׉?ׁB!בCט  u׉׉	 7cassandra://8tqwhVHKUGnNlfRNN4UT3UOxMlm7X6WlCCE0Jikw6ro .`׉	 7cassandra://c_SXWRWjUxH8S6q7vhRpvFFki8dzNRYMey00AVtwP2AT`u׉	 7cassandra://hLpYgtFEE9QksqS1m7yM7IHjltVR-M-QH1NsKs-hF0o` g#~%}ט   u׈   }\  ׈Eg#~%}׉E Uitgave van Radboudumc Centrum voor Oncologie
“De wetenschap
juicht vaak te vroeg”
NICOLINE HOOGERBRUGGE
CAR-T-cel-therapie
zeer effectief
Zicht op vaccin
tegen kanker
Steeds meer oncologisch
fase-1-onderzoek
in Radboudumc
׉	 7cassandra://hLpYgtFEE9QksqS1m7yM7IHjltVR-M-QH1NsKs-hF0o` g#~%}Ӂg#~%}ҁבCט   u׉׉	 7cassandra://KP5BHbXGUwbjn5oRb7K70BmCpjo7k4a2MIWziz2iZkY `׉	 7cassandra://Crtk_Az8WaojfnwvCN0-_FuyQUvw7i1q1SjG1nA67yI@`u׉	 7cassandra://u55QkMF7JsVfc1P1WcFEdrlKgpbGCByQ7mf8QP1F7J8` g#~%}ט  u׉׉	 7cassandra://w_-UpBfPSxCOEs3isNIg0y3h7vcUMf54b9MN8N5mLOg `׉	 7cassandra://EM9oq8_YeHAfq_DItO9-QQ0dvKP_qvNu-6Tdc-oqyn0U`u׉	 7cassandra://pzqEjpH8JeXAiNMmmrfjld9Zm8lnc4xTCWXVNd55MN4` g#~%}נg#~%} "̒9ׁHhttp://www.radboudumc.nl/reportׁׁЈנcߍ    N%?;9׉Hmailto:oncologie@radboudumc.nlG׉ׁ
default style נ⪦^ߍ   #?>9׉Hhttp://www.radboudumc.nl/reportG׉ׁ
default style נԾߍ   %=<9׈HG׉ׁ
default style נg#~%} ̋9ׁHmailto:oncologie@radboudumc.nlׁׁЈ׉Ecolofon
Redactieraad:
prof. dr. Bart Kiemeney, voorzitter
Carla Smits-Caris
Anneke Hulshoff MANP
dr. Ingrid Desar
prof. dr. Robert Takes
prof. dr. Camiel Rosman
prof. dr. Jan Bussink
prof. dr. Haiko Bloemendal
dr. Anniek van der Waart
drs. Marlies van der Meij
drs. Joost van Sluijters
Vormgeving en realisatie:
Capital Advertising
Tel: +31 - 73 613 30 30
Overname gegevens alleen toegestaan
met bronvermelding:
Radboud Report Oncologie
Correspondentieadres:
Radboudumc
Centrum voor Oncologie
Postbus 9101 (huispost 547)
6500 HB Nijmegen
Tel: +31 - 24 365 57 51
Email: oncologie@radboudumc.nl
www.radboudumc.nl/report
ISSN:
2468-3353
Een duurzaam magazine
Report bestaat enkel uit volledig
herbruik bare grondstoffen (het papier,
de inkt en hechtings materiaal), die
stuk voor stuk onderzocht zijn door
milieu-onderzoeks instituut EPEA. De
materialen zijn herbruik baar in nieuwe
producten of als voeding voor de
natuur.
׉	 7cassandra://u55QkMF7JsVfc1P1WcFEdrlKgpbGCByQ7mf8QP1F7J8` g#~%}׉Evoorwoord
De andere kant
Als voorzitter van de redactie mag ik in elke Report weer opscheppen hoe
goed en vernieuwend mijn collega’s in het Radboudumc zijn. En hoe goed
we het voor hebben met onze patiënten. Maar de afgelopen twee weken
had ik een andere rol: die van patiënt.
Precies twee weken geleden kreeg ik een heftige experimentele operatie
voor een levensbedreigende aandoening. Daarna kon ik als opgenomen
patiënt anderhalve week van de andere kant naar de gezondheidszorg
kijken. Dan vallen je pas een aantal dingen op. Waarom kan er geen
raam open? Waarom kan je nergens even naar buiten? Kan er niet wat
minder plastic verpakkingsmateriaal gebruikt worden? Maar wat vooral
opvalt is het liefdevolle en professionele handelen van de verpleging.
Een voorval wil ik u niet onthouden. Op ‘mijn’ afdeling had elke patiënt
bij elke dienst zijn/haar eigen verpleegkundige. Op een gegeven
moment moest ik net na het innemen van alle medicatie hevig braken.
Door alle infuuslijnen was ik niet op tijd op het toilet maar lag alles
op de vloer. Nog voordat ik op de hulpknop kon drukken kwam er een
vreemde verpleegkundige binnenlopen. Hij zei: “Ik hoorde u braken. Ik
ruim het wel even op. Dan hoeft mijn collega het niet te doen.” Wat een
toewijding. Wat een teamgevoel.
Beeld van een biopt van de darmen.
Het risico op darmkanker is bij mensen
met het Lynch-syndroom hoog. Zij
worden vaak extra gescreend om zo
vroegtijdig tumoren op te sporen. Op de
achterzijde van dit magazine meer over
het verbeteren van de zorg voor deze
patiënten.
Ik kan het niet laten om dus toch weer op te scheppen over mijn collega’s.
Maar ditmaal over die groep waarover we te weinig spreken in Report.
De verpleging. Wat een toppers.
Bart Kiemeney
׉	 7cassandra://pzqEjpH8JeXAiNMmmrfjld9Zm8lnc4xTCWXVNd55MN4` g#~%}ׁg#~%}ցבCט   u׉׉	 7cassandra://3EzVE1XSWrMNkFwXFd4fhLZD5nMp62-EbA7eLg0V8mI X`׉	 7cassandra://cN2l43ddh1nJucnVi3DYr7Km6h6VC28fyw0BeyLSMc4F`u׉	 7cassandra://7sH7rhBA4pF3oPKy8koY3vWdn3e1wXP2gah4M_7MFQ0` g#~%}ט  u׉׉	 7cassandra://NQfWFzbI95_-zYRxBhfi8XdjrY2uv68CnI2ICMpV07w `׉	 7cassandra://4yQcDEWMv2TH0C3HKimbqMqF2FzrTh1htVOp2WCIPcgUo`u׉	 7cassandra://gTOw3dI6qdJ5BYYPb2ASiv7PJBSowIUrv-DtQ-RRkf8` g#~&}׉ETherapie voor ‘angst
voor terugkeer
kanker’ landelijk
geïmplementeerd
Kort
Report
In elke Report berichten we breeduit
over grote onderzoeken, grote
doorbraken en grote inzichten. Maar
er is altijd ook kort, laatste nieuws.
Dat vindt u hier. Boeiende berichten,
vers van de pers.
04 Radboud Report Oncologie
Klinisch psycholoog prof. dr. Judith
Prins zag bij een kleine groep patiënten
meer dan een ‘normale’ angst
voor terugkeer van kanker. “Die
angst kan zo’n grote rol spelen dat
het hen belemmert in hun dagelijks
leven. Deze mensen vragen om extra
controles, durven geen plannen te
maken voor de toekomst en zijn
soms al bezig met het voorbereiden
van hun uitvaart. Soms zijn ze er
zó obsessief mee bezig dat het niet
mogelijk is om de dagelijkse werkzaamheden
of hun baan weer op te
pakken. In een onderzoek hebben
we in de periode van 2013 tot 2017
een behandeling getoetst waarmee
patiënten weer controle konden
krijgen over hun te hoge angst.
Deze behandeling bleek heel effectief.
Deze zogenoemde ‘cognitieve
gedragstherapie’ is een combinatie
van vijf face-to-face gesprekken
met een psycholoog én drie online
sessies, naast een website met
filmpjes en oefeningen.”
׉	 7cassandra://7sH7rhBA4pF3oPKy8koY3vWdn3e1wXP2gah4M_7MFQ0` g#~%}׉E&Weefsel direct
beoordelen
Radboudumc tekent
Zonvenant
Juist omdat de behandeling zo
effectief is, wordt Prins door
KWF financieel geholpen om de
behandeling te implementeren in
ziekenhuizen en instellingen. Dat
geld werd gebruikt voor een update
van de website, het maken van
nieuwe filmpjes met patiënten en
het aanstellen van een onderzoeker
die uitrolt en toetst. “Het gaat er nu
vooral om dat deze problematiek
door hulpverleners eerder herkend
wordt”, vindt Prins. “Het is normaal
dat mensen na de behandeling
van kanker de eerste tijd angstig
zijn dat de ziekte weer terugkomt.
Maar als een behandelend arts of
verpleegkundige merkt dat een
ex-patiënt twee jaar na de behandeling
nog obsessief het lichaam
controleert, te vaak op internet
zoekt naar informatie en veelvuldig
geruststelling bij de arts zoekt,
moet er professionele hulp worden
ingeschakeld. Zo’n preoccupatie
met de ziekte is niet gezond en we
hopen dat nu dus landelijk aan te
kunnen pakken.
Het is voor de diagnose en
behandeling van kanker belangrijk
om weefsel snel te beoordelen. Zo
kan bijvoorbeeld gezien worden of
een tumor volledig verwijderd is.
Nu duurt de beoordeling nog lang.
Nadat het weefsel is verwijderd
wordt het opgestuurd naar het
pathologielaboratorium waar het
weefsel eerst moet worden bewerkt.
Dat proces duurt minstens 24
uur. Arts en patiënt moeten dus
wachten op de uitslag voordat
de behandeling kan worden
voortgezet. Door de inzet van een
nieuwe microscopische methode,
zou het mogelijk moeten zijn om
uitgesneden weefsel direct te
kunnen beoordelen. Dat wordt nu
onderzocht binnen het Radboudumc
in het kader van het IMAGIO-project.
De fabrikant van de microscoop is
nauw betrokken bij het onderzoek
en de nadrukkelijke verwachting
van alle partijen is dat snelle
diagnose (denk aan enkele minuten)
mogelijk gaat worden. In eerste
instantie richt het onderzoek zich
op biopten die worden afgenomen
tijdens de navigatie bronchoscopie.
Dermatoloog dr. Satish Lubeek
ondertekende namens het
Radboudumc het Zonvenant,
een initiatief van het Nationaal
Huidfonds. Voor meer
bewustwording over de schadelijke
gevolgen van uv-straling en meer
kennis over hoe je huidschade
en huidkanker kunt voorkomen.
Met ruim 77.000 diagnoses per
jaar (cijfers 2023) is huidkanker
de meest voorkomende vorm
van kanker in Nederland. En
Lubeek en collega’s verwachten de
komende jaren nog een toename
van 40%. Met het Zonvenant wil
het Huidfonds zoveel mogelijk
partijen laten samenwerken om
zonveilig gedrag vanzelfsprekend te
maken. Radboudumc speelt hierin
een actieve rol. Satish Lubeek: “We
geven onze patiënten tips hoe ze
huidkanker kunnen voorkomen
en eerder dit jaar werden er
zonnebrandpalen bij de uitgangen
van het ziekenhuis geplaatst. Als
partner van het Zonvenant willen
wij onze patiënten, bezoekers,
studenten en collega’s stimuleren
om met ons op te trekken in het
voorkómen van huidkanker. Dus
check in de ochtend de zonkracht
en neem vanaf zonkracht 3 of hoger
zonbeschermingsmaatregelen: zoek
de schaduw op, draag zonwerende
kleding en smeer je elke twee uur in
met minimaal factor 30.”
׉	 7cassandra://gTOw3dI6qdJ5BYYPb2ASiv7PJBSowIUrv-DtQ-RRkf8` g#~%}فg#~%}؁בCט   u׉׉	 7cassandra://FqBHwFNWiP6LRQwul4RyOUK5GNTmoQmlhIvhnGMGTAo T`׉	 7cassandra://164IjtmurZDWrHWfia7_VLjeSpQDNGEFoP50IyOb6pAY`u׉	 7cassandra://FCSSSB4p1wA93aZ6m2L4DfGPa8zj1SX6m3fsMbZBWuE0` g#~&}ט  u׉׉	 7cassandra://v1DmMNVFh9kqH7I8DU6qSnBOEyVq_JWKlSDXDkYp2qc )!`׉	 7cassandra://j-oUvv9XGm1egInxCdHA5L1fuu2sbzWHFCoh-dWTsicpS`u׉	 7cassandra://dnmji-7C2H5basVfKDZ5JWuKD6J6TGC96uduHeMsiqM' ` g#~&}׉EProf. dr. Nicoline Hoogerbrugge ziet
wetenschappers vaak te vroeg juichen
Tumor-First
aanpak landelijk
geïmplementeerd
De Amstel Gold Race 2024 voor vrouwen was ingekort en moest daarom
haast wel eindigen in een sprint. Op de laatste beklimming van de
Cauberg kon sprintster Lorena Wiebes het tempo van de sterk klimmende
favorieten volgen. De razendsnelle Wiebes had de beste papieren, dus
toen na de klim nog rensters weg trachtten te komen uit de groep van
twintig, dichtte ploeggenote en Nederlands kampioen Demi Vollering de
gaten voor haar. Dat leek goed uit te pakken. Met nog een vijftal meters
te gaan in de sprint keek Wiebes naar rechts en zag ze dat ze meters
voorsprong had op Ingvild Gåskjenn. Ze richt zich op om juichend over
de streep te gaan. Op dat moment passeert veteraan Marianne Vos haar
links. Met een jump duwt ze haar voorwiel net voor Wiebes over de
streep. Lorena Wiebes is in tranen en Vos juicht ingetogen om het niet
nog erger te maken. Een klassiek geval van te vroeg gejuicht.
06 Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://FCSSSB4p1wA93aZ6m2L4DfGPa8zj1SX6m3fsMbZBWuE0` g#~%}׉EDe streep
Exact dát gebeurt in de medische
wetenschap zo veel, weet prof. dr.
Nicoline Hoogerbrugge; internistoncogeneticus.
Men doet een
fantastisch medisch onderzoek en
publiceert daar vervolgens terecht
juichend over. “Maar je bent dan
nog niet over de streep… We maken
pas stappen in onze behandeling
als baanbrekende doorbraken niet
alleen in een proefschrift staan,
maar daadwerkelijk geïmplementeerd
worden in de dagelijkse
medische praktijk. Niet alleen in
het eigen ziekenhuis maar landelijk.
Ik wil het hier hebben over de
Tumor-First werkwijze die we
toepassen in het zorgtraject voor
vrouwen met eierstokkanker. Dat
is een doorbraak. Maar dat is het
alleen, doordat we dit nieuwe
zorgpad werkelijk over de streep
getrokken hebben. We hebben
alle pathologen, gynaecologisch
oncologen, klinische moleculair
biologen in de pathologie, klinische
genetici en de laboratoriumspecialisten
klinische genetica
in alle Nederlandse ziekenhuizen
waar patiënten met eierstokkanker
worden geopereerd, dit zorgpad
laten accepteren en adopteren. Het
wordt nu bij ruim 80% van alle patienten
met eierstokkanker toegepast.
Dat is uitzonderlijk.”
Radboud Report Oncologie 07
׉	 7cassandra://dnmji-7C2H5basVfKDZ5JWuKD6J6TGC96uduHeMsiqM' ` g#~%}ہg#~%}ځבCט   u׉׉	 7cassandra://a5D-k6Ynzajg1FJ5cdumQcMZrCWA0zqqaNnEVPNKNDw w`׉	 7cassandra://ZlvV2poTMXFemo3HO2NTxMS8mWjPrKUPooVbdTvOvTMF0`u׉	 7cassandra://im0I_0u2n_N4ie-Gjg0KrbE3_WOFfBo74dVr654rbAAH` g#~&~ט  u׉׉	 7cassandra://QG2YGgKxhEfnfVZXembnFJIr1XONr6iGzQuZ9_kGD18 `׉	 7cassandra://xksiUkPcatT7HOGol1BY4BJAY9vdEZJu1OGePcOkh4UU`u׉	 7cassandra://p1bwN0zlzuGOeh7yVFV8y6MbW2vUdAFuX7qrNpoEFGc9` g#~&~׉ESucces
“Natuurlijk is het belangrijk dat er een
nieuw kankergen ontdekt wordt, maar
ik betoog hier dat het werk daarmee
niet gedaan is, maar nog maar net
begint. Wij hebben, met ondersteuning
door KWF, ons nieuwe zorgpad
werkelijk aan de man gebracht. Het is
opgenomen in een nieuwe richtlijn
en iedere praktische stap is te vinden
en wordt ondersteund in een toolbox.
Daarnaast hebben de patiëntenverenigingen
de nieuwe werkwijze ook
omarmd. En dat alles binnen vier jaar.
Ik denk dat zoiets wereldwijd niet
eerder vertoond is,” aldus Hoogerbrugge
(juichend). “Dat succes kan
absoluut verklaard worden vanuit de
inzet die hierop is gepleegd door de
medeprojectleiders, hoofd laboratorium
tumorgenetica prof. Marjolijn
Ligtenberg, gynaecologisch oncoloog
dr. Joanne de Hullu en een heel multidisciplinair
team. Met steun van KWF.
Maar wat daarbij ongetwijfeld hielp
is dat de Tumor-First werkwijze ook
serieus winst oplevert. Het zorgt voor
een betere behandeling, is minder
belastend voor de patiënt, zorgt dat
vaker erfelijke aanleg wordt opgespoord
én zorgt voor een kostenbesparing.
Hoogerbrugge legt uit wat de essentie
is van Tumor-First.
“Met een nieuwe
ontdekking is
het werk nog lang
niet gedaan”
NICOLINE HOOGERBRUGGE
08 Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://im0I_0u2n_N4ie-Gjg0KrbE3_WOFfBo74dVr654rbAAH` g#~%}׉EColumn
Omdraaien
“In ongeveer 8% van de gevallen heeft eierstokkanker een
erfelijke oorzaak. Daarbij gaat het met name om mutaties in
het BRCA1- of BRCA2-gen. Tot voor kort werden veel patiëntes
met eierstokkanker daarom na de operatie verwezen naar de
klinisch geneticus voor een erfelijkheidsonderzoek via een
DNA-analyse in het bloed. Zogenaamd kiembaanonderzoek.
Als daaruit kwam dat er geen sprake was van een erfelijke
aanleg, dan vroeg de internist-oncoloog in een redelijk groot
aantal gevallen naar een onderzoek van het tumorweefsel,
omdat ook tumorspecifieke mutaties in deze genen van belang
zijn om de werking van PARP-remmers goed in te kunnen
schatten. Daar zit dubbel werk in. Daaruit is het idee bij ons
ontstaan om de volgorde om te draaien. Wij onderzoeken nu
eerst de tumor. Het weefsel dat daarvoor nodig is hebben we al
vanuit een diagnostisch biopt of de operatie. Alleen patiëntes
bij wie hier een mutatie in de tumor wordt vastgesteld worden
nu doorverwezen naar de klinisch geneticus voor een kiembaanonderzoek
in bloed. De kans op een kiembaanmutatie
bij deze groep ligt rond 50%. Maar 85% van de patiëntes wordt
dus niet meer belast met de gang naar de geneticus en het
bloedonderzoek. Een groot voordeel van een tumortest aan
het begin van het behandeltraject is dat de medisch-oncoloog
ruim voor het keuzemoment om PARP-remmers in te zetten
alle benodigde gegevens daarvoor heeft. Daarnaast boeken
we met deze volgorde ook een belangrijke tijdwinst en weten
patiënten veel sneller of het wel of niet om een erfelijke aanleg
gaat. Dat is voor deze patiëntes heel belangrijk.”
Mind switch
Hoogerbrugge geeft aan dat in het verleden patiënten met
een erfelijke aanleg gemist werden, doordat zij niet allemaal
werden doorverwezen naar de klinisch geneticus. “Maar de
kans op een genetische oorzaak is zo hoog dat iedere patiënte
een erfelijkheidsonderzoek aangeboden moet krijgen. Dat kan
belangrijk zijn voor de behandeling en is zeker belangrijk voor
familieleden die zich op de erfelijke aanleg kunnen laten testen
en voorzorgsmaatregelen kunnen nemen om geen kanker
te krijgen,” stelt ze. Dat gebeurt nu. Radboudumc werkt al sinds
2015 op deze manier. Het werkelijke nieuws zit in het feit dat
heel Nederland deze nieuwe werkwijze nu geadopteerd heeft.
Hoogerbrugge: “Als je dat wil, moet je als onderzoeker ook een
‘mind switch’ maken. Onderzoek is in Nederland super competitief.
We strijden als onderzoekers allemaal om dezelfde
subsidiegelden en zijn dus zowel collega’s als concurrenten van
elkaar. Maar als je dit soort successen boekt, moet je die niet
claimen voor je eigen ziekenhuis, maar juist delen.”
Geen loterij
De kans op het winnen van de jackpot in
de Staatsloterij is 1 op 67,6 miljoen volgens
de kansberekenaars. Alleen doordat niet
alle loten verkocht worden en de prijs moet
vallen, stijgt die kans naar 1 op 7 miljoen.
Iedere lotkoper heeft echter de stille
verwachting die ene te zullen zijn. Kanker
is geen loterij. Maar het leent zich wel
degelijk voor kansberekening. Eenieder die
de diagnose alvleesklierkanker krijgt weet
dat de 5-jaars-overleving onder de 10%
ligt. Maar wie dit lot treft, rekent er in stilte
op bij de kleine tien procent te horen. Dat
maakt het lijden dragelijker.
Bij een loterij kunnen er alleen winnaars zijn,
doordat er verliezers zijn. In de oncologie
werkt het gelukkig anders. Daar streven we
nog steeds naar louter winnaars en ook in
deze Report lezen we weer dat daarin stappen
gezet worden. Maar we lezen ook hoe de verliezers
van vandaag daaraan bijdragen. Het
fase 1-onderzoek, waarin de veiligheid van
een nieuwe behandeling onderzocht wordt,
gebeurt bij patiënten die uitbehandeld zijn.
Zij maken hun einde dragelijk, door dit het
begin van een nieuwe behandelmethode te
laten zijn. En een enkeling blijkt daarbij dan
toch dat winnende lot in handen te hebben.
Lees ook het relaas van Janny Randewijk.
Joost van Sluijters
Radboud Report Oncologie 09
׉	 7cassandra://p1bwN0zlzuGOeh7yVFV8y6MbW2vUdAFuX7qrNpoEFGc9` g#~%}݁g#~%}܁בCט   u׉׉	 7cassandra://HwODgyzfsOyfa17kZFzb3joOgdH1FUm_TTqjTCmvX4A ` ׉	 7cassandra://RsmgXuH20TyfInNU64dbJ8gMztzp0gEydWdJ-WNRVwc[`u׉	 7cassandra://ZVFvDemOdimwZPffohE6GeqW_IwO57_XxPnGVDMg34I` g#~'~ט  u׉׉	 7cassandra://vlrqn5Bv6oEZQckQalUDIxBQpBEQN1x8_0oDHShbZ24 
`׉	 7cassandra://nqrbHBS9op8IHDcQgyPug3QXEOZ8_-1HF4rBZc2t86MRM`u׉	 7cassandra://2q9stU1oPvEcBiUDUP7CgF1PKqoCAimHfTDt5jXN5xk` g#~'~׉ERadboudumc zoekt met collega-ziekenhuizen naar uitweg
Effectieve CAR-T-celtherapie
mag regulier niet worden
toegepast
Hematoloog dr. Suzanne van Dorp is diep onder de
indruk van de effectiviteit van CAR-T-celtherapie: “Met
deze therapie kunnen we bij lymfeklierkanker die
niet op chemotherapie reageert toch nog 40% van
de patiënten genezen. Bij uitbehandelde patiënten
met multipel myeloom zien we dat we de ziekte met
CAR-T-celtherapie zo ver kunnen terugdringen dat deze
met onze reguliere bloedtesten niet meer meetbaar
is.” Waar CAR-T-celtherapie voor het multipel myeloom
elders in Europa met succes wordt toegepast, gebeurt
dit in Nederland slechts in studieverband. Het
Zorginstituut heeft het dossier namelijk, ondanks de
mooie resultaten, afgewezen. Suzanne van Dorp heeft
daar begrip voor, maar legt zich er niet bij neer.
Kritisch
“Ik begrijp dat er ondanks de werkzaamheid twijfels zijn
over de toepassing van CAR-T-celtherapie bij multipel
myeloom. Dit past in een trend waarbij kritisch wordt
gekeken naar de kosten en baten van medicijnen en deze
therapie is, zoals veel therapieën voor multipel myeloom,
enorm duur. Hoewel je het slechts eenmalig toepast,
kost het ongeveer vier ton. Omdat we deze therapie toch
graag willen toepassen, doen we nu nieuw onderzoek
waarbij we CAR-T in de behandeling vergelijken met een
autologe stamceltransplantatie. Daarnaast onderzoeken
we oudere patiënten die geen transplantatie kunnen
krijgen, waarbij we CAR-T vergelijken met een reguliere
onderhoudsbehandeling. We hopen zo aan te tonen dat
CAR-T, doordat je een klachtenvrije periode tot wel 3 jaar
realiseert, ook tot kostenbesparing kan leiden.”
Produceren
Maar Van Dorp en haar collega’s van de academische
ziekenhuizen in Groningen en Rotterdam
doen meer: zij gaan op de drie locaties ook zelf,
buiten de farmaceutische industrie om, CAR-Tcellen
produceren. Dit heeft drie duidelijke
voordelen, legt een enthousiaste Suzanne van
Dorp uit: “Ten eerste lijkt het erop dat we het
voor ongeveer een kwart van de prijs kunnen
maken. Daarnaast kunnen we het vier keer sneller
produceren en dat is écht belangrijk. Momenteel
oogsten wij de witte bloedcellen bij de patiënt en
sturen deze op naar de industrie, die vervolgens
CAR-T-cellen produceert. Deze krijgen we meestal
na vier weken terug. Vier weken is echter enorm
lang voor deze patiënten die een agressieve kanker
hebben. In de tussentijd moeten we vaak bestralen,
chemotherapie geven of grote hoeveelheden
prednison toedienen, wat niet wenselijk is.”
Gegevens
Er is nog een derde belangrijk voordeel van eigen
productie: “Wij willen CAR-T-celtherapie graag
verder verbeteren, maar krijgen daarvoor te weinig
gegevens vanuit de industrie. We ontvangen
een zak T-cellen die volgens de industrie aan
de eisen voldoet, maar we weten niets over de
fitheid van de cellen, omdat die informatie niet
wordt gedeeld. Daar heeft de industrie geen belang
bij. Willen we deze therapie verder ontwikkelen,
dan hebben we alle gegevens nodig en dat
kunnen we nu met eigen productie realiseren.
Maar eigen productie is allesbehalve eenvoudig.
De personele bezetting van onze labs is lastig,
omdat de industrie aan onze mensen trekt.
10 Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://ZVFvDemOdimwZPffohE6GeqW_IwO57_XxPnGVDMg34I` g#~%}׉EEn omdat je hier met genetische
manipulatie bezig bent, moet alles
onder vier ogen gebeuren. Toch lukt
het ons en we zijn nu in een studie
aan het aantonen dat onze CAR-Tcellen
niet onderdoen voor die van
de industrie.”
“Om verder te komen
met CART-T-celtherapie
gaan we
met drie academische
ziekenhuizen de cellen
nu zélf produceren. Zo
krijgen we veel meer
informatie en gaat de
prijs omlaag”
SUZANNE VAN DORP
Extra eiwit
Suzanne van Dorp legt uit wat er
genetisch gemanipuleerd wordt en
hoe CAR-T geproduceerd wordt: “We
oogsten T-cellen bij de patiënten en
bewerken die genetisch zodanig dat
ze de kankercellen beter herkennen,
zich eraan binden en ze vervolgens
opruimen. Het academisch ziekenhuis
van Barcelona produceert een
specifiek onschuldig virus, waarmee
we de T-cellen van de patiënt
besmetten. Daardoor krijgt een cel
een extra stukje gen, wat resulteert
in een extra eiwit aan de buitenkant
van de T-cel: de CAR. Dit eiwit herkent
de specifieke eiwitten aan de
buitenkant van een tumor. Het zorgt
ervoor dat de T-cel zich koppelt aan
de tumorcel en maakt de T-cel direct
na de koppeling heel actief, waardoor
de T-cel extra kracht krijgt. Dat
is natuurlijk prachtig.”
Toekomst
Van Dorp is ervan overtuigd dat
CAR-T de toekomst heeft: “Het
medicijn moet nog beter worden en
we moeten nog beter de patiënten
selecteren die we ermee behandelen.
Dan zal de effectiviteit verder
omhooggaan. Als het lukt de prijs
verder omlaag te brengen, zal CAR-T
steeds vaker in beeld komen, al
geloof ik dat het nooit als eerste
therapie zal worden gegeven. Daarvoor
blijven de kosten te hoog en
zijn de bijwerkingen te heftig. Maar
het is een prachtige nieuwe therapie
met veel mogelijkheden. Ik blijf
deze 'CAR' dus graag trekken.”
Radboud Report Oncologie 11
׉	 7cassandra://2q9stU1oPvEcBiUDUP7CgF1PKqoCAimHfTDt5jXN5xk` g#~%}߁g#~%}ށבCט   u׉׉	 7cassandra://p5bz5n0lnAjmjU8pkFGjdiVs7o2b1WmLgulktgIys0I 2`׉	 7cassandra://5rMkVPec3e0VgCnfbfd2XiTXHhWV2EviJTCrgE07SiEU`u׉	 7cassandra://oVuuQUE7m8T0uvCf9G0G4GB-G882KP8ippquKfwsIbc` g#~'~ט  u׉׉	 7cassandra://75L-nBFOAAKjgrALJLF304kYkLIQP8sXtF2ydXFos3c /`׉	 7cassandra://7BwWHYzavaHHKaP3fxoTHfdCD7-AzY6Hu4DcfG7c76Q\`u׉	 7cassandra://hOVtrRO-S4fKKJA1gzr6Vecq81JLWW1YRpXJ0fVV4jc` g#~'~׉E<Team van dr. Hans Jacobs ontwikkelt nieuwe
bloedtest voor multipel myeloom:
Duizend
keer
gevoeliger
Dankzij nieuwe therapieën, zoals CAR-T, is het mogelijk om bij patiënten
met multipel myeloom volledige remissie te bereiken. Dit betekent dat
er in het bloed geen enkele ziekteactiviteit meer te detecteren is. Dit
resultaat getuigt van de effectiviteit van de nieuwe behandelmethoden,
maar zegt ook iets over de gevoeligheid van de gebruikte meetmethodes.
Het lijkt erop dat de huidige bloedtesten niet langer gevoelig genoeg
zijn om de werkzaamheid van de nieuwste generatie geneesmiddelen
te kunnen volgen. Hierdoor wordt het terugkeren van ziekteactiviteit te
laat opgemerkt. Om dit probleem aan te pakken, heeft dr. Hans Jacobs
met zijn team een nieuwe bloedtest ontwikkeld. Deze ultra-gevoelige
massaspectrometrie-bloedtest (MS-MRD) kan op basis van slechts één
druppel bloed duizend keer gevoeliger ziekteactiviteit meten dan de
huidige bloedtesten. Hierdoor kunnen belastende beenmergpuncties
worden vermeden. Hans Jacobs geeft ons een update.
12 Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://oVuuQUE7m8T0uvCf9G0G4GB-G882KP8ippquKfwsIbc` g#~%}׉EBiomarker
“De kankercellen van multipel myeloom, ofwel
de ziekte van Kahler, produceren een specifieke
biomarker. Deze monoklonale antistof wordt
uitsluitend door myeloom kankercellen
uitgescheden en is ook patiëntspecifiek,” legt
laboratoriumspecialist Hans Jacobs uit. “De
antistof heeft als het ware een eigen barcode.
Zodra we deze barcode hebben geïdentificeerd,
kunnen we vervolgens zeer nauwkeurig meten.
De massaspectrometer zoekt specifiek naar deze
persoonlijke barcode en kan daarvan tevens de
hoeveelheid vaststellen. Hierdoor kunnen we niet
alleen vaststellen dát er activiteit is van kankercellen,
maar ook hoeveel activiteit er precies is. Deze test is
duizend keer gevoeliger dan de standaard bloedtest.
Bij de standaardtest dalen de waarden vaak onder
de detectiegrens, waardoor de ziekteontwikkeling
voor hematologen uit beeld raakt. Met onze nieuwe
meetmethode kunnen we dit blijven monitoren en
zien we het gemiddeld een jaar eerder dat de ziekte
weer terugkomt. In de toekomst zullen we hierop
kunnen ingrijpen.”
Vertrouwen
Inmiddels 7 jaar geleden paste Jacobs zijn nieuwe
idee voor ultra-gevoelige MS-MRD toe bij één patiënt.
De resultaten waren zo overtuigend dat hij KWF
op basis van deze gegevens kon overtuigen om
vervolgonderzoek te steunen. “Binnen studies met
nieuwe medicijnen tegen multipel myeloom is het
cruciaal om de ziekteontwikkeling bij patiënten
nauwkeurig te monitoren. Dit kon tot nu toe alleen
met beenmergpuncties, omdat de bloedtesten niet
gevoelig genoeg waren. Beenmergpuncties zijn
invasief en belastend. Bovendien is er bij een punctie
variatie: soms zit je in een 'hotspot' in het beenmerg
en soms op een plek waar de kanker nauwelijks
aanwezig is. Deze ongewenste variatie heb je in het
bloed niet. De gevoeligheid van onze methode hangt
nog enigszins af van de barcode die we zoeken,
maar over het algemeen lijkt onze methode zelfs iets
gevoeliger te zijn dan de gegevens die uit beenmerg
worden verkregen.”
“Hematologen
krijgen nu een veel
beter zicht op de
ziekteontwikkeling”
HANS JACOBS
Faciliteren
Jacobs: “Hematologen zijn enorm
blij met de data die we nu leveren,
omdat ze veel beter zicht krijgen
op de ziekteontwikkeling bij hun
patiënten. Sommige patiënten dalen
net onder de detectiegrens van de
oude tests, terwijl bij anderen de
ziekte min of meer verdwijnt. Dat
onderscheid kunnen we nu duidelijk
maken. We kunnen nu meer dan
een jaar eerder dan bij de huidige
bloedtesten aangeven dat de ziekte
aan het terugkeren is. Echter, we
moeten wel eerlijk toegeven dat onze
MS-MRD metingen op dit moment
nog niet leiden tot een aanpassing
in de therapie. Wat we nu doen, is
het faciliteren van onderzoek om in
de toekomst therapie nog beter af te
stemmen op de ziekteactiviteit van
de individuele patiënt. Als mogelijke
vervanging van beenmergpuncties
zal de MS-MRD-bloedtest bovendien
bijdragen aan een betere kwaliteit van
leven voor patiënten met multipel
myeloom.”
Radboud Report Oncologie 13
׉	 7cassandra://hOVtrRO-S4fKKJA1gzr6Vecq81JLWW1YRpXJ0fVV4jc` g#~%}g#~%}בCט   u׉׉	 7cassandra://SV2HobbTnJ1gb7gB58UMtKTVpdQwUArIy4wS5GF4gEI `׉	 7cassandra://9GT7nXY3id9fjsTJN_xKS6C0unhg9BrEE18_MPNHWzoM/`u׉	 7cassandra://XYi-Zf-EtsrFY6zOCkas0J4NwgDdwunOeY-sk8qfNnk` g#~'~ט  u׉׉	 7cassandra://AwNJIGJ-uZ_D1I_kAuoibw8oayWPFPsd_b855hQ9jAg `׉	 7cassandra://t6Z9ybHYTRCM3NiZksvSYWah_T-OLjTA3HqIHhEycBA_U`u׉	 7cassandra://H_tOR2DXE2KDPVzBkS9xL30kaYZfD0ncBEC_QZ_kyRQ` g#~'~׉E1Ambitie van Radboudumc bij
nieuwe fase 1-unit is helder:
Voor iedere
soort kanker
een fase 1studie
Het
Radboudumc heeft recent een nieuwe fase 1-unit
geopend waar kankerpatiënten uit de regio kunnen
deelnemen aan onderzoeken naar nieuwe middelen
of nieuwe combinaties van bestaande middelen.
Dr. Ingrid Desar: “Natuurlijk deden we al veel langer
fase 1-studies hier in Nijmegen, maar we wilden heel
graag komen tot schaalvergroting. Uiteindelijk willen
we hier in de regio voor elke vorm van kanker een
fase 1-studie kunnen aanbieden. Onze fase 1-unit was
alleen van medische oncologie, maar dat is nu een
multidisciplinaire unit geworden van de afdelingen
oncologie, hematologie, nucleaire geneeskunde,
longziekten en urologie. Uiteraard in samenwerking
met vele andere afdelingen.”
14 Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://XYi-Zf-EtsrFY6zOCkas0J4NwgDdwunOeY-sk8qfNnk` g#~%}׉E
Doelgericht
Desar geeft aan dat opschalen enorm belangrijk is: “Vroeger had je
één studie met chemotherapie voor alle soorten kankers. Nu krijgen
we steeds meer doelgerichte therapieën, waarbij we ons richten op
specifieke aangrijpingspunten in kankercellen. Dat maakt dat we
een veel specifiekere populatie patiënten in de studie includeren.
En we willen voor elke patiënt in de regio voor wie er geen reguliere
behandeloptie meer is, maar die wel een behandelwens heeft, een
passend fase 1-onderzoek kunnen aanbieden. Het portfolio aan
studies zal dus veel groter moeten worden. Dat vraagt veel, maar de
kans dat de studie het verschil voor je maakt is nu veel groter.”
Snelheid en kwaliteit
Prof. dr. Carla van Herpen: “De aangrijpingspunten in kankers
houden zich uiteraard niet aan de grenzen van onze afdelingen.
Daarom is het logisch dat we de fase 1-unit multidisciplinair hebben
opgezet. Om de groei te realiseren hebben we daarnaast een goede
samenwerking met farmaceutische bedrijven nodig. Die vragen om
kwaliteit en snelheid. Je moet, nadat de medisch-ethische commissie
toestemming heeft gegeven, studies snel kunnen opstarten. Hoe
vroeger een studie open is, hoe meer patiënten uit onze regio
deel kunnen nemen. Daarom moesten we onze processen en de
samenwerking met de regio strak georganiseerd hebben. Dat is nu
het geval. We kunnen na een goedkeuring binnen twee weken starten
met het includeren van patiënten.”
Kostbare tijd
Ingrid Desar: “We zijn voor de farmaceutische bedrijven interessanter
geworden, doordat we groter en sneller zijn. Dat gaat ervoor zorgen
dat voor onze patiënten een breder portfolio aan studies ontstaat.
We hebben daarvoor een toegewijd team klaarstaan; mensen die
werkelijk verstand hebben van dit soort complexe fase 1-studies. Dat
is belangrijk. Je vraagt immers aan mensen die in een laatste fase
van hun ziekte zijn om een deel van hun kostbare tijd te besteden
aan onderzoek. Daarom zijn we ook uiterst zorgvuldig in onze
voorlichting en benadrukken we dat het gaat om studiemedicijnen
die echt experimenteel zijn. Het zijn altijd medicijnen die net uit het
laboratorium komen en voor het eerst op patiënten getest worden
óf combinaties van bestaande medicijnen die niet eerder samen
gebruikt zijn. We onderzoeken in deze fase of ze veilig zijn en wat
de beste dosering is.” Carla van Herpen: “Fase 1 is echt gericht op
veiligheid en doseringen. Dat betekent ook dat mensen best vaak op
controle moeten komen voor bijvoorbeeld bloedafnames, maar soms
bijvoorbeeld ook controles krijgen op hartritme of oogschade. Al die
controles verzamelen we hier rond de patiënt. We bewaken samen
met de patiënt en naasten de kwaliteit van leven.”
Radboud Report Oncologie 15
׉	 7cassandra://H_tOR2DXE2KDPVzBkS9xL30kaYZfD0ncBEC_QZ_kyRQ` g#~%}g#~%}בCט   u׉׉	 7cassandra://aPow5aR08BKflc46fvbMVmEj70gJ3_v55iGPEskJwlE  `׉	 7cassandra://HaowwRwfyiir4b5Q1i1yk4KkxlznoGieQelAfhhSsU8T`u׉	 7cassandra://gJBYKe9jg61VIkXZAtDVdeQ87kTZoYbl3Q9VNqr1As0H` g#~'~ט  u׉׉	 7cassandra://bZ-FmN2wTAN_I4vlopMjiOvOesrP2Kpry8sMTS4XVjQ L`׉	 7cassandra://8vs3oMJ19NEBFpiw2wb19GBgNA18_kNb_Q5wf7VNdqkn`u׉	 7cassandra://LHMKFQyNQNC-FQyKlJP5ts6Mi9XFtwJeLi1h5erTjcY ` g#~(~נg#~(~ ؁̓9ׁHhttp://radboudoncologiefonds.nlׁׁЈ׉E
Kleine kans
Patiënten die deelnemen aan fase 1-onderzoeken hebben
uiteraard altijd de hoop dat zij baat hebben bij de behandeling.
Ingrid Desar: “We zijn daar heel eerlijk over. Ze mogen zeker
hopen, maar de kans op een voordeel voor de patiënt is helaas
maar klein. Sinds de komst van doelgerichte therapieën en ook
immuuntherapie is de kans wel iets groter gelukkig, maar hij
blijft klein. Veel patiënten grijpen niettemin de kans aan, met het
idee dat ze dan ook echt alles gedaan hebben voor zichzelf en de
kinderen en in ieder geval ook de wetenschap iets verder hebben
kunnen brengen. En zo is het ook: iedere nieuwe behandeling
moet door deze fase heen.”
Zeldzame kankers
Carla van Herpen: “Eén van de speerpunten van onze afdeling
zijn de zeldzame kankers. Je ziet bij zeldzame kankers dat als de
ziekte terugkomt er veel minder behandelopties zijn. Bij een veel
voorkomende kanker is er vaak een heel scala aan behandelingen
geweest voordat we moeten zeggen dat we feitelijk niets meer te
bieden hebben. Bij zeldzame kankers ben je veel eerder uitgepraat.
Wij zien het als onze taak om binnen deze fase 1-unit zoveel
studies te hebben dat ook voor patiënten met een zeldzame kanker
onderzoeken beschikbaar zijn. Zo kunnen ze ook behandeld
worden met innovatieve medicijnen. Dat betekent dat we hier
naar dertig studies willen gaan die tegelijkertijd lopen.”
Londen
Carla van Herpen vertelt dat Radboudumc de kunst deels heeft
mogen afkijken in het befaamde Royal Marsden ziekenhuis in
Londen, waar zo'n 65 fase 1-studies tegelijk lopen: “Daar hebben
we mee mogen kijken en ook hun processen gezien en daar
hebben we tweeënhalve dag alle vragen kunnen stellen. Ook op
die manier hebben we ons fase 1-onderzoek echt nog kunnen
verbeteren. En dat is belangrijk. Ieder medicijn dat we gebruiken
in de oncologie is immers ooit in fase 1-onderzoek geweest.
Hoewel de kans op succes klein is, biedt deelname aan een fase 1studie
patiënten vaak wel hoop. We betrekken de palliatieve
zorg er toch ook bij. Want we willen een evenwichtig verhaal aan
onze patiënten vertellen.” Maar dat een laatste strohalm soms
drijfvermogen heeft, blijkt aan het einde van het gesprek als we
de naam krijgen van een patiënt voor een interview; ze was
12 jaar geleden ‘opgegeven’, deed mee aan een studie met een
PARP-remmer en is nu al jaren kankervrij.
Sponsoren
In deze fase van de fase 1-unit worden
de kosten nog niet volledig gedekt
door de inkomsten vanuit de studies.
De fase 1-unit zoekt daarom sponsoren
om zelf ook nieuwe onderzoeken
te kunnen initiëren alsook voor het
verbeteren van processen. Mochten er
particulieren of bedrijven belangstelling
hebben, dan kunnen zij via het Radboud
Oncologiefonds contact leggen. Kijk op
radboudoncologiefonds.nl.
16
14
Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://gJBYKe9jg61VIkXZAtDVdeQ87kTZoYbl3Q9VNqr1As0H` g#~%}׉E	Fase 1-onderzoek, we zeggen
het nog een keer, is primair
bedoeld om nieuwe medicijnen
of medicijncombinaties voor het
eerst op patiënten te testen op
veiligheid en dosering. Patiënten
die deelnemen zijn verder
uitbehandeld, maar helpen zo de
wetenschap verder. Maar soms
ook zichzelf… De hoop dat een fase
1-onderzoek een werkend medicijn
oplevert, bestaat immers altijd.
Janny Randewijk weet dat als geen
ander. Twaalf jaar geleden was ze
opgegeven en nam ze deel aan
een experimenteel onderzoek met
PARP-remmers. We spraken haar
een maand geleden.
Bonustijd
Fase 1-studie slaat aan, waardoor Janny Randewijk al 11 jaar
kankervrij is
Janny Randewijk: “In 2010 bleek ik eierstokkanker
met uitzaaiingen te hebben. Ik kwam hiermee in het
Radboudumc terecht en kreeg te horen dat er slechte
vooruitzichten waren. Dan verandert je wereld. Ik werd
behandeld met chemotherapie, een operatie en weer
chemotherapie. Ook begon ik afscheid te nemen en ik
wilde opruimen. Met mijn man besprak ik dat hij niet
alleen hoefde te blijven. Na de chemo’s was ik schoon.
Helaas was de kanker een jaar later terug en kreeg ik weer
chemotherapie. Dit herhaalde zich nog een keer in 2013.”
Fase 1-onderzoek
“Doordat de kanker nu zo snel terugkwam, was een nieuwe
chemotherapiebehandeling geen optie. Wel kreeg ik via
Carla van Herpen de kans om aan een fase 1-onderzoek
deel te nemen voor een PARP-remmer (veliparib). Ik zag
het als mijn laatste kans. Natuurlijk had ik hoop, maar
het was zwaar en de resultaten vielen eerst tegen. Daarbij
kreeg ik bloedarmoede en lag ik als een vaatdoek in bed.
Maar ik kreeg bloedtransfusies die me goed deden en, veel
belangrijker dan dat, op de CT-scans werd duidelijk dat het
middel aansloeg nadat de dosering wat
was aangepast. De kanker was weg!
En de kanker is nog steeds weg. Ik ga
iedere zes maanden voor controle naar
Radboudumc en de uitslagen zijn elke
keer goed. Mijn zestigste verjaardag
heb ik groots gevierd, omdat ik nooit
had gedacht die te halen. Nu word ik in
januari zeventig.”
Janny Randewijk spreekt over
‘bonustijd’ als ze over het leven nu
praat. Ze heeft wat schade opgelopen
door alle chemokuren: ze trilt met
haar linkerhand, heeft neuropathie
aan handen en voeten en wat minder
energie. “Maar daar kan ik mee leven.
Ik geniet samen met mijn man van het
leven, van de kinderen, kleinkinderen,
vrienden en familie en van de mooie
reizen die we maken.”
“Mijn zestigste
verjaardag heb ik
groots gevierd, omdat
ik nooit had gedacht
die te halen. Nu word
ik in januari zeventig.”
׉	 7cassandra://LHMKFQyNQNC-FQyKlJP5ts6Mi9XFtwJeLi1h5erTjcY ` g#~%}g#~%}בCט   u׉׉	 7cassandra://gwhC84V8VCe7f7pFa2ldA3tGp-IoF34xkDrnWrej1eE '`׉	 7cassandra://v6xoqbZMQSKw5tkVgECP0ou3JPihYi-odsoQWCqTPEQF`u׉	 7cassandra://_hcsgA-msyixwaF8HHtsIZkWjvDV1l1NSe-fP_wjeu40` g#~(~ט  u׉׉	 7cassandra://JU2NF9v1OchB263VL4Q8eyOh6YUQ3aMAmBTKZ3hc9tk `׉	 7cassandra://dHn0tR_3zwsxWeGeHhidnHlNx613FZzZ0vNtgKJfhg8Q`u׉	 7cassandra://jLK5xih9hSxMRRYxrZsQRNbrvogoa2LxV7BOrojtsqoj` g#~(~׉EVijf vragen aan
Logopedist Jacintha Oldenbeuving
De pudding
voorbij
Na kanker in het hoofd-halsgebied hebben veel mensen last van
problemen met slikken. Ze blijven zich verslikken en kunnen niet alles
meer eten en drinken wat ze graag zouden willen. Door een operatie
en/of bestraling is immers veel weefsel beschadigd, wat het slikken erg
bemoeilijkt. Als de slikproblemen na een jaar nog bestaan en mensen
zijn in staat om drie weken lang dagelijks met een logopediste intensief
te oefenen, dan biedt het Radboudumc nu een behandelprogramma aan.
Wij stellen logopedist Jacintha Oldenbeuving, die nauw betrokken is bij
dat programma, daar vijf vragen over.
18 Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://_hcsgA-msyixwaF8HHtsIZkWjvDV1l1NSe-fP_wjeu40` g#~%}׉E(1)
(3)
Dit gaat over slikken. Ik denk bij logopedie
altijd aan praten.
Logopedie houdt zich bezig met spierbewegingen
in de mond en keel. Het apparaat voor slikken en
het praten is exact hetzelfde, dus het is logisch
dat wij, ik spreek hier namens een heel team, dit
probleem oppakken.
Hoe groot is dit probleem?
Het gaat hier om patiënten met tumoren in het
hoofd-halsgebied, zoals bijvoorbeeld tongtumoren
en tumoren achter in de keel waarbij door
een operatie of bestraling weefsel beschadigd is.
Deze mensen kunnen, ondanks natuurlijk herstel
en soms wekelijks oefenen met een logopedist,
blijvende slikklachten hebben. Denk hierbij bijvoorbeeld
aan moeite hebben met het verplaatsen
van voeding in de mond, voeding niet kunnen
doorslikken of een zeer droge mond. Een deel van
de patiënten krijgt alleen nog sondevoeding of
wat men meestal ‘astronauten-voeding’ noemt. Je
ziet dat dit alles een enorme sociale impact kan
hebben. Mensen gaan de deur niet meer uit of
eten liever alleen. De problemen zijn dus serieus.
(2)
Wat doen jullie daaraan?
Er is een bestaande aanpak, die in Amerika
wordt ingezet voor slikproblemen als gevolg van
neurologische schade; na een beroerte bijvoorbeeld.
Die effectieve therapie hebben we een
beetje bewerkt en zetten we hier nu in voor deze
patiëntgroep. In eerste instantie hebben we dat
in een pilotstudie gedaan met een groep van 34
patiënten die we voor, net na en een half jaar na
de therapie getest hebben. Daarbij zien we dat de
groep significant vooruitgaat en dat die vooruitgang
aanhoudt of zelfs doorzet na de therapie. Ze
slikken beter en ervaren ook een betere kwaliteit
van leven.
Hoe ziet de aanpak eruit?
Het is heel intensief trainen: een soort bootcamp
voor het slikken. Mensen krijgen drie weken
lang dagelijks een uur sliktraining waarbij we
intensief oefenen om de slikspieren te versterken
of het kauwen en slikken effectiever te maken.
Daarbij doorlopen we levels van voeding en gaan
we van veilige voeding voor de patiënt, bijvoorbeeld
pudding, naar steeds uitdagender voedsel
zoals bijvoorbeeld kokos stukjes. Wij kijken
waar het mis gaat bij het slikken of leren mensen
een nieuwe manier van slikken aan. Sommige
patiënten hebben zichzelf trucjes aangeleerd die
we ze weer af moeten leren om verder te komen.
Maar we zien iedereen stappen vooruit maken en
werken aan hun eigen vooraf opgestelde doel.
(4)
Gaat het onderzoek nog verder?
Wij onderzoeken nu welke specifieke groep,
zoals bijvoorbeeld welke tumorplaats, het meest
positieve effect van intensieve slikrevalidatie ondervindt.
Deze gegevens hopen we binnenkort te
publiceren. Daarnaast hebben we nog meer data,
bijvoorbeeld interviews met patiënten, die we
ook nog willen beschrijven. Maar het belangrijkste:
doordat we nu de werking bewezen hebben,
kunnen we de therapie blijven aanbieden en zo
nog meer patiënten helpen. Op dit moment wordt
de therapie alleen door het Radboudumc en het
Antoni van Leeuwenhoek aangeboden. Hopelijk
kunnen we dit in de toekomst verder uitbreiden
in Nederland.
(5)
Radboud Report Oncologie 17
19
׉	 7cassandra://jLK5xih9hSxMRRYxrZsQRNbrvogoa2LxV7BOrojtsqoj` g#~%}g#~%}בCט   u׉׉	 7cassandra://WU1tY0I3nsV7i87o5Bf9V6EYIevB-yayO9eo6wALed8 B`׉	 7cassandra://iEo5pO2zZ8VNPq6ljr-dMBkD2cmXlJNMUW6_l_HkuGoTh`u׉	 7cassandra://M_A-J5VHpZ5f_zU-NNXqUnF1SAAblkp1b7C0eWTEtAI` g#~)~ט  u׉׉	 7cassandra://-Kf1YR_EPhe-XSbTeNS3VF8y1UmoB4d1w44k-s20l7I Y` ׉	 7cassandra://R5DSiXHE5BfuDX-T3AKCiT7S_Oh00eJbTIcF2srkFYwr`u׉	 7cassandra://Pt2GVXauKdzdlKLxC902Y_QX4gseNYY2CDUMZUQGVco e` g#~)~׉EProf. dr. Carl Figdor werkt aan
een vaccin
tegen kanker
De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk
Onderzoek (NWO) noemt prof. dr. Carl Figdor ‘een van
de wereldleiders op het gebied van immunotherapie van
kanker’. Als een dergelijke ‘wereldleider’ stelt dat er een
serieus perspectief is op een vaccin tegen kanker, dan is
het zaak daarnaar te luisteren. Dus dat doen we. Dit is een
verhaal over een lange weg naar een lonkend perspectief.
CARL FIGDOR
Carl Figdor (1953) is immunoloog en expert op het gebied van
tumorimmunologie en immunotherapie bij kanker. Hij studeerde
biologie en promoveerde op onderzoek aan het Nederlands Kanker
Instituut. In 1994 werd hij benoemd tot hoogleraar en hoofd
tumorimmunologie bij het Radboudumc. Van 2001 tot 2010 was
hij daar wetenschappelijk directeur van het Nijmegen Centre for
Molecular Life Sciences (NCMLS). Hij kreeg voor zijn werk verschillende
onderscheidingen (zoals de Bohn Stafleu van Loghum prijs, de
Spinozapremie, de Koningin Wilhelmina Onderzoeksprijs en twee
Advanced Grants van de European Research Council). Hij is sinds 2008
lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, een
genootschap van uitmuntende geleerden.
20 Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://M_A-J5VHpZ5f_zU-NNXqUnF1SAAblkp1b7C0eWTEtAI` g#~%}׉ENiet achteruit
De inmiddels 70-jarige Carl Figdor heeft zijn sporen verdiend.
Dat mensen met kanker nu vaak behandeld worden met immunotherapie,
is niet in de laatste plaats te danken aan deze
immunoloog van Radboudumc. Als een van de eersten ter wereld
paste hij immunotherapie toe op patiënten. Hij haalde T-cellen
uit het bloed van de patiënt, bewerkte die in zijn laboratorium
om ze kankercellen aan te laten vallen en gaf ze terug aan de
patiënt. Figdor is daar zelf bescheiden over, maar het is mede op
zijn conto te schrijven dat immunotherapie nu op grote schaal
wordt toegepast. Figdor: “Waar ik zelf trots op ben, is dat het
gelukt is om iets wat we in het laboratorium ontwikkeld hebben
op patiënten te testen. En dat het blijkt te werken. Maar aan trots
achteruitkijken hebben we niet veel. Ik kijk vooruit en werk nu
aan iets dat ik toch wel revolutionair zou willen noemen.”
COVID
Carl Figdor is een pleitbezorger van fundamenteel
onderzoek. Het legt de basis voor verdere ontwikkeling:
“Kijk naar de Covid-epidemie. Ik ken degenen die de
Heel revolutionair
Figdor werkt aan een nieuw vaccin tegen kanker. Figdor: “Een jaar of
vijftien geleden ontmoette ik een organisch chemicus die polymeren
maakte die veel leken op immuuncellen. Mijn eerste reflex
was: als die zo op immuuncellen lijken, zouden we ze dan ook niet
kunnen laten werken als immuuncellen. Dat lukte. Met wat aanpassingen
hebben we een kunstmatige immuuncel kunnen maken.
Die werkt. Tot nu toe alleen op muizen, maar de volgende stap is
natuurlijk die ook op mensen te testen. Dat is nog een lange weg,
maar die kan goed leiden naar een soort vaccin tegen kanker.”
Realistisch
Figdor wil de ontwikkeling wel in een realistisch kader plaatsen:
“In de tussentijd levert dit nog niks concreets op voor de patiënt.
Maar er lonkt wel een perspectief. We hebben aangetoond dat
kunstmatige immuunpolymeren in het laboratorium werken. Ze
blijken ook bij muizen andere immuuncellen te kunnen stimuleren.
Bij de stap naar mensen kom je echter allerlei obstakels
tegen. We moeten het vaccin maken onder heel speciale, steriele
condities. Daarna moeten we aantonen dat het geen negatieve
werking kan hebben op patiënten. Begrijpelijk, omdat het een
heel nieuw type medicijn is dat nog nooit bij de mens is getest.
We gaan dus nog een enorm traject van regelgeving en goedkeuring
in. Het probleem daarbij is dat je lopende zo’n traject geen
opbrengst hebt. Het levert geen wetenschappelijke publicaties
op en kost alleen maar heel veel geld. Daar zitten we nu. De grote
biotechbedrijven willen nog niet instappen. Het is te pril en het
risico is nog te groot. Ze volgen ons met belangstelling. En wij
hebben nu de uitdaging om financierders te vinden.”
Inspuiten
Carl Figdor geeft aan dat zijn kunstmatige immuunpolymeren
vooralsnog waarschijnlijk niet te gebruiken zijn als vaccin. Hij
wil het eerst toepassen op patiënten die al kanker hebben en de
polymeren in de tumor zelf gaan spuiten. “Zo kunnen we kijken
of we de immuuncellen, die er wel zijn maar die onderdrukt worden
door de tumor, kunnen stimuleren om actief te worden. Wij
zetten in feite de cellen weer aan die zorgen voor afweer van de
kankercellen. Dat lijkt op wat je met targeted therapy doet, maar
werkt anders.” Figdor: “Wij zetten de afweercellen op een andere
manier aan. Bij proefdieren is al gebleken dat de twee manieren
elkaar versterken. Nu gaan we de stap naar mensen maken in
een fase 1-onderzoek met patiënten voor wie geen enkele andere
eerste vaccins tegen corona hebben ontwikkeld. Dat zijn
collega’s van me. Wat daar is gebeurd, is een revolutie.
Een ontwikkeltraject waar normaal jaren voor nodig
zijn, was binnen een jaar afgerond. Dat kon dankzij
kankeronderzoek. Het coronavaccin is gebaseerd op een
technologie die werd ontwikkeld voor het maken van
een kankervaccin. Die RNA-technologie was al bewezen
niet gevaarlijk voor patiënten. Daardoor konden de
makers van het coronavaccin eigenlijk meteen aan
de slag: door kankeronderzoek kon het coronavaccin
heel snel geïntroduceerd worden en daar heeft de hele
wereldgemeenschap van geprofiteerd.”
behandeling meer mogelijk is. Zo kijken we of het vaccin
veilig is. Als dat zo is en als het werkt, kunnen we een
grotere studie opzetten.”
Niet algemeen
Het vaccin dat Figdor ontwikkelt is nadrukkelijk geen algemeen
kankervaccin. De vaccins zullen ingezet worden voor
specifieke vormen. Denk bijvoorbeeld aan patiënten met
het Lynch-syndroom waar in het Radboudumc veel onderzoek
naar gedaan wordt. Door een DNA-fout is de kans op
het ontstaan van kanker bij hen vrijwel 100 procent. Figdor:
“Zij krijgen specifieke tumoren die als het ware vlaggetjes
hebben, die bij al die patiënten voorkomen. Dat leent zich
daardoor heel goed voor het maken van een vaccin dat
immuuncellen kan aanzetten die deze kenmerken herkennen.
Omdat de cellen dus allemaal hetzelfde foutje hebben.
We kunnen straks meer vaccins maken, maar altijd alleen
tegen bepaalde vormen van kanker. Hoe meer de tumorcel
op een normale cel lijkt, en helaas is dat heel vaak het geval,
hoe moeilijker het is een goed vaccin te maken. We zullen
ook nooit volledig immuun kunnen worden voor kanker,
want een tumor zal zich steeds blijven aanpassen om onder
de aanvallen uit te komen.”
Carl Figdor ziet dus nog vele mitsen en maren op de weg
naar een vaccin met immuunpolymeren. Toch is hij zeer
optimistisch: “Er is voor HPV al een vaccin dat het virus
aanpakt dat de kanker veroorzaakt. Ik denk dat er over
5 tot 10 jaar ook vaccins zullen komen die rechtstreeks
kanker kunnen voorkomen. We zijn steeds beter in staat
profielen te ontwikkelen voor de aanleg van mensen
om bepaalde tumoren te krijgen. Zo’n vaccin zal ervoor
zorgen dat mensen minder snel doodgaan, doordat
de kanker opgeruimd wordt. Of je het dan krijgt, zal
afhangen van wat je genetische achtergrond is, verwacht
ik. Ik denk dat uiteindelijk bij iedereen persoonlijk een
inschatting wordt gemaakt hoeveel kans iemand heeft
op die ziekte. Heb je zoveel procent kans? Dan krijg je een
vaccin.”
Radboud Report Oncologie 21
׉	 7cassandra://Pt2GVXauKdzdlKLxC902Y_QX4gseNYY2CDUMZUQGVco e` g#~%}g#~%}בCט   u׉׉	 7cassandra://GJVffVZuQK7ZVCIHhyVA73I1ylMLAn4RQl8Se0t85-Q 5	`׉	 7cassandra://QOs0nyiWTsZrygQNxDFlwzYC0uetxxmTtfmiEqWLqgkOi`u׉	 7cassandra://5jQEOsIYZ_zY1Wg0us1VTBkQRFeTLtCGHMC3gtRUbDU` g#~)~ט  u׉׉	 7cassandra://ktSDlQ1TeGCLBiOdk_hXDb0tRRs-NQr9nOnfzZKOcu0 TT` ׉	 7cassandra://diNHIZH3CFnIuRkE7MvWwwSPXgGDJQU7zrzQp9A7HYIq`u׉	 7cassandra://EoHvYZ3S4J_reCvLFJjamg6RHa6KWIFUOTuuwxOoBto(` g#~*~׉EIn Oost-Nederland hebben Bernhoven, Canisius
Wilhelmina Ziekenhuis, Jeroen Bosch Ziekenhuis,
Maasziekenhuis Pantein, Radboudumc, Radiotherapie
groep en het ARTZ Oncologisch netwerk (Rijnstate,
Slingeland Ziekenhuis en Ziekenhuis Gelderse Vallei)
de krachten gebundeld tot een groot oncologisch
netwerk genaamd Onco Oost. Dit netwerk focust op drie
belangrijke pijlers: regionale samenwerking, innovatie en
waardegedreven zorg. Voor bijna alle veelvoorkomende
vormen van kanker zijn er specifieke netwerken in deze
regio, zoals het Longkankernet en het Pancreasnet.
Daarnaast zijn er samenwerkingen op het gebied van
schildklierkanker, borstkanker en darmkanker. Voor vrijwel
alle soorten tumoren worden regionale multidisciplinaire
overleggen (MDO's) gehouden. Wij spreken met internistoncoloog
dr. Kees van Arkel van Slingeland Ziekenhuis in
Doetinchem over het belang dat hij aan dit netwerk hecht.
Dr. Kees van Arkel van Slingeland
Ziekenhuis over Onco Oost:
We kunnen
voor onze
patiënten de
boer op
22
14
Radboud Report Oncologie
׉	 7cassandra://5jQEOsIYZ_zY1Wg0us1VTBkQRFeTLtCGHMC3gtRUbDU` g#~%}׉E“Natuurlijk wil ik, zoals elke arts, voor mijn patiënten
hier in Doetinchem het allerbeste. Alleen ben je als
oncoloog in het Slingeland bijna nooit volledig upto-date
over alle voorkomende situaties. Je zou dan
bij collega-ziekenhuizen moeten gaan bedelen voor
bepaalde zorg. Dat wil je niet. Daarom hebben we ons
met drie ziekenhuizen tien jaar geleden al verenigd
tot ARTZ Oncologisch centrum. Daarbinnen werkten
en werken Ziekenhuis Gelderse Vallei, Rijnstate
en Slingeland Ziekenhuis, met als verwijspartner
Radiotherapiegroep, intensief samen. Dat betekent dat
een patiënt uit Doetinchem soms voor een behandeling
naar Ede moet. Dat lijkt ver, maar patiënten doen dat
graag, want ze weten wat er te halen valt. We hebben op
deze manier feitelijk ons team vergroot, beschikken over
meer technieken en deskundigheid, en verkorten zo ook
de wachttijden,” vertelt Kees van Arkel.
Niet gemakkelijk
“Werken in een netwerk is doenlijk, maar zeker in het
begin niet altijd gemakkelijk. Toen we zagen dat het
werkelijk winst opleverde voor onze patiënten, zijn we
er écht voor gegaan. Oncologie is altijd al teamwork,
want je hebt een divers-gespecialiseerd behandelteam
nodig. We zijn gewend om samen te werken en dat doen
we dus nu in een nog veel groter netwerk: Onco Oost.
We zijn nu intensief aan elkaar aan het snuffelen en dat
is belangrijk, want we moeten elkaar voor deze brede
samenwerking écht goed leren kennen. Op dit moment
krijgen de tumortype-netwerken, TTN’s, werkelijk vorm.
Die netwerken zijn multidisciplinair en geven we echt
samen vorm. We brengen binnen die netwerken ook
allemaal onze eigen expertise in. Vanuit het academisch
ziekenhuis zal dat al gauw technisch vakinhoudelijk
zijn, maar wij hebben vaak heel pragmatische zaken in
te brengen. Soms zelfs logistieke. Uiteindelijk ga je door
de kruisbestuiving allemaal toch steeds meer op elkaar
lijken.”
Eigen gezicht
Van Arkel benadrukt dat ieder ziekenhuis wel degelijk
een eigen gezicht houdt, maar dat de zorg binnen het
netwerk van Onco Oost wel steeds meer op elkaar gaat
lijken en daarbij in kwaliteit groeit. “We houden hier in
Doetinchem onze eigen dynamiek en korte lijnen, maar
kunnen de kwaliteit uit het hele netwerk bieden. We
hebben inmiddels onze inpandige MDO’s, we hebben
al jaren diverse ARTZ-MDO’s en voor o.a. urologie
en long hebben we ook MDO’s binnen Onco Oost.
LongkankerNet werkt goed en maakt dat we up-to-date
zijn en de werkzaamheden heel goed verdelen. Ook bij
urologie loopt het al erg goed, omdat wij als regionale
ziekenhuizen specifieke patiënten kunnen bespreken
met een uroloog en oncoloog van Radboudumc. Daar
komen vervolgens direct bruikbare adviezen uit.”
Elders beter
Als klein ziekenhuis kiest Slingeland ervoor om
veel van het ‘snijden’ niet meer in eigen huis te
doen, omdat daar simpelweg de routine voor
ontbreekt. “Als je denkt dat het elders beter kan
voor je patiënt, moet je dat altijd doen,” zegt
Van Arkel stellig. “We kunnen hier heel veel
zaken goed: snel schakelen bij chemo- en/of
immunotherapie, opereren van borstkanker,
darmkanker en met name lage endeldarmkanker.
Eierstokkanker werd voorheen nog hier in huis
geopereerd; dan kwamen gynaecologen vanuit
het Radboudumc hier samen opereren met
onze gynaecologen. Maar de aantallen hier zijn
te laag, dus deze vaak langdurende operaties
hebben we nu gecentraliseerd in het Rijnstate
ziekenhuis. Dat haalt druk weg op de OK’s van
het Radboudumc en ook dat is winst door Onco
Oost.” Dan, na een korte stilte: “Samenwerken
kun je alleen als je ook open bent over je
kwetsbaarheden. Dat is lastig voor dokters. En
ook voor ziekenhuizen is het moeilijk, omdat het
van oorsprong concurrentiegevoelige informatie
is. Dus het is in elk opzicht tegennatuurlijk
om een netwerk tot stand te brengen. En het
Integraal Zorgakkoord werkt het feitelijk ook
tegen. Maar wij willen juist onderling open en
eerlijk zijn, met als hoofddoel dat de patiënt er
beter van wordt.”
Positief
“Als je beseft dat een netwerk zo sterk is als de
zwakste schakel, ga je ook beter voor elkaar
zorgen. Ik ben al met al wel erg positief over
netwerken. Ik ben een fan,” vat Van Arkel
zijn eigen betoog samen. Maar ook kritisch
merken we: “Het maakt voor onze patiënten
met bijvoorbeeld longkanker niet heel veel uit
of de operatie hier of elders zou plaatsvinden.
Maar als we die zorg verplaatst hebben en er
vervolgens hier iemand in Doetinchem bij een
auto-ongeluk betrokken raakt en met spoed aan
de thorax geopereerd moet worden, is die routine
er niet meer in de hele Achterhoek. In Zutphen
en Winterswijk kunnen deze operaties immers
al niet meer worden uitgevoerd. Daar moeten wij
als netwerk ook aan denken: beschikbaarheid
van zorg is maar al te vaak een ondergeschoven
kindje. Ondertussen is het geweldig om te zien
hoe nu de oncologisch-behandelaren protocollen
delen en samen bekijken welke ingreep of
behandeling het best hoe en waar verricht kan
worden. Dat is pure winst voor de patiënt.”
Radboud Report Oncologie 23
׉	 7cassandra://EoHvYZ3S4J_reCvLFJjamg6RHa6KWIFUOTuuwxOoBto(` g#~%}g#~%}בCט   u׉׉	 7cassandra://OtEzjmqMx5jPOx7ucQrJPaA2NXSh4fmx6GSSzy5Kvow `׉	 7cassandra://4Ygoi6xakzL6P4aMBd0yGSvtUfx7v939pz73oAgae4Eh`u׉	 7cassandra://MJYfZ7DhP3kqfLDLtTdOmULOWRZ-JREEhbPyeJObHYo >` g#~*~׉EOncologiefonds steunt:
Betere zorg voor vrouwen
met Lynch-syndroom
Lynch-syndroom is een erfelijke aandoening.
Vrouwen met Lynch-syndroom hebben een hoog
risico (tot 50%) om darmkanker en baarmoederkanker
te ontwikkelen. Vaak al op jonge leeftijd.
Deze vrouwen nemen daarom meestal deel aan een
speciaal screeningsprogramma dat bedoeld is om deze
kankersoorten in een vroeg stadium op te sporen. Voor
darmkanker gaan ze elke twee jaar naar de maag-darmleverarts
voor een kijkonderzoek van de dikke darm. Voor
baarmoederkanker gaan ze jaarlijks naar de gynaecoloog
voor een inwendige echo en een weefselafname uit de
baarmoeder. Radboudumc wil nu onderzoeken of deze
twee onderzoeken niet gecombineerd kunnen worden.
Dat is niet alleen minder belastend maar ook minder
pijnlijk. Beide onderzoeken zouden immers onder
dezelfde verdoving uitgevoerd kunnen worden.
En er kan wellicht meer gecombineerd
worden. Bij vrouwen bij wie een
darmoperatie nodig is, zouden vrouwen
goed geïnformeerd moeten worden over
de mogelijkheid om in dezelfde operatie
preventief ook de baarmoeder en/of
eierstokken te verwijderen. Daarmee kan
een tweede operatie voorkomen worden.
De onderzoekers zullen nagaan of vrouwen
hierover goed geïnformeerd worden en
de patiëntenvoorlichting op dit punt
verder verbeteren. Voor het onderzoek is
€ 47.730 nodig. Ongeveer een kwart
daarvan is inmiddels binnen. En er ‘lopen’
nog sponsoracties (zie kader).
Donateur én onderzoeker
Gynaecoloog-oncoloog dr. Anne van Altena gelooft
sterk in de intensieve samenwerking met MDL-artsen
voor vrouwen met het Lynch-syndroom. “De zorg wordt
daarmee duidelijk patiëntvriendelijker. Dat ervaar ik nu
al. Ik ga dan ook zélf letterlijk de straat op om geld voor
dit onderzoek binnen te halen. Sinds de coronatijd loop
ik hard. In de komende twee jaar ga ik gesponsord de
marathon van Rotterdam lopen én de zes snelste halve
marathons van Europa; de SuperHalfs. Ik verschijn zo
ook aan de start in Lissabon, Praag, Berlijn, Kopenhagen,
Valencia en om te beginnen in Cardiff. Laat iedereen
me via het Radboud Oncologiefonds steunen. Dan zet ik
niet alleen stappen vooruit, maar zetten we ook stappen
vooruit in de behandeling van deze kwetsbare vrouwen.”
Scan de QR-code
׉	 7cassandra://MJYfZ7DhP3kqfLDLtTdOmULOWRZ-JREEhbPyeJObHYo >` g#~%}׈Eg#~%}g#~%})Radboud report nr 1 2024g#~$}\=