׉?ׁB! 1בCט  {u׉׉	 7cassandra://pVgf8GNA5M7Nj-X5BNY5Of4cYZeKbTWh9emk4zWh-QA <`׉	 7cassandra://PJk65ttTG49VCumCpj6FYQhPCUIc2ByvCRvMh6UW2pQ͊2`S׉	 7cassandra://48dQtxBfTYIT-FdNScEN3gHB_qHWhAN67Buzm7zawCQ.`̵ ׉	 7cassandra://DfjlTcW8zc9On52iUzZskEIJ44VD-ip_PHcCv7N5hL8 ͠c8K(,׈Ec8K(	׉EDossier: Bewaring
׉	 7cassandra://48dQtxBfTYIT-FdNScEN3gHB_qHWhAN67Buzm7zawCQ.`̵ c8K(
c8K(	{בCט   {u׉׉	 7cassandra://Rz5fiNaOiOs3FYDCbnB7qHoBGgQuvMTHgniKPd7KAEk `׉	 7cassandra://-Vgunr9OQDlkLyyzLtSV2fzgicZAsQFVhc55bJCKstwͅ`S׉	 7cassandra://9DGOfp9c8O4QY6PULQqrhmweRMjBKFwyLZ06XPsWC7c,/`̵ ׉	 7cassandra://NLQfH1-atmNAtqFlfIZD4Bl5MdOJcM1kECSbRRWqYJU Np͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://Dm3CT6odjus_i9A09qL2uI4IQojFYeK6s5xCTQn7gBE Ĩ`׉	 7cassandra://8La1dXQZWCSPebhf2WD4JUWZQBHpBVIq_xezGgovokA͊u`S׉	 7cassandra://jvCP64hvNKeW7-KPVxU297sq2ygMGXBm2_XCmqpDpRo*`̵ ׉	 7cassandra://Crn7O57rt8ADPsrfZKnTl7gLXy8VqIBycDRlCLeBvs0 ͠c8K( Zנc8K(/ g9 ׉S6G
ׁׁrנc8K(0 9 ׉S6G
ׁׁrנc8K(1 	9 ׉S7G
ׁׁrנc8K(2 9 ׉S8G
ׁׁrנc8K(3 +9 ׉S9G
ׁׁrנc8K(4 ;9 ׉S<G
ׁׁrנc8K(5 L9 ׉S>G
ׁׁrנc8K(6 ]9 ׉S?G
ׁׁrנc8K(7 m9 ׉S@G
ׁׁrנc8K(8 ~9 ׉SAG
ׁׁrנc8K(9 9 ׉SBG
ׁׁrנc8K(: 9 ׉SCG
ׁׁrנc8K(; 9 ׉SDG
ׁׁrנc8K(< 9 ׉SEG
ׁׁrנc8K(= с9 ׉SFG
ׁׁrנc8K(> 9 ׉SGG
ׁׁrנc8K(? 9 ׉SHG
ׁׁrנc8K(@ 9 ׉SIG
ׁׁrנc8K(A 9 ׉SLG
ׁׁrנc8K(B %9 ׉SMG
ׁׁrנc8K(C 59 ׉SNG
ׁׁrנc8K(D F9 ׉SOG
ׁׁrנc8K(E W9 ׉SPG
ׁׁrנc8K(F g9 ׉SQG
ׁׁrנc8K(G x9 ׉SRG
ׁׁrנc8K(H 9 ׉SSG
ׁׁrנc8K(I 9 ׉STG
ׁׁrנc8K(J 9 ׉SUG
ׁׁrנc8K(K 9 ׉SVG
ׁׁrנc8K(L ˁ9 ׉SWG
ׁׁrנc8K(M ܁9 ׉SXG
ׁׁrנc8K(N 9 ׉SYG
ׁׁrנc8K(O 9 ׉SZG
ׁׁrנc8K(P 9 ׉S[G
ׁׁrנc8K(Q 9 ׉S\G
ׁׁrנc8K(R /9 ׉S]G
ׁׁrנc8K(S @9 ׉S^G
ׁׁrנc8K(T Q9 ׉S_G
ׁׁrנc8K(U d9 ׉SG
ׁׁrנc8K(V 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(W 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(X e9 ׉S9G
ׁׁrנc8K(Y Ɓ9 ׉SKG
ׁׁrנc8K(Z 9 ׉SG
ׁׁrנc8K([ 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(\ 	9 ׉SG
ׁׁrנc8K(] 9 ׉S	G
ׁׁrנc8K(^ +9 ׉S
G
ׁׁrנc8K(_ ;9 ׉SG
ׁׁrנc8K(` L9 ׉SG
ׁׁrנc8K(a ]9 ׉SG
ׁׁrנc8K(b m9 ׉SG
ׁׁrנc8K(c ~9 ׉SG
ׁׁrנc8K(d 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(e 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(f 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(g 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(h с9 ׉SG
ׁׁrנc8K(i 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(j 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(k 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(l 9 ׉SG
ׁׁrנc8K(m %9 ׉SG
ׁׁrנc8K(n 59 ׉SG
ׁׁrנc8K(o F9 ׉SG
ׁׁrנc8K(p W9 ׉SG
ׁׁrנc8K(q g9 ׉S G
ׁׁrנc8K(r x9 ׉S!G
ׁׁrנc8K(s 9 ׉S"G
ׁׁrנc8K(t 9 ׉S#G
ׁׁrנc8K(u 9 ׉S$G
ׁׁrנc8K(v 9 ׉S%G
ׁׁrנc8K(w ˁ9 ׉S&G
ׁׁrנc8K(x ܁9 ׉S'G
ׁׁrנc8K(y 9 ׉S(G
ׁׁrנc8K(z 9 ׉S)G
ׁׁrנc8K({ 9 ׉S*G
ׁׁrנc8K(| 9 ׉S+G
ׁׁrנc8K(} /9 ׉S,G
ׁׁrנc8K(~ @9 ׉S-G
ׁׁrנc8K( Q9 ׉S.G
ׁׁrנc8K( a9 ׉S/G
ׁׁrנc8K( r9 ׉S/G
ׁׁrנc8K( 9 ׉S1G
ׁׁrנc8K( 9 ׉S2G
ׁׁrנc8K( 9 ׉S3G
ׁׁrנc8K( 9 ׉S4G
ׁׁrנc8K( Ł9 ׉S5G
ׁׁrנc8K( #?}9ׁHhttp://www.aardappelwereld.nlׁׁЈנc8K( A?9ׁH "mailto:redactie@aardappelwereld.nlׁׁЈ׉E)Bestel nu
Het enige complete
Aardappelhandboek
ter wereld
Het met meer dan duizend foto’s en vele
honderden diagrammen en grafieken
rijk geïllustreerde handboek beslaat in
totaal vijf volledig uitgewerkte hoofdstukken
opgedeeld in overzichtelijke
paragrafen en voorzien van een index.
Het eerste hoofdstuk behandelt de mens
die de aardappel als voedsel tot zich
neemt, economische waarde creëert en
er organi saties over opzet. Hoofdstuk
nummer twee gaat uit van de plant, haar
levenswijze en hoe zij de hulpbronnen
zon, water en mineralen benut en zich
tegen ziekten en plagen verweert. In het
derde hoofdstuk behandelt het handboek
het uitgangs materiaal met een
genetisch en een pootgoedonderdeel.
Alles over het gewas in zijn omgeving
van bodem en weer in alle klimaten waar
de aardappel wordt geteeld en de
invloed van klimaat verandering staat in
het vierde hoofdstuk geschreven. Afsluitend
beschrijft het handboek in hoofdstuk
vijf de teelt en bewaring van de knollen
met alle uitrusting en organisatie die daar
bij hoort.
Order informatie
Het aardappelhandboek wordt gepubliceerd
in het Nederlands en het Engels. Het
is bedoeld voor iedereen die dieper in de
aardappel wil duiken, zoals telers, voorlichters,
technici, studenten, onder zoekers
en deelnemers aan de waarde keten in alle
klima ten en teeltsystemen.
Inleiding
1. Samenleving
De hoofdstukken van dit boek volgen een bepaalde
Alle factoren die een rol spelen bij de totstandkoming
van door mensen gewenste produczijn
samengevat in de conceptuele formules
die zijn uitgelegd in de inleiding van dit boek:
De hoofdstukken
Alle fact
standkoming van
t zijn samengev
die zijn uitgelegd
Maatschappij
itgangsmateriaal
Uit
itgangsm
Het eerste hoofds
en besprak hoe m
x Plant
=
xOmgeving
x Teelt
Het eerste hoofdstuk ging over de maatschappij
en besprak hoe mensen de aardappel uitbaten.
Het besprak de evolutie, diversificatie, en
het bestaan van vele soorten. Hierop volgde
de domesticatie van de aardappel als gewas
dat door de oorspronkelijke volkeren van
Het besprak de e
het bestaan van v
de domesticatie v
dat door de oorsp
Zuid-Amerika geteeld en gegeten werd. De
mens verspreidde het gewas over de hele
wereld en maakte er grote, in de hele wereld
doorgedrongen producten van die de hele keten
omvatten.
Dit tweede hoofdstuk kijkt niet naar de aardappel
vanuit de maatschappij, maar gaat over de aardappelplant
zelf. Hier wordt de groei als gevolg
van de biologische eigenschappen van de plant
besproken. Dit hoofdstuk bespreekt hoe de plant
zich op verschillende manieren vermeerdert en
hoe abiotische en biotische factoren de groei en
de kwaliteit van de knollen beïnvloeden. Voor
de aardappeltelers is het van belang te weten
dat de plant niet met zaad wordt vermeerderd,
maar vegetatief op eenzelfde wijze als stekken.
Aardappel wordt vegetatief vermenigvuldigd. Poters leveren kiemen met miniatuurwortels, -stengels en -bladeren die zich
ontwikkelen tot de echte organen als ze worden gepoot
Aardappel wordt veg
ontwikkelen tot de ech
125
Telers in het centrum van oorsprong van aardappel in Peru die ervan leven hebben een zeer breed scala aan aardappelrassen,
waarvan er duizenden een naam hebben
38
redactie@aardappelwereld.nl / www.aardappelwereld.nl
Aardappel
handboek
Gewas van de toekomst
Anton J. Haverkort
267//18 11:35
Aardappel
handboek
Gewas van de toekomst Anton J. Haverkort
׉	 7cassandra://9DGOfp9c8O4QY6PULQqrhmweRMjBKFwyLZ06XPsWC7c,/`̵ c8K(c׉EfInhoud
“Kiemremming? Eerst knoltemperatuur voldoende omlaag!
Benut koele momenten optimaal
Gewichtsverliezen: Iedere cel z’n eigen verhaal
Kijken = besparen
Wees nu al alert op kieming
Wees voorbereid op seizoen 2022
Blijf zelf het bewaarproduct controleren
Verkeerde zuinigheid bij kiemremming
Rek intervallen kiemremming niet op
Temperatuur iets opgelopen? Koel niet meer terug
Droog product? Beperk het aantal ventilatie-uren!
5
6
7
10
11
12
13
14
15
16
17
Waterrot? Stuur bij droging op minimale kanaaltemperatuur 18
Wees alert bij holle harten in de bewaarpartij
Hou vast aan standaard bewaarstrategie
Gewichtsverlies beperken begint al op het veld
Schuw het gebruik van de kachels niet
Toepassingsmoment MH luistert nauw
Denk alvast eens na over de kiemremmingsstrategie 2021
Wijk niet af van de adviezen rondom kiemremming
Intern ventileren op ‘sper’ bij warme dagen
Bewaren draait nu nog meer om kennis
Kiemremming niet overal vlekkeloos
Grote verschillen in kiemrust, weinig rot
Laat geen kiemremmer ontsnappen
Begin en eindig met dezelfde kiemremmer
Vocht ingeschuurd? Laat ventilatoren volop draaien!
Let op, grotere kiemlust verwacht
Neem geen oogstrisico’s
Wees voorbereid
Rust blijven bewaren
Raadpleeg dagelijks de weerberichten
Bijzondere situaties als gevolg van de coronacrisis
Hou de boel rustig
Wees alert op temperatuurstijging
Ga door met droogregime zolang het noodzakelijk is
2018/2019 op twee na hoogste verliescijfer van de afgelopen
zeven bewaarseizoenen
Blijf laagste temperaturen benutten voor langste bewaring
Let op de tijdsinstelling
Hou producttemperatuur constant
Controle blijft het sleutelwoord
Kies het juiste ventilatiemoment
19
20
21
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
Blijf met kachels aan ventileren totdat de knollen droog zijn 45
Vochtige knollen drogen? Zet de kachel erbij aan!
Blijf alert op productbeschadiging en knoltemperatuur
46
47
48
50
51
52
53
54
Liever meerdere keren kort dan een of twee keer lang
ventileren
Blijf ook goed product intensief controleren
“Enorme diversiteit op het gebied van rot en kieming”
Wondheling nu van groot belang
Het draait nu om doorwasbepaling
1,5 procent meer gewichtsverlies in seizoen 2017/2018
Overweeg mechanische koeling bij langbewaring
Let nu op bakkwaliteit
Temperatuur omhoog? Pas computerinstellingen aan!
Drukplekken? Neem bij twijfel een bakmonster
Laat de aandacht niet verslappen
Soms te veel rust in de bewaarschuur
Blijf naar lekvocht speuren
Situatie lijkt stabiel, maar schijn kan bedriegen
Hou dauwpuntverwachting altijd goed in de gaten
Breng voor het inschuren problemen in kaart
Seizoen met kleine bewaarverliezen
Liever producttemperatuur vasthouden dan weer verlagen
Voorkom temperatuurverschillen in het product
Een bewaring is geen ziekenhuis
Hou weerberichten nauwlettend in de gaten
“Nauwelijks bewaarproblemen, maar blijf alert”
Zet condensventilator niet te laat aan
Maak nu de juiste temperatuurkeuze
Voorkom verder vochtverlies
Droge knollen vragen apart bewaarregime
Tijdens inschuren luiken open
Voorkom grote temperatuurs verschillen
Niet meer slecht met goed mengen!
Hou de producttemperatuur constant
Laat CO2-niveau niet oplopen
Voorkom temperatuur schommelingen
55
56
57
58
61
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
Met koudere externe lucht is het product sneller teruggekoeld 92
Pas op met de temperatuur van inblaaslucht
Partijcontrole is nu het sleutelwoord
Koel product met rot niet te snel in
Laat rotte knollen liggen!
93
94
95
96
Andere informatiebronnen
Aardappelhandboek 2
Abonnee magazine
4
Potato diseases
24
Aardappelkweekboek 58
Aardappelwereld webshop boeken
76
׉	 7cassandra://jvCP64hvNKeW7-KPVxU297sq2ygMGXBm2_XCmqpDpRo*`̵ c8K(dc8K(c{בCט   {u׉׉	 7cassandra://aq0m2wUn2hzENJQAPuXZEyWbfRmFctcOwIjb2TU1LM0 `׉	 7cassandra://N0OCl3K_g1crfiTSeHdq_Hu7Gk0CQgXCXWk3m-Oa6jUS`S׉	 7cassandra://5OTW0r4ZtnLtJqq5vvK2HBxjwH1JjmGwHY6lVl93vv8`̵ ׉	 7cassandra://uMXrWKFT2-_55DzryDzd2qezn2jipi7tvRZs3BNvwRU nA Y͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://PR1JqwLpPFNQ9djAHXg3rItptGKU3XYGjtngijnDs2A !h`׉	 7cassandra://JdZi0LFyvX5HqwYrK77Y2xd3Uja9PFatWNGk15agqSsms`S׉	 7cassandra://xnR5di1lo9VYRk_bcJNQoqvYI0dnIg-d0cahg6ehVEA`̵ ׉	 7cassandra://8KSGv1h4NU6FZyamXDptO3mg17Zen-OWaKssOKa9ujE ,t͠c8K(נc8K( 9׉Hhttps://aardappelwereld.nl/Gׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9ׁHhttp://Aardappelwereld.nlׁׁЈ׉E[NIEUW
Als abonnee van Aardappelwereld magazine
heeft u onbeperkt toegang tot de website
en kunt u premium artikelen lezen.
Lees Aardappelwereld magazine nu ook online.
Wekelijks nieuwe berichten en blogs.
Terug
4
Ontvang tweewekelijks de Aardappelwereld nieuwsbrief.
Gratis toegang tot het Aardappelwereld archief.
Zoek op trefwoord.
Registreren op Aardappelwereld.nl
1. Klik op Activeer uw premium
account.
2. Vul uw voor- en achternaam in.
3. Voeg uw emailadres toe en
kies een wachtwoord.
4. Vul uw abonneenummer in.
5. Klik op registreren.
Waar vind ik mijn Abonneenummer?
Postbus 84102 | NL-2508 AC Den Haag
abonneenummer
XXXXXXXX
Aardappelwereld Magazine 2022-12
Postbus 84102
2508 AC S-GRAVENHAGE
#X830X0X#00#0000#
231
Vakblad voor de Aardappelsector • augustus 2022 • Jaargang 76 • nummer 8
Lef en visie
ondernemers stijgende aardappelomzet
➜
׉	 7cassandra://5OTW0r4ZtnLtJqq5vvK2HBxjwH1JjmGwHY6lVl93vv8`̵ c8K(h׉EBEWAARCOLUMN
“Kiemremming? Eerst knoltemperatuur
voldoende omlaag!
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de regio Flevoland.
“D
e kiemrust in aardappelen
is dit seizoen bijzonder
kort. Dit is te merken bij onze
visites aan de vele bewaarplaatsen
in de regio’s. Veelal
bij pootaardappelen kom je
soms partijen tegen waar de
kiemen al 10 centimeter dik
op de knollen staan. Dat is
een duidelijke indicatie voor
de vroegheid van de kieming.
Het is sowieso altijd al van
belang om dagelijks te controleren,
nu geldt dat zeker.
Door de droge zomer, met bij
vlagen zeer hete dagen, is de
kiemrust op veel plaatsen
zeer snel doorbroken. Daarbij
zijn de aardappelen relatief
vroeg de schuren ingegaan en
waren de buitentemperaturen
in de eerste maanden van
bewaren behoorlijk hoog. Dat
heeft vooral in schuren met
enkel buitenluchtkoeling de
kiemgroei nog eens extra
gestimuleerd door de relatief
hoge knoltemperaturen en de
temperatuur in de bewaring
tot dit moment. Daarnaast is
de veldbehandeling met de
kiemregulator MH lang niet
in alle partijen geslaagd.
Feitelijk is het dus zo dat de
knollen een maandje ouder
zijn dan normaal. Dan gaat
het er nu om, hoe drukken we
die vroege kiemlust de kop
in? Allereerst door elke partij
goed in de gaten te houden
en dagelijks op kiemen te
controleren. De eerste kiempjes
verschijnen meestal op
kleinere, groene en beschaHou
het weerbericht van dag tot dag in de gaten en zet de condensventilatoren
aan ruim voordat de kans op condensvorming ontstaat.
digde knollen. Zie je daarop
witte puntjes verschijnen, dan
is het hoog tijd om een eerste
behandeling met een kiemremmer
als 1,4SIGHT uit te
voeren. Dat zal dan op tijd
zijn voor de gezonde knollen
die nog geen kieming laten
zien. Vanwege deze korte
kiemrust was/is dit seizoen
het advies om met 20 milliliter
per ton te starten. Maar
doe dat ook niet eerder dan
tot het moment waarop de
knoltemperatuur voor een
product als fritesaardappelen
onder 9 tot 9,5 graden Celsius
ligt. Is namelijk die knoltemperatuur
op het moment
waarop de eerste behandeling
nodig is nog hoger, dan zijn
op zo’n partij nog te veel ventilatie-uren
nodig om de temperatuur
naar beneden te
brengen. En daardoor raak je
dan weer te veel middel kwijt
en zal het effect op de kiemremming
beperkt zijn. In
bewaarruimtes waar de knoltemperatuur
dus nog te hoog
is voor een optimale kiemremming
-in sommige cellen
meten we na half november
nog knoltemperaturen van
ruim 11 graden- is het dus
noodzakelijk deze in korte
tijd naar beneden te brengen.
Vaak heeft hiervoor de (standaard)instelling
in het computerprogramma
een bijstelling
nodig naar een dagelijkse
koeling van 0,3 tot 0,4 graden
in plaats van 0,1 of 0,2. Met
een dergelijke aanpassing kun
je de temperatuur van de
knollen in een week tijd al
gauw 1,5 graden Celsius
omlaag brengen. Gelukkig
zijn de nachten inmiddels
koud genoeg om zo’n snelle
actie in te zetten.
Voorkom condensvorming
Let daarbij wel op condensvorming.
We hebben al
momenten gehad waarop de
temperaturen overdag opliepen
tot boven 10 graden
Celsius en ’s nachts daalde tot
min 6. Dan kan aan de onderkant
van de dakplaten, bij
kieren en spleten en op (stalen)
koudebruggen al heel
snel condens ontstaan. Hou
dus het weerbericht van dag
tot dag in de gaten en zet de
condensventilatoren aan ruim
voordat de kans op condensvorming
ontstaat. Voorheen
lieten veel aardappelbewaarders
de condensventilatoren
in de winterperiode (uit
gemak en als verzekering)
voor langere tijd doordraaien.
Nu is het echter raadzamer
om, gelet op de energieprijzen
van nu, deze ventilatoren uit
te zetten zodra de dreiging
van condensvorming voorbij
is. Wel zul je nu meer alert de
weersverwachtingen behoren
te volgen om, zodra het nodig
is, de condensventilatoren
weer tijdig aan te zetten.” ●
Terug
5
Aardappelwereld magazine • december 2022 • nummer 12
15
׉	 7cassandra://xnR5di1lo9VYRk_bcJNQoqvYI0dnIg-d0cahg6ehVEA`̵ c8K(ic8K(h{בCט   {u׉׉	 7cassandra://5nw_xDKnsMErSUq9Pf6OZtZJreJSn1P1TrqR-r99nws `׉	 7cassandra://GtV76shU1mwv6ygm_B_AT6E7-hXvwqz5-oXG7Ctj3Wcr{`S׉	 7cassandra://647QulNni9Jp9ZSH-75-fWJ_UIfU4WOQYUwohz8Q16c '`̵ ׉	 7cassandra://P0j0SZ8Z9alN42otHx90KnZgUDEJAKXpXCH-BFrcgMQ ƌt͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://qdl6D_IIFq8w8WTsmy0KxmcZQ7FC_4uN_mxea9p5iU8 \`׉	 7cassandra://XDuKY3aA3dcwo8H2fBmjtSh3r7RNuppes_HvJaJBkdYm`S׉	 7cassandra://9T3yZs2d-JpY8TYUv2B9twtGtir3uQjhdNVPyuBvSXQL`̵ ׉	 7cassandra://EsZT8rcbjAL22Z8BeCtoR4EujF--zlyXkcx8UvCFwcs t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EEBEWAARCOLUMN
Benut koele momenten optimaal
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
“O
p een enkele regio na
Terug
6
zijn de bewaaraardappelen in
Nederland over het algemeen
netjes gerooid en relatief
droog in de schuur gekomen.
Veelal ook vrijwel zonder rot.
Toch wil deze mooie start van
het bewaarseizoen nog niet
zeggen dat het vanaf nu een
makkie wordt. In sommige
partijen is bijvoorbeeld nogal
wat rooischade aan de knollen
te zien. Geen probleem
wanneer de periode van
wondheling goed in acht is
genomen en het product voldoende
gedroogd is. Wie hier
echter minder aandacht voor
gehad heeft, zal nu mogelijk
met rotproblemen kunnen
kampen, wat we in de praktijk
op diverse plaatsen ook
tegenkomen. Vooral in partijen
waarin de producttemperaturen
nog relatief hoog zijn.
Dan spreken we over knollen
die minstens bij 14 tot 15 graden
Celsius in de cellen liggen.
Hiervan is het nu zaak
om die wat omlaag proberen
te brengen en daarbij vooral
erop te letten dat met drogende
lucht te doen. Probleem
de laatste weken is echter dat
door de hoge buitentemperaturen,
zowel overdag als
‘s nachts, de producttemperaturen
amper omlaag gaan.
Zeker niet in de schuren met
enkel buitenluchtventilatie.
Maar ook in schuren met
mechanische koeling is de
situatie dikwijls niet veel
anders. Bezitters daarvan zijn
over het algemeen huiverig
om, gelet op de hoge stroomprijzen
van dit moment, de
koelers nu al aan te zetten terwijl
veelal nog een lang seizoen
te gaan is. Nu hoeven
die koelers in de eerste weken
ook nog niet per se aan te
staan, want het product ligt
voorlopig toch nog niet op de
uiteindelijke bewaartemperatuur.
Echter, om het toch zo
zoetjesaan wel naar die lagere
temperaturen toe te gaan
draaien, is het van groot
belang om alle momenten
waarop de aardappelen wel
met buitenlucht terug te koelen
zijn maximaal te benutten.
En dat lukt niet alleen met de
gestandaardiseerde bewaarprogramma’s.
Bewaarders
zullen daarom van tijd tot
tijd zelf handmatig moeten
bijspringen, bijvoorbeeld om
vaste tijden van ventilatie in
de programma’s soms even
uit te zetten. Dat is bijvoorbeeld
het geval wanneer de
temperaturen dan eigenlijk
veel te hoog zijn. Dat handmatig
bijsturen kun je alleen
maar goed doen door te
meten, RV, temperatuur, en
door de weerberichten van
dag tot dag te volgen. Wie de
cijfers van de laatste weken
heeft opgevolgd, ziet dat
vooral in de vroege ochtenduren
zich de koelste momenten
van de dag aandienen.
Dan moet je er dus bij zijn
met de koelacties, automatisch
en/of handbediend.
Neem eens wat monsters
Hebben de aardappelen
uiteinde lijk de gewenste
bewaartemperatuur bereikt,
dan is het vanaf dat moment
wel van belang om die zo
constant mogelijk te houden.
Ook dan gaat het erom de
Probleem de laatste weken is dat door de hoge buitentemperaturen,
zowel overdag als ‘s nachts, de producttemperaturen amper omlaag gaan.
beste momenten voor terugkoeling
goed in de gaten te
houden. Wanneer het product
goed droog is en alle rot weggedraaid,
is het juist raadzaam
om niet met te droge
lucht te ventileren. Voor
gebruikers van mechanische
koeling geldt dan eveneens,
ventileer met buitenlucht om
stroom te sparen als de situatie
het toelaat. Lukt dat echt
niet, dan kunnen de koelers
altijd nog aan. Een andere
factor die de bewaring dit
seizoen niet zo gemakkelijk
maakt, is de behoorlijke
kiemlust in veel aardappelpartijen.
Hier in het zuiden
liggen aardappelen achter de
planken die al vanaf het
inschuren kiemen. Veelal
betroffen het in eerste instantie
groene en beschadigde
knollen die al snel kiempjes
lieten zien, maar na een paar
weken kiemden gezonde
knollen soms ook al volop.
Twijfel je nu of MH goed
gewerkt heeft en wanneer het
tijd is om te beginnen met de
eerste toediening van bijvoorbeeld
1,4SIGHT (wat eigenlijk
al moet voordat de eerste
kiempjes op gezonde knollen
zichtbaar zijn), neem dan
eens wat monsters uit een
partij. Leg die een aantal
dagen in een iets warmere
ruimte en wacht tot je daarop
de eerste kiempjes ziet verschijnen.
Hanteer dat moment
dan als het tijdstip voor een
eerste behandeling met
1,4SIGHT.” ●
Aardappelwereld magazine • november 2022 • nummer 11
6
׉	 7cassandra://647QulNni9Jp9ZSH-75-fWJ_UIfU4WOQYUwohz8Q16c '`̵ c8K(l׉EBEWAARCOLUMN
Gewichtsverliezen: Iedere cel z’n eigen verhaal
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Met aan het begin van het bewaarseizoen dit
keer een terug- en vooruitblik op de factor gewichtsverlies
door Anton van der Velde, werkzaam in de regio
West-Brabant.
“H
et is geen verkeerd
begin van een nieuw bewaarseizoen
om eerst nog eens
terug te blikken op ervaringen
uit het verleden. Iedere
cel heeft vaak z’n eigen verhaal
als het gaat om het ingeschuurde
product en de
bewaarcondities. Hieruit zijn
lessen te trekken voor de volgende
jaren. Bewaarseizoen
2021/2022 behoorde qua
gewichtsverlies tot de gunstigste
uit het rijtje van alweer
elf jaren dat we cijfers
omtrent bewaarverliezen bijhouden.
Wat wel opvalt, in
vergelijking met de andere
jaren met weinig gewichtsverlies
en een lage hoeveelheid
externe draaiuren, is dat er nu
wel relatief meer interne uren
gemaakt zijn. Dat is iets om in
de gaten te houden, zeker nu
we in een tijdperk met hoge
energiekosten zijn aanbeland.
Vaak gaat het dan om partijen
waarin, soms langere tijd,
rotte knollen zitten. Voor een
deel ligt de verklaring bij het
grotere aandeel cellen met
mechanische koeling het afgelopen
bewaarseizoen. En bij
mechanische koeling ga je
minder extern, maar wel meer
intern draaien om de kou uit
de verdampers in de partij te
krijgen. Vorig bewaarseizoen
viel het nog wel mee met het
aandeel rotte knollen in de
bewaringen. Dat zal dit seizoen
in veel regio’s vrijwel
zeker anders zijn. Na een
kletsnatte periode staat er
eind september al in veel percelen
plaatselijk water tussen
de ruggen. Zorg in die gevallen
dat je als teler goed na
gaat waar eventueel rotte
knollen in een perceel voorkomen,
voordat je gaat rooien.
Vermijd vervolgens die plekken,
laat ze zitten, oogst ze
apart, berg ze dan ook apart
op of lever deze direct af.
Draai dus een opvallend
slechte vracht nooit zomaar
tussen de andere aardappelen
de cel in. Daarnaast is kieming
een punt van aandacht.
Laat dit niet uit de hand
lopen. Niet alleen om de uitgaven
aan kiemremmers binnen
de perken te houden,
maar ook de energiekosten.
Hou daarom de partijen dagelijks
op kiemvorming in de
gaten en controleer op diverse
plekken op de hoop. Knollen
waarop de kiempjes meestal
het eerst aan het licht komen
zijn beschadigde, groene en
kleine knollen (waarin MH
minder is opgenomen).
Wanneer je te laat bent met
kiemremming, loop je vaak
achter de feiten aan.
Aanwezige kiemen geven
meer vochtverlies en je krijgt
meer temperatuurschommeling
in de partij. Dat vereist
op zijn beurt weer meer ventilatieacties
en dus kostbare
energie.
Iedere cel heeft vaak z’n eigen verhaal als het gaat om het ingeschuurde product en de bewaarcondities.
Geslaagde MH-bespuiting
Tot zover de algemene
beschouwingen. Vanaf hier
zoomen we in op een selectie
van partijen die we het vorige
seizoen hebben gevolgd. Het
betreft bewaarpartijen ‘met
een verhaal’, waarvan
sowieso wat te leren valt. De
partij die we als nummer 1
hebben aangeduid is een cel
Fontane. Deze werd halverwege
de maand april 2022
afgeleverd met een aanvaardbaar
gewichtsverlies van 4,7
procent. Dat was vier weken
later dan gepland. Toch is aan
deze partij, met alleen MH
aan de basis, geen extra kiemremmingsbehandeling
in de
schuur meer gegeven. Dat
bleek om twee redenen niet
nodig. Allereerst bleek de
partij Fontane weinig kiemlustig
als gevolg van het feit
dat groeiseizoen 2021 relatief
koel en vochtig was. Daarbij
is MH onder gunstige
omstandigheden toegediend
en goed door de knollen
opgenomen en dat resulteerde
uiteindelijk in een optimale
Terug
7
Aardappelwereld magazine • oktober 2022 • nummer 10
17
׉	 7cassandra://9T3yZs2d-JpY8TYUv2B9twtGtir3uQjhdNVPyuBvSXQL`̵ c8K(mc8K(l{בCט   {u׉׉	 7cassandra://TnUOe8c5Ydk0_VMxr3THyvmdOXM163IFDefTzvra_UI ` ׉	 7cassandra://Sbi9nIc67BUT-Wy4w6Yb2wL3Ee9Z3sj1LvbPutQJr0sd`S׉	 7cassandra://CO211WkBG2CCDDDUaNUblGYFtzWqjcaiS3XcksRD_70`̵ ׉	 7cassandra://kpvDJktfEeZHQqCXF6a5aAzUsxAUm1dvpJa1uNtDysUͦ\͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://URP8Epe-lhxNiU8cu4EPYwm9v2e2hBeS1QGUjDITxCk `׉	 7cassandra://yFKyg3ybFYo7RohcBlR6kYvwIkIjWN8wL8DSmvYkZFko`S׉	 7cassandra://wL7OworIsbAsmPaxNeX9TZup23G9DT1vJ0rV5Hj4mTE Z`̵ ׉	 7cassandra://rywFbs2WJaOC8xOGn4iXFeDNMJ0zUYdb_2uhn-5ov54 ͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
en lange werkingsduur. De
les die hieruit te trekken valt
Terug
8
is dat een goed geslaagde
MH-bespuiting een belangrijke
start is voor een succesvol
bewaarseizoen. Bij rassen
als Agria en Fontane kun je in
teeltseizoenen met hiervoor
gunstige groeiomstandigheden
in de bewaring het lang
volhouden met enkel MH. Dit
seizoen is dat andere koek.
Na de zeer warm verlopen
tweede helft van het groeiseizoen
en veelal ongunstige
groeiomstandigheden tijdens
het moment van toediening,
zal zowel de opname als werkingsduur
van MH een stuk
minder zijn dan tijdens de
vorige bewaarperiode.
Daarom zal het dit seizoen in
veel gevallen vrijwel zeker
noodzakelijk zijn om eerder te
starten met een aanvullende
kiemremming.
Veel rot, veel gewichtsverlies
De cel met partijnummer 2
betreft Innovator waarin verspreid
rotte knollen voorkwamen.
Hierin is als gevolg
daarvan bewust behoorlijk
veel intern gedraaid. Nadat
de knollen in de cel droog
zijn, kan er namelijk nog
lange tijd lekvocht uit een
rotte knol blijven komen,
zoals hier het geval was. Het
beste is om dit lekvocht met
extra intern draaien te verdelen.
Dit geeft nauwelijks of
geen extra gewichtsverlies.
Dit geldt zeker voor een goed
dichte schuur waarin tijdens
het intern draaien geen luchtuitwisseling
met de omgeving
plaatsvindt. Deze manier van
werken kan uiteindelijk resulteren
in relatief veel interne
ventilatie-uren, in dit geval in
totaal maar liefst 510 uur. Dat
betekent over het hele
bewaarseizoen gerekend zo’n
2,5 uur per dag. Bij afleveren
op 15 mei bleef het gewichtsverlies
daarmee uiteindelijk
beperkt tot 4,9 procent. Die
actie is in die zin dus
geslaagd, maar ging wel
100
200
300
400
500
600
0
gepaard met de nodige
stroomkosten. Natuurlijk zou
je ook steeds met externe uren
in plaats van interne uren het
lekvocht af kunnen voeren.
Dat zal wellicht minder
stroomkosten betekenen,
maar ook een hoger gewichtsverlies
en meer risico op
drukplekken.
Aanhangende grond helpt
Een schuur vol aardappelen
met veel aanhangende grond
om de knollen. Dat is de
praktijk bij partij 3, fritesaardappelen
van het ras Markies.
Bij het afleveren halverwege
de maand juli was die aanhangende
grond zelfs nog wat
vochtig. Dit dankzij oplettendheid
van de teler en ideale
bewaarcondities. De combinatie
van een cel met daarin
mechanische koeling en weinig
externe draaiuren zijn
ideale omstandigheden om
een minimum aan verliezen te
boeken, zo blijkt in dit geval
maar weer. Slechts 1,9 procent
gewichtsverlies komt zelden
voor en mag je gerust een
unicum noemen. Dit praktijkvoorbeeld
onderstreept en
bewijst nog maar eens het
gegeven dat grond als vochtbuffer
rondom de aardappelen
het gewichtsverlies
behoorlijk kan beperken.
Vochtbuffer ontbreekt
Het tegenovergestelde kan
ook. Partij 4 is namelijk een
cel Markies die na een periode
van lange bewaring, tot
eind juli, juist met een hoog
gewichtsverlies van 7 procent
is vertrokken. Dit ondanks
het bewaren in een ruimte
met beschikbare mechanische
koeling. De aardappel uit
deze bewaarpartij zijn
gegroeid in lichte zavelgrond.
Ze zijn gerooid onder relatief
droge omstandigheden en
daardoor kwam bij het
inschuren geen grond mee de
bewaring in. Een vochtbuffer
ontbrak dus in deze partij.
Daarnaast was vanwege het
Externe draaiuren en gewichtsverlies (afleveren na 1 mrt)
0,0%
1,0%
2,0%
3,0%
4,0%
5,0%
6,0%
7,0%
8,0%
9,0%
Gewichtsverlies
Draaiuren extern
18
Aardappelwereld magazine • oktober 2022 • nummer 10
Draaiuren
Gewichtverlies
׉	 7cassandra://CO211WkBG2CCDDDUaNUblGYFtzWqjcaiS3XcksRD_70`̵ c8K(p׉EBEWAARCOLUMN
Gewichtsverliezen seizoen 2021-2022
Partij
Ras
1
2
3
4
5
6
7
Fontane
Innovator
Markies
Markies
Markies
Markies
Fontane
Afleveren
15 apr
15 mei
16 jul
27 jul
1 aug
6 aug
31 aug
ontstaan van rotte knollen
extra droging nodig, vooral in
het eerste gedeelte van het
bewaarseizoen. Om het rot
weg te krijgen waren veel
draaiuren met (drogende)
externe lucht nodig. Deze
situatie maakt duidelijk dat
de aanwezigheid van mechanische
koeling nog geen
garantie is voor een gering
gewichtsverlies bij aflevering.
Hier was vooral sprake van
het inschuren van aardappelen
met rot van natte perceelsdelen.
Nogmaals daarom het
advies, rij hier omheen en laat
zo’n plek met rotte aardappelen
zitten of hou deze, als je
ze toch rooit, apart. Je kunt er
dan voor kiezen om ze in een
andere cel of in kisten extra te
drogen als dat zin heeft of ze
direct af te leveren.
Lang bewaren in luchtkoeling
kan
Het kan, aardappelen lang
bewaren in luchtgekoelde
bewaring met toch een aanvaardbaar
gewichtsverlies
van 5,9 procent. Dat is het
resultaat bij partij 5, een cel
Fontane die op 1 augustus
2022 afgeleverd is. Het is ook
de enige partij uit luchtkoeling
in het rijtje waarnemingen
die na de datum van 1
juli afgeleverd is. Hierin
kwam gedurende de bewaarperiode
wel telkens rot in
enkele knollen tot ontwikke4,7%
4,9%
1,9%
7,0%
5,9%
4,9%
5,0%
Verlies
Draaiuren
Draaiuren Kiemremming
extern
nb
300
134
nb
360
246
184
intern
nb
510
233
nb
415
599
680
Alleen MH
MH + 1,4 Sight
MH + 1,4 Sight
MH + 1,4 Sight
MH + 1,4 Sight
MH + 1,4 Sight
MH + 1,4 Sight
ling, waardoor het noodzakelijk
was om hiervoor de
nodige uren zowel met
externe als interne lucht te
draaien. Echter 360 uren
extern en 415 intern zijn geen
overdreven cijfers voor lange
bewaring in een dergelijke
opslag. Wel hoort hierbij de
opmerking dat het in de slotfase
wel lastiger is om de
kieming onder controle te
houden ten opzichte van
bewaring in een cel met
mechanische koeling. Dus de
kosten voor kiemremming
kunnen navenant hoog oplopen.
Die uitdaging zal voor
het bewaarseizoen 2022/2023
nog groter zijn, aangezien de
kiemlust in veel partijen
momenteel groter is dan normaal.
Minder
draaiuren met
mechanische koeling
Alhoewel luchtkoeling (nog)
kan zoals partij 5 bewijst, is
mechanische koeling de toekomst
voor elke langbewaarder,
zeker gelet op de klimaatverandering.
Waar het
daarbij vooral om draait is de
beheersing van de producttemperatuur
onder hoge buitentemperaturen
met zo weinig
mogelijk ventilatie-uren
en het in toom houden van de
kieming en kiemremmingskosten.
Partij 6 is daar een
schoon voorbeeld van. Het
gaat hier om Markies waarin
weinig of geen rotte knollen
voor kwamen. De partij is op
6 augustus afgeleverd met
een acceptabel gewichtsverlies
van 4,9 procent.
Mechanische koeling resulteert
in minder externe draaiuren,
in dit geval 246. Dat is
de voornaamste reden van het
beperkte gewichtsverlies.
Mechanische koeling onttrekt
via de verdampers ook vocht
van de cel, maar veelal betreft
het slechts een fractie van de
vochtafvoer bij productkoeling
met buitenlucht. Wat nu
precies het financiële voordeel
is van mechanische koeling
ten opzichte van buitenluchtkoeling
voor de lange bewaring
is in onze praktijkmetingen
niet te becijferen. Dat
komt ook omdat vrijwel alle
partijen die na 20 juni afgeleverd
zijn uit de mechanische
koeling komen.
Bijna jaarrond bewaren is
mogelijk
Dan is er nog het praktijkvoorbeeld
van een partij Markies
die pas op de zeer late datum
van 31 augustus is afgeleverd.
Dankzij de mechanische koeling
en weinig externe draaiuren
bedroeg het gewichtsverlies
hierin slechts 5,0 procent.
Je zou gelet op deze partij
kunnen stellen dat je met een
gezond ingeschuurd product
aardappelen bijna jaarrond in
een mechanische koeling kunt
bewaren. En dat bij zeer hoge
buitentemperaturen van het
voorbije seizoen. Uiteraard
ging de bewaring wel gepaard
met de nodige stroomkosten
voor de koeling. Los van dit
feit is mechanische koeling
sowieso een vereiste om op
een dergelijk tijdstip bewaaraardappelen
af te kunnen leveren.
Het is dan uiteraard wel
van belang dat hier een renderende
marktprijs voor het product
tegenover staat.” ●
“Wanneer je te laat bent met kiemremming loop je vaak achter de feiten
aan”, benadrukt adviseur Anton van der Velde nog maar eens.
Terug
9
Aardappelwereld magazine • oktober 2022 • nummer 10
19
׉	 7cassandra://wL7OworIsbAsmPaxNeX9TZup23G9DT1vJ0rV5Hj4mTE Z`̵ c8K(qc8K(p{בCט   {u׉׉	 7cassandra://Y57ApDe-i0JiFz_Usp3zmLbUccd0ULNrujIy_sQsfNg `׉	 7cassandra://fNDQp1ydCwPE6ZAojpWvEqw1rSSgiq8rQVltC0DYDb8sN`S׉	 7cassandra://Hz213C5qX5y1KbAmkm1et19DDjOpGnNfIC-si0xqvN0 `̵ ׉	 7cassandra://aH2sM-VoPlZ4fNZYKz4dvFfSBX4nnh9xN75fnH5XtTE ~t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://2hMR2oxuAVbMoyO87gaFkhYvGog53sOoKEvHIJVxx7Y %(`׉	 7cassandra://SyhNgqteeKzJrwSnO0eVV2mJlF8vRnFsoh0j83paixwl`S׉	 7cassandra://iq_POZxNrCoNSyM4DHZ1un28ExSYXdTAsisSEQJF1aoz`̵ ׉	 7cassandra://DWxmGzL0FkxrfXctNvCAcpSKnZT-K0kHPtoWvbi0m4M &t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Kijken = besparen
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met
lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage
van Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/
West-Brabant.
“G
Terug
10
evolgen van het droge
teeltseizoen en de hoge energiekosten
zijn twee belangrijke
factoren om rekening
mee te houden in het inmiddels
al aangebroken bewaarseizoen
2022/2023. Dan gaat
het er vooral om hoe je daar
zo verstandig mogelijk mee
omgaat. Om te beginnen zal
dit seizoen het oogsttijdstip
en daarmee het inschuren
voor de meeste telers eerder
starten dan normaal. Dit betekent
onder meer dat de knoltemperaturen
van de binnenkomende
aardappelen
eveneens hoger zullen zijn.
Gevolg daarvan is dat je het
product in schuren met enkel
buitenluchtkoeling niet snel
op de gewenste minimale
bewaartemperatuur zult krijgen,
gelet op de nog relatief
hoge buitentemperaturen in
aanvang van de bewaarperiode.
Haast is echter ook niet
nodig. Begin vooral eerst met
een goede droging en wondheling.
Meestal vergt dat een
week of twee, maar dat weet
je pas zeker als je regelmatig
het product daarop controleert.
Sommige telers zetten
na inschuren voor de
genoemde actie standaard
veertien dagen achtereen de
ventilatoren op volle toeren.
Dat is niet verstandig. De
wondheling is afgerond zodra
de huidbeschadigingen verkurkt
zijn. Wanneer je dit proces
goed volgt en je ziet na
negen of tien dagen dat het
de goede kant op gaat, dan
kun je het toerental van de
ventilatoren bijvoorbeeld al
wat terugschroeven naar 90
procent. Met dit slechts 10
procent lagere toerental is dan
wel tot 40 procent aan
stroomverbruik te besparen,
en dat is toch mooi meegenomen
in deze tijden met hoge
energiekosten. Na de wondheling
is het van belang om
beheerst de producttemperatuur
te verlagen. Benut daarvoor
alle momenten met
lagere buitentemperaturen.
Dat dit proces niet per se al te
snel hoeft te gaan heeft te
maken met eventuele rotte
knollen in de partij. Die zijn
bij hogere producttemperaturen
namelijk eenvoudiger
weg/droog te krijgen. Is de
producttemperatuur al snel
laag, dan kun je minder eenvoudig
bijsturen met de dan
benodigde warmere en/of
drogende lucht. Bovendien
creëer je dan al gauw weer
ongewenste temperatuurschommeling
in het product.
En je hoeft echt niet veel rotte
knollen in een partij te hebben
om een flink probleem in
de schuur te krijgen. Knollen
van fritesrassen zijn tegenwoordig
soms behoorlijk
groot en uit één rot exemplaar
kan ongemerkt veel lekvocht
vrijkomen. Dus monitor elke
partij altijd en regelmatig op
dat lekvocht, ook al lijkt deze
hiervan volledig vrij te zijn.
“Voor wie dit bewaarseizoen met zo weinig mogelijk productverliezen en
kosten door wil komen is nu het belangrijkste advies: kijken staat gelijk
aan besparen.”
Is de MH-bespuiting wel of
niet geslaagd?
Dan over het grootste gevolg
van dit droge teeltseizoen, het
effect op de kiemremming.
Daarbij draait het in consumptieaardappelen
vooral
om de vraag, is de veldbespuiting
met MH wel of niet
geslaagd? Meestal zullen
telers het antwoord zelf wel
weten; daar waar de groei op
het moment van behandeling
nog goed in het gewas zat, zal
de middelopname in orde
zijn. Zat er echter geen puf
meer in, dan zal de werking
tekortschieten. Of je nu twijfelt
hierover of niet, een
advies staat bovenaan, controleer
de aardappelen na de
wondheling dagelijks op kieming.
Let daarbij vooral op
de signaalknollen, dat zijn
alle groene en beschadigde/
aangetaste exemplaren. Veelal
verschijnen hierop de eerste
kiemen, waarna je eventueel
direct tot actie kunt overgaan.
Bij inzet van een middel als
1.4 SIGHT is het dan zaak
direct te starten met een eerste
behandeling. Zijn het producten
als Biox-M of Argos,
dan kun je nog even wachten
tot ook op de gezonde knollen
de eerste witte (kiem)
puntjes zichtbaar zijn. Nog
een laatste tip, vermijd zoveel
mogelijk fluctuaties in de
knoltemperatuur. Daarmee
beheers je niet alleen de kieming,
maar ook de energiekosten.
Ook hiervoor geldt,
blijf monitoren en hou die
temperatuurmeters elke dag
in de gaten. Want voor wie
dit bewaarseizoen met zo
weinig mogelijk productverliezen
en kosten door wil
komen is nu het belangrijkste
advies: kijken staat gelijk aan
besparen.” ●
Aardappelwereld magazine • september 2022 • nummer 9
13
׉	 7cassandra://Hz213C5qX5y1KbAmkm1et19DDjOpGnNfIC-si0xqvN0 `̵ c8K(t׉EBEWAARCOLUMN
Wees nu al alert op kieming
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van
Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/WestBrabant.
“O
maakt
dat de vitaliteit van
knollen tijdens het inschuren
behoorlijk kan afwijken ten
opzichte van vorig jaar.
p een klein restvolume
na zijn alle aardappelen
Oogst 2021 inmiddels uit de
bewaarschuren vertrokken.
De eerste van de nieuwe
oogst, veelal voor korte
bewaring, komen alweer binnen.
En over een maand zal
het inschuren van de
hoofdoogst van start gaan.
Daarop vooruitlopend zijn al
de nodige zaken als voorbereiding
te benoemen.
Allereerst, zorg dat schuur en
apparatuur schoon en op
werking nagekeken zijn,
voordat weer nieuwe oogst in
bewaring gaat. Volgend aandachtspunt
is de beschikbaarheid
van middelen. Laat de
leverancier van kiemremmers
tijdig weten wat minimaal
benodigd is van het gewenste
middel. De beschikbaarheid
kan mogelijk een probleem
gaan vormen. Is nog niet duidelijk
op welk middel de
keuze zal vallen, ga hierover
dan nog zo snel mogelijk in
overleg met de bewaaradviseur.
Het kan namelijk weleens
zo zijn dat komend seizoen
meerdere middelen en
ook meer volume nodig zijn
dan in het vorige. Vooral
omdat het teeltseizoen tot nu
toe weer heel anders verlopen
is dan in 2021. Kou aan het
begin, gevolgd door een lange
droge periode, weinig neerslag
daarna en nog een hittegolf
halverwege juli. Dat alles
“Het is dit seizoen van belang om in direct na inschuren de kieming
goed in de gaten te houden”
Hou doorwaspartij en apart
In sommige regio’s en rassen
was een maand geleden al
doorwas waarneembaar. De
loofontwikkeling was/is in
veel aardappelpercelen niet
overmatig. Tijdens zeer
warme dagen in de voorbije
periode liepen de temperaturen
in de rug daardoor op tot
wel boven 30 graden Celsius.
Behalve het optreden van
doorwas bestaat daarbij ook
de kans dat de aardappelen al
tijdens of snel na inschuren
kiemlustig zijn. Veel telers
hebben ondertussen MH
gespoten als eerste wapen
tegen de kieming. Deze
bespuiting zal gelet op de
weersomstandigheden en
onvoldoende opname niet
overal even goed geslaagd
zijn. Zijn er grote verschillen
binnen of tussen percelen te
verwachten probeer dan,
indien mogelijk, hier een
scheiding in aan te brengen
door bij het inschuren de
uitersten apart op te slaan.
In product waarin de opname
beter geslaagd is, kun je
immers volstaan met minder
kiemremmingsmiddel dan
wanneer je daar ook de kiemlustige
knollen doorheen
mengt. Hetzelfde advies geldt
voor percelen of perceelsdelen
met doorwas. Hou die als
het kan ook apart. Is sprake
van veel doorwas, dan bestaat
al gauw de kans op waterzakken
in de bewaring. Wanneer
daar ook veel goede aardappelen
van de betere percelen
of perceelsdelen tussen zitten
is dat natuurlijk zonde. De
kans op vorming van waterzakken
in de bewaring is
groot wanneer de onderwatergewichten
als gevolg van
doorwas zeer laag zijn. Neem
daarom voor de oogst al monsters
en bepaal die gewichten,
zodat je vooraf weet wat je
rooit. Vaak moeten dergelijke
partijen eerder (dan gepland)
naar de afnemer. Bij hele lage
onderwatergewichten is het
soms zelfs aan te raden ze
helemaal niet in te schuren en
afland te leveren.
Twijfel over MH? Begin op
tijd met kiemremming!
Vervolgens is het in alle
gevallen direct na inschuren
van belang om de kieming
goed in de gaten te houden.
Is MH helemaal niet gespoten
of bestaat het vermoeden dat
de opname niet optimaal was,
behandel de (net) ingeschuurde
knollen dan tijdig.
Bij toepassing van een middel
als 1,4SIGHT of Restrain is
het advies om dit al te doen
voordat op gezonde knollen
de eerste kiempjes zichtbaar
zijn. Eerste kiempjes op
groene en beschadigde knollen
in de bovenste 40 centimeter
van de aardappelhoop zijn
veelal het signaal om met de
eerste behandeling te starten.
Wie gaat voor een middel als
Argos of Biox-M kan wachten
totdat ook op de gezonde
knollen de eerste witte puntjes
zichtbaar zijn.” ●
Terug
11
Aardappelwereld magazine • augustus 2022 • nummer 8
13
׉	 7cassandra://iq_POZxNrCoNSyM4DHZ1un28ExSYXdTAsisSEQJF1aoz`̵ c8K(uc8K(t{בCט   {u׉׉	 7cassandra://yZvNDWG0Lh3tjv9e_SUB6Zb48Va96SElvOjCuoyEI3U {`׉	 7cassandra://J8ig118WhBq_3rL6clBZKOqAT9LtgcMA6aTmIfpW_YMs`S׉	 7cassandra://vxWbcpaiAJ5bmf2bDvJxu1Ku_9HTweAgfKCessDJdW4 `̵ ׉	 7cassandra://S_lqrrvOyL0TXTyZ4p8HEkMMqDfaE9_0JCqi0AsiPJ4 t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://xKgUuDtNu6WVypm7X9J4xOxEK4SC4xn2QfFR7vYYpSE `׉	 7cassandra://hXMO-Cg47UCbxBkmuws1KTsTe3htzGKRiRBPpAtMe38w}`S׉	 7cassandra://yJ02u5fY7drXEzXIkCOSvXzy4yMzkhlKPhwZScnRt8s!n`̵ ׉	 7cassandra://aws5xmViGQduhVw2DOqiX0xq3NSYd4nPbZ4Y_gDeBQ8 7t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉E&BEWAARCOLUMN
Wees voorbereid op seizoen 2022
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam
in de regio Zuidoost-Nederland.
“A
ls het gaat om tips
Terug
12
voor afronding van het
bewaarseizoen Oogst 2021
kunnen we kort zijn. Van het
totaalvolume ligt nu slechts
een klein percentage nog achter
de planken. Veelal gaat
het om de allerbeste partijen
die onder topconditie in de
schuur liggen, overwegend
mechanisch gekoeld.
Daartussen zit in de praktijk
overigens nog wel een verschil.
Je hebt (relatief) nieuwe
schuren met koeling en oude
schuren waar later mechanische
koeling in geplaatst is.
Het verschil zit ‘m vooral in
isolatie(waarde) van dak,
wanden en deuren. Daarmee
is het in de oude schuren
vaak een stuk minder gesteld.
Gevolg is dat bij warme
dagen de producttemperatuur
sneller kan oplopen dan in
nieuwe schuren. Wat je dan
moet zien te voorkomen is
hierin terug te koelen met te
weinig temperatuurverschil
in het regelprogramma. Dan
duurt deze actie vaak te lang
en dat kost te veel energie. Bij
de huidige stroomprijzen is
het verstandig daar rekening
mee te houden. Probeer dus
in zo kort mogelijke tijd terug
te koelen. Dat kan door het
temperatuurverschil tussen
die van de ventilatiekanalen
en het product ruim in te stellen,
bij voorkeur minimaal
2 graden Celsius.
Kleine verstopping al funest
Waar we dit keer iets langer
bij stil willen staan, is de
voorbereiding op de bewaring
van de aanstaande oogst. Is
de schuur leeg, maak deze
dan zo goed mogelijk schoon.
Een kleine verstopping, bijvoorbeeld net op een plek met wat rot, kan al
funest zijn voor een complete partij.
Dat houdt in, maak de kanalen
en roosters vrij van gronden
gewasresten, zodat de
luchtstroom overal ongehinderd
en met de gewenste
capaciteit door het product
kan blazen. Een kleine verstopping,
bijvoorbeeld net op
een plek met wat rot, kan al
funest zijn voor een complete
partij. Het verhoogt de kans
op extra bewaarkosten, de
partij moet mogelijk eerder
weg, tarragehalte neemt toe,
saldo daalt. Een volgend punt
van aandacht, controleer de
werking van alle apparatuur.
Ventilatoren, voelers, meters,
kachels, kortom alles wat
hapert of hoognodig aan vervanging
toe is. We dragen dit
advies ieder jaar opnieuw
aan, maar dit keer extra met
klem. Dat heeft alles te maken
met de huidige, soms zeer
lange levertijd van apparatuur
en onderdelen. Wees
daarop voorbereid om tijdens
het bewaarseizoen niet voor
onaangename verrassingen te
komen staan. Hetzelfde gaat
op voor alle maatregelen
omtrent de kiemremming
voor Oogst 2022. Over niet al
te lange tijd begint voor veel
telers alweer de eerste veldbehandeling
met maleïne
hydrazide (MH). Wie al zeker
weet het middel te gaan
gebruiken, maar dit nog niet
heeft aangeschaft, adviseer ik
zo snel mogelijk bij de leverancier
na te gaan of het
gewenste volume beschikbaar
is en tijdig te bestellen.
Hetzelfde gaat op voor kiemremmers
die komend najaar
in de bewaarschuur nodig
zijn. Bedenk nu al welk middel
je wilt gaan inzetten en
vraag de dealer alvast om de
beschikbaarheid ervan en de
noodzaak om het eventueel al
te bestellen/aan te schaffen,
mocht dit nog niet gedaan
zijn. De reden waarom we
hierop wijzen is het feit dat
we de laatste tijd ervaren dat
het niet altijd meer vanzelfsprekend
is dat alle gewasbeschermingsmiddelen
bij de
toeleveranciers en fabrikanten
op voorraad liggen en/of tijdig
beschikbaar zijn bij (na)
bestellingen.
Aanscherping dosering en
intervallen
Verder adviseren we bewaarders
van aardappelen om
samen met hun adviseur/
middelenleverancier de opgedane
ervaringen met de nu
beschikbare kiemremmers een
keer op een rijtje te zetten.
Afgelopen twee jaren in het
na-CIPC-tijdperk hebben
geleerd dat alle middelen met
de nodige ervaring onder uiteenlopende
condities prima
inzetbaar zijn. Aanscherping
is echter nog mogelijk, bijvoorbeeld
als het gaat om de
dosering en intervallen. Een
belangrijke maatregel daaromtrent
is: begin op tijd. Start
bij een middel als 1,4 SIGHT
een eerste behandeling voordat
kiemen zichtbaar zijn en
bij middelen als Argos direct
nadat witte puntjes zichtbaar
zijn, zeker wanneer de
knollen kiemlustig zijn.
Intervallen zijn mogelijk te
verruimen in jaren waarin de
kiemlust gering is. Hoeveel is
een optelsom van ervaring.
Adviseurs en leveranciers
komen in meerdere schuren
en kunnen hun ervaringen
hierover delen. Maak daar
gebruik van.” ●
Aardappelwereld magazine • juli 2022 • nummer 7
13
׉	 7cassandra://vxWbcpaiAJ5bmf2bDvJxu1Ku_9HTweAgfKCessDJdW4 `̵ c8K(x׉EBEWAARCOLUMN
Blijf zelf het bewaarproduct controleren
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een speciale bijdrage met een terugen
vooruitblik van Anton van der Velde, werkzaam in de
regio West-Brabant.
“’G
a maar even alleen
kijken in de schuur, ik hoor
wel wat je tegenkomt’. In
drukke veldperioden krijg ik
dit nogal eens als melding bij
een geplande controleronde
langs de bewaarschuren. Ik
begrijp het wel, maar het is
niet zoals het zou moeten
gaan. Vooral bij lange bewaring
vanaf de maand mei, het
tijdstip waarop de buitentemperatuur
veelal flink oploopt.
Dan zijn minder momenten
om product in te koelen
beschikbaar, is rot minder
makkelijk te beheersen,
neemt de kans op kieming
toe, en de bakkwaliteit af.
Juist dan is het van groot
belang om elke twee tot drie
dagen de aardappelhoop te
controleren. Door de eigenaar,
welteverstaan. Weet wat
je hebt is altijd het credo,
want dan kun je daar adequaat
naar handelen. Speel
met de instellingen van de
bewaarcomputer steeds in op
de verwachte momenten om
het product in te koelen en
raadpleeg bij twijfel of vragen
over ‘wat te doen’ de adviseur.
Zo trof ik onlangs bij
zo’n uitbestede kijkopdracht
wat rot aan in het product.
Het is niet veel aan de orde
dit seizoen, maar in enkele
partijen Agria komt het voor,
eigenlijk zoals ieder seizoen,
waardoor telers soms toch
cellen eerder af moeten leveren.
De oorzaak is nogal eens
terug te voeren op verkeerde
keuzes rondom oogst en
inschuren. In lage perceelsdelen
en/of kopakkers met
vooral slempgevoelige lichte
gronden ontstaat na veel
neerslag al gauw rot. Een
paar slechte kippers, even wat
twijfel in de hectiek rondom
het rooien en inschuren, dan
helaas toch het besluit ‘draai
ze er maar in’ in plaats van
‘stort ze tijdelijk in een andere
schuur’. Als het rot al onder
controle te houden is, dan
betekent het wel in ieder
geval extra gewichtsverlies
voor de hele partij.
Profijt van mechanische
koeling
“Het is van groot belang om elke twee tot drie dagen de aardappelhoop
te controleren. Door de eigenaar, welteverstaan.”
Geen bewaarseizoen is hetzelfde,
dit jaar wijkt weer
sterk af van vorig jaar. Niet
alleen vanwege de hoge kiemrust
en het geringe percentage
rot, maar ook als het gaat om
de buitentemperaturen.
Wellicht zijn sommigen het al
vergeten, vorig jaar was de
hele meimaand koud en
’s nacht soms slechts 4 tot
6 graden Celsius. Dat is mooi
voor schuren met buitenluchtventilatie
en product voor
lange bewaring, want dan
kun je het product lekker lang
op de gewenste temperatuur
in rust houden. Dit jaar is dat
heel anders. Al vanaf begin
mei is de buitentemperatuur
hoger, wat normaal is, en
’s nachts komt het kwik veelal
niet onder de 10 graden.
Gevolg is dat de aardappelen
in schuren met buitenluchtventilatie
begin juni al gauw
een knoltemperatuur van
12 tot 13 graden Celsius hebben
in plaats van de 8 tot 9
graden vorig jaar. Een aantal
telers in de regio waar ik
werkzaam ben heeft vorig
jaar in mechanische koeling
geïnvesteerd. Niet alleen met
het oog op het stabieler
houden van de producttemperatuur
bij lange bewaring,
maar ook op betere
beheersing van de kieming.
Door minder externe uren heb
je ook minder gewichtsverlies
en verlies van kiemremmingsmiddel.
Het is nog niet helemaal
helder, maar ik verwacht
zomaar dat ze dit
seizoen al profijt zullen hebben
van hun investering,
ondanks de hogere energieprijzen.
Verhoogde
dosering werkt
Nog even over de kieming,
die is eigenlijk zowel in schuren
met als zonder mechanische
koeling tot nu toe
beheersbaar gebleken. In
schuren met mechanische
koeling is geëxperimenteerd
met verlenging van de intervallen
van bewaarmiddelen.
Dat lijkt zeker dit jaar mogelijk.
Mochten er onverhoopt
toch iets te veel ogen los zijn,
dan kan een hogere dosering
de kieming toch weer goed
onder controle houden.
Na twee jaar ervaring met de
nieuwere middelen is gebleken
dat de kieming toch goed
in toom is te houden door
bijvoor beeld één of twee keer
achter elkaar een verhoogde
dosering te geven. We zien
dat bijvoorbeeld bij het ras
Markies. Vaak vertoont een
klein deel van de knollen al
vrij vroeg kieming. Bij een
gasbeurt met een hogere dosis
1,4 SIGHT gaat de kiem
gewoon terug in het ‘hok’ en
met een geslaagde MH-behandeling
aan de basis blijven de
knollen tot laat in het bewaarseizoen
netjes rustig.” ●
Terug
13
Aardappelwereld magazine • juni 2022 • nummer 6
15
׉	 7cassandra://yJ02u5fY7drXEzXIkCOSvXzy4yMzkhlKPhwZScnRt8s!n`̵ c8K(yc8K(x{בCט   {u׉׉	 7cassandra://V2ccYPdEm2Jr6aY8gNIk9jWoialVdyDlEPMFreNnFrc Za`׉	 7cassandra://XK4chN30Jz3dwIdcomzixhqCTYOVK1VSK4giNRt3aHss_`S׉	 7cassandra://s9K4x9zK8-eMtD4DjDnSPGplmQbqbwjn0_Ihe69Vbxg .`̵ ׉	 7cassandra://sbgTrg5tjFrgpXQiUP6YvNkwbIKDadv7AZYT48gpnOQ t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://7KHvTxEJ7HVQrUVUxJMxCZUjb_ywcM5LzVg4OzAZ-dQ M`׉	 7cassandra://QJQGHBx9g5m3RouhYtOZVQ2KTBA4HYeTaKkdjRahEwgr'`S׉	 7cassandra://TntyvUwRImICkYY6R_-cF19N4E0ao6_0D6X0CpoMMZA }`̵ ׉	 7cassandra://3UCD40tPaZvoafkoE34TQokLnxY9TI-m4pQ-orwkdng t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Verkeerde zuinigheid bij kiemremming
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met
lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage
van Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/
West-Brabant.
“D
dat kiemen zichtbaar zijn.
Deze opdracht geldt ook voor
de herhaling. Sommige telers
die het middel gebruiken hebben
de intervallen namelijk
eveneens opgerekt, en dat is
niet verstandig gebleken.
it bewaarseizoen is
Terug
14
typisch weer zo’n voorbeeld
om lessen voor de toekomst
uit te trekken. Meestal is dat
het geval wanneer dit sterk
afwijkt van het normaal. In
deze periode is dat de kiemrust.
Vrij gebruikelijk bij consumptieaardappelen
is dat
zo’n zes tot acht weken na
inschuren de eerste kiempjes
op de knollen zichtbaar zijn.
Uiteraard is de kiemrust
rasafhankelijk, zoals velen
wel weten, maar in de meeste
jaren is het toch gebruikelijk
dat nog voor de jaarwisseling
de eerste gasbeurt in veel
schuren achter de rug is.
Deze periode is dat echter
anders. In het gros van de
bewaarplaatsen zijn namelijk
tot soms wel enkele maanden
na inschuren pas de eerste
kiempjes zichtbaar. Gevolg
van een groeiseizoen met niet
al te hete zomerdagen, voldoende
neerslag en een overwegend
geslaagde veldbehandeling
met de kiemregulator
maleïne hydrazide (MH).
Door die ongebruikelijk lange
kiemrustperiode is de eerste
schuurbehandeling met een
kiemremmer dit seizoen
daarom veelal pas in januari
gegeven. Niet erg, behalve
voor die partijen waarin toch
al enkele kleine kiempjes aanwezig
waren en het de bedoeling
was om met het middel
1,4 SIGHT te behandelen.
Gelet op het werkingsprincipe
ben je dan te laat. Het is
namelijk een middel dat de
kiemrust verlengt. En het
werkt daarom alleen optimaal
wanneer je het toepast voorgegeven
moment niet meer bij
te benen. Dat is wat dit seizoen
her en der de praktijk is.
Let ook op energiekosten
Nog een tip voor nu en de
toekomst is om goed uit te
kienen op welke momenten
“Vooral in schuren met buitenluchtventilatie
waarin de knoltemperaturen
richting de maand mei al gauw een
paar graden op kunnen lopen, is de
kiemremming op een gegeven
moment niet meer bij te benen”
Een tip voor nu en de toekomst is om goed uit te kienen op welke
momenten van de dag je de aardappelen gaat ventileren en/of terugkoelen
om energie te besparen.
Vooral nu door de hoge buitentemperaturen
van de laatste
weken ook de temperaturen
in de knollen langzaam
oplopen, zeker in luchtgekoelde
schuren, zien we hiervan
de negatieve gevolgen.
Onopgemerkte kiemen zijn
namelijk gewoon door blijven
groeien. Ook bij gebruik van
middelen als Argos en Biox-M
is het van belang om de intervallen
tussen de gasbeurten
niet op te rekken. Dat is verkeerde
zuinigheid. Doe je dat
namelijk wel, dan zul je
vooral later in het bewaarseizoen
juist veel vaker moeten
behandelen met nog kortere
intervallen dan wanneer
vanaf de eerste behandeling
gewoon de geadviseerde tussenpozen
waren opgevolgd.
Vooral in schuren met buitenluchtventilatie
waarin de
knoltemperaturen richting de
maand mei al gauw een paar
graden op kunnen lopen, is
dan de kiemremming op een
van de dag je de aardappelen
gaat ventileren en/of terugkoelen.
Dat is vandaag de dag
niet alleen maar meer een
kwestie van temperaturen en
RV in de gaten houden, maar
ook energiekosten. Het is een
optelsom van de laagste
stroomtarieven combineren
met de meest gunstige buitentemperatuur
om bijvoorbeeld
het bewaarproduct terug te
koelen. Een voorbeeldje. Lage
(nacht)temperaturen kun je
ook benutten wanneer je
mechanische koeling hebt
door dan juist enkel met buitenlucht
te ventileren. Vaar
dus niet alleen blind op een
standaardinstelling van het
computerprogramma. Zo is
het van belang voor elke
situatie een optimaal ventilatiemoment
tegen de laagste
stroomkosten te kiezen, wat
zeker vandaag de dag geen
overbodige luxe is om daarop
te letten.” ●
Aardappelwereld magazine • mei 2022 • nummer 5
15
׉	 7cassandra://s9K4x9zK8-eMtD4DjDnSPGplmQbqbwjn0_Ihe69Vbxg .`̵ c8K(|׉EcBEWAARCOLUMN
Rek intervallen kiemremming niet op
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
“I
n tegenstelling tot het
vorige bewaarseizoen is de
kieming een stuk later op
gang gekomen en verloopt
over het algemeen zeer rustig.
Over het algemeen was
pas begin januari een eerste
behandeling met een kiemremmer
nodig. Dan hebben
we het over middelen als
Biox-M en Argos. De eerste
behandelingen met 1,4 SIGHT
zijn veelal al in december
gestart, maar ook wel in
januari, daar waar tot dat
moment nog geen kiem te
zien was. Daarna bleven de
kiemen veelal ook langer weg
dan gebruikelijk. In een aantal
gevallen hebben telers
daarop het interval tussen de
eerste en tweede behandeling
opgerekt tot wel enkele
weken langer dan het advies
op het middelenetiket. Daar
schuilt echter een groot risico
in, vooral bij een middel als
1,4 SIGHT. Dit middel werkt
alleen optimaal door ervoor
te zorgen dat kiemen wegblijven.
Kiemen van eenmaal uitgelopen
knollen zijn met dit
middel niet meer afdoende
aan te pakken. Zeker wanneer
je het product nog lang wilt
bewaren en de kans aanwezig
is dat de temperatuur in de
partij wat kan gaan oplopen,
bijvoorbeeld in schuren zonder
mechanische koeling. Het
oprekken van het interval kan
bij sommige rassen bovendien
de kans vergroten dat kiemen
in de knol gaan groeien. Van
een ras als Innovator is onder
meer bekend dat het hiervoor
erg gevoelig is. Hoe aanlokkelijk
zo’n langer interval ook
is, mede gelet op de hoge
middelenkosten, bestaat er
een gerede kans dat een uitstel
van behandelingen nadelig
uit kan pakken. Vergelijk
het risico in dit geval maar
simpelweg met het achterwege
laten van een productverzekering.
Neem daarom
altijd het zekere voor het
onzekere en volg na een eerste
behandeling gewoon de
adviezen voor de intervallen
op zoals de middelenetiketten
deze aangeven.
Energiebesparing
Rek intervallen kiemremming niet op. Daar schuilt namelijk een groot
risico in, vooral bij een middel als 1,4 SIGHT.
Naast dat de partijen behoorlijk
rustig zijn, liggen ze er dit
seizoen ook nog eens zeer
droogjes bij. Vorige maand is
in deze column al aangestipt
dat dit extra aandacht vraagt
als het om het terugkoelen
van de partij en de luchtverversing
gaat, en dat onderstrepen
we vier weken later
graag nog een keer. Hou de
duur van deze acties beperkt
en pak voor de ventilatiebeurten
buitenlucht met een zo
hoog mogelijke RV. Het kan
dus zijn dat je het computerprogramma
hierop aan moet
passen of handmatig aan de
slag moet. Daarbij is ook aangegeven
dat het belangrijker
is om de temperatuur constant
te houden, dan deze
naar het minimum terug te
draaien, mocht deze onverhoopt
een graadje opgelopen
zijn. De optimale bewaartemperatuur
voor Markies is
6,5 °C. Deze is in enkele
weken tijd door te hoge
buiten temperaturen opgelopen
naar 7,5 °C. Wanneer vervolgens
weer wel momenten
van buitenluchtkoeling mogelijk
zijn, probeer dan die
7,5 °C vast te houden. Niet
alleen om te voorkomen dat je
te veel temperatuurschommeling
in de knollen krijgt (er
kan zich immers nog een periode
met te hoge buitentemperaturen
aandienen), maar ook
om energie te besparen.
De hoge stroomkosten van nu
zijn het al gauw niet waard
om een lange en veel stroom
vergende terugkoelactie in te
zetten. Dit is een tip die
veelal betrekking zal hebben
op schuren met buitenluchtkoeling.
Energiebesparing is
uiteraard ook een issue in
schuren met mechanische
koeling. Laat daarin bijvoorbeeld
de koelinstallatie niet
automatisch doordraaien op
momenten dat je simpelweg
‘gratis’ koelende buitenlucht
kunt pakken, zoals we die in
de afgelopen maanden verschillende
nachten beschikbaar
hadden. Oftewel, benut
als teler je boerenverstand.
Hou je product voortdurend
in de gaten, hanteer intervallen
van kiemremmingsmiddelen
volgens de etiketten, wees
alert op het weer en vooruitzichten
hieromtrent en schakel
bij twijfel een adviseur
in.” ●
Terug
15
Aardappelwereld magazine • april 2022 • nummer 4
13
׉	 7cassandra://TntyvUwRImICkYY6R_-cF19N4E0ao6_0D6X0CpoMMZA }`̵ c8K(}c8K(|{בCט   {u׉׉	 7cassandra://_jRNAmuhYhiaKM1ixZlEdq9pamcTJb1Fbl4fNXSnp1Q ˈ`׉	 7cassandra://umA_QrOz43K6YFsLcYsdnjc436kjVupvuu57hjV7Hnwy`S׉	 7cassandra://ny0MK5hcJ_dUuXn35BlDTlWyg2zmzfvWNnI6F-F5rn0"`̵ ׉	 7cassandra://I3cA2tQ9XsQvSNOssvjTtF4CTbc_yOfJPnIiL3QzCvg 3t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://IYCPJQFWzQ9T3uZHBV6JQqR2_0cBahwZTgCYQ6Da5b0 	`׉	 7cassandra://EuJk1p7EgB7Q5NZoaP4RRiuelx2CFKjUjXqbz44j1sUj`S׉	 7cassandra://7lx5p5GS0ThH--JHF_DPFUr_2TN8sZcVa0KNqgas7Zcb`̵ ׉	 7cassandra://3K3W_LXILLpgYUXkKUvxiAVJHQBMcNAZmEJaNUrK17I x͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉E5BEWAARCOLUMN
Temperatuur iets opgelopen?
Koel niet meer terug
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam
in de regio Zuidoost-Nederland.
“H
et effect van de warmere
winter is ook merkbaar
Terug
16
geweest in bewaarschuren
met aardappelen zonder
mechanische koeling. De
product temperaturen hierin
liepen langzaam op. Vooral in
perioden met hoge nachttemperaturen,
omdat dan de
mogelijkheid voor terug koelen
ontbrak. We zagen dan
ook de knoltemperaturen,
soms ongemerkt, oplopen van
de gewenste 7 graden Celsius
voor fritesaardappelen tot
wel een graad of 8. Zodra
lagere nachttemperaturen de
kans boden om de stijging
een halt toe te roepen, is actie
ondernomen. We hebben
telers in veel gevallen geadviseerd
dan niet terug te koelen
naar de oorspronkelijke 7 graden,
maar de producttemperatuur
vast te houden op die
8 graden Celsius. Daar zijn
twee redenen voor. De kans
dat na half maart weer perioden
aanbreken met hogere
(nacht)temperaturen neemt
alleen maar toe. Wanneer je
dan meerdere keren achtereen
de producttemperatuur
omlaag gaat brengen, veroorzaak
je teveel temperatuurwisseling
in de knollen en
trigger je de kiemrust te veel.
Dat gaat eveneens gepaard
met extra veroudering van de
aardappelen. Nog een argument
om in de beschreven
situatie niet terug te koelen, is
dat het proces van terugkoelen
relatief veel energie kost.
Aangezien de stroomprijzen
momenteel erg hoog zijn, is
het niet rendabel om de actie
in te zetten.
Wijk niet af van intervallen
Belangrijk is wel om de knoltemperatuur
vervolgens zo
constant mogelijk te houden.
Gelet op de huidige situatie
rondom de kieming moet dat
in de meeste gevallen wel
lukken. Het gros van de
bewaarpartijen is dit seizoen
weinig kiemlustig. Dat wil
niet zeggen dat je niet alert
hoeft te zijn. Is de kieming
eenmaal op gang gekomen,
dan is het raadzaam de geadviseerde
intervallen voor de
betreffende middelen aan te
houden. En daarop scherp te
controleren. Om vervolgens
ook tijdig te handelen is niet
bij elke kiemremmer even
makkelijk. Voor Argos en
Biox-M geldt het advies om
een herhaling te starten bij
bepaalde kiemlengtes. Dat is
te meten en daarmee relatief
goed op te volgen. Bij toepassing
van een middel als
Restrain-ethyleen is het
vooral een kwestie van het
CO2-gehalte in de gaten houden
en zorgen dat dit niet
Wanneer je meerdere keren achtereen de producttemperatuur omlaag
gaat brengen, veroorzaak je teveel temperatuurwisseling in de knollen
en trigger je de kiemrust te veel.
boven de maximaal toelaatbare
norm stijgt. Daarbij is
het tevens nodig op witte
puntjes te monitoren, om
daarop eventueel de ethyleendosering
aan te passen. Bij
1,4SIGHT is het tot nu toe
vooral een kwestie van de
door de fabrikant geadviseerde
intervallen aanhouden.
Een herhaalde behandeling
moet namelijk uitgevoerd zijn
voordat kiemen zichtbaar
zijn. Sommigen werken met
knolmetingen om het behandeltijdstip
te bepalen, maar
die blijken in de praktijk niet
altijd nauwkeurig te zijn.
Momenteel onderzoeken we
een alternatieve methode om
voor een kiemremmer als
deze het behandeltijdstip nog
wat meer te finetunen, zodat
eventueel middelbesparing
mogelijk is.
Droog product?
Beperk venti latieduur!
Dan nog kort even over de
ventilatie-acties. Al genoemd
is dat in sommige schuren
product vaker geventileerd is,
om de opgelopen knoltemperaturen
terug te brengen naar
de gewenste bewaartemperatuur.
Bij nogal wat telers is
dat gebeurd bij standaardinstellingen
van het computerprogramma.
Daarin is meestal
een relatief geringe temperatuur
ingesteld om dagelijks
terug te koelen. Veelal gaat
het dan om zo’n 0,2 graden
Celsius per dag over een
redelijk lange tijdsduur.
Wanneer de aardappelen al
vrij vroeg goed opgedroogd
in de schuur liggen, en dit
seizoen is dat overwegend het
geval, dan duurt de standaard
inkoelperiode eigenlijk te
lang en drogen de knollen
teveel uit. Beter is het dan om
die tijdsduur van ventilatie te
verkorten en eventueel ook
het temperatuurverschil iets
te vergroten. Alleen in hopen
waarin nog rotte knollen
voorkomen is deze aanpassing
niet nodig. Die komen
dit seizoen gelukkig maar
zeer sporadisch voor.” ●
Aardappelwereld magazine • maart 2022 • nummer 3
13
׉	 7cassandra://ny0MK5hcJ_dUuXn35BlDTlWyg2zmzfvWNnI6F-F5rn0"`̵ c8K(׉E5BEWAARCOLUMN
Droog product?
Beperk het aantal ventilatie-uren!
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips. Dit keer een speciale bijdrage met een terug- en
vooruitblik van Anton van der Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“Z
acht winterweer zorgt
altijd voor uitdagingen in
bewaarloodsen met enkel buitenluchtkoeling.
Vooral wanneer
de temperaturen meerdere
dagen achtereen hoog
zijn. Laatst hadden we weer
te kampen met periodes van
soms wel meer dan acht
dagen achtereen met nauwelijks
kans om het product op
de gewenste temperatuur te
houden. De knoltemperatuur
kan dan ongemerkt al snel 1,5
tot 2 graden Celsius oplopen.
Zeker wanneer er per dag
nog een aantal uren interne
ventilatie nodig was vanwege
de aanwezigheid van rotte
knollen. Zodra weer een
perio de van lagere buitentemperaturen
voorbij komt,
is het dus van belang om de
boel weer terug te koelen.
Doe dat wel beheerst. Beperk
het terugschroeven van de
knoltemperatuur tot niet
meer dan zo’n halve graad
Celsius per dag. Ga je te
namelijk snel met de temperatuur
naar beneden, dan kan
dat bij sommige rassen een
negatieve invloed hebben op
de bakkwaliteit. Dit is al uit
diverse (praktijk)proeven
gebleken. Bovendien stimuleer
je met heftige temperatuurswisselingen
ook de
kiemlust.
Blijf alert op lekvocht
Bij die cellen waarin tot nu
toe tekenen van rot zichtbaar
waren, blijf alert en controleer
meerdere keren per week op
lekvocht. Nu is het momenteel
echter gelukkig de praktijk
dat het aantal bewaarloodsen
met rot erin zeer
beperkt is ten opzichte van
voorgaande jaren. Het tegenovergestelde
is meer het
geval. Daar hoort een waarschuwing
bij, want we constateren
bij verschillende telers
dat producten soms erg droog
zitten. Probeer het aantal drogende
uren met buitenlucht te
beperken. Het aantal externe
ventilatie-uren kan vaak naar
beneden. Veelal heeft dat te
maken met een standaardinstelling
van het computerprogramma
dat dus om een bijstelling
vraagt. Nog te vaak
zien we dat deze instellingen
nauwelijks aangepast worden.
Pas op basis van het weerbericht
instellingen aan en
overleg eventueel met de
bewaaradviseur welke temperatuurverschillen
tussen
kanaal en product passen bij
het ras, de bakkleur en de
droogte van het product.
Intervallen niet verruimen
Wat betreft kieming is het in
veel bewaarschuren dit jaar
opvallend rustig. In fritesrassen
als Fontane, Agria,
Donata en heel bijzonder, ook
in enkele partijen Innovator,
zijn de eerste kiempjes pas
erg laat zichtbaar. Eind januari
de eerste behandeling op
kiemremming starten was in
veel cellen geen uitzondering,
en dat is toch al snel één tot
twee maanden later dan normaal.
Oorzaak is over het
algemeen tweeledig. Het
groeiseizoen 2021 kenmerkte
zich als een met weinig grote
temperatuurschommelingen
én de veldbehandelingen met
de kiemregulator MH hebben
over het algemeen heel goed
gewerkt. Vanaf nu is het
vooral raadzaam om de kieming
nauwgezet op te volgen.
Dat geldt natuurlijk ook voor
degenen die al een eerste
behandeling uitgevoerd hebben.
Let op, het laat op gang
komen van de kieming is
geen garantie dat de kiemen
na die eerste behandeling ook
weer traag uitlopen. Ga voor
de tweede behandeling
daarom uit van de geadviseerde
intervallen, meestal
vier tot vijf weken afhankelijk
van het toegepaste middel en
de dosering. Te laat behandelen
gaat al gauw gepaard met
hogere uitgaven aan kiemremmingsmiddel.
Bovendien
Terug
17
“We constateren bij verschillende
telers dat producten soms erg
droog zitten. Probeer het aantal
drogende uren met buitenlucht te
beperken.”
leidt het tot gewichtsverlies
en dus verlaging van de netto
opbrengst. Controleer daarom
continu scherp op witte puntjes.
Die komen meestal het
eerst in beeld op knollen met
groenverkleuring en/of aantastingen
zoals door rooibeschadiging.
Neem gerust een
zaklamp mee tijdens de
inspectieronde, want het
tl-licht in de schuren is veelal
ontoereikend om de eerste
tekenen van kieming tijdig op
te merken.” ●
Aardappelwereld magazine • februari 2022 • nummer 2
15
׉	 7cassandra://7lx5p5GS0ThH--JHF_DPFUr_2TN8sZcVa0KNqgas7Zcb`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://o1Ltb0CjvPuyMWSptuWnOJRg-dTYvQSUIr4cEpaQbmM \`׉	 7cassandra://JJJMIVncZxCV-9vSzRZl791ht4_JlDXtsoLc0ABwuXQu`S׉	 7cassandra://JhQx09w9EFa62Q3RSYvCMXgqWsF-jEWpQFjzXSXUxNA"`̵ ׉	 7cassandra://j9xttQbaIeDSyrl2OrKQmJ3p4Dc16ocSiaBJ_Gffejo @t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://smmlwHjNf-Qaods0d5bKz59mGp8l7YUDSHin_OSTTWw `׉	 7cassandra://Ro3l08JPXcb_IURqzqxZchtzyzvCqzcUuUxb6skJBw4v`S׉	 7cassandra://2gYF-Y8KOuMhJ6YPtrJ06skri9EM4zluTw_tGZFLPw4!,`̵ ׉	 7cassandra://s3bXhervbDxjfh2Dh2daqMq7G1rf3kdI171mqQrmDeg z\t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Waterrot? Stuur bij droging op
minimale kanaaltemperatuur
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/West-Brabant.
omstandigheden, dus wanneer
het even niet lukt buitenlucht
te pakken, om dan
voldoende intern te ventileren.
Zou hou je de luchtvochtigheid
rondom de natte plekken
zo laag mogelijk. Voor
gezonde knollen kan de wat
meer vochtige lucht die zich
dan door de hoop verdeelt
geen kwaad.
Terug
18
Waterrot is meestal veroorzaakt door natgeregende knollen tijdens het
rooien, transport of inschuren en/of kletsnat gerooide aardappelen.
“I
n tegenstelling tot de
periode net na het inschuren
beginnen zich nu duidelijk
verschillen in bewaarschuren
af te tekenen. Afwijkend zijn
vooral de partijen die onder
natte omstandigheden zijn
ingeschuurd. Daarin is in de
meeste gevallen waterrot het
grootste probleem. Dit is
meestal veroorzaakt door natgeregende
knollen tijdens het
rooien, transport of inschuren
en/of kletsnat gerooide aardappelen
uit vochtige perceelsdelen
zoals uit spuitsporten
en kopakkers. Om deze reden
geven bewaardeskundigen
ook altijd het advies om
oogstwerk stil te leggen tijdens
neerslag en natgeregend
product en/of sterk versmeerde
aardappelen niet op
de grote hoop in te schuren,
maar apart op te slaan. Bij de
telers die hier onvoldoende
aandacht aan geschonken
hebben is het nu dus oppassen
geblazen. In sommige
partijen zal het voorlopig nog
noodzakelijk zijn met het
droogprogramma te draaien.
Daarbij is het noodzaak om
zoveel mogelijk van drogende
buitenlucht te kunnen profiteren,
ook bij hogere buitentempe
raturen. Bewaar daarom
de partijen met rot gedurende
de langere droogperiode op
een paar graden hogere knoltemperatuur
dan normaal
gewenst is. Dus in fritesaardappelen
zo’n 8 tot 9 in plaats
van 6 tot 7 graden Celsius.
Belangrijk bij het drogen is
om (bij) te sturen op minimum
kanaaltemperatuur.
Vergeet niet bij zachte weersKieming
later op gang
Ander punt van aandacht in
deze periode is uiteraard de
kiemremming. Die komt in de
meeste bewaarpartijen dit
jaar vrij laat op gang. Het
gros van de frites- en tafelaardappelen
heeft dit seizoen
een veldbehandeling met de
kiemregulator MH gekregen.
Dat heeft over het algemeen
goed gewerkt en bij toepassing
van de huidige kiemremmers/-rustverlengers
in de
schuur een absolute must.
Zowel voor een adequate
werking alsook voor het
financiële plaatje. Half
december was op nog slechts
20 procent van de partijen
iets van kieming te bespeuren.
Kiemen komen vaak het
eerst in beeld op groene aardappelen
en/of stukgesneden
knollen. Ze vormen vaak het
signaal om met kiemremming
aan de slag te gaan. In de
meeste situaties zal begin tot
half januari de eerste schuurbehandeling
met een kiemremmer
starten. De voorkeur
in goede partijen gaat daarbij
uit naar 1,4SIGHT. Toe passing
van dit middel is niet
aan te bevelen wanneer in
andere cellen van dezelfde
schuur producten in bewaring
liggen die hier absoluut
niet mee in aanraking mogen
komen vanwege afzet/
export restricties, zoals bijvoorbeeld
knolselderij. Een
product als 1,4SIGHT is erg
vluchtig en kan makkelijk via
kieren van deuren, dak of
wanden in naburige ruimten
terechtkomen. Voor toepassing
in oude schuren met
relatief veel grote kieren is
1,4SIGHT eveneens minder
geschikt. Datzelfde geldt voor
(delen van) partijen die telers
direct op afroep moeten leveren.
Voor 1,4SIGHT geldt een
veiligheidstermijn van 30
dagen na toepassing. Dan is
het raadzamer om Argos toe
te passen. Op deze kiemremmer
rust namelijk geen veiligheidstermijn
na toepassing.
Laat na het toedienen van dit
middel de ventilator altijd
nog zo’n 15 tot 30 minuten
intern draaien, zodat het zich
boven de hoop nog wat beter
verdeelt en niet gelijk neerzakt.
Hou als het even kan,
dus als de kwaliteit van de
partij het toelaat, de schuur
drie dagen na toepassing van
kiemremmers als 1,4SIGHT,
Argos en Biox-M dicht, de
deuren én de ventilatieluiken.
Draai gedurende deze periode
iedere 8 uur een kwartier
lang intern om het kiemremmingsmiddel
goed te herverdelen.”
●
Aardappelwereld magazine • januari 2022 • nummer 1
13
׉	 7cassandra://JhQx09w9EFa62Q3RSYvCMXgqWsF-jEWpQFjzXSXUxNA"`̵ c8K(׉EcBEWAARCOLUMN
Wees alert bij holle harten in de bewaarpartij
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
“O
intern ventileren aan door bijvoorbeeld
ieder uur kort
intern te draaien en niet pas
om de twee tot drie uur. Over
ver het algemeen liggen
de consumptieaardappelen
momenteel netjes en
droog achter de planken in de
bewaarschuren. Toch zitten er
partijen tussen die extra aandacht
vragen, onder meer als
gevolg van holle harten en
rot. Wanneer deze onbeschadigd
de schuur in komen is er
veelal weinig aan de hand. Is
hier echter in het rooi- of
transporttraject een barst of
scheur in gekomen dan hebben
vocht en bacteriën een
makkelijke ingangspoort en
dus vrij spel gekregen. Vooral
in de grotere knollen zijn de
barsten ontstaan en die zorgen
nu voor problemen.
Meestal was het eerste lekvocht
van het ingezette rottingsproces
al drie tot vier
weken na inschuren zichtbaar,
mits daarop gecontroleerd
natuurlijk. Wees dus
zeer alert bij partijen waarin
knollen met holle harten
voorkomen en controleer
dagelijks op mogelijk ontstaan
van lekvocht, want in
een onopgemerkte plek met
deze nattigheid kan rot verraderlijk
snel om zich heen grijpen.
Belangrijk voor nu in
deze periode is om in dergelijke
cellen niet te snel in te
koelen. Dan creëer je namelijk
meer tijd om je product te
ventileren. Dat vaker ventileren
maak je mogelijk door het
verschil tussen product- en
kanaaltemperatuur klein te
houden. Een dergelijke strategie
maakt het eveneens mogelijk
om de kachel erbij aan te
zetten wanneer het aantal
plekken met rot en lekvocht
onverhoopt oploopt. Pas in
dit geval ook de periode van
nog meer vocht gesproken,
rond deze periode met lagere
buitentemperaturen is het ook
het moment aangebroken om
de condensventilatoren continu
aan te zetten. Vocht in de
dan warmere binnenlucht kan
gaan condenseren op de
afkoelende wand- plus dakbeplating
en spanten. Daarop
kunnen zich druppels vormen
die vervolgens de knollen in
de bovenlaag van de aardappelhoop
natmaken, wat weer
rot kan veroorzaken.
Bij twijfel overleg met de
adviseur
Wees zeer alert bij partijen waarin knollen met holle harten voorkomen
en controleer dagelijks op mogelijk ontstaan van lekvocht.
Een ander belangrijk aandachtspunt
van dit moment is
de kiemremming. In schuren
waar droog product ligt, kan
deze starten of is deze veelal
gestart, zeker bij degenen die
middelen als ethyleen of
1,4SIGHT inzetten. Het advies
is om daarmee al te beginnen
ruim voordat kieming zichtbaar
is. En al helemaal in partijen
waarop in het groeiseizoen
geen MH is toegepast of
hiervan de werking niet helemaal
optimaal is geweest. Bij
inzet van 1,4SIGHT is het in
dergelijke partijen raadzaam
te starten met een dosering
van 20 milliliter per ton. Is de
MH behandeling goed
geslaagd dan kan een halve
dosering van 10 milliliter per
ton al toereikend zijn. Bij twijfel
daarover, overleg met een
adviseur. Let bij gebruik van
deze zeer vluchtige kiemremmer
op mogelijk besmettingsgevaar
van andere bewaarproducten
die eventueel in
dezelfde schuur liggen opgeslagen,
zoals wortelen, uien
en knolselderij. Dit in verband
met mogelijke afzetrestricties.
Wie gebruik maakt
van kiemremmers als Argos
en Biox-M kan met de eerste
behandeling wachten totdat
de eerste witte puntjes op de
knollen zichtbaar zijn. Ook
hiervoor geldt, dien het middel
pas toe als het product
volledig droog is. Bij Argos is
het raadzaam te starten met
de volle dosering van 100 milliliter
per ton. Is vooraf MH
toegepast en is deze behandeling
goed geslaagd, dan mag
het interval tussen de behandelingen
vier weken zijn. Bij
geen MH of twijfel over het
effect van de werking, hanteer
dan een interval van drie
weken. Voor Biox-M toegepast
in fritesaardappelen is
het advies altijd te starten met
45 milliliter per ton, ongeacht
of hier een MH-behandeling
aan vooraf is gegaan. Betreft
het tafelaardappelen, dan
mag in combinatie met een
geslaagde MH-toepassing de
startdosering 30 milliliter per
ton zijn. Indien de
MH-toepassing óf niet is uitgevoerd
óf minder geslaagd is
geldt de originele dosering
van 60 milliliter per ton. Zijn
de kiemen bij de eerste
behandeling het witte-puntjes-stadium
voorbij, dan mag
nu volgens het nieuwe etiket
de dosering hoger zijn. Het
maximum staat op 90 milliliter
per ton. Hou er wel rekening
mee dat per seizoen
maximaal elf toepassingen
toegestaan zijn en een totaaldosering
van 390 milliliter per
ton.”
Terug
19
Aardappelwereld magazine • december 2021 • nummer 12
17
׉	 7cassandra://2gYF-Y8KOuMhJ6YPtrJ06skri9EM4zluTw_tGZFLPw4!,`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://cLrBrQExST2mkJ1hVpw4nI9PjgYd7zF11WywdCuiiQU n`׉	 7cassandra://G37oz2hiVhUgMVH8PIZyBdijQRLgvZHQhbvk5yXzIl4w_`S׉	 7cassandra://CYcHpWct5pbe0yZVEK1_sIt2VzJTBzCs21aH7tTVpWo!1`̵ ׉	 7cassandra://fV37P2LRe6-TkCKiUfWid1tX5TUKZArYTiP0s7ve5YI t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://IAf2bBmo71SVztxnlGY9kxOnm9NAGIQ4Z7L9Es83uRg `׉	 7cassandra://3inKC-ZkopviuP2C7LPBZ0oGUPiLR7IhdGpsWphBwE8y`S׉	 7cassandra://mIe2Jv9V1s_GGiTPA63nIVT_s_9_8w1-ToghxldbZG8"`̵ ׉	 7cassandra://Qql6_3tRGlUoqtIWrK6vVW3ALr-PhxpB2QKJ1DRWXeg t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉E+BEWAARCOLUMN
Hou vast aan standaard bewaarstrategie
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in
de regio Zuidoost-Nederland.
“D
e vele neerslag in de
overgang van het voorjaar
naar de zomer heeft zowel
Terug
20
een flinke impact op de knol
als op de bodem teweeggebracht.
We zien de afgelopen
weken op de rooier en transportbanden
van de inschuurlijnen
uiteenlopende knolvormen
en afwijkend uiterlijk
aan het oog voorbij schieten.
Knollen met groeischeuren,
vreterij, opvallend veel
groenverkleuring, pok en wat
allemaal nog meer mogelijk
is. En het is niet alleen het
uiterlijk dat soms anders
oogt. Bij het doorsnijden van
de knollen slaat de schrik
soms letterlijk om het hart,
wanneer het binnenste van de
aardappel slechts een holle
ruimte blijkt. Het aandeel rot
valt tot nu toe nog reuze mee,
het pleksgewijs ontstane
natrot van de natte voorzomer
is geheel verdwenen.
Ook is het raadzaam te letten
op aantastingen knolphytophthora,
welke in sommige
regio’s in geoogst product
opduikt. Ook de grond heeft
een behoorlijke negatieve
invloed van de weersomstandigheden
uit het voorbije
seizoen ondervonden. Veel
neerslag in de aanloop naar
augustus, gevolgd door een
overwegend droge septembermaand
en daarna de nodige
neerslag bij de start van de
herfst, heeft löss- en kleigronden
op veel plekken zeer taai
gemaakt. Tijdens het rooien
komen af en toe grote brokken
mee de graafmat op, wat
lastig zeeft.
Voorkom condensvorming
Hoe ga je vervolgens met die
beschreven bonte verzameling
aan knollen om, als je die
hebt, wanneer ze eenmaal in
de schuur liggen? Eigenlijk
niet meer of minder dan normaal,
en dat is simpelweg de
standaard bewaarstrategie
volgen. Duurt het meerdere
dagen voordat een cel vol
komt, zet dan ’s avonds na de
werkzaamheden de ventilatoren
aan om intern te ventileren.
Dat heeft tot doel de
knoltemperatuur in de hele
hoop gelijk te maken om
condens vorming te voorkomen.
Hou overdag luiken en
deuren open voor een
gewenste natuurlijke ventilatie.
Zodra alle aardappelen
in de bewaarruimte achter de
planken liggen, is het zaak
om direct met drogen te starten.
Droog door koude
buiten lucht door de partij te
blazen. Warm je de buitenlucht
niet op, dan daalt de
temperatuur in de partij,
waardoor deze steeds minder
snel droogt. Door de buitenlucht
op te warmen blijft de
partij op temperatuur, waardoor
kunt je blijven drogen.
Zet een kachel dus niet in om
drogende omstandigheden te
creëren, maar juist om deze te
behouden. Gebruik bij lagere
knoltemperaturen, minder
dan 10 graden Celsius,
kachels om de producttemperatuur
op peil te krijgen en te
houden. Streef daarbij naar
een inblaastemperatuur die
maximaal 2 graden boven de
gemiddelde producttemperatuur
uitkomt.
Duurt het meerdere dagen voordat een cel vol komt, zet dan ’s avonds
na de werkzaamheden de ventilatoren aan om intern te ventileren.
Droog zo snel mogelijk
Voor een adequate werking
van de beschikbare kiemremmers
is het van belang dat het
product zo snel mogelijk
droog is, het liefst binnen vier
weken na inschuren. Geef in
die periode prioriteit aan een
goede wondheling van het
product. Zeker de vroegst
gerooide aardappelen van de
hoofdoogst hebben her en der
wat schade door harde kluiten
opgelopen. Open wonden
zijn invalspoorten voor
schimmels en bacteriën en die
open deuren moeten dus
zo snel mogelijk dicht. Dat
proces verloopt het snelst en
meest optimaal wanneer de
knoltemperatuur tussen 14 en
15 graden Celsius ligt. Bij
bacterie gevoelige rassen als
Agria en Fontane mag dat
wat lager zijn wanneer een
partij erg vochtig en met rotte
knollen of aantastingen van
Phytophthora ingeschuurd is.
Bij een iets lagere knoltemperatuur
grijpen bacteriën die
natrot veroorzaken namelijk
iets minder snel om zich
heen. Dan nog even naar
aardappelen met holle harten.
Wanneer het goed is, heb je
als teler voor of tijdens het
inschuren al een beeld gekregen
van de mate van holheid.
Het is dan vervolgens van
belang de partij goed te blijven
volgen. Snij met regelmaat,
een keer per week,
knollen door en hou de
ontwik keling in die knollen
scherp in de gaten. Het is
namelijk niet te voorspellen
of en hoe snel zich hierin
eventueel rot kan ontwikkelen.
Bagatelliseer het
probleem in elk geval niet.
Knollen met (droge) holle
harten zijn nog best (tot
frites) te verwerken, maar
met rot erin zal de partij niet
bewaarbaar zijn.” ●
Aardappelwereld magazine • november 2021 • nummer 11
15
׉	 7cassandra://CYcHpWct5pbe0yZVEK1_sIt2VzJTBzCs21aH7tTVpWo!1`̵ c8K(׉E3BEWAARCOLUMN
Gewichtsverlies beperken begint al op
het veld
ding partij 1 heeft meegekregen,
betreft een cel Fontane
die halverwege de maand
maart met een minimaal
gewichtsverlies van slechts
3,2 procent afgeleverd is.
Hier is zo weinig mogelijk op
geventileerd, het aantal draaiuren
is niet exact bekend. Dat
had wellicht nog minder kunnen
zijn, want één plekje met
enkele rotte knollen vormde
nog een kleine bottleneck.
Hierdoor was namelijk nog
even wat extra externe ventilatie
noodzakelijk.
De ervaring tot nu toe leert dat wanneer MH goed is toegepast in rassen als Agria en Fontane het daarmee
mogelijk is om tot februari/maart zonder aanvullende kiemremming te bewaren. Gewichtsverlies beperken
begint dus al op het veld.
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Met aan het begin van het bewaarseizoen dit
keer een terug- en vooruitblik op de factor gewichtsverlies
door Anton van der Velde, werkzaam in de regio
West-Brabant.
“H
et is geen verkeerd
begin van een nieuw bewaarseizoen
om eerst nog eens
terug te blikken op ervaringen
uit het verleden. Zo zijn van
de bewaarperiode 2020-2021
in zo’n 25 bewaarpartijen de
gewichtsverliezen bijgehouden
die op hun beurt weer te
vergelijken zijn met waarnemingen
in eerdere jaren. Wat
valt daarvan te leren? In het
overzicht van gewichtsverliezen
is af te lezen dat de 5,5
procent van het afgelopen seizoen
ruim onder het 10-jaars
gemiddelde ligt. Opvallend
daarbij is de combinatie met
relatief veel externe draaiuren,
440 is een flink bovengemiddelde
score. Normaal gaat de
factor ‘veel externe draaiuren’
hand in hand met de factor
‘veel gewichtsverlies’. Dat dit
gedurende de laatste periode
niet het geval was, is voornamelijk
toe te schrijven aan de
rooi- en inschuuromstandigheden
bij de start van het
voorbije bewaarseizoen. Door
de vele regen eind september
en de eerste helft van oktober
kwamen niet alleen de aardappelen
overwegend vochtig
binnen, maar ook veel grond.
Al direct waren daarom veel
externe draaiuren nodig om,
in eerste instantie, voornamelijk
de grond droog te krijgen.
Waren de partijen eenmaal
redelijk gronddroog, dan
waren daarna nog maar weinig
externe ventilatie-uren
nodig om de knollen droog te
krijgen en te houden. Dit ook
omdat, in tegenstelling tot
veel voorafgaande seizoenen,
maar weinig rotte knollen in
de bewaarpartijen voorkwamen.
Eén
plekje rotte knollen,
kleine bottleneck
Zoomen we even in op een
selectie van zeven afzonderlijke
partijen, dan is hier nog
meer lering uit te trekken. De
praktijksituatie die de aanduiBijkomende
factor voor het
lage percentage gewichtsverlies
is dat deze partij Fontane
tot aan het aflevermoment
vrijwel kiemvrij bleef. En dat
met alleen een MH (maleïne
hydrazide)- behandeling in
het veld. Deze ervaring
onderstreept nog eens de
noodzaak van een op het
juiste moment uitgevoerde
bespuiting met deze kiemregulator.
De ervaring tot nu
toe leert dat wanneer het
goed is toegepast in rassen als
Agria en Fontane het mogelijk
is om daarmee tot februari/
maart zonder aanvullende
kiem-remming te bewaren.
Gewichtsverlies beperken
begint dus al op het veld.
Groot contrast
Zelfde ras als partij 1, maar
met een heel ander resultaat
is partij 4, om maar eens te
laten zien hoe groot het contrast
soms kan zijn. Gelet op
het latere aflevermoment niet
100 procent vergelijkbaar,
maar toch. Deze partij 4
betreft een cel Fontane waar
al direct na het inschuren
veel op gedroogd is. Dit
Terug
21
Aardappelwereld magazine • oktober 2021 • nummer 10
17
׉	 7cassandra://mIe2Jv9V1s_GGiTPA63nIVT_s_9_8w1-ToghxldbZG8"`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://69DghkLSnVjfMdkkkWQxxcBVeAwIh4vGd_sJhnGeFXU ` ׉	 7cassandra://7_IxvSjMVazLUWrXq_5CNCSRjTRjAAFYPEBpkekwRmQf3`S׉	 7cassandra://dOdOR4jnazWOLMwaTQB2tZaJaIr5Gz4sCNgy1UDVjcA`̵ ׉	 7cassandra://xQIuOw35oQ6Pg6RE27ZKFeT9bH0kMsaJDB4pQn9ZX_wͿsT͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://MOHxU__AFLFaqqfG1C6qyMWbXXHhO6QjGO-x00JP9VU &5`׉	 7cassandra://cwv2l0bVC2_fJqu3QNqolXpAMbkIRb4z2XUk-RvgF9wrV`S׉	 7cassandra://MNwqBNvgg0AqTVqNheJlWPGiSCBpqUoc7qfgbgY2EDs `̵ ׉	 7cassandra://t-DvAanWgJz-9J06vZoSXJgSduuWhJIbyBJWKwyFv3I͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Terug
22
zowel vanwege een enkele
rotte knol in de partij alsook
vanwege het feit dat aardappelen
droog moesten zijn
voor een goede aanvangswerking
van het gekozen
kiemremmingsmiddel Argos.
Op die manier was de vochtbuffer
om de aardappelen
heen aan het begin van het
bewaarseizoen al weg en
zorgden de nodige uren
extern ventileren om de knol
daarna nog droog te krijgen
voor extra gewichtsverlies.
Een klein deel van de knollen
kreeg in de loop van het
bewaarseizoen een wat langere
kiem, wat het verliespercentage
ongetwijfeld
eveneens negatief heeft beïnvloed.
Bij toepassing van de
huidige toegelaten kiemremmingsmiddelen
is het overigens
niet nodig, zoals soms
weleens is aanbevolen, om
een de partij voorafgaand
aan de eerste behandeling
helemaal gortdroog te
draaien. Een beetje vochtbuf100
200
300
400
500
600
0
jaren
puntje
Gewichtsverlies
Draaiuren extern
fer mag je nog wel in stand
proberen te houden.
Voorafgaand aan de eerste
toediening, eind november/
begin december, heb je namelijk
al een deel van het
inkoeltraject achter de rug,
waarbij tegelijk al sprake is
van enige droging. De praktijk
leert dat het ook hierbij
weer draait om ervaring en
maatwerk.
Beperk luchtverversing
Nog zo’n partij Fontane met
een relatief hoog gewichtsverlies
is partij nummer 7.
Afgeleverd in juli en daarmee
beter te vergelijken met nummer
4. De gemeten 8,3 procent
is eveneens behoorlijk hoog,
maar hier wijkt de oorzaak
wel wat af van de situatie bij
partij 4. Ook hierop is met 683
uur veel extern gedraaid. Dit
is voor een aanzienlijk deel
veroorzaakt door de vele
momenten van noodzakelijk
lucht verversen, soms tot wel
vier keer per etmaal. Dit hield
verband met het gebruik van
ethyleen als kiemremmingsmiddel.
Daarbij is het hanteren
van een laag CO2-gehalte
van maximaal 2500 ppm in de
partij een absolute voorwaarde
om de invloed op de
bakkleur te beperken. Hoewel
de kieming bij afleveren aanvaardbaar
was, zijn gedurende
een langere periode op
een deel van de knollen toch
kiemen zichtbaar geweest.
Ook dit heeft bijgedragen aan
het hogere verliespercentage.
Dit geeft aan dat ook de gekozen
methode van kiemremmen
van invloed kan zijn
op het gewichtsverlies.
Overigens valt de intensiteit
van het ventileren bij deze
methode veel beter binnen de
perken te houden door
gebruik te maken van een
speciaal CO2-afzuigsysteem
in plaats van het draaien met
de aanwezige productventilatoren.
Voor telers die (weer)
met ethyleen aan de slag willen
en hiervan nog niet zijn
voorzien, is dit zeker het
overwegen waard.
Schoolvoorbeeld
Van Fontane nu naar een partij
Melody tafelaardappelen,
een schoolvoorbeeld van hoe
een partij dit seizoen gemiddeld
binnenkwam, met redelijk
wat aanhangende grond
rond de aardappel. Ondanks
het vrij hoge aantal externe
draaiuren, 458 in totaal, bleef
hierin het verlies tot de afleveringsdatum
eind maart met
3,8 procent toch zeer beperkt.
De vochtige grond rondom de
knollen fungeerde duidelijk
als buffer, waardoor ventilatie
met drogende lucht niet direct
tot onttrekking van vocht uit
de knol zelf heeft geleid.
Hoewel hier niet altijd op te
sturen valt, kan het inschuren
van aardappelen met een
zekere hoeveelheid grond
erbij positief uitpakken als
het gaat om beperking van
gewichtsverliezen, leert deze
praktijksituatie.
Externe draaiuren en gewichtsverlies (afleveren na 1 mrt)
Gewichtsverlies
Seizoen
2011/2012
2012/2013
2013/2014
2014/2015
2015/2016
2016/2017
2017/2018
2018/2019
2019/2020
2020/2021
Gemiddelde 10 seizoenen
7,9%
4,9%
5,5%
6,1%
6,5%
4,8%
7,5%
6,7%
6,3%
5,5%
6,2%
Draaiuren extern
407
268
305
350
394
243
564
400
390
440
376
0,0%
1,0%
2,0%
3,0%
4,0%
5,0%
6,0%
7,0%
8,0%
9,0%
18
Aardappelwereld magazine • oktober 2021 • nummer 10
Draaiuren
Gewichtsverlies
׉	 7cassandra://dOdOR4jnazWOLMwaTQB2tZaJaIr5Gz4sCNgy1UDVjcA`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Partij Ras
Afleveren
1
2
3
4
5
6
7
Fontane
Melody
Ramos
Fontane
Markies
Markies
Fontane
18-mrt
29-mrt
19-mei
03-jun
14-jul
05-aug
23-jul
Bewust omgaan met vochtverlies
loont
Dan naar een fritespartij
Ramos waarbij de teler ook
zelf het beperken van de
gewichtsverliezen als hoogste
prioriteit heeft. Om een zeer
laag verlies te krijgen, behoor
je als teler zeer regelmatig de
bewaarcomputer aan te passen
aan de partij en de buitenluchtcondities.
Dat is bij
deze partij gebeurd. Het
resultaat is dan ook terug te
zien in de cijfers. Bij aflevering
in de tweede helft van
mei slechts 3,4 procent
gewichtsverlies en maar 350
benodigde externe draaiuren.
Bovendien was in deze Ramos
bij afleveren nog nauwelijks
kieming te zien. De manier
waarop met deze partij is
omgegaan, bewust alles op
alles zetten om vochtverliezen
te voorkomen, loont. Het laat
immers zien dat het in de
praktijk goed mogelijk is om
na lange bewaring maximaal
aardappelen af te leveren.
Verschil zit ‘m in de start
Resultaten in twee partijen
Markies tonen aan dat bewaring
in mechanische koeling
niet altijd garant staat voor
hetzelfde resultaat. Het verschil
zit ‘m vooral in de start.
In partij 5 is een deel van de
cel laat en nat binnengekomen.
Dit natte deel moest
eerst flink drogen. Dat kon
Verlies
3,2%
Draaiuren
extern
nb
3,8% 458
3,4% 350
8,2% 407
6,0% 519
4,9% 255
8,3% 683
niet apart, dus die actie had
gelijk invloed op de gehele
bewaarpartij. Dit resulteerde
in het bovengemiddelde
totaal van 519 draaiuren
extern. Dit effect heeft uiteindelijk
bijgedragen aan het
gewichtsverlies van 6 procent.
Dat is niet zoveel hoger dan
het gemiddelde van de groep,
maar het is wel een relatief
hoog cijfer voor product uit
de mechanische koeling.
Normaliter resulteert bewaren
in mechanische koeling namelijk
in minder externe draaiuren
waarmee in het
verlengde een lager gewichtsverlies
is te realiseren. Ook
mechanische koeling onttrekt
vocht. Echter, dit is maar een
fractie van de hoeveelheid
vocht die uit het product onttrokken
wanneer je alleen
inkoelt met externe lucht. Bij
partij 6, eveneens een cel
Markies in de mechanische
koeling, verliep de bewaring
in het geheel een stuk gunstiger.
De partij kwam al relatief
droog binnen, waardoor hier
minder op gedroogd hoefde
te worden in vergelijking met
partij 5. Dat is terug te zien in
het flink lagere aantal externe
draaiuren, bijna half zoveel
als de andere partij Markies.
Uiteindelijk kon de partij op
het late tijdstip van 5 augustus
met een, voor dat tijdstip,
heel laag gewichtsverlies
afgeleverd worden.
Draaiuur
intern
nb
Kiemremming
Alleen MH
282 Argos
254 1,4 Sight
287 Argos
477 1,4 Sight
1077 1,4 Sight
502 Restrain
Een goed begin is het halve
werk
Elke situatie is anders, dat is
wat de praktijkervaringen
duidelijk maken, maar één
factor springt eruit als het
gaat om beperken van externe
draaiuren en gewichtsverlies:
een goed begin is het halve
werk. Dat begint bijvoorbeeld
al in het teeltseizoen met
het welslagen van de
MH-behandeling. Tweede
aandachtspunt is, rooi aardappelen
het liefst mét wat
buffergrond. Het juist afstellen
van de rooier en de stortbak
kunnen daaraan bijdragen.
Is het gewas oogstrijp,
maar zijn de rooiomstandigheden
te droog, start dan tijdig
met beregenen wanneer je
een installatie hebt. De afgelopen
twee jaar zijn we als
gevolg van de zeer natte
herfst naar mijn idee door het
oog van de naald gekropen.
Even ter herinnering: vorig
jaar 20 oktober moest het
overgrote deel van de
hoofdoogst in Nederland nog
gerooid en de schuur in. Dit
seizoen is het extra opletten,
want gelet op de waarnemingen
zullen de nodige knollen
met phytophthora-aantasting
en holle knollen in de bewaring
komen. Een dagelijkse
partijcontrole direct na
inschuren kan hier ook het
halve werk betekenen. Doe
dat niet alleen op afstand. Al
behoorlijk wat telers volgen
hun bewaarproduct op (grote)
afstand via smartphone of
tablet. Een valkuil is dat je
daardoor wellicht ook minder
in de schuur komt. Je kunt
dan het product niet zien,
geen eventuele vreemde geuren
waarnemen, je ziet geen
vliegjes en/of lekvocht. Wees
dus ook fysiek alert. Rest me
nu nog iedereen een goed
bewaarseizoen toe te wensen,
met hopelijk zo weinig mogelijk
bewaarverliezen.” ●
Terug
23
Elke situatie is anders, dat is wat de praktijkervaringen duidelijk maken,
maar één factor springt eruit als het gaat om beperken van externe
draaiuren en gewichtsverlies: een goed begin is het halve werk, aldus
bewaaradviseur Anton van der Velde.
Aardappelwereld magazine • oktober 2021 • nummer 10
19
׉	 7cassandra://MNwqBNvgg0AqTVqNheJlWPGiSCBpqUoc7qfgbgY2EDs `̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://64nBXFtwAkM0chNWROgMjMTktxEOwbg5BCW4uX9EX0U :`׉	 7cassandra://_pRwn0AfEhvDHtspl4ZIXN5UYx1-BMyitXOWKIGtA4EY`S׉	 7cassandra://dHSObZ8vlNSXoqrR_9nPFr0d5fOXQTaemy0irtRlZJk`̵ ׉	 7cassandra://idUjm1tCYfEMd7urzuV_p4k-raDpXAT1LVa31tNJ1hQ uQ	J͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://jdpvOmgpYN3KreDoHuDVI7lqRPmTI4LtzERR6HQwmLo 9`׉	 7cassandra://SUvnNoNmBcLuta1xZpuUelcKze9Qc2Gyy-kxV-3L7a0x9`S׉	 7cassandra://2cBLqrdNhAVz6Oa-ZAUVKLlfqducW6kWMYpXT-9Rpmk!{`̵ ׉	 7cassandra://XXQeDsNPaqf_DPvEVOiJDWkx4uxoqN9Lvjr9Nqunfsk ̰͠c8K(ɕנc8K(ā 9׉H #https://webshop.aardappelwereld.nl/Gׁׁrנc8K(Ł 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(Ɓ 9׉H #https://webshop.aardappelwereld.nl/Gׁׁrנc8K(ǁ 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(́ K9ׁH #https://webshop.aardappelwereld.nl/ׁׁЈ׉Eotato diseases
Wegens groot succes is het
Engelstalige Aardappelziekten boek herdrukt
en opnieuw toegevoegd
aan ons vakliteratuur-assortiment.
otato dis
Wegens groot su
Engelstalige Aardappelzie
Terug
24
€ 50,(excl.
BTW)
Bestel nu in onze webshop
https://webshop.aardappelwereld.nl/
of scan deze QR-code.
Potato
diseases
A. Mulder
L.J. Turkensteen
A. Mulder
LJ Turkensteen
Herdruk
nu verkrijgbaar!
׉	 7cassandra://dHSObZ8vlNSXoqrR_9nPFr0d5fOXQTaemy0irtRlZJk`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Schuw het gebruik van de kachels niet
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met
lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage
van Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/
West-Brabant.
“P
hytophthora zal een
van de grote uitdagingen zijn
in de aanvang van het aankomende
bewaarseizoen.
Knolaantastingen van de
aardappelziekte treffen we
niet alleen aan in streken die
door zware regenval getroffen
zijn, maar komen verspreid
voor in heel Nederland en
België. Hierbij is het belangrijk
dat je als teler, liefst ruim
voor het rooien, te weten
komt of je ermee te maken
hebt en in welke mate. Ga
daarom je percelen in en
neem monsters. In de afgelopen
maand zijn bij het rooien
van primeurs en de eerste
partijen van de hoofdoogst
al diverse partijen met een
behoorlijk percentage rotaantastingen
door knolphytophthora
gerooid. Wat kun je dan
doen? Om te beginnen, zorg
ervoor dat je plekken en perceelsdelen
met dergelijk hoge
percentages rot apart rooit,
vervolgens apart opslaat of
direct aflevert, of helemaal
niet oogst. Tot zover de preventie.
Zodra de aardappelen
in de schuur liggen is het
curatieve advies: drogen,
drogen en nog eens drogen.
Begin al tijdens het inschuren,
ook al is de bewaarplaats nog
niet helemaal vol. Zet zodra je
met het werk stopt de ventilatoren
al aan en draai met
interne lucht. Dat zorgt niet
alleen voor droging, maar ook
voor het egaliseren van de
knoltemperatuur. Knollen
kunnen gedurende de dag
met verschillende temperaturen
binnenkomen. Liggen
knollen met sterk afwijkende
temperatuur in een ruimte,
dan kan condensvorming ontstaan
en dan creëer je juist
nattigheid en verhoog je
tevens de kans op nog meer
rottigheid in de partij. Schuw
daarbij het gebruik van de
kachels niet en al helemaal
niet wanneer je onverhoopt
veel rotte knollen mee naar
binnen hebt gedraaid. Alleen
wanneer het een gezonde partij
betreft en de buitenlucht
voldoende drogend is -raadpleeg
het Mollier-diagramkun
je de inzet van kachels
achterwege laten. Tot aan
begin september zijn er overigens
nog maar weinig dagen
geweest met een lage relatieve
luchtvochtigheid (RV)
in de buitenlucht. Zelfs voor
partijen die al vroeg de
schuur in gingen hebben we
diverse keren de inzet van
kachels geadviseerd.
Let op keuze kiemremmers
Snelle en adequate droging is
ook belangrijk om tijdig met
de kiemremming te kunnen
starten. Voor zover we daar
kijk op hebben, is dit seizoen
het gros van het areaal
bewaaraardappelen in het
veld behandeld met de kiemSchuw
het gebruik van de kachels niet en al helemaal niet wanneer je
onverhoopt veel rotte knollen mee naar binnen hebt gedraaid.
remmer MH. Die behandeling
lijkt in de meeste gevallen
redelijk tot goed geslaagd.
Alleen in sommige regio’s en
in sommige rassen is/was
sprake van een veelal pleksgewijze
vervroegde afsterving
van het loof. Op die plekken
kan de opname van MH in de
knollen te gering zijn. In dergelijke
partijen is het zeker
van belang om zo snel mogelijk
te drogen, want daarin
kan de kieming dus al vroeg
op gang komen. Met een
geslaagde MH-behandeling
heb je ongeveer zes weken of
meer de tijd om een partij te
drogen. Zonder MH of wanneer
het middel nauwelijks is
opgenomen, kan dat maar
zeer beperkt zijn voordat de
eerste kiempjes zichtbaar zijn.
En voor vrijwel alle beschikbare
kiemremmers die we in
de schuur mogen toepassen,
geldt de restrictie dat de hele
partij droog moet zijn voordat
je hiermee aan de slag kunt
gaan. Welk middel dat dan
vervolgens is, hangt onder
meer af van het ras, de conditie
van de knollen en het
feit of de kieming al op gang
is gekomen. Nog een ander
punt om rekening mee te houden
is welke andere producten
eventueel in navolgende
jaren nog in de schuur komen
of in nabijgelegen ruimten
liggen opgeslagen. Zo is
inmiddels gebleken dat de
kiemremmer 1,4 SIGHT
residu problemen en daarmee
ook afkeuringen kan veroorzaken
in onder meer uien en
knolselderij. Het middel is
namelijk erg vluchtig. Dat is
gunstig voor de verdeling in
de aardappelhoop, maar daarbij
kan het ook makkelijk ontsnappen
door de kleinste kieren
en naden of tijdens het
openen van deuren, en zo in
nabijgelegen cellen met
daarin andere bewaarproducten
terechtkomen. Voor sommige
producten geldt een
absolute nultolerantie aan
middelresidu in diverse
afzetmarkten. Hou daar dus
ook rekening mee bij de
keuze uit de kiemremmingsmiddelen.”
●
Terug
25
Aardappelwereld magazine • september 2021 • nummer 9
15
׉	 7cassandra://2cBLqrdNhAVz6Oa-ZAUVKLlfqducW6kWMYpXT-9Rpmk!{`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://ltP9utg3qfE1-ZTxGPZ4xFV6D2xHhNgIQ5CY9UU0A8Q `׉	 7cassandra://B0oG-U_k4cTwkLltMEmJSL_rcaiUpQamaGwR6AzEL7Ip`S׉	 7cassandra://nhhmp_ic9CKqpx2EBn1he-RPd4JygBMsKIru-RO3fkkW`̵ ׉	 7cassandra://oowbje1UmhvTcLwqzE5x958SagFV831KzabvsqMMTok ]t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://bCMFoVXhRHfHMqtcRN7wQjDrdKUQlBuLsDnv6igO4Is `׉	 7cassandra://6PRwBt5Ki6kETBOTPfGvr4Cl-8ouYh_MpD2Eh74Ij9wv6`S׉	 7cassandra://N5N8SfRa0ZA6Wz91qo745PjJfslEo7cEGuzSumSY9qk `̵ ׉	 7cassandra://SxmH3AY9zir-3aL3Y178I-vzJUg-RzfWnAPsRSpPwl8 qt͠c8K(ϒנc8K(ˁ 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(́ 9C9 ׉SG
ׁׁr׉E6BEWAARCOLUMN
Toepassingsmoment MH luistert nauw
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
“G
oed bewaren begint al
Terug
26
op het veld, is al jarenlang de
slogan van adviseurs in de
aardappelsector. Tot zo’n tien
jaar geleden had dit wijze
gezegde nog uitsluitend
betrekking op teeltmaatregelen
als bemesting, het voorkomen
van ziekten en plagen
en netjes oogsten en inschuren.
De laatste jaren, met als
uitschieter vorig jaar, is daar
nog een factor bijgekomen, en
dat is de behandeling met
maleïne hydrazide, afgekort
als MH. In de eerste jaren van
toepassing bood een veldtoepassing
MH in de aardappelteelt
vooral een oplossing
voor schilbrandgevoelige rassen
en varianten die gevoelig
zijn voor inwendige kiem.
Een inschuurbehandeling met
chloorprofam kon daarmee
achterwege blijven. Naar
behoefte volgde dan nog een
of meerdere behandelingen
met de gasvormige vorm van
de veelgebruikte kiemremmer
later in het bewaarseizoen.
Nu sinds vorig jaar chloorprofam
verboden is, ontbreken
kiemremmers voor een
behandeling bij het inschuren.
Daarmee is het gebruik van
MH spectaculair toegenomen.
MH altijd aan de basis
Met de kennis dat alle eerste
schuurbehandelingen met nu
beschikbare kiemremmers
alleen op een droog product
plaats mogen vinden, is toepassing
van MH voor vrijwel
Goed bewaren van consumptieaardappelen begint al op het veld met een
tijdige bespuiting van MH.
alle bewaaraardappelen aan
te bevelen. Je zou het nog
achterwege kunnen laten
wanneer je zeker weet dat de
oogst binnen vier weken na
inschuren droog achter de
planken ligt. Maar wie kan
dat garanderen? Die ontbrekende
garantie is de reden dat
inmiddels de meeste telers
MH toepassen als basis voor
de kiemremming. Daarmee is
de eerste anderhalf tot twee
maanden of langer – de werkingsduur
is onder meer
afhankelijk van het ras en
jaarinvloeden – de kiemrust
gegarandeerd. Waar de werking
echter nog meer van
afhangt, is toepassing op het
juiste moment en onder de
juiste omstandigheden. En dat
is makkelijker gezegd dan
gedaan. Het algemene advies
is om de kiemregulator toe te
passen na de bloei in een nog
groen en vitaal groeiend
gewas. Verder is het van
belang om rondom dat
moment met de aardappelriek
het land in te gaan en op
verschil lende plekken in het
perceel de knolgrootte te
meten. Het optimale spuitmoment
in tafelaardappelen
is aangebroken wanneer minimaal
80 procent van de knollen
minimaal 25 millimeter in
de maat is. Bij fritesaardappelen
breekt dat tijdstip aan
wanneer 80 procent van de
knollen minimaal 35 millimeter
in doorsnee is. Dit jaar is,
of zal, dit moment op veel
plaatsen in Nederland eerder
bereikt zijn dan normaal. De
zetting in de meeste gewassen
is namelijk lager. En bij minder
knollen per plant is de
groei per knol over het algemeen
wat vlotter. Zeker in
een jaar met voldoende vocht
en voeding, zoals nu het
geval is.
Kijk op tijd in het gewas
Kijk dus op tijd in het gewas,
spuit niet te vroeg en niet te
laat. Bij een te vroege bespuiting
kan het de knolgroei van
de kleinere knollen remmen.
Dit levert een lagere opbrengst
op, maar heeft verder geen
negatieve invloed op de kiemremming.
Een te late toepassing
resulteert wel in een
mindere werking. Wanneer
het loof niet meer helemaal
vitaal is, zal ook het transport
vanuit blad en stengels naar
de knollen minder zijn, wat
resulteert in minder opname
door de knollen. Vandaar de
bijkomende eis omtrent het
tijdstip van toepassing dat het
gewas nog minimaal drie tot
vijf weken vitaal groen hoort
te zijn, voordat de afsterving
en/of loofdoding start, waarbij
rond vijf weken het meest
optimaal is. De dosering van
de granulaatversie is 5 kilogram
en die van de vloeibare
11 liter per hectare. Het valt
daarbij aan te raden veel
water te spuiten, zeker 500
tot 600 liter per hectare.
Na de bespuiting hoort het
gewas minimaal 10 uur droog
te blijven, opdat het middel
voldoende in het blad wordt
opgenomen. De maximale
temperatuur op het spuittijdstip
mag 25 graden Celsius
zijn. Gelet op de flinke hoeveelheid
water zal de keuze
van de spuitdop er al gauw
eentje zijn die wat grovere
druppels maakt.” ●
Aardappelwereld magazine • augustus 2021 • nummer 8
15
׉	 7cassandra://nhhmp_ic9CKqpx2EBn1he-RPd4JygBMsKIru-RO3fkkW`̵ c8K(׉EgBEWAARCOLUMN
Denk alvast eens na over de
kiemremmingsstrategie 2021
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam
in de regio Zuidoost-Nederland.
“Zo halverwege de julimaand
zijn de aardappelen in de
meeste bewaarschuren wel
een eind geruimd. Wat het
langst bewaard kan blijven,
ligt overwegend onder de
beste condities in de cel of kist
en behoeft weinig voorlichting.
Voor het gros van de
telers valt er voor het bijna
voorbije bewaarseizoen dan
ook nauwelijks meer advies te
geven dan dagelijks het product
te controleren. Voor de
aanstaande, die van Oogst
2021, hebben we daarentegen
wel een aardige waslijst met
tips aandachtspunten, voornamelijk
op het punt van
kiemremming. Afgelopen seizoen
was voor veel telers een
leertraject. Het leren omgaan
met de vervangers van chloorprofam
viel velen namelijk
niet mee. Een van de struikelblokken
vormde de juiste
middelverdeling. Vooral het
verdelen van kiemremmers op
oliebasis als Argos en Biox-M
leverde problemen op. Daarbij
was het vooral zoeken naar de
juiste luchtsnelheden bij toediening.
Sommigen werkten
met te veel ventilatiecapaciteit,
anderen juist met te weinig.
Een belangrijke factor bij
verdeling van deze middelen
is flexibiliteit, vooral in grotere
bewaarruimtes speelt dat
een rol. Het beste is om daarin
de middelen in delen of compartimenten
toe te dienen en
niet over een hele cel te gelijk.
Daarvoor is het echter wel
noodzakelijk de ventilatoren
afzonderlijk in te kunnen
schakelen en dat vraagt soms
om aanpassingen. Evalueer
als aardappelbewaarder het
bewaarseizoen 2020 de
komende periode en denk
alvast eens na over de kiemremmingsstrategie
2021.
Welke aanpassingen moet ik
eventueel doen aan de bewaring,
welke middelen wil ik
toepassen? Overleg daarbij
met afnemers en adviseurs
over de beste oplossing. In
veel cellen zijn door leveranciers
van kiemremmers luchtsnelheden
gemeten in een
zoektocht naar een optimum.
De cijfers zullen in de zomer
wel bekend zijn, informeer
daar naar bij de betrokkenen.
Dan zijn in de klantenkring
ook telers geconfronteerd met
opmerkingen en/of afkeuring
na gebruik van bepaalde
kiemremmers, afhankelijk van
de eindbestemming. Ga voor
het maken van een keuze uit
een kiemremmer daarom eerst
na of de afnemer hier geen
problemen van verwacht bij
aflevering.
Celafdichting vaak nog
onvoldoende
Andere punten van aandacht
zijn de beste plaatsing van de
vernevelapparatuur, is de cel
op de juiste plek bereikbaar,
Een punt van aandacht volgend seizoen is de beste plaatsing van de vernevelapparatuur.
Daarnaast is de celafdichting nogal eens onvoldoende,
waardoor te veel middel ontsnapt via kieren en gaten.
zijn de gaten met de gewenste
diameter aanwezig? Nog zo’n
factor die in veel schuren aanpassing
vraagt is de celafdichting.
Die is nogal eens onvoldoende,
waardoor te veel
middel ontsnapt via kieren en
gaten, met als gevolg (plaatselijk)
te weinig werking van
kiemremming. En ook al blijft
de werking op slechts een
kleine plek achterwege, dat
kan wel gevolgen hebben
voor een hele partij, bijvoorbeeld
een vroegtijdige levering
en/of (gedeeltelijke)
afkeuring. Datzelfde euvel,
het pleksgewijs achterblijven
van de kiemremming, is soms
eveneens toe te schrijven aan
een deels mislukte werking
van MH. In het teeltseizoen
valt het namelijk niet altijd
mee om (voor heel het perceel)
een optimaal spuitmoment
te kiezen. Het advies is:
spuit bij groeizaam weer, als
de knollen minimaal 30 tot
35 millimeter groot zijn en
ruim 3 tot 5 weken voor de
loofdoding. Alleen dat valt
niet mee in droge zomers
zoals we die de voorbije jaren
gekend hebben. Ook al is het
algemeen advies om bij elk
van de huidige kiemremmers
MH aan de basis toe te dienen,
zijn de omstandigheden
voor toediening niet optimaal,
laat de bespuiting dan achterwege.
Dan is het vervolgens
wel extra zaak om te zorgen
dat de oogst zo droog mogelijk
binnenkomt, want de
meeste van de toegestane
middelen voor kiemremming
in de schuur mogen/werken
niet op een nat product. Dus
voorkom oogstrisico. Begin
tijdig aan de loofdoding en
rooi zodra de knollen velvast
zijn onder zo droog mogelijke
omstandigheden. Dat zal niet
altijd lukken, maar zorg er
dan ook voor dat de droogcapaciteit
van de bewaarapparatuur
in orde is. Dat
vraagt om schone roosters en
kanalen, ventilatoren met
ruime capaciteit en goed werkende
kachels ‘voor het geval
dat’. Ik wens iedereen een
weloverwogen en kiemvrij
nieuw bewaarseizoen toe.” ●
Terug
27
Aardappelwereld magazine • juli 2021 • nummer 7
13
׉	 7cassandra://N5N8SfRa0ZA6Wz91qo745PjJfslEo7cEGuzSumSY9qk `̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://On8m96pAjWearTDI4ZEj9EPBS3-yPaKP28FbYhUZ3g0 B`׉	 7cassandra://dukeoUoMY3LcOCsCfLljrKlioRJn_LdTAJRFfOM4aEEw`S׉	 7cassandra://1wtRUt2D5CswHtknmIPhUtRK9jNR8PIULiowXjmdxlw!)`̵ ׉	 7cassandra://TtthijDkXftJfRRqzMcT0mxwNg_SMN0CnyMQgKjnwaA t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://-006sFh4oFaW6sXz4GFJCxOvBPs4fQPUlsup9R2lwM0 |`׉	 7cassandra://9jmStGSy3CQZlfzPBMJ5RjReRM9OBL7Z7AjigK4mwhsta`S׉	 7cassandra://J1JANz3jppWfdF7M6BSSPg7YGfXsSl5qELQx7evr7uA!`̵ ׉	 7cassandra://RqoF_BJxCfyr2JC8LY5OSeaC2FtlGHruw0SfhNMeAuw ~!t͠c8K(Ԓנc8K(с 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(ҁ 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EYBEWAARCOLUMN
Wijk niet af van de adviezen rondom
kiemremming
“Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
Terug
28
“Het koude weer van de afgelopen
maanden heeft niet
alleen de groei van het nieuwe
aardappelgewas geremd, maar
ook die van de oude oogst.
Voor wat buiten groeit is het
pech, voor wat binnen ligt
juist gunstig. In veel bewaarschuren,
ook met buitenluchtkoeling,
bleef de temperatuur
tot begin mei daardoor vrijwel
constant. De schommeling
betrof hoogstens een halve
graad Celsius. En dat zie je
terug in het kiemremmingsverhaal.
Een geluk bij een
ongeluk, zou je het kunnen
noemen. Voor veel aardappelbewaarders
is het namelijk
nog wennen aan de vervangers
van chloorprofam. Het
juiste moment van toepassen
en de dosering vragen de
nodige kennis en ervaring. Bij
hoge buitentemperaturen zou
de omgang hiermee beslist
lastiger zijn geweest. Maar
inmiddels is het wel zover dat
de kans op hogere buitentemperaturen
toeneemt. En dat
vraagt alle aandacht voor
degenen die nog aardappelen
in de schuur hebben liggen.
Aandacht voor de kieming,
maar ook voor de bakkwaliteit.
Bij twijfel, laat monsters
nemen. Dit is namelijk ook de
periode waarin de kans op het
ontstaan van verouderingssuikers
toeneemt, in combinatie
met hogere temperaturen kan
de bakkwaliteit ineens achteruitgaan.
Hou nu ook de kieming
scherp in de gaten, het
liefst meerdere keren per
week, en behandel de knollen
op tijd. Wijk niet af van de
adviezen omtrent doseringen
en intervallen, want de kieming
kan bij een temperatuurstijging
al snel een boost krijgen.
Preventief of bij zeer
kleine kiemen behandelen is
nu belangrijk. Bij langere kiemen
aan de noodrem trekken
is zeker in juni/juli gevaarlijk
vanwege het risico op inwendig
schot.
Preventief of bij zeer kleine kiemen behandelen is nu belangrijk.
Trage luiken
Hoe precies te handelen in
deze periode hangt ook sterk
af van de gekozen kiemremmer.
Bij toediening van ethyleen
is het nu van het grootste
belang het CO2-gehalte nauwlettend
in de gaten te houden.
Wie ververst via de luiken zal
daarvoor al gauw drie tot vijf
keer per dag de ventilatoren
laten draaien. Let daarbij op
de draaiduur. Te lang draaien
kan de binnentemperatuur te
veel doen oplopen. Ververs
per keer niet langer dan nodig.
Controleer dit goed tijdens het
verversen. Soms zien we dat
er 15 minuten ingesteld staat,
terwijl 5 minuten met een volledig
open luik voldoende
blijkt te zijn. Direct na het
beëindigen van het verversen
daalt het CO2-gehalte op de
generator nog een paar minuten
door. Houd ook met dit
na-ijleffect rekening.
Bijkomend probleem bij deze
actie is dat sommige luiken
voor dit doel te traag openen
en sluiten. Wellicht verstandig
om daar na het bewaarseizoen
verandering in aan te brengen.
Een alternatief voor afvoer
van kooldioxide is aanleg van
een speciaal ventilatortje met
eventueel bijbehorend buizen-/slangenstelsel.
Informeer
daarbij goed naar de diverse
mogelijkheden, want ook de
juiste capaciteit, plaatsing en
uitvoering spelen een rol,
vooral bij toepassing van ethyleen.
De ervaring tot nu toe
leert dat bij snel oplopende
gehalten deze ventilatortjes de
afvoer soms niet bij kunnen
benen.
Degelijke celafscheidingen
Dan zijn er nog enkele leermomenten
te melden bij toepassing
van kiemremmers als
1,4 SIGHT, Biox-M en Argos.
Voor alle drie geldt dat het
product droog hoort te zijn
voordat je een eerste behandeling
start. Op deze eis is
flink gehamerd in de adviezen,
en dat hebben sommige
bewaarders zich dit seizoen
iets te veel aangetrokken.
Droog hoeft niet kurkdroog te
zijn. Zij die bij aanvang te
fanatiek gedroogd hebben,
kampen nu met een te sterke
indroging van de knollen en
drukplekken in hun partijen.
Voor de gebruikers van 1,4
SIGHT is het van belang rekening
te houden met de vluchtigheid
van het product. Het
glipt soms zelfs door kieren
van scheidingswanden heen.
Wanneer daarin producten
zoals knolselderij liggen, kunnen
deze daarmee in aanraking
komen. Sommige
bestemmingen weigeren product
wanneer ze daar resten
van de genoemde kiemremmer
in aantreffen, hou daar
dus rekening mee. Bij Argos
en Biox-M moesten openingen
of lege ruimtes afgeschermd
worden met landbouwplastic.
Dit is niet altijd goed gelukt,
wat te zien is aan de soms
tegenvallende resultaten. Bij
uitschuren van het product is
dat soms terug te zien in te
veel kieming. Bij gebruik van
deze middelen is het beter om
degelijke scheidingswanden
direct rond de cel te maken. ●
Aardappelwereld magazine • juni 2021 • nummer 6
13
׉	 7cassandra://1wtRUt2D5CswHtknmIPhUtRK9jNR8PIULiowXjmdxlw!)`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Intern ventileren op ‘sper’ bij warme dagen
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/West-Brabant.
koelen, mocht de knoltemperatuur
(overdag) opgelopen
zijn.
“Zet met de opgelopen (dag)temperaturen een sper in het computerprogramma,
ons advies is van 9.00 uur ’s morgens tot 21.00 uur ’s avonds.”
“Met de opgelopen (dag)temperaturen
na half april is het
van belang om die warmte
zoveel mogelijk buiten de
bewaarschuur te houden. Dus
dat betekent deuren en luiken
zoveel mogelijk hermetisch
gesloten houden bij buitenlucht
die hoger is dan de
gewenste temperatuur van
het bewaarproduct. Zet dus
geen machines of werktuigen
die regelmatig in en uit de
schuur moeten in een ruimte
naast een bewaarruimte wanneer
daarbij sprake is van een
open verbinding. Ga ook niet
intern draaien bij hogere buitentemperaturen.
Zet daarom
een sper in het computerprogramma,
ons advies is van
9.00 uur ’s morgens tot 21.00
uur ’s avonds. Hetzelfde verhaal
gaat op voor de luchtverversing.
Beperk dat, wanneer
mogelijk, tot één draaimoment
per etmaal. Het liefst
wanneer de temperatuur het
laagst is, meestal is dat tussen
5.00 en 7.00 uur ’s ochtends.
Stel daarnaast het temperatuurverschil
tussen het ventilatiekanaal
voor de actie
‘intern ventileren’ ruim in
wanneer de buitentemperaturen
hoog zijn. Daarmee doel
ik op de waarde die het maximale
verschil aangeeft tussen
de temperatuur in het ventilatiekanaal
en de producttemperatuur.
We adviseren deze
minimaal op 2,5 tot 3,0 graden
Celsius in te stellen, afhankelijk
van het ras en de bewaarconditie.
Hou je het temperatuurverschil
kleiner, dan
zullen de ventilatoren langere
tijd gaan draaien, warmt het
product meer op en droogt
het extra uit. Het omgekeerde
verhaal gaat op voor het verschil
buitentemperatuur en
producttemperatuur voor de
actie ‘extern ventileren/koelen’.
Hou deze juist wat kleiner
op maximaal 2,0 tot 2,5
graden Celsius. Zo zal het
computerprogramma iedere
kans aangrijpen om de aardappelen
(’s nachts) terug te
Verlenging afvoerpijp CO2
Dan nog een tip met betrekking
tot de beheersing van
het CO2-gehalte in de bewaring,
vooral voor telers die
ethyleen als kiemremmer toepassen.
Sommige telers hebben
voor de afvoer een aparte
ventilator, maar die blijkt in
sommige gevallen onvoldoende
CO2 af te kunnen
voeren. Dan is het ook nodig
dat de ‘gewone’ ventilatoren
bij moeten springen. Nu blijkt
in de praktijk dat die onvoldoende
afvoer kan liggen aan
de aanwezigheid van kieren
en naden in de buurt van de
CO2-ventilator/ingang van de
afvoerpijp, bijvoorbeeld bij de
luiken. De voelers blijven dan
een te hoog CO2-gehalte aangeven,
veelal midden in de
hoop. Een praktische oplossing
hiervoor is om de afvoerpijp
te verlengen met bijvoorbeeld
een extra stuk pijp of
slang met een lengte tot midden
onder de hoop in een
ventilatiekanaal.
Grote verschillen in kiemremming
Dan
kort nog even over de
stand van zaken rondom de
kiemremming. Hierover valt
niet anders te concluderen
dan dat de verschillen tussen
de partijen soms groot zijn.
Afhankelijk van het ras, teelt/
bewaardoel, de condities
rondom het inschuren, de
bewaaromstandigheden, de
aan- of afwezige technieken
in de schuur, de toegepaste
kiemremmingsapparatuur en
-middelen lopen de resultaten
behoorlijk uiteen. En wat hier
zeker ook in meespeelt zijn
onkunde en het gemis aan
ervaring. Wat dit eerste seizoen
zonder chloorprofam
meezit is dat de bewaarpartijen
vrijwel allemaal gezond
zijn, rot komt slechts sporadisch
voor. Met het nodige
kunst- en vliegwerk is de
kiemremming daarom veelal
nog wel te beheersen tot het
geplande aflevermoment,
althans dat is de situatie tot
begin mei. Als het om de toepassing
van de kiemremmers
gaat, stip ik graag enkele
punten van lering aan. Zo is
het na toediening van een
middel als 1.4SIGHT van
belang gebleken om de
schuur zo lang mogelijk dicht
te houden voor een optimale
werking, als het kan tot 72
uur. Middelen als Argos en
Biox-M werken alleen optimaal
bij een goed gevulde
bewaarruimte. Alleen dan is
een gewenste middelconcentratie
te bereiken en vast te
houden gedurende de behandelperiode.
Bij toepassing van
ethyleen lukt het niet altijd
om bij lange bewaring de
kiemgroei te remmen bij een
ethyleenconcentratie van
4 procent. Komen er dus kiemen,
dan is het aan te raden
de concentratie in overleg met
Restrain te verdubbelen naar
8 procent.” ●
Terug
29
Aardappelwereld magazine • mei 2021 • nummer 5
13
׉	 7cassandra://J1JANz3jppWfdF7M6BSSPg7YGfXsSl5qELQx7evr7uA!`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://NiWlnAb2piEBQ8Xa9nSCjB3TmSeDcCHD_Nma8MIrR9U VW`׉	 7cassandra://Xh-UOpW6xRp3YQQFMi01338467NaG9vuhCph6fOLPTkp`S׉	 7cassandra://A0GF39ziQwetobGEeOTFYzXFAQVbuvoPzhIirQypofw!`̵ ׉	 7cassandra://H8AxfC7mQeehRECUhiM7DSUpY9rwv3wm-yjww25HNrs bt͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://cOqO9CYWWA-Hk9t3z60SV6i7dallUz_8mZqpUX93GTA fQ`׉	 7cassandra://XFcXJewKDvfiLdT7BeB_HzKKKr3feRfdlOelF5xQNW4q`S׉	 7cassandra://TbXL3GzhEGa1R_y5j2sX2Rd7aWuw3to6Wjvt5bWx7SI!R`̵ ׉	 7cassandra://4iV3YJMsNJGUcmWtNW_HAoGvADuvbDFCmUYbgZiy_yU 3t͠c8K(ْנc8K(ց 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(ׁ 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBBEWAARCOLUMN
Bewaren draait nu nog meer om kennis
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de regio Flevoland.
Terug
30
“Het is nu echt anders bewaren
dan veel aardappeltelers
jarenlang gewend waren. Hier
in het midden van Nederland
is dat niet anders. Simpelweg
wat Chloor-IPC bij het
inschuren vernevelen en bijna
een seizoen lang geen omkijken
meer hebben naar de
kiemremming, dat is verleden
tijd. Omgaan met de huidige
toegelaten middelen vraagt
veel meer kennis van zaken,
dat hebben veel telers inmiddels
wel ontdekt. Kennis van
de werking, apparatuur, maar
ook van ras-eigenschappen en
alle andere maatregelen die
betrekking hebben op het
bewaren van aardappelen.
Denk aan de ventilatieduur
van verschillende acties als
luchtverversing en koeling,
het monitoren van temperaturen
(van de knol, in de schuur
en buiten de schuur), het
CO2-gehalte, de relatieve
luchtvochtigheid, kiemlust
van een ras, alles doet ertoe.
een middel als 1,4SIGHT
geldt: start al voordat kiemen
zichtbaar zijn. En bij Biox-M
en Argos: start zodra witte
puntjes zichtbaar zijn, niet
langer dan 2 tot 3 millimeter.
In de meeste gevallen waarin
de kiemremming te laat is
gestart, lopen telers de rest
van het bewaarseizoen achter
de feiten aan. Dat vraagt dan
om reparatie met kortere
intervallen en hogere doseringen.
Dus die start is cruciaal.
Ik heb het nog niet gehad
over MH, maar zoals al meerdere
keren aangestipt in deze
column, is een (veld)behandeling
vooraf in vrijwel alle
gevallen van lange aardappelbewaring
onmisbaar.
Ondergrenzen opzoeken
Knoltemperatuur speelt bij
het nieuwe bewaren ook een
aanzienlijke rol. Veel telers
proberen in samenspraak met
hun adviseurs en afnemers nu
ondergrenzen op te zoeken.
“Omgaan met de huidige toegelaten
middelen vraagt veel meer kennis van
zaken.”
Deze factoren waren uiteraard
al belangrijk, maar daar komt
het nu nog meer op aan dan
in de tijd van Chloor-IPC.
Achter de feiten aan
De belangrijke les van dit
leerseizoen is wel: begin op
tijd. Voor de toediening van
Vooral als het gaat om fritesaardappelen.
Immers, hoe
lager de knoltemperatuur, hoe
trager de ademhaling en daarmee
samenhangend: de kieming.
Probleem in fritesaardappelen
is echter dat een té
lage knoltemperatuur negatieve
gevolgen kan hebben
“Omgaan met de huidige toegelaten middelen vraagt veel meer kennis
van zaken, dat hebben veel telers inmiddels wel ontdekt.”
voor de bakkwaliteit. De
onder grens van de knoltemperatuur
in relatie tot bakkwaliteit
is namelijk een aan
het ras gerelateerde factor.
Een Fontane of Agria bewaren
op 6,5 of 7,0 graden Celsius
levert al gauw minder problemen
op dan wanneer het om
Innovator gaat. Of het wel of
niet lukt bij een graadje lagere
knoltemperatuur te bewaren
hangt ook samen met de conditie
waaronder je de aardappelen
kunt bewaren. Liggen
ze in een goed afgesloten,
optimaal geïsoleerde en eventueel
gekoelde cel, of niet?
Wanneer het lukt om bijna
zonder temperatuurschommelingen
een partij te bewaren,
dan zal ook het bewaren bij
lagere temperaturen minder
problemen opleveren.
Hou deuren gesloten
Dus het dringend advies is:
probeer wisselingen van temperaturen
in het product te
voorkomen. Staan in dezelfde
ruimte als waarin de aardappelen
liggen ook machines
voor voorjaarswerk, zorg dan
dat deze uit de schuur zijn
zodra de buitentemperaturen
beginnen op te lopen.
Oftewel, hou vanaf dan de
deuren gesloten. Ook het in
gedeelten uitleveren van partijen
is nadelig voor de kiemremming.
Tot nu toe zijn de
nachttemperaturen laag
genoeg om met de koelere
lucht de aardappelen op de
gewenste temperatuur te houden.
Is het voorjaarswerk
begonnen, vergeet dan niet de
partij met regelmaat te controleren.
Zijn er problemen
met de kieming, controleer
dan elke dag. Ligt de partij er
goed bij, kijk dan toch minstens
twee tot drie keer per
week even op de hoop en hou
de kieming scherp in de
gaten.” ●
Aardappelwereld magazine • april 2021 • nummer 4
13
׉	 7cassandra://A0GF39ziQwetobGEeOTFYzXFAQVbuvoPzhIirQypofw!`̵ c8K(׉EMBEWAARCOLUMN
Kiemremming niet overal vlekkeloos
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in
de regio Zuidoost-Nederland.
“H
beschikbaarheid. Telers die
oera voor het winterse
weer half februari. Het
was niet alleen welkom voor
sneeuw en schaatsliefhebbers,
ook landbouwers met bewaaraardappelen
hadden er baat
bij. De lage buitentemperaturen
hielden het ook binnen
koel, met als gevolg rust in de
schuur. Rust slaat op weinig
temperatuurschommeling,
weinig ademhaling en rem op
de kieming. Totdat eind
februari de temperaturen
plots weer even omhoog
schieten. Dan breekt in veel
schuren met enkel buitenluchtventilatie
een zeer spannende
periode aan. Hoe lang
blijft de kieming hier nog
onder controle? De vrees voor
mogelijke problemen heeft
alles te maken met de voorgeschiedenis.
Tot nu toe is de
kiemremming namelijk niet
overal vlekkeloos verlopen.
Dat is niet alleen toe te schrijven
aan middelen, apparatuur
of gebouwen, maar aan een
combinatie daarvan, inclusief
degene die hiervoor verantwoordelijk
is. Zo hebben veel
van die verantwoordelijken
zich te laat in de problematiek
van ‘het nieuwe kiemremmen’
verdiept en juist bij hen gaat
veel fout. Het ontbreekt daar
dikwijls aan van alles.
Schuren zijn niet dicht
genoeg, waardoor middel ontsnap,
ze zijn niet volledig
gevuld, waardoor middel niet
100 procent werkt, het ontbreekt
aan een goede (kracht)
stroomvoorziening voor
apparatuur en/of de middelenkeuze
past niet bij het ras,
gebouw, wijze van toediening
en vul het rijtje maar aan.
Teveel nevel ontsnapt
Laten we even dieper inzoomen
op de gang van zaken.
De algemene constatering is
dat zij die werken met de
kiemremmer 1,4SIGHT overwegend
de minste zorgen
hebben. Dat heeft uiteenlopende
oorzaken. Deze kiemremmer
moet je op tijd toepassen,
ruim voor kiemen
zichtbaar zijn, in een droog
product en in een dichte
ruimte, want er mag geen
nevel ontsnappen. Dit zijn
kortom uitgangspunten voor
een goede start. Ook was tijdige
bestelling van het middel
nodig vanwege beperkte
het toepassen hadden daarmee
de keuze veelal voorafgaand
aan het bewaarseizoen
gemaakt. Wat meer praktijkervaring
in vorige seizoenen
speelt ook een rol. Bij toepassing
van Argos en Biox-M is
dat veelal een ander verhaal.
Beide middelen, met in
Nederland nog relatief weiDat
ligt niet aan de middelen
zelf. Soms is simpelweg vergeten
om de ventilatoren tijdens
de toediening aan te
zetten en/of daarna voor nog
herverdeling van de middelen.
Het komt ook voor dat
de vulling van de cel onvoldoende
is en/of dat er teveel
nevel door naden en kieren
ontsnapt.
“Het komt ook voor dat de vulling van
de cel onvoldoende is en/of dat er
teveel nevel door naden en kieren
ontsnapt.”
nig praktijkervaring, zet je
pas in op het moment dat de
eerste kiempjes zichtbaar
zijn. Dat kan bijvoorbeeld
ook zijn daar waar het uit de
hand gelopen is in cellen
waarin toediening van
1,4SIGHT was voorzien. Het
beeld in resultaten bij inzet
van deze middelen is tot nu
toe zeer wisselend. Zo zien
we dat de verdeling door de
hoop niet overal optimaal is.
Blijf controleren
Over toezicht gesproken, controleer
de aardappelen iedere
dag op de kieming, zeker in
probleempartijen. En ook wanneer
de landwerkzaamheden
gestart. Veelal verslapt bij
velen dan de aandacht, zo is
onze ervaring. Nog een puntje
van aandacht bij ‘het nieuwe
kiemremmen’ is het monitoren
van de CO2-concentratie. Bij
metingen in diverse bewaarschuren
hebben we gezien dat
de kiemrust in schuren met
een ppm onder 2500 veelal
groter is dan in schuren met
een hogere concentratie. Dit
lijkt dus niet alleen de maximale
norm te zijn voor bij een
toepassing als ethyleen, maar
in het algemeen. Zorg dus
voor regelmatige verversing
van de aardappelhoop. Hou
daarbij wel de buitentemperatuur
en RV in de gaten, oftewel
stel de bewaarcomputer
daarop af.” ●
“Controleer de aardappelen iedere dag op de kieming.”
Terug
31
Aardappelwereld magazine • maart 2021 • nummer 3
21
׉	 7cassandra://TbXL3GzhEGa1R_y5j2sX2Rd7aWuw3to6Wjvt5bWx7SI!R`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://CYaFQ3vjJ8ygsgGbgrcy1V_rml4yQ7VI3eRci3UG9WI `׉	 7cassandra://33O8a_PtaOAI1YEageI_fNIewgaAZQRjkpFNJSkF9yYy@`S׉	 7cassandra://nd6R_5EqOv2RzgELEq68uTUdda6fPcB7iNT76r-idwA$`̵ ׉	 7cassandra://0gUoLOegYiFU_I1O5JPt5oLvKfRa2dXWANPznqUl0qg t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://rbt4DQT990WhuDMSRCRit3Gl8NpLw2WGGF8_NpqSNjc S`׉	 7cassandra://AcqtdqN-t__hC4Fg9NkhK6Kibvxi9iPTe6OB-7j-Wks{`S׉	 7cassandra://e434deqUTkhjOurt6s8M94WjRrc7Bt7vPBZnSRR2YKM##`̵ ׉	 7cassandra://YMAc4UtKQq7Za1OnCLvF_cTr9rwhX0NXctiWbJzRNWk t͠c8K(ޒנc8K(ہ 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(܁ 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Grote verschillen in kiemrust, weinig rot
“Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier
deskun dige bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van
der Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“M
instens twee factoren
Terug
32
zitten tot nu toe mee dit
bewaarseizoen, het aantal
partijen met (ingeschuurd) rot
is beperkt en de buitentemperaturen
zijn vooralsnog gunstig.
Dat wil zeggen koud
genoeg om te koelen en warm
genoeg om grote problemen
met condens te voorkomen.
Wat helaas niet altijd en
overal optimaal verloopt is de
beheersing van de kiem(rem)ming.
Bekend en normaal is
het verschil in kiemrust tussen
de diverse aardappelrassen.
Het is een aan het ras
gerelateerde eigenschap.
Daarnaast constateren we dit
seizoen echter ook flinke verschillen
in kiemrustduur tussen
bewaarpartijen van hetzelfde
ras. Dit is eveneens toe
te schrijven aan twee oorzaken.
Beide hebben betrekking
op het weer van afgelopen
zomer. In partijen waarvan de
knollen bij hoge temperaturen
van soms meer dan 25 graden
Celsius in de rug hebben
gezeten, is de kiemrust overduidelijk
sneller doorbroken
dan wanneer deze niet zo erg
zijn opgewarmd. En partijen
die tijdens het groeiseizoen
met de kiemregulator maleïne
hydrazide (MH) zijn behandeld
onder te warme, te droge
en dus niet ideale groeiomstandigheden
zijn eveneens
veel kiemlustiger. Samen met
het ras zorgen deze factoren
ervoor dat begin februari
kiemlustige partijen tot wel
drie keer met een kiemremmer
zijn behandeld en weinig
kiemlustige nog geen enkele
keer. Dat geeft te denken,
zeker gelet op het kostenplatje.
Met de huidig beschikbare
middelen, die overwegend
veel duurder zijn dan ChloorIPC,
kan de kiemremming
dan snel in de papieren lopen.
Zeker wanneer daarbij de
hoogste doseringen nodig
zijn. Dat is bijvoorbeeld het
geval bij partijen met (te)
grote kiemen op de knollen.
Voor telers van kiemlustige
rassen rijst momenteel dan
ook de vraag: zijn deze nog
wel langer te telen als
bewaaraardappel zolang daar
geen meerprijs tegenover
staat? De overweging voor
volgend seizoen is dan wellicht
de keuze voor een minder
kiemlustig ras of tijdens
de teelt meer aandacht besteden
aan factoren die ervoor
zorgen dat de knol zo lang
mogelijk zijn kiemrust
behoudt.
Scherm lege ruimtes af
Wat de tegenvallende werking
van MH betreft is de
indruk dat dit in veel gevallen
niet nodig was geweest.
We constateerden afgelopen
zomer dat nogal wat telers
het middel te laat hebben
ingezet. Dat is veelal omdat
ze nog te veel angst hebben
kilo’s te moeten missen op het
optimale spuitmoment en dat
is als het gewas er nog frisgroen
bij staat. Daarom nog
maar eens de herhaling: het
beste moment van toediening
is na de bloei, met knollen in
de rug die minimaal 35 millimeter
groot zijn en met nog
minstens drie
tot vijf weken
groei te gaan
voor het
moment van
loofdoding.
Juist bij toepassing
van de nu
beschikbare
kiemrustverlenger
en kiemremWat
helaas niet
altijd en overal
optimaal verloopt
is de beheersing
van de kiem(rem)ming.
mers
als respectievelijk
1,4SIGHT, Biox-M en Argos
ervaren we in de praktijk het
onmisbare belang van een
geslaagde MH-bespuiting als
basisbehandeling. En dus
zeker om de kosten beheersbaar
te houden. Een andere
constatering is dat voor een
goede werking van de
genoemde middelen de
bewaarschuren goed dicht en
zoveel mogelijk gevuld moeten
zijn. We wisten dit wel
voor 1,4SIGHT, maar voor een
kiemremmer als Argos blijkt
het ook belangrijk te zijn om
de open ruimte om de cel
heen zo klein mogelijk te houden.
Dus hang een zeil/landbouwplastic
tussen de cel en
een lege ruimte. Verder leert
de eerste praktijkervaring dat
het toedienen van een middel
als Argos het beste in korte
tijd kan gebeuren. Vanwege
de relatief hoge dosering
komt het daarom in de praktijk
wel voor dat vernevelapparaten
met een lage capaciteit
al gauw een halve dag
of meer moeten draaien. We
hebben de indruk dat dit de
werking niet ten goede komt.
Bovendien neemt de totale
periode dat je geen buitenlucht
mag gebruiken hierdoor
ook weer toe, met als nadeel
meer temperatuurstijging en
een oplopend CO2-gehalte.
Nog een laatste aandachtspunt
is condens. Vocht druppels
en de nieuwe kiemremmers
gaan niet samen. Tijdens
de behandeling kunnen de
druppels samen met het middel
op de aardappelen vallen,
waardoor irritatie aan de schil
ontstaat die veelal eindigt in
rot. Voorkom dus te allen
tijde condensvorming in de
bewaarschuur.” ●
Aardappelwereld magazine • februari 2021 • nummer 2
32
׉	 7cassandra://nd6R_5EqOv2RzgELEq68uTUdda6fPcB7iNT76r-idwA$`̵ c8K(׉E3BEWAARCOLUMN
Laat geen kiemremmer ontsnappen
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Reinier
Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/West-Brabant.
“H
alf december zijn in
zowat alle aardappelbewaringen
de kiemen losgekomen,
zagen we in het gros van de
bewaarschuren. Alleen in partijen
Fontane en Agria heerst
dan voor een deel nog kiemrust,
vooral wanneer daarin
de werking van MH goed
geslaagd is. Naar verwachting
zullen de eerste kiempjes zich
hierin pas begin januari laten
zien. Kieming is dit seizoen
over het algemeen eerder op
gang gekomen als gevolg van
de hoge temperaturen in de
nazomer. Daardoor is de
kiemrust in veel aardappelgewassen
versneld doorbroken.
Wanneer goed is gehandeld,
hebben telers die 1,4SIGHT
inzetten het middel de eerste
keer toegediend op een
moment dat (nog) geen kiemen
zichtbaar waren. Dit is
van groot belang, want
1,4SIGHT is geen kiemremmer,
maar een middel dat de
kiemrust verlengt. En als het
goed is vond de verneveling
van dit middel plaats op een
volledig droog product. Dat is
noodzakelijk, omdat na de
toepassing in een tijdsbestek
van minimaal 48 uur geen
verversende ventilatie met
buitenlucht plaats mag vinden.
De kiemremmer heeft
namelijk tijd nodig om ‘in te
werken’. Is een product dan
te nat en/of bevat het te veel
rotte knollen, dan mag/kun je
dus niet drogend ventileren,
wat dan veelal wel noodzakelijk
is. Doe je dat wel, dan
raak je te veel van het toegediende
middel kwijt en heeft
de behandeling onvoldoende
gewerkt, wat weer zonde is
van het geld. Je kunt een middel
als 1,4SIGHT ook makkelijk
kwijtraken wanneer de
bewaarruimte niet goed afgesloten
is. Door wanden,
daken en deuropening met
kieren ontsnapt al gauw te
veel middel en dan is uiteindelijk
de werking door de
afnemende concentratie
ontoereikend. Dat is een factor
om ernstig rekening mee
te houden, zo ervaren we nu
in de alledaagse praktijk.
Controleer knollen rondom op verschillende
plekken in de hoop.
Lange kiemen behandelen
kost extra geld
Toch nog even terug naar dat
aandachtspuntje ‘tijdig drogen
van het product’. We hebben
in onze bewaaradviezen
bij aardappeltelers erop gehamerd
om direct na inschuren
volop in te zetten op het
droogproces. De eerste ervaring
leert dat dit ook de
komende jaren advies zal blijven.
Dus niet een paar dagen
wachten en dan pas ventileren,
zoals ‘nog wel kon’ bij
toepassing van vloeibare
chloorprofam bij inschuren,
maar onmiddellijk starten met
drogen. Dit is beslist nodig
om ervan verzekerd te zijn
dat de gehele partij binnen
vier tot zes weken droog is.
Veelal begint daarna de kieming
op gang te komen. Hoe
snel de kiemrust in de knollen
verdwijnt is uiteraard afhankelijk
van het ras en de weersinvloeden
in de veldperiode,
maar je kunt er bij toepassen
van de huidige middelen niet
op gokken dat het langer
duurt dan die vier tot zes
weken. Zeker niet zonder een
(geslaagde) MH-veldbehandeling
voorafgaand aan de
bewaring en ook niet bij toepassing
van een middel als
1,4SIGHT in de schuur. Met
kiemremmers als Argos en
Biox-M is een latere behandeling
wel mogelijk, maar ook
daarbij mag de kieming niet
al te ver op gang zijn. Het
advies bij toepassing van
beide kiemremmingsmiddelen
is dan ook om de eerste
behandeling te starten zodra
20 tot 30 procent van de knollen
in een bewaarpartij zichtbaar
witte kiempjes laten
zien. En die mogen daarbij
een maximaal 2 tot 3 millimeter
lang zijn. Controleer knollen
rondom op verschillende
plekken in de hoop en voldoende
diep (tot 40 centimeter).
Je kunt met middelen als
Argos en Biox-M wanneer je
te laat bent met een eerste
toediening ook wel langere
kiemen afbranden zoals dat in
het jargon heet, maar dat
brengt tegelijkertijd ook nadelen
met zich mee. Veelal is
dan een veel hogere dosering
nodig en het interval tussen
de eerste en tweede toediening
zal in veel gevallen
noodzakelijk korter zijn. Dan
ga je al gauw van vier naar
drie weken als tussentijd.
Daarmee nemen de behandelingskosten
dus flink toe. Een
andere factor om rekening
mee te houden bij inzet van
middelen als Argos en Biox-M
rekening is de gemiddeld langere
duur van toediening, ook
afhankelijk van de gebruikte
apparatuur en de dosering.
Voor Argos geldt als de standaard
volgens het etiket een
dosering van 100 milliliter per
ton per behandeling, zowel
voor de allereerste als de vervolgbehandelingen.
Bij
Biox-M kan de begindosering
90, 60 of 30 milliliter per ton
zijn en de vervolgdoseringen
60 of 30 milliliter per ton,
afhankelijk van kiemlust of
kiemrust in een bewaarpartij.
Gebruik van oude vernevelapparatuur
voor chloorprofam
zoals de Pulsfog is volledig
af te raden vanwege de
grote kans op brandgevaar.
Wel geschikte vernevelaars
zijn de Resonator, Synofog,
Electrofog en Cropfog. De
laatst genoemde heeft de
hoogste capaciteit, maar is
ook de duurste. Met het middel
ethyleen als kiemremmer
hebben we nog maar weinig
ervaring opgedaan. Onder
meer omdat slechts een
gering aantal van de telers die
we adviseren deze kiemremmer
toepast.” ●
Terug
33
Aardappelwereld magazine • januari 2021 • nummer 1
13
׉	 7cassandra://e434deqUTkhjOurt6s8M94WjRrc7Bt7vPBZnSRR2YKM##`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://C-wHgD9Upq0stzlbA0eDsaHWfqQ5_nYkK4xL4tdferU Ϊ`׉	 7cassandra://GU642x4DdbeAdvfTR0vemWTdV4nibeNKdrzBaXytp7Ew`S׉	 7cassandra://uhDpA5Ct31l06o_A5APmErlv26TQgBfgoBPcI5k4EC8!`̵ ׉	 7cassandra://oEm3NUSSP9EwgTj3bXoZL2BFrlpPZM-v4S-xSS03PoI Rt͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://f2tn4ipceJJnDvnZrIfBiwS2aXpa5sbozAtjmSN-S_8 bR`׉	 7cassandra://2lVayXg1j__QyRxO8v2gzUibgoyL-TcJ7M3Cf5SNQnQr!`S׉	 7cassandra://V8-wa8WWHM_W9Df-sLD6mpN54np2mpkQLY03w91uBpA!/`̵ ׉	 7cassandra://CPeJJ4PfMTB7btdavoAcOoTuNr9Omg6DYaaxPD6dcqU aZt͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(  ҁk9׉H ,http://www.delphy.nl/beslisboom-kiemremming/Gׁׁrנc8K( ̰9׉H ,http://www.delphy.nl/beslisboom-kiemremming/Gׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K(  Ձk9ׁHhttp://www.delphy.nl/ׁׁЈ׉EBEWAARCOLUMN
Begin en eindig met dezelfde kiemremmer
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
“I
Terug
34
n sommige consumptiepartijen
die momenteel in de
schuren liggen, in de regio
Midden-Nederland, komt rot
voor en dat vergt de nodige
aandacht. Dat zal ongetwijfeld
ook elders het geval zijn,
want de weersomstandigheden
in het land waren afgelopen
teeltseizoen vrijwel gelijk.
Zo ook een hete augustus en
natte september met hele
warme dagen gevolgd door
begin oktober een periode
met veel neerslag. Die nattigheid
heeft vooral ‘beginnend’
rot veroorzaakt in knollen die
diep in de ruggen zaten. In de
bewaring tref je ze aan als
natte en vaak donkergekleurde
knollen die er aan de
buitenkant nog redelijk uitzien,
maar pas wanneer je er
flink in knijpt merk je dat ze
vanbinnen zacht en rot zijn.
Deze moet je goed in de gaten
houden. Ben je ze tegengekomen,
wees dan alert op lekvocht
en controleer daarop
door regelmatig in de kanalen
te kijken. En regelmatig, dat
is dus minstens eenmaal per
dag. Om de boel droog te
houden is het van belang om
alleen met drogende buitenlucht
te ventileren en ook
intern. Het regime voor de
interne ventilatie is afhankelijk
van de conditie en het rotpercentage
in de partij. Dat
kan bijvoorbeeld zijn elke
twee uur een half uur, drie
kwartier of een uur intern
ventileren. Drogen van de
partij is vaak belangrijker dan
wondheling. Nadat de aardappels
min of meer droog zijn
is er ruimte voor eventuele
wondheling, als dat nog
nodig is. Hou de temperatuur
dan gedurende het wondhelingsproces
op 11 tot 12 graden
Celsius. Niet lager vanwege
de wondheling en niet
hoger om uitbreiding van
(bacterie)rot in te dammen.
Eerst droging, daarna pas
kiemremming
Een volgend extra aandachtspunt
aan het begin van dit
bewaarseizoen is de kiemremming.
Door de al genoemde
warme zomerdagen zijn de
knollen behoorlijk kiemlustig.
De MH-behandeling in het
veld heeft weliswaar in de
meeste gevallen goed geholpen
en zet veelal een rem op
de kiemgroei. Echter, bij zeer
kiemlustige rassen waren de
eerste witte puntjes toch al
snel zichtbaar op de knollen.
Bij een Agria zul je nu nog
geen kiemen zien, maar bij
rassen als Innovator al wel.
Wil je hierin met een kiemregulator
als 1,4SIGHT aan de
slag, dan moeten de knollen
al behandeld zijn voordat je
kiemen ziet. Het middel is
namelijk een kiemrust-verlenger
en geen kiem-remmer. Nu
mag je het middel echter pas
gaan toedienen zodra de
knollen winddroog zijn.
Aanhangende grond mag nog
wel iets vochtig zijn, maar de
schil absoluut niet. Komen
toch kiemen op het product,
dan ben je op kiemremmingsmiddelen
als Argos of Biox-M
aangewezen. Die kunnen
namelijk wel de groei van een
eenmaal gevormde kiem stopzetten.
Ook die middelen mag
je overigens pas gaan toedienen
nadat het product goed
droog is. Met de kiemremmer
ethyleen zijn we nog terughoudend
in de adviezen. Bij
de rassen Fontane en Mozart
kan ethyleen wel worden
ingezet. Van andere rassen
zijn er nog te weinig (eigen)
onderzoeks- en praktijkresultaten
van dit middel.
Begin op tijd met kiembehandeling
Op
dit moment gaat wat
meer belangstelling uit naar
Argos dan naar Biox-M.
Argos heeft een aantal pre’s:
geen veiligheidstermijn, geen
penetrante geur en het heeft
wat meer mogelijkheden op
het vlak van dosering en toepassing.
Zowel bij inzet van
Argos als Biox-M is het wel
van belang om nadat de eerste
kiemen zichtbaar zijn, op
tijd te beginnen met behandeling.
Start een behandeling
zodra 10 tot 20 procent van
de kiemen zichtbaar is en ze
niet langer zijn dan 2 tot 3
millimeter. Of middelen ook
af te wisselen zijn, daarover
zijn nog weinig proef- en
praktijkervaringen bekend.
Het is op enkele plekken wel
in afwisseling met succes toegepast,
maar of dat in alle
gevallen kan en bij alle rassen,
is nog niet goed genoeg
bekend. Daarom adviseren
we op dit moment het middel
waarmee je de behandeling
begint gedurende de hele
bewaarperiode te blijven
gebruiken. Dat geeft de minste
kans op fouten in werking,
dosering en toediening.
Nog een laatste tip en dat
betreft de toedieningstijd van
de middelen. Het vernevelen
van middelen als Argos of
Biox-M in de bewaring vergt
wel duidelijk meer tijd dan
1,4SIGHT.” ●
“Kiemremmingsmiddelen mag je pas gaan toedienen als het product
droog is.”
Aardappelwereld magazine • december 2020 • nummer 12
13
׉	 7cassandra://uhDpA5Ct31l06o_A5APmErlv26TQgBfgoBPcI5k4EC8!`̵ c8K(׉EmBEWAARCOLUMN
Vocht ingeschuurd? Laat ventilatoren
volop draaien!
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in
de regio Zuidoost-Nederland.
“D
e aardappeloogst is
tot nu toe in veel teeltregio’s
onder wisselende weersomstandigheden
verlopen.
Al vanaf de aanvang van dit
oogstseizoen adviseren we
met klem: laat rotte plekken
zitten, draai ze niet naar binnen.
Laagtes, spuitsporen,
kopakkers met rot, rij er met
een grote boog omheen. Zelfs
apart opslaan zal in de meeste
gevallen niet lonend zijn. Dat
ligt niet alleen aan de lage
prijzen, maar nog meer aan
de hogere kosten van bewaring.
Alternatieven voor de
kiemremmer Chloor-IPC zijn
overwegend duurder in
gebruik en ze vereisen voor
een optimale werking zo snel
mogelijk een droog product in
de schuur. Gedurende het
droog- en wondhelingsproces
is de inzet van de huidige
kiemremmingsmiddelen af te
raden, vooral vanwege de
benodigde ventilatie met buitenlucht.
Duurt dit proces te
lang, wat al gauw het geval
kan zijn bij veel rot en eventueel
ook te veel natte grond
in het product, dan kan kiemremming
te laat komen of is
een hoge en daarmee dure
startdosering nodig. Veel
telers hebben gehoor gegeven
aan het advies om al tijdens
het teeltseizoen de consumptieaardappelen
met MH te
spuiten. Daardoor hebben de
knollen al een rem op het
kiemproces in zich. Dat komt
nu vooral van pas bij nat
ingeschuurd product dat
veelal een wat langere droogtijd
nodig heeft. Zolang er
geen rot in zit zal dat niet te
lang zijn om op tijd met een
eerste behandeling van middelen
als 1,4SIGHT, Biox-M,
Argos en ethyleen te starten.
We zien dit seizoen echter in
veel bewaarschuren al vlot na
inschuren kiemen op de knollen
komen, ook bij met MH
behandelde aardappelen.
De soms zeer hoge temperagevallen
hebben we geadviseerd
de kachels hierbij aan te
zetten en wellicht zal dat bij
degenen die nu en de
komende tijd nog inschuren
eveneens nodig zijn. Dat heeft
deels te maken met de lagere
knoltemperatuur van de net
ingeschuurde aardappelen en
met de overwegend ongunstige
buitentemperatuur en de
hoge RV in de voorbije weken
voor extern ventileren. Let
ook op de standaard programma-instellingen
in de
bewaarcomputer. Het streven
is om de eerste veertien
dagen na inschuren een producttemperatuur
te krijgen/
handhaven die minimaal tussen
12 en 14 graden Celsius
ligt. Bij de weersomstandigheden
die we tot nu toe
gehad hebben, zijn de
omstandigheden niet altijd
gunstig om met externe lucht
“ Laagtes, spuitsporen, kopakkers met
rot, rij er met een grote boog omheen.”
turen in de eerste weken van
september zijn daar de oorzaak
van. Die heeft in heel
wat knollen de kiemrust vervroegd
doorbroken. Veel tijd
om te drogen hebben de
meeste partijen daarom
hoogstwaarschijnlijk niet.
Indien nodig, kachels erbij
Bij het droogproces zijn de
eerste dagen na inschuren van
het grootste belang, ook om
de temperatuur in de gehele
hoop gelijk te krijgen. Dus
gelijk de ventilatoren volop
laten draaien. In een aantal
draaien. Dan zijn handmatige
aanpassingen nodig zoals een
bijstelling van de temperatuurwaarden
of tijdelijke verhoging
van interne ventilatie.
Raadpleeg Beslisboom
Kiemremming bij twijfel
Om telers te helpen bij de
keuze van het juiste bewaarmiddel
heeft Delphy, in
opdracht van de Brancheorganisatie
Akkerbouw, een
Beslisboom Kiemremming
gemaakt. Deze is gratis te raadplegen
via www.delphy.nl/
beslisboom-kiemremming/.
Bij het droogproces zijn de eerste
dagen na inschuren van het grootste
belang, ook om de temperatuur
in de gehele hoop gelijk te
krijgen. Dus gelijk de ventilatoren
volop laten draaien.
Hiermee kunnen veel aardappelbewaarders
al een heel eind
komen. Het enige waar velen
nog wel tegenaan zullen lopen,
is het late moment van beslissen.
Zowel apparatuur als
sommige middelen zijn
beperkt beschikbaar. Oude
apparatuur, zoals de Swingfog,
is voor geen enkel middel met
optimaal resultaat inzetbaar.
Daarnaast hebben veel loonwerkers
al een overvolle
agenda vanwege de extra aanvragen
die ze dit seizoen van
veel telers hebben gekregen. Is
er nog twijfel, onderneem dan
zo snel mogelijk actie om binnenkort
of later niet in de problemen
te komen met de kiemremming.”
●
Terug
35
Aardappelwereld magazine • november 2020 • nummer 11
13
׉	 7cassandra://V8-wa8WWHM_W9Df-sLD6mpN54np2mpkQLY03w91uBpA!/`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://BAWQtu6cRGlRNnQUXHhcvEJiWMFezEn9cSba9rrEY60 )`׉	 7cassandra://MFOStsg8Fbx1vr0aYccZrTDX3IffdPvlIVWHqQ-XIHs~``S׉	 7cassandra://iZfWqNnaWEwA07F0b88P8Hp1YZp-CLq4LBl2ypgtF8g$`̵ ׉	 7cassandra://GERfZ3xJ6SS--5OCCjp6uvZrcLwHuzucI8xQD-cSOfc t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://O-lAZqiWJ9Mz3pvw6rDzrY4wWxVw0Q1C909iHlKDSXQ `׉	 7cassandra://GDOFoLbTIofghNvJJhP-OFK6VBepHXSSPdi0iiEG0fAr`S׉	 7cassandra://YI1I11VHmqpoHvVu0m4kwp0luDxo7WkVKx3nMSAkwmo~`̵ ׉	 7cassandra://7kIMQpMb3nO9LLiCGYJrlzRZrwjAZt-9nGjUbxYdOCA t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉E;BEWAARCOLUMN
Let op, grotere kiemlust verwacht
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“I
k weet niet of er telers
Terug
36
zijn die de temperatuur van
de ruggen half september
hebben gemeten, maar bij een
eigen meting gaf de temperatuur
van de bovenste knollen
in de rug ruim 25 graden
Celsius aan. Daar schrok ik
niet alleen van, maar zeker te
weten ook de aardappelen die
in deze warme ruggen zaten.
Het is bekend dat dergelijke
hoge temperaturen in de slotfase
van de teelt de kiemrust
in de knollen behoorlijk wakker
schudden. Ik verwacht
dan ook dat relatief kort na
het inschuren in veel partijen
al de eerste kiempjes op de
knollen zichtbaar zullen zijn.
Het maakt wel uit of de partij
daarbij vooraf een veldbehandeling
met MH heeft gekregen
of niet. En ook onder
welke omstandigheden die is
uitgevoerd. In de periode van
16 tot 20 juli heb ik voor klanten
een brief rondgestuurd
nog wel wat bloei zichtbaar,
maar de knollen in de rug
waren al aardig aan de maat,
vrijwel allemaal royaal groter
dan 35 millimeter. Op zo’n
moment moet je niet kijken
naar het ingeschatte tijdstip
van loofdoding en terug gaan
rekenen om vijf weken daarvoor
te behandelen. Goed is
goed. Want wat als het rond
die periode droog en ook nog
eens 30 graden Celsius is?
Het is dan te warm voor toepassing
van MH en het gewas
kan versneld afsterven.
Nu, dat was 2-3 weken later
ook daadwerkelijk het geval.
De kans om nog MH te spuiten
met een optimale knolopname
was op dat moment
voor wat vroegere percelen
betreft ineens verkeken.
Zorg voor droog product
Terug weer naar de kiemremming
in de schuur, want die
kan dit seizoen nog een uitdaging
worden. Zowel gelet op
“Zorg voor een droog product en
start de kiemremming op tijd”
waarin ik aangaf dat de
omstandigheden voor toediening
op dat moment voor
diverse percelen al ideaal
waren. Vroeg weliswaar, maar
je moet vooral kijken naar het
plantstadium boven en vooral
onder de grond. Soms was
de kiemlust alsook op de werking
van de middelen die we
ter beschikking hebben. Het
gemak van met Chloor-IPC
behandelen is namelijk voorbij.
Gelet op de eerste ervaring
die we met middelen als
1,4SIGHT, Biox-M en Argos
Bij een eigen meting gaf de temperatuur van de bovenste knollen in de
rug ruim 25 graden Celsius aan.
hebben, is het vooral raadzaam
om het product onder
gelijke condities in dezelfde
bewaarcel te draaien. En een
klein beetje zeef- of kleefgrond
erbij is nooit slecht, zie
ook de terugblik op het
vorige bewaarseizoen. Het
verschil met voorgaande jaren
is wel dat het belangrijk is om
het product snel goed droog
te draaien. Pas als de knollen
droog zijn, werkt een eerste
gasbeurt afdoende met de
genoemde kiemremmers.
Bovendien is na het toepassen
van 1,4SIGHT extra drogen
met buitenlucht negatief voor
de werking van het middel.
Mocht er na toepassen toch
nog lekvocht uit een rotte
knol komen, probeer dat lekvocht
dan met intern draaien
te verdelen. Ook als het gaat
om de zogenaamde afbranders,
Biox-M en Argos, geldt
de regel om al te starten
zodra de eerste witte puntjes
zichtbaar zijn. Het afbranden
van de eventueel al iets langere
spruiten heeft alleen succes
als deze ook weer niet al
te lang zijn. Bovendien is dan
een hogere dosering nodig en
gelet op de prijzen van de
middelen kan dat aardig in de
papieren lopen. Zorg dus
voor een droog product en
start de kiemremming op
tijd.” ●
Aardappelwereld magazine • oktober 2020 • nummer 10
15
׉	 7cassandra://iZfWqNnaWEwA07F0b88P8Hp1YZp-CLq4LBl2ypgtF8g$`̵ c8K(׉E^BEWAARCOLUMN
Neem geen oogstrisico’s
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met
lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage
van Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio Tholen/
West-Brabant.
“Als teelt- en bewaaradviseurs
komen we nog steeds
aardappeltelers tegen die zich
niet of nauwelijks verdiept
hebben in de werking en toepassing
van alternatieve
kiemremmingsmiddelen voor
Chloor-IPC. Om in het aanstaande
bewaarseizoen niet
voor verrassingen te komen
staan, drukken we deze telers
op het hart om alsnog zo snel
mogelijk informatie hierover
in te winnen. Geen van de nu
beschikbare middelen werkt
relatief zo eenvoudig als het
inmiddels verboden ChloorIPC.
Elke kiemremmer van nu
heeft een aparte gebruiksaanwijzing
en resulteert alleen in
een geslaagde werking met de
nodige kennis en ervaring, zo
is tot nu toe gebleken.
Benut droge momenten
Behalve verschillen in werking
zijn er ook verschillen in
apparatuur voor toediening.
Dat brengt voor veel telers
eveneens de overweging met
zich mee om te investeren in
nieuwe vernevelapparaten
en/of uitbesteden in loonwerk.
Over de werking van
middelen, bijbehorende apparatuur
en de daaraan verbonden
kosten is al veel geschreven
in vakliteratuur, onder
meer in Aardappelwereld
magazine. Als adviseurs hebben
wij inmiddels eveneens
de nodige ervaring opgedaan.
Die ervaring leert dat bij toepassing
van de nu beschikbare
middelen het nog meer
aankomt op het inschuren van
een gezond, volledig afgerijpt
en zo droog mogelijk product.
Neem om deze redenen geen
risico’s als het gaat om de
keuze van het oogstmoment.
Benut droge perioden en stel
het rooien niet te lang uit.
Hou daarbij dit seizoen
vooral rekening met het tijdstip
van loofdoding.
Alternatieven voor het inmiddels
ook verboden Reglone
werken overwegend trager en
vragen, veelal afhankelijk van
de loofhoeveelheid, soms om
meerdere herhalingen.
Wanneer je dus minstens op
hetzelfde tijdstip wilt oogsten
als in andere jaren, behoor je
al gauw minimaal een week
eerder te starten met de loofdoding
dan normaal. En wanneer
je daarbij de grotere kans
op natte oogstomstandigheden
in het late najaar wilt vermijden,
zal dat moment wellicht
nog meer naar voren
moeten. Vergeet daarbij niet
de loofdoding te combineren
met een middel tegen (knol)
phytophthora om eveneens
gezonde knollen in te kunnen
schuren.
Voorkom (condens)vocht
Vocht en nieuwe kiemremmingsmiddelen
gaan beslist
niet samen, zo is tot nu toe de
ervaring. Knollen behoren 100
procent droog te zijn bij de
eerste toepassing, of het nu
Biox-M, 1.4 SIGHT, Argos of
Ethyleen betreft. Belangrijk is
dus om direct na inschuren de
aardappelen zo snel mogelijk
te drogen, wanneer nodig met
kachels erbij, en te zorgen
voor een goede wondheling.
Zorg daarom voor goed werkende
ventilatoren en kachels
met voldoende capaciteit. Nu
is het in sommige gevallen
toch onvermijdelijk om een
nat product binnen te rijden,
het weer laat zich immers niet
regeren. Om dan in zo’n
vochtige partij op tijd een eerste
kiemremming met de huidige
middelen uit te voeren is
niet altijd mogelijk. Dat kan
in enkele gevallen wel op een
later tijdstip door het afbranden
van de kiemen, maar dan
wel met een veel hogere dosering
en met eventueel kortere
herhalingsintervallen, wat
met hogere kosten gepaard
gaat. Om het risico hierop te
verkleinen is het raadzaam de
aardappelen al vooraf in het
veld te behandelen met de
kiemregulator maleïne hydrazide
(MH). Dan hebben de
knollen bij inschuren al een
kiemremmer te pakken en
kan de eerste schuurbehandeling
later plaatsvinden, dus
op het moment dat de partij
volledig droog is. Dan is het
vervolgens van belang om in
de verdere bewaarperiode de
partij ook droog te houden.
Condens is namelijk eveneens
uit den boze. De combinatie
van vochtdruppels en kiemremmingsmiddel
veroorzaakt
al snel schade aan de knollen.
Let daarop in de gehele
bewaarperiode en wees voorbereid
met bijvoorbeeld de
aanwezigheid van voldoende
condensventilatoren. Naast
het belang van het schoonmaken
van de schuur wijzen we
ook dit seizoen weer op goed
werkende voelers in de
bewaarruimte. Ga voor het
inschuren van de aardappelen
eerst na of deze ook daadwerkelijk
allemaal in orde zijn, en
dat geldt overigens voor alle
apparatuur in de schuur.” ●
Terug
37
Benut droge perioden en stel het rooien niet te lang uit.
Aardappelwereld magazine • september 2020 • nummer 9
15
׉	 7cassandra://YI1I11VHmqpoHvVu0m4kwp0luDxo7WkVKx3nMSAkwmo~`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://AlwzjLKEQJHuuF3te76x-BH3q4vvPURuna_8uwEARzY  s`׉	 7cassandra://ghlwvYyw9SmJSph6BLQ5PaNUCK0M80NLnfUiJH90kv8v}`S׉	 7cassandra://RQory6PD3bL3QGbE8jf_n1-Q9Sz9X43x1dJ9ABEYvuk!f`̵ ׉	 7cassandra://DqIkvGcC5mw6hWsqHiTsVFktE5cGzjSedNF5PVTOSUw  t͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://3DYGl_GO1xZ0UPGGcMRN_jydlgals2j4gNtXMghQ_mQ T`׉	 7cassandra://mFdgwJDjXMjjBPhZpmWUJy2QppPTvy53ntFCczVlXiw}`S׉	 7cassandra://5T75C-Dn7UFoo-YJPHdaRanm4vaC7oRyAEkgsxUWdBI"`̵ ׉	 7cassandra://a0UKPV36KE099IQjLdUgNYCfJdkXIp7NcvMtzulhpj8 t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Wees voorbereid
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
Terug
38
“Het gros van de aardappelbewaringen
is nu leeg. Dat wil
niet zeggen dat we daarmee
geen bewaaradvies hebben.
Om te beginnen twee heel
belangrijke zelfs. De eerste is:
maak de schuur schoon. Dat
geldt voor iedere aardappelbewaring.
Verstopte roosters
en vieze kanalen kunnen een
bron van ellende veroorzaken.
Als ze dat al niet in het voorbije
seizoen hebben gedaan,
dan wel het volgende.
Verwijder dus grond en aardappelrestanten
in alle hoeken
en gaten. Is in de voorbije seizoenen
in de schuur ChloorIPC
toegepast, dan volstaat
niet alleen het verwijderen van
grovere delen. Immers, volgend
bewaarseizoen horen de
schuren zoveel mogelijk vrij te
zijn van mogelijke restanten
chloorprofam. Hiervoor is
door een schoonmaakprotocol
opgesteld, dat in de apriluitgave
van dit magazine is
gepubliceerd en ook is te raadplegen
op de website van de
Brancheorganisatie
Akkerbouw. Droog reinigen
staat daarin voorop, het liefst
met een industriële stofzuiger
die voorzien is van filters die
de stofdeeltjes met chloorprofam
kunnen afvangen.
Extra belangrijk om schoon te
maken zijn de ruimten waar in
de middelconcentratie vaak
het hoogst is, de drukkamer,
in de regelkamer op en
rondom de ventilatoren. Naast
nog vele andere tips hebben
we zelf ook nog een advies:
begin op tijd, het liefst gisteren.
Hoe langer de schuur kan
luchten, des te meer chloorprofam
kan verdampen en via
natuurlijke trek uit de schuur
verdwijnt. Zet daarom luiken
en deuren tot het volgende
inschuurmoment zoveel mogelijk
open, opdat een maximum
aan middel kan vervluchtigen.
Kennis vergaren
Tweede belangrijke bewaaradvies
voor dit moment: zorg
dat je zoveel mogelijk kennis
vergaart over de kiemremmingsmiddelen
die volgend
seizoen van belang zijn.
Bewaren ging al niet vanzelf,
volgend seizoen zal het naar
verwachting nog een stuk
lasti ger zijn, zeker zonder
gedegen voorbereiding. De
beschik bare kiemremmers zijn
veelal minder breed inzetbaar
dan chloorprofam. De mate
waarin ze werken hangt onder
meer sterk af van het ras, de
conditie van het ingeschuurde
product, de bouw, vulling en
inrichting van de schuur en de
bewaarduur. Eén algemene tip
kunnen we alvast wel meegeven,
begin al in het veld met
een kiemremmingsbehandeling.
Voor vrijwel alle middelen
legt een bespuiting met
MH een goede basis onder de
eventuele behandelingen die
in de schuur nog volgen.
Wanneer hiermee behandelde
knollen eenmaal gaan kiemen,
dan verloopt dat proces overwegend
heel rustig en dat
geeft in de meeste gevallen
voldoende tijd en mogelijkheden
om met een van de
beschikbare middelen aan de
slag te gaan. Zonder voorbehandeling
kun je dus pas met
kiemremmen beginnen na de
droog- en wondhelingsperiode.
Wanneer de partij
vochtig en eventueel met veel
rot binnenkomt, kan het weleens
te lang duren voordat
je met een eerste kiem remmings
behandeling kunt beginnen
en/of red je het alleen met
een hoge en veelal ook dure
dosering. Daarom raden we
nogmaals aan, vergroot je kennis
over het nieuwe bewaren,
bij de teeltadviseur, tijdens bijeenkomsten
van leveranciers,
via (online)beurzen en in vakbladen.
Veel is hierover ondertussen
al geschreven en ook
online te raadplegen. De algehele
boodschap is dus: wees
voorbereid.
Houd weerberichten goed in
de gaten
Maak de schuur schoon en waar nodig vrij van restanten chloorprofam.
Zorg tevens dat je zoveel mogelijk kennis vergaart over de kiemremmingsmiddelen
die volgend seizoen van belang zijn.
En dan zijn er op dit moment
ook nog enkele telers met partijen
aardappelen van Oogst
2019 in bewaring. Aan hen het
belangrijkste advies de producttemperatuur
zoveel mogelijk
constant te houden. In
schuren met buitenluchtventilatie
is de knoltemperatuur
veelal opgelopen tot zo’n 14 à
15 graden. Bij rassen met weinig
kiemlust en met een goede
beheersing van de kiemremming
zijn dergelijke partijen
nog wel tot augustus te bewaren.
Voor het constant houden
van de temperatuur is het dan
wel noodzakelijk om zo weinig
mogelijk te ventileren.
Wanneer terugkoelen met koudere
lucht op dagen met te
hoge nachttemperaturen niet
mogelijk is en er zit ook nog
her en der een rotje in de partij,
draai dan intern één tot
twee uur maximaal bij de
laagste etmaaltemperatuur om
vocht wat door de hoop te
verdelen. Houd verder de
weerberichten goed in de
gaten om zodra het kan eventueel
met koelere buitenlucht
te ventileren. Ook dit heeft
alles met voorbereiding te
maken. Liggen de aardappelen
in de mechanische koeling,
dan is de temperatuur makkelijker
beheersbaar. Ventileer
ook hierin het product alleen
bij de laagste buitentemperaturen
om te voorkomen dat
lucht opwarmt langs de veelal
warmere dak- muurvlakken
tijdens warme en zonnige
dagen.” ●
Aardappelwereld magazine • juli 2020 • nummer 7
15
׉	 7cassandra://RQory6PD3bL3QGbE8jf_n1-Q9Sz9X43x1dJ9ABEYvuk!f`̵ c8K(׉E1BEWAARCOLUMN
Rust blijven bewaren
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine.
Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam
in de regio Zuidoost-Nederland.
“Zoals ook al in de voorgaande
columns aangegeven
is het momenteel een onzekere
tijd voor de ondernemers
die aardappelen bewaren. Wat
moet ik nu doen?, is de aan
ons meest gestelde vraag in
de voorbije maanden. Telers
met vrij product wisten lange
tijd niet hoe lang en met
welke inspanningen ze hun
product moesten blijven
opslaan en weten dat soms
nog niet zeker. Contracttelers
van fritesaardappelen krijgen
nog steeds vaak te horen om
de aardappelen langer achter
de planken te houden dan
vooraf was gepland. Wanneer
het product wel volgens de
oorspronkelijke afleverdatum
weggaat, is dat meestal voor
een klein deel. Tafelaardappelen
zijn echter soms vervroegd
afgeleverd en dat
bracht eveneens de nodige
extra inspanningen en overwegingen
met zich mee.
Hou vooral producttemperatuur
constant
Wat de vragen en onzekerheden
van dit moment ook zijn,
overwegend geven we het
advies: probeer de aardappelen
vooral rustig te houden.
Ook wanneer je nog geen
zekerheid hebt over de eindbestemming
en het eventuele
tijdstip van afleveren. Mei
was een maand waarin temperatuurverschillen
per etmaal
erg uiteenliepen. Met temperaturen
overdag ver boven 20
graden Celsius en ’s nachts
soms rond het vriespunt.
De koude nachten waren
prima te benutten om het product
op bewaartemperatuur te
houden. In de junimaand is
dat een stuk lastiger en de
kansen om terug te koelen in
de voorbije weken waren al
zeer gering. Het is dan vooral
de kunst om de temperatuur
in de schuur en die van het
product constant te houden.
In ruimten die voorzien zijn
van mechanische koeling gaat
dat uiteraard een stuk makkelijker
dan in schuren met
enkel buitenluchtventilatie.
De knoltemperatuur mag best
iets stijgen, maar probeer dat
zoveel mogelijk te beperken.
En doe dat het liefst stapsgewijs.
Liggen ze op 7 graden
Celsius, dan kan er een halve
graad bij. Probeer dit vervolgens
zo lang mogelijk vast te
houden. Lukt dat op een gegeven
moment niet meer, kies
dan weer voor een half
graadje erbij. Het allerbelangrijkste
is om schommelingen
in de knoltemperatuur te
voorkomen. Daarmee hou je
de knollen het best in kiemrust.
Temperatuurschom melingen
hebben sowieso veel
meer invloed op de bewaarduur
dan een knoltemperatuur
die iets afwijkt van het
optimum.
Levering bij laagste etmaaltemperaturen
De
mate waarin de temperatuur
wisselt hangt onder meer
af van de isolatiewaarde van
daken en muren, het ventilatieregime
en eventuele tijdelijke
activiteiten in de bewaring,
bijvoorbeeld het
uitschuren. Dat laatste komt
dit seizoen meer voor dan
andere jaren, omdat in de
voorbije maanden, vooral van
contractpartijen, slechts delen
uit de cellen zijn afgeleverd.
Normaal adviseren we om
een ruimte in één keer te leveren,
maar dat is nu even
anders. Luchtbewegingen als
door het openen van de
schuurdeuren hebben al snel
een negatieve invloed. Wat je
dan nog wel kunt doen, is
zoveel mogelijk uit te schuren
tijdens de laagste etmaaltemperaturen.
Overleg dit eens
met de afnemer. Zorg ook dat
de ventilatoren niet draaien
als de deuren openstaan. Voor
optimale ventilatie is het het
beste om te kiezen voor luchtverversing
bij de koudste
etmaaltemperaturen. Stel daar
het computerprogramma op
in. Probeer ook niet langer te
ventileren dan nodig is. Zoals
al meerdere keren aangegeven,
is terugkoelen en/of verversing
meestal het beste
mogelijk in de vroegste
ochten duren. Let op dat het
bewaarprogramma hierop
ingesteld is.
Wat de vragen en onzekerheden van dit moment ook zijn, overwegend
geven we het advies: probeer de aardappelen vooral rustig te houden.
Sluit kanalen af bij gedeeltelijke
ruiming
Wat we ook zien, is dat in
hoeken van het hellende deel
van deels leeggereden cellen
tot meters erachter veelal de
ventilatie niet optimaal is
geweest. Dit kwam ook voor
in nieuwe schuren. Afsluiting
van de ventilatiekanalen in
combinatie met een keerwand
is altijd het beste, maar was
uit praktische overwegingen
niet overal realiseerbaar. Is
afsluiting van de ventilatiekanalen
gewoon mogelijk,
doe dat dan ook. Dat verbetert
de ventilatie van het hellende
vlak al in sterke mate.
Door onvoldoende ventilatie
op die plekken vooraan de
hoop, vooral boven in de hoeken,
ontstaan problemen met
kiem en rot. Die zagen en
zien we nu nog steeds her en
der in diverse schuren. Wie
nog amper kieming ziet en
een goed product heeft liggen,
doet er verstandig aan
om tijdig nog een keer te gassen.
Het goedkoopst en best
werkend is nog steeds
Chloor-IPC. Kies dan voor
een dosering van 10 tot
12 milliliter per ton.” ●
Terug
39
Aardappelwereld magazine • juni 2020 • nummer 6
13
׉	 7cassandra://5T75C-Dn7UFoo-YJPHdaRanm4vaC7oRyAEkgsxUWdBI"`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://2OOr5PDUYZL04dfkXkLkZBwwHEVYB8AGbPo5tbhmsBI K`׉	 7cassandra://e-iuPWaAxQZCeJAJ1BBACiGU72xBvhFtBJ2qVc-jKFgs`S׉	 7cassandra://q_VdAwrv_1ywjq_ikaluesSKUFrkgs3nsH6CBkg6E6k`̵ ׉	 7cassandra://lH8WDznnDc_lnbgQatplLrYQP98xaIwjxGHpKwH0Wyc r't͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://MWqcw6ZJ5nOAdtd7YNtdrAM2CMPtNdj4VWEb4zkVMKI 7:`׉	 7cassandra://GJED7-0bXI72d1mYEScHcBLzRoo_FdQpocNPFEhgHIQnI`S׉	 7cassandra://OBC3Et-318DDMrZZpZVaf48KkrDm20s8QfdcMd-Cpk0`̵ ׉	 7cassandra://C1Ut-N-rZFAw9bKTlnv2JRIqUbCKLF0NflEINjxatWY t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Raadpleeg dagelijks de weerberichten
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“Zoals in de vorige column al
aangegeven, zien veel telers
zich door de stilgevallen afzet
geconfronteerd met het feit
dat ze hun aardappelen langer
in opslag moeten zien te
houden dan ze gepland hadden.
Dat vraagt in nogal wat
gevallen om een aanpassing
van het oorspronkelijk ingezette
bewaarregime. Gelukkig
ligt het merendeel van de partijen
nog keurig netjes en in
Terug
40
Raadpleeg dagelijks de weerberichten
voor het beste moment om
terug te koelen.
goede conditie achter de planken.
Uitzonderingen vormen
een gering aantal partijen
waarin tot nu toe telkens rot
de kop blijft opsteken. Het
gaat dan weliswaar om kleine
haarden, maar die vragen wel
continu om aandacht en actie.
In sommige schuren treffen
we rotte knollen aan langs
drukwanden van (de warmste)
buitenmuren en in andere
zijn het de laatst ingeschuurde
aardappelen die
tegen de voorplanken liggen
en veelal zeer nat binnengekomen
zijn. Dit zijn overwegend
ook de plekken waar de
ventilatielucht niet optimaal
door de aardappelen stroomt.
In dergelijke partijen is het
noodzaak om regelmatig
droog acties uit te blijven voeren.
Gelukkig waren sowieso
tot eind april hiervoor nog
voldoende momenten per
etmaal beschikbaar. Dat
betreft dan de perioden met
lage dauwpunten gecombineerd
met lage temperaturen
die veelal in de nachten
beschikbaar waren. In veel
gevallen is rot ook onder controle
te houden door extra
intern te draaien. Als het gaat
om intern draaien, doe dit
dan vanaf de maand april niet
meer overdag. Overdag ventileren
veroorzaakt in deze
periode naar de zomer toe te
snel opwarming van de knollen
in de aardappelhoop. Van
metingen vlak onder de
dakisolatie is gebleken dat de
temperatuur daar vaak vele
graden hoger ligt dan de
bewaartemperatuur. Het beste
is dan om die warme lucht
daar stilletjes te laten hangen
en niet in beweging te brengen.
Koester
momenten om terug
te koelen
Kieming is in het gros van de
bewaarschuren onder controle.
Aardappelen die tijdens
het inschuren behandeld zijn
met vloeibare chloorprofam
blijken zelfs eind april nog
goed in ruste. Een uitzondering
daarop vormen een aantal
partijen van het ras
Innovator waarin wel de kieming
op gang gekomen is,
ondanks de inschuurbehandeling.
Daarin is vrijwel overal
een eerste of tweede gasbeurt
uitgevoerd. Van belang is ook
om vanaf nu de kieming
nauwlettend in alle rassen in
de gaten te houden wil je als
teler de aardappelen nog zo
lang mogelijk kunnen bewaren.
Let daarbij eveneens op
de producttemperatuur. Hou
die zo lang als het kan zo laag
mogelijk. Maak daarbij
gebruik van de laagste
etmaaltemperaturen om met
buitenlucht te ventileren.
Voor het overgrote deel zal
dat aan het eind van de nacht
en in de vroege morgenuren
het geval zijn. Raadpleeg
daarom dagelijks de weerberichten.
Het nauwgezet volgen
hiervan is tevens van
belang bij gebruik van kiemremmers
als 1,4SIGHT en
Biox-M. Na toediening is het
namelijk noodzakelijk om de
schuur minimaal 48 uur achtereen
dicht te houden. Het is
zonde om daar net een etmaal
voor uit te kiezen met lage
temperaturen die je ideaal
zou kunnen benutten om de
aardappelen terug te koelen.
Koester dus de schaarse
momenten voor terugkoeling.
Kies dan liever een tijdstip
van kiemremming daarvoor
of daarna. Let bij een ingeplande
terugkoelactie ook op
de instelde maximum externe
draaitijd in het computerprogramma.
Bij gebruik van
1,4SIGHT zien we soms een
maximum van 1,5 uur. Het
klopt dat je met 1,4SIGHT zo
weinig mogelijk extern moet
draaien, maar probeer dit te
doen met een groot temperatuurverschil
bij het inkoelen.
In een flink koude nacht moet
het externe draaien juist niet
al na anderhalf uur stoppen.
Wanneer je maar met weinig
temperatuurverschil kunt
koelen omdat de buitentemperatuur
lange tijd niet veel
lager is dan de producttemperatuur,
dan heb je vaak ook
meer draaiuren nodig dan
die anderhalf. Op zoek gaan
naar momenten waarbij je
met grotere temperatuurverschillen
kunt terugkoelen
verdient echter de voorkeur.
Dit omdat dan minder
externe draaiuren nodig zijn
en daarbij het vochtverlies
het meest beperkt blijft. Pas
het minimumverschil tussen
buitenlucht en product dus
steeds aan op basis van de
verwach te nachttemperaturen.”
●
Aardappelwereld magazine • mei 2020 • nummer 5
13
׉	 7cassandra://q_VdAwrv_1ywjq_ikaluesSKUFrkgs3nsH6CBkg6E6k`̵ c8K(׉EyBEWAARCOLUMN
Bijzondere situaties als gevolg
van de coronacrisis
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met
lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een
bijdrage van Reinier Stoutjesdijk, werkzaam in de regio
Tholen/West-Brabant.
“Ook als het om bewaren
gaat, is in deze periode
sprake van een bijzondere
situaties als gevolg van de
coronacrisis. Door de deels
stilgelegde/uitgestelde afzet
in voornamelijk fritesaardappelen,
liggen nu nog partijen
in de schuur die eigenlijk al
(lang) bij een afnemer zouden
moeten zijn. De betreffende
telers hadden daar niet op
gerekend, ook niet met hun
bewaarregime. Een gelukkige
omstandigheid hierbij is dat
de aardappelen over het algemeen
gezond en droog achter
de planken liggen en dat de
weersomstandigheden gunstig
zijn (geweest). De gunstige
omstandigheden, dat
zijn de weken in de overgang
van maart naar april met lage
nachttemperaturen. Die
boden de mogelijkheid om
terug te koelen, zowel de partijen
die oorspronkelijk ingepland
waren voor korte bewaring,
als de partijen bestemd
voor lange bewaring. Bij korte
bewaring zal veelal sprake
geweest zijn van een wat
hogere bewaartemperatuur,
voor frites- en chipsaardappelen
7 tot 8 graden Celsius.
Effectief koelen
Dankzij de koude nachten is/
was het mogelijk om rustig
terug te koelen. Aangezien de
aardappelen en de buitenWanneer
de nachttemperaturen gaan oplopen, ventileer dan alleen op
momenten waarop de temperatuur het laagst is.
lucht droog zijn/waren is het
advies om het temperatuurverschil
in het computerprogramma
tussen die van het
product en die van de buitenlucht
zo ruim mogelijk in te
stellen. Veelal ergens tussen
3 en 3,5 graden Celsius. Doel
hiervan is om deze actie zo
effectief mogelijk, dus zo kort
als het maar kan, uit te voeren.
Dit om (verdere) indroging
van de knollen te beperken.
Wanneer de
nachttem peraturen gaan oplopen,
ventileer dan alleen op
momenten waarop de temperatuur
het laagst is. Dat zal
veelal ’s morgens vroeg tussen
5 en 7 uur zijn. Rassen als
Markies en Fontane liggen nu
vrijwel overal op 6 tot 7 graden.
Innovator ligt over het
algemeen met een graadje
hoger in de schuren. Bij dit
ras zien we nogal wat partijen
snel in bakkleur achteruit
gaan en deze vormen nu de
grootste zorg, zeker wanneer
ze op de nominatie stonden
voor vroege aflevering.
Belangrijk hierbij is om de
kiemremming niet te vergeten
en hier goed bovenop te zitten.
Was je aan het gassen met
Chloor-IPC of 1,4SIGHT, zorg
dan dat je niet uit het intervalschema
loopt.
Versnelde aflevering
In de bewaring van tafelaardappelen
speelt momenteel een
heel andere problematiek
onder invloed van de coronacrisis.
Daarin loopt de afzet
namelijk wel goed door en is
zelfs sprake van extra vraag
en daardoor juist vervroegde
leveringen. Dat levert her en
der problemen met kiemremming
op. Veelal liggen de partijen
er goed droog en koel bij
en is het een kwestie van
langzaam op laten warmen
als het aflevermoment in aantocht
is. Moet dat echter versneld,
dan speelt mee dat niet
alle partijen direct af te leveren
zijn vanwege de veiligheidstermijn
van het
gebruikte kiemremmingsmiddel.
Telers die 1,4SIGHT of
Biox-M hebben gebruikt, kunnen
dan niet altijd direct leveren,
omdat hiervoor een veiligheidstermijn
geldt tussen
laatste behandeling en aflevermoment.
Bij 1,4SIGHT is
dat 28 dagen en bij Biox-M is
de termijn twaalf dagen.
Aparte categorie
Dan is er wat je zou kunnen
omschrijven als een aparte
categorie, en dat zijn de onder
zeer natte omstandigheden
als laatst gerooide aardappelen.
Zo rond half maart zijn
de meeste wel onder controle,
daarmee bedoelen we dat alle
rotte knollen opgedroogd zijn
en voor zover zichtbaar hierin
geen nieuw rot ontwikkelt.
Eindelijk kunnen deze partijen,
veelal rassen als Agria
en ook wel enkele gevoelige
chipsrassen, naar een normaal
ventilatieregime. Tot half
maart was meestal de regel,
iedere drie tot vier uur intern
ventileren met een duur
afhankelijk van de partijconditie.
Hiermee gaan we nu
stapsgewijs naar dat normale
ventilatieregime van een keer
in de twaalf uur. Binnen een
week of drie zijn we daar
dan.” ●
Terug
41
Aardappelwereld magazine • april 2020 • nummer 4
13
׉	 7cassandra://OBC3Et-318DDMrZZpZVaf48KkrDm20s8QfdcMd-Cpk0`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://2aePdCnNvofKWSYYuO6jzZ5rUgXqH8ewu_q9VIqozzU `׉	 7cassandra://DhgBTg2CmmHidKaKC4FscLoHZjGds6JqF_JPEcO2g7csH`S׉	 7cassandra://CQXjtyxjx3ebXKVmZOWmllKD6LDORv1QHDNYQBsLHm8`̵ ׉	 7cassandra://AwGwkQhm_qOyxFESP5Xv-AGvt4DM2utel1cY0WDjue8 V&͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://NFXtwOe759n269QayA7VhL1YVzugNNYpc75ey4g5VHI t`׉	 7cassandra://mMk5k-pdbpQ15DK7VUiQCdR_TYA7k8dvX6_gN7iZ8iEk`S׉	 7cassandra://K0qJJOESDIfehmzDvP7P7O5JFttwkP5hYfO_8DKVdU8`̵ ׉	 7cassandra://WdJPTrJ0LpD6swqCHWad_ih3U-M3-xiW5pF-AAQGTBs t͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Hou de boel rustig
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
Terug
42
“De grootste problemen, als
het gaat om rot, zijn aan het
begin van maart wel voorbij
in de Nederlandse bewaarschuren.
Door consequent
ventileren, waar het noodzakelijk
was met de kachel erbij,
hebben de meeste aardappeltelers
de bewaarconditie nu
wel onder controle. In een
klein aantal partijen, vooral
Agria, blijven zich echter
rotte knollen manifesteren.
Het blijft dan gedurende de
gehele bewaarperiode oppassen
geblazen bij dit ras, zo is
onze ervaring. Dus controleer
daarin minimaal een keer per
week de hele partij. Let goed
op het eventueel ontstaan van
lekvocht in de ventilatiekanalen.
Blijf boven op de hoop
kuiltjes graven tot minimaal
40 centimeter diep om ook rot
dieper in de hoop tijdig te
signaleren. Knijp bij controle
flink in de knollen die je uit
de kuiltjes haalt, want beginnende
rotting is niet altijd
direct aan de buitenkant
zichtbaar. Alleen plaatselijke
kieming kan ook een signaal
zijn voor aanwezig rot, in
gang gezet door extra vochtige
lucht in de nabije omgeving.
Bekijk de knollen ook in
goed licht, neem desnoods
een zak- of mijnwerkerslamp
mee tijdens de controleronde.
Let op de weersvooruitzichten
Liggen de aardappelen er
goed bij in de bewaarschuur,
dan is het nu vooral zaak om
de boel rustig te houden.
Rustig wil vooral zeggen,
voorkom temperatuurschommelingen
in het product. Dat
is met de hoge buitentemperaturen
van de laatste tijd, bij
product in schuren met alleen
buitenluchtkoeling/ventilatie,
geen eenvoudige opgave. De
ventilatiemomenten zijn soms
zeer beperkt, zeker wanneer je
vasthoudt aan het advies om
alleen te ventileren bij een
dauwpuntverschil rond 1,5
graden Celsius tussen het product
en de kanaaltemperatuur.
Afhankelijk van de relatieve
luchtvochtigheid heb je dus
soms wat meer of soms zeer
weinig temperatuurmarge om
te ventileren, zie daarvoor het
Mollier-diagram. In perioden
waarin het lastig is om met
een passende buitentemperaDeel
van het Mollier diagram
18
16
14
12
10
8
6
4
2
0
0
20
40
60
80
Relatieve vochtigheid (%)
T = -5 ºC
T = 10 ºC
T = 0 ºC
T = 15 ºC
T = 5 ºC
T = 20 ºC
tuur te ventileren is het raadzaam
om de weersvooruitzichten
goed in de gaten te
houden. Sommige computerprogramma’s
hebben een koppeling
met weerprogramma’s,
bij de meeste is aanpassing
echter nog een kwestie van
zelf actie ondernemen. Geeft
een weersvoorspelling bijvoorbeeld
aan dat binnen een paar
dagen de kansen op ventileren
toenemen, dan is het verstandig
om daarop te wachten,
ook al loopt de producttemperatuur
iets op. Elk ventilatiemoment
tijdens dagen met
warmere buitenlucht zal de
temperatuur alleen nog maar
verder doen oplopen. Beperk
dan het ventileren tot bijvoorbeeld
twee keer per dag een
kwartier intern ventileren om
daarmee ook de CO2concentratie
door de hoop te
verdelen. Enkel op CO2verversen
kan eventueel ook
met een kleine (stofzuiger)
ventilator. Voor wie het even
vergeten zijn, de CO2concentratie
is het hoogst
onder in de hoop en een te
hoog gehalte is
nadelig voor de bakkwaliteit
van (frites)
aardappelen.
Laatste gasbeurt
met 1,4SIGHT
Dan zien we verder
100
Afhankelijk van de
relatieve luchtvochtigheid
heb je soms wat
meer of soms zeer weinig
temperatuurmarge
om te ventileren, zie
daarvoor het Mollierdiagram.
dat
telers die hun aardappelen
vanaf de droog/wondheelperiode
bij een wat hogere producttemperatuur
bewaren
deze makkelijker constant
kunnen houden. Het is een
strategie die past bij schuren
met enkel buitenluchtventilatie
en de jaarlijkse temperatuurstijging
als gevolg van
klimaatverandering. Daarmee
hou je de kieming en de veroudering
voor de korte termijn
wat beter onderdrukt.
Nadeel is dat je het product,
ook rasafhankelijk, niet zo
lang kunt bewaren als bij een
lagere bewaartemperatuur.
Daarvoor is het, zeker gelet
op de veranderende klimaatomstandigheden,
in toenemende
mate noodzakelijk om
mechanische koeling toe te
passen. Ook gelet op het aankomende
verdwijnen van het
kiemremmingsmiddel ChloorIPC
neemt het belang toe. Als
het gaat om Chloor-IPC en het
verbod hierop in het volgende
bewaarseizoen, geven we aan
onze klanten de overweging
mee om de laatste gasbeurt
met het nieuwe middel
1,4SIGHT uit te voeren.
Wanneer de schuur voldoende
dicht is, deze niet te veel loze
ruimte heeft en de aardappelen
niet of hooguit een eerste
begin van kieming laten zien,
is het een mogelijkheid. Dat
heeft als voordeel dat je alvast
wat ervaring met deze kiemremmer
opdoet en als bijkomend
voordeel: het lost deels
Chloor-IPC op dat zich heeft
gehecht aan materialen in de
bewaarschuur. Daarmee ben je
alvast een stap vooruit wanneer
het op reiniging van de
bewaarschuur aankomt met
ingang van bewaarseizoen
2020/2021.” ●
Aardappelwereld magazine • maart 2020 • nummer 3
13
Vochtegehalte (g/m3
)
׉	 7cassandra://CQXjtyxjx3ebXKVmZOWmllKD6LDORv1QHDNYQBsLHm8`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Wees alert op temperatuurstijging
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in
de regio Zuidoost-Nederland.
“Voor het grootste deel is het
momenteel overwegend rustig
in de bewaarschuren.
Slechts een enkele teler kampt
nog met naweeën van nat
ingeschuurde knollen. Daar
zie je in de ventilatiekanalen
toch weer lekvocht komen,
soms best behoorlijk. Hier zit
niets anders op dan zoveel
mogelijk te blijven ventileren
met drogende lucht. Lukt dat
niet met buitenlucht, bijvoorbeeld
door te hoge buitentemperatuur,
dan is intern
draaien nodig, desnoods met
de kachel er weer bij. Veelal
raden we aan om wanneer de
problemen met rot nog aanzienlijk
zijn met tussenpozen
van 2 uur telkens een half uur
lang intern te ventileren.
Naarmate de droging zichtbaar
toeneemt, verleng je het
interval. Het is dit jaar overigens
niet moeilijk om te zien
waar de problemen in de cel
optreden. Bij telers waarbij de
oogst moeizaam verliep zie je
verschillen van de oogstomstandigheden
in de cel vaak
terug aan het wisselend licht/
donker gekleurde banenpatroon
gemaakt door de hallenvuller.
Hou
weerbericht in de gaten
De soms voor dit tijdstip relatief
hoge buitentemperaturen
vormden in de voorbije periode
ook een probleem in
bewaarschuren met goed product.
Zelfs in gebouwen met
mechanische koeling is temperatuurstijging
in cellen en
de aardappelen waargenomen.
Wees hierop alert.
Probeer dan zoveel mogelijk
bij de laagste etmaaltemperaturen
met buitenlucht te ventileren
om het product terug
te koelen en/of op temperatuur
te houden. En hou daarvoor
de weerberichten in de
gaten, voor zover het computerprogramma
dit zelf niet al
doet. Stel eventueel handmatig
de ventilatiemomenten op
de meest gunstige tijdstippen
wanneer het computerprogramma
hier geen rekening
mee houdt. We blijven herhalen,
hou de aardappelen in de
gaten. Ga minstens iedere
week een keer de cel in. Blijf
controleren op de mate van
droging, eventueel optredend
rot en uiteraard de kieming.
Kiemremming is over het
algemeen nog uitgevoerd bij
inschuren met vloeibare
CIPC. Sommige partijen,
veelal afhankelijk van de
oogstomstandigheden, het
type bewaarschuur en het ras
zijn extra kiemlustig. Sowieso
zien we wat eerder dan normaal
kiemen op de aardappelen
ontstaan. Ook daarvoor
geldt: kijk goed op de hopen.
Zelfs in gebouwen met mechanische koeling is temperatuurstijging in cellen en de aardappelen waargenomen.
Voorkom condens
Je hoeft niet direct te gaan
gassen wanneer je de eerste
witte puntjes op de aardappelen
ziet. Het kan zijn dat
de knollen boven op de hoop
wat last hebben gehad van
bijvoorbeeld condens en al
zijn gaan kiemen, terwijl op
dieper gelegen knollen nog
geen kiemen zichtbaar zijn.
En ook wanneer de aardappelen
met MH behandeld zijn
hoef je niet gelijk na het eerste
witte puntje te gaan gassen
met CIPC, nu het nog
mag, of een van de nieuwe
alternatieven. Mits uiteraard
de MH goed opgenomen is in
de knollen en dat is dit seizoen
lang niet altijd het geval
geweest. Het is overigens wel
van groot belang om condensvorming
in de cel te
voorkomen, want dit levert
dus veelal ellende op zoals
de vervroegde kieming van
de knollen en daarmee ook
veroudering en uitdroging,
oftewel: sneller kwaliteitsverlies.
Condensventilatoren
mogen dan ook eigenlijk niet
ontbreken in een bewaarschuur
en net zo belangrijk:
zet ze op tijd aan. Heb je ze
(nog) niet, dan kan warmte
van een elektrisch (bouw)
kacheltje en even ventileren
ook een middel zijn om de
cel en het product condensvrij
te houden.” ●
Terug
43
Aardappelwereld magazine • februari 2020 • nummer 2
13
׉	 7cassandra://K0qJJOESDIfehmzDvP7P7O5JFttwkP5hYfO_8DKVdU8`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://JAONYWETvRqFbf65_1Ufc8Orv61Gjm_nBa8AGNiUxc8 `׉	 7cassandra://pu15hZ_8xMN7xB5UbUWEQfe626q6yZhAVxeRDpbX_u4y`S׉	 7cassandra://DsTGe_A2vHndEt3VQZCSbWV-TDwELBjtmNPm3wmyCNs!`̵ ׉	 7cassandra://ugLde1RtgrhJ2aILcAoxECha36JMEtxsAQvUCZJbIyM Kt͠c8K(ט  {u׉׉	 7cassandra://uA7oS-ROkekf-lIjvT0MlEjNPWqTX5lZbHtQcoUiSHE `׉	 7cassandra://vfJn1IHZuL0gABOUgvX3wN5FKDQWPvvbABJ-_bU6ylEwh`S׉	 7cassandra://JTIP3wvJ1PpIS_NbvWEIrzalYvMH-R1sN0_PowTkYGc!`̵ ׉	 7cassandra://IUk7xbRFgovC0C0oatTI-7fvSsbJCQiGhw_ZHnZAjrU ut͠c8K(נc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K( 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Ga door met droogregime zolang het
noodzakelijk is
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
Terug
44
“Het bewaarregime tot nu toe
is voor Nederland, en waarschijnlijk
ook delen van
België, grofweg op te delen in
drie categorieën. Dat betreft
aardappelen geoogst en binnengebracht
vóór begin oktober,
oogst van 23 tot 31 oktober
en partijen die daarna
onder zeer natte omstandigheden
tot wel half december
geoogst zijn. De eerste categorie
betreft maar weinig partijen.
Deze liggen al maanden
vrijwel probleemloos achter
de planken en zijn inmiddels
op bewaartemperatuur.
Probleemloos slaat dan op het
bewaren, want de knollen
hebben vanwege de droogte
eind september over het algemeen
wel meer onderhuidse
beschadiging opgelopen. Op
zich kwamen de meeste aardappelen
in, wat ik zelf de
8-daagse noem, kwalitatief
redelijk in de schuur, soms
wel met wat melkzuurschimmel.
Een klein deel is echter
volledig verongelukt. Dit
waren voornamelijk versmeerde
en zeer vochtig ingeschuurde
knollen uit lichte
zavelgronden van zowel complete
percelen als perceelsdelen.
Nadat deze twee tot drie
weken in de schuur lagen,
vond je overal knollen waar je
met je duim zo een gat in
drukte. Het percentage rot in
deze partijen explodeerde en
daarmee waren ze niet langer
houdbaar. De meeste zijn al
begin december geruimd.
Overigens telden bij dergelijke
partijen alle gebrekkigheden
in de bewaring mee.
Bijvoorbeeld hinder voor en
in de luchtstroom van kanalen
kan dan al funest zijn.
Zo kan een houten trapje dat
half voor de kanaalopening
zit al een negatieve invloed
hebben. Dat scheelt in dat
kanaal mogelijk al snel enkele
tientallen kuubs aan lucht per
uur per kuub aardappelen.
Wanneer je weet dat 100 de
norm is en dat dit gelijk een
minimum is voor aardappelen
die onder natte omstandigheden
met veel grond zijn ingeschuurd,
dan kun je dus geen
kuub missen. Voor lange
bewaring geldt zelfs al jaren
het advies van 120 kuub lucht
per uur per kuub aardappelen.
Veelal zien we in schuren
met deze ventilatiecapaciteit
minder problemen. Je kunt
hiermee dus ook extremere
situaties aan.
Continu aandacht
Een deel van de partijen uit
de 8-daagse die continu aandacht
blijven vragen, omdat
toch weer telkens rot
optreedt, is te vinden bij het
graven van kuiltjes op de
aardappelhoop of soms zichtbaar
als lekvocht in de ventilatiekanalen.
Dat zien we ook
bij partijen waarvan we dachten
dat ze onder controle
waren. Het rot lijkt beheersbaar,
maar bij deze partijen
moet je goed opletten. Waar
uiteindelijk nog heel veel rot
tot ontwikkeling komt is en
blijft het regime; kachel erbij
en hou de knoltemperatuur
op 10 tot 12 graden Celsius.
Het kan zijn dat de boel
daarna alsnog stabiliseert of
dat toch de beslissing valt om
snel te gaan leveren. Dan is er
de categorie partijen waarin
beperkt rot aanwezig blijft.
Alertheid hierop is vooral
nodig in partijen van het ras
Agria. Hou deze zolang op
8 tot 9 graden Celsius. Dat
geeft ook de mogelijkheid om
bij soms nog hoge buitentemperaturen
als we in de tweede
helft van december hadden,
extern regelmatig te kunnen
drogen. Stabiel product zal
ondertussen teruggebracht
zijn naar een, bij het teeltdoel
passende, bewaartemperatuur
van 6 tot 7,5 graden Celsius.
Zie je alsnog lekvocht ontstaan,
draai dan intern om
lekvocht door de hoop te verdelen.
Is
de partij na twee weken draaien en kachels erbij nog niet droog? Je
bent niet de enige. Natte grond bevat zeer veel liters vocht.
Drogen duurt soms lang
Dan rest nog advies voor de
partijen die vanaf begin
november met heel veel
grond en vocht en deels ook
koud zijn ingeschuurd. Het
advies hierin blijft: drogen net
zolang totdat de aardappelen
en de grond beginnen op te
grijzen. Hoe ver je moet drogen
hangt af van de hoeveelheid
rotte knollen. Hoe meer
rot, hoe droger je grondbuffer
moet zijn om lekvocht op te
kunnen nemen. Kijk bij controle
niet naar de bovenkant
van de hoop die er veelal wat
gunstiger uitziet, maar ga
graven. Ga na of je ook droging
constateert dieper in het
product, zowel wat knollen
als grond betreft. Wees eveneens
alert op rot en het lekvocht
daaronder. Het percentage
ingeschuurd rot viel over
het algemeen nog mee. Het
meeste rot begint vooral na
twee tot vier weken te ontstaan
in de bewaring. Ook rot
vanwege vorstschade is nu
zichtbaar. De meeste problemen
zie je in schuren en op
plekken waar een en ander
niet in orde is. Dat kan zijn
vanwege onvoldoende ventilatiecapaciteit,
een mindere
luchtverdeling of vanwege
stortkegels.” ●
Aardappelwereld magazine • januari 2020 • nummer 1
13
׉	 7cassandra://DsTGe_A2vHndEt3VQZCSbWV-TDwELBjtmNPm3wmyCNs!`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Blijf met kachels aan ventileren
totdat de knollen droog zijn
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met
lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage
van Frendo van Heybeek, werkzaam in de regio Tholen/
West-Brabant.
“Drogen, drogen en nog eens
drogen. Dat is de laatste
weken aandachtspunt nummer
één in de bewaring. En
dat zal in veel schuren ook in
de komende periode nog het
geval zijn. Vooral als het gaat
om de als allerlaatst ingeschuurde
aardappelen. Om te
drogen, zeker met koud binnengereden
knollen, is het
van groot belang om eerst
met kachels de aardappelen
op te warmen. Het is daarbij
de taak om zowel de knoltemperatuur
in de hele hoop
gelijk te krijgen, alsook op de
gewenste wondhelingstemperatuur
van minimaal 12 tot
maximaal 15 graden Celsius.
Warmer hoeft niet, zeker nu
niet, omdat de kans op het
ontstaan van rot in sommige
knollen momenteel aanzienlijk
is. Zeker wanneer er een
beetje versmering in de partij
voorkomt. Zet je de kachels
aan, zorg dan tegelijkertijd
voor wat luchtverversing om
CO2-ophoping rondom de
knollen te voorkomen.
Daardoor kunnen namelijk
zwarte harten in de knol ontstaan.
Voor de gemiddelde
aardappelteler is het meest
praktisch om in deze droogperiode
handmatig te ventileren
en daarbij de inlaatluiken
op een kier open te zetten.
Als maat hanteren we een
opening van een tot twee
vuistdiktes. Blijf vervolgens
met kachels aan ventileren
totdat de knollen droog zijn.
Grond en kleikappen mogen
wel iets vochtig blijven. Heb
je temperatuurvoelers onder
in de cel vlak bij de ventilatiekanalen
ingestoken, dan kun
je ervan uitgaan dat het product
droog is zodra de aangegeven
temperatuur begint op
te lopen.
Wees alert op nieuw rot
Voor partijen die al langer
dan vier tot zes weken in de
schuur liggen is het noodzaak
om goed in de gaten te houden
of en waar rotte knollen
aanwezig zijn. Dan hebben
we het vooral over het ontstaan
van nieuwe rotte knollen.
Sommige telers zullen de
aardappelen met nauwelijks
of geen rot ingeschuurd hebben.
Wanneer deze echter
onder natte omstandigheden
gerooid zijn, kan in de cellen
alsnog rotting optreden.
Dat treedt vooral op bij aardappelen
die in zand- en lichte
zavelgronden geteeld zijn,
meestal ligt dit in de range tot
15 procent afslibbaar.
Daarnaast zijn er rassen die
extra gevoelig zijn voor versmering/zuurstoftekort
zoals
Agria en Challenger. En dit
jaar blijkt ook dat zelfs
Markies hier opvallend veel
last van heeft. Controle op dat
nieuwe rot houdt in dat je
vanaf twee tot drie weken na
inschuren bijna dagelijks op
de hoop kuiltjes graaft op
Controle op dat nieuwe rot houdt in dat je vanaf twee tot drie weken na
inschuren bijna dagelijks op de hoop kuiltjes graaft op zoek naar tekenen
daarvan.
zoek naar tekenen daarvan.
Knijp in de knollen om te
voelen of ze niet rot zijn vanbinnen
en wrijf er met je
duim overheen om te ervaren
of de schil niet aangetast is
door vocht en bacteriën.
Is dat het geval, dan zal de
schil heel makkelijk loslaten.
Wat we dit seizoen ook veel
zien is dat rot ontstaat op de
snijvlakken van bij het rooien
doorgesneden knollen.
Belangrijk is om bij constatering
van rot te blijven drogen,
desnoods ondersteunend met
de kachels erbij, totdat de
reeds gerotte knollen niet
meer lekken en dus voldoende
ingedroogd zijn.
Zodra in de schuur het rot
onder controle is, kun je het
product naar de gewenste
bewaartemperatuur inkoelen.
Zorg voor voldoende voelers
Zorg verder dat je over de
hoop verspreid zowel voelers
boven als onder in de hoop
hebt zitten om eventuele temperatuurverschillen
te kunnen
signaleren. Bij oudere en wat
minder goed geïsoleerde
schuren is het ook raadzaam
om een voeler vlak bij de
koudste wand te plaatsen, op
ongeveer 20 centimeter
afstand, wat veelal de buitenste
cel aan de oostzijde zal
zijn. Let verder ook goed op
de eerste kiempjes op de knol.
We zagen in de tweede helft
van november al de eerste
kiempjes op de knollen ontstaan.
Behandel het product
zo snel mogelijk met een
kiemremmer en begin met de
hoogste dosering, zodat je in
herhaalbehandelingen eventueel
met lagere doseringen
toekunt. Wanneer de knollen
voorbehandeld zijn met MH,
kun je iets later starten met
de eerste gasbeurt.” ●
Terug
45
Aardappelwereld magazine • december 2019 • nummer 12
15
׉	 7cassandra://JTIP3wvJ1PpIS_NbvWEIrzalYvMH-R1sN0_PowTkYGc!`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://9Nzt07s2KOwMsUflld4C6H_oM8kQRAOujsMUFcG_kQg ?`׉	 7cassandra://zqSlC3Z2Uk6Hv3BeX_eo9hECAPrY_wSeasHTAccDUY4p`S׉	 7cassandra://QuRjfcTsfRCJfPParR0aHT_krf1-MhqxxIGdB-yQOKo+`̵ ׉	 7cassandra://dkHswZ49TjEINQ7STuvKpWLQn3HeuoW4lLhcTZX00kA t͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://2ZxZt14ZFllAFsFbl_OkvQjzJ4OVcRSS0uZ79RN2U5M }`׉	 7cassandra://Zhpd_je7EifwllPJ5C-Ae_ZghQTcDafFEfkrR3kZl80v`S׉	 7cassandra://IGJtbvXPPuXB9tEQKMiYhQeTR6sHnKHftESFNLNlk_s!`̵ ׉	 7cassandra://QrfSFZj15qtWijjDVdh_i-eTG8VnHzq6PekmT392R3A vwt͠c8K) נc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉E~BEWAARCOLUMN
Vochtige knollen drogen?
Zet de kachel erbij aan!
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
Terug
46
In een maand kan veel veranderen.
Van een beginnend
bewaaradvies voor droge
warme omstandigheden nu
een voor natte en koelere tijden.
Allereerst, wat is al, en
wat komt er nog, uit de velden?
Op veel plaatsen in het
land zijn dat vochtige knollen
(en grond) waarvan de lenticellen
soms nog openstaan.
Het beste is uiteraard te
wachten totdat ze gesloten
zijn, maar gelet op de urgentie
van het rooitijdstip lukt
dat niet altijd. Dat vraagt wel
om voorzichtig rooiwerk en
alertheid bij aanwezigheid
van rotte knollen. Rot komt
onder meer voor daar waar
het in korte tijd veel geregend
heeft, zoals bijvoorbeeld in
Noord-Holland, en op de
lagere plekken in percelen
van lichtere gronden, zoals
bijvoorbeeld in Flevoland her
en der het geval is. Alhoewel
het in de praktijk soms lastig
is, raden we aan om perceelsdelen
met (veel) rot apart op
te slaan, als het kan in kisten.
Dan kunnen deze met een
apart bewaar-/droogregime
aangepakt worden en beïnvloeden
ze niet het droog-/
bewaarproces van de goede
aardappelen. Voor zover het
rooien nu nog niet achter de
rug is: zorg voor voldoende
losse grond in de rooier tot de
laatste zeefmogelijkheid. Laat
rooi-, zeefbanden en reinigingsunits
niet te agressief
draaien, beperk valhoogtes en
werk met beklede spijlen.
Beperking van valhoogtes
geldt ook bij het vullen en
lossen van kippers en over de
gehele inschuurlijn tot in de
bewaarcellen.
Kachel voorkomt afkoeling
van knollen bij droogproces
Bij inschuren van vochtige
aardappelen, met vaak vochtige
grond ertussen, is het van
belang zo snel mogelijk te
ventileren en te drogen.
Ventileren is onder meer
nodig om knollen in de hoop
allemaal op gelijke temperatuur
te krijgen. Doe je dat
niet, dan krijg je condensvorming
op de knollen. Het
inschuren van knollen met
verschillende temperaturen is
bijna altijd het geval, zeker
wanneer het rooien van vroeg
tot laat op de dag plaatsvindt.
Begin daarom direct met
intern ventileren direct na het
inschuren, ook al is de
bewaarcel nog niet vol.
Vervolgens is het van belang
om het product zo snel mogelijk
te drogen. In de meeste
gevallen zal hierbij vanaf half
oktober de kachel nodig zijn.
Ga je namelijk met buitenlucht
opwarmen, ook al is
deze hoger dan de producttemperatuur,
dan krijg je te
maken met verlaging van de
knoltemperatuur door verdamping
van het (aanhangende)
vocht. Veelal zal vanaf
half oktober de knoltemperatuur
niet hoger zijn dan zo’n
15 graden Celsius. Daaronder
is het, vanwege een goede
wondheling, niet gewenst om
de temperatuur te verlagen
gedurende een periode van
enkele weken na inschuren.
Is het percentage rot in het
product laag, probeer dan de
temperatuur rond 15 graden
te krijgen/houden, zit er veel
rot in de partij hou het maximum
dan tussen 13 en 14 graden
Celsius.
Let op dosering Chloor-IPC
(nu mag ’t nog)
Verder is de kiemremming
een punt van aandacht. Bij
rassen die niet schilbrandgevoelig
zijn, mogen consumptietelers
bij inschuren, nu
voor het allerlaatste bewaarseizoen,
nog Chloor-IPC toepassen.
Let daarbij op een
goede verdeling over de knollen
en hou de dosering van de
vernevelaar in de gaten. Door
de warme zomer zijn knollen
soms extra kiemlustig en dat
maakt dat voor wie niet bij
het inschuren behandelen,
gassen al snel in beeld kan
komen. Dat kan tevens
opgaan voor telers die MH
hebben gespoten. Door soms
droge (groei)omstandigheden
is de opname door de knollen
niet altijd optimaal geweest.
Enkele telers doen inmiddels
ook al ervaring op met alternatieven
voor Chloor-IPC in
gas-/nevelvorm. De goede
werking hiervan bij verschillende
afzetdoelen en rassen
zal door meer praktijkervaring
op termijn nog moeten
blijken. ●
“Het is van belang om nat product na inschuren zo snel mogelijk te
drogen. In de meeste gevallen zal hierbij vanaf half oktober de kachel
nodig zijn.”
Aardappelwereld magazine • november 2019 • nummer 11
13
׉	 7cassandra://QuRjfcTsfRCJfPParR0aHT_krf1-MhqxxIGdB-yQOKo+`̵ c8K(׉E_BEWAARCOLUMN
Blijf alert op productbeschadiging en
knoltemperatuur
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in
de regio Zuidoost-Nederland.
inschuurbehandeling met
Chloor-IPC achterwege te
laten. Dit gelet op de grotere
kans op schilbrandschade.
Liggen de warm geoogste knollen eenmaal achter de planken, dan loopt de
temperatuur daarvan al heel snel nog verder op. Dus adviseren we, zet alle
luiken en deuren open tijdens het inschuren, als het kan ook ’s nachts.
“Door een langdurige zomerperiode
van droogte is het
loof op veel plaatsen al zonder
middel doodgegaan,
zeker op percelen in ZuidLimburg,
waar het kwik eind
september op enkele dagen
nog opliep tot 28 graden
Celsius. Telers die al aan
rooien toe waren moesten de
oogst noodgedwongen uitstellen.
Dat uitstel is om meerdere
redenen een verstandige
beslissing geweest. Allereerst
was het onderwatergewicht in
veel rassen erg hoog, we
noteerden al gauw plus 400
gram. Verder is het nooit verstandig
om aardappelen te
rooien met een knoltemperatuur
boven 20 graden Celsius.
Voor een goede wondheling
moet de temperatuur minimaal
terug naar 15 graden.
Met het oog op bacterieziekten
gaan we liever nog een
paar graadjes lager, zeker
wanneer rotte knollen in de
partij voorkomen. Dat lijkt dit
seizoen, we schrijven begin
oktober, nauwelijks aan de
orde. Heb je dan nog een paar
weken lang te maken met
hogere buitentemperaturen,
ook ‘s nachts, dan heb je bij
een schuur met alleen buitenluchtventilatie
een probleem.
Ook al heeft het inmiddels op
veel plekken geregend, soms
zitten er toch nog veel harde
kluiten in de rug. Die kunnen
tijdens het rooien met de
aardappelen mee in de productstroom
komen. Blijf dus
alert hierop tijdens de oogst
en het inschuren. Is het percentage
beschadigde knollen
in het gerooide product alsnog
aanzienlijk, dan is het
verstandiger om hierop een
Ventileer warm geoogste
knollen direct na inschuren
Niet alleen in september,
maar ook in oktober hebben
we steeds vaker te kampen
met warme rooiomstandigheden.
Liggen de warm geoogste
knollen eenmaal achter de
planken, dan loopt de temperatuur
daarvan al heel snel
nog verder op. Dus adviseren
we, zet alle luiken en deuren
open tijdens het inschuren,
als het kan ook ’s nachts. De
ervaringen met natuurlijke
trek zijn altijd positief. Is er
geen sprake van natuurlijke
trek, start dan na het inschuren
direct met ventileren, ook
al is een cel nog niet volledig
gevuld. Zet nog tijdens het
rooien temperatuurvoelers in
het product, bewust ook in
het deel van de hoop waarin
de aardappelen liggen die bij
de hoogste dagtemperaturen
gerooid zijn. Net als vorig
jaar zullen de aardappelen
vanwege de hoge temperaturen
in de zomermaanden dit
jaar naar verwachting kiemlustiger
zijn en is het advies
om uiterlijk 14 dagen na
inschuren al te starten met
gassen, mits vooraf MH is
toegepast. Is de schil goed
afgehard, dan is een kiemremmingsbehandeling
met
Chloor-IPC tijdens het inschuren
wel mogelijk. Dat mag dit
seizoen voor het laatst.
Plaats ook een temperatuurvoeler
onderin de hoop
Dan wijzen we graag nog
even op het belang van goed
werkende bewaarapparatuur
voordat de aardappelen de
schuur in gaan. Kijk daarnaast
ook naar de computerinstellingen.
Zet de draaiuren
weer op 0 en controleer of
de spertijden van vorig jaar
nog ingesteld staan. Let eveneens
op de standaardinstellingen
van het droogprogramma.
Op welk dauwpunt of temperatuurverschil
tussen buiten
en product deze staan ingesteld.
Dan nog een paar tips
wat de voelers betreft. Zorg
dat er ook altijd een voeler
onder in de cel is geplaatst
die de producttemperatuur
van de aardappelen net boven
het ventilatiekanaal kan
meten. Zo krijg je een meer
compleet beeld van de totale
hoop aardappelen en kun je
ook na het inschuren beter
beoordelen of de gehele partij
droog is. Zodra de producttemperatuur
onder en boven
gelijk is aan elkaar, zitten de
aardappelen namelijk droog.
En zodra de productvoeler in
het kanaal gaat oplopen als u
kachels gebruikt, heeft u al in
de gaten dat de kachelcapaciteit
wat verminderd mag worden,
omdat het niet lang meer
gaat duren voordat de aardappelen
droog zitten. Heeft u
geen aparte voeler, neem dan
desnoods een productvoeler
van de cel, die met het langste
snoer. Plaats in schuren
met een wat minder goede
muurisolatie standaard een
voeler aan de koude (oost)
kant. Die kan dan bij vorst de
laagste temperaturen in de
partij meten.” ●
Terug
47
Aardappelwereld magazine • oktober 2019 • nummer 10
15
׉	 7cassandra://IGJtbvXPPuXB9tEQKMiYhQeTR6sHnKHftESFNLNlk_s!`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://mcGfoFAM4kJOkbcZ4--m2cUg-QWLLNLd40jLv-4NKD4 `׉	 7cassandra://DBsD3TfsZNCLZqe5oibuggV2ytINbzHkQ9RGqkGwogAu`S׉	 7cassandra://xM5fL8g1eiD5tK9euLok6T3yeR-Ku3Ok_8fQ8qdZwK4 `̵ ׉	 7cassandra://A1sbQUcJuusHfzEY-NtcTXuuzcFT1lt7jhkBpWIwWu0 .x͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://OezVAW8pcm1wKcHJFeOX0gtJrlL7NO9bxVvVgp5P9vY `׉	 7cassandra://_PPF58D0XjiYTFh6HKEyeYtfL-9Y7I7R4EU7jkJbItEd `S׉	 7cassandra://lWfFKOPld0VsPOjnlP5mqtZ8vAYJvwtO9YlEB8IAb0cw`̵ ׉	 7cassandra://tR9bjOMhNgb9gJfiKAonmIRORPIX4w1ecCflKmbUDcs(͠c8K) 	נc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉EiBEWAARCOLUMN
2018/2019 op twee na hoogste verliescijfer van
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“Aan het begin van het
nieuwe bewaarseizoen blikTerug
48
ken
we traditioneel nog even
terug op het vorige. Veelal is
het een leermomentje, ook nu
weer. De meeste aardappelen
kwamen relatief droog binnen
na een nog hetere zomer dan
we dit jaar achter de rug hebben.
Het is mooi wanneer je
een schoon product over de
band ziet komen, maar voor
de bewaring is dat juist niet
gunstig. Dat blijkt dan ook
wel uit de cijfers van de
gewichtsverliezen. Met een
gemiddelde van 6,5 procent
in onze meting is dit het op
twee na hoogste verliescijfer
van de afgelopen zeven
bewaarseizoenen.
Grond ontbrak
Wat ging er mis? Allereerst
het feit dat in veel partijen
grond ontbrak. In grond zit
vocht. Dit beschermt de knollen
tegen uitdrogen bij extern
ventileren. Grond kan ook
vocht opnemen, vocht door
condens, maar ook vocht uit
rottende knollen. Wanneer
dus haast geen grond in de
partij zit en wel rotte knollen,
dan zijn extra ventilatie-uren
nodig om een partij droog te
houden. En dat was in seizoen
2018/2019 de praktijk.
In het begin van het bewaarseizoen
hadden veel partijen
last van moederknollen in de
hoop en ook kwam in nogal
wat aardappelhopen plaatselijk
rot voor. Dat plaatselijk
rot is niet bepaald alleen een
probleem van het voorbije
seizoen, maar treffen we elk
jaar aan. Meestal gaat het om
plekken in de hoop met ingeschuurde
rotte knollen van
lage perceeldelen en/of
kopakkers, bijvoorbeeld als
gevolg van roodrot. Voor 90
procent van de cel ben je vervolgens
te veel aan het
draaien. Dus nog maar eens
het advies: hou die enkele
vracht aardappelen met een te
hoog percentage rot apart of
zelfs in het veld. Controleer
daar ook op, bijvoorbeeld
door monstername in het veld
vooraf. En voorkom ook stortkegels,
want we zien ze nog
steeds. Laat daarom lastig te
vullen hoeken bij de deur niet
vollopen door de hallenvuller
lang stil te laten staan. Zorg
ook daar voor zwenkbeweging,
desnoods handmatig.
Wanneer haast geen grond in de partij zit en wel rotte knollen, dan zijn
extra ventilatie­uren nodig om een partij droog te houden. En dat was in
seizoen 2018/2019 de praktijk.
Veel interne draaiuren
In de bijgehouden bewaarcijfers
van het voorbije seizoen
is eveneens te zien dat het
aantal interne draaiuren soms
enorm hoog is. Dat is een
logisch gevolg van de zojuist
beschreven condities. Het is
namelijk het verstandigst om
bij plaatselijk rot in een partij
met weinig grond zoveel
mogelijk intern te ventileren
om het vocht door de partij te
verdelen. Wanneer je daarvoor
externe lucht zou benutten,
dan zouden de verliezen
te sterk oplopen. We zien aan
onze cijfers al meerdere jaren
dat er een bepaalde relatie
bestaat tussen externe uren en
het percentage gewichtsverlies.
Bij de uitsplitsing over
de diverse levermaanden valt
dit seizoen op dat het verlies
en de externe draaiuren in de
maand juni lager liggen dan
van partijen die in april en
mei afgeleverd zijn. Hier is
deels het effect terug te vinden
dat de partijen waarin al
meer slijtage zat eerder naar
de afnemer vertrokken. In
enkele gevallen speelde ook
de marktsituatie een rol, wanneer
telers hun aardappelen
al wat eerder verkochten vanwege
een mooie prijs. De nog
overgebleven vitale partijen,
waar minder externe draaiuren
voor nodig waren, bleven
veelal tot juni in de schuur
liggen. Vandaar dat deze partijen
met iets minder verlies
eindigden dan de mindere
partijen afgeleverd in april en
mei. In juli raakten de schuren
snel leeg. In bewaarseizoen
2017/2018 gingen van
de gemeten schuren in onze
regio nog acht partijen pas in
de maand juli weg, afgelopen
seizoen waren dat er slechts
drie.
Losse grond mee bij droge
rooiomstandigheden
Wat valt hieruit te leren voor
het aankomende bewaarseizoen?
Bijvoorbeeld, om als
het enigszins mogelijk is,
losse grond met de aardappelen
mee in de schuur te krijgen.
Probeer hier zowel op de
rooier als bij afstelling van de
reinigingsrollen op de stortbak
rekening mee te houden
en stel de zeefmogelijkheden
zo nauw mogelijk af. Grond
in het product draagt bovendien
bij aan het beperken van
beschadiging aan de knollen,
uiteraard zolang het geen
harde kluiten betreft. Mocht
het warm zijn tijdens het
rooien en inschuren, let dan
ook op de knoltemperatuur.
Boven de 18 graden Celsius
kan bacterierot namelijk zeer
snel uitbreiden, zeker in een
net gerooid product. In
augustus kwamen knoltempe12
Aardappelwereld
magazine • september 2019 • nummer 9
׉	 7cassandra://xM5fL8g1eiD5tK9euLok6T3yeR-Ku3Ok_8fQ8qdZwK4 `̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
de afgelopen zeven bewaarseizoenen
Gewichtsverliezen en draaiuren 11/12 - 18/19
Seizoen
Verlies
Aflevermaanden januari t/m maart
2011/2012
2012/2013
2013/2014
2014/2015
2015/2016
2016/2017
2017/2018
2018/2019
Gem. 11-12 t/m 18-19
Aflevermaanden april en mei
2011/2012
2012/2013
2013/2014
2014/2015
2015/2016
2016/2017
2017/2018
2018/2019
Gem. 11-12 t/m 18-19
Aflevermaand juni
2011/2012
2012/2013
2013/2014
2014/2015
2015/2016
2016/2017
2017/2018
2018/2019
Gem. 11-12 t/m 18-19
4,10%
3,20%
3,80%
4,90%
5,20%
3,10%
5,90%
4,80%
4,40%
7,60%
4,40%
4,90%
6,60%
6,80%
4,20%
6,70%
6,90%
6,00%
8,50%
4,80%
6,30%
6,00%
7,60%
4,70%
8,30%
6,60%
6,60%
Draaiuren Draaiuren
extern intern
Draaiuren en gewichtsverlies over 4 jaar
Seizoen
% verlies
167 269
757 1006
134 219
313 314
343
452
407 518
223 307
255 409
401 702
398 623
235 170
490 682
448 534
357
493
0
1
2
3
4
5
6
7
8
200
250
300
350
400
450
Externe draaiuren
259 478
574 944
346 605
530 595
258 236
678 772
351 807
428
634
Bij de uitsplitsing over de diverse levermaanden valt dit seizoen op dat
het verlies en de externe draaiuren in de maand juni lager liggen dan
van partijen die in april en mei afgeleverd zijn.
Met een gemiddelde van 6,5 procent in onze meting is dit het op twee
na hoogste verliescijfer van de afgelopen zeven bewaarseizoenen.
nen van de kiemremmer
chloorprofam.
Warme knollen?, start direct
met ventileren
raturen voor van ver boven
de 20 graden. Soms al ’s morgens
vroeg. Het gaat dan om
poters en veelal om vroege
tafelaardappelen die telers
voor aflevering kort inschuren
om te drogen. Ook komt
het voor dat je die temperatuur
na inschuren slecht kunt
beheersen vanwege te hoge
buitentemperaturen. Op zo’n
moment ben je flexibeler met
mechanische koeling. Dat is
trouwens iets voor telers van
consumptieaardappelen om
over na te denken, nu we te
maken hebben met een warmer
klimaat en het verdwijNiet
alleen in augustus, maar
ook in september hebben we
steeds vaker te kampen met
warme rooiomstandigheden.
Liggen warme knollen eenmaal
achter de planken, dan
loopt de temperatuur daarvan
al heel snel nog verder op.
Vergeet daarbij niet (de nacht)
direct na inschuren al te starten
met ventileren, ook al is
een cel nog niet volledig
gevuld. Zet nog tijdens het
rooien temperatuurvoelers in
het product, bewust ook in het
deel dat het warmst gerooid is
(meestal tussen 16.00 en 19.00
uur). En controleer vooraf al
de werking van de voelers!
Ook het aanstaande seizoen
zal een intensieve controle
gedurende de bewaarperiode
weer het verschil gaan maken.
Zorg er daarom bijvoorbeeld
ook voor dat de verlichting
boven de cel in orde is, zodat
er geen donkere hoeken overblijven.”
●
500
550
600
2018/2019
2017/2018
2016/2017
2015/2016
6,10% 379
7,50% 577
4,20% 214
6,50% 499
Draaiuur
Draaiuur
extern intern
546
747
286
742
We zien aan onze cijfers al meerdere jaren dat er een bepaalde relatie
bestaat tussen externe uren en het percentage gewichtsverlies.
Draaiuren en gewichtsverlies over 4 jaar
Terug
49
Aardappelwereld magazine • september 2019 • nummer 9
13
% verlies
׉	 7cassandra://lWfFKOPld0VsPOjnlP5mqtZ8vAYJvwtO9YlEB8IAb0cw`̵ c8K(Łc8K(ā{בCט   {u׉׉	 7cassandra://T9F2GKxv4J9aVTb5jfdvg_18oiEmrvXFooRY9TmfQcI D`׉	 7cassandra://ohXgcVNCxE4hoiQmJ_pNmxeGfYPkwiN3YaA2TbjmH0ku`S׉	 7cassandra://_oL02eX9rAC0yOqZiaHZKxvrczwJkvQAryQel2iGVd0 `̵ ׉	 7cassandra://B0cwKiiRNfIn_ulAcqVZnaW-9acliWuS3ZeDa1PziZU t͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://ZOyfieBV4nZrkDyqD18_jWDC13RByOudpLrjTiY8ogI %`׉	 7cassandra://SHhVzxzSmr_1kgyXi2zrz2a68cnIylLOLucTMSS3Xzgt`S׉	 7cassandra://HA0ueJY_y9WwF3jsSqZg1iAdshbn6NUUfkp5OtMbUdM `̵ ׉	 7cassandra://BfSOu0eRGrz01QVx3jFh-BXYQ2c_y98ZqZ33QuDmQTc .t͠c8K) נc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Blijf laagste temperaturen benutten voor
langste bewaring
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Niek Vedelaar, werkzaam in de
regio Flevoland.
“Bewaarseizoen 2019 loopt
alweer aardig op zijn eind. De
meeste schuren die zijn uitgerust
met buitenluchtventilatie
Terug
50
zijn vrijwel allemaal al leeg.
Zo het er nu naar uitziet, vertrekken
binnen nu en een
paar weken ook de laatste
partijen uit bewaarschuren
met mechanische koeling.
Over het algemeen is wat
momenteel aan aardappelen
van de oude oogst nog binnen
ligt de beste kwaliteit van dit
seizoen. Over het algemeen
constateren we dat lang
bewaren in schuren zonder
koeling een steeds lastiger
verhaal is. Dit als gevolg van
de gemiddeld hogere temperaturen
gedurende het hele
jaar, dus ook al vroeg in de
maanden mei en juni.
Let op temperatuurinstelling
Het advies voor telers zonder
koelondersteuning is nog
steeds: probeer zoveel mogelijk
koude uren te benutten
om de aardappelen op een
acceptabele bewaartemperatuur
te houden. Kijk vooral
naar de lange termijn weersverwachting
wanneer je geen
computerprogramma hebt dat
hier zelf al rekening mee
houdt. Stel de ventilatiemomenten
in op de laagste
etmaaltemperaturen, meestal
is dit in de late nacht tot
vroege ochtend het geval.
Alleen zo lukt het om de temperatuurstijging
in de partij
tot een minimum te beperken.
Zodra koelmomenten zich
aandienen, is het van belang
om maximaal te ventileren.
Ook wanneer het temperatuurverschil
tussen buitenlucht
en product gering is.
Soms is een aanpassing in het
computerprogramma nodig
wanneer de delta T (het verschil
tussen buiten- en/of de
kanaallucht en producttemperatuur)
te ruim staat ingesteld.
Probeer desnoods al
ruim voor de komst van
warme perioden te ventileren
met beschikbare lage (nachtelijke)
buitentemperaturen om
een warme periode zonder
ventileren te kunnen overbruggen.
Een lichte temperatuurschommeling
aan het
eind van het bewaarseizoen is
minder erg dan in het begin,
maar probeer deze vooral
zoveel mogelijk constant te
houden om de kieming te
beperken.
Veroudering kan snel gaan
Wanneer in partijen nog wat
rot voorkomt, is het wel noodzakelijk
regelmatig intern te
ventileren, tijdens momenten
met (te) hoge buitentemperatuur.
Probeer dat wel te doen
tijdens de koudste momenten
van een etmaal. Partijen met
een producttemperatuur van
12 tot 13 graden hoeven in
deze eindfase van de bewaring
Het is jammer dat chloorprofam verdwijnt, blijkt ook dit seizoen weer.
geen probleem op te leveren.
Hogere temperaturen zijn niet
aan te raden. Wanneer de producttemperatuur
namelijk
richting 15 graden Celsius
oploopt, neemt zowel de bacterie-
als de spruitactiviteit
exponentieel toe. In de afgelopen
maand zijn er nauwelijks
wijzigingen in de bakcijfers
opgetreden, wat er eveneens
op duidt dat er nog een restant
aan kwalitatief goed product
in de schuren ligt.
Veroudering kan in algemene
zin daar in de maand juni echter
best snel verandering in
brengen. Hou dus de vinger
aan de pols, blijf monsters
nemen en hou overleg met de
afnemer. Het ras Ramos is een
voorbeeld van een ras dat snel
onderuit kan gaan als het om
bakcijfers gaat. Wanneer regelmatig
chloorprofam toegepast
(gegast) is in het bewaarproduct,
blijft het raadzaam de
kiemactiviteit nauwgezet in de
gaten te houden. Wacht nu
niet meer te lang met een laatste
behandeling, vooral om
inwendige kiem te voorkomen.
Overweeg
koeling
Over het algemeen constateren
we dat langbewaring met
enkel buitenluchtventilatie
steeds lastiger wordt in
Nederland. Voor allen met
dergelijke schuren die toch
langer willen blijven bewaren,
achten we het raadzaam eens
te gaan rekenen aan een
investering in een (schuur
met) koelinstallatie, zeker
gelet op het aanstaande verbod
op het gebruik van
chloorprofam. Betrek daarbij
ook direct afnemer(s) van de
aardappelen, is ons advies.
Dit om na te gaan of de benodigde
uitgaven daarvoor ook
zijn om te zetten in winst. Dat
het jammer is dat chloorprofam
verdwijnt, is ook dit seizoen
weer gebleken. Vrijwel
alle partijen die bij inschuren
met het vertrouwde middel
behandeld zijn, hebben het
probleemloos lang in de
schuur volgehouden. Ook in
cellen met buitenluchtkoeling
en, op het laatst, een producttemperatuur
tussen 12 en 14
graden.” ●
Aardappelwereld magazine • juli 2019 • nummer 7
15
׉	 7cassandra://_oL02eX9rAC0yOqZiaHZKxvrczwJkvQAryQel2iGVd0 `̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Let op de tijdsinstelling
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs
van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met
lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage
van Frendo van Heybeek, werkzaam in de regio Tholen/
West-Brabant.
week te gassen met ChloorIPC.
Er blijven ook verschillen
te bespeuren in partijen
die vooraf met MH zijn
behandeld. Door de droogte
het afgelopen jaar in het toepassingstijdstip,
is de opname
niet altijd goed/volledig
geweest. De beste kiemremming
zien we ook dit jaar
weer van inschuurbehandelingen
met vloeibare ChloorTijdblokken
kunnen afwijken
Voor de instelling kanaaltemperatuur
ten opzichte van de
producttemperatuur geldt het
omgekeerde. Die mag nu in
de meeste gevallen een stuk
groter ingesteld worden, tot
wel 4 graden. En dan is er
voor sommige aardappelbewaarders
nog een puntje van
aandacht: de tijdsinstelling.
Er zijn genoeg bewaarcompu“Afwijking
in bakkwaliteit zit vaak in
partijen die tijdens het groeiseizoen
niet beregend zijn”
Er zijn genoeg bewaarcomputers te vinden die bij handmatige instelling
de zomertijd nog niet hebben doorgevoerd.
“Eerst even een schets van de
situatie in de bewaring aan
het eind van de maand mei.
Duidelijk is dat in het hele
land minder aardappelen in
de schuur zijn dan normaal
op dit tijdstip. Het zijn voornamelijk
fritesaardappelen
van de oude oogst die als
restant in opslag liggen.
Challenger en Innovator zijn
vrijwel allemaal al opgehaald.
Wat nog wel achter de planken
ligt, zijn overwegend
Agria, Markies, Fontane en
Ramos. Het exportwaardige
volume is procentueel ook
geringer dan in andere jaren,
aangezien er meer partijen
met drukplekken en fysiologische
veroudering (zacht worden)
zijn, en die gaan vanaf
dat moment geen verre reis
meer maken. Over het algemeen
zijn er veel bewaaraardappelen
op het genoemde
tijdstip – zeker waar weinig
grond mee in de bewaring is
gegaan – die flinke veroudering
vertonen. Daarbij is haast
geen verschil waar te nemen
tussen partijen in luchtkoeling
die veel of weinig draaiuren
achter de rug hebben.
Het moment van de oogst,
dus het aantal maanden in
opslag tot nu toe, is meer
bepalend. De bakkwaliteit is
over het algemeen nog goed
te noemen. Afwijkingen zitten
vaak in partijen die tijdens
het groeiseizoen niet beregend
zijn. Op deze percelen
vond namelijk veel hergroei
plaats laat in het seizoen.
Hou kieming onder controle
De kieming is over het algemeen
nog goed tot redelijk
onder controle. Fontane is wel
het ras dat het meest beweeglijk
is op deze factor van de
vier eerder genoemde rassen
in bewaring. Heb je een
onrustigere partij, dan adviseren
we iedere drie tot 3,5
IPC, zonder verder politiek
commentaar. Is de partij rustig,
veelal het geval bij
Markies, Agria en Ramos, dan
is het nog steeds niet nodig
om te gassen. Belangrijk om
de kieming onder controle te
houden is ook het ventilatieregime.
Zorg dat de producttemperatuur
zo constant
mogelijk blijft. Dat kan door
zoveel mogelijk bij de laagste
temperaturen te ventileren en
dat is meestal vanaf middernacht
tot vroeg in de morgen.
Nu is het ’s nachts niet meer
zo koud dat je in korte tijd de
temperatuur omlaag krijgt.
Daarom is het van belang om
in uw computerprogramma
het verschil tussen de buitentemperatuur
en de producttemperatuur
nauw te zetten,
ongeveer 1 tot 1,5 graad verschil.
Hoeveel precies hangt
dus af van de hoogte van de
buitentemperatuur ten
opzichte van de temperatuur
van uw partij. Vaak is het
ingestelde temperatuurverschil
nu te groot ingesteld.
ters te vinden die bij handmatige
instelling de zomertijd
nog niet hebben doorgevoerd
en een enkeling heeft dit zelfs
enkele jaren achtereen al verzuimd.
Ingestelde tijdblokken
wijken dan af van de werkelijkheid.
Afsluitend nog een
paar tips over luchtverversing.
Bij partijen met afwijkingen
in bakkwaliteit kan weleens
sprake zijn van
onvoldoende verversing als
gevolg van te hoge CO2gehaltes
in de cellen. Dit
fenomeen zien we vooral in
nieuwe potdichte schuren. We
raden hierbij aan om minstens
twee tot drie keer per etmaal
te ventileren en dit het liefst
bij de lagere temperaturen,
dus in de late voorjaarsmaanden
overwegend ’s nachts.
Om te voorkomen dat ook
overdag bij hoge temperaturen
verversing plaatsvindt,
adviseren we hiervoor een
sper in te stellen.” ●
Terug
51
Aardappelwereld magazine • juni 2019 • nummer 6
13
׉	 7cassandra://HA0ueJY_y9WwF3jsSqZg1iAdshbn6NUUfkp5OtMbUdM `̵ c8K(Ɂc8K(ȁ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://FO_gknXxwBvPzoBH_7WRpJEoc4xArCEMY9Ipg1L6zPs `׉	 7cassandra://xDV55gVsNV_vRuRwhrCk_vnbWRfcTQcCoU-tDlphLXYs`S׉	 7cassandra://kMl4dho7LfgxsYVY_IfDepL4pYRT6hR9J5uENKwae5M`̵ ׉	 7cassandra://dAuYp2HymeOjDHw-z3T9-U7aTLgk69xMIi5XdDWkHiw t͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://GSyNLW7uCYdBxY7GF_tAGUDFOzQvBtCLTHVA_TIeH2s oq`׉	 7cassandra://AcbQqAIISxvbxinvJJY9QQgA8X_JxgyTuze8zj4h0WMr`S׉	 7cassandra://ZjG9Ed73aFuWm-iTdM9R_fPtqZJ6V0g-ndIDisg5KIA!'`̵ ׉	 7cassandra://_c7mLdOw3aJdyDb0eVV3Rn7eeFQ1vxqnSxkwxocWqkA ut͠c8K) נc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉EpBEWAARCOLUMN
Hou producttemperatuur constant
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in
de regio Zuidoost-Nederland.
Terug
52
“Mei is de maand waarin
temperatuurverschillen per
etmaal de grootste impact
kunnen hebben op bewaaraardappelen.
Met soms temperaturen
overdag van boven
20 graden Celsius en ’s nachts
rond het vriespunt. Het is dan
de kunst om de temperatuur
in de schuur en die van het
product constant te houden.
Zowel in schuren met mechanische
koeling als buitenluchtventilatie
kunnen invloeden
van sterk wisselende
buitentemperaturen merkbaar
zijn. De mate waarin hangt
onder meer af van de isolatiewaarde
van daken en muren,
het ventilatieregime en eventuele
tijdelijke activiteiten in
de bewaring waarbij bijvoorbeeld
de schuurdeuren opengaan.
Het is zeer belangrijk
om (lucht)bewegingen in het
product bij de hogere buitentemperaturen
te voorkomen.
Ventileer alleen bij de laagste
etmaaltemperaturen en koel
op die momenten zo snel
mogelijk terug. Zoals al eerder
aangegeven is dit meestal
het beste mogelijk in de
vroegste ochtenduren. Let op
dat het bewaarprogramma
hierop ingesteld is. Lukt het
niet meer om de optimale
knoltemperatuur van de
betreffende partij vast te houden,
bewaar het product dan
bij een iets hogere temperatuur.
Temperatuur schom melingen
hebben veel meer
invloed op de bewaarduur
dan een knoltemperatuur die
iets afwijkt van het optimum.
Luchtbewegingen als door het
openen van de schuurdeuren
hebben al snel een negatieve
invloed. Probeer sowieso om
tijdens de hoogste etmaaltemperaturen
de deuren dicht te
houden. Plan als het kan de
tussentijdse leveringen in
gedurende de laagste etmaaltemperaturen.
Onvoldoende
ventilatie
Een in dit seizoen veelvoorkomende
aanleiding om tussentijds
(een deel) uit de bewaring
te leveren zijn onvolledig
gevulde cellen als gevolg van
de lagere hectareopbrengsten.
In het hellende deel en zelfs
tot meters erachter is veelal de
ventilatie niet optimaal
geweest. Een afsluiting van de
ventilatiekanalen in combinameter
groter dan 2 centimeter,
dan is veelal het moment aangebroken
om de partij te ruimen.
Wie nog amper kieming
ziet of beperkt en nog zo lang
mogelijk wil bewaren, doet er
verstandig aan om tijdig te
gassen. Hou een maximum
interval van vier weken aan en
kies voor een dosering van 10
tot 12 milliliter Chloor-IPC per
ton.
“Een afsluiting van de ventilatiekanalen
in combinatie met een
keerwand is altijd het beste”
Zowel in schuren met mechanische koeling als buitenluchtventilatie kunnen
invloeden van sterk wisselende buitentemperaturen merkbaar zijn.
tie met een keerwand is altijd
het beste, maar was om praktische
overwegingen niet overal
realiseerbaar. Door de onvoldoende
ventilatie op die plekken
vooraan de hoop, vooral
boven in de hoeken, zijn problemen
met kiem en rot ontstaan.
Veelal is besloten om
een paar vrachtauto’s vooraan
uit deze cellen te rijden wanneer
de rest nog voor een langere
bewaarperiode ingepland
stond. Wat we momenteel
zien, is dat de aardappelen
gemiddeld genomen meer veroudering
vertonen dan gemiddeld.
Veel levermomenten zijn
daarom naar voren gehaald.
De voorraden waren al lager,
maar slinken nu snel. Extra
kieming speelt daarbij een rol.
In diverse cellen is de bovenlaag
in de wintermaanden
toch vochtiger geweest dan
opgemerkt als gevolg van condensvorming.
Dat kan zijn
door onvoldoende ventileren
en/of het ontbreken van condensventilatoren.
Zijn de kiemen
in de bovenste 30 centiUitschuren
met fijne waternevel
Verder
zijn dit seizoen relatief
weinig problemen met rot
gesignaleerd in de regio
Zuidoost-Nederland en op dit
moment is slechts in een
enkele cel nog sprake van
enig lekvocht. In het gros van
de bewaarschuren zijn de
rotte knollen volledig opgedroogd
en liggen ze als
onschadelijke mummies in de
hoop. Meer dan in andere
jaren komen de aardappelen
zeer droog uit de schuur en
dat gaat nogal eens met de
nodige stofvorming gepaard.
Om wat minder last hiervan
te ondervinden bevochtigen
sommige telers de knollen tijdens
het uitschuren met een
fijne waternevel, bijvoorbeeld
door de Mafex-vernevelaar
hiervoor te benutten. Anderen
knutselen zelf een vernevelsysteem
met fijne spuitdopjes
in elkaar.” ●
Aardappelwereld magazine • mei 2019 • nummer 5
15
׉	 7cassandra://kMl4dho7LfgxsYVY_IfDepL4pYRT6hR9J5uENKwae5M`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Controle blijft het sleutelwoord
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“Tot nu toe zijn er meer aardappelen
in de werkregio afgeleverd
dan op hetzelfde
moment een jaar geleden.
Hierbij speelde kwaliteit
nogal eens rol. Het ging daarbij
vooral om gecontracteerde
partijen waarvan de afnemers
besloten om deze met voorrang
af te nemen. Veelal vanwege
plekken met rot in de
cel of het risico op het optreden
van inwendige grijsverkleuring
in een bepaald ras.
Wat momenteel nog over is,
ligt er over het algemeen
redelijk bij. In veel schuren
waarin her en der een rotte
knol lag, zie je nu het moment
waarin de verspreidde rotte
knollen verder geen problemen
meer veroorzaken. De
rotte knollen lekken nauwelijks
meer en vallen soms als
droge zetmeelballen uit elkaar
wanneer je erin knijpt.
Daarbij is er verschil tussen
de grofte van verschillende
partijen. In partijen met een
grove sortering en rot heb je
ook grovere maat rotte knollen
en die blijven zichtbaar
langer nat en zorgen dus voor
meer problemen. Daarin is
het dus nog steeds noodzakelijk
goed op te blijven letten
op lekvocht en eventuele uitbreiding
van de rottigheid.
Meestal volstaat extra intern
draaien. Soms is het nodig om
opnieuw een droogprogramma
te draaien of zelfs een
kachel in te schakelen om een
tegenvallende hoek van de cel
droog te krijgen. Controle
blijft nog steeds het sleutelwoord.
Benut
de laagste etmaaltemperaturen
Benut
nu de dagtemperaturen
flink kunnen oplopen, de
laagste temperaturen binnen
een etmaal om de producttemperatuur
op het gewenste
niveau te houden. Dat kan
prima door zoveel mogelijk
de laagste temperaturen in de
vroege ochtenduren te benutten.
Dit is mogelijk door
vanaf 9 uur ’s morgens tot de
volgende ochtend 4 uur in het
bewaarprogramma een sper
in te stellen. Daarmee ventileer
je dus tussen 4 en 9 uur
’s morgens. Dit is veelal het
tijdstip met de laagste temperaturen.
Je koelt dan in kortere
tijd bijvoorbeeld 0,5 graden
Celsius in. Er zijn ook telers
bij die beginnen met een sper
vanaf 6 uur ’s morgens tot 10
uur ‘s avonds. Dit vanwege
de benutting van de lagere
stroomprijs van het dal tarief.
Het advies daarbij is om de
sper dan zeker niet om 6 uur
te laten beginnen maar om 9
uur. Gelet op de kosten weegt
het ventileren in de daluren
veelal niet op tegen het ook
kunnen ventileren tussen 6 en
9 uur ’s morgens, waarbij je
van drukplekken relatief
groot is en ook dat sneller
gewichtsverlies in de knollen
optreed. Belangrijk is dus om
nu de ventilatiemomenten te
beperken tot het hoogst nodige.
Dat kan door per keer zo
kort mogelijk te ventileren,
zeker bij draaien met externe
lucht. Wat we inmiddels ook
hebben geconstateerd is dat
de bewaarverliezen tot half
“Belangrijk is om nu de
ventilatiemomenten te beperken
tot het hoogst nodige.”
dus zowel korter kunt ventileren
en minder gewichtsverlies
van het bewaarproduct
veroorzaakt.
Bij twijfel over aflevermoment
ga door met gassen
Dan nog een puntje van aandacht.
De meeste bewaaraardappelen
zijn ingeschuurd met
erg weinig grond. Gevolg is
dat hierin de op het ontstaan
In partijen met een grove sortering en rot heb je ook grovere maat rotte
knollen en die blijven zichtbaar langer nat en zorgen dus voor meer
proble men.
maart tussen 5 en 6 procent
liggen. Die liggen behoorlijk
hoger dan gemiddeld en dat
kan een flinke kostenpost
opleveren gelet op de vrije
marktprijzen van dit moment.
Wees ook alert op de kieming.
In aardappelen met de status
‘bijna afleveren’, waarin
gestopt is met gassen en
waarvan de knoltemperatuur
hoger is, zien we dat de kiemen
snel loskomen. Vooral in
partijen waarin geen vloeibare
Chloor-IPC tijdens het
inschuren toegepast is. Ga
dus altijd door met gassen
totdat je zeker weet op welk
moment je de aardappelen
gaat leveren. Nog een tip, zet
de condensventilatoren uit
zodra de buitentemperaturen
beginnen te stijgen. Je krijgt
dan ook een temperatuurstijging
van de dakpanelen en bij
dan nog draaiende condensventilatoren
ga je de aardappelen
boven in de hoop
opwarmen.” ●
Terug
53
Aardappelwereld magazine • april 2019 • nummer 4
13
׉	 7cassandra://ZjG9Ed73aFuWm-iTdM9R_fPtqZJ6V0g-ndIDisg5KIA!'`̵ c8K(́c8K(́{בCט   {u׉׉	 7cassandra://MoxFRrkCXCIDcelXAOHogPWuABdJl8nbtkaYFOlQHKQ U`׉	 7cassandra://tz8HkCD2J5FoK08YxI2oY2OKmvGlvAhwgzC9-WbeZkkt`S׉	 7cassandra://hwM3_ZlD1dR9bljqPVH_-3EWuTHiu00Af4fX5YXSfi0 y`̵ ׉	 7cassandra://PD6bYGEBHlRwQrbhboQoKZHB402S4pFwjhMZug4wAqk t͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://J8kVHJZe2JkOvyrxYzaN9nZlYErFMDdl2xosykoyRRQ Y5`׉	 7cassandra://2h2w6eRQwaTCvh0zemzJChFNvFHpL-Ng2L_IZI6BFmsi$`S׉	 7cassandra://MrmBz2tVxRBA6r18APx6IARQ2MmQOCNZ_GLY9ldIIuY&`̵ ׉	 7cassandra://W7COepf9NgY-7O7saqgLR_aECwwptWqMKb5odvJcaso :t͠c8K) נc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉E-BEWAARCOLUMN
Kies het juiste ventilatiemoment
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van
Frendo van Heybeek, werkzaam in de regio Tholen/West-Brabant.
Terug
54
“Over het algemeen liggen de
aardappelen zonder noemenswaardige
problemen in de
bewaarschuren. Het belangrijkste
punt van aandacht is
veelal kiemremming. De aardappelen
zijn gemiddeld genomen
wat kiemlustiger dan
voorgaande jaren, maar dat
leidt lang niet overal tot problemen.
Zo is de kiemremming
in partijen die tijdens het
inschuren met Gro-Stop
behandeld zijn vrijwel overal
weergaloos. Alleen gassen met
Chloor-IPC of 1,4Sight kan
ook prima werken, mits op
tijd toegepast. Zo kwam de
toepassing van 1,4Sight de
eerste gasbeurt nogal eens te
laat. Deze kiemremmer dien je
namelijk toe te passen wanneer
er nog geen kiem aanwezig
is. Gevolg van een te late
gasbeurt is dat je daarna weer
sneller aan de bak moet met
de daaropvolgende. Bij Biox-m
speelt dit minder dan bij
zowel 1,4Sight als Chloor-IPC,
omdat dit middel de kiemgroei
wat beter kan stoppen
vanwege het afbrandeffect.
Combineer je dit alles met het
feit dat er dit seizoen niet
altijd gekozen is voor een
bespuiting met maleïne hydrazide
(MH) vanwege te droge
omstandigheden, dan heb je
gedeeltelijk de verklaring voor
de extra kiemlust van dit jaar.
Ventileer voldoende
Belangrijk is om op meerdere
plekken boven op de hoop kuiltjes
te graven, liefst tot een
diepte van zo’n 40 centimeter.
Dan is de mate van kieming
van de partij ook beter in te
schatten. We zien nu soms ook
grotere kiemen op knollen die
dieper in de hoop liggen. Dat is
niet altijd toe te schrijven aan
condens/vocht in de toplaag
wat we afgelopen winter wel
vaker gezien hebben. Het kan
ook zo zijn dat de aardappelen
onvoldoende geventileerd zijn.
Dit nemen we vooral waar in
nieuwe potdichte schuren in
partijen met redelijk wat aanhangende
vochtige kleigrond en
her en der een rotte knol. Door
onvoldoende ventilatie kan ook
de knoltemperatuur plaatselijk
wat oplopen en vaak beginnen
de aardappelen rondom te zweventilator
om 12 uur ’s nachts
begint te draaien met externe
lucht om de, eventueel een
paar tienden graden Celsius
aan de gestegen producttemperatuur,
terug te brengen
naar de gewenste. Veelal is
het dan nog niet de laagste
temperatuur van de nacht.
Daar kun je echter veel beter
het ventilatiemoment op
“Minder ventilatietijd betekent minder
vochtverlies in de knollen, dus hou je
ze langer vitaal.”
ten. Zoals in eerdere adviezen
al is aangegeven, is het dan
raadzaam om meerdere malen
per dag te ventileren met drogende
(buiten)lucht.
Gevolg van een te late gasbeurt is dat je daarna weer sneller aan de bak
moet met de daaropvolgende.
Hou weerberichten in de
gaten
Wanneer het product goed in
de bewaarschuur zit, heb je
uiteraard ook een ventilatieregime
waar je iedere dag aandacht
aan hoort te besteden,
ook al ligt het vast in een
gekozen bewaarprogramma.
Van het grootste belang is nu
om in de meeste cellen het
product op de gewenste
bewaartemperatuur vast te
houden, oftewel voorkom
zoveel mogelijk temperatuurschommelingen
in de aardappelen,
zeker wanneer ze nog
lang in de schuur moeten blijven
liggen. In de voorbije
weken was nogal eens sprake
van grote temperatuurverschillen
tussen dag en nacht.
Dat hoor je als teler goed in
de gaten te houden via de
weerberichten. In veel programma’s
is ingesteld dat de
afstemmen, meestal is het
rond 6 uur ’s morgens het
koudst. Want ventileer je met
die lagere temperatuur van
dat moment, dan heb je veel
minder tijd nodig om de producttemperatuur
terug te
brengen. Immers, minder ventilatietijd
betekent minder
vochtverlies in de knollen,
dus hou je ze langer vitaal. En
reken dit jaar maar eens uit
wat 1 procent minder
gewichtsverlies over de
gehele partij oplevert. Dit
kort extern ventileren kun je
in het computerprogramma
realiseren door een sper in te
stellen, bijvoorbeeld door
extern draaien alleen toe te
staan tussen 5 en 9 uur in de
ochtend. Een andere manier
om de ventilatietijd te beperken
voor terugkoeling is door
in het ventilatieprogramma
het verschil tussen buiten- en
binnentemperatuur te vergroten.
Dan zal de computer
veelal ook pas later in de
nacht of vroege ochtend de
ventilatoren aanzetten.” ●
Aardappelwereld magazine • maart 2019 • nummer 3
13
׉	 7cassandra://hwM3_ZlD1dR9bljqPVH_-3EWuTHiu00Af4fX5YXSfi0 y`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Liever meerdere keren kort dan een of
twee keer lang ventileren
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring.
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage
van Niek Vedelaar, werkzaam in de regio Flevoland.
Bij lage buitentemperaturen is het belangrijk om de dauwpuntstemperatuur nauwgezet in de gaten te houden.
“De conditie van de aardappelen
in bewaring verschilt
van schuur tot schuur, maar
in het midden van het land
zijn de verschillen relatief
klein. Het gros van de knollen
is gezond ingeschuurd, met in
enkele partijen, veelal rasafhankelijk,
een enkel rot exemplaar.
Opvallend is wel dat
nu, drie tot vier maanden na
inschuren, we in deze partijen
nog steeds her en der rotte
knollen vinden. Het gaat
meestal om aardappelen van
het ras Agria en Lady Anna.
Dat vraagt dus om voortdurende
oplettendheid.
Controleer in dergelijke partijen
de kanalen op lekvocht,
graaf kuiltjes in de hoop en
hou het verloop van de droging
van de aangetaste knollen
goed in de gaten. Sowieso
is het belangrijk om regelmatig
het product te ventileren
en dat liever meerdere keren
per dag kort, een kwartier tot
20 minuten, dan een of twee
keer (uren) lang. In de afgelopen
weken waren de buitentemperaturen
vaak laag.
Onder dergelijke omstandigheden
is het belangrijk om de
dauwpuntstemperatuur
nauwgezet in de gaten te houden.
Dat is de temperatuur
waarbij waterdamp door
afkoeling van lucht begint te
condenseren. Zet in dit geval
de condensventilatoren aan
en neem het zekere voor het
onzekere. Wat extra draaiuren
is geen ramp, want ze vragen
relatief weinig energie. Let
daarbij vooral op de weerberichten.
Ook voor februari
is in de afgelopen maanden al
veel over geschreven. Niet
alle rassen zijn onrustig, maar
een Innovator springt er bijvoorbeeld
wel uit. We adviseren
om de kieming hierin
extra goed in de gaten te houden
en het standaardadvies
van de intervallen voor
behandeling met Chloor-IPC
met een halve week in te korten
en terug te brengen naar
drie tot 3,5 week. Verder is
bekend dat de resultaten van
de veldbehandelingen met
maleïne hydrazide (MH) in
Nederland erg wisselend zijn.
Dat is geen vreemd fenomeen
en vraagt ieder seizoen aandacht,
dit jaar wellicht meer
dan anders. In het werkgebied
Flevoland zijn tot nu toe
nog geen opmerkelijke verschillen
betreffende kiemlust
in MH-partijen aan het licht
gekomen. Voor de meeste partijen
die met MH behandeld
zijn, geldt dat een eerste
behandeling is uitgevoerd.
Het algemene advies is om
vanaf half januari te starten
met de kiemremming. Ook
voor deze partijen is het van“Niet
alle rassen zijn onrustig, maar
een Innovator springt er bijvoorbeeld
wel uit.”
kunnen deze condities zich
weer voordoen, dus blijf alert.
Hou kieming in de gaten
Nog een ander punt van aandacht
is de relatief hoge kiemlust
in de aardappelen. Daar
wege de kiemlustigheid raadzaam
om het interval naar
drie tot 3,5 week te verkorten.
Dus dergelijke partijen zijn na
de eerste volle week van
februari weer aan de beurt
geweest.” ●
Terug
55
Aardappelwereld magazine • februari 2019 • nummer 2
15
׉	 7cassandra://MrmBz2tVxRBA6r18APx6IARQ2MmQOCNZ_GLY9ldIIuY&`̵ c8K(сc8K(Ё{בCט   {u׉׉	 7cassandra://qgF7UD3wxn900jnGN33MWtOIFetw4Xx-UKvOpXj3e2w ӱ`׉	 7cassandra://yiGdIuPHFxyG4MYDA8XO5tULK3Ne9DNi-oOhXBrFF8wh8`S׉	 7cassandra://0zxKzX-81RnDAOfIMHMMYBP2Z1m9WQKh7OdcSb2Vf_Y`̵ ׉	 7cassandra://djm44bdzSUS5F7sQ8qYFi6jHjBENG8Gj3jTID8ybjg8 t͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://ot-4gInnhgeEs7778adKWxqDD3MvDar9KB_c96lMWEc &`׉	 7cassandra://dEQ293r8kuFr_sdqlrF-NkeMwFXTEHKIUP1F5dq65vMo`S׉	 7cassandra://42kBFyzkc4nRJPopL5uCKoXOcl8_OdH3iyEXDvDyWtk`̵ ׉	 7cassandra://zkhbVJnaFwVuZDZ06emrE8zhD8PWBBN2x2Iv6lNMyA0 st͠c8K) נc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Blijf ook goed product intensief controleren
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In
deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van
Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
Terug
56
In partijen die beregend zijn komt meer kiemlust voor.
“Gemiddeld genomen is het
in Nederland momenteel relatief
rustig in de bewaarschuren
op enkele probleempartijen
in het zuidwesten en
verspreid over het land na.
Liggen de aardappelen er
mooi bij, dan betekent dit nog
niet dat je als boer hier geen
omkijken naar hebt. Ook in
cellen waarin niets aan de
hand lijkt te zijn is het raadzaam
om minimaal één keer
per week een controle uit te
voeren. Ga de hopen op, graaf
kuiltjes van minimaal 30 centimeter
en doe dat telkens op
een andere plek. Zorg tijdens
de check altijd voor voldoende
licht. Ontbreken
tl-lampen, neem dan een
flinke zaklamp mee.
Controleer ook de ventilatiekanalen
op lekvocht van rotte
knollen. Bij de controlerondes
blijkt dit seizoen ook in het
zuidoosten toch nog her en
der een rotje aan het licht te
komen. Vooral in partijen die
tijdens de groeiperiode beregend
zijn. Het belangrijkste is
om te voorkomen dat lekvocht
uit de verspreid liggende rotte
knollen vrijkomt. Daarvoor is
drogende lucht nodig. Dat
kan drogende buitenlucht zijn
of opgewarmde (buiten)lucht
met hulp van kachels.
Meer kiemlust in beregende
partijen
Wat we ook in de partijen
waarnemen die beregend zijn,
is meer kiemlust. Dat geldt
zowel in consumptie- als
pootgoedpartijen. De combinatie
van hoge temperaturen
tijdens de beregening leverde
in het veld dikwijls al meer
doorwasknollen op en in de
bewaring komt dat nu tot
uiting in een versnelde kieming.
In de consumptiepartijen
is dus een eerste (na)
behandeling met een gasvormige
kiemremmer over het
algemeen eerder aan de orde
dan in niet-beregende partijen.
Beperk draaiuren in goed
product
Verder liggen de meeste aardappelen
half januari op de
gewenste bewaartemperatuur.
Voor fritesaardappelen is dat
gemiddeld 7 graden Celsius.
Afhankelijk van het ras en het
aflevermoment kan dat wat
hoger of lager zijn. Zo
bewaart een ras als Fontane
wat beter op een iets hogere
temperatuur en blijft een partij
niet lang meer in de bewaring,
dan mag de temperatuur
al snel een graadje hoger zijn.
Van belang is verder om partijen
waar weinig mis mee is,
niet te intensief te ventileren.
Dit om overbodig vochtverlies
te voorkomen en de
bewaarduur te verlengen.
Ventileren blijft uiteraard
nodig, maar beperk het intern
draaien tot maximaal drie
keer per dag en een half uur
per beurt. Dan hebben we de
laatste weken te maken met
sterk wisselende buitentemperaturen.
Dat kan op verschillende
momenten (extra)
“Let op de weerberichten en zorg
dat de condensventilatoren op tijd
aanstaan.”
Voor vrijwel alle bewaarpartijen
geldt dat ze fysiologisch
wat ouder zijn dan in andere
jaren. Betreft het fritesaardappelen,
wacht dan niet te lang
met het nemen van bakmonsters.
Blijken die tegen te vallen,
overleg dan tijdig met de
(potentiële) afnemer wat het
beste moment voor afleveren
is.
condensvorming in de schuur
en op de aardappelen veroorzaken.
Let op de weerberichten
en zorg dat de condensventilatoren
op tijd aanstaan
voordat de omstandigheden
voor condensvorming zich
aandienen en niet pas op het
moment als condens zich al
volop manifesteert.” ●
Aardappelwereld magazine • januari 2019 • nummer 1
15
׉	 7cassandra://0zxKzX-81RnDAOfIMHMMYBP2Z1m9WQKh7OdcSb2Vf_Y`̵ c8K(׉E'BEWAARCOLUMN
“Enorme diversiteit op het gebied van rot
en kieming”
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“De kwaliteit van de ingeschuurde
consumptieaardappelen
is gemiddeld een stuk
beter dan het vorige seizoen.
Wat afwijkt dit jaar is de
enorme diversiteit op het
gebied van rot en ook van
kieming. Dat vraagt om
maatwerk. Zo zijn partijen
binnengekomen waarnaar je,
gelet op rot, bijna geen
omkijken hebt. Maar er zijn
ook aardappelen geoogst
waar telers momenteel de
handen vol aan hebben.
De grootste problemen doen
zich onder meer voor in
enkele partijen van de rassen
Agria en Bintje waarbij relatief
veel doorwasaardappelen
zijn ingeschuurd. Daarin treden
waterzakken op. De
meeste gaan drie tot vijf
weken na inschuren lekken.
Door tijdig en snel te drogen
bleven tot nu toe de problemen
veelal binnen de perken
en kunnen we over het algemeen
gelukkig spreken van
geringe overlast. In enkele
gevallen is het spannend en
is het noodzakelijk om vanwege
het koudere weer de
kachels erbij in te schakelen.
Wat we her en der ook waarnemen
is roodrot. Ook hierbij
is het van belang (geweest)
om snel te drogen. In de
meeste cellen heeft dit een
gewenst resultaat opgeleverd.
Wel is het nog oppassen
voor snel vrijkomend
lekvocht uit al verder weggerotte
knollen.
Buffer voor lekvocht ontbreekt
Dit
jaar is vrijwel geen grond
mee ingeschuurd en daardoor
ontbreekt een buffer voor
vochtopname. Lekvocht uit
rotte knollen heeft dus nu een
grotere kans om meerdere
gezonde omringende knollen
te bevochtigen. Dat vraagt om
alertheid van de teler en bijstellen
van de hoeveelheid
interne draaiuren om dit
plaatselijke lekvocht door de
partij heen te verdelen.
Diverse partijen draaien om
die reden nog om de drie tot
zes uur een uur intern. In partijen
Markies is in enkele
gevallen sprake van mee-ingeschuurde
nog relatief
groene vochtige stengels. In
combinatie met eventueel
aanwezige rotte (moeder)
knollen kunnen in rap tempo
vochtige plekken ontstaan,
waarin gezonde knollen vochtig
raken en in korte tijd kans
maken op bacterie-infecties.
Ook in zo’n geval is het
devies: onmiddellijk drogen.
Sluit kanalen op de juiste
plek af
Als gevolg van de lagere
hectare opbrengsten zijn dit
seizoen veel cellen niet tot
aan de (eind)keerwanden volgestort.
In nogal wat schuren
is dus sprake van een helling
aan het eind van de hoop en
hoop kuiltjes te graven. Dat
aardappelen hier minder snel
drogen komt doordat hier te
weinig ventilatielucht doorheen
gaat. Oorzaak is in de
meeste gevallen de verkeerde
plek waar de kanalen zijn
dichtgemaakt. Is dat aan de
voet van de helling gebeurd,
dan ontstaan zeker de
genoemde problemen.
Wanneer je een cel hebt met
aan het eind een helling, dan
hoor je de kanalen ver terug,
minstens tot midden onder
“Dit jaar is vrijwel geen grond mee
ingeschuurd en daardoor ontbreekt een
buffer voor vochtopname.”
de ventilatiekanalen. Dit
vraag eveneens om extra aandacht.
We constateren namelijk
dat in diverse van deze
cellen in de hoeken bovenaan
de hellingen de aardappelen
lang vochtig blijven. Daar
kom je achter door hier in de
het begin van de helling, af te
sluiten. Wat vervolgens verstandig
is, is om de hellingen
af te dekken met landbouwplastic
of nog beter met
Toptex vliesdoek. Toptex is
deels luchtdoorlatend en voorkomt
daarmee tevens condensvorming.
Verder zien we
in cellen met moeilijk te vullen
hoeken stortkegels die langer
vochtig blijven. Het is dus
van groot belang om de hoop
vlak te maken en voortaan
stortkegels bij het inschuren te
voorkomen. Geen nieuwe tip,
maar wel eentje die blijkbaar
ieder jaar weer om herhaling
vraagt. Hou dergelijke stortkegelplekken
nu in elk geval
goed in de gaten om het ontstaan
van rotte knollen te
voorkomen.” ●
In nogal wat schuren is sprake van een helling aan het eind van de hoop
en de ventilatiekanalen. Dit vraag om extra aandacht.
Terug
57
Aardappelwereld magazine • december 2018 • nummer 12
15
׉	 7cassandra://42kBFyzkc4nRJPopL5uCKoXOcl8_OdH3iyEXDvDyWtk`̵ c8K(Ձc8K(ԁ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://ntfumA-XZjDDbXGXXTXhh0QQ-tsQ3e720ivOcgSJDic `׉	 7cassandra://eyzGEo44R09L6BOzT8cXHisiIq5hRYs4sfygtWPpb00_|`S׉	 7cassandra://gIB7FP5stuEU8h9ZPLQp5GpwEXyrRhwwPSnsqghpcf4`̵ ׉	 7cassandra://n4XvRWzwYH8BC9Px-b2yqDgZ_lhwuH1AjoSuyTA2y8A GP͠c8K) "ט  {u׉׉	 7cassandra://2fkrGG9oqhcYiOG4dmCukTDVXvmLSl7c4pFuw5dcwTQ  `׉	 7cassandra://rEEJhter1EUn1Nptdg5rBY7AJ2k3gc4Epe35KWmTsask`S׉	 7cassandra://xZDwGbpQs8k6kacbAiTAYIcnjiWY9umER1MnAI87LmM!`̵ ׉	 7cassandra://6e8QpRPO_oatjiulK4tX1kHyalynTvt3Hpo3r9ywZWo |͠c8K) #נc8K)  :@r9׉H #https://webshop.aardappelwereld.nl/Gׁׁrנc8K)   9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) ! 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) ' |΁9ׁH $mailto:krabbendam@aardappelwereld.nlׁׁЈנc8K) & ZL 9ׁH #https://webshop.aardappelwereld.nl/ׁׁЈ׉EBEWAARCOLUMN
Bestel nu het enige complete
Aardappelkweekboek
Wondheling nu van groo
ruisen met wilde soorten
7 Kruisen met w
eden va
eden van ziekten als de
kte
infestans) en aardappelmoeheid
chiensis en G. pallida) werd duid
aardappelsoorten en primitieve
van gr en, en nog
het aardappelkweekwerk. Deze s
ken namelijk over een scala aan
tegen een groot aantal ziekten en
dappelmoeheid (Globodera rostod
duidelijk dat wilde
dappelsoorten en primitieve cultuursoorten
en, en nog steeds zijn, voor
dappelkweekwerk. Deze soorten beschikken
namelijk over een scala aan resistentiegenen
oot aantal ziekten en plagen.
7.1 Wilde soorten
In het oorsprongsgebied van de
ongsgebied van de aardappel (tusopische
hoogvlakten
van Midden- en Zuid-Amerika) komen nog
dappelsoorten voor. Er zijn nu
sen 38° NB en 41° ZB, op de trop
ten van Midden- en Zuid-Amer
steeds wilde aardappelsoorten v
meer dan 200 soorten bekend
bezitten eigenschappen die voor
van onze cultuuraardappel zeer
Zo nu en dan wor om ex
meer dan 200 soorten bekend. Deze soorten
bezitten eigenschappen die voor de verbetering
dappel zeer interessant zijn.
om expedities georgaWilde
aardappelsoorten groeien onder andere in de Andes (AW).
niseerd om deze soorten te verzamelen als bron
van onder andere resistentiegenen. Op deze wijze
wordt de genetische pool voor het aardappelkweekwerk
verbreed.
De cultuuraardappel is tetraploïd, maar de wilde
soorten verschillen in ploïdieniveaus; diploïd,
(Phytophthora
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist
veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in
de regio Zuidoost-Nederland.
Genetica
4 Genetica
Het doel van het veredelingsproces is om tot een
ras te komen waarin zoveel mogelijk gewenste
eigenschappen met elkaar gecombineer
Om dit te realiseren worden twee ouderplanten,
die ieder een deel van deze eigenschappen heb
ben, met elkaar gekruist. In de nakomelingen
hopen we planten te vinden die de gewenste
combinatie van eigenschappen hebben gekr
De genen die coderen voor de
schappen liggen op de chromosomen in de cel
kern. In dit hoofdstuk wordt enige
omtrent celdeling en genetica aangeboden. Deze
kennis helpt om de overerving van eigenschap
pen te kunnen begrijpen. Dit hoofdstuk zal dui
delijk maken dat bijvoorbeeld uit een kr
met twee geelvlezige aardappelen toch een wit
vlezige kan komen. De cultuuraar
tetraploïd, dat wil zeggen dat elk chr
vier keer in de cel voorkomt (zie Paragraaf 4.4).
Om het niet te ingewikkeld te maken worden in
dit hoofdstuk de celdeling en de basisprincipes
van de overerving op diploïd niveau uitgelegd.
ogelijk gewenste
combineerd zijn
ee ouderplanten
enschappen heb
de nakomelingen
die de gewenste
hebben gekr
e erfelijke eigen
tot
we
d z
lan
somen in de cel
ige kennis
en h
elin
we
kreg
eig
de
angeboden. Deze
van eigenschap
oofdstuk zal dui
uit een kruising
ken
n. D
nsch
al d
r
en toch een wituuraardappel
is
elk chr
ie Paragraaf 4.4).
4.1 Celdeling
Er bestaan twee soorten celdelingen. Het eerste
type wordt mitose genoemd en vindt plaats in de
cellen van plantenorganen zoals stengels, bladeMitose
2n=4
Terug
58
30
somen in Figuur 1). Bij de mitose is het aantal
74
die homologe chromosomen genoemd worden.
Dit kan doordat de chromosomen zich voor de
deling eerst verdubbelen (Figuur 1). De chromosomen
bestaan nu uit twee chromatiden die in
het centromeer met elkaar verbonden zijn. De
chromosomen gaan in het midden van de kern in
één vlak (het equatoriale vlak) liggen en de memScreenen
van wilde aardappelsoorten op het veld op phythophtora-resistentie (WUR).
chromosomen in de kern van de twee nieuwe
cellen gelijk aan dat van de oorspronkelijke cel.
Cel in rust.
Chromosomen zijn
verdubbeld, en
bestaan nu uit twee
chromatiden.
Chromosomen in
midden van de cel,
kernmembraan is
opgelost, spoelfiguur
is gevormd.
De chromatiden
worden naar de polen
getrokken, een
nieuwe celwand
wordt gevormd.
Resultaat: twee cellen
die identiek zijn aan
de oorspronkelijke cel.
Figuur 1. Schematische weergave van de mitose. Elk chromosomenpaar heeft een rode en een blauwe homoloog. 2n staat voor het
aantal chromosomen in een lichaamscel, n staat voor het aantal chromosomen in een gameet (Paragraaf 4.4).
Bestel nu in onze webshop
https://webshop.aardappelwereld.nl/ of
scan deze QR-code.
Voor afname van grote aantallen voorzien wij
u graag van een scherpe offerte.
U kunt hiervoor contact opnemen met onze
sales-afdeling via
krabbendam@aardappelwereld.nl
“Na een bijzonder droog
groeiseizoen en oogstperiode
is inmiddels de tijd van bewaren
aangebroken. Ook die is
vrij uitzonderlijk van start
gegaan. Het gros van de
bewaaraardappelen zit begin
november al achter de planken
en dat is sowieso al een
opmerkelijk feit. Heel veel
product in Nederland is
onder gunstige, soms iets te
droge, omstandigheden uit de
grond gehaald en de schuur
ingegaan. En toch zal deze
oogst minstens net zoveel
bewaaraandacht vragen als in
jaren na minder fraai rooiwerk.
Factoren waarop telers
extra alert dienen te zijn
betreffen onder meer de hoge
kiemlust van de aardappelen,
beschadigde knollen, doorwasknollen
en ontvellingen.
Bovendien zijn her en der na
len, een voor product dat tot
na half oktober met hoge
knoltemperaturen is ingeschuurd
en een voor product
dat daarna met lagere knoltemperaturen
is binnengebracht.
Is product bij hoge
temperatuur ingeschuurd,
dan was het advies om dit zo
snel mogelijk terug te koelen
naar een knoltemperatuur
van 13 tot 13,5 graden. Niet
15 graden, wat normaal het
advies is, vanwege het hogere
percentage ontvelde doorwasknollen,
beschadigde primaire
knollen en de daarbij hogere
kans op ontwikkeling van
bacteriën op de invalspoorten.
Daar waar tot nu toe niet voldoende
snel teruggekoeld is,
zijn al problemen ontstaan.
Aangezien de aardappelen al
relatief droog in de bewaarcellen
beland zijn, droogden
“Hoe groter de eerste knol is ten
opzichte van de tweede knol en hoe
hoger het onderwatergewicht van die
eerste knol, hoe kleiner het probleem”
enkele weken van opslag zelfs
al knollen met bacterie-aantasting
gespot.
Langzaam terugkoelen
Dit seizoen kunnen we de
start van de bewaring grofweg
in twee strategieën opdeze
tijdens het terugkoelen voldoende.
Om de wondheling
goed te laten verlopen, is het
belangrijk om het product een
week of drie op de geadviseerde
13 graden vast te houden.
Wanneer de aardappelen
met ongelijke knoltempera12
Aardappelwereld
magazine • november 2018 • nummer 11
׉	 7cassandra://gIB7FP5stuEU8h9ZPLQp5GpwEXyrRhwwPSnsqghpcf4`̵ c8K(׉E
,oo
BEWAARCOLUMN
ot belang
tuur in de schuur gekomen
zijn, is/was het noodzaak om
met regelmaat intern te ventileren
om de knoltemperatuur
in de cel gelijk te krijgen. Dit
om condensvorming te voorkomen.
Dat kan door elke 6
uur de ventilatoren drie
kwartier lang te laten draaien.
Temperatuurverschillen zijn
te meten door goed verdeeld
op verschillende plaatsen voldoende
voelers in het product
te plaatsen. Het liefst meer
dan een meter diep vanaf de
(vlakke) bovenkant van de
hoop. Zijn de voelers maar
een meter lang, graaf dan een
kuiltje van 30 centimeter en
prik daarin de voeler. Nog
niet genoemd als bijzonderheid,
maar we nemen aan het
begin van dit bewaarseizoen
ook hogere CO2-gehalten dan
normaal waar in de bewaarruimten.
Kennelijk zit er als
gevolg van het groeiseizoen
nog (extra) veel leven in de
knollen. We adviseren dan
ook om vier keer per etmaal
lucht te verversen in plaats
van tweemaal, wat de standaard
is.
Hou ook nu droging in de
gaten
Dan over de partijen die met
lage knoltemperaturen ingeschuurd
zijn. Daarvoor geldt
het omgekeerde advies, zijn ze
kouder dan 13 tot 13,5 graden
Celsius, dan opwarmen tot
deze temperatuur met drogende
(buiten)lucht, al dan
niet met ondersteuning van
kachels. Voor alle aardappelen
in bewaring kunnen we stellen
dat veelal pas na drie weken
bewaren te zien valt of de
wondheling voorbij is. Dit seizoen
is de periode wellicht
nog langer als gevolg van
meer ontvellingen door doorwas.
Partijen die groen
gerooid zijn en bij rassen als
Markies en Agria, waarbij
soms bewust veel vastzittend
loof is meegeoogst om beschadiging
te voorkomen, wijzen
we erop extra te letten op droging
van de partijen in verband
met de groene stengels.
Ventileer indien nodig wat
vaker intern om het vocht
door de hele partij te verdelen.
Nog niet genoemd is de kiemremming.
Vanwege de ontvellingen
zijn dit seizoen minder
aardappelen bij inschuren met
een kiemremmer behandeld.
We zien de laatste weken al
heel snel kiempjes ontstaan op
onbehandelde knollen. Gelet
op de verwachte algehele
hogere kiemlust als gevolg
van hoge knoltemperaturen in
het groeiseizoen, raden we
aan om binnen 14 dagen na
inschuren te starten met een
behandeling tegen het kiemen.
Soms is dat ook nodig in met
MH behandelde partijen. De
MH-behandelingen in het veld
waren niet altijd even nauwkeurig
uit te voeren en de
opname van het middel is niet
overal optimaal geweest.” ●
Terug
59
Om de wondheling goed te laten verlopen, is het belangrijk om het product een week of drie op de geadviseerde 13 graden vast te houden.
Aardappelwereld magazine • november 2018 • nummer 11
13
׉	 7cassandra://xZDwGbpQs8k6kacbAiTAYIcnjiWY9umER1MnAI87LmM!`̵ c8K(ځc8K(ف{בCט   {u׉׉	 7cassandra://SkXOqqMj8PLO6cC_oiDvh6tIqw5T8biiFZcEu4Akh80 `׉	 7cassandra://rX9SyZc-XXNXSeLVz5QQpMlY_rtrhEAKyG06GIkI06MR`S׉	 7cassandra://NCNHLCWodFy8C7F-codePRXntwotnGsef09o8vojuiQ%`̵ ׉	 7cassandra://aOLtJWv8CPfUalRocX-IwUIHaRB5AIO8fy2M_NrNIfgͽ͠c8K) (ט  {u׉׉	 7cassandra://HTOm_sqIl17AQgpMapxvAkBO5wx1dvxnabqPnZDphF0 c`׉	 7cassandra://IRGbTTKmEeo4ixtAtL4N1lAsJMCmfby8jFFK9xBYNoUd`S׉	 7cassandra://QWipmk5lc2WwzreCylxWGAzOEByYnUscsf-7adv-wIM`̵ ׉	 7cassandra://ebZs5x_T0vfUtSkALOxLjRlf0rS8KTLJLMzsVcu2yIE &^p͠c8K) )נc8K) % 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Het draait nu om doorwasbepaling
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek, werkzaam in de regio Tholen/West-Brabant.
“Doorwasbepaling. Dat is
waar het dit seizoen bij veel
telers met bewaaraardappelen
rondom de start van de
bewaarperiode om draait.
Heeft de MH toepassing
genoeg effect gehad? Kan ik
doodspuiten of moet ik groen
rooien? Ga ik versneld
rooien? Om niet voor verrassingen
komen te staan raden
we iedereen aan om zowel de
maatsortering van de doorwasknollen
als de mate
waarin het voorkomt goed te
inventariseren. Dit begint al
in het veld, voor zover dit tot
nu toe nog niet is uitgevoerd.
Echte doorwas is de groei van
een tweede knol aan een eerste
knol. Dus niet: spruiten
aan knollen zonder knol of
nieuwe uitgroei naar buiten.
Voor een goede bewaarstrategie
is het van belang om te
bepalen hoe groot de doorwasknollen
zijn. Heb je in het
veld vrijwel alleen doorwasknolletjes
die kleiner zijn dan
2 centimeter, dan is er geen
Doorwas schema
probleem. Bij meerdere grotere
knollen wel. Hoe groter
de eerste knol is ten opzichte
van de tweede knol en hoe
hoger het onderwatergewicht
van die eerste knol, hoe kleiner
het probleem. En wanneer
er flink veel doorwas aanwezig
is, meet dan van zowel
van de eerste als de tweede
doorwasknollen apart het
onderwatergewicht. Dit geeft
duidelijk meer informatie dan
een mengmonster. Deze aanpak
helpt om meer inzicht te
krijgen en beter te kunnen
beslissen of en hoe je als teler
het product het beste kunt
inschuren. Ook al heb je voorafgaand
aan het loofdoden
monsters genomen, doe dat
nog een keer voordat je gaat
rooien. Het kan zijn dat doorgroeiende
doorwasknollen
over het hoofd zijn gezien.
Komen die dan toch in redelijk
grote mate voor, dan kan
het verstandiger zijn om de
aardappelen van het perceel
of perceelsdeel waarin dit het
Popperig
Scheut groeit uit tot stengel
Primaire knol
Secundaire knol
“Voor een goede bewaarstrategie is het van belang om te bepalen hoe groot de doorwasknollen zijn.”
Knol met scheut
14
Aardappelwereld magazine • oktober 2018 • nummer 10
׉	 7cassandra://NCNHLCWodFy8C7F-codePRXntwotnGsef09o8vojuiQ%`̵ c8K(׉E#BEWAARCOLUMN
geval is niet in te schuren. De
meeste doorwas nemen we
waar in kopakkers, spuitsporen
en/of overgepote perceelsdelen
waar in het voorjaar
de poters verzopen zijn.
Beter is het dan om de oogst
hiervan afland te leveren,
aangezien een te groot percentage
aan doorwasknollen,
primair en secundair, in de
bewaring voor grote kwaliteitsproblemen
kunnen zorgen.
Hou
doorwasknollen apart
Dan maken we wat de
inschuur- en bewaarstrategie
betreft even onderscheid tussen
aardappelen die doodgespoten
zijn en groen gerooide
aardappelen. Bij groen
gerooide aardappelen is het
raadzaam te letten op schilbeschadiging.
Veelal zal het verstandiger
zijn om hierin een
inschuurbehandeling met
Chloor-IPC achterwege te
laten. Aangezien de verwachting
is dat de aardappelen dit
jaar kiemlustiger zullen zijn is
het advies om uiterlijk 14
dagen na inschuren al te starten
met gassen. Is de schil
goed afgehard, inclusief die
van de doorwasknollen, dan
is een kiemremmingsbehandeling
met Chloor-IPC tijdens
het inschuren wel mogelijk.
Voor de telers die het loof
doodgespoten hebben geven
we het advies om vlak voor
het rooien toch nog een keer
monsters te nemen. Het kan
zijn dat de doorwasknolletjes
niet groter zijn dan 35 of 45
millimeter. Pas daar dan de
steek van de rooimat op aan,
zodat die op het land achterblijven.
Wie de mogelijkheid
heeft om tijdens het inschuren
voor te sorteren, hoeft niet
per se te kiezen voor een
grote steek op de rooier, maar
kan de doorwasknollen er op
het erf uit draaien. Wees verder
voorzichtig met harde
kluiten wanneer die nog in de
rug zitten en mochten de
rooiomstandigheden te droog
zijn. Stel de oogst dan nog
even uit tot de eerste regenbui
of beregen het perceel
indien mogelijk vooraf. Komt
er toch een partij met behoorlijk
doorwasknollen binnen,
dan zal dat voor het bewaren
de nodige consequenties hebben.
Probeer eerst, voor zover
dit praktisch uitvoerbaar is,
de doorwasplekken in een cel
apart te draaien. Er is vast
nog wel ergens ruimte over
dit seizoen. In dat geval verklein
je het risico op waterzakvorming
aanzienlijk.
Wanneer de partij niet al te
groot is valt te overwegen om
deze in kisten te draaien. Het
is namelijk van belang om
doorwasaardappelen extra te
drogen. Is dit allemaal niet
mogelijk dan is het van groot
belang om tijdig te signaleren
of en wanneer waterzakken in
de bewaring ontstaan. Vooral
primaire knollen met een
onderwatergewicht van 150
gram of lager kunnen de eerste
5 weken in de bewaring
geheel of gedeeltelijk overgaan
in waterzak. Dat kan in
korte tijd heel veel vocht vrij
komen. Dit betekent extra
drogen en dus meer externe
dat er ook altijd een voeler
onderin de cel is geplaatst die
de producttemperatuur van
de aardappelen boven het
“Hoe groter de eerste knol is ten
opzichte van de tweede knol en hoe
hoger het onderwatergewicht van die
eerste knol, hoe kleiner het probleem”
uren draaien. Koel het product
daarom ook niet te snel
in wanneer de gemiddelde
etmaal temperatuur vrij laag
is, maar gebruik dan kachels
om de producttemperatuur
tijdens het droogproces op het
gewenste niveau te houden.
Zorg dat alle apparatuur
vooraf goed werk
Dan wijzen we graag nog
even op het belang van goed
werkende en ook voldoende
aanwezigheid van bewaarapparatuur
voordat de aardappelen
de schuur in gaan. Wees
er in eerste instantie zeker
van dat ze allemaal goed werken.
Kijk ook naar de computerinstellingen.
Zet de draaiuren
weer op 0 en controleer of
de spertijden van vorig jaar
nog ingesteld staan. Let eveneens
op de standaardinstellingen
van het droogprogramma.
Op welk dauwpunt of temperatuursverschil
tussen buitenen
product deze staan ingesteld.
Dan nog een paar tips
wat de voelers betreft. Zorg
ventilatiekanaal kan meten.
Heb je deze niet apart, neem
dan desnoods een productvoeler
van de cel, die met het
langste snoer. Zodra de producttemperatuur
onder en
boven gelijk is aan elkaar zitten
namelijk de aardappelen
droog. En zodra de productvoeler
in het kanaal gaat
oplopen als u kachels
gebruikt heeft u al in de gaten
dat de kachelcapaciteit wat
verminderd mag worden
omdat het niet lang meer gaat
duren voordat de aardappelen
droog zitten. Plaats in
schuren met een wat minder
goede muurisolatie standaard
een voeler aan de koude
(oost)kant. Die kan dan bij
vorst de laagste temperaturen
in de partij meten.” ●
Terug
61
Aardappelwereld magazine • oktober 2018 • nummer 10
15
׉	 7cassandra://QWipmk5lc2WwzreCylxWGAzOEByYnUscsf-7adv-wIM`̵ c8K(݁c8K(܁{בCט   {u׉׉	 7cassandra://eLRgOouZZiKFq-bWTELKK120LNLMrXoy-OAQcraPI0I `׉	 7cassandra://6swMew0TA7aDvheJg9sbM9NzIrRuqu8UpVD4iXHGINId`S׉	 7cassandra://0YeuLmw1B9hJvyPDmpwBjgi8JlU3rHLgaV2XdqmyHxA`̵ ׉	 7cassandra://CcDz0c5TERWSW9s3tClTsw2M7xJcDJ4ugD5Abt3j3xY ?l͠c8K) ,ט  {u׉׉	 7cassandra://QRow4Zzr6YPe_B-QA-7Lmd1AY1UGM7fYYDcu0dgCr2M @`׉	 7cassandra://i4DAIJZwYcYsEE6BSWQ2wyWNeWtuLDVmEGteOcwrQakc`S׉	 7cassandra://mYZ6IIQlWwzPapP56OSQHTRN58Vy2oW4NuneL7xfEvk`̵ ׉	 7cassandra://TMsc841OpGfCL8S2gYP4uG1OI72XvCnXIDS1OeDqfJk O͠c8K) -נc8K) + 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
1,5 procent meer gewichtsverlies in seizoen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam
in de regio West-Brabant.
“We gaan ongetwijfeld weer
een bijzonder seizoen in als
het gaat om bewaring van
Oogst 2018 na de lange periode
van droogte. Maar we
komen ook een bijzonder jaar
uit, gelet op de bewaarcijfers
van Oogst 2017. Het is alweer
bijna 12 maanden geleden,
dat in tegenstelling tot nu,
juist een grote oogst de schuren
in ging. Met daarbij, in
sommige streken, ook nog
eens relatief veel natte en
rotte knollen. Dat laatste veroorzaakte,
in combinatie met
relatief hoge buitentemperaturen,
over de gehele bewaarperiode
de nodige problemen
en daaraan verbonden extra
maatregelen en kosten. Als
Delphy houden we daar jaarlijks
cijfers van bij. Wat we
over seizoen 2017/2018 kunnen
concluderen, is dat het
gemiddelde gewichtsverlies
door de genoemde perikelen
maar liefst 1,5 procent hoger
uitkomt dan het gemiddelde
over de laatste 6 jaren.
Meer draaiuren door hoge
buitentemperatuur
Extreem is het getal van 564
externe draaiuren, normaal
zijn dat er 327 in onze statistieken
en de 740 interne
draaiuren zijn enorm in vergelijking
met het meerjarig
gemiddelde van 494. Zoveel
meer draaiuren betekent niet
alleen meer gewichtsverlies,
maar ook meer stroomkosten,
onderhoud en kwaliteitsverliezen.
Extra aandacht en
controles om het resultaat
van de draaiuren te beoordelen
waren ook zeker nodig.
Zeker na april 2018 waren er
ook meer draaiuren in de
bewaarschuren door de hoge
buitentemperaturen. Vaak
was het alleen mogelijk om
in te koelen met kleine temperatuurverschillen
en daarmee
liepen de draaiuren
Meer draaiuren betekent niet alleen meer gewichtsverlies, maar ook meer stroomkosten, onderhoud en kwaliteitsverliezen.
12
Aardappelwereld magazine • september 2018 • nummer 9
׉	 7cassandra://0YeuLmw1B9hJvyPDmpwBjgi8JlU3rHLgaV2XdqmyHxA`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
2017/2018
extern op, evenals de verliezen.
Wat we daarbij eveneens
zagen, zijn behoorlijke verschillen
in uitersten. In de
bewaring met het hoogste
gewichtsverlies van 11,8 procent
lag het aantal externe
draaiuren op 961 en intern op
821. Op de aardappelen in
deze partij zijn bovendien
nog eens extra kosten
gemaakt voor drogen met
kachels na inschuren. Dit was
overigens, samen met een
goede controle, ook de redding
van deze partij Fontane
die uiteindelijk tot eind juni
in de schuur zijn gebleven.
De partij met het laagste verliespercentage
aan gewicht
betrof Ramos en dit bleef
beperkt tot 5,3 procent half
juni. Hierop is 520 uur extern
gedraaid, nog steeds boven
het meerjarig gemiddelde en
462 uur intern, iets minder
dan gemiddeld.
Kennis van computerprogramma’s
kan beter
Wat leren deze cijfers en de
ervaringen van het vorige seizoen
voor het aankomende
seizoen? Allereerst dat een
goed begin het halve werk is.
Telers die de bewaarapparatuur
op orde hebben, met
schone kanalen en ventilatoren,
een aparte regeling voor
iedere cel, perfect werkende
voelers, muur- en dakisolatie
zonder gebreken, heldere verlichting
voor goede inspecties,
die scoren over het algemeen
ook het beste
eindresultaat. Waar het bij
sommigen echter nog aan
schort, is het gebrek aan kennis
van bewaarcomputerprogramma’s.
Dat kan echt een
Gewichtsverliezen en ventilatiedraaiuren seizoen
2017/2018
Seizoen
Verlies
2011/2012
2012/2013
2013/2014
2014/2015
2015/2016
2016/2017
Gemiddelde 6 seizoenen
2017/2018
7,9% 407
4,9% 268
5,5% 305
6,1% 350
6,5% 394
4,8% 243
6,0%
327
7,5% 564
stuk beter. Als je weet wat je
na controle van de partij wilt
ventileren, dan moet je vernen
te houden, is de eventueel
dunne huid van jonge
doorwasaardappelen. Dat kan
“Voor kiemremming is een behandeling
met CIPC nog altijd de beste remedie.”
volgens in staat zijn om de
bewaarcomputer dit ook uit
te laten voeren. Wat dit
betreft begint het aankomende
bewaarseizoen niet
anders dan het vorige.
Voer voor de oogst metingen
uit
Draaiuren extern Draaiuren intern
520
350
481
620
668
325
494
740
Extreem is het getal van 564 externe draaiuren, normaal zijn dat er 327
in onze statistieken en de 740 interne draaiuren zijn enorm in vergelijking
met het meerjarig gemiddelde van 494.
Mogelijk wel anders zal de
conditie zijn waarin de aardappelen
straks binnenkomen.
De oogst van de eerste pooten
tafelaardappelen is al
gaande. Wat we in de aankomende
bewaarperiode kunnen
verwachten, zijn glazige
aardappelen als gevolg van
doorwas. Voor de bewaring is
het van belang in hoeverre
deze glasknollen ook echt tot
waterzakken over zullen
gaan. Probeer met metingen
van het onderwatergewicht
dit zo goed mogelijk in te
schatten. Extra kiemlust zal
hierbij ook een rol spelen.
Voor kiemremming van consumptieaardappelen
is voor
de rassen die ertegen kunnen
een behandeling met ChloorIPC
bij inschuren nog altijd
de beste remedie. Waar telers
dit jaar wel rekening mee diereden
zijn om een inschuurbehandeling
noodgedwongen
over te slaan. Wel belangrijk
is het dit seizoen om ook bij
met MH behandelde partijen
toch goed op de eerste kiemingsverschijnselen
te letten,
aangezien deze kiemregulator
door de droge omstandigheden
tijdens toepassing wellicht
niet voldoende is opgenomen
in alle knollen. Sla
oogst van plekken waar de
doorwassituatie ernstig is
eventueel apart op, ook bij
overmaat van andere gebreken.
Let dit seizoen eveneens
weer op de storthoogte. Stort
bij bovengrondse kanalen
minimaal zo hoog als de
kanaalafstand, ook bij een
lagere opbrengst. Vorig jaar
was de storthoogte in sommige
schuren erg ongelijk,
wat (opnieuw) de nodige problemen
opleverde. Maak cellen
vierkant vol en zorg voor
een vlakke toplaag is daarom
(nog een keer) het advies.” ●
Terug
63
Aardappelwereld magazine • september 2018 • nummer 9
13
׉	 7cassandra://mYZ6IIQlWwzPapP56OSQHTRN58Vy2oW4NuneL7xfEvk`̵ c8K(c8K(߁{בCט   {u׉׉	 7cassandra://bBRAQQX3P_021tzITOQm4a9shqYTktR-4iKSk0KdwZw x`׉	 7cassandra://uqcyF_uaOELN9781mjTrklliEzvTWVILyWMxNxKv4l8s`S׉	 7cassandra://wEG_r-oWc_Ea6f0SDG8xAntC88WU7XqCNkq-Y0U1954 `̵ ׉	 7cassandra://vntv-ZIug1BAtT5zZG1_aZTlImrf-7m3fjfZ846Gdmc ņt͠c8K) 1ט  {u׉׉	 7cassandra://2WBn0PfCCjrh6cQ8AW_b0073PUQPqa6ZM1xh59eKJlU hP`׉	 7cassandra://AT7CDUpYUfg6TDoixAWTzaMhUaHRnnyVPunrrgTITFQp`S׉	 7cassandra://6Yzzl6kzLXlTbmEiQZ37Ztlp_4c3M-bWOvXxz52eBUM`̵ ׉	 7cassandra://XtID2Xz-tzhSaTXXc_qItFFM1IpirGmxk9nSDz1gXOQ ut͠c8K) 2נc8K) / 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) 0 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Overweeg mechanische koeling bij
langbewaring
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Laurens Persoon, werkzaam in de regio Flevoland.
Terug
64
“Bewaarseizoen 2018 loopt op
zijn eind. De meeste schuren
die zijn uitgerust met buitenluchtventilatie
zijn al enige
tijd leeg, en binnen nu en een
paar weken vertrekken ook
de laatste partijen uit bewaringen
met mechanische koeling.
Over het algemeen is
wat momenteel aan aardappelen
van de oude oogst nog
binnen ligt van de beste kwaliteit
van dit seizoen, daar
valt verder niet zoveel over te
zeggen. Wel over wat tot nu
toe zo lang mogelijk is
bewaard in schuren met buitenluchtventilatie.
Over het
algemeen kunnen we als
adviseurs constateren dat
langbewaring in schuren zonder
koeling steeds lastiger
wordt. Dit als gevolg van de
Voor allen die een schuur hebben met buitenluchtventilatie en die toch
langer willen blijven bewaren achten we het raadzaam eens te gaan
rekenen aan een investering in een (schuur met) koelinstallatie.
en achteruitgang van de (bak-)
kwaliteit tot gevolg. In sommige
gevallen is besloten tot
nog een extra gasbeurt met
‘Langbewaring met enkel buitenluchtventilatie
is steeds lastiger in Nederland’
gemiddeld hogere temperaturen
gedurende het hele jaar,
dus ook al vroeg in de maanden
mei en juni.
Langbewaring met buitenluchtventilatie
steeds lastiger
Ook dit jaar hadden aardappeltelers
met bewaaraardappelen
te kampen met zowel hoge
dag- als nachttemperaturen.
Daardoor steeg in veel schuren
de producttemperatuur al
gauw tot onbeheersbare waarden,
met extra snelle kieming
Chloor-IPC. Daarin schuilt bij
hogere producttemperaturen
echter al gauw het gevaar van
het ontstaan van inwendige
kieming. Een ras als Innovator
staat hier bekend om, maar
ook andere rassen kunnen bij
hoge knoltemperaturen te
maken krijgen met inwendige
kiemvorming. Dit seizoen
hadden veel telers ook nog
eens te kampen met relatief
veel rot, al tijdens het inschuren
van de aardappelen.
Daarbij was veel droging
nodig in de beginperiode, en
dat heeft ervoor gezorgd dat
knollen sneller zijn verouderd.
Nu, alle genoemde invloeden
maken dat langbewaring met
enkel buitenluchtventilatie
steeds lastiger is in Nederland.
Voor allen met dergelijke
schuren die toch langer willen
blijven bewaren achten we het
raadzaam eens te gaan rekenen
aan een investering in een
(schuur met) koelinstallatie.
Betrek daarbij ook direct afnemer(s)
van de aardappelen, is
ons advies. Dit om na te gaan
of de benodigde uitgaven
daarvoor ook zijn om te zetten
in winst.
Vergroot ventilatiecapaciteit
In het verlengde van dit
advies raden we aan om, voor
wie het betreft, eveneens te
kijken naar de capaciteit van
kachels en ventilatoren. We
constateren namelijk dat die in
een stijgend aantal gevallen
tekortschiet en dit gegeven
loopt parallel met de toename
van het inschuren van nat product
in combinatie met rot.
Belangrijk is dan om zo snel
mogelijk na het inschuren,
rekening houdend met de
wondheelperiode, het product
te drogen. Dat kan alleen met
voldoende kachel- en ventilatiecapaciteit.
Voldoende
kachelcapaciteit is aanwezig
wanneer je daarmee 1 m3
lucht met ongeveer 5 graden
kunt verhogen in de bewaarruimte.
De benodigde kachelcapaciteit
is hierbij afhankelijk
van de ventilatiecapaciteit.
Gaat het om ventilatiecapaciteit,
dan is gelet op de huidige
klimaat- en oogstomstandigheden,
al gauw 120 tot 140
kuub lucht per kuub aardappelen
gewenst. Zeker voor
partijen die bestemd zijn voor
lange bewaring. Verder raden
we aan om altijd even de werking
van de diverse voelers te
controleren, want de metingen
wijken nogal eens af tijdens de
bewaring, is de praktijkervaring.
Je checkt ze het handigst
door ze samen in een koker
met stilstaande lucht te plaatsen
en dan de gemeten temperaturen
te vergelijken. Waar
het eveneens nog weleens aan
schort, is het aantal voelers
per cel. Wij raden aan om
minimaal één producttemperatuurmeter
per 100 ton in de
cel te plaatsen voor betrouwbare
metingen.” ●
Aardappelwereld magazine • juli 2018 • nummer 7
17
׉	 7cassandra://wEG_r-oWc_Ea6f0SDG8xAntC88WU7XqCNkq-Y0U1954 `̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Let nu op bakkwaliteit
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
“De schuren in het zuidoosten
van Nederland raken al
aardig leeg. Toch ligt ook
hier her en der nog wat extra
aan aardappelen in de bewaring
vanwege de grote oogst.
Veelal gaat het om cellen in
schuren met buitenluchtventilatie
met product dat van
goede kwaliteit is geoogst.
Om die tot de late aflevering
in topconditie te houden, is
het belangrijk om deze partijen
nauwgezet te monitoren.
Ga als het kan iedere
dag de cellen in om de kiemlust
van de partijen te controleren.
Is de laatste gasbeurt
met Chloor-IPC al
enige tijd geleden uitgevoerd,
en kan het product
nog meer dan een maand in
de schuur blijven liggen,
overweeg dan nog een extra
behandeling met 10 milliliter
per ton. Het gebruikelijke
“In vergelijking met andere jaren hebben fritesaardappelen van diverse
rassen al vrij vroeg te kampen met een verminderde bakkwaliteit.”
die zijn ontstaan in de bewaring.
Nu zullen de meeste
van dergelijke partijen al
afgeleverd zijn, dus veel problemen
verwachten we hier
niet mee. Overleg bij twijfel
met de bewaaradviseur en
afnemer.
“Overleg bij twijfel met de bewaaradviseur
en afnemer”
advies om 30 tot 40 centimeter
diepe kuiltjes in de hoop
te graven om alert te blijven
op kiemgroei en rot blijft gelden.
In een enkele cel komen
nog drukplekken voor. Die
zijn van bovenaf niet altijd te
zien en komen veelal pas aan
het licht bij uitschuren. De
kans op drukplekken is aanwezig
wanneer in het begin
van het bewaarseizoen relatief
veel drooguren gemaakt
zijn vanwege rotte knollen
Frequent bakmonsters
nemen
Een ander punt van aandacht
is de controle van de bakkwaliteit.
In vergelijking met
andere jaren hebben fritesaardappelen
van diverse rassen
al vrij vroeg te kampen
met een verminderde bakkwaliteit.
Gelet op deze situatie
raden we telers aan om nu frequenter
bakmonsters te
nemen. Dus niet om de drie
tot vier weken, maar minstens
iedere veertien dagen. Alleen
bij hele goede partijen volstaat
de gebruikelijke interval. In de
afgelopen weken hebben we te
maken gehad met flink hogere
buitentemperaturen. Dat heeft
ook zijn weerslag op het
bewaarregime en soms ook op
het product in de bewaarschuren.
In cellen met mechanische
koeling zorgt het voor een
hoger energieverbruik en in
cellen met buitenluchtkoeling
zijn de binnenlucht- en producttemperatuur
vrijwel
overal opgelopen. Een kleine
temperatuurstijging van de
knollen is op zich geen probleem,
zolang er maar geen
sprake is van temperatuurschommeling.
Beter is het om
de knoltemperatuur met het
naderen van het aflevermoment
wat op te laten lopen en
deze dan vast proberen te
houden, in plaats van deze
weer omlaag te brengen.
Temperatuur schom melingen
bevorderen de ademhaling en
kieming met nog meer temperatuurverhoging
en extra CO2productie
tot gevolg.
Bijkomend nadeel is vochtverlies
en daarmee ook gewichtsen
kwaliteitsafname van de
aardappelen. Over het algemeen
valt het op dit moment
wel mee met de kieming in
partijen die nog in bewaring
liggen. Alleen in de schuren
waarin het afgelopen voorjaar
problemen met condens aan
de orde waren, is nu meer kieming
waar te nemen. Dat
betreft dan vooral schuren met
een minder goede isolatie.
Maak lege schuur snel
schoon
Is de cel of de schuur leeg,
maak deze dan zodra de eerste
gelegenheid zich voordoet
letterlijk grondig schoon.
Grond en knolresten in de
roosters en kanalen kunnen
een volgend bewaarseizoen
veel hinder opleveren, zeker
wanneer nat product en
grond binnenkomt. Veelal zie
je daarna al snel problemen
met rot door onvoldoende
ventilatie ontstaan. Kijk verder
ook de ventilatoren na,
maak indien nodig de bladen
schoon en controleer de werking
door ze een keer met een
debietmeter door te laten lichten.
Dezelfde tip gaat op voor
de voelers in de bewaring.
Soms, dat kun je zien aan de
soms grote afwijking van
metingen in het bewaarseizoen,
is vervanging nodig.
Aarzel dan niet en schaf tijdig
nieuwe aan.” ●
Terug
65
Aardappelwereld magazine • juni 2018 • nummer 6
15
׉	 7cassandra://6Yzzl6kzLXlTbmEiQZ37Ztlp_4c3M-bWOvXxz52eBUM`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://wYXs7c3lx_n4_uGCjsSmOTasMRptWDtTdhTDA1G6w8o J`׉	 7cassandra://ZCwp2iutgK4ppzlk1c_LPGo_h6HS3SK7xGLJsYwYdR0uD`S׉	 7cassandra://VbKe7uGhgwOoImTk568ybnMLDjJ4-F4Pfic0gj6WrPE m`̵ ׉	 7cassandra://erclGgBNHbfvIk1QIcwHvECZ6SIL7I3wZj4GYjlKVXM t͠c8K) 6ט  {u׉׉	 7cassandra://enM1oVQnzPfTfJ1XiIIMviNzewEcM8oQ2178nO4eC5M Y`׉	 7cassandra://l3dFOmfbQNLscaj9o7z2ApdaenHmNQ7gwYuSwQc1c-4u`S׉	 7cassandra://xJIxEDx0jCGFTed6MquqUmQtndh7xmDjvRm_aQ0DDm0!|`̵ ׉	 7cassandra://nB2leHKcJRc-2nrUr8J5NDxSBaz_B9hvWyZZTiMeS2g t͠c8K) 7נc8K) 4 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) 5 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EJBEWAARCOLUMN
Temperatuur omhoog?
Pas computerinstellingen aan!
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek, werkzaam in de regio Tholen/West-Brabant.
Terug
66
“Inmiddels is een periode aangebroken
met hogere temperaturen
en dat vraagt weer om
een ander bewaarregime dan
in de maanden hiervoor. Dit
seizoen vragen wij de telers
extra alert te zijn, want de
conditie van de bewaaraardappelen
is in verschillende
regio’s gemiddeld minder ten
opzichte van voorgaande
jaren. Dit heeft te maken met
het feit dat er bij veel cellen
enorm veel externe uren
gemaakt zijn en er partijen zijn
waar nog steeds nieuw rot bijkomt.
Ook constateren we dat
al vrij vroeg fritesaardappelen
van diverse rassen te kampen
hebben met een verminderde
bakkwaliteit. Gelet op deze
situatie raden we telers aan
om nu frequenter bakmonsters
te nemen. Dus niet om de drie
tot vier weken, maar minstens
iedere veertien dagen. Alleen
stellingen die in het algemeen,
en zeker voor de mindere
Wanneer je temperatuursverschillen gaat aanpassen, hoor je dat ook te
doen voor de instelling van het vocht­ of dauwpuntsverschil.
hoog percentage rot dat nog
niet helemaal ingedroogd is,
nieuw of oud, wijzen we erop
tijdig hun product af te leveren.
Als het goed is, hebben
ze op de hoop kuiltjes
gemaakt, en weten ze precies
waar de rotnestjes zich bevin“Let
bij een warme periode extra op
lekvocht wanneer in een cel her en der
nog een rotte knol voor kan komen.”
bij hele goede partijen volstaat
de gebruikelijke interval.
Meest positieve uitzondering
is het ras Markies dit jaar. Al
mijn klanten met Markies hebben
nog een hele goede bakkwaliteit.
Lever
product met te hoog
percentage rot op tijd af
Telers met nog steeds een
den. Wat ik adviseer is om tijdens
het kuiltjes graven te tellen
hoeveel goede en nog niet
ingedroogde rotte aardappelen
u eruit haalt. Kom je daarbij
aan een percentage van 10
tot 15 procent rot, en verdeeld
over de cel, dan is het wat mij
betreft tijd om afscheid te
nemen van de partij. Telers
moeten beseffen dat, nu de
buitentemperaturen flink
hoger kunnen zijn, in schuren
zonder mechanische koeling
de temperatuur omhoog kan
kruipen en dat rot daarin snel
onbeheersbaar uit kan breiden.
Zeker wanneer lage
(nacht)temperaturen ontbreken
om met buitenlucht te
kunnen koelen, wat gelijk
staat aan drogen. Het gevolg
daarvan is dat je vaak veel
meer intern gaat ventileren
om het vrijkomend lekvocht
te verdelen, maar dat je dat
vocht niet kwijtraakt. Dus ook
een goede partijcontrole tijdens
de drukke voorjaarswerkzaamheden
is dit jaar
heel belangrijk om te volgen
of u gewoon lang kunt bewaren
of om vroegtijdig eventueel
problemen te voorkomen.
Stel ook dauwpuntsverschil
juist in
Dan willen we graag nog wijzen
op een paar computerinbewaarpartijen,
extra aandacht
vragen. Zorg er bijvoorbeeld
voor dat het verschil tussen de
buitentemperatuur en de producttemperatuur
niet meer
dan 1,5 graden hoeft te zijn,
dus vrij krap instellen om
meer externe uren te kunnen
maken. En laat het verschil
tussen de kanaaltemperatuur
en producttemperatuur groot
genoeg staan, 2,5 tot 3 graden,
zodat lage nachttemperaturen
goed benut kunnen worden
om in te koelen. De eerste
instelling bepaalt namelijk
wanneer de computer de buitenluiken
opent, en de tweede
instelling bepaalt hoe koud
het in het kanaal mag worden.
Komen we gelijk bij de volgende
beperking: de maximale
inkoeling per etmaal. Stel deze
in op 1,5 tot 2 graden, want
anders kan dit een beperking
opleveren tijdens de spaarzame
inkoelmomenten.
Wanneer je de genoemde temperatuursverschillen
gaat aanpassen,
hoor je dat ook te
doen voor de instelling van
het vocht- of dauwpuntsverschil.
Dat zal in het algemeen
wat te hoog ingesteld staan en
moet dan ook omlaag. Let bij
een warme periode extra op
lekvocht wanneer in een cel
her en der nog een rotte knol
voor kan komen, ook wanneer
het merendeel van de rotte
knollen al ver is ingedroogd,
want dit kan op termijn toch
weer nieuwe rotte knollen veroorzaken.
●
Aardappelwereld magazine • mei 2018 • nummer 5
17
׉	 7cassandra://VbKe7uGhgwOoImTk568ybnMLDjJ4-F4Pfic0gj6WrPE m`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Drukplekken? Neem bij twijfel een bakmonster
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Laurens Persoon, werkzaam in de regio Flevoland.
“Nu de partijen voor korte
bewaring en die met kwaliteitsgebreken
uit de schuren
vertrokken zijn, is het van
belang de volle aandacht op
de achterblijvers te richten.
Dat zijn immers de beste
aardappelen die mogelijk ook
het meeste geld in het laatje
brengen. Controleer daarom
het nog lang te bewaren product
met regelmaat. Wanneer
de aardappelen onder ideale
omstandigheden zijn ingeschuurd,
en rot daarbij niet
voorkwam, dan volstaat een
wekelijkse controle. Was de
situatie tijdens het rooien en
inschuren minder fraai, ga
dan minstens een paar keer
per week de cellen in, ook als
het voorjaarswerk volop losbarst.
Extra opletten is vooral
nodig wanneer het afgelopen
najaar noodzakelijk was om
het product langdurig droog
te draaien. Op sommige plaatsen,
vooral waar veel ventilatie-uren
voor droging
gemaakt zijn, is de kans op
vorming van drukplekken
namelijk groot en die zien we
her en der ook aan het licht
komen. De eerste signalen
voor drukplekvorming kunnen
telers zelf zichtbaar
maken door knollen door te
snijden en daarbij te letten op
eventuele blauwverkleuring
onder de drukplek. Verder
zien we dat in sommige partijen
de bakcijfers wat oplopen.
Laat bij twijfel een bakmonster
nemen om hier de
bewaarstrategie op af te stemmen.
Bij vrij hoge bakcijfers is
via re-conditionering een
de kwaliteit en bewaarbaarControleer
het nog lang te bewaren product met regelmaat.
prima beeld te krijgen of de
partij nog langer te bewaren
is. Bewaar hiervoor een monster
ongeveer 2 weken bij
circa 15 graden Celsius en laat
dan de bakkwaliteit bepalen.
De mate van daling van het
cijfer geeft aan of bewaring
nog mogelijk is tot het
geplande moment van afleveren.
Door dan een aantal
weken het product warmer te
bewaren kan dan het proces
van suikervorming ook nog
omkeren, waardoor de bakkleur
juist weer verbetert. Bij
vorming van verouderingsversuikering
helpt bovenstaande
maatregel echter niet.
Poot diep genoeg
Wat verder opvalt aan de
aardappelen die in onze werkregio
in de schuur liggen en
lagen, is het hogere percentage
groen. Nu is daar tijdens
de bewaring niets meer aan te
veranderen. Toch willen we
hier nog wel even de aandacht
op richten. Nu of binnenkort
gaan de pootmachines
weer het veld op en groen
valt het meest te voorkomen
door poters diep genoeg in de
grond te leggen. Dat lukt
alleen bij voldoende diepe
grondbewerking. Dit om voldoende
inwendige rughoogte
te krijgen. Daarvoor hoort de
(onder)grond droog te zijn,
anders lukt het niet om deze
goed los te maken voor de
benodigde verkruimeling.
Wie bij de pootbedbereiding
niet diep genoeg werkt, kan
dit bij de rugopbouw niet
meer herstellen.
Gas op tijd met Chloor-IPC
Na dit zijspoor over een kwaliteitshandeling
buiten de
bewaring, richten we de aandacht
weer vol op de aardappelen
in de schuur.
Temperatuurschommelingen
hebben we dankzij de relatief
lage temperaturen van de
voorbije maand nauwelijks
gekend. Wel kwamen door
vrieskou af en toe problemen
met condensvorming aan het
licht. Vocht is echt funest voor
heid van het product. Zijn
condensventilatoren aanwezig,
laat ze dan ook op tijd
draaien. Dus let op de weersvoorspellingen.
Komt er nog
nachtvorst, zet de condensventilatoren
dan ruim voor de
temperatuurdaling aan. Dat
kan handmatig, maar is dikwijls
ook in te programmeren
in het bewaarprogramma.
Dan is in deze periode eveneens
extra aandacht nodig
voor de kieming. Sommige
partijen, soms rasafhankelijk,
zijn dit seizoen meer kiemlustig
dan anders. Van belang
hierbij is tijdig gassen met
Chloor-IPC, wijk niet af van
de aanbevolen intervallen en
dosering. Let vervolgens in
de komende periode ook op
het CO2-gehalte in de bewaring.
Zeker in cellen met goed
product, waar relatief weinig
ventilatie-uren nodig zijn, is
het raadzaam elke dag 10 tot
15 minuten de lucht in de
bewaarruimten te verversen.
Ook dit kan met de hand of is
in te programmeren in de
bewaarcomputer. Zeker in
goed geïsoleerde bewaarplaatsen
is dit een aandachtspunt.”
●
Terug
67
Aardappelwereld magazine • april 2018 • nummer 4
13
׉	 7cassandra://xJIxEDx0jCGFTed6MquqUmQtndh7xmDjvRm_aQ0DDm0!|`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://KqCKtXyejGaX_TeMtPnfo1KdviEGDGZnquhKJdsCiGY 
`׉	 7cassandra://uuoM4gVshzjI0X4aBSSU2PCTa_JPMbW0cRQbsOZLzNEy[`S׉	 7cassandra://Ed6W-aL02c-msMi729CCWd0uNv2oS8XGK5p8l49qvYU"
`̵ ׉	 7cassandra://Asf8SCW-01J_T-ibMqMx9iPei8l1E90fuYCSD1Zh_9Y t͠c8K) ;ט  {u׉׉	 7cassandra://foGfCNXnZsjDmqnIqU1GBV99KFLwqzZJGZcnFupJOek `׉	 7cassandra://ILEr0uvRZ2AEWvJdtvhwbItrBBlJOFEFGLEKxCyr7iwzr`S׉	 7cassandra://8RI-BhHbD6w88Uau_Kxj4KmMDhdhBlbEvN4Aougl0rw!`̵ ׉	 7cassandra://gfqdkunZyrbtNl03BcW1k1JsDmpjP7JxVyp_e4XxDsM 7t͠c8K) <נc8K) 9 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) : 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Laat de aandacht niet verslappen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze column delen vier deskundige
bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam
in de regio West-Brabant.
“D
e bewaarsituatie is zeer
wisselend in Nederland, zeker
in de schuren in het
Terug
68
Zuidwesten. In een deel van de
schuren waar problemen met
rot waren, zijn die gelukkig
goed onder controle. Nog
steeds duiken echter met regelmaat
verrassingen op in cellen
waar tot half februari nog weinig
of niks aan de hand was.
Ineens komt dan een rotte plek
aan het licht door lekvocht in
de kanalen, veelal niet van
bovenaf gesignaleerd, omdat
de ellende dieper ligt. Het probleem
manifesteert zich dan
midden en/of onder in de
aardappelhoop en ook nogal
eens in de randen of hoeken
van een cel. Het blijft dus continu
opletten geblazen waar
product met meer rot is ingeschuurd
of minder ventilatielucht
krijgt. We raden daarom
iedereen, met her en der nog
rotte knollen in de cel, aan om
niet alleen boven op de hoop
een dagelijkse controle uit te
voeren, maar ook in de kanalen
te kijken naar eventueel lekvocht.
Laat de aandacht ook
niet verslappen wanneer het
landwerk weer begint. Wij zien
ieder jaar weer dat telers dan
verzuimen om in de aardappelbewaring
te kijken, wat gezien
de huidige situatie niet slim is.
Drukplekken? Ga in overleg
met afnemer
In veel schuren met rot is het
bewaarregime blijvend gericht
op relatief veel intern ventileren
om het vocht van nog alsmaar
lekkende knollen door
Laat de aandacht ook niet verslappen wanneer het landwerk weer begint
de partij te verspreiden. Bij
deze partijen staat de computer
op het bewaarprogramma.
De hoeveelheid aan externe
inkoeluren in deze maanden is
daarbij beperkt, gelet ook op
de lage buitentemperaturen.
Een paar keer per week een
halve graad Celsius inkoelen
kost niet veel externe uren.
Wil je extra vocht afvoeren
door meer uren met buitenlucht
te draaien, dan is het aan
te raden het temperatuurverschil
bij het inkoelen te beperken
tot bijvoorbeeld 0,5 tot 1
graad Celsius. Moet er nog
meer vocht afgevoerd worden,
dan is het droogprogramma
weer in beeld. Drogen lukt
vaak in maart weer beter dan
in de wintermaanden. De RV
van de buitenlucht is gemiddeld
lager. Verder is actueel
een toename aan meldingen
van drukplekken in bewaarplaatsen.
De bewaarduur van
dergelijke partijen is meestal
beperkt door achteruitgang
van de in- en uitwendige kwaliteit.
Dit geldt met name voor
tafelaardappelen. Veelal zie je
de drukplekken pas bij het uitschuren
van een partij en dan
is het al te laat. Inschatten of je
partij ook met drukplekken te
maken krijgt, is een kwestie
van terug redeneren. Was er
veel sprake van rot en heb je
veel moeten ventileren, dan is
de kans op het ontstaan van
drukplekken onder in de partij
groot. We adviseren om tijdig
in overleg te gaan met de
afnemer om eventueel laat
geplande afleverdata van dergelijke
partijen naar voren te
halen. De laatste weken hebben
we ook te kampen gehad
met een langere periode van
lichte tot matige vorst. Dat
leverde weer de nodige condensvorming
op in schuren.
Dat vormde nauwelijks problemen
daar waar de condensventilatoren
tijdig zijn aangezet,
dus al ruim voor het
intreden van de vorstperiode.
Wat we nog weleens zien, is
dat ook in schuren met condensventilatoren
aan op bijvoorbeeld
koudebruggen of
plekken met slechte isolatie
alsnog condensvocht ontstaat.
We raden dan aan om op de
hoop, onder die paar plekken
waar het druppelt, bijvoorbeeld
een houten plaat op de
aardappelen te leggen, zodat
de druppels op die ene plek
niet diep de aardappelen in
kunnen dringen, want dan
kunnen ze op die plaats rot
veroorzaken. Vallen ze op de
plaat, dan spatten de druppels
uit elkaar en ben je de piekbelasting
aan vocht op die plek
kwijt.
Ventilatiecapaciteit schiet
soms tekort
Wat dit seizoen extra opvalt,
is dat het ventilatiesysteem in
schuren met bovengrondse
kanalen nogal eens tekortschiet
en dat in partijen met
volledige roostervloeren minder
problemen voorkomen.
Ook zien we meer problemen
in schuren waarin twee aparte
cellen slechts één gecombineerde
ventilatieregeling hebben.
Bij (rot)problemen in één
van de twee cellen kun je dan
niet apart sturen. Dan blijkt
dit seizoen eveneens zonneklaar
dat de ventilatiecapaciteit
van de ventilatoren steeds
meer tekortschiet voor moeilijke
situaties met veel rot.
Dat vraagt om meer ventilatiecapaciteit.
Dus in plaats
van 100 kuub lucht per kuub
aardappelen adviseren we zo
zoetjesaan na te gaan denken
over plaatsing van ventilatoren
met een capaciteit van
120-130 kuub lucht per kuub
aardappelen, zeker voor partijen
die bestemd zijn voor
lange bewaring.” ●
Aardappelwereld magazine • maart 2018 • nummer 3
13
׉	 7cassandra://Ed6W-aL02c-msMi729CCWd0uNv2oS8XGK5p8l49qvYU"
`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Soms te veel rust in de bewaarschuur
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
“I
n tegenstelling tot andere
aardappelgebieden is de situatie
in de bewaarschuren in
Zuidoost-Nederland aan het
begin van 2018 als relatief rustig
te omschrijven. Te rustig
soms. In dit geval doel ik op
de te lange afwezigheid van
sommige telers in de aardappelcellen.
In een enkel geval
geven telers aan tot wel drie
weken niet naar hun product
te hebben omgezien. Dat kan
echt niet. Eén rondgang per
week over alle aardappelen is
wel het minste dat je hoort te
doen om negatieve verrassingen
te voorkomen. En ook al
hebben we weinig rot in de
cellen, het komt wel voor. Zou
je rottende aardappelen drie
weken de kans geven te lekken,
dan heb je zo een hoop
ellende in de schuur. Dus het
advies is, inspecteer de aardappelen
met intervallen van
maximaal zeven dagen en niet
alleen via de bewaarcomputer.
Vergeet ook niet om eens
onderin de drukkamer te kijken
of je misschien lekvocht/
water ziet onder de kanalen/
roosters. Loop bij de controle
kruislings over de hoop, graaf
kuiltjes van 30 tot 40 centimeter
en laat ze op liggen, zodat
je een volgende keer weet
waar je al gekeken hebt. Wat je
als teler ook moet laten liggen,
zijn de rotte knollen die hierin
gevonden zijn. Daaraan kun je
bij een volgende inspectie zien
of een eventueel getroffen ventilatiemaatregel
positief effect
heeft gehad. De tip is in dit
geval een herhaling die nog
steeds nodig blijkt.
De situatie aan het begin van 2018 is relatief rustig.
Voorkom condensvorming
Verder is het belangrijk om in
deze winterperiode condensvorming
in de gaten te houden.
Het gros van de cellen is
goed geïsoleerd en vele zijn
keurig voorzien van condensventilatoren.
Alleen constateren
we als adviseurs steeds
vaker dat deze niet draaien
wanneer het juist nodig is. Je
moet ook niet wachten tot
dak, wanden en de aardappelen
nat zijn van de condens,
maar ze al draaien voordat
het zover is. Zet ze op dagen
met lage buitentemperaturen
gewoon handmatig aan wanneer
het computerprogramma
dit niet automatisch regelt.
Heb je eenmaal vocht op de
aardappelhoop, dan zal je ook
zien dat daarin de kieming
sneller op gang komt, met als
gevolg een versnelde achteruitgang
van de (bak)kwaliteit
en bewaarduur. Nu is de kieming
dit seizoen toch al relatief
vroeg op gang gekomen,
ook in bewaarschuren in het
zuidoosten. De eerste gasbeurten
zijn al achter de rug
en eveneens opvallend veel in
aardappelpartijen waarin MH
als kiemremmer is toegepast.
We constateren al enkele
jaren, ook dit jaar weer, dat
partijen die tijdens het
inschuren behandeld zijn met
vloeibare middelen met
Chloor-IPC het rustigst zijn.
Mankementen aan voelers
Ook al is de algehele situatie
in de bewaarschuren als relatief
rustig te omschrijven, dan
wil dat nog niet zeggen dat er
geen rot in de bewaarschuren
te vinden is. De situatie van de
aardappelen is tussen de verschillende
bezoekmomenten
soms sterk veranderd en dat
betekent dat we dit bewaarseizoen
meer moeten bijsturen en
bijstellen aan de bewaarcomputer.
De onderlinge verschillen
in bewaarschuren zijn
soms groot, waardoor ook de
ventilatieregimes erg verschillen.
Daar waar nauwelijks
sprake is van rot, liggen de
aardappelen van eind december
op bewaartemperatuur en
zijn telers met interne ventilatie
bezig om de temperatuur
van het product overal gelijk
en tevens constant te houden
en eventueel lekvocht weg te
drogen. Dat gaat prima zolang
alle technieken goed werken.
Wat we dit seizoen in extra
mate constateren, is dat we
veel mankementen aan voelers
aantreffen, zowel voor temperatuur
als relatieve luchtvochtigheid.
Dat is te zien aan de
soms opvallend grote meetverschillen,
die nauwelijks te verklaren
zijn door (grote) verschillen
in producttemperatuur
of zeer lage of schommelende
RV. Wij raden daarom telers
altijd aan om voor het bewaarseizoen
alle voelers te testen
op hun werking, om problemen
zoals we nu aantreffen te
voorkomen. In cellen waarin
wat meer sprake is van rot
sinds het inschuren, is tot
begin januari nog wel extern
geventileerd, soms met
gebruik van het droogprogramma.
Bij deze partijen lag
de producttemperatuur lange
tijd nog wat hoger dan de
gewenste bewaartemperatuur
om het rot wat sneller een halt
te kunnen toeroepen. Meestal
was dit het geval in partijen
van het ras Fontane. De producttemperatuur
was dan nog
zo’n 9 graden Celsius en
inmiddels is deze met het
inkoelprogramma vrijwel
overal teruggebracht naar 7,5
graden Celsius. In deze periode
is het zaak om goede partijen
aardappelen dagelijks om
de vier uur te ventileren gedurende
een half uur tot drie
kwartier.” ●
Terug
69
Aardappelwereld magazine • februari 2018 • nummer 2
13
׉	 7cassandra://8RI-BhHbD6w88Uau_Kxj4KmMDhdhBlbEvN4Aougl0rw!`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://lhCgn2BlQugZkuHiRVE5e1gMpxEf8RYlI6TrmIEuxZc `׉	 7cassandra://0ZzLfrK2l6r4iYiq4qJxt222RmxMl2tWSNCz7Hwdw-cs `S׉	 7cassandra://tyJu7UdydpEUvGQ8OSs6ZrfdooZ8gUlUrVir0tGett0 D`̵ ׉	 7cassandra://XgHxEFTQODV9fV8MlfYmR-s18FB_DuTf8m3fkwezTG0 t͠c8K) @ט  {u׉׉	 7cassandra://LJMuOpouDbUf_W1XaopqqJWXuCjGQtSNqJ6ZeCCmNK8 `w`׉	 7cassandra://Rfw43JmPSXCtMDIEWSIW2gPyBL8kPNxpSIC6IFsJDB0q`S׉	 7cassandra://DrotITknxtdkXkI_KGMvE8hNUI8d-CePs02qCTRZ7p4`̵ ׉	 7cassandra://HGehJ35G89rJhuyUoMKlmSEHDN7zFdmZptq-SHDgB7g x͠c8K) Aנc8K) > 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) ? 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EkBEWAARCOLUMN
Blijf naar lekvocht speuren
In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek, werkzaam in de regio Tholen/West-Brabant.
“A
angezien telers nog
Terug
70
steeds problemen ervaren met
rot in de bewaarplaats, is en
blijft het advies: controleer
elke dag het product. Ook
wanneer zich nog geen ‘rottigheid’
heeft gemanifesteerd,
maar wel bekend is dat de
partij een rotte knol kan
bevatten. Kijk daarom ook
regelmatig in de ventilatiekanalen
en ga er een eindje in
wanneer je dat kunt.
Sommige telers gebruiken
hiervoor een monteursbed,
zo’n verrijdbaar ligkarretje
dat automonteurs gebruiken.
Zaklamp erbij en dan maar
speuren naar plekken met
lekvocht tussen de spleten.
Wanneer je daarbij ook even
terugdenkt aan de omstandigheden
rondom het inschuren,
dan hoef je niet altijd blindelings
op zoek te gaan naar
probleemplekken. Waar
kwam de inhoud binnen van
kippers met wat meer rot dan
normaal, waar stond de hallenvuller
even wat langer stil
bij terrasopbouw, is de stortbak
in de regen nog leeg
gedraaid? Op extreme plekken
als deze komen veelal de
meeste rotproblemen aan het
licht. Er zijn dit jaar met regelmaat
cellen zonder geurtje terwijl
het wel kan druppelen in
het kanaal. Denk dus niet, ik
ruik niks, er zal dan ook wel
niets aan de hand zijn.
Bij veel lekvocht terug naar
droogprogramma
In een normaal jaar zullen
telers in de maand januari
net ingeschuurde aardappelen
gaat dit ook nog eens veel
makkelijker dan droge aardappelen.
Waar
stond de hallenvuller even wat langer stil bij terrasopbouw? Op extreme
plekken als deze komen veelal de meeste rotproblemen aan het licht.
hun aardappelen nauwelijks
extern ventileren. De computer
is dan meestal op het
bewaarprogramma ingesteld
om daarmee de producttemperatuur
constant te houden.
Bij constatering van veel lekvocht,
en uitloop hiervan in
de loop van de tijd, adviseren
we onder de huidige omstandigheden
soms de computer
terug op het droogprogramma
te zetten. Hou daarna dagelijks
strak in de gaten wat er
met het lekvocht gebeurt.
Laat de computer op het
droogprogramma staan
zolang je uitloop van lekvocht
waarneemt. Voor iedereen die
op dit moment goed product
in de schuur heeft, met
licht(grijs) gekleurde grond,
maar toch nog de kans heeft
op her en der een lekkende
rotte aardappel, adviseren we
wat meer intern te ventileren
dan normaal. We zien dit seizoen
namelijk vrij veel onverwacht
rotte knollen ontstaan
op een later tijdstip in de
bewaring dan gebruikelijk
zoals bijvoorbeeld
Phytophthora. Verder vragen
we aandacht voor de uiteinden
van cellen, daar waar
product vanaf een meter
hoogteverschil vanaf de vloer
of de bovenste keerplanken
tot maximale storthoogte
schuin oploopt. Op deze plekken
constateren we nogal
eens te weinig luchtdoorstroming,
waardoor op die plekken
rot sneller kans heeft om
snel om zich heen te grijpen.
Af en toe komen we nog cellen
tegen die we gekscherend
een Himalaya-gebergte noemen.
Dat is natuurlijk vragen
om problemen. In de toppen
komt vaak onvoldoende ventilatielucht
en zie je bij aanwezigheid
van rotte knollen
na een tijdje soms gewoon
riviertjes met lekvocht ontstaan.
Het advies was, is en
blijft daarom, vlak elke hoop
direct na inschuren af. Met
Let op kiemen en vermijd
condensvorming
Dan nog twee andere actuele
onderwerpen. De eerste is,
vermijd condensvorming in de
cellen. Condensventilatoren
behoren al te draaien voordat
condens zich kan gaan vormen.
Het in- en uitschakelen
gaat bij sommige computerprogramma’s
vanzelf. Dat is
mooi, want je start dan altijd
op tijd. Heb je die automatische
schakeling niet, zet ze
dan tijdig handmatig aan,
meestal als het buiten kouder
dan 5 graden wordt en laat ze
dan gewoon continu draaien.
Heb je een schuur met minder
goede isolatie, plaats dan een
temperatuurvoeler bij de
koudste wand in het product.
Zo weet je in de wintermaanden
hoe koud nu écht de
aardappelen zitten. Het
tweede onderwerp dat we
nog even willen duiden is
kieming. Aardappelen zijn
vrijwel overal kiemlustiger
dan in een gemiddeld jaar.
Heel bijzonder is dat we zelfs
al voor half december aardappelen
die tijdens het inschuren
met Chloor-IPC behandeld
waren al twee keer een
gasbeurt hebben moeten adviseren.
Ook partijen behandeld
met MH zijn dit jaar eerder
kiemlustig dan gemiddeld. ●
Aardappelwereld magazine • januari 2018 • nummer 1
13
׉	 7cassandra://tyJu7UdydpEUvGQ8OSs6ZrfdooZ8gUlUrVir0tGett0 D`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Situatie lijkt stabiel,
maar schijn kan bedriegen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Laurens Persoon,
werkzaam in de regio Flevoland.
“Zoals vorige maand al duidelijk
bleek, loopt de situatie
in de Nederlandse bewaarschuren
erg uiteen, zowel
tussen de regio’s als daarbinnen.
In provincies als
Zeeland, West-Brabant, delen
van Zuid-Holland en NoordHolland
kwamen behoorlijk
veel problemen met rot aan
het licht. In sommige schuren
was zelfs sprake van een
onbeheersbare uitbreiding
van rot en moesten cellen
voortijdig weg voor directe
afzet. In andere gebieden viel
het mee, maar ook daar zijn
rotte knollen ingeschuurd.
Op dit moment lijkt de situatie
stabiel, maar schijn kan
bedriegen. Voor overal waar
rot nog een probleem is en/
of bijna is geweken, is en
blijft alertheid gewenst. We
raden aan om in schuren
waar rot nog een rol speelt,
de producttemperatuur niet
te snel naar de minimale
bewaartemperatuur te brengen.
Hou deze zolang knollen
met lekvocht zichtbaar
zijn op zo’n 10 graden
Celsius.
Droog met frequentie
Is de buitentemperatuur te
laag om mee te ventileren,
schakel dan de kachels in om
de gewenste drogende lucht
door het product te kunnen
blazen. We adviseren om met
frequentie een droogactie te
hebben. Bijvoorbeeld twee tot
vier keer een uur, afhankelijk
Belangrijk in cellen, waar rot nog een rol speelt, is om dagelijks te controleren
op lekvocht.
van de bewaarsituatie.
Overleg bij twijfel met een
adviseur voor de beste strategie.
Het komt ook nog wel
voor dat telers maar een
kwartiertje achtereen ventileren.
Dat is te kort. Zo kost het
tijd voordat de ventilatoren
op volle capaciteit zijn en
afhankelijk van de celgrootte
duurt het ook nog een heel
aantal minuten voordat de
luchtstroom voldoende door
het hele product is. Verder
blijven we herhalen dat regelmatige
productcontrole een
noodzaak is, ook bij ogenschijnlijk
goed product in de
schuur. Dat is in de periode
na inschuren wederom gebleken
in de regio’s met de
meeste rotproblemen. Daar
kwamen partijen voor die er
bij inschuren goed uitzagen,
maar na een paar weken toch
volop met rot te kampen kregen.
Vooral daar waar niet tijdig
is gecontroleerd, is
schade.
Laat rotte knollen liggen
Belangrijk in cellen, waar rot
nog een rol speelt, is om
dagelijks te controleren op
lekvocht. Daarbij doelen we
op de controle van de onderliggende
rotte knollen in de
hoop. Graaf daarvoor kuiltjes
tot 30 centimeter op de plek
waar rot al bovenop zichtbaar
is. Laat na controle de rotte
knollen, ook bovenop, liggen,
zodat zichtbaar blijft waar de
probleemplekken zich bevinden
en het proces en resultaat
van drogen ook beter te volgen
is. Let ook op de droging
van de grond in de partij. Zie
je die opgrijzen, dan weet je
dat de droging doorzet. Komt
in een partij maar weinig rot
voor, hier en daar een knol,
en is de grond al opgedroogd,
dan is het raadzaam om dagelijks
in blokken intern te ventileren.
Bij ventilatie dient de
drogere grond als buffer om
het vocht uit de enkele rotte
knollen te absorberen. Goede
partijen, zonder rot, kunnen
in deze periode naar de
gewenste minimale bewaartemperatuur
gebracht worden.
Daarbij mag het verschil
tussen de kanaal- en producttemperatuur
best wat groter
zijn om in kortere tijd zonder
al te veel droogverliezen de
knoltemperatuur te verlagen
tot het gewenste niveau. Ten
aanzien van de bakkwaliteit
adviseren we maximaal 1
graad per week. Komt in
meer of mindere mate rot
voor, dan is het beter om, in
combinatie met drogende
lucht, te kiezen voor een langere
ventilatietijd per keer en
voor een kleiner temperatuurverschil
tussen die van de
kanaallucht en die van het
product.
Kieming begonnen
In sommige cellen zijn inmiddels
ook al wat tekenen van
kieming zichtbaar. Vooral in
de regio’s met rot is de kieming
op diverse plaatsen al
wat eerder op gang gekomen.
Ook hierbij is regelmatige
waarneming van het product,
liefst dagelijks, van belang om
tijdig een eerste behandeling
met een kiemremmingsmiddel
uit te voeren.” ●
Terug
71
Aardappelwereld magazine • december 2017 • nummer 12
13
׉	 7cassandra://DrotITknxtdkXkI_KGMvE8hNUI8d-CePs02qCTRZ7p4`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://YTwNiqrsK9jekN3BbyQWVOaf8sN_lJ91Un_R-qcX01c >Y`׉	 7cassandra://D-bVrDtIj-DdTWB7qWv2YKrG9nvv-XQd4El65tw0eSUo`S׉	 7cassandra://-92WkJojUGfi49YhJ5y6MXWZ5Q0TGM_7vPgwVhb3SsM	`̵ ׉	 7cassandra://3Hz2JJB_VwwUeGoi9zXC-rJKU4i_13d7jHrBsUuVf0Q x͠c8K) Eט  {u׉׉	 7cassandra://x4qLA9dZdlvLk0ins9a-x6mUjjaU0I3xogly-sgn4E8 t`׉	 7cassandra://xzH1LKwI9sehK52mCJSxF1GmX2Jw6OPwtZRn5Y25bngrk`S׉	 7cassandra://vmr6xW43wRm0oQ33sMbHDN3ROEFb4hibZiL8yRzD6f4!`̵ ׉	 7cassandra://C58frPoXbY9rB3z_G0eevRamc_dRAknKCaUGnZp98v8 t͠c8K) Fנc8K) C 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) D 9C9 ׉SG
ׁׁr׉E!BEWAARCOLUMN
Hou dauwpuntverwachting altijd
goed in de gaten
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig zijn in Nederland experts te
raadplegen die hier verstand van hebben. In deze column delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
Terug
72
“Laten we maar even met een
tweetal positieve waarnemingen
beginnen. Een bemoedigende
constatering is dat veel
aardappeltelers met rot in de
percelen geduldig hebben
gewacht op het meest gunstige
rooimoment. En dat was
dit jaar het moment waarop
de knollen, vooral in plekken
met zuurstofgebrek, zoveel
mogelijk waren weggerot. We
zien in vroeg gerooide percelen
met meer ingeschuurde
rotte knollen, zeker na een
aantal weken, veel meer problemen
dan in later gerooide
percelen. We zien ook steeds
meer aardappeltelers die
rondom het inschuren verstandig
omgaan met een natgeregende
vracht. Deze vrachten
gaan niet altijd meer
direct de schuur in tussen de
andere aardappelen. Ze blijven
terecht een aantal dagen
op de kipper staan of krijgen
een plek elders.
Blijf op gepaste afstand van
rotte plekken
Toch hebben sommige telers
nog te veel rotte knollen uit
slechte plekken ingeschuurd.
Enkelen hebben er daarbij
voor gekozen om vrachten
met veel rot wat te verdelen
in de goede partij met het
idee om dan beter de slechte
knollen droog te kunnen
draaien. Deze methode werkt
echter lang niet altijd, daar
zijn ze nu ook achter gekomen.
Na het inschuren ontstaan
er rondom de verdeelde
kachel erbij, de producttemperatuur
op 13 tot 14 graden
proberen te houden. In de
afgelopen periode lag het
dauwpunt echter soms meerdere
dagen achtereen op
14 tot 15 graden Celsius. Met
een dauwpuntverwachting bij
de hand kon je dan de
dag(en) daarvoor benutten
om extra drooguren te maken.
Een belangrijke factor om bij het drogen van een aardappelpartij in de
gaten te houden is het dauwpunt van de buitenlucht. (bron: Weerplaza)
rotte knollen juist dikwijls
nieuwe rotte knollen. Door
het lage tal zijn de knollen dit
jaar over het algemeen
behoorlijk groot en bij aantasting
door rot heb je ook gelijk
een flink natte plek. Ons
advies (voor het volgende
rooiseizoen): heb je een natte
plek met veel rot in het veld,
blijf er dan op gepaste afstand
vandaan tijdens het rooien.
De kans op narigheid in de
cel hierdoor is te groot. Dat
gaat snel ten koste van de
kwaliteit van de gehele aardappelpartij.
En je moet uiteindelijk
veel te veel drogen op
een klein deel van de cel met
een hoog percentage rotte
knollen.
Dauwpuntverwachting op
internet
Of je nu veel of weinig rotte
knollen in de cel hebt gereden,
de partij moet zo snel
mogelijk uitwendig goed
droog zijn. Een belangrijke
factor om daarbij in de gaten
te houden is het dauwpunt
van de buitenlucht. Het
dauwpunt is de temperatuur
waarbij de lucht met waterdamp
verzadigd is. Een stelregel
in de bewaring is dat de
producttemperatuur minimaal
1,5 graad Celsius boven het
dauwpunt van de buitenlucht
hoort te liggen. Stel dat het
verwachte dauwpunt (op
internet te vinden) de
Gebruik je zintuigen en
zaklamp
En dan is er nog het altijd
terugkerende advies: blijf
dagelijks het product controleren.
Gebruik neus en ogen
om de aardappelgesteldheid
in de gaten te houden. Neem
bij minder goed licht op de
hoop een flinke zaklamp mee
voor speurwerk naar eventueel
plekken met rot. Een kuiltje
tot 30 centimeter diep gra“Heb
je een natte plek met veel rot in
het veld, blijf er dan op gepaste
afstand vandaan tijdens het rooien.”
komende dagen op 11 graden
ligt en het product zelf is 10
graden Celsius. Je behoort
dan eerst met de kachel het
product 3 à 4 graden Celsius
op te warmen zodat je kunt
blijven drogen. Vervolgens
kun je dan met buitenlucht,
bij een middagtemperatuur
van 14 graden en ’s nachts bij
10 graden Celsius met een
ven is vaak al voldoende om
een goede indruk te krijgen
van het lekvocht onder de
rotte knollen, en het licht van
de zaklamp kan daarbij een
goed hulpmiddel zijn.” ●
Aardappelwereld magazine • november 2017 • nummer 11
13
׉	 7cassandra://-92WkJojUGfi49YhJ5y6MXWZ5Q0TGM_7vPgwVhb3SsM	`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Breng voor het inschuren problemen in kaart
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
“Het (bijna) afgelopen teeltseizoen
valt te duiden als een
van uitersten. Grote verschillen
in droogte en neerslag
hebben hun weerslag gehad
op het aardappelgewas. De
gevolgen zijn voornamelijk
terug te zien in de uiteenlopende
kwaliteiten van de
aardappelen in het hele land.
Belangrijk voor een goede
bewaring is om exact te weten
wat je inschuurt. Het is
daarom verstandig om voor
de oogst zoveel mogelijk
monsters in de aardappelvelden
te nemen om verrassingen
later in het bewaarseizoen
te voorkomen.
Uiteenlopende kwaliteiten
Wat zien we zoal in het veld?
Zeer uiteenlopende onderwatergewichten
bijvoorbeeld,
van een mooie 400 gram bij
fritesaardappelen op löss- en
kleigrond tot erg lage onderwatergewichten
tot onder 350
gram op zandgronden.
Doorwas is eveneens aan de
orde en vraagt straks in de
bewaring om alert te zijn op
drukplekken. Ook komt her
en der rot voor, Phytophthora,
natrot, waterrot, van alles wat
dus. We raden telers aan in
kaart te brengen waar de
diverse (rot)problemen in het
perceel voorkomen en daarop
maatregelen te nemen. Wat
we eveneens her en der signaleren
zijn holle knollen. Komt
dit in de percelen voor, dat
achterhaal je door knollen in
de monsters door te snijden,
probeer dan eerst de ernst
van dit probleem te achterhaBelangrijk
voor een goede bewaring is om exact te weten wat je
inschuurt.
len. Is het percentage holle
knollen hoog, meer dan 25
procent en zijn de holtes ook
nog eens groot, dan raden we
aan in overleg te gaan met de
afnemer voor een beslissing:
wel of niet inschuren.
Zorg voor goed werkende
apparatuur
Aangezien we allerlei kwaliteiten
kunnen verwachten die
over de inschuurlijn gaan, is
het tevens verstandig om
daarop voorbereid te zijn met
goed werkende apparatuur.
Controleer vooraf bijvoorbeeld
de werking van de
schijfvernevelaars. Veelal
haperen ze bij de start van het
inschuren, juist het moment
waarop kiemremmers en een
goede verdeling hiervan het
hardst nodig zijn. Immers, de
eerste aardappelen stop je het
verst weg in de schuur en
gaan veelal als laatste weg.
Die hebben daarom de beste
behandeling nodig. Eenzelfde
advies gaat op voor temperatuurvoelers.
Controleer vooraf
of ze werken. Zorg ook dat je
er voldoende hebt in een cel.
Hoe meer je meet, hoe meer je
weet en des te beter je kunt
acteren op eventuele temperatuurveranderingen
in het product.
Dezelfde tip gaat uiteraard
ook op voor apparatuur
als kachels, ventilatoren en
vul het rijtje maar aan.
Let op knoltemperatuur
Dan nog enkele punten van
aandacht rondom het moment
van inschuren. Breng je onder
natte omstandigheden product
in de schuur, zorg dan
voor continu natuurlijke trek
in de bewaring. Ventileer tijdens
de langere momenten
dat je even niet aan het
inschuren bent, zoals ’s
nachts, zoveel mogelijk de
aardappelen droog om aanhangend
vocht weg te
draaien. Komt (bacterie)rot
voor in de partij, laat de
wondheling dan liever bij 12
tot 13 graden plaatsvinden,
dan bij 15 graden. Immers,
hoe hoger de temperatuur,
des te sneller groeien de bacteriën.
Let eveneens op de
knoltemperaturen van het
product dat je inschuurt. Het
advies is om alleen knollen
met een temperatuur tussen
10 en 20 graden naar binnen
te brengen. Vermijd zoveel
mogelijk grote temperatuurverschillen
tussen de knollen
tijdens het inschuren, want
anders kan condensvorming
ontstaan. Sla ook voldoende
acht op knolbeschadiging.
Heb je nieuwe apparatuur,
een rooier, een kipper, een
inschuurlijn, meet dan bij de
ingebruikstelling met een
elektronische aardappel waar
eventuele pijnpunten zitten.
Je kunt het meetinstrument
eveneens goed inzetten voor
een beslissing om een axiaalrol
wel of niet mee te laten
draaien tijdens het rooien.” ●
Terug
73
Aardappelwereld magazine • oktober 2017 • nummer 10
17
׉	 7cassandra://vmr6xW43wRm0oQ33sMbHDN3ROEFb4hibZiL8yRzD6f4!`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://a7CXubTCCFNqVfPsO342yp7ccsVZer61iUcfJlk3K5E ,`׉	 7cassandra://G1BgzwVJVo9zKsgDYhyz855OhjJIGuHN_IjwpLOkktooF`S׉	 7cassandra://dkLBkhYPqJIlX0yRVh7p1Hig8oFTcN1tAqOx-DuhwhQ `̵ ׉	 7cassandra://9LgW7O3mwkhhA80zHIb9gkzwwkPRvFrrTWzMGE0_89I gt͠c8K) Iט  {u׉׉	 7cassandra://2Bm5KtXEkZKLTxSC5DLoFr0DVPLqlEw4h5iTzaS20wY `׉	 7cassandra://Ljp0o3XbA6w1iio-I3pmKMGDa_X5jhK-ncWasgxl8DUT`S׉	 7cassandra://yUAC4DILBtBus_NmsfSxpK8Li3YwLD_DLNspWB8NIo0M`̵ ׉	 7cassandra://47BUG_DJCj8JSQei_9Ez3OFqLB8bomoO3_0mAI3x0Xg ]͠c8K) Jנc8K) H 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Seizoen met kleine bewaarverliezen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig zijn in Nederland experts te
raadplegen die hier verstand van hebben. In deze column delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“Het bewaarseizoen 2016-2017
is voorbij en daarmee is een
mooi moment aangebroken
om even terug te blikken op
de praktijkresultaten. Jaarlijks
houden we van een groep
klanten bewaarverliezen en
het aantal ventilatie-uren bij.
Rondom het inschuren in het
najaar van 2016 hadden we de
verwachting dat de bewaarverliezen
dit seizoen weleens
hoog op zouden kunnen
lopen. Het gros van de aardappelen
kwam namelijk heel
droog en met slechts weinig
aanhangende grond binnen.
Daar zaten de nodige aardappelen
van beregende percelen
tussen en ook daarvan kwam
nauwelijks product met grond
mee de cellen in. Ervaring uit
het verleden leert dat schoon
product makkelijk uitdroogt
en dat je product met veel
verlies aflevert. Dit jaar ging
dat verhaal echter niet op,
want de bewaarverliezen
waren juist relatief gering.
Partijen die in april en mei
naar een afnemer gingen,
hadden een gemiddeld
gewichtsverlies van slechts
4,2 procent. Uit onze metingen
van de afgelopen vijf jaar
rolt een gemiddeld cijfer van
6,1 procent en dat is dus
behoorlijk hoger. Ook bij de
in juni afgeleverde aardappelen
lag het gemiddelde
gewichtsverlies lager. Dit jaar
kwamen we uit op 5,0 procent
en het vijfjarig gemiddelde
voor juni van de voorbije
jaren is 6,6 procent. Cijfers
van juli hebben we op dit
moment van schrijven nog
Het lage verliespercentage is hoogstwaarschijnlijk toe te schrijven aan
het geringe aantal externe draaiuren in de onderzochte schuren.
niet paraat. Het lage verliespercentage
is hoogstwaarschijnlijk
toe te schrijven aan
het geringe aantal externe
draaiuren in de onderzochte
schuren. Bij vrijwel alle partijen
waarvan het verlies
bepaald is, hebben telers op
ons advies vanaf het begin
geprobeerd om niet meer
extern te draaien dan strikt
noodzakelijk. Verder kan een
rol gespeeld hebben dat de
aardappelen bij de oogst goed
afgerijpt waren door de
warme septembermaand. De
knol had vanaf inschuren
daarmee al een redelijk sterke
schil die de verdamping uit
de knol tegengaat.
Weinig extern ventileren
Bij alle bewaarcellen zijn we
al vanaf het begin zeer alert
geweest om zo weinig mogelijk
externe draaiuren te
maken. Dit kon in de meeste
gevallen ook, omdat er ten
opzichte van voorgaande
jaren weinig rotte knollen in
de partijen zaten. Voorgaande
jaren hadden we in de twee
tot vier weken na inschuren
soms ineens met diverse rotte
knollen in de partijen te kampen.
Dit jaar bleef dit verschijnsel
grotendeels uit. In
jaren met meer rot in de partijen
ben je soms genoodzaakt
meer draaiuren te maken om
(veelal) een klein deel van de
partij waarin de problemen
zitten, goed te houden.
Daardoor resulteert dit extra
drogen in de rest van de
goede aardappelen alleen
maar in een hoger gewichtsverlies.
Je kunt ook niet
anders, want in dergelijke
situaties is het van belang om
het lekvocht van de rotte
knollen zoveel mogelijk door
middel van intern draaien
door de partij te verdelen.
Met groot temperatuurverschil
werken
Om dit seizoen zo weinig
mogelijk externe draaiuren te
maken, hebben we telers geadviseerd
om de aardappelen
METHODE GEWICHTSVERLIESBEPALING
“Bij inschuren van de aardappelen brengen we twee tot drie
monsterzakjes per cel in de hoop. Het gewicht van elk zakje is
exact 15 kg. Aanhangende grond halen we weg om geen
indroging van grond te meten. Ook brengen we geen halve
knollen in de zak. De monsterzakjes plaatsen we in de hoop op
een hoogte van 2 meter. Bij bovengrondse kanalen op een
positie precies tussen twee kanalen in. Het is belangrijk om het
bij alle cellen op dezelfde manier te doen. Voordat we de
meting starten, zetten we de urentellers van de computer op 0.
Na het uitschuren van de aardappelen wegen we de zakjes
binnen een paar dagen opnieuw op dezelfde weegschaal als
waarmee we ook in het begin hebben gewogen. Snel na uitschuren
wegen van de monsters is heel belangrijk. Blijven de
monsterzakjes nog een week staan, dan is het verlies alweer
veel hoger, zeker wanneer ze niet in een ruimte staan die afgesloten
is van de buitenlucht. Bij het uitschuren noteren we
uiteraard ook het totaal aantal ventilatie-uren, gemeten door
de computer.”
12
Aardappelwereld magazine • september 2017 • nummer 9
׉	 7cassandra://dkLBkhYPqJIlX0yRVh7p1Hig8oFTcN1tAqOx-DuhwhQ `̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Afleverperiode april en mei
met een wat groter temperatuurverschil
tussen buiten- en
0,00%
1,00%
2,00%
3,00%
4,00%
5,00%
6,00%
7,00%
8,00%
0
50
100
150
200
250
300
Gemiddelde externe draaiuren
350
400
450
0,00%
1,00%
2,00%
3,00%
4,00%
5,00%
6,00%
7,00%
8,00%
0
100
Afleverperiode juni
200
300
400
Gemiddelde externe draaiuren
500
600
700
Deze grafiek geeft vrij duidelijk het verband weer tussen externe draaiuren en percentage gewichtsverlies in
de bewaarseizoen 2013/2014, 2014/2015 en 2015­2016.
producttemperatuur in te koelen.
Dit jaar kon dat ook
omdat de winter, vooral de
nachten, relatief kouder waren
dan in de voorgaande jaren.
Ook hebben we dit verschil
later in het voorjaar, toen het
buiten wel warmer werd, niet
al te klein gemaakt. Wanneer
je de kiemremming goed
onder controle hebt, kun je op
dat moment beter een producttemperatuur
accepteren
die een halve graad Celsius
hoger ligt dan veel extra
externe draaiuren maken om
de temperatuur een halve
graad omlaag te krijgen. In de
warme periode later in het
voorjaar was het vooral van
belang om zo weinig mogelijk
intern te draaien. Intern
draaien met veel warmte
rondom de partij resulteert
namelijk in een sneller oplopen
van de producttemperatuur.
Vervolgens moet je weer
meer extern draaien om terug
te koelen. Het feit dat we dit
jaar met weinig aanhangende
grond een laag verliespercentage
hadden wil nog niet zeggen
dat aanhangende grond
daarmee geen goede buffer is
voor een aardappel in bewaring.
De meest lage gewichtsverliezen
in de maanden mei
en juni zijn we in voorgaande
jaren juist tegengekomen in
partijen waar rot geen probleem
was en waarin redelijk
wat aanhangende grond mee
naar binnen ging. Als voorbeeld
noem ik bijvoorbeeld
een partij Ramos in seizoen
2012/2013. Deze is eind juni
2013 uitgeschuurd met een
gewichtsverlies van slecht
3,2 procent, onder de
genoemde condities.” ●
Terug
75
Aardappelwereld magazine • september 2017 • nummer 9
13
Geweichtsverlies
Geweichtsverlies
׉	 7cassandra://yUAC4DILBtBus_NmsfSxpK8Li3YwLD_DLNspWB8NIo0M`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://e9a8EmrDdLd3uLXjMeYdLyiumcBJIldroGhoUeENZJs `׉	 7cassandra://mZN7LBlmUcaI02-2Cd_ATewL_ehabucVoxeBL1v-yAwhJ`S׉	 7cassandra://dlidW4MnnTfBSMc5FtkXdwpudVG78oewuoZMXP1igqE$`̵ ׉	 7cassandra://siqmAA4fZcH5uQq4MSBfstzzLb254atx2Jth_PvJ1_I ͛$͠c8K) Qט  {u׉׉	 7cassandra://-zltsazaUu-pVAE4Gyno0pAGM0pqevgwHmd9tlrKY2g `׉	 7cassandra://rw_8B8VEjL3xB4dViVQfnEA4sSRresti5s_xSK38r0Yv`S׉	 7cassandra://c5TfOXLeg35V5SUXFiS36Znv3xWLzGWzbGg-Th4fS5I!#`̵ ׉	 7cassandra://G0BuFtQdGEEvT5BJEf0yT8VTPCp12HP3dXzGqXb4hNs ͠c8K) Sנc8K) L 9׉H #https://webshop.aardappelwereld.nl/Gׁׁrנc8K) M 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) N 9׉H #https://webshop.aardappelwereld.nl/Gׁׁrנc8K) O 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) X ,MP9ׁH #https://webshop.aardappelwereld.nl/ׁׁЈנc8K) W u:9ׁH $mailto:krabbendam@aardappelwereld.nlׁׁЈ׉EVerkrijgbaar in onze webshop
Voor afname van grote aantallen voorzien wij u graag van een scherpe offerte.
U kunt hiervoor contact opnemen met onze salesafdeling via krabbendam@aardappelwereld.nl
handboek
Aardappel
Gewas van de toekomst
Potato
handbook
Crop of the future
Pomme de terre
Encyclopédie
pratique
Culture du futur
Anton J. Haverkort
Anton J. Haverkort
Anton J. Haverkort
Catherine Chatot
Terug
76
Aardappel
Potato
kweekboek
Praktijkhandboek voor de aardappelketen
Chromosomen in
midden van de cel,
kernmembraan is
opgelost, spoelfiguur
De chromatiden
worden naar de polen
R
Chromosomen in
midden van de cel,
kernmembraan is
opgelost, spoelfiguur
De chromatiden
worden naar de polen
R
A practical manual for the potato chain
breeding
Chromosomen in
midden van de cel,
kernmembraan is
opgelost, spoelfiguur
De chromatiden
worden naar de polen
R
马铃薯育种
马铃薯产业链实用操作手册
Redactie
M. Tiemens-Hulscher
J. Eising
J. Delleman
Editors
M. Tiemens-Hulscher
E.T. Lammerts van Bueren
J. Eising
J. Delleman
E.T. Lammerts van Bueren
编辑
M. Tiemens-Hulscher
J. Eising
J. Delleman
E.T. Lammerts van Bueren
Aardappel
ikbk
A. Mulder - L.J. Turkensteen
ziektenboek
Bestel nu in onze webshop https://webshop.aardappelwereld.nl/ of scan deze QR-code.
׉	 7cassandra://dlidW4MnnTfBSMc5FtkXdwpudVG78oewuoZMXP1igqE$`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Liever producttemperatuur vasthouden dan
weer verlagen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
“I
n de afgelopen weken hebben
we te maken gehad met
flink hogere buitentemperaturen.
Dat heeft ook zijn weerslag
op het bewaarregime en soms
ook op het product in de
bewaarschuren. In cellen met
mechanische koeling zorgt het
voor een hoger energieverbruik
en in cellen met buitenluchtkoeling
zijn de binnenlucht- en producttemperatuur
vrijwel overal
iets opgelopen. Een kleine temperatuurstijging
van de knollen
is op zich geen probleem, zolang
er maar geen sprake is van temperatuurschommeling.
Beter is
het om de knoltemperatuur met
het naderen van het aflevermoTemperatuur
schom melingen bevorderen de ademhaling en kieming met nog
meer temperatuurverhoging en extra CO2­productie tot gevolg.
bewaring liggen. Alleen in de
schuren waarin het afgelopen
voorjaar problemen met condens
“Een kleine temperatuurstijging van
de knollen is op zich geen probleem,
zolang er maar geen sprake is van
temperatuurschommeling.”
ment wat op te laten lopen en
deze dan vast proberen te houden,
in plaats van deze weer
omlaag te brengen.
Temperatuur schom melingen
bevorderen de ademhaling en
kieming met nog meer temperatuurverhoging
en extra CO2productie
tot gevolg. Bijkomend
nadeel is vochtverlies en daarmee
ook gewichts- en kwaliteitsafname
van de aardappelen.
Over het algemeen valt het op
dit moment wel mee met de kieming
in partijen die nog in
aan de orde waren, is nu meer
kieming waar te nemen. Dat
betreft dan vooral schuren met
een minder goede isolatie.
Experiment met bouwdrogers
Wat we nog over die condensvorming
kunnen melden, is
dat we afgelopen voorjaar
geëxperimenteerd hebben met
bouwdrogers in de bewaring
waar sprake was van heel veel
condensvocht. Dit apparaat
gebruiken ze in de bouwsector
om vocht uit ruimten te onttrekken.
Dit werkt als volgt:
een ventilator zuigt vochtige
lucht aan en die blaast dit vervolgens
door een verdamper.
Deze verdamper koelt de lucht
sterk af en daardoor ontstaan
waterdruppels die vervolgens
worden opgevangen in een
reservoir. Onze ervaring hiermee
is dat het een extra oplossing
kan zijn in situaties
waarin kachels onvoldoende
werken. In de partijen waar
condens een probleem
vormde, hebben we volop
ingezet met gassen. Veelal is al
twee keer achter elkaar 25 milliliter
Chloorprofam per ton
toegediend met een interval
van maximaal drie weken. Het
gaat dan om partijen die nog
tot half juni in bewaring blijven.
Wellicht was nog een
derde gasbeurt nodig. Daarbij
is het overigens wel van
belang om goed in de gaten te
houden of de knollen niet
inwendig gaan kiemen, anders
kan afkeuring van een partij
volgen. Rot komt niet of nauwelijks
voor in de bewaringen,
maar in deze regio wel heel
veel groeischeuren, stootblauw
en verkurkingen op de schil
van zwaar beschadigde knollen.
Daardoor lopen de tarrapercentages
van het afgeleverde
product soms toch nog
hoog op tot wel 20 procent. De
bakkwaliteit is over het algemeen
wel heel erg goed.
Verder adviseren we partijen
met een kiempje die liggen in
bewaarcellen met luchtkoeling
vanaf nu in één keer af te leveren
en niet meer in delen.
Reinig de schuur zo snel
mogelijk
Is de cel of de schuur leeg,
maak deze dan zodra de eerste
gelegenheid zich voordoet letterlijk
grondig schoon. Grond
en knolresten in de roosters en
kanalen kunnen een volgend
bewaarseizoen veel hinder
opleveren, zeker wanneer nat
product en grond binnenkomt.
Veelal zie je daarna al snel
problemen met rot door onvoldoende
ventilatie ontstaan.
Kijk verder ook de ventilatoren
na, maak indien nodig de
bladen schoon en controleer
de werking door ze een keer
met een debietmeter door te
laten lichten. Dezelfde tip gaat
op voor de voelers in de bewaring.
Soms, dat kun je zien aan
de soms grote afwijking van
metingen in het bewaarseizoen,
is vervanging nodig.
Aarzel dan niet en schaf tijdig
nieuwe aan.” ●
Terug
77
Aardappelwereld magazine • juni 2017 • nummer 6
15
׉	 7cassandra://c5TfOXLeg35V5SUXFiS36Znv3xWLzGWzbGg-Th4fS5I!#`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://1WvOt66rEAc1S4WifWGdG3LlyM8rFy2lEyDElVzrsp4 P`׉	 7cassandra://guLeclZGqO1I0gp4Mjqh2JVMC1Kts2kSeRPaZHL5aeIq(`S׉	 7cassandra://MIj1rsy5v6sN7gZoDSk3nWcsVx02AOmk3bF5Hj3gvs0`̵ ׉	 7cassandra://eHeIISFOGzMebIG-hdExtbAGn6Goj2GQW4GSlfLeNtg t͠c8K) Yט  {u׉׉	 7cassandra://HYQbQoRAN7R-Y2EFLbBgWW8OL7p8BTQdqxHgX8-9F-8 Sz`׉	 7cassandra://iA_v-KqAN3GogtTLRwWkWn_2vnn0dJcpEcD-wR_qmQkp`S׉	 7cassandra://4Uxckd2p6SgSehn_0ik2MlrrjPlJthLQqfN6OC2PQnM <`̵ ׉	 7cassandra://p5TRv96a9_9Eju2ISQfG1yVycyp7kYeW8sHlXljOXBc t͠c8K) Zנc8K) U 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) V 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Voorkom temperatuurverschillen in het product
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland hiervoor
experts paraat. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek, werkzaam in de
regio Tholen/West-Brabant.
“D
e condities in de meeste
aardappelcellen waren in de
eerste zes maanden van dit
bewaarseizoen al optimaal te
noemen en die situatie bleef ook
in april en begin mei gehandhaafd.
De relatief koude nachten
Terug
78
met temperaturen tussen 3 en 5
graden en overdag vrijwel nooit
hoger dan 15 graden Celsius
vormden ideale omstandigheden
voor aardappelen in de
schuur, zeker op dit tijdstip van
het jaar. Nu is het, voor degenen
die lang bewaren, de kunst om
in de rest van de bewaarperiode
alles op alles te zetten om die
optimale situatie ook in stand te
houden. Kiemremming is hierin
Wanneer vanaf half april de eerste kiemen zichtbaar zijn, mag je niet
meer aarzelen met behandelen.
kiemen zichtbaar zijn, mag je
niet meer aarzelen met behandelen.
Zeker niet wanneer je
“Als vanaf half april de eerste kiemen
zichtbaar zijn, mag je niet meer
aarzelen met behandelen.”
een belangrijk aandachtspunt.
Dit seizoen begint de kieming
nu op gang te komen, vooral in
de rassen Innovator en Bintje.
Voor de rest is er nog maar weinig
kieming te zien, wat sterk
afhankelijk is van de behandelmethode
van kiemremming en
de condities rondom inschuren
en tijdens de bewaring.
Niet meer aarzelen met
kiemremming
Het is natuurlijk prettig dat
het begin van kieming lang op
zich laat wachten, maar als
dan vanaf half april de eerste
nog (veel) langer wil/moet
bewaren en al helemaal niet
wanneer blijkt dat na graven
in de hoop ook op 30 centimeter
diepte de aardappelen
kiemverschijnselen vertonen.
Gaat het om speldenkopjes,
dan is/was een (eerste) gasbeurt
met 10 tot 12 cc aan
Chloor-IPC per ton met een
interval van 3 tot 3,5 week
voldoende. Zijn de kiemen het
witte-puntjesstadium al duidelijk
gepasseerd, dan bevelen
we een dosering van 15 tot 17
cc per ton aan. In enkele rassen
die gevoelig zijn voor
inwendige kieming zijn inmiddels
beginnende verschijnselen
van binnenschot geconstateerd.
We raden aan om rond
half mei rassen als Innovator
en Bintje hierop te controleren.
Zeker wanneer ze niet tijdens
het inschuren behandeld zijn
met Chloor-IPC, maar alleen
gegast. Kieming levert
gewichtsverlies op en verlaagt
de bakkwaliteit. In deze periode
is het dus zaak dit verschijnsel
nauwlettend in de
gaten te houden. De bakkwaliteit
is op dit moment gemiddeld
genomen nog erg goed te
noemen. De cellen die in onze
bewaarbegeleiding meedraaien
waarvoor wij bakmonsters
nemen liggen in de regio
Zuidwest in de tweede helft
van april tussen de 2,0 en 2,5.
Delta-T maximum 1 tot 1,2
graden
Nog een ander punt van aandacht
is de handhaving van
een gelijke producttemperatuur
in de bewaring. Vaak zien
we dat met het oplopen van
de buitentemperatuur verschillen
in knoltemperatuur
binnen de partij ontstaan,
voornamelijk in schuren met
enkel buitenluchtventilatie.
Aan de randen en bovenop
zijn de aardappelen dan dikwijls
warmer dan onderin.
Hierdoor kan condensvorming
ontstaan en de warmere knollen
gaan sneller kiemen. Dit
temperatuurverschil is te
voorkomen door in de computer
aan te geven dat er een
maximaal temperatuurverschil
(delta-T) binnen de partij mag
optreden. Die is gelijk te krijgen
door met interne lucht te
ventileren. Ons advies is om
in deze bewaarperiode een
delta-T van maximaal 1 tot 1,2
graden Celsius aan te houden.
Het is hierbij wel van belang
om ook in de gaten te houden
of de totale producttemperatuur
naar een gemiddelde
kruipt en niet dat de gehele
partij gaat stijgen in producttemperatuur.
De kans daarop
neemt toe zodra de buitentemperaturen
flink gaan oplopen
en je toch nog behoorlijk
intern moet draaien, bijvoorbeeld
vanwege lekvocht uit
rotte knollen. Beter is het om
dan deze computerinstelling
weer uit te zetten en vervolgens
zoveel mogelijk bij lagere
(nacht)temperaturen te ventileren
met een kleiner temperatuurverschil
tussen de
buitenlucht en de product -
temperatuur. ●
Aardappelwereld magazine • mei 2017 • nummer 5
13
׉	 7cassandra://MIj1rsy5v6sN7gZoDSk3nWcsVx02AOmk3bF5Hj3gvs0`̵ c8K( ׉E}BEWAARCOLUMN
Een bewaring is geen ziekenhuis
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Laurens Persoon,
werkzaam in de regio Flevoland.
“Wie nu nog een goede partij
met bewaaraardappelen in de
schuur heeft liggen, kan niet
anders dan zeer tevreden zijn
over de kwaliteit van het
ingeschuurde product.
Uiteraard zal je dan een
goede schuur tot je beschikking
hebben en de nodige
kennis van het bewaren, met
of zonder hulp van een adviseur.
Maar dat niet alleen,
want ongetwijfeld heeft u dan
ook de teelt en oogst van het
aardappelgewas volledig
onder de knie.
Waarom schrijf ik dit?
Simpelweg omdat in een relatief
makkelijk bewaarseizoen
als het voorbije wederom
bewezen is dat wie een matig
en beschadigd product
inschuurt, geen goed product
kan uitschuren en zeker niet
lang bewaren. In december
schreef ik in deze bewaarcolumn
nog het volgende:
‘Helemaal schadevrij liggen
en kiemproblemen te voorkomen.
Haal
het maximale uit de bewaring door computerinstellingen aan te
passen.
weer van toepassing. Partijen
als zojuist beschreven zijn het
afgelopen seizoen dikwijls
vroegtijdig afgezet. Het was
overigens ook lang niet altijd
nodig om de aardappelen zo
beschadigd in te schuren.
Telers die geduld hadden,
door te wachten op regen of
die hun percelen kunstmatig
regen hebben toegediend,
hadden nauwelijks last van
“Een computer is een prachtig
hulpmiddel, maar kan niet zelf
denken.”
de aardappelen niet in de
schuur. Op heel veel plekken
liggen knollen met verschijnselen
van stootblauw. Hier
valt met de manier van bewaren
echter niets meer aan te
veranderen.’ Het gezegde ‘een
bewaring is geen ziekenhuis’
is ook op dit bewaarseizoen
schade. En laten dat nu juist
de telers zijn waarvan
momenteel nog een topkwaliteit
product in de schuur ligt.
Wat heb ik voor deze telers
nog als advies voor de laatste
weken van bewaring?
Eigenlijk niets anders dan:
zorg dat je de producttemperatuur
zoveel mogelijk constant
houdt.
Controleer de isolatie
Waar ik nog wel wat meer
advies voor heb zijn alle
telers die nu de schuur al een
poosje leeg hebben. Zeker
wanneer het oudere schuren
betreft waarvan de isolatie
niet helemaal meer in orde is.
Een goede isolatie wordt uit
het oogpunt van klimaatverandering
steeds belangrijker,
niet zozeer tegen kou, maar
juist ook tegen de warmte, zo
hebben we het afgelopen
bewaarseizoen weer kunnen
ervaren. Overweeg desnoods
een compleet nieuwe isolatie
wanneer je de laatste jaren
veelvuldig problemen had
met zaken als condens en
kieming als gevolg van die
temperatuurbeheersing. Denk
daarbij ook eens aan de aanschaf
van luchtcirculatieventilatoren
voor ophanging in
de nok van de schuur.
Daarmee valt veel aan vochtStel
computer regelmatig bij
Een ander punt dat we in de
praktijk nog regelmatig tegen
komen is dat de computer
vaak op standaard instellingen
blijft staan. Het advies
dat ik graag wil meegeven
aan deze mensen; haal het
maximale uit de bewaring
door instellingen aan te passen.
Het ingeschuurde product
is immers elk jaar weer
anders. Volg eventueel de
komende periode eens een
training bij één van de leveranciers
van bewaartechniek.
Dit om meer inzicht in de
computer en het bewaarproces
te krijgen. Een computer
is een prachtig hulpmiddel,
maar kan niet zelf denken.
Telers die hun computer louter
op de automaat zetten,
hebben vaak te kampen met
extra gewichtsverliezen en
voortijdige kieming in hun
product dan telers die instellingen
regelmatig aanpassen
en de computer met verstand
benutten. Inspelen op de situatie
voorkomt draaien met
teveel drogende lucht, te
grote temperatuurverschillen
tussen kanaal en producttemperatuur
en onvoldoende
wondheling. Bewaren is finetunen.
Ga daarom goed voorbereid
het nieuwe bewaarseizoen
in. Controleer bestaande
apparatuur op hun werking,
de gebouwen op hun conditie
en verdiep in kennis. Ik wens
iedereen alvast een goede en
vooral secure oogst toe.”
Terug
79
Aardappelwereld magazine • juli 2017 • nummer 7
13
׉	 7cassandra://4Uxckd2p6SgSehn_0ik2MlrrjPlJthLQqfN6OC2PQnM <`̵ c8K(c8K( {בCט   {u׉׉	 7cassandra://vN-L0PGCF0Op0wxa_3vC8O2QFZj5WIUiehj0jf8u7UQ q `׉	 7cassandra://3olApKikT3kyt7OFt7i_hzUvRREl5T0-_e1Oe8UKfuEq`S׉	 7cassandra://gC4vlIjs1Uz69vOtG89B7Vo-vk097kbuOUMTMo1NfJw O`̵ ׉	 7cassandra://VFIoPzAIQdkf1zrEeGpbLrErqycZA_2U_l_ce_9PeSk 	t͠c8K) _ט  {u׉׉	 7cassandra://dGPH1Hk_R1oyJAVrNmKDAJwNVCucFqZlwGL3KKOQWOQ `׉	 7cassandra://XUG7sBj4X5hzxiedqctPrq4JQQ1KS4NOUZlWfDaWzG8s`S׉	 7cassandra://DuptoAcoD7dlocuWqmcB4wosGKdefNxtrFAcX-8_0hw `̵ ׉	 7cassandra://QYqyMVBYOcE2udyBan45eOWOW0I-9mSVnxzXwaE7Il0 .t͠c8K) `נc8K) \ 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) ] 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Hou weerberichten nauwlettend in de gaten
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Laurens Persoon,
werkzaam in de regio Flevoland.
“H
et weer zit de aardapTerug
80
pelbewaarders
erg mee dit
seizoen, kunnen we welgevoegelijk
constateren. De af
en toe toch redelijk warme
dagen krijgen afwisseling van
koude nachten. Daarmee is
het mogelijk de lage temperaturen
te benutten om de aardappelhoop
op de gewenste
producttemperatuur te houden.
Zover we kunnen nagaan
zijn de temperatuurschommelingen
over het bewaarseizoen
heen zeer gering.
Positieve gevolgen daarvan
zijn weinig kieming en een
minimum aan gewichtsverlies
in de knollen. Niet alleen de
egale temperatuur is daarbij
belangrijk, maar ook een
egaal en niet te hoog CO²
gehalte in de cel. Ook al zijn
soms weinig ventilatiemomenten
nodig, blijf wel de
lucht in de bewaarschuur met
regelmaat verversen om te
voorkomen dat het CO²
gehalte te ver oploopt. Naast
een negatief effect op bakkwaliteit
raken bij een te hoog
percentage de aardappelen
sneller uit hun kiemrust. Dat
versnelt de veroudering van
de knollen en vraagt bovendien
om tegenmaatregelen als
extra gassen en ventileren.
Voorkom temperatuurschommelingen
Wanneer
in de loop van het
voorjaar de temperaturen
meer oplopen en het aantal
koude nachten afneemt, let
dan extra goed op de productWanneer
in de loop van het voorjaar de temperaturen meer oplopen en het aantal koude nachten afneemt, let
dan extra goed op de product temperatuur.
temperatuur. Het beste is om
schommeling hierin te voorkomen.
Hou om te beginnen de
weersvooruitzichten over langere
termijn goed in de gaten.
Geven die het beeld dat de
temperatuur flink op gaat
lopen, zet dan niet alles op
alles om de producttemperatuur
vast te houden, maar laat
deze liever iets oplopen. Dit
om verderop in het bewaarseizoen
temperatuurschommeling
te voorkomen. Controleer
de partij niet alleen vanachter
de computer, maar ga ook
regelmatig, liefst elke dag, de
bewaarcellen in om de aardappelen
met hulp van alle menselijke
zintuigen in de gaten te
houden. Het is niet voor het
eerst dat we dit advies geven,
maar we blijven het herhalen:
zien, ruiken, voelen, proeven.
Zijn er al kiemen zichtbaar,
eventueel condens, zijn er
geen afwijkende geuren te
bespeuren als rot, voelen de
knollen nog hard aan en blijft
de bakkwaliteit nog op peil?
Verdeel CIPC met fijne
druppel
Als het gaat om kieming, dan
kunnen we constateren dat
veel cellen in rust zijn.
Behandelingen met CIPC tijdens
het inschuren zijn tot nu
toe vrijwel overal zeer goed
geslaagd. Aardappelen die al
in het veld behandeld zijn met
de kiemregulator MH, hebben
inmiddels voor de lange
bewaring al enkele gasbeurten
met CIPC achter de rug.
Belangrijk is altijd om CIPC
met een hele fijne druppel
over niet al te lange afstand
door de bewaarcel te verdelen.
Hoe fijner de druppel, des te
beter het middel in alle hoeken
en gaten terecht komt.
Aanwezigheid van veel (losse)
grond kan de verdeling van
het kiemremmingsmiddel hinderen.
Dit seizoen zijn ook de
eerste praktijkervaringen met
het nieuwe kiemremmingsmiddel
1,4 Sight opgedaan.
Wij volgen de resultaten hiervan
nauwgezet en de eerste
lijken positief. Dat komt onder
meer omdat een middel als 1,4
Sight zich niet richt op kiemremming
maar op verlenging
van de kiemrust van de aardappel.
Daarmee is het de kieming
als het ware een stapje
voor. Dan tot slot nog een tip
voor degenen die een aardappelcel
in delen afleveren. Let
daarbij op de luchtverdeling.
Plaats schotten in de kanalen
of voor de kokers en zorg
ervoor dat de ventilatielucht
goed door hele hoop gaat. Het
wil nog wel eens voorkomen
dat het hart van de hoop te
weinig ventilatielucht krijgt en
daar ontstaan dan problemen
met extra kieming.” ●
Aardappelwereld magazine • april 2017 • nummer 4
13
׉	 7cassandra://gC4vlIjs1Uz69vOtG89B7Vo-vk097kbuOUMTMo1NfJw O`̵ c8K(׉E>BEWAARCOLUMN
“Nauwelijks bewaarproblemen, maar
blijf alert”
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig zijn in Nederland experts te
raadplegen die hier verstand van hebben. In deze column delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
“I
n groot contrast met het
voorbije teeltseizoen verloopt
de bewaring van Oogst 2016
tot op heden vrijwel vlekkeloos.
We hebben dit jaar nauwelijks
te maken met problemen
als rotte of kiemlustige
aardappelen. Toch vraagt
bewaren net als teelt continu
om aandacht. In een enkele
cel komt toch wat rot voor.
Dat kan onverwacht tot een
uitbraak komen. Blijf daarom
alert op lekvocht en pas het
ventilatieregime hierop aan.
In het begin van het bewaarseizoen
rapporteerden we nog
over partijen met ingeschuurde
roodrotknollen. Die
hebben tot nu toe amper overlast
veroorzaakt. In tegenstelling
tot wat in de bekende
vakliteratuur beschreven
staat, rotten roodrotknollen in
de bewaarcel maar zeer langzaam
weg. Maar ook hiervoor
geldt, hou ze wel in de gaten.
Condenssporen soms nog
zichtbaar
Condens was in de voorbije
koudere winterweken nog een
aandachtspuntje, maar is nu
vrijwel niet meer aan de orde.
We hebben telers gewezen op
de noodzaak en het gebruik
van condensventilatoren.
Kieren, naden, koudebruggen
en dunne isolatie maken een
schuur gevoelig voor condensvorming.
Om de aardappelen
bovenop alsnog droog
te krijgen zijn soms extra ventilatie-uren
nodig geweest.
Dat zijn uitzonderingen, want
van 30 graden Celsius, gingen
we ervan uit dat de aardappelen
weleens snel zouden kun“Let
ook eens op de verlichting in de bewaarcel.”
over het algemeen valt het dit
seizoen erg mee met het
gemiddelde aantal ventilatie-uren
en het gewichtsverlies.
We hadden bij inschuring
de verwachting uitgesproken
dat door het geringe percentage
grond tussen de aardappelen
deze sneller gewicht
zouden kunnen gaan verliezen.
Dat is tot op heden in de
meeste gevallen niet gebeurd,
vooral dankzij een minimum
aan externe ventilatie-uren.
Het is hierbij wel belangrijk
om de bewaarcomputer
daarop correct in te stellen.
Weinig ventilatie-uren, normaal
verliespercentage
Van een tiental schuren/cellen
waaruit aardappelen
inmiddels afgeleverd zijn, lag
het aantal externe ventilatie-uren
over een periode van
drie maanden tussen 90 en
100 uur. Dat is weinig vergeleken
met andere jaren. Het
gemeten gewichtsverlies
bedroeg daarbij 2 procent.
Dat is vrijwel gelijk aan het
gemiddelde van de langjarige
metingen. In een enkel geval
is wel meer geventileerd, bijvoorbeeld
in enkele cellen
met Agria, een ras waar her
en der wel rot in zit. Daar lag
het gemiddelde soms op 200
externe draaiuren. Het
gewichtsverliespercentage
bedroeg hierin 3,5 procent.
Dat het tot nu toe gelukt is
om overwegend zuinig te
ventileren is ook te danken
aan de gunstige weersomstandigheden.
In de wintermaanden
waren voldoende koude
nachten voorhanden om met
een ruim temperatuurverschil
tussen die van het product en
de buitenlucht te ventileren.
Nog geringe kiemlust
Nog een meevaller dit seizoen
betreft de geringe kiemlust
van de aardappel. Vanwege
de warme zomerdagen, met
half september temperaturen
nen gaan kiemen. Tot nu toe
valt dit mee, op een enkele
uitzondering na. Partijen die
met MH behandeld zijn vragen
bijvoorbeeld om alertheid.
Begin hierin op tijd met
gassen, want de duurwerking
van MH wisselt nogal eens
per situatie. Soms is MH toegepast
op momenten waarbij
de opname in de knollen
onvoldoende was. Wat in elk
geval net als in de voorgaande
seizoenen opvalt, is
dat partijen die bij inschuren
met vloeibare Chloor-IPC zijn
behandeld er perfect bij liggen.
Die goede ervaring
maakt dat ook steeds meer
rassen met een lichte gevoeligheid
voor schilbrand een
inschuurbehandeling met
Chloor-IPC krijgen, zeker als
de partij lange tijd in bewaring
moet blijven. Het kleine
risico op schilbrand nemen
afnemers steeds meer op de
koop toe bij langbewaring, is
momenteel onze praktijkervaring.
Dan
nog een tip tot slot: let
ook eens op de verlichting in
de bewaarcel. Voor een goede
partijcontrole heb je ook goed
licht nodig en daar ontbreekt
het nog weleens aan in sommige
schuren. Een net
gemiste plek rot kost meer
dan de investering in een
goede lamp. ●
Terug
81
Aardappelwereld magazine • maart 2017 • nummer 3
13
׉	 7cassandra://DuptoAcoD7dlocuWqmcB4wosGKdefNxtrFAcX-8_0hw `̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://1NJ0_Nko8avF1WwIEpk04o6L8NsMaMeTXSKljlmdiU8 g`׉	 7cassandra://Yi3ffJXfXbRV_5dqs9rJFSqQb4j7jMohAXKWDM4gvqwmC`S׉	 7cassandra://mRjikc-rGq6gbEwiwoHjexTo2IE1Mq64prCZ2I59ry4,`̵ ׉	 7cassandra://Xa0BEO4WgNslNNTrZLe2TuESqzHYTRilIboAZiVpjpw ht͠c8K) dט  {u׉׉	 7cassandra://E7G0bIh4rLmjvlgw2-Zvapozp5PVhJild3Kh4wfa8Co &}`׉	 7cassandra://DFiun_YFwtrdikWWiwCiz1lQWP6bll0aHIKfCr6TxPIp`S׉	 7cassandra://xK_RM_Aw4h-qvIEkJEoTDe-dw1QA74LsG_oqPbQPYD0 `̵ ׉	 7cassandra://mIxWvo3yMJ063EK5yfBcbIyt3zUfV7QrUafyDkogvD4 t͠c8K) eנc8K) b 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) c 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) i ̋9ׁHhttp://appelwereld.nl/dossiers.ׁׁЈ׉E,BEWAARCOLUMN
Zet condensventilator niet te laat aan
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. In deze Bewaarcolumn delen vier
ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit
keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
“H
et is begin februari
Terug
82
opvallend rustig in de
bewaarschuren, zeker wanneer
we het vergelijken met
dezelfde periode in de voorgaande
jaren. De aardappelen
die achter de planken liggen
zijn gezond en hierin komt dit
seizoen nauwelijks rot of
andere narigheid voor. Ik constateer
dat bij sommige telers
daardoor de aandacht voor
het product enigszins verslapt,
wat voor negatieve verrassingen
kan zorgen. Wat ik
op dit punt het meest tegenkom,
is condens in de cellen.
De belangrijkste oorzaak hiervan
is dat de condensventilatoren
te laat aangezet zijn.
Dat is zonde, want het kost
meer energie om het overtollige
vocht in de cellen weg te
draaien dan dat je condensvoorbeeld
erg veel tijd tussen
de momenten van inschuren.
De eerst binnengekomen
aardappelen zullen overwegend
eerder aan een gasbeurt
toe zijn dan de laatst ingeschuurde.
Het
komt nogal eens voor dat de bovenste laag in de cel wat rapper
kiemt dan een halve meter en verder eronder.
keer per week de cellen in.
Kijk op de hoop, speur naar
eventuele eerste tekenen van
condens en kijk ook in de
ventilatiekanalen of je daar
geen lekvocht ziet. Als het
buiten (vries)koud is en je
“Het kost meer energie om het
overtollige vocht in de cellen weg te
draaien dan dat je condensvorming
voorkomt.”
vorming voorkomt. Ook komt
al dat condensvocht niet ten
goede aan de kwaliteit en
bewaarduur van de aardappelen.
Je ziet vaak dat de bovenste
laag op de aardappelhoop
volledig nat is en als gevolg
daarvan kiemen de aardappelen
daar sneller. Dus luidt ons
advies: loop minstens één
hebt maar een dunne dak- en
muurisolatie en/of weinig
lucht tussen de bovenkant
van de hoop en het dak, dan
kun je al snel condensproblemen
verwachten.
Kiemen zichtbaar? Graaf
eerst in de hoop!
Wie de afgelopen weken met
regelmaat controles uitvoerde,
zal hebben gezien dat de kieming
dit seizoen laat op gang
komt. Dit in tegenstelling tot
wat het vermoeden was,
afgaande op de weerssituatie
in het afgelopen groeiseizoen.
Gelukkig valt het mee, want
dat scheelt in veel bewaarschuren
mogelijk weer een of
meer gasbeurten. Op een
enkele hoop zijn al wel
behoorlijk wat kiemen zichtbaar
en meestal is dat het
geval in schuren waar problemen
zijn of waren met condensvocht.
Kijk voordat je
daarin begint met gassen
eerst wat dieper in de hoop
om te zien of daar ook al kiemen
op de knollen zichtbaar
zijn, raden wij aan. Is dat niet
het geval, dan kun je nog
even wachten met gassen. Het
moment waarop de eerste
gasbeurt noodzakelijk is, zal
per ras en per cel verschillend
zijn. Dit seizoen zat er bijDrogende
lucht bij slakken
in de cel
Verder maakt het ook uit of
aardappelen een veldbehandeling
met MH hebben gehad
of de knolbehandeling tijdens
het inschuren. Zie je in een
met MH behandelde partij de
eerste witte puntjes komen,
dan kun je meestal nog een
weekje wachten met gassen.
Zie je nu al de eerste kiemen
na een inschuurbehandeling
met bijvoorbeeld Gro-Stop
Ready, dan is het verstandig
om direct te starten met de
eerste gasbeurt. Wat we in
sommige bewaarschuren in
met name Zuid-Limburg zien
zijn slakken. Het beste wat
daartegen helpt is uitdrogen.
Slakken houden niet van een
droge omgeving en daarom
kruipen ze naar de vochtigste
plek. Dat is meestal boven in
de hoop. Door regelmatig
intern te ventileren en de condens
ventilatoren te laten
draaien kun je de slakken dus
het beste bestrijden.
Alle gepubliceerde bewaarcolumns
zijn ook na te lezen op www.aardappelwereld.nl/dossiers.
●
Aardappelwereld magazine • februari 2017 • nummer 2
13
׉	 7cassandra://mRjikc-rGq6gbEwiwoHjexTo2IE1Mq64prCZ2I59ry4,`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Maak nu de juiste temperatuurkeuze
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland hiervoor
experts paraat. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt actuele
bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek, werkzaam in de
regio Tholen/West-Brabant.
“I
n de maand januari
bepalen de meeste telers de
(minimum)bewaartemperatuur
van de aardappelpartijen
voor verwerking. Op welke
temperatuur de keuze exact
valt, hangt grofweg van de
volgende factoren af: maand
van levering, het ras, groeiomstandigheden
in het voorbije
teeltseizoen en de bestemming.
De meest voorkomende
bestemming is frites. Daarbij
hanteren we een bewaartemperatuur
tussen 6 en 8 graden
Celsius. Tafelaardappelen
bewaren we doorgaans kouder.
Wie aardappelen vroeg
aflevert, in de periode december
tot en met februari, krijgt
niet of nauwelijks met versuikering
te maken en kan als
bewaartemperatuur de bovengrens
aanhouden. Bij langere
bewaring komt ook het ras om
de hoek kijken. Agria,
Het komt nogal eens voor dat de bovenste laag in de cel wat rapper
kiemt dan een halve meter en verder eronder.
het gewenste niveau is. Ook
de plaatsing van een voeler
onder in de aardappelhoop is
sterk aan te bevelen. Wanneer
alle voelers boven in de hoop
staan, dan kan de onderste
laag aardappelen toch onder
de ingestelde minimum producttemperatuur
komen door
de inkoelacties. Je ziet dan
ook vaak dat, bij wie daar
niet op gelet heeft, de bakkwaliteit
van de onderste
aardappelen uit de hoop minder
goed is dan van die daarboven.
Ventileer
minimaal bij weinig
tot geen rot in de partij
Al eerder dit seizoen hebben
we in de bewaarcolumns aangegeven:
ventileer minimaal
bij weinig tot geen rot in de
partij. Dit om onnodig vochtverlies
te voorkomen. Zeker
nu weinig grond in de partij
“Plaats eens een kleine (keuken)
afzuigventilator in de drukkamer om
overtollig CO2 af te voeren”
Markies, Fontane en Ramos
versuikeren niet zo heel erg
snel en daarvoor adviseren we
dan ook een bewaartemperatuur
van 6 tot 6,5 graden
Celsius voor de lange bewaring.
Voor rassen als
Challenger, Innovator en
Bintje ligt de adviestemperatuur
een graad hoger.
aanwezig is als buffer. Het
ideale RV-percentage in de
bewaarruimte is 92 tot 93 procent.
Bij dit percentage komt
er vrijwel geen vocht door de
schil van de aardappel vrij. Is
het gewenst om de producttemperatuur
wat naar beneden
te draaien, doe dit dan zo
snel mogelijk en probeer mistige
buitenomstandigheden te
benutten. Sommige telers
hebben een RV-meter in de
bewaarschuur. Tijdens inkoelacties
kan de RV onder het
ingestelde percentage komen
en dan zet de computer de
ventilatoren uit, waardoor
ook het inkoelen stopt.
Tijdelijk verlagen krijgt dan
de voorkeur.
Plaats extra temperatuurvoeler
bij koude binnenwand
Dan twee tips omtrent temperatuurvoelers.
Een aanrader is
plaatsing van een temperatuurvoeler
bij de koudste binnenwand
van de bewaarplaats.
Zeker wanneer het een
langere periode flink vriest,
kan de producttemperatuur
tegen deze binnenwand te
sterk dalen! Zie je dat deze
temperatuurvoeler gaat zakken,
draai dan een periode
met interne lucht totdat de
producttemperatuur weer op
CO2-afvoer kan beter en
goedkoper
Nog een korte aanbeveling tot
slot: plaats eens een kleine
(keuken)afzuigventilator in
de onderste verdieping van
de drukkamer, bij de kanalen
dus, om overtollig CO2 af te
voeren. Zeker bij vorstperioden
in de maand januari erg
actueel. Met plaatsing op een
afvoerbuis door de fundering/borstwering
heen sluis
je de CO2 makkelijk weg.
Voordeel van deze simpele
constructie is dat die heel
weinig energie vraagt, ook al
laat je de keukenventilator
continu draaien, wat we ook
aanraden. Dagelijks 10 tot 15
minuten verversen met de
grote ventilatoren is dan niet
meer nodig. Door continu de
kleine ventilatoren te laten
draaien kan de CO2 zich
namelijk ook niet ophopen. ●
Terug
83
Aardappelwereld magazine • januari 2017 • nummer 1
13
׉	 7cassandra://xK_RM_Aw4h-qvIEkJEoTDe-dw1QA74LsG_oqPbQPYD0 `̵ c8K(	c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://UC2XaJEMcakVE0l0oJ_f3zaQeFsZ5i0TNbI0NjLYxe0 be`׉	 7cassandra://gF34QzbjhYOgPcWBlO6tDh1rgT7zXF-UJm2XYeq5X4wn`S׉	 7cassandra://ES6-rIlWsLPstXPB_AOd3cMJQsVV6OKZltDSrAzRJNwb`̵ ׉	 7cassandra://-ZxR2GSK2kwSepe-nPT10UFnNBc1jl8IzUV5Vsba9gs t͠c8K) jט  {u׉׉	 7cassandra://aw518falKisdt8py7-nA4WXwxExQVdw2sdlkloOFOYs `׉	 7cassandra://ERrwn7KIc72u8CiSb_740SFVqXBDJuBXSVcwYssjmwcs`S׉	 7cassandra://2BKUkC_vnXV-Elv3mKaSfraqav9uGKKZvxHfSH2F50c`̵ ׉	 7cassandra://aSrODVVWJLIaZvB6CgpB3sIrTwp7q_Y2UaCfsEwwu0s t͠c8K) kנc8K) g 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) h 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Voorkom verder vochtverlies
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Laurens Persoon,
werkzaam in de regio Flevoland.
“M
omenteel liggen de
extra bewaarverlies. Komen
Terug
84
aardappelen over het algemeen
goed beheersbaar in de
bewaarplaatsen. De periode
van wondheling is achter de
rug. In enkele schuren is het
nog even opletten wanneer
knollen met aantastingen van
roodrot mee ingeschuurd zijn.
Het lekvocht komt langzaam
vrij en kan, wanneer omliggende
knollen rooibeschadigingen
hebben opgelopen,
onverwachts voor uitbreiding
van aantastingen zorgen. In
aardappelen van zandpercelen
die onder warme omstandigheden
gerooid zijn, zien
we de laatste weken meer
Pythium-rot de kop opsteken.
Dit is rot die snel kan uitbreiden
in de bewaring.
Controleer daarom regelmatig
de kanalen op signalen van
lekvocht en neem extra drogende
maatregelen als de
tekenen daarvan zichtbaar
zijn. Helemaal schadevrij liggen
de aardappelen niet in de
schuur. Op heel veel plekken
liggen knollen met verschijnselen
van stootblauw. Hier
valt met de manier van bewaren
echter niets meer aan te
veranderen. Doordat gemiddeld
genomen meer rooibeschadigingen
in de partijen
voorkwamen dan normaal, is
al tijdens de wondhelingsperiode
extra vochtverlies opgetreden.
Belangrijk voor de
komende bewaarperiode is
om verder verlies van vocht
Het komt nogal eens voor dat de bovenste laag in de cel wat rapper
kiemt dan een halve meter en verder eronder.
te voorkomen. Zeker nu op de
meeste plaatsen weinig
(vochthoudende) tarragrond
met de aardappelen mee is
ingeschuurd. Probeer daarom
als het kan zo weinig mogelijk
te ventileren. In dit najaar
is het echter af en toe wel lastig
om voor die weinige ventilatiemomenten
ook het
meest ideale moment te vinden.
De dag- en nachttemperaturen
zijn bij vlagen erg
hoog, 10 tot 13 graden Celsius
is geen uitzondering. Hou
daarom de weersvooruitzichten
goed in de gaten om niet
voor verrassingen te komen te
staan bij eventueel standaard
geprogrammeerde ventilatiemomenten.
In de periode van
terugkoelen, die op veel
plaatsen nog door zal lopen
tot eind december, is het van
belang de producttemperatuur
zo langzaam mogelijk te
laten zakken. Wij adviseren
maximaal 1 graad Celsius per
week. De minimale bewaartemperatuur
van de knollen
hoort uiteindelijk uit te
komen op 6 tot 8 graden
Celsius, afhankelijk van ras
en bestemming. De meeste
aardappelen zijn ingeschuurd
bij een temperatuur van 15 tot
18 graden Celsius. Daarmee
ligt de totale periode van
terugkoelen dit jaar op ruim
tien weken. Let bij het terugkoelen
ook op het temperatuurverschil
tussen product
en kanaalvoeler. Zijn de
bewaarcellen gevuld met
goed product, hou dan een
minimumverschil van 3 graden
aan. Daardoor blijft de
ventilatietijd zo beperkt
mogelijk. Dit is vooral van
groot belang bij partijen met
nauwelijks grond in de cel,
want daarmee voorkom je
in de partij (rood)rotte knollen
voor, hou dan een kleiner
verschil aan van 1,5 tot 2 graden
Celsius, dan is ook de
ventilatietijd wat langer. Kun
je langere tijd niet extern ventileren,
probeer dan regelmatig
intern te ventileren. Zo
verdeel je het eventueel vrijkomende
vocht van de rotte
knollen door de hele partij.
Verder is in enkele partijen de
kiemlust vrij groot. Bij aardappelen
die een veldbehandeling
met MH (maleïne hydrazide)
hebben gehad, is het
goed opletten. Bij enkele percelen
zal de MH door het
warme en minder groeizame
weer na toediening wat minder
in de planten/knollen
worden opgenomen dan wenselijk.
Kijk eerst goed of de
kieming door de hele (diepte
van de) partij aan de orde is.
Het komt nogal eens voor dat
de bovenste laag in de cel wat
rapper kiemt dan een halve
meter en verder eronder.
Graaf daarom flinke kuilen
om een goed oordeel te vormen
om zo het juiste moment
van kiemrembehandeling te
bepalen. Partijen die onder
goede opname-omstandigheden
behandeld zijn met MH
lijken nu rustig. Hier komt de
aanvullende gasbeurt pas
vanaf medio januari aan de
orde.” ●
Aardappelwereld magazine • december 2016 • nummer 12
15
׉	 7cassandra://ES6-rIlWsLPstXPB_AOd3cMJQsVV6OKZltDSrAzRJNwb`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Droge knollen vragen apart bewaarregime
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig zijn in Nederland experts te
raadplegen die hier verstand van hebben. In deze column delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam
in de regio West-Brabant.
“H
oogst bijzonder aan
deze, bijna voorbije, aardappeloogst
was de lange droge
periode. Vooral in de maanden
september en oktober
hadden telers hiermee te
kampen. Ondanks het beregenen
zijn veel aardappelen
droog en nagenoeg zonder
aanhangende en losse grond
ingeschuurd, met daartussenin
soms nog harde kluiten.
Voor al deze droog geoogste
aardappelen geldt dit bewaarseizoen
een aparte aanpak.
Die wijkt namelijk nogal af
van de bewaarstrategie van
nat binnengebrachte aardappelen,
zoals we de voorgaande
seizoenen overwegend
hadden. Bij droog
ingeschuurde aardappelen
kun je snel te maken krijgen
met gewichtsverlies door (te
snelle) uitdroging. Dat kun je
voorkomen door zo weinig
mogelijk te ventileren. Voor
iedereen die met een computerprogramma
werkt, adviseren
we daarom direct na het
inschuren eerst alle basisinstellingen
langs te lopen.
Gelet op de voorgaande jaren
zullen standaard nog veel
ventilatiemomenten geprogrammeerd
zijn. We raden
aan die er allemaal uit te
halen. Ventileren zal beslist
nog nodig zijn, maar minder
en op een andere manier. Het
gros van de aardappelen die
in oktober de schuur in kwamen
had gemiddeld een knolIn
droog geoogst product kan toch, soms onverwacht, een probleem met
rot ontstaan, doordat grond ontbreekt waar het lekvocht eventueel in
kan trekken.
temperatuur van plusminus
12 graden Celsius. Dat is
gelijk de minimale temperatuur
voor een goede wondheling.
Direct na inschuren is er
intern geventileerd wanneer
de knoltemperaturen van de
binnenkomende aardappelen
niet gelijk waren. Dit om condensvorming
in de hoop te
voorkomen. Soms moest er
gedroogd worden, bijvoorbeeld
bij het ras Agria.
Verder is het advies: luiken
dicht en ventilator uit, wanneer
er geen andere redenen
zijn om lucht door de hoop te
blazen, zoals inkoelen na de
wondheelperiode en het eventueel
wegdraaien van zieke/
rotte en lekkende knollen in
de partij. Dit laatste kan in
een droge partij ook met
intern ventileren. Een vorm
van rot die we dit jaar relatief
veel tegenkomen is roodrot.
Deze vorm van rot was vooral
te vinden op perceeldelen met
een slechte structuur, zoals
kopakkers en langs spuitsporen.
We hebben soms telers
geadviseerd aardappelen met
rot van deze plekken apart op
te slaan. Is dat niet gebeurd
dan is het advies goed op te
letten of de knollen gaan lekken.
Ook hierbij geldt: in
droog geoogst product kan
toch, soms onverwacht, een
probleem met rot ontstaan,
doordat grond ontbreekt waar
het lekvocht eventueel in kan
trekken. Het lekvocht raakt
volledig de kale knollen en
kan een goede knol snel
rondom bedekken waardoor
deze ook kan gaan rotten. Dit
jaar zitten er veel product
binnen met rooibeschadiging.
Daar schuilt nog een gevaar
en dat is fusarium. Al kort na
het inschuren was op knollen
met rooibeschadiging, precies
op die plekken, soms al een
beetje schimmelpluis te zien.
Dat kan duiden op een beginnende
fusariumaantasting.
Hou dit in de gaten, het kan
een reden zijn om de partij
minder lang te bewaren.
Verder zien we als gevolg van
de matige opbrengsten veel
cellen tot twee derde of drie
kwart vol liggen. Gebruikers
van EC-ventilatoren adviseren
we om in deze niet geheel
gevulde cellen de ventilatoren,
bij extern draaien, niet op
70 procent van de draaicapaciteit
te zetten. Draai 100 procent,
want dan kun je korter
ventileren en dan draai je
minder vocht uit het product.
Een hogere luchtsnelheid
door het product geeft niet
meer vochtverlies dan een
lagere luchtsnelheid, zoals
sommigen denken. Dan is er
nog een punt van aandacht en
dat is de hoge kiemlust van
de aardappelen dit seizoen.
Door hoge temperaturen, in
september zijn knoltemperaturen
gemeten tot wel 28 graden
Celsius aan de buitenkant
van de rug, zullen knollen
zonder veld- of inschuurbehandeling
snel gaan kiemen.
Je kon/kunt de effecten al
zien bij het inschuren aan
zichtbare kiemen op knollen
met groenverkleuring. ●
Terug
85
Aardappelwereld magazine • november 2016 • nummer 11
15
׉	 7cassandra://2BKUkC_vnXV-Elv3mKaSfraqav9uGKKZvxHfSH2F50c`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://tbDHhjvPrfih9B_ODfUTHnzC31LbfI-uBKrE4BceYZM c`׉	 7cassandra://y0-NXfIIVEP8YXGQl6terG--7R_gfl2YS810epWdVV4q^`S׉	 7cassandra://cMgtBB71o9S2yg6Gia4DI5-k6rCfDNCWQM_zRdO4Q38 +`̵ ׉	 7cassandra://1uUU8GZO81nil-WZroI7GQLr5VO3IYHKPPRglGpYvNA Ct͠c8K) oט  {u׉׉	 7cassandra://a9WcaeDrWolstGukPRNy0n7_k325V3WvarRskV2qktM `׉	 7cassandra://-_ma_KrsDBroeRt2UWtsywgObC32yQ1JPBEpU50BQz0{D`S׉	 7cassandra://i6pCx_2q4dXNGRRfFpRXiUXMCH8Kkd0vIdou5IDi9ZY"`̵ ׉	 7cassandra://oKxNcp8u9WSF78GBIldzNqAF287CaBTTTDIY7yQuOEc p͠c8K) pנc8K) m 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) n 9C9 ׉SG
ׁׁr׉E)BEWAARCOLUMN
Tijdens inschuren luiken open
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers,
werkzaam in de regio Zuid-Oost Nederland.
“D
e vele regen in de
Terug
86
maanden mei/juni heeft letterlijk
en figuurlijk behoorlijk
veel sporen in de aardappelvelden
nagelaten en daar zijn
we nog niet vanaf. Met de
natte dauwnachten van de
afgelopen weken liggen aantastingen
door de aardappelziekte
toch weer op de loer en
wel richting de knollen. De
knolzetting heeft dit groeiseizoen
over het algemeen
bovenin de aardappelrug
plaats gevonden. Hierdoor
zagen we in de droge weken
van september veel knollen
blootliggen door scheuren
bovenin de rug. De kans is
groot dat hier sporen van
Phytophthora op terecht zijn
gekomen. Daarnaast zijn de
onderwatergewichten van
veel aardappelen hoog tot
zeer hoog. Dat vraagt dus om
een voorzichtige behandeling
tijdens het rooien en inschuren.
Het voorzichtig rooien
begint al bij het rustig opnemen
van de vaak taaie ruggen
die dit seizoen in de löss- en
kleigronden veel harde kluiten
bevatten. Op de zandgronden
is het juist weer de kunst
om grond op de zeefbanden te
houden, wat in de voorbije
droge weken nauwelijks lukte.
Daarnaast is een knoltemperatuur
van minimaal 8 graden
Celcius bij rooien belangrijk.
Om te weten welke snelheden
van de zeefbanden en valhoogten
je het beste aan kunt
Zet tijdens het inschuren alle luiken open, dan krijg je al een natuurlijke
trek in de schuur.
houden in de rooier en de verdere
transportweg via kippers,
vrachtwagens en
inschuurlijnen, is het raadzaam
om de boel een keer
door te meten met een elektronische
aardappel. Zet tijdens
het inschuren alle luiken
open, dan krijg je al een
natuurlijke trek in de schuur.
Liggen de aardappelen eenmaal
netjes in de schuur, dan
is het om te beginnen van
belang snel te drogen. Ook al
is de cel aan het eind van de
dag nog niet helemaal
vol, start met intern ventileren.
Is de buitentemperatuur
niet te laag dan kan dat
gewoon met de schuurdeuren
(iets) open. Dan heeft vochtige
lucht de kans om de schuur te
verlaten. Is het te koud buiten,
ventileer dan intern met
dichte deuren of de deuren
iets open en de kachel erbij.
Belangrijk is om de aardappelen
de eerste twee weken in
de schuur op een graad of 15
Celsius te bewaren. Bij rassen
welke gevoelig zijn voor bacterieziek
laat ik de temperatuur
zakken tussen de 12 tot
15 graden Celsius. Het gaat
erom dat eventuele wonden in
de schil zo snel mogelijk helen
en eventuele bacteriën niet te
laten woekeren. Het intern
ventileren direct na inschuren
is eveneens van belang om
in rap tempo alle aardappelen
op gelijke temperatuur te krijgen.
Gebeurt dit niet, dan
krijg je condensvorming. De
knollen blijven dan te lang
nat, dat vertraagt vervolgens
de wondheling en daarmee
vergroot je de kans op
aantasting door schimmels
en bacteriën. Het is van
belang dat we in het eerste
traject van de bewaring voldoende
ventileren en zorgen
dat de aardappelen zo snel
mogelijk drogen. Dan constateren
we verder dat de kwaliteit
van de aardappelen
op door zware neerslag
getroffen percelen soms niet
overhoud. We signaleren
daarin holle aardappelen en
veel exemplaren met groeischeuren.
Ons advies is, ga
voor je een partij denkt te
gaan inschuren eerst eens kijken
hoe het ervoor staat met
de kwaliteit. Doe dat samen
met de eventuele afnemer en
neem dan pas een beslissing
of het verstandig is de partij
in te schuren. In sommige
gevallen is het raadzamer om
naar alternatieven voor (versnelde)
verwerking te zoeken
dan om ze naar binnen te
rijden. Ondertussen doemt in
veel aardappelpartijen nog
een ander probleem op en dat
is de verhoogde kiemlust.
Zorg daarom voor een
goede verdeling van de kiemremmingsmiddelen
bij het
inschuren. Verder adviseren
we percelen die behandeld
zijn met MH in de gaten te
houden op kiemlust. Na toediening
van MH lijkt de
opname van het middel dit
jaar niet overal even optimaal
te zijn geweest als gevolg van
de droogte. Overleg met een
adviseur wanneer het raadzaam
is om te starten met gassen
en welke dosering daarbij
past.” ●
Aardappelwereld magazine • oktober 2016 • nummer 10
17
׉	 7cassandra://cMgtBB71o9S2yg6Gia4DI5-k6rCfDNCWQM_zRdO4Q38 +`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Voorkom grote temperatuurs verschillen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek,
werkzaam in de regio West-Brabant.
“D
oor de vroegere afrijping
in dit teeltseizoen liggen
op dit moment al heel wat
percelen consumptieaardappelen
doodgespoten en bijna
of al helemaal klaar om te
oogsten. Wat echter nog niet
overal af is, is het onderhoud
aan de bewaarplaatsen. Ieder
jaar komen we als adviseurs
weer de nodige praktijkgevallen
tegen waarbij de apparatuur
bij het inschuren niet
volledig in orde is. Veel voorkomende
mankementen zijn
bijvoorbeeld defecte temperatuur-
en RV-voelers. Soms
redeneren telers: ‘dan zet ik
om te beginnen wel wat minder
voelers in de aardappelhoop
en vervang ik de
kapotte later wel’. Echter, ook
al direct tijdens en na het
inschuren zijn alle benodigde
voelers van groot belang, bijvoorbeeld
om de eventuele
temperatuurverschillen van
het net ingeschuurde product
goed in kaart te brengen, een
onderwerp waarop ik zo
meteen nog wat dieper zal
ingaan. Wat bewaarders ook
nogal eens vergeten is een
grondige inspectie van de
ventilatiekanalen. Het komt
voor dat telers vergeten zijn
om de tussenschotten weg te
halen die ze in het afleverseizoen
in de ventilatiekanalen
hebben geplaatst om bewaarcellen
gedeeltelijk te kunnen
beluchten. Wie de aardappelen
bij het inschuren met een
kiemremmer als Gro Stop
Ready wil gaan behandelen,
Door gebruik te maken van een elektronische aardappel zijn snel knelpunten
in een rooier, kipper en/of inschuurlijn op te sporen.
doet er ook verstandig aan de
werking van de pompapparatuur
en de schijfvernevelaar
te testen. Vaak zien we de
verdeelapparatuur bij aanvang
van het inschuren haperen
door defecten en/of verstoppingen.
En juist die eerst
ingeschuurde aardappelen
hebben het hardst de kiemremmer
nodig, want die stop
je het diepst en vaak ook het
langst weg in de cel. Als je ze
niet ziet heb je ook geen
gevoel bij de kiemlustigheid
van de partij. Nog een laatste
tip: zijn de bladen van de
ventilator schoon? Zit hier
aanslag op, bijvoorbeeld van
resten kiemremmingsmiddel,
dan heeft dat een negatieve
invloed op de ventilatiecapaciteit
en benodigde energie.
Aandachtspunten bij oogst
Dan wil ik vervolgens even
stilstaan bij aandachtspunten
tijdens de oogst, want die
hebben ook grote invloed op
de bewaring van de aardappelen.
Het eerste advies is:
rooi absoluut niet bij temperaturen
boven 27 graden
Celsius en onder 8 graden
Celsius. Dan is de tip die
daarop aansluit: plan het
rooien bij dergelijke temperaturen
in op basis van de temperatuur,
dus bij een koude
nacht later in de ochtend of
aan het begin van de middag
beginnen en tot laat in de
avond doorrooien. De temperatuur
van de knol volgt
namelijk de buitentemperatuur
en loopt daarbij altijd
een paar uur achter. Let ook
op grote temperatuurverschillen
van net ingeschuurde
aardappelen. Dit in verband
met plaatselijke condensvorming
in de hoop. Het is
belangrijk om die temperaturen
zo snel mogelijk gelijk te
krijgen door te ventileren. Als
de nacht warm genoeg is en je
toch droogt dan kun je direct
met buitenlucht starten. Is de
nacht koud en bestaat de kans
dat de aardappelen kouder
dan 12 graden worden, draai
dan alleen met menglucht of
intern ’s nachts en ventileer
drogend overdag om de
wondheling optimaal te
behouden. Bij een lagere producttemperatuur
verloopt de
wondheling namelijk trager.
Hier komt het belang van voldoende
temperatuurvoelers
om de hoek kijken, waar ik
eerder al aan refereerde. Het
tweede advies dat ik wil
onderstrepen is: voorkom
knolbeschadiging van rooien
tot en met het inschuren. Het
is namelijk niet alleen de rooimachine
die beschadiging aan
uw aardappelen geeft. Door
gebruik te maken van een
elektronische aardappel zijn
snel knelpunten in een rooier,
kipper en/of inschuurlijn op
te sporen. Adviseurs van
Delphy hebben deze paraat
en ook agronomen van afnemers
als fritesfabrikanten zijn
veelal in het bezit van dit
meetinstrument. Het nadelige
effect van een beschadigde
knol onderschatten veel aardappeltelers
nog steeds. Naast
vermindering van uw kwaliteitspremie
krijgen deze knollen
ook eerder met infecties te
maken door bijvoorbeeld
Erwinia en Alternaria.” ●
Terug
87
Aardappelwereld magazine • september 2016 • nummer 9
11
׉	 7cassandra://i6pCx_2q4dXNGRRfFpRXiUXMCH8Kkd0vIdou5IDi9ZY"`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://_aR15nYY3OUOohFm1nC8US1XT3lbpGNEh2_yk7diqTk `׉	 7cassandra://mz8Xk5mdmoRMaL3WWZ1lGvRKcjJUEtc6T0oQfYjTygIs`S׉	 7cassandra://djByt7wz83rlWFdPG99YEpi--TtYzCuP3ic1GR65OUo L`̵ ׉	 7cassandra://fY-bmCgnKLWFwldYgS7qJxewJc-lAIKezZ3cRK0s2Bk t͠c8K) tט  {u׉׉	 7cassandra://uVVcMOa5uDvOAk-8SdZ9E-z-Fznns779uY8CfFyjj88 `׉	 7cassandra://Lan1oEAwTo3jwKWCYg7UeIqgpw0HYdOReVr7nsk47P4z$`S׉	 7cassandra://DcnbfOTQLD9-RoKvhDYXVvAFHxp_0jioNzMHHBfnpDM"`̵ ׉	 7cassandra://Yw4tZTxF3g65E3SwnBoJ_cujBaBxQOTvC2d6fYSc7aQ Xt͠c8K) uנc8K) r 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) s 9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Niet meer slecht met goed mengen!
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig zijn in Nederland experts te
raadplegen die hier verstand van hebben. In deze column delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde, werkzaam
in de regio West-Brabant.
“D
egenen die de afgelopen
weken nog aardappelen
in de schuur hadden -en een
Terug
88
enkeling nog steeds- waren
uiteraard voornamelijk de
telers met de langst houdbare
partijen. Toch is het knap
werk geweest om ze zo lang
goed te houden, zeker voor
aardappelen die met buitenlucht
geventileerd zijn. Het
afgelopen bewaarseizoen viel
het namelijk niet altijd mee
om de conditie van het product
op peil te houden. Zelfs
tot de laatste partijen aan toe
waren er wel telers bij die
voor kleinere en soms wat
grotere verrassingen kwamen
te staan als ze de cel leeg
draaiden. Slechte plekken met
meer rot betroffen vrijwel
altijd aardappelvrachten
afkomstig van kopakkers of
laagten in percelen. Door de
hoge buitentemperaturen van
de laatste maanden lag de
temperatuur van het product
ergens tussen 13 tot 15 graden
Celsius. Bij deze relatief hoge
temperaturen zijn toch weer
wat vochtige knollen gaan
rotten en lekken naar aardappelen
in de omgeving. Vooral
omdat we enkele weken geleden
een periode hadden
waarin het nauwelijks mogelijk
was extern te draaien.
Bovendien werd ook nauwelijks
intern gedraaid om de
partij niet extra op te warmen.
Helder is dat we afgelopen
seizoen weer veel
bewaarzaken tegen gekomen
“Dit seizoen is nog weer eens zonneklaar gebleken dat je slechte aardappelen
niet met een goed product moet mengen.”
zijn waar we lering uit kunnen
trekken. Wat ons onder
meer is opgevallen, is de
goede werking van de vloeibare
kiemremmer Gro Stop
die je toedient bij het inschuren.
Het middel is al lang op
de markt, maar leverde ook in
het kiemlustige bewaarseizoen
weer een erg bedrijfszeker
resultaat. Verder is dit seizoen
zonneklaar gebleken dat
je slechte aardappelen niet
met een goed product moet
mengen. Het beste is om ze
eerst in een andere cel of
apart in kisten te drogen als
dat mogelijk is. Draai de mindere
aardappelen na voordrogen
voorin de cel, zodat ze er
ook eerder uit kunnen als het
nodig blijkt te zijn. Wanneer
je uitrekent hoeveel die paar
slechte karren aan kosten met
zich meebrengen, dan schrikken
veel telers. Naast de energiekosten
voor kachels en
extra draaiuren, ga je ook de
betere aardappelen teveel indrogen
door aanwezigheid van
slechte. Zo wijzen monsters
uit dat partijen die begin juni
uit de schuur kwamen gemiddeld
8 tot 8,5 procent aan
gewicht kwijt geraakt zijn tijdens
de bewaarperiode. Dat
is een paar procent meer dan
in een normaal seizoen.
Vervolgens is het voor nogal
wat aardappeltelers die problemen
hadden met het
bewaarproduct raadzaam om
eens de inrichting van de
bewaarschuur onder de loep
te nemen. Een ander leerpunt
van dit seizoen is de inzet van
kachels. Telers die werkten
met onvoldoende opwarmcapaciteit
stonden op achterstand
om een probleempartij
te kunnen redden. Schaf voldoende
kachels aan is daarom
ons advies. Zorg dat ze voor
de ventilator de inblaaslucht
op kunnen warmen en het
liefst via de computer regelbaar
in warmteafgifte. Dat is
vooral een must voor telers
met late rassen zoals Agria.
Wees voorbereid op een situatie
zoals we afgelopen seizoen
hadden, want de kans op herhaling
is de komende jaren
zeker aanwezig. Eveneens
constateren we dat de capaciteit
van de ventilatoren in
sommige schuren onvoldoende
is. Laat daarom in de
komende maanden een deskundige
een keer doorrekenen
wat minimaal aan ventilatiecapaciteit
nodig is. Wat
we tevens zijn tegengekomen
is dat bij sommige schuren de
voeler voor de buitentemperatuur
op de verkeerde plek
zit: in de zon. Stel het is buiten
12 graden Celsius en de
RV is gunstig om te drogen.
Dan krijg je de situatie dat de
voeler 18 graden aangeeft en
in combinatie met dezelfde
RV constateert de bewaarcomputer
dat het juist niet gunstig
is om te drogen. Het
advies is dus, plaats de voelers
voor de buitentemperatuur
aan de noordkant van de
schuur, in de schaduw of in
een weerhuisje.” ●
Aardappelwereld magazine • juli 2016 • nummer 7
13
׉	 7cassandra://djByt7wz83rlWFdPG99YEpi--TtYzCuP3ic1GR65OUo L`̵ c8K(׉EBEWAARCOLUMN
Hou de producttemperatuur constant
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig zijn in Nederland experts te
raadplegen die hier verstand van hebben. In deze column delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij toerbeurt
actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Renould Schiffelers, werkzaam
in de regio Zuid-Nederland.
“V
eel aardappelcellen
zijn inmiddels al leeg. De
laatste maand verliep het uitschuren
zelfs in versneld
tempo. Niet alleen omdat de
prijzen voor vrij product aantrekkelijk
waren, maar ook
omdat partijen niet langer in
de schuur konden blijven liggen.
Verminderde bakkwaliteit,
niet langer houdbare kieming
en de aanwezigheid van
drukplekken speelden daarbij
ook een belangrijke rol. De
aardappelen die het tot nu toe
volgehouden hebben zijn echt
de beste. We kunnen zelfs
constateren dat hier, gezien
het late tijdstip van het
bewaarseizoen, vrijwel niets
mis mee is. Waar we hierbij
wel aandacht aan hebben
besteed – en dat doen we nog
steeds – is de bewaartemperatuur
van het product.
Afhankelijk van de schuur
waarin ze liggen, buitenluchtventilatie
of mechanische koeling,
is deze met name bij de
buitenluchtventilatie-bewaringen
zo nodig iets verhoogd.
Dat heeft te maken
met de hoge buitentemperaturen
die we, onder meer begin
mei, hadden. De binnentemperatuur
is dan lastig constant
te houden en temperatuurschommeling
kan een
product als de aardappel,
zeker op het eind het bewaarseizoen,
niet gebruiken. Dus
kun je beter naar een producttemperatuur
gaan die je wel
constant kunt houden, dan
praat je over 7 tot wel 9 graBelangrijk
is het product wat nu nog in de schuur ligt op constante temperatuur
te houden.
den Celsius. Dit is overigens
ook een belangrijk aandachtspunt
voor de telers die in de
afgelopen weken delen van
een cel hebben leeggereden.
De schuurdeuren hebben
soms bij warme buitenlucht
opengestaan en er is extra
veel warme lucht in de ruimte
waar geen aardappelen meer
liggen. Belangrijk is het product
dat er nog wel ligt op
temperatuur te houden. Dicht
als het nodig is, en kan, de
kanalen af tussen het lege
deel van de schuur en daar
waar nog aardappelen liggen
om voldoende (afkoelende)
lucht door de hoop te kunnen
draaien. Een ander aandachtspunt
is het onder controle
houden van de kieming. Dat
kan in de goede partijen die
er nu nog liggen veelal volstaan
met een onderhoudsdosering
van 10 millimeter
Chloor-IPC per vier weken,
voor degenen die met dit product
werken. Voor schuren
waarin MH of ethyleen is toegepast
kan een ander onderhoudsadvies
gelden. Verder is
het tot nu toe en ook de
komende weken belangrijk
het CO2-gehalte in de schuren
niet te ver op te laten lopen.
Wanneer je de computer op
een 24-uurs regime hebt ingesteld,
dan adviseren we
meestal om de 8 uur gedurende
5 minuten de cellen te
ventileren. We blijven er bij
de telers op hameren om
iedere dag naar het product
in de schuur te kijken. Wacht
niet te lang met afleveren
wanneer je het achteruit ziet
gaan, bijvoorbeeld door versnelde
kieming. Overleg tijdig
met je afnemer of langer
bewaren nog verstandig is.
De ervaring van de voorbije
maanden is dat we her en der
toch nog meer dan verwacht
drukplekken tegenkwamen
bij het uitschuren. Dan nog
een tip: kijk bij het uitschuren
eens goed naar de hoop, ga
na waar eventuele problemen
zitten en probeer uit te vinden
wat daarvan de oorzaak
is. Tot dan heb je alleen maar
op de hoop gecontroleerd,
maar bij het leeghalen van de
schuur zie je pas een hele
doorsnede van de 5 meter aan
aardappelen. Daar zitten
soms op verschillende plaatsen
aardappelen tussen van
mindere kwaliteit, nat, rot of
met extra kiem. Het kan zijn
dat een deel van de roosters
dicht zat, of een ventilator
niet op voldoende capaciteit
heeft gedraaid. In het laatste
geval zie je dan bijvoorbeeld
een hele streep van voor tot
achter in de hoop. Maar hier
blijft het natuurlijk niet bij.
Neem daarna ook direct actie
om de oorzaak te verhelpen.
We zien nogal eens dat telers
na het uitschuren pas weer in
de cel terugkomen bij het
inschuren van de nieuwe
oogst. Daarom het advies:
neem zo snel mogelijk actie
bij geconstateerde tekortkomingen,
voor je ze weer vergeten
bent. Maak kanalen en
rooster zo snel mogelijk
schoon. Controleer de ventilatoren,
laat de capaciteit meten
en let op aanslag op de rotorbladen.
Dicht eventuele spleten
in het dak of de drukwanden,
zodat problemen zich het
volgende bewaarseizoen niet
herhalen.” ●
Terug
89
Aardappelwereld magazine • juni 2016 • nummer 6
13
׉	 7cassandra://DcnbfOTQLD9-RoKvhDYXVvAFHxp_0jioNzMHHBfnpDM"`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://4kzDXbDVusdqk4QrHJGjBI9ETYkNVqN8GADV8EDX3CI `׉	 7cassandra://kllnmWdyX03o_G5lsRgW8_KeYjOlS6KyuuPQb-0pilQs|`S׉	 7cassandra://iMIImFm3q8jS97RBNsI0i2TwyqF1Yqe_DRZ2qDaZYd4 `̵ ׉	 7cassandra://xecysd4qg5yZhQKQ4_ecL3mKWDfAZiAUADxLePY6dIQ t͠c8K) zט  {u׉׉	 7cassandra://j-CkN-730Cm9AzLriafEacwZrxEVw7pImYwsuD4TqiU [`׉	 7cassandra://2n69BNP4MqK5sD7v6pA9SCnoulyi0HUWhK3pDzVNn4ki`S׉	 7cassandra://z1ETWHddPDPr47uOPErNRoo-8AfGzKOWuwfTpCnIz14M`̵ ׉	 7cassandra://Tz6Ce0ABF4hgDG50s9z-soOJZVR2mKCrsPaKn0KhzEU t͠c8K) {נc8K) w 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) x ̔9׉Hhttp://www.aardappelwereld.nlGׁׁrנc8K) y 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  !̙9ׁHhttp://www.aardappelwereld.nl/ׁׁЈ׉EBEWAARCOLUMN
Laat CO2
-niveau niet oplopen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek,
werkzaam in de regio West-Brabant.
“Z
odra het voorjaarsTerug
90
werk
zich aandient, zien we
bij veel aardappeltelers de
aandacht in de bewaarschuur
verslappen. Telers die tot nu
toe regelmatig problemen
hadden met lekvocht, zullen
echter toch heel alert moeten
zijn op hun product. Zij
weten inmiddels goed waar
de zwakke plekken te vinden
zijn in de partijen. Blijf daar
dagelijks op controleren! Klim
boven op de hoop, graaf kuiltjes
van zo’n 20 tot 30 centimeter
diep en let op dat
onderin niet opnieuw nattigheid
ontstaat. Wanneer dit
wel aan de hand is, ventileer
dan met voldoende buitenlucht.
Veel telers gaan ervan
uit dat het computerprogramma
dit allemaal regelt.
Bij hoge nachttemperaturen,
zoals we de eerste twee
weken van april hadden,
werkt dat echter niet meer.
Veel computers staan standaard
zo ingesteld dat ze pas
de ventilatoren aanzetten op
het moment dat de buitenlucht
2 graden Celsius lager is
dan de temperatuur van het
product. Momenteel hebben
veel fritesaardappelen een
knoltemperatuur van 6 tot 7,5
graad Celsius. Dan moet de
buitenlucht dus onder de 4
tot 5,5 graad Celsius zakken,
voordat de ventilatoren gaan
draaien. Dat deden ze daarom
in sommige gevallen niet. We
hebben bij diverse telers aan
de data in de bewaarcomputers
gezien dat ze soms twee
De frequentie en de ventilatieduur om te verversen is wat ons betreft
sterk gerelateerd aan het ras dat in de schuur ligt.
tot drie weken achtereen niet
met externe lucht hebben
geventileerd. Voor partijen
met kwaliteitsproblemen is
dat funest. Daarin is wel
geventileerd, maar alleen met
interne lucht, zodat in de cellen
alleen maar vochtige lucht
heeft gecirculeerd. Heeft u
met zo’n matige kwaliteit te
maken? Dan is het advies het
standaard temperatuurverschil
van 2 graden Celsius
terug te brengen naar 1,5 of
maar 1 graad Celsius. Dan is
het bovendien raadzaam om
minimaal vier tot vijf uur achter
elkaar met buitenlucht te
ventileren, in sommige gevallen
nog langer.
Voor goede partijen is het verhaal
net andersom. Aardappelen
die nu nog onder
prima omstandigheden achter
de planken liggen, ventileren
telers het best zoveel mogelijk
intern en zo weinig mogelijk
met externe lucht. Hiermee
houden ze de conditie zoveel
mogelijk op peil. Lucht verversing,
om het CO2-niveau
niet op te laten lopen, is
momenteel een belangrijk
thema in de bewaring. De frequentie
en de ventilatieduur
om te verversen is wat ons
betreft sterk gerelateerd aan
het ras dat in de schuur ligt.
Wie nu rassen als Ramos,
Agria en Markies onder goede
condities in de schuur heeft
liggen, kan de luchtverversing
gerust achterwege laten. Wel
is het van belang om hierbij
de bakkwaliteit in de gaten te
houden door middel van
bemonstering. Blijft de bakkwaliteit
stabiel, dan is luchtverversing
niet aan de orde.
Wie de ventilatie-uren heeft
bijgehouden en geen extra
draaiuren heeft gemaakt hoeft
zich alleen te concentreren op
de activiteit inkoelen. Bij potdichte,
veelal ook de modernste
schuren, kan de bakkwaliteit
zonder ventilatie wel
teruglopen en daarin is dus
enige verversing noodzakelijk.
Telers die een stabiele partij
aardappelen achter de planken
hebben, doen er verstandig
aan de standaardinstelling
voor dagelijkse verversing uit
te zetten. Daarmee is immers
elke dag 10 minuten aan ventilatiedraaiuren
te besparen en
dat scheelt weer de nodige
euro’s. Voor het bewaarregime
van rassen als bijvoorbeeld
Bintje en Challenger gaat een
ander verhaal op. Daarbij zien
wij op dit moment de bakkwaliteit
stap voor stap achteruitgaan.
Wanneer je dan de
computer op die eenmalige
dagelijkse verversing ingesteld
hebt staan, kan dat juist
te weinig zijn. Afhankelijk van
de snelheid waarmee de partij
op haar retour is, kan twee tot
drie keer per dag luchtverversing
nodig zijn en dat 4 tot 6
minuten per keer. Ligt een
goede partij aardappelen in de
schuur en wil je die nog tot in
juli of augustus bewaren, laat
dan de producttemperatuur
een graad oplopen. De buitentemperatuur
is immers ook
hoger en door de producttemperatuur
wat te laten oplopen,
beperk je de temperatuurschommeling
in het product
en houd je de bakkwaliteit
beter op peil, of beter gezegd,
onder peil. Is de kieming tot
op heden goed onder controle,
dan hoef je niet bang te zijn
dat die ineens toe gaat nemen.
We signaleren nu nauwelijks
excessen.” ●
Aardappelwereld magazine • mei 2016 • nummer 5
13
׉	 7cassandra://iMIImFm3q8jS97RBNsI0i2TwyqF1Yqe_DRZ2qDaZYd4 `̵ c8K(׉E$BEWAARCOLUMN
Voorkom temperatuur schommelingen
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Laurens Persoon,
werkzaam in de regio Flevoland.
“W
at we op dit moment
in de bewaring constateren is
dat de kwaliteit van de consumptieaardappelen
erg wisselend
is. Ik heb het dan niet
over de hele slechte partijen,
zoals we die enkele maanden
geleden hadden. Die liggen al
lang niet meer achter de planken
en zijn afgeleverd. Het
gaat hier om relatief goed
ingeschuurde aardappelen
waarvan echter de conditie
sterk uiteenloopt. Je ziet
enorme verschillen in kiemlust,
onderwatergewicht en
suikergehalte. Onderliggende
oorzaak is het grillige teeltseizoen
van vorig jaar. De
groeiomstandigheden tussen
de percelen in deze regio,
maar ook in de rest van
Nederland, liepen zo uiteen,
dat je daarvan nu de gevolgen
terug ziet in de bewaring.
Wat ook meespeelt zijn rasverschillen:
het ene ras is
meer gevoelig voor schommelingen
in temperatuur en
vocht dan het andere. Die
temperatuurschommelingen
zijn het gevolg van wisselende
en vooral relatief hoge
buitentemperaturen deze
winter. Veel aardappeltelers
met alleen mogelijkheden
voor buitenluchtventilatie
hadden maar weinig momenten
– koude nachten – om de
producttemperatuur laag en
daarmee constant te houden.
De bewaarverliezen zijn dit
Is de streeftemperatuur niet meer haalbaar, dan is het advies de producttemperatuur
mee te laten lopen met de gemiddelde nachttemperatuur.
jaar dan ook flink hoger dan
gemiddeld. Vooral partijen
van het ras Agria zijn her en
der sterk verouderd. De
bewaring van dit ras vraagt
sowieso al extra aandacht,
maar dit jaar zijn er meer
draaiuren nodig geweest in
verband met melkzuurbacterie
in de knollen. We zien
eveneens veel drukplekken
en zoals het er nu naar uitziet,
gaan veel partijen Agria
het niet halen om tot juni
achter de planken te blijven.
Dankzij de koude noordenwind
bleef de temperatuur
tot eind maart nog redelijk
beheersbaar. Eind maart is de
wind echter naar het zuidwesten
gedraaid en liep de
temperatuur snel op. Dat
alles maakt het extra lastig
om de producttemperatuur in
bewaarschuren zonder
mechanische koeling op het
gewenste aantal graden
Celsius te houden.
Temperatuurschommelingen
moet je in deze fase zien te
vermijden, omdat deze tot
kieming en versuikering leiden.
Is de streeftemperatuur
niet meer haalbaar, dan is het
advies de producttemperatuur
mee te laten lopen met
de gemiddelde nachttemperatuur.
Gelukkig is er in veel
cellen wel op tijd begonnen
met gassen, met de maximale
begindosering per ton. Dat
was ook ons algemeen
advies. We hadden namelijk
al de indruk dat het in sommige
partijen anders heel lastig
zou zijn om de kieming
onder controle te houden.
Ook hebben we de intervallen
over het algemeen wat
ingekort van 4 naar 3,5
weken. Voor de dosering per
opeenvolgende gasbeurt is
uitgegaan van het standaardadvies.
Met die wat meer
dan gebruikelijke levendigheid
in de aardappelcellen is
het eveneens raadzaam de
CO2-concentratie in de gaten
te houden. Vooral in goed
geïsoleerde schuren. Het is
lastig om een duidend advies
te geven over hoeveel luchtverversingen
per dag nodig
zijn, dat is onder andere
afhankelijk van de bewaarschuur
en het ras. Wanneer
er nooit bakkleurproblemen
zijn in tafel-/fritesaardappelen
op het bedrijf, hoeft men
zich over verversen weinig
zorgen te maken. Heb je geen
CO2-meter, ventileer dan kort
met de luiken volledig geopend,
5 tot 10 minuten per
dag.”
Alle gepubliceerde bewaarcolumns
zijn ook na te lezen op de
website www.aardappelwereld.nl/
dossiers. ●
Terug
91
Aardappelwereld magazine • april 2016 • nummer 4
13
׉	 7cassandra://z1ETWHddPDPr47uOPErNRoo-8AfGzKOWuwfTpCnIz14M`̵ c8K(c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://k9dDujPO-UECwHXuDvRJrDYkU2euTQlWnnQv2hothlg N`׉	 7cassandra://iEJvd_JdhDU_TcnrhOEJDfXANSS3mfwygKQbXdAxZPgv`S׉	 7cassandra://KgzU6VDZUs5llo98ykBInuSGfFIj_YHUjGi97rCVnUQ!:`̵ ׉	 7cassandra://sKBiIKc2mB-Ifr3JK3xpyUDshY1t0k-C0BMehOTgKXs t͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://8jRq8uEa_w-oJ8GuvIWMk9Bqj7OjIxpf8QuImY-l4Y8 S`׉	 7cassandra://RJpwbz-qjuP9rTl_FKo2nP1xBET_sAJjyiBcDV94XE4wR`S׉	 7cassandra://4lYnFFa98oweFVmhz3KZ5bDndMpXDdee15GldWc6DGE!-`̵ ׉	 7cassandra://eH9kXnN_WMO9WpBbxlFqtj2W8AUSp-cy40OJRk5DUuI t͠c8K) נc8K) } 9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K) ~ ҁ̊9׉Hhttp://www.aardappelwereld.nlGׁׁrנc8K)  9׉Hhttp://www.aardappelwereld.nlGׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Met koudere externe lucht is het
product sneller teruggekoeld
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Anton van der Velde,
werkzaam in de regio West-Brabant.
“O
ok al zijn de grootste
Terug
92
perikelen met probleempartijen
voorbij, de situatie in de
bewaarcellen is nog niet overal
geheel zorgeloos. In de regio
waar ik werkzaam ben zijn in
december en januari nog versneld
partijen geruimd die
niet langer houdbaar meer
waren, meestal van het ras
Agria. De slechtste partijen
zijn inmiddels weg, echter in
een aantal bewaarschuren
blijft het zeker nog oppassen
geblazen. Wie ermee te maken
heeft drukken we op het hart
om meerdere keren per week
te controleren en bovenop te
blijven graven in de hoop. Blijf
je plaatselijk te veel lekvocht
zien, draai dit vocht dan
zoveel mogelijk weg door
meer intern te ventileren. Het
aandeel lekvocht bepaalt de
tijdsduur. Bij meerdere partijen
is het nog nodig om na
drie uur stilstand één uur lang
met interne lucht te draaien. Is
de situatie gunstiger, dan kun
je de intervallen oprekken
naargelang de conditie van de
aardappelen tot bijvoorbeeld
acht uur rust en één uurtje
ventileren. Belangrijk is om
telkens het evenwicht te zoeken
tussen ventilatie en vochtverlies
van met name de
onderste knollen. We nemen
bij partijen die de afgelopen
maanden afgeleverd zijn meer
gewichtsverlies en drukplekken
waar in vergelijking met
andere jaren. Zeker in partijen
Sommige telers vragen ook
hoe ze rekening kunnen houden
met de relatieve lucht“We
adviseren om bij voldoende inkoelkansen te ventileren met een
minimum temperatuurverschil van 2,5 tot 2,7 graden Celsius.”
waarbij in het begin sterke
droging noodzakelijk was.
Heb je een relatief goede partij
achter de planken, die je
lang wilt bewaren, besef dan
dat ieder uur ventileren met
externe lucht gewichtsverlies
kan veroorzaken. Natuurlijk
moet je af en toe inkoelen.
Probeer dan in elk geval de
ventilatietijd zoveel mogelijk
te beperken. Dit kan door de
instelling te variëren: ‘minimaal
verschil tussen buitentemperatuur
en producttemperatuur’.
Ventileer dan met
een niet te klein temperatuurverschil
tussen buitenlucht en
binnenlucht/product.
Wanneer de computer ’s
avonds begint met inkoelen
bij 1 tot 1,5 graad temperatuurverschil,
dan ben je veel
uren extern aan het draaien.
Dit omdat de producttemperatuur
maar heel langzaam
zakt. Soms moeten de koudste
uren dan nog komen. Het is
belangrijk om als teler zelf op
te letten wat de temperatuur
in de nacht gaat doen. Met
koudere externe lucht is het
product sneller teruggekoeld
en heeft het minder te maken
met vochtverlies. We adviseren
om bij voldoende inkoelkansen
te ventileren met een
minimum temperatuurverschil
van 2,5 tot 2,7 graden
Celsius. Zijn de kansen minder
groot, hou dan een minimum
aan van 1,8 tot 2,0 graden
Celsius. Iemand die
wekenlang niets verandert
aan de bewaarcomputer, is
niet optimaal bezig. Laat ventilatoren
waarvan het toerental
regelbaar is bij extern ventileren
op 100 procent van de
capaciteit staan.
vochtigheid. Met handbediening
kun je best een mistige
nacht benutten. Met een computer
is het een stuk lastiger
hierop in te spelen: een maximale
afvoer van grammen
vocht klopt wel bij gebruik
van 100 procent buitenlucht,
maar niet bij gebruik van
menglucht. Een computer kan
constateren dat het buiten te
droog is, maar soms heb je
maar 20 procent van die drogere
buitenlucht nodig. De
overige 80 procent van de
menglucht, waarmee je gaat
ventileren, bestaat immers uit
de vochtigere binnenlucht. Het
beperken van het aantal
externe uren is daarom het
meest praktische instrument
om zo min mogelijk uitdroging
te krijgen. Uit gewichtsverliesmonsters
zien we door de
jaren heen ook dat in grote lijnen
minder externe draaiuren
tot minder gewichtsverlies
lijdt. Dan nog een tip voor
degenen die binnen enkele
weken product willen afleveren.
Weet je zeker wat de
datum van leveren is, laat dan
ruim van tevoren, plusminus
vier weken, de temperatuur
van het product langzaam
oplopen. Je hoeft dan ook weer
minder externe uren te gebruiken
om in te koelen. Belangrijk
is wel dat de aardappelen niet
te kiemlustig zijn.” ●
Aardappelwereld magazine • maart 2016 • nummer 3
17
׉	 7cassandra://KgzU6VDZUs5llo98ykBInuSGfFIj_YHUjGi97rCVnUQ!:`̵ c8K(׉EOBEWAARCOLUMN
Pas op met de temperatuur van
inblaaslucht
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Gelukkig hebben we in Nederland
experts paraat met verstand van bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van Delphy bij
toerbeurt actuele bewaartips met lezers van Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Richard Korver,
werkzaam in de regio Zuidoost-Nederland.
“I
n 80 procent van de
bewaarschuren is de kwaliteit
van de aardappelen na de
jaarwisseling goed te noemen.
Daarin is het belangrijk om de
bewaartemperatuur constant
te houden. In de 20 procent
van de loodsen waarin problemen
waren met rot, zien
we half januari zoetjesaan een
stabiele situatie ontstaan.
Alertheid blijft hier wel geboden.
Dagelijkse controle op
rot en vocht in de kanalen is
hier nog steeds een vereiste.
Het bewaarseizoen is op een
bijzondere manier van start
gegaan en je kunt er niet op
vertrouwen dat wanneer de
situatie eenmaal stabiel is,
deze stabiel blijft. Op de
meeste plaatsen is de temperatuur
nu teruggebracht naar
wat past bij het product pootgoed,
tafel- of fritesaardappel.
Dat was in de loop van januari
eindelijk ook mogelijk
dankzij lagere buitentemperaturen.
Voor de partijen waarin
problemen met rot het grootst
waren is nu het motto rust in
het product te krijgen en te
houden. Wisselt de temperatuur
te veel, dan versnelt de
kieming en verouderen van
de knollen sneller door extra
vochtverlies. Om wat preciezer
te zijn, laat de temperatuurverschillen
niet meer zijn
dan een halve graad Celsius.
Naast het constant houden
van de temperatuur is het in
deze periode ook zaak met
regelmaat de kiemrust van de
Pas op met de temperatuur van de inblaaslucht. Het advies is om de
temperatuur in de schuur in te regelen op de kanaaltemperatuur.
knollen te peilen. Wanneer je
hier en daar wat kiemen
boven op de hoop ziet is,
hoeft dat geen reden te zijn
om gelijk met een kiembehandeling
te beginnen. Ga eerst
goed na wat de oorzaak is
van de kiemgroei. Het kan
zijn dat het hier gaat om plekken
met stortkegels en/of dieper
gelegen rot. De kiemgroei
is dan het gevolg van onvoldoende
beluchting. Graaf op
verschillende plekken boven
in de hoop tot 30 centimeter
diepte en controleer daar of je
al dan niet witte puntjes ziet.
Wat vervolgens te doen?
Bij het gebruik van chloorprofam
is het advies om de eerste
keer 25 milliliter per ton toe te
passen bij middelen die 300
gram actieve stof per liter
bevatten. Herhaal de behandelingen
om de drie tot vier
weken met 10 tot 12,5 milliliter
per ton. Bij koudverneveling is
minimaal een wekelijkse toepassing
noodzakelijk, nog
beter is een dagelijkse toepassing.
In partijen waarin MH is
toegepast is het kiemremmend
effect van het middel in de
meeste bewaarschuren wel uitgewerkt
en is bij het (opnieuw)
ontstaan van kiemen, een eerste
en/of volgende behandeling
met chloorprofam aan de
orde. Dan nog de factor relatieve
luchtvochtigheid (RV).
Graag wil je de RV in de cel zo
hoog mogelijk houden om
onnodig vochtverlies in de
knollen te voorkomen. Bij
gezonde partijen kan dat zonder
meer. Een passende RV in
de cel is dan 95 procent. In
partijen die lang last hadden
van vocht en rot is het raadzaam
om op dit punt voorzichtig
te zijn. Zie je bij controle
nog rot en/of vrijkomend
vocht, dan is het toch in eerste
instantie van belang om het
vocht weg te ventileren. Dat
doe je met koudere (drogende)
lucht. Het beste is om daarvoor
een mengsel van buitenen
binnenlucht te pakken om
de producttemperatuur niet te
veel te laten dalen. Natuurlijk
gaat dit gepaard met vochtverlies
uit de knollen, maar het is
in dit geval kiezen uit twee
kwaden. Half januari is het al
een paar keer flink koud
geweest. Op zulke momenten
hoor je een aantal zaken in de
gaten te houden. Pas op met
de temperatuur van de
inblaaslucht. Ons advies is om
de temperatuur in de schuur
in te regelen op de kanaaltemperatuur.
De bewaarplaatsen
die (bouw)technisch goed in
orde zijn, pakken meestal wel
de juiste menglucht voor ventilatie.
Is dat niet het geval,
dan is het noodzakelijk erop te
letten dat je niet te koude lucht
naar binnen trekt en de onderste
aardappelen in de hoop
niet te veel afkoelen. Dan zijn
er natuurlijk ook telers die
aardappelen uit de bewaring
afleveren. Voor hen is het van
belang om in overleg met de
afnemer het af te leveren product
op te warmen voordat het
de cellen uit gaat. Dit is nodig
om tijdens het verladen
beschadiging en verkleuring
als gevolg van stootblauw te
voorkomen.”
Alle gepubliceerde bewaarcolumns
zijn ook na te lezen op de
website www.aardappelwereld.
nl/dossiers. ●
Terug
93
Aardappelwereld magazine • februari 2016 • nummer 2
13
׉	 7cassandra://4lYnFFa98oweFVmhz3KZ5bDndMpXDdee15GldWc6DGE!-`̵ c8K( c8K({בCט   {u׉׉	 7cassandra://TPH5ZqiLL_XDdSnv0Um5OWs3kOdAn4IZ58vac8fKo0w `׉	 7cassandra://ouyDV6UEw7dlZOtNnhA0M-D4D9K5yJwuAmc7QVqV3WMxd`S׉	 7cassandra://sSDohcH-8NmE7vjWD6ayhsq2yuTZi_ACNaSdsoJbS88!`̵ ׉	 7cassandra://ApmWAIOVxU1gpeKR-OT8iFxjepO1X_GmvaAfhvso-4E _p͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://z6CW5_8rJwtMANwVD5e3x_LTQBgD9DcGIckhGbHCLp0 O`׉	 7cassandra://n-5XvYb2ecVqop6-imk8JEoo3rnUL2mL-MBJcpujxKwr`S׉	 7cassandra://NFg_WJauo1WaKDDyv8VZtKACrCnSgM6WVaU0jxY99II `̵ ׉	 7cassandra://CCtPv6ZzwdCd6VU-_uXeCtCkoAplzY9PwGd8juBpK4o @t͠c8K) נc8K)  ̑9׉Hhttp://www.aardappelwereld.nlGׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  ̊9׉Hhttp://www.aardappelwereld.nlGׁׁrנc8K)  9׉Hhttp://www.aardappelwereld.nlGׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  ̔9ׁHhttp://www.aardappelwereld.nlׁׁЈ׉EJBEWAARCOLUMN
Partijcontrole is nu het sleutelwoord
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Immers, het is niet altijd eenvoudig
om de oogst, tot soms wel bijna een jaar lang, met behoud van kwaliteit op te slaan. Aanwijzingen van deskundigen
zijn daarbij altijd welkom. Gelukkig hebben we in Nederland experts paraat met verstand van bewaring. In deze
Bewaarcolumn delen vier ervaren bedrijfsadviseurs van DLV-Plant bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Frendo van Heybeek, werkzaam in de regio West-Brabant.
“O
p dit moment is maar
Terug
94
een vijfde van alle bewaarschuren
nagenoeg vrij van
rot. In 80 procent van de
schuren komt dusdanig veel
rot voor dat dit opperste aandacht
vraagt. Belangrijk blijft
wekelijkse partijcontrole, te
beginnen op de hoop. Graaf
40 centimeter diep op plekken
waar rotte knollen zichtbaar
zijn, veel vochtige grond aanwezig
is en/of condensvocht
is ontstaan. Laat de gaten
eventueel open liggen als
markering. Zo krijg je beter
zicht op de aardappelconditie
in de hele cel. Dit is belangrijk
omdat een geurtje in de
cel dit seizoen niet altijd
maatgevend is voor de mate
van narigheid. Wanneer rotte
knollen her en der verspreid
liggen kunnen ze best geur
afgeven, maar hoeven ze nog
geen groot probleem te vormen.
Andersom komt ook
voor: rot dat zich heel plaatselijk
in de hoop concentreert
en dat je niet ruikt. Bovenop
zie je niets, in de kanalen wel
als gevolg van lekvocht. Het
is dus tevens van belang om
de ventilatiekanalen te
inspecteren en met een zaklamp
te speuren naar natte
plekken. In 10 tot 15 procent
van de bewaarcellen met rotte
knollen blijft het erg spannend.
Daarvoor geldt een
aangepast bewaarregime.
Belangrijk hier is om continu
te ventileren. Houd een iets
“In 80 procent van de schuren komt dusdanig veel rot voor dat dit
opperste aandacht vraagt. Belangrijk blijft wekelijkse partijcontrole, te
beginnen op de hoop.”
hogere bewaartemperatuur
aan dan normaal. Is het niet
mogelijk om in te koelen,
draai dan intern om het lekvocht
te verdelen. Is op deze
manier het lekvocht niet
onder controle te houden, dan
zul je, wat velen niet gewend
zijn, opnieuw het droogprogramma
moeten instellen.
Voer dan geen inkoelactie uit
vlak voor een warmere periode.
Dit om droogkansen te
blijven benutten. Een korte
inkoelactie levert namelijk
niet zoveel droging op als een
langer beschikbare droogperiode.
Ga er vervolgens niet
van uit dat de computer problemen
automatisch verhelpt.
Blijf met regelmaat de lekvochtontwikkeling
controleren
en droog door tot je verbetering
ziet. In 70 tot 75
pro cent van de bewaarcellen
met rot, waarin het redelijk
onder controle lijkt, blijft ook
waakzaamheid geboden.
Belangrijk hierbij is om te
weten met welke vorm van
rot je te maken hebt. Bij aanwezigheid
van bacterierot is
het soms noodzakelijk over te
schakelen op het droogprogramma,
omdat dit type rot
momenteel veel lekvocht
afgeeft. Extra gewichtsverlies
van gezonde knollen weegt in
dit geval niet op tegen behoud
van kwaliteit. Iets minder
speelt dit item voor natrot.
Heb je echter alleen te maken
met knolphytophthora en/of
melkzuurschimmel en zijn de
aangetaste knollen voor zover
je kunt zien ingedroogd, dan
kun je stoppen met drogen.
Probeer zo lang mogelijk met
intern draaien door te gaan
om extra bewaarverlies te
voorkomen. Dit bewaarseizoen
zijn veel aardappelrassen
kiemlustiger dan in doorsnee
jaren. Oorzaken? Denk
aan de hoge buitentemperaturen
in de eerste maanden van
de bewaarperiode. Ook de
hoeveelheid grond- en looftarra
speelt een rol. Vochtige
partijen moesten veel telers
langer drogen en ze konden
daardoor later starten met
gassen. We zien eveneens
sneller kieming optreden in
aardappelcellen van percelen
die nog donkergroen waren
vlak voor de loofdoding. Hoe
beoordeel je dan goed op
kiemlustigheid? Allereerst
door objectief naar de knollen
te kijken. Zie je alleen kiemen
op doorwas-, (rooi)beschadigde
en groene knollen en is
op de goede nog niets te zien,
wacht dan met de kiemremming.
Wanneer op gezonde
knollen kiemen zichtbaar zijn
die meer voorstellen dan een
speldenknop, dan dien je in
alle gevallen te starten met
gassen. Zeker als het gaat om
percelen die afgeslacht zijn.”
Alle gepubliceerde bewaarcolumns
zijn ook na te lezen op de website
www.aardappelwereld.nl.
12
Aardappelwereld magazine • januari 2016 • nummer 1
׉	 7cassandra://sSDohcH-8NmE7vjWD6ayhsq2yuTZi_ACNaSdsoJbS88!`̵ c8K(&׉EMBEWAARCOLUMN
Koel product met rot niet te snel in
Het bewaren van aardappelen is een vak apart en vereist veel kennis en ervaring. Immers, het is niet altijd eenvoudig
om de oogst, tot soms wel bijna een jaar lang, met behoud van kwaliteit op te slaan. Aanwijzingen van deskundigen
zijn daarbij altijd welkom. Gelukkig hebben we in Nederland experts paraat met verstand van bewaring. In deze
Bewaarcolumn delen vier ervaren teeltadviseurs van DLV-Plant bij toerbeurt actuele bewaartips met lezers van
Aardappelwereld magazine. Dit keer een bijdrage van Laurens Persoon, werkzaam in de regio Noordwest-Nederland.
Bij een groot temperatuurverschil tussen de buitenlucht en de aardappelen is het aan te bevelen om condensventilatoren
tijdig aan te zetten.
“I
n de eerste maanden na
het inschuren is het altijd
opletten in de bewaring. Zeker
dit seizoen. De kwaliteit van
de partijen loopt erg uiteen.
Sommige telers weten dat ze
af en toe een rotje hebben
ingeschuurd en houden daar
rekening mee. Andere denken
dat ze gezond spul hebben
binnengereden, maar daar valt
het soms juist tegen. We signaleren
door de bank genomen
meer rot in de aardappelcellen.
Belangrijk in deze fase is
dan: wanneer en hoe ga je
beginnen met inkoelen? Is het
aantal rotte knollen beperkt,
dan lukt het veelal wel om
met frequent intern ventileren
alle lekvocht weg te draaien.
Bij relatief veel rot, soms te
ruiken en te zien aan rotte
knollen op de hoop, is een langere
periode van nadroging
noodzakelijk. Zou je de partijen
met veel rot te snel inkoelen,
dan heb je op een gegeven
ogenblik te weinig ventilatiemomenten
tot je beschikking
om te drogen. Bij nog relatief
hoge knoltemperaturen en
later in het seizoen dalende
buitentemperaturen kun je
meer momenten, gedurende
langere tijd, gebruikmaken
van drogende lucht. Verder is
het van belang om in te schatten
hoe lang je nog nodig hebt
om de rotte knollen droog te
krijgen. Het is raadzaam om
vervolgens deze ingeschatte
droogtijd naast de weersvoorspelling
over een langere periode
te leggen. Dat is nodig om
een idee te krijgen hoe langzaam
je de producttemperatuur
kunt laten zakken. Voor
telers met gezonde aardappelen
in de cel is het juist van
belang om met grote stappen
in te koelen, en zo min mogelijk
met externe (drogende)
lucht te ventileren. Dit om
onnodig verlies van knolgewicht
te voorkomen. Probeer
mee te zakken met de gemiddelde
buitentemperatuur.
Vaak is rond deze periode een
eerste of aanvullende gasbeurt
met Chloor-IPC aan de orde.
Belangrijk om daarbij in de
gaten te houden is of de partij
ver genoeg is ingekoeld. Streef
bij het gassen naar een knoltemperatuur
lager dan 12 graden
Celsius. Hoe lager de temperatuur,
hoe langer de
werkingsduur van Chloor-IPC.
Een ander actueel punt van
aandacht is de CO2concentratie
in de cel. Deze
mag namelijk niet te hoog
oplopen. We telen tegenwoordig
veel rassen die gevoelig
zijn voor bakverkleuring. Een
kwartiertje ventileren per dag
met buitenlucht is veelal voldoende.
Het is vooral een
noodzakelijke actie in
moderne goed afgesloten
bewaarschuren. Om gewichtsverlies
te voorkomen, zijn er
ook systemen voor het afzuigen
van CO2 in de bewaring,
zodat de concentratie laag
blijft. Het laatste waar ik nog
op wil wijzen is condensvorming.
In sommige schuren is
de producttemperatuur nog
aan de hoge kant, terwijl de
buitentemperatuur al flink
laag kan zijn. Dan loop je bij
ventileren met buitenlucht het
risico dat vocht in de koudere
buitenlucht gaat condenseren
op de warmere aardappelen.
Zo creëer je, wanneer je niet
oppast, kieming en nieuwe
rotproblemen. Dus, in dit
geval is het aan te bevelen om
condensventilatoren tijdig aan
te zetten. Heb je deze ventilatoren
niet, dan is het ook
mogelijk om door intern te
ventileren de lucht boven het
product en langs de afgekoelde
wanden te mengen. De
warmte uit het product komt
op deze manier ook langs de
zijwanden en het dak.”
Alle gepubliceerde bewaarcolumns
zijn ook na te lezen op de
website www.aardappelwereld.
nl. Van de vorige bijdrage is een
gecorrigeerde versie geplaatst
vanwege enkele per abuis niet
doorgevoerde aanpassingen. ●
Terug
95
Aardappelwereld magazine • december 2015 • nummer 12
21
׉	 7cassandra://NFg_WJauo1WaKDDyv8VZtKACrCnSgM6WVaU0jxY99II `̵ c8K('c8K(&{בCט   {u׉׉	 7cassandra://kDtB81Tp66gRNaJ2frxVyPLQ8q3bMRJyWJtldQiqjws `׉	 7cassandra://1AGrz4v4DOOvscVci7atO9Kk6ITg6XiV6uje09bp4Tgr|`S׉	 7cassandra://XZ_2M4h4XB5n2XpTxbjP1yQkwfxF9Hj7TVQQF6IH-XM"`̵ ׉	 7cassandra://02rXnNu1OdAlu8aSksZfbEbfRhfvjzjQN9rQSiWMGzk t͠c8K) ט  {u׉׉	 7cassandra://3wC1fc3PTgjF0AylvBsYgyftdjSropddxLj5aWfIluo `׉	 7cassandra://cSgiLwRtnk2zEhtXo-qPzWFkzl6_mnq4_8UW-KEc93wiP`S׉	 7cassandra://1juWpPT6hjFcshHfKzbP-Q4CwfnxCJo6OZjjzEjNboQ{`̵ ׉	 7cassandra://RtqaykSo52nyH1TMMVr5gI8JJnztblTngy3rr9sO8_E W|͠c8K) נc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁrנc8K)  9C9 ׉SG
ׁׁr׉EBEWAARCOLUMN
Laat rotte knollen liggen!
Het bewaren van aardappelen is een vak apart. Niet altijd is het een eenvoudige opgave om de geoogste knollen, tot
soms wel bijna een jaar lang, met behoud van kwaliteit op te slaan. Dat vereist veel kennis en ervaring. Tips van deskundigen
zijn daarbij als aanvulling altijd welkom. Gelukkig hebben we in Nederland mensen paraat met verstand van
bewaring. In deze Bewaarcolumn delen vier ervaren teeltadviseurs van DLV-Plant in Aardappelwereld magazine bij
toerbeurt actuele bewaartips met onze lezers. Om te beginnen dit keer een extra lange bijdrage van Anton van der
Velde, werkzaam in de regio West-Brabant.
voorbeeld. Het is voor somTerug
mige
telers verleidelijk om de
rotte knollen bovenop weg te
halen en in een mand te doen,
maar doe dat niet. Dit zijn
namelijk de graadmeters voor
het droogproces. Je kunt
immers daaronder ook de
nodige rotte exemplaren verwachten.
Dus benut de plekken
waar de rotte knollen liggen
om juist hier met
regelmaat 30 tot 40 centimeter
diep in de hoop te graven om
zo het droogproces te volgen.
Zijn de dieper gelegen rotte
knollen droog, dan weet je
dat je goed zit en kun je stoppen
met het droogproces.
Door niet zomaar domweg zo
lang mogelijk te drogen, voorkom
je teveel vochtverlies van
de gezonde knollen.”
Veelal komen de rotte aardappelen van lichtere, door neerslag dichtgeslagen gronden.
“R
ot is altijd wel een
thema rondom het inschuren,
maar ieder jaar is de situatie
weer anders. Dat is nu ook het
geval. Door de vele regen van
eind augustus en begin september
zijn op kopakkers en
lage perceelsdelen aardappelen
gaan rotten. Deze rotte aardappelen
hebben over het algemeen
weinig problemen gegeven
met het rooien en
inschuren. Die waren al te ver
vergaan en zijn op het land
achtergebleven. Wat wel voor
problemen zorgt zijn rotte
aardappelen door neerslag in
de tweede helft van september.
Je ziet het niet altijd bij het
inschuren, maar het is wel
latent aanwezig. Het is daarom
opletten bij rassen die extra
gevoelig zijn, zoals bijvoorbeeld
Agria en Ramos. Half
oktober zijn in de eerst ingeschuurde
partijen soms al cellen
gezien die nat zijn aan de
buitenkant. Veelal komen de
aardappelen van lichtere door
neerslag dichtgeslagen gronden.
Het logische advies is om
deze partijen goed te drogen.
Je hoeft niet door te gaan totdat
het stuift. Belangrijk is om
dergelijke partijen dagelijks te
controleren.”
“Problemen met rot zie je
vaak het snelst op stortkegelachtige
plekken. Let ook op
de plekken waar meerdere
rotte knollen bovenop liggen.
“Naast natrotknollen zijn dit
seizoen in sommige partijen
nogal wat rotte moederknollen
ingeschuurd en eveneens veel
dikke natte stengels. Het
geoogste gewas is op sommige
plaatsen nogal eens ietwat
“Problemen met rot zie je vaak het
snelst op stortkegelachtige plekken”
Soms, wanneer je over de
hoop kijkt, kun je aan het
kleurverschil strepen zien
waar de rotte knollen liggen.
Die komen dan van een spuitspoor
of een kopakker bijonrijp
binnengereden. Kijk
dus ook goed bij de plekken
waar van die natte stengels
liggen. Daaromheen blijft het
langer vochtig, want het komt
voor dat hier knollen in liggen
42
Aardappelwereld magazine • november 2015 • nummer 11
׉	 7cassandra://XZ_2M4h4XB5n2XpTxbjP1yQkwfxF9Hj7TVQQF6IH-XM"`̵ c8K(*׉EYBEWAARCOLUMN
Zijn de dieper gelegen rotte knollen droog, dan weet je dat je goed zit en kun je stoppen met het droogproces.
die met de stengelprop mee de
bewaring ingegaan zijn en
door het lekkende stengelvocht
zijn gaan rotten. Een
ander aandachtspunt vormen
de partijen die in de afgelopen
weken koud ingeschuurd zijn.
Het is belangrijk om deze zo
snel mogelijk op minimaal 12
graden Celsius te krijgen. Je
hoeft daarbij niet op drogende
lucht te wachten, eerst moet
de temperatuur omhoog. Dat
is ook beter voor de wondheling.
Ventileer met de schuurdeuren
open en zorg dat in de
cellen de producttemperatuur
overal gelijk is. Pas daarna
komt de droging aan de orde.
Je kunt overigens ook pas
goed drogend ventileren wanneer
de producttemperatuur
hoog genoeg is. Is het zover,
pak dan drogende buitenlucht
volgens de geldende regels
van het Molierdiagram. Let
wel, een kachel is niet altijd
nodig. Gebruik een kachel
alleen wanneer het noodzakelijk
is. Hoef je niet 24 uur per
dag te drogen maar wil je nog
af en toe een teveel aan vocht
afvoeren, ventileer dan een
aantal uren op een zonnige
middag met een lage RV als
het een graad of 13, 14 is. De
zon is immers onze goedkoopste
kachel! Is die temperatuur
te laag of de RV te hoog, dan
is een kachel nodig. Het kan
niet overal, maar de beste plek
voor de kachel is bij de luchtinlaat.
Dan vang je namelijk
twee vliegen in één klap, je
warmt en droogt je product
dan tegelijk.”
in extreme situaties, die hebben
we de laatste jaren steeds
meer, deze ventilatiecapaciteit
ontoereikend is. Het argument
om een bovenkant van
100 kuub aan te houden heeft
te maken met de angst voor
teveel gewichtsverlies. Wij
“Meer capaciteit is dus juist een
voordeel in plaats van een nadeel.”
Je kunt overigens pas goed drogend ventileren wanneer de producttemperatuur
hoog genoeg is.
“Wat ik ook nog wel even
kwijt wil is dat steeds meer
bewaringen te kampen hebben
met een tekort aan ventilatiecapaciteit.
Vooral in de
probleempartijen. Er zijn
telers bij die kunnen momenteel
die probleempartijen in
een uiencel kwijt. Daarin liggen
ventilatoren met meer
capaciteit en daar verloopt de
droging prima. Kijk, we
weten allemaal uit de studieboeken
dat de capaciteit in de
aardappelbewaring maximaal
100 kuub lucht per kuub
aardappelen hoort te zijn.
Onze ervaring leer echter dat
vinden dat argument echter
niet opgaan. Stel dat je de
aardappelen een halve graad
wil inkoelen. De praktijk leert
dan, en berekeningen ondersteunen
dit in theorie, dat je
met een hogere capaciteit veel
sneller op de gewenste temperatuur
zit. Het verschil in
ventilatietijd tussen een ventilator
met bijvoorbeeld 110
kuub en 100 kuub kan dan
zomaar een uur bedragen. En
een uur minder lang ventileren
betekent ook minder
vochtverlies. Meer capaciteit
is dus juist een voordeel in
plaats van een nadeel.” ●
Terug
97
Aardappelwereld magazine • november 2015 • nummer 11
43
׉	 7cassandra://1juWpPT6hjFcshHfKzbP-Q4CwfnxCJo6OZjjzEjNboQ{`̵ c8K(+c8K(*{)BewaardossiercfrJ?