׉?ׁB!בCט  {u׉׉	 7cassandra://2kWoch0_vMvzcB-1jEBlr_cw07D5vX8BGcdE306Q6PI `׉	 7cassandra://Nq47tseUVpRgQdyRbnRXPQjrhVa6Ktv8U4D0abNsRZUw#`S׉	 7cassandra://Ml5U7ZSAsbkmmTByWt-Aiu8L5QJej_XsubLuSYAh3qk&`̵ hfv.)ט   {u׈   8Q,$  ׈Ehfv.)׉ECJef Ameeuw
De aandachtige bezoeker aan het kerkhof van Vinkem wordt telkens opnieuw getroffen door een
groot kruis, midden de begraafplaats met onderaan de tekst: “Laffelijk vermoord - 2 januari
1919”. Voor velen rijst dan de vraag: “Wat is hier gebeurd?”.
De nieuwjaarsweek van 1919 is lang
blijven hangen in het geheugen van
de Vinkemnaars. Het nieuws over een
laffelijke moord verspreidde zich als
een lopend vuur door de Westhoek.
De tongen kwamen los en iedereen
had wel iets vernomen.
Maar wat was de ware toedracht
vanhet gebeurde?
Wat had zich in die nacht van 1919
afgespeeld?
Eind december 1918, kort na de wapenstilstand,
kwamen Waalse soldaten
uit bevrijd België naar de frontstreek.
Aangezien
ze tijdens de oorlog geen
dienst hadden gedaan, wilden ze na
de bevrijding nuttig werk doen in de
vernielde gewesten.
1
׉	 7cassandra://Ml5U7ZSAsbkmmTByWt-Aiu8L5QJej_XsubLuSYAh3qk&`̵ hfv.)hfv.){בCט   {u׉׉	 7cassandra://zvKLg9shX9plcc5yjDvDFDTwxqZ03P1P7LZi5OTKAHo !`׉	 7cassandra://yfIlIYhBVTc0liUXyqrS9uXj2PWkNCHwTp9Q0fY-9jI{6`S׉	 7cassandra://oW8C0EyDy-ZsgDXKRfQOpNhoRsAYlJ5-yXCRQLy-Mho `̵ hfv.)׉EOok in Vinkem waren er een aantal Waalse vrijwilligers gelegerd.
Hun taak bestond in het opruimen van puin en in het ontmantelen van achtergebleven legermateriaal.
Die
Walen verbleven in de kampementen en vervingen na een korte opleiding de vertrokken
frontsoldaten.
Een aantal onder hen was gelegerd in een oorlogsbarak op het hof Naeyaert (waar nu de hangar
staat). - Blauwhuisstraat -
Volgens meester Selschotter waren het “echte wildemannen met weinig tucht of fatsoen”.
Enkelen onder hen hadden op het hof reeds voor moeilijkheden gezorgd en ruzie gemaakt.
De schrik zat er bij de bewoners dan ook goed in.
Wanneer moeder Naeyaert met haar dochter naar de stal trok om te melken, droeg het meisje
de emmers, terwijl moeder Emilie een lantaarn droeg en steeds een revolver meenam.
Op zekere dag, toen ze beiden werden lastig gevallen door een paar soldaten, dreigde de
boerin zelfs te schieten.
In de nabijhaid van de hoeve Naeyaert stond de boerderij van Feryn. Deze hoeve die vandaag
verdwenen is, lag tegenover het huidige buitenverblijf (Uilstond) van Jan Bellefroid uit Leuven.
We noteren 2 januari 1919 - putje winter. ‘t Is nog vroeg in de morgen en ijzig koud en kil.
Germain Rose, buurman van boer Feryn was reeds vroeg te been. Rond de hoeve Feryn hing
er een onbehaaglijke stilte en alles lag nog in het duister. Rose vond het ongewoon, temeer
daar men op dat uur gewoonlijk reeds volop in de weer was in de stallen.
Hij was ongerust en ging buur Henri Naeyaert halen.
Samen begaven ze zich naar de hoeve Feryn. Ze liepen rond het gebouw en zagen plots in de
schemering een bloedspoor dat van onder de hoevedeur naar buiten liep. Er was hier blijkbaar
iets versleept …
In paniek werd garde Cissen Candaele verwittigd. Toen deze in allerijl toekwam, volgde ze het
bloedspoor dat plots ophield midden de koer, in de omgeving van de waterput die gedeeltelijk
boven de grond was opgemetst.
Bij het lichten van het deksel was de ontzetting groot. In de diepte lagen drie lijken.
Na een eerste vaststelling bleken het vader Henri Feryn, dochter Maria en moeder Emilie
Demolder te zijn. Alledrie laffelijk vermoord.
Eén dochter, Alice, was ontsnapt aan de slachtpartij.
Ze verbleef die nacht bij haar oom Sylvain Demolder
te Leisele.
‘s Anderendaags was er groot appel op de binnenkoer
van de hoeve Naeyaert. De Waalse soldaten moesten
allen op een rij komen staan.
Moeder Naeyaert en dochter Judith kregen de opdracht
de twee soldaten aan te duiden die hen vroeger reeds
hadden lastig gevallen.
Na een streng verhoor vielen deze door de mand.
Ze bekenden ook de moorden.
De moordenaars werden afgevoerd.
Nooit hoorde men nog iets van hen.
De boerderij werd later afgebroken maar de waterput
bleef nog enkele jaren staan als getuige, tot ook deze
door boer Naeyaert werd ontmanteld en dicht geworpen.
Enkel het kerkhofkruis getuigt vandaag nog
van het drama.
Gegevens: André Naeyaert, Agnes Degraer,
getuigenissen van meester Selschotter
2
׉	 7cassandra://oW8C0EyDy-ZsgDXKRfQOpNhoRsAYlJ5-yXCRQLy-Mho `̵ hfv.)׈Ehfv.)hfv.){)Drievoudige moord te Vinkemhf8Q,$Q'`