenen en de genen: dus in de gebouwen
en het gevoel. Daarom zijn eigenaarschap en behoud van
karakter belangrijke pijlers in de ontwikkeling”, aldus Bas Pijl.
“Voor ontwikkelaars en bouwers vormt het Beeldkwaliteitsplan
waardevolle input voor het uitwerken van hun plannen.
Op deze manier krijgen alle verschillende deelprojecten binnen
het Diztrikt toch een herkenbare signatuur, die Zwijndrecht
uniek maakt. Je wordt dus niet verrast door allerlei verschillende
type gebouwen, maar er is eenheid. Er ligt een verhaallijn
56 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://DLE4m3HVve_c-eb4x_pQMZO4rulrFQEpjCAwxgKV22o+x` hxN,{,0׉EDe Wijck Binnentuin, ontwerp KOW, ontwikkeling van Wijnen
De Wijck Wijckkamer, ontwerp KOW, ontwikkeling van Wijnen
Van de 55 koopwoningen in De Wijck zijn er 30 met een
aankoopwaarde onder de 355.000 euro. Er komen 20
eengezinswoningen en 35 appartementen in 6 lagen.
Op de begane grond komt een commerciële ruimte, de
Wijckkamer, met mogelijk een horecagelegenheid, waar
bewoners kunnen werken en vertoeven. De Wijck wordt in
het 3de kwartaal van 2026 opgeleverd.
aan ten grondslag die het tuinstedelijke karakter van de stad
uitstraalt.”
De Wijck: hoogstedelijk bouwen op een postzegel
Lee Pors is ontwikkelaar bij Van Wijnen en verantwoordelijk
voor de ontwikkeling van De Wijck in het Zwijndrechts Diztrikt.
Hij beaamt dat het prettig werken is op basis van zo’n helder
document, waar architecten direct op kunnen inspelen. Zo is er
in het ontwerp van De Wijck een link gelegd naar het industriele
verleden van de stad, bijvoorbeeld door bepaalde kleurencombinaties
in gevelstenen.
“De Wijck is een klein braakliggend terrein dat al 15 jaar onbebouwd
was. Onze uitdagingen waren: hoe bouwen we op zo’n
postzegel toch een mooi aantal betaalbare woningen, want
betaalbaarheid was een belangrijke eis van de gemeente. En
hoe gaan we om met het omgevingsgeluid van de drukke weg
die erlangs loopt en de nabijheid van het spoor.”
Gezamenlijke binnentuin
In het ontwerp is veel aandacht voor groen, rust en biodiversiteit.
“We hebben gekozen voor iets kleinere tuinen, die grenzen
aan een opgehoogde semi-openbare binnentuin, met bankjes
als een soort buffer. Je kunt dus kiezen of je privé in je eigen
tuin of balkon blijft of juist deel uitmaakt van de community
in de grote gezamenlijke tuin. Samen met de toekomstige
nieuwe bewoners hebben we de beplanting en inrichting van
het binnenterrein bepaald. Ze krijgen ook allemaal een percentage
eigenaarsrecht over die binnentuin en het buurtschap is
samen verantwoordelijk voor het onderhoud.” De gemeente
vond dit concept zo interessant dat ze het ook wilde doorzetten
naar de aangrenzende Jan Steenstraat. In een participatietraject
met de aanwonenden is gekozen voor een herinrichting
van de staat met veel groen en speelvoorzieningen.
Stationslocaties 2025/2026 - 57
De Bostuinen: aandacht voor eigenaarschap
Een ander project binnen het stationsgebied is De Bostuinen, in
de voormalige Indische buurt. Het thema hier was het ontwerpen
en realiseren van een ‘bosrijke’ omgeving waar ontmoeten
in het groen centraal staat. De voortuinen lopen over in gezamenlijke
tuinen, wat ontmoeting stimuleert en wat zorgt voor
gedeeld eigenaarschap.
Bostuinen wordt eveneens ontwikkeld en gebouwd door Van
Wijnen. “Wij hebben ons gebogen over de vraag: hoe maken we
een wijk waarin ontmoeting tussen de nieuwe buurtbewoners
zoveel mogelijk wordt bevorderd?”, vertelt ontwikkelaar Ward
Koppejan. “Naast een dak boven je hoofd is sociale interactie
heel belangrijk voor het welzijn van mensen. Daarom komen
hier collectieve binnentuinen, worden er bankjes verwerkt in
de gemetselde tuinmuren en zijn er op diverse plekken stekkenkastjes,
waar bewoners stekjes uit hun tuin kunnen uitwisselen.
De Delftse stoepjes, een smal reepje tuin naast de voorIn
Bostuinen komen 193 wooneenheden, waarvan 100
huur woningen voor de woningcorporatie Woonkracht10,
verdeeld over 27 appartementen en 73 grondgebonden
woningen. De 93 koopwoningen bestaan uit 39 appartementen
en 54 grondgebonden woningen.
Bostuinen, ontwerp Echo Urban Design, ontwikkeling van Wijnen
׉	 7cassandra://KIjw8NJD8HBld5XkVbDy-CLvNWPqIBJNam3TQAw46nE)` hxN,{,1hxN,{,0}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://IsGRCIlTiEY1S5hZQa0dXRU7x3Fh1_EpCaEOVkv-H84 N`׉	 7cassandra://9ufip87BFzSP4npI5njj0slZ4Zbj7n-2n0LhULI4jhÙt`t׉	 7cassandra://YhoERaKEGT8ug3XICqJ2x2zPWz1hULC4IDabjnHP2_U'&` hN,{,ט ? ?{u׉׉	 7cassandra://pYm2EUBJFBZtyBRfUUDmP3jxwoAdIMhB2bVXehBtI5g 2`׉	 7cassandra://jUNOyT9lujHCJXNq0wUYSSxu9Im-XBJClCRdn6LNnkgo6`t׉	 7cassandra://Eq7fJNXvrhLb1owrau6g2tkRPdULPl-ngDIdc-tR8Rc%` hN,{,נ-K(¶    d9׉H !mailto:info@verhoeven-leenders.nlG׉ׁ
default style נ.Z,(¶   F9׉Hhttps://verhoeven-leenders.nl/G׉ׁ
default style נhN,{, l9ׁHhttp://www.diztrikt.nuׁׁЈ׉EePassage, ontwerp Stijl architecten, ontwikkeling van Wingerden/ADSR
deur waar je een zitje kunt maken, nodigen
ook uit tot meer interactie in het buurtschap.
Door bewoners te betrekken in het ontwerp en
de inrichting van hun buurt, ontstaat een plek
die gedragen wordt door de gemeenschap. Dit
vergroot de kans op een duurzame, leefbare
en verbonden woonomgeving.”
Een tweede leven
Bij de sloop en het bouwrijp maken van de nieuwe
wijk, is geprobeerd zoveel mogelijk bomen
te behouden. “Van bomen die toch gekapt
moesten worden, wordt het hout gebruikt om
tuinbankjes te maken voor de nieuwe bewoners”,
vertelt Koppejan. Om de planten in de
tuinen van de te slopen woningen een tweede
leven te geven, werd het project ‘Pluk je groen’
gestart. “Belangstellenden konden daar zelf
planten en struiken uitgraven voor hun eigen
tuin. Dit was zo’n succes dat er een vervolgdag
werd georganiseerd waarbij mensen ook
schuttingdelen, hekwerk en zelfs dakpannen
konden meenemen. Het is ongelooflijk hoeveel
er op deze manier hergebruikt is.”
De Passage: winkelcentrum krijgt
woontorens
Een derde groot project binnen het Stationskwartier
is De Passage, een historisch identiteitsdrager
in Zwijndrecht. Het winkelcentrum
is, net als de Lijnbaan in Rotterdam, een van
de eerste autoloze winkelstraten, ontstaan
na de watersnoodramp in 1953. Het project
is ingebed in de “groene long” van Verhagen.
Om de Passage een nieuw duurzaam leven te
geven past ontwikkelaar Van Wingerden zorgvuldig
3 woontorens van 6 en 7 woonlagen
op de verschillende hoeken in. Daarin komen
Passage, ontwerp Stijl architecten, ontwikkeling van Wingerden/ADSR
appartementen in diverse groottes. De torens
worden aangesloten op de bestaande winkels
en de woningen erboven. In de plinten komt
horeca en worden zorggerelateerde bedrijven
gevestigd. De bouw wordt gedaan door ADSR
en gaat waarschijnlijk eind 2026 van start.
Blij met nieuwe leefomgeving
“We hebben de bewoners meegenomen in
het hele proces”, vertelt Bob Roodnat van Van
Wingerden. “Er zijn voorlichtingsavonden
georganiseerd, waar mensen ook vragen konden
stellen en hun zorgen konden uiten. We
hebben in dit project met aardig wat belanghebbenden
te maken. Zo moeten er op de
hoeken bestaande winkels weg en huurcontracten
worden opgezegd. Toch zien we dat de
bewoners en de ondernemers er over het algemeen
positief instaan. Bijna iedereen ondersteunt
onze plannen en is blij met de komst
van een mooiere leefomgeving.”
Rol van het station
Te midden van al deze prachtige nieuwe ontwikkelingen
ligt het station. Die omgeving
zal in de toekomst ook een transformatie
ondergaan naar een meer duurzame en prettige
plek, die beter past bij het tuinstedelijk
karakter van Zwijndrecht. Het is allemaal
al beschreven in het Masterplan van het
Stationskwartier, maar de uitvoering ervan
laat nog even op zich wachten.
<<
www.diztrikt.nu
58 - Stationslocaties 2025/2026
׉	 7cassandra://YhoERaKEGT8ug3XICqJ2x2zPWz1hULC4IDabjnHP2_U'&` hxN,{,2׉E  Stationslocaties 2025/2026 - 59
׉	 7cassandra://Eq7fJNXvrhLb1owrau6g2tkRPdULPl-ngDIdc-tR8Rc%` hxN,{,3hxN,{,2}{בCט   ?{u׉׉	 7cassandra://KNp3RsjAU4IDe0_vrCp1oOPY9w15jxDWi-INcYUd0Dc v`׉	 7cassandra://3XtgatNtuj2PJWQTPhQJgoahJ_wC6s5L_n20I3Tohyk͂`t׉	 7cassandra://5_h6YTSdJDrySXyv8PzKV7vtE0MWviWcmK_qvfGKE-4*#` hN,{,׉EEEN GOED STATION
VERBINDT MEER DAN SPOREN
Het brengt woningbouw, economie,
mobiliteit en duurzaamheid samen.
MEER
WETEN?
Een stationsgebied is de aanjager van
stadsontwikkeling.
Tenminste, als je het in samenhang
benadert. En dat is wat APPMers van
nature doen: werken met oog voor de
plek en de omgeving.
Zo maken we Nederland elke dag een
stukje mooier.
Werken bij APPM
APPM en stationsontwikkeling
׉	 7cassandra://5_h6YTSdJDrySXyv8PzKV7vtE0MWviWcmK_qvfGKE-4*#` hxN,{,4׈EhxN,{,5hxN,{,4~{)Stationlocaties 2025-2026 -Partners bij ontwikkelen van stationslocatiesh];|d