׉?ׁB! בCט  {u׉׉	 7cassandra://iymZNlafPun-Psp_L-C3U6y9Od3Ar2ANft3brTWt7Xk -`׉	 7cassandra://oOkO9_R7LMl26Y6B_1XjjbplWPECyllbDkLqaPRfn-oM`S׉	 7cassandra://QCs6VTJr4J0_rHMxXmF9BqiwPiiaRh84a6DqG90admk`̵ ׉	 7cassandra://EkP7RHTTSh7g4cjPFOITEZqFRon_MAdkkelRFe0VvHI 	*͠V7T,|yu׈EV7T,|yv׉EPLA TFORM VOOR DE DIGITALE OVERHEID
DECEMB E R 2015
e-Identity
Digitalisering
Kanaalverleiding
Omg vingsg
iil
Digitale weerbaarheid
Zg en
g et
Webcare
Hacken
Webcare
b
Smart cities
e-Dienstverlening
vereist digitale
weerbaarheid
Dit li
Smart cities
g
p
p
Crisiscommunicatie
Ctegie Hacken
Omgvingset Samenerking
Digivdig
i
g
g
di
Omgevingswet:
Integrale blik op
informatiestelsel
Smart cities:
De stad als
digitale entiteit
Webcare
Hacken
Cybersecurity
SSmart cities
Bur erparticipatie
Diensterlening
׉	 7cassandra://QCs6VTJr4J0_rHMxXmF9BqiwPiiaRh84a6DqG90admk`̵ V7T,|ywV7T,|yv{בCט   {u׉׉	 7cassandra://0ArojlS3Us6UJcynNCXmh8mHZ9Q7lRlBFSXPDqXDCmg `׉	 7cassandra://lU4XpzOv84NdhketcKe7DeAbtPtkzcT2DZjRi2GuObg_#`S׉	 7cassandra://agb6py2eBjDdW2CqC6oN6wYk5GjqKnc43tTePzCndaM`̵ ׉	 7cassandra://oMKCl1sZkDGA_AqX0A1EnnWSk6aWs-1PEI9AFxjKjA4 t͠V7T,|yxט  {u׉׉	 7cassandra://DlkmtUyGl4_SQWgmhgtGI5UuxIoFkYr4RaUOysLQwUQ ]`׉	 7cassandra://heY5uWJCEm6eLofvN5MiDFtxBXRK7iZ19_9AGWkeieAP`S׉	 7cassandra://ts14HG6ILVo15luz-Fb2UQ1scDnn1Eh9B6CrNDurnf0`̵ ׉	 7cassandra://A8rO4v9jRxlWiDSmLNiIf1s8A3eHmxgzqoQ-cRafQVE A
F͠V7T,|yy׉EI N HOU D
EDITORIAL
03
04
07
08
10
12
14
16
19
20
22
24
26
28
30
32
34
36
38
Digitale transformatie
‘Je toegevoegde waarde moet merkbaar zijn’
AWVN-directeur Harry van de Kraats over de maatschappelijke rol van ondernemingen
BOBOTAAL
Vergaderen als topsport
Burger vooral ad hoc gepeild
Landelijke monitoring inspraak en burgerparticipatie op z’n plaats
Dat kan ook digitaal!
Zeven tips voor gemeenten om burgers en bedrijven tot het digitale kanaal te verleiden
Samenwerken als sleutelwoord
Gemeenten vernieuwen informatievoorziening met Pilotstarter
Dag blauwe envelop, hallo berichtenbox
Mag de overheid wel blind vertrouwen op digivaardige burger?
Wie is het smartst?
De wedloop tussen slimme steden
LINDA KOOL
De automatisering voorbij
Digitale blokkendoos zet Antwerpen in beweging
Vlaamse stad pioniert met city-as-an-open-service
Drechtsteden verbonden als nooit tevoren
Ambities verwezenlijken door data-integratie
Acht succesfactoren voor krachtige overheids-ict
Op bezoek in Estland, Europees koploper digitale dienstverlening
HENK WESSELING
Samenwerking, altijd voordelig
Help de hacker
Hoe binnendringers kunnen bijdragen aan digitale beveiliging
Het nieuwe team communicatie
Vijf rollen voor een integrale contentstrategie
Hoe HEMA zijn Zwarte Piet overleefde
Goed functionerend webcareteam onmisbaar
Crisisbeheersing via je mobiel
Draagt NL Alert bij aan de veiligheidsbeleving?
ARJAN EL FASSED
Open source voor goed bestuur
Tussen zekerheid en dynamiek
Omgevingswet biedt gemeenten, burgers en ondernemers nieuwe kansen
׉	 7cassandra://agb6py2eBjDdW2CqC6oN6wYk5GjqKnc43tTePzCndaM`̵ V7T,|yz׉EDI NHOUD
E DITOR IAL
41
42
45
46
48
50
‘Het werk wordt nog leuker’
Apeldoornse ervaringen met de Omgevingswet
Omgevingswet vraag lokale visie
Snel aan de slag met vernieuwing in ruimtelijk domein
MAESSEN LEEST
Bureaucratie is een inktvis
Informatie scheiden?
Totaal niet nodig!
Gemeente Hengelo werkt volledig digitaal
Arnhem verbetert dienstverlening
Focus op betrokkenheid medewerkers
Colofon
DIGITALE
TRANSFORMATIE
Ons dagelijks leven vindt in toenemende mate plaats binnen een
data-gedreven leefomgeving. Zowel mensen als objecten verzamelen
een groeiende stroom aan gegevens. Deze informatie is
online beschikbaar en wordt steeds beter ontsloten via platformen
en mobiele netwerken. Toenemend gebruik leidt tot een
gedragsverandering: we kunnen haast niet meer functioneren
zonder digitale toepassingen. Onze smartphone vertelt ons of het
lekker weer wordt, of een aanvraag is goedgekeurd en wie onze
berichten het meest waardeert. We beleven de werkelijkheid door
een digitaal fi lter.
Stel dat we een stad of dorp niet langer als een fysieke maar als
een digitale entiteit beschouwen. Wat voor gevolgen heeft deze
transformatie voor de positie van overheden? De fysieke infrastructuur
nemen we als burgers voor lief, terwijl de digitale infrastructuur
in toenemende mate bepaalt hoe wij de overheid waarderen.
Denk aan een hoogwaardig netwerk waarop de overheid
digitale diensten aanbiedt die burgers en bedrijven kunnen hergebruiken.
Een digitale overheid kan transformeren in een regisserende
overheid die als ultieme verbinder van vraag en antwoord
data analyseert, behoeften signaleert en opvolgt met op
maat gesneden oplossingen. Toekomstmuziek? Wellicht, maar
wel onontkoombaar.
We verlaten het tijdperk van ‘meer doen met minder middelen’
en verzetten de bakens richting ‘andere dingen doen met grotere
meerwaarde’. Kosten worden weer gereduceerd tot randvoorwaarden,
terwijl opbrengsten de aandacht opeisen en de impact
van het overheidshandelen centraal komt te staan. De digitale
wereld is immers meetbaar, resultaten zijn voor iedereen in te
zien en sturingsinformatie kan direct worden benut voor interventies.
Dit vraagt om besluitvaardigheid en doelbinding, want
overheden doen weliswaar veel, maar waarom ook al weer? Wat
moeten we vooral blijven doen en wat kan achterwege blijven als
blijkt dat niemand hieraan behoefte heeft?
inGovernment
Dienstverlening nieuwe stijl vraagt om een andere overheid. Niet een
overheid die alles zelf doet en zich beroept op vanzelfsprekend gezag.
Wel een overheid die in gezond contact staat met burgers en bedrijven.
Een overheid die werkt op basis van inclusiviteit, interactie en innovatie.
inGovernment is het multimediale platform voor de digitale
overheid. Naast verhalen over digitalisering, dienstverlening en smart
cities, wordt aandacht besteed aan actuele thema’s zoals open data,
cybersecurity en social media. We bieden naast praktijk ervaringen
ook ruimte voor opinie en reacties. Are you in?
Digitale transformatie creëert kansen en werpt nieuwe vraagstukken
op over datageletterdheid, privacy en cybersecurity.
Deze complexe vraagstukken doen een beroep op professionals
die continu nadenken over de meerwaarde van de overheid in
een digitale leefomgeving. Digitalisering op
zich is enkel een instrumentele trend die
nieuwe vormen van gedrag ten gevolge
heeft. Het doorzien van deze gevolgen,
daar ligt de komende tijd de grootste uitdaging.
Digitale transformatie vergt digitale
weerbaarheid binnen organisaties, van
de boardroom tot op de werkvloer.
Otto Thors is hoofdredacteur van
inGovernment en zelfstandig adviseur
dienstverlening en sociale media
@Thorsius
׉	 7cassandra://ts14HG6ILVo15luz-Fb2UQ1scDnn1Eh9B6CrNDurnf0`̵ V7T,|y{V7T,|yz{בCט   {u׉׉	 7cassandra://gQt-T_dX71z-wikntxPeMhP-U3mXWYLEepF7G7sO-Ks f`׉	 7cassandra://8ZRWjSeXlBQ5aSj69LM__Jc97M0BLTVcni7w-dzbVrcY`S׉	 7cassandra://4B-kOqk7OeE1W_WibGkiYpQrmqJd9uMf5G1kReHJnYo`̵ ׉	 7cassandra://WxXEBTjFf2HGPto6mP6875oyW7NJZ3UZP1XTCpeNtXcuP͠V7T,|y|ט  {u׉׉	 7cassandra://dJVc0ejM5Qz1CveLUZCqgcCC-vfxi_dyppv765ohavE `׉	 7cassandra://iVLLtJrFBfOSPzu-xwM_aLaF1IgDhV82jto8Ov4uvXYfI`S׉	 7cassandra://-B_obmH8nDBdSVElKGKa33mtbgDACuugBgBDV2GfZfo "`̵ ׉	 7cassandra://CiVKS9ht3d4pqLv4rVW4vfNlAWj7vxtm4a7_FCBbB78 -X͠V7T,|y}נV7T,|y ǁF9ׁHhttp://Hanzelab.nlׁׁЈ׉EI NTE R VI EW
‘JE TOEGEVOEGDE
WAARDE MOET
MERKBAAR ZIJN’
HARRY VAN DE KRAATS (AWVN) OVER DE MAATSCHAPPELIJKE
ROL VAN ONDERNEMINGEN
Waar de overheid terugtreedt, moeten bedrijven volgens Harry van de Kraats
een sociale rol gaan vervullen. Hij is sinds 2014 directeur van de Algemene
Werkgevers Vereniging Nederland (AWVN). Na een eerder manifest over een
nieuw sociaal stelsel kwam de AWVN recent met een oproep aan het bedrijfsleven
om werk te maken van maatschappelijk verantwoord ondernemen.
Tekst: Jan de Kramer, redacteur inGovernment
Foto: Masha Bakker
Een werkgeversvereniging die allerlei uitspraken
doet over de samenleving en daar een
actieve rol in wil spelen, is dat niet een beetje
vreemd?
‘Nee. We moeten ons realiseren dat maatschappelijke
ontwikkelingen onze
samenleving echt veranderen. Tot de
jaren zestig en zeventig was het heel normaal
dat werkgevers zich ook bezighielden
met het maatschappelijk welzijn.
Shell bouwde huizen, er waren sociale
fondsen voor het geval mensen in de knel
GEMEENTE ZWOLLE BENUT DENKKRACHT VAN HANZELAB
Maatschappelijk verantwoord ondernemen in de praktijk
Hanzelab bestaat uit meer dan 130
gemotiveerde en enthousiaste personen
in de regio Zwolle die binnen een multidisciplinair
netwerk op vrijwillige basis
professioneel samenwerken met een
hoge toegevoegde waarde. Het netwerk
ondersteunt vrijwel maandelijks een
commerciële of maatschappelijke partij
bij het beantwoorden van een vraag of
het uitwerken van een idee dat relevant
is voor de stad.
De gemeente Zwolle is een van de partijen
die actief gebruikmaakt van de
denkkracht van Hanzelab. In 2014/2015
zijn alleen al in opdracht van de
gemeente tien vraagstukken aangepakt;
4
vijf van de gemeente zelf en vijf van
Zwolse maatschappelijke initiatieven.
Mara Zweers, beleidsadviseur gemeente
Zwolle, stelt in het Hanzelab-boek It’s
simple but not easy: ‘Wij zetten Hanzelab
in om op een vernieuwende manier
ervaringen op te doen met kracht in en
van de stad. Dit past bij de nieuwe rol
van de gemeente, waarin gezamenlijke
verantwoordelijkheid, burgerkracht en
burgerinitiatief centraal staan.’ Volgens
Zweers zijn collega’s die een Hanzelabsessie
hebben ingezet enthousiast over
het resultaat. De sessies hebben ervoor
gezorgd dat er nieuwe oplossingen en
ideeën zijn gegenereerd. En omdat er
partijen bij zijn betrokken die (nog) niet
bij de gemeente in beeld waren. Hanzelab
is bijvoorbeeld ingezet bij het actief
begeleiden van Zwollenaren met een
deels gesubsidieerde baan, bij het verzamelen
van nieuwe ideeën om een groot
plein levendiger te maken en om de
beeldvorming over de Zwolse wijk
Holtenbroek te veranderen.
BUY ONE, GIVE ONE
Hanzelab werkt op basis van het principe
buy one, give one. Voor elke eigen hulpvraag
die de gemeente en andere
opdrachtgevers uitzetten, geven zij ook
een sessie cadeau aan een maatschapperaakten,
er werden sportclubs gesponsord,
noem maar op. We zijn eraan
gewend geraakt dat de overheid al die
taken heeft overgenomen, maar die
treedt nu terug. Tijd dus om te zoeken
naar nieuwe samenwerkingen om die
׉	 7cassandra://4B-kOqk7OeE1W_WibGkiYpQrmqJd9uMf5G1kReHJnYo`̵ V7T,|y~׉EHARRY VAN DE KRAATS
Harry van de Kraats (1966) studeerde
rechten in Utrecht. Hij begon zijn loopbaan
bij Unilever en vervulde daar diverse
HR-functies. Hij maakte een uitstapje
naar Wolters Kluwer waar hij commercieel
directeur was. Van 2005 tot 2010
was hij directielid bij TomTom International.
In 2010 maakte hij de overstap naar
NS waar hij HR-directeur was.
Van de Kraats was tot zijn benoeming als
algemeen directeur bestuurslid van
AWVN. Samen met een aantal andere
HR-directeuren van een aantal grote
Nederlandse bedrijven zette hij zich in
om de dialoog tussen werkgevers en vakbonden
te revitaliseren en de totstandkoming
van een sociaal akkoord te bevorderen.
verantwoordelijkheden
weer vorm te
geven. Daarin spelen werkgevers, overheden
en scholings- en kennisinstituten
een rol. Intensieve kennisuitwisseling en
digitalisering zijn daarin zeer belangrijk.’
Gaan we dan terug naar de altruïstische
grootondernemer?
‘Sociale samenhang is voor iedereen van
belang. Dat heeft niets met altruïsme te
maken. Een stabiel sociaal klimaat is ook
in het belang van werkgevers, van ondernemingen.
Door goede sociaal-economiHarry
van de Kraats: ‘Maatschappelijk verantwoord ondernemen blijft niet beperkt
tot af en toe wat leuks doen met de lokale kinderboerderij.’
sche omstandigheden is er een koopkrachtig
publiek en een goed opgeleide
beroepsbevolking.
lijk initiatief. Deze manier van samenwerken
met Hanzelab helpt de gemeente
als organisatie om anders te kijken naar
de eigen werkwijze en de samenwerking
met de stad. Het resulteert in opmerkingen,
ideeën en vragen uit onverwachte
hoek en nieuwe contacten. Hanzelab vervult
een verbindende rol tussen inwoners
met initiatieven en de steeds actiever op
initiatieven inspelende gemeente.
MEER WETEN?
Op de website Hanzelab.nl zijn de
projecten en werkwijze van Hanzelab
toegelicht en is het Hanzelab­boek
gratis digitaal in te zien.
Ik vind het verschrikkelijk dat de jeugdwerkloosheid
zo hoog is, dat het zo moeilijk
is een baan te krijgen als je boven de
vijftig bent. Of, nu actueel, hoe we goed
omgaan met de vluchtelingen. De
arbeidsmarkt moet veel meer inclusief
worden. Voor ons ligt daar een rol om
bedrijven te stimuleren, bijvoorbeeld met
de Participatiewet. Er moeten 125.000
banen bijkomen voor mensen met een
afstand tot de samenleving. Wij hebben
ons verplicht daar 7.500 van te realiseren,
maar samen met overheden kunnen we
natuurlijk veel meer doen. Werkloosheid
is echt geen overheidsprobleem, geen
feestje van het UWV. Dat was ook de
boodschap op ons congres: de nieuwe
ondernemer zoekt verbinding met sociale
partners en overheden.’
Zijn daar al voorbeelden van beschikbaar?
Zeker. Je ziet dat de de samenwerking op
gang komt. Bij Chemelot in Limburg, in
de regio Eindhoven, Food Valley, de 99
van Amsterdam. Het gaat om het samenbrengen
van onze netwerken en activiteiten.
Hoe kunnen we met de overheid,
het bedrijfsleven en de opleidingsinstituten
samenwerken om de werkloosheid
aan te pakken? Hoe stimuleren we de
Participatiewet?
De regio is de plek om de ontwikkeling
aan te jagen. Daar willen we een verbindende
rol spelen. Gebruikmaken van
waar bedrijven goed in zijn, aansluiten
bij kwaliteiten en koppelen van kennissystemen.
Maatschappelijk verantwoord
ondernemen blijft niet beperkt tot af en
toe wat leuks doen met de lokale kinderboerderij.
Het gaat over veel meer. Aansluiting
zoeken bij gemeenten, sociale
diensten bijvoorbeeld, om samen op te
trekken. Bedrijven moeten weer meer
binding hebben met de maatschappij: dat
is uiteindelijk je license to operate. Er is
niks mis met geld verdienen, maar je toegevoegde
waarde moet merkbaar zijn.’
Mooi, maar gemeenten hebben toch al
accountmanagement, een afdeling Bedrijven
of Economische Zaken?
‘Zeker, maar ondernemers en overheid
vormen een spannende relatie. Dienst׉	 7cassandra://-B_obmH8nDBdSVElKGKa33mtbgDACuugBgBDV2GfZfo "`̵ V7T,|yV7T,|y~{בCט   {u׉׉	 7cassandra://HnMOQIWvAMf_vMt-qFH1lE_qURgJAN4gVD_MWy9k5RY J`׉	 7cassandra://tGhNmajDXvxtjdGa6TKucmQI6AKJ7hGDEzocBb1PPQ4Ow`S׉	 7cassandra://ILqJvLCkeW__FOyU6teF6k2EdeAyTpq5oncl3u8LsYA-`̵ ׉	 7cassandra://QEBsjvPCpRhOXzxZ2GXteNuKyaxMHb4BhgMi_VLqhIo J }f͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://v6bUu_JVhC4n9bo9__0MGqO28uZ9da7ZiKHEiVw1Zvg ~_`׉	 7cassandra://jaRBeXB9BpAPsXbDGoRqB5CASKQpeuZVRqq5w6CfhNQ\|`S׉	 7cassandra://gGOQ7y7D4ZNQHXBu0VpYpcnMmqLxMcXcQBvTxa3Jsio`̵ ׉	 7cassandra://yQCTkAG7fTX9ytMkSJEwfGe8jQ1AB0f1ebAyl424Q88 $̨͠V7T,|yנV7T,|y ]N9ׁHhttp://www.awvn.nlׁׁЈנV7T,|y 39ׁH 'http://www.denormaalstezaak.nl/creatingׁׁЈנV7T,|y  i9ׁHhttp://www.foodvalley.nlׁׁЈנV7T,|y ̔9ׁHhttp://www.99vanamsterdam.nlׁׁЈ׉E
verlening is belangrijk, en dat gaat ook
steeds beter. Maar het gaat om veel meer
dan het economische domein. Ik wil meehelpen
de relatie tussen ondernemers en
overheid te versterken, breder te maken,
kijken hoe je samen een bijdrage kunt
leveren. Ik had kort geleden een gesprek
met Utrechts burgemeester Van Zanen,
‘H
VE
tevens VNG-voorzitter. Heel verhelderend,
we hadden al snel twee onderwerpen
te pakken: waarvan we zeiden: daar
kunnen we elkaar gebruiken. Het gaat
om samenwerking op het gebied van de
Participatiewet bij de Utrechtse werktafel
en het Utrecht Science Park, een samenmene
zin kun je denken aan praktische
ondersteuning. Ik noemde al de Participatiewet.
Breng werkgevers rond de tafel
om te praten over versterking van de
arbeidsmarkt. Samen kun je de regionale
werkloosheid beter aanpakken. Op welke
manier kunnen we digitale initiatieven
werking tussen overheid, bedrijfsleven
en het hoger onderwijs.’
Hoe kan ik als gemeente beter van de AWVN
gebruikmaken?
‘Dat is per gemeente verschillend en
hangt af van de precieze vraag. Het gaat
per geval om maatwerk. Maar in algekoppelen
om regio’s op een verantwoorde
manier te helpen ontwikkelen,
bijvoorbeeld samen met opleidingsinstituten.
Zo komen we in fase 2 van sociale
innovatie.
Het wordt tijd te laten zien dat we een
veerkrachtig land zijn, waarin gezamenlijk
verantwoordelijkheid genomen wordt.
We zijn echt de tijd voorbij waarin alleen
maar naar de markt werd verwezen. Er
moet een nieuwe balans komen tussen
overheid en ondernemingen. Het is zoeken
en experimenteren, maar wij willen
daar als AWVN onderdeel van zijn en er
ook onze verantwoordelijkheid in nemen.’
Meer weten?
www.99vanamsterdam.nl
www.foodvalley.nl
www.denormaalstezaak.nl/creating-brightstories-participatie-werkt
www.awvn.nl
Mediapartner:
6
׉	 7cassandra://ILqJvLCkeW__FOyU6teF6k2EdeAyTpq5oncl3u8LsYA-`̵ V7T,|y׉E#B OB OTA AL
VERGADEREN
ALS TOPSPORT
‘We spelen hier wél Champions League.’ De opmerking werd
ons naar het hoofd geslingerd aan het slot van een vergadering
over een Europees subsidieproject. In de wereld van Bobotaal
zijn sportmetaforen altijd een zekerheidje.
We zaten met zeven man bijeen. Vrij snel was er overeenstemming
over de belangrijkste zaken. Dat het vooruitgezonden
praatstuk een eerste denklijn bevatte. Dat nu aanvullende input
nodig was om tot een goed resultaat te komen. Dat de kern nog
even moest worden gekneed. Het gesprek vormde het equivalent
van een rondootje tijdens de warming-up. Even de bal aan
de voet houden en rondspelen.
W
A
OF
De sfeer veranderde toen nummer zes opmerkte dat er op zijn
afdeling ‘geen jubelstemming’ was over het concept. Oei, een
zware tackle op het concept!
De beer was dan ook meteen los. ‘Trekker’ Mike reageerde als
de gepikeerde coach van het elftal. Het concept moest volgens
hem louter gezien worden als insteek om in te zetten op elementen
en ook niet meer dan dat.
Voorzitter Mark probeerde de groeiende tegenstelling binnen de
club de kop in te drukken. Hij deelde zijn opvatting dat je altijd
een beetje focus moest geven.
De aanwezige projectmanagers (contractspelers) boekten
daarop een veilig tussenresultaatje in termen van consensus.
Het scherper hebben van de structuur was volgens ons essentieel
voor de timing. De bedoeling was om schaalvoordelen te
effectueren zonder verlies van effectiviteit. En wat ons betrof
zouden we het brede spectrum pakken. Tactisch zat het team
weer op één lijn. Het balletje werd voorzichtig weer rondgespeeld
en daarmee kwam ‘de invliegroute van de redenering’
gestaag tot stand.
De vergadering (wedstrijd) kwam tot een eind. Procesafspraken
werden benoemd, een one pager toegezegd en huiswerklijstjes
vastgesteld waarmee eenieder kon ontsnappen (op naar de
kleedkamer).
Er was intussen wel iets veranderd aan de sfeer. ‘Trekker’ Mike
gebruikte de rondvraag (persconferentie) om vanuit een narcistische
refl ex alle verzamelde tegenspraak in één keer de kop in
te drukken. Zo deelde hij sneren uit aan de groep (selectie)
onder het mom van ‘enkele persoonlijke observaties’.
Meneer had zijn buik vol van ‘projecttoeristen’ (spelers zonder
clubliefde). En om schier onduidelijke redenen nam hij het eenieder
kwalijk wanneer die niet de jaren zeventig had meegemaakt
(zijn gloriejaren). Om vervolgens te concluderen dat
we wél Champions League aan het spelen waren met z’n allen.
Of we dat even goed wilden beseffen.
Ik had ze inderdaad allemaal gezien aan tafel. De megalomane
coach, de zwakke clubvoorzitter en de opportunistische
contractspelers. Wie durft nog te beweren dat vergaderen geen
topsport is?
Erwin van der Linden is auteur van het boek ‘Bobotaal’ en
deelt quotes via twitter als ‘De Wethouder’
׉	 7cassandra://gGOQ7y7D4ZNQHXBu0VpYpcnMmqLxMcXcQBvTxa3Jsio`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://ob16wxfhIn97wdlND2eh8UjqLxMV_QoM4YHV3zoRbQY ` ׉	 7cassandra://7aKx83FHbIsmlfM3aiDr9nQ5ptqzObVHYvDqGwCGVgUY]`S׉	 7cassandra://H3iJy70rxtkkEPU_MTpME5ltueh92xZXC28M-QNKKFM`̵ ׉	 7cassandra://__f-JEgbeEHKQM7PxdZ1C9tKW_gFeHZVVoD2qf7TGCś`͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://YKzn6LImoMAibLaNzlpEah27vKX_2fiageMeOHj8Xmk "`׉	 7cassandra://aSgGv9JL5ClIkmM-N_-85gJQFWJ-KLDkEzFT42_dC_Mgm`S׉	 7cassandra://GV30AjniYhTQagU0jeUaHeeviRfpmM3cbgxx2qBqpBQ!`̵ ׉	 7cassandra://hyDqW2dBqwsr5VC-ctt4x1D90SNdNu2R11lSBru_Mu4 Ld͠V7T,|yנV7T,|y ̚9ׁHhttp://Waarstaatjegemeente.nlׁׁЈ׉EBU R GE R PARTICI PATI E
BURGER VOORAL AD HOC
LANDELIJKE MONITORING OP Z’N PLAATS
Dát gemeenten beter willen luisteren naar hun burgers is geen nieuws. Maar
hoe doen die gemeenten dat en slagen ze daar in? En als ze luisteren, wat
doen ze er dan mee? Er kunnen gemakkelijk verkeerde verwachtingen ontstaan
waardoor participatie averechts uitwerkt.
Tekst: Peter Kanne en Rob van de Peppel, onderzoeksadviseurs bij I&O Research
Foto: ANP/Robert Vos
E
en meerderheid van de Nederlanders
wil meer invloed hebben
op beleid, zo bleek begin oktober
uit de studie Meer democratie,
minder politiek? van het Sociaal en Cultureel
Planbureau. Het blijft een lastig ding,
dat contact tussen burger en overheid.
Burgers willen gehoord worden, en
gemeenten willen burgers beter horen.
Toch zijn Nederlanders al decennia overwegend
tevreden met de democratische
praktijk. Als burgers klagen, gaat het
over politici die niet luisteren, te veel hun
eigen gang gaan en burgers te weinig
in spraak geven. Wat doen gemeenten om
burgers te betrekken bij belangrijke
beslissingen en hoe systematisch doen ze
dat?
RAADGEVEND REFERENDUM
Al sinds de jaren zestig bestaat de mogelijkheid
tot een lokaal raadgevend referendum.
De populariteit hiervan is de
laatste decennia gestegen: van in totaal
tien referenda in de jaren tachtig en enige
tientallen in de jaren ‘90 naar 73 in de
periode 2000-2013. Maar het komt nog
steeds neer op slechts vijf referenda per
jaar. Het referendum is op dit moment
dus zeker niet hét instrument waarmee
gemeenten luisteren naar hun burgers.
Begin deze eeuw werd een ander middel
populair bij gemeenten om de mening van
burgers te vernemen: benchmarkonder8
zoeken.
Concreet vertaald in bijvoorbeeld
Waarstaatjegemeente, Benchmarking
Publiekszaken (BPZ) en de Veiligheidsmonitor.
Veel gemeenten zagen in deze
gestandaardiseerde instrumenten een
goede manier om naar hun inwoners te
luisteren. Maar ook in de populariteit van
de benchmarks is een kentering zichtbaar.
De burgerpeiling van Waarstaatjegemeente
van VNG/KING werd in de periode
2009-2011 ingezet door zo’n honderd
gemeenten per jaar. Eind oktober 2015
staat de teller van dit jaar voorlopig op 45.
JONGE
W
WEINIG AANKNOPINGSPUNTEN
‘Mijn indruk is dat traditionele leefbaarheids-
en veiligheidsonderzoeken tot het
verleden gaan behoren’, zegt onderzoeker
Mark Gremmen van VNG/KING.
‘Met uitzondering van grootschalige landelijke
monitors zoals de Veiligheidsmonitor.’
Volgens Gremmen vallen de
doelmatigheidseffecten van benchmarks
soms tegen omdat er te weinig aanknopingspunten
worden geboden voor het
bijsturen van beleid. Een bredere context
voor de onderzoeksresultaten ontbreekt.
ken bestaat volgens hem nog steeds,
maar in een andere vorm. Bijvoorbeeld
via overzichtelijke dashboards en realtime
monitoring . Daarom is het Dashboard
Dienstverlening ontwikkeld door
NVVB, BMC en Totta.
Bij complexe gemeentelijke besluiten
waarbij veel partijen zijn betrokken lijken
de formele inspraakmogelijkheden steeds
minder geschikt. Tijdsdruk kan de rol
van burgers verder beperken. Bovendien
is het bereik van de ‘inspraakavond’
beperkt: veelal oudere, hoogopgeleide
‘Daar hebben we rekening mee gehouden
bij het vernieuwen van de Burgerpeiling
en de herinrichting van het benchmarkplatform
Waarstaatjegemeente.nl.’
NIET IN DE LIFT
Ramesh Vanenburg, projectmanager bij
van Totta, herkent het beeld dat de
benchmarks niet in de lift zitten. ‘Dat
geldt niet specifiek voor de dienstverleningsbenchmarks,
het is breder dan dat.’
‘Maar de behoefte aan inzicht in eigen
prestaties en de mogelijkheid tot vergelij׉	 7cassandra://H3iJy70rxtkkEPU_MTpME5ltueh92xZXC28M-QNKKFM`̵ V7T,|y׉EC
GEPEILD
Een goede peiling vooraf had in Steenbergen kunnen bijdragen aan een evenwichtiger discussie over de lokale opvang van vluchtelingen.
mannen. Als alternatief voor het referendum
en traditionele inspraak heeft lokaal
enquêteonderzoek zijn plek gevonden in
het participatie-instrumentarium. Dankzij
internet en smartphones zijn er steeds
meer mogelijkheden om te luisteren: er
zijn online burgerpanels, communities,
apps en gemeenten doen vaker aan webcare.
Toch worden ook met deze innovatieve
mogelijkheden jongeren, allochtonen
of tweeverdieners onvoldoende
bereikt.
PARTICIPATIE
Het probleem zit niet in beschikbaarheid
van de instrumenten maar in de manier
waarop ze worden ingezet. Het lokale
participatiebeleid blijkt in veel gemeenten
weinig ontwikkeld en staat vaak
behoorlijk los van de participatiepraktijk,
zo blijkt uit evaluaties van I&O Research
in verschillende gemeenten. Burgers worden
soms wel en soms niet geconsulteerd
bij belangrijke kwesties. Er is op voorhand
vaak geen scherp beeld van de
geschiktheid van het instrument voor het
doel waarvoor het wordt ingezet. Goede
participatie is niet alleen een kwestie van
de inzet van het juiste middel, maar ook
timing en het managen van verwachtingen.
Er kunnen gemakkelijk verkeerde
verwachtingen ontstaan, waardoor participatie
averechts kan werken.
In de zoektocht naar opvangmogelijkheden
voor vluchtelingen bijvoorbeeld,
organiseren verschillende gemeenten
informatiebijeenkomsten om het draagvlak
te peilen. Soms leidt dit tot het
annuleren van een asielcentrum, zoals
onlangs in Wezep. In Enschede leidde de
druk van omwonenden tot veiligheidsgaranties
van de gemeente.
Maar we zien ook dat bijeenkomsten
worden gekaapt door tegenstanders,
waardoor het andere geluid nauwelijks
meer gehoord wordt. Zoals in Steenbergen
waar slechts één voorstander het
durfde op te nemen voor de vluchtelingen
in een zaal vol – zeer luidruchtige –
tegenstanders. De peiling die de
gemeente zelf uitzette over het thema
kreeg forse kritiek. Een goede representatieve
peiling had kunnen bijdragen aan
een evenwichtiger discussie.
MAATWERK
Het grotere arsenaal aan participatieinstrumenten
heeft in het afgelopen
decennium niet geleid tot een wezenlijk
andere beleving van de democratie. De
vraag is of en hoe de lokale democratie
aan kwaliteit zal winnen. Gemeenten ruilen
de gestandaardiseerde onderzoeken
steeds meer in voor eigen maatwerkbenaderingen.
Of het ze écht gaat helpen
om naar hun burgers te luisteren zal lastig
vast te stellen zijn. Er is hiervoor
immers geen goed landelijk, gestandaardiseerd
meetinstrument.
Zo bevinden we ons in een situatie waar
de gemeente, die een steeds belangrijker
rol vervult in de uitvoering van taken,
ook zelf ad hoc de evaluatie daarvan ter
hand neemt: weinig systematisch en niet
vanuit een landelijk perspectief.
Het verdient, alles overziend, een heroverweging
op de landelijke monitoring
van burgerparticipatie en inspraakmogelijkheden.
Pas dan kunnen we zeggen of
er in Nederland over de hele linie beter
of slechter naar de burger wordt geluisterd.
׉	 7cassandra://GV30AjniYhTQagU0jeUaHeeviRfpmM3cbgxx2qBqpBQ!`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://wf-6s0tgLm9sNqP0EfkLOY_9HxVdVTa-UTxJNXqWJ30 $` ׉	 7cassandra://EGQM38LGrPl7YSZrLfymQE_0VKls2x34D_xrpGTkHvM\`S׉	 7cassandra://MqSDp0V_vfUab0xO2EVrZkj0o2qzpqhGT3Ad8BlaS4k)`̵ ׉	 7cassandra://621sgRKDLUJmukVQKFHWYak5lebnYgopWplUv-DQccIyS͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://1Gy8wrfSpB9WtHJwJArbTNbioJelNWn4uO0IHviEYhk p`׉	 7cassandra://Xm9atsgS-foO8cj9DKlMxTVA3YmrbJmugUExPl4EO_kZ`S׉	 7cassandra://XLcIhp_o-S3cOGS7PVVnBvqWcNQrZVcsNzifXFGOMpY`̵ ׉	 7cassandra://UnRg2J6fC-AIOK6Quigdyt4UaHYOsZvyU4ReTNmTgsQ k̈͠V7T,|yנV7T,|y
 ^9ׁHhttp://index.phׁׁЈנV7T,|y	 ̗9ׁHhttp://www.geׁׁЈ׉EK ANA ALVE R LE I DI NG
DAT KAN OOK DIGITAAL!
KANAALVERLEIDING IN ZEVEN STAPPEN
Digitale dienstverlening bij gemeenten lijkt vanzelfsprekend. Maar dat wil niet
zeggen dat inwoners en ondernemers hun zaken al daadwerkelijk digitaal
doen. Zeven tips hoe gemeenten inwoners en ondernemers kunnen verleiden
om vaker de digitale weg te kiezen.
Tekst: Pieter Pinxten, Klantonderzoeker & serviceverbeteraar bij GBBO
Foto: GinoPress / ANP
1 CALL–TO-ACTION BUTTON
Een gemeentelijke website bevat per product
of dienst een informatiepagina. Op
basis van onderzoek onder 125 gemeentelijke
websites (januari 2015) blijkt dat deze
pagina’s nog steeds lange lappen tekst
bevatten met informatie over alle mogelijke
uitzonderingen. Het daadwerkelijk
online kunnen aanvragen springt qua
tekst en vormgeving vaak niet in het oog.
Dat is een gemiste kans, vergelijkbaar met
een webshop die de bestelknop verstopt.
De websitebezoekers worden vaak meerdere
kanaalkeuzes geboden, zoals balie,
digitaal en soms ook schriftelijk. Door
deze informatie slim te structureren en
vorm te geven wordt de bezoeker actief
gewezen op het digitale kanaal. Gebruik
hiervoor taakgerichte en korte teksten en
benoem het digitale kanaal als eerste
optie. De bezoeker is al online, houdt
deze dan ook online. Gebruik een opvallende
grote ‘call-to-action knop’ om de
bezoeker te verleiden naar het webformulier
door te klikken.
2 PROMOOT SELFSERVICE
Analyse van websitestatistieken van tientallen
gemeentelijke websites wijst uit dat
bijna 10 procent van de gezochte onderwerpen
de openingstijden en contactgegevens
zijn. Veel bezoekers hebben blijkbaar
het voornemen om hun zaken aan
10
de balie te gaan regelen. Zij zijn op dat
moment nog niet op de hoogte van het
feit dat ze hun zaken ook online kunnen
regelen. Je geeft immers niet wekelijks
een verhuizing door.
Toon daarom op de openingstijden- en
contactpagina direct een tekst waarin
wordt gemeld dat veel zaken digitaal te
regelen zijn en beschrijf de mogelijkheden.
Noodzaak voor het actief promoten
van selfservice op de website is niet
uniek voor gemeenten, ook bij commerciele
dienstverleners willen Nederlanders
vaak persoonlijk contact en gaan ze eerst
op zoek naar de contactgegevens.
GEME
G
3 VERSTOP TELEFOON NUMMER
NIET
Het opzoeken van een telefoonnummer
op de website is regelmatig een grote
zoektocht.
Gemeentelijke websites hoeven het telefoonnummer
niet te verstoppen, er is een
tussenoplossing. Als een burger verhuist
of een uittreksel aanvraagt, dan doet men
dit niet dagelijks en is men zich doorgaans
niet bewust van de online mogelijkheden.
Verstop het telefoonnummer
niet, dat leidt tot irritaties. Bied het numkomen
dan op de afsprakenpagina terecht
en zijn zich niet bewust van de online
alternatieven voor fysiek klantcontact.
Wanneer een inwoner een afspraak maakt
om bijvoorbeeld een verhuizing door te
geven, kan direct gewezen worden op de
mogelijkheid dit digitaal te doen.
5 MAAK INVULLEN
EENVOUDIG
Ook al komen websitebezoekers door
kanaalverleiding vaker in het e-formulier
terecht, dat betekent niet dat we klaar
mer gericht aan op pagina’s waar dit
voor de hand ligt en probeer binnen hetzelfde
scherm te informeren over en verleiden
tot de selfservice.
4 LAAT AFSPRAAK MAKEN
Een groot deel van de Nederlandse
gemeenten werkt op afspraak. Uit onderzoek
van Klant in Focus blijkt dat over
het algemeen de dienstverlening bij
afspraak iets hoger (77 procent) wordt
gewaardeerd dan die bij vrije inloop (70
procent ). Een afspraak is vaak te maken
via de website. Inwoners en ondernemers
׉	 7cassandra://MqSDp0V_vfUab0xO2EVrZkj0o2qzpqhGT3Ad8BlaS4k)`̵ V7T,|y׉Ey!
De Belgische gemeente Rotselaar probeert via affiches meer mensen naar de gemeentelijke website
te leiden.
zijn. E-formulieren zijn namelijk van wisselende
kwaliteit. Uit het landelijk onderzoek
naar het effect van toptakenwebsites
blijkt dat de e-formulieren op gemeentelijke
websites met een toptakenaanpak
gebruiksvriendelijker zijn dan sites zonder
toptakenaanpak.
Bij de ene gemeente moet een bezoeker
een tiental schermen invullen om een
melding van een kapotte stoeptegel door
te geven; bij de andere gemeente kan dit
in één scherm of via een app worden
ingevuld. De meest simpele variant leidt
tot meer digitale meldingen waardoor de
gemeente veel (duurdere) telefoontjes
kan voorkomen.
Gemeenten kunnen van elkaar leren als
het gaat om eenvoudige formulieren.
Recentelijk is er een uitgebreide studie
verricht naar goed presterende e-formulieren
op gemeentelijke websites op basis
waarvan de specificaties voor GEMMA
e-formulieren mede zijn vastgesteld.
Gemeenten kunnen deze formulieren
gebruiken als basis voor hun eigen e-formulieren.
6
LAAT PARTNERS
GEMEENTELIJKE WEBSITE
PROMOTEN
Als een burger gaat verhuizen heeft deze
veel contact met verschillende dienstverleners
zoals de makelaar, hypotheekverstrekker,
woningcorporatie of particuliere
verhuurder. Al deze instanties kunnen de
online dienstverlening van de gemeente
promoten. Zo kan de woningcorporatie bij
de toewijzing van een woning direct aangeven
dat de verhuizing digitaal is door te
geven via de gemeentelijke website.
7 LAAT VANUIT FYSIEKE
KANALEN VERWIJZEN NAAR
ONLINE
Gemeenten hebben regelmatig contact
met derden, zoals notarissen, advocaten
en medewerkers van Justitie. Op basis
van ingesleten gewoonten vragen zij al
jaren via post, fax en telefoon uittreksels
op bij medewerkers in front- en backoffice.
In dit contact wordt niet altijd verwezen
naar de digitale mogelijkheden,
dus daar ligt een kans tot promotie van
het digitale kanaal. Hetzelfde geldt voor
burgers die een verhuizing doorgeven.
Tijdens het aanmelden van een verhuizing
op het stadskantoor kunnen klanten
regelmatig de gevraagde documenten
niet overleggen zoals een identificatiebewijs
of huurcontract. Laat front-officemedewerkers
aan de balie deze klanten
geen papieren verhuisformulier meegeven
maar laat hen de voordelen benoemen
van de online dienstverlening en
hiernaar toe verwijzen.
Goed presterende gemeenten in het Toptakenonderzoek
focussen zich in alle
communicatie via de eigen medewerkers
met klanten op het benoemen van de
mogelijkheden van het digitale kanaal.
Medewerkers van het KCC zijn bekend
met de online mogelijkheden en getraind
in het ‘opvoeden van de klant’. Inwoners/ondernemers
worden vriendelijk
geholpen aan de telefoon en vervolgens
gewezen op de online mogelijkheden.
TEN SLOTTE
Landelijke onderzoeken tonen aan dat er
grote verschillen zijn in het gebruik van
het digitale kanaal per gemeente. Veel
verschillen zijn goed te verklaren. Wat
opvalt is dat gemeenten die online succesvol
zijn, hier al jaren gestructureerd
aandacht aan geven. Belangrijkste ingrediënten
voor succes zijn een heldere
visie, een digicultuur, gekwalificeerd personeel
en samenwerking met de juiste
(externe) partijen.
Meer weten:
Behalve op de in de tekst genoemde bronnen
is dit artikel gebaseerd op het toptakenonderzoek
en de jaarlijkse benchmark door GBBO.
Voor meer informatie over de verbeterde
e-formulieren zie: http://www.gemmaonline.
nl/index.php/GEMMA_e-Formulieren
׉	 7cassandra://XLcIhp_o-S3cOGS7PVVnBvqWcNQrZVcsNzifXFGOMpY`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://4SU7Z9x8p8nb_kXYhDNdIlFX49mgSp9jR8ofGmp16KQ >`׉	 7cassandra://CMYoBsT73wchNRNBSdgCI6yu4eoe1Cc6QXcYzFb8Q7Y\Y`S׉	 7cassandra://Ho0sBIA3Q0FbEdziBWHtZSuYocuO9LvbId8w-xlIESE`̵ ׉	 7cassandra://L4nnlqQTRBscG9uFRwQmB2rBBgGkjtuVh9TX-XK_UTImT͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://TpNYBzC_tumIgdEkL2L8xP-Q9vwXUVSKsRbALOrhQqQ L`׉	 7cassandra://wo5DXkbXYzCrwETDnrKCSogxfemhaEO39YXKFuUcN0sgh`S׉	 7cassandra://Y530G_2VVqVDVWOrbiN0I6K0b8Zix9DSO-TQ-Uhe04I`̵ ׉	 7cassandra://2WhEzQ9XnH9sNTXwLz1NYSjkt8cDFLa4Q98jqNrjqCc XlX͠V7T,|yנV7T,|y _̘9ׁHhttp://depilotstarter.vng.nlׁׁЈ׉ECROWDSOU R CI NG
SAMENWERKEN ALS
SLEUTELWOORD
GEMEENTEN VERNIEUWEN INFORMATIEVOORZIENING
MET PILOTSTARTER
Gemeenten gezamenlijk laten innoveren in dienstverlening en informatievoorziening.
Dat is de gedachte achter de Pilotstarter van VNG/KING. Ruim
driekwart jaar na de lancering blijkt het initiatief te voorzien in een groeiende
behoefte vanuit gemeenten. Tot nu toe zijn al een kleine veertig pilots aangemeld.
Wat is het succes achter deze gezamenlijke aanpak?
Tekst: Nathalie Venema, pilotmanager innovatie bij VNG/KING, en Frits de Jong, journalist
S
inds begin dit jaar zijn gemeenten
verantwoordelijk voor
nieuwe taken in het sociaal
domein (jeugd, zorg, werk). Het
is aan de gemeentelijke informatievoorziening
om die nieuwe taken te ondersteunen.
Waar gemeenten tot voor kort
de neiging hadden om in dat soort processen
vooral zelfstandig op te trekken,
wordt steeds vaker ook de samenwerking
opgezocht.
Neem de Pilotstarter, een begin dit jaar
gestart initiatief van Informatievoorziening
Sociaal Domein (ISD), een programma
van de VNG, dat wordt uitgevoerd
door KING. De Pilotstarter heeft
als doel om de informatievoorziening
van gemeenten te vernieuwen en te verbeteren.
Sleutelwoord daarbij is samenwerken.
Het initiatief moet dienen als
online platform waarop gemeenten
goede ideeën kunnen delen met collegagemeenten
en een pilot kunnen initiëren
als zij rondom dat idee met andere
gemeenten willen samenwerken.
SOCIAAL DOMEIN
In eerste instantie lag de focus van de
Pilotstarter op de informatievoorziening
12
in het sociaal domein. Zo werden er
inmiddels pilots gestart op het gebied
van burgerregie, sturen op resultaten,
bekostigingsmodellen en privacy. In de
loop van de maanden is die focus verbreed.
Het gaat nu ook over informatievoorziening
in bredere zin, zoals voor de
komende Omgevingswet en de communicatie
tussen gemeenten en ondernemers.
‘Die
verbreding kwam met name vanuit
de gemeenten zelf. Naast de projecten die
dienen om iets nieuws te ontwikkelen,
bespeurden we een aanwas van projecten
die zich richten op best practices’, zo
schetst Paul Huigens, binnen VNG/
KING pilotmanager financiële processen.
‘Dan moet je denken aan administratieve
oplossingen, bijvoorbeeld hoe je met
leveranciers van hulpmiddelen communiceert.’
ENTHOUSIASME
Dat
de Pilotstarter voorziet in een
behoefte, blijkt onder meer uit de cijfers
en het enthousiasme van de deelnemers.
Tot nu toe zijn al een kleine veertig pilots
aangemeld, waaraan wordt bijgedragen
door meer dan tweehonderd gemeenten.
Een aantal gemeenten is zo enthousiast
dat zij bijdragen aan meerdere pilots.
Gemeenten beginnen steeds meer te
WOERDEN STIMULEERT ZELFREDZAAMHEID
MET INWONERCLOUD
De zelfredzaamheid van Woerdenaren wordt gestimuleerd met een inwonercloud. Dat
gebeurt door het aanbieden van een verzameling van toepassingen die hen informeren,
helpen bij hun zorgbehoefte of in staat stellen om (zelf) de juiste keuzes te maken.
‘Iedere burger heeft zijn eigen digitale omgeving, voor informatie, organisatie en
ondersteuning bij de dienstverlening in het sociaal domein.’ De negen kernapps van de
inwonercloud zijn primair bedoeld voor alle inwoners van Woerden (en Oudewater).
Maar ze zijn ook geschikt voor bijvoorbeeld professionals in de nulde, eerste en tweede
lijn, zorgorganisaties, financiers en opdrachtgevers.
׉	 7cassandra://Ho0sBIA3Q0FbEdziBWHtZSuYocuO9LvbId8w-xlIESE`̵ V7T,|y׉Ebeseffen dat ze misschien wel budget,
maar geen tijd en menskracht beschikbaar
hebben om de informatievoorziening
rondom die domeinen goed op te
zetten. Als het gezamenlijk wordt opgepakt,
kan het beter en sneller.
Tot op heden bestaat het deelnemersveld
aan de Pilotstarter uitsluitend uit
gemeenten, maar Paul Huigens sluit niet
uit dat op (korte) termijn ook andere
groepen projecten initiëren. ‘Samenwerkingsverbanden
van gemeenten? Die
doen al mee. Maar hoe zit het met bijvoorbeeld
ketenpartijen, zoals UWV, CBS
of onderdelen van zorgverzekeraars die
‘
ZIJ
gemeentelijke taken toebedeeld krijgen?
Mogen die ook meedoen? En hoe zit het
met ICT-leveranciers of zorgaanbieders,
bijvoorbeeld van hulpmiddelen? Wat
gaan we daar mee doen? Het zijn alleDIGITALE
AGENDA 2020
Ondanks die vragen is al wel duidelijk
dat de Pilotstarter een blijvertje is. Niet
voor niets is het initiatief inmiddels
ondergebracht bij de Digitale Agenda
MEERWAARDE RUIMTELIJKE KIJK OP SOCIAAL DOMEIN
De gemeente Dordrecht heeft een pilot geïniteerd waarbij een groep van elf gemeenten
de meerwaarde van een ruimtelijke kijk op het sociaal domein verkent. Gezamenlijk
worden beleidsvragen geformeerd en wordt astgesteld welke informatiebronnen
benodigd zijn om deze beleidsvragen te beantwoorden. Hierbij wordt gebruikgemaakt
van door het CBS aangeleverde gegevens (over onder meer leeftijdsopbouw) en van
gegevens uit de gemeentelijke systemen (zoals Wmo, Wwb en Minimaregelingen).
Zes van deze elf gemeenten hebben eind 2015 de voor hun belangrijke beleidsvragen
geprojecteerd op een ‘kaart’. Iedere gemeente bepaalt zelf welke beleidsvragen relevant
zijn en aansluiten bij de politieke- en beleidsdoelen.
maal vragen waar we momenteel ons
hoofd over buigen.’
2020, een collectieve gemeentelijke aanpak
op het gebied van dienstverlening en
ICT. Die stap betekent onder meer dat
leveranciers en zorgaanbieders die graag
met gemeenten willen piloten, hun idee
op de Pilotstarter mogen plaatsen. Die
pilot gaat alleen van start als er ook
gemeenten meedoen. Voor leveranciers
geldt dat hun idee maximaal zes maanden
op de Pilotstarter mag staan, zonder
deelnemende gemeente.
Meer weten?
http://depilotstarter.vng.nl
׉	 7cassandra://Y530G_2VVqVDVWOrbiN0I6K0b8Zix9DSO-TQ-Uhe04I`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://-ErQmIh-0EkaMulcVlnejl0zqMn5-rLZWxpAV1sYkGc `׉	 7cassandra://Nz69qHNlclf5WmOnXsTji7M1rtyA5VOhzyvTakm9Pks^`S׉	 7cassandra://KTqTMoI0CmCFVkPznIP9abwbRaCBw0PwZOHIwZS377g`̵ ׉	 7cassandra://1m806YcEhuhfXn5_wq4CqbAZYifNANx8Uc_97jpuOlYr=P͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://_kJAgC7yAQF5-mP5Gd9nCul58XbuP9wPNJateWap4z4 q`׉	 7cassandra://g6LkguU5JKNbjASOpx-sjmV3L_u2EhBnnIdCEL-E-MIX`S׉	 7cassandra://xQs2AG9vgZytZJHOZeYIF5Wc8kEBReELr2oWSB3av-I`̵ ׉	 7cassandra://ok1drQYtsY8-IaZSGQB4C4MDsXUHxB6e8gVixrOLRJs 8͠V7T,|y׉EDIGIVA AR DIG
DAG BLAUWE ENVELOP,
HALLO BERICHTENBOX
MAG OVERHEID BLIND VERTROUWEN OP DIGIVAARDIGE BURGER?
De Belastingdienst gaat nu echt digitaal. Onder het mom van: ‘Leuker kunnen
we ’t niet maken, makkelijker wel.’ Maar het besluit om te stoppen met de
blauwe envelop reikt verder. Zijn we als burger wel keuzebekwaam als we
laveren langs de wegversmallingen van de digitale kanalen?
Tekst: Peter Noordhoek, redacteur inGovernment
n de Tweede Kamer startte Pieter
Omtzigt (CDA) dit najaar een actie
om de papieren brief, inclusief
blauwe envelop, beschikbaar te houden.
Staatssecretaris Eric Wiebes kwam
eind november over de brug: ‘Wie geen
computer of internet heeft, digibeet is en
geen vrienden of familie heeft om te helpen’,
komt toch nog in aanmerking voor
de brief.
I
Als politieke crisis is dit klein bier. De
botsing over de blauwe envelop is echter
wel interessant vanuit de diepere vraag
naar wat de kwaliteit van de overheidsdienstverlening
moet zijn.
DIGITAAL, TENZIJ...
Kabinet na kabinet zet in op een verdere
digitalisering van de dienstverlening.
Ondanks alle berichten over mislukte ITprojecten
mag worden geconstateerd dat
dit aan het lukken is. Er zijn allerlei cijfers
over te geven, maar het verdwijnen
van de blauwe envelop is als symbool
veelbetekenend. Digitale communicatie is
de norm, brievenpost de uitzondering op
de regel. De niet digivaardige minderheid
dient zich aan te passen aan de
voorkeurskanalen van de digitaal opererende
meerderheid.
14
‘BELASTINGDIENST MOET ZICH AAN DE WET HOUDEN’
Niet iedereen juicht het afscheid van de blauwe envelop toe, zoals blijkt uit deze klacht
die een 95-jarige bewoner verstuurde aan alle politieke partijen in de Tweede Kamer.
‘Te uwer informatie: ik ben 95 jaar, heb GEEN computer en wil er ook geen kopen. En
voor alle duidelijkheid: ik wil ook NIEMAND machtigen om voor mij deze vorm van
communicatie te verzorgen. Artikel 2:14 van de Awb zegt het volgende over elektronische
communicatie: “Een bestuursorgaan kan een bericht dat tot een of meer geadresseerden
is gericht, elektronisch verzenden voor zover de geadresseerde kenbaar heeft
gemaakt dat hij langs deze weg voldoende bereikbaar is.” Ik hoef u denk ik toch niet
duidelijk te maken dat een beslissing van de Belastingdienst een wettelijke bepaling
niet zomaar opzij kan zetten.’
Je zou willen dat het zo simpel was. Allereerst
voor de Belastingdienst zelf. In antwoord
op Kamervragen geeft staatssecretaris
Wiebes aan dat van de 12 miljoen
volwassenen er nu 2,1 miljoen over een
berichtenbox beschikken. Daarvan hebben
in twee weken tijd een half miljoen
gebruikers ten minste één bericht gelezen.
Dat zijn respectabele aantallen, maar het
is slechts een eerste stap op een lange
weg waarbij beren constant op de loer
liggen. Uit efficiencyoverwegingen en de
daarmee samenhangende kostenbesparingen
is deze koers bepaald. Het is niet
te verwachten dat daarvan zal worden
afgeweken.
DIGITALE KLOOF
Het werkelijke probleem is van een
andere orde. De mate van digitalisering
van de overheid is als heet hangijzer in
de plaats gekomen van de discussie over
de kwaliteit van haar dienstverlening.
Dat leidt tot misverstanden.
Desgevraagd vindt inmiddels zo’n 85 tot
90 procent van de burgers dat dienstverlening
uitsluitend digitaal kan. Die lijken
het dus eens met de benadering van de
staatssecretaris. Dat cijfer past ook in een
trend waarin iedereen het heel normaal
vindt om digitaal bezig te zijn.
Dat is nog lang geen 100 procent, maar
de algemene trend lijkt gezet. Vraag je
׉	 7cassandra://KTqTMoI0CmCFVkPznIP9abwbRaCBw0PwZOHIwZS377g`̵ V7T,|y׉E?
diezelfde burger echter hoe hij in een
individueel geval contact met de overheid
wil hebben, dan heeft opeens slechts
24 procent van de burgers voorkeur voor
e-mail en 15 procent voor internet. Het
gat tussen de abstractie van de trend wat
de samenleving zou moeten doen en de
privé-voorkeur is dus erg groot.
SPEELRUIMTE
Het is interessant om te bedenken waar
die terughoudendheid ten opzichte van
het digitale kanaal vandaan komt. Soms
is onderzoek overbodig om tot redelijke
aannames te komen.
Keuzestress, zoekproblemen, verzet
tegen de digitaal afgedwongen logica,
een gebrek aan vertrouwen in de digitale
hulpfunctie als je echt advies wilt hebben
of domweg het dreigende perspectief van
een lege batterij – het kan allemaal een
rol spelen.
In ieder geval hebben we als burgers
gedurende eeuwen geleerd te marchanderen.
Ik denk dat we prima aanvoelen dat
veel van de digitalisering erop is gericht
om onze speelruimte te verkleinen, ambtelijk
verwoord als ‘de foutenmarge
beperken’. De vraag die zich aandient is of
de gemiddelde burger oprecht begrijpt
wat hij doet als hij een digitale belastingaangifte
online bekijkt en wordt gevraagd
op de knop verzenden te drukken.
WILSBEKWAAM
Als je er zo naar kijkt, wordt de digitale
kloof waarschijnlijk eerder groter dan kleiner.
Dat gebeurt zeker als we in de hoek
van efficiency blijven hangen en het probleem
reduceren tot een communicatieGroningse
burgers kunnen op video een persoonlijke herinnering aan de blauwe envelop
achterlaten.
kwestie. Als burger hebben we in elk geval
voortdurend de vraag of we wel keuzebekwaam
zijn als we langs de wegversmallingen
van de digitale kanalen laveren.
J
H
Je zou verwachten dat de overheid burgers
helpt om in volle bewustzijn en verantwoordelijkheid
hun keuzes te maken.
Zo niet, dan dient de vraag zich aan hoe
wilsbekwaam burgers eigenlijk zijn als zij
zelf keuzes maken.
waarschijnlijk een veel bredere groep die
bij tijd en wijle de weg kwijt is in de digitale
wereld. Zoals in de figuur wordt
aangegeven onder de horizontale streep.
BLAUWE ENVELOP
Het verdwijnen van de blauwe envelop is
goed nieuws voor de grote groep die al
gewend is digitaal te werken. Het is ook
goed nieuws voor de overheid, want het
scheelt veel portokosten. Voor de groep
pure digibeten zal een fysieke envelop als
uitzondering op de regel beschikbaar
komen. Iedereen blij, toch?
digitaal
fysiek
Peter Noordhoek, 2013
De groep personen onder de horizontale streep raakt regelmatig de weg kwijt in de digitale wereld.
Maar wat wij met z’n allen moeten doen
is de discussie verschuiven naar de vraag
hoe we op een serieuze manier de communicatie
tussen burger en overheid
inrichten. Daarvoor is een breder debat
nodig. Daarvoor moeten we in de digitale
envelop kijken, blauw of niet.
Het aanbieden van een alternatief op de
digitale dienstverlening betreft dus niet
enkel de groep van wie we weten dat ze
niet digitaal vaardig zijn. Het betreft
zelfstandig
afhankelĳk
׉	 7cassandra://xQs2AG9vgZytZJHOZeYIF5Wc8kEBReELr2oWSB3av-I`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://rdqND1ElSDWyU6ut-ftAO9liAAfBg_yc6TYooR5ToBY 8` ׉	 7cassandra://VIdpQ7lDIUX1i7EvEnVB_JnLyfQ6YgBGXzvNnG56c7AUn`S׉	 7cassandra://OwtSvR5IzgWhZjQHP4l-C8KmQlV5yRXgXnrgE7Bs-Zkz`̵ ׉	 7cassandra://_oI-HNGBxuNCuw8iQ0NHW_kWR8bFUjIv9TVVDYfeSeYpAX͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://SQuBbKRtuVoo8C1pIbPkITz0AB4KaXhvSJ_GzFkg3zU `׉	 7cassandra://R9cEr9Nr7GltLRo1k97LIYWWIeAAxduakRxe9FU6ERAjz`S׉	 7cassandra://LWVgqkDolQiayNA3g8oZxbTUgF2yzbceDbc_HVjtn0E#`̵ ׉	 7cassandra://hnb8KFG2qz5E2fYNUjVkQZan_wOmUY3_sAy-kmv06Wc >`͠V7T,|yנV7T,|y \29ׁHhttp://Bol.comׁׁЈנV7T,|y F59ׁHhttp://Bol.comׁׁЈנV7T,|y ̡HH9ׁHhttp://cities.SmׁׁЈ׉EdS MART CITI ES
WIE IS HET SMARTST?
DE WEDLOOP TUSSEN SLIMME STEDEN
Smart cities zijn hot. Gemeenten starten het ene na het andere technologische
experiment. Maar om een echt slimme stad te worden is meer nodig,
vinden deskundigen. ‘De nadruk moet liggen op het aanpakken van stedelijke
problemen.’
Tekst: Sjoerd Hartholt, journalist bij Binnenlands Bestuur
Foto’s: Shutterstock, Fronesys
‘D
e overheid moet voor
ogen hebben hoe ze
nieuwe techno logie wil
inzetten. Een smart citytoepas
sing koop je namelijk niet in een
doos’, zegt Maarten Hajer, oud-directeur
van het Planbureau voor de Leefomgeving
en tegenwoordig faculteitshoogleraar
Urban Futures aan de Universiteit
Utrecht.
Hij waarschuwt voor ‘naïviteit’ bij politici
en beleidsmedewerkers ten aanzien
van smart cities.Smart cities moeten
zeker níet de contro lerende overheidsfuncties
nog eens ver sterken, vindt Hajer,
zoals nu bijvoorbeeld al bij vervoerssystemen
gebeurt. Ook het bedrijfsleven
ondersteunen om er commercieel de
vruchten van te plukken vindt hij geen
hoofddoel van een smart city. ‘De nadruk
hoort te liggen op het aanpakken van
stedelijke problemen.’
SPRAAKVERWARRING
‘Onze stad is een smart city.’ Het klinkt
mooi, maar wat er precies onder verstaan
wordt blijkt per persoon, ervaart adviseur
Jaring Hiemstra. ‘De meeste mensen
denken dat het bij smart cities gaat om
steden die technologie inzetten. Dat is
terecht. Maar wat ze zich daarbij concreet
voorstellen gaat alle kanten op, van
slimme straatlantaarns tot het efficiënt
regelen van verkeersstromen. Een ander
betrekt de term weer op innovaties in de
16
zorg of op nieuwe manieren om burgers
te betrekken bij publieke opgaven. Smart
cities’, vat Hiemstra samen, ‘zijn een bron
van spraakverwarring.’
Het doet er volgens Hiemstra niet toe
welke techno logie een gemeente als eerste
probeert, een stad die smart city wil
worden moet beginnen om ‘als een smart
city te denken’. Dat betekent dat de vertrouwde
werkwijze binnen de organisatie
op de schop moet. Hiemstra: ‘Op veel
terreinen kan een gemeente gerichter,
preventiever en persoonlijker werken
met behulp van data.’
S
AL
Hij zet de gemeentelijke werkwijze graag
af tegen die van een succesvolle nieuwe
onderneming als Bol.com. ‘Daar luidt het
credo: fail fast, fail cheap. Dat gebeurt aan
de hand van kortstondige projecten. Als
ze slagen worden ze opgeschaald, mislukt
iets dan wordt het project meteen
gestopt.’ Dus niet langer grote gemeentelijke
projecten over meerdere jaren uitstrijken,
met allerlei evaluatiepunten
waar het college telkens achter moet
staan. Hiemstra: ‘Dat werkt vertragend
en is duur. Neem steeds een kleine stap,
beeld 10 tot 15 procent op de kosten
bespaard. Maar voor echte besparingen
moeten overheden data-gestuurd leren
denken, zoals Bol.com dat doet. Hierdoor
kun je gerichter werken. Bijvoorbeeld
niet alle kinderen precies 21 keer uitnodigen
op het consultatiebureau, maar aan
de hand van data durven te differentiëren.’
Maar differentiëren, dat vergt moed,
een omslag in het denken. Hiemstra: ‘En
een standaardaanpak is niet efficiënt
maar wel veilig, mocht er eens iets misgaan.’
kijk
of het werkt en neem dan pas de volgende
stap.’
Volgens hem onderschatten veel bestuurders
daarnaast de snelheid waarmee
nieuwe technologie wordt ontwikkeld.
‘Ze bouwen nog rustig parkeergarages
midden in stadscentra en schrijven die
over dertig jaar af.’ Maar zelf rijdende
auto’s kunnen daar waarschijnlijk helemaal
niet in worden geparkeerd.
Hij ziet veel gemeenten in het kader van
smart cities nu vooral de interne processen
via slimme technologie straktrekken.
Hiemstra: ‘Daardoor wordt er bijvoor׉	 7cassandra://OwtSvR5IzgWhZjQHP4l-C8KmQlV5yRXgXnrgE7Bs-Zkz`̵ V7T,|y׉ENAÏVITEIT
Hajer ziet op het gebied van duurzaamheid
enorme uitdagingen. Met de kennis
over klimaatverandering en de mogelijkheden
die ICT biedt, worden er inmiddels
allerlei nieuwe technologieën geïntroduceerd
om steden energiezuiniger te
krijgen. ‘De uitstoot van CO2 moet
omlaag, huizen hebben een betere isolatie
nodig, maar er zijn ook slimme technologieën
die efficiënt huizen warm houden,
zoals de Nest-thermostaat of een warmtepomp.’
Om
die doelen te behalen is het volgens
Hajer belangrijk dat stedenbouw en de
smart technologie rond vervoer, logistiek,
wonen en werken beter op elkaar worden
afgestemd. ‘De stad is meer dan techniek.
Het gaat om het vormen van nieuwe
sociale verbanden, nieuwe organisatievormen.
Dáár hoort de focus te liggen’,
aldus Hajer. ‘Mijn oproep is dat smart
city-toepassingen vooral ingezet moeten
worden om brandstofverbruik tegen te
gaan. De planeet moet uiteindelijk worden
ontzien.’
POLITIEKE VRAAG
Ook hoogleraar Publiek management (en
in het bijzonder Publieke innovatie)
Albert Meijer ziet veel potentie in smart
city-technologie. Maar hij heeft tegelijk
zo zijn twijfels of iedereen er wel gelukkig
van wordt. ‘Bij een technologische
ontwikkeling wordt vaak het idee gecreeerd
dat dit het beste is voor alle burgers.
Er schuilt vaak een politieke vraag achter.
Zo vindt iedereen privacy-schending
prima als dat nodig is om moordenaars
en verkrachters op te sporen. Gebeurt dat
niet, dan vindt iedereen zijn eigen privacy
ineens heilig.’
Meijer noemt als voorbeeld het online
platform Verbeter de buurt, waar je als
burger melding kunt maken van bijvoorbeeld
een gat in de weg of hinderlijke
graffiti. ‘Er zijn aanwijzingen dat het grotendeels
gebruikt wordt in wijken waar
mensen wonen met een hoog opleidingsniveau
en veel kennis van internet.
Wijken met veel laagopgeleiden gebruiken
deze oplossingen amper. Wanneer
gemeenten reageren op meldingen op
Verbeter de Buurt ontstaat er mogelijk
dus sociale ongelijkheid. Zo is het concept
smart city niet alleen een technologisch,
maar ook een politiek vraagstuk.
Van die technologische toepassingen
moet wel iedereen daadwerkelijk kunnen
profiteren.’
Ook Hajer blijft hameren op dat algemene
nut. In arme wijken in Zuid-Afrika
zag hij met eigen ogen het goede voorS
MART CITI ES
׉	 7cassandra://LWVgqkDolQiayNA3g8oZxbTUgF2yzbceDbc_HVjtn0E#`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://AR_ZVptSBRrfWcKPBZKYZA2XI_rU--iGyfkHHDhJwpA ̆`׉	 7cassandra://gBwzE71R5G2xQYFmMCshzetTALxMrIjFO0iUp8Pq9PU_
`S׉	 7cassandra://0a-btZlq_ZdR-s8xO3MLPNAlynoUAbTjfe2ZnYJfbgg`̵ ׉	 7cassandra://wi6_x-8nWhwM4qBAsxnWpnMu_2li3j_lSvuqNJqc1ak \͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://rrgzoV0TkF-kZjMwduvaz13-j77iK-tWkBUJRooVK3g `׉	 7cassandra://XrgEG-yWl3iIAjFPR5ckzU4ZWBwdiz4ryckmtrjmP8YWj`S׉	 7cassandra://rB8MRFJ7T0lFqddf5v4W8y45iZDnvS2QuAW7YrwqtnM`̵ ׉	 7cassandra://TjdkaqtYpshxNgGfzB1dwMuv2Qn2fV5und1oZXiTyE8 
̪͠V7T,|y׉Ebeeld. ‘Zonnepanelen en smart-technologieën
helpen bewoners hun eerste levensbehoeften
te vervullen. Zo kun je
armoede bestrijden. Maar ook in de
Utrechtse wijk Lombok zijn mooie experimenten
met zonne panelen en auto’s,
waarbij oplaadpalen de overtollige energie
van een huishouden opvangen.’
DE STROT UIT
Hoe mooi het experiment ook, voor Eindhovens
burgemeester Rob van Gijzel
(‘Smart cities komen mij de strot uit’) is
een dergelijke toepassing pas waardevol
als de opgedane kennis kan worden overgedragen
aan andere steden. Hij ziet juist
vaak het tegen deel: dat gemeenten met
technologische experimenten zelf het
wiel proberen uit te vinden.
Gemeenten laten zich volgens hem verleiden
om één leverancier één experiment
te laten uitvoeren, waarna ze denken
‘smart’ te zijn. ‘Vergeet smart cities’,
stelde Van Gijzel op het Smart Government
Congres in Utrecht, ‘begin met een
smart society.’
Ook Hajer ziet het belang van kennisdeling.
‘Het komt vaak voor dat bepaalde
experimenten worden overgenomen zonSMART
CITIES IN PRAKTIJK
ZAANSTAD WI L KLIMAATNEUTRAAL WORDEN
• Werkt aan Zaans warmtenet waarbij restwarmte van grote bedrijven naar woningen
wordt gepompt.
• Is penvoerder van onderzoeksprogramma e-harbours naar slimme energie-oplossingen
•
Trekt op bestuurlijk gebied Smart Grids, om met innovatie energieverbuik te verminderen
•
Onderzoekt met internationaal project Optimus mogelijk heden om te besparen in
gemeente lijke gebouwen
UTRECHT AMBITIEUS IN DATASTURING
• Meet als ‘Living Lab’ roetdeeltjes in de lucht met Air Quality Egg
• Is als eerste gemeente aan de slag met data-gestuurde handhaving
• Heeft zongestuurde laadpalen in de wijk Lombok
• Bezit de P-route Fiets, die fietsers real time vertelt in welke stalling nog plek is
ASSEN OP WEG NAAR ‘SENSOR CITY’
• Telt voertuigen met een inductielus ten behoeve van het verkeersmanagement
• Registreert met bluetooth-sensoren reistijden en verkeersintensiteit
• Meet regen om de regenintensiteit in de gemeente te bepalen
• Bepaalt met sensoren de hoeveelheid fijnstof en de verdeling daarvan in de stad
18
der dat er nadere analyse wordt uitgevoerd
over de oorzaak van de uitkomsten.
Steden imiteren elkaar, maar lang
niet altijd met succes. Technologie is geen
wondermiddel, de techniek moet verankerd
zijn in sociale vernieuwing.’
Hajer hoopt op een goed georganiseerd
mondiaal netwerk van stedenbouwers en
stadmakers. Ook adviseur Hiemstra sluit
zich daarbij aan. ‘Veel steden noemen
zich smart city en gebruiken hun stad als
een proeftuin voor technologie. Overal
worden kleine pilots gehou den, met
leuke projecten, maar van de daaropvolgende
opschaling is vaak geen sprake.
Wanneer de subsidie ophoudt, houdt het
project vaak ook op zonder dat er veel is
veranderd. Wanneer je opschaalt over
meerdere gemeenten verdienen de investeringen
zichzelf terug.’
POTENTIE
Voor Meijer is de potentie van een lokale
smart city al groot genoeg. ‘Ik denk dat je
steden moet zien als knooppunten in een
regio. Ook op regionaal niveau kan er
goed worden gewerkt aan wereldwijde
duurzaamheidsvraagstukken. Denk aan
Rotterdam met de duurzame haven, of
Kopenhagen dat een energieneutraal klimaatbeleid
hanteert. Steden hebben vanwege
hun kleinschaligheid een voordeel
ten opzichte van de landelijke overheid.
Er bestaat meer betrokkenheid van burgers,
vaak minder politieke tegenstelling.
Zodoende kan er in smart cities actiever
worden gehandeld.’
Een eerdere versie van dit artikel verscheen in
het magazine Binnenlands Bestuur.
׉	 7cassandra://0a-btZlq_ZdR-s8xO3MLPNAlynoUAbTjfe2ZnYJfbgg`̵ V7T,|y׉ELI N DA KO OL
DE AUTOMATISERING
VOORBIJ
De afgelopen periode waren de gevolgen van robotisering voor
werk weer volop in het nieuws. De regering vroeg de SER om
advies, de Tweede Kamer hield een hoorzitting over het onderwerp
en overal in het land worden bijeenkomsten gehouden ter
voorbereiding op de robotsamenleving.
Machines worden dan ook steeds slimmer. Het gaat niet alleen
om fysieke robots die hamburgers bakken of tomaten plukken,
maar ook om slimme software. Software schrijft bijvoorbeeld
automatisch nieuwsberichten en ontwerpt zelf websites. Software
en het internet bieden ook kansen om productie en werk
slimmer te organiseren, denk aan platformen als Uber of selfservice
technologie (de zelfscankassa). Maar ook aan blockchain
technologie waarmee we fi nanciële en accountancy-diensten
radicaal anders kunnen opzetten.
Er is volop discussie of deze slimme toepassingen massaal ons
werk gaan overnemen. In het publieke debat komen drie scenario’s
steeds terug.
Ten eerste het scenario van business as usual: het verleden leert
dat er door technologie zeker banen verloren gaan, maar er ook
steeds nieuwe banen bij komen. Waarom zou dat deze keer
anders zijn? Anderen voeren aan dat ontwikkelingen deze keer
sneller gaan. En die treffen niet alleen laag geschoold, fysiek
werk (de caissière, de tomatenplukker), maar ook hooggeschoold
kenniswerk.
Studies berekenen dat in de komende twintig jaar circa de helft
van de banen gevoelig is voor automatisering. Dan zijn er
mogelijk naast enkele rijke technologiebezitters vooral veel
arme werklozen (het techno-feodalisme scenario). Nieuw sociaal
beleid wordt dan nodig geacht, zoals het basisinkomen of de
burger als aandeelhouder van technologie. Zo hoopt men dit
doemscenario om te buigen tot een aantrekkelijk perspectief:
dat van betaalde vrije tijd (het derde en laatste scenario).
In deze discussie staat steeds het automatiseringsdenken centraal:
machines vervangen mensen. Maar mens en machine kunnen
elkaar ook goed aanvullen. Denk aan de automonteur die
met behulp van de laptop een diagnose stelt of een chirurg die
met 3D-röntgenbeelden veel preciezer kan opereren. Technologie
kan dus ook verrijken. Maar dat zal niet voor iedereen
mogelijk zijn.
Nu is al duidelijk dat technologie niet voor alle groepen op de
arbeidsmarkt gelijk uitpakt. Zal er een groep op de arbeidsmarkt
bestaan die wordt geïnstrueerd door robots? Systeemdwang,
beperking van handelingsvrijheid van mensen; het doet
de beelden van Charlie Chaplin herleven. Ook de inzet van
technologie om slimmer te organiseren leidt tot discussie.
Digitale platformen bieden kansen voor meer autonomie (‘eigen
baas zijn’) en fl exibilisering, maar zorgen ook voor onzekerheid
over werk en inkomen.
M
O
De betekenis van slimme machines voor ons werk is dus zeer
divers van aard. De robot die mensen vervangt is slechts een
van de mogelijkheden. Om de robotsamenleving voor iedereen
een wenkend perspectief te laten zijn, moeten we met alle
dimensies rekening houden: vervanging, verrijking, fl exibilisering.
Drie thema’s verdienen daarbij de volle aandacht: innovatie,
scholing en verdeling van de welvaart.
Linda Kool is senior onderzoeker Technology Assessment bij het
Rathenau Instituut
׉	 7cassandra://rB8MRFJ7T0lFqddf5v4W8y45iZDnvS2QuAW7YrwqtnM`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://Hq4b5tbYej-XDjLZHCuYyYADORwaWpBsO3dPH5WQX4o |`׉	 7cassandra://4Y2rdh8GSdwfHjbM506sdM6JJMST7lAHA3MUwQdf2XoZ`S׉	 7cassandra://jwkHrwCPf3zwCqyYHm1q0DhgLAe1FkE9tjhEgyFC6T8`̵ ׉	 7cassandra://--oxBmD9qExWk5QWmdmiS_jsVZqWTQCBIHqTV_l_fto̓^P͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://ljpNVWd3vGKw6anVkzkP0hwpQiESBDdd2TJpeqrTDaQ `׉	 7cassandra://NBBEUbrS1ZsDb42mT4wXezkedJ71VPCovtn3ZDiQXRs^`S׉	 7cassandra://2HVqnSrs6ki5-ifJor7mSnlxxXS_rbvm6xtiXW66dYo `̵ ׉	 7cassandra://ZhY3V1_WSLczsjb3_IWP-IgmWpZVG8Rba7gWiM0RuIU T͠V7T,|yנV 7T,|y ^X9ׁHhttp://www.krumb.euׁׁЈנV 7T,|y ^p9ׁHhttp://www.postbuzz.comׁׁЈנV 7T,|y ^̫9ׁH  http://www.opendata.antwerpen.beׁׁЈ׉ES MART CITI ES
DIGITALE BLOKKENDOOS
ANTWERPEN ZET IN OP GOVERNMENT-AS-A-SERVICE
Als zoveel steden streeft ook Antwerpen ernaar een smart city te zijn. Maar
hoe verleen je de hype een bestuurlijke context? Antwerpen geeft haar
ambitie concreet vorm door zich aan te bieden als een city-as-an-open-service.
Tekst: Milan Rutten, directeur Ondernemen & Stadsmarketing, stad Antwerpen
e kunt de uitdaging van een smart
city algemeen definiëren als ‘een
stad waar getracht wordt om de
beschikbare resources zo slim
mogelijk aan te wenden’. Antwerpen
koos een meer ambitieuze invulling.
Door een technologiebril bekeken wil
Antwerpen in de eerste plaats komen tot
een geïntegreerd digitaal platform voor
de verschillende diensten van de stad.
Dat platform richt zich op de verbetering
van de dienstverlening aan de burgers.
In de tweede plaats wil Antwerpen startende
bedrijven en creatieve ondernemers
stimuleren om zelf te komen tot
concrete oplossingen of gebruiksvriendelijke
toepassingen. Een win-winsituatie
voor iedereen dus.
Zo wordt investeringsruimte gecreëerd
voor economische bedrijvigheid en kan de
burger aan de slag met een toepassing die
J
zijn leven wat eenvoudiger maakt. Intussen
hoeft de overheid niet voortdurend
eigen mensen en middelen in te zetten.
De Antwerpse burgemeester Bart De
E
Wever vatte deze ambitie als volgt
samen: ‘Antwerpen zal blijven investeren
in de nieuwe, digitale economie. We willen
talent omarmen, werk- en ontmoetingsplekken
creëren, embryonale startups
helpen doorgroeien om een bedrijf,
een referentie, een fenomeen te worden.’
EIGEN PROFIEL
In oktober 2014 lanceerde Antwerpen
haar nieuwe website antwerpen.be. Deze
GOOGLE VAN DE STEDEN
De ambitie van de stad Antwerpen reikt verder. Bedrijven zoals Google en Apple weten
te inspireren. Zij creëren digitale kansen en stimuleren innovatie. Een stad doet dat nu
hoofdzakelijk in een fysieke context: door straten aan te leggen, opleidingen en onderwijs
te organiseren of te zorgen voor veiligheid.
Eenzelfde actieve rol neemt Antwerpen nu op zich in de digitale wereld. Daarom stelt
de stad die nieuwe digitale infrastructuur ter beschikking van ondernemers, creatievelingen
en anderen. Het nieuwe digitaal platform wordt zo een heus operating system,
een digitale infrastructuur voor de stad. Een instrument dat bedrijven en bollebozen
faciliteert, barrières sloopt, grenzen verlegt – letterlijk en figuurlijk. Dat is de filosofie
van een city-as-an-open-service. De Ierse open data expert TimO’Reilly noemt het
government as a platform: een stad moet niet alles zelf doen, maar de mogelijkheden
van het web gebruiken om innovatie te faciliteren.
20
werden gebruikt.
Het A-profiel is persoonlijk. De gebruiker
beheert het zelf. Het A-profiel is zijn persoonlijke
sleutel tot alle functies van de
digitale stad. Hij kan binnen het A-profiel
ook zelf koppelingen maken met andere,
reeds bestaande profielen. Zo geeft de
Antwerpse burger vorm aan zijn eigen
digitale identiteit.
Stelselmatig ontsluit de stad een aantal
functionaliteiten van dit platform. Het
platform is in feite een digitale blokkendoos.
Als eerste functionaliteit werd het
A-profiel zelf vrijgegeven als een open
service. Zodoende kan iedereen het
A-profiel integreren in een nieuwe digitale
toepassing. Dat is handig voor de
burger, want zo hoeft hij niet iedere keer
een nieuw profiel en een nieuwe toegangscode
verzinnen.
APPS FOR ANTWERP
Elk jaar organiseert de stad een ‘Apps for
Antwerp’. Bij de tweede editie, in februari
2015, koos de stad ervoor om niet
alleen haar open data te promoten, maar
ook om het A-profiel als een open service
site herbergt een heus digitaal platform
met een eigen profiel voor de gebruiker,
het zogenaamde A-profiel, waarvan er
eind september 2015 al 104.269 actief
׉	 7cassandra://jwkHrwCPf3zwCqyYHm1q0DhgLAe1FkE9tjhEgyFC6T8`̵ V7T,|y׉ES
ZET STAD IN BEWEGING
te promoten. Deelnemers aan de wedstrijd
werd gevraagd om het A-profiel in
hun toepassing te verwerken. De Antwerpse
start-up Rombit won de tweede
editie van ‘Apps for Antwerp’ met de
app A*sign (zie foto).
H
B
Met deze app kunnen voor een verhuizing
noodzakelijke verkeersborden op
eenvoudige manier worden besteld en
behoudt de stad het overzicht over de
vele aanvragen.
De app wordt momenteel afgerond en zal
twee andere digitale toepassingen.
Het gaat om het platform Postbuzz en de
app Krumb. Postbuzz is een uniek buurtplatform
dat burgers informatie laat ontvangen
louter op basis van hun geografische
adres. Voor elk fysiek postadres
in 2016 operationeel zijn. Om een aanvraag
in te dienen maakt de burger
gebruik van het A-profiel. Zijn gegevens
zijn dan al ingevoerd en gekend.
Voor het einde van dit jaar wordt het
A-profiel ook in gebruik genomen bij
wordt een digitale postbus gecreëerd.
Door je te registreren kun je persoonlijke
informatie posten. Registratie kan met je
Facebook-account en (dus) je A-profiel.
Krumb is een app die een combinatie
maakt van een locatie en het verhaal achter
die plaats. Als gebruiker kun je bij een
leuke locatie je eigen ‘kruimel’ achterlaten
in de vorm van een foto of opmerking.
Officiële kanalen zoals steden of
instellingen kunnen ook dergelijke kruimels
aanmaken om de gebruiker te inspireren.
En opnieuw zal de gebruiker zich
binnenkort kunnen registreren met zijn
A-profiel.
Meer weten?
www.opendata.antwerpen.be
www.postbuzz.com
www.krumb.eu
S MART CITI ES
׉	 7cassandra://2HVqnSrs6ki5-ifJor7mSnlxxXS_rbvm6xtiXW66dYo `̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://bT4QZDEMrs_-3d6pGXhWAdTEiZivPt44YYytcgdZZBw u` ׉	 7cassandra://EFVK0ylisWWuR7LS-vH4huOIKYtLiSFZVnVxwpXX55Uc`S׉	 7cassandra://xgLy6rVnLyWDBjmWGrV2FUTmrfM71Km0Ipejbr3yp80`̵ ׉	 7cassandra://EDduvm3wBmw_XLD9PyMCD0VdwQTg-pGktfMf_rbgfNo͋͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://AJF9E_1iopvkbXlNhmPYp3cw9sPA8C8Rcw4DDqfkoms .` ׉	 7cassandra://HH0cWGuRUF_tXjt7pbbgp-1tfYLoeb4sXEjhJqVQXdMR4`S׉	 7cassandra://yv6WLatly7t3CK7jYsasEd4t_jkhEEIus6wo0NQFONQt`̵ ׉	 7cassandra://XSqwF4SnfDF2sjALvS2BMZabVyoBv7rBAxGBlX720F4z4͠V7T,|yנV7T,|y X9ׁHhttp://www.vicrea.nlׁׁЈ׉ESPECIAL
Drechtsteden verbonden
als nooit tevoren
Ambities verwezenlijken door data-integratie
Al decennia werken de Drechtsteden nauw samen. Na bruggen,
tunnels en bestuurlijke samenwerking staan nu de digitale
verbindingen volop in de belangstelling. Hoe pakt de in 2006
opgerichte Gemeenschappelijke Regeling Drechtsteden dit aan?
Tekst: Suzanne van Tuijl, marketing manager Vicrea
Making the world smarter
Met het Neuron Integratie Platform kunt u uw informatievoorziening
op betrouwbare en effi ciënte wijze vormgeven.
Meer informatie vindt u op www.vicrea.nl
Wat zijn de ambities van het project Binnengemeentelijk
Gebruik Basisgegevens?
‘Het eenmalig vastleggen van basisgegevens om deze vervolgens
meervoudig te kunnen gebruiken is essentieel binnen een
samenwerkingsverband. De tijd dat ieder dit voor zich beheert,
is voorbij. Er is een generieke voorziening nodig voor binnengemeentelijk
gebruik van basisgegevens. Daarvoor gebruiken
wij het Neuron Integratie Platform (NIP) van Vicrea.
Wij voldoen ermee aan de wet- en regelgeving rondom basisregistraties.
Daarnaast vinden wij consistent en integraal gegevensgebruik
belangrijk: het zorgt voor eenduidigheid van gegevens
en verhoogt de kwaliteit. Onjuiste gegevens brengen
enorme politieke en bestuurlijke risico’s met zich mee. Dat proberen
we op alle mogelijke manieren te beperken, door zowel
het systeem als het proces te optimaliseren.’
nno 2015 is er inmiddels sprake van een bloeiende
samenwerking. Er wordt gewerkt aan regionale,
gemeente-overstijgende thema’s als duurzaamheid,
veiligheid, economisch klimaat, zorg en onderwijs.
Een centrale oplossing voor het informatiemanagement en
-beheer ligt dan ook voor de hand. Programmamanager
Hanneke van Maanen geeft tekst en uitleg.
Aantrekkelijk
vestigingsklimaat
Inzet op
bereikbaarheid
van de regio:
weg, water, spoor
en OV
Aantrekken bedrijven
en vergroten
werkgelegenheid
A
Versterken van onze
economische kracht, op
duurzame wijze
Duurzaamheid
voor balans tussen
mens, milieu en
economie
Aansluiting tussen
onderwijs
en bedrijfsleven
Aantrekkelijker
maken van
ons gebied
zorg en
(zelf)redzaamheid
van onze
inwoners
Uitvoeren van
transitie
onderkant
arbeidsmarkt
Vergroten
externe- en
waterveiligheid
Aantrekkelijk
woonklimaat
Uitvoeren van
transities AWBZ
en jeugd
Doelstellingen van de Gemeenschappelĳ ke Regeling Drechtsteden.
22
Wat zijn de voordelen in gebruik?
‘Alle gegevens zijn beschikbaar bij één loket. Dus medewerkers
hoeven zich niet meer af te vragen waar ze de gegevens vandaan
moeten halen. De kwaliteit van de informatie neemt toe
omdat er minder fouten kunnen worden gemaakt bij het werken
met de gegevens. Doordat alles via het integratieplatform
bij elkaar komt, kunnen we de gegevens bovendien beter
benutten door ze te combineren. Zo kunnen we beter, vaker en
makkelijker analyses uitvoeren, hebben we meer grip op de uitvoering
van taken en kunnen we beter waarborgen dat gegevens
worden gebruikt binnen de wettelijke kaders.’
Wat merken burgers daarvan?
‘Burgers hoeven straks niet telkens weer dezelfde gegevens te
verstrekken aan de gemeente. Door de betere informatiehuishouding
kunnen allerlei processen voor burgers en bedrijven sneller
en beter worden uitgevoerd. Wanneer bijvoorbeeld een bedrijf
zich in de Drechtstedenregio wil vestigen, hoeft het niet meer
aan de gemeente te vragen wat past binnen het bestemmingsplan
en het beleid. Deze informatie is online zelfstandig in te
zien. Denk aan bestemmingsplannen, gegevens over de monumentale
status van gebouwen of bomen en dergelijke.
Als een bedrijf een vergunning aanvraagt kan het op voorhand
rekening houden met deze gegevens, waardoor de aanvraag
beter aansluit op de speelruimte die de gemeente biedt. Daardoor
verloopt het vergunningenproces sneller en met een posi׉	 7cassandra://xgLy6rVnLyWDBjmWGrV2FUTmrfM71Km0Ipejbr3yp80`̵ V7T,|y׉E
X
X
X
ABC
ABC
X
GBA
RNI
DIGILEVERING
NHR
49-KZP-3
BRV
X
ABC
OVERHEIDSINSTELLINGEN
KETENPARTNERS
APPLICATIE
X
APPLICATIE
BAG
BLAU
€
BRT
€
BRI
APPLICATIE
BGT
BRK
X
X
ABC
OVERIGE
GEGEVENSPRODUCTEN
BRO
WOZ
ABC
X
X
OVERHEIDSINSTELLINGEN
KETENPARTNERS
NEURON
INTEGRATIE PLATFORM
Visualisatie van de gegevensuitwisseling tussen de gemeenten.
tiever resultaat. Zo dragen we bij aan de strategische doelen
van de Drechtsteden, zoals het verhogen van de zelfredzaamheid
en het aantrekkelijker maken van ons gebied.’
Welke eisen stellen jullie aan het integratieplatform?
‘Wij waren op zoek naar een leverancier die onze visie op het
gebied van gegevensmanagement en informatiemanagement
begrijpt en onderschrijft. Vicrea voldeed aan die voorwaarde en
biedt een platform aan met voldoende ontwikkelkracht. Dat
wil zeggen dat we er steeds meer mee kunnen als het gaat om
analyseren van gegevens en sturing op beleid door analyse.
Momenteel benutten we het platform alleen voor onze basisen
kernregistraties, maar het gaat straks ook over het open
stellen van data en samenbrengen van onze eigen data met
bijvoorbeeld open data.’
Hoe ziet de toekomst eruit?
‘Eerst moeten we de basis neerzetten. Tijdens de eerste fase
zijn drie basisregistraties aangesloten en wordt een applicatie
die data afneemt gevoed. In de huidige tweede fase worden
datasets toegevoegd en meer afnemers aangesloten. Tegelijkertijd
zijn we de organisatie rondom het gegevens- en informatiemanagement
aan het neerzetten en denken wij na over fase
drie: de doorontwikkeling van het integratieplatform en de
mogelijkheden daarvan voor Drechtsteden. Het is kortom een
continu verbeterproces.’
Zes gemeenten samen eigenaar
De Gemeenschappelijke Regeling Drechtsteden (GRD) is de
regionale samenwerking van zes gemeenten. Alblasserdam,
Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en
Zwijndrecht zijn samen eigenaar van de GRD. De gemeenten
bedienen samen een gebied met 267.000 inwoners. Een stedelijk
gebied dat qua omvang in het lijstje met de grootste
steden van Nederland op de vierde plaats zou komen, tussen
Utrecht en Eindhoven in.
De GRD behartigt de gemeenschappelijke regionale belangen
op de beleidsterreinen Economie en Bereikbaarheid, Fysiek,
Sociaal en Bestuurlijke ontwikkeling. De GRD zorgt voor
effi ciënte en effectieve uitvoering van taken op het terrein
van sociale zaken, belastingheffi ng en -invordering, sociaalgeografi
sch onderzoek, ingenieurstaken, bedrijfsvoering en
facilitaire diensten.
DIGIMELDING
X
X
ABC
....
S MART CITI ES
COMMUNICATOR
COMMUNICATOR
׉	 7cassandra://yv6WLatly7t3CK7jYsasEd4t_jkhEEIus6wo0NQFONQt`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://gexKK-oQQ_MtN3YOAJUBKJ6xdLOc6YvARTikCD6Oo6c #` ׉	 7cassandra://z5LQ2ueJhg88w8kR2_w_SDYUmn6joW7sOF4nbe7eFjE_`S׉	 7cassandra://svo39JAlGP01rJ02WcgIyyYU6ePclBIbj_heUwR3QR4p`̵ ׉	 7cassandra://GSe1XjEZUSfLo3WThlnn3vEEGWo77IqL42FaugCnYZU͊L͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://X9qRI3CE9jG7fCuWvLGH0vJkdIoS4iZsbfCN2t7MAxE R`׉	 7cassandra://fWSgSiTn2x1txb0Qqyrxy_0hFm2K-ucTJyTrpLHq02guF`S׉	 7cassandra://zgle6SlC-CurRhD8zpcgRSTfWh6E8G7UgfbMxXtDvv8%`̵ ׉	 7cassandra://zlqvuJLOZAH1d8LXrflFDpT1xiNRRlP6fimDRYBJseg :T͠V7T,|y׉EE - I DE NTITY
8 SUCCESFACTOREN
VOOR KRACHTIGE
OVERHEIDS-ICT
KOPLOPER ESTLAND VERLEGT FOCUS NAAR USABILITY
Een Nederlandse delegatie van innovators en ondernemers trok in oktober
naar Estland. De Estse overheid is Europees koploper op het gebied van
digitale dienstverlening. Wat zijn de acht belangrijkste leerpunten voor de
Nederlandse overheid?
Tekst: Roy Tomeij, adviseur Digitale Overheid, en Marco Bogers, trainer WorkinFlow
T
allinn, Estland. Buiten begint de herfstkou in te zetten,
binnen in het partijbureau van de conservatieve IRL
spreken we met parlementslid Valmar Kissler. Hij is
voormalig softwareprogrammeur, ex-ondernemer,
ex-minister. Geen ongewone combinatie in dit land. Conservatief
in ICT-zaken is Kissler allerminst. ‘De ICT-systemen zijn
voldoende stabiel. De grootste uitdaging die wij nu hebben is
het verbeteren van de usability van onze digitale overheidsdiensten.
En het gaat niet om het aantal diensten – Estland heeft
er meer dan 3.000 – het gaat om de processen erachter en de
gebruiksvriendelijkheid.’
Ter illustratie legt Kissler zijn ID-kaart op tafel. ‘Kijk, hiermee
kan ik in elke apotheek in Estland een recept ophalen. Ik hoef
alleen maar langs te gaan, de apotheker haalt mijn gegevens uit
het systeem en geeft me het recept.’
Voor een land dat met online overheidsdiensten wereldwijd
voorop loopt, is het tekenend dat usability zo hoog op de politieke
agenda staat. In Estland lijken de werelden van ICT,
ondernemerschap, politiek en overheid in elkaar op te gaan.
FINNEN GAAN NEDERLAND ALVAST VOOR
Is het Estse model ook in Nederland toepasbaar? In elk geval
gaat Finland nog dit jaar van start met hun versie van het Estse
X-Road. Finland is qua legacy enigszins vergelijkbaar met
Nederland. Dus waarom niet? Als ondernemende overheid kunnen
we zeker leren van Estland. Het land stelt haar ICT-systemen
om niet beschikbaar aan Finland. Waar denkt u dat Finland
de expert-teams inhuurt voor maatwerk en implementatie?
24
Voeg daar succesvolle private/public partnerships tussen banken,
overheid en kennisinstituten aan toe, en je hebt een deel
van het succes van het land verklaard.
Dat leidt ons tot de hamvraag: wat kan Nederland van Estland
leren als het gaat over digitale overheid? Een antwoord in acht
leerpunten.
B
E
U
1.
CREËER EEN BETROUWBARE DIGITALE
IDENTITEIT
Voordat de Estse overheid begin jaren negentig via open internet
ging communiceren moest ze een betrouwbare digitale identificatie
hebben. En dat is ze gelukt met Digital-ID. Iedere burger heeft
vanaf geboorte maar één ID-kaart (voor reizen binnen de EU) en
een digitaal ID. Dit kost de burger twee euro per jaar. Een paspoort
is duurder en optioneel. Bij geboorte krijg je ook meteen
een email-adres met je eigen unieke voor- en achternaam. Dat
schakelt door naar jouw eigen email-adres bij jouw provider.
2.
FOCUS OP OPTIMALE DIGITALE
DIENSTVERLENING
Met de Digital-ID zijn 3.300 digitale diensten beschikbaar voor
burgers en bedrijven. De Esten gebruiken hun digitale ID
׉	 7cassandra://svo39JAlGP01rJ02WcgIyyYU6ePclBIbj_heUwR3QR4p`̵ V7T,|y׉E\Roy Tomeij op bezoek in Estland.
dagelijks voor inloggen op school, in de zorg of bij gemeente,
bank of energiebedrijf. Ook onderling kunnen zij overeenkomsten
digitaal en rechtsgeldig tekenen. Of via document encryptie.
De rol die je bij inloggen kiest, bepaalt tot welke diensten je toegang
hebt. Sinds twee jaar kun je ook mobiel inloggen, zonder
identiteitskaart. Deze optie kost de burger één euro per maand.
De burgers gebruiken hun Digital-ID dagelijks, om zich te identificeren
en verplichtingen aan te gaan. Deze rechtsgeldige digitale
ondertekening (vergelijkbaar met PKI) is geschikt om afspraken
te formaliseren tussen gemeenten en burgers en bedrijven, alsook
voor bedrijven en burgers onderling. De eResidency voor nietingezetenen
is een afgeleide (minder rechten).
3.
4.
5.
VRAAG NIET NAAR DE BEKENDE WEG
De overheid mag jou niet vragen wat ze al van je weet. Zo hoef
je in Estland bijvoorbeeld geen rijbewijs bij je te hebben als je
autorijdt. De politie kan op basis van jouw ID-kaart of alleen je
naam of nummer nagaan wie je bent en of je mag rijden. Of dat
je nog een boete moet voldoen.
CREËER VOLUMES DOOR SLIMME
SAMENWERKING
Het volume in het gebruik van Digital-ID ontstond door samenwerking
met de banken. Inmiddels doet 90 procent van de
bevolking mee. Bedragen tot 250 euro kun je met je bankpas
overboeken. Daarboven is dubbelcheck met Digital-ID vereist.
ZORG VOOR PRIVACY EN ZELFBESCHIKKING
Uit het gesprek met de Estonian Health Foundation blijkt dat
iedere burger vanaf de geboorte een ID-kaart krijgt, ook digitaal.
Registratie geschiedt door ziekenhuis of vroedvrouw. De
huisarts is by default de hoeder van jouw digitale patiëntgegevens,
samen met jou. De arts ziet per patiënt een tijdlijn waar
informatie en dossiers aan hangen. Jij bepaalt zelf welke gegevens
worden gedeeld en je kunt op basis van logging zien wie er
in jouw dossier keek.
6.
7.
8.
DOE VERKIEZINGEN DIGITAAL
Er zijn verschillende keren ‘digitale verkiezingen’ gehouden. Dit
was mogelijk op basis van het betrouwbare Digital-ID. Ook
Esten in het buitenland konden makkelijk stemmen.
GEBRUIK LEGACY VAN MAXIMAAL 5 JAAR OUD
Dit principe voor ICT-systemen dwingt tot standaardisatie op
gegevensniveau. Het leidt ook tot doorlopende innovatie en
slimme ontwerpkeuzes. Bovendien is er scherper te begroten.
WERK SAMEN, DEEL KENNIS EN EXPORTEER
Esten werken met open standaarden en open source-software.
Dat is niet alleen een mooi streven, maar dat doen ze ook echt.
De open systemen worden – om niet – gedeeld met andere
bedrijven, organisaties en landen. Delen is het nieuwe vermenigvuldigen.
Estse bedrijven werken samen aan de overheidsvoorzieningen
en doen veel kennis op. Met name kennis is het
exportproduct, niet zozeer de systemen. De internationale variant
van Digital-ID heet eResidency. Daarmee worden niet alleen
buitenlandse transacties bevorderd maar ontstaat ook internationaal
draagvlak voor Estland. Een strategische zet.
Meer weten?
Bekijk het interview van Vincent Everts met Cybernetica, het Estse
bedrijf dat inmiddels wereldwijd e-Government solutions bouwt. Zoek
op YouTube op ‘cybernetica’ en ‘Everts’.
S MART CITI ES
׉	 7cassandra://zgle6SlC-CurRhD8zpcgRSTfWh6E8G7UgfbMxXtDvv8%`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://NGtu6WQQe3IErA--wEOmRBewEv4pGqlP_9DevpnWXFQ `׉	 7cassandra://UDfXFmofKFbHuYSrjkTBsQl-XGNPPPvyF4m8CeCgYO0J`S׉	 7cassandra://S24JHLj9njSiKlUfA5FXAF8S8NvqMJW1rv-RvUy7PO0`̵ ׉	 7cassandra://80ssiOG1uODMiSvQem13x7TBINC_4SnxOpPi5vR0in0 h͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://weJYcU7zYXTmsatxSl9Cn1D7AtZ5zikM9orXr50moVk N`׉	 7cassandra://MDvo_4VleD1pdX7d_fTCJkhqjv8zcb_esuNXWPOmN7s_B`S׉	 7cassandra://-84_x0bAPACAfUfMlRA-DWs7Nj_l0rhgKPLrMoYCckg
`̵ ׉	 7cassandra://3lPxKS5syjWWAJmvFYJSvCxsMuFggTo_qkUpf2JDuus c͠V7T,|yנV7T,|y ؁v9ׁHhttp://www.mxi.nlׁׁЈ׉EICT in perspectief
VOOR GRIP
OP ÚW ICT
M&I/Partners begeleidt en adviseert haar klanten bij projecten op het snijvlak van manageme
en ICT. Wij kiezen daarin voor opdrachten met maatschappelijke meerwaarde voor de
publieke en semi-publieke sector.
M&I/Partners concentreert zich op de vertaling van de bedrijfsstrategie met behulp van ICT
in al haar facetten, naar een effectieve en efficiënte uitvoering. Dit omvat zowel het richten
en besturen (strategisch), het inrichten en implementeren (tactisch) en het beheren
en exploiteren van ICT.
Kijk voor meer informatie over M&I/Partners op: www.mxi.nl.
Sparrenheuvel 32 | 3708 JE Zeist | 030 - 2 270 500
׉	 7cassandra://S24JHLj9njSiKlUfA5FXAF8S8NvqMJW1rv-RvUy7PO0`̵ V7T,|y׉Eent
H E N K WESSE LI NG
SAMENWERKING,
ALTIJD VOORDELIG
Wat betreft het falen van publieke en marktarrangementen
kregen we de afgelopen periode onze trekken wel weer thuis.
Met het debacle rond de Fyra als hoogtepunt, en met allerlei
kleiner werk als goed bijprogramma. Zoals het maar niet op
gang komen van de doorstroming van scheefwoners.
Een hoogtepunt in het falen van de markt was de sjoemelsoftware
van Volkswagen, met hier bijvoorbeeld de olijfolievervalsing
als bijvangst.
Er zijn vele oorzaken van dergelijk falen: gebrek aan kennis,
fi xatie op één oplossing, verkeerde incentives en mede daardoor
onoverbrugbare belangentegenstellingen. Ook beroerde governance
met machtsconcentraties en criminele penetratie kunnen
een rol spelen. Een belangrijke bepalende factor voor het wel of
niet slagen van welk arrangement dan ook, is de wijze van
samenwerking van de betrokken partijen. Dit speelt op twee
manieren.
E
DE
V
Ten eerste als coördinatiemechanisme. In arrangementen komen
wij tot beslissingen inzake ons handelen. Bijvoorbeeld wel of
niet de Fyra aanschaffen en vervolgens al dan niet controles uitvoeren
op die aanschaf. Al die beslissingen bij elkaar bepalen of
er sprake is van goede dienstverlening.
Die beslissingen vinden niet los van elkaar plaats maar die coördineren
we via een samenspel van marktmechanisme, publieke
hiërarchie en samenwerking. Bij sommige arrangementen is een
van die drie elementen dominant, maar vaak spelen ze alle drie
tegelijk een rol.
Bij het falen van publieke dienstverleningsarrangementen werken
die coördinatiemechanismen niet goed vanwege de eerder
genoemde faaloorzaken. Denk maar eens aan de dienstverlening
van NS en ProRail waar samenwerking van deze gelijkwaardige
partners tot goede dienstverlening zou moeten leiden,
maar dat niet gebeurt. En wie kent niet de ontwikkelingen van
regionaal georganiseerde gemeentelijke dienstverlening (zoals
de arbeidsmarkt regio’s) waar samenwerken het verschil maakt
tussen succes en mislukking.
Goede samenwerking als coördinatiemechanisme vereist veel
van de deelnemende partijen. Ik noem empathie, wÍllen leren
samenwerken, het kunnen defi niëren van overkoepelende
belangen. Maar ook beheerst gedrag en coalities kunnen sluiten.
Daarnaast vereisen marktwerking en publieke sturing een specieke
wijze van samenwerking. ‘Dingen samen kunnen en willen
doen’, als een soort algemene conditie voor functionerende
dienstverlening. Zo komen problemen bij publiek hiërarchisch
toezicht (neem weer die Fyra) ook voort uit het gebrek aan wil
om zaken onderling af te stemmen, om samen het toezicht te
laten functioneren. Voor ‘samen willen en kunnen’ is vertrouwen
nodig tussen partijen. We spreken dan van een high trust
society, die aanmerkelijk minder besluitvormings kosten met zich
mee brengt.
Vertrouwen is inderdaad wezenlijk, maar tegelijk zeer afhankelijk
van governance, (oplossings)gerichtheid, eerlijkheid en
openheid. Het zijn de mensen die het doen. Cursussen samenwerken
voor bestuurders, management en professionals helpen
wellicht. Nog beter is het om in de praktijk van publieke besluitvorming
dat samen doen gewoon concreet vorm te geven.
Ervan te leren, ook. Dan was het met het dossier Fyra wellicht
heel anders gelopen.
Henk Wesseling, Expertisecentrum partners in publieke
meerwaarde
׉	 7cassandra://-84_x0bAPACAfUfMlRA-DWs7Nj_l0rhgKPLrMoYCckg
`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://n0Yysj8fP5Dw1JTg7jQdeWMMhCnpMeGRfuMU2fs5R0E q` ׉	 7cassandra://_9OGL6A5APBG6Y3Qn3dJgFiDBRYLkT4D3XxndMmvzhoVG`S׉	 7cassandra://IeZXznyQkywdlu4PO6OVc5jq6H2itNIlj3YeAMQsgMs`̵ ׉	 7cassandra://710qP9EbZSCuEI_lZFfrJUs1uJnwS3D56VF3AMCEZtIv\͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://MQNLt9WrzhIBCCwWynZIhcKNsPWPO2P95BhZa5oQ6mo `׉	 7cassandra://7k-_vuUcCXRTtQk6j-0l7vrJQyiC5ofbUG_xfHYchK4S`S׉	 7cassandra://6nL7WYSgMHvgyyeHR0DXEfb-eSCUsfCeAAV6pcBwi2s`̵ ׉	 7cassandra://Pq60KdzKdFndvkyCMMR-ua42XXg3MZwXIm0p6lfsdGc Z̘͠V7T,|yנV 7T,|y _m9ׁHhttp://bit.ly/1RQFfjׁׁЈ׉EC Y B E R SECU R ITY
HELP DE HACKER
BINNENDRINGERS DRAGEN BIJ AAN DIGITALE VEILIGHEID
Hackers hebben een slechte naam. Maar je kunt ze ook benutten om kwetsbaarheden
in de digitale beveiliging op te sporen. Mits hackers door de overheid
via speciale programma’s op het rechte pad worden gehouden.
Tekst: Jornt van der Wiel, security researcher in het GReAT team bij Kaspersky Lab Benelux
H
acken houdt de gemoederen
bezig en leidt nogal eens tot
onrust. Want het is toch digitaal
inbreken? Nou, niet per
se. Artikel 138ab van het Wetboek van
strafrecht lid 1 heeft het over computervredebreuk
en binnendringen: ‘Met
gevangenisstraf van ten hoogste twee
jaren of geldboete van de vierde categorie
wordt, als schuldig aan computervredebreuk,
gestraft hij die opzettelijk en
wederrechtelijk binnendringt in een
geautomatiseerd werk of in een deel
daarvan. Van binnendringen is in ieder
geval sprake indien de toegang tot het
werk wordt verworven door het doorbreken
van een beveiliging, door een
technische ingreep, met behulp van valse
signalen of een valse sleutel, of door het
aannemen van een valse hoedanigheid.’
Oftewel, wanneer iemand zonder toestemming
opzettelijk een computer hackt
dan is deze persoon strafbaar. In de praktijk
zal er echter per geval worden gekeken
of er sprake is van ‘wederrechtelijk
binnendringen’. Mensen kunnen een
negatieve associatie hebben met het
woord hacker (zie kader). Mede om die
reden zijn in de loop der jaren de termen
white hat hacker en black hat hacker ontstaan,
ontleend aan oude western­films.
De helden droegen daarin vaak een witte
hoed en de bad guys een zwarte. De white
hat hackers gebruiken vaak exact
dezelfde technieken als de black hat
hackers, alleen zetten zij deze in voor
positieve doeleinden.
ONGEVRAAGD TESTEN
Een goed doel kan, volgens sommigen,
ook het ongevraagd testen van de beveiliging
van een systeem zijn. Mits dit vervolgens
netjes wordt gemeld aan de
beheerder. Niet elk bedrijf of instantie is
hier blij mee en elke organisatie kan hier
op zijn eigen manier op reageren. Gelukkig
hebben sommige partijen programma’s
op het gebied van responsible discloGEBREK
AAN EENDUIDIGHEID
Wie over de begrippen hackers of hacken begint, merkt al snel dat het een beladen
onderwerp is. Volgens de een is een hacker iemand die illegaal computersystemen binnendringt
door te ze te hacken. Volgens de ander is een hacker iemand ‘die vaak op een
creatieve manier een apparaat iets laat doen wat het normaal niet doet’. Er is geen
eenduidige definitie. Wees je er dus bewust van dat de term hacker in verschillende
contexten wordt gebruikt.
28
sure: instructies die een organisatie online
publiceert en waarin staat wat wel en wat
niet mag.
Zo is het bijvoorbeeld toegestaan om bij
Marktplaats.nl kwetsbaarheden te vinden
en te kijken of ze hackbaar zijn. Maar
wanneer je een kwetsbaarheid hebt
gevonden, wordt wel verwacht dat je
deze aan de organisatie meldt. In ruil
hiervoor krijgt de melder een beloning.
Om organisaties te helpen een eigen
beleid voor responsible disclosure op te
stellen, heeft de Rijksoverheid er een leidraad
voor opgesteld. Ook melders kunnen
met deze leidraad nagaan wat ze
kunnen doen als ze een kwetsbaarheid
ontdekken.
CONTROLE
Het vinden van een kwetsbaarheid is
vaak nog maar het begin. Het uitbuiten
hiervan, zodat er controle kan worden
gekregen over het te hacken systeem, is
vaak het moeilijkste gedeelte. Daarvoor
is het nodig om een programma te schrijven
waarmee de kwetsbaarheid valt uit
te buiten (de zogenaamde exploit). Vaak
wordt er hierbij nog een extra functionaliteit
gemaakt. Dit volledige programma
noemen we malware wat staat voor malicious
(kwaadaardige) software.
Vandaag de dag is er een groot aantal
malwaredreigingen op het internet. Hiervan
zijn ransomware en banking malware
׉	 7cassandra://IeZXznyQkywdlu4PO6OVc5jq6H2itNIlj3YeAMQsgMs`̵ V7T,|y׉Ede bekendste. Bij ransomware worden
slachtoffers afgeperst door hun computers
op slot te zetten. Dit blijkt voor black
hat hackers en cybercriminelen een
steeds lucratiever businessmodel.
ROL OVERHEID
Malware is in al zijn vormen op meerdere
manieren te bestrijden. Een belangrijke,
maar vaak onderschatte, manier is mensen
op het rechte pad te houden. Zorgen
dus dat hackers opgroeien tot white hat
hackers. Hierbij kan de overheid een
grote rol spelen, bijvoorbeeld door zelf
mee te doen – en mee te profi teren – van
responsible disclosure-programma’s.
De tijdelijke Visitatiecommissie Informatieveiligheid
van de VNG is begonnen
met het adviseren van gemeenten over
informatieveiligheid op bestuurlijk
niveau. Op ambtelijk niveau is het aanbieden
van stageplekken en traineeships
aan studenten met affi niteit voor informatiebeveiliging
een goede suggestie.
Hierbij is het van belang om zowel het
onderwerp informatieveiligheid als ook
H
NO
de trainees zelf serieus te nemen. Deze
jonge professionals brengen namelijk
nieuwe kennis de organisatie binnen en
moeten de vrijheid krijgen om daadwerkelijk
op onderzoek uit te gaan.
Serieus nemen betekent ook dat er bij een
‘lek’ snel actie wordt ondernomen. In de
praktijk wordt nog niet altijd de juiste
prioriteit gegeven aan randvoorwaarden
zoals professionele bewegingsruimte,
wat desastreuze gevolgen kan hebben.
Bovendien werkt een dergelijke, onveilige
aanpak demotiverend voor de goedbedoelende
hacker. Laat dat witte hoedje
geen zwarte hoed worden!
Meer weten?
De leidraad voor Responsible Disclosure van
de Rĳ ksoverheid is hier te downloaden:
http://bit.ly/1RQFfj A
bevoegdheden om zaken op te pakken en
besluitvaardigheid om geconstateerde
problemen op te lossen. Daardoor zijn
systemen onnodig langere tijd kwetsbaar,
TALE WE E R B A AR H E I
׉	 7cassandra://6nL7WYSgMHvgyyeHR0DXEfb-eSCUsfCeAAV6pcBwi2s`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://pN6cNeOHeOxdJiPAX4YWGshcebbZ2oJQ1EqBZUYSa7U î` ׉	 7cassandra://bEcORV_u7tRc9a4iCJfDvsa-erO8_2jhGW0oJMsk6TMY`S׉	 7cassandra://Fbf6WOa5MAjAfR5HjqRUXwwsOXWzCTdcPjp2J6yW7yI;`̵ ׉	 7cassandra://behOQIpBv2RscS-dms8jQCIfbQqpK9Tcy16tsUQJJVAhL͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://nLx263cDVKrIu3KQ8jqYCsEt7QGcaxJOMPtWUD0UGI0 E`׉	 7cassandra://m7XKGLbFcbQ643tt3v-SNBiRgYFXYfP8sJn3gJq0Om8w`S׉	 7cassandra://FmNVf7OTu7CSMLFs8tXXKN3m0d4cemfujCILH1O0ias$`̵ ׉	 7cassandra://Yx4W8s8ilX3ghH9ebLmYqrkLzjMiGExZEgwexk75kHY KX͠V7T,|y׉ECONTENT S TR ATEGI E
HET NIEUWE TEAM
COMMUNICATIE
VIJF ROLLEN VOOR EEN ONLINE COMMUNICATIESTRATEGIE
Communicatieve vaardigheden zijn in de netwerksamenleving belangrijker
dan ooit. Met de vertrouwde opzet van het team communicatie komt een
gemeente niet meer weg. Tijd voor een nieuwe invulling aan de hand van vijf
rollen die beter inspelen op de uitdagingen van vandaag.
Tekst: Renata Verloop, zelfstandig adviseur overheidscommunicatie
O
H
M
DE
Vooralsnog werken bij veel overheden
webredacteuren die zich uitsluitend met
de website bezighouden, waarbij de
focus ligt op het schrijven van tekst. Met
de toenemende noodzaak om content via
meerdere verschillende kanalen te delen,
moet de functie van de webredacteur
worden gesplitst in die van een content30
creëren
van waardevolle content voor de
(interne) community, stakeholders en
andere doelgroepen.
Vanuit de tweede nieuwe rol, die van de
klantcontactspecialist, wordt de beweging
ingezet om de klantprocessen van
de organisatie van buiten naar binnen te
ontwikkelen. De klantcontactspecialist
nline communicatie is bij veel
organisaties nog steeds zwak
georganiseerd. Het wordt
erbij gedaan en iedereen doet
maar wat, of het is belegd bij specialisten
waardoor andere teamleden niet actief
bijdragen. Gevolg is dat er ad hoc vanuit
losse communicatiekanalen wordt
gedacht en gewerkt in plaats vanuit een
integrale contentstrategie. In zo’n contentstrategie
wordt in onderlinge samenhang
uitgewerkt welke soorten informatie
met welke frequentie binnen welke
kanalen worden gedeeld, waarbij elk
kanaal een eigen karakter kan hebben.
specialist die verantwoordelijk is voor
het creëren van verschillende contentsoorten
(tekst, beeld, audio, video) op
platformen en een klantcontactspecialist
die de digitale dienstverlening vanuit het
perspectief van de klant optimaliseert.
CONTENTSPECIALIST
De contentspecialist is de eerste nieuwe
rol. Hij of zij stelt op basis van een communicatie-
of participatieplan de contentstrategie
op. Daarnaast adviseert de contentspecialist
over de juiste kanaalkeuze
en vorm van content en is deze nieuwe
functionaris verantwoordelijk voor het
verbetert de online dienstverlening op
basis van customer journey-principes.
VERSCHILLENDE TEAMS
Communicatieprofessionals bemoeien
zich nu niet of veel te weinig met dienstverlening
en klantcontact, terwijl die
twee aspecten bepalend zijn voor de
reputatie en uiteindelijke legitimatie van
de organisatie. Dit komt doordat communicatie
en klantcontact vaak twee verschillende
teams vormen. Dat is op zich
geen probleem, als de samenwerking
maar goed is georganiseerd. Daar ontbreekt
het nogal eens aan.
Het team communicatie is meestal de
eigenaar en beheerder van de website,
terwijl de focus van dat kanaal steeds
meer op dienstverlening en klantcontact
ligt. Ook webcaretaken worden doorgaans
bij team communicatie opgepakt,
terwijl het logischer is om die direct bij
het team klantcontact te beleggen omdat
daar ook de vragen via mail, telefoon en
balie binnenkomen. Hier dient dus een
overdracht van taken plaats te vinden
van de communicatie-adviseur naar de
klantcontactspecialist die ervoor zorgdraagt
dat dienstverlening vanuit het
klantperspectief wordt ontwikkeld.
Om de buitenkant (frontoffice) van de
׉	 7cassandra://Fbf6WOa5MAjAfR5HjqRUXwwsOXWzCTdcPjp2J6yW7yI;`̵ V7T,|y׉Eorganisatie te verbinden aan de binnenkant
(backoffice) is een communicatiearchitect
onmisbaar. Deze derde nieuwe
rol acteert op het snijvlak van communicatie
en technologie en zorgt ervoor dat
communicatiedoelstellingen de inzet van
technologie bepalen, in plaats van
andersom.
OMSLAG
De meeste overheidsorganisaties hebben
in de praktijk moeite om de omslag te
maken van zenden naar luisteren en het
communiceren in netwerken. Het team
communicatie kan daar een belangrijke rol
in spelen. De communicatieve organisatie
gaat niet alleen over het idee dat ‘iedereen
communiceert’, maar ook over de responsiviteit
van de organisatie als geheel.
Een nieuwe taak die daaruit volgt is het
beoordelen in hoeverre de organisatie in
staat is om te reageren op de omgeving en
ruimte te bieden voor participatie. Rondom
dit afwegingskader verschuift de rol van
de huidige communicatieadviseur naar die
van communitymanager. Deze vierde
nieuwe rol is de linking pin tussen de ‘thuisorganisatie’
en relevante netwerken. Aan
de ene kant luistert deze naar wat in netwerken
leeft als input voor beleid en strategie.
Aan de andere kant benut en activeert
deze persoon netwerken voor het realiseren
van organisatiedoelstellingen.
De communitymanager ontwikkelt in
samenspraak met inhoudelijk verantwoordelijke
collega’s de communicatieen
participatiestrategie per domein. Door
de toename van netwerkcommunicatie
neemt de noodzaak voor actieve invulling
van deze rol in hoog tempo toe.
PRAKTIJKVOORBEELD
Laten we binnen een gemeente kijken naar
het thema ‘wegen, verkeer en vervoer’. De
communitymanager houdt samen met de
wethouder en inhoudelijk betrokken collega’s
goed in de gaten hoe inwoners en
ondernemers in de gemeente denken over
zaken met betrekking tot bereikbaarheid,
parkeerbeleid en leefbaarheid. Op basis
daarvan wordt een communicatie- of
participatiestrategie ontwikkeld.
De contentspecialist kan vervolgens op
basis daarvan een specifieke contentstrategie
ontwikkelen, collega’s helpen bij het
ontwikkelen van content of dit zelf doen.
Als er binnen dit voorbeeld een dienst
wordt ontwikkeld voor kenteken-parkeren,
dan komt de klantcontactspecialist in
beeld die de customer journey in kaart
brengt en functionele eisen formuleert
vanuit de front-office.
De klantcontactspecialist houdt in de
gaten hoe klanten de dienst waarderen
en bespreekt dit met de communitymanager
en het klantcontactcentrum
waar de webcaretaken worden uitgevoerd.
De communicatie-architect begeleidt
de ontwikkeling van de dienst en de
marketeer ontwikkelt een campagne om
deze onder de aandacht te brengen.
Deze marketeer is de vijfde en laatste
nieuwe rol. Hij of zij draagt ervoor zorg
dat specifieke producten, diensten of
onderwerpen onder de aandacht komen
of blijven bij relevante communities en
richt zich daarbij op (blijvende) gedragsverandering
door mensen online te beïnvloeden.
Vooral
gemeenten die de beschreven
taken vanuit de oude disciplines hebben
opgepakt, lopen tegen de eerste grenzen
aan. Optimaliseren van de oude situatie
binnen bestaande rollen en functies heeft
dan nog nauwelijks effect. Het is dus niet
langer de vraag of, maar wanneer uw
organisatie deze omslag zal maken.
TALE WE E R B A AR H E I
׉	 7cassandra://FmNVf7OTu7CSMLFs8tXXKN3m0d4cemfujCILH1O0ias$`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://2lS9_vEMY5bStwB1NwCrz2T-7iHUEaRRQS6POGApKcw HJ`׉	 7cassandra://-EkRpyoGnpYOZGRMsYebOpg7qJVe1G3knEj6bTlZhRYXU`S׉	 7cassandra://nWrv57C08KRFRQgzaVgGa0wUJgQ9t_rm7bPhVpY_D3U`̵ ׉	 7cassandra://i2vG4oa5PUI5wY6-bg7n6WreQMaaLaZEOZHhdSuvEUs Y̌͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://RZqi1XTbCPEWWOoewSATwDpVQOaLoctsIlLHNHm3UH4 `׉	 7cassandra://6Swv9krVKG0CaYoAg5SaBaP9sbP2WhwegOhqKzbCqBku'`S׉	 7cassandra://CltQsweC6TOxHwHMULb-rre_VBBh9q-YMFgaJ9AnrBE#`̵ ׉	 7cassandra://vWdyo3YdDwy0IN7nO-LzafE9slKzRHTEcaKZNcUP0hM Ax͠V7T,|yנV 7T,|y c̦9ׁHhttp://www.managementboek.nlׁׁЈ׉E
WE BCAR E
HOE HEMA ZIJN ZWARTE
GOED FUNCTIONEREND WEBCARETEAM ONMISBAAR
Elke organisatie ligt onder een vergrootglas. Iedereen kan iets van een genomen
besluit vinden, daarover op sociale media schrĳ ven en anderen verleiden
om te reageren. Een goed functio nerend webcareteam beantwoordt vragen,
reageert op klachten en beschermt zo de reputatie van een organisatie.
Tekst: Antina van der Veen, interimmanager webcare, social media en community’s Social Connection
H
et is december. De feestmaand
waarin we uitgebreid
koken voor kerst, vuurwerk
afsteken en natuurlijk Sinterklaas
vieren. En Sinterklaas staat de laatste
jaren volop in de belangstelling. Niet
alleen van kinderen die enthousiast elke
avond het Sinterklaasjournaal kijken, hun
schoen zetten en zich verheugen op
NIEUW BOEK OVER
WEBCARE
Antina van der Veen publiceerde recent
het boek Webcare in de praktĳ k. Het is
onder meer verkrĳ gbaar op
www.managementboek.nl.
cadeautjes. Nee, Sinterklaas en dan met
name zijn zwartepieten zijn verworden
tot een maatschappelijk punt van discussie.
Het
webcareteam van de HEMA kreeg de
volle laag op Facebook. Een opmerkzame
inwoonster van Nijverdal wees de grootgrutter
op zijn belofte om Zwarte Pieten
te vervangen door pieten met roetvegen.
Dat was in de winkel in Nijverdal niet
gebeurd. HEMA beloofde de Nijverdalse
H
ONGE
OP
om de Pieten met spoed te vervangen.
Het was het startsein voor velen om,
vaak ongezouten, meningen te ventileren
op de Facebookpagina van HEMA.
VERWENSINGEN
De webcaremedewerkers van HEMA
moeten van schrik bijna van hun stoel
zijn gevallen. Niet alleen van het enorme
aanbod aan berichten, maar ook van de
verwensingen die zij naar hun hoofd kregen
geslingerd. De schrik was zodanig
dat HEMA niks anders restte dan aangifte
te doen van bedreigingen en uitein32
Webcare
is het actief luisteren naar en reageren
op online uitingen van verschillende
doelgroepen over de organisatie,
met als doel om service te verlenen, klachten
af te handelen, reputatieschade te
voorkomen of te herstellen en te leren van
de online geluiden over de organisatie.
INTEGRALE AANPAK
Webcare bestaat dus uit meerdere componenten.
Als je je dit realiseert, kun je
ook de conclusie trekken dat sociale
media en webcare zich niets aantrekken
van de vaak traditionele manier waarop
delijk het bericht en al z’n duizenden
reacties te verwijderen van Facebook.
Het is één van de vele voorbeelden van
organisaties en hun webcareteams die
onder vuur komen te liggen. Een goed
functionerend webcareteam wordt daarmee
onmisbaar voor organisaties. Waarmee
moet je eigenlijk rekening houden
als je webcare professioneel wilt inzetten
voor je organisatie? Het begint bij een
goede defi nitie van webcare.
׉	 7cassandra://nWrv57C08KRFRQgzaVgGa0wUJgQ9t_rm7bPhVpY_D3U`̵ V7T,|y׉EYE
PIET OVERLEEFDE
organisaties zijn ingericht. Sociale media
dagen organisaties uit om schotten te
doorbreken en te zorgen voor een optimale
samenwerking. Er is een integrale
aanpak nodig om van webcare een succes
te maken.
Er bestaat geen blauwdruk voor de ideale
manier waarop webcare kan worden
georganiseerd en gepositioneerd in organisaties.
Wel is er een rode draad te ontdekken
in de wijze waarop de meeste
organisaties in Nederland met het fenomeen
webcare omgaan.
Uit onderzoek van het bureau Upstream
(2015) blijkt dat de meeste Nederlandse
organisaties webcare hebben belegd bij
de klantenservice. Neem je de klantenservice
als uitgangspunt van positionering,
dan zul je ervoor moeten zorgen dat daar
een team wordt opgebouwd dat bestaat
uit webcaremedewerkers met de juiste
GEMEENTEN OP ZOEK NAAR SUCCESFORMULE WEBCARE
Het overgrote deel van Nederlandse gemeenten is actief met webcare en sociale
media. En terecht: de samenleving heeft hier in toenemende mate behoefte aan.
Helaas vinden veel gemeenten daarbĳ steeds weer zelf het wiel uit. Er wordt nog weinig
gebruik gemaakt van de kennis en ervaringen van andere gemeenten en organisaties.
Dat is een gemiste kans. Inwoners en ondernemers kunnen vooralsnog niet overal
hetzelfde niveau van webcare verwachten. Gemeenten laten dus kansen liggen in het
contact met inwoners en ondernemers en geven onnodig geld uit aan het inhuren van
extra capaciteit, dure tools en overbodige adviezen. Samenwerken aan een koers voor
een gezamenlĳ ke gemeentelĳ ke webcare-aanpak biedt voor iedereen interessante kansen.
Webcare kan immers effi ciënter, eff ectiever en nog beter afgestemd op de wensen
en verwachtingen van de samenleving. Tĳ d voor een gezamenlĳ ke ‘succesformule’
webcare bĳ gemeenten! Meer weten? Benader Patrick Rancuret (digitaal strateeg
gemeente Den Haag) en Coen Göebel (sociale media- adviseur gemeente Rotterdam)
via @patrickrancuret of @giebel.
skills (empathisch, oplossingsgericht,
klantgericht, uitstekende communicatievaardigheden,
organisatiebewust).
VERBINDENDE FACTOR
Minimaal zo belangrijk is de selectie van
de juiste coördinator, senior of teamleider.
Deze persoon is de verbindende factor
tussen de klantenservice en alle
andere afdelingen die met het webcareteam
te maken krijgen. Denk daarbij aan
de woordvoerder, de communicatieadviseur,
de klachtbehandelaar en de marketeer.
Als je dit goed regelt, is je webcareteam
in staat om de hele organisatie te
vertegenwoordigen.
Uit het voorbeeld van HEMA blijkt wel
hoe belangrijk het is dat een webcareteam
een kort lijntje heeft met de woordvoerder
en beslissers in de organisatie.
HEMA greep in om zijn medewerkers te
beschermen. Misschien iets te laat, aangezien
er al 7.000 berichten waren geplaatst
voordat HEMA met een statement kwam
en de beslissing nam het bericht te verwijderen.
Webcaremedewerkers
moeten stevig in
hun schoenen staan. De volgende dag
moesten zij weer gewoon vragen over
rookworsten en Jip-en-Jannekedouchegel
beantwoorden, wetende dat een volgende
hoog oplopende discussie altijd op
de loer ligt. Daarmee is wel duidelijk;
webcare is geen werk voor stagiairs!
TALE WE E R B A AR H E I
׉	 7cassandra://CltQsweC6TOxHwHMULb-rre_VBBh9q-YMFgaJ9AnrBE#`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://vXWCIESMqsmlTp4aYp8YXxtxV6aye-Sm81vMM51veuI `׉	 7cassandra://iyaKOp8lrFXWWSx3Rhvp2NIozpDAYkESfFsRKk4H9T8``S׉	 7cassandra://M_IdQKGKa5f73oStDu-6IKF-zfPM3GO-VAAa6nEB5Co2`̵ ׉	 7cassandra://zYz_oRGXX90LgWe9Nuisdw6doxsP_74B9N-w5ZpCmSI Ft͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://O7N39F9dXs0CT2Bokw0njGz49k5BWVhEy4UPtGB-xx4 "`׉	 7cassandra://QxBM4qzqYn8SGQ-RgmBZx9zl4rbDasY4VgQhwfx_ix8P`S׉	 7cassandra://Iep-XUjDucTuJHutaxlo2rDqPU2daNCesoe5HaXR00U}`̵ ׉	 7cassandra://ZDZKzT6u4YBG7tHqyT10z3UsUdbKG5ETrCorOcw2T9A Yx͠V7T,|yנV!7T,|y ^r9ׁHhttp://bit.ly/1jnfz22ׁׁЈ׉E2CR ISISCOMMU N IC ATI E
CRISISBEHEERSING MET
DRAAGT NL ALERT BIJ AAN DE VEILIGHEIDSB
Wie weet nog dat er in de meterkast een instructiekaart voor omgang met
rampen hangt. Een sms is zonder twĳ fel beter en sluit aan op de mogelĳ kheden
van mobiele communicatie. Sinds 2012 is NL Alert in de lucht. Wat
levert die invoering op bĳ incidenten, rampen en ongevallen?
Tekst: Jan de Kramer, redacteur inGovernment
Foto: ANP / Valerie Kuypers
I
n 2014 publiceerde de universiteit
van Twente een onderzoek waaruit
bleek dat gebruikers over het algemeen
tevreden zijn over NL Alert.
Rond de 35 procent van de Nederlanders
maakt inmiddels gebruik van deze
dienst. Het is de bedoeling dat NL Alert
uiteindelijk de bekende sirenes geheel
gaat vervangen.
Eind 2015 zou deze dienst over alle
mobiele netwerken moeten zijn te ontvangen.
Er zijn nog wat technische hobbels
met 4G-netwerken en sommige telefoons
lopen vast na ontvangst van een bericht,
maar vooruit, dat zijn kinderziektes. Zonder
twijfel is het directer, informatiever en
persoonlijker dan een ver weg loeiende
sirene. Maar is daarmee de kous af?
GEVOELIG ONDERWERP
Goede informatievoorziening bij crises en
incidenten vormt al jaren een gevoelig
onderwerp. Voor de één is het te veel
informatie, voor een ander te weinig of
E
N
niet de goede. Dat heeft allereerst te maken
met het perspectief van de afzender van de
informatie: de overheid. Prioriteit is dat de
34
noodtoestand in Brussel laten zien, dat
Facebook en Twitter niet alleen veel sneller
zijn maar, mede daardoor, ook heel
SOCIALE MEDIA
In de praktijk zullen de sociale media het
altijd winnen van NL Alert. De recente
gebeurtenissen in Parijs, maar ook de
hulpdiensten hun werk kunnen doen; dan
wordt de brand geblust of de crisis bestreden.
Dus geen onnodig volk op de straat
en voorkomen dat er paniek uitbreekt. Dat
voorkomt verdere slachtoffers. Daar is
vanouds de informatievoorziening op
gericht, niet op het bevredigen van de
nieuwsgierigheid van burgers en media.
Tijd is een bijzondere factor in de rampenbestrijding.
De klok tikt door terwijl
een volledige rampenorganisatie wordt
opgetuigd, een analyse gemaakt en risico’s
worden beoordeeld. Gewoon feitelijke
minuten, die in de beleving van
omwonenden echter heel lang duren,
gerekend vanaf het moment van aankomst
van de eerste brandweerauto. Een
snelle communicatiemethode leidt nog
niet tot snellere communicatie.
Rookwolken van de brand bĳ Chemie-Pack in 2011.
snel aan geloofwaardigheid winnen. Als
de overheid dan uiteindelijk met een
bericht komt, is het maar de vraag of het
ook voor waar wordt aangenomen. De
virtuele wereld is prima in staat om een
virtuele werkelijkheid te scheppen.
Een televisiebeeld ten tijde van de brand
bij Chemie-Pack spreekt boekdelen. Met
op de achtergrond laaiende vlammen
staat een buurtbewoner in zijn voortuin
te kijken naar de rookwolken uit de brandende
chemische fabriek. Hij is boos: ‘ze’
zeggen wel dat de rook niet giftig is,
maar dat doen ‘ze’ om de zaak rustig te
houden. Natuurlijk is die rook giftig.
Jammer genoeg vergat de verslaggever te
vragen waarom de man dan in zijn voor׉	 7cassandra://M_IdQKGKa5f73oStDu-6IKF-zfPM3GO-VAAa6nEB5Co2`̵ V7T,|y׉E	dT
EEN MOBIEL
perspectief’ te volgen als zij autoriteit
toekennen aan de afzender. Iets minder
‘dat maak ik zelf wel uit’ dus, dat helpt.
tuin stond en niet binnen zat.
De effectiviteit van NL Alert staat of valt
met de geloofwaardigheid. En dat is nu
eenmaal een zwak punt in het systeem.
De belangen van hulpdiensten (geen
paniek) de juistheid van informatie (geen
giftige rook) en de feitelijke instructie wat
te doen (blijf binnen) spelen allemaal een
rol. Maar als de ontvanger domweg niet
gelooft wat hem wordt verteld, of het
beter denkt te weten, houdt het op.
Dat was bij de sirenes natuurlijk ook al
zo. Alleen moesten we dan de volgende
dag in de krant lezen wat er was
gebeurd, want voor een grote brand sloegen
die dingen niet aan. Dat is tegenwoordig
wel anders.
VEILIGER
Moderne communicatiemiddelen en
technieken helpen zonder twijfel om
sneller en gerichter te informeren. Of dat
de wereld veiliger maakt, is de vraag.
Als de Parijse politie via een tekstbericht
zou hebben kunnen reageren op de aanslagen
was het al te laat geweest: rampen
voorkom je niet. De bijbehorende paniek
ook niet, die treedt meestal op binnen een
paar minuten na het incident. Daar kan
geen bericht tegenop.
Bovendien is de echte vraag wat de ontvanger
van een bericht doet. Zoals het
onderzoeksrapport het formuleert:
gebruikers van NL Alert hebben meer de
neiging het gesuggereerde ‘handelingsVOORUITGANG
NL
Alert is ten opzichte van de oude sirenes
zeker een vooruitgang. De praktijkervaringen
zijn goed. Mensen gaven aan
zich over het algemeen minder bang te
voelen als ze wisten wat er aan de hand
was en wat de instructie was. Veiliger
wordt de wereld niet, maar we voelen
ons een beetje meer aangesloten, een
beetje minder bang.
Ook het omgekeerde kan waar zijn: met
constante notifi caties via NL Alert,
Amber Alert, Buurt Alert, Sociale Media
en de Whatsappgroep van het buurtpreventieteam
zou men zich wel eens
onveiliger kunnen gaan voelen. Er zijn
nu wel heel veel potentiële bronnen van
ellende. Zeker als we ons realiseren dat
incidenten en crises zich de laatste tijd lijken
weg te bewegen van een ouderwetse
grote brand. Hoogste tijd om de veiligheidsbeleving
binnen een bredere context
serieus te nemen. Dat gaat verder dan
een alert op je smartphone.
Meer weten?
Het rapport over NL Alert van de Universiteit
Twente is te raadplegen via
http://bit.ly/1jnfz22
TALE WE E R B A AR H E I
׉	 7cassandra://Iep-XUjDucTuJHutaxlo2rDqPU2daNCesoe5HaXR00U}`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://LAz73xJYXqNVJMag6PITbeWjxCAQw0exeDBseDMGVyA S`׉	 7cassandra://atklmOt6P8JCmOs9OrsZrUdXWH4lP_C8Ghmf_TxO3cQaI`S׉	 7cassandra://Up2_6NpOdE_7yzqsxzSTMh6zEZV4zmLJ0ElNctTRZpw`̵ ׉	 7cassandra://tvn_ZgMgAWOU5Wqz8heOZ2ZDzz_DTpFubz2It8G7_A0 %T͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://pdOR1oAm5AJ0GKk7Ure1WzBducOeCLiVIKi0BqiSE6g `׉	 7cassandra://4t2EhStl7skjGOJkdAnuhjdeWH5YIMnAwzEffmaE2h8\`S׉	 7cassandra://3csqMx1Be95851HQljrfpjuzmtxOEth4d7dcAW6BmIs`̵ ׉	 7cassandra://7GxLleh-f5DGsBWeyRDCNdt05PRlNf0zAfy13OLxHq0 #̘͠V7T,|yנV 7T,|y I݁h9ׁHhttp://data.overheid.nlׁׁЈנV 7T,|y 'e9ׁHhttp://data.overheid.nlׁׁЈנV 7T,|y W59ׁHhttp://data.govׁׁЈ׉EDInformatiemanagers opgelet,
de digitale transitie is een feit!
Start Mastercourse Informatie- en documentmanagement:
vrijdag 22 januari 2016
De 8-daagse Mastercourse Informatie- en documentmanagement
leert u beter begrijpen hoe de digitale wereld in elkaar zit en welke
gevaren er achter schuil gaan. U ontwikkelt een nieuwe visie op
informatievoorziening en documentbeheer en krijgt inzicht in de
vormgeving van Information Governance.
Deelnemen? Er zijn nog enkele plaatsen beschikbaar.
Inschrijven kan direct via www.erasmusacademie.nl/idm
Vragen? Bel 010 408 21 26 (Programma Manager Mariëlle Elenbaas)
of mail elenbaas@erasmusacademie.nl
Voor wie?
De mastercourse is interessant voor
iedereen die in zijn dagelijkse werk
te maken heeft met het verwerken
van grote hoeveelheden data.
Denk hierbij aan informatiemanagers,
kennismanagers, DIV-adviseurs,
coördinatoren DIV, recordmanagers,
beleidsmedewerkers of adviseurs
informatievoorziening, archivarissen,
secretarissen, documentmanagers
en ICT-consultants.
THUIS IN OVERHEIDSDIENSTVERLENING
“BURGERS WILLEN IN HUN CONTACT
MET DE OVERHEID NIET DAT ER
VÓÓR HEN GEWERKT WORDT,
MAAR MÉT HEN.”
Bel of mail me voor een vrijblijvend advies.
Jaap Bouwmeester, accountmanager Burger & Bestuur
I&O Research is een maatschappelijk betrokken onderzoeksbureau.
Wij kennen de uitdagingen waar de overheid voor staat. Het is onz
missie u te helpen goed onderbouwde keuzes te maken.
Onze expertisegebieden:
Burger & Bestuur, Verkeer & Vervoer, Economie & Ruimte,
Kennis & Wetenschap, Zorg, Welzijn & Jeugd.
au.
nz
Enschede • Amsterdam
www.ioresearch.nl
׉	 7cassandra://Up2_6NpOdE_7yzqsxzSTMh6zEZV4zmLJ0ElNctTRZpw`̵ V7T,|y׉EAR J AN E L FA SSE D
OPEN SOURCE VOOR
GOED BESTUUR
Een veel voorkomende misvatting van open source is dat het
slechts gaat om een licentie voor het gebruik van de software.
Transparantie is mooi als doel maar beter als middel. Voor een
open overheid is het toepassen van open source-software essentieel.
Het is dan ook niet vreemd dat succesvolle overheidsorganisaties
in het buitenland het gebruik van open source volledig
hebben omarmd.
Het Amerikaanse 18F publiceert alle gemaakte en gewijzigde
broncode op Github, een sociaal platform voor open sourceprojecten,
en werkt nauw samen met (her)gebruikers. In het
Verenigd Koninkrijk ziet de Government Digital Service veel
voordelen in het toepassen van open source, niet alleen voor
gebruikers maar vooral voor de overheid zelf. Zo kan digitale
dienstverlening eenvoudig worden aangepast op basis van
behoeften van gebruikers. Gegevens worden makkelijker
gedeeld, vendor lock-in wordt vermeden en hergebruik gestimuleerd.
Daardoor worden middelen beter besteed.
Een open overheid impliceert niet alleen transparantie als uitkomst
maar ook in activiteiten. Zo gebruiken overheden in de
VS en het Verenigd Koninkrijk open source-toepassingen als
CKAN, WordPress en Drupal voor hun open data-portalen en
hebben ze de broncode van hun open data-portalen gepubliceerd
op Github. De bouwers van het Amerikaanse open dataportaal
data.gov nodigen gebruikers uit om verder mee te bouwen.
Hierdoor is de digitale publieke dienstverlening enorm
verbeterd. Zo kun je bugs rapporteren, voorstellen doen voor
functionaliteiten en de documentatie en broncode verbeteren.
Het Nederlandse open data-portaal maakt net als haar Amerikaanse
en Britse broertjes gebruik van CKAN. Ondanks dat dit
portaal 620.000 euro per jaar kost, heeft het systeem vele kinderziektes
gehad, waaronder een groot aantal niet werkende links.
In tegenstelling tot de Amerikaanse en Britse open data-portalen
staat de Nederlandse versie niet op Github. Hiermee voldoet
data.overheid.nl niet aan de softwarelicentie van CKAN. Volgens
de Affero GNU GPL v3 licentie moet ook de broncode van
gemodifi ceerde versies ter beschikking worden gesteld. Dit is
niet alleen een schending van de licentie, het is ook een enorm
gemiste kans. Gebruikers van het open data-portaal weten vaak
beter wat wel en niet functioneert. Sterker, gebruikers weten
zelfs hoe de code kan worden verbeterd.
Wil je hergebruik van open data stimuleren, dan is een eerste
voorwaarde dat de toegang en vindbaarheid goed moet zijn. Je
zou verwachten dat als de overheid zelf de grootste hergebruiker
van open data zou zijn, de ongemakken veel eerder waren
weggewerkt. Ik vraag me sterk af hoeveel overheden actief
gebruikmaken van data.overheid.nl. Niet alleen om te publiceren
maar daadwerkelijk om data te vinden en te gebruiken.
De Digicommissaris is op weg overheden aan te sluiten op de
Generieke Digitale Infrastructuur: voorzieningen en data van
burgers en bedrijven die door alle overheden moeten worden
gebruikt. Maar burgers en bedrijven die eenvoudig toegang willen
hebben tot alle herbruikbare open data en software van de
overheid worden aan hun lot overgelaten. Actieve toepassing
van open source kan daar verandering in brengen.
Arjan El Fassed is directeur van Open State Foundation
׉	 7cassandra://3csqMx1Be95851HQljrfpjuzmtxOEth4d7dcAW6BmIs`̵ V7T,|yV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://StEbrDGzWgLISLeXrpGZFdg_yJypGZTV2phyEGjrYh4 `׉	 7cassandra://PcUAq22BWL7lV_jdwsq6yVmmC9_gqNpR2HIAH67u1IAZ`S׉	 7cassandra://X3ew467wqJv7y-8RHTOMuSeocY3-_KaQ5DiYzCSasUQ\`̵ ׉	 7cassandra://ChxJwbz1Ouv8K39qWE0qDynBQSEwzNc_sImYflnIHs8rT͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://HQLPDGN8dQRDBvH7QkcsX-hQgfk8Ox1w1N8hxNUbd5M 8`׉	 7cassandra://-Z8R4t3pI-JBJ0ruc5q5Nnv7sCijTdd9eE_RYVkc7ZEbN`S׉	 7cassandra://uUp-Rtd-4O7KqESB87dyKguSPIauRPNJx1zY2IKLH2M!O`̵ ׉	 7cassandra://Dh0m2c_2MdfrDvpiNCISkTDtb6MiW4Wo0x_AfxmCz4E 3`͠V7T,|yנV!7T,|y _9ׁH (http://www.aandeslagmetdeomgevingswet.nlׁׁЈ׉ESOMGEVI NGSWET
TUSSEN ZEKERHEID
EN DYNAMIEK
OMGEVINGSWET BIEDT GEMEENTEN, BURGERS EN
ONDERNEMERS NIEUWE KANSEN
De nieuwe Omgevingswet moet de leefomgeving mooier, schoner en veiliger
maken. Bestaande wetten worden vervangen door een integrale en gebiedsgerichte
benadering, waarbĳ vroegtĳ dige samenwerking met burgers, ondernemers
en belangenbehartigers vooropstaat. Een totaal andere werkwĳ ze
voor gemeenten: ‘nee, tenzĳ ’ wordt ‘ja, mits’.
Tekst: Kristel Lammers, programmamanager Invoering Omgevingswet VNG en
Annemieke van Brunschot, trekker transitiespoor gemeenten Invoering Omgevingswet
edereen wenst een leefomgeving
waar het prettig wonen, werken en
recreëren is. Maar daarvoor moet je
wel goede afspraken met elkaar
maken. Inwoners, ondernemers en overheden
worstelen met het huidige omgevingsrecht:
te complex en versnipperd. Er
zijn meer dan twintig wetten en honderden
regelingen. Er is er nu weinig ruimte
voor een integrale benadering van de uitdagingen
in een dichtbevolkt land als
Nederland. Daarnaast is voor inwoners
en ondernemers vaak niet duidelijk wat
per gebied wel en niet mogelijk is.
Daarom komt de nieuwe Omgevingswet.
Doel van deze wet is het mooier, schoner
en veiliger maken van de leefomgeving.
De nieuwe wet moet de bestaande wetten
vervangen en zorgen voor een integrale
én gebiedsgerichte benadering. De
leefomgeving staat centraal. Afwegingen
worden zoveel mogelijk op decentraal
niveau gemaakt.
Een kernpunt van de wet is het vroegtijdig
samenwerken met de omgeving: inwoners,
ondernemers en belangenorganisaties.
Als zij inbreng hebben bij de totstandkoming
van de omgevingsvisie, het omgeI
vingsplan
en grote projecten komt direct
alle aanwezige kennis en creativiteit op
tafel. Dat vergroot de kwaliteit van de
besluitvorming en het draagvlak. Wat uiteindelijk
tot snellere besluitvorming leidt.
DE
I
BEDOELING
Het bereiken van dit doel staat of valt
met de wijze waarop overheden, inwoners,
ondernemers en belangenorganisaties
in de praktijk gaan samenwerken.
Dan zal blijken of de bedoeling van de
wet ook echt uitkomt. Er verandert
namelijk best veel. De gezamenlijke
inrichting van de fysieke omgeving is
vanaf 2018 gebaseerd op een positievere
insteek, op denken in kansen: van ‘nee,
tenzij’naar ‘ja, mits’. Er komt meer ruimte
voor gemeenten, waterschappen en provincies
om eigen keuzes te maken. De
aanpak wordt gebiedsgericht met een
38
zijn de kansen en uitdagingen die de
nieuwe wet biedt? Hoe ga je om met
dilemma’s als zekerheid en dynamiek?
De wet geeft ruimte. Ruimte die kan worden
benut om de leefomgeving mooier,
schoner en veiliger te maken. Elke
gemeente en provincie, elk waterschap
en ook het Rijk maakt in de nabije toekomst
één integrale omgevingsvisie. In
die visie komen alle aspecten voor het
betreffende gebied samen: ruimtelijke
ordening, bouwen, wonen, ondernemen,
horeca, evenementen, infrastructuur,
mobiliteit, natuur, milieu, water, geluid,
luchtkwaliteit, toerisme, recreatie, monugrotere
eigen verantwoordelijkheid voor
inwoners en ondernemers.
Wat vraagt het nu van overheden, inwoners
en ondernemers om goed voorbereid
te zijn op de Omgevingswet? Wat
׉	 7cassandra://X3ew467wqJv7y-8RHTOMuSeocY3-_KaQ5DiYzCSasUQ\`̵ V7T,|y׉E
umentenzorg et cetera. Deze visie wordt
vertaald in één set regels die concreet
bepaalt wat waar wel en niet mag.
MEEDENKEN
Bij het maken van die visies, regels en
plannen hebben burgers, belangenorganisaties
en bedrijven de kans om daar in
een vroegtijdig stadium over mee te denken,
in plaats van achteraf. Dit vergt van
bewoners en bedrijven wel dat zij actief
gebruikmaken van deze mogelijkheid en
inbrengen welke plannen zij hebben in
een buurt of gebied. Zo geven samenleving
en overheid met elkaar op transparante
wijze de omgeving vorm door visie
en regelgeving. Zodat balans ontstaat
tussen zekerheid en dynamiek.
Veel meer activiteiten worden in de
nabije toekomst gereguleerd via algemene
regels, waardoor minder vaak een
vergunning nodig is. Dit betekent voor
de gemeentelijke organisatie een verschuiving
in aandacht van vergunningverlening
naar planvorming enerzijds en
toezicht en handhaving anderzijds. De
planvorming is immers de basis voor de
regels en met toezicht en handhaving
wordt de naleving daarvan gecontroleerd.
Een
bewoner of ondernemer die iets wil
doen in de fysieke omgeving kan zelf
beoordelen of dat past binnen de algemene
regels en welke overige regels gelden.
Dit stelt eisen aan de informatie die
beschikbaar is voor bewoners en ondernemers;
zij kunnen de regels zelf inzien.
De regels worden daartoe integraal digitaal
beschikbaar gesteld op een begrijpelijke
en transparante wijze, in het vernieuwde
online Omgevingsloket. Hiermee
is een grote digitaliseringsslag
gemoeid.
ECHT ANDERS
De Omgevingswet gaat dus niet om het
verbeteren of optimaliseren van de
bestaande situatie en manier van werken,
maar om het echt anders doen. De kansen
en uitdagingen van de Omgevingswet
zitten in de noodzaak tot integrale
planvorming en -uitvoering, waarbij elke
overheid en ketenpartner zijn rol kent en
neemt, evenals burgers en bedrijven.
Enkele gemeenten zijn hiermee al aan het
experimenteren zoals Den Haag, Zaanstad,
Aa en Hunze en Apeldoorn.
De Omgevingswet gaat uit van een integralere
werkwijze. Die integraliteit
betreft meerdere aspecten. Voor de
beleidsinhoud betekent het een afstemming
tussen alle beleidsinhoudelijke disciplines
op het domein van de fysieke
leefomgeving. In de werkprocessen zullen
sturing, beleidsvorming en uitvoering
moeten worden afgestemd met informatisering,
communicatie, juridische zaken,
fi nanciën, HRM et cetera. En in de keten
betekent het een samenwerking met
bewoners, ondernemers, partners in de
regio en partners in de keten. Een heel
andere werkwijze, kortom.
Om in 2018 klaar te zijn, is het verstandig
om nu al aan de slag te gaan.
Meer informatie?
www.aandeslagmetdeomgevingswet.nl
OMGEVI NGSWET
׉	 7cassandra://uUp-Rtd-4O7KqESB87dyKguSPIauRPNJx1zY2IKLH2M!O`̵ V7T,|yÁV7T,|y{בCט   {u׉׉	 7cassandra://pvMrkkmy_rF64ZJYey6CzjxAKRtopIeXl9a2Z46YKt8 h`׉	 7cassandra://Mu7gOOPXScF9bcnBmhb5Nf7uraqJOhjBe_7i4p4CFSMp`S׉	 7cassandra://Xe8pPf0_NWUY7CwfXlv0iHlegQfyDjCSrXPLwvRkTZU%*`̵ ׉	 7cassandra://Xq9H3_EfpMRdepE2lQwBM7G_dJrUb26cDqRSu5u1soY &r͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://tO5qBDyHNNEwqfsf5IweplpyCBRyVCgl19BZPUe5hXM ,`׉	 7cassandra://-ivtyPXdbua_QBnLPyxZ9kzrhw0lsjME_jlM0FoiMGIfP`S׉	 7cassandra://zlsVsOE_S0bFohTVSYZH1gj996VjfXT3Keds5zu6D2A`̵ ׉	 7cassandra://x7BDU4MXt1KyMbYZBad7YIDSqaT0o5miAYuLl0fLUuA `͠V7T,|yőנV!7T,|y B29ׁH ,http://www.binnenlandsbestuur.nl/kompas2016.ׁׁЈ׉EBekendmaking van de:
• Beste Bestuurder 2015
en:
• Beste bestuurder in een kleine gemeent
• Jong bestuurstalent
• Best bestuurde gemeente
• Best bestuurde provincie
• Best bestuurd waterschap
Kom naar het Nieuwjaarsevenement
van Binnenlands Bestuur!
IN NAAM VAN DE BURGER!
Donderdag 21 januari 2016 - CineMec in Utrecht
Gemeenten nemen de burgers serieus. De
burger moet participeren en de gemeente moet
de burgerinitiatieven omarmen. Burgers zijn
mondiger geworden en willen meer invloed op
het lokale beleid dan eens in de vier jaar naar de
stembus. De overheid probeert dat te faciliteren.
Maar waarom eigenlijk? Is het nodig de lokale
democratie opnieuw uit te vinden? Wat schort
er aan het huidige model? Leiden de nieuwe
initiatieven niet tot een schaduwdemocratie
waarin een kleine groep mondige burgers zich
opwerpt tot een nieuwe politieke elite?
Op die vragen proberen we een antwoord te
vinden tijdens de nieuwjaarsbijeenkomst van
Binnenlands Bestuur.
Programma:
13:00 uur: Ontvangst
13:30 uur: Welkomstwoord door Eric de Kluis (hoofdredacteur Binnenlands Bestuur)
13:40 uur: Gemeentelijke uitdagingen voor 2016
Jan van Zanen, burgemeester van Utrecht
14:00 uur: Binnenlands Bestuur lezing: Vernieuwing van de democratie in Nederland,
Frank Hendriks, hoogleraar vergelijkende bestuurskunde aan Tilburg University
14:45 uur: Pauze
15:15 uur: Bang voor de burger? Lokaal bestuur en burgerparticipatie
Marcel Boogers, Raad voor het Openbaar Bestuur
15:45 uur: Bekendmaking Beste Bestuurder 2015
16.30 uur: Toespraak van/interview met de Beste Bestuurder
16.45 uur: Een muzikaal optreden van in Nederland verblijvende asielzoekers,
verzorgd door Inspiratie Inc.
17:00 uur Netwerkborrel
18.30 uur: Diner
programma en sprekers onder voorbehoud
Inschrijven
De kosten voor het Nieuwjaarsevenement zijn vanaf € 69,- excl. BTW. Aanmelden via
www.binnenlandsbestuur.nl/kompas2016. We zien u graag op 21 januari 2016!
׉	 7cassandra://Xe8pPf0_NWUY7CwfXlv0iHlegQfyDjCSrXPLwvRkTZU%*`̵ V7T,|y׉E:te
‘HET WERK WORDT
ER NOG LEUKER OP’
Symone de Bruin, eenheidsmanager
Ruimtelijke Leefomgeving bij de
gemeente Apeldoorn, is in 2014 gestart
met een programma voor de invoering
van de Omgevingswet. ‘Het programma
heet ‘055 Eenvoudig Beter’. De titel geeft
het doel weer: het moet makkelijker en
beter worden’, vertelt De Bruin.
De gemeente Apeldoorn constateert al
een aantal jaren dat de sector niet meer
wordt gedomineerd door de overheid.
De Bruin: ‘De positie van ons gemeentelijk
grondbedrijf loopt terug, de tijd van
de Vinex-locaties is voorbij en er is steeds
meer vergunningsvrije ruimte. De ruimtelijke
ontwikkeling vindt vooral plaats
in de bestaande stad op initiatief van projectontwikkelaars
en individuele initiatiefnemers,
waardoor het steeds ingewikkelder
wordt. In deze dynamiek komt de
wetgever met een nieuw en sterk vereenvoudigd
wetgevingskader; de Omgevingswet
is een hulpmiddel om op een
andere manier te gaan werken.’
Het projectplan voor ‘055 Eenvoudig
Beter’ is onderverdeeld in jaren. Symone
de Bruin: ‘In 2014 hebben we vooral
gesproken over de bedoeling van wet,
zonder dat we precies wisten hoe het
inhoudelijk zou uitpakken. Die gesprekken
zijn we gestart binnen onze eenheid,
die in 2013 ontstond uit een samenvoeging
van alle teams die een rol spelen in
de ruimtelijke leefomgeving. De komst
van de Omgevingswet werkte onderlinge
samenhang en afstemming tussen de
teams in de hand, maar leidde niet per se
‘
KU
tot intrinsieke motivatie om anders te
gaan werken. Het gesprek over de bedoeling
deed dat wel. Toen voelden we dat
de wet ons de kans biedt om te werken
zoals we dat het liefste zouden willen.‘
KANTELJAAR
Via de VNG en het Stedennetwerk leverde
Apeldoorn input voor de AMvB’s. De
Symone de Bruin verwacht dat de wet
een behoorlijke impact op de manier van
werken zal hebben. ‘Op het niveau van
het omgevingsplan en de omgevingsvergunning
wordt alles wat routinematig is,
geautomatiseerd. Dit betekent dat maatwerk
onze core business wordt. Dat
vraagt om goede communicatie en fl exibel
meebewegen, maar tegelijkertijd ook
om meer kennis en gezag. Het werk
wordt er nog leuker op! We investeren in
vakmanschap; niet alleen op inhoud,
maar ook op vaardigheden. ‘
Toch is het allemaal geen sinecure. ‘Loslaten,
ruimte laten en tegelijkertijd verantwoordelijkheid
kunnen nemen, dat
vraagt nogal wat’, geeft De Bruin aan.
‘De wet maakt ruimte voor lokale verschillen,
zodat we ongelijke situaties
ongelijk kunnen behandelen. Dit vergt
wel dat we transparant en navolgbaar
zijn; iedereen moet kunnen uitleggen
waarom je op dat moment in die situatie
dat besluit genomen hebt. Dat is een
mooie uitdaging.’
Nieuwbouw in de Apeldoornse wĳ k Zuidbroek.
Bruin: ‘2016 wordt het kanteljaar van
nationaal naar lokaal. Dan gaan we in
gesprek met de raad over onze ambitie en
de bedoeling van de wet en vertalen we
dat in uitgangspunten en instrumenten.
Ook werken we de gevolgen van de wet
dan verder uit voor informatisering,
fi nanciën en organisatieontwikkeling. In
2017 volgt de verdere uitwerking van het
instrumentarium van de wet.’
OMGEVI NGSWET
׉	 7cassandra://zlsVsOE_S0bFohTVSYZH1gj996VjfXT3Keds5zu6D2A`̵ V7T,|yǁV7T,|yƁ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://00MVM1prmG9HSLDnnZH2CaSCjsY0fmlKHkWPXwMQRy0 "X` ׉	 7cassandra://g70TO9LKJV8jlQuNyC1w1DEZl63H3gHnV83-brhG2OQX`S׉	 7cassandra://Asv-DNqPHjgnmRDHdj9VFjkGMCV8q8xjRk28rMnVj_4|`̵ ׉	 7cassandra://aTsQbdWAXaeFtr5m1jhZ2TT8OfQF1qz4hBab4GKxd2km\͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://0Zu8vvniBUPp1LQPv0ZaQeANTO77agmTNKXB_XXcSn4 6`׉	 7cassandra://FUsEgB5SZy86Mw2JZjGmImXPx8XsxESQjBJhpa_5Twc\`S׉	 7cassandra://4JAlxdLGkKo_4x-QjOcaUuB3_BwEEqKXp4DIK8zgj1Q`̵ ׉	 7cassandra://d8rvNuKnPi_Eug803SZn7M_cNAcb-1WBb0mmKLmcQvY ,l͠V7T,|y׉EOMGEVI NGSWET
OMGEVINGSWET VRAAGT
SNEL AAN DE SLAG MET VERNIEUWING INFORMATIEVOORZIENI
De nieuwe Omgevingswet vraagt van overheden om werkelijk vernieuwing
door te voeren in de informatievoorziening binnen het ruimtelijk domein. Een
uitdaging ook voor gemeenten. Het beleid wordt minder centraal bepaald en
er is volop ruimte voor eigen invulling.
Tekst: Cees van Westrenen, onderzoeker Kwaliteitsinstituut Nederlandse Gemeenten van VNG
D
e voorbereidingstijd lijkt nog
lang, maar de invoering van
de Omgevingswet komt snel
dichterbij. Naar verwachting
wordt de wet in 2018 van kracht. De integratie
van regels in de wet, vertaalt zich
door naar gemeenten. Het Omgevingsplan
bundelt alle lokale regels die iets
zeggen over de kwaliteit van de leefomgeving.
Belangrijk
voor initiatiefnemers en
belanghebbenden, of andere overheden.
Dat alleen al dwingt om in de uitvoering
van werkprocessen nauw samen te werken.
Ook als de uitvoering op afstand is
geplaatst, zoals bij de omgevingsdiensten,
wordt de keten (de gehele uitvoering
tussen initiatiefnemer en besluit of
zelfs toezicht) steeds belangrijker. Dit
genereert een behoefte naar een effectief
ingericht informatiemanagement.
DIGITAAL STELSEL
Namens gemeenten heeft de VNG met het
Rijk, het IPO (provincies) en de Unie van
Waterschappen afgesproken dat er een
digitaal stelsel komt. In 2018, als de
Omgevingswet in werking treedt, biedt
dit minimaal hetzelfde dienstverleningsniveau
als nu. Het is de bedoeling in 2024
een stelsel werkend te hebben, waarbij alle
informatie over een object met één klik op
de kaart beschikbaar is. In de periode tussen
2018 en 2024 zal het stelsel gefaseerd
42
worden uitgebouwd. Het Digitaal Stelsel
Omgevingswet (DSO) wordt met grote
voortvarendheid ontwikkeld, met het
accent op de aanbodkant: de voorzieningen
die voor het stelsel nodig zijn.
J
ON
ANDERE AMBITIES
Voor gemeenten lijkt het voorbereidingstraject
op een nieuwe, grote wetswijziging
niets nieuws. Met de decentralisaties
in het sociale domein en de zorg is
daarmee ruime ervaring opgedaan. Maar
de ambities zijn nu anders. De Omgevingswet
biedt lokale bestuurders de
beleidsruimte om gebiedsgericht te werken,
waardoor verschillen zullen ontstaan.
Het maakt echt uit of je een
gemeente in een krimpregio bent, te
maken hebt met de problematiek van
megastallen, of een landschappelijk
waardevol gebied beheert. Je kúnt straks
onderscheidend zijn.
Aan de andere kant is de Omgevingswet
een uitnodiging om in ketens de samenleving
beter dan nu te betrekken bij regelgeving
en planvorming, om procedures
snel en doelmatig af te wikkelen. Waar
klein mogelijk te houden.
Een mogelijkheid is het maatwerk alleen
te reserveren voor de lastige dossiers die
bestuurlijke visie en besluitkracht vragen.
Bijvoorbeeld het herbestemmen en herontwikkelen
van een leegstaand
fabriekspand in het stadscentrum, of het
vaststellen van afwijkende beschermingswaarden
voor een landschappelijk waardevol
gebied. De bulkprocessen met een
routinematig karakter kunnen snel, goedkoop
en met een standaardaanpak worden
afgewikkeld. Een norm van een
x aantal uur voor de afwikkeling van een
eenvoudige omgevingsvergunning volstaat,
of het uitvoeren van een inspectie
op locatie.
VEEL KANSEN
De Omgevingswet biedt veel kansen om
in het ruimtelijk domein een grote stap te
mogelijk vraagt dit om vergaande harmonisatie
van werkprocessen en het
standaardiseren van informatievoorziening.
Vanuit dit perspectief is het de
kunst het maatwerk per gemeente zo
׉	 7cassandra://Asv-DNqPHjgnmRDHdj9VFjkGMCV8q8xjRk28rMnVj_4|`̵ V7T,|y׉ElT
NG
LOKALE VISIE
VERKENNING INFORMATIEVOORZIENING
OMGEVINGSWET
(VIVO)
Met VIVO verkent de VNG welke informatievoorziening
gemeenten nodig hebben
om met de Omgevingswet te kunnen
werken. VIVO moet duidelijkheid
bieden over aansluiting van gemeenten
op het Digitaal Stelsel Omgevingswet.
De basis is een analyse van verandering
in bedrijfsprocessen als planvorming,
vergunningverlening, toetsing en handhaving.
Het project mondt uit in een
projectenkalender, met een uitwerking
van kosten, organisatie en planning.
zetten naar een goed ingeregeld informatiemanagement,
voortbouwend op een
basis die de afgelopen jaren is gelegd.
Door ondertekening van het Bestuursakkoord
zijn gemeenten partner in de
ontwikkeling van het DSO en kunnen zij
al meebouwend zorgen dat het stelsel
aansluit op de door gemeenten gewenste
wijze van werken. Essentiële elementen
daarin zijn: aansluiten op door gemeenten
gebruikte dienstverleningsconcepten,
hergebruik van bestaande voorzieningen
als basisregistraties, loketten voor inwoners
en ondernemers, en bouwstenen
voor de e­overheid.
Verder is het wenselijk dat breed geaccepteerde
standaarden worden gevolgd,
dat informatieoverdracht in de ketens
(bijvoorbeeld met de omgevingsdiensten)
wordt gestroomlijnd en dat de stelselvoorzieningen
die er komen passen in de
bestaande referentiearchitecturen voor
processen en informatie (zoals GEMMA).
De Omgevingswet sluit goed aan op de
Digitale Agenda 2020 van gemeenten, die
een organisatievorm ondersteunt om collectief
voorzieningen te ontwikkelen en
te delen. Samenwerking bij aansluiting
op het digitale stelsel kan een eerste project
zijn om te kijken hoe dat in de praktijk
werkt.
De Omgevingswet biedt gemeenten meer mogelijkheden om in te spelen op regionale problemen
als bevolkingskrimp.
AAN DE SLAG
Er is bij gemeenten een grote bereidheid
aan de slag te gaan met de voorbereiding
op de inwerkingtreding van de Omgevingswet.
En om niet alles in de eigen
gemeente op te lossen, maar mee te doen
in de gemeenschappelijke trajecten als
een verkenning naar informatievoorziening
rond de Omgevingswet (zie kader) .
Er zijn meer dan vijftig gemeenten die al
een Omgevingsplan nieuwe stijl hebben
gemaakt. Andere gemeenten kijken naar
de lokale regels en vereenvoudigen en
integreren deze. Of ze bereiden zich voor
op ontsluiting van regels per object. Door
per regel de geocoördinaten op te nemen
die verwijzen naar het toepassingsgebied,
willen zij gebruikers uiteindelijk via
één klik op de kaart maatwerkinformatie
bieden. Een gebruiker die op een object
klikt en zich afvraagt of dit een goede
plek is om bijvoorbeeld een café te beginnen,
krijgt inzicht in alle mogelijkheden
die de locatie biedt.
VISIE
Maar het belangrijkste is dat een
gemeente visie ontwikkelt op de toepassing
van de Omgevingswet: gaat zij de
lokale afwegingsruimte gebruiken en zo
ja, hoe? Welke inrichting van processen
past daarbij en welke basis moet er in de
informatievoorziening beschikbaar zijn
om deze te ondersteunen? Als er in de
aansluiting op het digitale stelsel ook nog
eens goed wordt samengewerkt, leggen
gemeenten het juiste fundament voor de
vernieuwing die straks wordt gevraagd.
OMGEVI NGSWET
׉	 7cassandra://4JAlxdLGkKo_4x-QjOcaUuB3_BwEEqKXp4DIK8zgj1Q`̵ V7T,|yˁV7T,|yʁ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://8uiFS6coFTPmp5_uC_oRpQiecZHyDNYy07s4DnFW-I4 ݿ`׉	 7cassandra://Bxjjk9myniHS9yleZMY_vmo0SCcgIDFOzbR-SDbmbdou`S׉	 7cassandra://pEojywkSxhpUYrDYJURAiKzXlCd6HM3EWT1hCuLm-s8%d`̵ ׉	 7cassandra://e9FWzPUgoPTF6PcGpfRAcMV2ipgLxUbdykmKf7Cy6Pc 6}͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://3aCh_eL6U2SLD66tfTmmcSOujV4BoYiBEpZYkPHBNYc `׉	 7cassandra://KM4xVuJjwNatYs5UVREPMvnDa5fYqEbbf52Ri4YEpPA\V`S׉	 7cassandra://_13CN_Jjyf0Le5QXYZ0fN1-wphZWu5YieUtT4N8SBiA`̵ ׉	 7cassandra://KUs1PjAgmahvKtLYkc_A5b9ODYq-c2nm8Sr6AYTTDWE g͠V7T,|y͓נV!7T,|y 7̛9ׁHhttp://www.ag-events.nlׁׁЈנV!7T,|y ́9ׁH &http://www.executiveeducation.nl/cloudׁׁЈנV!7T,|y ́̹9ׁH $http://www.executiveeducation.nl/meaׁׁЈ׉E	,START 2016 GOED MET EEN MASTERCLASS
VAN AUTOMATISERINGGIDS EN NYENRODE!
Ook in 2016 organiseert AutomatiseringGids samen met Nyenrode Business Universiteit diverse
Masterclasses op het gebied van IT. De bijeenkomsten zijn praktijkgericht, zodat u de kennis de
volgende dag kunt toepassen. Laat u inspireren door topsprekers en meld u snel aan. Het aantal
deelnemers houden we bewust laag. De Masterclasses starten om 16.00 uur en duren tot 19.30 uur.
Masterclass Enterprise
Architectuur
Start maandag 18 januari
De meest relevante inzichten in
enterprise-architectuur in zes
colleges. Nederlandse topsprekers –
een mix van gevestigde experts en
aanstormend architectuurtalent –
geven hun visie op het vak en
vertellen vanuit hun ervaring over de
belangrijkste principes en inzichten
van enterprise architectuur.
In de colleges worden de volgende
onderwerpen helder en concreet
behandeld:
• Wie bepaalt de architectuur?
• Agile Architectuur
• Klantgerichte Enterprise
Architectuur
• Business Architectuur in de praktijk
• Bestuur en architectuur
• Werken onder architectuur:
lessen uit een succesvol Enterprise
Architectuur traject bij een grote
Nederlandse bank
De verschillende sprekers belichten
de rol van de enterprise architect
vanuit een ander perspectief. De
kennis is direct toepasbaar in de
dagelijkse praktijk.
Aanmelden via:
www.executiveeducation.nl/mea
Masterclass Architectuur
voor de Cloud
Start maandag 25 januari
Met de komst van de ‘Cloud’ is het
IT-landschap fl ink veranderd. Maar
wat betekent dit voor u als IT-architect,
IT-beslisser of business
manager? Met deze masterclass krijgt
u een helder beeld van de laatste
Cloud ontwikkelingen en de impact
hiervan op uw IT-architectuur.
In de colleges komen de volgende
onderwerpen concreet en helder
aan bod:
• De cloud in uw business…
een business architectuur
benadering van de cloud
• De cloud, een nieuw leverings model,
een nieuw speelveld
• De ontwikkeling van cloud diensten
• Cloud vanuit privacy en IT recht
perspectief
• Stappenplan migratie naar
de cloud
• Cloud computing in de praktijk
De verschillende sprekers laten de
impact van de laatste cloudontwikkelingen
op uw IT-architectuur zien, met
een stappenplan dat direct in de
praktijk toepasbaar is.
Aanmelden via:
www.executiveeducation.nl/cloud
Meer informatie: www.ag-events.nl
׉	 7cassandra://pEojywkSxhpUYrDYJURAiKzXlCd6HM3EWT1hCuLm-s8%d`̵ V7T,|y׉EB O EK EN
MAESSEN LEEST
Jos Maessen, Directeur dienstverlening Gemeente Amsterdam
De schrijver René ten Bos is
hoogleraar fi losofi e en organisatiedeskundige.
Dat is een
ongewoon profi el. Bureaucratie
is een inktvis is ook een ongewoon
boek. Een parodie, zegt
Ten Bos zelf. Maar ook een
fi losofi sche verhandeling over
bureaucratie. Een doordachte,
kritische beschouwing over de
bedrijfskundige aanpak van
onze problemen door de overheid.
Een goed leesbaar boek,
fi jn van taalgebruik en
beknopt in zijn omvang.
Bureaucratie is van alle tijden. De oude beschavingen kenden
het fenomeen al. En bureaucratie is van alle mensen. We maken
er allemaal (soms) deel van uit en gedragen ons dan naar haar
spelregels. Maar wat is het? Een conditionering? Zit het in de
genen van de mens om bureaucratisch te zijn? Dergelijke
gedachten worden in het eerste deel van het boek ontvouwd.
In het tweede deel behandelt Ten Bos het concept van het hyperobject.
Dit is een object dat vergeleken met ons een enorme verspreiding
door tijd en ruimte heeft. We zijn er als het ware in
ondergedompeld. Maar waarin precies? We zien slechts glimpen
van het fenomeen. We kunnen het niet van een afstand
beschouwen want we bevinden ons er middenin. Klimaatverandering
en globalisering zijn voorbeelden van hyperobjecten. Ze
vereisen een andere manier van beschouwen, van erover denken.
De
schrijver stelt dat bureaucratie ook zo’n hyperobject is.
Alleen daarmee kan de verontrustende constatering worden
verklaard dat iedereen roept dat er minder bureaucratisering
zou moeten zijn maar er desondanks – binnen en buiten de
overheid – steeds meer bureaucratisering ontstaat. Dat idee
werkt Ten Bos vervolgens verder uit.
In het derde deel van het boek beschrijft hij hoe mensen samenhangen
met, en zich gedragen in een bureaucratie. Wij mensen
Daarna volgt een beschouwing over Taylor met onder meer de
constatering dat deze vooral bezig was confl icten op de werkvloer
te reguleren. En dat wij met het verloochenen van de
Europese traditie en het omarmen van zijn denken het kind met
het badwater hebben weggegooid. Tot slot wordt een verklaring
gegeven voor de kloof tussen burger en politiek vanuit het idee
dat bedrijfskundigen ook de politiek zijn gaan overheersen.
Bureaucratie is een inktvis is het lezen meer dan waard. Door de
rijkdom aan ideeën wil je het boek liefst meteen weer herlezen.
Ik begin niet eens aan een beschouwing waar de waarde zit. Het
zet aan het denken over onze overheidsbureaucratie, iets wat
hard nodig is. In de woorden van de auteur: wij zijn immers
allemaal inktschijters.
René ten Bos, Bureaucratie is een inktvis (2015). Boom
denken stiekem dat er in de wereld altijd een ordening bestaat.
Daarin legt Ten Bos een verband tussen Griekse en vroegchristelijke
gedachten hierover, en het wereldbeeld van de bedrijfskundigen.
Maar hij benoemt ook het onderscheid tussen
publieke persoon en private wil. Waarbij de bureaucraat als een
mengvorm wordt gezien. Of de plicht die alleen kan worden
gedaan als het innerlijk is uitgeschakeld, hetgeen precies is wat
de bureaucraat doet en waardoor deze tot zijn onbegrijpelijke
besluiten kan komen. Iets wat de professional niet kan en niet
wil.
ZIT
O
׉	 7cassandra://_13CN_Jjyf0Le5QXYZ0fN1-wphZWu5YieUtT4N8SBiA`̵ V7T,|yρV7T,|y΁{בCט   {u׉׉	 7cassandra://be10tvq4kATwfku9r6HlRh9WhN0nczTOQ1xPuXdk5NU 8`׉	 7cassandra://U95Bz-4SYsYKMPTyWu8mCSlOPy1tI0WJQnphNyjXrq4^`S׉	 7cassandra://gPm9d7VV_W70ISE95jlJoGL4bqBSrfyPFFciIjx1MpM`̵ ׉	 7cassandra://aYALwl-QquMSz1bqao4CumjBJ_3YS8BVNjjnuvNN4a0 qP͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://yy9lJq0VEuz-ImJYWo1v6TsgpAcrNcRYLFAtjrcRK3U `׉	 7cassandra://i0tbOdcTSRrlbUC0Q4PaaqiByVGNzpl4tjrD7YIGwyA``S׉	 7cassandra://tVSuBNZwSgI0tNAIMkPa1k1F_5Gzc1JtJkcws1xtu74f`̵ ׉	 7cassandra://rLP4yGru_Q_Ndiiw7tbRtp_XAVqLKZkbX8ptOQJF8y4 P͠V7T,|yёנV!7T,|y  a9ׁHhttp://www.hengelo.nlׁׁЈ׉E8DIGITALISE R I NG
INFORMATIE SCHEIDEN?
GRIFFIE GEMEENTE HENGELO WERKT VOLLEDIG DIGITAAL
Leidt een duaal bestuur automatisch tot duale informatievoorziening? ‘Nee’,
zeggen Annette Jutte, Carl Lange en Anke Haarhuis van de gemeente Hengelo.
‘Bij ons gaan zaken in een doorlopende lijn van de ambtelijke organisatie naar
het college van B en W, de Politieke Markt, de gemeenteraad en weer terug.
Een enorme efficiëntieslag.’
Tekst: Tessy van Rossum, journalist
D
e gemeente Hengelo heeft
digitalisering hoog in het
vaandel staan. ‘We hebben
alles, maar dan ook echt alles
gedigitaliseerd’, zo vertelt Carl Lange,
strategisch adviseur bestuur en management.
‘Maar – en dat is ook het mooie –
het proces is zo gestroomlijnd dat het
recht doet aan alle verschillende verantwoordelijkheden
in het besluitvormingsproces.
We zijn duaal, maar toch volledig
digitaal.’
Adjunct-griffier Anke Haarhuis vult aan:
‘Ook al zijn we een duale organisatie, dat
wil nog niet zeggen dat alle informatiestromen
van elkaar gescheiden moeten
zijn. Dat hoeft ook helemaal niet: iedereen
– ambtenaren, het college van B en
W, raadsleden, de griffie – werkt immers
voor de gemeente Hengelo.’
ONMOGELIJKE OPGAVE
Maar hoe kwam de gemeente op het idee
om de digitalisering zo ver door te voeren?
Haarhuis vertelt dat de griffie de
eigen werkprocessen wilde versimpelen.
‘Het voorbereiden van de raads- en commissievergaderingen
kostte ons veel tijd.
Vergaderstukken werden op allerlei
manieren en in verschillende versies aangeleverd.
We moesten continu documenten
scannen en veel handelingen verrichten
om deze op internet te kunnen publiceren.
Daar kwam nog eens bij dat de
vergadercyclus versneld zou worden van
46
eens in de zes weken naar eens in de twee
weken. Een bijna onmogelijke opgave met
onze oude manier van werken.’
De gemeente was daarnaast bezig met de
implementatie van het zogenaamde
zaakgericht werken. ‘We zien de aanvraag
van een burger voor bijvoorbeeld
een vergunning, maar ook het maken van
een beleidszaak, als een zaak’, vertelt
Annette Jutte, projectleider bestuurlijke
׉	 7cassandra://gPm9d7VV_W70ISE95jlJoGL4bqBSrfyPFFciIjx1MpM`̵ V7T,|y׉E?
TOTAAL NIET NODIG!
informatie. ‘De behandeling en de
besluitvorming van die zaak wordt
beschouwd als één proces, ook al ligt de
uitvoering bij verschillende afdelingen.’
Belangrijk was dat de gemeente de invoering
van het zaakgericht werken niet als
een op zichzelf staand iets zag.
‘
Jutte: ‘Het moest onderdeel zijn van de
bestaande gemeentebrede informatie- en
procesarchitectuur.’ Eén plus één was
twee: uiteindelijk werd er één zaaksysteem
opgetuigd, waarbij ambtenaren,
bestuurders en griffie eenvoudig kunnen
samenwerken, informatie kunnen delen
van de ene op de andere dag heeft doorgevoerd.
‘Het heeft ons behoorlijk wat
tijd gekost om zo lean te kunnen werken’,
stelt Jutte.
Belangrijk voor het succes was dat zowel
de ambtelijke als de bestuurlijke organisatie
er de noodzaak van inzag. Daarnaast
was het vooral een zaak van versimpeling.
‘We
hebben het hele ambtelijke en
bestuurlijk proces in kaart gebracht’, vertelt
Lange. ‘Daarbij hebben we in eerste
instantie alle uitzonderingen – alle mitsen
en maren – buiten beschouwing gelaten.
Zo is er een heel overzichtelijk, generiek
systeem gebouwd, dat daarna in stappen
is verfijnd. We hebben bijvoorbeeld niet
meteen de mogelijkheid tot digitale
ondertekening van stukken geïmplementeerd.
Daar hebben we bewust mee
gewacht tot het systeem stond.’
BETROKKEN
De medewerkers van de gemeente zijn
nadrukkelijk betrokken bij de implementatie.
‘We hebben medewerkers bewust
een stem gegeven’, vertelt Jutte. ‘Zij moeten
er uiteindelijk mee gaan werken.’
Lange vult aan: ‘Belangrijk is dat je niet
alleen de mensen in de formele posities
meeneemt, maar vooral ook de mensen
die de weg weten binnen de organisatie,
die een boodschap kunnen uitdragen. En
die weten hoe processen werken, zodat je
uiteindelijk een systeem bouwt dat
werkt, omdat het op de werkelijkheid is
gebaseerd.’
en deze informatie ter beschikking kunnen
stellen aan de burgers van de
gemeente Hengelo.
OVERZICHTELIJK SYSTEEM
Jutte, Lange en Haarhuis vertellen dat de
gemeente Hengelo de digitalisering niet
BESPARING
Het resultaat mag er wezen. ‘Zaken gaan
in een doorlopende lijn van de ambtelijke
organisatie naar het college van B en W,
de Politieke Markt, de gemeenteraad en
weer terug. Een enorme efficiëntieslag’,
stelt Jutte. Bovendien bespaart de
gemeente fors op papier. ‘Het college van
B en W en de gemeenteraad vergaderen
tegenwoordig met hulp van de tablet.
Daar kunnen ze alle stukken terugvinden.
Verder merken ze eigenlijk niet zo
veel van het nieuwe systeem, aangezien
we hiermee vooral het interne proces
hebben aangepakt.’
Haarhuis vertelt dat de werkprocessen
van de griffie inderdaad zijn versimpeld.
‘Met één druk op de knop kan ik nu de
vergaderagenda voor de raad samenstellen,
inclusief alle benodigde stukken. En
tijdens vergaderingen kan ik moties en
bestuurlijke afspraken direct toevoegen.
Dit levert ons veel tijdswinst op en minder
werkdruk. En we hebben 1 à 2 fte
kunnen besparen op het secretariaat van
de griffie.’
MINDER RUIS
Een ander belangrijk resultaat is dat er
veel ruis uit de organisatie is verdwenen.
Jutte: ‘Vroeger was vaak onduidelijk
welke versie van een document de juiste
was. Nu staat het juiste document
gewoon in het systeem. Gevolg is dat discussies
meer over de inhoud gaan en
minder over randzaken.’
Een ander voordeel is volgens Lange dat
medewerkers hun stukken van begin tot
eind kunnen volgen. ‘Ze krijgen bijvoorbeeld
een melding als hun stuk in de
raad wordt behandeld of als er een
besluit is genomen. Hierdoor voelen ze
zich meer onderdeel van het totale
gemeentelijke proces. Want ook al zijn we
duaal, we werken met z’n allen voor de
gemeente Hengelo.’
Meer weten?
Kijk op www.hengelo.nl.
׉	 7cassandra://tVSuBNZwSgI0tNAIMkPa1k1F_5Gzc1JtJkcws1xtu74f`̵ V7T,|yӁV7T,|yҁ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://FPMucxMacvgYeo1lYl5t-YVZYrRP6caR6jlwAN2pku8 ` ׉	 7cassandra://eSzQpunxGpmuF4EkhURFhlu92USiysJIgFGhId5Sqfcb`S׉	 7cassandra://3Vc9oRsaFs4QQ18wEjxPKbXwKkqMQ2UvAOyDllEU4kE`̵ ׉	 7cassandra://VBdLAKzGJ8io9orYhPJWmYwZ36Ih04bNqKRiZYv-BVsͽH͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://proEbwFaVfYSbWPw3ct4onHeQRQF_9Vekl5z4oA8jtg `׉	 7cassandra://i4G4--pcZrYh7FhqJ5G3aF4SfaR5fUwuyI34PmR3lzoZ`S׉	 7cassandra://kkv73lJoRzox1ASAAyzUcJaC589KEyykGWAdUGVlskE`̵ ׉	 7cassandra://v0XsMVewU4fFD925YTbdjmzVtkNBS2eFne5VfLeLuus ̜͠V7T,|y׉EZ A AKGE R ICHT WE R KE N
ARNHEM VERBETERT
DIENSTVERLENING
FOCUS OP VOORTDURENDE BETROKKENHEID MEDEWERKERS
Techniek is niet de bepalende factor voor digitale dienstverlening. De
gemeente Arnhem nam de tijd om de organisatie voor te bereiden, houdt het
programma zo simpel mogelijk en besteedt veel aandacht aan de menskant
van de verandering. De implementatie van zaakgericht werken gaat door deze
aanpak snel.
Tekst: Robijn Niemöller, adviseur De Processpecialisten
D
e gemeente Arnhem wil zaakgericht
gaan werken. Zo moet
de samenwerking tussen verschillende
afdelingen worden
bevorderd en de dienstverlening aan de
Arnhemmers verbeterd. Dat maakt de
verandering meteen heel groot: het
betreft niet alleen de implementatie van
een zaaksysteem, het gaat om een nieuwe
werkcultuur.
Zaakgericht werken is daarmee een project
van de hele organisatie – niet alleen van het
programmateam of de archief-afdeling. De
rol van opdrachtgever wordt dan ook op
directieniveau ingevuld en aan het hoger
management is vooraf duidelijk gemaakt
dat zij een belangrijke ambassadeursrol
moeten vervullen. Het programmateam
bestaat niet alleen uit IT-specialisten en
hardcore projectmanagers, maar vooral uit
medewerkers die de menskant van de verandering
kunnen begeleiden. ‘Je maakt het
jezelf als programmateam heel moeilijk als
je het programma ook nog intern moet verkopen’,
zegt lid van het programmateam
Gerben van Heijkop. ‘Gelukkig hebben we
actieve sponsors.’
GERICHT COMMUNICEREN
Een verandering roept altijd weerstand
op. Onbekendheid met de noodzaak om
te veranderen, niet zichtbare betrokkenheid
bij leidinggevenden en de eventuele
gevolgen voor het eigen werk zijn de
meest voorkomende oorzaken van weerstand.
Het programmateam is daarom
direct heel gericht gaan communiceren.
Het helpt dat de naam van het programma
de ambitie weerspiegelt: Excellente
Digitale Dienstverlening Intern en
Extern (EDDIE). Door concrete, zichtbare
veranderingen op de korte termijn steeds
te blijven koppelen aan de doelstelling
van snellere en transparante dienstverlening
voor de Arnhemmer, wordt voor
steeds meer mensen duidelijk waarom
verandering nodig is.
48
ACTIERADIUS
De actieradius van het programma is
duidelijk afgebakend. Een belangrijke
spelregel is dat er tijdens het inrichten
van het zaaksysteem niet wordt gesleuteld
aan het proces. Processen worden
eerst op orde gebracht en daarna gedigitaliseerd.
Verdere verbeter voorstellen
worden tijdelijk geparkeerd.
Bovendien is het programma opgedeeld
in kleine stukjes: de mijlpalen volgen
elkaar snel op en er worden nooit meer
dan drie processen tegelijk aangepakt. Zo
blijft de verandering steeds goed te overzien
en kan het programmateam gericht
communiceren naar de groep die op dat
moment door de verandering wordt
geraakt. ‘Mensen willen weten: “What’s
in it for me?”’, stelt programma manager
Lian Langenkamp. ‘Als je die vraag concreet
kunt beantwoorden, krijg je mensen
mee.’
Een processimulatie rondom zaakgericht
werken van De Processpecialisten speelt
een belangrijke rol in de communicatie.
De simulatie laat medewerkers en managers
alvast kennismaken met zaakgericht
werken, zodat ze een goed beeld krijgen
van wat de verandering voor ieder van
hen op individueel niveau gaat betekenen.
Het viel ook de leverancier van het
׉	 7cassandra://3Vc9oRsaFs4QQ18wEjxPKbXwKkqMQ2UvAOyDllEU4kE`̵ V7T,|y׉E
Processimulaties zijn een krachtig instrument bij veranderingsprocessen: ze maken mensen bewust van de noodzaak tot veranderen, laten hen ervaren
wat de voordelen van een nieuwe werkwijze zijn en geven inzicht in de benodigde kennis en vaardigheden.
Arnhemse zaaksysteem op: het systeem
is nieuw, maar door de simulatie pakken
de medewerkers het makkelijk op.
WEERSTAND AANPAKKEN
Bij de inrichting van het zaaksysteem is
gekozen voor generieke oplossingen in
plaats van maatwerk. De ontwikkelkosten
blijven daardoor lager en verschillende
deelprocessen sluiten makkelijker
op elkaar aan. De aanpak leidt soms wel
tot onrust: de manier waarop mensen al
jarenlang hun werk doen, komt niet één
op één terug in het zaaksysteem. Managers
zien hun controle­momenten niet
meer terug in het proces. Een logische
consequentie van de keuze voor verantwoordelijkheden
laag in de organisatie,
maar wel even wennen.
Dan blijkt meteen hoe belangrijk het is
om leidinggevenden voor te bereiden op
hun rol als change agent: zij laten duidelijk
merken dat ze achter de gemaakte keuzes
staan, nemen onrust weg en spreken
afhakers aan waar nodig.
‘Wat met een hele massa niet lukt, lukt op
individueel niveau wel: weerstand wegnemen
door het gesprek aan te gaan’,
stelt senior adviseur procesmanagement
Marcel Robben. ‘We zien nu dat mensen
uit zichzelf positieve ervaringen gaan
delen.’
Het programmateam merkt dat het
belangrijk is om de spelregels te blijven
herhalen en bewaken. Verbetervoorstellen
Robben: ‘Jaren geleden hebben we ook al
geprobeerd om zaakgericht werken in te
voeren. We hebben het toen groots aangepakt,
veel geïnvesteerd in ICT en minder
in mensen. Het resultaat was een langlopend
traject zonder draagvlak. Wat
toen niet lukte, lukt nu wel.’
‘
P
worden dan ook pas doorgevoerd als die
zijn goedgekeurd door een stuurgroep.
Bovendien toetsen de proces eigenaren
elkaar onderling op het procesgerichte
denken, werken en continu verbeteren.
VERWACHTINGSMANAGEMENT
Verwachtingsmanagement is cruciaal om
mensen mee te krijgen. Ook dit project
kent tegenslagen: de invoering van zaakgericht
werken moet bijvoorbeeld soms
wachten op andere IT­projecten. Door
daar eerlijk over te zijn, ontstaat begrip.
Ook de Arnhemse burgers en ondernemers
zien inmiddels de verandering.
Robben: ‘Als een Arnhemmer vroeger
een melding openbare ruimte deed,
duurde het vaak wel een week voordat er
een reactie kwam. Nu de verschillende
afdelingen echt samenwerken, kunnen
we makkelijk binnen drie dagen een
oplossing organiseren. Bovendien kunnen
Arnhemmers via internet of een telefoontje
naar het klantcontactcentrum
direct inzicht krijgen in de inhoudelijke
status van hun zaak.’
׉	 7cassandra://kkv73lJoRzox1ASAAyzUcJaC589KEyykGWAdUGVlskE`̵ V7T,|yׁV7T,|yց{בCט   {u׉׉	 7cassandra://GVyzkccXc-lzuWY9Gn57u9LJW-_XqL3nTKOPQfDqA08 n`׉	 7cassandra://7OpHDIpFvUrIUJ-FkTP2dHv79SH5XU_HLQdRL563rFwY`S׉	 7cassandra://2Vs1ZlU-1Imvc_n1f7OBxEysg2XnYfvSAyJHbw7s8bUg`̵ ׉	 7cassandra://OOnC6A8E6pyjq5GyqogDPvsI8LHiKKrNjnxVnPw-fb0 ]
͠V7T,|yט  {u׉׉	 7cassandra://JzOXlWjVEjdG8gtzmbgx9G2RNKVDDHHLtDleLvZ8t3A T`׉	 7cassandra://AITkhBMIKnh5Q18-42wRnxDB_5lyvyyhjuOdAqEaWnco`S׉	 7cassandra://EPi50nv4RfmkffYE6z5YU6xT_qEO6lAaxiv12KiFhkI#(`̵ ׉	 7cassandra://UKmjlsynusCPLjZlRTlvyEt9ShRT1Y-gLppa-x2IpPQ ]6
͠V7T,|yّנV#7T,|y$ Mg9ׁHhttp://WWW.NIEUWJAARSCONGRES.NLׁׁЈ׉EJCOLOFON
inGovernment is het multimediale platform voor de
digitale overheid. Naast verhalen over digitalisering,
dienstverlening en smart cities, wordt aandacht
besteed aan actuele thema’s als open data, cybersecurity
en sociale media. inGovernment informeert
professionals over relevante ontwikkelingen en
focust op inclusiviteit, interactie en innovatie.
inGovernment is een uitgave van Sijthoff Media
Groep en bestaat als kennisplatform uit een kwartaalblad,
website, e-nieuwsbrief en events met
ruimte voor partnerbijdragen.
inGovernment verschijnt vier maal per jaar.
Jaargang 9, nummer 2 (december)
ISSN: 2213-2228
Oplage: 7500
Directie
Willem Sijthoff
Mark Termeer
Redactie
Otto Thors (hoofdredacteur)
Miguel Boerboom
Peter Kanne
Jan de Kramer
Peter Noordhoek
Larissa Zegveld
Eindredactie
Martin Hendriksma
Vormgeving
ImagoMediabuilders, Amersfoort
Druk
Senefelder Misset, Doetinchem
Redactieadres
Postbus 75462
1070 AL Amsterdam
Telefoon: 020-5733669
E-mail: info@ingovernment.nl
Abonnementen
Professionals op het gebied van (digitale)
dienst verlening kunnen zich kosteloos
abonneren op inGovernment via
www.ingovernment.nl/abonnementen.
Abonnementenadministratie:
klantenservice@ingovernment.nl
Advertentieafdeling
Jan-Willem Hulst, tel. 06-22663674
Marcel van der Meer, tel. 06-23168872
Marketing
Lindsay Duijm
Hoewel aan de totstandkoming van deze uitgave
de uiterste zorg is besteed, aanvaarden de
auteur(s), redacteur(en) en uitgever(s) geen
aansprakelijkheid voor eventuele fouten en
onvolkomenheden, noch voor gevolgen hiervan.
© Het is niet toegestaan om zonder voorafgaande
toestemming van de uitgever artikelen, onderzoeken
of gedeelten daarvan over te nemen.
DE REDACTIE
De redactie van inGovernment bestaat uit de volgende gedreven professionals:
Otto Thors (1976) is
zelfstandig adviseur
en ondersteunt de
publieke sector op het
gebied van dienstverlening
en sociale
media.
Otto werkt als adviseur,
trainer, gamemaster,
spreker en
gespreksleider bij
WEgovernment.
Larissa Zegveld (1975)
werkt als directeur bij
een overheidsorganisatie
in het politiek
bestuurlijk krachtenveld.
Zij heeft veel
expertise op terrein
van bestuurskundige,
organisatiekundige en
vooral ook informatiekundige
vraagstukken
voortvloeiend uit
nieuw beleid, nieuwe
wetgeving en nieuwe
taken.
Jan de Kramer (1957)
houdt zich bij de
AWVN bezig met
modernisering van
arbeidsverhoudingen
en duurzame inzetbaarheid.
Hij begeleidt
zorginstellingen,
overheden en bedrijven
bij veranderingsprocessen
en dienstverlening.
Peter
Kanne (1964) is
onderzoeksadviseur
bij onderzoeksbureau
I&O Research. Hij doet
onderzoek voor en
adviseert ministeries,
provincies, gemeenten
en (semi-)publieke
organisaties. Overheidsdienstverlening,
burgerparticipatie
en
politiek hebben zijn
speciale belangstelling.
Miguel Boerboom (1970)
is bestuurskundige en
zelfstandig adviseur in
de publieke sector met
een specialisatie op het
terrein van de elektronische
overheid. De
laatste jaren is hij verantwoordelijk
voor
diverse grote programma’s
op het gebied van
e-overheid en dienstverlening
zowel bij de
rijksoverheid als bij
gemeenten.
Peter Noordhoek (1957)
is adviseur, auditor,
docent en analist op
het terrein van kwaliteit
en toezicht. Hij is
directeur van
Northedge, een steunpunt
voor kwaliteitsinitiatieven
in de
publieke sector, en
mede-eigenaar van de
Beleidscoöperatie.
inGovernment wordt mede mogelijk gemaakt door:
׉	 7cassandra://2Vs1ZlU-1Imvc_n1f7OBxEysg2XnYfvSAyJHbw7s8bUg`̵ V7T,|y׉EOpvolger van het KING Jaarcongres • het VNG/KING
Nieuwjaarscongres • Donderdag 14 januari 2016 •
Congrescentrum 1931 • Den Bosch
Hoe pakt u maatschappelijke vraagstukken aan als de toekomst
bijna niet meer te voorspellen is? Bent u al klaar voor de toekomst?
Inspirerende experts presenteren scenario’s voor een
toekomst:
• Wim de Ridder en Jan Nekkers, futurologen
• Albert van Veen, CIO van Schiphol Group
• Maarten van Rossem, historicus
• Daan Quakernaat, inspirator
• Jan van Zanen, voorzitter van de VNG en burgem. van Utrecht
42 praktische workshops, masterclasses en interactieve sessies
• Gemeenten presenteren aanpak en werkwijze
• Handvatten waarmee u direct aan de slag kunt
• Nieuwe inzichten en toekomstperspectieven
• Een goed beeld van wat er in uw gemeentelijke organisatie
in 2016 moet gebeuren
Een dag vol inspiratie, ontmoetingen
en praktische handvatten.
KIJK VOOR HET VOLLEDIGE PROGRAMMA OP
WWW.NIEUWJAARSCONGRES.NL EN MELD U NU AAN.
׉	 7cassandra://EPi50nv4RfmkffYE6z5YU6xT_qEO6lAaxiv12KiFhkI#(`̵ V7T,|yہV7T,|yځ{בCט   {u׉׉	 7cassandra://uEpnr8XQ0vz4y1phORvvWgvMsXDp-vofFLRiMZi2rQw 6`׉	 7cassandra://beCAnCcEmDwsfgD5TczDBethN4Y-yJIoh7GaJaWxgm4f~`S׉	 7cassandra://RHtumX8UfJTs5Kf5BJ-jFOSsCNSh-3KJZFVJ8B2_qKw&`̵ ׉	 7cassandra://TTxDPiWAN58PjaoxteCXTYpAEDJtcPwz3zCGjrg5aRw 
2j͠V7T,|y׉ETSpelen verandert: wereldwijd faciliteren steeds meer
gemeenten speel- en sportvoorzieningen voor álle
leeftijden.
Wanneer u hier beleid voor ontwikkelt wilt u
gebruikmaken van gemeentelijke (basis)gegevens
zoals leeftijdsopbouw per gebied en mogelijkheden in
de buitenruimte. En u heeft hiervoor de informatie over
kosten, reparatie en onderhoud van speeltoestellen
nodig.
De Play monitor is een dynamische kaart waarop u
de speelstatus van uw gemeente kunt bekijken. Alle
speellocaties met toestellen zijn aangegeven en in één
oogopslag bekijkt u de jaarlijkse onderhoudskosten
per wijk, buurt of gebied. U kunt er letterlijk mee
spelen door toestellen toe te voegen, te verwijderen
en direct inzicht te krijgen in het effect van aangepast
beleid.
Zo kunt u eenvoudig verschillende scenario’s toetsen
en kostenefficiënt speelbeleid ontwikkelen dat
optimaal aansluit bij uw lokale situatie. Bovendien is
het mogelijk om sociale toepassingen te integreren
waardoor burgerparticipatie concreet vorm krijgt.
Vicrea levert als specialist in het verzamelen, analyseren
en presenteren van (basis)gegevens over de buitenruimte
en bijvoorbeeld de bevolkingssamenstelling de feiten
over de lokale situatie.
Repcon is al jaren de specialist als het gaat om inspectie,
onderhoud en veiligheid van speelvoorzieningen.
SMART
SOLUTIONS
Play monitor …..
a smart solution
׉	 7cassandra://RHtumX8UfJTs5Kf5BJ-jFOSsCNSh-3KJZFVJ8B2_qKw&`̵ V7T,|y׈EV7T,|yށV7T,|y݁{)InGovernment 02 2015V.C./