׉?<ׁB! בCט  u׉׉	 7cassandra://grZu53KZ6dst0YEitG4Ow1sWyPTauceveAsQw9XWS8Q V`׉	 7cassandra://884TxN2l9dchsn3m1HJRgPd90jb1h35MmS7fd8Pt7jcK`R׉	 7cassandra://zxJa2DTCSfN0hizRz04nflCmsNjM8EkNQeymRSZSlM8u`̴׉	 7cassandra://LJI5SVRgbfAnm9IEOD3F7zC816wel0-881akjENHHJs͈:͠_Ч]M^Px׈E_Ч]M^PN׉E “
de overheid moet haar
burgers weer gaan zien”
(burgemeester ahmed marcouch)
meekijken door de bril van
10 leiders in het publieke domein
׉	 7cassandra://zxJa2DTCSfN0hizRz04nflCmsNjM8EkNQeymRSZSlM8u`̴_Ч]M^PO_Ч]M^PNvבCט   vu׉׉	 7cassandra://HoWSpw3ROs1hUKffMwnGhjLm2vbH8BHc2V9PpVzxLIA B`׉	 7cassandra://kJuePE59hjwFCKKel5p4iwNsqGjKUEuBs5-UXJmplmg͌7`׉	 7cassandra://JPLCIXnLDRwYCoULIzrCvUaw22rzQJrk2kJKTnyATzM-`i ׉	 7cassandra://3kV_s7NQ7k2XVCNkfI7eOIxDhDviUX2aCKlGl6HSuYE PH͠	_Ч]M^P{׉E #Zaanstad, Fotografie Michal Soukup
׉	 7cassandra://JPLCIXnLDRwYCoULIzrCvUaw22rzQJrk2kJKTnyATzM-`i _Ч]M^PP׉Exinhoudsopgave
met het oog op de toekomst voorwoord
sterke overheid
01. ‘het nieuwe normaal maak je samen met de stad’
Berend van der Ploeg, Gemeentesecretaris ‘s-Hertogenbosch
02. ‘gemeenten hebben meer bestaansrecht dan ooit’
Cis Apeldoorn, Gemeentesecretaris Zaanstad
03. ‘om de opgave centraal te stellen moet je grote knopen
durven doorhakken’
Hans Tijl, Directeur en provinciesecretaris Flevoland
04. ‘de samenleving verdient het dat we als één overheid werken’
Gerard Bakker, Hoofddirecteur Dienst Justitiële Inrichtingen
05. ‘de enige weg is die van een digitale overheid’
Patrick Spigt, afdelingsmanager Informatievoorziening Haarlem,
en Bas de Boer, innovatiemanager Haarlem
empathische overheid
06. ‘de overheid moet haar burgers weer gaan zien’
Ahmed Marcouch, Burgemeester Arnhem
07. ‘een goed gesprek levert vaak meer op dan een nota’
Joke Goedhart, Secretaris directeur Hoogheemraadschap
de Stichtse Rijnlanden
08. ‘de overheid van de toekomst moet vooral verbinden’
Arne van Hout, Gemeentesecretaris Nijmegen
09. ‘een betrokken overheid boekt betere resultaten’
Willem Krooneman, Wethouder Elburg
10. ‘de verbinding met mensen wordt steeds belangrijker’
Peter Derk Wekx, Gemeentesecretaris Alphen aan den Rijn
geen eindstation maar een tussenstation nawoord
21
24
15
18
4
6
9
12
28
32
36
38
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 3
_Ч]M^PQ_Ч]M^PPvבCט   vu׉׉	 7cassandra://c8tUR51PH6l-3dGWcBzYQ1YqOoS-2iz9Fb7EoNgZqqw ܾ`׉	 7cassandra://T7m1s9x9gXiECgRNLrdx8OU_I85YytcLTf6PTypUJf4;`׉	 7cassandra://XbrG5ixOGbJWu_PkYSRlBoq7cR9QehQUpEaPuLN3Ym49`i ׉	 7cassandra://RHYCqaDxiv75Tq-Ws1bWhAYa2o6m7Y8n8mA75KuHDog ڵ͠	_Ч^M^P~׉E	Rvoorwoord
met het oog
op de toekomst
Hoe zie jij de toekomst van de overheid? Begin maart 2020 organiseerden wij het event
‘The future is now’ vanwege ons 15-jarig bestaan. Bij die feestelijke gelegenheid hield
Jaring Hiemstra, die met Joscha de Vries aan de wieg stond van Hiemstra & De Vries, een
vurig pleidooi voor een sterke en empathische overheid. Na jaren die in het teken stonden
van marktdenken en participatie, moet het zwaartepunt de komende jaren verschuiven
naar een overheid die op een adaptieve manier leiding geeft aan transities en meer
empathie heeft voor burgers die het moeilijk hebben, zo betoogde Jaring.
Vanuit de zaal klonk instemmend gemompel.
Wat we niet konden weten, was dat nog
geen week later een andere toekomst en
een nieuwe werkelijkheid aan de poorten
zouden rammelen. Het jaar 2020 zou verder
in het teken staan van corona. Veranderde
dat de inhoud van onze boodschap in maart?
Nee, integendeel. De noodzaak voor een
empathische en sterke overheid tekende zich
alleen maar scherper af. Dat zeggen niet alleen
wij, de adviseurs van Hiemstra & De Vries, maar
dat zeggen ook belangrijke mensen uit het
publieke domein. De mensen die het kunnen
weten, die dagelijks ‘met hun poten in de klei
staan’, waaronder gemeentesecretarissen,
directeuren, managers, burgemeesters,
wethouders. Het afgelopen jaar bevroegen wij
hen op de grootste uitdagingen in het publieke
domein. Zij vertelden over hun zorgen, over
hun maatschappelijke taak, over uitdagingen en
mogelijke oplossingen. En over wat dit vraagt
van de overheid en de mensen die er werken.
We deelden deze interviews op ons LinkedInplatform
Overheid van de Toekomst, waar ze
de nodige aandacht kregen. Maar de manier
waarop deze publieke leiders naar de overheid
van de toekomst kijken, verdient een tastbaar
en blijvend bewijs, zo vinden wij. Samen
geven ze namelijk een prachtig beeld van de
ontwikkeling waar we in het publieke domein
voor staan.
Om die reden hebben we tien interviews
gebundeld in een boekje.
We nodigen je uit om mee te kijken door de
bril van tien publieke leiders en hopen dat je
ook gelooft in het soort overheid dat door hen
geschetst wordt: sterk (blauw) en empathisch
(roze). Wij dragen daar in elk geval graag ons
steentje aan bij.
Namens alle collega’s van Hiemstra & De Vries
Ralph Hanekamp
Janneke Oudenhoven
4 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
׉	 7cassandra://XbrG5ixOGbJWu_PkYSRlBoq7cR9QehQUpEaPuLN3Ym49`i _Ч]M^PR׉E $Arnhem, Fotografie Sander Weeteling
_Ч]M^PS_Ч]M^PRvבCט   vu׉׉	 7cassandra://e2zokpi24_ZpdRfDYdrVa03_kn-M0IohT5VJajgT8i4 `׉	 7cassandra://Ry4yiXIp2riazCOlC-8i6UJck93oRkiZZMFuUzrohA0ͼ`׉	 7cassandra://Hc3OYp62a92mq-72GrmWfk3EtRUti4s00yJwGy8qBU46`i ׉	 7cassandra://2XFpeZtXXVjpeSL-l-xSHK5SJg4OfVNIZXZ3CSm7v_wC͠	_Ч^M^P׉E01
Berend van der Ploeg, Gemeentesecretaris ‘s-Hertogenbosch
‘ het nieuwe normaal
met de stad’
Natuurlijk maakt gemeentesecretaris Berend van der Ploeg van de gemeente
‘s-Hertogenbosch zich zorgen. De coronacrisis brengt onzekerheid en grote
uitdagingen met zich mee. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat hij het
professioneel gezien een fascinerende tijd vindt. ‘Deze crisis kan een revival in
het publieke denken met zich meebrengen.’
Berend van der Ploeg
6 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
׉	 7cassandra://Hc3OYp62a92mq-72GrmWfk3EtRUti4s00yJwGy8qBU46`i _Ч]M^PT׉Esterke overheid
maak je samen
Als we Berend spreken via Skype, komt hij
net uit een collegevergadering. Uiteraard
ging het over corona. ‘Maar waar we het tot
nu toe vooral hadden over noodmaatregelen
en crisismanagement, begint er nu voor het
eerst ruimte te ontstaan voor een voorzichtige
blik naar de toekomst. De eerste strategische
verkenningen over hoe we straks verder gaan.’
Het lucht hem op. ‘Bij de acute maatregelen
was toch vooral de burgemeester aan zet en
in mindere mate de wethouders. Het was heel
top down. Voor de gemeenteraad was het een
ingewikkelde periode. De raadsleden stonden
nogal aan de zijlijn en kunnen nu pas echt
gaan meedenken.’
Hetzelfde geldt voor partners en inwoners
van de stad. ‘Ook zij hebben een bijdrage te
leveren. Misschien minder in de acute fase,
maar wel als we gaan nadenken over de
middellange en lange termijn. De komende
periode moeten we het echt mét de stad
doen. Dat vraagt iets van de verbindingskracht
van de gemeente, van de manier waarop we
communiceren en het vraagt ook dat we elkaar
vasthouden.’
heilige huisjes omver
‘De kunst daarbij is om te drijven op de
energie die is losgekomen’, vervolgt Berend.
‘De coronacrisis heeft ons gedwongen om in
no time tot de echte opgaven te komen. Voor
mij was dat ongekend. Er zijn maatregelen
genomen waar we slechts een paar dagen
voor nodig hadden, terwijl dat gewoonlijk een
traject van maanden geweest zou zijn. Allerlei
heilige huisjes zijn in één klap omvergeworpen.
Omdat iedereen het belang voelde. Als wij
onze samenleving op anderhalve meter moeten
inrichten, dan zullen we met bijvoorbeeld
horeca, cultuur en onderwijs moeten nadenken
over creatieve, werkbare oplossingen. Dat kan
een gemeente niet alleen, dus moet iedereen
zijn verantwoordelijkheid nemen.’
Het samen doen, een gezamenlijke aanpak
van gemeente en inwoners, vindt Berend ‘heel
Nederlands’. ‘Hoe wij deze crisis aanpakken is
uniek. Natuurlijk, het verschil met de Chinese
of Amerikaanse aanpak is evident. Maar ook
dichter bij huis zie je verschillen: in Frankrijk
zijn ze streng, in Zweden juist heel vrij en wij
zitten daar een beetje tussenin. Nederlanders
willen wel graag afspraken, maar daarbinnen
de ruimte om het toch ieder op zijn eigen
manier te doen. Rutte is er een meester in
om dat Nederlandse accent te leggen. De
intelligente lockdown past heel erg bij ons
land. Ik vind dat mooi, die wederkerigheid.’
niet zo eenvoudig
Wat niet wil zeggen dat het eenvoudig is,
‘samen met de stad’. ‘We lopen tegen allerlei
vraagstukken aan. Zo kwam er uit de stad het
initiatief voor een drive-in bioscoop. Ik vond dat
wel slim bedacht, maar de afdeling veiligheid
heeft er toch een streep doorheen gezet. Ik
begrijp dat wel. Als je de deur nu openzet en
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 7
_Ч]M^PU_Ч]M^PTvבCט   vu׉׉	 7cassandra://0UrBPCQPpM5F1NRaznHnsP--eqNJeQBv0dL4q3pVM1s `׉	 7cassandra://RLW9a4QeSgeypT914sN2eAZgjfk0fnOTzNIPjkENcig`׉	 7cassandra://9el2gwqnvJ30pejaFMKMEKy06MiGF2Wl1Y5fW0b02BwD`i ׉	 7cassandra://gabdjYrOSaVOeYq-TtbRLUNyY1k2VmgWjMx0IcgUP6s }*͠	_Ч^M^P׉E
esterke overheid
afwijkt van ‘blijf thuis’, ben je straks misschien
wel terug bij af. Het gaat dus echt stapje voor
stapje. En we moeten zicht krijgen op wat
inwoners en bedrijven (in al hun veelzijdigheid)
bezighoudt.’
Dat gesprek met ‘de stad’ vraagt om een
ander perspectief. ‘Ik ben hier sinds augustus
gemeentesecretaris en op pad gestuurd met
twee opdrachten, namelijk bijdragen aan
het doorbreken van de verkokering van een
gemeente die langs lijnen is georganiseerd en
een wat lossere, creatievere en ideeënrijke
gemeente neerzetten.’
Er is nog veel winst te halen in deze stad,
denkt Berend. ‘Kijk ik alleen al naar het terrein
waarop ik een beetje thuis ben, de zorg...
De vier jaar voor ik hier gemeentesecretaris
werd, was ik bestuurder bij Attent zorg en
behandeling. Gemeenten zijn de laatste jaren
behoorlijk ver afgedreven van bijvoorbeeld
thuiszorg, huisartsen en verpleegzorg. Ik heb
me er in mijn bestuursjaren aan geërgerd dat
ik precies één keer per jaar aan tafel zat bij
de gemeente. Voor hen was ik gewoon een
marktpartij. Terwijl we de afgelopen tijd meer
dan ooit ervaren hebben dat zorg een heel
cruciale waarde is in het hele denken over ‘wat
is een gezonde stad’: daar moet je als overheid
iets mee willen. Zeker in Brabant begon de
coronacrisis als een zorgcrisis, die doorsijpelde
naar de verpleegzorg en inmiddels ook naar
de thuiszorg. Gemeenten hadden die sectoren
echt onvoldoende in het snotje. Het moment is
er om daar verandering in aan te brengen.’
verbindende tijd
Berend ziet daarvoor in elk geval twee
vereisten. In de eerste plaats moeten stadsbestuurders
en ambtenaren ‘het goede
gesprek’ voeren. ‘Zodat ze echt weten wat
er speelt in de stad.’ In de tweede plaats
moet het perspectief veranderen. De vraag
stellen wat mensen en groepen nodig hebben
in plaats van volgens ingesleten structuren
werken. ‘Het doorbreken van bestaande
P&C-cycli kan daarbij ook helpen. In de zorg
heb ik meegemaakt dat organisaties geen
begroting meer hadden, maar het budget
dáár neerlegden waar het nodig was. De
verantwoording kwam daarna. Dat is misschien
nog wat idealistisch voor een gemeentelijke
organisatie, en ook niet gemakkelijk, omdat
je juist in tijden van crisis snel wordt meegenomen
in het ritme dat je al kent. Maar er
liggen wel kansen in deze bijzondere tijd, een
tijd die ik als heel verbindend ervaar. En ik vind
het mooi dat ik daarbij aan een aantal knoppen
mag meedraaien.’
•
Dit interview is verschenen in april 2020
“ Gemeenten zijn behoorlijk
ver afgedreven van
bijvoorbeeld thuiszorg,
huisartsen en verpleegzorg.”
8 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
׉	 7cassandra://9el2gwqnvJ30pejaFMKMEKy06MiGF2Wl1Y5fW0b02BwD`i _Ч]M^PV׉EV02
Cis Apeldoorn, Gemeentesecretaris Zaanstad
gemeenten
hebben meer
bestaansrecht
dan ooit
Als gemeentesecretaris van Zaanstad
zag Cis Apeldoorn de afgelopen tijd dat
gemeenten zich volop hebben bewezen.
‘We slaagden erin heel snel te schakelen.
Dat was te danken aan het feit dat alle
partijen dezelfde prioriteit hadden.’
Cis Apeldoorn
_Ч]M^PW_Ч]M^PVvבCט   vu׉׉	 7cassandra://GclwK8vHP5s1wexHZci6CSf_a6JYLuJ8PWwn-2ZK6VQ \w`׉	 7cassandra://tTYmDrFd3WOxgCPgIQHPLQF279o_D05RacdAYXqEfOM3`׉	 7cassandra://PWYSDrfBOTpJkBiQYvCXC1GjrqmfYbRTFMFwQR5V6vA=`i ׉	 7cassandra://OIE05eSqvsjE7DIYg94x2TLcNf3y7p95tmEyWPoLRik͖R͠	_Ч^M^P׉Esterke overheid
Cis aarzelt niet om het succes van de lokale
overheid te benadrukken. ‘Als het er echt
om gaat, blijken gemeenten heel belangrijk.
Voor mij was dat natuurlijk niet nieuw, maar
ik vind het wel belangrijk om te laten zien
hoe wij onze rol de afgelopen coronaperiode
hebben ingevuld. Landelijk werden de kaders
neergelegd, op gemeentelijk niveau werd het
uitgevoerd. We hebben bewezen dat we van
alles konden organiseren: regelingen, loketten,
aandacht voor kwetsbare groepen... Waarom
dat zo goed liep? Er was urgentie en focus.’
stortvloed aan verwachtingen
De samenleving is gebaat bij zo’n overheid,
denkt Cis. ‘Als je aan mensen vraagt wat ze
van een overheid verwachten, dan zeggen
ze allemaal: simpele taal, eenvoudige
procedures, snelle doorlooptijden, dat er
naar me geluisterd wordt. Zie mij als mens
en verdiep je in mijn leefwereld, dat is
echt wat mensen willen. Buiten coronatijd
is dat veel lastiger. Als ambtenaar is het
behoorlijk complex om te ‘dealen’ met de
enorme hoeveelheid verwachtingen van
burgers. Er wordt een stortvloed aan vragen,
wensen en verwachtingen afgevuurd op de
lokale overheid. Afkomstig van een diverse
bevolking met heel verschillende wensen
die vaak ook nog tegenstrijdig zijn. Dit palet
aan diverse verwachtingen en wensen is
heel legitiem, maar we moeten altijd naast
de individuele belangen een volledige
belangenafweging maken. En dus stellen we
ook voortdurend mensen teleur. Tel daar
alle nieuwe uitdagingen en taken die op ons
afkomen bij, en je snapt welke geestelijke
flexibiliteit er van de ambtenaar gevraagd
wordt: de inburgeringswet, de digitalisering, de
energietransitie, klimaatadaptatie... Er ligt veel
op ons bordje, hoor.’
10 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
Het zou Zaanstad enorm helpen als de
rijksoverheid de rol van de lokale overheid zou
herwaarderen. ‘En dat geldt denk ik voor alle
gemeenten. We staan voor grote uitdagingen,
maar hebben maar weinig financiële armslag.
Veel minder dan de Rijksoverheid. Voor de
uitvoering van de klimaatopgave hebben we
tot nu toe geen extra geld gekregen. Maar er
wordt wel veel van ons verwacht. Wij hebben
er bovendien last van dat de ministeries erg
verkokerd werken. Daarnaast is het zuur dat
juist de sectoren zorg, onderwijs en politie voor
miljoenen geknepen zijn. Als de afgelopen tijd
iets heeft aangetoond, dan is het wel dat juist
zij hard nodig zijn in een vitale samenleving.’
prioriteren
De financiële situatie in Zaanstad is echt wel
nijpend, verzucht Cis. ‘En daarvoor kijken we
niet alleen naar de Rijksoverheid. Daar hebben
we zelf natuurlijk ook een verantwoordelijkheid.
Onze begroting laat het niet toe om
‘alles’ te doen. We moeten flink bezuinigen,
zitten in zwaar weer. Ik ben geen voorstander
van de kaasschaaf, dus de uitdaging is om
te kijken wat er anders kan of helemaal niet
meer. We zullen keuzes moeten maken,
waarbij de ambtelijke organisatie de opties en
effecten voorlegt aan het bestuur, dat daarover
besluiten kan nemen.’ Het helpt, denkt Cis, als
de gemeente aan de voorkant goed uitlegt wat
burgers wel en niet kunnen verwachten. ‘En
dat dan uiteraard in duidelijke taal, en door ook
te luisteren naar wat mensen daarvan vinden
en niet alleen te zenden. Ik stuur zelf soms
brieven aan inwoners terug naar de betrokken
ambtenaar met het verzoek het anders te
doen. Duidelijker. Het moet allemaal veel
minder ambtelijk.’
In haar eigen gemeente Zaanstad lukt dat
laatste behoorlijk goed in het sociaal domein.
‘Ik ben er trots op dat we daar zo ver zijn
׉	 7cassandra://PWYSDrfBOTpJkBiQYvCXC1GjrqmfYbRTFMFwQR5V6vA=`i _Ч]M^PX׉Eusterke overheid
in onze aanpak. Vergis je niet, Zaanstad is
een gemeente met zware grootstedelijke
problematiek. Wij hebben hier wijken waar de
problemen niet minder zijn dan in bijvoorbeeld
Rotterdam-Zuid. Het sociaal domein is dus
een prioriteit van ons en dat hebben we
goed georganiseerd. Of het nu gaat om het
jongerenwelzijn, de wijkteams of wanneer je
als oudere een rolstoel moet aanvragen... We
hebben de boel behoorlijk op orde en krijgen
uit die hoek relatief weinig klachten.’
Lastiger is dat in het fysieke domein. ’We zijn
in toenemende mate aan het verdichten in de
stad. Dat roept weerstand op. Daarnaast denk
ik ook dat het fysiek domein binnen Zaanstad
een beetje verwaarloosd is.
Lang hebben we gedacht
dat vergunningaanvragen
aan bestemmingsplannen
moeten voldoen en dus
alleen maar getoetst
hoefden te worden, en dat
we daar dus met minder
ambtenaren af konden.
Maar dan ga je voorbij
aan het feit dat het fysieke domein heel erg
de leefwereld van mensen raakt en dus veel
contact met inwoners en ondernemers vraagt.’
Ze vervolgt: ‘Er is in Zaanstad een belangrijk
dossier waarin wij 15 lessen hebben getrokken
uit een proces dat twee inwoners van Zaanstad
tegen ons als gemeente hebben aangespannen
en dat wij uiteindelijk verloren. Dat ging om
de nieuwbouw van een school. Ik gebruik dat
dossier nog regelmatig, want het geeft mij echt
plaatsvervangende schaamte. Het is voor mij
een schoolvoorbeeld van een traject waarin wij
er als gemeente niet in geslaagd zijn om naar
burgers te luisteren, ondanks de vele signalen.
Echt heel pijnlijk.’
op – en afschalen
Als we Cis vragen naar wat volgens haar hét
thema van de toekomst is voor publieke
organisaties, dan noemt ze de verhouding
tussen Rijksoverheid en lokale overheid. ‘Als
de Rijksoverheid de taken bij de gemeenten
legt, dan moeten ze het ook loslaten en niet
willen meesturen, zoals nu gebeurt. Daarnaast
moet zij gemeenten de middelen geven die
hen ook in staat stellen de taken op zich te
nemen. Verder zullen we de kunst van het open
afschalen moeten leren: per thema bepalen
welke bestuurlijke laag aan zet is. Tijdens de
coronacrisis gingen veel bevoegdheden tijdelijk
naar de burgemeesters en de veiligheidsregio.
Dat was prima. Lastiger is misschien wel
het moment om
te beslissen dat je
dit weer loslaat. De
coronacrisis was
en is natuurlijk een
extreme situatie, maar
dat op- en afschalen
speelt ook bij andere
vraagstukken. Zaken als
ondermijning of het
klimaat kunnen wij niet als gemeente
oplossen. Omdat de oplossing niet binnen
onze gemeentegrenzen ligt en omdat we niet
voldoende slagkracht hebben. Dan moet je de
regio er dus bij betrekken. Misschien is dat wel
waar het uiteindelijk op neerkomt: we hebben
elkaar nodig, ieder in zijn eigen rol. Dat was de
afgelopen tijd zo, is nu zo en dat blijft zo in de
toekomst.’
•
Dit interview is verschenen in augustus 2020
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 11
_Ч]M^PY_Ч]M^PXvבCט   vu׉׉	 7cassandra://CkawCskAZG0CjtJrj0FjYVzjVQtKbSN3K0kwyxnzr1E PN`׉	 7cassandra://xkxY22GTNQWOHPzqkETkMCnWGTsGiqDv9_UL8pHEd8oˠ`׉	 7cassandra://xczGB1awuZViEKPCrNlNAlVBXoZt4LKS0l-LJr3c54Y9k`i ׉	 7cassandra://uga7LzQBDFwIXYYB5RmPYA8zzyIrvx33W6_mYdu2Bxsʹ͠	_Ч^M^P׉E503
Hans Tijl, Directeur en provinciesecretaris Flevoland
‘ om de opgave
centraal te stellen
moet je grote
knopen durven
doorhakken’
Hans Tijl is directeur en provinciesecretaris bij de Provincie Flevoland. In Flevoland zit
het pionieren de mensen in het bloed, zegt hij. En dat is volgens hem hard nodig in deze
tijden: ‘We staan voor een aantal ongekende uitdagingen.’
Als we Hans spreken zijn de verkiezingen in
Amerika net achter de rug. Ze illustreren wat
Hans betreft een ontwikkeling die we ook
in Nederland zien. ‘Ik ben bezorgd over hoe
mensen zich verhouden tot ons democratisch
stelsel. Ze zijn uit onvrede opgehouden te
stemmen, of nog erger: ze stemmen op een
populistische partij. Ik vind dat echt gevaarlijk
en dat is voor mij een van de ingewikkeldste
overheidsvraagstukken van dit moment.’
Want, zo stelt Hans: De polarisering en de
afkalving van ons democratische stelsel zijn
niet alleen een politiek probleem, maar zeker
ook een maatschappelijk probleem waar
ambtenaren een rol in spelen. ‘Als ambtenaar
moet je je afvragen: wat doen of laten wij
als overheid dat dit soort sentimenten kan
ontstaan? Is onze eigen dienstverlening wel op
orde?’
consequenties doorzien
Zoekend naar een antwoord komt Hans zelf
op een aantal verklaringen. ‘Ik denk dat onze
dienstbaarheid aan de samenleving veel beter
kan. Hoe? Onder meer door ons handelen
beter te doordenken. Ik heb een voorbeeld uit
Goeree-Overflakkee waar ik zelf vandaan kom.
Jarenlang zat er een thuiszorgpartij waar de
mensen voor 9 euro per uur werkten. Bij een
nieuwe aanbesteding stapte er een partij naar
voren die aangaf goedkoper te zijn. Gevolg:
de bestaande thuiszorgpartij moest ermee
stoppen, alle werknemers werden ontslagen
en de nieuwe partij zei: Jullie kunnen bij mij
terecht, voor 7 euro per uur. Tja, zoiets is
misschien wel begrijpelijk vanuit de overheid
geredeneerd, maar dit leidt natuurlijk tot grote
frustratie bij mensen. Die doen hetzelfde werk
voor minder geld. Een ander voorbeeld is het
onderwijs. Er bestaan clusters van soms wel
12 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
׉	 7cassandra://xczGB1awuZViEKPCrNlNAlVBXoZt4LKS0l-LJr3c54Y9k`i _Ч]M^PZ׉Esterke overheid
20 tot 30 scholen en die worden geleid door
mensen die helemaal geen verstand hebben
van onderwijs. Dat komt de kwaliteit van het
onderwijs écht niet ten goede. Goedkoper is
het wel, ja. Maar dat is niet het enige aspect
dat telt. Wat ik hiermee wil zeggen: als je niet
heel goed nadenkt over de consequenties
van de koers die je vaart, ga je fouten maken.
Schaalvergroting en geïnstitutionaliseerde
marktwerking hebben een effect. Het effect dat
ik zie is dat het vertrouwen bij de burger rap
afneemt.’
geen duidelijke spelregels
‘Wat ook niet bijdraagt aan het vertrouwen
van burgers is de manier waarop we in onze
samenleving met informatietechnologie
omgaan. We hebben nog geen goed
ontwikkelde ethiek, geen duidelijke spelregels.
Zo kon het gebeuren dat iedereen in zijn eigen
bubbel terecht is gekomen. Dat moet hóe dan
ook anders. We drijven te veel op bevestiging
van de eigen ideeën, die vaak genoeg niet waar
zijn. Dat leidt tot onrust, polarisatie en het kan
uiteindelijk zelfs tot geweld leiden. Voor mij
is dé vraag richting de toekomst: hoe houd
je ons democratisch stelsel overeind in een
samenleving die zo uit elkaar wordt getrokken?’
ingrijpend overheidsoptreden
Hoewel Hans van nature geen somber mens is,
wil hij nog een vraagstuk benoemen waar hij de
overheid van de (nabije) toekomst voor gesteld
ziet. ‘Door de staat van ons klimaat, is het
maar de vraag of onze kinderen in Nederland
een goede toekomst kunnen opbouwen.
Kun je hier over een tijd nog wel wonen?
De klimaatsituatie vraagt om ingrijpend
overheidshandelen waar bovendien gigantisch
veel geld mee gemoeid is. Het ingewikkelde
is dat veel zaken in de klimaatdiscussie
onzichtbaar zijn.
Hans Tijl
“ Is onze eigen
dienstverlening
wel op orde?”
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 13
_Ч]M^P[_Ч]M^PZvבCט   vu׉׉	 7cassandra://LYr7XEuFQnQwLsxz_HMgnAcJsdc66Vl_SsMOgKx7BAk Er`׉	 7cassandra://kmNqUcT9HLiqzr903tUEILNjrlTdV6syutIKgWzVEjM`׉	 7cassandra://kDU7Jf0oDIjojyzYm_-Wsa8wH1u3pz6eVdob8LzMJN8A`i ׉	 7cassandra://KQRC6Tg5zQjpt1oCJqXCpaUd9pnHKf2zZAyhqw5rA0w -C͠	_Ч^M^P׉E<sterke overheid
De gevolgen van fossiele brandstoffen zien
wij niet, windmolens wel. Draagvlak krijgen
is daarom lastig. En toch moeten we knopen
doorhakken. Dat is onze verantwoordelijkheid
als overheid.’
Gevraagd naar zijn ideeën over hoe je dat als
overheid op een goede manier doet, zegt Hans:
‘Dat houdt mij erg bezig. Het is belangrijk dat
wij niet bang zijn om op te treden, veel meer
dan we nu doen. Gezien de complexiteit van
de grote vraagstukken waar wij voor staan
vraagt dat ook iets van hoe je je organisatie
inricht. Veel overheidsstructuren stammen nog
uit de vorige eeuw en zijn niet meer passend.
We moeten veel meer in verbinding doen met
de partijen om ons heen. Er zijn altijd meer
partijen betrokken bij een vraagstuk, we doen
het niet alleen als overheid. Je kunt dus ook
niet zomaar een vraagstuk oppakken en ermee
aan de slag gaan. We moeten veel meer vanuit
de opgave werken.’
echt samen optrekken
Die opgave is waar het om draait, merkte
Hans al in eerdere functies. Hij zag alle
overheidslagen van dichtbij: werkte als
directeur Ruimtelijke Ordening bij de gemeente
Amsterdam en op de ministeries van BZK
en Infrastructuur en Milieu voordat hij in
de provincie Flevoland neerstreek. ‘Overal
waar ik heb gewerkt, was er de wil om de
opgave centraal te stellen, en om vanuit
gelijkwaardigheid met partners op te trekken.
Alleen: De praktijk is weerbarstig. Zeker op
het niveau van de rijksoverheid, waar veel
minder gedeelde verantwoordelijkheid is.
Daar staat iedereen voor zijn eigen ministerie.
Bij gemeente en provincie is dat anders, daar
delen we de verantwoordelijkheid in het
college en de gedeputeerde staten. We nemen
samen besluiten en bevragen elkaar kritisch.’
14 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
In Flevoland is dat heel tastbaar, merkt Hans.
‘Wat ik hier heel interessant vind, is de sterke
makers- en pioniersmentaliteit. Het zit in het
DNA van de Flevolanders om de handen uit
de mouwen te steken. Dat helpt heel erg bij
vraagstukken waarbij je de opgave centraal wilt
stellen. We ervaren sterk dat we het echt met
elkaar moeten uitvinden.’
Het is dé opdracht aan de overheid van de
toekomst, meent Hans. ‘Als wij het als overheid
goed doen, dan houdt dat in dat we onze
vraagstukken oppakken sámen met andere
partijen en belangengroepen. Wij zijn niet
de dominante speler. Je wint de wereld als je
het samen doet. En dan bedoel ik meer dan
participatie alleen, andere partijen moeten
echt een partner in de transitie zijn. De
overheid moet daarin wel de leiding nemen.
Als ik kijk naar de twee grote uitdagingen die
ik noemde – ons democratische stelsel en het
klimaat – dan is de overheid daar de hoeder
van. Wij hebben een unieke taak en opdracht
die vraagt dat we beslissingen durven nemen,
dat we pionieren én dat we fouten durven
maken.’
•
Dit interview is verschenen in november 2020
׉	 7cassandra://kDU7Jf0oDIjojyzYm_-Wsa8wH1u3pz6eVdob8LzMJN8A`i _Ч]M^P\׉EOGerard Bakker, Hoofddirecteur Dienst Justitiële Inrichtingen
04
‘ de samenleving
verdient het
dat we als één
overheid werken’
Als hoofddirecteur van Dienst Justitiële Inrichtingen staat Gerard Bakker soms ‘met zijn
poten in de klei’. Net zoals ten tijde van de vluchtelingencrisis toen hij bestuursvoorzitter
was van het COA. Hij ziet dagelijks van dichtbij voor welke complexe uitdagingen
uitvoeringsorganisaties in het publieke domein staan. ‘Daarbij moeten we beseffen: het
maakt de burger niet uit wíe zijn problemen oplost, áls ze maar worden opgelost.’
Gerard Bakker
_Ч]M^P]_Ч]M^P\vבCט   vu׉׉	 7cassandra://gfL_0iUN6dSL0wPNWkYy7lIQCKsfinDff-EF6TsB7xQ ?C`׉	 7cassandra://Xu6Xh-xiRPTiO9tWcZ58ChiruzxSLkzirgLhlYu7FdI6`׉	 7cassandra://lIle1FKrYIVsc6CfDbRdV5BsRsD2y025Lyy655v8844=M`i ׉	 7cassandra://9vbY6A_c4NOvMKYKX-O9QyKVaNdXsrCwX0tMN6IT3DY͠	_Ч_M^P׉Esterke overheid
Het was het jaar 2015 toen Nederland
plotseling overspoeld werd door vluchtelingen.
Als bestuursvoorzitter van het COA moest
Bakker snel schakelen. ‘Gewoonlijk openden we
een AZC in een aantal maanden. Nu moesten
we soms per week vijf of zeven AZC’s openen
om de stroom op te kunnen vangen. Wat we
toen hebben gedaan is met provincies en
gemeenten om tafel gaan zitten in plaats van
met gemeenten alleen. Door op verschillende
bestuurslagen samen te werken bereikten
we veel meer.’ Het toont voor hem aan wat
er, naast urgentie, nodig is om slagkracht te
ontlokken in complexe opgaven: ‘Dat is het
opgavegericht werken, het doel centraal
stellen. Dat is altijd belangrijker dan de
instituties vooropzetten.’
caleidoscoop
Dat vraagt iets van leiders in het moderne
publieke domein, zegt Bakker, die promoveerde
in de criminologie en in 2017 werd uitgeroepen
tot Overheidsmanager van het jaar. ‘Ik zie
twee basisvaardigheden, te weten externe
oriëntatie en werken vanuit meerdere
rationaliteiten. Ik vergelijk het wel eens met de
caleidoscoop van een kind. Vraagstukken moet
je niet alleen vanuit je eigen domein bezien,
maar van alle kanten bestuderen: juridisch,
economisch, sociologisch... Als je dat doet,
ontstaat een integrale en daarmee een meer
structurele aanpak van problemen. De burger
is er bovendien bij gebaat als je verschillende
instituties betrekt, als je over de schutting van
je eigen organisatie heen kijkt. Sterker nog: als
je niet als één overheid werkt dan begrijpt de
burger het niet meer. Het enige wat de burger
doet is vragen om een oplossing, het maakt
hem niet uit op welke manier dat gebeurt.’
De aanpak die hij beschrijft, kan beter, denkt
Bakker. ‘Anders kan ik de enorme toename van
boze burgers niet verklaren. De gele hesjes,
de boze boeren, de corona-ontkenners en in
mijn COA-tijd de oproerkraaiers bij de komst
van een AZC: ze houden mij enorm bezig. Er
is echt iets aan de hand. Tegelijkertijd moeten
we de silent majority niet vergeten. Tweederde
van de bevolking vond het destijds heel goed
dat we die vluchtelingen opvingen. Maar daar
hoor je niks over. In het algemeen denk ik dat
het helpt als we kunnen uitleggen wat we
aan het doen zijn en waaróm we dat aan het
doen zijn. De samenleving heeft recht op zo’n
overheid. Publieke leiders zouden daar wel wat
zichtbaarder in mogen zijn.’
uitvoeringsorganisaties voorop
De kunst is om te kijken hoe je de interactie
beter doet. Uitvoeringsorganisaties kunnen
daar een voortrekkersrol inspelen. ‘Een goed
voorbeeld vind ik DUO, het agentschap van
het ministerie van onderwijs. Zij werken met
een platform van studenten om te toetsen of
de maatregelen die zij nemen werken in de
praktijk.’ Binnen zijn eigen Dienst Justitiële
Inrichtingen streeft Bakker ook voortdurend
naar slimme en breed gedeelde oplossingen.
‘Als iemand bij ons in detentie zit, komen de
reclassering en de gemeente vanaf de eerste
dag bij ons binnen de muren. Wij zien detentie
niet als een onderbreking van de deelname
van mensen aan de maatschappij, maar als
een voortzetting daarvan. Om te zorgen dat
iemand na detentie op het rechte pad blijft,
werken we aan een aantal basisvoorwaarden
zoals werk, zorg en huisvesting. Daar hebben
we onze ketenpartners echt bij nodig, want
terugdringen van recidive is en blijft een enorm
grote uitdaging. Dit is zo’n wicked problem
waar opgavegericht werken een oplossing kan
bieden.’
16 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
׉	 7cassandra://lIle1FKrYIVsc6CfDbRdV5BsRsD2y025Lyy655v8844=M`i _Ч]M^P^׉E5sterke overheid
druk op de uitvoering
Als het aan Bakker ligt, hebben de
uitvoeringsorganisaties van de toekomst het
opgavegericht werken omarmd en verstaan
managers in het publieke domein de kunst
van het verbinden. ‘Ook weten die managers
wannéér ze het opgavegericht werken
inzetten. Het hoeft namelijk niet altijd en bij
alle vraagstukken. Als ik de Dienst Justitiële
Inrichtingen weer als voorbeeld neem: het
insluiten van gedetineerden is een heel
eenduidige taak, daar is weinig discussie over
mogelijk. Het gaat me om de ingewikkelde
problemen, de vraagstukken die van zichzelf
al complex zijn en vaak ook nog met andere
vraagstukken samenhangen. Als manager
in het publieke domein moet je in dit soort
kwesties de stip op de horizon durven zetten.
Een meerjarenplan vaststellen. Dat is lastig
gezien de politieke dynamiek, merk ik. Maar
die mindshift is wel nodig, en ik zie dat daar
ook meer aandacht voor komt. De ministeriële
commissie uitvoering die het kabinet heeft
ingesteld ís er omdat het kabinet de waarde
van de uitvoering onderkent, en bovendien
beseft dat de druk op de uitvoering groot
is. Als iemand die altijd met een been in de
uitvoering heeft gestaan, kan ik dat alleen maar
toejuichen.’
•
Dit interview is verschenen in november 2020
Foto DJI
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 17
_Ч]M^P__Ч]M^P^vבCט   vu׉׉	 7cassandra://QuE3Ss4kI4IxumJcbxZmbJwr2Sdu9JUnu_MF6lYCz0s u`׉	 7cassandra://LPVl3zPfkwFvTWBx9W61nLB2kUZbBrD2gM3GGijedw4d`׉	 7cassandra://VkKbDpv8jCbdQRHbs9YT6CWf0lKnzzOubcEowYPltvs>-`i ׉	 7cassandra://20RqlaGUk8ovzXHUl72zUXOtK4BzxBZLoU4YEHQkRsI P$͠	_Ч_M^P׉E	05
Patrick Spigt, afdelingsmanager Informatievoorziening Haarlem,
en Bas de Boer, innovatiemanager Haarlem
‘ de enige weg is die
van een digitale
overheid’
Een overheid die digitalisering omarmt en niet als noodzakelijk kwaad ziet. Het is de grote
wens van Patrick Spigt en Bas de Boer, beiden werkzaam voor de gemeente Haarlem. ‘En
niet omdat wij ICT toevallig zo leuk vinden, maar omdat het simpelweg noodzakelijk is om
als overheid te functioneren, en het vertrouwen van de burger te behouden.’
Patrick Spigt is in Haarlem afdelingsmanager
Informatievoorziening en zijn collega Bas de
Boer innovatiemanager. Uit hun bevlogen
verhaal valt op te maken dat Haarlem in
gemeenteland zeer actief is waar het gaat om
digitalisering en automatisering. Patrick en Bas
zijn belangrijke aanjagers in dat proces. Patrick:
‘We steken veel energie in het meekrijgen van
ons bestuur en de directies. Daar zit een grote
uitdaging.’
Een uitdaging die ze graag oppakken. Met
een groep pioniers van binnen de organisatie
ontwikkelden Bas en Patrick een aantal
concrete cases. Vijf daarvan presenteerden
ze aan het stadsbestuur. Patrick: ‘Het zijn
soms relatief kleine innovaties, maar juist die
hebben uiteindelijk wel impact. Een van die
cases is government as a platform op lokaal
niveau. Wij bieden op MijnHaarlem veel
dienstverlening via één portaal aan. Het portaal
is nog in ontwikkeling, maar ons uitgangspunt
is dat de inwoner centraal staat bij alles
18 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
wat er op dat portaal gebeurt. Als een kind
geboren wordt, zouden de ouders tegelijkertijd
aangifte moeten kunnen doen, de kraamzorg
én het consultatiebureau regelen. Het is veel
logischer om dat gebundeld aan te bieden. Een
ander voorbeeld is de samenwerking tussen
gemeenten op het gebied van waardepapieren.
Kijk naar Haarlem: daar worden nu nog 15.000
papieren uittreksels per jaar verstrekt. Zestig
procent van die mensen komt daadwerkelijk
naar de hal. Waarom bied je zoiets niet digitaal
en 24 uur per dag aan? Dat kan je op nationaal
niveau 200 fte schelen.’
Ook een mooi voorbeeld, zegt Bas, is de case
van de onvolledige webformulieren. ‘Een flink
aantal webformulieren voor gemeentelijke
afdelingen blijkt onjuist of onvolledig ingevuld
te zijn. Dat leidt tot meer mail, post en
telefoontjes, omdat de mensen die vastlopen
gaan bellen of mailen. Onze aanname is dat je
veel bespaart als je de webformulieren minder
foutgevoelig maakt.’
׉	 7cassandra://VkKbDpv8jCbdQRHbs9YT6CWf0lKnzzOubcEowYPltvs>-`i _Ч]M^P`׉E#sterke overheid
Patrick Spigt
Bas de Boer
Dat digitalisering en automatisering hun
gemeente veel te bieden heeft, hoef je
hen niet uit te leggen. Patrick vertelt: ‘In
Haarlem investeren wij in digitalisering
en automatisering. In een tijd waarin de
gemeentefinanciën zwaar onder druk staan
is dat superbelangrijk. Het betekent namelijk
dat je tijd, ruimte en financiën overhoudt voor
overheidstaken die je niet kunt digitaliseren.’
Een digitaal georiënteerde overheid klinkt
simpeler dan het is, ervaren Patrick en Bas
in de praktijk. Zo vertelt Patrick: ‘Los van
de koudwatervrees van de beslissers, lopen
we tegen verschillende uitdagingen aan.
Om een belangrijke te noemen: De huidige
wetgeving. De regels moeten echt simpeler. In
gemeenteland zijn we er helemaal aan gewend
geraakt om uitzondering op uitzondering te
stapelen. Met als gevolg dat de afstand tussen
de juridische wereld en de echte wereld alleen
maar groeit.’
Bas voegt daaraan toe: ‘Ook hebben we er
last van dat de techniek waarmee we werken
ons niet kan bijbenen. Dat heeft te maken
met de legacy van de organisatie. We werken
hier met verouderde systemen, vaak log en
veelomvattend. Die systemen zijn niet flexibel,
en mensen durven ze eigenlijk niet aan te raken
omdat we ze zelf flink hebben opgetuigd. Zo
houden we aan de achterkant iets overeind wat
we eigenlijk niet willen.’
Daarnaast willen ze liefst de interne verkokering
doorbreken. ‘Gemeenten werken nog erg
gesegmenteerd, met per domein soms zelfs
hun eigen ICT-afdeling. Dat is ouderwets en niet
erg klantgericht. Government as a platform, de
één-overheidgedachte zoals je die bijvoorbeeld
in Estland en het Verenigd Koninkrijk ziet, heeft
in Nederland nog geen voet aan de grond
gekregen. Hoe mooi is het als je als burger met
één overheid communiceert, en dat het niet
uitmaakt of je het RIVM, de Belastingdienst of
de gemeente nodig hebt? Zo’n systeem zet de
burger centraal, maar bovendien laten landen
die zo werken zien dat het enorm veel geld
bespaart’, aldus Bas.
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 19
_Ч]M^Pa_Ч]M^P`vבCט   vu׉׉	 7cassandra://kZevBmq0B-PMJQwVdN4jIvi1R52Rq_P8oZo9HkiMRlY V`׉	 7cassandra://lG6qfNLF4mjqvgBXj5-foXBeqLWNsJM4IIxdzS-hnR8`׉	 7cassandra://RW7ZOaTfRUahzX1Z-j-EdVg2CMNsoTP3kq8-yjR4lq8D`i ׉	 7cassandra://GO5ZHqibzUPpp6g6HELP4NpqOE0wQiv0QkhGk8n6aAE@*͠	_Ч_M^P׉E)sterke overheid
Voor zo’n overheid is het nodig om van
elkaar te leren. ‘Nu zie je bijvoorbeeld dat
gemeenten veel beleidsvrijheid hebben,
waardoor sommige dingen op 355 manieren
worden georganiseerd’, zegt Patrick. ‘Terwijl
bijvoorbeeld het lenen van een rolstoel in
Limburg hetzelfde is als bij ons in Haarlem.
Ik zie daar in de komende jaren ruimte voor
verbetering. Al was het maar omdat we het
simpelweg niet kunnen betalen om alles op
onze eigen manier in te richten.’
Bas en Patrick steken er veel energie in om
hun visie op digitalisering zo goed mogelijk te
laten landen in de Haarlemse praktijk én in hun
gesprekken met andere gemeenten. Bas: ‘We
moeten wel. Over vijf jaar wordt 50 procent
van ons bruto binnenlands product bepaald
door digitalisering. Ik zie een noodzaak om hier
volop in te investeren.’
geen big bang
En dat vraagt dus om een slimme strategie,
zegt Patrick. ‘De slag naar een digitaal goed
uitgeruste gemeente is er een van de lange
adem en de juiste stappen. Wij steken veel
effort in het wegnemen van de angst voor
digitalisering bij onze leiding. Het besef moet
indalen dat ‘zo hebben we het altijd gedaan’
geen argument is. Daarnaast oefenen wij veel
in het klein. Juist vanwege de complexiteit die
we in dit werk tegenkomen. Het helpt als we
de dingen gefaseerd doen. Big bangs geven
onrust, dat vermijden we liever. En wat heel
belangrijk is: de juiste mensen betrekken.
Zowel mensen van buiten als van binnen de
organisatie.’
In het ideale plaatje van Patrick en Bas heeft
de overheid zelf de regie op digitalisering en
werkt zij daarvoor nauw samen met partijen
20 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
in de stad, waaronder de burger. ‘Volgens ons
bestaat het nieuwe ambtenaarschap uit het
benutten van het externe netwerk. Een goede
ambtenaar weet dat de kennis bij de ander
ligt. Maak gebruik van het sociaal kapitaal in de
stad. Simpel voorbeeld: wij nodigden een paar
jaar geleden een aantal ICT-studenten bij ons
uit voor een broodje, vlak voor hun afstuderen.
Wat bleek? In hun opleiding komt de rol van
ICT bij de overheid helemaal niet aan bod.
Terwijl hier waanzinnig veel mogelijkheden
liggen. Twee van die studenten werken hier
inmiddels.’
Bas en Patrick zijn zichtbaar enthousiast over
de manier waarop ze digitalisering in Haarlem
bij de beleidsmakers op de agenda hebben
gekregen. ‘We hebben de eerste vijf cases
gepresenteerd, maar we hebben nog veel
meer in petto’, lacht Patrick. Bas voegt daaraan
toe: ‘Het proces om tot deze cases te komen
is bovendien heel leerzaam en interessant.
We zijn organisatiebreed op zoek gegaan
naar mensen met een open mind, mensen
die wel willen veranderen. Met die mensen
zijn we, heel bottom-up, gaan brainstormen.
Uiteindelijk waren er veel verschillende
mensen betrokken, en kregen we de ruimte
om binnen de kaders de randen op te zoeken.
Dat leidde tot mooie dwarsverbanden. In een
case over thuiswerken sloegen HR en facilitair
de handen ineen. We zagen dat het veel
energie geeft om samen die stappen te zetten.
Wij gaan hier dus mee door. Als wij elk kwartaal
mooie ideeën hebben die de gemeente
Haarlem daadwerkelijk iets opleveren, dan
krijgen we de rest van de organisatie wel
met ons mee. Als het nodig is doen we dat
net zo lang tot digitalisering geen vies woord
meer is.’
•
Dit interview is verschenen in december 2020
׉	 7cassandra://RW7ZOaTfRUahzX1Z-j-EdVg2CMNsoTP3kq8-yjR4lq8D`i _Ч]M^Pb׉Eempathische overheid
06
Ahmed Marcouch, Burgemeester Arnhem
‘ de overheid moet
haar burgers
weer gaan zien’
Als burgemeester van Arnhem staat Ahmed Marcouch midden in de maatschappij. Daar
ervaart hij volop hoezeer het kolkt in onze samenleving. ‘Black lives matter, boze boeren, al
die mensen die de straat op gaan: ze hebben één ding gemeen. Ze voelen zich onzeker over
hun bestaanszekerheid. Ik vind het de taak van de overheid om die zekerheid te bieden.’
De manier waarop Marcouch te werk gaat
kun je typeren als streng maar rechtvaardig.
‘Mijn leidraad is de grondwet. Die helpt mij
om te bepalen waarop ik wel en niet ingrijp. Je
politieke kleur doet er als bestuurder niet toe.
Je hebt de wet en regels uit te voeren met het
belang van de burger voor ogen.’
Marcouch neemt werkgelegenheid als voorbeeld.
‘Ik vind het helemaal niet gek als de
overheid een actieve rol speelt in het creëren
van banen. In de grondwet staat: de overheid
bevordert werkgelegenheid en zorgt voor
de verspreiding van welvaart. Ik had daar
onlangs een interessante discussie over naar
aanleiding van onze schulddienstverlening.
Medemenselijkheid was de insteek van ons
beleid. Ik heb toen gezegd: ‘Maar wij doen
dit niet slechts uit medemenselijkheid. Wij
voeren de wet uit waarin beschreven staat
dat we als overheid moeten zorgen voor
bestaanszekerheid en de spreiding van welvaart.
Ik vind dat een cruciaal aspect van mijn
taak als burgemeester: ik ben de hoeder van de
grondrechten van de inwoners van mijn stad.’
Burgemeester Ahmed Marcouch
de overheid kan ingrijpen
Marcouch vervolgt: ‘De mensen die zichzelf
toch wel redden hoeven we niet aan de hand
te nemen. Wij zijn er voor hen die er op eigen
kracht niet komen. Een groep waarover ik me
zorgen maak zijn jonge mensen van rond de
30. Veel van hen hebben nog nooit een echte
baan gehad, hoppen van flexcontract naar
flexcontract en wonen noodgedwongen vaak
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 21
_Ч]M^Pc_Ч]M^PbvבCט   vu׉׉	 7cassandra://gAXRnOnwFqsGufRijrONJnHPtNivbZdKS1teN2AJwkU 5`׉	 7cassandra://LtKHJPHUoPz-w_rqVuerhZPCfAjL0sBureY5ycbEZzE`׉	 7cassandra://G1J8liJs8bvCo2LktOf-J-0zvbP8Wol9ytG-U_TT4aQF:`i ׉	 7cassandra://WKLaobze0HSx3GDqhtc5i76WM6IOfnecQMYyjWDOylk :͠	_Ч`M^P׉Eempathische overheid
nog thuis. In die groep raken veel mensen door
de coronacrisis nu hun baan kwijt. Als overheid
kun je daarop ingrijpen. Door betaalbare
woningen te bouwen, werk te creëren en
mensen om te scholen.’
‘Te lang hebben we onze maatschappij overgelaten
aan de vrije markt’, zegt Marcouch
stellig. ‘Maar wat we zien is dat die vrije markt
niet altijd werkt. De afgelopen maanden waren
illustratief. Toen we ineens mondkapjes nodig
hadden, waren we aangewezen op de Chinese
markt. Er wordt in Nederland bijna niks meer
geproduceerd. Het is hoog tijd dat we de maakindustrie
herwaarderen. Genoeg mensen
die morgen aan de slag zouden kunnen.
Het is ook zuur dat gemeenten zoiets als de
reinigingsdiensten of parkeerbeheer in de vrije
markt hebben ondergebracht. Juist daar kun
je als overheid zelf je banen creëren voor een
belangrijke doelgroep.
Maar dat niet alleen: blijkbaar hebben we
onszelf de afgelopen jaren onvoldoende de
22 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
vraag gesteld: welke banen hebben we in
Nederland echt nodig? Welke vaardigheden
komen we tekort? Dat is in de zorg, en op
straat. Juist de sectoren waar we ons als
overheid de afgelopen jaren op hebben teruggetrokken.
Laten we onderwijs organiseren
met veel perspectief op een baan, laten
we mensen omscholen en ervoor zorgen
dat werkgelegenheid en het aanbod van
arbeidskrachten op elkaar aansluiten.’
aan het werk
Want werk is waanzinnig belangrijk, vindt
Marcouch. ‘Als mensen hier aan het loket
komen voor een uitkering dan geef ik ze liever
een baan dan geld. Dat heb ik heel erg van huis
uit meegekregen. Mijn vader zei altijd: Als je
de schouders van eens stier hebt en de knieën
van een paard, dan ga je toch geen uitkering
aanvragen? Mensen moeten aan het werk. Niet
per se om veel geld te verdienen, maar om
ervoor te zorgen dat ze hun hand niet hoeven
op te houden. Dat laatste is onmenselijk. En de
׉	 7cassandra://G1J8liJs8bvCo2LktOf-J-0zvbP8Wol9ytG-U_TT4aQF:`i _Ч]M^Pd׉Eempathische overheid
Arnhem, Fotografie Jos Zwaan
kracht en de filosofie van de verzorgingsstaat is
dat we mensen vrijwaren van onmenselijkheid.
Ik herinner me de Melkertbanen. Daar werd
in mijn ogen onterecht lelijk over gesproken.
Maar dat principe was precies wat ik bedoel:
geen uitkering, maar een baan.’
Om de kwetsbare en andere bezorgde burgers
de bestaanszekerheid te bieden waar ze zo
naar snakken, moet er wel snel iets gebeuren,
vindt Marcouch. ‘Want zoals we al vaststelden:
het kolkt. Het zijn precies deze mensen die zich
roeren, die de straat op gaan, die het zat zijn. Ik
heb daar wel begrip voor. Ze zien om zich heen
allemaal mensen die knallen, en jij wilt wel en
doet je best, maar loopt altijd achter de feiten
aan. Dat doet iets met je. En ondertussen
dreigen wij als overheid het vertrouwen van
die mensen te verliezen. We laten zaken te veel
op hun beloop, zijn niet meer echt betrokken.
Veel te vaak zeggen we ‘daar ga ik niet over’,
omdat we onze diensten zo bureaucratisch
hebben ingericht. Dan krijg je kafkaëske
taferelen. En dat gebeurt over de volle breedte.
Ik maak het zelf mee met onze verpleeghuizen.
Als burgemeester wilde ik weten hoe het
er in coronatijd voorstond in de Arnhemse
verpleeghuizen, het zijn immers mijn burgers.
Formeel gaat de inspectie daarover. Voor mij
houdt het daar echter niet bij op.’
draagvlak voor solidariteit
‘Wat ik wil is dat we de mensen weer gaan
zien, niet de cijfers en statistieken. Ik wil
onze inwoners bij naam en toenaam kennen.
Alleen als je elkaar kent wordt het draagvlak
voor solidariteit groter. Dat is hard nodig. We
staan voor ongekende uitdagingen die we met
elkaar, ongeacht onze politieke kleur, moeten
aanpakken. Laten we hopen dat de coronatijd
ons heeft geprikkeld om dingen anders te
doen. Om er samen uit te komen. Dat zou voor
mij de mooiste nalatenschap aan toekomstige
bestuurders zijn.’
•
Dit interview is verschenen in november 2020
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 23
_Ч]M^Pe_Ч]M^PdvבCט   vu׉׉	 7cassandra://LiABbwDwSuCS4KEO2TbPHLEtwa9X04A9yyzx6PRFdMg `׉	 7cassandra://aA8tFrztpYq89X6KjaqOL_Z0Gemj12bY34LmSq4kNp4ͦ`׉	 7cassandra://vR1q5Ex6-2cTSul41erjmeRjV2zRMziTxOp1S6mqh5g1H`i ׉	 7cassandra://sZ3jbZPhWN46KrWrRNHpvEd307cSBaadxq303L8q7n0 a͠	_Ч`M^P׉E
_07
Joke Goedhart, Secretaris directeur Hoogheemraadschap de Stichtse Rijnlanden
‘ een goed gesprek
levert vaak meer op
dan een nota’
Meer aandacht voor mensen, minder voor regels. Heel simpel gezegd is dat de uitdaging
die Joke Goedhart zichzelf gesteld heeft in haar rol als secretaris directeur bij Hoogheemraadschap
de Stichtse Rijnlanden. ‘Ook in deze tijd liggen er kansen om de leefwereld
meer leidend te laten zijn’, vertelt ze.
Het heeft veel tijd nodig, lacht Joke. Ze is al
bijna zeven jaar aan de slag bij het Hoogheemraadschap
en nog altijd vindt ze het soms een
‘worsteling’ om de hiërarchie en de cultuur van
regels te doorbreken.
‘Gelukkig ben ik van nature een optimist.
Dus ik zie langzaam maar zeker toch zaken
veranderen.’ Vooropgesteld: Joke is geen
voorstander van het veranderen om het
veranderen. ‘Nee, dat niet. Het is meer: ik zie
dat zaken beter gaan als je de luiken openzet.
Als je de medewerker en zijn talent centraal
stelt. Als je de opgave centraal stelt en niet
de regels. Als je contact zoekt met de mensen
voor wie je het doet. De spanning tussen de
systeemwereld en de leefwereld, die houdt
me al bezig zolang ik ambtenaar ben.’
flexibele overheid
Om de leefwereld in de hoofden van ‘haar’
mensen te krijgen, is Joke eerst vooral intern
aan de slag gegaan. ‘Ik moet zeggen dat we
steeds beter slagen in een andere manier
van organiseren. Daar ben ik trots op, want ik
moest door een behoorlijk traditionele manier
van denken en werken breken.’
24 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
‘Mensen zeiden soms: jeetje, wat ben jij toch
met die organisatie bezig. En dan antwoordde
ik: Ja, maar als je als organisatie niet weet
voor welke waarden je staat, wat heb je dan
in de buitenwereld te vertellen? Als je alles
in regeltjes giet, dan ben je toch ook niet de
vrolijke medewerker die buiten de deur de
flexibele overheid vertegenwoordigt? Terwijl
dat wel mijn ideaalbeeld is. De huidige tijdgeest
vraagt erom. De overheid weet echt niet overal
het antwoord op. We moeten het hebben van
‘samen met’.’
Joke noemt het tegengaan van bodemdaling
in het veenweidegebied als voorbeeld van
zo’n flexibele overheid. ‘In die opgave heeft
het waterschap bewust veel effort gestoken
in het gesprek met de boeren. Het gaat om
hun toekomst. We zijn behoorlijk geslaagd in
het samen optrekken. Dat gaf een fantastisch
resultaat.’ In andere dossiers kan dat
stroever lopen. ‘Wij zijn nu eenmaal ook een
overheid die eigenstandig taken uitvoert of
de handhaver is. Dan is het soms lastig om
het goed te doen. Als je overlast veroorzaakt
bij bijvoorbeeld de zuivering van afvalwater,
׉	 7cassandra://vR1q5Ex6-2cTSul41erjmeRjV2zRMziTxOp1S6mqh5g1H`i _Ч]M^Pf׉E Uempathische overheid
Joke Goedhart
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 25
_Ч]M^Pg_Ч]M^PfvבCט   vu׉׉	 7cassandra://tkCor942uPDdWwXvwOtF-EIc3qlONJ65oTVnC5uuyJQ 	`׉	 7cassandra://G223ljS006DJKab2AdUmctR87B624lBWFW6d550eGBw YF`׉	 7cassandra://Vg4l2GMJ_GHvuS530NKzFQjKpLJM0i03v9mGylAiSwsc`i ׉	 7cassandra://p84sXtb7QDklyXxt7NJrpEiBjNRhuiDRpZ7gcXPXZ0s 	;U͠	_Ч`M^P׉Eempathische overheid
of je kan de droge voeten bij hevige regenval
niet garanderen, dat sta je met 1-0 achter. Het
gaat erom dat je als organisatie onderkent
dat je verschillende rollen hebt, die je op
verschillende manieren kunt invullen.’
gewoon vertellen
De vraag is hoe je medewerkers toerust op
die verschillende rollen. ‘Dat is soms lastig’,
beaamt Joke. ‘Het heeft met zelfbewustzijn en
zelfvertrouwen te maken. Waar ik veel baat bij
heb, is om tegen medewerkers te zeggen: als je
een goed idee hebt, kom het me dan gewoon
vertellen en schrijf geen nota. De reflex
om alles op papier te willen zetten is bij de
overheid heel groot. Terwijl: papier is geduldig,
het dwingt niet tot actie. Voor mij is het
belangrijk om te weten waarom we iets willen
doen. Daar ga ik graag het gesprek over aan en
dan kom ik graag werkendeweg tot resultaat. Je
hoeft mij niet van A tot Z te overtuigen, zeg ik
vaak. Ga het maar gewoon proberen. Mensen
hebben daar heel erg aan moeten wennen.’
Dat komt, denkt Joke, doordat de overheid
het gelijkheidsprincipe heel hoog in het
vaandel heeft staan. ‘De blinde reflex is: wat
zijn de regels? Als je bij de overheid komt
werken, word je bij de poort als het ware
overgoten met een ambtenarensausje. Dat
geeft misschien zekerheid en houvast. Maar
waarom zou alles voor iedereen hetzelfde
moeten zijn, als niemand hetzelfde ís? Met het
goede gesprek en de menselijke maat kom je
verder. Waarbij je overigens soms ook moet
constateren dat niet iedereen bij de overheid
of het Hoogheemraadschap past.’
׉	 7cassandra://Vg4l2GMJ_GHvuS530NKzFQjKpLJM0i03v9mGylAiSwsc`i _Ч]M^Ph׉Eempathische overheid
dealen met onzekerheid
Het vraagt om lef, het ‘tegendraadse
management’ van Joke. ‘Misschien wel een
beetje’, lacht ze. ‘De vraag is: hoe ver durf je te
gaan in het centraal stellen van de leefwereld?
En kun je dealen met onzekerheid? Nou, ik wel,
maar het blijft een worsteling en een blijvende
zoektocht naar het juiste evenwicht. Kaders
heb je immers altijd, maar die kaders kun je
oprekken, of de ruimte binnen die kaders
pakken. Ikzelf kies ervoor om de kaders wat te
vervagen.’
De effecten van de coronacrisis lijken op het
eerste gezicht op de hand van Joke. ‘Ik zie dat
niet de systeemwereld, maar de leefwereld
momenteel dominant is. Dat maakt dingen
vloeibaar. Ook de digitale transformatie gaat
-weliswaar noodgedwongen - met sprongen
vooruit. Tegelijkertijd heb ik daar zorgen over.
Kantoormensen verliezen de voeling met de
mensen voor wie ze het doen en de mensen
mét wie ze het doen. Op kantoor heb je soms
aan een half woord genoeg. Digitaal is dat
veel lastiger. Ik zie hoeveel energie het kost.
Gelukkig zijn de mensen die bij waterschappen
werken heel adaptief. Het zit in de aard: wij
leven en werken dicht op het water. Dan zit
aanpassing in je genen. Maar toch hoop ik
dat het menselijk contact snel hersteld wordt.
Misschien had je het inmiddels begrepen: de
menselijke maat is de rode draad in alles wat
ik doe. Dat zal ook voor de overheid van de
toekomst blijven gelden.’
•
Dit interview is verschenen in augustus 2020
Waterzuivering, Fotografie Ivan Bandura
_Ч]M^Pi_Ч]M^PhvבCט   vu׉׉	 7cassandra://g0PVS9T2_GyoAhKOn-hFMKylGoDfc2c3xw-3-SV90SI b`׉	 7cassandra://X9oqHr49bA2O7lV_vwjNRE19HljxcQ6c2nKkr-UnmWs`׉	 7cassandra://dszFes7kO5Jxu7BNYrFY_gLhNWoK0rHzpcyzLyuz2hQ;`i ׉	 7cassandra://EOYzSE6jfLctVJn3hKAx7jPckgPD5QX-kqc5E1QzBcE .͠	_Ч`M^P׉E	08
Arne van Hout, Gemeentesecretaris Nijmegen
de overheid van
de toekomst moet
vooral verbinden
Als gemeentesecretaris van Nijmegen maakt hij zich wel eens zorgen over de kloof tussen
overheid en burger, maar ook tussen bevolkingsgroepen onderling. Juist nu. Arne van
Hout merkt dat de verbinding tussen mensen niet meer zo vanzelfsprekend is. ‘In die
verbinding ligt bij uitstek de verantwoordelijkheid voor de overheid van de toekomst. Dat
kun je vrij letterlijk nemen: wij zijn van de samen-leving en scheppen de voorwaarden om
te kunnen samen-leven’, zegt hij.
‘De overheid is straks nog de enige partij die
iedereen tegenkomt’, zo stelt Arne een beetje
somber in een kantoor op het Nijmeegse
stadhuis. Hoewel die somberheid niet in zijn
aard zit, maakt hij zich wel oprechte zorgen
over de manier waarop hele groepen in de
stad met elkaar omgaan. Of eigenlijk: niet
omgaan. ‘Ik zie het voor mijn ogen gebeuren.
Vroeger hielp de katholieke pastoor de
katholieke timmerman met papierwerk als
dat te ingewikkeld was. Dat is niet meer zo.
Mensen leven langs elkaar heen. Zelfs op
sociale media komen ze elkaar niet tegen. Het
gevolg? We zijn het verleerd om met elkaar te
communiceren. En we vinden het gewoon om
onze problemen op het bordje van de overheid
leggen. Kijk, in mijn beleving is de overheid er
om de dingen te regelen die je als individu niet
kunt organiseren. De lantaarnpalen, het afval.
Maar tegenwoordig wordt er veel meer van ons
verwacht.’
het gesprek aangaan
Arne schetst het voorbeeld van het speelplein
bij een school in de stad waar een gloednieuw
appartementengebouw omheen werd
gebouwd. Dat bleek één grote klankkast te
zijn. Als er beneden kinderen aan het voetballen
waren, kon je elkaar op het balkon
niet verstaan. ‘En dus werd er geklaagd over
het lawaai. Dat haalde al snel de pers, waar
het werd geframed als: “mensen gunnen
kinderen het buitenspelen niet”. Wij hebben als
gemeente toen met beide partijen gesproken.
Onze eerste vraag: hebben jullie al met elkaar
gepraat? Dat was niet zo, daar hadden de
mensen geen zin in. Olie op het vuur was dat
ouders hun kinderen vervolgens op zaterdag
om 8 uur ’s morgens met extra veel lawaai
lieten voetballen, als een vorm van protest.
Ondertussen werd het compromisvoorstel waar
collega’s van mij op een heel creatieve manier
mee aan de slag zijn gegaan van tafel geveegd.
Uiteindelijk is er door de rechter een uitspraak
28 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
׉	 7cassandra://dszFes7kO5Jxu7BNYrFY_gLhNWoK0rHzpcyzLyuz2hQ;`i _Ч]M^Pj׉E |empathische overheid
Arne van Hout
Nijmegen, Fotografie Richard Brunsveld
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 29
_Ч]M^Pk_Ч]M^PjvבCט   vu׉׉	 7cassandra://OFCyVPgnV88Ty6MU5xPmy9bYScKR3dCDsjm85z5HwZQ S` ׉	 7cassandra://gmK4pi1Fp8yR73qzJ1Cls04ysvdZosPthcuvgVpnVek`׉	 7cassandra://IrDGetLWGe8q6WnWxTLqbVq6m8wxHIcG-giBCWmptfg;
`i ׉	 7cassandra://txaWylj8KLLDKHWRJRbkWiQlvlOFHpJLGUCek4YNwwẁc͠	_ЧaM^P׉EQempathische overheid
gedaan waar niemand blij mee is. Dit voorbeeld
steekt mij enorm. Het is een ultiem voorbeeld
van hoe het samenleven niet goed lukt.
Waarom gingen mensen daar niet het gesprek
met elkaar aan?’
Arne steekt ook de hand in eigen boezem.
‘Wat er in dit soort gevallen gebeurt, en ik ken
ook voorbeelden uit andere gemeenten, is
dat we als gemeente volledig in de helpstand
gaan zitten. Dat hebben we gewoon laten
gebeuren. Bijna elke gemeente heeft een
‘klantencontactcentrum’, maar wacht eens, die
relatie hébben we helemaal niet met de burger.
Als je erboven gaat hangen en uitzoomt zie je
een gemeente die de hele tijd positie moet
bepalen. Heel ingewikkeld: eigenlijk wil je het
met zijn allen doen, maar je wordt telkens weer
in de rol van scheidsrechter geduwd.’
de overheid aan zet
Daar zou dus iets moeten veranderen, vindt
Arne. ‘Ik zie voor de overheid drie grote
uitdagingen: we moeten een eenheid vormen,
we moeten wendbaar zijn en we moeten
werken in het netwerk. Wat dat laatste betreft:
wij zijn in het netwerk de cruciale spelers, maar
we kunnen het niet alleen. Ik zou graag zien
dat wij mensen het gevoel kunnen geven dat
ze zelf een verantwoordelijkheid hebben, zelf
problemen kunnen oplossen. Er is een roep
om een optredende overheid, bijvoorbeeld
als het gaat over het klimaat, rookbeleid of
gezondheid. Ik denk dat het goed is als wij
de kaders stellen, en dat mensen binnen die
kaders een grotere eigen verantwoordelijkheid
krijgen. Anders gezegd: In het ‘wat’ moeten
we kaderstellend zijn, in het ‘hoe’ zit de
ruimte voor eigen invulling. Bijvoorbeeld
de Omgevingswet wordt nu op die manier
ingevuld.’
30 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
In de praktijk gaat dat stellen van kaders
door de overheid niet vanzelf. ‘Soms zijn
we superkaderstellend, bijvoorbeeld bij het
verstrekken van uitkeringen. Maar soms – en
dat gebeurt juist bij grote maatschappelijke
opgaven – verzanden we in eindeloos
doorpraten. Omdat niemand de knoop durft
door te hakken over de te varen koers. Ik denk
dan bijvoorbeeld aan de energietransitie. Daar
lopen talloze pilots en dat houdt maar niet op.
Een pilot is er volgens mij om te testen of iets
werkt en op basis daarvan afspraken te maken.
Dat dat niet gebeurt komt mede doordat we
iedereen tevreden willen houden. En daar
moeten we dus vanaf. Sterk leiderschap
betekent ook dat je comfortabel kunt zijn met
conflicten.’
sterk leiderschap in crisistijd
Leidinggevenden in Nijmegen doorlopen
een volledig leiderschapstraject onder
begeleiding van Hiemstra & De Vries, juist
om dit soort zaken te leren. ‘En dan kom ik
weer op die verbinding. Die staat centraal
in alle onderdelen van dit traject.’ Met de
huidige coronacrisis was er direct een stevige
aanleiding om met het thema verbinding aan
de slag te gaan. ‘Vanaf het moment dat we niet
meer in het stadhuis kunnen werken, hebben
we speciale aandacht voor verbinding. Dat doe
ik door het management actief op te roepen
met iedereen contact te houden, zeker ook de
stillere collega’s. Daarnaast doen we veel met
filmpjes. Zo doe ik wekelijks een terugkoppeling
van het college met een kort filmpje. Ook
houd ik wekelijks een livestream, waarbij
medewerkers per chat vragen kunnen stellen.
De laatste tijd nodigen we daar ook een gast
bij uit, bijvoorbeeld een toezichthouder of een
collega van de uitkeringen voor zelfstandigen.’
׉	 7cassandra://IrDGetLWGe8q6WnWxTLqbVq6m8wxHIcG-giBCWmptfg;
`i _Ч]M^Pl׉E]empathische overheid
De vaardigheid om verbinding te leggen
zou overal in de organisatie terug moeten
komen. En zeker in het competentieprofiel
van leidinggevenden. Zij moeten in staat zijn
om in het referentiekader van de ander te
stappen.’ En nee, dat is in Nijmegen nog niet
vanzelfsprekend. ‘In de eerste week dat ik hier
werkte overleed iemand van de buitendienst
aan een hartaanval. Ik ben daar toen naartoe
gegaan, naar de keet, om de naaste collega’s
mijn medeleven te betuigen. Dat werd heel
gek gevonden. Begrijp me goed: niet door die
mannen, maar op het stadhuis. Het werd me
zelfs afgeraden. Die verkokering, die begrijp ik
niet. Onze eigen burgemeester notabene geeft
zelf het goede voorbeeld door naar bingoavonden
te gaan. Omdat hij daar het gematigde
midden treft. Je kunt ontmoeting en verbinding
prima zelf organiseren.’
bredere uitdaging
Als voorzitter van het 100.000+-netwerk merkt
Arne dat Nijmegen niet de enige gemeente
is waar problemen rondom verkokering,
communicatie en verbinding spelen. ‘Eerlijk
gezegd is dit het grootste probleem waar
gemeenten tegenaanlopen. Ja, daar hebben we
het vaak over met elkaar.’
‘Gemeenten doen hun best om stappen
te zetten, maar we hebben nog wel een
weg te gaan. Zo zijn we nog te veel langs
traditionele structuren georganiseerd. Het
sociaal domein en fysiek domein zijn nog twee
aparte werelden. Terwijl er genoeg redenen
zijn om die meer met elkaar te verknopen.
Neem een operatie als ‘van het gas af’. Als je
daarmee begint in een wijk waar al veel sociale
problemen spelen, dan krijgen de mensen daar
het gevoel het afvalputje van de stad te zijn.
Dan gaan problemen zich opstapelen.’
Misschien, zo peinst Arne hardop, begint
het doorbreken van de verkokering wel met
het laten indalen van het besef dat je als
ambtenaar ‘overal over gaat’. ‘En niet alleen
over je eigen eilandje. Waar we in Nijmegen
mee aan de slag zijn, is veel meer het sturen
op waarde. Niet op prestatieafspraken. En de
vraag, die je jezelf als ambtenaar altijd moet
stellen is: heb ik verbinding gezocht met de
betrokken partijen?’
de verre toekomst
Verbinding. Het loopt als een rode draad door
het werk van de jonge gemeentesecretaris. Als
hij in de toekomst kon kijken, is dat ook waar
zijn grootste nieuwsgierigheid naar uitgaat.
‘Ik ben heel benieuwd hoe we in de verre
toekomst in deze stad de interactie met elkaar
vormgeven en hoe we naar elkaar omkijken.
Komt er meer sturing op het gebruik van
sociale media? En wat gebeurt er als we dat
niet doen? Ik denk dat we veel baat zouden
hebben bij het snappen en doorgronden
van onze samenleving, eigenlijk een soort
trendwatching. We moeten oog hebben voor
de ontwikkelingen in een stad en alle inwoners
erbij houden: dat is hoe de overheid haar rol in
de toekomst zal moeten invullen.’
•
Dit interview is verschenen in mei 2020
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 31
_Ч]M^Pm_Ч]M^PlvבCט   vu׉׉	 7cassandra://du0GW9eH2KPZje3n0Xn29kurOslhDDHJDiT0AWYLpL8 `׉	 7cassandra://tgWir3cemhvrkF0lml9FMM7kUs7dvwaONzUZuXgTwh8`׉	 7cassandra://pzPEV3eaT4Ht0Kp8jMD0o9V48zYXfoO6zrpaLIX94Pk>`i ׉	 7cassandra://4rg4Zoszm_uLyIGWa0Ghdh9HgpPbLt3uBXd5IDhZlB4͠	_ЧaM^P׉E	09
Willem Krooneman, Wethouder Elburg
‘ een betrokken
overheid boekt
betere resultaten’
De uitdagingen in het sociaal domein zijn ongekend groot. Bezuinigen is in vrijwel alle
gemeenten het devies. In Elburg verknoopten ze het sociaal met het financieel domein.
Wethouder Willem Krooneman is overtuigd van die aanpak: ‘Verbinden geeft het beste
resultaat.’
Een verbinder, dat is Willem Krooneman
ten voeten uit. Dat weet heel Elburg. In de
Veluwse gemeente staat de ChristenUniewethouder
bekend als een man die zich graag
persoonlijk bezighoudt met wat er speelt, ook
als dat relatief kleine onderwerpen zijn. ‘O ja,
ik vind volmondig dat je als bestuurder mag
interveniëren in concrete casussen.’
oprechte aandacht
Dus belt hij op gezette tijden met het echtpaar
met een chronisch ziek kind om te horen wat
er speelt en of hij als wethouder nog iets kan
betekenen. ‘Of ik ga praten met een inwoner
wiens aanvraag voor een invalidenparkeerkaart
is afgewezen. Als mijn ambtenaren zeggen:
“valt niet binnen de regels”, dan denk ik vaak:
Ik ga toch even om de tafel. Misschien zijn er
wel alternatieven. Dat wordt meestal zo
gewaardeerd dat de vraag of klacht vaak meteen
wegvalt. Oprechte aandacht geven helpt.’
Niet alleen met inwoners, ook met samenwerkende
partijen zit hij graag om tafel. ‘Zowel
formeel als informeel. Mijn boodschap is dan
32 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
niet: jullie moeten me helpen, maar: ik heb
jullie nodig. Dat geeft meteen een heel ander
gesprek. En het is trouwens echt zo, we zijn
partners. Ik spreek veel met het Centrum
voor Jeugd en Gezin, de huisartsen, maar
ook met de hervormde stichting jeugd- en
jongerenwerk. Dat is in Elburg een partij met
veel ervaring en expertise en heeft daarmee
een belangrijke rol in het voorveld. En ja, dan
zitten er dus partijen bij elkaar met een heel
verschillende achtergrond. Maar door te kijken
naar wat er wél gemeenschappelijk is, lukt het
altijd om de verbinding te maken.’
Willem beseft dat hij als wethouder alleen
maar zo te werk kan gaan, omdat hij in een
kleine gemeente werkt. ‘Ik begrijp dat mijn
aanpak in een grote stad niet altijd kan.
Maar die empathische overheid, die heeft
wel de toekomst. Daarvan ben ik overtuigd.
Als wethouder moet je het dan dus aan je
ambtenaren overlaten om zo te werk te gaan.
Luister naar mensen, neem de tijd voor ze.
Wat niet betekent dat je altijd meeloopt met de
inwoner, want als het moet praat ook ik met
׉	 7cassandra://pzPEV3eaT4Ht0Kp8jMD0o9V48zYXfoO6zrpaLIX94Pk>`i _Ч]M^Pn׉E5empathische overheid
“ Ik zit strak op de inhoud
met oog voor het geld,
mijn collega zit op het geld
met oog voor de inhoud”
gezag en overwicht. En als het moet, maak ik
een keuze. Maar ook dan is de vraag hoe je
die keuzes laat landen bij de inwoners.’ Willem
geeft een voorbeeld. ‘Uit bezuinigingsoogpunt
hebben wij de kampioenenhuldiging geschrapt.
Pijnlijk. Maar door een voorgesprek te hebben
met de betrokkenen en het dilemma voor te
leggen, ontstond er toch begrip. Zo hebben we
dat besluit toch op een goede manier kunnen
nemen.’
keuzes maken
Dilemma’s. Dat is precies waar gemeenten in
deze tijd van grote bezuinigingen tegenaan
lopen. ‘We moeten keuzes maken, en dat is
niet eenvoudig. In Elburg stond de afgelopen
tijd de vraag centraal: hoe wil je die keuzes
maken? Hiemstra & De Vries heeft ons daar
erg bij geholpen. Uitgangspunt is dat we voor
een structurele oplossing gaan. De eerste
stap was het met elkaar verknopen van het
sociale en het financiële verhaal. En dat heeft
echt zweetdruppels en tranen gekost. Voor
de ambtenaren uit het sociaal domein bleek
het vreselijk moeilijk om rigoureuze keuzes te
maken. Zo hadden we een dilemmadiscussie
over vraagstukken als: Gaan we akkoord met
wachtlijsten? Gaan we akkoord met ‘nee’
zeggen bij de poort? Die ambtenaren konden
dat niet over hun hart verkrijgen. Dus uit al die
dilemma’s rolde een weifeling: Doe dat maar
niet, want dat levert zoveel problemen op,
zeiden de ambtenaren dan. Waarop Financiën
uiteindelijk verzuchtte: zo werkt het natuurlijk
niet.’
omdenken
Om de patstelling te doorbreken koos Elburg
voor een heel andere benadering. ‘We hebben
het omgedraaid. We hebben niet gezegd: We
hebben nu 7 miljoen, maar we gaan naar 6
miljoen. Maar: Stel je hebt 6 miljoen euro om
Willem Krooneman
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 33
_Ч]M^Po_Ч]M^PnvבCט   vu׉׉	 7cassandra://cUGbVz3MZcaZL4wbUdPbKOwZ6nlOycgy2IoZIVZpOhU <`׉	 7cassandra://ckPd_9wjgYfM4kmLAnR_LJL1FgosaqvAqTVON2ivKfM؈`׉	 7cassandra://yZX3pAYhIkH9zEj4HkAXNhY3ICudF5nnm9fAz1othEkF`i ׉	 7cassandra://mITupFr4gorMFCGURvs40Zuq9mLw1QafkbfKyn4o5eo *͠	_ЧaM^P׉Eempathische overheid
׉	 7cassandra://yZX3pAYhIkH9zEj4HkAXNhY3ICudF5nnm9fAz1othEkF`i _Ч]M^Pp׉Eempathische overheid
het sociaal domein in te richten. Waar ga je dat
allemaal aan uitgeven? Met die insteek zijn we
nu een half jaar bezig en je ziet dat het kwartje
begint te vallen. Het helpt ook dat we iemand
hebben aangenomen die de verbindende
schakel tussen de twee domeinen is. Hij zit
boven op deze transformatie.’
Wat verder helpt bij de Elburgse aanpak is
de verstandhouding tussen de wethouder
Financiën en de wethouder Sociaal Domein.
‘Ik zit strak op de inhoud met oog voor het
geld, mijn collega zit op het geld met oog
voor de inhoud. Dat weten wij van elkaar,
we hebben elkaar nodig om verder te komen.
Dat is de ultieme vorm van verbinding.’
De ‘mensenmens’ Willem Krooneman is in
Elburg op zijn plaats, zoveel is zeker. ‘In een
grotere gemeente zou ik niet aarden. Ik ken
hier alles en iedereen. Ik ga langs op scholen,
naar de sportvelden. Of daar ook nadelen aan
zitten? Ik kan niet even snel boodschappen
doen. Dan spreek ik zo zes mensen en ben ik
een uur verder. Maar dat is een concessie die
ik graag doe in het belang van een betrokken
overheid.’
•
Dit interview is verschenen in juli 2020
Elburg, Fotografie Niels Bosman
_Ч]M^Pq_Ч]M^PpvבCט   vu׉׉	 7cassandra://n5H4ZTvzPBXg0GwqC7-6aRzvTFU_QhFCTrULnxsY4zs ^` ׉	 7cassandra://Atk4x-jBtL0LXXtOYRHwfJn3ehBbHkKawFXY4mjuiiES`׉	 7cassandra://tvfk5vSP9sZAGJk5H_vstyTIUZbf6inth1okh1KPehA=`i ׉	 7cassandra://LGq89PYwkDJuySezgafCb3iAT2GyB38AXiBbvD-BTOQͯ͠	_ЧbM^P׉E
10
Peter Derk Wekx, Gemeentesecretaris Alphen aan den Rijn
‘ de verbinding met
mensen wordt
steeds belangrijker’
Als het aan Peter Derk Wekx ligt, wordt de overheid een stuk empathischer dan nu het
geval is. De gemeentesecretaris van Alphen aan den Rijn zegt: ‘We moeten meer het
goede gesprek aangaan en ons voortdurend blijven afvragen of we het juiste doen. Ik
probeer dat er zowel binnen als buiten onze organisatie steeds meer in te krijgen.’
mondige burger
Om met buiten te beginnen: Peter Derk ziet
dat het hard nodig is om inwoners te betrekken
bij overheidsvraagstukken. ‘Inwoners zijn
veel mondiger dan vroeger, ze beschikken
over meer informatie. Als gemeente moet je
beseffen dat je niet meer het automatische
gezag hebt. Ik vergelijk het wel eens met de
huisarts. Als de huisarts het zei, was het wáár.
Nu hebben patiënten zelf hun diagnose al
bij elkaar gegoogeld, en hebben ze daar ook
nog graag het laatste woord over.’ Toch, om
de parallel met de huisarts door te trekken,
zegt Peter Derk: ‘Van die huisarts verwacht je
uiteindelijk wel een uitspraak. Zo is het met
de gemeente ook. Wij moeten wel de keuze
maken, en ondertussen duidelijk maken wat de
voor- en nadelen van elk besluit zijn.’
sociaal vaardig
Eenvoudig is dat niet. ‘Dat is zelfs reuze
ingewikkeld. Kijk naar participatietrajecten.
Een voorbeeld is het initiatief van een aantal
Alphenaren voor een fietscrossparcours. Een
interessant voorstel waarvan wij als gemeente
36 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
zeiden: Probeer zelf eens met de buurt te
praten. Dat escaleerde vrij snel en dan wordt er
onmiddellijk weer naar de gemeente gekeken.
Waaruit ik concludeer dat mensen wel mondig
zijn, maar nog niet altijd even sociaal vaardig.
Dat is best lastig. Kijk naar de Omgevingswet
die eraan komt. Daarin zijn zelfstandigheid en
eigen initiatief belangrijke pijlers. Eerlijk gezegd
houd ik mijn hart vast.’
Ook voor ambtenaren is dat samenspel met
inwoners een lastige, misschien wel de lastigste
uitdaging. ‘Wanneer nieuwe medewerkers hun
eed of belofte afleggen, zeg ik vaak: ik hoop dat
jullie vaak twijfelen of wat jullie doen het juiste
is. Ik vind dat die twijfel erbij hoort.’
niks met mensen
Het kenmerkt de persoonlijke stijl van Peter
Derk, die hij graag doortrekt naar zijn wens
voor een meer empathische overheid.
‘Laatst had ik hier een architect aan tafel
die zei: ik maak gebouwen; ik heb niks met
mensen. Dat kán dus niet meer. In alles wat
we doen is de verbinding met mensen steeds
belangrijker. Luisteren, aandacht besteden
׉	 7cassandra://tvfk5vSP9sZAGJk5H_vstyTIUZbf6inth1okh1KPehA=`i _Ч]M^Pr׉Eempathische overheid
aan de mensen om wie het gaat is cruciaal.’
Om daar onmiddellijk aan toe te voegen: ‘Dat
is natuurlijk wel iets anders dan automatisch
hun wensen inwilligen. Ik zeg weleens:
een ambtenaar moet buiten “nee” kunnen
verkopen en binnen een “ja” kunnen forceren.
Dat is een vaardigheid waar niet iedereen over
beschikt.’
integraal werken
Mede daarom ontwikkelt de gemeente Alphen
aan den Rijn stevig door. ‘Onder de noemer
Organisatie van de toekomst gaan we naar
een nieuwe manier van werken. We zetten
bewuster in op integrale opgaven. Tot voor kort
was Alphen aan den Rijn, zoals veel gemeenten
trouwens, heel sectoraal ingericht. Dat had
als nadeel dat ik soms managers aan tafel had
zitten die verzuchtten: “ik word nergens bij
betrokken”. Door meer dwarsverbanden aan te
brengen, zorg je ervoor dat die betrokkenheid
wél ontstaat.’
niet alweer Pietje
Toen Peter Derk een oproep deed binnen de
organisatie wie er allemaal wilden meedenken
over deze nieuwe aanpak, meldden zich 80
enthousiastelingen. ‘De behoefte wordt
blijkbaar breed gevoeld’, lacht hij. ‘We zetten
nu een gemeente neer waarin mensen veel
meer op competentie en interesse op klussen
worden ingezet. Wat er dan gebeurt, is heel
fascinerend. In het begin meldden zich voor
projecten vooral nog de “usual suspects”,
maar inmiddels zie je dat zich andere collega’s
melden en niet ‘alweer Pietje’. Wat dat brengt?
Heel veel energie, dat in de eerste plaats. Maar
ook: leren door te doen, met alle vraagstukken
die het ook weer oplevert; zoals wat doe je
met het werk dat een collega achterlaat die
inschrijft voor een nieuwe klus? En daar ook
kwetsbaar in mogen zijn. Je hoeft niet alles
vooraf te hebben dichtgetimmerd. Het enige
waar ik op hamer is dat er wél resultaat moet
zijn. Als zich gaandeweg problemen aandienen,
kun je ook dan kijken hoe je ze oplost.’
stip op de horizon
Peter Derk is ervan overtuigd dat een
gemeente die anders werkt beter bestand is
tegen de opgaven van de toekomst. ‘En dat
zijn er veel. Ze hebben bovendien allemaal
met elkaar te maken. Door meer te verknopen,
en door ruimte te geven aan de stem van de
inwoner hoop ik ook een beetje los te komen
van de waan van de dag, die altijd veel tijd en
energie vraagt. Het is superbelangrijk om ook
ruimte te houden voor de stip op de horizon.
Soms is het goed om een stapje naar achteren
te doen en je af te vragen: wat zijn we eigenlijk
aan het doen? Werken we nog wel volgens
de bedoeling? Als je dat als organisatie in het
oog houdt, is het ook eenvoudiger om als dat
nodig is op zeker moment te escaleren. En te
zeggen: zo gaan we het doen. Daar is iedereen
bij gebaat: het bestuur, de ambtenaren én de
inwoner.’
Dit interview is verschenen in augustus 2020
Peter Derk Wekx
de overheid moet haar burgers weer gaan zien | 37
_Ч]M^Ps_Ч]M^PrvבCט   vu׉׉	 7cassandra://JSLwFPgDCDp_C9wQE0qmpasNAebV7h_lfrbv_rm3Q_Y r`׉	 7cassandra://g2Cl_4NL0G2ezQmzGDcQIGWg9wzslsFhNFYkEJA8Y0kͫ`׉	 7cassandra://6wvufio59rh2syMUzE_TNxSF4oka7Et5cSAoM1BkdDY7`i ׉	 7cassandra://h9BUQA6rL8pFmy22Bb8PxjlQ49e28pHSctQM4TwbyBs M	͠	_ЧbM^P׉E>nawoord
geen eindstation
maar een
tussenstation
Een sterke en empathische overheid, zo luidde ons pleidooi in maart. Volgens Hiemstra &
De Vries is dat de opdracht aan een overheid die klaar is voor de toekomst. In ons werk als
adviseurs in het publieke domein zien wij dagelijks de complexe opgaven waar overheden
voor staan. Een overheid die minder vanuit de systeemwereld opereert en beslissingen
durft te nemen die in de eerste plaats goed zijn voor inwoners, kan veel effectiever zijn. En
daarmee beter functioneren. Uit de tien interviews in dit boekje blijkt dat we niet alleen
staan. De sleutelfiguren in dit boekje noemen stuk voor stuk belangrijke competenties
als verbinden, betrekken, luisteren, zien en aandacht schenken als voorwaarde voor een
goed functionerende overheid. Net als het vermogen om knopen door te hakken, keuzes
te maken en verantwoordelijkheid te nemen. Niet de regels centraal te stellen, maar de
bedoeling. Precies: allemaal zaken die onze overheid sterk en empathisch maken.
Belangrijk nu is dat we beseffen dat we met
dit boekje geen eind- maar een tussenstation
hebben bereikt. Achteroverleunen is geen
optie. Hiemstra & De Vries zal zich blijven
inzetten voor zo’n overheid van de toekomst,
en voor het werkend maken van goede ideeën
in de praktijk. We voelen ons gesteund door
de manier waarop tien publieke leiders hardop
met ons nadachten over de overheid van
de toekomst. Het publieke domein waarin
samenwerking zo belangrijk is. Jij doet toch
ook mee?
Volg ons LinkedInplatform Overheid van de
Toekomst voor nieuwe verhalen, nieuwe
inzichten en nieuwe inspiratie
Onze dank gaat uit naar: Cis Apeldoorn, Gerard
Bakker, Bas de Boer, Joke Goedhart, Arne van
Hout, Willem Krooneman, Ahmed Marcouch,
Berend van der Ploeg, Patrick Spigt, Hans Tijl,
Peter Derk Wekx
38 | de overheid moet haar burgers weer gaan zien
׉	 7cassandra://6wvufio59rh2syMUzE_TNxSF4oka7Et5cSAoM1BkdDY7`i _Ч]M^Pt׉E colofon
Aan dit boekje werkten mee:
Ralph Hanekamp, Jaring Hiemstra,
Nienke Jansen, Krystle Koers, Nienke Ledegang,
Janneke Oudenhoven, Yonne Westerveld
Concept, vormgeving en illustratie:
Studio Clara
Fotografie Maurits Bos
_Ч]M^Pu_Ч]M^PtvבCט   u׉׉	 7cassandra://FIqXqKY801v4ChVa7A7VKYFtXBCxusZS6TbfaLMOipsJ`׉	 7cassandra://2eTahOc2Thn2U9qtsrrvCSM1vrMQDmPBcYgL2XvE1j8!X`R׉	 7cassandra://6yO5RDqN2Zg1aWxGBZRHdYddEvPaWmUQepQDXXKEPCQ`̴׉	 7cassandra://y_4VcYGzV5tSwGjL84dFIEG2m-iwXwChB5Hq4-H0Ijg.1T͠_ЧcM^Pנ_ЧcM^P jV̵9ׁHhttp://www.hiemstraendevries.nlׁׁЈנ_ЧcM^P j=̼9ׁH  mailto:info@hiemstraendevries.nlׁׁЈ׉E `Stadsplateau 4
3521 AZ Utrecht
info@hiemstraendevries.nl
www.hiemstraendevries.nl
030 252 37 77
׉	 7cassandra://6yO5RDqN2Zg1aWxGBZRHdYddEvPaWmUQepQDXXKEPCQ`̴_Ч]M^Pv׈E_Ч]M^Pw_Ч]M^Pvv)ׁ2ׁ>'Z ׁ3  'Z Overheid van de Toekomst SHiemstra en De Vries: Meekijken door de bril van 10 leiders in het publieke domein._ЧXQU\M)