׉?ׁB!בCט  u׉׉	 7cassandra://fpfMvtMKzIg0Z9Rj9Z156W-VE-bg1NCir-akrgRde2o `׉	 7cassandra://Es6CinXTn71R62ZIzlWkIRKb09cemdIf9dDdBjFnbyUs`R׉	 7cassandra://vN4eHvgv8N8k0K41LG_RCx1j52SfO8E7UVmeF3WVtCc$@`̴׉	 7cassandra://Ph8OpgUPyRYQrnFUxh2G2Y2FntV8GH0YzahlobY_uLU 58L͠^"H~3.;lhט   u׈   5R  ׈E^"H~3.;lR׉Emei 2020
׉	 7cassandra://vN4eHvgv8N8k0K41LG_RCx1j52SfO8E7UVmeF3WVtCc$@`̴^"H~3.;lS^"H~3.;lRvבCט   vu׉׉	 7cassandra://swIeDvjj49H5lzhre-V4mnKmW8hXUvgkThi0Y93iUZY P`׉	 7cassandra://bgaHK6ctf5OOcFwCsHQiD4ETPh0-XVp0ssVtckRrLzAIy`׉	 7cassandra://pgCgNYxhEej0jwJw8hkIxIku5FeZTExgbeVvOA1-Q0kv`i ׉	 7cassandra://SR6_rUQ-MbD2tKJem4JvWEYjbgPoqqOCBuJmV2UssHg͐H͠	^"I~3.;lkנ^"I~3.;lo Gc9ׁH "http://www.onlinetouch.nl/khorhurdׁׁЈנ^"I~3.;ln '9ׁH  mailto:khorhurd@ajo-amsterdam.nlׁׁЈ׉EColofon
Khorhurd is een maandelijkse uitgave van Armeense
Apostolische Kerk Surp Hoki dat wordt samengesteld
door AJO Amsterdam.
Khorhurd streeft ernaar de gelovigen te informeren
over de Heilige Liturgie, kerkgeschiedenis en
symbolen. De algemene kennis te verbreden en de
preken toegankelijk te maken voor alle kerkgangers.
Dit redactieteam is opgericht door gelovigen voor
gelovigen. ‘Wij zijn allen gedoopt in één Geest
en zijn daardoor één lichaam geworden, wij zijn
allen van één Geest doordrenkt, of we nu Joden of
Grieken zijn, of we nu slaven of vrije mensen zijn.’
(1 Korintiërs 12:13)
Voor vragen, suggesties en/of bijdragen kun je
contact opnemen via khorhurd@ajo-amsterdam.nl.
U kunt Khorhurd ook online lezen
www.onlinetouch.nl/khorhurd
Redactie
Seda Abgarian
Armenuhi Alaverdyan
Grigor Ayvazyan
Adrine Bandari
Laetitia Demirbacak
Serge Demirbacak
Ani Manukjan
Nova Markarian
Ana Mgrdichian
Tade Stephanian
Vormgeving
Shake Moutafian
2 Khorhurd
׉	 7cassandra://pgCgNYxhEej0jwJw8hkIxIku5FeZTExgbeVvOA1-Q0kv`i ^"H~3.;lT׉E I nhouds
o p g ave
Apostelen van Christus
Apostel en evangelist Marcus
Vraag en antwoord
Wat vieren we met Pinksteren?
Preken
Preek 3 mei 2020
Preek 10 mei 2020
Preek 17 mei 2020
Preek 24 mei 2020
Preek 31 mei 2020
4
5
6
8
12
15
17
^"H~3.;lU^"H~3.;lTvבCט   vu׉׉	 7cassandra://NvBgXYJHC8V4HQXSUvL91ccY1bEt-D-Gy0rhOk6_qYw 7`׉	 7cassandra://ksgFRKadEqhufjN9ssFbpVcaWHhVNWtuX3feVB1Lt9Iܣ`׉	 7cassandra://GFDAOxmmkHLXpeSeA8-1rTxtoUoj8wpbcCzuKtr3IZ4<`i ׉	 7cassandra://5Cr4Lh2izljeENpjT8_RtkE3D6w_Uv_daxXOWx_-J34 ͠	^"I~3.;lp׉EApostelen
van Christus: Marcus
Apostel en evangelist Marcus
Marcus was één van de apostelen van onze
Heer Jezus Christus. Hij is de schrijver van
één van de Evangeliën van Christus in de
Bijbel. Marcus heet eigenlijk Johannes Marcus
zoals in handelingen 12:12 staat: ‘12
Toen dit
tot hem was doorgedrongen, ging hij naar
het huis van Maria, de moeder van Johannes
Marcus, waar een groot gezelschap bijeen
was gekomen om te bidden.’
Na de kruisiging en opstanding van Christus
was het huis van Marcus de eerste christelijke
kerk. Hier ontvingen de apostelen de Heilige
Geest tijdens Pinksteren. Hij ging samen
met apostel Paulus op pas nadat Christus
al Zijn apostelen erop uitstuurde om het
christendom te verspreiden. Zij gingen samen
naar Egypte en stichtten daar de kerk van
Alexandria, waar Marcus de eerste Paus an
werd. Dit moet niet verward worden met de
Paus in Rome. Dit is de persoon die bovenaan
de rang staat van de kerk van Alexandria.
Deze kerk resulteerde naar de zusterkerk van
de Armeens Apostolische kerk, namelijk de
Koptisch Orthodoxe kerk.
In het jaar 68 na Christus vierden Marcus
en de mensen in Alexandria de herrijzenis
van Christus, Dit viel op dezelfde dag als
het feest van een god in het land. Wegens
godslasering werd de kerk, waar Marcus en
zijn volgelingen de herrijzenis van Christus
vierden, aangevallen en werd Marcus
opgepakt en gevangengenomen. De dag
erna werd hij gemarteld en vermoord. Hierna
wilden zij het lichaam van Marcus verbranden,
maar dit ging niet door in verband met regen.
Daardoor hebben de christenen in de buurt
de kans gekregen om het lichaam van Marcus
mee te nemen en in een geheime plek in de
kerk in Boskalis begraven.
4 Khorhurd
׉	 7cassandra://GFDAOxmmkHLXpeSeA8-1rTxtoUoj8wpbcCzuKtr3IZ4<`i ^"H~3.;lV׉EVr aag
en antwoord
Wat vieren we met Pinksteren?
Goede vrijdag is de dag dat we rouwen om
de dood van Jezus Christus. Hij is gestorven
aan het kruis ter vergeving van onze zonden
om enkele dagen later weer uit de dood
op te staan(Pasen). Veertig dagen na zijn
wederopstanding vaart Jezus op naar de
hemel (Hemelvaart). Voor zijn opvaarding
belooft hij zijn discipelen dat Hij ze niet in
de steek zal laten en de Heilige Geest op ze
af zal laten komen om ze te helpen met het
verkondigen van Gods woord.
Op de 50ste
dag na Pasen, 10 dagen na
Hemelvaart, vieren we Pinksteren. Met
Pinksteren gebeurde er namelijk iets
bijzonders; de Heilige Geest daalde neer op
de discipelen, zoals Jezus hen had beloof.
Dit kun je nalezen in Handelingen 2 vers 1-4;
‘En toen de dag van het Pinksterfeest vervuld
werd, waren zij allen eensgezind bijeen. En
plotseling kwam er uit de hemel een geluid
als van een geweldige windvlaag en dat
vervulde heel het huis waar zij zaten.
En aan hen werden tongen als van vuur
gezien, die zich verdeelden, en het zat op
ieder van hen. En zij werden allen vervuld
met de Heilige Geest en begonnen te
spreken in andere talen, zoals de Geest
hun gaf uit te spreken.’
De apostelen zaten in Jeruzalem bij elkaar
en werden op dat moment vervuld met de
Heilige Geest. Ze begonnen het woord van
Khorhurd
5
God te verkondigen in allemaal verschillende
talen. Diezelfde dag bekeerden er 3000
mensen zich tot het Christendom! Deze
gebeurtenis wordt vergeleken met een oogst.
Dit was de eerste oogst waarbij 3000 mensen
zich bekeerden tot het Christendom! Deze
oogst zal doorgaan tot iedereen gehoord
heeft van het Koninkrijk van God!
Met Pinksteren herdenken we dat de
Heilige Geest neerdaalde op de apostelen.
De Heilige Geest helpt ons in het nemen
van beslissingen en lijdt onze levens in
goede banen!
^"H~3.;lW^"H~3.;lVvבCט   vu׉׉	 7cassandra://1ofF0mX7EpLnO2H2Iwz6vMt_q7pvmzw-4Q1FZMQCvMk e` ׉	 7cassandra://EAMq5ojmMkfWPy8Y141ZcTVyx9qNwvlI9XlUemJBhNUI`׉	 7cassandra://7awtSrWGrXiLnfIV4_ub612f7pw7XvT_PxLc7dF3aN04-`i ׉	 7cassandra://0CCxQbTJ3bUS0gSBkPFKQoLJeqvooiy9PqD_K3th-mk \-͠	^"I~3.;ls׉E	
Preek
3 mei 2020
“Wees waakzaam, wees op uw hoede, want uw vijand, de duivel,
zwerft rond als een brullende leeuw, op zoek naar een prooi.”
– 1 Petrus 5: 8
Deze zondag hebben de kerkvaders rood of
heiligen genoemd. Rood is de kleur van liefde
die de hoogten van Golgotha schilderde,
zodat de duisternis van de menselijke ziel
kon worden getransformeerd in heldere en
lichtgevende gaven van de Heilige Geest,
in de juwelen van deugd en de onschatbare
parels van goddelijke wijsheid. De rode kleur
is ook de kleur van de strijd. Dat is wat zowel
de Kerk drijft als iedere individuele christen.
Deze strijd zal worden bekroond met de overwinning,
als we ons niet laten leiden door
onze schuldige, trotse ego maar door de
belichaming van de allerhoogste nederigheid,
de mens geworden, verrezen en overwonnen
Jezus Christus.
Deze strijd is onzichtbaar en ontastbaar.
Als een persoon geen spirituele visie heeft,
ofwel voldoende kennis, spirituele ervaring
en grote nederigheid, dan kan hij die oorlog
heel gemakkelijk verliezen en zijn onbetaalbare,
onsterfelijke ziel verliezen. In een van de
lezingen van vandaag waarschuwt de apostel
Petrus: “Wees waakzaam, wees op uw hoede,
want uw vijand, de duivel, zwerft rond als een
brullende leeuw, op zoek naar een prooi. Stel
u tegen hem teweer, gesterkt door uw geloof,
in het besef dat uw broeders en zusters, waar
ook ter wereld, onder hetzelfde leed gebukt
gaan.” (1 Petrus 5:8-9). Dit is een zeer belangrijke
waarschuwing, en het is niet tevergeefs
dat de heilige Apostel zich hier zorgen over
maakt, omdat de apostel, vol goddelijke
wijsheid, zich wonderwel bewust is van de
zwakke menselijke natuur, die vatbaar is voor
verschillende zwakheden.
Net zoals het fysieke lichaam ‘s ochtends
wakker wordt met verse krachten, nieuwe
energie en een heldere geest, maar overdag
wordt het moe, verzwakt het en beginnen de
ogen te sluiten en tenslotte gaat het slapen.
Zo is ook de ziel als we onze spirituele waakzaamheid
niet houden. Denk aan je eerste
stappen in de kerk, of kijk naar de bekering
van nieuwelingen. Wat een energie, wat een
vreugde, hoeveel belangstelling, ijver en
angst is er in hun ogen en daden! Maar na
verloop van tijd komt onze zwakke natuur
weer op, en we merken niet eens hoe de
ogen van de ziel geleidelijk worden verzwaard
6 Khorhurd
׉	 7cassandra://7awtSrWGrXiLnfIV4_ub612f7pw7XvT_PxLc7dF3aN04-`i ^"H~3.;lX׉Edoor de last van onze passies, de stem van
ons geweten wordt tot zwijgen gebracht en
we bevinden ons in de dodelijke klauwen van
mentale luiheid, passiviteit en onverschilligheid.
Zonder wroeging zijn we afwezig van
de heilige liturgie of lopen we halverwege
naar buiten en waarderen we het onschatbare
offer van Christus niet. Het offer waardoor
we leven en hoop hebben op redding. We
lezen het evangelie niet, we luisteren niet naar
preken, aangezien we achten dat we genoeg
kennis hebben. Wij belijden onze zonden
niet, want we stoppen ze te zien als gevolg
van geestelijke blindheid. We houden op met
elkaar lief te hebben, elkaar te respecteren
en te vergeven, en negeren het belangrijkste
gebod “Heb uw naaste lief als uzelf” (Marcus
12:30), omdat we onszelf trots beschouwen
als ‘ervaren gelovigen.’
Als we onze geestelijke wapens opzij zetten
en de verdediging verzwakken, brengen
de door verleidingen vergiftigde pijlen van
de vijand gemakkelijk schade aan onze
ziel. Onverschilligheid, luiheid, verdriet en
wanhoop zijn gevaarlijke toestanden voor
onze ziel. Daarom roept de apostel op tot
ontwaken en herinnert ons aan de eeuwige
vijand. Daarom dringt Christus aan op: “Blijf
wakker en bid dat jullie niet in beproeving
komen; de geest is wel gewillig, maar het
lichaam is zwak.” (Marcus 14:38).
Laten we de kostbare schatten bewaren die de
Here God ons heeft gegeven, de onsterfelijke
ziel en een standvastige geloof. Wees vastberaden
in onze strijd. Laten we niet ontmoedigd
worden, laten we niet wanhopen, laten we niet
bang zijn, want Jezus Christus heeft de wereld
overwonnen (Johannes 16:33), en laat het oneindige
licht van het Koninkrijk van de hemel
onze koers verlichten en ons naar de eeuwige
overwinning leiden.
Evangelie: Marcus 4:26-34
26
En hij zei: ‘Het is met het koninkrijk van God
als met een mens die zaad uitstrooit op de
aarde: 27
hij slaapt en staat weer op, dag in
dag uit, terwijl het zaad ontkiemt en opschiet,
ook al weet hij niet hoe. 28
De aarde brengt uit
zichzelf vrucht voort, eerst de halm, dan de
aar, en dan het rijpe graan in de aar. 29
Maar
zo gauw het graan het toelaat, slaat hij er de
sikkel in, omdat het tijd is voor de oogst.’
En hij zei: ‘Waarmee kunnen we het koninkrijk
van God vergelijken en door welke gelijkenis
kunnen we het voorstellen? 31
30
Het is als een
zaadje van de mosterdplant, het kleinste van
alle zaden op aarde wanneer het gezaaid
wordt. 32
wordt het het grootste van alle planten en
krijgt het grote takken, zodat de vogels van
de hemel in zijn schaduw kunnen nestelen.’
Met zulke en andere gelijkenissen verkondigde
hij hun Gods boodschap, voor zover ze die
konden begrijpen; 34
33
nissen tegen hen, maar wanneer hij alleen was
met zijn leerlingen, verklaarde hij hun alles.
Khorhurd
7
Maar als het na het zaaien opschiet,
hij sprak alleen in gelijke^"H~3.;lY^"H~3.;lXvבCט   vu׉׉	 7cassandra://AWf1-V9JsTZaYvlM3ltiBsvJlq4yVCYHw7v_804TGNc x`׉	 7cassandra://NZkpqP6yEnEAdG_6skgtm5uqIXzNmvYdNVOuCDAwgHsͣ2`׉	 7cassandra://DpfqgfnO1QG5k0xeUFVQ_GAHudDH1O3tBHRO0EGYuPI,B`i ׉	 7cassandra://n__Cd2YrgunYDCkyDEKzxp1H5sxOYrL1WFFwIB9QdAAͻ-͠	^"I~3.;lv׉EPreek
10 mei 2020
“Wie een lamp aansteekt, zet hem niet weg in een donkere
nis, maar plaatst hem op de standaard, zodat degenen die
binnenkomen het licht kunnen zien.”
– Lucas 11:33
De gelovige is de lamp die het leven
gevende licht van God draagt, die hij heeft
aangestoken van de ware lamp die Christus’
licht draagt en de duisternis van deze wereld
en de mensheid verlicht, de Kerk. Dit is een
buitengewoon grote verantwoordelijkheid
die de hemelse Vader en de Moederkerk hun
toegewijde kinderen hebben toevertrouwd.
“Wie een lamp aansteekt, zet hem niet weg
in een donkere nis, maar plaatst hem op de
standaard, zodat degenen die binnenkomen
het licht kunnen zien.” (Lucas 11:33).
De Heer zegt ook: “Als je hele lichaam
verlicht is, zonder dat ook maar een deel
in duisternis verkeert, dan is het zo licht als
wanneer een lamp je met zijn stralen verlicht.”
(Lucas 11:36). Dit betekent dat wij voorzichtig
8 Khorhurd
׉	 7cassandra://DpfqgfnO1QG5k0xeUFVQ_GAHudDH1O3tBHRO0EGYuPI,B`i ^"H~3.;lZ׉E
amoeten zijn dat het licht in ons duister wordt.
Ofwel als het licht van Christus ons hart
heeft geraakt is dat geen garantie dat het
licht in ons niet kan doven gedurende ons
leven. Dus wij moeten onszelf afvragen waar
onze gedachten zich van voeden, met welke
ideeën we ons vormen en wat we doen, zodat
dit licht niet dooft en omgevormd wordt tot
duisternis. Het licht brengt goedheid voort
en gerechtigheid en waarheid. Onderzoek
wat de wil van de Heer is. Neem geen deel
aan de vruchteloze praktijken van de duisternis”
(Efeziërs 5:9-11). De apostel geeft aan
wat de manier is om de onbeschrijfl ijke
goddelijke licht te beschermen en de
duisternis te vermijden.
We hebben een scherpe geestelijke zicht
nodig, onze gedachten moeten attent zijn en
gevestigd op een sterk geloof en goddelijke
wijsheid om de waarheid te onderscheiden
van het valse. Om niet te verdwalen in de
duistere wegen van deze wereld en om met
een door Christus’ licht opgelaaide geest de
rusthaven van vrede te bereiken.
Om dit alles te bereiken moeten we onze
gedachten voeden met de woorden van
Schenker van het Goede. Profeet David zingt:
“Uw woord is een lamp voor mijn voet, een
licht op mijn pad.” (Psalm 119:105). Dus de
Bijbel moet ons dagelijks brood zijn voor onze
gedachten, zodat we duidelijk het pad van
verlossing zien, waarop we voortgaan. Door
de Heilige Geest geïnspireerde geschriften
van de Kerkvaders moeten we alle dwaalleren,
verkeerde interpretaties en valse ideeën uit
onze gedachten weren, want deze vergiftigen
en verzieken het bewustzijn van de mens.
Gebeden en hymnes moeten onze gedachten
behoeden en wakker houden en de relatie
met de Vader en Schepper vasthouden.
Vandaag viert onze kerk de verschijning van
het heilige Kruis. 17 eeuwen geleden waren
de bewoners van Jeruzalem, christenen of
heidenen, getuige van het verschijnen van
het teken van het heilige Kruis, die uren lang
verscheen aan de hemel in Jeruzalem. De
verschijning versterkte het geloof van de
volgers van Christus en was de aanleiding
voor het bekeren van vele verdwaalde zielen.
Op die dag gingen vele harten, dorstig
naar de waarheid en het verlossende licht,
vanuit alle hoeken van de stad naar de Kerk.
Vanuit de hemel schijnende teken toonde de
mensen de enige plaats waar het licht van de
goddelijke waarheid altijd wordt behouden.
Laten we onze zielen verplaatsen naar de
hemelse koepel in Jeruzalem waar de teken
van het heilige Kruis scheen, zodat die schijnt
met het ondoofbare Vuur en het levende Licht
oplaait en brandend blijft en ieder van ons
de lamp wordt die licht schijnt en diegenen
die zoeken naar het ware Licht, licht en
warmte vinden.
Khorhurd
9
^"H~3.;l[^"H~3.;lZvבCט   vu׉׉	 7cassandra://Pi7cWQ5XyLoiFJB4v_plEYiGG5dF9VhyOHFZyOy_fwM o`׉	 7cassandra://kqef8LwFo167kCIjxf0qC_5N0INF9x0MSR40iJMLuLE;`׉	 7cassandra://Jw_yE9F0CXX3nLor754K7WLyGa-ieNzuuXptoTtRgbI3w`i ׉	 7cassandra://jTUQEXnKiWKCiGW5FAS968kP-v48rAlObfEZZ41gNms BMn͠	^"I~3.;lx׉EEvangelie: Lucas 11:33 – 12:12
33
Wie een lamp aansteekt, zet hem niet weg
in een donkere nis, maar plaatst hem op de
standaard, zodat degenen die binnenkomen
het licht kunnen zien. 34
Het oog is de lamp
van het lichaam. Als je oog helder is, is je
hele lichaam verlicht. Maar als het troebel
is, verkeert je lichaam in duisternis. 35
Let dus
op of het licht dat in je is, niet verduisterd is.
36
Als je hele lichaam verlicht is, zonder dat ook
maar een deel in duisternis verkeert, dan is
het zo licht als wanneer een lamp je met zijn
stralen verlicht.’
Confrontatie met farizeeën
en schriſt geleerden
37
Toen hij uitgesproken was, nodigde een
farizeeër hem uit voor de maaltijd. Hij ging
naar binnen en ging aan tafel aanliggen.
38
Maar de
Toen de farizeeër dat zag, verwonderde
hij zich erover dat hij zich niet eerst gewassen
had voor de maaltijd. 39
Heer zei tegen hem: ‘Ach, jullie farizeeën!
De buitenkant van de beker en de schotel
reinigen jullie, maar jullie eigen binnenkant
is vol roofzucht en slechtheid. 40
Dwazen,
heeft hij die de buitenkant gemaakt heeft
niet ook de binnenkant gemaakt? 41
Geef
liever de inhoud van beker en schotel als
aalmoes, dan is niets meer onrein voor jullie!
42
Maar wee jullie farizeeën, want jullie geven
tienden van munt, wijnruit en andere kruiden,
maar gaan voorbij aan de gerechtigheid en
de liefde tot God; je zou het een moeten
doen zonder het andere te laten. 43
Wee jullie
farizeeën, want jullie zitten graag op een
10 Khorhurd
Daarop zei een wetgeleerde tegen hem:
‘Meester, door die dingen te zeggen beledigt
u ook ons.’ 46
Maar Jezus zei: ‘Wee ook jullie,
wetgeleerden! Want jullie leggen de mensen
ondraaglijke lasten op, maar raken die zelf
met geen vinger aan. 47
Wee jullie, want jullie
bouwen graftomben voor de profeten, terwijl
jullie voorouders hen hebben gedood. 48
Jullie
zijn getuigen die instemmen met de daden van
jullie voorouders, want zij hebben hen gedood
en jullie bouwen de tomben! 49
Daarom heeft
God in zijn wijsheid gezegd: “Ik zal profeten
en apostelen naar hen zenden, maar ze zullen
sommigen van hen doden en anderen vervolgen.”
50
Voor het bloed van al de profeten dat
sinds de grondvesting van de wereld vergoten
is, zal van deze generatie genoegdoening
worden geëist, 51
bloed van Zecharja, die omkwam tussen het
brandofferaltaar en het heiligdom. Ja, ik zeg
jullie, van deze generatie zal genoegdoening
worden geëist! 52
Wee jullie wetgeleerden,
want jullie hebben de sleutel tot de kennis
weggenomen; zelf zijn jullie niet binnengegaan,
en anderen die wel binnen wilden gaan
hebben jullie tegengehouden.’ 53
Toen hij het
huis verliet, waren de schriftgeleerden en de
farizeeën uitzinnig van woede; ze begonnen
hem over van alles uit te vragen, 54
in een
arglistige poging om hem te betrappen
op een ongeoorloofde uitspraak.
van het bloed van Abel tot het
45
ereplaats in de synagoge en worden graag
begroet op het marktplein. 44
Wee jullie, want
jullie zijn als ongemarkeerde graven waar de
mensen overheen lopen zonder het te weten.’
׉	 7cassandra://Jw_yE9F0CXX3nLor754K7WLyGa-ieNzuuXptoTtRgbI3w`i ^"H~3.;l\׉EOnderricht aan de leerlingen en de menigte
121
Intussen had er zich een enorme menigte
verzameld. De mensen verdrongen elkaar,
maar hij richtte zich eerst tot zijn leerlingen:
‘Hoed je voor de zuurdesem, dat wil zeggen
de huichelarij van de farizeeën. 2
Niets is verborgen
dat niet onthuld zal worden, en niets
is geheim dat niet bekend zal worden. 3
Alles
wat jullie in het duister zeggen, zal in het licht
worden gehoord, en wat jullie binnenskamers
in iemands oor fl uisteren, zal vanaf de daken
bekend worden gemaakt. 4
Tegen jullie, mijn
vrienden, zeg ik: wees niet bang voor degenen
die het lichaam kunnen doden, maar niet
tot iets ergers in staat zijn. 5
Ik zal jullie zeggen
voor wie je bang moet zijn. Wees bang voor
hem die de macht heeft om iemand niet
alleen te doden maar ook in de Gehenna te
werpen. Ja, ik zeg jullie, wees bang voor hem!
Wat kosten vijf mussen? Bijna niets. Toch
wordt er niet één door God vergeten. 7
6
Zelfs
de haren op jullie hoofd zijn alle geteld.
Wees niet bang, jullie zijn meer waard dan
een hele zwerm mussen. 8
Ik zeg jullie: iedereen
die mij erkent bij de mensen, zal ook
door de Mensenzoon worden erkend bij de
engelen van God. 9
Maar wie mij verloochent
bij de mensen, zal verloochend worden bij de
engelen van God. 10
En iedereen die iets ten
nadele van de Mensenzoon zegt, zal worden
vergeven. Maar wie lastertaal spreekt tegen
de heilige Geest zal niet worden vergeven.
11
Wanneer ze jullie voor de synagogen en
de autoriteiten en het gerecht slepen, vraag
je dan niet bezorgd af hoe of waarmee je
je moet verdedigen of wat je moet zeggen,
12
want de heilige Geest zal jullie op dat
moment ingeven wat je moet zeggen.’
Khorhurd
11
^"H~3.;l]^"H~3.;l\vבCט   vu׉׉	 7cassandra://fp9P2NNj9LOUW2ti6PTHx3vn_JWLnjWZHIZsDHo1gi8 "~` ׉	 7cassandra://eTiKKarqV5ZoJKYfTQDKHksTaKpjcwGWXqwNx0gmbFA`׉	 7cassandra://fR_2HOSQgQPbBZbDj2J-EnZ8FalbjrkPAZqItTxsLl45`i ׉	 7cassandra://J716jSoF149HjG3YFexR7jrE3DL0KmrUkZc7xxgMZ9QҴ-͠	^"J~3.;l{׉E	"Preek
17 mei 2020
“Zout is iets goeds. Maar als ook het zout zijn smaak verliest,
hoe kunnen we het dan zijn kracht teruggeven? Ook voor de
bemesting van de grond is het niet meer bruikbaar, dus wordt het
weggegooid. Wie oren heeſt om te horen, moet goed luisteren!”
– Lukas 14:34, 35
Christus vergelijkt gelovigen met zout. Als
gelovigen moeten we zout worden voor de
mensen om ons heen, en christelijke liefde
verspreiden overal, in elke relatie, in elk werk
en in elk probleem.
Waarom maakt Christus de vergelijking juist
met zout? Omdat zout een van de beste voorbeelden
is van opoffering, liefde en toewijding.
Zout is niet zichtbaar in voedsel, net als het leven
van een christen. Een christen streeft ernaar
om zo waardevol te zijn als zout en tegelijkertijd
zijn werken niet opvallend te maken. Een
christen moet ook weten dat een offer alleen
gewaardeerd als het met liefde wordt gedaan.
Zoals de apostel Paulus zegt: “Als ik al mijn bezittingen
aan de armen geef en dit lichaam van
mij laat verbranden, had ik de liefde niet, het
zou mij niet baten” (1 Korintiërs 13:3). Het is dus
niet genoeg om als zout te smelten om voedsel
smaak te geven. Het is noodzakelijk om liefde
te hebben, mensen liefde te geven en liefde
samen te smelten met het werk.
In het evangelie van Mattheüs vergelijkt
Christus, samen met zout, de mens met licht.
“Jullie zijn het licht in de wereld. Een stad die
boven op een berg ligt, kan niet verborgen
blijven. Men steekt ook geen lamp aan om hem
vervolgens onder een korenmaat weg te zetten,
nee men zet hem op een standaard, zodat hij
licht geeft voor ieder die in huis is. Zo moet jullie
licht schijnen voor de mensen, opdat ze jullie
goede daden zien en eer bewijzen aan jullie
Vader in de hemel (Mattheüs 5:14-16). Allereerst
moet worden gezegd dat Christus zelf “het
ware Licht is, dat ieder mens verlicht en naar de
wereld kwam” (Johannes 1:9). Dat wil zeggen
dat de Heer ons aanspoort om zoals Hem te
zijn en een licht voor de mensen te zijn.
Zoals in alle tijden voelen mensen tegenwoordig
ook de behoefte voor liefde, zorg
en aandacht. Katholicos Garegin I zegt dat
de achtste doodzonde onverschilligheid is.
Wij christenen moeten het leven dat God ons
heeft gegeven als licht kunnen maken, niet
alleen waardevol voor ons, maar ook voor de
mensen om ons heen.
12 Khorhurd
׉	 7cassandra://fR_2HOSQgQPbBZbDj2J-EnZ8FalbjrkPAZqItTxsLl45`i ^"H~3.;l^׉EChristus leert om op te vallen met goede,
maar niet opzichtige daden, die het leven van
mensen verlichten. Dus aan de ene kant moet
de liefde van een christen als licht schijnen,
belangrijk zijn, in eerste instantie voor het zicht
van de mensen, en aan de andere kant, zoals
zout versmelt in voedsel en smaakt geeft, zo
moet de christelijke liefde ernaar streven om
smaak en reuk te brengen in het leven van
de mensen.
Evangelie: Lucas 14:25 – 15:32
Het volgen van Jezus
25
een gezant om naar de voorwaarden voor
vrede te vragen. 33
Zo geldt ook voor jullie: wie
geen afstand doet van al zijn bezittingen, kan
mijn leerling niet zijn. 34
de bemesting van de grond is het niet meer
bruikbaar, dus wordt het weggegooid. Wie
oren heeft om te horen, moet goed luisteren!’
De zorg om wat verloren is
151
Grote mensenmenigten trokken met Jezus
mee. Hij wendde zich tot hen en zei: 26
‘Wie
mij volgt, maar niet breekt met zijn vader en
moeder en vrouw en kinderen en broers en zusters,
ja zelfs met zijn eigen leven, kan niet mijn
leerling zijn. 27
Wie niet zijn kruis draagt en mij
op mijn weg volgt, kan niet mijn leerling zijn.
28
Want wie van jullie die een toren wil bouwen
gaat niet eerst de kosten berekenen, om te zien
of hij wel genoeg heeft voor de bouw? 29
Als
hij het fundament gelegd heeft maar de bouw
niet kan voltooien, zal iedereen die dat ziet
hem uitlachen 30
en zeggen: “Die man begon
te bouwen, maar het karwei afmaken kon hij
niet.” 31
En welke koning die eropuit trekt om
met een andere koning oorlog te voeren, zal
niet eerst bij zichzelf te rade gaan of hij wel met
tienduizend man kan optrekken tegen iemand
die met twintigduizend man tegen hem oprukt?
32
Als hij dat niet kan, stuurt hij eerst, wanneer
de troepen nog ver van elkaar verwijderd zijn,
Alle tollenaars en zondaars kwamen hem
opzoeken om naar hem te luisteren. 2
Maar
zowel de farizeeën als de schriftgeleerden zeiden
morrend tegen elkaar: ‘Die man ontvangt
zondaars en eet met hen.’ 3
Jezus vertelde
hun toen deze gelijkenis: 4
‘Als iemand van u
honderd schapen heeft waarvan er één verloren
is geraakt, laat hij dan niet de negenennegentig
andere in de woestijn achter om naar het
verdwaalde dier op zoek te gaan tot hij het gevonden
heeft? 5
legt hij het vol vreugde op zijn schouders 6
En als hij het gevonden heeft,
en
gaat hij naar huis. Daar roept hij zijn vrienden
en buren bijeen en zegt tegen hen: “Deel in
mijn vreugde, want ik heb het schaap gevonden
dat verdwaald was.” 7
Zout is iets goeds. Maar
als ook het zout zijn smaak verliest, hoe kunnen
we het dan zijn kracht teruggeven? 35
Ook voor
Ik zeg u: zo zal er in
de hemel meer vreugde zijn over één zondaar
die tot inkeer komt dan over negenennegentig
rechtvaardigen die geen inkeer nodig hebben.
En als een vrouw tien drachmen heeft en er
één verliest, steekt ze toch de lamp aan, veegt
het hele huis schoon en zoekt ze alles af tot ze
het muntstuk gevonden heeft? 9
En als ze het
Khorhurd
13
8
^"H~3.;l_^"H~3.;l^vבCט   vu׉׉	 7cassandra://uNWmxYjBxzI5rf6NttujpAR0mEzv5FSY_jMyXbpr0AI Q` ׉	 7cassandra://NehecF_JFw_DwjazGyG0rl48uEb_4KNk_A6_A-9BHLI`׉	 7cassandra://vu6hX5V5KS41WtBStGFvnOHWdif83zTwn714_K2_HHs4`i ׉	 7cassandra://-FXyMiAq2eqGfjNy2YPyKvEiBZG2W8-R7Y-fLLMsYMQͤG-͠	^"J~3.;l}׉Egevonden heeft, roept ze haar vriendinnen en
buren bijeen en zegt: “Deel in mijn vreugde,
want ik heb de drachme gevonden die ik kwijt
was.” 10
Zo, zeg ik u, heerst er ook vreugde
onder de engelen van God over één zondaar
die tot inkeer komt.’
11Vervolgens zei hij: ‘Iemand had twee zonen.
12De jongste van hen zei tegen zijn vader:
“Vader, geef mij het deel van uw bezit waarop
ik recht heb.” De vader verdeelde zijn
vermogen onder hen. 13
zilverde de jongste zoon zijn bezit en reisde
af naar een ver land, waar hij een losbandig
leven leidde en zijn vermogen verkwistte.
14
Toen hij alles had uitgegeven, werd dat land
getroffen door een zware hongersnood, en
begon hij gebrek te lijden. 15
Hij vroeg om werk
bij een van de inwoners van dat land, die hem
op het veld zijn varkens liet hoeden. 16
Hij had
graag zijn maag willen vullen met de peulen
die de varkens te eten kregen, maar niemand
gaf ze hem. 17
Toen kwam hij tot zichzelf en
dacht: De dagloners van mijn vader hebben
eten in overvloed, en ik kom hier om van de
honger. 18
ik ben het niet meer
Hij vertrok
Ik zal naar mijn vader gaan en tegen
hem zeggen: “Vader, ik heb gezondigd tegen
de hemel en tegen u, 19
waard uw zoon genoemd te worden; behandel
mij als een van uw dagloners.” 20
meteen en ging op weg naar zijn vader.
Zijn vader zag hem in de verte al aankomen. Hij
kreeg medelijden en rende op zijn zoon af, viel
hem om de hals en kuste hem. 21
“Vader,” zei
14 Khorhurd
Na enkele dagen verDe
oudste zoon was op het veld. Toen hij naar
huis ging en al dichtbij was, hoorde hij muziek
en gedanst. 26
25
zich en vroeg wat dat te betekenen had. 27
Hij riep een van de knechten bij
De
knecht zei tegen hem: “Uw broer is thuisgekomen,
en uw vader heeft het gemeste kalf
geslacht omdat hij hem gezond en wel heeft
teruggekregen.” 28
niet naar binnen gaan, maar zijn vader kwam
naar buiten en trachtte hem te bedaren. 29
Hij
zei tegen zijn vader: “Al jarenlang werk ik voor
u en nooit ben ik u ongehoorzaam geweest als
u mij iets opdroeg, en u hebt mij zelfs nooit een
geitenbokje gegeven om met mijn vrienden
feest te vieren. 30
Maar nu die zoon van u is
thuisgekomen die uw vermogen heeft verkwanseld
aan de hoeren, hebt u voor hem het
gemeste kalf geslacht.” 31
Zijn vader zei tegen
hem: “Mijn jongen, jij bent altijd bij me, en alles
wat van mij is, is van jou. 32
niet anders dan feestvieren en blij zijn, want je
broer was dood en is weer tot leven gekomen.
Hij was verloren en is teruggevonden.”’
Maar we konden toch
zijn zoon tegen hem, “ik heb gezondigd tegen
de hemel en tegen u, ik ben het niet meer
waard uw zoon genoemd te worden.” 22
Maar
de vader zei tegen zijn knechten: “Haal vlug het
mooiste gewaad en trek het hem aan, doe hem
een ring aan zijn vinger en geef hem sandalen.
23
Breng het gemeste kalf en slacht het. Laten
we eten en feestvieren, 24
mij was dood en is weer tot leven gekomen,
hij was verloren en is teruggevonden.” En ze
begonnen feest te vieren.
want deze zoon van
Hij werd woedend en wilde
׉	 7cassandra://vu6hX5V5KS41WtBStGFvnOHWdif83zTwn714_K2_HHs4`i ^"H~3.;l`׉E
 Preek
24 mei 2020
“Net zo zeker is het dat Christus, die eenmaal is geofferd
om de zonden van velen te dragen, voor een tweede maal
zal verschijnen om te redden wie hem verwachten”
– Hebreeën 9:28
Vandaag viert de Armeens-Apostolische
Heilige Kerk de Tweede Palmzondag.
De eerste Palmzondag symboliseert de intocht
van Christus in Jeruzalem, waar kinderen Hem
zegenden en de Eniggeboren Zoon van God
werd verheerlijkt. De tweede Palmzondag symboliseert
de intocht van Christus in het hemelse
Jeruzalem, waar de engelen God verheerlijken.
Het leven is een geschenk van God en gedurende
ons leven moeten we God verheerlijken,
zoals de kinderen deden bij de intocht van
Christus in Jeruzalem. Ze kozen het beste
deel – de communicatie met God. Net zoals
Christus tegen Martha voor Maria zegt, toen
Maria, haar huishoudelijke taken en zelfs
gastvrijheid achterwege liet en ervoor koos
om naast Christus te zitten en naar Hem te
luisteren (Lucas 10:38-42).
Het leven met God is geliefd en nobel, het
schaadt de mens niet, maar geneest en zuivert
hem alleen. Er is niet alleen bescherming
in Gods armen, maar ook onbeschrijfelijke
veiligheid, die de mens eindeloos zoekt. Het
is onmogelijk om iets in de wereld te bouwen,
te creëren of uit te vinden dat iemand een
gevoel van veiligheid geeft. Alles is mogelijk
als God niet bij ons is. Echter, niets kan ons
redden, ons gelukkig maken of ons heiligen,
omdat het onze Heer en Redder Jezus
Christus is die ons van onze zonden verlost,
ons vrede en rust geeft, genezing en troost,
hoop en het Koninkrijk.
Voordat de Heer Jeruzalem binnenging,
vroegen de blinde mannen van Jericho aan
Hem, om genade met hen te hebben. Net als
zij moeten we de Heer aanroepen om genade
met ons te hebben, om de verhinderingen van
onze ziel te genezen, zodat ook wij de stad van
de Heer, Jeruzalem, binnen kunnen gaan.
Jezus ging Jeruzalem binnen om gekruisigd
en begraven te worden en om te verrijzen voor
onze redding. Tot op de dag van vandaag
wordt Christus voortdurend geofferd in de
heilige kerken, zodat de mens niet voor altijd
verloren gaat in zonde en onreinheid, maar om
redding en het eeuwige leven hebben. Net als
de kinderen moeten we in staat zijn om onze
hemelse Ouder lief te hebben met oprechte
liefde, Hem ons leven toe te vertrouwen en
dan zullen we zeker beschermd tegen de
stormachtige winden van dit leven. We zijn
kostbaar voor God, want Hij wil onze dood
en verlies niet, maar Hij wil onze bekering
en redding. Hij heeft ons niet alleen redding
geschonken door de kruisiging van Zijn Zoon,
Khorhurd
15
^"H~3.;la^"H~3.;l`vבCט   vu׉׉	 7cassandra://lcqdZ6_BgRmlH73ZCeu2L6Lw0BXITC6P9cygEmEYWk0 u` ׉	 7cassandra://VhKxmkY1NpsUwixsSmssXgenN_D5jcbHfu7nHRebpkg˚`׉	 7cassandra://Nyi5bqPnmj4yiJAdjbnQJsWBdcT342U_xlBrMwNieiQ4`i ׉	 7cassandra://a0IVka08wXZ7SqpY3EXwnZWEtN-aa1KvWEhYuJmi474 1-͠	^"J~3.;l׉E	wmaar door de opstanding van Zijn Zoon beloofde
Hij de verrijzenis en het eeuwige leven.
Evangelie: Marcus 10:46-11:11
46
Ze kwamen in Jericho. Toen hij met zijn leerlingen
en gevolgd door een grote menigte weer
uit Jericho vertrok, zat daar een blinde bedelaar
langs de weg, een zekere Bartimeüs, de zoon
van Timeüs. 47
Toen hij hoorde dat Jezus uit
Nazaret voorbijkwam, begon hij te schreeuwen:
‘Zoon van David, Jezus, heb medelijden met
mij!’ 48
De omstanders snauwden hem toe dat
hij zijn mond moest houden, maar hij schreeuwde
des te harder: ‘Zoon van David, heb medelijden
met mij!’ 49
Jezus bleef staan en zei: ‘Roep
hem.’ Ze riepen de blinde en zeiden tegen
hem: ‘Houd moed, sta op, hij roept u.’ 50
Hij
gooide zijn mantel af, sprong op en ging naar
Jezus. 51
Jezus vroeg hem: ‘Wat wilt u dat ik voor
u doe?’ De blinde antwoordde: ‘Rabboeni, zorg
dat ik weer kan zien.’ 52
heen, uw geloof heeft u gered.’ En meteen kon
hij weer zien en hij volgde hem op zijn weg.
Intocht in Jeruzalem
111
Toen ze Jeruzalem naderden en in de buurt
waren van Betfage en Betanië bij de Olijfberg,
stuurde hij twee van zijn leerlingen vooruit. 2
Hij
zei tegen hen: ‘Ga naar het dorp dat daar ligt.
Zodra jullie er binnenkomen, zul je daar een
ezelsveulen vastgebonden zien staan, dat nog
nooit door iemand bereden is; maak het los en
breng het hier. 3
Jezus zei tegen hem: ‘Ga
Ze gingen op weg en vonden een veulen dat
buiten op straat bij een deur was vastgebonden
en ze maakten het los. 5
Er stonden een paar
mensen die vroegen: ‘Waarom maken jullie dat
veulen los?’ 6
Ze zeiden wat Jezus hun had opgedragen
te zeggen en de mensen lieten hen
begaan. 7
Ze brachten het veulen naar Jezus
en legden hun mantels op het dier en hij ging
erop zitten. 8
Velen spreidden hun mantels uit
op de weg, anderen spreidden takken met bladeren
uit, die ze in het veld afhakten. 9
Allen die
voor hem uit liepen of achter hem aan kwamen,
riepen luidkeels:
‘Hosanna!
Gezegend hij die komt in de naam van de Heer.
10
Gezegend het komende koninkrijk van onze
vader David.
Hosanna in de hemel!’
11
Hij trok Jeruzalem in en ging naar de tempel.
Nadat hij alles in ogenschouw had genomen,
ging hij – want het was al laat geworden – met
de twaalf terug naar Betanië.
4
En als iemand jullie vraagt waarom
jullie dat doen, zeg dan: “De Heer heeft het
nodig, hij zal het meteen weer terugsturen.”’
16 Khorhurd
׉	 7cassandra://Nyi5bqPnmj4yiJAdjbnQJsWBdcT342U_xlBrMwNieiQ4`i ^"H~3.;lb׉E
Preek
31 mei 2020
Vandaag viert onze heilige apostolische kerk het Pinksterfeest.
Met de komst van de Heilige Geest werd er
een nieuw hoofdstuk geopend in de geschiedenis
van de mensheid die verder zal worden
geschreven tot de wederkomst van de Heer.
Met de komst van de Heilige Geest werd de
fundering van de kerk van Jezus bevestigd
en dankzij de gaven van de Heilige Geest
konden de wijze en versterkte apostelen het
licht van Onze Heer verspreiden over de hele
wereld. Het is dankzij Hem dat de kerk er
staat; door eeuwen en diverse beschavingen
heen heeft ze het overleefd, door perioden
van vernietiging en goddeloosheid. Op de
dag van vandaag staat ze nog steeds sterk
tegen alle stormen van de wereld en dit voor
de glorie van de Heer Jezus Christus en de
redding van Zijn getrouwe volgelingen.
De lezing van vandaag brengt ons mentaal
naar de Bovenzaal in Jeruzalem, waar de
Heer Jezus Christus de laatste openbaringen
deed voor Zijn geliefde apostelen en de
laatste raad gaf voor Zijn lijden en kruisiging.
“Dit alles zeg ik tegen jullie nu ik nog bij jullie
ben. Later zal de Pleitbezorger, de Heilige
Geest die de Vader jullie namens Mij zal
zenden, jullie alles duidelijk maken en alles
in herinnering brengen wat Ik tegen jullie
gezegd heb”, zei Christus en vervolgde:
“Ik laat jullie vrede na; Mijn vrede geef ik
jullie, zoals de wereld die niet geven kan.
Maak je niet ongerust en verlies de moed
niet” (Johannes 14: 25-27).
Welke vrede heeft de Verlosser ons
nagelaten, en hoe verhoudt deze zich tot
Pinksteren? De vrede van Christus is de
rust van de ziel die “niet is zoals die in de
wereld wordt gegeven”. Dit is de vrede die
de priester die de liturgie viert ons tientallen
keren wenst in de hele heilige liturgie en wij
antwoorden dat wij hem hetzelfde wensen
voor zijn ziel. Het is dit verlangen naar vrede
dat de kluizenaar ertoe dwingt de vreugdes
en genoegens van de wereld op te geven en
op de bergen en in woestijnen zichzelf af te
zonderen. Veel mensen zijn op zoek naar
deze vrede, maar slechts enkelen vinden
dit, omdat ze hiernaar op zoek zijn op deze
wereld, door valse fi losofi eën en hulp van
valse leraren en dergelijke.
In het twintigste hoofdstuk van het
evangelie van Johannes, lezen we het
gedeelte waar de opgestane Christus
verschijnt aan Zijn discipelen. We zien
dat de Heer hen begroet door te zeggen:
“Ik wens jullie vrede”, en na deze woorden
blies Hij over hen heen en zei: “Ontvang
de Heilige Geest” (Johannes 20:19-22).
En in zijn brief aan de Galaten maakt de
apostel Paulus duidelijk dat vrede een van
de vruchten van de Heilige Geest is. “Maar
de vrucht van de Geest is liefde, vreugde en
vrede, geduld vriendelijkheid en goedheid,
geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing”
(Galaten 5:22-23).
Khorhurd
17
^"H~3.;lc^"H~3.;lbvבCט   vu׉׉	 7cassandra://19KqFgsLrrnOmBuDlgkYmeueOZLFzc_UDWRkvuUKRyw c4`׉	 7cassandra://bK9NPyp-DdFAx0xAe43gj0UwW-mwGJgHsrRPKNIEzBg`׉	 7cassandra://V8aAehCvsDM5Maiy11ypZZUcUjM6gMw4BFpTAmIufPs6`i ׉	 7cassandra://pciHsF0E8pEKGjDMByIaVuO_ji_t_mxcTawCiG6WvaY ͠	^"J~3.;l׉EDe mens verloor zijn vrede toen hij door het
gebod te overtreden vijandig werd tegenover
de Schepper. Uit de opstandigheid en de zonde
ontstond een enorme afgrond die de mens
de vrede ontnam. De vrede was het resultaat
van een directe verbinding tussen mens en
God. Door die band te verbreken, ontnam de
mens zichzelf al het goede dat alleen God kan
geven. “Luisterde je maar naar mijn geboden,
dan zou jouw vrede zijn als een rivier”, zegt de
Heer in de profetie van Jesaja (48:18).
Alleen in God kan de mens het ware geluk en
vrede vinden, want zo zijn wij geschapen. Dat
is onze essentie. En door te zondigen en ons
niet te bekeren, verzetten we ons voortdurend
tegen Gods heilige wil. In plaats van te vechten
tegen de zonde, vechten we tegen de geboden
van de Heer. In plaats van Christus de betekenis
en het hoofddoel van ons leven te maken,
kiezen we dwaas het pad van de zonde en
vragen we ons dan af waarom we geen vrede
vinden in onze families, in onze zielen, binnen
de vrienden- en familiekringen.
In ieder deel van ons leven, dag en nacht,
tijdens vreugde en verdriet, moeten we
onze band sterk houden met de Schepper.
We mogen de kostbare gelegenheid en tijd
die ons wordt gegeven niet verliezen. We
moeten ijverig zijn in ons geestelijk leven en
de vruchten van de Heilige Geest zullen niet
lang op zich laten wachten.
Deze hemelse vrede die door de Heilige Geest
wordt gegeven, is een zalige staat van de ziel,
een hemelse schat en een zegen van God.
18 Khorhurd
Dit is een van de belangrijkste en kostbaarste
geschenken die de Heer heeft nagelaten en
die rechtstreeks uit de hemelse bron wordt
gevoed. Alleen de vrede van de Heer is duurzaam,
oprecht, volledig en onberispelijk.
Evangelie: Marcus 14:1-26
Jezus met kostbare olie gebalsemd
141
De volgende dag zou het feest van Pesach
en het Ongedesemde brood beginnen. De
hogepriesters en schriftgeleerden zochten
naar een mogelijkheid om hem door middel
van een list gevangen te nemen en te doden.
2
Ze zeiden bij zichzelf: Tijdens het feest kan dat
niet, want dan komt het volk in opstand.
Toen hij in Betanië in het huis van Simon
– degene die aan huidvraat had geleden –
aanwezig was bij een feestmaal, kwam er een
vrouw binnen. Ze had een albasten fl esje bij
zich dat gevuld was met zeer kostbare, zuivere
nardusolie. Ze brak het fl esje en goot de olie
uit over zijn hoofd. 4
Sommige aanwezigen
zeiden geërgerd tegen elkaar: ‘Waar is deze
verkwisting goed voor? 5
Die olie had immers
voor meer dan driehonderd denarie verkocht
kunnen worden, en dat geld hadden we aan de
armen kunnen geven.’ Ze voeren tegen haar
uit. 6
en jullie kunnen weldaden aan hen bewijzen
wanneer je maar wilt, maar ik zal niet altijd bij
jullie zijn. 8
mijn lichaam nu al met olie gebalsemd, met
het oog op mijn begrafenis. 9
waar ook maar ter wereld het goede nieuws
3
Maar Jezus zei: ‘Laat haar met rust, waarom
vallen jullie haar lastig? Ze heeft iets goeds voor
mij gedaan. 7
Want de armen zijn altijd bij jullie,
Wat ze kon, heeft ze gedaan: ze heeft
Ik verzeker jullie:
׉	 7cassandra://V8aAehCvsDM5Maiy11ypZZUcUjM6gMw4BFpTAmIufPs6`i ^"H~3.;ld׉E	verkondigd wordt, zal ter herinnering aan
haar verteld worden wat zij heeft gedaan.’
Toen ging Judas Iskariot, een van de twaalf,
naar de hogepriesters om hem aan hen uit te
leveren. 11
10
Toen zij dit hoorden, waren ze opgetogen
en beloofden ze hem geld te zullen
geven. En hij zon op een mogelijkheid om
hem op een geschikt moment uit te leveren.
Het pesachmaal
12
Op de eerste dag van het feest van het
Ongedesemde brood, wanneer het pesachlam
wordt geslacht, zeiden zijn leerlingen tegen
hem: ‘Waar wilt u dat wij voorbereidingen gaan
treffen zodat u het pesachmaal kunt eten?’
13
Hij stuurde twee van zijn leerlingen op pad en
zei tegen hen: ‘Ga naar de stad. Daar zal een
man die een kruik water draagt jullie tegemoet
komen; volg hem, 14
nengaat, moeten jullie tegen de heer des huizes
zeggen: “De meester vraagt: ‘Waar is het
gastenvertrek waar ik met mijn leerlingen het
pesachmaal kan eten?’” 15
bovenzaal wijzen, die al is ingericht en waar
alles gereedstaat; maak daar het pesachmaal
voor ons klaar.’ 16
de stad, en alles gebeurde zoals hij gezegd
had, en ze bereidden het pesachmaal.
Toen de avond was gevallen, kwam hij met de
twaalf. 18
17
Terwijl ze aanlagen voor de maaltijd,
zei Jezus: ‘Ik verzeker jullie: een van jullie, die
met mij eet, zal mij uitleveren.’ 19
Ze werden
bedroefd en vroegen een voor een aan hem:
‘Ik ben het toch niet?’ 20
‘Het is een van jullie twaalf, die met mij uit
Khorhurd
19
Maar hij zei tegen hen:
De leerlingen vertrokken naar
dezelfde kom eet. 21
Want de Mensenzoon zal
heengaan zoals over hem geschreven staat,
maar wee de mens door wie de Mensenzoon
uitgeleverd wordt: het zou beter voor hem zijn
als hij nooit geboren was.’
Terwijl ze aten, nam hij een brood, sprak het
zegengebed uit, brak het brood, deelde het uit
en zei: ‘Neem hiervan, dit is mijn lichaam.’ 23
En
hij nam een beker, sprak het dankgebed uit en
gaf hun de beker, en allen dronken eruit. 24
zei tegen hen: ‘Dit is mijn bloed, het bloed van
Hij
het verbond, dat voor velen vergoten wordt.
25
Ik verzeker jullie: ik zal niet meer van de vrucht
van de wijnstok drinken tot de dag komt dat ik
er opnieuw van zal drinken in het koninkrijk van
God.’ 26
vertrokken ze naar de Olijfberg.
en wanneer hij ergens bin22
Nadat
ze de lofzang hadden gezongen,
Hij zal jullie een grote
^"H~3.;le^"H~3.;ldvבCט   u׉׉	 7cassandra://921reVxdATThoDjt_1G_lRzpWEyekpqEdFYw7pa3UwY Ӂ`׉	 7cassandra://UDUKOh_L9j5n62hNcHHtyV0ss9L8ZtOxtAj9Ws5E9XAm!`R׉	 7cassandra://tno5R-pgFqkr0gUU66YZodY1bTjGvmcpV64Ksw5kCn0!(`̴׉	 7cassandra://I4ixFHVJxStr5jnGIu-NcwpOITRVc4TWz51nKCHtoOs zA͠^"J~3.;l׉E׉	 7cassandra://tno5R-pgFqkr0gUU66YZodY1bTjGvmcpV64Ksw5kCn0!(`̴^"H~3.;lf׈E^"H~3.;lg^"H~3.;lfv)Khorhurd mei 2020^ M0`