׉?ׁB!בCט  u׉׉	 7cassandra://kfEH3F6wNGWV8QqPe-tXnJRoXJuFjSjUWLGTYLKNz-U >`׉	 7cassandra://4NMDqFe9MZWdw_uMX5r00QAZB0VTAITpxgmnfgKdkmQt`V׉	 7cassandra://4J6NWkPBotIqKv_YVmttuoRxhkigo2nMUwvX0F5PIU8"E`̷ ׉	 7cassandra://aYPd_gVf3ZwSecJQEXz3c_G49qYQ5ecmYBNsi47Vr2Y `)^͠d%N3":A+.ט   u׈   @1  ׈Ed%N3":A+.v׉EtJan Huyghe
In landelijke afspanningen vertellen
grote kleurrijke affiches vaak aandoenlijk
over de volksvermakelijkheden ter
gelegenheid van de nakende stads- of
dorpskermis. Genoeg voor een nostalgische
droom naar een ongekend verleden?
De schietingen op de liggende en
staande wip, en allerlei bollingen hebben
tot vandaag de tijden overleefd.
Maar wie van ons heeft weet van wedstryden
mastklimmen, knieëndans, zakloop,
steltenloop, kronkelloop, ezelloop,
hondenloop, ganskappen, katknippelen,
hanengekraai, paddesprong, pudekoers,
lepelkoers, eierkoers, eierslaging, schotelstampen,
seultjesteek, appeltjeknap,
schaartjeknip, koordjeknip, sulferslag,
kooltjeblazen, blazegevecht, sirooplikken,
papeten, pistoletbijten, tot en
met… muiltrekken..? En vooral, waar
het in dit artikel over gaat: ringsteking!?
Te paard in galop, een ring aan
een stellage op een gepunte lans of speer
of stok steken, spietsen. Mens en dier
vereend in behendigheid, snelheid en
kracht. Spektakel en spanning verzekerd.
Onze Westhoek kon ervan meespreken…
Dé
ringsteking die de eigenlijke aanleiding was voor
deze bijdrage vonden we in eerste instantie in de collectie
De herbergen uit de jaren twintig van heemkundige
Albert Dawyndt1.
Via de website Historische Kranten troffen we de aankondiging
jaren later aan in de betrokken krant2. Hierbij
een afdruk: laat je verleiden, stap in onze teletijdmachine.
1
׉	 7cassandra://4J6NWkPBotIqKv_YVmttuoRxhkigo2nMUwvX0F5PIU8"E`̷ d%N3":A+.wd%N3":A+.vבCט   u׉׉	 7cassandra://1yULOz01t_24Yh_2w_oH7TYAQdmGsjXBXaoOsa52zI8 J`׉	 7cassandra://EAEOE_K1japUbFLOo5XdHimN5BkNymEyXSXv4YFqQ9Ym`V׉	 7cassandra://gnm8kvUDYLYudXhbGEpqtlFi1Ke6roYWofPXJd9d_AA`̷ ׉	 7cassandra://rkOOdIJf4ssREfd5_g_mpTXhNrOf4H2dKhPOGTXeoDs n͠d%N4":A+.ט  u׉׉	 7cassandra://YaejzPPGQOcg_FB2cV_fJT1y1ssLd_ooIEQdlbm5FCI `׉	 7cassandra://KC4sWlrR8WNvgUwygBIS1VHA9pgpUs41flaGcroUmgcd`V׉	 7cassandra://qi68qa9jaUIWFdSGL3rfEkBeLwHxx4UodNzvexZU6RU`̷ ׉	 7cassandra://L41So8NJtRcXBTv1AG3IxTa8djRWeZoXLNlk5PYvUm8͇͠d%N4":A+.׉ENaar de middeleeuwen
Wellicht beginnen we de uitzending het best met wat
toelichting bij de oorsprong van de ringsteking. Het
lijkt voor de hand te liggen dat het middeleeuwse
steekspel er een verre voorvader van is. De ruiter, het
paard in galop, de speer en een te raken doelwit wijzen
als vanzelf naar verwantschap.
Volgens historici ontstaat het middeleeuwse steekspel
omstreeks 1100 in de Nederlanden en NoordFrankrijk,
meer bepaald in Vlaanderen, Brabant, Henegouwen
en Picardië. De ridders beschouwen het als
een waardig tijdverdrijf dat aansluit bij hun hoge
stand, en dat tegelijk oefening biedt om doeltreffend te
kunnen uithalen als ze écht ten strijde trekken. Voor
die “trainingen” hanteren ze houten, uitgeholde lansen
die minder impact hebben, wat niet wegneemt dat het
toch een risicovolle bedoening blijft met geregeld gewonden
en doden.
Keizers, koningen, hertogen, graven pakken in de
middeleeuwen graag uit met hofdagen. Om hun macht,
rijkdom, hoofsheid en moed te etaleren. Hofdagen zijn
geen bescheiden evenementen. Met wat verbeelding
kunnen we ze vandaag vergelijken met een meerdaags
Europees Kampioenschap in een of andere sportdiscipline.
Een
van de grootste hofdagen ooit wordt met Pinksteren
1184 in Mainz opgezet door keizer Frederik Barbarossa
van het Heilig Roomse Rijk. Zijn “festival” is
mega in (en voor) alle maten en staten. Er zijn ca. vijftienduizend
aanwezigen, meest hoge en lagere edelenridders,
uit heel Duitsland, Oostenrijk, maar ook uit
Spanje, Frankrijk, de Nederlanden, zelfs uit de Balkan
en het overzeese Engeland. Ze vinden allen onderkomen
in een speciaal voor de gebeurtenis opgetrokken
houten stad (hun “stadion”) aan de Rijn. Daar beleven
ze van 20 tot 22 mei - naast het bedrijven van politiek
- weergaloze pseudo-gevechten en sensationele steekspelen,
overvloedige banketten, onvergetelijke avonden
en nachten met muzikanten, zang en dans! De
Limburgse minnezanger Hendrik van Veldeke (bij
Hasselt, °ca. 1150-†ca.1186) is er ook en dicht erover3:
wan diu ze Meginze dä was,
sie wir selbe sägen.
desn dorfen wir niet frägen,
sie was betalle unmäzlich,
(…)
dä manech tusent marke wert
verzeret wart und vergeben.
behalve het feest dat te Mainz plaatsvond,
en dat we met onze eigen ogen hebben gezien.
We hoeven er niet naar te vragen:
dat feest ging elke maat te boven,
(…)
en waar er voor vele duizenden marken
verteerd en weggeschonken werd.
Hertog Jan I
Hier moét ik ook enige regels pennen over de tot
heden illustere hertog Jan I van Brabant (1252/1254 –
1294). Hij is in zijn tijd in heel West-Europa niet enkel
vermaard als politiek bemiddelaar op het hoogste niveau
(tussen de elkaar vijandige koningen van Frankrijk
en Engeland), maar ook als vooraanstaand Nederlands-Hoogduits
dichter-minnezanger. Van zijn hand
is overigens het tot vandaag bekende lied Harba lori
fa! 4 Ooit start de BRT radio een folk-programma met
die naam.
2
Eins meien morgens fruo, was ich uf gestan
In ein schoens boungartegin solde ik spiln gan.
Da vant ick drie juncfrouwen stan;
[si waren so wolgetan.],
Die eine sang für, diu ander sang na:
‘Harba lori fa,
harba harba lori fa,
harba lori fa’.
Op een vroege morgen was ik opgestaan.
Ik ging me amuseren in een mooie boomgaard.
Daar trof ik drie jonkvrouwen aan:
[ze waren zo knap.]
De ene zong voor, de ander zong na:
‘Harba lori fa,
harba harba lori fa,
harba lori fa’.
Hertog Jan is anderzijds ook beroemd (of berucht?)
om zijn passies: steekspelen en vrouwen (of andersom).
Kort na zijn dood schrijft Jan van Thielrode in
zijn Latijnse kroniek over de hertog: “Hij josteerde5
even knap in de strijd als met de vrouwen. Zo’n goede
strijder was hij dat ik niet kan zeggen met hoeveel
vrouwen hij het deed. Vandaar dat hij vele kinderen
heeft verwekt6.”
Een gelijkaardig oordeel noteert Lodewijk van
Velthem7 in z’n kroniek Voortzetting van de Spiegel
Historiael (ca. 1316)
Die hertoghe oec sonderlingen
Dede spele maken harentare
Om vrouwen, om joncvrouwen openbare,
Want al dat hi conde viseren
Daer hi haers willen met conde anteren
Ende om sinen wille te vorderne met,
Dit dede hi oec al ongelet’
In het bijzonder liet de hertog
overal spelen organiseren
om vrouwen en jonkvrouwen het hof te maken
want al wat hij kon beramen
om hun een genoegen te doen
en zijn eigen verlangen te bevredigen,
voerde hij uit zonder dralen.
Deze afbeelding komt uit het Grose Heidelberger Liederhandschrift
of de Codex Manesse, samengesteld
tussen 1305-1315. Winnaar: her Walther von Klingen
(1220-1286)
׉	 7cassandra://gnm8kvUDYLYudXhbGEpqtlFi1Ke6roYWofPXJd9d_AA`̷ d%N3":A+.x׉EEnde om sinen wille te vorderne reist
hij in de lente van 1294 naar Bar-leDuc
(dep. Meuse, F) om er deel te
nemen aan het tornooi ter gelegenheid
van het huwelijk van gastheergraaf
Hendrik III van Bar met Eleonora8,
dochter van koning Edward I
van Engeland. Geen edel huwelijk
zonder een riddertornooi en zonder
hertog Jan I van Brabant…
Op 3 mei treedt hij daar voor een
Een letterkundige expert
uit eigen streek…
Voor de hofdag van Mainz en de gedichten van Henjoeste9
in het strijdperk-met-paard-enlans,
“in al zijn glorie, nog vol stoutmoedige
plannen, een fascinerend
beeld van ongeremde passie en tomeloze
eerzucht”10. Zijn tegenstrever is
Pierre de Bauffremont, befaamd als
onoverwinnelijk. Ze geven hun paard
de sporen, stormen op elkaar in… De
lans van Bauffremont treft de Brabantse
hertog fataal in de onderarm.
Nauwelijks twee uur later is Jan I
dood, 40 of 42 jaar. Gedaan met minnen
en josteren. Het kan verkeren, zei
Bredero (op wiens geboorte het wel
nog driehonderd jaar wachten is).
Eind 15de begin 16de eeuw, ca. 1500,
was de glorietijd van het steekspel
voorbij. Al zou het nog honderd jaar
duren, 1605, eer de laatste dolende
ridder uit de pen van Cervantes in
Spanje ten tonele verscheen: Don
Quichotte de la Mancha, de knokige
nobiljon met helm, lans en schild op
z’n afgepeigerd scharminkelpaard
Rossinante, op zoek naar te bestrijden
onrecht van burchten, windmolens en
herbergen, om aldus misschien ooit in
de gunst te komen van zijn gedroomde
prinses Dulcinea, boerendochter…
Een subliem meesterwerk dat in één
grote spottende allegorie de vloer
aanveegt met de onwerkelijke hoofse
adellijke levensstijl die allang niet
meer beantwoordt aan de nieuwe
maatschappij.
Historische Kranten
Van de stilaan (ca. anno 1500) in
onbruik verkerende steekspelen in
heel West-Europa stappen we over
naar zijn “erfgenaam”, de ringsteking.
Hoe staat het ermee in de Westhoek?
Om dat te achterhalen kamperen we
een week op de site Historische Kranten
(HK), regio Veurne-Diksmuide
(Westhoek Noord) en regio IeperPoperinge
(Westhoek Zuid).
De digitale kiosk HK biedt de vorser
thuis op de pc vele duizenden pagina’s
vroeger (inter)nationaal en lokaal
nieuws uit niet minder dan 70 kranten.
Daartoe behoren vele bladen die
een eerder kort bestaan kennen, maar
ook andere die decennia lang in hun
tijd standaard zijn.
drik van Veldeke, hertog Jan I van Brabant en Lodewijk
van Velthem, haal ik de mosterd vooral uit het
recente boek Het Nederlandse liefdeslied in de middeleeuwen
(783 p., ISBN 978 90 446 3469 3) van em.
prof. dr. Frank Willaert (°1952). Ik vind het “hoofs/
hoffelijk” dit extra te onderstrepen dan enkel kort te
melden in een noot onderaan. Wij (jij lezer/es en ik)
hebben immers een “bandje” met hem. Van afkomst is
hij… Veurnaar. Zijn thuis was een kledingzaak in de
Ooststraat. Vader Maurice was onderwijzer.
Na het college in Veurne studeert Frank Willaert
Germaanse filologie aan de Leuvense universiteit en
mediëvistiek in Poitiers. Vanaf 1984 is hij verbonden
aan de Universiteit Antwerpen waar hij in 1992 hoogleraar
Oudere Nederlandse Letterkunde wordt, tot zijn
emeritaat - professoraal pensioen - in 2022. Professor
Willaert is expert in de middeleeuwse mystiek
(Hadewych en Ruusbroec) en in de minnelyriek.
Sedert 1996 is hij lid van de Koninklijke Academie
van Nederlandse Taal- en Letterkunde. Op z’n beurt
heeft deze KANTL een nauwe band met Beauvoorde.
Eigenaar-redder Arthur Merghelynck schenkt namelijk
het kasteel en park in 1905 bij testament aan de Belgische
Staat met exclusief gebruiksrecht voor de
KANTL. Na het overlijden van Arthurs weduwe in
1941 en het einde van WO II kan die wilsbeschikking
uitgevoerd worden. Het volledige domein wordt in
2003 eigendom van de Vlaamse Gemeenschap. Achtereenvolgens
nemen vanaf dat jaar Stichting Vlaams
Erfgoed, Erfgoed Vlaanderen en sinds 2012 Herita het
beheer van het kasteeldomein waar.
Telkens begin juli vindt in het park de jaarlijkse
KANTL-openbare vergadering plaats, nu genoemd
literair-wetenschappelijk festival. Het kruim van de
Vlaamse auteurs is er trouw in groten getale op post,
niet alleen om te luisteren naar de toespraken en lezingen
(soms ook van professor Frank), maar ook om er
daarna te genieten van elkaars gezelschap en van de
onvolprezen uitgelezen
Veurnambachtse koekestuten …
Het leeuwenaandeel van de ringstekingen vind je dan ook – aan de
hand van het trefwoord “ringsteking” – in De Dixmudenaar (18791931),
De Veurnaar (1838-1937), Het Advertentieblad (1825-1914),
De Boterkooper (1849-1914), De Poperinghenaar (1904-1944),
Nieuwsblad van Yperen en van het Arrondissement (1872-1915), De
Toekomst (1862-1894), Het Ypersch Nieuws (1929-1971), Het Wekelijks
Nieuws (1946-1990).
Vanzelfsprekend zou je het onderzoek kunnen uitbreiden naar andere
(alle?) Vlaamse provincies en regio’s met als bron hun historische
kranten. Maar dat is een al te kolossale onderneming.
Vandaar dat ik me tot de Westhoek beperk, geen rijker kroon dan
eigen schoon. In onderstaande tabel de oogst van deze speurtocht.
3
׉	 7cassandra://qi68qa9jaUIWFdSGL3rfEkBeLwHxx4UodNzvexZU6RU`̷ d%N3":A+.yd%N3":A+.xבCט   u׉׉	 7cassandra://Fye0eKUyroR7fPdjYEGM3jPOB9V_XwCYDECemb0tMQ0 (` ׉	 7cassandra://VVveS0_O8RLxm7N_8Bo30argmZH19vgIWhQXqjEVK8Yo@`V׉	 7cassandra://lCXMywNfW8LDWKGVQB5sMdehTGkWaIONaqoV9UgJDWg=`̷ ׉	 7cassandra://Mdz611hiuj7M9I_Ma7XpTTz8Y8gj4BoIiWJ3F6ICQ8o ͠d%N5":A+.ט  u׉׉	 7cassandra://vPclatL_eXTylBArmDhpuYW243dg7KKEe21YLdqtSEo &`׉	 7cassandra://Pa-eBdJkyRFLTRPEy7y5rB1gPfsjOjJvh95CqpBOoGkaw`V׉	 7cassandra://2uThF9y8TlD3AG4-jQAqWtHD3iD_5t-lsJvPHVRFZkE`̷ ׉	 7cassandra://fgdy4Yb_V9zrbVLM7GSUeh1fyAcWbpKRU3lWsPfnwws ͠d%N5":A+.׉ERingsteking Westhoek 1841 > 1990
per blok van 10 jaar
Periode
1841-50
1851-60
1861-70
1871-80
1881-90
1891-00
1901-10
1911-20
1921-30
1931-40
1941-50
1951-60
1961-70
1971-80
1981-90
Van 1841
tot 1990
%
Tot.
4
17
25
31
49
39
63
19
81
47
35
67
52
53
14
596
100%
P/M Sj. Kr.
4
17
25
28
14
2
Fiets
And.
A. Periode 1841-1880
2
1
2
1
2
2
100
43
14
28
5
3
1
3
3
2
4
2
2
1
2
1
1 voet
1/1/1
30
57
17
73
42
33
67
51
51
12
433
16,4% 7,0% 2,3% 73,3%
1 hond
1
moto
Periode
1841-50
1851-60
1861-70
1871-80
Tot.
4
17
25
31
P/M Sj. Kr.
4
17
25
28
Fiets
And.
2
1 voet
* We noteren 77 ringstekingen, alle volgens de oorspronkelijke
formule (met paard of muilezel of ezel),
behalve 1 (te voet..?).
* De oudste gevonden ringsteking vindt plaats in
Nieuwpoort op zondag 26 september 184111, “op
ezels”.
* Langemark voert de lijst 1841-1880 aan met 16 edities.
Daarna volgen Ieper 10, Veurne 6, Zonnebeke
6, Esen 3. De steden Diksmuide 1, Poperinge 0. Andere
een enkele keer in dorpen, gehuchten.
6
1,0%
Afkortingen 1ste regel: P/M = te paard en/of muilezel / Sj.
= sjees, kar / Kr. = kruiwagen // in de regel 1881-1890
(rechts): telkens een ringsteking te voet, te water (?), tram
(?)
Samen leveren de genoemde oude kranten info over
596 ringstekingen in de Westhoek, van 1841 tot
1990 (voorlopig eindjaar van de databank).
Vind ik op die wijze alle Westhoek-ringstekingen uit
de oudst begonnen krant (Het Advertentieblad, 1825)
tot het einde van de website HK (1990)? Vermoedelijk
niet. Er zijn er zeker meer dan 596. Hoeveel? Moeilijk
te zeggen. We mogen immers veronderstellen dat lang
niet alle ringstekingen ter aankondiging aan krantenredacties
gemeld of door de redactie opgenomen worden.
En
is er echt geen enkele ringsteking tussen 1825
(startjaar van Het Advertentieblad) en 1840 (eerste
vondst in 1841)? Ook dat is erg twijfelachtig.
Hoe dan ook, 596 ringstekingen van 1841 tot 1990
(150 jaar) lijkt me wel representatief voor onze streek:
na aftrek van twee keer vier jaar oorlog + nasleep haalt
de Westhoek gemiddeld 4,25 ringstekingen per jaar.
Uit de tabel vallen diverse evoluties of tendensen vast
te stellen. Laten we die even van dichterbij beschouwen.
Ik geef ook cijfers over meer gedetailleerde aspecten
die niet in de tabel kunnen staan doordat de
detaillijst wel vijftien bladzijden telt…
4
Beschouwing 1 – Eerder dan 1841 vind ik
geen enkel spoor van een ringsteking. Daarna lijkt
het gebruik “herboren”: van 4 in het decennium
1841-1850 naar 31 in het decennium 1871-1880).
Hoe valt dit te verklaren? Nergens melding van
import uit een buurland, noch van een mogelijke
promotor, noch van een vereniging met voortrekkersrol.
Zelf
durf ik een piste opperen: de naamloze kracht
van de tijdsgeest, met name de late romantiek. Deze
maatschappelijke stroming stelt dat de mens
zich moet laten leiden door gevoel, verlangens,
hoop, droom, avontuur, vrijheid, rebellie in plaats
van enkel door het meet- en waarneembare, de
strikte rede, regels, programma’s, strategieën van
de Verlichting (die leidt tot de Franse Revolutie die
uitmondt in terreur en dood). De romantici vinden
integendeel de lichamelijke en geestelijke beleving
van hun bestaan terug in o.m. de natuur en het
levenskader van de middeleeuwen. Aldus: het onvoorspelbare,
het onzekere, de mystiek, de verbeelding,
de fantasie, de tover, het bovennatuurlijke
aan de macht.
Het hoeft dus niet te verwonderen dat precies in de
romantiek de gebroeders Grimm sprookjes verzamelen,
volkskundigen (o.m. E. de Coussemaker) te
velde volksballaden noteren, schrijvers (o.a. H.
Conscience) boeken pennen over kloosters en abdijen,
draken, minnestrelen en ridders...
M.a.w., het tijdsklimaat van de romantiek past in
elk geval als gegoten omheen de ringsteking, verre
verwante van het middeleeuwse steekspel.
׉	 7cassandra://lCXMywNfW8LDWKGVQB5sMdehTGkWaIONaqoV9UgJDWg=`̷ d%N3":A+.z׉EQ* Het aantal ringstekingen stijgt: 151 in 30 jaar t.o.v. 77 in
de voorbije 40 jaar. Maar… het aantal te paard of op de
muil/ezel daalt spectaculair: slechts 16 in de periode
1881-1900, en géén in 1901-1910! Wat is er aan de
hand? Kapers op de kust?
* We merken twee belangrijke “nieuwe spelers” op het
terrein.
1. Op 23 april 1882 verschijnt, in Beselare, de eerste sjees,
kar… met ingespannen paarden. De tweede “met paarden
ingespannen” is op 8 oktober in Sint-Jan (Ieper). Geen
in 1883. In 1884 zijn er weer 2 dito ringstekingen (Veurne
en Alveringem). Geen in 1885. Stilaan doorbraak: 5 in
1886 (2 x Ieper, Veurne, Dadizele, Steenkerke) / 4 in 1887
(Fortem, Dikkebus, Bulskamp, Alveringem) / 8 in 1888
(Veurne, Koksijde, Leisele, Steenkerke, Langemark, Ieper,
2 x Alveringem). Vanaf 1889 gaat het weer bergaf: 4
(Wulveringem, Veurne, Fortem, Bulskamp). In 1890 nog
2 (Steenkerke, Ieper).
Uit Chants Populaires des Flamands de France van Edmond
de Coussemaker, Gent 1856, p. 228
Uit De Kunstbode, 9 april 1882, p. 3
B. Periode 1881-1910
Periode
1881-90
1891-00
1901-10
Tot.
49
39
63
2
P/M Sj. Kr.
14
28
5
3
4
2
2
Fiets
30
57
And.
1/1/1
1 hond
Beschouwing 2 – Waarvandaan het ringsteken
met de sjees in de Westhoek komt, is niet duidelijk.
Feit is wel dat de traditie – vooral de sjeesvariante
- ook in Friesland en Zeeland (Walcheren) beoefend
wordt. Daarover iets meer verder in deze
bijdrage.
De ringsteking met ingespannen paard(en) is een
waarachtige en sociale uitbreiding van de volkssport.
Waarachtig omdat het paard behouden blijft,
sociaal omdat minstens twee personen een eenheid
vormen: meestal echtgenoten (de man ment paard en
sjees, de vrouw hanteert de lans). Bovendien kunnen
eventueel ook kinderen plaatsnemen in het rijtuig.
Meer acteurs betekent uiteraard ook meer supporters
en toeschouwers, meer verteer in winkels en herbergen!
5
׉	 7cassandra://2uThF9y8TlD3AG4-jQAqWtHD3iD_5t-lsJvPHVRFZkE`̷ d%N3":A+.{d%N3":A+.zבCט   u׉׉	 7cassandra://pBGJx_z1pr-F9-y34km99d4EG-OSATV9lEJRMJOysi0 D`׉	 7cassandra://d2XwLg5RxnVR_KTcQkQdgnNVdtlIDJWeT4Mqr3g_IBss`V׉	 7cassandra://uzkB1ejNaijFAMJY6sASO3IRG2-KmheIDsTuUR1BdB4*`̷ ׉	 7cassandra://qzH_i9cjSoiyVxrDqD48Lw-d4R_ZtdoNepP3-b_PC7w Ϟ͠d%N6":A+.ט  u׉׉	 7cassandra://Pn8rOZQ6DkTUQ6BJ7QrsLyq4EMh7GhG4QPFtZ0GsYT8 G`׉	 7cassandra://JxF7HZvhnCpGuWwRJf-o_-MZaaBoyB0ULN1UDDk6_m8cy`V׉	 7cassandra://qxuZ4MJKZfD3X3oMzpY0SVSMfqPXMbHGJAY50_E6wIs`̷ ׉	 7cassandra://gb8E-8GVOi75y-R4HpyOStGWOdmHIQfsMoMwKc73EYE Q͠d%N6":A+.׉E
2. Op 3 juni 1893 verschijnt op de ringsteking van
Bewesterpoort (de landerijen noordwest van Bulskamp
bij Veurne en zuid van de Duinkerkevaart) ter gelegenheid
van Dijkje-kermis de tweede “nieuwe speler”: de
fiets. De Veurnaar van 7 juni geeft omstandig verslag
van deze ringsteking met velocipeden ofte wielpeerden.
Ringsteking
Bewesterpoort 1893
Beschouwing 3 – Dit is werkelijk de eerste
fiets-ringsteking in deze lijst. Begint de nieuwe
formule dus in Veurne? Om zich daarna over
heel de regio (en verder) in de provincie te verspreiden?
Dankzij de medewerking van wielrijdersverenigingen?
Want aan de ringsteking van
V-Bew. is medewerking verleend door de Veurne
Cycle-Club (VCC) die de ringsteking (mee)
organiseert, zijn eigen leden en die van de dito
clubs uit Diksmuide, Oostende en Duinkerke optrommelt.
Resultaat: Op de ringsteking zijn vijftig
wielrijders aanwezig!
Een jaar later (8 juli 1894) verschijnt op mijn
lijst de 2de ringsteking met het rijwiel, in De Panne.
Bijna drie jaar later (25 april 1897) kondigt
de 3de fiets-ringsteking zich aan: Vladslo (met
“velocipeden en flikkering”). Heeft de club uit
Diksmuide hun ervaring-1893 van Veurne-Bew.
mee naar huis genomen? De verlichting met gaslantaarns
inbegrepen? De wedstrijd in Vladslo
wordt immers aangekondigd met flikkering…
Van fiets-ringstekingen is van 1893 tot 1898 alvast
nog geen sprake in de regio PoperingeIeper.
Overigens lijkt de traditie (te paard of ingespannen)
het sinds enkele jaren moeilijk te
krijgen: 0 van 1894 tot 1898, vijf jaar niets! Zo
lijkt het erop dat de traditie van het ringsteken te
paard ernstig op apegapen ligt en dat het probeersel
van de ringsteking met de fiets aanvankelijk
niet doorbreekt.
Is het einde nabij?
3. Helemaal niet! Na vijf jaar “nul” knalt de ringsteking
met de fiets in 1899 als een raket door het
luchtruim van hoofdzakelijk de Westhoek-Zuid, de
regio Ieper-Poperinge. In dat jaar noteren we 20
fietsringstekingen. Verder 5 in 1900, 2 in 1901, 1 in
1903, 18 in 1904 en 15 in 1905.
Voor het topjaar 1899 is het succes - zoals op 3 juni
1893 in de buurt Bewesterpoort van Bulskamp bij
Veurne - toe te schrijven aan een wielrijdersclub,
deze keer de Maatschappij Velo Club Yprois
(MVCY). Deze vereniging organiseert in vele dorpen
van het Ieperse en wat hoger tot ongeveer de
IJzer, van juni tot begin oktober wielerwedstrijden.
Telkens plaatst ze ook een fietsringsteking op het
programma: promotie voor de velo en extra amusement
voor het volk. Op zijn Feestkalander en Wedstrijden
voor Velocipèden die de MVCY in de regionale
pers publiceert, staan zelfs wedstrijden met
fietsringstekingen in Wasquehal (F), Brugge en Torhout!
Uit
De Veurnaar, 7 juni 1893, p. 2
6
׉	 7cassandra://uzkB1ejNaijFAMJY6sASO3IRG2-KmheIDsTuUR1BdB4*`̷ d%N3":A+.|׉EDe topjaren 1904 en 1905 leveren resp. 19 en 13 fietsringstekingen
op, meestal als extra attractie bij wielerkoersen
waarbij de Ieperse wielerclub betrokken is.
Al bij al brengt de periode 1891-1910 in totaal 87
ringstekingen met de fiets. Op de tweede plaats komt
de formule ingespannen (met sjees): 36. De oudste,
meest oorspronkelijke wijze, nl. te paard, moet vrede
nemen met 16…
In Veurne (1900) en aan Bewesterpoort (Veurne/
Adinkerke, 1901) probeert de organisatie het paard
toch nog van stal te halen:
Uit Het Weekblad van IJperen, 9 september 1899, p. 2
Dieper onderzoek in de Ieperse kranten toont aan dat
Frederik Fritz Vanderstuyft, ijverige secretaris van
de MVCY, de promotor-gangmaker van de hype is.
Hij is in Ieper niet alleen herbergier van de Prince Albert
aan de Boulevard Malou (Statieplaats), maar ook
kolenhandelaar en verkoper van automobiles en velocipeden.
In andere berichten, die hij zonder twijfel zelf
schrijft en aan Het weekblad van IJperen bezorgt,
duikt hij ook op als verdienstelijk renner, o.m. bronzen
medaille in een BK (krant van 22 juli 1899). Zijn zonen
Arthur en Léon worden later heuse wielerkampioenen12.
Uit
De Veurnaar, 8 augustus 1900, p. 1
Beschouwing 4 – Het is duidelijk dat de
oorspronkelijke ringsteking (te paard) op de terugweg
is. Het ros van vlees en bloed haalt het
niet van het ros van staal, het “wielpeerd” (in
De Veurnaar van 7 juni 1893). Dat geldt zowel
voor de regio Veurne-Diksmuide als voor IeperPoperinge.
Opvallend is ook dat Ieper-Poperinge
met 61,50% van het aantal ringstekingen op de
fiets gaat lopen.
C. Periode 1911-1990
We bekijken de zeven decennia van 1911-1990 als een
geheel aangezien de cijfers zonder meer boekdelen
spreken.
De rij 1911-1920 is minder relevant. WO I ontwricht
de Westhoek ruim vier jaar, met daarna nog minstens
twee jaar nasleep in de verwoeste brede frontstreek op
de lijn Nieuwpoort-Diksmuide-Ieper-Heuvelland.
Overigens verschijnen van 1914 tot eind 1918 nauwelijks
kranten. Van het westelijk front geen nieuws…
Periode
1911-20
1921-30
1931-40
1941-50
1951-60
1961-70
1971-80
1981-90
Uit Het Weekblad van IJperen, 2 april 1898, p. 2
7
Tot.
19
81
47
35
67
52
53
14
P/M Sj. Kr.
1
3
2
1
2
1
2
2
3
1
2
1
Fiets
17
73
42
33
67
51
51
12
And.
1
moto
׉	 7cassandra://qxuZ4MJKZfD3X3oMzpY0SVSMfqPXMbHGJAY50_E6wIs`̷ d%N3":A+.}d%N3":A+.|בCט   u׉׉	 7cassandra://X2ppcE9__7fA6eYB4ES4OGYr1D_lKKpFmntDoK5ARuQ `׉	 7cassandra://lVhPQepZ-lhNQrCP5XwGhZFxfu-Z507l_P8krQ4WrTsqC`V׉	 7cassandra://sL1kvXgzX5WwD4lgKKrVvZu5yilMwdBhFfuJ_QBtgVE `̷ ׉	 7cassandra://9nWEJTVFzpSPRFpAbdyMkHGjyudE9HgLiII-UXTF4LI ͠d%N7":A+.ט  u׉׉	 7cassandra://DJeRAOzXQLytfLpZwwkwGEGOq3eLp_tDgc2vkPwBEOY `׉	 7cassandra://UZg4StyaFO3mopcicKs2UpKHU0t4MlvOCbcyZW4HGbAkJ`V׉	 7cassandra://yH2CcSLiJAbeX7AoxZYaLwZk72mFlxmo8YRjXf3PLUM`̷ ׉	 7cassandra://UHe2B7j4REpUJ4mYXpFUvFXtVi0I0XD9a7ILk6d6t6k ͠d%N7":A+.נd%N6":A+. 9׉Hhttp://www.rijgrijden.nlGׁׁrנd%N6":A+. Z̥9׉Hhttp://www.friesetuigpaard.nlGׁׁrנd%N8":A+. Z̝9ׁHhttp://www.friesetuigpaard.nlׁׁЈנd%N8":A+. w9ׁHhttp://www.rijgrijden.nlׁׁЈ׉E|1911-1990: aantal per formule
* Te paard: 10 edities, gemiddeld 1 om de 10 jaar. De
voorlaatste aan Steenstraat op 12 aug. 1988, de laatste
op 25 aug. 1989 in ?
* Met de sjees-ingespannen paarden: 7 edities. De
laatste op 8 sept. 1933 in Nieuwkapelle.
* Met de fiets: liefst 346 edities. De cijfers ogen uitstekend
tot 1980. Maar in het laatste besproken decennium
1981-1990 is de terugval groot: slechts 12,
waarvan de laatst gevonden op 11 sept. 1987.
1911-1952: aantal per regio (alle formules)
Vanaf 1952 tot 1990 geeft de site Historische Kranten
enkel de referenties (regel met trefwoord “ringsteking”
en datum editie, geen gemeente). De artikels zelf kan
men niet openen wegens toepassing 70 jaar auteursrecht.
Vandaar dat de regionale frequentie niet verder
dan 1952 kan nagegaan worden.
Westhoek-Noord 1911 tot 1952: 15
Westhoek- Zuid 1911 tot 1952: 180
1841-1952: aantal per stad/dorp (alle formules)
Top-10: 1. Ieper (49 ringstekingen)
2. Poperinge (38)
3. Vlamertinge (36)
4. Langemark, Veurne (23)
6. Alveringem (12)
7. Abele (11)
8. Reningelst, Zonnebeke (10)
10. Watou (9)
8 edities: Elverdinge, Oostvleteren, Poelkapelle, Sint
-Jan-ter-Biezen
6: Esen, Zillebeke
5: Bikschote, Bulskamp, Reninge
4: Brielen, Dikkebus, Hollebeke, Hoogstade, Krombeke,
Proven, Roesbrugge, Staden, Stavele,
Westouter, Woesten, Wulveringem, Zuidschote
3: Adinkerke, De Panne, Koksijde, Loker, Passendale,
Steenkerke
2: Boezinge, Geluwe, Gijvelde, Gijverinkhove,
Kemmel, Klerken, Mesen, Moorslede, Oeren,
Pollinkhove, Voormezele, Westvleteren,
Woumen
1: Beselare, Beveren a/d IJzer, Dadizele, Diksmuide,
Geluveld, Handzame, Houtem (V), Houthulst,
Izenberge, Killem, Komen-ter-Biezen, Kortemark,
Leisele, Lo, Merkem, Moëres, Nieuwkapelle,
Nieuwkerke, Vladslo, Waasten, Wijtschate,
Wulvergem, Zandvoorde
Slotbeschouwing – Het is overduidelijk dat het
wielpeerd, het stalen ros, de ringsteking te paard heeft
verdrongen.
De mens zoekt natuurlijk en altijd zijn gemak en voordeel.
De uitvinding van de velocipède opent een nieuwe
wereld, verhoogt de mobiliteit, verandert de maatschappij.
Toestanden en dingen die er niet meer bijhoren
gaan overboord. Niet alleen voor het dagelijks
werk maar ook in de vrije tijd. Dat gaat op voor vele
uitvindingen, het ligt gewoon voor de hand.
Vandaar: waarom nog ringsteken te paard als het met
de fiets kan? Daar zijn veel voordelen aan verbonden:
* Niet iedereen kan paardrijden, niet iedereen heeft
zelf(s) een paard. Weldra bezit iedereen wel een fiets!
Zo kunnen veel meer liefhebbers aan het ringsteken
deelnemen in plaats van voorheen enkel boerenzonen.
8
Voortaan kunnen bovendien ook vrouwen gemakkelijker
meedoen.
* Met de fiets ben je veel sneller op de wedstrijdplaats,
ook verder van je huis. Gedaan met het paard uit de
wei halen, optuigen, een heel eind ermee op stap, ter
plaatse voer geven, ervoor zorgen enz.
* Ringstekingen met de fiets zijn gemakkelijker te organiseren:
een standplaats voor de paarden wordt
overbodig, evenals water, hooi, stro. De wedstrijd
hoeft niet langer in de wei, het kan in de dorpsstraat
bij winkels en herbergen, en bij de gemeenschap.
* Toch maakt de mens een kapitale fout: hij gaat
compleet voorbij aan de intrinsieke identiteit van de
traditie. Die traditie is niet “ringsteking” maar
“ringsteking-te-paard”. Eén en ondeelbaar. Het paard
hoort er wel degelijk bij, het is essentieel, inherent.
Wat telt is niet enkel de ring steken, maar wel de totaalbelevenis,
het ring-steken-te-paard omdat - zoals
in het middeleeuwse steekspel - mens en dier in deze
traditie een twee-eenheid vormen inzake snelheid,
kracht en behendigheid.
* Dat inzicht heeft men denkelijk niet bij de eerste
ringstekingen met de fiets (1893 in VeurneBewesterpoort
en 1899 in Ieper). Het enige doel van
fietsfreak Fritz Vanderstuyft (een naam om ParijsRoubaix
mee te winnen..!) lijkt de promotie van het
rijwiel op straat en de verkoop ervan in zijn handel.
Anderzijds: springt Fritz in het gat in de markt? De
laatste ringsteking-te-paard in het Ieperse dateert van
1888 (de andere waren met de sjees en het paard ingespannen).
Denkt hij elf jaar later, in 1899: “Het is
hoog tijd voor een nieuw soort ringsteking, met de
fiets?” Hoe de vork precies aan de steel zit zullen we
wel nooit weten…
Nevenbeschouwing – Denken we de fiets
even helemaal weg. Ook dan zou de ringsteking te
paard, in de veronderstelling dat ze nog bestaat ca.
1970 e.v., het in de tijd erg moeilijk hebben. De intens
gemechaniseerde landbouw maakt immers het paard
op de hoeven overbodig…
* Hoe dan ook, op Walcheren (Zeeland) en in Friesland,
is het ringrijden te paard en met de sjees, sinds
eeuwen en tot vandaag in zijn authenticiteit bewaard.
Daarover nog enkele alinea’s.
׉	 7cassandra://sL1kvXgzX5WwD4lgKKrVvZu5yilMwdBhFfuJ_QBtgVE `̷ d%N3":A+.׉EWalcheren
In Zeeland zegt men niet “ringsteken” maar
“ringrijden”.
Het oudste archiefstuk erover dateert van 1687. Tachtig
jaar later, 1767, is er melding van het broederschap
Sint-Joris dat in Middelburg een ringrijderij houdt. In
1824 is de Nieuwlandse ringrijdersvereniging gesticht.
Sedert 1950 zijn de plaatselijke clubs verzameld in
een overkoepelende organisatie, de Zeeuwse Ringrijders
Vereniging (ZRV). Zestien clubs uit stadjes en
dorpen maken er deel van uit. Doel: zorgen voor het
ringrijden als een goed georganiseerde folkloristische
sport. Ter gelegenheid van het 50-jarige bestaan werd
in 2000 in Middelburg een standbeeld van “de ringrijder”
op het koorkerkplein geplaatst.
In Walcheren gebeurt het ringrijden niet goed komme
’t uut. Alles is beregeld in statuten, huishoudelijk en
wedstrijdreglement. Het is ongelooflijk hoeveel aspecten
in die regelgevingen voorkomen: niet gezadelde
paarden, wedstrijdtenue, doorsnede van de ring, lengte
en breedte van de ringbaan, opdrachten van de medewerkers
(ringhanger, ringloper, schrijvers), vijf wedstrijdklassen,
kampen met alsmaar nauwere ringen (tot
10 mm) bij onbesliste strijd.
Ook het sjezenrijden is er strikt gereglementeerd. De
Walcherse klederdracht is verplicht, sjees en paard
moeten versierd zijn met natuurbloemen wat uiteraard
prachtige beelden biedt. De ZRV verzorgt verder ook
demonstraties op locatie.
Meer info: www.rijgrijden.nl
Friesland
In West-Friesland is sedert 1955 de vereniging Het
Friese Tuigpaard actief. Ze geeft advies aan organisaties
en commissies die ringsteekwedstrijden uitschrijven.
Momenteel telt de HFT zo’n 300 leden.
Het beeld van het zwarte Friese tuigpaard gespannen
voor een sjees blijft een geliefd plaatje om te zien.
Leden van HFT komen ongeveer twintig keer per jaar
uit. Dan verschijnen de schitterende combinaties in
vele dorpsstraten om het publiek te vermaken en uiteraard
wordt er fel gestreden om de prijzen die er te verdienen
vallen.
Niet alleen heren kunnen een paard gespannen voor de
sjees uitbrengen. Ook dames mogen dit doen. De allermooiste
rubriek binnen de tuigsport met Friezen is
toch wel de rubriek tweespan. Een sjees wordt getrokken
door twee Friezen en in het bakje zit nu niet alleen
de heer maar ook de dame. Verder wordt er ook nog
gereden met een tandem-aanspanning (twee paarden
recht voor elkaar) of met klavertje drie (twee voor de
sjees en eentje los ervoor) en sinds kort kennen we ook
het kampioenschap in het vierspanrijden (met authentieke,
veelal landauers). In alle rubrieken met Friezen
voor de sjees zijn zowel dame als heer meestal gekleed
in het Friese kostuum wat stamt uit ongeveer 1850.
Meer info: www.friesetuigpaard.nl
Noten
Jan Huyghe
(1) Dawyndt, A., De herbergen uit de jaren twintig, deel I, Heembibliotheek Bachten de Kupe, nr. 6, 1974, p. 57-58
(2) Het Advertentieblad, 17 mei 1867
(3) Willaert, F., Het Nederlandse liefdeslied in de middeleeuwen, Promotheus Amsterdam, 2021, p. 46-49
(4) Willaert, o.c., p. 227
(5) spelen, afgeleid van F jouer, jeu
(6) Willaert, o.c., p. 573, noot 15
(7) Willaert, o.c., p. 573, noot 14
(8) Jan I zou Eleonora eigenlijk hebben willen schaken, met haar instemming, ze waren immers smoorverliefd op
elkaar. (in Willaert, o.c., p. 177)
(9) Joeste: (steek)spel
(10) Willaert, o.c., p. 573
(11) Het Advertentieblad, 25 september, p. 3
(12) Wikipedia op naam: Arthur Vanderstuyft (°Essen, 23 nov. 1883 †Borgerhout, 6 mei 1856), Léon Vanderstuyft
(°Ieper, 5 mei 1890 †Parijs, 26 feb. 1964)
9
׉	 7cassandra://yH2CcSLiJAbeX7AoxZYaLwZk72mFlxmo8YRjXf3PLUM`̷ d%N3":A+.d%N3":A+.בCט   u׉׉	 7cassandra://ETJ2qjGi2yh2UexhcuIIkZ_bGc6HznH7u936MrOKBPA U`׉	 7cassandra://sRF1RrTRVeALIv6RFuC_Zq9GOThGw1HpQ4ZFEcscOzk\`V׉	 7cassandra://JpB9eSG6ZzaFIr9pICZTELimT_3JcJ3QnhGyGWthX4IG`̷ ׉	 7cassandra://qQRULIUB7vSnye4kOVe1T2NVy6PtDTuMDd0phubJtX8 G͠d%N8":A+.׉EPS - Beste lezer/es, na dagenlang gezucht en
gekreun om me de kunst van het ringsteken
met de fiets eigen te maken, denk ik te mogen
terugblikken op een mooi resultaat, zelfs
een EERSTE prijs op zondag 25 juli 1937 in
Pollinkhove! Ook alweer 86 jaar geleden,
maar ik herinner me het alsof het gisteren
was…
- En nu maar hopen dat er weer eens een
echte ringsteking te paard komt in Vinkem
of Wulveringem, of waarom niet in het park
bij het Beauvoorde-kasteel?
Een re-enactment, in de kledij van 1867!!
Uit De Veurnaar, 8 juni 1888, p. 2
Uit De Halle, 1 augustus 1937, p. 4
Archief : Fotocollectie Elsevier
Ringsteking in Middelburg - A° 1949
10
׉	 7cassandra://JpB9eSG6ZzaFIr9pICZTELimT_3JcJ3QnhGyGWthX4IG`̷ d%N3":A+.׈Ed%N3":A+.d%N3":A+.) /DG lentenummer 41 1 2023-Jan-Huyghe ringstekingd%N/@16z